Bijlage 1 - Begroting 2026
Tekst van het document
41/155
Woonoverlast Het aantal meldingen van woonoverlast in Emmen neemt toe. Steeds vaker gaat het om mensen met complexe zorgvragen en onbegrepen gedrag die zelfstandig wonen in een wijk of dorp. Hulp is moeilijk beschikbaar, wachttijden zijn lang en het regelen van de juiste zorg is ingewikkeld. Daardoor duurt het te lang voordat mensen passende ondersteuning krijgen, of blijft die helemaal uit. Dit leidt tot overlast voor omwonenden en legt extra druk op wijkteams, handhaving en zorgverleners. In 2026 werken we verder aan de uitvoering van de integrale aanpak woonoverlast. Het woonteam vervult hierin een belangrijke rol. We blijven aandacht houden voor het bestendigen van eerder gemaakte afspraken over adequate hulp, betere samenwerking tussen zorg en veiligheid, en ondersteuning voor professionals in de wijk. Dit met het doel beter te zorgen voor mensen die het niet alleen redden. Ook in de openbare ruimte zien we steeds vaker mensen met onbegrepen gedrag. Hun gedrag is vaak verward of onvoorspelbaar. Dit zorgt voor onrust en gevoelens van onveiligheid in de omgeving. Hoewel het meestal niet om strafbaar gedrag gaat, vraagt het wel om snelle en zorgvuldige actie. Onze medewerkers spelen hierin een belangrijke rol. Samen met politie, zorgpartners en woningcorporaties zorgen zij voor snelle signalering en goede afstemming.
Waar mogelijk wordt iemand begeleid naar passende zorg of ondersteuning. Deze aanpak blijft ook in 2026 belangrijk. Het sluit aan bij onze inzet op woonoverlast en maakt deel uit van onze bredere aanpak voor een veilige en leefbare omgeving. Huiselijk geweld en kindermishandeling Zorg en veiligheid zijn nauw met elkaar verbonden. Problemen in gezinnen of bij bewoners kunnen leiden tot onrust of onveiligheid in de wijk. Daarom werken we ook in 2026 met een gezamenlijke aanpak, waarin zorg en veiligheid goed op elkaar zijn afgestemd. Een belangrijk middel daarbij is de Integrale Aanpak ter Voorkoming van Escalatie (AVE). Dit helpt om situaties met oplopende problemen in gezinnen of huishoudens op tijd te herkennen en erger te voorkomen. Meer informatie hierover staat in programma 9. Ook het landelijke programma Geweld Hoort Nergens Thuis maakt deel uit van onze aanpak. Dit programma sluit aan bij het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming, waarbij het Rijk werkt aan een nieuwe structuur. De gevolgen hiervan worden ook binnen onze gemeente zichtbaar. U leest hier meer over in programma 9. Tot slot wordt in 2026 gewerkt aan een nieuwe organisatievorm voor zorg en veiligheid in Drenthe. De huidige structuur behoeft verbetering.
Op basis van een adviesrapport, dat is goedgekeurd door de betrokken besturen van Veiligheidsregio Drenthe en GGD, wordt gewerkt aan een nieuw Zorg- en Veiligheidshuis met een duidelijke taakverdeling en betere samenwerking. Femicide In samenwerking met de andere Drentse gemeenten onderzoeken we welke gecoördineerde maatregelen we in Drenthe gaan treffen om femicide structureel aan te pakken. De voorbereidingen daarvoor zijn gestart. Als Emmen moeten we dus anticiperen op deze ontwikkeling. De kosten daarvan kunnen op dit moment nog niet worden ingeschat. Tot slot wordt in 2026 gewerkt aan een nieuwe organisatievorm voor zorg en veiligheid in Drenthe. De huidige structuur behoeft verbetering. Op basis van een adviesrapport, dat is goedgekeurd door de betrokken besturen van Veiligheidsregio Drenthe en GGD, wordt gewerkt aan een nieuw Zorg- en Veiligheidshuis met een duidelijke taakverdeling en betere samenwerking. Verkeersveiligheid Naast de reguliere handhaving van de verkeersregels besteden we ook in het verkeer veel aandacht aan preventie. Dat uit zich onder meer in de voorbereiding van de aanpak van kruispunten of wegen waar relatief veel ongelukken gebeuren. Daarnaast geven we uitvoering aan de (landelijke) koerswijziging in de verkeersveiligheid, die ook op gemeentelijk niveau zijn weerslag heeft: risico-gestuurd oftewel proactief.
We volgen het landelijk Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV 2030). Meer dan voorheen wordt risicogestuurd (proactief) gewerkt. Deze werkwijze helpt wegbeheerders om vroegtijdig risico’s in het verkeerssysteem te detecteren en gericht effectieve maatregelen te nemen om de risico’s te verkleinen of weg te nemen.
42/155
Nederland staat al jaren op verschillende lijsten in de top 10 van verkeersveiligheid in Europa, ook al zijn vergelijkingen volgens het SWOV (Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid) niet te maken. Decennia is met succes het programma Duurzaam Veilig ingevoerd. Wel stellen we vast dat de daling van de verkeersslachtoffers niet verder is doorgezet. Sinds een aantal jaren werken we landelijk aan risico-gestuurde aanpak in het SPV (Strategisch Plan Verkeersveiligheid) waarvan de resultaten in de komende jaren moeten blijken. We zien dat jongeren (15-17 jaar) en senioren steeds vaker betrokken zijn bij een verkeersongeluk. We vermoeden dat dit komt door de onervarenheid, het vertraagde reactievermogen en doordat de risico’s die verkeersdeelname met zich meebrengt, worden onderschat. Onder jongeren, in de leeftijd van 12 tot en met 24 jaar, valt 32% van de slachtoffers. In de groep kwetsbare vervoerswijzen (voetgangers, fietsers, e-bike- en fatbike en bromfiets+ (=bromfiets, snorfiets, scootmobiel en brommobiel) valt ongeveer 48% van de verkeersslachtoffers. De stijging van verkeersongevallen met jongeren op zogenaamde fatbikes, formeel een e-bike, maar opgevoerd verboden op de openbare weg, heeft landelijk de aandacht.
We zetten controles op fatbikes voort, waarbij niet alleen wordt gekeken naar verkeersovertredingen, maar ook wordt gecontroleerd op opgevoerde fatbikes. Bovendien constateren we dat er steeds vaker mensen worden aangehouden met verdovende middelen achter het stuur (bron: veiligheid.nl) Ook is op basis van meldingen van de politie de combinatie van alcoholgebruik en deelname aan het verkeer een blijvend aandachtspunt. Daarnaast is het gebruik van de e-bike sterk toegenomen. Het is de verwachting dat de e-bike een steeds groter deel uit gaat maken van het verkeerssysteem in onze gemeente. Daarom hebben we blijvende aandacht voor deze onderwerpen en houden we in samenwerking met de politiecontroles. Ook nemen we samen met NHL Stenden deel aan het mobiliteitsproject BikeSafeAI. Het project BikeSafeAI moet grondig inzicht bieden in fietsgedrag en verkeerssituaties door middel van geavanceerde AI-technologieën. In de komende jaren gaan we in provinciaal samenwerkingsverband de risicoanalyse vertalen naar een uitvoeringsprogramma. Zie ook Programma 7, 'Verkeersveiligheid'. Sociaal-maatschappelijke spanningen Het vierde thema is Sociaal-maatschappelijke spanningen. Als we daar op inzoomen betreft het vooral polarisatie en radicalisering.
Ze zijn als processen nauw met elkaar verbonden en kunnen de sociale cohesie, het vertrouwen in de overheid en de veiligheid in de gemeente onder druk zetten. We zien al enige tijd dat het wij-zij denken leidt tot polarisatie en steeds vaker tot radicalisering, tot een klimaat waarin argumenten er niet meer toe doen. Onze inspanningen zijn er voor de korte en de langere termijn op gericht om zorgelijke ontwikkelingen te signaleren, onmiddellijk gevolgd door beleid dat gericht is op verbinding. Dat doen we in samenwerking met onze veiligheidspartners, het sociaal domein, onderwijs, Sedna en het jongerenwerk. Onze aanpak heeft meerdere pijlers. We zetten na signalering van polarisatie en radicalisering in op preventie en zoals hierboven al benoemd verbinding. Maar scholing en bewustwording zijn ook belangrijke onderdelen binnen de aanpak. We investeren in scholing van professionals en maken gebruik van NCTV-modules en ook VRDtrainingen. Door helder te communiceren bij onrust willen we maatschappelijke spanningen voorkomen. Daarbij hoort het betrekken van onze inwoners en wijkplatforms. Inzet Boa's en ontwikkelingen VRD Er zijn twee meer algemene thema’s die een belangrijke rol spelen in het veiligheidsbeleid: de inzet van boa’s en de rol van de VRD. Inzet van BOA's De inzet van Boa’s vraagt aparte aandacht, want dit loopt door alle thema’s heen.
Boa’s blijven in 2026 onmisbaar voor een veilige en leefbare gemeente. Ze zijn dagelijks zichtbaar aanwezig in dorpen en wijken, en spelen een belangrijke rol bij het voorkomen en aanpakken van woonoverlast, jeugdoverlast, bijtincidenten, parkeeroverlast en signalen van ondermijning. In veel wijken houden zij samen met partners zoals politie, Sedna, woningcorporaties en gebiedscoördinatoren een wekelijks spreekuur voor inwoners en ondernemers. Ook leveren de Boa’s een belangrijke bijdrage aan een veilig verloop van evenementen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de viering van carnaval, paasvuren, C’est la vie, Gouden Pijl en de intocht van Sinterklaas. Een punt van grote zorg blijft de inzet van Boa’s in zowel het stationsgebied als in Nieuw-Weerdinge. Hun inzet heeft een structureel karakter gekregen door overlast van jeugdgroepen en asiel gerelateerde situaties. Niet alleen de omvang en de duur van de inzet baart zorgen, dat geldt eveneens voor de financiering. Door de ontwikkelingen
43/155
in Den Haag verlopen gesprekken met het ministerie over vergoeding van kosten uiterst moeizaam. We blijven met het ministerie in gesprek, maar de uitkomst is ongewis. De formatiesterkte van de Boa’s was ook onderwerp van gesprek tijdens de behandeling van de kaderbrief. Op verzoek van de gemeenteraad (motie VVD bij de kaderbrief 2025) wordt de formatiesterkte van de boa’s nader onderzocht. Voor de behandeling van de begroting 2026 ontvangt de raad de uitkomsten van dit onderzoek. Veiligheidsregio Drenthe (VRD) De Veiligheidsregio Drenthe speelt op een aantal thema’s een centrale rol. Dat geldt bijvoorbeeld voor maatschappelijke weerbaarheid, waarop hierboven al is ingegaan. In de beleidsplannen 2025-2028 en haar begroting 2026, die behandeld zijn door de gemeenteraad, heeft de VRD de volgende speerpunten benoemd voor 2026:
In 2026 werkt de Veiligheidsregio Drenthe samen met gemeenten aan een programma om inwoners beter te beschermen tegen risico’s zoals cyberaanvallen, extreem weer en langdurige uitval van stroom of internet. Brandweerposten worden onderzocht als mogelijke opvanglocaties in zulke situaties. De brandweer past haar taken aan per post, zodat deze beter aansluiten bij wat lokaal nodig en haalbaar is. Ook wordt gewerkt met drones en digitale systemen voor beter overzicht bij incidenten. De crisisorganisatie verbetert het delen van informatie met gemeenten, zodat sneller gehandeld kan worden bij rampen. Drenthe maakt daarnaast plannen voor het opvangen van evacués bij overstromingen in andere delen van Nederland. De Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR) traint zorgorganisaties om ook tijdens een crisis goede zorg te kunnen blijven bieden.
Vanaf 2026 wordt de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDUR) door het Rijk met 10% gekort. Deze korting heeft directe gevolgen voor de financiering van de veiligheidsregio’s, waaronder Veiligheidsregio Drenthe (VRD). Deze korting is nog niet verwerkt in de in september 2025 vastgestelde begroting voor 2026. Zonder aanvullende financiering kan de korting gevolgen hebben voor de uitvoering van taken op het gebied van crisisbeheersing, brandweerzorg en weerbaarheid. Indien de BDUR-korting volledig wordt doorgelegd naar de gemeenten, zou Emmen naar verhouding ongeveer €135.000 extra moeten bijdragen.
Doelenboom In de navolgende doelenboom is voor dit programma schematisch de relatie weergegeven tussen de doelen (wat willen we bereiken) en de prestaties (wat gaan we daarvoor doen). Doel
Prestatie
Ambitie 1: Ondermijning Vroegtijdig signalen ondermijning herkennen
Voedingsbodem ondermijning verkleinen
Het effectief en zichtbaar optreden tegen ondermijnende activiteiten
Uitrollen en implementeren van een eenduidige signalering- en registratiestructuur binnen gemeente en ketenpartners Ontwikkelen dashboard ondermijning ten behoeve van databedreven en (pro)actief onderzoek, waarmee tenminste 2 onderzoeken worden uitgevoerd, wat zorgt voor een gerichte integrale controle. Ontwikkelen en uitvoeren van een weerbaarheidsprogramma voor minimaal 2 kwetsbare doelgroepen per jaar. Uitvoeren van bewustwordingscampagnes en integriteitstrainingen voor minimaal 50 professionals jaarlijks.
Realiseren van ten minste 3 integrale aanpakken per jaar gericht op personen, bedrijven en locaties met ondermijningsrisico’s.
Organiseren of bijwonen van minimaal 2 trainingssessies per jaar voor medewerkers om kennis en kwaliteit van bestuursrechtelijke producten te verhogen, zodat deze effectief ingezet worden.
44/155
Doel
Prestatie
Ambitie 2: Digitale en maatschappelijke weerbaarheid Digitale weerbaarheid van inwoners versterken.
Organiseren van bewustwordingsactiviteiten per jaar gericht op digitale risico’s voor inwoners (lezingen, workshops, campagnes, lesprogramma's).
Digitale weerbaarheid van lokale ondernemersParticiperen vergroten
Participeren in samenwerkingsverbanden om beuwstwording te vegroten, passend bij de digitale transitie uit Programma Economie en Werkgelegenheid. Faciliteren van samenwerkingen tussen ondernemers en ITexperts om kwetsbaarheden te identificeren en te verminderen.
Maatschappelijke weerbaarheid van inwoners en organisatie versterken
Opstellen en implementeren van een regionaal plan voor maatschappelijke weerbaarheid samen met Drentse gemeenten, met actieve begeleiding door de VRD-organisatie.
Ambitie 3: Veilige dorpen en wijken Aanpak asielproblematiek in NieuwWeerdinge en stationsgebied Emmen centrum
Effectief toezicht, handhaving en beveiliging
Uitvoeren van een integrale aanpak samen met ketenpartners. Het regelmatig onderhouden van contact met de erkende overlegpartner om ervaringen en zorgen te bespreken en mee te nemen in beleid. Handhaven van zichtbare aanwezigheid van toezichthouders in alle wijken en dorpen en het inzetten van gerichte surveillance op hotspot locaties. Jaarlijks meten van veiligheidsbeleving via enquêtes, met als doel een bovengemiddelde score te behouden of te verbeteren. Ontwikkelen en uitvoeren van een preventieprogramma gericht op jongeren in risicowijken en/of scholen, met minimaal 3 workshops en trainingen per jaar.
Verminderen van drugshandel met focus op jongerenpreventie en vroegsignalering
Door zichtbaar aanwezig te zijn, meldingen serieus nemen en inwoners actief te betrekken bij veiligheidsvraagstukken.
Organiseren van overleg met afvaardigingen van bewoners, om meldingen te bespreken en op te volgen.
Iedereen kan veilig deelnemen aan het verkeer
We geven met het programma gedrag, verkeerseducatie uitvoering aan verschillende educatieve projecten. De voorbereiding van de aanpak van 4 gevaarlijke kruispunten is gestart: Houtweg – Laan van de Marel Statenweg – Veldlaan Boslaan – Houtweg Nieuw Amsterdamsestraat – Brinkenweg
Ambitie 4: Voorkomen sociaal-maatschappelijke spanningen Onze ambitie is om polarisatie tegen te gaan en een samenleving te bevorderen waarin diversiteit wordt gewaardeerd en waar respectvolle
We ondersteunen initiatieven die dialoog tussen verschillende groepen bevorderen en wederzijds begrip versterken. We monitoren signalen van polarisatie en stemmen onze aanpak af met politie, onderwijs en welzijnsinstellingen.
45/155
Doel
Prestatie
omgang tussen verschillende groepen vanzelfsprekend is. Wij willen radicalisering vroegtijdig herkennen en voorkomen en zo bijdragen aan een veilige en inclusieve gemeenschap.
We werken samen met partners binnen het veiligheidsdomein en het sociaal domein aan vroegsignalering en preventie. We investeren in bewustwording en scholing voor professionals en vrijwilligers.
Wat mag het kosten? De lasten en baten van het gehele programma zijn als volgt: Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Lasten
-12.912
-13.434
-13.193
-13.535
1.1 Crisisbeheersing en brandweer
-9.573
-10.090
-10.395
-10.733
1.2 Openbare orde en veiligheid
-3.340
-3.344
-2.798
-2.802
Baten
72
72
72
72
1.1 Crisisbeheersing en brandweer
57
57
57
57
1.2 Openbare orde en veiligheid
15
15
15
15
Saldo van baten en lasten
-12.840
-13.361
-13.121
-13.463
Totaal Veiligheid
-12.840
-13.361
-13.121
-13.463
(bedragen x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
-12.039
-12.351
-12.610
-12.607
-5
-4
-4
0
-12.044
-12.355
-12.615
-12.607
Autonome ontwikkelingen
-300
-300
0
0
Gemeenschappelijke regelingen
147
-63
-113
-463
5
5
5
5
Budgetneutrale wijzigingen
168
168
168
165
Grote opgaven
-250
-250
0
0
Ontwikkelingen loonkosten
-566
-567
-567
-564
Mutaties Begroting 2026
-796
-1.006
-506
-856
-12.840
-13.361
-13.121
-13.463
(bedragen x € 1.000)
Begrotingsresultaat voor opstellen van de kaderbrief Wijzigingen maart t/m juni Startbegroting Begroting 2026
Kapitaallasten
Totaal
46/155
Onderstaand een nadere toelichting van de voorstellen nieuw beleid en autonome ontwikkelingen. Wanneer er een toelichting ontbreekt is er voor dit programma geen sprake van voorstellen. Mutaties Begroting
(bedragen x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
Autonome ontwikkelingen
-300
-300
0
0
Extra inzet in het kader van overlast in het stationsgebied
-300
-300
0
0
Als gevolg van aanhoudende toenemende overlastproblematiek op het gebied van toezicht en handhaving, is de gemeentelijke inzet daarvoor gestegen. Dit hangt onder meer samen met de functie van Emmen als doorreisstation voor asielzoekers en de locatie van de dagopvang van het Leger des Heils. Dit betreft extra inhuur, die niet vanuit de reguliere formatie kan worden uitgevoerd. Er wordt toezicht gehouden in dagdiensten, avonddiensten en nachtdiensten. Er wordt in verband met persoonlijke veiligheid altijd in tweetallen gewerkt. De budgetten voor asieloverlast en toezicht en handhaving zijn niet toereikend om dit te dekken.
Indicatoren In onderstaande tabel zijn enkele gewenste indicatoren opgenomen en zijn daaraan waarden gekoppeld. PROGRAMMA 3 Effectindicatoren
Real. 2023 Real.2024 Begr.2025 Begr.2026 Begr.2027 Begr.2028 Begr.2029
In 2022 vermindert het aantal 1 verkeersslachtoffers ten onzichte van de periode 2015-2019*
45%
2 De overlastcijfers per 1000 inwoners.
39,3
54,0%
-3,5%
-3,5%
-3,5%
3,5%
3,5%
35,4
21,0
21,0
21,0
21,0
21,0
2
2
2
2
2
2
5
5
5
5
5
5
Prestatie-indicatoren De CMO is volledig bezet en geprepareerd 1 op crisis en rampen in het fysieke /sociale domein. (o.a. aantal keren getraind) In 2022 worden 5 voorlichtingscampagnes 2 gegeven
2 5
* Ongevallenregistratie is na 2019 verbeterd. Daardoor waren met name lichte ongevallen ondervertegenwoordigd. Daarnaast leidt toename van elektrische fietsen tot meer ongevallen.
Voor meer informatie over de verplichte beleidsindicatoren verwijzen we u naar de bijlage Beleidsindicatoren
Verbonden partijen De volgende verbonden partijen dragen bij aan uitvoering van dit programma en het realiseren van de programmadoelen: (indien geen vermeldingen, zijn er bij dit programma geen verbonden partijen) Gemeenschappelijke Veiligheidsregio Drenthe De 12 Drentse gemeenten participeren. Het bestuur van de VRD bestaat uit de 12 burgemeesters van Drenthe. Dit is het algemeen bestuur. Het dagelijks bestuur wordt gevormd door de burgemeesters van de gemeenten Assen, Emmen en Hoogeveen. Meer informatie over de verbonden partijen staat in de paragraaf Verbonden partijen.
47/155
Beleidskaders
Beleidsregel gevaarlijke en hinderlijke honden gemeente Emmen 2022 Bestuurlijke aanpak artikel 13B Opiumwet en gedoogbeleid coffeeshops gemeente Emmen Beleidsplan Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving Beleidsregel voor evenementen tot 2024 Beleidsregels schaarse vergunningen gemeente Emmen Beleidsplan Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving Nadere regels Terrassen Emmen Beleidsregel toezicht en handhaving Wet kwaliteitsborging voor het bouwen Besluit aanwijzing toezichthouders Wet goed verhuurderschap gemeente Emmen Beleidsregels Paasvuren gemeente Emmen Beleidsregels gebiedsverboden Beleidslijn toepassing Wet Bibob gemeente Emmen Aanwijzingsbesluit risicocategorie evenementen Verordening kwaliteit Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving omgevingsrecht gemeente Emmen Convenant Drentse Aanpak Ondermijning
N.B.: er is sprake van enige overlap met de beleidskaders van de programma's 7 en 9, daarvoor verwijzen we naar de hoofdstukken van die programma's.
48/155
Programma 4 Onderwijs en Jeugd
Programma inhoud Het programma Onderwijs en Jeugd gaat over het gemeentelijk beleid en de bijbehorende wettelijke taken en activiteiten op het terrein van jeugd en onderwijs, inclusief volwasseneneducatie en de bevordering van jongerenparticipatie. De Jeugdwet, inclusief de Hervormingsagenda Jeugd, is hier een uitzondering op en is opgenomen in programma 9. Beide programma's verwijzen daarom naar elkaar. De gemeente Emmen heeft voor wat betreft onderwijs een aantal wettelijke taken, zoals onderwijshuisvesting, leerlingenvervoer, de uitvoering van de Leerplichtwet en de uitvoering van de Wet van school naar duurzaam werk. De gemeente zet sterk in op de verdere ontwikkeling van de intensieve samenwerking met onderwijs-, welzijns- en zorgpartners. Met deze partners werken we onder andere aan de Hervormingsagenda Jeugd en verwante opgaven uit het beleidskader ‘Erbij horen en meedoen in Emmen’, met name van de pijler Ontwikkelen.
Trends en ontwikkelingen Inclusiever Onderwijs We werken samen met de schoolbesturen, het Samenwerkingsverband Primair Onderwijs en het Samenwerkingsverband Sterk Voortgezet Onderwijs Zuid-Oost Drenthe (SWV PO en VO) voor Inclusiever Onderwijs. Dit is een onderwijssysteem waarin alle kinderen – ongeacht hun achtergrond, talenten of ondersteuningsbehoefte – samen kunnen leren en zich optimaal kunnen ontwikkelen. Dit sluit aan bij onze bredere inzet op kansengelijkheid en het versterken van de sociaalpedagogische basis. Speerpunten Inclusiever Onderwijs:
Blijven investeren in de samenwerking met het onderwijs en de jeugdhulp. Het doel hiervan is om de benodigde ondersteuning in en rond de school te organiseren, zodat leerlingen niet onnodig uitvallen of worden doorverwezen naar zwaardere vormen van zorg of speciaal onderwijs. Denk aan de inzet en doorontwikkeling van onderwijs-zorgarrangementen, huiskamers, schoolmaatschappelijk werk en deskundigheidsbevordering. Voorkomen van thuiszitters. We breiden de aanpak voor thuiszitters uit met gerichte interventies op schoolniveau, versterking van het overleg met zorg en leerplicht, en monitoring van resultaten. In 2026 onderzoeken we samen met het SWV PO en VO hoe we met behulp van ondersteuning vanuit De Toegang, Sedna en GGD kunnen zorgen dat er 70% minder toelatingsverklaringen voor speciaal onderwijs worden afgegeven. Investeren in (passende) onderwijshuisvesting. Samen met schoolbesturen onderzoeken we hoe we toegankelijke en inclusieve schoolgebouwen kunnen realiseren met ruimte voor onderwijs- en ondersteuningsbehoeften (zie ook onderdeel onderwijshuisvesting). 49/155
Lokale Educatieve Jeugd Agenda De Lokale Educatieve Jeugd Agenda (LEJA) is de agenda voor het bestuurlijk overleg waarin de gemeente samen met onderwijs- en jeugdzorgpartners investeert in de ontwikkelkansen van kinderen en jongeren van 0 tot 27 jaar. De basis voor dit overleg ligt in de Wet op het primair onderwijs en de Wet op het voortgezet onderwijs. De LEJA wordt in 2026 doorontwikkeld met de uitvoering van wettelijke en lokale opdrachten door bestaande en nieuwe werkgroepen. De leden van de werkgroepen zijn geselecteerd op basis van interesse en betrokkenheid van het thema. Bij elke werkgroep is de gemeente ambtelijk betrokken. De opdrachten passen binnen de ambities uit het beleidskader ‘Erbij horen en meedoen in Emmen’, de Hervormingsagenda Jeugd (programma 9) en het Inclusiever Onderwijs. De gemeenteraad wordt in 2026 2 keer per jaar via informatiebrief geïnformeerd over de voortgang. De thema's die in 2026 worden opgepakt zijn:
Afstemmen over inschrijving en toelating Kansengelijkheid Bevorderen van integratie en het voorkomen van segregatie Het jonge kind Versterken van de sociaalpedagogische basis Inclusiever Onderwijs, iedereen naar school Monitoring en gezamenlijke leeragenda. In 2026 zetten we stappen richting gezamenlijke monitoring, het delen van data tussen partners en het leren van praktijkervaringen.
Projecten en programma’s De ontwikkelingen vanuit het Inclusiever Onderwijs, de LEJA en de Hervormingsagenda Jeugd (programma 9) worden via onderstaande projecten en programma’s uitgevoerd. In 2026 onderzoeken we welke van deze activiteiten aansluiten bij de actuele ontwikkelingen, welke we gedeeltelijk anders moeten inrichten en welke we niet langer voortzetten.
Met Kansrijke Start investeren we vanaf het allereerste begin van een mensenleven in een gezonde ontwikkeling van kinderen. Een lokale coalitie van professionals uit het medisch en sociaal domein ondersteunt ouders in kwetsbare situaties. In 2026 zetten we in op een sterke samenwerking tussen de verschillende ketenaanpakken en overlegtafels voor 0-6 jaar. De LEJA lijkt hiervoor het platform te bieden. Daarnaast zal er in 2026 gezocht worden naar een verbinding met de gebiedsnetwerken. Tot slot wordt verkend hoe initiatieven op het gebied van taalontwikkeling en basisvaardigheden, zoals de Gemeentelijke Gezinsaanpak Geletterdheid (GGG), kunnen aansluiten bij de lokale coalitie. Meer hierover is te lezen in de paragraaf over de aanpak basisvaardigheden. Via de Brede School, de Gelijke Kansen Alliantie en de Rijke Schooldag bieden we activiteiten aan buiten schooltijd, zoals sport, kunst en cultuur. De aanpak richt zich op jeugd tot 17 jaar. Dit doen we op wijken dorpsniveau in de hele gemeente Emmen. Als gemeente geloven we dat het aanbieden van sport, kunst en cultuur een positief effect heeft op het welbevinden, het perspectief, de sociaal-emotionele ontwikkeling en het ontdekken/ontplooien van talenten. In 2026 realiseren we, samen met de betrokken partners, een duurzaam plan voor de Brede School.
VoorSam&Zo, is een laagdrempelige interventie die bijdraagt aan normaliseren en kansengelijkheid voor kinderen. Het helpt voorkomen dat jeugdigen een beroep moeten doen op (zwaardere vormen van) hulp. Door een gezamenlijke pedagogische visie, vroege signalering en toegankelijke ondersteuning zorgen we dat kinderen veerkrachtig kunnen opgroeien. Angelslo Academy is hier ook onderdeel van en is in oktober 2024 van start gegaan. Jongeren worden hier gestimuleerd in hun talentontwikkeling en er wordt gewerkt aan het creëren van perspectief via de Rijke Schooldag, sport- en cultuuractiviteiten, huiswerkbegeleiding en straatwerk. Angelslo Academy heeft een deelname van zo'n 400 jeugdigen per week. Door middel van de positieve verleidingen van de Academy en een team dat een vertrouwensrelatie opbouwt met de jeugd, voorkomen we bijvoorbeeld dat deze jeugd straks jeugdzorg of verslavingszorg nodig heeft. Of dat ze terecht komen in de (ondermijnende) criminaliteit wat voor jongeren in deze wijk vaak een aantrekkelijke optie is. In 2026 zetten we Angelslo Academy voort op de huidige manier en versterken/verbeteren we waar nodig. . In 2026 wordt VoorSam&Zo in de scholen en kinderopvang voortgezet zoals het nu wordt uitgevoerd. Dit project valt sinds 2025 onder de LEJA waardoor het eigen bestuurlijke overleg wordt opgeheven.
VoorSam&Zo wordt meegenomen in de opgave van de Emmense Hervormingsagenda Jeugd voor het versterken van de sociaal-pedagogische basis (programma 9).
50/155
In 2026 wordt gewerkt aan de opdrachten vanuit de LEJA zoals de doorontwikkeling van het Emmense kwaliteitskader en de stap van het primair onderwijs naar het voortgezet onderwijs verbeterd wordt door de samenwerkingsverbanden, Sedna, Menso en De Toegang.
Kinderopvang, onderwijs, welzijn, sport, kunst en cultuur vormen samen sterke netwerken in de wijken. Daarom zoeken we daarbij actief de verbinding met de gebiedsnetwerken (programma 9). Jeugdparticipatie Er zijn momenteel 21 kinderraden in wijken en dorpen en er is een kindergemeenteraad. Onderwerpen die aan bod komen zijn veelal gericht op (verkeers-)veiligheid, speelvoorzieningen, pesten, naschoolse activiteiten en zwerfafval. Deze onderwerpen geven we een plek in onze gemeentelijke organisatie. De verwachting is dat deze onderwerpen blijvend aandacht vragen. De kinderraden blijken, zoals u per kwartaal kunt zien in de nieuwsbrief, zo succesvol op zowel concrete resultaten (input na adviesvragen of eigen initiatieven) als persoonlijke ontwikkeling (zoals vergroten zelfvertrouwen, leren samenwerken binnen de eigen leefomgeving) van kinderen, dat we de kinderraden voor 2026 en 2027 willen continueren. Voorkomen voortijdig schoolverlaten Het Doorstroompunt vervult de wettelijke taak van gemeenten om jongeren die voortijdig schoolverlaten (VSV’ers) in kaart te brengen en waar nodig passende begeleiding te bieden. Daarnaast ondersteunt het Doorstroompunt jongeren in een kwetsbare positie (JIKP’ers) met als doel een soepele overgang van school naar een duurzame plek in de samenleving te realiseren.
Regionaal en integraal wordt samengewerkt met het voortgezet onderwijs, het mbo en de Arbeidsmarktregio Drenthe. Hierbij ligt de focus op thema’s zoals regionale preventie, complexe onderwijs- en ondersteuningsbehoeften, en de aansluiting tussen onderwijs, de Arbeidsmarktregio Drenthe en de Participatiewet. Met deze aanpak lopen wij vooruit op de wet ‘Van school naar duurzaam werk’, die 1 januari 2026 in werking treedt. De nieuwe wet richt zich op jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt en heeft als doel hen zelfredzaam te maken. Belangrijke wettelijke wijzigingen zijn de verhoging van de leeftijd van de doelgroep van 23 naar 27 jaar, waardoor de groep groter wordt en daarnaast komt er extra aandacht voor de overgang naar werk en de verbinding met de arbeidsmarkt. Wij voorzien momenteel al in ondersteuning voor deze doelgroep. In het programmaplan VSV worden nieuwe samenwerkingsafspraken gemaakt met scholen en mbo-instellingen om het aantal voortijdig schoolverlaters te verminderen. Tevens wordt nauwer samengewerkt met interne collega’s en partners op het gebied van arbeidstoeleiding. Deze afspraken worden vastgelegd in het Regionaal Programma VSV. Onderwijs aan anderstaligen Door de instroom van een nieuwe groep Alleenstaande Minderjarige Vreemdelingen (AMV) in Emmen, zal in 2026 worden ingezet op een uitbreiding van de Internationale Schakelklas (ISK).
Gezien de goede samenwerking met de onderwijsinstellingen, is de verwachting dat het realiseren van de extra klassen haalbaar is. Het vraagstuk en de ontwikkeling van het Arbeidsgericht ISK-onderwijs zal richting 2026 verder worden onderzocht en geëvalueerd. Dit ligt in lijn met de nieuwe Wet van school naar duurzaam werk. De mogelijkheden van de wet en de uitvoeringskaders zullen worden meegenomen in dit vraagstuk. De instroom van Oekraïense jongeren richting 2026 is onzeker, gezien de ontwikkelingen op het wereldtoneel. De huidige Richtlijn Tijdelijke Bescherming is verlengd tot 4 maart 2027. Indien er leerplichtige Oekraïense jongeren instromen, zullen de bestaande procedures worden gevolgd, gelijk aan de plaatsing van COA AMV-jongeren in het ISK-onderwijs. Aanpak basisvaardigheden In 2026 ontvangt de centrumgemeente Emmen middelen van het Rijk voor de uitvoering van de Wet educatie en beroepsonderwijs. Deze middelen nemen de komende jaren af. Het Rijk stimuleert gemeenten om zelf de regie te nemen in de aanpak van basisvaardigheden. Daarom werken wij samen met de regiogemeenten binnen de Arbeidsmarktregio Drenthe (AMRD) aan een nieuw meerjarenplan voor 2026. Dit plan, dat in 2026 wordt gepresenteerd, bevat de regionale doelen voor de aanpak van basisvaardigheden binnen de AMRD. Op basis van de regionale doelen worden lokale doelstellingen geformuleerd.
Deze lokale doelen worden opgenomen in het plan van aanpak basisvaardigheden van de taalsamenwerkingspartners, onder de naam ‘Emmen telt mee met Taal’. Om de samenwerking tussen onderwijs en gemeenten te versterken is een intensievere samenwerking aangegaan in een Publiek-Publiek Samenwerking tussen ROC's en gemeenten in de Arbeidsmarktregio Drenthe op het gebied van volwasseneducatie. In 2026 richten wij ons daarnaast op een integrale samenwerking binnen het sociaal domein, waarbij de aanpak van basisvaardigheden samenhangt met andere beleidsthema’s. 51/155
Ervaringsdeskundigheid op het gebied van basisvaardigheden heeft een belangrijke rol onder andere in de advisering op het gebied van communiceren met inwoners in begrijpelijke taal. De gemeente Emmen zet zelf ervaringsdeskundigheid in. In 2026 starten de Regio Deal-gemeenten met de uitvoering van het 'Actieplan Basisvaardig op de werkvloer'. Met de maatschappelijk-economische transities, de informatiesamenleving en digitalisering dreigt de groep mensen met te weinig basisvaardigheden op steeds grotere achterstand te komen staan. Met het actieplan slaan publieke en private partijen de handen ineen om hier iets aan te doen. De aanpak bestaat uit vier pijlers o.a. bewustwording bij werkgevers en optimaal gebruik van bestaande scholingsmogelijkheden. Onderwijshuisvesting Ver- en nieuwbouw van onderwijsvoorzieningen voor het primair en voortgezet onderwijs in de gemeente gebeurt op basis van de Verordening Huisvesting Onderwijs en het Integraal Huisvestingsplan (IHP). Het IHP is in 2021, in samenspraak met de schoolbesturen, vastgesteld voor de periode 2022-2029 op basis van een technisch onderzoeksrapport naar de bouwkundige staat van schoolgebouwen. Jaarlijks wordt een Jaarprogramma Voorzieningen Huisvesting Onderwijs en IHP Primair en Voortgezet Onderwijs vastgesteld. Het onderzoeksrapport (Grontmijrapport) dateert uit 2009.
Er is behoefte aan een actueel onderzoek, mede gezien de onderwijskundige ontwikkelingen (het huidige inhoudelijke perspectief op wat goed onderwijs is) en de behoefte aan gezonde, duurzame en inclusieve schoolgebouwen. Inclusieve, gezonde en duurzame schoolgebouwen dragen onder andere bij aan kansengelijkheid. We gaan starten met het onderzoek. Het onderzoeksrapport wordt verwacht in 2026. Tevens dient dit onderzoek voor een nieuw IHP Onderwijshuisvesting na 2029. De overname van de Mytylschool van Openbaar Onderwijs Groningen (OOG) door Openbaar Onderwijs Emmen (OOE) brengt de wens met zich mee om deze school onder te brengen bij SO Thrianta en VSO Thrianta. Dit zou een alternatief kunnen zijn voor het huren van ruimtes bij De Springplank van Treant. Bij de vervangende nieuwbouw van SO Thrianta wordt er rekening gehouden met extra ruimte voor de jongste leerlingen van de Mytylschool (leeftijd 4 tot en met 12 jaar). De oudere leerlingen van de Mytylschool (13 tot en met 18 jaar) zullen worden opgevangen in het huidige gebouw van VSO Thrianta aan de Velodrome 2 in Emmen. Hiervoor is een uitbreiding van dit schoolgebouw noodzakelijk. In 2026 wordt gestart met de vervangende nieuwbouw van twee Catent basisscholen: Gerardus Majella in NieuwSchoonebeek en Sint Franciscus in Weiteveen.
Er zijn voorbereidingen gestart voor de realisatie van het IKC Sint Henricus samen met de nieuwbouw gymzaal op dezelfde locatie in Klazienaveen. In 2026 wordt voorbereidingskrediet verstrekt voor de vervangende nieuwbouw van de OBS De Dreef te EmmerErfscheidenveen. Leerlingenvervoer Om de zelfstandigheid van de leerling en de verantwoordelijkheid van de ouder te verhogen wordt in 2026 verkend of gebruik kan worden gemaakt van meer opstapplaatsen en het blijvend inzetten van de Go-ov app ter ondersteuning van het zelfstandig reizen. Ook wordt toegewerkt naar een nauwere samenwerking en verbinding tussen scholen en chauffeurs, zodat chauffeurs een echt verlengstuk worden van de school in de goede zorg voor de kinderen die reizen met het Leerlingenvervoer. In augustus 2026 loopt de huidige vervoersovereenkomst af en verwachten we dat de aanbesteding voor het doelgroepenvervoer, waaronder ook voor het Leerlingenvervoer, is afgerond. Bij de marktconsultatie hebben partijen aangegeven dat de prijzen naar verwachting met 20-30% zullen stijgen.
52/155
Doelenboom In de navolgende doelenboom is voor dit programma schematisch de relatie weergegeven tussen de doelen (wat willen we bereiken) en de prestaties (wat gaan we daarvoor doen). Doel Jeugdigen kunnen hun talenten ontplooien.
Prestatie
Kinderen en jeugdigen groeien gezond en veilig op.
Iedereen werkt en participeert eventueel met een steuntje in de rug.
In 2026 wordt gestart met de inpassing Mytylschool bij de vervangende nieuwbouw van SO Thrianta en de huidige VSO Thrianta. In het tweede kwartaal van 2026 wordt de nieuwbouw van Kindcentrum Zandzoom in de wijk Delftlanden opgeleverd. Hiermee zorgen we voor goede, eigentijdse scholen voor onze jonge inwoners. In 2026 evalueren we de pilot Vervoer+ (leerlingenvervoer voor leerlingen die niet onder het Leerlingenvervoer of Jeugdwetvervoer vallen) en implementeren en borgen we de daaruit voortkomende aanbevelingen. Hiermee zorgen we ervoor dat vervoer geen belemmering vormt voor een passende plek binnen onderwijs of jeugdhulp. De uitvoering van de pilot loopt door tot juli 2027.
We gebruiken het gedachtegoed van Sharon Stellaard, gepromoveerd op het Boemerangbeleid, om de uitvoering van het jeugdbeleid tegen het licht te houden en handelen daarnaar. In 2026 wordt gezamenlijk onderzocht of de Gemeentelijke Gezinsaanpak Geletterdheid (GGG) binnen de lokale coalitie Kansrijke Start ingebed kan worden. In 2026 wordt er vanuit het nieuwe regionaal beleidsplan Volwasseneneducatie (AMRD), een lokaal plan voor de aanpak ‘Emmen telt mee met Taal’ geschreven. In 2026 starten we samen de regiodeal-partners met de uitvoering van het actieplan Basisvaardig op de werkvloer. Tijdens deze regiodealperiode, die loopt tot eind 2027, willen wij 200 werknemers scholen op het verhogen van basisvaardigheden.
Wat mag het kosten? De lasten en baten van het gehele programma zijn als volgt: Begroting 2026 -18.525
Begroting 2027 -19.011
Begroting 2028 -18.778
Begroting 2029 -19.018
4.2 Onderwijshuisvesting
-6.935
-7.363
-7.805
-7.946
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken
-11.591
-11.648
-10.973
-11.072
6.299
6.264
6.264
6.264
(bedragen x € 1.000) Lasten
Baten 4.2 Onderwijshuisvesting 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken
Saldo van baten en lasten Stortingen in reserves
122
122
122
122
6.177
6.142
6.142
6.142
-12.226
-12.747
-12.514
-12.755
-5
-5
-5
-5
Onttrekkingen aan reserves
146
146
146
146
Mutaties reserves
141
141
141
141
-12.085
-12.606
-12.373
-12.613
Totaal Onderwijs en Jeugd
53/155
(bedragen x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
-11.280
-11.920
-12.205
-12.455
0
0
0
0
-11.280
-11.920
-12.205
-12.455
Kapitaallasten
-206
-87
-339
-329
Budgetneutrale wijzigingen
365
365
385
384
Grote opgaven
-750
-750
0
0
Loon- en prijs indexatie
-188
-188
-188
-188
Ontwikkelingen loonkosten
-26
-26
-26
-25
Mutaties Begroting 2026
-805
-686
-168
-158
-12.085
-12.606
-12.373
-12.613
Begrotingsresultaat voor opstellen van de kaderbrief Wijzigingen maart t/m juni Startbegroting Begroting 2026
Totaal
Onderstaand een nadere toelichting van de voorstellen nieuw beleid en autonome ontwikkelingen. Wanneer er een toelichting ontbreekt is er voor dit programma geen sprake van voorstellen.
Indicatoren In onderstaande tabel zijn enkele gewenste indicatoren opgenomen en zijn daaraan waarden gekoppeld. PROGRAMMA 4 Prestatie-indicatoren
Real.2022 Real.2023* Real.2024 Begr.2025 Begr.2026 Begr.2027 Begr.2028 Begr.2029
1 % nieuwe jaarlijkse vsv in RMC regio
2,89
2,86
2,63
1,8
1,8
1,8
1,8
1,8
2 % vsv dat jaar later opleiding volgt
22
19
29
29
29
29
29
29
3 % vsv dat jaar later werk heeft
43
61
42
42
42
42
42
42
* het betreft hier de cijfers voor schooljaar 2022 - 2023
Voor meer informatie over de verplichte beleidsindicatoren verwijzen we u naar de bijlage Beleidsindicatoren
Verbonden partijen De volgende verbonden partijen dragen bij aan uitvoering van dit programma en het realiseren van de programmadoelen: (indien geen vermeldingen, zijn er bij dit programma geen verbonden partijen) Publiek Vervoer Groningen Drenthe 12 Groningse gemeenten, 12 Drentse gemeenten en de provincies Groningen en Drenthe participeren. De portefeuillehouder WMO neemt deel aan het bestuur namens regio Zuid-oost Drenthe. Meer informatie over de verbonden partijen staat in de paragraaf Verbonden partijen.
Beleidskaders
‘Erbij horen en Meedoen in Emmen!’ Beleidskader "Perspectief op jeugd"
54/155
Programma 5 Bouwen, Wonen en Milieu
Programma inhoud We zetten ons in voor een gemeente waar het goed wonen, werken en leven is. Voor de huidige en toekomstige generaties. Dit programma gaat over de inspanningen die we verrichten voor een duurzame, aantrekkelijke, gezonde en veilige woon- en leefomgeving met een woningvoorraad die betaalbaar, toekomstbestendig en passend bij de vraag is. Daarbij houden we rekening met de uitdagingen rond klimaat, bodem en energievoorziening, waar we middenin zitten. We werken toe naar een circulaire economie, zonder uitstoot van schadelijke stoffen en zonder het creëren van afval. De ambities voor wonen zijn groot en moeten bijdragen aan de schaalsprong van Emmen, met programma Wonen willen wij een extra impuls geven aan de woningbouwopgave.
Trends en ontwikkelingen Bouwen & Wonen De woningbouwopgave blijft groot en urgent. Dit vraagt om regie vanuit de gemeente. Ons woningaanbod sluit niet aan bij de grote woningbehoefte. Het programma Wonen stuurt op op optimalisatie, onderzoeken waar mogelijk te versnellen en realisatie voor de komende jaren. Voor langere termijn en de schaalsprong naar 120.ooo inwoners moeten er ook voldoende woningbouwlocaties beschikbaar zijn. Binnen het programma wordt dit vraagstuk opgepakt. Realisatie van woningbouwprojecten doen we op verschillende manieren. We blijven sturen op de bouw van woningen in verschillende woningbouwsegmenten en voor diverse doelgroepen. Er is prioriteit voor de ontwikkeling van de woningbouwprojecten uit de vastgestelde 1e en 2e tranche gemeentelijke woningbouwlocaties. Daarnaast spannen we ons in om voldoende bouwmogelijkheden te creëren voor externe partijen en woningcorporaties. De woningbouwmonitor wordt het dashboard en sturingsmiddel om zicht en grip te krijgen op de woningbouwinitiatieven. Met het subsidiefonds betaalbare woningbouw en de starterslening blijven we inzetten op betaalbare woningen. Ook benutten we de bestaande woningvoorraad beter door het uitwerken van de randvoorwaarden voor woningsplitsing en flexwonen op eigen erf. Daarnaast wordt er gezocht naar locaties voor flexwoningen voor diverse doelgroepen.
Door de invoering van de ‘Wet Versterking Regie Volkshuisvesting’ maken we in 2026 een Volkshuisvestingsprogramma. Dit vervangt onze woonvisie en woonzorgvisie. Het geeft inzicht in ons woningbouwprogramma voor wijken en dorpen in de gemeente. Hierin werken we een visie op herstructurering van de bestaande woningvoorraad uit. Daarnaast stellen we in 2026 een regionale Urgentieverordening vast.
55/155
Afval Om de landelijke hoeveelheid restafval per inwoner terug te dringen, worden er komende jaren diverse rijksheffingen op restafval ingevoerd. De inzet van de heffing is tweeledig: enerzijds het dekken van de kosten voor inzameling en verwerking van restafval en anderzijds het stimuleren van afvalscheiding bij de bron. De belangrijkste heffing in dit kader is de afvalstoffenbelasting. Die wordt op dit moment al geheven op het storten en verbranden van afval. Daarnaast zal de CO₂-heffing op de industrie worden ingevoerd en ook van toepassing zijn op afvalverbrandingsinstallatie. Hoewel huishoudelijk restafval niet direct wordt belast op basis van CO₂-uitstoot, worden afvalverwerkers wél belast voor de emissies die gepaard gaan met het verbranden van reststromen. Deze kosten werken door in de verwerkingstarieven van restafval. De Rijksoverheid onderzoekt daarnaast de invoering van een nationale plastictaks, als aanvulling op de bestaande Europese heffing op niet-gerecycled plastic verpakkingsafval. Deze heffing zou met name gericht zijn op producenten en importeurs van niet-duurzaam verpakkingsmateriaal, maar heeft naar verwachting ook effect op de hoeveelheid kunststof die in het huishoudelijk restafval terechtkomt. De combinatie van deze heffingen vergroot de financiële druk op de afvalketen. Voor ons betekent dit komende jaren hogere kosten voor verwerking van restafval.
Dit zal ook invloed hebben op de afvalstoffenheffing. Deze heffingen zijn bedoeld om verbranding en storten financieel onaantrekkelijker te maken ten opzichte van recycling en hergebruik. Om afval beter te scheiden en recycling te stimuleren. Hoe minder restafval we samen overhouden, hoe lager de kosten blijven. We zien dat ander afval zijn intrede doet in de gemeente Emmen, waaronder lachgascilinders. Dit afval mag conform wetgeving alleen maar door (gemeentelijke) reinigingsdiensten verwerkt en ingezameld worden. Hiervoor is een verwerkingscontract met Area afgesloten welke leidt tot meer kosten. Integraal werken aan wijken en dorpen Wij werken voor en met onze inwoners. Dit doen wij op allerlei manieren, tijdstippen en vanuit verschillende disciplines. Door financiële keuzes die we moeten maken kunnen we niet alles op dezelfde wijze blijven doen. In 2026 onderzoeken wij daarom of we slimme combinaties kunnen maken om de verschillende opgaven in onze dorpen en wijken op te pakken. Wij denken daarbij aan opgaven vanuit programma Verder Samen, Woon- en Leefbaarheidheidsvisies, Wijk-/Dorpuitvoeringsplannen in het kader van aardgasvrij 2050, gebiedsgericht werken via Omgevingsvisieprogramma’s, het vertalen van de kaders van het IBOR (Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte) in plannen en de bestaande programma’s Angelslo en Bargeres.
Het combineren van opgaven sluit aan bij de belevingswereld van inwoners en organisaties. Het leidt daarnaast tot eenduidigere participatie binnen de dorpen en wijken en efficiënte en effectieve inzet van capaciteit en financiële middelen. Voor de programma’s Angelslo en Bargeres hebben wij de keuze gemaakt om minder geld ter beschikking te stellen. Dat betekent dat wij in deze twee wijken moeten kijken op welke wijze we binnen deze budgetten werken aan programmadoelen en invulling geven aan de taken en verantwoordelijkheden van programmamanagers en programmatisch werken. Energietransitie Robuust energiesysteem Aansluitend op het landelijk doel is ons doel dat we vanaf 2050 een nagenoeg CO2 neutrale gemeente zijn. Voor wonen betekent dit dat er vanaf 2050 geen aardgas meer beschikbaar is voor de verwarming van woningen. Industriële processen zullen vergroenen de komende decennia, waarbij elektrificatie op grote schaal toegepast zal worden. Auto’s op fossiele brandstoffen maken plaats voor auto’s met een stekker. Via zonne- en windenergie en groengas projecten wordt hernieuwbare energie opgewekt. De productie van zonne- en windenergie en verdere elektrificatie door o.a. zonnepanelen, (industriële) warmtepompen, airco's en elektrisch rijden dragen bij aan die toenemende elektriciteitsvraag.
Met de realisatie van een nieuw hoogspanningsstation door Tennet aan de Boerdijk in Veenoord wordt de basis gelegd voor de beschikbaarheid van extra aansluitcapaciteit dat daarna nog verder moet worden uitgerold naar de dorpen en wijken. Daarnaast zijn bij Bargermeer en Weerdinge uitbreidingen van het hoogspanningsnet gepland. Via ORTESE werken we gemeente-breed aan een robuust energiesysteem van de toekomst. Behalve door elektrificatie, is er ook extra transportcapaciteit noodzakelijk voor de woningbouwopgaven en voor de vestiging van nieuwe bedrijven. Aan de ene kant leveren we netbeheerders beleidsmatige input voor hun investeringsbeslissingen. Aan de andere kant faciliteren we hen maximaal om noodzakelijke uitbreidingen van het elektriciteitsnet te kunnen doen. De samenwerking met Enexis krijgt concreet vorm in een nieuw convenant.
56/155
Warmtetransitie Sinds 2018 zijn nieuw te bouwen woningen al verplicht aardgasvrij, maar de woningen van voor 2018 hebben in de meeste gevallen nog een gasaansluiting. Het gaat daarbij in totaal om zo'n 50.000 woningen en utiliteitsgebouwen. Als eerste stap voor alle gebouwen hanteren we het uitgangspunt dat de woningen goed geïsoleerd worden. Daarmee wordt de energievraag lager. We ondersteunen inwoners met advies en zetten alle beschikbare middelen, zoals stimuleringsleningen en het Volkshuisvestingsfonds in. Voor de zes startwijken maken we samen met inwoners en andere stakeholders een uitvoeringsplan, waarin staat beschreven op welke wijze de woningen aardgasvrij worden en vanaf welk jaar dat voor een bepaald gebied in gaat. De eerste uitvoeringsplannen worden in 2026 opgeleverd. De aanleg van een alternatief energiesysteem dat in de warmtevraag van de woningen kan voorzien is een majeure opgave die de nodige tijd zal vragen. Zeker is dat voor het alternatieve systeem in alle wijken en dorpen een hogere elektriciteitsaansluitcapaciteit benodigd is. Voor de industrie en bedrijven vragen de hoge energiekosten in combinatie met de verduurzamingsopgave aandacht.
Met de industrie, bedrijven en glastuinbouw en organisaties als Ondernemend Drenthe, de Omgevingsdienst Drenthe (ODD) en het Energiefonds Drenthe zoeken we naar (meer) mogelijkheden voor het besparen, opwekken en slim delen van energie. In samenwerking met Ondernemend Emmen bieden we met name het midden- en kleinbedrijf de mogelijkheid van een verduurzamingsadvies op maat. Met de ervaringen uit de eerste Wijkuitvoeringsplan-trajecten geven we verder vorm en inhoud aan onze regierol in de warmtetransitie. In 2026 stellen we het Warmteprogramma vast. Dit is de opvolger van de Transitievisie Warmte en is een programma onder de Omgevingswet. In dit programma schrijven we in welke dorpen en wijken we de komende 10 jaar stappen gaan zetten naar koken en verwarmen zonder aardgas en onderzoeken we of er restwarmtebronnen of natuurlijke bronnen aanwezig zijn met voldoende potentie. We nemen in het warmteprogramma mee welke rol de gemeente heeft en houden de mogelijkheden en randvoorwaarden van collectieve warmtevoorzieningen tegen het licht. We kijken of en hoe de nieuwe wetten Wet Collectieve warmte en Wet Gemeentelijke instrumenten warmtetransitie ons daarbij kunnen helpen. Klimaatadaptatie Klimaatadaptatie - de omgang met wateroverlast, hitte en droogte - blijft een belangrijk thema.
Wij voeren hiervoor binnen het kader van de regionale adaptatie strategie van de Samenwerking Noordelijke Vechtstromen een nieuwe klimaatstresstest uit. De resultaten hiervan zijn medebepalend voor de verdere ontwikkeling van het adaptatiebeleid in onze gemeente. Het landelijk beleidskader 'Water en bodem sturend' (WBs) geeft richting aan de wijze waarop in Nederland water en bodem medebepalend zijn voor de inrichting van onze ruimte. De kerngedachte van WBs is dat een gezond water- en bodemsysteem de basis is voor lange termijn leefbaarheid van onze omgeving. Klimaatontwikkelingen worden hierin meegewogen. Meebewegen met het water en bodemsysteem moeten zorgen dat problemen niet worden afgewenteld op de toekomst. Aan de hand van een omgevingsvisieprogramma 'Duurzame fysieke leefomgeving' worden deze medebepalend voor locatiekeuze voor onder anderen onze woningbouwopgaven, energietransitie en de uitvoeringsvarianten hiervan. De implementatie van dit beleid vergt de komende jaren de nodige aandacht, menskracht en middelen. Bodemdaling Door klimaatverandering zal bodemdaling naar verwachting de komende jaren toenemen. Deze problematiek is zowel landelijk als ook voor de gemeente Emmen van toepassing. Dit is af te leiden uit landelijke- en regionaal uitgevoerde klimaatstresstesten, die zijn gebaseerd op de klimaatvoorspellingen van het KNMI.
De gezamenlijke aanpak van het waterschap Vechtstromen, de provincie Drenthe en de gemeente ten aanzien van het dossier bodemdaling wordt in 2026 dan ook voortgezet. Als onderdeel van deze samenwerking zal het functioneren van het Servicepunt Bodemdaling worden voortgezet. De ingestelde subsidieregeling “Funderingsonderzoek Bodemdaling” wordt ook in 2026 voortgezet. Voor inwoners met onvoldoende financiële middelen, die te maken krijgen met noodzakelijk schadeherstel van funderingen, is de gemeente in 2024 aangesloten bij het Fonds Duurzaam Funderingsherstel (FDF). Dit loopt door in 2026.
57/155
Stikstof en gewasbeschermingsmiddelen De stikstofproblematiek blijft een wendbare en flexibele houding vragen om inzicht te behouden in dit dossier en ruimtelijke ontwikkelingen en activiteiten te kunnen blijven faciliteren. Zo moeten de gevolgen van steeds weer nieuwe jurisprudentie vertaald worden. Wat het voor ons als gemeente gaat betekenen is sterk afhankelijk van de aanpak vanuit het rijk en de provincie. Het blijft onzeker wanneer er meer inzicht en grip gaat komen omdat een concrete landelijke en provinciale bestendige koers momenteel ontbreekt. Landelijk is er aandacht voor de toepassing van gewasbescherming. In samenwerking met andere gemeenten in Drenthe onderzoeken we welke reguleringsmogelijkheden er zijn voor huidige en nieuwe situaties. Hierin betrekken we de lokale LTO afdelingen. Erfgoed en archeologie Erfgoed heeft onder de Omgevingswet een belangrijke positie gekregen in de leefomgeving. We hebben een nieuwe Erfgoednota ontwikkeld om handvatten te bieden bij ruimtelijke ontwikkelingen en andere initiatieven. We zetten in op het zichtbaar maken, beleefbaar maken, behouden en transformeren van erfgoed. Verder leggen we hierbij de focus op het delen van kennis, interne en externe samenwerking en het ondersteunen van monumenteneigenaren en erfgoedinitiatieven.
Het beleid op het gebied van archeologie bestaat uit twee onderdelen: een archeologische beleidskaart en een archeologienota. De archeologische beleidskaart hebben we in 2025 vernieuwd waarin nieuwe inzichten zijn opgenomen die sinds 2013 naar voren zijn gekomen door archeologische onderzoeken. In 2026 vernieuwen we de archeologienota zodat de nota aansluit op de beleidskaart en om meer zichtbaarheid te geven aan archeologie. Diersoorten Management Plan (SMP) De Omgevingswet verbiedt het doden en verstoren van beschermde diersoorten die in woningen kunnen voorkomen. Dit zijn vleermuizen, specifieke vogelsoorten en ook andere beschermde diersoorten die zich nestelen in de spouw of in de dakconstructie van een woning. Ook is het verboden om deze beschermde diersoorten tijdens de broed- of kraamperiode te verstoren. Bij een ingreep aan de buitenschil van de woning, bijvoorbeeld het aanbrengen van isolatie, is vanuit een zorgbeginsel ecologisch onderzoek een eis. Ook moet de bewoner een vergunning aanvragen bij Provincie Drenthe voor het verstoren van de aanwezige diersoorten. Het uitvoeren van onderzoeken en het moeten aanvragen van individuele vergunningen werkt vertragend en demotiverend naar eigenaren van woningen voor het isoleren van de woning.
Provincie Drenthe biedt echter ook de mogelijkheid tot het verstrekken van een gebiedsbrede vergunning voor stedelijke gebieden, wijken, dorpen aan gemeenten. Wij treffen in 2026 en 2027 de voorbereidingen voor het verkrijgen van een gebiedsbrede vergunning. Daarvoor worden ecologische onderzoeken uitgevoerd en alternatieve verblijfplaatsen voor vleermuizen opgehangen. Tot het moment waarop de gebiedsbrede vergunning er is, kunnen woningen aan de buitenschil geïsoleerd worden als dat gebeurt met aandacht voor de beschermde diersoorten die erin leven (het zogenaamd 'natuurvriendelijk isoleren'). Hiervoor geldt dat dit is toegestaan bij een bepaald percentage woningen per CBS buurt. Zodra de gebiedsbrede vergunning is verleend gelden er geen beperkingen meer in het aantal te isoleren woningen. Omgevingswet Op 1 januari 2024 zijn de Omgevingswet en Wet Kwaliteitsborging in werking getreden. In 2025 is verder gewerkt aan het tot stand brengen van de Omgevingsvisie. Deze wordt begin 2026 vastgesteld door de gemeenteraad. Na het vaststellen van de Omgevingsvisie in 2026 vindt uitwerking van doelen plaats via (deels verplichte) Omgevingsprogramma’s, zoals een Geluidsprogramma, Warmteprogramma, Volkshuisvestingsprogramma en Duurzame fysieke Leefomgeving.
Met het inwerking treden van de Omgevingswet begin 2024 zijn alle bestemmingsplannen en landelijke regels automatisch opgenomen in één Tijdelijk Omgevingsplan. Dit is nog niet volgens de wettelijke regels opgebouwd en het is ook nog niet volledig. Met het project Omgevingsplan zorgen we dat 1 januari 2030 de gemeente Emmen wel een goed en volledig Omgevingsplan heeft. In 2025 is volgens de nieuw ontwikkelde opzet het Tijdelijke Omgevingsplan aangepast met deelgebied (Emmerschans). Het is wettelijke verplicht om uiterlijk 1 januari 2032 een volwaardig omgevingsplan te hebben. We liggen op koers. Het rijk heeft tot 2026 middelen beschikbaar gesteld voor de implementatie. De regelsystematiek is overigens complexer dan verwacht en ook de ontvangen Bruidsschat (landelijke regels) is niet compleet.
58/155
De nieuwe manier van werken vraagt meer tijd bij vergunningverlening. Zo worden meer Buitenplanse omgevingsplan activiteiten (BOPA’s) aangevraagd dan omgevingsplanwijzigingen zolang het Omgevingsplan nog niet actueel is. Het rijk is voornemens het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) aan te passen om woningbouw te versnellen en kosten te verlagen. In reactie op het STOER-advies gericht op het Schrappen Tegenstrijdige en Overbodige Eisen en Regelgeving wordt gewerkt aan versoepeling van technische bouweisen, zoals plafondhoogtes en geluidseisen. Ook wordt voorgesteld om geen extra lokale bouweisen toe te staan en de eerder aangekondigde aanscherping van de milieuprestatie-eis niet door te voeren. De beoogde wijzigingen worden naar verwachting in 2026 aan de Kamer voorgelegd.
Doelenboom In de navolgende doelenboom is voor dit programma schematisch de relatie weergegeven tussen de doelen (wat willen we bereiken) en de prestaties (wat gaan we daarvoor doen). Doel
Prestatie
Door een integrale benadering van de woningbouwopgave en meer regie op de realisatie
We starten met een programmatische aanpak voor het realiseren van de ambities. Het programmac0ntract en het uitvoeringsplan geeft richting om de ambities te realiseren.
Meer regie op huisvesting van verschillende doelgroepen
We stellen een Volkshuisvestingsprogramma op. In regionaal verband stellen we een Urgentieverordening op. We wijzen twee locaties aan voor flexwoningen.
Toekomstbestendige wijken en dorpen met een woon- en leefomgeving van hoge kwaliteit, met voldoende betaalbare woningen die toekomstbestendig zijn en passen bij de vraag.
We stellen Woon- en Leefbaarheidsvisie(s) op. We werken de voorwaarden voor woningsplitsing en flexwonen op eigen erf uit om op te nemen in het Volkshuisvestingsprogramma.
Uitvoering wettelijke verplichtingen Omgevingswet
We starten na vaststelling Omgevingsvisie in 2026 de omgevingsprogramma's Volkshuisvesting, Geluid, Warmte en Duurzame Fysieke Leefomgeving op. We werken verder aan het herzien van het beperkte, tijdelijke Omgevingsplan zodat in 2030 een volledig Omgevingsplan beschikbaar is
Iedereen kan meedoen aan en meeprofiteren van (de opbrengsten van) de energietransitie.
In 2050 wordt alle energie die we gebruiken duurzaam opgewekt (in Emmen en ook buiten de gemeente) en het energiesysteem is daarvoor toegerust.
We zetten een ondersteuningsstructuur op voor onze inwoners rond energiebesparing en verduurzaming. Het platform ‘Emmen geeft Energie’ is hiervoor de basis. We zetten hiervoor financiële regelingen in. Bij het windproject N34 dragen we zorg voor projectbegeleiding zodat we aan de opgelegde taakstelling windenergie kunnen gaan voldoen. Daarbij bewaken we dat participatie plaatsvindt.
We faciliteren ruimtelijk en stedenbouwkundig het plaatsen van hoogspanning- en transformatorstations voor elektriciteit. Via energiehubs brengen we lokaal vraag en aanbod bij elkaar, om te beginnen op tuinbouwgebied Erica en bedrijventerreinen Bargermeer en De Tweeling. We ontwikkelen een Perspectiefnota Energie-infrastructuur voor de lange(re) termijn.
59/155
Doel
Prestatie
Emmen wordt water-robuust en klimaatbestendig door continu te werken aan wateroverlast knelpunten, actief om te gaan met de effecten van bodemdaling en het versterken van biodiversiteit
Programmatisch uitvoering geven aan een integrale aanpak voor wijkvernieuwing, in samenwerking met inwoners en organisaties.