Begroting 2023 Enkhuizen
Tekst van het document
Afvalinzameling (€145.000 voordeel) Het product Afvalinzameling is 100% kostendekkend. Door de stijgende kosten neemt de opbrengst ook toe. Subsidies klimaat en duurzaamheid (€40.000 voordeel) Voor klimaat en duurzaamheid kunnen we subsidie aanvragen bij de Provincie en het Rijk. We verwachten dat dit jaarlijks zo'n € 40.000 oplevert.
36
Programma Samenleving
Inleiding We vinden het belangrijk dat onze inwoners zich thuis voelen in onze gemeente en dat er genoeg voorzieningen zijn voor samen leven en ontmoeting. Ontmoeting gericht op verbinding, vrije tijdsbesteding en beweging (gezondheid). We willen de sociale cohesie in onze wijken stimuleren zodat inwoners voor elkaar klaar kunnen staan. We ondersteunen inwoners om zo zelfredzaam mogelijk te zijn. Als dat niet meer lukt, helpen we met passende ondersteuning.
Wat willen we bereiken en wat gaan we er voor doen Hieronder geven we inzicht in de doelen die we willen halen. Per doelstelling geven we aan wat we daarvoor gaan doen in 2023. Onderwijs Ambitie Wat willen we bereiken? Wat gaan we ervoor doen?
Sport, Cultuur en Recreatie Ambitie Wat willen we bereiken?
Wat gaan we ervoor doen?
Enkhuizen beschikt over goed(e) onderwijs(voorzieningen) De onderwijshuisvesting is op orde Onderwijsachterstanden worden ingehaald We stellen een Huisvestingsplan Onderwijs op, waarbij nieuwbouw wordt geprioriteerd boven verbouw en er wordt gestart met het opbouwen van een bestemmingsreserve. We stimuleren efficiënt ruimtegebruik van lokalen We geven uitvoering aan de plannen met betrekking tot de besteding van lokale NPO-middelen om achterstanden in te halen
Enkhuizen is een sportieve en cultuurrijke gemeente. Iedereen heeft toegang tot sport en cultuur voorzieningen, met extra aandacht voor de jeugd Maximale ondersteuning voor verenigingen, vrijwilligers en mantelzorgers We werken aan een gefaseerde verbetering van sportaccommodaties en faciliteiten We verbeteren de toegankelijkheid voor o.a. minima en nemen dit mee in de stadspas We oriënteren ons op de aanpak onderwijs, sport en cultuur (preventie, naar IJslands model)
37
Sociaal Domein Ambitie Wat willen we bereiken? Wat gaan we ervoor doen?
Volksgezondheid Ambitie Wat willen we bereiken? Wat gaan we ervoor doen?
Iedereen doet mee naar vermogen. De voorzieningen in Enkhuizen zijn voor iedereen die het nodig heeft toegankelijk Meer doen en bereiken met gelijkblijvend budget. We voeren onderzoek uit naar preventie en voorliggende voorzieningen en eventueel missend aanbod in Enkhuizen We houden de processen Schuldhulpverlening en Minima tegen het licht en maken deze waar mogelijk klantvriendelijker. Daarnaast passen we het beleid op humane wijze toe en communiceren we helder We onderzoeken de mogelijkheid voor één gemeentelijke stichting voor Wmo, welzijn, e.d. We voeren een stadspas in en proberen zoveel mogelijk inwoners van de betreffende doelgroep te bereiken door goede en laagdrempelige pro-actieve communicatie. We besteden Wmo en Jeugd opnieuw aan We voeren een pilot uit voor de voorliggende dagbesteding We plaatsen vraagstukken omtrent lokale spreiding dak- en thuislozen, spoedzoekers en statushouders op de bestuurlijke- en ambtelijke agenda ‘s.
Enkhuizen is een gezonde gemeente Verbeteren van de gezondheid van de inwoners Wij verwerken de input uit de projecten “Jongeren op gezond gewicht” en de aanbevelingen uit “Sport Beweegt” in structureel beleid
38
Indicatoren Verplichte indicatoren Naam indicator
Eenheid
Bron
Meest recent
Banen
Aantal per 1.000 inwoners LISA 15-74 jaar
2021: 351,8
Jongeren met een delict voor de rechter
% 12 t/m 21 jarigen
CBS
2020: 1
Kinderen in uitkeringsgezin
% kinderen tot 18 jaar
CBS
2020: 4
Netto arbeidsparticipatie
% van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking
CBS
2020: 68,1
Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie
% deelnemers aan het VO DUO en MBO onderwijs
2021: 2,1
Werkloze jongeren
% 16 t/m 22 jarigen
CBS
2020: 2
Personen met een bijstandsuitkering
Aantal per 10.000 inwoners CBS
2021: 206,3
Lopende re-integratievoorzieningen
Aantal per 10.000 inwoners CBS van 15-64 jaar
2020: 327,80
Jongeren met jeugdhulp
% van alle jongeren t/m 18 CBS jaar
2020: 13
Jongeren met jeugdbescherming
% van alle jongeren t/m 18 CBS jaar
2020: 1,2
Jongeren met jeugdreclassering
% van alle jongeren van 12 CBS tot 23 jaar
2019: 0,3
Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo
Aantal per 10.000 inwoners GMSD
2021: 680
Absoluut verzuim
Aantal per 1.000 leerlingen DUO
2021: 0
Relatief verzuim
Aantal per 1.000 leerlingen DUO
2021: 15
Niet-sporters
% inwoners dat niet wekelijks gesport (vanaf 12 RIVM, CBS jaar)
2020: 49,1
Met wie werken we samen ? Voor het programma Samenleving werken we samen met de volgende verbonden partijen: WerkSaam Westfriesland Gemeentelijke Gezondheidsdienst Hollands Noorden (GGD) Deze verbonden partijen worden verder toegelicht in de paragraaf verbonden partijen.
39
Wat mag het kosten Werkelijk 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Totaal lasten
34.131
35.115
33.972
Totaal baten
- 8.134
- 6.942
- 6.374
Saldo van baten en lasten
25.997
28.173
27.598
Toevoeging aan reserves
570
13
13
Onttrekking aan reserves
- 253
- 304
- 55
26.314
27.882
27.556
Resultaat
Toelichting op afwijkingen (baten en lasten) Toelichting afwijkingen B2023 t.o.v. B2022 (>€ 20.000)
Bedrag
V/N
Lasten: Bijdrage SED
-180 N
Kapitaallasten
-84 N
Tijdelijke huisvesting VSO leerlingen
20 V
NPO middelen
75 V
Overheveling corona noodfonds
162 V
Incidentele besparing peuterspeelzaalwerk
-180 N
SPUK Sportakkoord 2022
10 V
Subsidie zwembad Enkhuizerzand
-90 N
Taakstelling zwembad Enkhuizerzand
41 V
Bijdrage aan Hertenkamp
147 V
Erfgoedbeleid
38 V
SPUK inburgering
121 V
Energietoeslag
976 V
Kosten BUIG
364 V
Aanpak wachttijden specialistische hulp
50 V
Ondersteuning bewoners begoniastraat
50 V
Hogere kosten WMO clientgebonden
-212 N
Verzekeringen
-38 N
Gemeentelijke collectie
-256 N
Uitvoeringsagenda Erfgoedbeleid
-217 N
Bijdrage Veilig thuis
-33 N
40
Bijdrage GGD.
-49 N
GOH niet tlv reserve: 2022 asbestsanering De Drecht
250 V
GOH niet tlv reserve: 2022 vervanging CV-LB De Drecht
50 V
GOH niet tlv reserve: 2022 vervangen sanitair stadhuis
30 V
Overige verschillen
98 V
Totaal lasten:
1.143 V
Baten: Ontvangen NPO middelen
-75 N
Hogere baten voor eigen bijdrage WMO
62 V
Ontvangen SPUK Sportakkoord
-10 N
Ontvangen Spuk Inburgering in 2022
-121 N
Inkomsten Buig
-440 N
Overige verschillen
16 V
Totaal baten
-568 N
Totaal verschil
575
V
Toelichting baten en lasten LASTEN Bijdrage SED (€ 180.000 nadeel) Een verklaring van het verschil is te vinden in het programma bestuur en ondersteuning onder het kopje overhead. Kapitaallasten (€ 84.000 nadeel) Hogere kapitaallasten in verband met investeringen sport en onderwijs. Incidentele budgetten (€ 257.000 voordeel): De volgende incidentele budgetten zijn opgenomen in het overhevelingsbesluit (OVH), voorjaarsnota (VJN), najaarsnota (NJN) of een separaat voorstel: - Tijdelijke huisvesting VSO leerlingen (OVH) - NPO middelen (NJN) - Noodfonds corona (OVH) Budgetten Voorjaarsnota 2022 € 1.315.000 voordeel): - Besparing peuterspeelzalen - SPUK sportakkoord 2022 - Verhogen subsidie zwembad Enkhuizerzand - Taakstelling zwembad Enkhuizerzand 41
-
Bijdrage Hertenkamp Uitvoeringsagenda Erfgoedbeleid SPUK inburgeringskosten Energietoeslag 2023 Kosten BUIG Aanpak wachttijden specialistische hulp Ondersteuning bewoners Begoniastraat WMO cliënt gebonden
Verzekeringen (38.000 nadeel) Door de aanbesteding brandverzekering zijn de premies verhoogd. Gemeentelijke collectie (€ 256.000 nadeel, waarvan € 170.000 structureel) Conform uitvoeringsnota erfgoedbeleid. Bijdrage veilig thuis (€ 33.000 nadeel) Het budget voor de afdracht aan Veilig Thuis is aangepast aan wat in de begroting 2023 van de GGD is opgenomen. Gemeenschappelijke bijdrage GGD (€ 49.000 nadeel) Het budget voor de afdracht aan GGD is aangepast aan wat in de begroting 2023 van de GGD is opgenomen.
BATEN Incidentele budgetten (€ 13.000 nadeel): De volgende incidentele budgetten zijn opgenomen in overhevelingsbesluit (OVH), voorjaarsnota (VJN), najaarsnota (|NJN) of een los voorstel: - NPO middelen - Eigen bijdrage WMO Budgetten Voorjaarsnota 2022 € 571.000 nadeel): - SPUK Sportakkoord - SPUK inburgering - Inkomsten BUIG
42
Paragrafen
43
Lokale heffingen Inleiding In de Gemeentewet en in enkele bijzondere wetten is geregeld welke lokale heffingen de gemeente aan de inwoners en bedrijven mag opleggen. De raad bepaalt welke van die heffingen daadwerkelijk worden geheven. De gemeente Enkhuizen kent de volgende lokale heffingen: belastingen waarvan de opbrengst vrij besteedbaar is. Hiertoe behoren de onroerendezaakbelastingen (OZB), toeristenbelasting en precariobelasting. belastingen om kosten mee te verhalen: de heffingen en rechten. De opbrengst is niet vrij besteedbaar, maar is gerelateerd aan de betreffende gemeentelijke zorgplicht of specifieke dienstverlening. Hiertoe behoren de rioolheffing, afvalstoffenheffing, secretarieleges, leges omgevingsvergunningen, begrafenisrechten, marktgelden, havengelden, reinigingsrechten en vermakelijkhedenretributie.
De paragraaf lokale heffingen bevat op grond van artikel 10 BBV ten minste: de geraamde inkomsten het beleid ten aanzien van lokale heffingen een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen, waarin inzichtelijk wordt gemaakt hoe bij de berekening van tarieven van heffingen, die hoogstens kostendekkend mogen zijn, wordt bewerkstelligd dat de geraamde baten de ter zake geraamde lasten niet overschrijden, wat de beleidsuitgangspunten zijn die ten grondslag liggen aan deze berekeningen en hoe deze uitgangspunten bij de tariefstelling worden gehanteerd een aanduiding van de lokale lastendruk een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid
Geraamde inkomsten In de onderstaande tabel staan de verwachte opbrengsten van de lokale heffingen in 2023. Het totaal aan opbrengsten van belastingen en heffingen bedraagt ruim € 14 miljoen in 2023.
Belastingen
Begroting 2022 Begroting 2023
Onroerendezaakbelastingen op woningen (eigenaren)
2.252
3.038
Onroerendezaakbelastingen op niet-woningen (eigenaren)
1.455
1.702
Onroerendezaakbelastingen op niet-woningen (gebruikers)
1.015
1.207
Roerende-zaakbelasting
2
2
Precariobelasting
56
63
Forensenbelasting
99
109
Toeristenbelasting
472
528
5.351
6.649
Totaal
44
Heffingen
Begroting 2022 Begroting 2023
Secretarieleges
218
223
Leges omgevingsvergunningen
462
471
Begrafenisrechten
207
214
1.802
1.968
Parkeervergunning
155
160
Afvalstoffenheffing
3.308
3.454
Staangelden markten
12
12
Haven- en liggelden
621
704
Rioolheffing
Pachtsommen kermissen
8
8
Overige heffingen
71
52
Vermakelijkhedenretributie
137
141
7.001
7.407
Beleid ten aanzien van lokale heffingen In deze begroting is het gematigde beleid voortgezet. In algemene zin komt het er op neer dat jaarlijks een stijgingspercentage wordt doorgevoerd ter grootte van het inflatiepercentage. Dit is in 2023 bepaald op een stijging van 3 %. Wel wordt er in de meerjarenraming rekening gehouden met de resultaten van de ombuigingen met betrekking tot de gemeentelijke belastingen. De tarieven van 2023 zijn niet in deze begroting opgenomen. Dat komt omdat de vaststelling van de begroting in november plaatsvindt en het vaststellen van de tarieven in december van dit jaar.
Een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen Onroerendezaakbelasting (OZB) De OZB wordt geheven van onroerende zaken, die binnen de gemeente zijn gelegen. Dit gaat om een gebruikersbelasting en eigenarenbelasting op niet-woningen (dit zijn vooral kantooren bedrijfspanden) en een eigenarenbelasting op woningen. De tarieven voor de onroerendezaakbelastingen (OZB) worden berekend naar een percentage van de WOZ waarde van het onroerend goed in de gemeente. Bij het bepalen van dit tarief wordt een relatie gelegd met de waardeontwikkeling van het onroerend goed. Voor de onroerendezaakbelastingen geldt als uitgangspunt dat de opbrengsten stijgen met 8% (exclusief inflatiecorrectie). Daarnaast wordt er in 2023 rekening gehouden met een opbrengstenstijging in verband met de kosten van de overdracht wegen van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier naar de gemeente. De waarderingsgrondslag voor de OZB-aanslagen van 2023 is de WOZ-peildatum 1-1-2022. Op basis van de prognoses van het taxatiebureau is de verwachting dat de waardeontwikkeling van woningen 20% bedraagt. Voor niet- woningen wordt uitgegaan van een marktontwikkeling van 3%. Om uit te komen op de door de raad vastgestelde opbrengstenstijging worden de tarieven per heffingseenheid aangepast.
45
Roerende-zaakbelasting Deze belasting wordt geheven over de waarde van roerende woon- en bedrijfsruimten gelijk aan de belasting die wordt geheven over de waarde van onroerende woon- en bedrijfsruimten (de OZB). Daarom wordt deze belasting ook wel Roerende-zaakbelasting (RZB) genoemd. Omdat deze belasting zorgt voor een gelijke behandeling van woon- en bedrijfsruimten (ongeacht of deze roerend dan wel onroerend zijn) ligt het voor de hand dat voor deze belasting dezelfde tarifering geldt als voor de OZB. Ook hierbij wordt het tarief vastgesteld als een percentage van de waarde. Precariobelasting Precario is een vergoeding voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond/provinciegrond. In Enkhuizen worden alleen terrassen in de heffing betrokken. Als uitgangspunt geldt dat de opbrengsten in 2023 met 10% (exclusief inflatiecorrectie) stijgen. Toeristenbelasting Toeristenbelasting is bedoeld om mensen die wel gebruik maken van de gemeente maar geen inwoner zijn, mee te laten betalen aan de gemeentelijke voorzieningen. De inkomsten die gegenereerd worden uit de heffing komen ten gunste van de algemene middelen. In Enkhuizen is ervoor gekozen om (een deel van) de inkomsten te gebruiken om het voorzieningenniveau voor de toeristen te handhaven. De belasting wordt geheven van degene die verblijf biedt.
De aanbieder kan dit bij degene die overnacht in rekening brengen. De gemeente probeert op alle mogelijke wijze alle aanbieders in de gemeente te bereiken en in de toeristenbelasting te betrekken. Zo vragen wij gegevens op bij de VVV en zijn wij afnemers van het boekje Vrienden op de fiets. Ook wordt de plaatselijke krant doorgenomen, zoeken we op internet en wordt er regelmatig een rondje door de stad gefietst. Als uitgangspunt geldt dat de opbrengsten in 2023 met 10% (exclusief inflatiecorrectie) stijgen. Leges Leges zijn betalingen aan de gemeente waar een individueel aanwijsbare tegenprestatie van die gemeente tegenover staat. Het gaat om een bedrag dat moet worden betaald aan de gemeente voor het gebruik van hun diensten of producten. De leges worden geheven van de aanvrager van de dienst dan wel van degene ten behoeve aan wie de dienst is verleend. De leges mogen per titel maximaal 100% kostendekkend zijn. Hieronder vindt u een overzicht met betrekking tot de kostendekkendheid van de leges. In de Kadernota 2020 is het uitgangspunt geformuleerd dat deze 100% kostendekkend zijn. Titel 1 Algemene dienstverlening
Lasten
Baten
Dekking
hoofdstuk 1 hoofdstuk 2
Burgerlijke stand Reisdocumenten
41 106
36 92
87% 86%
hoofdstuk 3 hoofdstuk 4
Rijbewijs Verstrekkingen uit de basisregistratie personen
75 10
62 7
83% 69%
hoofdstuk 9 hoofdstuk 17
Overige publiekszaken Kinderopvang
4 4
3 3
80% 65%
hoofdstuk 18
AVOI
7
18
254%
46
hoofdstuk 19
Verkeer en Vervoer
12
2
14%
Kostendekking Titel 1
260
223
86%
Titel 2 Fysieke leefomgeving / omgevingsvergunning
Lasten
Baten
Dekking
482 0,7
471 0,5
98% 71%
483
471
98%
Lasten
Baten
Dekking
hoofdstuk 3 hoofdstuk 10
Omgevingsvergunning Reclame
Kostendekking Titel 2
Titel 3 Europese dienstenrichtlijn hoofdstuk 1
Horeca
30
10
35%
hoofdstuk 2
Organiseren evenementen
17
20
121%
47
31
66%
Recapitulatie Titel 1,2 en 3
Lasten
Baten
Dekking
Kostendekkendheid Titel 1
260
223
86%
Kostendekkendheid Titel 2
483
471
98%
Kostendekkendheid Titlel 3
47
31
66%
Kostendekkendheid totale tarieventabel
789
725
92%
Kostendekking Titel 3
Begraafplaatsrechten Grafrechten worden geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor door de gemeente verleende diensten in verband met de begraafplaats. Daarbij mogen de baten niet hoger zijn dan de kosten. Het tarief mag maximaal 100% kostendekkend zijn.
Rioolheffing De rioolheffing wordt geheven van de gebruiker van een eigendom van waaruit afvalwater direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. De uitgangspunten voor de heffing zijn het GRP (Gemeentelijk RioleringsPlan) en volledige kostendekking.
47
In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen met betrekking tot de kostendekkendheid van de rioolheffing: Bedragen * 1.000 Euro 2023 Kosten riolering Inkomsten riolering excl. heffingen
1.302 4
Netto kosten riolering
1.298
Toe te rekenen kosten: Overhead
147
BTW Overige toe te rekenen kosten
252 272
Totale kosten
1.969
Opbrengsten heffingen
1.968
Dekking
100%
Afvalstoffenheffing De tarieven voor de afvalstoffenheffing zijn afhankelijk van de kosten die voortkomen uit de dienstverleningsovereenkomst (DVO) met HVC en de overige activiteiten, zoals beleidsontwikkeling en inningskosten, die geheel of gedeeltelijk zijn toe te wijzen aan de zorgplicht voor de inzameling en verwerking van huishoudelijke afvalstoffen. Tevens wordt rekening gehouden met de doorwerking van het BTW-compensatiefonds. Er wordt uitgegaan van 100% kostendekkendheid. Bedragen * 1.000 Euro 2023
Kosten afvalinzameling
2.629
Inkomsten afvalinzameling excl. heffingen
94
Netto kosten afvalinzameling
2.535
Toe te rekenen kosten: Overhead
184
BTW
515
Overige toe te rekenen kosten
219
Totale kosten
3.453
Opbrengsten heffingen
3.454
Dekking
100%
48
Reinigingsrecht Een bedrijf betaalt reinigingsrecht wanneer met huisvuil vergelijkbaar bedrijfsafval aan de straat wordt gezet of in (haven)containers wordt aangeboden. Vrijstelling van deze heffing wordt alleen verleend op verzoek en wanneer wordt aangetoond dat het bedrijf zelf zorgdraagt voor de afvoer van afval dan wel een overeenkomst heeft met een afvalinzamelaar. Bedrijfsafval wordt niet opgehaald door HVC met uitzondering van het gebied in de gemeente waar het huisvuil in zakken wordt aangeboden. Wel is het bedrijfsafval beperkt tot het zogenaamde KWD (kantoor, winkel en detailhandel) afval wat in samenstelling en hoeveelheid overeenkomt met huishoudelijk afval. Door HVC wordt bij het ophalen van het huisvuil gecontroleerd op het onjuist aanbieden van bedrijfsafval. Bij een overtreding wordt in overleg met de gemeente gehandhaafd. Marktgelden Voor het innemen van een standplaats om daarop zaken of voorwerpen te plaatsen, uit te stallen of te verkopen tijdens de weekmarkt, jaarmarkten, braderieën, themamarkten of andere evenementen worden onder de naam 'marktgelden' rechten geheven. Haven- en liggelden Onder de naam 'havengelden' worden rechten geheven voor het gebruik van de haven, door vaartuigen niet zijnde woonschepen. Onder de naam 'liggelden' worden rechten geheven voor het innemen van een ligplaats door woonschepen.
Als uitgangspunt geldt dat de opbrengsten in 2023 met 10% (exclusief inflatiecorrectie) stijgen. Vermakelijkhedenretributie Met deze retributie wordt een bijdrage gevraagd aan organisaties die vermaak bieden voor de voorzieningen die de gemeente treft voor de bezoekers van de vermakelijkheid. De gemeente ontvangt namelijk voor toeristen geen bijdrage via de Algemene uitkering. Voor overnachtende toeristen is een toeristenbelasting ingevoerd. Forensenbelasting Forensenbelasting wordt geheven van degene die voor zichzelf of voor zijn gezin meer dan 90 dagen per jaar een gemeubileerde woning beschikbaar houdt zonder in de gemeente hoofdverblijf te hebben. Onder gemeubileerde woningen vallen ook zomerhuisjes, chalets en caravans. Als uitgangspunt geldt dat de opbrengsten in 2023 met 10% (exclusief inflatiecorrectie) stijgen.
Een aanduiding van de lokale lastendruk Het Coelo (Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden) heeft de cijfers van de gemeentelijke belastingdruk voor 2022 bekendgemaakt. Tot de gemeentelijke woonlasten worden gerekend de bedragen die huishoudens betalen aan OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing. De gemiddelde woonlasten voor een meerpersoonshuishouden in Nederland bedraagt € 904.
49
Onderstaande tabel laat zien wat de gemiddelde bruto woonlasten van de omringende gemeenten zijn. De gemeente met de hoogste gemiddelde lastendruk staat bovenaan. Woonlasten per huishouden
Rangorde
Gemeente
Bruto Woonlasten
Bruto Woonlasten
één persoonshuishouden
meer persoonshuishouden
2022
2021
2022
2021
1 Koggenland 2 Hoorn
€ 675 € 775
€ 608 € 623
€ 772 € 867
€ 692 € 702
3 Enkhuizen 4 Drechterland
€ 802 € 787
€ 707 € 716
€ 882 € 901
€ 832 € 801
5 Medemblik 6 Opmeer
€ 800 € 1.012
€ 702 € 874
€ 905 € 1.123
€ 810 € 977
7 Stede Broec
€ 865
€ 800
€ 994
€ 922
Bron: Atlas Coelo - atlas van de lokale lasten, bijlage 3 woonlasten per gemeente
Conclusie Uit deze cijfers blijkt dat de gemeente voor deze regio een gemiddeld lagere lastendruk kent en net onder het Nederlands gemiddelde zit.
Kwijtschelding Als een belastingplichtige niet of over te weinig financiële middelen beschikt om de belastingaanslag te voldoen, kan onder bepaalde voorwaarden aan deze belastingplichtige kwijtschelding worden verleend. Systematiek kwijtscheldingsberekening Voor beantwoording van de vraag of een belastingschuldige voor gehele of gedeeltelijke kwijtschelding in aanmerking komt, vindt een vermogens- en een inkomenstoets plaats. Met de vermogenstoets wordt bekeken of er op het moment van de aanvraag voldoende middelen (bezittingen) aanwezig zijn om de openstaande belastingschuld te betalen. Zijn deze middelen aanwezig, dan wordt geen kwijtschelding verleend. Ontbreken deze middelen of zijn deze onvoldoende, dan wordt met de inkomenstoets gekeken of er in de nabije toekomst alsnog betalingscapaciteit ontstaat waaruit de belastingschuld kan worden voldaan. Samenwerking De gemeente heeft voor de behandeling van kwijtscheldingsverzoeken een samenwerkingsverband gesloten met het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Indien iemand in aanmerking wil komen of denkt te komen voor kwijtschelding van gemeentelijke heffingen of waterschapsbelastingen, kan worden volstaan met het indienen van een kwijtscheldingsverzoek bij één van deze twee organisaties. De organisatie waar het verzoek wordt ingediend, zorgt ervoor dat het verzoek tevens bij de andere organisatie wordt behandeld.
50
Wat kan worden kwijtgescholden? De gecombineerde belastingaanslag (OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing) komt in aanmerking voor kwijtschelding. Hieraan verwante kosten, zoals aanmanings- en dwangbevelkosten, kunnen eveneens worden kwijtgescholden. Grafrechten komen ook in aanmerking voor kwijtschelding. Raming hoogte kwijtschelding In 2023 wordt rekening gehouden met € 204.000 aan kwijtschelding voor OZB, afvalstoffenheffing, rioolheffing en grafrechten.
51
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Het weerstandsvermogen is de mate waarin de gemeente in staat is om de gevolgen van risico’s op te vangen zonder dat het beleid of de uitvoering daarvan in gevaar komt. Het weerstandsvermogen is afhankelijk van de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit (hoeveel middelen zijn er nodig om alle risico’s op te kunnen vangen). Beide komen in deze paragraaf aan de orde.
Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit geeft aan hoeveel middelen beschikbaar zijn om eventuele risico’s op te kunnen vangen. De volgende onderdelen maken deel uit van de beschikbare weerstandscapaciteit: de onbenutte belastingcapaciteit onvoorzien vrij aanwendbare reserves stille reserves
Berekening weerstandscapaciteit Onbenutte belastingcapaciteit Onvoorzien
€ €
578 26
Totaal structureel
€
604
Vrij aanwendbare reserves Stille reserves
€ 5.211 € 0
Totaal incidenteel
€ 5.211 € 5.815
Totale weerstandscapaciteit
Onbenutte belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin bij het voordoen van een financiële tegenvaller deze in het volgende begrotingsjaar kan worden opgevangen of dat er ruimte is voor nieuw beleid. Wanneer het berekende gemiddelde OZB-tarief voor de gemeente lager is dan het percentage voor toelating tot artikel 12 is er in principe sprake van een onbenutte belastingcapaciteit. In de onderstaande tabel is bij benadering de onbenutte belastingcapaciteit aangegeven. Er is voor gekozen het verschil in percentage te vermenigvuldigen met de geschatte WOZ-waarde van woningen + de WOZ-waarde van nietwoningen.
52
OZB-percentage van de Woz-waarde voor toelating art.12 Werkelijk gewogen OZB-percentage van de Woz-waarde gemeente
0,1729% 0,1544%
Verschil Onbenutte belastingcapaciteit (in euro's)
0,0185% 578.000
Post onvoorzien Jaarlijks wordt een bedrag van € 26.000 voor onvoorziene uitgaven opgenomen. Vrij aanwendbare reserves Alleen de algemene reserves worden gekwalificeerd als vrij aanwendbaar en worden meegenomen in de berekening van de incidentele weerstandscapaciteit. Eerder werden ook de bestemmingsreserves waarvan de raad de bestemming vrijelijk kan wijzigen meegerekend. Volgens het nieuwe toezichtkader van de provincie is dat niet meer toegestaan omdat de raad aan deze reserves een bestemming heeft gegeven. Hierdoor zijn deze reserves in de ogen van de toezichthouder niet vrij besteedbaar. De stand van de algemene reserves per 31-12-2023 is € 5.211.000. Stille reserves Stille reserves hebben te maken met activa die te laag of tegen nul euro zijn gewaardeerd. De stille reserves maken alleen deel uit van de beschikbare weerstandscapaciteit als de betrokken activa op korte termijn (binnen 1 jaar) verkoopbaar zijn, verkoop van de stille reserves niet leidt tot een gat in de gemeentebegroting en verkoop de taakuitoefening van de gemeente niet aantast. De stille reserves waarderen wij praktisch gezien op € 0.
Risicomanagement Aanleiding en achtergrond De risico’s voor de gemeente Enkhuizen zijn in kaart gebracht. Door inzicht in de risico’s is de gemeente in staat om op verantwoorde wijze besluiten te nemen zodat de risico’s nu en de risico’s gerelateerd aan toekomstige ontwikkelingen in verhouding staan tot de vermogenspositie van de gemeente. Niet alle risico’s laten zich financieel vertalen. Er zijn diverse risico’s die geen directe financiële gevolgen hebben, bijvoorbeeld imagoschade. In deze paragraaf ligt de nadruk op de financiële risico’s omdat aan de hand daarvan het weerstandsvermogen wordt bepaald. Risico´s Volgens de toelichting op artikel 11 BBV zijn de risico’s die relevant zijn voor het weerstandsvermogen de risico’s die niet anderszins te ondervangen zijn. Reguliere risico’s, risico’s die zich regelmatig voordoen en die veelal vrij goed meetbaar zijn, maken geen deel uit van de risico’s in de paragraaf weerstandsvermogen. Hiervoor zijn immers verzekeringen afgesloten of voorzieningen voor gevormd. De risico’s worden tweemaal per jaar geïnventariseerd met alle verantwoordelijke afdelingshoofden, teamleiders en specialisten. In de gemeentelijke begroting van 2023 zijn 14 risico’s opgenomen. De bedrijfsvoeringsrisico’s zijn risico’s voor de SED organisatie. 53
Om een risico te kunnen analyseren en beoordelen bepalen we de kans op het risico (percentage waarschijnlijkheid) en de gevolgen van het risico (impact) voor de organisatie. De kansberekening wordt onderverdeeld in vijf niveaus. Deze kunnen als volgt worden uitgelegd: Klasse 1 2 3 4 5
Kans < of 1x per 10 jaar 1x per 5-10 jaar 1x per 2-5 jaar 1x per 1-2 jaar 1x per jaar of >
Percentage 10% 30% 50% 70% 90%
De klassen van impact zijn als volgt: Klasse impact 5 = > € 500.000 4 = > € 100.000 < € 500.000 3 = > € 50.000 < € 100.000 2 = > € 25.000 < € 50.000 1 = < € 25.000 0 = Geen geldgevolgen Door de kans en impact in klassen te verdelen wordt aan beide een score toebedeeld. Op basis van deze scores wordt een statistische berekening gemaakt van de benodigde weerstandscapaciteit. In de beleidsnota is bepaald dat alleen de risico’s met een score van 15 of hoger (score =kans*impact) worden gepresenteerd. Risico’s met een score lager dan 15 zijn onderaan in de tabel opgenomen onder ‘overige risico’s’. De onderstaande tabel bevat een overzicht van de risico’s die na toepassing van de beheersmaatregelen een financieel risico laten zien en waarvoor geen voorziening of reserve voor is opgenomen. Alleen risico’s met een score van 15 of hoger worden apart genoemd in de tabel om focus te houden op de risico’s die substantieel van aard zijn.
54
Onderwerp
Volledige beschrijving risico
Aansprakelijkheid openbare buitenruimte door incidenten in de buitenruimte (bijvoorbeeld loszittende tegels, loshangende takken, onjuiste bebording, slechte Aansprakelijkheid staat van onderhoud, etc.), waardoor een beroep wordt gedaan op het eigen risico. Daarnaast is er structureel sprake van ziekten en plagen in het openbaar groen welke niet begroot is.
Financieel risico, omdat de Onrechtmatigheid gemeenten financieel garant staan voor de GR SED.
Extra onderhoudskosten door het niet (tijdig) realiseren van de verkoop/ontwikkeling van diverse Uitblijven objecten. Bij het opstellen van de verkoop objecten meerjaren onderhoudsplannen is de verkoop van diverse objecten meegenomen als besparing. WMO
Overschrijding op de open einde regeling Wmo door een stijging van het aantal Wmo-meldingen.
Jeugdzorg
Overschrijding op de open einde regeling Jeugdzorg, rekening houdend met het in control komen van jeugdzorgaanbieders.
Gronden
IKC
Voor grondexploitaties worden project specifieke en algemene (conjuncturele) risico’s geïdentificeerd en gekwantificeerd. De afgelopen jaren zijn er voorbereidingskosten gemaakt voor het project IKC binnenstad. In maart 2021 heeft de gemeenteraad besloten geen aanvullend krediet ter beschikking te stellen voor verdere uitvoering van dit project. Het risico bestaat dat niet alle voorbereidingskosten aan een nieuwe variant kunnen worden toegerekend. Deze kosten moeten dan te zijner tijd in één keer ten laste van het resultaat worden gebracht.
Kans Imop pact optre den
Genomen beheersmaatregel(en)
Bedrag impact
Er zijn vastgestelde beheerplannen voor Wegen, Groen, Riolering, Kunstwerken, Water, Beschoeiing en de speelvoorzieningen.
€ 100.000
4
4
€
€ 150.000
4
4
€ 105.000
€ 100.000
4
4
€
€ 188.000
4
4
€ 131.600
€ 260.000
4
4
€ 182.000
€ 1.207.560
3
5
€ 603.780
€ 1.000.000
3
5
€ 500.000
Opnemen in de paragraaf verbonden partijen in de begroting en de jaarrekening van de gemeenten. Gedurende het jaar rapporteren door middel van kwartaalrapportages en bespreken in AB Er zijn diverse panden in ontwikkeling gezet via makelaars en gesprekken gestart met sommige zittende gebruikers/huurders om interesse tot aankoop te inventariseren. Goede monitoring op de budgetten en het aantal aanvragen. Goede monitoring op de budgetten en het aantal aanvragen.
Er wordt gewerkt aan nieuwe variant die de goedkeuring van de gemeenteraad kan krijgen
55
Bedrag × kans
70.000
70.000
Overige risico's SED risico doorbelasting
€ 370.500 € 540.666
Totaal benodigde weerstandscapaciteit
€ 2.573.546
De bedrijfsvoering risico’s, opgenomen onder de SED organisatie, zijn financieel door de verdeelsleutel (begroting 2023) bepaald en opgenomen onder het weerstandsvermogen van de gemeente Enkhuizen voor € 540.666. Voor de SED organisatie zijn deze risico’s (3) opgenomen : Datalekken en Cybercrime Bezettingsprobleem structurele formatie door krapte op de arbeidsmarkt Het onvoldoende beschikbaar hebben van juridische kennis op de afdelingen De beschikbare weerstandscapaciteit is € 5.815.000 en de benodigde weerstandscapaciteit is € 2.316.191 (= 90% * € 2.573.546). Het ratio weerstandsvermogen is 2,5. Om het weerstandsvermogen te beoordelen heeft het Nederlands Adviesbureau Risicomanagement (NAR) in samenwerking met de universiteit Twente een normtabel ontwikkeld. Ons weerstandsvermogen krijgt als waardering ‘uitstekend’.
Waardering A B C D E
Ratio >2,0 1,4 – 2,0 1,0 – 1,4 0,8 – 1,0 0,6 – 0,8
F
<0,6
Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
Kengetallen Om de financiële positie van de gemeente inzichtelijker te maken, schrijft het Rijk een verplichte basisset van vijf financiële kengetallen voor. Kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van de gemeente. De opgenomen kengetallen maken inzichtelijk over hoeveel financiële ruimte de gemeente beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken of opvangen. Ze geven inzicht in de financiële wend- en weerbaarheid. De kengetallen moeten daarbij in samenhang en in onderlinge verhouding beoordeeld worden. Onderstaande tabel geeft de berekende kengetallen van Enkhuizen weer.
56
Begroting jaar 2023
Verloop van de kengetallen Rekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
72%
104%
101%
98%
97%
102%
netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
62%
95%
91%
89%
87%
92%
solvabiliteitsratio
18%
11%
12%
12%
12%
12%
structurele exploitatieruimte
-3%
2%
2%
3%
5%
0%
grondexploitatie
1%
0%
2%
2%
2%
2%
belastingcapaciteit
107%
109%
103%
103%
103%
103%
Kengetallen: netto schuldquote
Het ministerie van BZK heeft onderstaande signaleringswaarden opgesteld. Hierbij is A goed, B gemiddeld en C vereist aandacht.
Specificering kengetal naar categorie 1. Netto schuldquote: a. zonder correctie doorgeleende gelden b. met correctie doorgeleende gelden 2. Solvabiliteitsratio 3. Grondexploitatie 4. Structurele exploitatieruimte 5. Belastingcapaciteit
Cat. C
Cat. B
Cat. A
> 130 % > 130 % < 20% > 35% <0% > 105 %
90 - 130 % 90 - 130 % 20 - 50 % 20 - 35 % 0 95 - 105 %
< 90% < 90% > 50% < 20% > 0% < 95 %
Netto schuldquote De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Het zegt het meest over de financiële vermogenspositie van de gemeente. De netto schuldquote geeft aan of een gemeente investeringsruimte heeft of juist op haar tellen moet passen. Het kengetal wordt berekend door het totaal van de geleende gelden weer te geven als percentage van de totale baten. Hoe lager het percentage des te gunstiger en minder risicovol. Toelichting percentages De netto schuldquote van een gemeente ligt meestal tussen de 0% en 90% (bron: ministerie van BZK). Bij een hogere netto schuldquote is de gemeenteschuld relatief hoog. Als de netto schuldquote boven de 130% uitkomt, bevindt de gemeente zich in de gevarenzone. De genoemde percentages zijn grove vuistregels. Enkhuizen heeft een netto schuldquote van 101%.
57
Netto schuldquote: gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, wordt dit kengetal zowel berekend inclusief als exclusief de doorgeleende gelden. Zo wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dit betekent voor de schuldenlast. Hoe lager dit percentage, hoe beter. Toelichting percentages De netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen bedraagt 91%. Ten opzichte van de netto schuldquote is de afwijking van 10% voor de komende vrijwel jaren constant. Dit komt omdat er nauwelijks leningen aan derden worden verstrekt. Enkhuizen valt onder de signaleringswaarde van categorie B. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen van een gemeente bestaat uit de reserves en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Hoe hoger dit percentage is, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van de gemeente. Dit cijfer geeft dus een soort toekomstvisie weer. Toelichting percentages Het gemiddelde voor alle gemeenten is circa 30% (bron: ministerie van BZK).
Volgens het ministerie van BZK wordt een solvabiliteitsratio tussen de 20% en 50% als gemiddeld beschouwd. Enkhuizen heeft in 2023 een solvabiliteitsratio van 12%. Dit percentage valt onder categorie C en verdient daarmee aandacht. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt een onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Wanneer het percentage negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. Toelichting percentages De structurele exploitatieruimte komt in 2023 hoger uit dan 0. Dit betekent dat de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten. Er is beperkt ruimte om structurele tegenvallers op te vangen.
Kengetal grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten en is een indicatie van het risico. Naarmate de inkomsten verder in de toekomst liggen, brengt dit meer rentekosten en risico’s met zich mee. Een grondexploitatie van 35% of hoger wordt als zeer risicovol beschouwd (bron: ministerie van BZK). Hoe lager het percentage des te geringer het risico. Toelichting percentages De boekwaarde van de voorraad uitgedrukt in een percentage van de totale begrotingsbaten zegt niets over de terugverdienmogelijkheden. Doordat er in 2023 nog niet veel grondexploitatie in de begroting is opgenomen komt dit percentage uit op 2% . 58
Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishoudens De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde. De ruimte die een gemeente heeft om haar belastingen te verhogen om bijvoorbeeld opgetreden risico’s op te vangen wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Onder de woonlasten vallen de OZB, de rioolheffing en de reinigingsheffing voor een woning met gemiddelde WOZ-waarde in die gemeente. Een belastingcapaciteit van 100% is gelijk aan het landelijk gemiddelde. Een lage belastingcapaciteit houdt in dat de gemeente nog ruimte heeft om structurele baten te genereren. Toelichting percentages De gemeentelijke tarieven zijn iets hoger dan de landelijke tarieven. Dit betekent dat de mogelijkheid om extra baten te genereren door de belastingen te verhogen, beperkter zijn dan gemiddeld. Samenhang kengetallen De gemeente Enkhuizen heeft volgens de opgestelde signaleringswaarden van het ministerie van BZK een gemiddelde schuldpositie. De structurele exploitatieruimte is beperkt en in de komende jaren blijft dit rond het zelfde niveau. Solvabiliteit De solvabiliteit is een punt van aandacht. De onttrekkingen aan de reserves in de afgelopen jaren hebben hun weerslag op de solvabiliteit.
De omvang van het eigen vermogen is in verhouding tot de omvang van de balans, de begroting en de lopende projecten relatief klein, maar wordt voor dit moment toereikend geacht. De verwachte omzetting van de reserve onderhoud kapitaalgoederen naar een voorziening onderhoud kapitaalgoederen zal het solvabiliteitspercentage verder in negatieve zin beïnvloeden.
59
Onderhoud kapitaalgoederen
Inleiding De gemeente is eigenaar van de openbare ruimte en heeft het ook in beheer. De openbare ruimte is voor iedereen toegankelijk en speelt een belangrijke rol in het publieke leven. In de openbare ruimte zijn voorzieningen aanwezig zoals verhardingen, groen en civiele kunstwerken. Deze voorzieningen worden kapitaalgoederen genoemd. De kapitaalgoederen hebben een grote invloed op de leefbaarheid en belevingskwaliteit van de openbare ruimte. Ze zijn van groot belang voor de verschillende gebruikers: inwoners, ondernemers en bezoekers. Het in stand houden van de kapitaalgoederen is één van de kerntaken van de gemeente. De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen bevat op grond van artikel 11 BBV tenminste: wegen riolering water groen gebouwen Van de kapitaalgoederen, bedoeld in het eerste lid, wordt aangegeven: a. het beleidskader b. de uit het beleidskader voortvloeiende financiële consequenties c. de vertaling van de financiële consequenties in de begroting De kapitaalgoederen dragen bij aan het realiseren van doelstellingen van diverse programma’s uit de begroting en zijn terug te vinden in de programma's Ruimte en Samenleving. Beleidsuitgangspunten Het groot onderhoud aan de kapitaalgoederen in de gemeente Enkhuizen vindt jaarlijks plaats op basis van nut en noodzaak. Veiligheid en functionaliteit zijn daarbij belangrijke aspecten.
Voor het onderhoud van rioleringen vormt het GRP (Gemeentelijk Rioleringsplan) de basis waarbij de onderhoudsmaatregelen meerjarig inzichtelijk zijn. In oktober 2009 heeft de raad besloten dat de kapitaalgoederen worden beheerd op minimaal verantwoord niveau. Op 5 april 2016 heeft de gemeenteraad het beheerplan Kapitaalgoederen 2016-2025 vastgesteld. Dit plan is de basis voor het onderhoud in de openbare ruimte op strategisch en tactisch niveau. Voor het beheer van de openbare ruimte heeft de gemeenteraad voor het beheer van de kapitaalgoederen (excl. riolering en gebouwen) beeldkwaliteit B en de norm veilig vastgesteld. Met uitzondering van het onderhoud van het openbaar groen in het Snouck van Loosenpark. Daar heeft de gemeenteraad beeldkwaliteit op A vastgesteld. In 2020 is een forse bezuiniging doorgevoerd in het beheer van het openbaar groen. Vele grasstroken worden niet meer intensief gemaaid en omvormingen van beplantingsvakken zal minder frequent worden uitgevoerd wat tot gevolg zal hebben dat de technische kwaliteit van de beplanting zal afnemen. 60
Naast het beheerplan kapitaalgoederen zijn de volgende kaders van toepassing. Kader
Type
Vastgesteld door en wanneer
Beleidsnota Speelruimte
Beleid
Gemeenteraad, 2 oktober 2012
GRP 2017-2021
Beleid
Gemeenteraad, 11 juli 2017
Bomenbeleidsplan
Beleid
Gemeenteraad, 5 november 2013
Beheerplan Biodiversiteit
Beleid
Gemeenteraad, 16 juni 2020
Als gevolg van de huidige crisis zijn de prijzen van bouwstoffen explosief gestegen. De kosten voor de fabricatie van bouwstoffen hebben een relatie met de olie en gasprijzen. Hiermee is de indexatie van de begroting niet voldoende toereikend om de indexatie conform de CBS voor de grond- weg- en waterbouw te dekken. Hierbij bestaat de kans dat werken niet kunnen worden uitgevoerd omdat de huidige middelen niet toereikend zijn of omdat materialen niet voorradig of leverbaar zijn.
Stand van zaken kapitaalgoederen Wegen Vanaf 2021 hebben op diverse locaties herstraat,- en asfalteringswerkzaamheden plaatsgevonden om achterstanden in het onderhoud weg te werken. Dit wordt in 2023 voortgezet. In 2021 heeft er tevens een wegeninspectie plaatsgevonden door een extern bureau om de kwaliteit van de verhardingen te bepalen voor de aankomende vijf jaar. De inspectie-resultaten zijn volgens de landelijke norm CROW- systematiek voor wegbeheer vastgelegd in een rapportage. Om in een periode van vijf jaar het percentage verharding dat niet aan het kwaliteitsniveau voldoet te verlagen van 24% naar 5% zoals in de rapportage vermeld, zal het onderhoud geïntensiveerd worden. Riolering Gemeentelijke rioleringsplan Er is sprake van achterstallig onderhoud met betrekking op de rioleringszorg. De achterstand in het onderhoud van de riolering wordt opgenomen in het GRP 2023-2024 dat wordt voorbereid. Watergangen en beschoeiingen Het areaal oeververdedigingen/beschoeiingen is op orde. De komende jaren wordt aandacht besteed aan het vervangen van objecten die de voorgaande jaren op basis van een zekere restlevensduur nog niet zijn vervangen.
61
Groen Het beheer is op orde en er zijn geen achterstanden in de kwaliteit van het groen. De komende jaren wordt meer aandacht besteed aan het verhogen van de biodiversiteit. Dit is met name zichtbaar door een gewijzigd maaibeleid in een aantal grotere groengebieden. Ook het effect van de bezuinigingen is zichtbaar door de omvormingen van gazons naar ruw gras in de woonwijken en op de bedrijventerreinen. Daarnaast zullen beplantingsvakken minder snel vervangen of omgevormd worden waardoor de soms zeer gewenste opwaardering achterwege blijft. De aanwezigheid van de eikenprocessierups stelt de gemeente voor nieuwe uitdagingen. Voor beheersing van de overlast zal gebruik worden gemaakt van de kennis en richtlijnen van het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD), het landelijke coördinatiecentrum voor de eikenprocessierups. Daar waar ernstige overlast wordt verwacht worden de rupsennesten actief verwijderd. Op andere locaties wordt meer ingezet op een natuurlijke beheersing door het vergroten van de biodiversiteit om daarmee meer natuurlijke vijanden te trekken die voor de bestrijding kunnen zorgen. De locaties van de Japanse Duizendknoop en de Reuzenberenklauw zijn bekend en worden actief bestreden. De bestrijdingsmethodieken zijn nog volop in ontwikkeling.
Regelmatig wordt gekeken welke bestrijdingsmethode het meest effectief is om daarmee de plant te bestrijden of de uitbreiding te beperken Spelen In het kader van de zorgplicht wordt gelijktijdig met het reguliere onderhoud de veiligheidsinspectie uitgevoerd. De basis voor het onderhoud is vastgesteld in de Beleidsnota Speelruimte en het beheerplan Kapitaalgoederen. Het onderhoud en de veiligheid op de speelvoorziening is op orde. Als gevolg van de bezuinigingen worden kleine vervangingen niet uitgevoerd waardoor een verarming van de speelwaarde kan optreden. Bruggen Het areaal bruggen (134 objecten, waarvan 4 beweegbaar) is op orde. De bruggen voldoen aan eisen van veilig en functioneel. Openbare verlichting Het areaal is redelijk op orde en bestaat momenteel uit 4700 verlichtingsobjecten waarvan ca. 14% lichtmasten en ca. 21% armaturen aan vervanging toe zijn. Verouderde verlichtingsobjecten of onderdelen zijn in beeld en worden jaarlijks projectmatig en wijkgericht vervangen. Deze vervangingsmethode zorgt voor een afname van de verouderde verlichtingsobjecten of onderdelen, maar zal het niet helemaal wegnemen, omdat er jaarlijks te vervangen objecten bij komen. Om het veilig werken aan de elektrische installaties te waarborgen en de openbare verlichting te laten functioneren, worden voedingskasten en kabels planmatig vervangen. De vervangingen worden in 2023 voortgezet.
Gebouwen Het gemeentelijk vastgoed voldoet aan de daaraan gestelde kwaliteitseisen: conditieniveau 3 (redelijk). 62
Het groot onderhoud gebouwen wordt uitgevoerd MeerJarenOnderhoudsPlan (MJOP) 2021-2030.
volgens
het
vastgestelde
Begraafplaatsen Het beheer van de gemeentelijke begraafplaats is op orde en er zijn geen achterstanden.
Financiële consequenties Voor de financiële dekking van de kosten voor groot onderhoud is een reserve onderhoud kapitaalgoederen en een voorziening MeerJarenOnderhoudsPlan vastgoed ingericht. Hiermee worden fluctuaties in het groot onderhoud aan de openbare ruimte en gebouwen opgevangen. Het MeerJarenOnderhoudsPlan voor gebouwen is in 2021 herzien en gewijzigd van een bestemmingsreserve in een voorziening (Raadsbesluit 9 maart 2021). Het Beheerplan kapitaalgoederen voor de openbare ruimte wordt op dit moment herzien. Bij de herziening worden de financiële consequenties inzichtelijk waarbij de reserve conform de BBV in 2022 wordt omgezet naar een voorziening. Onderstaande tabel laat zien welke middelen in 2023 gereserveerd zijn voor het klein- en groot onderhoud van de genoemde kapitaalgoederen.
Onderdeel
Omschrijving
Begroting 2023
Openbare verlichting Speelterreinen
Dagelijks onderhoud Dagelijks onderhoud
109 41
Begraafplaatsen Riolering
Dagelijks onderhoud Dagelijks onderhoud
85 334
Waterwegen Openbaar groen
Dagelijks onderhoud Dagelijks onderhoud
124 850
Wegen Bruggen
Dagelijks onderhoud Dagelijks onderhoud
953 12
Dagelijks onderhoud
335
Storting voorziening groot onderhoud
623
Aanwending voorziening groot onderhoud
712
Voorziening Gebouwen
Reserve Waterwegen
Aanwending reserve groot onderhoud
0
Openbaar groen Wegen
Aanwending reserve groot onderhoud Aanwending reserve groot onderhoud
64 701
Bruggen
Aanwending reserve groot onderhoud
70
Reserve onderhoud kapitaalgoederen Reserve onderhoud kapitaalgoederen
Storting reserve Totaal aanwending reserve
843 835
63
Financiering Inleiding In deze paragraaf komen de onderwerpen aan de orde die behoren tot het geldstromenbeheer van de gemeente. Het geeft ook inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden wordt toegerekend en de financieringsbehoefte. Het wettelijk kader ligt besloten in: de Gemeentewet, de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet fido) en de bijbehorende ministeriële regelingen en de Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet hof) In de Gemeentewet is opgenomen dat de provincies het financieel toezicht op gemeenten uitvoeren. De taken van de toezichthouder op dit terrein vloeien voort uit de Wet fido. Het beleidskader binnen de gemeente is: het Treasurystatuut 2017 en het Leningen- en borgstellingenbeleid.
Financieringsfunctie De financieringsfunctie ondersteunt de uitvoering van de programma’s. Deze functie omvat de financiering van het beleid en het uitzetten van geldmiddelen die niet direct nodig zijn. De Wet fido schrijft de decentrale overheden een aantal zaken voor op het gebied van financiering. In deze wet staan transparantie en risicobeheersing centraal. De belangrijkste verplichtingen die uit deze wet voortvloeien zijn: het opstellen van een financieringsstatuut, het opnemen van een financieringsparagraaf in de begroting en de jaarrekening, het voldoen aan de kasgeldlimiet en het voldoen aan de renterisiconorm.
Financieringsbeleid Het aantrekken van geldleningen gebeurt volgens de kaders van het Treasurystatuut 2017. De financieringsportefeuille bestaat uit: opgenomen langlopende leningen en in beheer gekregen waarborgsommen Het beleid van de gemeente is erop gericht om de financieringsbehoefte af te dekken met kortlopende schulden, omdat de rente op de kortlopende schulden in het algemeen lager is dan de rente op langlopende middelen. Hierbij is de gemeente gehouden aan de kasgeldlimiet. Die bepaalt dat de gemiddelde vlottende schuld over drie maanden niet boven de 8,5% van het begrotingstotaal mag uitkomen. Overtollige middelen worden belegd bij de schatkist. 64
Opgenomen langlopende leningen en waarborgsommen Het onderstaande overzicht is een raming van het verloop van de vaste financiering in 2023. Naar verwachting wordt voor een bedrag van € 8,8 miljoen aan langlopende financiering aangetrokken.
Stand langlopende leningen per 1 januari Stand Waarborgsommen per 1 januari Nieuwe leningen Reguliere aflossingen Verwachte stand 31 december
48.849 28 8.800 4.969 52.708 bedragen x € 1.000
Uitgezette leningen De gemeente verstrekt langlopende leningen aan lokale– en regionale instellingen en verenigingen. De basis voor verstrekking is het Leningen- en borgstellingenbeleid. Het onderstaande overzicht is een raming van het verloop van de langlopende uitgezette leningen in 2023.
Stand uitgezette leningen per 1 januari Vermeerderingen Reguliere aflossingen Extra of vervroegde aflossingen Verwachte stand 31 december
5.931 25 1 5.955 bedragen x € 1.000
Risicobeheer De belangrijkste financiële risico’s bij de uitvoering van de financieringsfunctie zijn koersrisico’s, renterisico’s en kredietrisico’s. Hieronder staat hoe deze risico’s worden beheerst: Koersrisico De gemeente neemt alleen deel in het aandelenvermogen van de N.V. Bank Nederlandse Gemeenten, Alliander, Afvalbeheer Westfriesland en HVC. Het risico op waardeverlies van deze aandelen is zeer beperkt. Renterisico Het renterisicobeheer is het beheersen van de risico’s die gepaard gaan met een in de toekomst hoger dan gewenst niveau van de rentelasten van het vreemd vermogen of lagere rentebaten. Ter beperking van het renterisico heeft de wetgever de kasgeldlimiet en de renterisiconorm ingesteld. 65
Renterisiconorm De norm voor het renterisico stelt een grens aan financiering op lange termijn (looptijd van één jaar of langer). Het doel is om overmatige renterisico’s op de vaste schuld te vermijden. Door een gelijkmatige opbouw van de leningportefeuille spreidt de gemeente het renterisico op vaste schuld. De norm wordt berekend door het begrotingstotaal te vermenigvuldigen met een door het Rijk vastgesteld percentage van 20%.
2023
Omschrijving
2024
2025
2026
Renterisco 1.
Renteherzieningen
-
-
-
-
2.
Te betalen aflossingen
4.969
5.777
6.184
6.492
3.
renterisico (1+2)
4.969
5.777
6.184
6.492
63.124
64.156
64.446
64.432
Renterisiconorm 4a. Omvang begroting 1 januari 4b. Vastgesteld percentage 4.
Renterisiconorm (4a x 4b)
20%
20%
20%
20%
12.625
12.831
12.889
12.886
Toets renterisconorm Renterisco op vaste schuld (3)
4.969
5.777
6.184
6.492
Renterisiconorm (4)
12.625
12.831
12.889
12.886
Ruimte (3-4)
-7.656
-7.054
-6.705
-6.394
(4 > 3) Ruimte onder renterisiconorm (3 > 4) Overschrijding renterisiconorm
bedragen X € 1.000
De bedragen aan langlopende leningen waar de gemeente de komende jaren een renterisico over loopt, blijven de komende periode binnen de norm.
Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft voor de gemeente de maximale toegestane omvang van de kortlopende schuld (looptijd korter dan 1 jaar) aan. Wettelijk moet worden overgegaan tot omzetting naar langlopende schulden zodra de limiet meer dan twee achtereenvolgende kwartalen wordt overschreden. Het doel van deze limiet is het renterisico op korte financiering te beperken. Fluctuaties in korte rente kunnen namelijk een relatief grote invloed hebben op rentelasten. De kasgeldlimiet wordt uitgedrukt in een percentage van het begrotingstotaal (8,5%) en bedraagt voor de gemeente voor 2023 € 5.366.000
66
Omschrijving 1.
2.
Toegestane kasgeldlimiet Omvang begroting (lasten) per 1 januari 2023
63.124
Percentage kasgeldlimiet
8,50%
Omvang kasgeldlimiet
5.366
Omvang vlottende schuld (gemiddeld 2023) Opgenomen gelden < 1 jaar
4.000
Schuld in rekening courant
250
Gestorte gelden door derden < 1 jaar
0
Overige geldleningen (geen vaste schuld)
0 4.250
3.
Vlottende middelen (gemiddeld 2023) Contante gelden in kas
1
Tegoeden in rekening courant
149
Overige uitstaande gelden < 1 jaar
0 150
4.
5.
Toets kasgeldlimiet Toegestane kasgeldlimiet
5.366
Totaal netto vlottende schuld (2-3)
4.100
Ruimte (4-5)
1.266
bedragen X € 1.000
Bij het financieringsbeleid wordt rekening gehouden met deze limiet. Kredietrisico Kredietrisico's bestaan uit het risico dat uitgeleend geld niet wordt terug ontvangen. De gemeente verstrekt in beginsel geen leningen uit hoofde van de publieke taak en anders worden zoveel mogelijk zekerheden opgenomen. Door invoering van het schatkistbankieren kunnen overtollige middelen alleen nog worden aangehouden in de schatkist van het Rijk. Op openstaande debiteuren wordt een actieve debiteurenbewaking toegepast. Schatkistbankieren Eind 2013 is de Wet fido gewijzigd vanwege de invoering van het verplicht schatkistbankieren voor decentrale overheden. Reden voor de invoering is het beheersen van de overheidsschuld en het verminderen van het financiële risico voor decentrale overheden. De gemeente moet de middelen die zij (tijdelijk) niet nodig hebben aanhouden bij het ministerie van Financiën.
67
Rentetoerekening Rentekosten moeten aan de taakvelden worden toegerekend met behulp van een (rente)omslag. Dit geeft inzicht in de kosten per taakveld en de toerekening gebeurt op een gelijke wijze. In onderstaand schema staat hoe de rentetoerekening plaatsvindt.
De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rentebaten (idem) Totaal door te rekenen externe rente
873 81
De rente die aan de grondexploitatie moet worden toegerekend
0
-/-
373
-/-
0
+/+
De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken, die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) Renteresultaat op het taakveld Treasury
-/792
-/-373
419 -/-419 0 bedragen x € 1.000
Toelichting op bovenstaande schema: De geraamde rentelasten voor korte en lange financiering zijn € 873.000. De verwachte rentebaten voor de uitgezette leningen zijn € 81.000. De gemeente rekent geen rente over het eigen vermogen en de voorzieningen. Het saldo van € 792.000 wordt toegerekend aan de taakvelden op basis van de boekwaarden van de investeringen per taakveld.
68
Bedrijfsvoering
In deze paragraaf geven we inzicht in de stand van zaken over en de beleidsvoornemens voor de bedrijfsvoering. Het gaat hierbij om de bedrijfsprocessen van de drie SED gemeenten die zijn ondergebracht bij de SED-organisatie, waarbij we ingaan op de sturing en beheersing van de verdere optimalisatie van de bedrijfsvoering. Eén van de vier speerpunten van de SED-organisatie is een gezonde bedrijfsvoering. Naast de reguliere werkzaamheden gaan we in 2023 verder met het doorontwikkelen en het op een hoger plan brengen van de bedrijfsvoering. Uiteraard gaat daarbij veel aandacht uit naar voldoende kwalitatieve en kwantitatieve personele bezetting, daarnaast zijn nog enkele andere belangrijke onderdelen: het verder verbeteren van de sturingsinformatie, het in kaart brengen van de financieringsstromen, de implementatie van de WOO, de digitale transformatie, informatie-beveiliging, procesoptimalisatie en robotisering.
Personeel en organisatie De krappe arbeidsmarkt houdt nog steeds aan en maakt het steeds belangrijker dat we ons kunnen profileren als aantrekkelijke werkgever. In 2022 is het programma arbeidscommunicatie gestart om verschillende interventies te ontwikkelen om de SED goed te positioneren en zo nieuwe mensen te verleiden de overstap naar de SED te maken. Met de resultaten hiervan en de positionering van de SED gaan we in 2023 uiteraard door. Daarnaast zorgen de krapte op de arbeidsmarkt en de toenemende inflatie voor een opwaartse druk op de salariskosten. Voor specifieke functiegroepen is steeds vaker eenvoudigweg geen vast personeel te vinden (denk aan riolering en verkeer) en is het nodig terug te vallen op inhuur, waardoor de salariskosten toenemen. Dit is niet alleen voor de SED een probleem, maar elke gemeente worstelt hiermee. Om goed te kunnen sturen op de salariskosten hebben wij in 2022 het Prognosemodel Salariskosten geïmplementeerd. Hierin worden de kosten van personeel en inhuur nauwkeurig gemonitord en geprognotiseerd. Door middel van kwartaalrapportages informeren wij het Dagelijks Bestuur van de SED. Uiteraard zetten wij dit in 2023 voort. Het project onderhoudsronde HR21 voeren wij uit in 2022/ 2023. De financiële gevolgen zijn nog niet bekend en daarom nog niet in de begroting verwerkt. Voor 2023 is nog geen nieuwe CAO afgesloten.
Juridisch De focus blijft het nastreven van een hoge juridische kwaliteit binnen de organisatie. We bieden ondersteuning voor een juiste, correctie en tijdige besluitvorming. Juridische risico’s worden geanalyseerd en zo nodig afgedekt. We coördineren de afhandeling van ingebrekestellingen en klachten, en handelen WOO-verzoeken, aansprakelijkstellingen en bezwaar- en beroepszaken af.
Communicatie We vertalen gemeentelijk beleid naar een heldere boodschap/uitleg voor inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners. Deze boodschap verspreiden we via allerlei laagdrempelige kanalen zoals: - sociale media - onze uitingen via de regionale pers 69
- gemeentenieuws in huis-aan-huis krant - gemeentelijke website - digitale nieuwsbrief - gemeentegids De gemeente betrekt inwoners op verschillende manieren bij besluitvorming, bijvoorbeeld met enquêtes, bewonersbijeenkomsten of interactieve beleidsvorming. In 2022 hebben we online participatie toegepast op diverse projecten. We zetten deze werkwijze in 2023 voort. Op het gebied van social media ligt in 2023 de focus op webcare. Het doel hiervan is om de dienstverlening via alle kanalen te verbeteren. Dit om te voorkomen dat inwoners online vragen stellen en daar vervolgens geen antwoord op krijgen.