CConstaterende datenschede
Koppel je AI →
Document · PDF

Eindrapport Regioplan.pdf

Raadsvergadering 12 december 2022, gemeente enschedeBij agendapunt: Conclusies en aanbevelingen Rekenkameronderzoek Verslavingszorg21.473 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

4.3 Beoordeling financiële kader Centrumgemeenten kiezen voor uiteenlopende aanpakken van verslavingsproblematiek. Doordat de lasten van verslavingszorg (deels) worden verantwoord binnen bredere programma’s en/of aangrenzende gemeentelijke taken is het niet altijd goed mogelijk om binnen de begroting onderscheid te maken naar specifieke (op verslavingszorg gerichte) taken. Dit is ook in Enschede het geval. Omdat Tactus de centrale uitvoerende partij is voor verslavingszorg biedt de subsidiebeschikking wel een samenhangende weergave van min of meer alle verslavingszorgkosten van Enschede. Bij referentiegemeenten zijn deze kosten niet altijd goed te onderscheiden ten opzichte van bredere activiteiten (maatschappelijke opvang, beschermd wonen of vanuit gezondheidsbeleid) en ook in samenhang te kwantificeren. Vanuit overkoepelende subsidies worden, naast verslavingszorg, ook andere kosten gedekt. . Vanuit de begroting en de jaarverslagen van de gemeente Enschede is het onderscheid naar specifieke verslavingszorgtaken niet te maken. Verslavingszorg wordt hier verantwoord binnen een bredere context (ondersteuning centrumtaken Wmo). Aan de hand van subsidieverleningen en verantwoordingscijfers van Tactus is een vergelijking gemaakt met gegevens van referentiegemeenten voor vier onderdelen.

Omdat de referentiegemeenten hun uitgaven niet allemaal samenhangend presenteren is een zekere onderschatting van hun lasten mogelijk. De uitkomsten van de benchmark moeten dan ook als indicatief en richtinggevend worden gelezen. Zowel preventie als medische heroïne behandeling zijn bij de referentiegemeenten relatief goed onderscheiden. Op beide onderdelen heeft Enschede hogere lasten (per inwoner of per behandelplek) dan de referentiegemeenten. De inkomsten en uitgaven voor het verslavingsbeleid zijn in de gemeentelijke begroting niet erg transparant. Dat inzicht is wel te halen uit de subsidiedocumenten van Tactus. Tactus maakt in haar verantwoordingsrapportages duidelijk onderscheid naar de verschillende taken (preventie, curatie en nazorg). De gemeente wordt hiermee zo tijdig en volledig mogelijk geïnformeerd over de kosten. Naast de verantwoordingsrapportage geeft Tactus via het productenboek inzicht in de geleverde prestaties en resultaten. Op basis van de aangeleverde gegevens is een onderscheid te maken naar dekking vanuit verschillende financieringsbronnen (zoals specifieke uitkering, bijdragen regiogemeenten). 35 Volgens de regeling Medische Heroïne Behandeling komen huisvestingkosten niet in aanmerking voor vergoeding vanuit de re-

geling .

36

Waar Tactus Verslavingszorg in haar verantwoording prestaties omschrijft (erkende woonplekken, unieke bezoekers en preventietrajecten) die betrekking hebben op hulp aan verslaafden, is dit voor de referentiegemeenten niet het geval. Zonder verdiepend onderzoek is het daarom niet mogelijk om te toetsen of Enschede haar beleid effectiever of doelmatiger uitvoert dan de referentiegemeenten. Hiernaast omschrijft Enschede geen harde criteria waaraan de inzet van Tactus zou moeten worden beoordeeld (anders dan de prestaties die worden gesubsidieerd).

Financiële normen

• De gemeente wordt tijdig, juist en volledig geïnformeerd door de zorgaanbieder(s) over de

•

•

kosten en de resultaten van de verslavingszorg. De verantwoordingsinformatie van Tactus biedt ruim voldoende inzicht in de kosten en de resultaten (met name in de zin va hoeveel mensen zijn bereikt met de verschillende activiteiten die zijn uitgevoerd De inkomsten en uitgaven voor het verslavingsbeleid zijn transparant in de zin dat een duidelijk onderscheid gemaakt kan worden tussen uitgaven voor de preventie, de curatie en de nazorg en eveneens duidelijk is welke financieringsbronnen daarvoor worden ingezet .De inkomsten en uitgaven voor de verslavingszorg zijn echter niet duidelijk als zodanig herkenbaar opgenomen in de gemeentelijke programmabegroting en jaarrekening. Het beleid is effectief en efficiënt uitgevoerd gelet op de resultaten. Dit is niet goed te beoordelen, omdat de doelstellingen van het beleid niet expliciet en meetbaar zijn uitgewerkt én omdat er in de verantwoordingsinformatie van Tactus geen onderscheid gemaakt wordt tussen de centrumgemeente Enschede en de 7 regiogemeenten.

Waarderingsscore*

+ +

0

37

Onderzoeksvragen, conclusies en aanbevelingen

5 Onderzoeksvragen, conclusies en aanbevelingen

In dit hoofdstuk beantwoorden we achtereenvolgens de onderzoeksvragen (paragraaf 5.1), benoemen we de belangrijkste conclusies uit het onderzoek (paragraaf 5.2) en formuleren we aanbevelingen voor verbetering van het verslavingszorgbeleid en de uitvoering daarvan (paragraaf 5.3).

5.1 Beantwoording onderzoeksvragen Beleid 1. Welke doelstellingen worden gehanteerd op het gebied van verslavingszorg/kwetsbare inwoners (onderscheiden waar relevant naar Rijksdoelstellingen, doelstellingen van/voor de gemeente Enschede en regiodoelstellingen) en welke verslavingen en doelgroepen worden daarin onderscheiden? Op landelijk niveau zijn de zorgverzekeringswet, de Jeugdwet, Wet maatschappelijke ondersteuning en de Wet langdurige zorg de belangrijkste wettelijke kaders. Verslavingszorg wordt in deze stelselwetten niet als expliciet onderdeel genoemd, maar past wel binnen de zorg en ondersteuning voor kwetsbare inwoners die in deze wetten wordt beschreven. Daarnaast bieden de Alcoholwet en de Regeling Heroinebehandeling relevante kaders voor de verslavingszorg. De Alcoholwet verplicht gemeenten tot het opstellen van een vierjaarlijks preventieplan, maar laat de invulling van dat plan verder aan de gemeenten zelf. Alleen de Regeling Heroïnebehandeling bevat concrete kaders waaraan gemeenten zich moeten houden, maar deze regeling betreft niet zozeer concrete doelstellingen waar naartoe gewerkt moet worden. Ook op regionaal niveau zijn bepalingen die voor de verslavingszorg van belang zijn verspreid over verschillende beleidsnota's op verschillende beleidsterreinen.

Zo valt sociale verslavingszorg onder de bredere centrumgemeentetaken van maatschappelijke opvang en beschermd wonen voor kwetsbare inwoners. Bepalingen hierover zijn vastgelegd in een convenant, een beleidsvisie en de Bestuursagenda Publieke Gezondheid 2020-2023. Hier zijn brede vertrekpunten in opgenomen die ook als leidende principes dienen voor de sociale verslavingszorg. Dit betreft echter geen SMART-geformuleerde doelstellingen, zoals in het normenkader is opgenomen. In de Bestuursagenda staan wel concrete doelstellingen omtrent de daling in het aantal rokers, drinkers en drugsgebruikers, maar geen concrete doelstellingen voor de preventie-activiteiten die hiertoe ingezet worden. Tenslotte is in de subsidieverordening voor centrumgemeentetaken wel vastgelegd welke taken formeel onder verslavingszorg vallen, maar wederom zonder hier concrete doelstellingen aan te koppelen. Als centrumgemeente voert Enschede met de andere regiogemeenten overleg over trends in de problematiek die vraagt om beschermd wonen of maatschappelijke opvang, en eventuele beleidsaccenten daaromtrent. Lokale bepalingen omtrent verslavingsbeleid zijn verspreid over verschillende beleidsnota's, als de Speerpuntennotitie Wmo/Jeugdhulp 2019, Sport-, beweeg- en leefstijlakkoord Enschede en het Preventie- en handhavingsplan Alcohol 2018-2021 Enschede.

Van deze documenten bevat alleen het Preventie- en handhavingsplan Alcohol enkele SMART-geformuleerde doelstellingen ten aanzien van verslavingsproblematiek. Dit betreft echter geen doelstellingen die direct te maken hebben met het verslavingsbeleid. Zowel op landelijk, regionaal als lokaal niveau is er dus geen sprake van één centraal beleidskader waarin de richtlijnen voor het verslavingsbeleid zijn vastgelegd. Elementen van het beleid worden benoemd in verschillende documenten, maar deze zijn niet specifiek toegespitst op de doelgroep van verslaafde inwoners en bevatten over het algemeen geen expliciete doelstellingen. De enige SMART-geformuleerde doelen zijn de doelstellingen omtrent de percentages waarmee het aantal rokers, drinkers en drugsgebruikers in 2030 gedaald moet zijn. Aan de (preventie-)activiteiten die hiertoe moeten dienen zijn echter geen concrete doelstellingen gekoppeld. Aangezien er dus geen sprake is van een centraal beleidskader op landelijk, regionaal of lokaal niveau, ontbreekt er ook een centrale doelgroepomschrijving, die als basis dient voor het verslavingsbeleid. In plaats daarvan wordt de precieze invulling van preventie en andere verslavingszorg bepaald in nauw 39

overleg met Tactus Verslavingszorg: de regionale aanbieder van verslavingszorg. Zij worden door de regio en de gemeenten als expert beschouwd en krijgen daardoor een belangrijke rol in het bepalen van wat er aan activiteiten nodig is.

Uitvoering Hoe werkt het beleid inzake de verslavingszorg/zorg voor kwetsbare inwoners in de praktijk uit? 2. Doelgroepen: hoe groot zijn de doelgroepen van het verslavingsbeleid (Enschede en in de regiogemeenten en op welke wijze worden deze bereikt? Er zijn geen cijfers bekend over de precieze omvang van de doelgroepen van verslavingszorg in Enschede en regiogemeenten. Gevraagd naar de omvang van deze doelgroepen, verwees Tactus naar een onderzoek in Almelo uit 2020. In dit onderzoek zijn landelijke cijfers gebruikt om een schatting te geven van de aantallen verslaafde inwoners in Almelo. In overleg met Tactus zijn deze cijfers vertaald naar de gemeente Enschede. Deze cijfers wijzen op een grote vertegenwoordiging onder de doelgroep van mensen van 20 tot 35 jaar. Tevens suggereren deze cijfers dat harddrugsgebruikers (heroïne, crack, XTC) het grootste deel vormen van de groep verslaafden die onder behandeling is. Alcohol-, gok- en medicijnverslavingen zijn daarentegen voorbeelden van verslavingen die ondervertegenwoordigd zijn in de groep die onder behandeling is (relatief veel verslaafden t.o.v. van het aantal verslaafden dat onder behandeling is). Precieze aantallen kunnen voor Enschede echter niet worden gegeven.

Tactus bereikt deze uiteenlopende doelgroep door ‘outreachend’ te werk te gaan en contacten te onderhouden met veel verschillende partners - waaronder scholen, (jeugd)zorginstellingen, politie en Veilig Thuis – in hun preventie-activiteiten. Ook de casemanagers hanteren in hun werk een dergelijke ‘outreachende’ aanpak in het signaleren en begeleiden van cliënten. Om deze reden investeert Tactus veel in ‘acquisitie’ zodat ze bij een steeds groter netwerk aan partners in beeld komen, en organiseren ze ook regelmatig voorlichting voor ketenpartners, zodat deze mogelijke probleemgebruikers beter kunnen signaleren. 3. In- en uitstroom: hoe groot zijn de instroom en de uitstroom over de afgelopen jaren, uitgesplitst over de verschillende verslavingssoorten? De verantwoordingsinformatie van Tactus over 2021 was ten tijde van dit onderzoek nog niet gepubliceerd/in ons bezit. De meest recente verantwoordingscijfers stamden uit 2020 en deze dienen daarom als basis voor de in dit rapport getrokken conclusies. Behalve voor bepaalde preventie-trajecten is deze verantwoordingsinformatie niet uitgesplitst naar verslavingssoort, los van informatie over het aantal gebruikers van de alcoholruimtes, drugsruimtes en de MHU.

Wat preventie betreft gaf Tactus aan dat cijfermatig niet exact inzichtelijk gemaakt kan worden in hoeverre preventie-activiteiten daadwerkelijk (erger) verslavingsgedrag hebben voorkomen. Deze moeilijkheid om de resultaten cijfermatig te duiden, is deels inherent aan preventiebeleid. Tactus rapporteert wel cijfermatig over de preventietrajecten die worden uitgezet. Zo zijn er in 2020 277 unieke preventietrajecten uitgevoerd, waaronder 190 preventiegesprekken, 50 Moti-4-trajecten en 37 gesprekken op de Alcoholpoli. Over de andere activiteiten van Tactus zijn wel hardere cijfers beschikbaar: • Maatschappelijke opvang: 102 mensen ingestroomd en 123 mensen uitgestroomd bij het casemanagement (in totaal zijn er 224 cliënten begeleid); 128 nieuwe mensen ingestroomd bij het team Bemoeizorg en 146 mensen die via Bemoeizorg doorstroomden naar reguliere zorgtrajecten van Tactus en Mediant; 189 ingeschreven bezoekers aan de Ripperdastraat, maar geen duidelijke cijfers over de uitstroom omdat Tactus voor deze locatie het uitschrijven in 2020 heeft losgelaten.

40

• Beschermd wonen: 78 toegewezen WLZ-indicaties voor cliënten van Beschermd Wonen, 14 nieuwe cliënten ingestroomd, 3 cliënten doorgestroomd naar andere hulpverlening en 7 cliënten uitgestroomd. • Medische Heroïne-unit: 24 van de 26 erkende MHU-plekken bezet, 3 cliënten ingestroomd en 4 clienten uitgestroomd. Tactus houdt dus veel cijfers bij over het gebruik van hun diensten. Er wordt geen expliciete koppeling gemaakt tussen de cijfers en de inschatting/beoordeling van de effectiviteit van de verslavingszorg. Er wordt bijvoorbeeld niet gerapporteerd over terugvalcijfers (recidive) en er wordt niet bij ieder onderdeel aangegeven wat de redenen waren voor de uitstroom. Dit maakt het lastig om harde conclusies te trekken over de precieze instroom en de uitstroom binnen Tactus.

4. Het verslavingsproces: hoe komt iemand terecht in een verslaving, hoe krijg je een verslaafde weer terug in de maatschappij? Hoeveel mensen vallen in herhaling? Er is geen eenduidig beeld te geven van het verslavingsproces en hoe dit begint. Tactus onderscheidt diverse soorten verslavingen (alcohol-, drugs-, gok- gameverslavingen enz.), die erg uiteen kunnen lopen in hoe de verslaving zich manifesteert. Voor dit onderzoek is er met cliënten gesproken die verslaafd waren aan alcohol en/of drugs, en daarbij viel op dat psychische trauma's bij verschillende cliënten speelden en in deze gevallen ook bijdroegen aan de verslaving. In de verslavingszorg is sprake van een treatment-gap: er zijn veel meer verslaafden dan er in behandeling zijn. Dit komt doordat het lang kan duren voordat iemand erkent verslaafd te zijn en daar dan ook hulp voor zoekt. Bij de cliënten waarmee gesproken is, ging het dan ook om mensen die al jaren verslaafd waren voordat ze hulp gingen zoeken en bij Tactus terecht kwamen. Naast dat Tactus mensen helpt om van hun verslaving af te komen, zijn hun werkzaamheden ook gericht op het begeleiden van verslaafde mensen in het weer terugvinden van een plek in de maatschappij. Beschermd wonen en de maatschappelijke opvang zijn hierin essentiële pijlers van Tactus.

De beschermde woonlocaties opereren vanuit de gedachte dat iemands omgeving het verschil maakt tussen blijvend herstel en terugval. De beschermde woonlocaties bieden verslaafde en herstellende cliënten de kans om, afgeschermd van verkeerde contacten, weer een leven op te bouwen waarin hun verslaving geen dominante invloed meer heeft. Binnen de maatschappelijke opvang krijgen mensen middels dagtaken en dagbesteding een verantwoordelijkheidsrol toebedeeld, wat hen weer een gevoel van eigenwaarde en zelfvertrouwen moet geven. Dit gebeurt vanuit de gedachte dat een beter zelfbeeld het begin is van een leven waarin cliënten weer mogelijkheden zien tot (blijvend) herstel, hetgeen de motivatie vergroot om hiernaartoe te werken. In de praktijk is dit niet makkelijk en dit betekent daarom soms dat bij cliënten het begeleiden naar een plek in de maatschappij prioriteit krijgt, ook voordat ze over hun verslaving heen zijn. Zo zijn er bij de Ripperdastraat bijvoorbeeld cliënten werkzaam die nog wel verslaafd zijn. Over het aantal mensen dat in herhaling valt, kunnen geen concrete conclusies gegeven worden. Deze informatie is namelijk niet aanwezig in de verantwoordingsrapportage van Tactus.

5. De zorgverlening: hoe worden de zorgverleners aangestuurd? Hoe ziet het werk van zorgverleners eruit? Binnen Tactus werkt een diverse groep van professionals met uiteenlopende expertises. Behalve bij de preventiepijler, waarbij op locatie bij de diverse samenwerkingspartners wordt gewerkt, geldt voor alle pijlers dat de hulpverleners vanuit bepaalde locaties van Tactus worden aangestuurd.

41

De zorgverleners van Beschermd Wonen worden aangestuurd via een van de vier beschermd wonenlocaties. Op deze woonlocaties is 24 uur per dag hulpverlening aanwezig. Deze hulpverlening begeleidt cliënten in het (opnieuw) aanleren van de vaardigheden die nodig zijn om weer zelfstandig te wonen. Dit doen ze in nauwe samenspraak met de cliënt om zodoende goed aan te sluiten op diens wensen en ambities. De teams Casemanagement (onderverdeeld in team Binnenstad en team Wijken), Bemoeizorg en de Medische Zorgunit (MZU) worden aangestuurd vanuit de locatie Ripperdastraat. De casemanagers van team Binnenstad onderhouden contact met diverse samenwerkingspartners in de stad, waaronder Daklozenopvang, Leger des Heils, woningbouwcorporaties en penitentiaire inrichtingen. Via deze samenwerkingspartners komen deze casemanagers in contact met dat deel van de doelgroep dat veelal dak- of thuisloos is, en daardoor soms ook overlast veroorzaakt in de stad. De casemanagers van team Wijken onderhouden voornamelijk contact met wijkteams, politie en andere zorgorganisaties om zodoende in contact te komen met verslaafde mensen die veelal nog thuis wonen. De casemanagers van team Wijken leveren daarom ook veel ambulante begeleiding.

De casemanagers schakelen met diverse zorgpartners om zodoende ook passende zorg te regelen voor hun cliënten, waar vaak naast de verslaving ook andere complexe problematiek speelt. Het team Bemoeizorg is een multidisciplinair team dat bestaat uit o.a. verpleegkundigen, sociaalpsychiatrische verpleegkundigen, hulpverleners en maatschappelijk werkers. Dit team neemt deel aan een wekelijks multidisciplinair casusoverleg waar ook medewerkers van Mediant bij aanwezig zijn. Op basis van dit overleg komen casussen van zorgwekkende zorgmijders onder de hoede van Tactus of Mediant. Team Bemoeizorg legt het eerste contact met zorgmijders door hen aanvankelijk te helpen op andere leefgebieden en zodoende een vertrouwensband te creëren. Op basis daarvan proberen zij zorgmijders te motiveren tot reguliere zorg. In sommige gevallen is hier een gedwongen opname voor nodig. De hulpverleners waarmee gesproken is, ervaren de aansturing in hun werk als flexibel. Ze krijgen veel ruimte om invulling te geven aan hun werkzaamheden, en ervaren die ruimte ook als een vereiste om flexibel te kunnen zijn in hun werk. Deze flexibiliteit zien zij als een belangrijke randvoorwaarde voor de persoonsgerichte aanpak die hun werk vergt. De medewerkers van het team MZU zijn daarentegen gebonden aan strengere richtlijnen, met name wanneer het gaat om de middelenverstrekking.

Het team MZU bestaat uit verpleegmedewerkers die aangestuurd worden door een senior verpleegkundige. Deze verpleegkundigen verstrekken de middelen voor methadon- en de heroïnebehandeling. Voor de methadonbehandelingen geldt dat deze ook aan huis kunnen plaatsvinden; de heroïnebehandeling mag alleen op de faciliteit aan de Ripperdastraat worden uitgevoerd. Het middelengebruik op die faciliteit gebeurt in een afgesloten ruimte, waar de medewerkers goed toezicht kunnen houden. In het geval van ongewenste bijwerkingen kunnen de zorgverleners medicijnen toedienen. Daarnaast leveren de medewerkers ook algemene medische zorg aan cliënten. De disciplines en taken van het personeel van Tactus zijn dus erg uiteenlopend. Wat de algemene taakstelling van Tactus betreft, geldt dat Tactus haar taak breder interpreteert dan louter het verlenen van verslavingszorg. Tactus kijkt in haar aanpak ook naar problematiek op andere leefgebieden die vaak samenhangt met de verslavingsproblemen. Voorbeelden hiervan zijn financiële problemen, psychische problematiek en relatieproblemen. Deze brede kijk blijkt uit het grote veelvoud aan partners waarmee ze samenwerken en de integrale aanpak die vooral door de casemanagers wordt toegepast.

Financiën 6. Hoe zien de inkomsten en de uitgaven voor de verslavingszorg/zorg voor kwetsbare inwoners eruit onderscheiden naar Rijksniveau, niveau van de acht gemeenten waarvoor Enschede centrumgemeente is en het lokale niveau?

42

Vanuit het Rijk ontvangen centrumgemeenten twee verschillende uitkeringen die ingezet (kunnen) worden voor verslavingszorg in de regiogemeenten. Voor de gemeente Enschede bedraagt de decentralisatie-uitkering Maatschappelijke opvang €9.265.326 (voor het jaar 2021). Hiernaast ontvangt Enschede, in de vorm van een specifieke uitkering, €683.735 ter vergoeding van de behandelingsplekken in de Medische heroïne unit. Hiernaast ontvangt de gemeente een algemene uitkering die deels kan worden ingezet voor verslavingszorglasten. In de begroting 2021 heeft Enschede ruim €4,2 miljoen opgenomen als uitgaven aan centrumgemeentelijke taken verslavingszorg (Cimot, casemanagement, daginvulling, medische heroïne, e.d.). Daarnaast zijn er ruim €0,8 miljoen uitgaven aan lokale taken (basispakket, collectieve preventie, bemoeizorg). 7. Hoeveel subsidies worden verstrekt voor de diverse typen verslavingszorg aan betrokken organisaties, door wie en vanuit welk budget? In 2021 ontvangt Tactus verslavingszorg in totaal ruim €5,1 miljoen aan subsidies van de gemeente Enschede. Hiervan is ongeveer €0,6 miljoen bestemd voor preventie, €3,3 miljoen voor maatschappelijke opvang, €0,5 miljoen voor beschermd wonen en €0,8 miljoen voor de medische behandelunit.

Deze subsidies worden gedekt uit de genoemde inkomstenbronnen (uitkeringen maatschappelijke opvang en medische heroïnebehandeling) en deels uit gemeentelijke budgetten.

Resultaten: 8. Wat is de effectiviteit en de efficiency van het beleid en de maatregelen? 9. Is er sprake van effectief beleid in de zin dat zo veel mogelijk verslavingen voorkomen worden, verslaafden de juiste zorg en ondersteuning krijgen en de kans op terugvalgedrag zo klein mogelijk is (als gevolg van de juiste nazorg)? Er kunnen geen harde uitspraken worden gedaan over de effectiviteit en efficiëntie van het verslavingsbeleid. Hoewel per onderdeel inzichtelijk is hoeveel subsidie er aan Tactus wordt verleend, zijn de opbrengsten niet precies te kwantificeren. Zo is de effectiviteit van het preventiebeleid lastig in cijfers te vangen en wordt er in de verantwoordingsinformatie van Tactus niet gerapporteerd over terugvalcijfers. Deze verantwoordingsinformatie biedt wel inzicht in het aantal trajecten dat ze aanbieden en de beschikbare capaciteit. Uit deze cijfers valt af te leiden dat de beschikbare capaciteit goed wordt benut. Bovendien kan gesteld worden dat aan een aantal randvoorwaarden voor effectief verslavingsbeleid ruimschoots is voldaan. Tactus beschikt over een breed netwerk aan zorgpartners en andere samenwerkingspartners. Dit brede netwerk komt het bereik van de preventie-activiteiten, maar ook de gerichtheid van de ingezette zorg ten goede.

Met betrekking tot dit laatste wordt niet alleen de verslavingsproblematiek, maar ook samenhangende problematiek daaromheen met specialistische zorg van binnen én buiten Tactus aangepakt. Een andere belangrijke randvoorwaarde is de laagdrempeligheid die Tactus kenmerkt. Zo biedt Tactus bepaalde zorg al aan zonder dat daar eerst een zorgindicatie voor vereist is. Voorbeelden hiervan zijn de activiteiten van het team Bemoeizorg en de activiteiten aan de Ripperdastraat, waar verslaafde personen met én zonder afspraak terecht kunnen voor hulp. Ook de preventieactiviteiten hebben volgens regionale partners in positieve zin bijgedragen aan een laagdrempelige toegang tot verslavingszorg. Mensen met een verslaving zoeken zeker niet altijd uit zichzelf hulp bij Tactus, maar door bijvoorbeeld spreekuren of preventiegesprekken is de drempel voor hen veel lager om om ondersteuning te vragen.

10. Is er sprake van efficiënt beleid vergeleken met (2) andere centrumgemeenten? De beschikbare cijfers over verslavingszorg in Enschede laten zich moeilijk vergelijken met cijfers uit andere centrumgemeenten, waardoor het niet goed mogelijk is deze vraag te beantwoorden. Wel lijken de

43

kosten per behandelplek Medische heroïne unit nog aan de hoge kant, zo blijkt uit de financiële benchmark.

5.2 Conclusies en aanbevelingen 1. Het verslavingszorgbeleid maakt onderdeel uit van het bredere beleid inzake maatschappelijke opvang en beschermd wonen en is niet als zodanig specifiek zelfstandig herkenbaar binnen de gemeentelijke beleidscyclus. De doelstellingen van het beleid zijn niet expliciet, zelfstandig herkenbaar en meetbaar geformuleerd waardoor het lastig is de effectiviteit en efficiency van de uitvoering van dat beleid te beoordelen. We bevelen aan om de doelstellingen van het verslavingszorgbeleid zelfstandig herkenbaar en meetbaar te formuleren waardoor er vanuit de gemeente beter gestuurd kan worden op de effectiviteit en efficiency van de uitvoering daarvan door Tactus, in samenwerking met de partners uit het netwerk. Uit de verantwoordingsinformatie van Tactus blijkt dat veel van de beschikbare capaciteit ook ingezet wordt: Tactus verricht veel werk en heeft ontzettend veel kennis in huis. De effectiviteit is echter lastig vast te stellen, omdat het verslavingsbeleid niet is gebaseerd op aparte en zelfstandig herkenbare en meetbaar geformuleerde doelstellingen die voortkomen uit een gedegen doelgroepenanalyse. Dit heeft als gevolg dat hier in de verantwoordingsinformatie niet over gerapporteerd kan worden, waardoor deze rapportages zich beperken tot het bereik van activiteiten en behandelingen.

Het is daarom raadzaam om het verslavingsbeleid in de toekomst te baseren op een grondige doelgroepenanalyse. Hiermee kan de omvang van verschillende doelgroepen in kaart worden gebracht, en kan gerichter (preventief) worden ingezet op deze doelgroepen. Aan deze analyse kunnen zelfstandig herkenbare en meetbaar geformuleerde doelstellingen gekoppeld worden, die vervolgens ook getoetst kunnen worden in de verantwoording. Daardoor ontstaat meer inzicht in de effectiviteit van het verslavingsbeleid en kan er beter bijgestuurd worden wanneer dit nodig blijkt. Naast dat dit voor de gemeente Enschede van belang is, is het ook aan te bevelen dat dit voor de regiogemeenten gebeurt. Uit de vragenlijst die onder deze gemeenten is uitgezet, blijkt dat er bij de regiogemeenten soms nog onvoldoende duidelijkheid is over hoe het verslavingsbeleid wordt vormgegeven en uitgevoerd.

2. Tactus beschikt over een uitgebreid netwerk van relevante samenwerkingspartners en is daardoor goed in staat alle potentiële risicogroepen te bereiken. In de praktijk worden die groepen ook (deels) bereik, maar er kan nog meer worden ingezet op voorlichting en bewustwording van de risico’s op verslaving. Dat vereist een grondige doelgroep- en probleemanalyse, die momenteel nog ontbreekt. We bevelen dan ook aan dat Tactus, in samenwerking met de netwerkpartners en onder regie van de gemeente Enschede, periodiek de doelgroepen van het verslavingszorgbeleid in beeld brengt en vanuit die analyse een strategie opstelt om de zogenaamde ‘treatment-gap’ te verminderen waardoor er nog effectiever gewerkt kan worden. Tactus voert een breed scala aan werkzaamheden uit om verslavingsproblematiek tegen te gaan, waarbij ze putten uit een breed netwerk aan samenwerkingspartners in het sociale domein. Deze ‘outreachende’ manier van werken, maakt dat de preventie-activiteiten een aanzienlijk bereik hebben en daarmee naar alle waarschijnlijkheid ook noemenswaardig effect sorteren. Ook waar het gaat om activiteiten als de bemoeizorg en de toeleiding naar de Ripperdastraat, onderhoudt Tactus contact met uiteenlopende samenwerkingspartners in de wijken en de binnenstad. Daardoor komt de doelgroep sneller in beeld en kan er sneller de juiste hulp ingezet worden.

Desondanks is er volgens Tactus sprake van een treatment-gap. Door diverse factoren kan een verslaving al jaren spelen, voordat iemand hulp zoekt en/of in beeld komt: er zijn daardoor meer verslaafden dan er behandeld worden. Het bestaan van deze treatment-gap houdt in dat inzet op preventieve activiteiten van groot belang is. Door het brede netwerk aan partners en brede scala aan preventie-activiteiten gerichter in te zetten op basis van een grondige doelgroep-analyse, kan er met preventieve activiteiten nog meer worden bereikt dan nu al het geval is. Daarmee kan voorkomen worden dat klein leed zich 44

ontwikkelt tot zware verslavingsproblematiek, en kan de treatment-gap al aan de voorkant worden verkleind.

3. Maak de samenwerking tussen de gemeente en Tactus meer inzichtelijk als het gaat om de aansturing en verantwoording van de activiteiten die uitgevoerd worden in het kader van het verslavingszorgbeleid, zodat de gemeenteraad hierop ook desgewenst kan sturen. De gemeente maakt bij het vormgeven van het verslavingszorgbeleid overwegend gebruik van de kennis die er bij Tactus in huis is, en dat is gelet op de expertise van Tactus zeker niet onterecht. Meerdere keren per jaar vindt er overleg plaats tussen de gemeente Enschede en Tactus en jaarlijks wordt via een subsidiebeschikking de opdracht aan Tactus gegeven om het verslavingszorgbeleid uit te voeren. Eveneens jaarlijks legt Tactus verantwoording af aan de gemeente Enschede over de uitgevoerde activiteiten. Deze informatie is echter niet herkenbaar opgenomen in de jaardocumenten van de gemeente Enschede behorende bij de planning & control cyclus waardoor het voor de gemeenteraad lastig wordt om (mede) te kunnen sturen op de gewenste resultaten van het beleid. Gelet op de omvang van het jaarlijkse budget (circa 10 miljoen euro) én het gegeven dat het hier gaat om zorg voor extra kwetsbare inwoners, lijkt het ons raadzaam dat er meer zicht komt op de aansturing en verantwoording van de samenwerking tussen de gemeente en Tactus zodat de gemeenteraad hier ook desgewenst actief op kan sturen.

45

Regioplan Jollemanhof 18 1019 GW Amsterdam T +31(0)20 531 53 15 www.regioplan.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=enschede&id=0b237e62-922e-4cff-967a-65b5747de38c