Bijlage 1 - Haalbaarheidsonderzoek Clustering van sportparken (12-05-2021)
Tekst van het document
Duurzame sportaccommodaties De nieuwe sportaccommodaties in zowel Enschede-Zuid als op Sportcampus Diekman zullen voldoen aan de duurzaamheidseisen voor toekomstbestendig bouwen. Een deel van de wijk Helmerhoek is rond 1990 al gasloos ontwikkeld, een vooruitstrevend concept voor die tijd. Maar de nieuwe sportaccommodaties worden ook voorzien van duurzame installaties als een warmtepomp, hernieuwbare energieopwekking en hoogwaardige isolatie. Het uitgangspunt is dat de energiekosten en de CO2 uitstoot in de nieuwe MFSA met meer dan de helft wordt teruggebracht.
Figuur 3.6
Schematische weergave/doorsnede van een moderne, open en duurzame sportaccommodatie
Bijdrage verenigingen op gebied van duurzaamheid Victoria ’28 heeft momenteel circa 100 zonnepanelen op hun accommodatie liggen die zij mee willen nemen naar de nieuwe MFSA. Dit komt nog boven op de duurzame voorzieningen die al zijn opgenomen in de investeringsraming. Alle verenigingen van zowel de MFSA Zuid als op Diekman-Oost onderstrepen het belang van duurzame en energiezuinige accommodaties en nemen dit mee in de verdere uitwerking van de plannen. Ook EFC PW 1885 wil bij het opknappen van hun beoogde nieuwe accommodatie op Diekman-Oost, de voormalige kantine van Zuid-Eschmarke, een eigen bijdrage doen in de vorm van duurzame installaties. Hiervoor heeft de vereniging zich al uitgebreid verdiept in de mogelijke subsidieregelingen, zoals De Groene Club. Dit initiatief gaat uit van het volgende stappenplan: 1. Energiescan (nulmeting op locatie en toelichting op het energiepotentieel en maatregelen en ondersteuning bij het vinden van subsidiemogelijkheden en fiscale voordelen) 2. Opstellen van een Plan van Aanpak (keuzes voor maatregelen en goedkeuring vanuit de vereniging) 3. Best-value-maatregelen (begeleiding bij het opvragen (lokale) offertes) 4. Financieel advies (ondersteuning bij aanvragen lening en borgstelling Stichting Waarborgfonds Sport) 5. Realisatie (ondersteuning bij het implementeren van energiebesparende maatregelen)
20
Beoogd gebruik en samenwerking op MFSA Zuid Beoogde gebruik MFSA Zuid Door een nieuwe accommodatie te realiseren voor mogelijk vier verenigingen is het van belang dat het gebouw aan ieders wensen voldoet, waarbij het ontwerp in zijn totaliteit ook blijft functioneren. Hierin moet een balans gevonden worden tussen het voldoende ruimte bieden aan iedere verenigingen om hun eigen dagelijkse activiteiten onbelemmerd te laten plaatsvinden en het voorkomen van onnodig veel ruimtes creëren die het merendeel van de tijd leeg zullen staan. Tot slot is het van belang dat mocht een vereniging wegvallen of opgaan in een andere vereniging, het gebouw nog steeds dezelfde functionaliteit behoud met minder maar grotere verenigingen. Dit geldt zelfs als er in de toekomst één grote vereniging gebruik van gaan maken. Locatie van de MFSA Voor verenigingen is het van groot belang dat hun kantine grenst aan hun eigen hoofdveld, zodat publiek bij slecht weer beschut kan staan, maar voornamelijk omdat de kantine rondom wedstrijden intensief gebruikt wordt. Een grote afstand tussen het hoofdveld en de kantine zou kunnen resulteren in een daling in kantineinkomsten. Wanneer er een gezamenlijke accommodatie wordt gerealiseerd voor meerdere hoofdvelden is het van belang dat de locatie van deze accommodatie centraal op het sportpark komt te liggen, grenzend aan meerdere hoofdvelden.
De huidige accommodaties van Victoria ’28 en FC Aramea staan nagenoeg rug-tegenrug tussen hun twee hoofdvelden. Dit is dan ook een logische plek voor de nieuwe MFSA. Geldende bestemmingsplannen Volgens het huidige bestemmingsplan van Sportpark Enschede-Zuid geldt voor het gehele sportpark de bestemming sport. Kijkend naar de activiteiten op andere parken in de gemeente met dezelfde bestemming is het hierin ook mogelijk om te voorzien in andere sociaal-maatschappelijke activiteiten, gerelateerd aan sport, recreatie, vrijetijds- en dagbesteding of buitenschoolse-/kinderopvang. Vooralsnog ziet de gemeente geen belemmeringen om deze gerelateerde activiteiten ook in de toekomst mogelijk te maken op het sportpark. Mobiliteitsvraagstukken Het uitgangspunt is dat een MFSA op Sportpark Enschede-Zuid met enkel voor voetbalverenigingen, en bijbehorende dagbestedingen, de huidige toegangswegen en parkeerplaatsen op het sportpark voldoende zijn. Het aantal velden blijft namelijk gelijk, en daarmee naar verwachting ook de verkeersdruk op het sportpark.
Veldbehoefte en efficiënt veldgebruik Voetballen in verenigingsverband vindt om te beginnen plaats op het voetbalveld, dus is het bovenal van belang dat er voldoende velden aanwezig zijn. Op Sportpark Wesselerbrink-Zuid zijn momenteel 4 kunstgrasvelden en 2,5 natuurgrasvelden. Sportaal hanteert het uitgangspunt dat een natuurgrasveld als wedstrijdveld óf trainingsveld gebruikt kan worden, om de onderhoudsstaat te kunnen waarborgen, en een kunstgrasveld als wedstrijdveld én trainingsveld. In feite kan een kunstgrasveld dus als 2 equivalenten van een natuurgrasveld gezien worden. Dit resulteert in een effectieve aanwezigheid van 5 wedstrijdvelden (4 kunst plus 1 natuur) en 5,5 trainingsveld (4 kunst en 1,5 natuur). In de huidige situatie huren verenigingen hele velden als trainingsveld, wedstrijdveld of beiden (in het geval van kunstgras). Dit zorgt ervoor dat als vereniging A een totale veldbehoefte heeft van 1,5 velden en vereniging B aan 3,4 velden, zij in dat geval 2 velden plus 4 velden huren van Sportaal. Hierdoor worden enerzijds de aanwezige velden niet optimaal benut en betalen verenigingen onnodig veel huur. Door met elkaar een totaal aantal velden te huren (wat in dit voorbeeld leidt tot 4,9 velden) hebben zij samen voldoende aan 5 velden. Dit vergt echter wel een goede afstemming over de trainings- en wedstrijden tijden.
Hiermee heeft Sportaal goede ervaring opgedaan op Sportpark Diekman-West, welke werkwijze ook voor Sportpark Enschede-Zuid toegepast kan worden. 21
Aantal kunstgrasvelden of een (groener) alternatief Momenteel zijn er 4 kunstgrasvelden aanwezig op het sportpark, waarvan 2 de komende jaren aan vervanging toe zijn. Met de verenigingen zal bekeken worden op deze ook daadwerkelijk vervangen moeten worden voor een nieuwe kunstgras toplaag, of dat een (groener) alternatief ook mogelijk is. Gedacht kan worden aan een type natuurgrasveld zoals Draintalent (of een soort gelijkt type). Dit type veld zorgt voor een betere waterhuishouding van het gras, zowel bij een overschot als een tekort aan water. Hierdoor wordt de bespeelbaarheid in de bijvoorbeeld winter sterk verbeterd. Echter, mocht blijken dat er juist behoefte is aan meer kunstgrascapaciteit, zal hier serieus met Sportaal en de verenigingen naar gekeken worden. Aantal hoofdvelden In de huidige situatie hebben verenigingen allemaal hun eigen hoofdveld, met eigen reclame borden van hun eigen sponsoren en/of andere invulling rondom de velden dat verwijst naar hun eigen identiteit. In de nieuwe situatie wordt beoogd om één of maximaal twee hoofdvelden te realiseren. Dit kan in eerste instantie met vier verenigingen zo worden ingericht dat ieder een eigen L-vorm aan reclameborden aangewezen krijgt op een veld.
Kleedkamers MFSA Zuid Naast het aantal velden is het aantal kleedkamers van groot belang voor het functioneren van een sportpark met meerdere verenigingen. Ook dient de locatie van de kleedkamers zorgvuldig gekozen te worden. Deze moeten niet te ver weg van velden staan. Niet alleen voor de lange loopafstanden van spelers, maar ook voor het geval met name de jongere jeugdspelen naar het toilet moeten tijdens een wedstrijd of training. In de huidige situatie op Sportpark Wesselerbrink-Zuid zijn de kleedkamers geclusterd centraal op het sportpark, wat nu geen problemen oplevert. Daarom is het een logische keuze om zowel de kantinedelen als de kleedkamers in de nieuwe situatie in één gebouw op deze zelfde centrale locatie op het sportpark te realiseren. Wat voor de velden geldt, geldt ook voor de kleedkamers. Als deze in gezamenlijkheid worden gehuurd kunnen de verenigingen door goede onderlinge afstemming uit met in totaal minder kleedkamers, wat de kosten voor de MFSA significant omlaag kunnen brengen. Het is hierbij van belang dat de piekbehoefte van de verenigingen niet precies op hetzelfde moment valt. Dit is ook een belangrijke afweging bij de zoektocht naar een geschikte vierde vereniging. Bij voorkeur is het een zondag vereniging en/of een vereniging met geen of weinig jeugd, die doorgaans ook op zaterdag spelen.
Gebruik van teamlockers Om op piekmoment niet in de knoei te komen met het aantal kleedkamers kan gebruik worden gemaakt van zogenaamde ‘teamlockers’. Hierbij kunnen spelers hun spullen tijdens een wedstrijd of training opslaan in persoonlijke kluisjes/lockers, waardoor de kleedkamer niet op slot hoeft en deze daarmee gebruikt kan worden door een ander team. In Enschede wordt nu nog niet of nauwelijks gebruik gemaakt van teamlockers, maar dit biedt volgens de KNVB wel kansen. Bijkomend voordeel is dat teamlockers effectief zijn tegen diefstal. KNVB: “Het toepassen van teamlockers is in de kern heel eenvoudig. Spelers van een team kleden zich om in een kleedkamer en bergen hun kleding en andere spullen op in hun sporttas. Deze plaatsen zij vervolgens in een afsluitbare kast, ofwel de teamlocker. De kleedkamer blijft leeg achter, vrij voor weer een volgend team, dat op dezelfde manier de tassen met kleding opbergt. Enzovoort. Zo kan een kleedkamer gedurende een wedstrijd dienstdoen voor meerdere teams. Dit heeft veel voordelen. Zonder teamlockers zijn er per veld al gauw ongeveer vier kleedkamers nodig in plaats van twee. Zelfs bij een overall ‘besparing’ van twee kleedruimten maakt dit het opstellen van het wedstrijdschema beduidend makkelijker, blijkt uit de praktijk.”
22
Kantinedelen MFSA Zuid De kantineruimte is doorgaans dé plek waar leden zich kunnen identificeren met hun vereniging. Hier ontmoet je andere leden, sta je samen aan de bar of zit je met elkaar aan tafel de week door te nemen of de wedstrijd of training na te bespreken. Dit gevoel van identiteit en een eigen plek is in veel gevallen een lastige drempel voor leden en verenigingen om een gezamenlijke accommodatie te betrekken. Echter zijn de drie verenigingen zich er bewust van dat het niet realistisch is om een nieuw complex te realiseren met drie of vier losse kantinedelen, die allemaal groot genoeg zijn om de piekmomenten in ruimtebehoefte op te vangen. Daarom staan zij open om een kantine te ontwikkelen die met bepaalde ontwerpoplossingen zo kan worden ingericht dat elke vereniging hun eigen hoek of vleugel heeft, waar hun leden zich thuis voelen. Een belangrijk uitgangspunt hierbij is dat de kantinedelen samen als één geheel gebruik kunnen worden, maar dat deze ook mogelijk afsluitbaar zijn om toch die eigenheid van een kantine voor een vereniging te behouden. Er zijn in het proces meerdere schetsen gepresenteerd aan de verenigingen waarin twee, drie of vier kantinedelen in hetzelfde gebouw en op dezelfde verdieping gerealiseerd kunnen worden. Zie hieronder.
Figuur 4.1+4.2
Concept indelingen van een kantineruimte met drie of vier vleugels per vereniging, met flexibele wanden.
Figuur 4.3+4.4
Indicatieve uitbreidingsmogelijkheden van de kantinedelen als één vereniging een grote wedstrijd heeft, maar ook de andere verenigingen gebruik blijven maken van hun kantinedelen.
Ook is het denkbaar dat de vier verenigingen gebruik gaan maken van twee grote kantinedelen. Hierin is het uitgangspunt dat de vier verenigingen in twee duo’s nauwer met elkaar gaan samenwerken. Zolang er (nog) geen sprake is van een fusie tussen de verenigingen die samen een kantinedeel delen, dienen de culturele overeenkomsten en verschillen tussen de betreffende verenigingen goed te worden afgewogen.
23
(Culturele) overeenkomsten en verschillen De besturen van de verenigingen hebben veel en doorgaans positief onderling contact. Hieronder wordt per duo ingegaan hun de onderlinge overeenkomsten en verschillen. Victoria ’28 en FC Aramea Victoria ’28 en FC Aramea spelen op hetzelfde sportpark en komen elkaar daar vaak tegen. Het gedeeld gebruik van voorzieningen tussen beide verengingen is echter beperkt, omdat beiden hun eigen velden, kleedkamers en kantines hebben. Victoria ’28 is een vereniging met een grote variatie aan leden. FC Aramea is een multiculturele vereniging die met name gericht is op de Syrisch-Aramese gemeenschap. De leden van beide verenigingen gaan elk hun eigen gang en er is geen sprake van onderlinge spanningen. De sfeer tussen beide verenigingen is doorgaans positief. Victoria ’28 en FC Suryoye De besturen van Victoria ’28 en FC Suryoye kennen elkaar goed en hebben een positief onderling contact. Zij krijgen op wekelijkse basis weinig met elkaar te maken. Toch hebben beide besturen hetzelfde doel voor ogen: meer gebruik maken van de samenwerking tussen de verenigingen op Zuid om zo van elkaar te kunnen profiteren en mogelijk op termijn meer naar elkaar toe te groeien. Hetzelfde geldt uiteraard ook voor FC Aramea. FC Suryoye en FC Aramea De grootste overeenkomsten én tegelijkertijd de grootste verschillen zitten tussen FC Suryoye en FC Aramea.
FC Suryoye-Mediterraneo was oorspronkelijk een vereniging met voornamelijk Italiaanse leden. Doordat er steeds meer Syriërs in met name de zuidwijken van Enschede kwamen wonen, nam het ledenaantal vanuit deze bevolkingsgroep sterk toe. Daarop is in 2011 besloten om de oude naam SV Mediterraneo aan te passen naar FC Suryoye. Deze naam is gekozen om een neutrale positie in te nemen naar de twee voornaamste stromingen binnen de Syrisch-Orthodoxe gemeenschap, de Aramese en de Assyrische stroming. Een jaar eerder, in 2010, is elders in de stad een nieuwe voetbalvereniging opgericht met eveneens voornamelijk Syrische leden. Omdat door de overwegend Syrische leden van destijds nog SV Mediterraneo geen duidelijk keuze werd gemaakt tussen beide stromingen, was de behoefte vanuit de Aramese gemeenschap om een vereniging met een duidelijk identiteit op te richten. Sinds beide verenigingen in 2018 samen op Sportpark Enschede-Zuid spelen, zij het op twee verschillende delen, zijn al eerder gesprekken gevoerd voor een nauwere samenwerking of mogelijk zelfs fusie. Ook in de jaren daarvoor hebben deze verkennende gesprekken al eens plaatsgevonden, maar deze liepen destijds op niets uit. Ondanks dat bij FC Suryoye ook veel Aramese leden spelen, heeft deze vereniging het principe om geen duidelijke positie in te nemen binnen de vereniging of bijvoorbeeld in de kantine.
FC Aramea heeft daar wel duidelijk behoefte naar. De gemeente is voornemen te investeren in nieuwe sportaccommodaties in Zuid. Het uitgangspunt is daarbij dat de gemeente geen extra kosten maakt voor de bouw van meerdere clubhuizen/kantines op hetzelfde sportpark, puur omdat verenigingen en leden hun eigen identiteit willen behouden. Ook de besturen van beide verenigingen geven aan open te staan voor nauwere samenwerking, gedeeld gebruik van een kantineruimte of zelfs fusie. Dit proces vraagt echter tijd voor de leden om langzaam naar elkaar toe te groeien. Het is in deze fase van het haalbaarheidsonderzoek nog te vroeg om hier een definitief besluit over te nemen. Daarom zal er vanaf deze zomer werkgroep opgericht worden vanuit beide verenigingen die deze samenwerking nader uit zal werken inclusief de voorwaarden hiervoor van beide kanten. De relatie met de mogelijke vierde vereniging Voorwaarde voor het bouwen van een MFSA in Zuid is dat een vierde vereniging gaat aansluiten bij de plannen. Daarover zijn met verschillende voetbalverenigingen verkennende gesprekken gevoerd en gekeken welke vereniging het baste zou passen bij deze ontwikkeling. FC Suryoye deelt momenteel al de velden en kleedkamers 24
met vv UDI. Qua cultuur ziet vv UDI zichzelf meer als een unieke (arbeiders) vereniging die niet eenvoudig in een kantine met een andere vereniging in te passen valt, al heeft dat niet specifiek met de andere drie verenigingen te maken. Om de piekbelasting op zaterdagen zoveel mogelijk te vermijden, is er een voorkeur voor een zondagvereniging of een vereniging met weinig of geen jeugdteams. Ongeacht of deze opties op dit moment realistisch zijn, staan de drie verenigingen in principe open voor de komst van verenigingen met rond de 200-300 leden, zoals vv UDI, CVV Achilles, EFC PW 1885 of Sportclub Enschede, maar zoals gezegd ook andere verenigingen zijn ter sprake gekomen zoals SVV ‘91.
Vormen van samenwerking De drie verenigingen staan zoals aangegeven open voor een nauwe samenwerking. Door alleen een gezamenlijke accommodatie te betrekken, maar geen verdere organisatorische samenwerking en verbinding te zoeken, zou een gemiste kans zijn. De synergie zit met name in het gezamenlijk oppakken van taken en activiteiten. Gedacht kan worden aan gezamenlijke activiteiten als inkoop (schaalvoordeel), sponsorwerving, commissies, vrijwilligerskader, administratie of zelfs een gezamenlijke jeugdopleiding. Al deze opties hebben in de gesprekken van de afgelopen maanden de revue gepasseerd en worden hieronder nader toegelicht. Gezamenlijke commissies Bij gezamenlijke commissies of een (deels) gezamenlijk vrijwilligerskader wordt efficiënter omgegaan met de tijd en energie van de leden en vrijwilligers. Het vrijwilligerskader loopt in het hele land al jaren terug, doordat de traditionele vrijwilliger die al generaties verbonden is aan de vereniging langzaam verdwijnt. Alle verenigingen hebben hier in meer of mindere mate mee te maken, waardoor het ook voor de verenigingen in Zuid een aantrekkelijke optie kan zijn om de krachten op dit gebied te bundelen. Tevens kan de inzet van een gezamenlijke betaalde verenigingsmanager professionele ondersteuning bieden in het parkmanagement.
Door taken te verdelen wordt er geen dubbel werk verricht en kan ieder zich richting op de zaken waar hij/zij goed in is. Dit kan een gezamenlijke barcommissie zijn, een gezamenlijke activiteitencommissie, een gezamenlijke ledenadministratie en wedstrijdsecretariaat en zelfs jeugdactiviteiten samen oppakken. Financiële samenwerking In eerste instantie zullen de verenigingen in de MFSA nog hun eigen boekhoudingen kasstromen behouden. Mogelijk kan al wel nagedacht worden over het gezamenlijk benaderen van sponsoren of andere partners. De branding van één grote krachtige sportaanbieder in Zuid kan mogelijk vele malen sterker zijn dan drie of vier losse verenigingen. Daarbij dienen uiteraard wel duidelijk afspraken met elkaar gemaakt te worden welke verdeling van de inkomsten eerlijk is, zodat alle verenigingen er in de nieuwe situatie op vooruit gaan. Ook valt er een schaalvoordeel te behalen door gezamenlijke inkoop van bijvoorbeeld energie of eten/drinken. Het wegvallen van meerdere vaste afsluitkosten of bijvoorbeeld een hogere hectoliterkorting vanuit de brouwerij kan al snel grote financiële voordelen voor alle partijen opleveren. Ook hiervoor geldt dat er een goede verdeelsleutel aan ten grondslag dient te liggen.
Voor kantine-inkomsten is een mogelijke oplossing om met een digitaal kassasysteem te werken met ledenpassen, zodat eenvoudig is na te gaan welke vereniging voor welk deel van de omzet zorgt. Victoria ’28 maakt al gebruik van een dergelijk systeem. Bestuurlijke samenwerking Bestuurlijke samenwerking is de volgende stap, maar wellicht meer iets voor de toekomst. De verenigingen vrezen op dit moment dat de afstemming tussen vier besturen van vier verschillende verenigingen een zeer complexe situatie kan opleveren. Als deze vier verenigingen op termijn door bestuurlijke samenwerking of zelfs fusie kan worden teruggebracht naar drie of op termijn twee of zelfs één bestuur zou dat qua organisatie het gebruik van de MFSA een stuk eenvoudiger maken. Ook wordt het dan eenvoudiger om ook in de toekomst een krachtig bestuur op de been te blijven brengen. 25
De verenigingen hebben aangegeven deze vorm van samenwerking niet te willen uitsluiten, maar dat dit iets is wat op termijn moet groeien als de verenigingen en leden met elkaar in dezelfde accommodatie zitten. Mogelijk dat dan al snel meerdere verenigingen tot de conclusie komen dat een bestuurlijke samenwerking of fusie een logische volgende stap is. Overkoepelende exploitatiestichting Wel ligt het voor de hand dat er een overkoepelende entiteit in het leven wordt geroepen die verantwoordelijk wordt voor de huur en exploitatie van de MFSA. Mogelijk kan dit in de vorm van een onafhankelijke stichting of met een overkoepelend bestuur waarin in ieder geval één lid van elke vereniging is vertegenwoordigd. Deze partij zal in dat geval de MFSA huren van de eigenaar (mogelijk de gemeente, hierover meer in hoofdstuk 8). Bij MFA De Zweede in Boekelo is een dergelijke stichting in het leven geroepen. Deze functioneel als exploitatiestichting, waarmee veel werk uit handen wordt genomen van de gebruikers/verenigingen. Samenwerkende Jeugd Organisatie (SJO) Er is door de drie besturen zelf al gesproken over de mogelijkheid tot een gezamenlijke jeugdopleiding (door de KNVB een ‘SJO’ genoemd, Samenwerkende Jeugd Organisatie).
Jeugdleden en hun ouders hechten over het algemeen minder belang aan de identiteit van een specifieke vereniging als senioren of leden die al decennia bij de vereniging betrokken zijn. Door de seniorenteams hun eigen ruimte en identiteit te laten behouden in de vorm van clubkleuren, logo, shirt en andere uitingen, kan een gezamenlijke jeugdopleiding hier een verbindende factor in worden. Dit zorgt niet alleen voor eenvoudigere organisatie van jeugdtrainingen en -wedstrijden of het niet compleet krijgen van een bepaald jeugdteam, maar ook voor meer samenhorigheid tussen de verenigingen. Gedacht kan worden aan een SJO (Samenwerking Jeugdopleiding, volgens de KNVB termen) met een neutraal wit shirt en drie of vier gekleurde diagonale lijnen erop, met het logo van FC Zuid, om maar wat te noemen. Ook sportief gezien draagt dit bij aan het versterken van de kwaliteit van de jeugdteams. Tevens biedt dit een doorgaande lijn binnen de vereniging, waardoor leden eerder behouden blijven.
Figuur 4.5
SJO Krijtland, voorbeeld van een samenwerking tussen de jeugdafdeling van RKVVM, FC Gulpen en SV Sibbe
26
Beoogd gebruik en samenwerking op Diekman-Oost Beoogde gebruik Diekman-Oost Op Sportcampus Diekman-Oost zijn momenteel de volgende buitensportfaciliteiten aanwezig: • Een asfalt veld en beachveld voor handbal (EHC ’95) • 7 natuurgrasvelden en 2 kunstgrasvelden (voetbalvelden/-afmetingen) o Waarvan de toplaag van één kunstgrasveld afgekeurd voor officiële wedstrijden; o Eén natuurgrasveld wordt gebruikt door de Disc Devils Twente, de ultimate frisbee vereniging; o Vijf velden, inclusief beide kunstgrasvelden zijn in gebruik door de Tubanters; o De overige 3 natuurgrasvelden staan volledig leeg en worden ook niet onderhouden. • Het clubgebouw van de Tubanters met ruimte en recent gerenoveerde kantine en een 11 kleedkamers; • Het voormalige clubgebouw van Zuid-Eschmarke met kantine en 6 kleedkamers (staat grotendeels leeg) o Een ruimte in het kleedgebouw wordt momenteel gebruikt door de wijkraad. Met de komst van ERC ’69 (rugby), Broncos (American football), Twente ’05 (beachvolleybal), Sportclub Enschede en EFC PW 1885 (beiden voetbal) worden de leegstaande velden en accommodaties weer optimaal benut. Door de geïntensiveerde bezetting op Diekman-Oost wordt de aftakeling van het lege gedeelte van het sportpark tegengegaan, maar wordt er ook bijgedragen aan meer verbinding tussen verenigingen en leden en gedeeld gebruik van ruimtes en velden.
Verenigingen komen dichter bij elkaar te zitten, of zelfs in hetzelfde gebouw. Hierdoor kunnen gebouwen efficiënter worden benut, met als gevolg lagere huisvestinglasten voor de verenigingen. Ook kan hierdoor het teruglopende vrijwilligerskader in algemene zin bij verenigingen deels opgevangen worden door ook organisatorisch meer activiteiten samen op te pakken. Waar de huidige gebouwen niet voldoende blijken, dient gekeken te worden naar nieuwe accommodaties of het uitbreiden van bestaande clubgebouwen en kleedkamers. Met het oog op de mogelijke ontwikkeling van een nieuwe multifunctionele sportaccommodatie (MFSA) op Diekman-Oost in de toekomst, ligt het voor de hand dat de nieuwe voorzieningen op de korte termijn worden gerealiseerd als semi-permanente of modulaire gebouwen. Dit scheelt in kosten en kan er ook voor zorgen dat deze gebouwen mogelijk in de toekomst op een ander sportpark terug kunnen komen. Ook kan gekeken worden of er al geschikte voorzieningen aanwezig zijn op het sportpark of elders in de regio, die voldoen aan de wensen voor de extra (nieuwe) accommodatie.
Figuur 5.1
Huidige indeling van Sportcampus Diekman met velden en accommodaties op zowel West als Oost (Velden met een gele rand beschikken over veldverlichting en kunnen dienen als trainingsveld)
27
Locatie van de accommodaties De accommodatie van de Tubanters bevindt zich aan de uiterste oostzijde van het sportpark. Deze grenst direct aan drie velden. De voormalige accommodatie van Zuid-Eschmarke, en de beoogde accommodatie van EFC PW en Sportclub Enschede bevindt zich aan de noordzijde van het sportpark en grenst direct aan 2 velden. De nog te bouwen accommodatie voor ERC ’69 is beoogd aan de westzijde van Diekman-Oost, achter Vakschool Het Diekman en Ballorig/Glow golf. Deze accommodatie grenst aan het beoogde rugbyveld en ligt dichtbij het beoogde American football-veld. Indien het beachcluster voor (beach)volleybal en mogelijk (beach)handbal op deze plek kan worden gerealiseerd, zal de accommodatie van ERC mogelijk ook kunnen voorzien in bepaalde behoeftes vanuit de beachsporten, waaronder Twente ’05 en EHC ‘95. Mogelijk dat er voor Twente ’05 rondom het beachcluster een bescheiden accommodatie kan worden gerealiseerd, mogelijk in een ‘beach look’. Voor alle verenigingen is het belangrijk dat hun hoofdveld grenst aan hun eigen kantine. Dit geldt voor ERC, PW en de Tubanters. Sportclub Enschede heeft de voorkeur voor een kunstgras hoofdveld. Indien het te vervangen kunstgrasveld hun hoofdveld wordt, zal hun kantine (de voormalige accommodatie van Zuid-Eschmarke) daar niet direct aan grenzen.
Mogelijk dat met een eenvoudige voorziening er naar het kunstgrasveld toch een aantal overdekte zitplekken gerealiseerd kunnen worden, bijvoorbeeld voor de oudere leden. De verenigingen zonder eigen accommodatie, Broncos, Disk Devils en EHC ’95, hebben de mogelijkheid om gebruik te maken van de kleedkamers, toiletten en kantineruimtes in een van de drie beoogde clubgebouwen. Disk Devils en EHC ’95 hebben hiervoor al een intentieverklaring getekend met de Tubanters. Net als de Broncos hebben de verenigingen de mogelijkheid om te bepalen wat uiteindelijk de beste optie is, ook in relatie tot de beoogde locatie van hun velden. ASM Skills garden Binnen het ontwikkelde masterplan voor heel Sportcampus Diekman is in de toekomst een ‘ASM Skills Garden’ opgenomen. Dit is een verzameling van openbare en gecombineerde sportvoorzieningen en sportveldjes, die gevarieerd gebruikt kan worden voor alle leeftijdsgroepen. Deze kunnen gebruikt worden voor zowel georganiseerd (verenigingen en trainers) als ongeorganiseerd (individueel) sporten. Het concept van ASM (Athletic Skills Model) komt overeen met de totale visie van de gemeente en Sportaal om gevarieerd sporten voor alle doelgroepen te stimuleren. Deze voorziening is echter niet opgenomen in de eerste ontwikkelstappen.
Figuur 5.2
Verschillende ideeën voor de fysieke inrichting van Diekman-Oost volgens het Athletic Skills Model
28
Figuur 5.2
Het initiële basisscenario voor de indeling van Diekman-Oost, waarop de investeringsraming is gebaseerd
Geldende bestemmingsplannen Volgens het huidige bestemmingsplan van Sportcampus Diekman geldt voor het gehele sportpark de bestemming sport. Dit biedt ook ruimte voor andere sociaal-maatschappelijke activiteiten, gerelateerd aan sport, recreatie, vrijetijds- en dagbesteding, buurtactiviteiten of buitenschoolse-/kinderopvang. Het beoogde gebruik na de herontwikkeling van Diekman-Oost is in lijn met het geldende bestemmingsplan. Ook de nieuwe accommodatie van ERC ’69 past, mogelijk met een verkorte (kruimel)procedure, binnen het geldende bestemmingsplan, zowel in tijdelijke als permanente uitvoering. Mobiliteitsvraagstukken Aan de west-, noord- en oostzijde van Diekman-Oost, dicht bij de drie sportaccommodaties, is een ruim aanbod aan parkeerplaatsen met goede bereikbaarheid voor auto’s en fietsen. Indien er meer verenigingen bij komen zal met de gemeente afgestemd worden of de verwachte parkeerdruk (met name op zaterdag) toeneemt en wat de invloed is op het benodigde aantal parkeerplaatsen. Reeds aanwezige verenigingen Begin 2021 is een investeringsraming opgesteld om de verhuizing naar Diekman-Oost mogelijk te maken voor de verenigingen PW, Sportclub, Twente ’05, ERC en Broncos.
Kort daarna gaven de reeds aanwezige verenigingen op Diekman-Oost (De Tubanters, EHC ’95 en Disc Devils) aan dat ook zij behoefte hebben aan bepaalde aanpassingen om hun ambities op Diekman-Oost te kunnen blijven waarmaken. Afgezien van de vervanging van het oude kunstgrasveld, hebben deze behoeftes geen direct verband met de verhuisbewegingen van de andere vijf verenigingen. Deze vraag houdt verband met de vrees dat er enkel investeringen worden gedaan in de voorzieningen van de nieuwe verenigingen, waardoor potentiële toekomstige aanvragen vanuit de drie aanwezige verenigingen in de toekomst minder kansrijk worden. Per slot van rekening is er in dat geval recentelijk al geïnvesteerd in hun sportpark. Om die reden is hun verzoek om ook hun behoeftes mee te nemen in de plannen voor een herontwikkeling van Diekman-Oost richting de zomer van 2022.
Veldbehoefte en efficiënt veldgebruik op Diekman-Oost In de nieuwe situatie zullen, net als nu het geval is op Diekman-West, ook op het oostelijke deel de velden niet per vereniging verhuurd worden maar per gebruikstijden en behoeftes. Zo wordt voorkomen dat velden maar half gebruikt worden en de totale veldbehoefte daarmee wordt geoptimaliseerd.
29
Net als voor de MFSA in Enschede-Zuid geldt voor Diekman-Oost het uitgangspunt vanuit Sportaal dat een kunstgrasveld als wedstrijdveld én trainingsveld gebruikt kan worden en een natuurgrasveld alleen als wedstrijdveld óf als trainingsveld. Dit om de onderhoudsstaat te kunnen waarborgen. Voor rugby en American football geldt een ander uitgangspunt. Het gebruik van deze velden is niet alleen intensiever dan bij voetbal of andere sporten, maar qua aantal verenigingen en teams is het ook niet haalbaar om aparte wedstrijd- en trainingsvelden te realiseren voor beide sporten. Ervan uitgaande dat alle velden in de zomer van 2022 volledig bespeelbaar zijn, bevinden zich op Diekman-Oost in totaal 2 kunstgras- en 7 natuurgrasvelden. Samen met het uitgangspunten van Sportaal over het gebruik van de velden resulteert dit in een effectieve aanwezigheid van 5 wedstrijdvelden (2 kunstgras plus 3 natuurgras) en 4 trainingsvelden (2 kunstgras en 2 natuurgras) voor voetbal. Voor rugby en American football zijn 2 natuurvelden voorzien. Disk Devils wenst gebruik te maken van een van de verlichte natuurgrasvelden. Om de twee momenteel leegstaande natuurvelden als trainingsvelden te kunnen gebruiken dient er tweemaal extra veldverlichting aangebracht te worden, omdat trainingen doorgaans in de avond plaatsvinden.
In een uiterst geval kan met de toevoeging van nog een extra veldverlichting ook gekozen worden voor 4 wedstrijdvelden en 5 trainingsvelden, mocht hier meer behoefte aan zijn. Uitgaande van de huidige en te verwachte trainingsbehoeftes en tijden zou het mogelijk moeten zijn om het deze aantallen velden uit te komen. Wel dient er goed gekeken te worden naar de totale belastbaarheid per veld, dat voor natuurgras niet boven de 400-500 uur zou moeten uitkomen om een goede kwaliteit te kunnen waarborgen het hele jaar door. De Tubanters voorzien voor komend seizoen echter een explosieve groei aan trainingsuren. Dit is deels een groei in spelende leden en teams van circa 25%, maar ook een verlenging van de trainingstijden en het (al langer bestaande uitgangspunt) dat er zo min mogelijk op vrijdagavond getraind wordt. Hierdoor zal bij aanvang van komend seizoen gekeken moeten worden hoe de trainingsschema’s zich precies ontwikkelen en welk effect dat heeft op de veldbezetting. ERC ’69 heeft behoefte aan een eigen rugbyveld en op bepaalde momenten het gebruik van twee velden. Enschede Broncos heeft behoefte aan een eigen American football veld, waarop zij ook kunnen trainen. Omdat de Broncos hun veld niet volledig benutten kan deze ook gebruikt worden voor de extra trainingsbehoefte vanuit rugby.
Vanuit de KNVB eisen voor de kwaliteit van een wedstrijdveld kunnen beide velden naar alle waarschijnlijkheid niet als voetbalvelden gebruikt worden. Wel zouden deze velden mogelijk voor voetbaltrainingen gebruikt kunnen worden, al zijn de resterende bespeelbare uren op deze velden zoals het er nu naar uitziet beperkt. Vervanging van het afgekeurde kunstgrasveld Het kunstgrasveld tegenover de squash citadel heeft een verouderde toplaag. Deze is afgekeurd voor officiële KNVB-wedstrijden, maar wordt door de Tubanters nog wel gebruikt voor een beperkt aantal trainingsuren. De grond is van de gemeente (VFBE) en de basis c.q. onderlaag van het kunstgrasveld is van Sportaal. De onderlaag is nog in goede staat. De te vervangen toplaag is in eigendom van de Tubanters. Deze toplaag dient duurzaam afgevoerd te worden en te vervangen voor een nieuwe toplaag. De gemeente en Sportaal hebben op dit moment de voorkeur voor een kurk-infill, als duurzamer alternatief voor de als vervuilend bestempelde SBR-infill. Deze rubber korrels hebben in het recente verleden gezorgd voor bodemvervuiling rondom de kunstgrasvelden, wat Sportaal zelfs op een boete is komen te staan. Doordat het huidige kunstgrasveld geen kantplanken heeft, liggen er rondom het veld nu ook de nodige korrels.
De eigenaren van het veld hebben een zorgplicht om de oude toplaag duurzaam af te voeren en de omliggende gronden te saneren. De Tubanters als eigenaar van de toplaag, zal met Sportaal en de gemeente moeten bekijken hoe deze zorgplicht ingevuld kan worden. Los van deze zorgplicht is er met de komst van EFC PW 1885 en Sportclub Enschede behoefte aan meer kunstgras. Ook bekeken vanuit het gebruik van de Tubanters is het wenselijk dat de toplaag wordt vervangen, omdat deze nu verre van optimaal te gebruiken is en op termijn helemaal niet meer. Hier ligt een gezamenlijk belang.
30
Aantal hoofdvelden In de huidige situatie hebben verenigingen allemaal hun eigen hoofdveld, met eigen reclame borden van hun eigen sponsoren. In de nieuwe situatie zal ‘veld 1’ van de Tubanters hun hoofdveld blijven, waar zich ook een tribune bevindt. EFC PW wens het natuurgrasveld direct voor de voormalige kantine van Zuid-Eschmarke als hoofdveld te gebruiken. Sportclub Enschede heeft het te vervangen kunstgrasveld voor ogen als hoofdveld voor wedstrijden van hun eerste team. Voor ERC en de Broncos spreekt voor zich dat respectievelijk het rugby en American football veld hun hoofdvelden worden.
Figuur 5.3
De velden van Sportcampus Diekman-Oost, gezien vanaf de kant van de Tubanters (oostzijde)
Kleedkamers op Diekman-Oost Indien een nieuwe accommodatie met kleedkamers aan de westzijde van Diekman-Oost wordt gerealiseerd zijn er aan drie zijdes van het sportpark kleedkamers en toiletten beschikbaar. De Tubanters hebben 11 kleedkamers in eigendom en zijn bereid deze te delen op momenten dat zij ze zelf niet gebruiken. In de voormalige accommodatie van Zuid-Eschmarke zitten 6 kleedkamers. Deze zijn in eerste instantie beoogd voor PW en Sportclub, maar vallen onder het gezamenlijke gebruik. In de nog te realiseren accommodatie van ERC zullen 2 grote (of indien benodigde meer) kleedkamers gerealiseerd worden, zodat de grotere rugby en American football teams ook voorzien worden in hun behoefte. Op basis van de uiteindelijke trainings- en wedstrijdschema’s dient bepaald te worden of aan het beoogde aantal van circa 20 kleedkamers voldoende is voor alle acht de verenigingen. Hierbij is het uitgangspunt dat Disc Devils, EHC ’95 en Twente ’05 slechts sporadisch gebruik maken van de kleedkamer en met name de toiletvoorzieningen gebruiken. Voor het beachcluster wordt gekeken naar mogelijk aparte ‘kleedhokjes’, zoals Twente ’05 dit voor ogen heeft. Ook voor Diekman-Oost geldt dat het gebruik van teamlockers de vraag tijdens piekmomenten kan opvangen zonder het hoeven te bouwen van een groot aantal extra kleedkamers.
Kantinedelen op Diekman-Oost Huidige accommodaties Het huidige clubgebouw met kleedkamers van de Tubanters is en blijft van de vereniging. Het voormalige kantine- en kleedkamergebouw van Zuid-Eschmarke is de beoogde nieuwe locatie voor EFC PW, Sportclub en mogelijk Broncos. In een eerdere fase van het haalbaarheidsonderzoek is gekeken of ERC ’69 kon landen op deze 31
locatie. Echter was door de versnelde herontwikkeling van Diekman-West het langer blijven van PW en Sportclub op hun huidige accommodatie niet mogelijk, waardoor gekeken moest worden naar een alternatief. Kantineruimte creëren voor zowel PW, Sportclub én ERC in het bestaande gebouw bleek al snel onhaalbaar. Nieuwe accommodatie voor ERC Om dit reden is gekozen om een losse accommodatie te bouwen voor ERC, bij voorkeur dichter bij het rugbyveld. Met het oog op een toekomstige MFSA op Diekman-Oost is het wenselijk om deze investering zo laag mogelijk te houden. Daarom zal gekeken worden naar een semi-permanente of modulaire accommodatie. Wel is het van belang dat bij het niet doorgaan van de MFSA deze accommodatie minimaal de komende 10 jaar of langer kan blijven voorzien in de behoeftes van ERC en de gewenste uitstraling die daarbij hoort. Gedeelde accommodatie PW en Sportclub Het voormalige clubgebouw van Zuid-Eschmarke is zeer ruimte en biedt een grotere kantineruimte dan Sportclub en met name PW nu hebben. Toch is uitgesproken dat het gezamenlijk gebruik van dezelfde kantineruimte op dit moment nog te vroeg is. De verenigingen moet de tijd gegund worden om naar elkaar toe te groeien. Omdat PW qua ledenaantal in de lift zit en Sportclub al jaren een sterke daling vertoond in (spelende) ledenaantallen, is het voorstel om PW te laten landen in de bestaande kantineruimte.
Voor Sportclub dient in dat geval een aparte kantineruimte gecreëerd te worden in de bestaande accommodatie. Mocht dit niet passen binnen de huidige indeling van het gebouw, zal er gekeken moeten worden naar een herinrichting of zelfs uitbreiding van de aanwezige ruimtes. Met het oog op een toekomstig gezamenlijk gebruik van de kantineruimte is het echter wenselijk om deze aanpassingen zo beperkt mogelijk te houden. Wel dient in eerste instantie voorzien te de worden in de primaire wensen vanuit Sportclub. Hoe de benodigde aanpassingen er uiteindelijk uit gaan zien, rekening houdend met de ruimtelijke en financiële mogelijkheden, dient nader met de verschillende partijen afgestemd te worden.
Figuur 5.4
Voormalige kantine van Zuid-Eschmarke, de beoogde nieuwe locatie voor EFC PW 1885 en SC Enschede
Secundair gebruik van accommodaties Op dit moment maakt de wijkraad gebruik van een ruimte in het verder leegstaande kleedgebouw op DiekmanOost. Voor hen dient gekeken te worden op welke wijze hun ruimtebehoefte zoals opslag en vergaderruimte voorzien kunnen blijven worden in het aangepaste clubgebouw. Voor Broncos, EHC ’95 en Disc Devils geldt dat zij gebruik wensen te maken van de aanwezige clubgebouwen, rekening houdend met de afstand tot hun velden. Twente ’05 heeft behoefte aan een (kleine) buitenaccommodatie waar zij met name in de zomer terecht kunnen, maar dat kunnen ook tijdelijke voorzieningen zijn, al dan niet in combinatie met de drie clubgebouwen op het sportpark. 32
Vormen van samenwerking Door de beoogde acht verenigingen samen te brengen op Diekman-Oost zullen naast het (deels) gezamenlijke gebruik van velden, kleedkamers, vergader- en kantineruimtes ook op organisatorisch vlak meer samenwerkingsmogelijkheden ontstaan. De precieze invulling hiervan zal in de komende fase nader uitgewerkt worden met alle partijen. In de eerste fase zullen de verenigingen wel hun eigen identiteit blijven behouden. Sportclub en PW Door het gezamenlijk betrekken van een accommodatie op Diekman-Oost zullen PW en Sportclub bepaalde ruimtes gezamenlijk gebruiken. Dit kan een centrale toiletgroep zijn, vergaderruimtes, facilitaire ruimtes en keukenvoorzieningen. Wel wensen de verenigingen een eigen bar en vergaderruimtes te behouden. Door de relatief nieuwe plannen moeten de meest organisatorische aspecten van deze samenwerking nog nader uitgewerkt worden. Dit geldt ook voor de wijze waarop Broncos gebruik kan maken van de aanwezige faciliteiten, al is het ook denkbaar dat zij gebruik maken van de accommodaties van ERC of de Tubanters. Parkmanagement Zoals ook voor de MFSA geldt is het mogelijk dat er gezamenlijke commissies of een (deels) gezamenlijk vrijwilligerskader ontstaat tussen meerdere verenigingen op Diekman-Oost, waarbij efficiënter wordt omgegaan met de tijd en energie van de leden en vrijwilligers.
Hierbij kan gekeken worden naar een centraal wedstrijdsecretariaat en zelfs het gezamenlijk oppakken van (jeugd)activiteiten. Tevens kan de inzet van een gezamenlijke betaalde verenigingsmanager professionele ondersteuning bieden in het parkmanagement. Door taken te verdelen wordt er geen dubbel werk verricht en kan ieder zich richting op de zaken waar hij/zij goed in is. Dit kan op gebied van gezamenlijke onderhoudswerkzaamheden aan kleedkamers en velden of het centraal uitbesteden van een deel van de boekhouding of ledenadministratie.
Ruimtelijk invulling van de herontwikkeling van Diekman-Oost Er zijn meerdere scenario’s besproken met de acht verenigingen voor de herontwikkeling van Diekman-Oost. Twee reële scenario’s zijn weergegeven in figuur 5.3 en 5.4. Andere scenario’s zijn ook mogelijk en zullen in samenspraak met de verenigingen de komende maanden nader uitgewerkt worden. Hier bij zijn een aantal overwegingen van belang: • De verhouding tussen het aantal benodigde trainings- en wedstrijdvelden; • De uiteindelijke locatie van het beachcluster (op of buiten Diekman-Oost en de handbalvelden; • De uiteindelijke locatie voor de accommodatie van ERC ’69 en de extra benodigde kleedkamers; • De nader te bepalen locatie en hoeveelheid opslagruimtes voor alle verenigingen.
Figuur 5.3 Figuur 5.4
Alternatief scenario 2 waarin een extra trainingsveld is voorzien plus een handbalveld naast de Tubanters En alternatief scenario 3 waarin handbal behouden blijft op de huidige locatie en waarin gezocht dient te worden naar een alternatieve locatie voor het beachcluster voor o.a. volleybal (bijv. Diekman-West)
33
Ruimtelijk en functioneel programma van de MFSA Zuid Het ruimtelijk programma, het aantal vierkante meters per functie in de MFSA, bepaalt in de basis de mogelijkheden en capaciteit van het complex. Vervolgens zal door goede samenwerking en afstemming tussen de verenigingen en andere gebruikers gezocht moeten worden naar een zo optimaal mogelijk functioneel gebruik van de aanwezig ruimtes. In de huidige situatie hebben alle verenigingen hun eigen accommodatie, waarbij alleen de kleedkamers in sommige gevallen met elkaar worden gedeeld. Door het gebruik maken van elkaars ruimtes en het afstemmen van de gebruikstijden en piekmomenten per ruimte, kan een efficiëntieslag behaald worden binnen de totale ruimtebehoefte. Daarmee zullen zowel de bouwkosten als jaarlijkse exploitatiekosten afnemen.
Huidige opstallen en ruimtebehoefte Gedacht vanuit de verenigingen is het uitgangspunt om te kijken naar de huidige opstallen en ruimtes waar de individuele verenigingen nu gebruik van maken. Dit is naast elkaar gezet in onderstaande overzichten per vereniging. Voor de nog nader te bepalen vierde vereniging is een aanname gemaakt. In dit overzicht is ook aangegeven of verenigingen op dit moment een te kort of juist overschot aan ruimte ervaren. Victoria ‘28 Victoria ’28 is in de huidige situatie eigenaar van hun kantine en clubgebouw. Zij hebben het economisch eigendom van hun gedeelte van de kleedgebouwen een aantal jaren terug overgenomen van de gemeente. Dit houdt in dat zij verantwoordelijk zijn voor alle gebruikers- en eigenaarslasten van de kleedkamers, maar dat zijn deze niet het juridisch eigendom hebben en hier ook geen eigendomsrechten aan kunnen ontlenen. FC Aramea FC Aramea is in de huidige situatie huurder van hun kantine en clubgebouw, samen met een aanzienlijke bijdrage vanuit Sportbeleid. Wel hebben zij momenteel een voorstel in beraad vanuit VFBE om de kantine ‘om niet’ over te nemen, inclusief alle gebruikers- en eigenaarslasten. In dit voorstel is opgenomen dat het oude gebouw zal wijken voor de ontwikkeling van de nieuwe MFSA.
Daarnaast heeft FC Aramea het economisch eigendom van hun gedeelte van de kleedgebouwen enkele jaren geleden overgenomen van de gemeente. Dit houdt eveneens in dat zij verantwoordelijk zijn voor alle gebruikers- en eigenaarslasten van de kleedkamers, maar dat zijn deze niet het juridisch eigendom hebben en hier ook geen eigendomsrechten aan kunnen ontlenen. FC Suryoye-Mediterraneo FC Suryoye is in de huidige situatie eigenaar van hun kantine/clubgebouw. Dit betreft een demontabele accommodatie bestaande uit geschakelde units, die zij ongeveer 6 jaar terug volledig met eigen middelen hebben laten neerzetten en bekostigd. Zij huren het kleedgebouw van Sportaal samen met vv UDI. Vierde vereniging Omdat de benodigde vierde vereniging om het project compleet te maken nog niet bekend is, is er ook geen concrete ruimtebehoefte vanuit deze vereniging bekend. Uitgangspunt is dat zij rond de 200-300 leden hebben, waarbij pro rata naar de ruimtebehoefte van de andere drie verenigingen is gekeken.
Ruimtelijke synergie Om te voorkomen dat alle ruimtebehoeftes van elke vereniging bij elkaar worden opgeteld, is gekeken naar het beoogde gebruik van elk type ruimte en de mogelijkheid om deze in gezamenlijkheid te gebruiken. Op basis van deze ruimtelijke synergie is in paragraaf 6.3 een gezamenlijk ruimtelijk programma opgesteld. 34
Kantine & keuken Waar de huidige kantineruimte van de drie verenigingen verschillen van 150 tot 250 m2 zullen de aparte kantinedelen van een kleinere omvang zijn. De kantines zijn nu berekend op maximale bezetting dan een aantal keer per jaar zal voorkomen. In het dagelijkse of wekelijks gebruik zal een ruimte van circa 100 m2 per vereniging voldoende kunnen zijn. Door deze ruimtes met elkaar te verbinden, bijvoorbeeld door het gebruik van een flexibele wand, hebben verenigingen nog altijd de mogelijkheid om in overleg met elkaar bij grote wedstrijden of evenementen de kantinedelen uit te breiden. Dit kan zelfs tot een totale grootte van 1,5 tot 2 keer de huidige kantines (400-500 m2). Facilitaire ruimtes In het ontwerp van de MFSA zullen geen aparte entrees voor alle verenigingen komen. Een gezamenlijke garderobe (mogelijk afsluitbaar per vereniging), een centrale toiletgroep en andere secundaire voorzieningen in het clubgebouw worden als gezamenlijke ruimtes gerealiseerd. Wel kan de hoofdingang van de MFSA of de entreepoort van het sportpark voorzien worden van de logo’s en namen van iedere vereniging, zodat ook van buitenaf en voor bezoekers duidelijk is dat de betreffende verenigingen zijn gevestigd in deze accommodatie.
Ook andere ondersteunende functies zoals installatieruimtes, containerruimte, werkplaats voor de terreinmedewerker(s) en schoonmaakkasten kunnen in gezamenlijkheid gebruikt worden. Bestuurskamer & vergaderruimtes De verenigingen hebben op bepaalde momenten behoefte aan meerdere vergaderruimtes, inclusief een bestuurskamer. In de praktijk zal het niet voorkomen dat alle verenigingen tegelijk zoveel vergaderruimtes nodig hebben. Daarom is in de huidige plannen opgenomen dat iedere vereniging in principe hun eigen bestuurskamer behoud, maar in overleg verenigingen ook voor vergaderingen gebruik kunnen maken van de bestuurskamers van de andere verenigingen. Ook kunnen deze ruimtes dienen als wedstrijdsecretariaat, instructieruimte of presentatieruimte. Hoe dit precies in te vullen qua vertrouwelijke documenten of kostbare elementen in de bestuurskamers dient in de verdere uitwerking nader met elkaar afgestemd te worden. Kleedkamers Per wedstrijd zijn er kleedkamers benodigd voor een thuisteam en een bezoekend team. Met circa 4 wedstrijdvelden en een overlap van twee wedstrijden zouden er op piekmomenten voor wedstrijden 16 kleedkamers beschikbaar moeten zijn (twee maal twee maal vier). Op trainingsdagen zal die zal die piek soms hoger zijn omdat velden dubbel of vierdubbel gebruik worden.
Er dient gekeken te worden in hoeverre het gebruik van teamlockers hier uitkomst in kan bieden. In totaal zijn nu 18 kleedkamers (8 grote en 10 kleine) voorzien in het integrale ruimteprogramma, ook rekening houdend met dames/meisjes kleedkamers. Ook wordt er voorzien in 3 scheidsrechter kleedkamers. Tribunes en overdekte terrassen De gemeente hanteert het principe dat zij niet investeren in tribunes of andere niet-noodzakelijke voorzieningen die puur dienen als comfort, betere uitstraling of extra inkomstenbron voor de verenigingen. Dat oudere leden of ouders comfortabel een wedstrijd of training kunnen bijwonen is een voordeel van een (overdekte) tribune. Dit kan ook op een overdekt terras of dakterras grenzend aan de kantinedelen, mocht de kantine op een verhoogde verdieping van de MFSA komen. In hoeverre dit laatste past binnen het beschikbare budget zal in de ontwerpfase nader uitgewerkt worden. In de basis zit hier ruimte voor in de investeringsraming, maar in welke mate zal nog moeten uitwijzen. Voor de verenigingen bestaat tijdens de ontwerpfase nog alle ruimte om hun prioriteiten te stellen welke ruimtes of voorzieningen binnen het beschikbare budget gerealiseerd kunnen worden. Als dan ruimte blijft voor een tribune is dat ook bespreekbaar. Vooralsnog wordt uitgegaan van behoud van de huidige tribunes. 35
Gezamenlijke ruimtelijke programma Alle genoemde behoeftes, afwegingen en mogelijkheden zijn samengebracht in onderstaand gezamenlijke ruimtelijke programma voor de MFSA, waar de drie verenigingen het in de basis over eens zijn. Uiteraard kan in het ontwerptraject nog geschoven worden met vierkante meters per functie, het toevoegen of weglaten van ruimtes of zelfs (bijvoorbeeld door een efficiënter of goedkoper ontwerp) het toevoegen van extra meters. Ruimte Aantal m2 fno Vormfactor m2 bvo Kleedkamers groot 8 24 1,3 250 Doucheruimtes 8 12 1,3 125 Kleedkamers klein 10 15 1,3 195 Doucheruimtes 10 8 1,3 104 Scheidsrechter kleedkamers 3 12 1,3 47 Wasruimte incl. kledinguitgifte 1 38 1,3 49 Fysio-/behandelruimte 1 16 1,3 21 Kantineruimte 1 400 1,1 440 Extra ruimte voor dagbesteding 1 70 1,1 77 Toiletgroep kantine + miva 1 15 1,3 20 Toiletgroep kleedkamers + miva 1 15 1,3 20 Keuken 1 30 1,3 39 Koeling 1 25 1,3 33 Opslag keuken 1 20 1,3 26 Bestuurskamers/vergaderruimtes 4 20 1,3 104 Wedstrijdsecretariaat/instructieruimte/presentatieruimte (zie bestuurskamers) Archief 4 4 1,3 21 Opslag materialen 4 25 1,1 110 Containerruimte 1 12 1,1 13 Werkkasten 4 1 1,3 5 Entree + garderobe 1 20 1,3 26 Beheerdersruimte + werkplaats 1 20 1,3 26 Totale programma MFSA Zuid 1.750 Tabel 6.1 Gezamenlijk ruimteprogramma o.b.v.
vier verenigingen met in totaal maximaal 1.500 leden (afhankelijk van het percentage spelende leden) waar de investeringsraming van de MFSA Zuid op is gebaseerd.
Ligging op het sportpark en gewenste zichtrelaties De precieze locatie van de MFSA Zuid dient nader onderzocht te worden tijdens de ontwerpfase. Gezien de beschikbare ruimte en positionering t.o.v. de wedstrijdvelden is een locatie op de huidige opstallen aannemelijk.
Figuur 6.2
Enkele indicatieve voorbeelden van de ligging van de MFSA op het sportpark met zichtrelaties
36
Indicatief vlekkenplan/indeling per verdieping Op basis van dit gezamenlijke ruimtelijke programma zijn een aantal vlekkenplannen opgesteld om indicatief weer te geven hoe deze ruimte mogelijk ten opzichte van elkaar gepositioneerd kunnen worden. In de ontwerpfase zal uiteindelijk duidelijk worden hoe dit er precies uit zal gaan zien, waarbij de verenigingen nauw betrokken zullen worden om hun wensen en behoeftes op de juiste manier in te passen in het gebouw.
Figuur 6.3
Indicatieve mogelijke indeling van de begane grond met kleedkamers en ondersteunende ruimtes
Figuur 6.4
Indicatieve mogelijke indeling van de verdieping met kantineruimtes met keukenvoorzieningen en bestuurskamers grenzend aan de kantinedelen.
37
Een alternatief is om de ruimte (voor bijvoorbeeld dagbesteding) voor extern gebruik te koppelen aan het kantinedeel. Hiermee nemen de ruimtelijke mogelijkheden voor de kantine toe.
Figuur 6.5
Indicatieve alternatieve indeling van de verdieping met kantineruimtes met keukenvoorzieningen en de ruimte voor externe gebruik geïntegreerd met de kantinedelen.
Referentieprojecten In de rest van Nederland zijn er voldoende voorbeelden van nieuwe gezamenlijke multifunctionele (sport)accommodaties die verouderde accommodaties vervangen van één of meerdere verenigingen. Naast referenties op gebied van investerings- en exploitatieraming dienen deze projecten ook als referentie voor het gebruik en uitstraling van het complex. Hieronder worden een aantal projecten getoond die qua uitstraling en grootte in lijn liggen met de beoogde MFSA in Zuid. Ook worden hierin projecten aangehaald die qua ontwerp of grootte (ver) boven het beschikbare budget uitkomen, maar wel kunnen dienen als input of inspiratie tijdens de komende ontwerpfase. Het voornemen is om met de betreffende verenigingsbesturen enkele van deze projecten bezoeken en zo verdere kennis en ideeën op te doen.
Figuur 6.6
Foto’s van het nieuwe multifunctionele Noaberhoes in Delden van o.a. voetbalclub Rood-Zwart.
38
Figuur 6.7
Foto’s van de nieuwe accommodatie van omnisportvereniging TOGB uit Berkel en Rodenrijs.
Figuur 6.8
Foto’s van de nieuwe accommodatie van CVV Zwervers in Capelle a/d IJssel als referentie voor een verhoogde en open kantine met uitzicht op de velden.
Indicatieve 3D schetsen van de MFSA Zuid Tevens zijn er enkele schetsen opgesteld om in impressie te geven van hoe de MFSA Zuid er mogelijk uit kan gaan zien. Deze zijn opgesteld op basis van de totale ruimtebehoefte waarin binnen dit haalbaarheidsonderzoek wordt uitgegaan. De toevoeging van een tribune is indicatief en zit niet opgenomen in de huidige kostenraming. Daarnaast dient opgemerkt te worden dat er nog geen ontwerp ligt en dat alle opties nog open staan.
Figuur 6.9
Indicatieve 3D schetsen van de MFSA Zuid, gebaseerd op de totale ruimtebehoefte
39
Figuur 6.10
Indicatieve 3D schetsen van de MFSA Zuid, gebaseerd op de totale ruimtebehoefte
Figuur 6.11+6.12
Indicatieve 3D schetsen van de MFSA Zuid, gebaseerd op de totale ruimtebehoefte
Aanvullend programma Sport is doorgaans een voorziening in de gemeente die niet kostendekkend is, zeker als het om nieuwe accommodaties gaat. Het toevoegen van aanvullend programma kunnen zorgen voor extra budgetten om de onrendabele top van de benodigde investering te kunnen bekostigen. Commerciële ontwikkeling Commerciële ontwikkeling is in veel gevallen op financieel vlak het meest aantrekkelijk. Door winstgevende activiteiten te koppelen aan maatschappelijk vastgoed zoals een sportpark heeft een commerciële partij het voordeel van een levendige locatie of andere gunstige voorwaarden. In ruil daarvoor zou deze partij ruimtes kunnen ontwikkelen voor de maatschappelijke activiteiten op hetzelfde sportpark. Hierdoor is er minder of geen financiële bijdrage nodig vanuit publieke middelen. Echter brengt dit mogelijk ook nadelen met zich mee. In het geval van Sportpark Wesselerbrink-Zuid is de bestemming ‘sport’ van het hele gebied. De commerciële activiteiten moeten wel aansluiten bij het beoogde gebruik van het sportpark, de verkeers- en parkeerdruk niet significant verhogen en niet zorgen voor leegstand elders in de stad. Allemaal zaken om rekening mee te houden bij het toevoegen van commerciële activiteiten op het sportpark. Daarom is in deze fase ervoor gekozen om de ontwikkeling op het sportpark nog puur vanuit sociaal-maatschappelijke activiteiten in te steken.
Wijkcentrum De Helmer Een van deze sociaal-maatschappelijke activiteiten is de functie van wijkcentrum. Het wijkcentrum De Helmer ligt in het hart van de wijk de Helmerhoek. Het gebouw is een aantal jaar terug door corporatie De Woonplaats herontwikkeld tot gezondheidscentrum. Op de begane grond bevinden zich enkele zorgpartijen zoals huisartsen, tandartsen en fysiotherapeuten en een praktijk voor logopedie. Op de eerste verdieping worden diverse wijkactiviteiten georganiseerd door wijkcentrum De Helmer, zoals de buurt Huiskamer, ‘ouderensoos’ en het mantelzorgcafé.
40
Deze locatie op de 1e verdieping wordt door ouderen als een drempel ervaren. De wijkraad heeft ook behoefte aan o.a. een presentatieruimte en extra materiaalopslag. Dit soort zaken hebben ertoe geleid dat er nagedacht wordt over een verhuizing naar en bestaande of mogelijk nieuwe locatie. Tot 2020 ontving de stichting c.q. het bewonersinitiatief een jaarlijkse subsidie van de gemeente. Op dit moment is er vanuit de gemeente een beheerder aangewezen voor het wijkcentrum. Sinds oktober 2020 is een deel van de functies uit het wijkcentrum, waaronder het Repaircafé van Stichting Noaberschap Helmerhoek, verhuisd naar het clubgebouw van Victoria ’28 op Sportpark Enschede-Zuid. Hier kunnen buurtbewoners goedkoop spullen laten repareren door vrijwilligers. Dit is niet alleen een goed doel om financieel minder bedeelden te helpen, maar wordt ook duurzaam omgegaan met materialen en wordt ontmoeting in de wijk gestimuleerd. Mogelijk dat met de verhuizing van de totale functie van het wijkcentrum naar het sportpark een optie is. De kantines in de nieuw te ontwikkelen MFSA staan overdag vaak leeg, waardoor deze deels gebruikt kunnen worden voor verschillende burgerinitiatieven. Er hoeft dan niet een geheel nieuw wijkcentrum gebouwd hoeft te worden. Ook kan dit voordelen opleveren in bouwkosten en exploitatiekosten om de haalbaarheid van beide ontwikkelingen te bevorderen.
Hierbij zit de synergie niet zozeer in de huurprijs maar meer in de buurtinitiatieven en de sportactiviteiten die elkaar kunnen versterken. Het huurcontract van de stichting met De Woonplaats loopt nog tot 2024. Dit is ongeveer in lijn met de verwachte ontwikkeling van de nieuwe MFSA. Er wordt komend jaar een visie ontwikkeld vanuit Sociaal Domein voor de toekomst van het wijkcentrum. Hierbij wordt ook gekeken om naast een ontmoetingsfunctie in het gebouw ook professionals te faciliteren. Gedacht kan worden aan kantoren, flex-werkplekken of de reeds aanwezige zorgfuncties. De visie is nog niet gereed en daarom is het in deze haalbaarheidsfase van de MFSA nog te vroeg is om de komst van een nieuw wijkcentrum mee te nemen in de business case voor het sportpark. Deze mogelijke gezamenlijke ontwikkeling zal na de zomer van 2021 verder onderzocht moeten worden. Dubbele sportzaal en/of onderwijshuisvesting Er is een dubbele sportzaal aanwezig in het centrum van de Helmerhoek. Deze is op korte termijn aan vervanging toe. Het is een uitgelezen kans om de nieuwe sportzalen te combineren met de (sport)voorzieningen in de MFSA. Dit biedt niet alleen synergie in boekkosten, maar ook in beheer en exploitatiekosten door de overdag aanwezige verenigingsmanager(s) op het sportpark.
De planvorming voor de komst van de nieuwe dubbele sportzaal of zelfs sporthal is nog niet zover om in deze fase te betrekken bij het haalbaarheidsonderzoek naar de MFSA Zuid. Ook is er binnen de gemeente nog geen overeenstemming over de locatie van de nieuwe dubbele sportzaal. Dit heeft enerzijds te maken met de loopafstand tot basisschool De Wielerbaan (die wordt dan net iets meer dan de maximale 1000 meter) en anderzijds dat deze nu dicht bij de andere drie basisscholen in de Helmerhoek is gevestigd. Voor deze drie basisscholen wordt momenteel ook gekeken naar herhuisvesting. Een verhuizing naar het sportpark voor deze scholen is nu eveneens nog niet aan de orde. Er wordt momenteel een afwegingskader nader uitgewerkt, waarin bepaalde voordelen en nadelen voor een verhuizing zijn opgenomen. Voordelen voor een gezamenlijke ontwikkeling op het sportpark is een betere ontsluiting, ontwikkelpotentie voor de vrijkomende gronden midden in de wijk en de genoemde synergie in bouwkosten en exploitatie. Een nadeel is dat de scholen in dat geval uit het hart van de wijk worden weggehaald, wat kan resulteren in extra ongewenste verkeersbewegingen.