CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 bestemmingsplan .Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie).

Commissie Wonen en Ruimte 12 september 2022, gemeente EmmenBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) (218349-2022)25.672 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

4.5

Waterparagraaf

Belangrijk instrument om waterbelangen in ruimtelijke plannen te waarborgen is de watertoets, die sinds 1 november 2003 wettelijk is verankerd. Initiatiefnemers zijn verplicht in ruimtelijke plannen een beschrijving op te nemen van de gevolgen van het plan voor de waterhuishouding. Het doel van de wettelijk verplichte watertoets is te garanderen dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op een evenwichtige wijze in het plan worden afgewogen. Deze waterhuishoudkundige doelstellingen betreffen zowel de waterkwantiteit (veiligheid, wateroverlast, tegengaan verdroging) als de waterkwaliteit (riolering, omgang met hemelwater, lozingen op oppervlaktewater). 4.5.1

Wateradvies waterschap

Het waterschap Vechtstromen is op de hoogte gesteld van het bestemmingsplan “Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie)” middels een mailing naar aanleiding van de digitaal ingevulde watertoets (www.dewatertoets.nl) die op 17 november 2021 is gedaan. Op basis van de uitgevoerde toets is sprake van de korte procedure en geldt de standaard waterparagraaf voor dit plan vanwege de geringe impact van het plan op de waterhuishouding. De standaard waterparagraaf is als Bijlage 4 bij dit bestemmingsplan gevoegd. In deze waterparagraaf wordt beschreven hoe het huidige waterhuishoudkundig systeem voor het plangebied van het bestemmingsplan “Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie)” is ingericht, welke fysieke omstandigheden voor het gebied gelden en of speciale functies voor het plangebied gelden. Naast een beschrijving van de waterhuishoudkundige consequenties van het plan en de stedelijke wateropgave heeft het het wateradvies van het waterschap een duidelijke plaats gekregen. 4.5.2

Waterbeleid

De Europese Kaderrichtlijn Water is richtinggevend voor de bescherming van de oppervlaktewaterkwaliteit in de landen in de Europese Unie. Aan alle oppervlaktewateren in een stroomgebied worden kwaliteitsdoelen gesteld die in 2015 moeten worden bereikt. Ruimtelijk relevant rijksbeleid is verwoord in de Nota Ruimte en het Nationaal Waterplan (inclusief de stroomgebiedbeheerplannen). Op provinciaal niveau zijn de Omgevingsvisie en de bijbehorende Omgevingsverordening richtinggevend voor ruimtelijke plannen. Het Waterschap Vechtstromen heeft de beleidskaders van rijk en provincie nader uitgewerkt in het Waterbeheerplan 2016-2021. De belangrijkste ruimtelijk relevante thema's zijn waterveiligheid, klimaatbestendigheid omgeving en ruimte voor waterberging. Daarnaast is de Keur van Waterschap Vechtstromen een belangrijk regelstellend instrument waarmee in ruimtelijke plannen rekening moet worden gehouden. Op gemeentelijk niveau zijn het in overleg met Waterschap Vechtstromen opgestelde gemeentelijk Waterplan en het gemeentelijk Rioleringsplan van belang bij het afwegen van waterbelangen in ruimtelijke plannen. 4.5.2.1 Watersysteem In het waterbeheer van de 21e eeuw worden duurzame, veerkrachtige watersystemen nagestreefd.

Dit betekent concreet dat droge perioden worden doorstaan zonder droogteschade, vissterfte en stank, en dat in natte perioden geen overlast optreedt door hoge grondwaterstanden of inundaties vanuit oppervlaktewateren. Problemen worden niet afgewenteld op andere gebieden of latere generaties. Het principe "eerst vasthouden, dan bergen, dan pas afvoeren" is hierbij leidend. Rijk, provincies en gemeenten hebben in het Nationaal Bestuursakkoord Water doelen vastgelegd voor het op orde brengen van het watersysteem.

26

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) (vastgesteld)

4.5.2.2 Afvalwaterketen Het zoveel mogelijk scheiden van vuil en schoon water is belangrijk voor het bereiken van een goede waterkwaliteit. Door te voorkomen dat grote hoeveelheden relatief schoon hemelwater door rioolstelsels worden afgevoerd, neemt het aantal overstorten van verontreinigd rioolwater op oppervlaktewater af en neemt de doelmatigheid van de rioolwaterzuivering toe. Hierdoor verbetert zowel de kwaliteit van oppervlaktewateren waarop overstorten plaatsvinden als de kwaliteit van het effluent ontvangende oppervlaktewater. Indien het schone hemelwater door middel van infiltratie in het gebied wordt vastgehouden alvorens het wordt afgevoerd naar oppervlaktewater, draagt dit bovendien bij aan de duurzaamheid van het watersysteem. Vandaar dat het principe "eerst schoonhouden, dan scheiden, dan pas zuiveren" een belangrijk uitgangspunt is bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Als het hemelwater niet wordt aangekoppeld of wordt afgekoppeld van het bestaande rioolstelsel is oppervlakkige afvoer en infiltreren in de bodem uitgangspunt. Als infiltratie in de bodem niet mogelijk is, is lozing op het oppervlaktewater via een bodempassage gewenst. 4.5.3

Wateraspecten plangebied

Waterhuishouding Het plan loopt geen verhoogd risico op wateroverlast als gevolg van overstromingen. Het plan heeft geen schadelijke gevolgen voor de waterkwaliteit en ecologie. In het verleden is er in of rondom het plangebied geen wateroverlast of grondwateroverlast geconstateerd. De toename van het verharde oppervlak is circa 1500m2 (circa 600m2 aan woningen en dan nog verharding t.g.v. bijgebouwen, terrassen, opritten). Het plangebied bevindt zich niet binnen een beschermingszone of herinrichtingszone langs een waterloop, primair watergebied, invloedszone zuiveringstechnisch werk of een retentiecompensatiegebied. Voorkeursbeleid hemelwaterafvoer In het plan wordt het hemelwater behandeld via een gescheiden stelsel: het hemelwater wordt in pricipe geinfiltreerd. Het Waterschap geeft aan dat er een gescheiden rioolstelsel aanwezig is waarop aangesloten kan worden. Aanleghoogte van de bebouwing Voor de aanleghoogte van de gebouwen (onderkant vloer begane grond) wordt een ontwateringsdiepte geadviseerd van minimaal 80 centimeter ten opzichte van de gemiddelde hoogste grondwaterstand(GHG). Bij een afwijkende maatvoering is de kans op structurele grondwateroverlast groot. Bij het bouwen zonder kruipruimte kan worden volstaan met een geringere ontwateringsdiepte. Kelders dienen waterdicht te zijn.

Om wateroverlast en schade in woningen en bedrijven te voorkomen wordt geadviseerd om een drempelhoogte van 30 centimeter boven het straatpeil te hanteren. Ook voor lager, beneden het maaiveld, gelegen ruimtes (kelders, parkeergarages) moet aandacht worden besteed aan het voorkomen van wateroverlast. In het plan wordt er naar gestreefd het voorkeursbeleid van het waterschap op te volgen. Watertoetsproces De beantwoording van de vragen de digitale watertoets heeft er toe geleid dat de korte procedure van de watertoets is toegepast. De bestemming en de grootte van het plan hebben een geringe invloed op de waterhuishouding. Het Waterschap heeft geadviseert om in dit plan te anticiperen op klimaatverandering met vaker perioden van extremere neerslag en extremere droogte. Dit kan door de bestrating rond de woning zoveel mogelijk af te laten wateren op de tuin en de daken op het hemelwaterriool. De procedure in het kader van de watertoets is goed doorlopen. Het waterschap Vechtstromen geeft een positief wateradvies.

27

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) (vastgesteld)

Hoofdstuk 5 5.1

Toelichting op de planregels en verbeelding

Algemeen

Het bestemmingsplan bestaat uit de plantoelichting, regels en verbeelding. De regels en de verbeelding vormen het juridisch bindende gedeelte van een bestemmingsplan. De verbeelding en de regels moeten altijd in samenhang worden gebruikt. De plantoelichting is bedoeld om de verbeelding en de regels te verduidelijken en om gemaakte keuzes te verantwoorden aan de hand van ruimtelijk beleid. Het bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) dient rechtszeker, eenvoudig te begrijpen, goed toepasbaar en handhaafbaar te zijn voor de gebruiker. Met de indeling van het bestemmingsplan zoals de naamgeving van de bestemmingen, opbouw van de regels en de weergave van op de verbeelding wordt aangesloten op de "Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012" van het ministerie van VROM. 5.2

Toelichting op de verbeelding

Voor de verbeelding wordt als ondergrond de basiskaart BGT gehanteerd. De ondergrond zal nooit een volledige weergave van de werkelijkheid zijn. De op de verbeelding aangegeven bebouwing moet dan ook als illustratief worden beschouwd. Alle gronden die binnen het plangebied vallen hebben een bestemming en/of aanduiding gekregen op de verbeelding. Deze bestemmingen en aanduidingen hebben slechts juridische betekenis indien in de regels hieraan een betekenis wordt gegeven. De begrenzingen van de bestemmingen volgen zoveel mogelijk geografische, topografische en/of kadastrale grenzen. Daar waar dat niet mogelijk bleek, is gekozen voor een meer praktische benadering. De schaal van de verbeelding kan met behulp van de computer/laptop door de gebruiker naar keuze worden ingesteld. 5.3

Toelichting op de regels

De regels zijn een juridische vertaling van het planologische -en ruimtelijk beleid van de gemeente, provincie en het rijk. De regels zijn een juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden en bebouwing, bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing en regelingen betreffende het gebruik van aanwezige en/of op te richten bebouwing. Bij het opstellen van de regels is geprobeerd om de regels zo beperkt mogelijk te houden door alleen te regelen wat nodig is. Gebruiksregels Per bestemming is aangegeven voor welk gebruik de gronden zijn bedoeld. Indien daar aanleiding voor aanleiding voor bestaat, wordt via de specifieke gebruiksregels expliciet aangegeven waarvoor de gronden niet zijn bedoeld en of waarvoor en op welke wijze de gronden wel gebruikt kunnen worden. Bouwregels In een groot aantal bestemmingen zijn bouwregels opgenomen. Met deze bouwregels worden de bouwmogelijkheden gereguleerd. Uitgangspunt bij het bouwen van hoofdgebouwen is dat hoofdgebouwen altijd binnen een bouwvlak worden gebouwd en voorgevels van deze hoofdgebouwen in de gevellijn. Dit betekend dat indien er vervangende bebouwing wordt geprojecteerd, deze in de gevellijn moet worden teruggebouwd. Verder worden in de bouwregels onder anderen regels ten aanzien maximale bebouwing, bouwhoogtes en dakhelling opgenomen. Flexibiliteit Soms is het gewenst om af te wijken van de gestelde regels.

Hiervoor zijn in het bestemmingsplan flexibiliteitbepalingen opgenomen om op specifieke situaties in te kunnen 28

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) (vastgesteld)

spelen. De uitvoering van de flexibiliteitregelingen ligt bij het college van burgemeester en wethouders. Het toepassen van deze regelingen is geen automatisme. Voordat wordt besloten dat van de geldende regels in het bestemmingsplan kan worden afgeweken zal eerst bekeken worden wat de consequenties zijn van de afwijking op de leefomgeving. In het bestemmingsplan diverse flexibiliteitregelingen opgenomen, deze zijn: Afwijken van de bouwregels; Afwijken van de gebruiksregels; Nadere eisen; Algemene afwijkingsregels; De afwijkingen van de bouw- of gebruiksregels maken afwijkingen van geringe aard mogelijk, waarbij de aan de grond toegekende bestemming gehandhaafd dient te blijven. Door het inwerkingtreden van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) worden verschillende vergunningen en besluiten, zoals de milieuvergunning, de omgevingsvergunning, afwijkingen van het bestemmingsplan en de kapvergunning gebundeld in een integrale omgevingsvergunning. Toestemming van burgemeester en wethouders voor een afwijking van de bouw- of gebruiksregels kan zodoende worden verkregen door het aanvragen van een omgevingsvergunning Met de nadere eisen kunnen ondergeschikte zaken aan gebouwen worden aangepast. Het gaat hierbij om zaken zoals het aanpassen van de vorm of de situering van een bouwwerk of de inrichting van een terrein.

Met 'nadere eisen' kunnen geen ingrijpende veranderingen plaatsvinden in de bestemmingen. Bij toepassing van een afwijking en/of nadere eisen wordt het beoordelingskader gehanteerd zoals in de onderstaande tabel is weergegeven. Deze lijst geeft de afwegingscriteria aan die meegewogen moeten worden bij de afweging of een omgevingsvergunning wordt verleend en/ of het toepassen van de nadere eisen. Op deze wijze kunnen interpretatieproblemen worden vermeden en wordt aan gebruikers van de in het plangebied gelegen gronden zoveel mogelijk rechtszekerheid geboden. Het bestemmingsplan biedt mogelijkheden voor het afwijken van de nadere eisen, de uitvoering van deze flexibiliteitsbepalingen zal plaatsvinden via de omgevingsvergunning. Bij toepassing van een ontheffing en/ of nadere eis mag geen onevenredige afbreuk worden gedaan aan de volgende criteria: Bij toepassing van een ontheffing en/ of nadere eis mag geen onevenredige afbreuk worden gedaan aan de volgende criteria: 1. Woonsituatie: Ten aanzien van de woonsituatie dient rekening gehouden te worden met het in stand houden en/ of garanderen van een goede woonsituatie, hierbij dient gelet te worden op: i. de verkeersaantrekkende werking en de parkeerbehoefte; ii. overlast door lawaai, stank en/of trillingen; iii. de lichttoetreding/bezonning ten opzichte van (bebouwing op) aangrenzende gronden; iv. het uitzicht; v.

de aanwezigheid van voldoende privacy. 2. Straat- en bebouwingsbeeld:

29

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) (vastgesteld)

In het belang van een verantwoorde, evenwichtige en samenhangende stedenbouwkundige en architectonische inpassing dient aandacht gegeven te worden aan: i. een goede verhouding tussen bouwmassa's en open ruimte, (landschappelijke inpassing); ii. de verhouding tussen de hoogte breedte van gebouwen; iii. gevelbeelden; iv. de samenhang van de bouwvorm met nabij gelegen bebouwing; v. de hoogtedifferentiatie; vi. de situering van gebouwen op het perceel; vii. de geleding van de gebouwen indien de oppervlakte meer dan 1000 meter² bedraagt. 3. Culthuurhistorie i. cultuurhistorische waarden en archeologische waarden; 4. Verkeersveiligheid Ter waarborging van verkeersveiligheid dient rekening gehouden te worden met: i. verkeersaantrekkende werking, toename van de verkeersintensiteit en de parkeerbehoefte; ii. overlast door lawaai, stank en/of trillingen; iii. benodigde uitzichthoeken van wegen; iv. de aansluiting van in- en uitritten op de openbare weg; v. de gevolgen voor het zicht op de openbare weg en of fiets- en voetpaden; vi. de aanwezigheid van voldoende laad- en losruimte. 5. Sociale veiligheid Ter waarborging en ter voorkoming van een ruimtelijke situatie die onoverzichtelijk, onherkenbaar en niet-sociaal controleerbaar is dient rekening gehouden te worden: i.

de mogelijkheden voor de verbetering van toezicht op en de overzichtelijkheid en toegankelijkheid van een sociaal onveilige plek; ii. de mate waarin de toezicht op en de overzichtelijkheid en toegankelijkheid van een openbare ruimte wordt ingeperkt. 6. Brandveiligheid, externe veiligheid en rampenbestrijding Ten aanzien van de brandveiligheid, externe veiligheid en rampenbestrijding dient rekening gehouden te worden met de volgende aspecten: i. aanwezigheid van kwetsbare objecten; ii. de aanwezigheid en routering van vluchtwegen; iii. de bereikbaarheid van de bouwwerken; de beschikbaarheid en bereikbaarheid van adequate blusmiddelen. 7. Milieusituatie: Ter waarborging en ter voorkoming van een milieukundig ongewenste situatie als gevolg van een ruimtelijke ingreep dient rekening gehouden te worden met: i. de mate van hinder voor de omliggende functies; ii. de gevolgen voor de externe veiligheid; iii. de gevolgen van de aanwezigheid van gevoelige functies voor de hinderlijke functies; iv. de gevolgen voor flora en fauna in relatie met de omgeving; v. de gevolgen voor de bodemkwaliteit; vi. de gevolgen voor de (grond)waterkwaliteit; vii. de situering van gebouwen ten opzichte van het water. 8. Gebruiksmogelijkheden in andere bestemmingen

30

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) (vastgesteld)

Ter voorkoming van een onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en de zich daarop bevindende bouwwerken is het niet toegestaan op enig terrein zodanig te bouwen, dat daardoor op een aangrenzend terrein, waarvan de toestand op dat moment overeenkomt met het plan, een situatie zou ontstaan die niet meer overeenkomt met het plan of waardoor een reeds bestaande afwijking van het plan zou worden vergroot. De bevoegdheid ex. Artikel 3.6 Wro om het bestemmingsplan te wijzigen ligt eveneens bij burgemeester en wethouders. De wijzigingsbevoegdheid maakt een wijziging van een bestemming in een andere bestemming mogelijk. Voor de wijzigingsbevoegdheid geldt dat deze niet kan worden uitgevoerd, voordat onderzoek is uitgevoerd. Dit biedt de mogelijkheid om nader onderzoek zoveel mogelijk op de concrete situatie af te stemmen. De planregels van dit bestemmingsplan zijn opgedeeld in vier hoofdstukken: Hoofdstuk 1. Inleidende regels; Hoofdstuk 2. Bestemmingsregels; Hoofdstuk 3. Algemene regels; Hoofdstuk 4. Overgangs - en slotregels. De inhoud van de verschillende hoofdstukken wordt als volgt toegelicht: 5.3.1

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

In hoofdstuk 1 worden diverse begrippen welke in de planregels worden gehanteerd nader verklaard. Dit om mogelijke interpretatieproblemen te voorkomen. Daarnaast wordt aangegeven op welke wijze bepaalde afmetingen dienen te worden gemeten. Artikel 1 : Begrippen De begripsbepalingen in artikel 1 zijn noodzakelijk bij de interpretatie van de regels. In dit artikel worden de begrippen gedefinieerd, die in de regels worden gehanteerd. De begrippen die hierin zijn opgenomen zijn terug te vinden in de bestemmingsbepalingen. Bij de toetsing aan het bestemmingsplan wordt uitgegaan van de in dit artikel aan de betreffende begrippen toegekende betekenis. Voor zover geen begrippen zijn gedefinieerd wordt aangesloten bij het normaal spraakgebruik. Met uitzondering van de eerste twee begrippen (plan en bestemmingsplan) zijn de begrippen alfabetisch gerangschikt. De begrippen zijn zoveel mogelijk gebaseerd op vaste jurisprudentie. In de loop der tijd hebben de meeste begrippen zich ontwikkeld tot een standaard, waarvan ook in dit bestemmingsplan gebruik is gemaakt. Artikel 2 : Wijze van meten De bepalingen over de wijze van meten zijn in artikel 2 opgenomen. Dit artikel geeft aan hoe de hoogte- en andere maten die bij het bouwen in acht genomen dienen te worden, gemeten moeten worden. 5.3.2

Hoofdstuk 2 bestemmingsregels

In hoofdstuk 2 van de regels worden de op de verbeelding aangegeven bestemmingen omschreven en wordt toegelicht op welke wijze de gronden en opstallen gebruikt mogen worden. 5.3.2.1 Wonen artikel 3 Wonen - Vrijstaand Binnen de bestemming Wonen-Vrijstaand wordt de mogelijkheid geboden voor de bouw van

31

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) (vastgesteld)

maximaal vijf vrijstaande woningen en de realisatie van daarbij behorende voorzieningen. Het hoofdgebouw dient in het bouwvlak gerealiseerd te worden. Het bouwvlak van het hoofdgebouw is per woning op basis van stedenbouwkundige uitgangspunten bepaald. Als uitgangspunt voor de totale bebouwing op het bouwperceel geldt dat het perceel niet meer dan 50% bebouwd mag worden. Bijbehorende bouwwerken dienen ondergeschikt aan het hoofdgebouw te zijn en mogen in het bouwvlak maar ook op het zij- en achtererf gebouwd worden. Voor het te bouwen aantal m² aan bijbehorende bouwwerken geldt een maximum dat is aangegeven binnen de regels. Wonen in bijbehorende bouwwerken is niet toegestaan. Naast bijbehorende bouwwerken kunnen tevens andere bouwwerken zoals bijvoorbeeld een dierenverblijf of een overkapping worden gerealiseerd. Voor deze andere bouwwerken geldt dat overkappingen niet voor de voorgevel mogen worden opgericht. In de woonbestemmingen zijn afwijkingen van de bouwregels opgenomen om het bestemmingsplan flexibeler te maken. Naast algemene afwijkingen (o.a. vergroten van de bouwmogelijkheden voor goot- en nokhoogte, bouwen van bijbehorende bouwwerken in de voorgevel van het hoofdgebouw, bouwen van het hoofdgebouw maximaal 5 meter achter de gevellijn en het bouwen met een minder steile dakhelling) zijn er ook specifieke afwijkingsmogelijkheden opgenomen. 5.3.3

Dubbelbestemmingen

Dubbelbestemmingen worden opgenomen als meerdere functies onafhankelijk van elkaar op dezelfde plaats voorkomen. In feite betreft het hier twee (of meer) afzonderlijke bestemmingen voor één (deel van een) gebied. Daar waar een dubbelbestemming is gelegen, geldt zowel de bepaling van de betreffende (hoofd)bestemming als de bepaling zoals gesteld in de dubbelbestemming. Aan een dubbelbestemming bestaat behoefte, wanneer een bestemming onvoldoende recht doet aan de functies/gebruiksdoelen die op de betrokken gronden toelaatbaar (moeten) zijn of wanneer ruimtelijk relevante belangen veilig moeten worden gesteld die niet of onvoldoende met een bestemming kunnen worden gewaarborgd. Dubbelbestemmingen hebben voorrang op de hoofdbestemmingen. Dit betekent dat bepalingen van bestemmingen alleen van toepassing zijn als deze niet strijdig zijn met bepalingen die horen bij dubbelbestemmingen. Door deze dubbelbestemmingen worden Afwegingen opgelegd aan onderliggende (hoofd) bestemmingen. In de bestemmingsomschrijving van de dubbelbestemming worden niet alle doeleinden opnieuw genoemd maar alleen die waarvoor de dubbelbestemming is opgenomen.

Het plangebied Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) kent één dubbelbestemmingen te weten: artikel 4 Waarde - Archeologie 4 Om de archeologische waarden in het plangebied te beschermen is de dubbelbestemming Waarde-Archeologie 4 op de verbeelding opgenomen. Voor gronden binnen categorie 4 geldt dat archeologisch onderzoek nodig is om vast te stellen of er waarden aanwezig zijn en of deze behoudenswaardig zijn. Om de archeologische waarden te beschermen is in de regels een omgevingsvergunningenstelsel opgenomen. Daardoor wordt de uitvoering van bepaalde activiteiten aan bepaalde voorwaarden gebonden. Het stelsel biedt het college de mogelijkheid om de toelaatbaarheid van bepaalde activiteiten en gebruiksvormen per geval na te gaan en eventueel aan de uitvoering bepaalde eisen te stellen. Het moet daarbij gaan om activiteiten die op basis van de doeleindenomschrijving van het betreffende artikel mogelijk zijn, maar waarvoor een nadere afweging omtrent de toelaatbaarheid is gewenst. Voor terreinen binnen Waarde Archeologie 4 is algemeen aanvaard dat een minimumoppervlak voor bodemverstoringen geldt van 1000 m2 en een bouwvoordiepte van 30 cm (30 cm +10 cm principe).

32

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) (vastgesteld)

5.3.4

Hoofdstuk 3 Algemene regels

Hoofdstuk 3 van de regels bevat bepalingen die van toepassing zijn op meerdere bestemmingen, zodat het uit praktische overwegingen de voorkeur verdient deze in afzonderlijke artikelen onder te brengen. artikel 5 Met dit artikel wordt voorkomen dat meer wordt gebouwd dan het bestemmingsplan beoogt. Dit is bijvoorbeeld mogelijk als (onderdelen van) bouwpercelen van eigenaars in maatvoering verschillen en wisselen. Door verwerving van een extra (bouw)perceel of een gedeelte daarvan, kunnen de gronden niet meegenomen worden met de berekening van de bouwmogelijkheden van het nieuwe perceel als de nieuw verworven gronden reeds meegenomen zijn bij de berekening van een eerdere bouwplannen. Het is dus niet toegestaan gronden twee keer in te zetten om een omgevingsvergunning te verkrijgen. artikel 6 In artikel 6 zijn regels opgenomen voor het bouwen van ondergeschikte bouwonderdelen. De genoemde onderdelen mogen de in de regels bepaalde maximale bouwhoogte overschrijden met de in artikel genoemde maten. Hiervoor is bewust gekozen omdat dit duidelijkheid en enige vrijheid aan ontwerpers biedt. Tevens wordt in dit artikel, artikel 9 lid 2 van de Woningwet buiten toepassing verklaard met uitzondering van een zestal onderwerpen dit o.a in verband met de bereikbaarheid, beheer en gebruik van het openbaar gebied.

artikel 7 Algemene gebruiksregels In dit artikel wordt aangegeven welke vormen van gebruik in ieder geval in strijd met dit bestemmingsplan zijn. artikel 8 Algemene afwijkingsregels Afwijkingsregels zijn regels waardoor aan de bestemmingsbepalingen de nodige extra flexibiliteit wordt meegegeven. Toestemming voor afwijking gebeurt door het verlenen van een omgevingsvergunning. Het college van burgemeester en wethouders kan bijvoorbeeld een omgevingsvergunning verlenen voor de in het plan aangegeven maten tot ten hoogste 10%. De omgevingsvergunningen mogen alleen gebruikt worden indien niet op grond van een andere bepaling in deze regels omgevingsvergunning kan worden verleend. Dit betekent dat niet 2 keer omgevingsvergunning kan worden verleend van eenzelfde bepalingen of dat bepalingen die extra bouwmogelijkheden geven niet cumulatief gebruikt mogen worden. 5.3.5

Hoofdstuk 4 overgangs- en slotregels

Het laatste hoofdstuk "Overgangs en slotregels" bevat in artikel 9 het overgangsrecht , zoals beschreven in het besluit Ruimtelijke Ordening. Artikel 10 is de slotregel. In dit artikel wordt aangegeven op welke wijze de regels van het bestemmingsplan kunnen worden aangehaald. In dit geval kunnen de regels van het bestemmingsplan aangehaald worden als regels van het bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) ".

33

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) (vastgesteld)

Hoofdstuk 6 6.1

Maatschappelijke betrokkenheid

Overleg ex. artikel 3.1.1 Bro en zienswijzen

Het plan zal de in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) opgenomen procedure doorlopen. 6.1.1

Overleg

het bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) is in het kader van artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) verzonden naar verschillende overlegpartners. De provincie heeft in haar reactie aangegeven dat er inzichtelijk gemaakt moet worden hoeveel vierkante meter er aan bodemverstoringen plaats vinden (naast de bebouwing van de woningen zelf). Dit is inzichtelijk gemaakt en de conclusie is dat er nog steeds geen archeologisch onderzoek nodig is. Daarmee zijn er geen bezwaren vanuit de overlegpartners. Het ontwerpbestemmingsplan heeft op grond van de algemene voorbereidingsprocedure (artikel 3.4. Algemene wet bestuursrecht) 6 weken ter inzage gelegen, zodat belanghebbenden in de gelegenheid zijn gesteld een zienswijze in te dienen. Er zijn tijdens dit termijn geen zienswijzen ingediend. 6.1.2

Participatie

Op 26 oktober 2021 is er (in Café de Spot in Erica) een bewonersavond gehouden. De Algehele sfeer was positief en veel bewoners zien de invulling van het veld als positieve ontwikkeling. Naar aanleiding van de bewonersavond zijn een aantal stappen ondernomen naar aanleiding van opmerkingen van bewoners. één bewoner gaf aan dat er een grote rij bomen tegen de rand van het perceel staan en is bezorgt dat nieuwe bewoners deze bomen als ongewenst ervaren. De projectontwikkelaar neemt hierop actie door potentiële kopers te informeren over de bomen en aan te geven dat deze niet gekapt zullen worden. Een andere bewoner gaf aan dat de plannen online moeilijk te lezen zijn. Er is daarom naast een online bestemmingsplan ook een plan op papier bij de balie van het gemeentehuis neergelegd. Verder worden de woningen als een toevoeging gezien, doordat het momeneel een ongebruikt en omheind stuk grasveld is.

34

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) (vastgesteld)

Hoofdstuk 7

Economische uitvoerbaarheid

Per 1 juli 2008 is de Wet ruimtelijke ordening in werking getreden. Afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening verplicht de gemeente tot het verhalen van kosten bij grondexploitatie via een exploitatieplan, tenzij kostenverhaal anderszins is verzekerd. Het kostenverhaal is anderszins verzekerd en de leges worden verhaald op initiatiefnemer. De uitvoeringskosten worden gedragen door de initiatiefnemer, die hiervoor de finaciele middelen heeft. De toepassing voor het afdwingbare kostenverhaal richt zich op bouwplannen. De definitie van wat onder een bouwplan wordt verstaan, is opgenomen in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Uit dit artikel blijkt dat onder een bouwplan o.a. wordt verstaan de bouw van een woning of de uitbreiding van een gebouw van 1000 m2 of meer. Het betreft een particulier initiatief. De grond binnen het plangebied is eigendom van de initiatiefnemer. Voor wat betreft mogelijke planschade heeft de gemeente met initiatiefnemer een overeenkomst gesloten op grond waarvan de gemeente eventuele planschade op initiatiefnemer kan verhalen.

35

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) (vastgesteld)

36

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) (vastgesteld)

Bijlagen bij toelichting

37

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Erica, De Welhaak (woningbouwlocatie) (vastgesteld)

Bijlage 1 Bodemonderzoek

38

Verkennend bodemonderzoek ter plaatse van De Welhaak te Erica

Opdrachtgever: Projectcode: Datum: Status:

MvM Advisering 11360 22 oktober 2021 definitief

Verkennend bodemonderzoek ter plaatse van De Welhaak te Erica

Opdrachtgever: Contactpersoon: Titel: Projectcode: Publicatiedatum: Projectleider: Auteur:

pagina 2 van 11

MvM Advisering M. van Mourik Verkennend bodemonderzoek ter plaatse van De Welhaak te Erica 11360 22 oktober 2021 dhr. ing. A. Schriemer dhr. ing. A. Schriemer

Status: definitief

ASMA BV Bareveld 5 9512 SB Nieuwediep 06-11316862 telefoon: e-mail: info@asmabv.nl website:www.asmabv.nl Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande toestemming van ASMA BV, KvK 60650192). Ó ASMA BV Op opdrachten aan ASMA BV is De Nieuwe Regeling 2011 (Rechtsverhouding opdrachtgever-architect, ingenieur en adviseur DNR 2011) van toepassing.

11360

Verkennend bodemonderzoek ter plaatse van De Welhaak te Erica

pagina 3 van 11

INHOUDSOPGAVE

1

INLEIDING

2

2

VOORONDERZOEK

3

2.1

Algemene gegevens

3

2.2

Verzamelde informatie

3

2.3

Huidige situatie

5

2.4

Historische situatie

5

2.5

Voorgaande onderzoeken

5

2.6

Toekomstige situatie

5

2.7

Bodemopbouw en geohydrologie

5

2.8

Conclusie vooronderzoek

5

3

HYPOTHESE EN ONDERZOEKSOPZET

6

3.1

Onderzoeksstrategie

6

3.2

Boringen en peilbuizen

6

3.3

Monstername en analyses

6

4 4.1

RESULTATEN

7

Lokale bodemopbouw en zintuiglijke waarnemingen

7

4.2 Analyseresultaten 4.2.1 Toetsingscriteria 4.2.2 Toetsingsresultaten

7 7 7

4.3

8

5

Beschrijving verontreinigingsituatie

CONCLUSIES

9

Bijlagen Bijlage 1: Overzicht van het onderzoeksterrein Bijlage 2: Uittreksel uit de kadastrale kaart Bijlage 3: Boorstaten Bijlage 4: Analyserapporten Bijlage 5: Toetsing analyseresultaten Bijlage 6: Kadastraal bericht object

11360

Verkennend bodemonderzoek ter plaatse van De Welhaak te Erica

1

pagina 2 van 11

INLEIDING

In verband met de voorgenomen nieuwbouw is, in opdracht van MvM Advisering, door ASMA BV een verkennend onderzoek naar bodemverontreiniging uitgevoerd ter plaatse van De Welhaak te Erica. De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van ongeveer 2750 m2.

figuur 1, ligging locatie (Google Earth)

Het verkennend onderzoek heeft als doel de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem te bepalen. Het veldwerk inzake het verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd op 7 oktober 2021. Voor de uitvoering van de veldwerkzaamheden is aangesloten bij de van toepassing zijnde protocollen 2001 en 2002). ASMA BV is een onafhankelijk, door de overheid erkend, adviesbureau en heeft geen organisatorische en/of juridische connecties met de opdrachtgever en is geen eigenaar van de onderzoekslocatie. Daarnaast heeft de uitslag van het onderzoek geen positieve of negatieve invloed op ASMA BV. In dit rapport worden achtereenvolgens behandeld: • de achtergronden van het onderzoek (hoofdstuk 2); • de hypothese en onderzoeksopzet (hoofdstuk 3); • de veld- en laboratoriumresultaten (hoofdstuk 4); • e conclusies en aanbevelingen (hoofdstuk 5).

11360

pagina 3 van 11

Verkennend bodemonderzoek ter plaatse van De Welhaak te Erica

2

VOORONDERZOEK

2.1

Algemene gegevens onderzoekslocatie

NAW gegevens eigenaar gebruiker adres plaats gemeente provincie kadastrale gemeente kadastrale sectie kadastraal nummer RD-coördinaten oppervlakte perceel (m2) oppervlakte onderzoekslocatie (m2)

Juglans Projectontwikkeling BV geen De Welhaak (ten westen van De Welhaak 22) Erica Emmen Drenthe Emmen G 13267 258874 / 526581 2715 2715

NAW gegevens opdrachtgever contactpersoon adres postcode plaats

MvM Advisering mevrouw M.van Mourik Agaatstoep 10 9403 SJ Assen

2.2

opdrachtgever

Verzamelde informatie

In bijlage 2 is een uittreksel uit de kadastrale kaart opgenomen. De eigendomsgegevens zijn opgenomen in bijlage 6. standaard vooronderzoek (hoofdstuk 6 uit de NEN5725)

Te verzamelen informatie 1) voormalig bodemgebruik

1. agrarisch

ja

3. opslagtanks

nee

2. bedrijfsactiviteiten 4.ophogingen, dempingen, stortingen 5. ondergrondse objecten 2) huidig bodemgebruik

periode (vanaf 1900)

6. kans op het aantreffen van asbest 1. weiland

2. aanwezigheid asbest 3. opslagtanks

4. (half)verhardingslage n

nee nee

tot heden

(deel)locatie bekend

-

-

-

-

aanvullende informatie

bron

-

1, 2

-

1, 3

-

nee

3

1, 2, 4 1, 3

nee ja

braakliggend

nee nee

4 4 4

1, 3, 4

nee

1, 4

11360

UBI-code (indien van toepassing)

pagina 4 van 11

Verkennend bodemonderzoek ter plaatse van De Welhaak te Erica Te verzamelen informatie 3) toekomstig bodemgebruik

1. herinrichtingsplannen

nee

3. geplande bedrijfsactiviteiten

nee

2. nieuwbouwplannen

4) bodemopbou w en geohydrologie

4. plannen ondergrondse infrastructuur 5. plannen specifiek gevoelig gebruik

(deel)locatie bekend

aanvullende informatie

bron

1

ja

-

nee

1 1 1

nee

1

2. kwaliteit ophooglaag

nee

3

4. globale bodemopbouw tot 10 m-mv (meter minus maaiveld) 5. diepte freatisch grondwater

ja

1. ophooggeschiedenis

3. afgravingen

6. globale horizontale en verticale stromingsrichting grondwater 7. aanwezigheid oppervlaktewater 5) financieel, juridische aspecten

periode (vanaf 1900)

8. aanwezigheid grondwaterbeschermingsgebied 1. kadastrale nummering 2. NAW gegevens eigenaar 3. NAW gegevens opdrachtgever

nee

2, 3

nee

2, 3

ja

5

nee

2, 4

ja

6

ja

6

ja

5

nee

3

ja

6

bronvermelding: 1. opdrachtgever 2. topotijdreis.nl 3. bodemloket 4. locatiebezoek 5. TNO 6. kadaster 7. omgevingsdienst 8. provincie 9. waterschap

11360

UBI-code (indien van toepassing)

Verkennend bodemonderzoek ter plaatse van De Welhaak te Erica

2.3

pagina 5 van 11

Huidige situatie

Uit de terreininspectie van 7 oktober 2021 blijkt dat er geen bodembedreigende activiteiten plaatsvinden op de onderzoekslocatie. De locatie is braakliggend. 2.4

Historische situatie

De locatie is sinds het jaar 1900 reeds onverhard en afwisselend in gebruik als weiland en akkerland. Verdere informatie is niet voorhanden. 2.5

Voorgaande onderzoeken

Op de locatie zijn geen eerdere bodemonderzoeken bekend. Aan de zuidoostzijde is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Omdat er geen vervolgactie volgen uit het bodemonderzoek, wordt de aanvullende informatie uit de bodemonderzoeken niet zinvol geacht. Her rapport is niet opgevraagd. 2.6

Toekomstige situatie

In de nabije toekomst worden op de locatie woningen gebouwd. 2.7

Bodemopbouw en geohydrologie

Met behulp van de Grondwaterkaart van Nederland (kaartbladen 17H), RGD-boringen B17H0338 is de bodemopbouw in de omgeving van de locatie geohydrologisch geschematiseerd. Deze is opgenomen in onderstaande tabel. traject (m-mv) 0-1

1-30

globale bodemopbouw samenstelling bijmenging veen

fijn zand

-

plaatselijk siltig

pakket deklaag, formatie van Nieuwkoop, laagpakket van Griendtsveen eerste watervoerende pakket, formatie van Peelo

Het maaiveld ligt op een hoogte van ongeveer 17 m+NAP. De locatie ligt niet in een grondwaterbeschermingsgebied. Er is sprake van een potentieel inzijgingsgebied. De stromingsrichting in het eerste watervoerende pakket is zuidwestelijk gericht. 2.8

Conclusie vooronderzoek

Op grond van de verzamelde informatie en het locatiebezoek is er geen reden om ter plaatse van de locatie een verontreiniging te verwachten. De hypothese voor het onderzoek luidt derhalve: ‘de onderzoekslocatie wordt als “niet-verdacht” ten aanzien van bodemverontreiniging beschouwd’.

11360

pagina 6 van 11

Verkennend bodemonderzoek ter plaatse van De Welhaak te Erica

3

HYPOTHESE EN ONDERZOEKSOPZET

Het veldwerk is uitgevoerd door A. Schriemer (BRL SIKB 2000, protocollen 2001 en 2002 onder certificaat NC-SIK-20325). De positionering van de boringen en peilbuis is weergegeven in bijlage 1. De boorstaten zijn opgenomen in bijlage 3. 3.1

Onderzoeksstrategie

Het verkennend bodemonderzoek ter plaatse van het terrein is uitgevoerd volgens de NEN 5740:2009+A1:2016, waarbij de onderzoeksstrategie voor een onverdachte locatie (ONV-NL) is gevolgd. 3.2

Boringen en peilbuizen

Voor het verkennend bodemonderzoek ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn de aantallen boringen en peilbuizen passend voor een locatie met een oppervlakte van ongeveer 2750 m2. Ter plaatse van de locatie zijn in totaal twaalf handboringen (01 t/m 12) verricht, die allen zijn doorgezet tot ten minste 0,5 m-mv. De boringen 01, 08 en 12 zijn doorgezet tot ten minste 2,0 m-mv. Voor de monstername van het grondwater is boring 08 doorgezet tot 3,3 m-mv en afgewerkt met een peilbuis (filterstelling 2,3-3,3 m-mv). 3.3

Monstername en analyses

Het opgeboorde materiaal is bemonsterd per te onderscheiden traject. In onderstaande tabellen is de samenstelling van de monsters opgenomen. samenstelling (meng)monsters

(meng)monster MMbg1 MMbg2 MMog1

deelmonsters (cm-mv) 01: 0-50, 02: 0-40, 03: 0-30, 04: 040, 05: 0-30, 06: 0-50 07: 0-40, 08: 0-30, 09: 0-45, 10: 040, 11: 0-30, 12: 0-45 01: 50-100, 01: 100-140, 01: 140180, 08: 50-100, 11: 50-100, 11: 100-120

bijmenging

analyses

-

NEN5740 STAP1

-

NEN5740 STAP

-

NEN5740 STAP

1: STAP (grond, standaardpakket zoals genoemd in de NEN5740): nikkel, zink, barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK), polychloorbifenyl (PCB), minerale olie (koolwaterstoffractie C10C40), organische stof en lutum

peilbuis 08

gegevens watermonster

filterstelling (cm-mv) Pb08, 08-1: 230-330

afwijkingen -

analyses NEN5740 STAP2

2: STAP (grondwater, standaardpakket zoals genoemd in de NEN5740): nikkel, zink, barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, gechloreerde koolwaterstoffen (VOCl), vluchtige aromaten (BTEXN) en minerale olie (koolwaterstoffractie C10C40)

Het grondwater uit peilbuis 08 is bemonsterd op 14 oktober 2021. Tijdens de monstername is in het veld de zuurgraad (pH), het elektrisch geleidingsvermogen (Ec), temperatuur en troebelheid van het grondwater bepaald. De analyses zijn uitgevoerd door een door EN-ISO 17025:2005 geaccrediteerd milieulaboratorium. De analysecertificaten zijn opgenomen als bijlage 5.

11360

pagina 7 van 11

Verkennend bodemonderzoek ter plaatse van De Welhaak te Erica

4

RESULTATEN

4.1

Lokale bodemopbouw en zintuiglijke waarnemingen

In bijlage 3 zijn de boorstaten opgenomen met daarin de plaatselijke bodemopbouw en de overige waarnemingen. De bodemopbouw ter plaatse kan als volgt worden geschematiseerd: • tot ongeveer 1,3 m-mv matig fijn zand; • van ongeveer 1,3 tot ongeveer 2,1 m-mv leem; • van ongeveer 2,1 tot minimaal 3,3 sterk tot uiterst siltig zand. De grondwaterstand werd tijdens het veldwerk aangetroffen op een diepte van ongeveer 1,4 m-mv. In het opgepompte grondwater zijn geen afwijkingen waargenomen. Bij de boringen is de bodem beoordeeld op zintuiglijk waarneembare verontreinigingen. Tijdens de werkzaamheden zijn geen bodemvreemde bijmengingen aangetroffen. Zowel het maaiveld ter plaatse van de verrichte boringen als de opgeboorde grond is zintuiglijk geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Op het maaiveld en in de opgeboorde grond zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. peilbuis 08 3:

meetgegevens grondwater

filter (m-mv) 2,3-3,3

waterstand (m-bopb3) 2,12

meter minus bovenkant peilbuis

toestroming goed

afgpompt (l) 5

geleidbaarheid (µS/cm) 1600

troebelheid (NTU) 470

zuurgraad (pH) 6,58

De troebelheid van het grondwater ligt hoger dan de waarde die als normaal wordt geacht (10 NTU). Hierdoor kunnen de concentraties van de organische parameters (zoals minerale olie) hoger uitvallen. De overige waarden kunnen als normaal voor deze omgeving worden beschouwd. 4.2

Analyseresultaten

4.2.1

Toetsingscriteria

Om de mate van verontreiniging van de bodem te kunnen beoordelen, zijn de chemische analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters getoetst aan de richtlijnen die zijn opgesteld door het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, zoals gepubliceerd in de Circulaire bodemsanering 2013 en de achtergrondwaarden zoals gepubliceerd in Regeling bodemkwaliteit (Staatscourant 20 december 2007, 27 juni 2008 en 7 april 2009) en de Indicatieve Referentie Waarden (Staatscourant 16675 uit 2013, bijlage 1, tabel 2). Bij de toetsingswaarden wordt onderscheid gemaakt tussen de achtergrondwaarde voor grond, de streefwaarde voor grondwater, de tussenwaarde en de interventiewaarde: Streefwaarde grondwater = niveau met verwaarloosbare risico’s Achtergrondwaarde grond = niveau voor een multifunctionele bodem; Interventiewaarde = niveau waarboven ernstige vermindering optreedt van de functionele eigenschappen van de bodem 4.2.2

Toetsingsresultaten

De resultaten van de chemische analyses, zoals gegeven in bijlage 4, zijn vergeleken met de toetsingswaarden.

11360

pagina 8 van 11

Verkennend bodemonderzoek ter plaatse van De Welhaak te Erica

De volgende terminologie wordt in dit rapport gehanteerd met betrekking tot de mate van verontreiniging of verhoging van gehaltes: licht verontreinigd/verhoogd : gehalte boven de achtergrond-/streefwaarde (0 < Tindex < 0,5) matig verontreinigd/verhoogd : gehalte tussen de ‘tussen’- en interventiewaarde (0,5 < Tindex < 1) sterk verontreinigd/verhoogd : gehalte hoger dan de interventiewaarde (Tindex > 1). In de toetsingstabellen in bijlage 5 wordt een overzicht gegeven van de analyseresultaten en wordt beknopt verdere uitleg gegeven aan de resultaten. overschrijdingstabel grond

(meng) monster MMbg1 MMbg2 MMog1

bijmenging

peilbuis 01VA

filterstelling 2,2-3,2

4.3

-

Tindex > 0 -

Tindex > 0,5

Tindex > 1

Tindex > 0,5 -

Tindex > 1 -

-

overschrijdingstabel grondwater

Tindex > 0 barium, naftaleen, zink

-

Beschrijving verontreinigingsituatie

Uit de analyseresultaten blijkt dat in de mengmonsters van de boven- en ondergrond geen verontreinigingen zijn aangetoond. In het grondwatermonster uit peilbuis 08 zijn licht verhoogde concentraties aan barium, naftaleen en zink aangetoond. De verhoogde concentraties aan barium en zink hebben een natuurlijke oorsprong. De verhoogde concentratie aan naftaleen is niet voorhanden.

11360

Verkennend bodemonderzoek ter plaatse van De Welhaak te Erica

5

pagina 9 van 11

CONCLUSIES

In verband met de voorgenomen nieuwbouw is, in opdracht van MvM Advisering, door ASMA BV een verkennend onderzoek naar bodemverontreiniging uitgevoerd ter plaatse van De Welhaak te Erica. De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van ongeveer 2750 m2. Het verkennend onderzoek heeft als doel de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem te bepalen. Zowel het maaiveld ter plaatse van de verrichte boringen als de opgeboorde grond is zintuiglijk geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Op het maaiveld en in de grond, ter plaatse van de gegraven gaten is geen asbest aangetroffen. Uit de analyseresultaten blijkt dat in de grond geen verontreinigingen zijn aangetoond. In het grondwater zijn licht verhoogde concentraties aan barium, zink en naftaleen aangetoond. De verhoogde gehalten vormen geen risico voor de volksgezondheid. Het verkennend bodemonderzoek ter plaatse van de locatie is uitgevoerd volgens de onderzoekshypothese “niet-verdacht”, waarbij geen verontreinigingen verwacht werd. Uit het verkennend bodemonderzoek blijkt dat de milieuhygiënische kwaliteit niet overeenkomt met deze verwachting; er zijn immers meerdere stoffen in verhoogde concentraties in het grondwater aangetroffen. Aanpassing van de hypothese achten we wenselijk. Een nader onderzoek achten wij niet noodzakelijk.

De milieuhygiënische kwaliteit vormt op dit moment geen belemmering voor de voorgenomen nieuwbouw.

11360

Bijlage 1

N

03 07

11 02

04

08

12

01

05

09 06 10

10 m

peilbuis boring < 0.5m boring < 1m boring < 1.5m boring < 2m boring > = 2m inspect iegat sleuf slib depot overigen

sit uat ie t ekening onderzoek project code dat um paraaf schaal

Er ica 11360 2 1 -1 0 -2 0 2 1 1 :5 0 0 op A4

Bijlage 2

Kadastrale kaart

Uw referentie: 11360

Deze kaart is noordgericht

12345 25

Schaal 1: 1000

Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens

Kadastrale gemeente Sectie Perceel

Emmen G 13267

Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 21 oktober 2021 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers

Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.

Bijlage 3

01

gras / cm t ov m aaiveld

0 1

zand, m at ig fijn, st erk silt ig, zwak grindig, neut raal geel, edelm an

2

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, edelm an

3

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, licht grijs, geel, edelm an

50

0

-50

100

-100

150 4 -180 5 200

leem , st erk zandig, zwak grindig, neut raal grijs, edelm an -200

t ype dat um boorm eest er x y

g r on d b or in g 0 7 -1 0 -2 0 2 1 A. Sch r ie m e r 2 5 8 8 4 5 .7 3 5 2 6 5 8 5 .4 0

02

gras / cm t ov m aaiveld

0 1

m eet punt 01 30259174

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, donker bruin, edelm an -40

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak grindig, licht geel, edelm an

50 t ype dat um boorm eest er x y

g r on d b or in g 0 7 -1 0 -2 0 2 1 A. Sch r ie m e r 2 5 8 8 5 0 .5 7 5 2 6 5 9 6 .1 9

-50

m eet punt 02 30259175

03

gras / cm t ov m aaiveld

0 1

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, donker bruin, edelm an -30

2 50 t ype dat um boorm eest er x y

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, licht geel, edelm an -50

g r on d b or in g 0 7 -1 0 -2 0 2 1 A. Sch r ie m e r 2 5 8 8 5 6 .7 6 5 2 6 6 0 2 .2 8

m eet punt 03 30259176

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform

Er ica 11360 N EN 5 1 0 4

04

gras / cm t ov m aaiveld

0 1

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, donker bruin, edelm an -40

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, beige, edelm an

50 t ype dat um boorm eest er x y

g r on d b or in g 0 7 -1 0 -2 0 2 1 A. Sch r ie m e r 2 5 8 8 5 7 .3 9 5 2 6 5 9 2 .7 3

-50

m eet punt 04 30259177

05

gras / cm t ov m aaiveld

0 1

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, donker bruin, edelm an -30

2 50 t ype dat um boorm eest er x y

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, beige, edelm an -50

g r on d b or in g 0 7 -1 0 -2 0 2 1 A. Sch r ie m e r 2 5 8 8 6 3 .2 1 5 2 6 5 8 1 .4 1

m eet punt 05 30259178

06

gras / cm t ov m aaiveld

0 1 50 t ype dat um boorm eest er x y

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, donker bruin, edelm an -50

g r on d b or in g 0 7 -1 0 -2 0 2 1 A. Sch r ie m e r 2 5 8 8 5 5 .1 2 5 2 6 5 7 2 .1 7

m eet punt 06 30259179

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform

Er ica 11360 N EN 5 1 0 4

07

gras / cm t ov m aaiveld

0 1

-40

50 t ype dat um boorm eest er x y

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, grijs, edelm an zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, licht geel, edelm an

g r on d b or in g 0 7 -1 0 -2 0 2 1 A. Sch r ie m e r 2 5 8 8 7 4 .3 9 5 2 6 6 0 1 .1 5

-50

m eet punt 07 30259180

-100 1

08

-70 -50

gras / cm t ov m aaiveld

0

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, donker bruin, edelm an

1

-30 2

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak grindig, licht geel, grijs, edelm an

50 3 100

-100

leem , st erk zandig, m at ig grindig, neut raal grijs, geel, zwak roest , edelm an

4

m eet punt 08 30259181

150 5 -170 200

leem , zwak zandig, m at ig grindig, neut raal rood, grijs, st erk roest , edelm an

250

zand, m at ig fijn, uit erst silt ig, zwak grindig, neut raal bruin, beige, edelm an

300

zand, m at ig fijn, st erk silt ig, licht blauw, grijs, edelm an

6

-210 230

-280

330

-330 t ype dat um boorm eest er x y glg / ghg

p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 0 7 -1 0 -2 0 2 1 A. Sch r ie m e r 2 5 8 8 7 4 .1 3 5 2 6 5 8 7 .7 6 2 7 0 .0 0 / 1 1 0 .0 0

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform

Er ica 11360 N EN 5 1 0 4

09

gras / cm t ov m aaiveld

0 1

-45

50 t ype dat um boorm eest er x y

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, donker bruin, edelm an zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, beige, edelm an

g r on d b or in g 0 7 -1 0 -2 0 2 1 A. Sch r ie m e r 2 5 8 8 7 7 .9 6 5 2 6 5 7 4 .2 7

-50

m eet punt 09 30259182

10

gras / cm t ov m aaiveld

0 1

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, donker bruin, edelm an -40

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, licht geel, grijs, edelm an

50 t ype dat um boorm eest er x y

g r on d b or in g 0 7 -1 0 -2 0 2 1 A. Sch r ie m e r 2 5 8 8 9 8 .5 9 5 2 6 5 7 0 .2 3

-50

m eet punt 10 30259183

11

gras / cm t ov m aaiveld

0 1

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, donker bruin, edelm an -30

2 50

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, edelm an

3 100 4 -120 5 150

leem , st erk zandig, zwak grindig, neut raal grijs, edelm an

6 200 t ype dat um boorm eest er x y

-200

g r on d b or in g 0 7 -1 0 -2 0 2 1 A. Sch r ie m e r 2 5 8 8 8 5 .5 2 5 2 6 5 9 7 .6 8

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform

Er ica 11360 N EN 5 1 0 4

m eet punt 11 30259184

12

gras / cm t ov m aaiveld

0 1

-45

50 t ype dat um boorm eest er x y

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, donker bruin, edelm an

g r on d b or in g 0 7 -1 0 -2 0 2 1 A. Sch r ie m e r 2 5 8 9 0 2 .9 5 5 2 6 5 8 7 .6 0

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, beige, edelm an -50

m eet punt 12 30259185

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform

Er ica 11360 N EN 5 1 0 4

PEILBUIS

BORIN G

OLIE OP W ATER REACTIE

num m er

bodem m onst er, geroerd

Geen casing

Zwak

Mat ig

St erk

Uit erst

bodem laag

GEUR IN TEN ISTEIT

bent oniet

grondwat erst and t ijdens boren

bodem m onst er, ongeroerd

filt ergrind

Geen Zeer zwak

Zwak

Mat ig

St erk

bodem laag filt ert raject grondwat erst and

links= cm -m aaiveld recht s= cm + NAP

GRON D SOORTEN

M ATE V AN BIJM EN GIN G

GRIND, grindig (G,g)

zwak - (0-5%)

ZAND, zandig (Z,z)

m at ig - (5-15%)

LEEM, silt ig (L,s)

st erk - (15-50%)

KLEI, kleiig (K,k)

uit erst - (> 50%)

VEEN, hum eus (V,h)

slib

V ERH ARD IN GEN

GRAD ATIE Z AN D

asfalt , bet on, klinkers, t egels st elconplaat , ondoordringbare laag

uf = uit erst fijn (63-105 um ) zf = zeer fijn (105-150 um ) m f = m at ig fijn (150-210 um ) m g = m at ig grof (210-300 um ) zg = zeer grof (300-420 um ) ug = uit erst grof (420-2000 um )

OV ERIG

GRAD ATIE GRIN D

bodem vreem de best andsdelen aanwezig

f = fijn (2-5.6 m m ) m g = m at ig grof (5.6-16 m m ) zg = zeer grof (16-63 m m )

wat er

BESCH RIJV IN G BOD EM LAAG pid = fot o ionisat ie det ect or bv = bodem vocht ow = olie op wat er

Zeer st erk

Bijlage 4

De parameters die in dit document worden vermeld, zijn geaccrediteerd volgens EN ISO/IEC 17025:2017. Alleen niet-geaccrediteerde parameters/resultaten zijn gemarkeerd met het symbool " *) ".

DOC-13-17120634-NL-P1

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl

Asma BV Atze Schriemer Bareveld 5 9512 SB NIEUWEDIEP Datum Relatienr Opdrachtnr.

14.10.2021 35006240 1088578

ANALYSERAPPORT Opdracht 1088578 Bodem / Eluaat Opdrachtgever

35006240 Asma BV 11360 Erica

Uw referentie

08.10.21

Opdrachtacceptatie Monsternemer

Opdrachtgever

Geachte heer, mevrouw, Hierbij zenden wij u de resultaten van het door u aangevraagde laboratoriumonderzoek. De analyses zijn, tenzij anders vermeld, uitgevoerd overeenkomstig onze erkenning voor de werkzaamheid "Analyse voor milieuhygiënisch bodemonderzoek" van het Besluit Bodemkwaliteit. Dit rapport mag alleen in zijn geheel worden gereproduceerd. Eventuele bijlagen zijn onderdeel van het rapport. Indien u nog vragen heeft of aanvullende informatie wenst, verzoeken wij u om contact op te nemen met Klantenservice. Wij vertrouwen U met de toegezonden informatie van dienst te zijn. Met vriendelijke groet,

AL-West B.V. Jørgen Smit, Tel. +31/570788120

Blad 1 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

De parameters die in dit document worden vermeld, zijn geaccrediteerd volgens EN ISO/IEC 17025:2017. Alleen niet-geaccrediteerde parameters/resultaten zijn gemarkeerd met het symbool " *) ".

DOC-13-17120634-NL-P2

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl

Opdracht 1088578 Bodem / Eluaat Monsternr. Monstername

Monster beschrijving

728331

07.10.2021

MMbg1, 01: 0-50, 02: 0-40, 03: 0-30, 04: 0-40, 05: 0-30, 06: 0-50

728338

07.10.2021

MMbg2, 07: 0-40, 08: 0-30, 09: 0-45, 10: 0-40, 11: 0-30, 12: 0-45

728345

07.10.2021

MMog1, 01: 50-100, 01: 100-140, 01: 140-180, 08: 50-100, 11: 50-100, 11: 100-120

Eenheid

728331

728338

728345

MMbg1, 01: 0-50, 02: 0-40, 03: 0-30, 04: 0-40, MMbg2, 07: 0-40, 08: 0-30, 09: 0-45, 10: 0-40, MMog1, 01: 50-100, 01: 100-140, 01: 140-180, 05: 0-30, 06: 0-50 11: 0-30, 12: 0-45 08: 50-100, 11: 50-100, 11: 100-120

Algemene monstervoorbehandeling

-++

-++

-++

%

-89,2

-85,0

-93,0

S IJzer (Fe2O3) Fracties (sedigraaf)

% Ds

-<5,0

-<5,0

-<5,0

S Fractie < 2 µm Klassiek Chemische Analyses

% Ds

-2,3

-1,5

-<1,0

% Ds S Organische stof Voorbehandeling metalen analyse

3,8 --

S

Voorbehandeling conform AS3000

S Droge stof

x)

5,9 --

x)

1,0 --

-++

-++

-++

mg/kg Ds

-<20

-<20

-<20

S Cadmium (Cd)

mg/kg Ds mg/kg Ds

S Koper (Cu)

mg/kg Ds

S Kwik (Hg)

mg/kg Ds

S Lood (Pb)

mg/kg Ds

S Molybdeen (Mo)

mg/kg Ds

S Nikkel (AS3000)

mg/kg Ds

S Zink (Zn) PAK (AS3000)

mg/kg Ds

-<0,20 -<3,0 -6,7 -<0,05 -12 -<1,5 -<4,0 -<20

-<0,20

S Kobalt (Co)

-<0,20 -<3,0 -6,0 -<0,05 -11 -<1,5 -<4,0 -20

S Anthraceen

mg/kg Ds

-<0,050

-<0,050

-<0,050

S Benzo(a)anthraceen

mg/kg Ds

-<0,050

S Benzo-(a)-Pyreen

mg/kg Ds

S Benzo(ghi)peryleen

mg/kg Ds

S Benzo(k)fluorantheen

mg/kg Ds

S Chryseen

mg/kg Ds

S Fenanthreen

mg/kg Ds

S Fluorantheen

mg/kg Ds

S Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen

mg/kg Ds

S Naftaleen

mg/kg Ds

-<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 0,35--

S Koningswater ontsluiting Metalen (AS3000) S Barium (Ba)

S Som PAK (VROM) (Factor 0,7) Minerale olie (AS3000/AS3200)

mg/kg Ds

-<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 0,35--

S Koolwaterstoffractie C10-C40

mg/kg Ds

-<35

mg/kg Ds

-<3

Koolwaterstoffractie C10-C12

#)

-<3,0 -<5,0 -<0,05 -<10 -<1,5 -<4,0 -<20

-<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 -<0,050 #)

-66 *)

-<3

x)

0,35 --

#)

-<35 *)

-<3

*)

Blad 2 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

De parameters die in dit document worden vermeld, zijn geaccrediteerd volgens EN ISO/IEC 17025:2017. Alleen niet-geaccrediteerde parameters/resultaten zijn gemarkeerd met het symbool " *) ".

DOC-13-17120634-NL-P3

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl

Opdracht 1088578 Bodem / Eluaat

Eenheid

728331

728338

728345

MMbg1, 01: 0-50, 02: 0-40, 03: 0-30, 04: 0-40, MMbg2, 07: 0-40, 08: 0-30, 09: 0-45, 10: 0-40, MMog1, 01: 50-100, 01: 100-140, 01: 140-180, 05: 0-30, 06: 0-50 11: 0-30, 12: 0-45 08: 50-100, 11: 50-100, 11: 100-120

Minerale olie (AS3000/AS3200)

-<3

*)

-<4

*)

-<5

*)

-<5

*)

-13

*)

-<5

*)

mg/kg Ds

-<5

*)

mg/kg Ds

-<0,0010

-<0,0010

-<0,0010

S PCB 52

mg/kg Ds mg/kg Ds

S PCB 118

mg/kg Ds

S PCB 138

mg/kg Ds

S PCB 153

mg/kg Ds

S PCB 180

mg/kg Ds

-<0,0010 -<0,0010 -<0,0010 -<0,0010 -<0,0010 -<0,0010 -0,0049

-<0,0010

S PCB 101

-<0,0010 -<0,0010 -<0,0010 -<0,0010 -<0,0010 -<0,0010 -0,0049

Koolwaterstoffractie C12-C16 Koolwaterstoffractie C16-C20 Koolwaterstoffractie C20-C24 Koolwaterstoffractie C24-C28 Koolwaterstoffractie C28-C32 Koolwaterstoffractie C32-C36 Koolwaterstoffractie C36-C40

mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds

--4 --6 --7 --9 -21 -12 -<5

-<3

*)

*)

*)

-<4

*)

*)

-<5

*)

*)

-<5

*)

*)

-<5

*)

*)

-<5

*)

*)

-<5

*)

Polychloorbifenylen (AS3000) S PCB 28

S

Som PCB (7 Ballschmiter) (Factor 0,7) mg/kg Ds

#)

-<0,0010 -<0,0010 -<0,0010 -<0,0010 -<0,0010 #)

0,0049 --

#)

x) Gehaltes beneden de rapportagegrens zijn niet mee inbegrepen. #) Bij deze som zijn resultaten "<rapportagegrens" vermenigvuldigd met 0,7. S) Erkend volgens AS SIKB 3000 Verklaring:"<" of n.a. betekent dat het gehalte van de component lager is dan de rapportagegrens. De parameter-specifieke analytische meetonzekerheid en informatie over de berekeningsmethode zijn op aanvraag beschikbaar, indien de gerapporteerde resultaten boven de parameterspecifieke rapportagegrens liggen.

Het analyseresultaat van PCB 138 is mogelijk overschat vanwege co-elutie met PCB 163 Het organische stof gehalte wordt gecorrigeerd voor het lutum gehalte, als geen lutum bepaald is wordt gecorrigeerd als ware het lutum gehalte 5,4% Begin van de analyses: 09.10.2021 Einde van de analyses: 14.10.2021 De resultaten hebben uitsluitend betrekking op de geanalyseerde monsters. In gevallen waarin het testlaboratorium niet verantwoordelijk was voor de bemonstering, gelden de gerapporteerde resultaten voor de monsters zoals zij zijn ontvangen. .

AL-West B.V. Jørgen Smit, Tel. +31/570788120

Blad 3 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

De parameters die in dit document worden vermeld, zijn geaccrediteerd volgens EN ISO/IEC 17025:2017. Alleen niet-geaccrediteerde parameters/resultaten zijn gemarkeerd met het symbool " *) ".

DOC-13-17120634-NL-P4

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl

Opdracht 1088578 Bodem / Eluaat

Toegepaste methoden conform Protocollen AS 3000 :

Organische stof Voorbehandeling conform AS3000 Barium (Ba) Cadmium (Cd) Kobalt (Co) Koper (Cu) Kwik (Hg) Lood (Pb) Molybdeen (Mo) Nikkel (AS3000) Zink (Zn) Koolwaterstoffractie C10-C40 Anthraceen Benzo(a)anthraceen Benzo-(a)-Pyreen Benzo(ghi)peryleen Benzo(k)fluorantheen Chryseen Fenanthreen Fluorantheen Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen Naftaleen Som PAK (VROM) (Factor 0,7) PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 118 PCB 138 PCB 153 PCB 180 Som PCB (7 Ballschmiter) (Factor 0,7)

conformNEN-EN12880; AS3000, AS3200; NEN-EN15934 : eigen methode

*) :

Koolwaterstoffractie C10-C12 Koolwaterstoffractie C20-C24 Koolwaterstoffractie C32-C36

Gelijkwaardig aan NEN 5739 :

Droge stof

Koolwaterstoffractie C12-C16 Koolwaterstoffractie C24-C28 Koolwaterstoffractie C36-C40

Koolwaterstoffractie C16-C20 Koolwaterstoffractie C28-C32

IJzer (Fe2O3)

Protocollen AS 3000 / Protocollen AS 3200 :

Koningswater ontsluiting

Fractie < 2 µm

Blad 4 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl [@ANALYNR_START=728331]

DOC-13-17120692-NL-P1

CHROMATOGRAM for Order No. 1088578, Analysis No. 728331, created at 13.10.2021 07:08:39 Monster beschrijving: MMbg1, 01: 0-50, 02: 0-40, 03: 0-30, 04: 0-40, 05: 0-30, 06: 0-50

Blad 1 van 3 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl [@ANALYNR_START=728338]

DOC-13-17120692-NL-P2

CHROMATOGRAM for Order No. 1088578, Analysis No. 728338, created at 13.10.2021 08:30:14 Monster beschrijving: MMbg2, 07: 0-40, 08: 0-30, 09: 0-45, 10: 0-40, 11: 0-30, 12: 0-45

Blad 2 van 3 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl [@ANALYNR_START=728345]

DOC-13-17120692-NL-P3

CHROMATOGRAM for Order No. 1088578, Analysis No. 728345, created at 13.10.2021 07:08:40 Monster beschrijving: MMog1, 01: 50-100, 01: 100-140, 01: 140-180, 08: 50-100, 11: 50-100, 11: 100-120

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=a6a39efe-dc84-4a59-9e0b-b247077b833e