Bijlage 2.16 XIII - Vooronderzoek OO
Tekst van het document
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
25
Keuze van de luchtfoto's De luchtfoto’s zijn besteld op basis van de data van relevante oorlogshandelingen die zijn aangetroffen in de geraadpleegde literatuur en archieven. Hierbij was het uitgangspunt om een luchtfoto te bestellen die zo kort als mogelijk was genomen nadat de oorlogshandeling had plaatsgevonden, tot maximaal een half jaar nadien. Verstoringen in het landschap en/of aan bebouwing die zijn veroorzaakt door CE zijn in veel gevallen na een half jaar niet meer zichtbaar. Dit geldt voornamelijk voor gebieden die intensief gebruikt worden, zoals stedelijk gebied, wegen en spoorlijnen, en landbouwgronden. Met name in de eerste jaren van de oorlog, echter, is er sprake van een leemte in de beschikbare informatie: van delen van het onderzoeksgebied is onvoldoende dekking of de kwaliteit3 van de luchtfoto’s is matig tot slecht, waardoor indicaties van oorlogshandelingen niet (meer) zichtbaar zijn. Deze leemte is van invloed op de uiteindelijke afbakening van de verdachte gebieden in het onderzoeksgebied. Voor dit onderzoek zijn luchtfoto’s uit de collecties Wageningen Universiteit (WAG), Kadaster (KAD) te Zwolle en National Collection of Aerial Photography (NCAP) te Edinburgh geraadpleegd en zijn relevante luchtfoto’s (op basis van kwaliteit, schaal en beschikbaarheid van datum) besteld. In onderstaande tabel zijn deze luchtfoto’s weergegeven.
Er is gebruik gemaakt van een luchtfoto uit 1935 om een beeld (nul-situatie) te krijgen van het onderzoeksgebied voorafgaand aan de Tweede Wereldoorlog. Aan de hand van deze foto kan bepaald worden of eventuele verstoringen op latere foto’s al voor de Tweede Wereldoorlog aanwezig waren of dat ze afkomstig zijn van oorlogshandelingen. Tussen deze foto en de eerst volgende foto zit echter negen jaar. Eventuele landschappelijke ontwikkelingen tussen 1935 en oktober 1944 en/of sporen van oorlogshandelingen in de periode tussen mei 1940 en 28 oktober 1944 zijn daardoor onbekend. De foto van 29 oktober 1944 is aangeschaft om de situatie vijf maanden voorafgaand aan de bevrijding te kunnen analyseren. Met deze foto was het mogelijk om het gehele onderzoeksgebied volledig in beeld te brengen. Dat gold niet voor de foto met de beperkte dekking van 26 december 1944 die reeds in bezit was en tevens is geraadpleegd. Voor de luchtfoto van 26 december 1944 geldt tevens dat deze van matige tot slechte kwaliteit (B/C) is. Het is hierdoor niet mogelijk om een goede luchtfoto-analyse uit te voeren. Om vast te stellen of er tijdens de bevrijding oorlogshandelingen hebben plaatsgevonden in het onderzoeksgebied, zijn de bovengenoemde foto’s vergeleken met de naoorlogse foto van 15 juli 1945.
Voor de naoorlogse luchtfoto geldt echter dat deze van matige (B) kwaliteit is, waardoor het niet goed mogelijk was hierop een goede luchtfoto-analyse uit te voeren. Collectie KAD
Sortie Minuut 242 4-1172
Fotonr. 42-44
Datum 1935
Kwaliteit A
4182
KAD
161545
4050, 4111
29-101944 26-121944
NCAP
3GTUDS136
5109, 5110, 5156
15-071945
NCAP
Keuzeverantwoording Vooroorlogs
Bijzonderheden Nul-situatie
A
Schaal Onbeken d 16.800
Rond bevrijding
Voor bevrijding
B/C
30.800
Rond bevrijding, reeds in bezit
B
40.000
Naoorlogs, reeds in bezit
Mogelijke kraters (binnen en buiten het onderzoeksgebie d) Eindsituatie
In bijlage 3 is de luchtfotodekking van de geraadpleegde luchtfoto’s opgenomen.
3
Verschillende definities van de luchtfotokwaliteit: A (goed), B (matig), C (slecht)
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
26
3 RESULTATEN INVENTARISATIE 3.1
Inleiding Dit hoofdstuk bevat de resultaten van de inventarisatie en raadpleging van de bronnen zoals die in het vorige hoofdstuk zijn beschreven. Op basis van de verzamelde gegevens is een chronologisch overzicht opgesteld van het verloop van de Tweede Wereldoorlog in en nabij het onderzoeksgebied. Bronverwijzingen en eventuele bijzonderheden zijn toegelicht in de voetnoten. Voor de vertaling naar een locatie in de huidige topografie zijn locatieverwijzingen uit bronnen ongewijzigd overgenomen in de gebeurtenissenlijst. GIS maakt de eventuele vertaling naar de huidige benaming en tekent de betreffende verwijzing in de kaart. Onduidelijke of onbetrouwbare locatieverwijzingen zijn gemeld in de gebeurtenissenlijst, maar niet in de kaart ingetekend. Oorlogshandelingen waarvan geen precieze locaties bekend zijn (bijvoorbeeld wel een straatnaam, maar geen huisnummer), zijn ingetekend als lijn of als vlak, afhankelijk van wat er van deze handeling bekend is. Indicaties met RAP-nummer en weergegeven op kaart Elke relevante gebeurtenis heeft een uniek nummer, een RAP-nummer’ dat als volgt is opgebouwd: • • •
De aanduiding “RAP”; Een getal met zes cijfers: datum van de gebeurtenis (jj/mm/dd); Een letter: volgletter om verschillende gebeurtenissen op dezelfde datum te scheiden;
Dit RAP-nummer heeft als doel om de in de literatuur en archieven gevonden indicaties te kunnen herleiden naar de kaarten en andersom. Het RAP-nummer de chronologische lijst is om die reden ook weergegeven in het (digitale) kaartmateriaal. Mijnenvelden en MORA's/UO’s De MORA’s, UO's en de mijnenvelden en op landmijnen verdachte gebieden krijgen geen RAPnummer, omdat deze indicaties in het EOD-archief al een eigen uniek nummer bezitten. De mijnenvelden zijn eveneens genummerd op basis van een eigen uniek nummer van de toenmalige MMOD. Het eerste gedeelte van het nummer correspondeert met het nummer van de stafkaart waarop het mijnenveld of op landmijnen verdacht gebied is ingetekend, het tweede gedeelte betreft de aanduiding van het mijnenveld op de kaart. De letter G (German) of A (Allied) geeft aan of het een Duits of geallieerd mijnenveld/verdacht gebied betrof. MORA’s/UO’s hebben een eigen nummer dat is vastgesteld door de EOD, bestaande uit acht cijfers: de eerste vier zijn het jaar en de andere vier een volgnummer.
Coördinaten van het Modified British System Bij het intekenen van de indicaties van oorlogshandelingen aan de hand van informatie afkomstig uit The National Archives (TNA UK) in de inventarisatiekaart, is gebruik gemaakt van de coördinaten zoals deze werden vermeld in de geraadpleegde interpretation reports en de daily logs (dagboeken) van verschillende eenheden van de Britse strijdkrachten. Bombs Away raadpleegt voor het onderzoek minimaal de stukken van de Second Tactical Airforce en Fighter Command. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd gebruikt gemaakt van het ‘Modified British System’ (MBS) voor het nauwkeurig lokaliseren van doelen in Europa, door zowel Britse als Amerikaanse troepen. West-Europa werd verdeeld ineen aantal vlakken, waarbij Nederland werd ingedeeld in het gebied genaamd de ‘Nord de Guerre zone’. Binnen deze zone zijn de gebieden verdeeld aan de hand van vlakken van 500 vierkante kilometer, welke de benaming krijgen van een letter. Deze vlakken zijn vervolgens opnieuw onderverdeeld in vlakken van 100 vierkante kilometer en worden tevens benoemd aan de hand van een letter. Binnen deze vakken
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
27
zijn er afsluitend een x-as (west-oost) en y-as (noord-zuid) welke benoemd worden aan de hand van getallen.4
Afbeelding 8: het onderzoeksgebied Noordoost Nederland, locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) weergegeven met de relevante kaartvierkanten (Nord de Guerre).
De coördinaten van een positie ziet er dan als volgt uit: [rV.5281; rV.5282; rV.5381; rV.5382]. De eerste (kleine) letter slaat op het vlak van 500 vierkante kilometer, de twee (grote) letter slaat op het vlak van 100 vierkante kilometer en de vier cijfers zijn af te lezen aan de x-as en y-as. Dit punt ligt vervolgens in de onderste linkerhoek van een vlak van 1 vierkante kilometer. Dit vlak kan gezien worden als het doel van een operatie. In het geval dat een coördinaat zes cijfers heeft, is er binnen het vak van 1 vierkante kilometer een vak van 100 bij 100 meter aangeduid. In het geval dat een coördinaat acht cijfers heeft, is er binnen het vak van 1 vierkante kilometer een vak van 10 bij 10 meter aangeduid. Indicaties zonder RAP-nummer en niet weergegeven op kaart Indien een in de geraadpleegde bronnen aangetroffen indicatie van een oorlogshandeling niet kon worden ingetekend, is dit eveneens in de tekst aangegeven. In het onderstaande overzicht staan de redenen weergegeven voor het niet intekenen van indicaties van oorlogshandelingen: • • • • 3.2
[Locatie onbekend]. Op basis van de geraadpleegde bronnen kon de locatie van de oorlogshandeling niet worden vastgesteld; [Buiten onderzoeksgebied]. Op basis van de geraadpleegde bronnen is vastgesteld dat de oorlogshandeling buiten het onderzoeksgebied heeft plaatsgevonden; [Historische context]. De indicatie betreft een uitleg van de historische context, zoals troepenverplaatsingen of de bezettings- en bevrijdingsdatum van een gemeente. [niet CE gerelateerd]. Oorlogshandeling waarbij geen CE zijn ingezet.
Vooroorlogse situatie onderzoeksgebied In de geraadpleegde bronnen wordt de locatie van oorlogshandelingen omschreven aan de hand van lokale objecten en het landschap. In de onderstaande afbeelding is het
4 https://www.echodelta.net/mbs geeft tekst en uitleg en beschikt over een coördinaten vertaler.
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
28
onderzoeksgebied weergegeven in een (vooroorlogse) stafkaart, om de geografische en topografische ligging te kunnen vaststellen. Het onderzoeksgebied bestond destijds ook voornamelijk uit landbouwgrond. De Hoogeveense Vaart doorkruiste destijds ook al het onderzoeksgebied.
Afbeelding 9: onderzoeksgebied Noordoost Nederland, locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) weergegeven op een kaart uit 1945. Bron: Historische topografische data 1945
3.3
Mobilisatieperiode In de periode september 1939 – april 1940 werden de Nederlandse strijdkrachten gemobiliseerd. Aanleiding was de Duitse inval in Polen in september 1939 en de daaropvolgende oorlogsverklaring van Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk aan de Duitse regering. In deze periode werden de verschillende onderdelen van de Nederlandse strijdkrachten onder de wapenen geroepen en werd er een begin gemaakt met het aanleggen van verdedigingslinies, voorbereidingswerkzaamheden ten behoeve van inundaties, mijnenvelden en versperringen. Voor deze periode zijn er in de geraadpleegde bronnen geen relevante gegevens gevonden die betrekking hebben op het onderzoeksgebied in relatie tot CE.
3.4
Meidagen 1940 In de vroege ochtend van 10 mei 1940 vielen Duitse grondeenheden vanuit het grensgebied Nederland binnen, terwijl Duitse parachutisteneenheden in West-Nederland landden. Bij Kornwerderzand en bij de Grebbelinie werden de Duitse grondstrijdkrachten staande gehouden en in het westen van Nederland vochten Nederlandse eenheden tegen de Duitse parachutisten. Na het bombardement op Rotterdam door Duitse luchtmachteenheden besloot het Nederlandse opperbevel te capituleren. Alleen in Zeeland werd nog doorgevochten door Nederlandse en Franse eenheden. 10 mei 1940 De sectie C van de tweede compagnie van het Nederlandse 1e Grensbataljon rukte vanuit Coevorden eerst op richting Nieuw-Amsterdam. Te Nieuw-Amsterdam werden tussen 2.00 en 3.40 uur veel vliegtuigen waargenomen, waarna de Nederlandse troepen met lichte mitrailleurs het vuur openden. Om 5.00 uur, nadat Coevorden was ontruimd kregen zij het bevel de bruggen
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
29
op te blazen en zich terug te trekken op de Q-lijn, in de richting van Hoogeveen. Alle tien de bruggen in het operatiegebied van de 2e compagnie van het 1e grensbataljon (waarvan drie in Nieuw-Amsterdam) werden vernield.5 [Buiten onderzoeksgebied] Rond 3.00 uur werd de gemeente Emmen door Duitse infanterie, cavalerie- en gemotoriseerde troepen veroverd.6 In de middag rond 18.00 werd de gemeente Sleen door Duitse cavalerie en artillerie-eenheden ingenomen.7 [Historische context] Veel huizen in Holsloot sectie F (veel verschillende huisnummers) raakten beschadigd door het opblazen van de omliggende bruggen.8 [Buiten onderzoeksgebied] 3.5
Duitse bezettingsjaren Direct na de Duitse inval werd Nederland met enige regelmaat getroffen door (kleinschalige) geallieerde bombardementen. Deze bombardementen waren met name gericht op havens, infrastructuur, industriegebieden en vliegvelden. Vanaf 1943, de geallieerde luchtmachten werden steeds sterker – vonden steeds meer grotere en zwaardere bombardementen plaats op vliegvelden havens en industriegebieden in Nederland. Later werden veel bomaanvallen door jachtbommenwerepers uitgevoerd, onder andere door de Britse 2nd Tactical Air Force (2nd TAF) om de logistieke aanvoerlijnen van de Duitse bezetter te onderbreken. Voorts werd in 1942 door Duitse troepen begonnen met de bouw van de Atlantikwall. 18 juni 1940 In de gemeente Emmen waren landmijnen aanwezig. Uit de bron wordt niet duidelijk waar deze landmijnen zich bevonden.9 [Locatie onbekend] 22 juni 1940 In Veenoord was schade ontstaan door een bomafworp die tussen 2.00 en 2.30 uur plaatsvond en vermoedelijk gericht was op de aardappelmeelfabriek ‘Excelsior’ te Veenoord. De bommen kwamen neer op drie plekken: - Op de algemene begraafplaats te Veenoord aan de Boerdijk, hemelsbreed ongeveer 150 meter van de aardappelmeelfabriek. Hier werden vermoedelijk vier bommen afgeworpen omdat er vier kraters werden waargenomen.
Deze gaten hadden een diepte van 3½ meter en een middellijn van 5 meter; [Buiten onderzoeksgebied] - De tweede bominslag was op ongeveer 120 meter oostelijk van de eerder genoemde plaats. Ook hier werden vier kraters waargenomen in een weiland op 30 meter van een woning die hierdoor ernstig beschadigd was; [Buiten onderzoeksgebied] - De derde plaats was in de ten westen van de Noord-Ooster-Locaal-spoorweg lopende spoorwegsloot. Dit lag dichtbij het spoorwegstation Nieuw-Amsterdam op ongeveer 40 meter ten noorden van de plaats waar de tramweg van de Eerste Drentse stoomtrammaatschappij de genoemde spoorweg kruiste. Het ging hier waarschijnlijk om twee bommen. [Buiten onderzoeksgebied] Het zorgde onder meer voor schade aan de woning E18 en glasschade aan de woningen E47 t/m 59 (uitgezonderd E51, E54 en E56) te Veenoord. Eigenaar van deze arbeiderswoningen was de aardappelmeelfabriek ‘Excelsior’ te Veenoord. [Buiten onderzoeksgebied] Het vliegtuig dat de bommen afwierp werd daarna door andere vliegtuigen beschoten. 10 [Historische context] Een andere bron geeft aan dat er bij de tram- en spoorwegkruising te Nieuw-Amsterdam rond 2.00 uur twee lichtbommen en zeven bommen van een zwaarder kaliber werden afgeworpen. Een huis raakte zwaar beschadigd. Ook zou er een bom op het kerkhof van Veenoord gevallen
5
NIMH, toeg.nr. 409, inv.nr 469025; NIMH, toeg.nr. 409, inv.nr 469029; NIMH, toeg.nr. 409, inv.nr 469031. NIMH, toeg.nr. 420, inv.nr. 5. 7 NIMH, toeg.nr. 420, inv.nr. 18. 8 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 478.2 9 NA, toeg.nr. 2.13.210, inv.nr. 24. 10 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 478.2; GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7. 6
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
30
zijn. Het zou in totaal gegaan zijn om drie series van vier geworpen bommen. 11 [Buiten onderzoeksgebied] In de nacht van 21 op 22 juni 1940 voerden Britse bommenwerpers van Bomber Command aanvallen uit op doelen in Duitsland, België en in Nederland. Nieuw-Amsterdam is niet als doelwit opgegeven. Mogelijk zijn de bommen afgeworpen door een Britse Whitley bommenwerper van 4 Group die het oorspronkelijk doelwit Salzbergen niet kon vinden en zijn bommen tussen 23.30 en 01.30 uur afwierp op een brug en spoorwegknooppunt in Meppen. Er werden twee treffers gemeld. De Whitley’s die waren uitgestuurd voor de aanval droegen 500 lb. en 250 lb. bommen mee, maar de individuele bommenlast is niet benoemd. 12 In de Operations Record Books van Bomber Command zijn geen bijzonderheden gemeld over de aanval. 13 In de Operations Record Books van 4 Group is de aanval niet benoemd. 14 Vermoedelijk was het een Whitley van 51 Squadron. Dit toestel was beladen met vier 500 lb brisantbommen en zes 250 lb brisantbommen. De bommen werden in twee sticks afgeworpen. De eerste stick betrof de 250 lb en de tweede stick betrof de 500 lb. Er werden drie voltreffers waargenomen op de brug. De andere bommen vielen op de spoorlijn.
15 Volgens de Appendices van het Operations Record Book waren de bommen voorzien van een ontsteker in de staart, zonder vertragingsmechanisme.16 [Buiten onderzoeksgebied] 8 oktober 1940 Om 21.15 uur viel er in de gemeente Emmen een brisant- en een brandbom op een akkerland. Er was geen schade ontstaan. 17 [Locatie onbekend; inslag bommen niet te herleiden, eerstvolgende luchtfoto in bezit 29-10-1944] In de nacht van 8 op 9 oktober 1940 bombardeerden toestellen van Bomber Command diverse doelen in Frankrijk, Duitsland en Nederland. Emmen is niet als doelwit opgegeven. Er zijn ook geen verwijzingen naar noodafworpen die te zijn herleiden naar Emmen. 18 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] 15 oktober 1940 In de gemeente Emmen werd een uitgebrande brandbom gevonden. 19 [Locatie onbekend] In de nacht van 14 op 15 oktober 1940 bombardeerden toestellen van Bomber Command diverse doelen in Frankrijk, Duitsland en Nederland. Emmen is niet als doelwit opgegeven. Wel werd een spoorwegstation in Lingen gebombardeerd door een bommenwerper van 3 Group met drie 500 lb. brisantbommen zestig 4 lb. staafbrandbommen. [Buiten onderzoeksgebied] Er zijn ook geen verwijzingen naar noodafworpen die te zijn herleiden naar Emmen. 20 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bom] 15 november 1940 Om 3.30 uur viel er in de gemeente Emmen een brisantbom op een akkerland.
Er was glasschade aan woningen. 21 [Locatie onbekend; inslag bom niet te herleiden, eerstvolgende luchtfoto in bezit 29-10-1944] In de nacht van 14 op 15 november 1940 bombardeerden toestellen van Bomber Command diverse doelen in Frankrijk, België, Duitsland en Nederland. Emmen is niet als doelwit opgegeven. Er zijn ook geen verwijzingen naar noodafworpen die te zijn herleiden naar Emmen.22 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bom]
11
GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.782. TNA UK AIR 14/2665. 13 TNA UK AIR 24/218. 14 TNA UK AIR 25/97. 15 TNA UK AIR 27/491. 16 TNA UK AIR 27/496; In Nederland was het een uur later dan in Groot-Brittannië. 17 NIOD, toeg.nr. 0.77, inv.nr. 1328. 18 TNA UK AIR 14/2668. 19 NIOD, toeg.nr. 0.77, inv.nr. 1328. 20 TNA UK AIR 14/2668. 21 NIOD, toeg.nr. 0.77, inv.nr. 1328. 22 TNA UK AIR 14/2669. 12
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
31
19 maart 1941 In de gemeente Emmen werd een blindganger op een akkerland gevonden. 23 [Locatie onbekend] In de nacht van 18 op 19 maart 1941 bombardeerden toestellen van Bomber Command diverse doelen in Duitsland en Nederland. Emmen is niet als doelwit opgegeven. Er zijn ook geen verwijzingen naar noodafworpen die te zijn herleiden naar Emmen. 24 [Context bij bovenstaande melding blindganger] 16 juni 1941 Zeventien brisant- en 160 brandbommen vielen in open velden, zonder schade aan te richten. De bommen vielen in de gemeente Eibergen, Brunssum, Montfort, Emmen en Veghel. 25 [Locatie onbekend; inslag bommen niet te herleiden, eerstvolgende luchtfoto in bezit 2910-1944] In de nacht van 15 op 16 juni 1941 bombardeerden toestellen van Bomber Command diverse doelen in Duitsland en Frankrijk. Emmen is niet als doelwit opgegeven. Er zijn ook geen verwijzingen naar noodafworpen die te zijn herleiden naar Emmen. 26 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] Op 16 juni 1941 bombardeerden toestellen van Bomber Command diverse doelen voor de Duitse, Nederlandse en Belgische kusten. Emmen is niet als doelwit opgegeven. Er zijn ook geen verwijzingen naar noodafworpen die te zijn herleiden naar Emmen.
27 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] In de nacht van 16 op 17 juni 1941 bombardeerden toestellen van Bomber Command diverse doelen in Duitsland, Nederland en Frankrijk. Emmen is niet als doelwit opgegeven. Er zijn ook geen verwijzingen naar noodafworpen die te zijn herleiden naar Emmen. 28 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] 15 juli 1941 In de gemeente Emmen vielen zes brisant- en meerdere brandbommen, wat leidde tot glasschade en schade aan woonhuizen. 29 [Locatie onbekend; inslag bommen niet te herleiden, eerstvolgende luchtfoto in bezit 29-10-1944] In de nacht van 14 op 15 juli 1941 legden toestellen van Bomber Command zeemijnen op verschillende plaatsen. Emmen is niet als doelwit opgegeven. Er zijn ook geen verwijzingen naar noodafworpen die te zijn herleiden naar Emmen. 30 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] In de Day Bomb Raid Sheets van Bomber Command zijn geen gegevens aangetroffen over bombardementen op 15 juli 1941. 31 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] In de Night Bomb Raid Sheets van Bomber Command zijn geen gegevens aangetroffen over bombardementen in de nacht van 15 op 16 juli 1941.32 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] 18 augustus 1941 In de gemeente Emmen vielen zes brisantbommen in een open veld, zonder schade aan te 23
NIOD, toeg.nr. 0.77, inv.nr. 1328. TNA UK AIR 14/2672. 25 BArch. R58/3578. 26 TNA UK AIR 14/2673. 27 TNA UK AIR 14/3363. 28 TNA UK AIR 14/2673. 29 BArch. R58/3578. 30 TNA UK AIR 14/2675. 31 TNA UK AIR 14/3363. 32 TNA UK AIR 14/2675. 24
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
32
richten.33 [Locatie onbekend; inslag bommen niet te herleiden, eerstvolgende luchtfoto in bezit 29-10-1944] In de nacht van 17 op 18 augustus 1941 bombardeerden toestellen van Bomber Command diverse doelen in Duitsland en Nederland en werden voor de Duitse en Nederlandse kust zeemijnen gelegd. Emmen is niet als doelwit opgegeven. Er zijn ook geen verwijzingen naar noodafworpen die te zijn herleiden naar Emmen. 34 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] Op 18 augustus 1941 bombardeerden toestellen van Bomber Command diverse doelen in Duitsland en scheepvaartverkeer op zee. Emmen is niet als doelwit opgegeven. Er zijn ook geen verwijzingen naar noodafworpen die te zijn herleiden naar Emmen. 35 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] In de nacht van 18 op 19 augustus 1941 bombardeerden toestellen van Bomber Command diverse doelen in Duitsland en werden zeemijnen gelegd. Emmen is niet als doelwit opgegeven. Er zijn ook geen verwijzingen naar noodafworpen die te zijn herleiden naar Emmen. 36 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] Nacht van 1 op 2 april 1942 Het pand op de Schoonebekerstraat 53 werd rond 0.00 uur door mitrailleurkogels geraakt.
37 [Buiten onderzoeksgebied] 4 april 1942 In de gemeente Emmen werden boerderijen beschoten met mitrailleurs, wat leidde tot lichte schade.38 [Historische context] 28 juni 1942 In de gemeente Emmen vielen achttien brandbommen in een open veld, zonder schade aan te richten.39 [Locatie onbekend; inslag bommen niet te herleiden, eerstvolgende luchtfoto in bezit 29-10-1944] In de nacht van 27 op 28 juni 1942 liet een Britse Halifax bommenwerper van 4 Group zijn lading vallen op 52 55’N 06 50’E. Het was een noodafworp van in totaal 1350 x 4 lb. staafbrandbommen. De Halifax werd aangevallen door Duitse vliegtuigen. 40 In de Operations Record Books van 4 Group zijn geen bijzonderheden gemeld over de aanval. 41 [Buiten onderzoeksgebied] 7 oktober 1942 In Veenoord was een brandbom, waarschijnlijk een fosfor-rubberbom in een zandweg ingeslagen, waar deze vervolgens uitbrandde. 42 [Locatie onbekend; inslag bommen niet te herleiden, eerstvolgende luchtfoto in bezit 29-10-1944] In de nacht van 6 op 7 oktober 1942 bombardeerden toestellen van Bomber Command Osnabrück met onder andere 30 lb. brandbommen. Volgens de verslagen konden de meeste toestellen het doel identificeren en bombarderen. Veenoord is niet als doelwit opgegeven. Er zijn ook geen verwijzingen naar noodafworpen die te zijn herleiden naar Veenoord. 43 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen]
33
BArch. R58/3578. TNA UK AIR 14/2675. 35 TNA UK AIR 14/3363. 36 TNA UK AIR 14/2675. 37 GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.782. 38 BArch. R58/35780. 39 BArch. R58/35780. 40 TNA UK AIR 14/2674. 41 TNA UK AIR 25/100. 42 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7. 43 TNA UK AIR 14/2675. 34
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
33
3 november 1942 Een viermotorig vliegtuig dat naderde vanuit zuidelijke richting gooide vanaf een hoogte van ongeveer 30 tot 50 meter vermoedelijk zeven brisantbommen van 250 kg (500 lb.) af op Veenoord (lengte 1,20-1,50 meter, diameter 30-40 centimeter). Het ging waarschijnlijk om een noodafworp. Als doelen kwamen het spoorwegemplacement, de spoorbrug, de aardappelmeelfabriek of de graansilo in aanmerking. De bommen (zowel ontploft als onontploft) vielen op de volgende plaatsen: - Percelen van de heer Wandlust (sectie E, no. 1629). - Perceel Witvoet (sectie E, no. 1628) - Blindganger bij perceel sectie E, no. 2273, met staart en zonder - In het vrije veld, perceel sectie E, no. 1032 - Scherven gevonden bij de aardappelmeelfabriek, sectie E no. 2743 en bij een woning sectie E no. 2231 Tevens vielen er rond de tachtig brandbommen (fosfor) met een lengte van 80 centimeter en een diameter van 13 centimeter van 80 of 30 lb. De brandbommen kwamen neer in de percelen sectie E no. 1269, 2272, 1032, 1094, 1075, 1021, 2312, 2580. 45 stuks werden uitgegraven gedeeltelijk gebroken, 28 stuks waren uitgebrand.
44 In een andere bron worden de getroffen adressen aangegeven als: Veilingstraat, Heerendijk, Wilhelmsweg, Vaart N.Z., Vaart Z.Z., de Schooldijk en Wijkstraat.45 [Buiten onderzoeksgebied] Op 3 november 1942 vielen Britse bommenwerpers van Bomber Command diverse doelen aan in Frankrijk, Nederland en Duitsland. Drie Stirling bommenwerpers van 3 Group vlogen missie richting het station van Lingen. Een van de toestellen voerde geen bombardement uit. De twee andere bommenwerpers wierpen in totaal twaalf 1.000 lb brisantbommen en achttien 30 lb brandbommen af. De bommen van een van de toestellen leek over het doel heen te zijn gevallen (overshot) maar de brandbommen van het andere toestel leken op het doelwit te zijn gevallen. 46 Noot: vermoedelijk wierpen de Stirlings niet achttien 30 lb. brandbommen, maar brandbommen uit achttien Small Bomb Containers (SBC). Waarschijnlijk waren het twee Stirlings van 218 Squadron. Door het weer was het visueel waarnemen van het doelwit lastig. De bemanning van één Stirling identificeerde het doelwit aan de hand van het kanaal. De bemanning van de tweede Stirling bombardeerde een bebouwd gebied op een kwart mijl ten zuiden van het spoorwegenstation. Het doelwit werd geïdentificeerd aan de hand van de bochten in het Dortmund-Eemskanaal en door de spoorlijn.
Gloeiend licht van de brandbommen werd waargenomen.47 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] 7 december 1942 In de verlengde Hoogeveense Vaart werd een schip door drie geallieerde vliegtuigen met boordwapens beschoten. Daarna volgde ook een aanval op twee 500 meter westelijk gelegen schepen die aan wal lagen.48 [Locatie onbekend, niet relevant] 27 op 28 mei 1943 Een Britse Handley Page Halifax bommenwerper van 10 Squadron werd rond 1.50 uur neergeschoten in de buurtschap Den Hool door een Duits vliegtuig van 3 Nachtjagdgeschwader 1.49 [Buiten onderzoeksgebied] 21 augustus 1943 In Ermerveen was een brand uitgebroken waarbij een oppervlakte van 60 aren in brand stond dat behoorde aan A. Winters. 50 Waardoor deze brand is ontstaan is niet bekend. [Buiten onderzoeksgebied]
44
GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7. GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.782. TNA UK AIR 14/3364. 47 TNA UK AIR 27/1350; Onduidelijk blijft of het Dortmund-Eemskanaal bedoeld werd of de Hoogeveense Vaart. 48 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7. 49 SGLO, T2386, 05-01-2021; https://www.tracesofwar.nl/sights/2221/Oorlogsgraven-van-het-Gemenebest-AlgemeneBegraafplaats-Sleen.htm, geraadpleegd op 08-01-2021. 50 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 475. 45 46
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
34
19 september 1943 Te Veenoord woedde een uitslaande brand in korenmijten in de nabijheid van een boerderij, die was ontstaan in het buurtschap ’t Haantje. 51 Waardoor deze brand is ontstaan is niet bekend. [Buiten onderzoeksgebied] 19 november 1943 Rond 13.00 uur viel er een twintigtal bommen op Nieuw-Amsterdam. Negentien brandbommen (vermoedelijk fosforrubber) explodeerden, een brandbom niet. Ze kwamen terecht in de landerijen van Hadders, Winkelman en Sikkens zonder schade aan te richten. In het land van Oostergo werden twee bommen gevonden waarvan een niet geëxplodeerd was. 52 [Buiten onderzoeksgebied] In de Day Bomb Raid Sheets van Bomber Command zijn geen gegevens aangetroffen over een bombardement op 19 november 1943 met brandbommen. 53 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] Amerikaanse B-17 bommenwerpers van de Eight Airforce van de USAAF vlogen missie naar Gelsenkirchen. Door slecht weer en mankementen aan de navigatie-instrumenten bombardeerden honderddertig van de honderdzeven-en-zestig uitgestuurde toestellen op diverse doelen aan beide zijden van de Nederlands-Duitse grens. 54 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] Amerikaanse B-17 bommenwerpers van 4 Combat Bomb Wing (4 CBW), 13 Combat Bomb Wing (13 CBW) en 45 Combat Bomb Wing (45 CBW) vlogen op 19 november 1943 een missie naar Gelsenkirchen.
De toestellen van 4th en 45th Combat Bomb Wing waren geladen met het maximum aantal M-47-A1 brandbommen dat een toestel kon meedragen. Dit waren er tweeënveertig. In totaal werden 12.41 en 12.51 uur 2.906 x 100 lb. brandbommen afgeworpen tussen. [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] Volgens de 3rd Bombardement Division Narrative over het bombardement op Gelsenkirchen waren de resultaten als volgt:55 •
• •
•
•
388th Bomb Group (45 CBW): negentien toestellen namen deel, met twee Pathfinder toestellen. Drie toestellen keerden terug voordat het doelwit werd bereikt. De zestien overige toestellen en de Pathfinder toestellen bombardeerden ongeveer op 52° 10’N 07° 10’E; [Buiten onderzoeksgebied] 96th A Bomb Group (45 CBW): een-en-twintig toestellen werden uitgestuurd. Al deze toestellen bombardeerden een onbekend doelwit; [Locatie onbekend] 96th B Bomb Group (45 CBW): een-en-twintig toestellen werden uitgestuurd. Twee toestellen keerden terug voordat het doelwit werd bereikt. De negentien overige toestellen bombardeerden een onbekend doelwit en keerden terug naar de basis; [Locatie onbekend] 94th Bomb Group (4 CBW): achttien toestellen werden uitgestuurd, met twee Pathfinder toestellen. Een toestel keerde terug voordat het doelwit werd bereikt. Geen van de andere toestellen vloog de missie vanwege technische mankementen en bombardeerden niet; [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] 385th Bomb Group (4 CBW): een-en-twintig toestellen werden uitgestuurd. Vier toestellen keerden terug voordat het doelwit werd bereikt. Zestien toestellen lieten hun bommen vallen ergens bij Arnhem. Een toestel raakte verdwaald en sloot aan bij 95th Bomb Group. [Buiten onderzoeksgebied]
Volgens het Flash Report van de aanval werden op de volgende locaties bommen afgeworpen: • Zeventien toestellen in de buurt van Arnhem (100 lb brandbommen); [Buiten onderzoeksgebied] 51
GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 475. GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.782. 53 TNA UK AIR 14/3366. 54 Hammel (1994), 208-209. 55 NARA RG 18 box 1880. 52
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
35
• • • • •
Vijftien toestellen in de buurt van 52° 08’N 06° 10’E (500 lb brisantbommen); [Buiten onderzoeksgebied] Tweeëntwintig toestellen in de buurt van Arnhem, Apeldoorn en Nijmegen (500 lb brisantbommen); [Buiten onderzoeksgebied] Veertig toestellen bombardeerden gewoon (‘just bombed’) (100 lb brandbommen); De locatie van de afgeworpen bommen is niet bekend. [Locatie onbekend] Achttien toestellen in de buurt van 52° 10’N 07° 10’E; [Buiten onderzoeksgebied] Zeventien toestellen in de buurt van 51° 55’N 06° 40’E. [Buiten onderzoeksgebied]
Vermoedelijk heeft een B-17 van 338th Bomb Group 561 Bomb Squadron de bommen afgeworpen. Van de tweeënveertig meegedragen bommen werd de helft op het doelwit afgeworpen en werd de helft salvoed. In het bombardementsverslag is niet benoemd waar deze bommen werden afgeworpen.56 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] 22 november 1943 In de buurtschappen Achterste Erm en Erm werd rond 19.05 uur door een vliegtuig uit westelijke richting een grote hoeveelheid staafbrandbommen afgeworpen. Twee boerderijen gingen in vlammen op. Tevens was er een brisantbom van 550 kg (1.000 lb) geëxplodeerd ten westen van de weg Erm-Holsloot in het buurtschap Erm. Daarnaast werden hier een twintigtal kleine gaten gevonden die vermoedelijk van fosforrubberbommen afkomstig waren. 57 De boerderijen die beschadigd waren lagen aan de Achterste Erm 8 en 10, toenmalig nummer C90 en 90a.58 [Buiten onderzoeksgebied] In de operationele gegevens van Bomber Command zijn geen gegevens gevonden over een bombardement met brisant- en brandbommen op 22 november 1943. 59 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] In de operationele gegevens van Bomber Command zijn gegevens gevonden over bombardementen in de nacht van 22 op 23 november 1943, uitgevoerd met brisantbommen, fosforrubberbrandbommen en staafbrandbommen.
Het betreft tientallen bommenwerpers van verschillende Groups.60 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] 29 november 1943 Rond 15.45 uur werden in Nieuw-Amsterdam veertien brandbommen (vermoedelijk fosfor) afgeworpen. Twaalf vielen in de omgeving van de Wijkstraat. Ook vielen er twee bommen op de openbare weg de ‘Zijtak Oostzijde’ en een andere bom op de weg ‘de Vaart Noordzijde’. Er ontstond lichte schade aan woningen. 61 De brandweer maakte melding van 15 á 16 brandbommen.62 [Buiten onderzoeksgebied] In de weilanden nabij de spoorlijn Coevorden – Nieuw-Amsterdam werden gaten gevonden waarin vermoedelijk de blindgangers lagen. [Buiten onderzoeksgebied] Op die dag werd door omwonenden waargenomen dat men iets had zien vallen uit de overtrekkende vliegtuigen. De gaten bevonden zich op: - Ca. 15 meter uit het hart van de spoorlijn, ca. 200 meter ten oosten van de overweg Den Hool-Dalerveen [Buiten onderzoeksgebied] - 800 meter ten westen van de genoemde spoorlijn, 60 meter uit het hart van de lijn; [Buiten onderzoeksgebied] - Een derde trechter zat in een weiland; hierin bleek een fosforbom gedeeltelijk te zijn uitbrand. 63 [Buiten onderzoeksgebied, spoorlijn ligt op meer dan 1 km van onderzoeksgebied]
56
NARA RG 18 box 1880. GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7. https://www.erm.nu/2015/05/achterste-erm-in-oorlogstijd, geraadpleegd op 07-01-2021. 59 TNA UK AIR 14/3366. 60 TNA UK AIR 14/2677. 61 GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.782. 62 GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.784.3. 63 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7. 57 58
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
36
In de Day Bomb Raid Sheets van Bomber Command zijn geen gegevens aangetroffen over een bombardement op 29 november 1943 met brandbommen. 64 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] 4 december 1943 Tussen de buurtschappen Dalen en Holsloot maakte een Duits Messerschmitt Bf 109 jachtvliegtuig van 6. Jagdgeschwader 11 rond 17.20 uur vanwege slecht weer een noodlanding in een weiland nabij Holsloot. De piloot Kriese was ongedeerd. 65 [Historische context] 22 december 1943 Een Duits Messerschmitt Bf 109 jachtvliegtuig van 9 Jagdgeschwader 54 maakte rond 14.30 uur een noodlanding 200 meter ten zuiden van de Wilhelmsweg in het voormalige dorp Wilhelmsoord bij Nieuw-Amsterdam. Het vliegtuig was zo goed als vernield. 66 Volgens het boek van A. Jansen ging het om een Messerschmitt Bf 109 van de 9. Staffel van de 3. Jagdgeschwader 1. Het wrak werd op 29 december 1943 geborgen. 67 [Buiten onderzoeksgebied] 29 december 1943 Vanwege een neergestort vliegtuig aan de Turfdijk (huidige Wilhelmsweg) in Nieuw-Amsterdam rukte de brandweer uit. Er was echter geen schade en brand in het weiland. 68 [Buiten onderzoeksgebied]. Vermoedelijk gaat dit over het toestel dat neerstortte op 22 december 1943 dat op 29 december 1943 geruimd werd. In de SGLO-database is geen verdere informatie over dit neergestorte toestel gevonden.
20 januari 1944 Een Duits vliegtuig maakte rond 14.30 uur een noodlanding op een perceel bouwland ten zuiden van de Hoogeveense Vaart te Nieuw-Amsterdam. Het vliegtuig bleef nagenoeg onbeschadigd, ook de omgeving kende weinig schade. 69 [Buiten onderzoeksgebied] In de SGLO-database is geen verdere informatie over dit neergestorte toestel gevonden. 30 januari 1944 Rond 12.30 uur werden patronen gevonden bij de Heerendijk 86 en 141 wonende te NieuwAmsterdam.70 [Buiten onderzoeksgebied] 4 februari 1944 Tussen de buurtschappen Veenoord en Holsloot was in de berm van de Hoogeveense Vaart een band met veertig patronen door vliegtuigen afgeworpen. 71 [Niet relevant] 6 maart 1944 Een deur van een Amerikaans vliegtuig werd gevonden in het land nabij het dorp Veenoord. [Locatie onbekend] Op dezelfde dag werd een Duitse Focke Wulf Fw 190 jager van 7. Jagdgeschwader 11 om 14.48 uur neergeschoten door een Amerikaanse B-17 Flying Fortress bommenwerper. Het toestel stortte neer nabij het buurtschap Diphoorn aan de zandweg Sleen – Erm.72 [Buiten onderzoeksgebied] Boven Nieuw-Amsterdam vond rond 15.00 uur een luchtgevecht plaats waarbij zeven Amerikaanse piloten met parachutes uit een vliegtuig sprongen. Tevens stortte er meerdere vliegtuigen neer in de omgeving van het Zwartemeer, Oud-Schoonebeek, Beilen, Sleen en Hoogeveen73 [Buiten onderzoeksgebied]
64
TNA UK AIR 14/3366. GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7; SGLO, R0732, 06-01-2021. 66 GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.782; SGLO, T3267, 06-01-2021. 67 Jansen deel II 1979, 295. 68 GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.784.3. 69 GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.782. 70 GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.782. 71 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7. 72 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7; GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.782; SGLO, T3512, 08-01-2021. 73 GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1. 65
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
37
15 maart 1944 Rond 11.30 uur werden 363 patronen gevonden op het perceel van Kuiper wonende te NieuwAmsterdam.74 [Niet relevant] 12 april 1944 Om 15.20 uur werd de trein 5138 tussen Nieuw-Amsterdam en Emmen beschoten waarbij de locomotief beschadigd raakte. De aanval werd uitgevoerd door de Amerikaanse Eight Air Force vermoedelijk door Amerikaanse jachtvliegtuigen van een van de vier verschillende Fighter Groups (de 353ste, 355ste, 359ste en de 361ste) die Amerikaanse bommenwerpers begeleiden. 75 [Buiten onderzoeksgebied] 19 april 1944 Rond 15.30 uur gingen er meerdere mitrailleurkogels door het dak van een woning aan de Boerdijk te Veenoord. Vermoedelijk afkomstig van het vliegtuig dat ook de staande trein in de gemeente Emmen beschoten had.76 [Buiten onderzoeksgebied] 29 april 1944 Rond 13.00 uur lieten vliegtuigen een band met scherpe patronen uit de lucht vallen in de tuin van Jan Witvoet, wonende te Nieuw-Amsterdam, Vaart N.Z. 59.77 [Buiten onderzoeksgebied] 29 mei 1944 Rond 14.00 uur beschoten tien Amerikaans Lockheed P-38 Lightning jachtvliegtuigen vier op het emplacement van Nieuw-Amsterdam staande goederenwagons. De wagons werden getroffen en ook de rails raakte licht beschadigd. Ook werd een boerderijtje te Veenoord E25 in brand geschoten. Daarnaast werden ook twee woningen in de nabijheid van het station op de Heerendijk 15 en 56 door enige kogels beschadigd.
Het geschiedde precies op de grens van de gemeente Sleen (Veenoord) en de gemeente Emmen (Nieuw-Amsterdam). 78 [Buiten onderzoeksgebied] 27 juni 1944 In de berm langs de Hoogeveense Vaart tussen Holsloot en Veenoord werden negen machinegeweerpatronen gevonden. Op dezelfde plaats als op 4 februari 1944. 79 [Niet relevant] 29 juli 1944 In een zandweg tussen Holsloot en Veenoord werden ongeveer honderd machinegeweer patronen gevonden.80 [Niet relevant] 30 juli 1944 In een weiland in Ermerveen werden ongeveer honderd machinegeweer patronen gevonden. Ook lagen er honderd patronen in de Deutmater [sic. Deutlanden] nabij de Elzerdijk.81 [Niet relevant] 5 augustus 1944 Rond 14.00 uur vond er boven het Amsterdamscheveld een luchtgevecht plaats waarbij met boordwapens werd geschoten. Door een omwonende werden 64 mitrailleurpatronen gevonden. 82 Het is onbekend waar de patronen gevonden werden. [Buiten onderzoeksgebied] 17 augustus 1944 Door H. Elling werd de mededeling gedaan dat er in zijn weiland aan de Boerdijk een gat in de 74
GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.782. Zwanenburg deel II 1993, 194; Jansen deel III 1980, 193. 76 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7. 77 GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.782. 78 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7; GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.782. 79 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7. 80 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7. 81 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7. 82 GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 260. 75
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
38
grond was gevonden. Hierin bevonden zich de resten van een uitgebrande zeskantige staafbrandbom die vermoedelijk afkomstig was van de afworp van 22 november 1943. 83 [Buiten onderzoeksgebied] 3.6
Bevrijdingsjaar 1944-1945 Het bevrijdingsjaar voor Nederland startte vanaf september 1944. Amerikaanse grondtroepen staken vanuit België de Nederlandse grens over in zuid Limburg. Halverwege september 1944 vond Operation Market Garden plaats. Dit ambitieuze plan van de geallieerde bevelhebber Montgomery moest ervoor zorgen dat de bruggen tussen Eindhoven en Arnhem door luchtlandingstroepen bezet zouden worden om vervolgens door geallieerde grondtroepen te worden ontzet, waarna kon worden begonnen met de verovering van het Rurhgebied. Ook staken de geallieerden de Nederlandse grens in Zeeuws Vlaanderen over. Het oorspronkelijke plan van Operation Market Garden mislukte waardoor Noord-Brabant, Zeeland, Limburg en Gelderland frontgebied werden. Maanden van zware (grond)gevechten volgden in combinatie met artilleriebeschietingen en bombardementen. In maart 1945 startte de bevrijding van Noorden West-Nederland waarbij de frontlijn in mei 1945 stil kwam te liggen. Het nog bezette deel van Nederland binnen de zogenaamde Festung Holland werd bevrijd door de algehele capitulatie van de Duitse strijdkrachten in Nederland op 5 mei 1945. Nacht van 2 op 3 oktober 1944 Rond 1.00 uur werd er boven Nieuw-Amsterdam vermoedelijk een explosief afgeworpen welke terecht kwam in het perceel gelegen aan de Beekweg Noordzijde.
84 [Buiten onderzoeksgebied] Op deze dag vielen 53 Britse Havilland Mosquitos van 138 en 140 Wing tussen 19.41 en 06.18 uur doelen aan in Duitsland en Nederland. In het noordoosten van Nederland werden aanvallen gedaan op bewegende doelen op spoorwegen, maar ook schepen en een fabriek werden aangevallen. De vliegtuigen droegen 42 x 500 lb. MC (ontsteker tail instantaneous) en 46 x 500 lb. MC (ontsteker 11 sec tijdvertraging) bommen met zich mee, inclusief boordwapens. 85 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bom] 4 oktober 1944 Op een stuk land gelegen aan de zuidzijde van de Beekweg Noordzijde 28 op 300 meter van de openbare weg werd een niet-ontploft projectiel gevonden.86 [Buiten onderzoeksgebied] Dit betreft vermoedelijk het afgeworpen explosief dat in de nacht van 2 op 3 oktober 1944 boven Nieuw-Amsterdam werd afgeworpen. 29 november 1944 Op deze dag werd het schip Castor en Pollux door een bom getroffen waarna het zonk. Dit gebeurde in de Hoogeveense Vaart nabij Holsloot in de gemeente Sleen. Een tweede bom explodeerde ongeveer op 100 meter vanaf het schip in een heideveldje. [Buiten onderzoeksgebied] Op ongeveer 2 kilometer daarvandaan lagen twee schepen (tussen Holsloot en Veenoord) die met boordwapens werden beschoten, [RAP_441129A] waarna er vervolgens nog twee bommen werden afgeworpen, welke in een weiland explodeerden.
[RAP_441129B] Bij de beschieting met 20 millimeter kogels [granaten] raakten schepen beschadigd.87 Op deze dag voerden negen Britse Hawker Tempest gevechtsvliegtuigen van 3 Squadron (122 Wing) tussen 09.35 en 14.24 uur aanvallen uit in het gebied Münster. Een schip werd vernietigd in het kaartvierkant rV2353, een schip in het kaartvierkant rV2852 en vier raakten beschadigd. Een vliegtuig keerde niet meer terug. 88 Deze kaartvierkanten bevinden zich echter ver buiten het onderzoeksgebied. [Buiten onderzoeksgebied] In de Operation Record Books van 29 november 1944 van 3 Squadron is geen verdere informatie gevonden.
83
GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7. GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.782. 85 TNA UK AIR 37/716. 86 GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.782. 87 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 612.7. 88 TNA UK AIR 37/716. 84
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
39
Een andere mogelijkheid is dat dit gaat om een aanval van de 2nd Tactical Air Force. Daarbij voerden 42 Britse Havilland Mosquito jachtbommenwerpers van 138 Wing tussen 19.00 en 2.55 aanvallen uit in een groot gebied in zowel Nederland als Duitsland. 44 schepen werden op die dag o.a. aangevallen. 89 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bommen] In de Operation Record Books van 29 november 1944 van 107, 305 en 613 Squadron is geen verdere informatie gevonden. 2 december 1944 Rond 23.20 uur werd er een bom boven Nieuw-Amsterdam afgeworpen. In het perceel van R. Vennik, dat lag tussen de Dikkewijk en de Siepeldijk ten noorden van de Hoogeveense Vaart, werd een trechtervormig gat gevonden. 90 [Buiten onderzoeksgebied] In de gegevens op 2 december 1944 van de Britse 2nd Tactical Air Force zijn geen meldingen aangetroffen die wijzen op een verband met dit bombardement. In de operationele gegevens van Bomber Command zijn gegevens aangetroffen over bombardementen die plaatsvonden in de nacht van 2 op 3 december 1944. Diverse doelen in Duitsland werden gebombardeerd. Er is geen verwijzing naar Nieuw-Amsterdam als doelwit.91 [Context bij bovenstaande melding afgeworpen bom] 15 december 1944 Op deze plaats (zie afbeelding) lag een munitieopslagplaats. 92 [Buiten onderzoeksgebied]
6 januari 1945 Zeven Britse Spitfire jachtbommenwerpers van 442 Squadron, 126 Wing vielen tussen 13.37 en 10.15 doelen aan in het gebied Lingen-Rheine-Osnabrück-Münster. Daarbij werden zes vaste boilers beschoten met boordwapens in het kaartvierkant rV4059. Drie boilers raakten
89
TNA UK AIR 37/716. GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 260. 91 TNA UK AIR 14/2680. 92 NIMH, toeg.nr. 575, inv.nr. 228. 90
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
40
beschadigd. De boilers hadden een diameter van ca. 120 centimeter en een hoogte van ca. 245 centimeter.93 [Buiten onderzoeksgebied] 22 februari 1945 In Nieuw-Amsterdam lagen er nog vijf niet-ontplofte bommen.94 [Buiten onderzoeksgebied] 6 en 7 april 1945 Op deze dag consolideerden eenheden van de 4th Canadian Armoured Division het gebied rondom Coevorden, nadat dit door het Lake Superior Regiment van de 5th Canadian Armoured Division was bevrijd, en werden er patrouilles ter verkenning naar onder andere NieuwAmsterdam gestuurd.95 [Historische context] 10 april 1945 Uit het gebied Coevorden rukten twintig tanks op naar het noordwesten en veroverde daarbij Emmen.96 Ook de gemeente Sleen werd op deze dag bevrijd door Poolse eenheden van de 1 Polska Dywizja Pancerna.97 Er zijn in de geraadpleegde bronnen geen aanwijzingen gevonden dat er in het onderzoeksgebied gevechtshandelingen op de grond hebben plaatsgevonden tijdens de bevrijding. [Historische context] 11 april 1945 Nieuw-Amsterdam/Veenoord werd door Canadese troepen bevrijd.98 [Historische context] 20 april 1945 De brug op de grens van Veenoord en Nieuw-Amsterdam was totaal verwoest. Dat gold ook de brug over de spoorhaven, de spoorbrug te Veenoord en de Hoolbrug en Holslootbrug over de Hoogeveense Vaart.99 [Buiten onderzoeksgebied] 2 mei 1945 In totaal waren er zes beschadigde bruggen in de gemeente Sleen.
100 [Buiten onderzoeksgebied] 3.7
Naoorlogse periode – heden Direct na de Tweede Wereldoorlog werd begonnen met het opruimen van CE. In eerste instantie werd door het Militair Gezag (MG) aan de (plaatsvervangende) burgemeesters van de gemeenten gevraagd om een opgave te doen van mogelijk aanwezige mijnen en munitie. De ruimingen van landmijnen en overige munitie werden in de eerste jaren uitgevoerd door diverse onderdelen waaronder de Mijn- en Munitieopruimingsdienst (MMOD). Vanaf 1948 was de Hulpverleningsdienst (HVD) van het toenmalige Ministerie van Binnenlandse Zaken verantwoordelijk voor het ruimen van explosieven. Tot 1972 heeft de HVD ruimingen uitgevoerd. Het ruimen van explosieven in Nederland is vanaf die datum weer een verantwoording van het Ministerie van Defensie. 6 september 1945 Bij de marechausseekazerne in Nieuw-Amsterdam lagen nog drie geladen vliegtuigbommen. Deze waren tijdelijk in de grond verstopt om gevaar te voorkomen. 101 [Buiten onderzoeksgebied] 30 oktober 1945 Dichtbij Wilhelmsoord lag nog een niet-ontplofte bom. [Locatie onbekend] In Nieuw-
93
TNA UK AIR 37/717; TNA UK AIR 27/1882/22. GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.783. 95 Bollen en Vroemen 1994, 184-185. 96 Bollen en Vroemen 1994, 182. 97 NIMH, toeg.nr. 420, inv.nr. 42; NIMH, toeg.nr. 420, inv.nr. 18. 98 Van der Hoek 1985, 111. 99 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 480.2 100 GC, toeg.nr. 1, inv.nr. 475. 101 GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.783. 94
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
41
Amsterdam lagen er nog twee. 102 [Buiten onderzoeksgebied] Onbekend is met welke bombardementen deze vondsten verband houden. Datum onbekend Aan de Zuiderraai te Nieuw-Amsterdam was een rapport opgemaakt over een bommenregen.103 [Buiten onderzoeksgebied] Mijnenvelden In het mijnenveldarchief van de EOD zijn geen indicaties aangetroffen dat er in het onderzoeksgebied mijnenvelden hebben gelegen. MORA's/ UO's Van 1971 tot op heden houdt de Explosieven Opruimingsdienst Defensie (EOD) zich bezig met het ruimen van CE in Nederland en worden de munitievondsten systematisch (per gemeente) bijgehouden in de ruimrapporten, de MORA's/ UO's. In het archief van de EOD zijn geen relevante MORA’s/UO’s aangetroffen. 3.8
Luchtfoto-analyse De geraadpleegde luchtfoto’s uit de verschillende collecties zijn gegeorefereerd in GIS en geanalyseerd op sporen van oorlogshandelingen zoals schade aan het landschap/ gebouwen, kraters, (sporen van) neergekomen vliegtuigen, loopgraven, mangaten, bunkers, verdedigingswerken, (geschut)stellingen, tankgrachten en mijnenvelden. Het optimaliseren van de luchtfoto interpretatie wordt gedaan aan de hand van fotobestanden in TIFF in plaats van in JPG en het bestuderen van foto's in 3D. De luchtfotodekking is te vinden in bijlage 3. Voor het classificeren van objecten op luchtfoto's zijn door de historisch onderzoekers en de twee luchtfoto-analisten de zogenoemde betrouwbaarheidsniveaus toegepast.
• •
Waarschijnlijk: de luchtfoto-analisten zijn overwegend zeker van de validiteit van de classificatie van het object. Het object is in de kaart ingetekend en indien van toepassing, afgebakend. Mogelijk: de foto-analisten zijn overwegend onzeker van de validiteit van de classificatie van het object. Niet in alle gevallen kon op basis van de luchtfoto de oorzaak worden vastgesteld van een object in het landschap of in de bebouwing. Om een verklaring te kunnen geven voor het ontstaan van de verstoring is naar een oorzaak gezocht in de geraadpleegde literatuur en archieven. Indien er geen oorzaak kon worden vastgesteld, is het waargenomen object aangemerkt als 'mogelijk'.
Verderop in deze paragraaf zijn kort de indicaties gegeven die op de luchtfoto's werden waargenomen. Daarin komen de betrouwbaarheidsniveaus ook aan bod. Voor het georefereren van luchtfoto's wordt gewerkt met ArcGIS. Er worden minimaal 10 punten (controlepoints) gebruikt om de luchtfoto op de basiskaart (bestaande uit gegevens van Esri, Kadaster, CBS, Rijkswaterstaat en gemeenten (zoals de BGT) te leggen. De Second Order Polynomial methode wordt standaard gebruikt voor de nauwkeurigheid van de georeferentie. Indien een foto lastig met de eerste methode te georefereren is, wordt de First Order Polynomial methode nog toegepast. Luchtfotodekking van 1935 Deze foto (KAD, sortieref. minuut 242, foto.nr. 42-44) werd gebruikt om een beeld te krijgen van de nul-situatie van het onderzoeksgebied voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Aan de hand van deze foto kan bepaald worden of eventuele verstoringen op latere foto’s al voor de Tweede Wereldoorlog aanwezig waren of dat ze afkomstig zijn van oorlogshandelingen. Tussen deze luchtfoto en de eerst volgende luchtfoto zit echter negen jaar. Eventuele landschappelijke ontwikkelingen tussen 1935 en oktober 1944 en/of sporen van oorlogshandelingen in de periode tussen mei 1940 en 28 oktober 1944 zijn daardoor onbekend. 102 103
GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.783. GHE, toeg.nr. geen, inv.nr. 1.784.3.
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
42
Luchtfotodekking van 29 oktober 1944 Deze foto (KAD, sortieref. 4-1172, foto.nr. 4182) is aangeschaft om de situatie voorafgaand aan de bevrijding te kunnen analyseren. De luchtfoto was van goede kwaliteit en dekte het gehele onderzoeksgebied, waardoor het volledig in beeld gebracht kon worden (dit in tegenstelling tot de foto van 26 december 1944). Er zijn op deze luchtfoto geen indicaties waargenomen die wijzen op oorlogshandelingen. Luchtfotodekking van 26 december 1944 Op deze foto (KAD, sortieref. 16-1545, foto.nr. 4050, 4111) die reeds in het bezit was van Bombs Away zijn tijdens de analyse mogelijke bomkraters waargenomen ten zuidwesten van het onderzoeksgebied. Een krater bevond zich in het onderzoeksgebied, een krater lag verder oostelijk net buiten het onderzoeksgebied. Deze kraters zijn mogelijk afkomstig van het bombardement van 29 november 1944. Op die dag explodeerden twee bommen in een weiland nadat er schepen waren aangevallen op de Hoogenveense Vaart tussen Holsloot en Veenoord [RAP_441129B]. Voor deze luchtfoto geldt echter dat deze van matige tot slechte kwaliteit (B/C) is. Het is hierdoor niet mogelijk om een goede luchtfoto-analyse uit te voeren.
Afbeelding 10: uitsnede van de luchtfoto van 26 december 1944 met een mogelijke krater binnen en een mogelijke krater buiten het onderzoeksgebied Noordoost Nederland, locatie Veenoord-Boerdijk (VOB).
Luchtfotodekking van 15 juli 1945 Deze foto (KAD, sortieref. 3G-TUD-S136, foto.nr. 5109, 5110, 5156) is gebruikt om een eindbeeld te krijgen van de zichtbare gevolgen van de oorlog. Dit is mogelijk door de naoorlogse luchtfoto te vergelijken met de foto’s van voor de bevrijding van het onderzoeksgebied. Er zijn op basis van deze foto geen nieuwe verstoringen waargenomen in het onderzoeksgebied. Deze foto is van matige kwaliteit, waardoor het niet goed mogelijk was om een goede analyse hierop uit te voeren en oorlogshandelingen nauwkeurig te lokaliseren. 3.9
Leemten in kennis Op basis van de geraadpleegde bronnen zijn nog enkele leemten in kennis. Deze leemten in kennis zijn:
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
43
• • • • •
•
• •
De gegevens over munitieruimingen binnen de grenzen van het onderzoeksgebied in de periode 1940-1945 CE zijn onbekend; De gegevens over munitieruimingen binnen de grenzen van het onderzoeksgebied in de periode 1945-1970 zijn onbekend; Niet van alle gebeurtenissen kon de exacte locatie worden vastgesteld op basis van de geraadpleegde bronnen; Websites veranderen continue door updates en nieuwe informatie. Soms verdwijnen sites ook van het web; of zijn ontoegankelijk geworden. Informatie kan zodoende verdwijnen of veranderen. In de geraadpleegde luchtfoto-archieven hebben de luchtfoto’s uit de eerste jaren van de oorlog een beperkte dekking en zijn ze vaak niet beschikbaar voor het betreffende onderzoeksgebied. Voorts zijn de luchtfoto’s uit deze beginperiode niet altijd van goede kwaliteit. Het is hierdoor niet altijd mogelijk om oorlogshandelingen nauwkeurig te lokaliseren. Voor dit onderzoek geldt dat de luchtfoto van 15 juli 1945 van matige en de foto van 26 december 1944 van matige tot slechte kwaliteit was; Tussen de eerste luchtfoto uit 1935 en de eerst volgende foto van 29 oktober 1944 zit negen jaar tijdsverschil.
Eventuele landschappelijke ontwikkelingen tussen 1935 en oktober 1944 en/of sporen van oorlogshandelingen in de periode tussen mei 1940 en 28 oktober 1944 zijn daardoor onbekend; Van de waargenomen verstoringen op de luchtfoto van 26 december 1944 is door de matige tot slechte kwaliteit niet met zekerheid te zeggen dat het hier bomkraters betreft; Van de mogelijke kraters in en nabij het onderzoeksgebied op de luchtfoto van 26 december 1944 is niet met zekerheid te zeggen dat deze afkomstig zijn van de luchtaanval op 29 november 1944.
3.10 Inventarisatiekaart Alle relevante gegevens met een geografisch component uit de geraadpleegde bronnen zijn ingetekend op een inventarisatiekaart in GIS, waarin ook de resultaten van de geanalyseerde (en gegeorefereerde) luchtfoto’s zijn verwerkt. In de onderstaande afbeelding is de inventarisatiekaart voor het onderzoeksgebied weergegeven. Op de A1 kaarten (losbladig, bijlage 4) zijn ook de corresponderende unieke nummers weergegeven.
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
44
Afbeelding 11: inventarisatiekaart onderzoeksgebied Noordoost Nederland, locatie Veenoord-Boerdijk (VOB).
20P258 definitief rapport VO CE Netversterking Noordoost Nederland Locatie Veenoord-Boerdijk (VOB) versie 1.0 d.d. 24 februari 2021
45
4 ANALYSE GEGEVENS 4.1
Inleiding analyse: verdacht of onverdacht gebied Op basis van de geraadpleegde gegevens kan worden vastgesteld of een onderzoeksgebied (deels) verdacht of onverdacht is. Indien er in het onderzoeksgebied geen oorlogshandelingen hebben plaatsgevonden en/of indien er geen CE in/op de (water)bodem zijn achtergebleven, is een gebied onverdacht. Als uitgangspunten voor de conclusie verdacht of onverdacht wordt bijlage 2 als leidraad gebruikt voor aanwezigheid van CE in het onderzoeksgebied. Verder wordt gebruik gemaakt van kennis en ervaring door het maken van een beredeneerde inschatting. • •
Verhoogde kans op CE: VERDACHT (bij specifieke meldingen van CE en bij oorlogshandelingen of militaire aanwezigheid en daardoor aanwezigheid van CE) Geen verhoogde kans op CE: ONVERDACHT (bij alle andere gevallen dan verdacht en bij contra-indicaties op verdachte gebieden).
Indien van de bovengenoemde richtlijnen (zie bijlage 2) voor de horizontale afbakening wordt afgeweken, is dit gemotiveerd. 4.2
Indicaties zonder verdacht gebied In de geraadpleegde bronnen zijn tevens indicaties van oorlogshandelingen aangetroffen die betrekking hebben op het onderzoeksgebied en/of de nabije omgeving die niet hebben geleid tot een verdacht gebied binnen de grenzen van het onderzoeksgebied. In de onderstaande tabel is per indicatie met RAP-nummer beargumenteerd waarom de indicatie niet heeft geleid tot een verdacht gebied binnen de grenzen van het onderzoeksgebied. RAP-nummer RAP_441129A