Eindrapport Orde op zaken in het stadhuis
Tekst van het document
Walas heeft aangegeven dat de ‘de financiering in een vergevorderd stadium is en dat daarmee de, in de overeenkomst beoogde overdracht van het pand, per 1 maart 2017 haalbaar lijkt te zijn.’ Ten slotte zegt het college de raad te informeren als zich ‘hierop afwijkingen (gaan) voordoen.’ Wob-verzoeken over de verkoop van de Spinnerij In 2021 worden twee verzoeken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) ingediend over – kortgezegd – informatie met betrekking tot de Spinnerij en Walas. Het eerste Wob-verzoek wordt gedaan door een algemene belangenstichting Karmedia en het tweede Wob-verzoek hierover wordt gedaan door een journalist van de lokale omroep 1Twente. Een toelichting op deze Wob-verzoeken en de afhandeling ervan staat in hoofdstuk 7.
3.5 Overdracht van de Spinnerij aan Spinnerij Oosterveld B.V. Op 26 april 2017 is de akte van levering voor de Spinnerij door een notaris gepasseerd.56 Het college draagt de Spinnerij op die datum over aan Spinnerij Oosterveld B.V. Deze B.V. maakt deel uit van een constructie van bv’s waar ook Walas Europe B.V. en Walas Projects B.V. deel van uitmaken. De Spinnerij is dus niet overgedragen op 1 maart 2017, wat volgens het college op 7 februari 2017 nog haalbaar was (zie paragraaf 3.4). Voor zover de onderzoekers bekend is, is de raad niet over deze afwijking geïnformeerd. Volgens een van de gesprekspartners heeft Walas feitelijk de exploitatie en het beheer per 1 juli 2017 overgenomen.
3.6 Conclusie In dit hoofdstuk stond de verkoop van de Spinnerij aan Walas centraal. De heer Ardesch had op verschillende manieren met de Spinnerij een relatie. Ten eerste was hij met zijn bedrijven Wellinga printsystemen B.V. en SteQ B.V. als huurder (vanaf 1 januari 2012), beheerder en facilitair dienstverlener (vanaf 1 januari 2013) betrokken bij de Spinnerij. Daarnaast heeft de heer Ardesch in 2016 melding gemaakt bij een wethouder over de potentiële verkoop van de Spinnerij aan Walas, omdat hij vermoedde dat Walas geen integere partij was. Het doel van dit onderzoek was niet om vast te stellen of er sprake is geweest van een integere verkoop
56 Akte van levering, 26 april 2017.
23
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
van de Spinnerij. Het doel was een feitenreconstructie te maken van hoe de verkoop tot stand is gekomen, omdat dit relevante context biedt voor het ontstaan van de zakelijk geschillen. Het is onderzoekers niet gelukt om de totstandkoming van de verkoop van de Spinnerij volledig in beeld te brengen (zie hiervoor de onderzoeksverantwoording in paragraaf 1.3). Daardoor zijn meerdere zaken over de verkoop van de Spinnerij onduidelijk gebleven. Uit de feitenreconstructie blijkt dat de verkoop van de Spinnerij vragen oproept In de eerste plaats roept de feitenreconstructie de vraag op waarom voorafgaand aan de verkoop van de Spinnerij geen taxatie lijkt te zijn uitgevoerd en wat de verklaring is voor het verschil tussen de laatste taxatiewaarde van de Spinnerij in juli 2015 van € 4,3 miljoen en de verkoopprijs in maart 2016 van € 3,5 miljoen, en of er mogelijk ongeoorloofde staatssteun heeft plaatsgevonden. Dat er geen meer recente taxatie is uitgevoerd is opmerkelijk, omdat in de jaren voor de verkoop van de Spinnerij de Spinnerij voor uiteenlopende bedragen wordt getaxeerd. Ook is niet duidelijk geworden hoe de gemeente in contact is gekomen met Walas en in hoeverre er andere gegadigde kopers voor de Spinnerij waren.
Wel geeft het college in de brief van 8 maart 2016 aan dat uit de verkenning die in 2014/2015 is gedaan bleek dat er geen geïnteresseerde kopers waren voor de Spinnerij. Hoewel de verkoop van vastgoed in 2017 nog niet aanbestedingsplichtig was, gold ook ten tijde van de verkoop van de Spinnerij het gelijkheidsbeginsel waaruit volgt dat gelijke kansen moeten worden geboden aan potentieel gegadigden.57 Verder blijkt uit de feitenreconstructie dat Walas een jaar de gelegenheid kreeg om de Spinnerij te exploiteren voordat de Spinnerij zou worden overgedragen. In een van de interviews wordt de verkoopconstructie tussen de gemeente en Walas een unieke situatie genoemd; er zouden geen vergelijkbare constructies bij andere vastgoedtransacties toegepast zijn in gemeente Enschede. De gekozen verkoopconstructie lijkt wel overeen te komen met de door een gemeentejurist genoemde voorkeursvariant uit de memo van 8 december 2015. In hoeverre de vastgoedtransactie tussen de gemeente en Walas op een integere wijze tot stand is gekomen hoefden wij op basis van dit onderzoek niet vast te stellen. Wel merken we op dat de gemaakte reconstructie van de verkoop van de Spinnerij vragen oproept over het verschil tussen de taxatiewaarde en de verkoopprijs, de wijze waarop de gemeente met Walas in contact is gekomen en of Walas destijds de enige geïnteresseerde koper was.
Onderzoek naar Walas lijkt – op basis van de beschikbare informatie – niet heel diepgravend De heer Ardesch wijst de gemeente onder meer op een kritisch rekenkamerrapport uit de gemeente Heerlen over een vastgoeddeal die de gemeente Heerlen met Walas had gesloten. De heer Ardesch ontvangt hierop een reactie van een medewerker van het VBE, waarin wordt gesteld dat de situatie in Heerlen onvergelijkbaar is met die in Enschede. Hoewel het in Heerlen inderdaad om een andere situatie ging, waarbij de gemeente onder meer een lening verstrekte aan Walas, zou dit rapport volgens onderzoekers wel enige vragen moeten doen rijzen over Walas. In de reactie naar de heer Ardesch geeft de medewerker van het VBE het volgende aan: ‘Uiteraard hebben we al veel gegoogeld en ook de betreffende partij Walas 57 Zie het Didam-arrest van de Hoge Raad van 26 november 2021. De Hoge Raad heeft op 15 november 2024 het Didam-II arrest
gewezen, waaruit volgt dat het Didam-arrest ook van toepassing is op handelen van een overheid dat heeft plaatsgevonden vóór 26 november 2021.
24
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
geconfronteerd met een aantal bevindingen’. Over deze confrontatie hebben wij verder geen informatie verkregen. Naast de melding van de heer Ardesch zijn er begin 2017 ook nog raadsvragen gesteld over de verkoop van de Spinnerij aan Walas die op een soortgelijke manier worden beantwoord. Er lijkt voldoende aanleiding geweest te zijn om een gedegen onderzoek uit te voeren naar Walas en diens integriteit. Dat onderzoek lijkt niet uitgevoerd te zijn. Als dat wel het geval is, zijn de onderzoeksresultaten of niet aan het papier toevertrouwd of niet meer terug te vinden in de informatiehuishouding van de gemeente. Uit het huidige Bibob-beleid van de gemeente Enschede dat sinds 2019 geldt, blijkt dat Bibobonderzoek bij vastgoedtransacties kan worden uitgevoerd als er sprake is van aanwijzingen voor of het vermoeden van gevaar. Het is ons niet duidelijk geworden of ten tijde van de verkoop van de Spinnerij het op basis van het toen geldende beleid mogelijk was om (naar aanleiding van signalen) Bibob-onderzoek uit te voeren bij vastgoedtransacties. Indien die mogelijkheid er was, kunnen wij ons voorstellen dat de openbare informatie die over Walas te vinden was, en aanvullend de melding van de heer Ardesch en de raadsvragen, aanleiding hadden kunnen zijn om bijvoorbeeld een Bibob-onderzoek uit te voeren naar Walas.
Er zijn geen aanwijzingen dat de melding van de heer Ardesch invloed heeft gehad op hoe de gemeente later met hem is omgegaan Wij hebben geen aanwijzingen gevonden dat de melding van de heer Ardesch over Walas invloed heeft gehad op hoe de gemeente de heer Ardesch c.q. zijn bv’s heeft behandeld. De heer Ardesch heeft een correcte reactie op zijn melding ontvangen. In de periode daarna is tussen partijen niet meer gesproken over de melding. Wel blijkt uit de feitenreconstructie dat Walas het beheer van de Spinnerij – dat begin 2016 nog in handen van de ondernemingen van de heer Ardesch was – over zou nemen. Dat zou volgens meerdere gesprekspartners ertoe hebben geleid dat er door de gemeente gezocht is naar een manier om zo snel mogelijk de samenwerking(en) met de bv’s van de heer Ardesch te beëindigden. Voor deze veronderstelling zien wij in het feitenrelaas ook concrete aanknopingspunten – hierover later meer – zoals het in samenwerking met Walas overhaast beëindigen van een lopende betalingsregeling. Het VBE stond te veel op afstand van de rest van de gemeentelijke organisatie Het VBE speelde een belangrijke rol bij de verkoop van de Spinnerij en later ook bij het conflict dat ontstaat met de heer Ardesch. In het algemeen kan worden opgemerkt dat het VBE destijds als afdeling relatief autonoom en op afstand van de rest van de ambtelijke organisatie functioneerde.
Daarnaast was het VBE destijds bezig met het afstoten van vastgoed, omdat de raad daartoe opdracht had gegeven met de vastgoednota Strategie op vastgoed. Uit de Spelregels voor de uitvoering van het vastgoedbeleid uit 2015 blijkt dat het VBE ook het ‘bedrijfseconomisch geweten’ van de gemeente was. Die beschrijving van het VBE lijkt niet goed te stroken met het uitgangspunt dat de overheid de belangen van haar inwoners/ondernemers zo goed mogelijk dient te beschermen en daarbij als een betrouwbare overheid dient op te treden. Dat het VBE vooral opereerde vanuit een bedrijfseconomisch perspectief sluit ook aan bij het onderzoek dat de Rekenkamer Enschede in 2024 heeft uitgevoerd: ‘Vanaf 2015 begint het perspectief te veranderen, al ligt in de eerste jaren nog sterk het accent op de
25
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
financiële bedrijfsvoering.’58 Terecht wordt door gesprekspartners opgemerkt dat het handelen van het VBE in de juiste tijd(sgeest) moet worden geplaatst. Ten tijde van de verkoop van de Spinnerij stond de vastgoedportefeuille van de gemeente er niet goed voor en had de raad besloten dat niet-maatschappelijk vastgoed moest worden afgestoten. Ook op de Spinnerij rustte een groot exploitatietekort. Dit gaf mogelijk enige druk om de Spinnerij snel af te stoten. Tegenwoordig zou het VBE volgens gesprekspartners meer dienstverlenend aan de vak-portefeuilles werken. Ook dit sluit aan bij de bevindingen van het Rekenkameronderzoek uit 2024. De onderzoekers concluderen in dat rapport dat de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden met betrekking tot vastgoed tegenwoordig over het algemeen goed zijn belegd, en dat het VBE zich neutraal opstelt en dat de beleidsrijke keuzes worden gemaakt door de beleidsdomeinen.59 De raad is niet op de hoogte gebracht over het verschil tussen verkoopprijs en taxatiewaarde Over de rol van de raad kan worden opgemerkt dat, los van het vastgoedbeleid, de raad geen specifieke kaders heeft meegegeven voor de verkoop van de Spinnerij. In het vastgoedbeleid van 2015 stond dat het afstoten van vastgoed aan derden diende te gebeuren tegen de marktwaarde.
Daarom zou te allen tijde een taxatie moeten worden verricht om de marktwaarde van het object te bepalen. Zoals gezegd is het ons niet bekend of voorafgaand aan de verkoop van de Spinnerij in maart 2016 een taxatie is uitgevoerd. De meest recente taxatie die wij hebben gezien dateert van juli 2015. Daarnaast heeft een raadslid – een jaar na het tekenen van de verkoopovereenkomst – vragen gesteld aan het college over de verkoop van de Spinnerij. Het college geeft in antwoord op raadsvragen over de verkoop van de Spinnerij aan dat het college de Spinnerij tegen een marktconforme prijs heeft verkocht. Op de vraag of de reputatie van Walas bekend is bij het college antwoordt het college dat er een standaard onderzoek is uitgevoerd en dat er indringende gesprekken zijn gevoerd met Walas. Het standaard onderzoek zou bestaan uit een ‘check KvK’ en ‘internetresearch’, ‘aangevuld met een aantal indringende gesprekken’. Hoewel de beschrijving van dit onderzoek wellicht wat mager lijkt, is het geen aanleiding voor het raadslid of voor andere raadsleden om verdere vragen te stellen. De raad is meerdere keren door het college geïnformeerd over de ontwikkelingen met betrekking tot de Spinnerij. Specifiek over de verkoop is de raad alleen geïnformeerd op 8 maart 2016.
De raad werd in die brief alleen niet door het college geïnformeerd over het verschil tussen – voor zover bekend – laatste taxatiewaarde van mei 2015. Dit had wel voor de hand gelegen, gelet op het feit dat in het vastgoedbeleid was vastgelegd dat voorafgaand aan alle vastgoedtransacties een taxatierapport opgesteld diende te worden.
58 Gemeente Enschede, Vastgoed: Vast Goed?. Eindrapport Rekenkamer, 2024. 59 Gemeente Enschede, Vastgoed: Vast Goed?. Eindrapport Rekenkamer, 2024. p. 56.
26
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
4 Zakelijk geschil tussen de gemeente en de ondernemingen van de heer Ardesch
4.1 Inleiding In dit hoofdstuk staat het verloop van gebeurtenissen rondom het zakelijke geschil tussen de gemeente en de bedrijven van de heer Ardesch (Wellinga Printsystemen B.V., Wellinga Koffiesystemen B.V. en SteQ B.V.) centraal. Het zakelijke geschil betreft – kortgezegd – een (juridisch) conflict over: 1. De hoogte van verschuldigde huur en andere kosten voor de Spinnerij van Wellinga Printsystemen B.V. aan de gemeente en Walas en het wel of niet moeten betalen voor een koffiemachine door de gemeente aan Wellinga Koffiesystemen B.V nadat Walas Projects B.V. het beheer en de exploitatie van de Spinnerij per 1 april 2016 had overgenomen. 2. (De hoogte van) de vordering van SteQ B.V. (facilitaire dienstverlener) op de gemeente voor het leveren van een koffie- en theefaciliteit in het CeeCeeCenter. Over de kwestie tussen Wellinga en gemeente Enschede heeft een juridische procedure bij de kantonrechter van de Rechtbank Overijssel plaatsgevonden. Het geschil over SteQ B.V. is niet aan de rechter voorgelegd. SteQ B.V. en de gemeente hebben geprobeerd daar onderling uit te komen.
De kwesties hebben zich los van elkaar ontwikkeld maar zijn later gedeeltelijk samen behandeld in pogingen om tot een schikking te komen tussen de gemeente en de heer Ardesch.60 De onderzoeksperiode voor dit onderzoek start in 2016, maar om goed begrip te hebben van de context van het dossier, wordt in paragraaf 4.2 de informatie die de onderzoekers over de periode daarvoor hebben ontvangen op hoofdlijnen geschetst. Daarna volgt in paragraaf 4.3 een beschrijving van de betalingsachterstanden die ontstaan en betalingsregelingen die door de gemeente en Walas met Wellinga worden getroffen. Vervolgens komt de aanloop naar en de start van de juridische procedure voor het geschil met Wellinga en die de gemeente bij de 60 Juridisch gezien zijn de bv’s van de heer Ardesch partij in de zakelijke geschillen, en niet de natuurlijke persoon de heer Ardesch.
Omwille de leesbaarheid wordt er in deze rapportage voor gekozen om te spreken over ‘de heer Ardesch’ waar gedoeld wordt op de vertegenwoordiging van zijn bv’s.
27
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
rechtbank start aan bod in paragraaf 4.4. In paragraaf 4.5 komen de tussenvonnissen en het eindvonnis van de rechter aan bod. Paragraaf 4.6 gaat in op een nieuwe fase van onderhandelingen na het eindvonnis van de rechter. Ten slotte wordt in paragraaf 4.7 ingegaan op de afronding van het zakelijk geschil.
4.2 Wat aan het zakelijk geschil voorafging Deze paragraaf beschrijft de relatie tussen de gemeente en de bedrijven van de heer Ardesch voorgaand aan het moment dat het zakelijk geschil ontstond. 4.2.1 Huur Spinnerij door Wellinga Projectinrichting B.V. en Wellinga Printsystemen B.V. Op 5 oktober 2010 lijkt61 een huurovereenkomst gesloten te zijn tussen de gemeente Enschede (het cluster Economische Zaken) en Wellinga Projectinrichting B.V.62 het betreft de verhuur van ruimte 0.06 in de Spinnerij ten behoeve van opslag.63 De overeenkomst gaat in op 1 oktober 2010, voor onbepaalde tijd. De aanvangshuurprijs van het gehuurde bedraagt op jaarbasis € 5.460. Op 8 maart 2011 lijkt wederom een huurovereenkomst gesloten te zijn tussen de gemeente Enschede en Wellinga Projectinrichting B.V.64 Het betreft de verhuur van ruimte 0.13 in de Spinnerij, wederom ten behoeve van opslag.65 De overeenkomst gaat in op 1 april 2011, voor onbepaalde tijd. De aanvangshuurprijs van het gehuurde bedraagt op jaarbasis € 8.910. Of het hierbij gaat om een uitbreiding van de huur met bijvoorbeeld extra ruimten is onderzoekers onduidelijk. Op 28 januari 2013 wordt een ‘huurovereenkomst kantoorruimte’ gesloten tussen de gemeente (cluster Economische zaken) en Wellinga Printsystemen B.V.
(huurder).66 Kantoor-, werk- en opslagruimten 0.06, 0.07 en 1.07 (gedeeltelijk) worden verhuurd voor een periode van vijf jaar, ingaande 1 juli 2012 – dus met terugwerkende kracht.67 De (te indexeren) huurprijzen bedragen op jaarbasis € 18.138 (excl. btw), de servicekosten bedragen op jaarbasis € 8.610 (excl. btw). 4.2.2 De relatie tussen ander vastgoed van de gemeente en andere bv’s van de heer Ardesch De heer Ardesch had niet alleen via de Spinnerij een zakelijke relatie met de gemeente. Hij was met meerdere bv’s ook betrokken bij een pand aan de Hengelosestraat 527 in Enschede van de gemeente en bij het CeeCeeCenter aan de Brouwerijstraat 20 in Enschede. Hierna volgt een beschrijving over hoe de heer Ardesch met zijn bedrijven bij deze locaties betrokken was.
61 Omdat de onderzoekers geen ondertekende versie van de huurovereenkomst hebben ontvangen, wordt in die gevallen in de
tekst aangegeven dat het ‘lijkt’ alsof er een huurovereenkomst is aangegaan. De heer Ardesch geeft aan dat hij de huurovereenkomsten van 2010 en 2011 niet herkent. 62 Huurovereenkomst 5 oktober 2010, niet-ondertekende Word-versie. 63 De bij de overeenkomst behorende bijlage waarin is aangegeven om welke ruimte het gaat, ontbreekt. 64 Huurovereenkomst 8 maart 2011, niet-ondertekende Word-versie. 65 De bij de overeenkomst behorende bijlage waarin is aangegeven om welke ruimte het gaat, ontbreekt. 66 Huurovereenkomst kantoorruimte, 28 januari 2013. De bij de overeenkomst gesloten schets-plattegronden (twee stuks) zijn voor onderzoekers niet goed leesbaar, maar ook niet voorzien van de parafen van partijen. 67 Volgens de heer Ardesch ging de huurovereenkomst in op 1 januari 2012.
28
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
Gebruiksovereenkomst Hengelosestraat 527 door Wellinga Werken & Wonen B.V. Omstreeks april 2013 lijkt de gemeente een gebruiksovereenkomst met Wellinga Werken & Wonen B.V. aan te gaan voor een pand aan de Hengelosestraat 527. Uit de considerans (toelichting) wordt opgemaakt dat de gemeente voornemens is dit pand op zeer korte termijn te verkopen. Een aantal ruimtes van dit pand mogen door Wellinga Werken & Wonen B.V. ‘om niet’ in gebruik genomen worden. De overeenkomst wordt aangegaan voor een periode van 1 maand, ingaande op 1 april 2013 en lopende tot en met 30 april 2013. Na het einde van deze periode, zal de overeenkomst, behoudens opzegging door één van de partijen, telkens stilzwijgend onder dezelfde voorwaarden worden verlengd voor een aaneengesloten periode van telkens een maand. Het hoofd van het VBE lijkt op 1 juli 2013 een brief aan Wellinga Werken & Wonen B.V. verzonden te hebben. Daarin geeft het hoofd van het VBE aan dat tijdens een inspectie van het pand aan de Hengelosestraat is gebleken dat meer ruimtes in gebruik zijn genomen dan overeengekomen in de gebruiksovereenkomst. Het hoofd van het VBE verzoekt Wellinga Werken & Wonen B.V. per direct te ontruimen met uitzondering van de vastgelegde ruimtes.
Het pand wordt binnenkort opnieuw geïnspecteerd om te kijken of de ruimtes leeg zijn.68 Uit een brief van 26 juli 2013 blijkt dat de ruimtes nog niet zijn ontruimd. Het VBE is bereid om een nieuwe gebruiksovereenkomst af te sluiten voor deze ruimtes.69 Mogelijk is 4 juni 2014 door de portefeuillemanager een aangetekende brief verzonden naar McWork consultancy B.V.70 De gebruiksovereenkomst wordt opgezegd. In de brief staat: ‘Sinds 1 april 2013 gebruikt u het pand aan de Hengelosestraat 527 te Enschede (…). Deze gebruiksovereenkomst is destijds afgesloten op naam van Wellinga Werken & Wonen B.V. Wij zeggen u het gebruik van het pand aan de Hengelosestraat 527 per 31 augustus 2014 op. Dit uiteraard met inachtneming van de contractueel overeengekomen opzegtermijn van 1 maand (zie artikel 2.2. van de gebruiksovereenkomst), hetgeen betekent dat u het pand uiterlijk 31 augustus 2014 ter vrije beschikking aan ons dient op te leveren. De reden van opzegging is dat de Gemeente Enschede voornemens is deze locatie te gaan verkopen en tot het moment van verkoop wil gaan inzetten ten behoeve van de motie ‘Maak werk van leegstand’.71 Op 3 september 2014 wordt vanuit het hoofd van het VBE gecorrespondeerd over de opzegging van een gebruiksovereenkomst met McWork consultancy B.V.
Tussen het VBE en de heer Ardesch is afgesproken dat de opzegging van het gebruik wordt opgeschort naar 1 november 2014. ‘Daarnaast is overeengekomen dat de opzegtermijn 7 dagen zal zijn ingeval de Gemeente invulling heeft vanuit de motie ‘Maak werk van leegstand’ of als er een klacht komt gerelateerd aan de wet ‘Markt en Overheid’. Aangezien u voor de afdeling Huisvesting & Services het beheer zult blijven uitvoeren voor het gemeentelijk meubilair behoudt u toegang tot de betreffende ruimtes in het pand. Op bijgevoegde plattegrond kunt u zien welke ruimtes het betreft. Hierbij willen wij u er nogmaals op attenderen dat opslag van ander meubilair in het pand niet is toegestaan.’ Op 8 september wordt er door het hoofd van het VBE vermoedelijk nogmaals een brief met een soortgelijke strekking aan Mc Work consultancy B.V gestuurd.72 68 Brief van het hoofd van het VBE aan Wellinga Werken en Wonen B.V., 1 juli 2013, niet ondertekend. 69 Brief gemeente aan Wellinga Werken en Wonen B.V., met dagtekening 26 juli 2013, voorzien van ondertekening. 70 McWork consultancy B.V. lijkt een b.v. van de heer Ardesch te zijn die de gebruikersovereenkomst van Wellinga Werken &
Wonen B.V. aan de Hengelosestraat heeft overgenomen. 71 Brief van een medewerker van de gemeente aan McWork consultancy B.V., 4 juni 2014, niet ondertekend. 72 Brief van het hoofd van het VBE aan McWork consultancy B.V., 3 september 2014, niet ondertekend; brief van het hoofd van het VBE aan McWork consultancy B.V., 8 september 2014, niet ondertekend.
29
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
Huur CeeCeeCenter door SteQ B.V. en Wellinga Projectinrichting B.V. De heer Ardesch had ook met zijn bedrijf SteQ B.V. een zakelijke relatie met de gemeente. In 2013 lijken de gemeente Enschede (verhuurder) en SteQ B.V. (huurder) een ‘huurovereenkomst kantoorruimte’ aan te gaan voor de huur van kantoorruimte gelegen in het Brouwhuis aan de Brouwerijstraat 20.73 De overeenkomst is aangegaan voor een periode van vijf jaar; ingaande op 1 maart 2013. Eenzelfde overeenkomst lijkt te zijn aangegaan tussen de gemeente (verhuurder) en Wellinga Projectinrichting B.V.74 Op 1 maart 2014 beëindigt de manager Vastgoedexploitatie van de gemeente de huurovereenkomst met SteQ B.V.75 De gemeente Enschede wil meer duidelijkheid creëren over wie verantwoordelijk is voor het verhuurmanagement in het CeeCeeCenter. Daarom wil de gemeente Enschede dat: SteQ B.V. de hospitalitydiensten op het CeeCeeCenter blijft uitvoeren. Hiertoe is een dienstverleningsovereenkomst opgemaakt.76 MCWork facilitair B.V. het facilitaire beheer gaat uitvoeren. Ook hiertoe zou een dienstverleningsovereenkomst zijn opgemaakt. 4.2.3 Betalingsachterstand door Wellinga Printsystemen B.V. voor de huur van de Spinnerij bij de gemeente Direct vanaf 2012 – het jaar dat Wellinga Printsystemen B.V. intrek heeft genomen in de Spinnerij – lijken er betalingsproblemen te zijn met Wellinga Printsystemen B.V.
in relatie tot de Spinnerij. Op 7 mei 2014 is er blijkens een overzicht van openstaande facturen een betalingsachterstand van € 15.395,88.77 Op 1 mei 2015 mailt een medewerker van de financiële administratie van de gemeente aan een medewerker van het VBE een overzicht met openstaande posten van Wellinga Printsystemen B.V.78 Uit dit overzicht blijkt dat voor het openstaande bedrag een regeling is afgesproken. Het overzicht laat tevens zien dat de achterstand verder is opgelopen naar € 18.499,35.79 Daarnaast blijkt uit de documentenstudie dat er in 2015 meerdere incasso’s van de gemeente door Wellinga Printsystemen B.V. zijn gestorneerd.80 4.2.4 Overeenkomst en beëindiging daarvan door de gemeente van hospitality- en beheersdiensten Spinnerij door SteQ B.V. Begin 2015 lijkt er een overeenkomst te zijn gesloten tussen de gemeente en SteQ B.V. voor de uitvoering van hospitality en beheer in de Spinnerij. De overeenkomst gaat in op 1 april 2015 en eindigt op 31 december 2015. Na december 2015 wordt het contract stilzwijgend per drie maanden verlengd, tenzij de overeenkomst door de gemeente wordt opgezegd.81 Op 30 november 2015 stuurt het hoofd van het VBE een brief naar SteQ B.V waarbij de overeenkomst wordt opgezegd.82 ‘Sinds 1 april 2015 maakt Vastgoedbedrijf Enschede gebruik van uw 73 Huurovereenkomst kantoorruimte, ondertekend.
74 Huurovereenkomst kantoorruimte, niet ondertekend. 75 Brief van de gemeente Enschede aan SteQ B.V., 1 maart 2014. 76 Overeenkomst van dienstverlening ter uitvoering van de hospitality in het CeeCeeCenter, niet ondertekend. 77 Overzicht openstaande facturen, 7 mei 2014. 78 Interne mailwisseling medewerkers gemeente, 1 mei 2015. 79 De heer Ardesch geeft aan zich niet te herkennen in betalingsachterstanden. Volgens hem waren er problemen met overeen-
gekomen huurcontracten en een foutieve vastlegging daarvan. 80 Op 2 juli 2015 MD06 Debiteur niet akkoord, Op 2 oktober 2015 MS02 Oneens met betaling, Op 3 november 2015 MD06 Debiteur niet akkoord, op 1 december 2015 MS02. 81 De onderzoekers hebben geen ondertekende versie van deze overeenkomst ontvangen. 82 Brief van het college aan SteQ B.V., 30 november 2015.
30
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
hospitality- en beheersdiensten ten behoeve van de Spinnerij (…). Hierbij zegt Vastgoedbedrijf Enschede de overeenkomt met kenmerk 15VRN00018 per direct op. De opzegtermijn bedraagt 3 maanden, en deswege is einde contract 29 februari 2016.’ Beëindiging flexplekovereenkomst tussen de gemeente en SteQ B.V. Op 30 september 2015 ondertekent de heer Ardesch, namens SteQ B.V. een zgn. allonge. Deze allonge behoort bij de flexplekovereenkomst zoals gesloten tussen partijen, die is ingegaan op 1 april 2015. Overeengekomen wordt om in afwijking van de oorspronkelijke flexplekovereenkomst, de overeenkomst van rechtswege te laten eindigen op 31 oktober 2015. Het exemplaar van de allonge dat de onderzoekers hebben ontvangen, is niet ondertekend door de gemeente. Uit de allonge blijkt niet op welk pand de allonge betrekking heeft. De onderzoekers gaan ervan uit dat dit het CeeCeeCenter moet zijn. 4.2.5 Finale kwijting door de gemeente, Wellinga Printsystemen B.V. en SteQ B.V. Uit de documentenstudie maken de onderzoekers op dat in de loop van 2015 de gemeente, Wellinga Printsystemen B.V. en SteQ B.V. elkaar bedragen schuldig worden. Tussen de gemeente Enschede, SteQ B.V. en Wellinga Printsystemen B.V. wordt op 17 december 2015 een ‘overeenkomst tot verrekening’ gesloten.83 Er wordt overeengekomen dat: — Wellinga Printsystemen B.V.
voor de periode tot en met 31 december 2015 € 18.131,44 (huur) aan de gemeente verschuldigd is. — De gemeente voor de maanden januari, februari en maart 2016 € 27.225 (verrichten van diensten) verschuldigd is aan SteQ B.V. — SteQ B.V. aan de gemeente € 9.259,50 (bijdrage vergaderingen) verschuldigd is. — Partijen stemmen in met een verrekening van de drie vorderingen. — Het resterende bedrag, € 165,94, wordt door SteQ B.V. (binnen twee weken) voldaan aan de gemeente. — Partijen verlenen elkaar finale kwijting (na betaling door SteQ B.V.) zodat ze over en weer niks meer van elkaar te vorderen hebben voor wat betreft de in deze overeenkomst genoemde vorderingen.
4.3 (nieuwe) betalingsachterstanden en betalingsregelingen Direct na de finale kwijting ontstaan nieuwe betalingsachterstanden van Wellinga Printsystemen B.V bij zowel de gemeente als Walas.84 Voor deze achterstanden worden betalingsregelingen getroffen. 4.3.1 Nieuwe betalingsachterstanden voor de huur van de Spinnerij door Wellinga Printsystemen B.V. bij de gemeente Op 8 januari 2016 wordt opnieuw een incasso van de gemeente door Wellinga Printsystemen B.V. gestorneerd.85 Het openstaande saldo loopt op tot € 6.137,91.86 Dit bedrag bestaat uit de huur voor de maand maart en gas- en elektraverbruik voor januari en maart.
83 Overeenkomst tot verrekening d.d. 17 december 2015. ‘Overeenkomst betalingsachterstand Wellinga SteQ VBE 171215’. De
bijlagen waar in de overeenkomst naar verwezen wordt, zoals een huurovereenkomst, zijn niet in bezit van onderzoekers. 84 De heer Ardesch geeft aan dat gemeente Enschede betalingen te laat uitvoert, waardoor liquiditeitsproblemen zouden zijn ontstaan. 85 Rekeningafschrift gemeente Enschede, 8 januari 2016. 86 Interne mailwisseling gemeente Enschede, 26 september 2016.
31
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
Verkoop van de Spinnerij aan Walas Op 8 maart 2016 informeert de gemeente de huurders van de Spinnerij schriftelijk over de verkoop van het pand aan Walas. Hierin wordt onder meer aangegeven dat de betaling van de huur tot aan de feitelijke eigendomsoverdracht via de gemeente blijft lopen. Uit de gesprekken blijkt dat de gemeente de huurinkomsten bleef innen en doorzette naar Walas. Op de facturen stond Walas genoemd en debiteuren konden bij vragen over de huur contact op nemen met Walas. Walas heeft de exploitatie en het beheer van de Spinnerij per 1 april 2016 van de gemeente overgenomen (zie verder hoofdstuk 3). 4.3.2 Betalingsachterstanden van Wellinga Printsystemen B.V. bij Walas Nadat Walas het beheer en de exploitatie van de Spinnerij voor een proefperiode overneemt van de gemeente, ontstaan er ook bij Walas betalingsachterstanden voor de huur van de Spinnerij. Uit een laatste betaalverzoek van 14 september 201687 blijkt dat Wellinga Printsystemen B.V. vanaf april 2016 haar huurfacturen voor de ruimten 0.06, 0.07 en 1.07, en de servicekosten en investeringsopslag voor ruimte 0.06 en 0.07 niet had betaald.88, 89 4.3.3 Betalingsregelingen Betalingsregeling gemeente Blijkens mailcontact tussen medewerkers van het VBE is het openstaande saldo van Wellinga Printsystemen B.V. overgedragen aan de deurwaarder.
Op 5 juli 2016 spreekt de gemeente af dat Wellinga Printsystemen B.V. iedere 10e van de maand € 1.000 betaald.90 Wellinga Printsystemen B.V. betaalt op 10 augustus 2016 € 1.188,31. Op 9 september 2016, 7 oktober 2016, 8 en 10 november 2016 doet Wellinga Printsystemen B.V. een overboeking van € 1.000 naar de gemeente (in totaal vier keer voor in totaal € 4.000).91 Uit het kenmerk van de betaling van 10 november 2016 blijkt dat Wellinga Printsystemen B.V. in de veronderstelling is dat met deze betaling het volledige bij de deurwaarder openstaande saldo is ingelost.92 Het openstaande saldo bij de gemeente bedroeg € 6.137,91. Met de betalingen die hiervoor zijn beschreven is in totaal € 5.188,31 voldaan. De onderzoekers hebben geen betalingsbewijzen ontvangen dat ook de resterende € 949,60 is voldaan. Een van de gesprekspartners heeft opgemerkt dat de betalingsregeling met de gemeente op ongeveer € 1.000 na, was afgelost. Betalingsregeling Walas Ook met Walas maakt Wellinga Printsystemen B.V. betaalafspraken om het openstaande saldo in te lossen. Begin juni 2016 wordt er afgesproken dat Wellinga met ingang van de week van 9 juni 2016 wekelijks een betaling doet van € 1.000.93 op 10 juni 2016, 21 juni 2016, 3 juli 2016
87 Brief van Walas Projects B.V. aan Wellinga Printsystemen B.V., 14 september 2016. 88 Zie facturen: WAL-2016-1600075, WAL-2016-1600227, WAL-2016-1600228, WAL-2016-1600261, WAL-2016-1600341, WAL-
2016-1600407, WAL-2016-1600440, WAL-2016-1600498, WAL-2016-1600550. 89 Volgens de heer Ardesch was er geen sprake van huurachterstanden bij de gemeente en Walas. Met Walas zou zijn afgesproken dat vanaf september 2016 betaald zou worden. 90 Interne mailwisseling gemeente Enschede, 26 september 2016. 91 Betalingsbewijzen inclusief ontvangstbewijzen. Betalingsbewijzen van 10 augustus 2016, 9 september 2016, 7 oktober 2016, 8 november 2016 en 10 november 2016. 92 Betalingsbewijzen inclusief ontvangstbewijzen. Betalingsbewijs van 10 november 2016. De onderzoekers veronderstellen dat de heer Ardesch in de veronderstelling was dat de betalingsregeling met deze betaling was afgerond, omdat in het kenmerk ‘afsluiting’ staat. 93 Mail van Walas Projects B.V. aan een medewerker van de gemeente, 9 juni 2016.
32
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
en 15 juli 2016 doet Wellinga Printsystemen een overboeking van € 1.000 (in totaal vier keer van in totaal € 4.000).94 Begin september 2016 is er mailcontact tussen de financiële administratie van Walas Projects B.V. en de gemeente Enschede. De financiële administratie van Walas Projects B.V. merkt in een e-mail van 1 september 2016 richting de gemeente Enschede op dat er geen betalingen van Wellinga B.V. zijn gedaan, ‘terwijl er een betalingsregeling met hem is getroffen van € 1000 per week.’ De financiële administratie van Walas vraagt zich af of hieruit kan worden geconcludeerd dat Wellinga B.V. sinds 26 juli 2016 geen betalingen meer heeft gedaan. Op 13 september 2016 reageert de gemeente dat er inderdaad geen betalingen meer zijn binnengekomen van Wellinga B.V.95 Een dag later op 14 september 2016 stuurt Walas Projects B.V. Wellinga B.V. een laatste betaalverzoek met het verzoek om binnen veertien dagen € 18.002,76 te voldoen.96 Uit de brief blijkt dat het bedrag is opgebouwd uit onbetaalde facturen uit de periode april 2016 tot en met september 2016.97 Ruim een week na het laatste betaalverzoek van Walas mailt Wellinga Printsystemen B.V.98 op 22 september 2016 een medewerker van Walas Projects B.V. ‘conform afspraak’ een voorstel tot betaling.99 Zijn voorstel is om iedere week € 1.000 te betalen.
Het openstaande bedrag van € 14.000 (€ 4.000 is volgens de heer Ardesch al betaald maar nog niet verrekend) moet dan in veertien weken kunnen worden afbetaald.100 De onderzoekers hebben betalingsbewijzen ontvangen dat de € 4.000 waar de heer Ardesch naar verwijst zijn betaald (dit betreffen de betalingen van 10 juni, 21 juni, 3 juli en 15 juli 2016).101 De onderzoekers hebben betalingsbewijzen ontvangen vanaf het moment dat Wellinga Printsystemen B.V. op 22 september een voorstel tot betaling doet op 22 september 2016. Hieruit blijkt dat in de periode van 23 september 2016 tot en met 9 december 2016 er wekelijks € 1.000 is betaald aan Walas Projects B.V (in totaal twaalf betalingen van in totaal € 12.000). De onderzoekers hebben geen betalingsbewijzen ontvangen dat ook het resterende openstaande bedrag van € 2.000 (€ 14.000 - € 12.000) is voldaan. De onderzoekers maken uit de documenten op dat in de periode dat Wellinga Printsystemen B.V.
betalingen doet in het kader van de betalingsregeling, ondertussen wel weer nieuwe betalingsachterstanden ontstaan.102 4.3.4 Voornemen van de gemeente om alle contracten met de bv’s van de heer Ardesch te beëindigen Op 23 september 2016 vindt er een interne mailwisseling tussen een medewerker en het hoofd van het VBE plaats waarin het volgende staat: ‘We doen zaken met een tweetal BV’s van GertJan Ardesch, Wellinga en Steq, voor Spinnerij en CeeCeeCentre. Met beide BV’s hebben we al geruime tijd gedoe rondom achterstanden, betalingsregelingen e.d. Volgende week gaan we 94 Betalingsbewijzen inclusief ontvangstbewijzen. Betalingsbewijzen van 10 juni 2016, 21 juni 2016, 3 juli 2016 en 15 juli 2016. 95 Mail van de gemeente Enschede, 13 september 2016. 96 Brief van Walas Projects B.V. aan Wellinga Printsystemen B.V., 14 september 2016. 97 Volgens de heer Ardesch boekte de gemeente Enschede binnengekomen betalingen niet door aan Walas. 98 De heer Ardesch mailt namens ‘Wellinga Systems’, in het KvK-register staat dat genoteerd als handelsnaam voor Wellinga
Printsystemen B.V. 99 Het is de onderzoekers niet duidelijk of er na het laatste betaalverzoek van Walas op 14 september 2016 nog weer nieuwe afspraken zijn gemaakt, of waarom anders wordt gezegd ‘conform afspraak’. 100 Mail van Wellinga printsystemen B.V. aan een medewerker van Walas Projects B.V., 22 september 2016. 101 Dit gaat om de eerdergenoemde betalingen van10 juni 2016, 21 juni 2016, 3 juli 2016 en 15 juli 2016. Betalingsbewijzen inclusief ontvangstbewijzen. Betalingsbewijzen van 10 juni 2016, 21 juni 2016, 3 juli 2016 en 15 juli 2016. 102 Zie verder paragraaf 6.5.5, waaruit blijkt dat energiekosten voor de periode juli 2016 tot en met november 2016 en huur voor september 2016 niet zijn betaald.
33
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
met GertJan Ardesch om te tafel met als insteek van onze kant dat we alle contracten gaan beëindigen, want ik geloof er niet meer in dat het goed gaat komen. We zijn te lang aan het lintje gehouden.’103 Ter voorbereiding van dit gesprek verzoekt het hoofd van het VBE de medewerker in kaart te brengen wat de precieze betalingsachterstanden zijn. Op 26 september 2016 wordt op deze mail gereageerd met een overzicht van de openstaande posten. Het openstaande saldo van SteQ B.V. bij de gemeente bestaat uit één factuur van € 3.551,50 gedateerd van 3 juni 2016 voor vergaderopbrengsten. Het openstaande saldo van Wellinga ligt inmiddels bij het incassobureau en bedraagt € 6.137,91. Dit bedrag bestaat uit meerdere facturen met factuurdata daterend van februari 2016 tot en met april 2016. Ook geeft de medewerker aan dat hiervoor een betalingsregeling loopt. Door de reeds gedane betalingen van € 1.188,31 op 10 augustus 2016 en € 1.000 op 14 september bedraagt het totale openstaande saldo van Wellinga, bij de gemeente op 26 september 2016, € 4.834,15. 104 Beëindiging hospitality- en beheersdiensten CeeCeeCenter Op 29 september 2016 stuurt het hoofd VBE een brief naar SteQ B.V. ‘Sinds 1 april 2015 maakt Vastgoedbedrijf Enschede gebruik van uw hospitality- en beheersdiensten ten behoeve van CeeCee Center (…).
Hierbij zegt het Vastgoedbedrijf Enschede de overeenkomst met kenmerk 15VRN00017 op conform artikel 2.3 van de overeenkomst per 1 januari 2017.’ 105 Een medewerker van het VBE laat op dezelfde dag van het gesprek – 29 september 2016 – aan een andere medewerker weten: ‘We hebben de boodschap mede gedeeld en zijn niet teveel in discussie gegaan (dat viel niet altijd mee trouwens). Huurcontract wordt procedure voor in gang gezet, opzegging dienstverlening SteQ B.V. is vandaag per brief ook overhandigd en t.a.v. de apparaten weigert Ardesch openheid van zaken te geven.’106 Op 4 oktober 2016 stuurt het hoofd VBE namens het college een brief naar de coupe-huurders107 en flexers in het CeeCeeCenter om hen te informeren over de beëindiging van de dienstverlening door SteQ. 108 Op 19 oktober 2016 stuurt het hoofd van het VBE een brief naar de coupe-huurders met aanvullende informatie. 109 Hierin kondigt hij aan dat om bedrijfseconomische redenen is besloten om het bestaande flexconcept te beëindigen en deze ruimte te transformeren naar een zelfstandig verhuurbare eenheid. Over de gevolgen hiervan voor de facilitaire services die tot 1 januari 2017 door SteQ worden geleverd wil de gemeente graag met de coupehuurders in gesprek. Hiervoor wordt nog contact opgenomen door de gemeente. Ook de flexers ontvangen op 19 oktober 2016 een aanvullende brief.
In deze brief kondigt het hoofd van het VBE aan dat de flexplekovereenkomsten worden opgezegd. De flexers worden voor vervangende huisvesting verwezen naar SteQ B.V. die een vergelijkbaar flexconcept zal aanbieden in de buurt van het CeeCeeCenter. 4.3.5 De gemeente onderzoekt mogelijkheden om samen op te trekken met Walas Op 12 oktober 2016 stuurt een medewerker van de gemeente een mail naar (Deurwaarderskantoor Enschede (DWK); ‘We hebben met Wellinga een bijzonder geval. Per 1 april 2016 is de exploitatie (waaronder de financiële administratie) van de spinnerij Oosterveld overgegaan 103 Interne mailwisseling VBE, 23 september 2016. 104 Het openstaande bedrag is als volgt berekend: € 6.137,91 (openstaand saldo Wellinga) + € 825,10 (kosten) + € 59,45 (rente) =
€ 7.022,46 - € 2.188,31 (betaald) = € 4.834,15. Interne mailwisseling VBE, 23 september 2016. 105 Brief namens het college aan SteQ B.V., 30 november 2015. 106 Mail van een medewerker van de gemeente/VBE, 29 september 2019. De heer Ardesch geeft aan dat hij wel informatie zou hebben verstrekt aan een medewerker van het VBE over de (koffie)apparaten. 107 Coupe-huurders waren bedrijven met meerdere medewerkers die een ruimte konden huren in het CeeCeeCenter. 108 Brief namens het college aan de coupe-huurders en flexers van het CeeCeeCenter, 4 oktober 2016. 109 Brief namens het college aan de coupe-huurders van het CeeCee Center, 19 oktober 2016.
34
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
van de gemeente Enschede naar Walas Projects BV. Zoals je ziet worden de facturen verstuurd door Walas met ons banknummer en storten wij het later weer door aan hen. Wij zijn uiteraard nog steeds de verhuurder. Het afdelingshoofd is van mening dat Wellinga al heel lang de gemeente Enschede aan het lijntje houdt en wil inzetten op zo spoedig mogelijke huurontbinding en geen betalingsregeling voor de nieuwe facturen.’ Daarom wil de medewerker graag weten of de facturen die door Walas verstuurd zijn toegevoegd kunnen worden aan het lopende dossier van de gemeente en wat de mogelijkheden zijn voor huurontbinding op korte termijn, onder de voorwaarde dat de debiteur alle schulden betaalt.110 Op 18 oktober 2016 mailt een medewerker van het Deurwaarderskantoor Enschede de medewerkers van gemeente Enschede terug. Het Deurwaarderskantoor stelt voor ‘dat afspraken die Walas met betrokkene heeft gemaakt per direct worden opgezegd vanwege het oplopen van de huurachterstand. Men kan aangeven dat betrokkene zich tot ons dient te wenden voor algehele huurachterstand. […] Ook wij zullen de betalingsregeling opzeggen. Indien gewenst kan, in overleg met de gemeente Enschede, een nieuwe betalingsregeling getroffen worden voor de gehele huurachterstand.
Mocht betrokkene geen betalingsregeling treffen, dan kunnen wij de dagvaardingsprocedure bij de kantonrechter starten.’111 Op 19 oktober 2016 stuurt de medewerker van de gemeente de e-mail van het Deurwaarderskantoor van 18 oktober 2016 door aan een aantal collega’s, onder wie het hoofd van het VBE. De medewerker geeft aan een afspraak met het Deurwaarderskantoor te hebben en schrijft: ‘In mijn ogen de facturen van Walas toevoegen aan het huidige dossier en de dagvaardingsprocedure opzetten. Zoals je ziet heeft de huurder nog mogelijkheden om een en ander te rekken, houdt daar wel rekening mee. Toch lijkt het me goed om het nu door te zetten zodat de huurachterstand nog verder op loopt.’112 Op 24 oktober 2016 is er een interne mailwisseling tussen een medewerker van de gemeente en medewerker van het VBE.113 De medewerker is die ochtend bij het Deurwaarderskantoor geweest. Het Deurwaarderskantoor heeft uitgelegd dat Walas Projects B.V. bij Wellinga B.V. zal moeten aangeven dat de betalingsregeling per direct is gestopt. Verder staat in de mail: ‘Daarnaast heb ik al gemeld dat we het liefst hebben dat de debiteur zo snel mogelijk het pand verlaat met daarbij wel de voorwaarde dat ze alle huurachterstand betalen. […].
Zoals je leest is het afhankelijk van hoe graag de debiteur in het pand wil blijven of weet hoe de “incasso vertragingstechniek” werkt of deze zaak voor 1-7-2017 is afgerond. Volgens mij moeten we een en ander met spoed in gang zetten, des te eerder hebben we ons geld. Tot slot heb ik nog een vraag met betrekking tot de overname van de Spinnerij van de gemeente Enschede naar Walas in 2017. Deze datum is natuurlijk zeer interessant voor bovenstaand verhaal.’ 4.3.6 Beëindiging van de betalingsregeling door Walas Op 26 oktober 2016 stuurt het hoofd van de financiële administratie van Walas Projects B.V. een mail aan de heer Ardesch met de mededeling dat de betalingsregeling wordt opgezegd en de formele incassoprocedure is ingezet.114 De heer Ardesch reageert diezelfde dag op de mail namens Wellinga B.V. Het hoofd van het VBE is door de heer Ardesch ook meegenomen in de mailwisseling. De heer Ardesch geeft aan dat er een betalingsregeling is afgesproken en dat 110 Mail van een medewerker van de gemeente Enschede aan het Deurwaarderskantoor Enschede, 12 oktober 2016. 111 Mail van een medewerker van het Deurwaarderskantoor Enschede aan de gemeente Enschede, 18 oktober 2016 (zwartgelakt). 112 Mail van een medewerker van de gemeente Enschede aan het Deurwaarderskantoor Enschede, 19 oktober 2016 (zwartgelakt).
De onderzoekers gaan uit dat de laatste zin van het citaat een verschrijving is, en dat er moet staan ‘zodat de huurachterstand niet […]’. 113 Interne mailwisseling VBE en gemeente Enschede, 24 oktober 2016 (zwartgelakt). 114 Mail van het hoofd van Walas Projects B.V. aan de heer Ardesch, 26 oktober 2016.
35
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
die ook wordt gevolgd. Er is volgens de heer Ardesch ‘geen reden om hiervan af te wijken.’ Hij geeft aan dat hij iedere vrijdag € 1.000 blijft overmaken.115 Onderzoek Saxion hogeschool naar motivatie stopzetten van de betalingsregeling In 2023 heeft de Saxion hogeschool in opdracht van drie Enschedese raadsfracties onderzoek gedaan naar onder meer het stopzetten van de betalingsregeling in de zaak Ardesch. Het rapport concludeert op basis van de beschikbare documenten dat het besluit om de betalingsregeling te stoppen, onvoldoende onderbouwd is. In paragraaf 6.8.6 worden de uitkomsten van dit onderzoek verder toegelicht.
4.4 Aanloop naar en start van de juridische procedure Deze paragraaf beschrijft de gebeurtenissen in aanloop naar de start van de juridische procedure bij de kantonrechter van de Rechtbank Overijssel. 4.4.1 De gemeente gaat samen met Walas optrekken in het incassotraject van Wellinga In de dagen van 25 oktober 2016 tot 27 oktober 2016 zijn er enkele mailwisselingen tussen het VBE en Deurwaarderskantoor Enschede over de vordering van de gemeente betreffende de achterstallige huurbetalingen van Wellinga B.V. Het VBE stelt per mail van 25 oktober 2016 vragen aan een medewerker van de gemeente over het al dan niet kunnen voortzetten van het incassotraject wanneer de gemeente de Spinnerij aan Walas Projects B.V. heeft overgedragen. De medewerker van de gemeente stuurt de vragen door aan het Deurwaarderskantoor.116 In een andere mail van 25 oktober 2016 laat het VBE weten dat de gemeente samen met Walas Projects B.V. wil optrekken in het incassotraject van Wellinga.117 Op 26 oktober 2016 heeft de medewerker van de gemeente telefonisch contact met het Deurwaarderskantoor; na intern overleg zal het Deurwaarderskantoor antwoord geven op de vragen. Dit blijkt uit een mail van diezelfde dag – 26 oktober 2016 – waarin de medewerker van de gemeente het VBE op de hoogte stelt van de voortgang.
118 Daar vraagt de medewerker van de gemeente ook aan het VBE: ‘De punten die je opgeeft, dat willen wij ook graag als gemeente Enschede? ’t Zal wel samenhangen met de verkoop anders snap ik niet zo goed waarom wij dit zo graag willen.’ Het Deurwaarderskantoor Enschede beantwoordt de gestelde vragen op 27 oktober 2016: de incassoprocedure kan worden voortgezet voor de bedragen die de gemeente van Wellinga B.V. tegoed heeft van vóór de eigendomsoverdracht aan Walas Projects B.V. Na de overdracht gaan de rechten en plichten uit de huurovereenkomst over naar Walas Projects B.V.119 Op 31 oktober 2016 mailt een medewerker van de gemeente aan het Deurwaarderskantoor over de facturen van Wellinga B.V.120 In die e-mail verzoekt de medewerker een brief richting 115 Mail van de heer Ardesch namens Wellinga B.V., 26 oktober 2016. 116 Mail van een medewerker van de gemeente Enschede aan het Deurwaarderskantoor Enschede, 26 oktober 2016. 117 Mail van het VBE, 25 oktober 2016 (gelakte versies). 118 Mail van een medewerker van de gemeente Enschede aan het VBE, 26 oktober 2016 (gelakte versie). 119 Mail van Deurwaarderskantoor Enschede, 27 oktober 2016. 120 Mail van de gemeente aan Deurwaarderskantoor Enschede, 31 oktober 2016, afkomstig uit publicatie van 1Twente, onder-
zoekers beschikken niet over het originele document, ‘Onderzoek zaak Ardesch: geen onderbouwing voor gemeentelijk handelen, 1Twente.nl, 10 maart 2024.
36
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
‘de debiteur’ te sturen met de mededeling dat de betalingsregeling stopt bij de gemeente en dat ze alleen aan het Deurwaarderskantoor kunnen betalen en reageren. Daarnaast verzoekt de medewerker om de eerste aanmaning te verzenden zodat incassokosten bij de debiteur kunnen worden verhaald. De e-mail vervolgt: ‘Om vervolgens de minimale termijnen/aantal aanmaning te sturen zodat we snel richting het dagvaarden kunnen gaan.’ 4.4.2 De heer Ardesch is van mening dat de vordering niet klopt Op 23 november 2016 is de heer Ardesch bij het Deurwaarderskantoor geweest om aan te geven dat de hoofdsom volgens hem niet klopt, zo blijkt uit een mailbericht van 14 december 2016.121 De heer Ardesch stelde daar dat de factuur inzake de meetingrooms niet voor dit dossier bestemd is en dat de facturen voor de maandhuren van oktober en november 2016 op dat moment al zijn betaald.122 Tot slot stelt hij dat de huur van ruimte 2.14 niet voor dit dossier bestemd is. Later – op 14 december 2016 – laat het deurwaarderskantoor weten dat de factuur voor de meetingrooms inderdaad niet voor dit dossier bestemd is. De maandhuren van oktober en november 2016 zijn respectievelijk op 31 oktober en 15 november voldaan.123 De factuur voor de huur van ruimte 2.14 is volgens de gemeente wel voor dit dossier bedoeld.
Verder staat in de mail aangegeven dat: ‘zoals u weet is de, met Walas overeengekomen, betalingsregeling komen te vervallen. Om die reden verzoeken wij u wederom contact met ons kantoor op te nemen voor het treffen van een betalingsregeling, zodat wij deze kunnen opnemen met cliënte.’124 Walas en Wellinga zijn het niet eens over het beëindigen van de huur voor ruimte 1.07 Op 1 december 2016 ontvangt Wellinga B.V. een factuur voor een bedrag van € 3.305,89 voor de huur en servicekosten van ruimte 0.06, 0.07 en 1.07 (gedeeltelijk) van de Spinnerij voor de maand januari 2017. De factuur vervalt op 15 december 2016. Uit de factuur blijkt dat volgens artikel 17 van de algemene voorwaarden bij het huurcontract de huur en servicekosten per 1 januari 2017 zijn verhoogd met 0,1%.125 Op 6 december 2016 vindt er een gesprek plaats tussen de heer Ardesch, de locatiemanager van Walas Projects B.V. en de directeur van Walas Projects B.V. Over dat gesprek heeft de heer Ardesch later een verklaring afgelegd bij de rechter, waaruit blijkt dat in het gesprek van 6 december 2016 is afgesproken dat ruimte 0.07 per 1 januari 2017 niet meer wordt gehuurd door Wellinga B.V.126 De afgesproken schriftelijke bevestiging van die afspraak heeft de heer Ardesch niet ontvangen.
Kort na het gesprek van 6 december 2016 is de betalingsregeling beëindigd in opdracht van de gemeente, verklaart de heer Ardesch.127 De heer Ardesch stelt in de verklaring dat hij de betalingsregeling stipt is nagekomen, inclusief de lopende huurverplichting.128 Naar de verklaring van de heer Ardesch is in de gesprekken van 29 september 2016 en 6 december 2016 geen enkele voorwaarde gesteld voor het beeindigen van de huurovereenkomst. Door de directeur van Walas Projects B.V. is over het gesprek van 6 december 2016 anders verklaard. Volgens de directeur is er een voorwaarde gesteld voor de eerdere beëindiging van de huurovereenkomst, namelijk dat de huurachterstand niet verder mocht oplopen en 121 Mail van het DWK aan de heer Ardesch, 14 december 2016. 122 Het is de onderzoekers onduidelijk om welke ruimten het gaat als er wordt verwezen naar ‘meetingrooms’. 123 Mail van het DWK aan de heer Ardesch, 14 december 2016. 124 Mail van het DWK aan de heer Ardesch, 14 december 2016. 125 Factuur januari 2017. 126 Verklaring van de heer Ardesch in proces bij de Rechtbank Overijssel, tussenuitspraak 28 november 2018, r.o. 2.2. 127 Verklaring van de heer Ardesch in proces bij de Rechtbank Overijssel, tussenuitspraak 28 november 2018, r.o. 2.2. 128 Verklaring van de heer Ardesch in proces bij de Rechtbank Overijssel, tussenuitspraak 28 november 2018, r.o. 2.2.
37
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
dat de betalingsafspraak zou worden nagekomen. Volgens de directeur zijn die afspraken niet nagekomen.129 Op 19 december 2016 reageert de heer Ardesch op de mail van het Deurwaarderskantoor. Hij geeft aan dat de factuur (met betrekking tot ruimte 2.14) een foutieve factuur is en niets te maken heeft met Wellinga B.V. Inzake de openstaande posten die correct zijn wil de heer Ardesch ‘graag een afspraak maken’.130 4.4.3 Gemeente: betalen of naar de rechter Diezelfde dag (19 december 2016) reageert het Deurwaarderskantoor weer op de e-mail van de heer Ardesch. Volgens de gemeente is de factuur over ruimte 2.14 niet foutief en betreft dit een factuur over het illegaal in gebruik nemen van de betreffende ruimte. ‘In de ruimte zijn kantoorzaken welke eigendom zijn van Wellinga Printsystemen opgeslagen.’ De gemeente heeft het Deurwaarderskantoor laten weten dat het niet meer mogelijk is een betalingsregeling te treffen. ‘De volledige huurachterstand dient ineens voldaan te worden.’ Inclusief de huur van de maand januari 2017 bedraagt de volledige huurachterstand € 23.563,89. Dit bedrag dient de heer Ardesch voor 26 december 2016 te voldoen. De gemeente heeft het Deurwaarderskantoor laten weten dat als de betaling uitblijft, het Deurwaarderskantoor de zaak aan de kantonrechter dient voor te leggen.
Daarnaast zal het Deurwaarderskantoor ook ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming vorderen.131 De heer Ardesch reageert op 19 december 2016 op de mail van het Deurwaarderskantoor. Hij geeft aan dat de opgeslagen spullen geen zaken van Wellinga Printsystemen B.V. zijn en schrijft vervolgens: ‘laat de kantonrechter hierover maar beslissen.’ Daarnaast geeft hij aan: ‘vorige week ontvang ik een mail van u om contact op te nemen over een betalingsafspraak. Nu is er niets meer mogelijk?’ De heer Ardesch benadrukt nogmaals dat de factuur over januari 2017 niet klopt.132 De heer Ardesch ontruimt ruimte 0.07 Op 31 december 2016 heeft de heer Ardesch aan de directeur en locatiemanager van Walas Projects B.V. per e-mail medegedeeld dat ruimte 0.07 leeg is. Verder schrijft hij: ‘De patchkast, actieve componenten en bekabeling conform afspraak niet verwijderd. Vloedbedekking ook volgens afspraak laten liggen. Aanwezige sleutels zijn geschikt voor 0.06 en 0.07. Hier moet nog even naar gekeken worden. Afgelopen week heeft [naam] het slot van 0.06 (was defect) in 0.07 toegepast. Kan dus niet met de normale sleutel open gemaakt worden.’133 Over de periode tussen 31 december 2016 en 26 januari 2017 hebben de onderzoekers geen documenten. 4.4.4 De heer Ardesch zoekt contact met de wethouder Op 27 januari 2017 mailt de heer Ardesch wethouder Hatenboer:134
129 Verklaring van de heer Ardesch in proces bij de Rechtbank Overijssel, tussenuitspraak 28 november 2018, r.o. 2.5. 130 Mail van de heer Ardesch aan het DWK, 19 december 2016. 131 Mail van het DWK aan de heer Ardesch, 19 december 2016. 132 Mail van de heer Ardesch aan het DWK, 19 december 2016. 133 Dit bericht is opgenomen in het tussenvonnis van de Rechtbank Overijssel van 12 juni 2018, zie r.o. 2.5. 134 Mail van de heer Ardesch aan wethouder Hatenboer, 27 januari 2017.
38
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
‘Op 2 januari j.l. heb ik via het secretariaat om een afspraak met u gevraagd. Twee weken later heb ik contact opgenomen om te informeren naar de status en ik kreeg te horen dat u geen gesprek wenste aan te gaan, daar de zaak onder incasso viel. Ik heb toen aangegeven dat er meerdere zaken spelen o.a. andere bedrijfsactiviteiten waar we ook actief in zijn. Tot op heden heb ik nog geen terugkoppeling gehad. Op dit moment lopen er een aantal zaken die simpel op te lossen zijn, echter niet bespreekbaar zijn met de betreffende ambtenaren. Als ondernemer heb ik op dit moment geen enkel aanspreekpunt binnen de gemeente om tot oplossingen te komen. De enige manier om contact te krijgen is het inschakelen van een advocaat. Dit is naar mijn mening niet de goede weg. Ik zou graag met u een persoonlijk onderhoud willen om een aantal zaken in zijn algemeenheid te bespreken. Als ondernemer in Enschede overkomen mij nu zaken, die niet horen plaats te vinden.’ Op de mail van 27 januari 2017 heeft de heer Ardesch geen reactie ontvangen van wethouder Hatenboer. Eind januari 2017 heeft de heer Ardesch ook geprobeerd via raadslid Ton ten Vergert in contact te komen met wethouder Hatenboer, zo blijkt uit mailwisseling tussen Ten Vergert en de heer Ardesch op 16 november 2019.
135 In de e-mail bevestigt Ten Vergert dat hij de wethouder heeft gevraagd om met de heer Ardesch om tafel te gaan, maar de wethouder heeft toen ‘de boot afgehouden’ omdat ‘de kwestie inmiddels onder de rechter lag’. 4.4.5 Toelichting van Walas over de situatie Op 2 februari 2017 mailt de directeur van Walas Projects B.V. een medewerker van het VBE. Het is een reactie op de mails van de heer Ardesch over hoe het volgens Walas Projects B.V. ‘werkelijk zit’.136 De directeur van Walas Projects B.V. schrijft: ‘Ruimte 0.07 is nooit door hem aan ons opgeleverd omdat er een incassobureau opzat. De afspraak was dat wij willen meewerken aan een oplossing dat hij 1 ruimte per 1-1-2017 zou kunnen inleveren als hij zijn achterstanden ook geheel inlost. Deze ‘kans’ heb ik met [hoofd van het VBE] doorgesproken. Gert Jan gaf aan dat hij hierin geen partij was en dat hij gebonden was aan het incassobureau. De afspraak om ruimte 1.07 in te kunnen leveren is dus niet tot stand gekomen omdat hij zijn eigen afspraken niet nagekomen is en de achterstanden (zowel richting Gemeente als Walas Projects) niet afbetaald heeft. Er is ook geen proces verbaal van oplevering voor gemaakt voor deze ruimte. [naam] (alsook de rest van het team) is nergens partij in geweest en het is altijd duidelijk geweest dat hij voor alle afspraken bij om of Gemeente Enschede moest zijn.
De voorzieningen zoals hij aangeeft zijn niet door ons overgenomen en zijn op de muurbekabeling na allemaal door hun verwijderd uit ruimte 0.07 […] Dus de facturen zoals hij aangeeft van Januari zijn dus wel degelijk correct. ( omdat deze niet is opgeleverd)
135 Mail van Ten Vegert aan de heer Ardesch (bijlage 9), 16 november 2020. 136 Mail van de directeur van Walas Projects B.V. aan de projectmanager vastgoed van het VBE, 2 februari 2017 (document aan-
geleverd door de heer Ardesch).
39
GEMEENTE ENSCHEDE: MOEILIJK GAREN MEE TE SPINNEN?
Omtrent factuur Wal- 2016-1600747 is gewoon juist. Dit betreft illegaal gebruik van ruimte 1.24. Er wordt nu geschermd door Gert Jan(ruis gemaakt) dat dit naar Steq gefactureerd moet worden. Wat een gelul om tijd te rekken. Blijft over de omzet van die Walas Projects niet gekregen heeft over de meetingrooms. Hierover loopt een juridische procedure via Walas Projects en onze advocaat. Deze claim was eerst onderdeel van de incassoprocedure van de Gemeente met Steq/Wellinga en is er later uitgehaald. Los hiervan staat nog alle ellende met de koffie automaten e.d. Walas overweegt serieus aangifte wegens verduistering, fraude alsmede juridische procedure tegen beide bedrijven o.a. wegens smaad.’ 4.4.6 Aansprakelijkheidsstelling van de gemeente door SteQ B.V. (‘koffieclaim CeeCeeCenter’) Op 10 februari stuurt de advocaat van de heer Ardesch een brief naar de gemeente waarin hij vraagt het verschuldigde bedrag van € 26.150 voor de niet betaalde koffie- en theefaciliteit van coupe-huurders van de gemeente in het CeeCeeCenter binnen veertien dagen te betalen. Bij het uitblijven van betaling zal SteQ B.V. tot rechtsmaatregelen over gaan.137 Vordering door SteQ B.V. op de gemeente ‘In de periode van 1 januari 2014 tot 1 januari 2017 heeft SteQ B.V.