CConstaterende datelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2023 Def (incl controle verklaring)

Raadsvergadering 1 juli 2024, gemeente elburgBij agendapunt: Raadsvoorstel Jaarstukken 202347.440 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Concrete risico’s Voor concrete risico’s, bij een kans van optreden > 60%, worden bestemmingsreserves en/of voorzieningen ingesteld. De hoogte van de voorzieningen en bestemmingsreserves dekken de gesignaleerde concrete risico’s in financiële zin voldoende af. Het te kwantificeren restrisico bedraagt hiermee dan ook nihil.

71

Jaarverslag 2023

Specifieke risico’s Ter bepaling van de benodigde weerstandscapaciteit kwantificeert het college de risico’s door het gevolg (impact/omvang bedrag) en de daarbij behorende kans (verwachting dat het risico zich voordoet/risicoprofiel) te vermenigvuldigen. Het risicoprofiel vertaalt zich in een bandbreedte van 0% tot en met 60%. Geïnventariseerde risico’s worden op basis van kennis en ervaring ingeschaald binnen deze bandbreedte. Voor enkele risico’s is de inschaling reeds bepaald: 1.] Voor garanties geldleningen zijn de volgende risicoprofielen in overleg met de auditcommissie bepaald: 1. Eigen woningen particulieren 5,0% 2. WEW - Nationale Hypotheek Garantie 2,5% 3. WSW – woningcorporaties 0,0% 4. Overige stichtingen en bedrijven 5,0% Omdat de vier categorieën garantstellingen verschillen qua (financieel) risico is het verantwoord om ook het risicoprofiel per categorie te bepalen. Voor de garantstellingen waarbij de gemeente alleen garant staat wordt het huidige profiel van 5% gehanteerd. De zekerheidsstructuur van het WEW verlaagt het risico nadrukkelijk en is slechts zeer gering. Toch wordt bij NHG voorgesteld voorzichtigheidshalve te kiezen voor een risicoprofiel van 2,5%. Tenslotte is de zekerheidsstructuur van het WSW dusdanig goed vormgegeven dat hiervoor het risicoprofiel op nihil gezet kan worden. 2.] Voor verstrekte geldleningen met een publiek belang (o.a.

sportaccommodaties, dorps- en gemeenschapshuizen) geldt een risicoprofiel van 5,0%. 3.] Voor de grondcomplexen in exploitatie wordt jaarlijks een risicoanalyse gemaakt. Het totale berekende risico wordt als vast gegeven meegenomen. Voor nog niet in exploitatie genomen complexen bouwgrondexploitatie werd doorgaans een risicoprofiel gehanteerd van 10%, voor in exploitatie genomen complexen hanteren we een profiel van 50%. Door gewijzigde regelgeving worden niet in exploitatie genomen gronden omgezet naar strategische gronden. De strategische gronden worden gewaardeerd op basis van verkrijgingsprijs of de lagere marktwaarde. De stelselwijziging zorgt ervoor dat afwaarderingen en verliesvoorzieningen voor deze gronden niet langer als risicopost wordt opgenomen.

Risicokwalificatie en -kwantificatie Omschrijving

Grondslag

Risico profiel

Benodigde capaciteit

231.000

5%

12.000

179.000.000

2,5%

4.475.000

62.680.000

0%

0

406.000

5%

20.000

1.073.000

5%

53.650

Eventuele opmerkingen

risico

Garantie geldleningen woningen particulieren Garanties WEW (Waarborgfonds Eigen Woningen) Garanties WSW (Waarborgfonds Sociale Woningbouw) Garantie geldleningen met publiek belang Verstrekte geldleningen met publiek belang

Bodemverontreinigingen Onbekend Algemene risico’s Totaal incidenteel algemene dienst

75.862.000

0

5%

319.252.000

3.793.000

Totaal incidenteel bouwgrond Omschrijving

div.

6.922.000 Grondslag risico

Gevolgen inflatie/energieprijzen

Onbekend

Gemeentefonds: Compensatie tekorten jeugdhulp/ nieuw financieringsstelsel/ nader onderzoek herijking.

Onbekend

Het risicoprofiel van de WEW is voorzichtigheidshalve ingeschat op 2,5%. Het risicoprofiel van de WSW is ingeschat op nihil, omdat bij ingebrekestelling leningen worden gevraagd. Dit betreft garanties aan overige stichtingen/ bedrijven. Aan verenigingen en stichtingen zijn geldleningen verstrekt voor het realiseren van nieuw- en verbouw van (sport-) accommodaties. Er is een redelijk beeld van de (potentieel) verontreinigde locaties in de gemeente. Financiële risico’s zijn niet te kwantificeren. 5% van de uitgaven in het begrotingsjaar

8.353.650

Grondexploitatie complexen 6.922.000

Er komen geen nieuwe garanties bij zodat het risico jaarlijks afneemt.

2.204.000

Dit is het risicobedrag o.b.v. risicokaarten per complex en de mogelijke gevolgen van de marktwaardetoets

2.204.000 Risicoprofiel

Benodigde capaciteit

Eventuele opmerkingen Het is onduidelijk of de hoge inflatie en de energieprijzen voor 2023 en verder structurele financiële gevolgen zal hebben. Deels wordt het gecompenseerd door het accres in het gemeentefonds. Na 2026 staat de hoogte van het gemeentefonds allerminst vast. Er spelen 3 dossiers: er komt een vervolg op de herijking en er is nog geen duidelijkheid over de structurele compensatie tekorten jeugdhulp. Daarnaast onderzoekt het rijk

72

Jaarverslag 2023

Uitvoering jeugdwet

875.000

50%

437.500

een nieuw financieringsstelsel voor de algemene uitkering ingaande 2026 Het beroep op de Jeugdhulp neemt toe. In 2023 werd bij de najaarsrapportage rekening gehouden met een aanvullende raming van ruim € 800.000 als gevolg van (tijdelijk) intensieve zorg met verblijf van een klein aantal jeugdigen. Daarnaast moest als gevolg van de cao in de zorg het budget aanvullend geïndexeerd worden. De reserve sociaal domein kan in toekomst ter dekking worden ingezet.

Uitvoering participatiewet

Onbekend

De inkomsten voor de werkvoorziening nemen jaarlijks af. Hierdoor zullen er in de toekomst tekorten ontstaan. Met de reserve sociaal domein op de achterhand zullen op termijn naar verwachting extra structurele middelen beschikbaar gesteld moeten worden.

Invoering Omgevingswet

Onbekend

Het is onduidelijk in welke mate voor deze taak in de toekomst structurele middelen beschikbaar gesteld moeten worden.

Totaal structureel algemene dienst

875.000

437.500

Algemene dienst De grondslag voor de berekening van de totaal gekwantificeerde incidentele risico’s vormt een bedrag van bijna € 319 miljoen. De gekwantificeerde risico’s zijn gebaseerd op het maximum te betalen bedrag. Het risicoprofiel geeft aan in welke mate het risico wordt meegenomen voor de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Het totale kwantificeerbare risico bedraagt € 8.353.650 (incidenteel).

Bouwgrondexploitatie De grondslag voor de berekening van het totaal aan gekwantificeerde risico’s voor de bouwgrondexploitatie bedraagt € 6,9 miljoen. Ten aanzien van het risico van de gronden is het risicoprofiel divers. In totaal komt het risico op € 2.204.000.

Structurele weerstandscapaciteit Bovenstaande structurele risico’s zijn beperkt gekwantificeerd vanwege de langere termijn van het mogelijk optreden van het risico. De grondslag voor de berekening van de totaal gekwantificeerde structurele risico’s vormt een bedrag van € 875.000. Het risicoprofiel geeft aan in welke mate het risico wordt meegenomen voor de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Het totale kwantificeerbare risico bedraagt € 437.500 (structureel).

Weerstandscapaciteit De omvang van de weerstandscapaciteit is van belang voor de beoordeling van de financiële positie van de gemeente. De weerstandscapaciteit omvat de mogelijkheden voor een gemeente om financiële tegenvallers (risico’s) op te kunnen vangen.

Beschikbare weerstandscapaciteit Wat niet wordt meegenomen zijn de stille reserves en de bestemmingsreserves. Stille reserves worden gevormd door bezittingen die wel aanwezig zijn maar waarvan de waarde niet uit de balans blijkt. Een algemeen kenmerk is dat men er niet direct over kan beschikken. Om deze reden worden de stille reserves niet tot de beschikbare weerstandscapaciteit gerekend. Theoretisch is het mogelijk om bestemmingsreserves in te zetten voor berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. In de vastgestelde nota reserves en voorzieningen 2019 zijn de bestemmingsreserves (op bestaansrecht) doorgelicht. Vandaar dat deze categorie niet meegenomen wordt ter bepaling van de beschikbare weerstandscapaciteit.

Inventarisatie De weerstandscapaciteit bestaat uit drie onderdelen. 1. Algemene (weerstands-) reserves 2. Ruimte in de begroting 3. Onbenutte belastingcapaciteit 1. Algemene (weerstands-)reserves Voor de bepaling van de weerstandscapaciteit is de hoogte van het vrije deel van de volgende reserves van belang. Omschrijving

Vrij besteedbaar saldo

Algemene reserve

13.750.000

Algemene reserve bouwgrondexploitatie

4.544.000

73

Jaarverslag 2023

Zoals aangegeven hebben beide reserves ter dekking van de risico’s een minimumsaldo van respectievelijk € 7,5 miljoen en € 2,5 miljoen. 2. Ruimte in de begroting Bij de bepaling van de ruimte in de begroting wordt uitgegaan van de opgestelde MPB 2023-2026. Op een viertal onderdelen in deze MPB kan de eventuele incidentele en structurele financiële ruimte worden gevonden. Incidenteel: Omschrijving Onvoorzien: Primitief begroting 2023 Saldo stelpost Begrotingsoverschot: Primitief begroting 2023 Totaal incidentele ruimte in de begroting

Raming 50.000 50.000 162.000 212.000

Structureel: Omschrijving Onvoorzien structureel: Primitief begroting 2023 Structureel onvoorzien 2023-2026 Saldo MPB 2023-2026 Totaal structurele ruimte

Raming 20.000 60.000 1.000 81.000

3. De onbenutte belastingcapaciteit Onze gemeente kan extra middelen genereren door belastingen te verhogen en heffingen meer kostendekkend te maken (in zoverre daarvoor nog mogelijkheden bestaan).

Belastingen verhogen De onbenutte belastingcapaciteit OZB wordt berekend door de gemeentelijke tarieven te vergelijken met de inkomstenmaatstaf OZB zoals deze geldt voor de berekening van de algemene uitkering. De OZB-tarieven van de gemeente Elburg voor zowel gebruiker en eigenaar niet-woningen als eigenaar woningen bevinden zich boven de inkomstenmaatstaf OZB zodat geen sprake is van onbenutte belastingcapaciteit. Bedragen Eigenaar woningen

WOZ-waarde € 3.215.891

Heffingsmaatstaf Elburg 0,094%

Inkomstenmaatstaf OZB 0,0939%

Onbenutte belastingcapaciteit 0

€ 899.000 € 629.000

0,1900% 0,1520%

0,1576% 0,1270%

0 0

Eigenaar niet-woningen Gebruiker niet-woningen Onbenutte capaciteit

Heffingen meer kostendekkend maken In de gemeente Elburg geldt het beleid dat in principe de kosten van dienstverlening voor 100% verhaald worden op de aanvrager. Alleen ten aanzien van de begraafrechten worden de kosten voor 85% in rekening gebracht. Hier is theoretisch dus sprake van een structurele onbenutte ruimte in de begroting. Bedragen

Raming

Kosten begraven Opbrengsten begraafrechten

877.000 -553.000

Onbenutte capaciteit (15%)

324.000

Totale capaciteit Bij bepaling van de weerstandscapaciteit wordt onderscheid gemaakt tussen de “algemene dienst” en de bouwgrondexploitatie. Daarbij zij niet gezegd dat tegenvallers onderling niet gecompenseerd zouden kunnen worden. Formeel is er immers sprake van één gemeente. Weerstandscapaciteit algemene dienst:

Bedrag

algemene reserve incidentele ruimte in de begroting

13.750.000 212.000

structurele ruimte in de begroting

13.962.000 81.000

onbenutte belastingcapaciteit (OZB) onbenutte belastingcapaciteit (begraafrechten)

Incidenteel

0 324.000 405.000

Structureel

74

Jaarverslag 2023

Het bedrag van € 14 miljoen geeft dus het vermogen van de gemeente weer om binnen de “algemene dienst” maatregelen te treffen om incidentele financiële tegenvallers binnen de begroting op te kunnen vangen. Weerstandscapaciteit bouwgrondexploitatie: Algemene reserve bouwgrondexploitatie

Bedrag 4.544.000 4.544.000

Incidenteel

Dit bedrag geeft het vermogen van de gemeente weer om de tegenvallers van bouwgrondexploitaties op te kunnen vangen.

Financiële kengetallen Signaleringsoverzicht De onderstaande 11 kengetallen worden in één overzicht gepresenteerd. Bij de presentatie is eveneens de normering per categorie weergegeven (conform provinciale toezichthouder). Op basis van de signaleringswaarden van de provincie en eigen signaleringswaarden kunnen de kengetallen van de gemeente Elburg op één na allemaal ingeschaald worden in categorie A. Over het algemeen kan worden gesteld, dat de categorie A het minst risicovol is en categorie C het meest. Kengetal

Rekening

Begroting

Rekening

2022

2023

2023

A

B

C

1a. Netto schuldquote

11%

39%

1%

<90%

90-130%

>130%

1b. Netto schuldquote gecorrigeerd

3%

35%

-4%

<90%

90-130%

>130%

2. Solvabiliteitsratio

51%

53%

65%

>50%

20-50%

<20%

3. Grondexploitatie

9,66%

10%

4,66%

<20%

20-35%

>35%

4. Structurele exploitatieruimte

2,2%

4%

5,28%

> 0%

= 0%

< 0%

5a. Belastingcapaciteit

61%

94%

86%

<95%

95-105%

>105%

5b. Woonlasten, Coelo rangnummer

76

77

76

<100

100-300

>300

6a. Weerstandsratio - incidenteel

1,62

1,59

1,75

> 1,5

1,0-1,5

< 1,0

6b. Weerstandsratio - structureel

0,53

0,47

0,92

> 1,5

1,0-1,5

< 1,0

7. Liquiditeit

1,26

1,05

1,78

> 1,5

1,0-1,5

< 1,0

8. Netto schuld per inwoner

475

1.189

37,65

< €1.500

€1.500€2.500

> €2.500

Beoordeling Zie financiële beschouwing. Toelichting kengetallen: Kengetallen Netto schuldquote

Omschrijving De totale schulden afgezet tegen de totale baten

Netto schuldquote gecorrigeerd Solvabiliteitsratio

De totale schulden exclusief doorgeleende gelden afgezet tegen de totale baten Het eigen vermogen (reserves) afgezet tegen het totale vermogen

Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte

De waarde van de grond ten opzichte van de totale baten Het structurele exploitatiesaldo vergeleken met de totale baten

Belastingcapaciteit Woonlasten, Coelo rangnummer

De hoogte van de belastingopbrengst ten opzichte van het landelijke gemiddelde Rangnummer woonlasten voor huishoudens (OZB, riool, afval)

Weerstandsratio - incidenteel Weerstandsratio - structureel

Het vermogen om incidentele financiële tegenvallers op te kunnen vangen Het vermogen om structurele financiële tegenvallers op te kunnen vangen

Liquiditeit Netto schuld per inwoner

Verhouding korte schulden ten opzichte van de aanwezige liquide middelen De totale netto schuld gedeeld door het aantal inwoners

75

Jaarverslag 2023

Paragraaf 2

Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding

De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen geeft een dwarsdoorsnede van de rekening. Uitgaven voor onderhoud kunnen op diverse programma’s voorkomen. Voor onderhoud van kapitaalgoederen gaat een substantieel deel van de middelen van de begroting om. In deze paragraaf wordt het beleidskader omtrent het onderhoud van de kapitaalgoederen weergegeven. Het gewenste onderhoudsniveau komt hierin tot uitdrukking. Het beleid van de gemeente Elburg voor het onderhoud van kapitaalgoederen is vastgelegd in de volgende nota’s en verordeningen: Beheerplan

Geldend voor de periode van

Vastgesteld op:

Beleidsplan Openbare Ruimte

2023-2027

28-11-2022

Afvalwaterketenplan

2021-2030

Bermbeheerplan

April 2004 – onbepaalde tijd

13-4-2004

Beheerplan onderhoud gebouwen

2015-2024

In proces

Beheerplan Haven

2015-2019 Planning: 2024

16-3-2015

De beheerplannen wegen, openbaar groen, openbare verlichting en speelvoorzieningen maken onderdeel uit van het beheerplan openbare ruimte.

Wegen Algemeen Regulier onderhoud en reconstructies van wegen worden geraamd in de exploitatie en verevend met de bestemmingsreserve openbare ruimte. Hierdoor is de dekking van het toekomstig wegenonderhoud zeker gesteld. De uitvoering zal plaatsvinden aan de hand van de jaarlijkse inspectie op basis van de in het beleidsplan Openbare Ruimte opgenomen uitgangspunten. Er is sprake van verschillende categorieën wegen die ieder een eigen normering qua kwaliteitsniveau kennen. De investeringskredieten voor wegen verlopen via het MIP. De bermen langs het eerste deel van de Rondweg worden op ecologische wijze gemaaid. V.w.b. de overige bermen is een eerste stap gemaakt om ook die meer ecologisch te beheren met als doel in 2024 alle bermen ecologisch te beheren. Werkzaamheden: Naast het reguliere jaarlijks terugkerend klein onderhoud aan wegen, bermen en wegmeubilair zijn de werkzaamheden in het kader van groot onderhoud bepaald en uitgevoerd aan de hand van de visuele inspecties. Exploitatie Product Wegen Investeringen Herinrichten Oostendorp (2019010) Herinrichten binnenstad (2021010)

Begroting 2023 2.413.867

2022 2021

BegrotingsBegroting Werkelijk wijziging na wijziging 2023 30.537 2.444.404 2.429.883 Uitgaven Uitgaven t/m Raming 2023 2023 425.954 14.527 474.689 1.237.103 10.692 1.045.250

Openbare verlichting

Algemeen: Openbare verlichting dient het veiligheidsaspect op zowel verkeerstechnisch terrein als op het terrein van de sociale veiligheid. Gewerkt wordt met een voortschrijdend beheerplan openbare ruimte. Gebaseerd op het beheerplan vindt jaarlijks ten laste van de exploitatie een storting in de reserve openbare ruimte plaats. De geplande vervangingsinvesteringen in armaturen en lichtmasten worden uit de bestemmingsreserve openbare ruimte gedekt. De investeringen verlopen via de meerjarige investeringsplanning (MIP). Voor elektra, regulier onderhoud en reparaties worden jaarlijks budgetten in de begroting opgenomen. Voor het verkeerstechnisch veiligheidsaspect wordt met name het kwaliteitsniveau zoals bepaald door de landelijke normen van het NSVV (Nederlandse Stichting Voor Verlichtingskunde) aangehouden. Deze normen zijn verschillend per categorie weg, gebied en functie. Inzake het aspect omtrent de sociale veiligheid geldt lokaal beleid. Werkzaamheden: Hoewel planmatig wordt gewerkt, vindt als toetsing vooraf visuele inspectie plaats. Indien mogelijk worden investeringen uitgesteld. In het geactualiseerde beheerplan is opgenomen dat alle armaturen met traditionele verlichting in een periode van drie jaar zullen worden omgebouwd naar LED verlichting. In 2023 is de eerste fase hiervan uitgevoerd. Exploitatie Product Openbare verlichting

Begroting 2023 202.149

BegrotingsBegroting wijziging na wijziging 94.664 296.813

Werkelijk 2023 278.830

Riolering Algemeen: Riolering is een essentiële voorziening voor het afvoeren van afvalwater uit woonomgevingen. De gemeente heeft de verantwoordelijkheid voor het inzamelen en transporteren van afvalwater, wat cruciaal is voor de bescherming van de volksgezondheid en het milieu. Het onderhoud van bestaande rioleringen, vervanging en de aanleg van nieuwe rioleringen worden geleid door het 76

Jaarverslag 2023

beleidsplan water en riolering, opgesteld in samenwerking met de gemeenten Hattem, Oldebroek, Nunspeet en het waterschap. Een toenemende focus ligt op klimaatadaptatie, met als doel wateroverlast, droogte en hitte te voorkomen. Een voorbeeld hiervan is het afkoppelen van regenwater in bestaande omgevingen en op nieuwbouwlocaties dit op een natuurlijke manier infiltreren in de ondergrond, volgens het principe 'vasthouden, bergen en afvoeren'. Wat betreft onderhoudswerkzaamheden is het plan gebaseerd op periodieke inspecties van de riolering. Hiervoor wordt een planmatige aanpak gehanteerd. De investeringskredieten voor vervanging en aanleg verlopen via het Meerjareninvesteringsplan (MIP). Werkzaamheden: Op basis van het, vastgestelde, beleidsplan water en riolering in relatie tot overige geplande werken vindt onderhoud en vervanging plaats. Naast regulier onderhoud zijn in het plan bedragen opgenomen voor vervangingsinvesteringen (op basis van inspecties). Daarnaast zijn in de MIP een aantal kredieten opgenomen voor reconstructie en ombouw van rioolstelsels waarbij afkoppeling van hemelwater plaats vindt. Exploitatie Product Riolering Investeringen Herinrichten Oostendorp (2019010) Afronding winkelplein ’t Harde (Riool)

Begroting BegrotingsBegroting Werkelijk 2023 wijziging na wijziging 2023 1.423.046 184.474 1.607.520 1.873.091 Uitgaven Uitgaven t/m Raming 2023 2023 2019 139.936 1.700 150.694 2023 25.000 11.050 11.050

Water

Algemeen: De gemeenten hebben een deel van de kleinere watergangen (B- en C-watergangen) in beheer. Dit zijn watergangen met een afvoerende functie. Om de functie te garanderen is jaarlijks onderhoud nodig. De kosten zijn opgenomen in het kostendekkingsplan water en riolering. Exploitatie Product water

Begroting 2023 61.644

BegrotingsBegroting wijziging na wijziging 0 61.644

Werkelijk 2023 67.119

Haven

Algemeen: De gemeente is eigenaar van de haven. De gemeente is verantwoordelijk voor de kades en beschoeiingen en andere voorzieningen. Het reguliere onderhoud wordt uitgevoerd op basis van visuele inspecties. In 2023 is gestart met het actualiseren van het beheerplan Haven. In de loop van 2024 zal dit voorbesluitvorming in procedure gaan. Exploitatie Product Haven

Begroting BegrotingsBegroting 2023 wijziging na wijziging 288.133 -34.503 253.630

Werkelijk 2023 233.357

Groen

Algemeen: In het beleidsplan Openbare Ruimte is de gewenste beeldkwaliteit voor het groen vastgelegd. Op basis van dit kwaliteitsniveau worden de onderhoudsmaatregelen uitgevoerd. Voor het reguliere onderhoud staan jaarlijks budgetten in de begroting. Grotere investeringen verlopen via het MIP. De kosten daarvan worden gedekt uit de bestemmingsreserve openbare ruimte. Het meer grootschalig en structureel “massawerk” is uitbesteed. Via een Europese aanbesteding is dit voor een deel voor meerdere jaren weggezet bij een private partij. Voor het overige deel wordt het werk uitgevoerd door de Inclusief Groep. Het specialistischer werk wordt meestal door de eigen dienst uitgevoerd.

Werkzaamheden: Naast het reguliere onderhoud vindt ook (beperkt) omvorming en renovatie van groenvakken plaats. Waar mogelijk wordt vervanging meegenomen met andere (herinrichtings)projecten. De reserve openbare ruimte wordt ingezet om reconstructies en achterstanden op groen te bekostigen. Exploitatie Product Groen Product Sportvelden Investeringen Pupillenveld SV ’t Harde

Begroting 2023 1.530.522 163.128

Begrotingswijziging 42.336 52.033

2022

Raming 301.000

Begroting na wijziging 1.572.858 215.161 Uitgaven 2023 107.490

Werkelijk 2023 1.584.973 165.668 Uitgaven t/m 2023 307.711

Speelvoorzieningen

Algemeen: De gemeente Elburg heeft een speelruimteplan waarin opgenomen de noodzakelijke vervangingen in verband met ouderdom en veiligheidseisen. Voor zowel vervangingen als regulier onderhoud staan jaarlijks budgetten in de begroting. Werkzaamheden: 77

Jaarverslag 2023

Naast het regulier onderhoud aan speelvoorzieningen wordt op basis van het speelruimteplan en de periodieke visuele inspecties speelplekken gerenoveerd dan wel speelwerktuigen vervangen. Bij de uit te voeren werkzaamheden wordt voldaan aan de eisen die gesteld worden in het kader van veiligheid. In het kader van het beheerplan openbare ruimte zijn ook voor het speelruimteplan de uitgangspunten vastgesteld. Een van de uitgangspunten is om de speelondergronden te vervangen. Het speelruimteplan is onderdeel van het beheerplan openbare ruimte. Exploitatie Product Speelvoorzieningen

Begroting 2023 151.784

Begrotingswijziging 87.000

Begroting na wijziging 238.784

Werkelijk 2023 217.194

Begraafplaatsen

Algemeen: Onderhoud aan de begraafplaatsen vindt plaats op sobere, doch nette en respectvolle wijze. Het gewenste Kwaliteitsniveau is hoog en is vastgelegd in bestekken. Het beheer vindt deels plaats door de eigen dienst en deels door derden. De te besteden uren voor grafdelven en onderhoud werken daarbij als communicerende vaten. Het onderhoud vindt met name plaats op basis van visuele inspectie. De jaarlijkse budgetten voor onderhoud zijn voldoende om een adequaat onderhoudsniveau te handhaven. Werkzaamheden: De bestemmingsreserve begraafrechten wordt ingezet ter egalisering van de tarieven voor begraafrechten. Hierbij wordt rekening gehouden met een kostendekkingspercentage van 85%. Exploitatie Product Beheer begraafplaatsen

Begroting 2023 583.982

Begrotingswijziging 70.237

Begroting na wijziging 654.219

Werkelijk 2023 612.190

Onderhoud gemeentelijke gebouwen Er is een beheerplan onderhoud gemeentelijke gebouwen opgesteld. In dit beheerplan wordt beschreven waarom een beheerplan nodig is, welke soorten onderhoud te onderscheiden zijn, welke gebouwen onderhouden worden en welk onderhoud de komende periode verwacht wordt en wat de geraamde kosten hiervan zijn. In dit beheerplan is een raming gemaakt wat de kosten voor het onderhoud voor de periode 2015 tot en met 2024. In 2021 heeft een actualisatie plaatsgevonden en een actualisatie vanaf 2024 wordt momenteel uitgewerkt. De onderhoudsplanningen zijn opgesteld voor vier categorieën gebouwen: 1. Gemeentelijke gebouwen 2. Gemeentelijke monumenten 3. Dorps- en gemeenschapshuizen en zwembad 4. ‘Kunstwerken’ (civiel-bouwkundig) en bouwwerken geen gebouw zijnde Op basis van de financiële verslaggevingsregels worden bij onderhoud van gebouwen drie categorieën onderscheiden: 1. Preventief onderhoud: Dit is al het onderhoud dat gedurende het lopende jaar uitgevoerd moet worden om het gebouw in stand te houden en te laten functioneren op een bepaald kwaliteitsniveau (functioneel en representatief). Denk hierbij bijvoorbeeld, het onderhoud van de installaties, klachtenonderhoud, e.d. Daarnaast worden ook kleine investeringen en kleine wensen bij het preventieve onderhoud meegenomen. 2.

Technisch en groot onderhoud: Dit soort onderhoud is meestal ingrijpend van aard, wordt op een groot deel van het gebouw uitgevoerd, na een langere gebruiksperiode. Het is gericht op het behouden van een technisch goede en veilige staat van het gebouw. Het betreft bijvoorbeeld het vernieuwen van installaties zoals Cv-ketels of het vervangen van de dakbedekking. Voor het technisch en groot onderhoud zijn voor alle vier categorieën voorzieningen ingesteld. 3. Investeringen: Investeringen zijn weer onder te verdelen in 3 typen: a. Levensduur verlengend onderhoud: dit zijn onderhoudsinvesteringen die worden gedaan ten behoeve van een bestaand gebouw die expliciet leiden tot een substantiële levensduurverlenging. b. Nieuwe of uitbreidingsinvesteringen: dit zijn investeringen ten behoeve van de ontwikkeling van nieuwe of uitbreiding van het huidige aantal gebouwen. c. Vervangingsinvesteringen: dit zijn investeringen ten behoeve van de vervanging van (een deel van) een gebouw als gevolg van economische veroudering. Exploitatie Product onderhoud gebouwen Investeringen Verwarmingsysteem brandweerkarzerne

Begroting 2023 563.139

Begrotingswijziging -417.082

2022

Raming 216.000

Begroting na wijziging 146.057 Uitgaven 2023 133.981

Werkelijk 2023 165.328 Uitgaven t/m 2023 207.963

78

Jaarverslag 2023

Onderwijsgebouwen

Vanaf 1 januari 2015 zijn de schoolbesturen van PO, SO en VO verantwoordelijk voor al het onderhoud, zowel buiten als binnen onderhoud. Om deze taak naar behoren te kunnen uitvoeren, ontvangen zij van het rijk daartoe de middelen binnen de lumpsumbekostiging. Dit betekent dat gemeenten geen zorgplicht hebben voor onderhoud en functionele aanpassingen van schoolgebouwen in het primair, speciaal en voortgezet (speciaal) onderwijs. De gemeente heeft na deze wetswijziging nog de volgende verantwoordelijkheden op het gebied van onderwijshuisvesting: nieuwbouw en vervangende nieuwbouw, uitbreiding, medegebruik/verhuur (schoolbestuur moet hiervoor toestemming vragen), constructiefouten (bijvoorbeeld bij een asbestbesmetting), herstel in geval van bijzondere omstandigheden (schade als gevolg van bijvoorbeeld brand, diefstal, storm), bekostiging van en buitenonderhoud aan gymnastiek voorzieningen, verzekeringen en OZB. Om passende onderwijshuisvesting in Elburg te realiseren zijn gemeente en schoolbesturen in 2020 gezamenlijk gaan werken aan het opstellen van een visie op huisvesting en hebben dit vertaald in een Integraal Huisvestingsplan 2021-2041 (IHP). In 2023 hebben zich een aantal ontwikkelingen voorgedaan die hebben geleid tot de beslissing om het IHP 2021-2041 te actualiseren.

Het geactualiseerde IHP moet op het moment van dit schrijven nog door de gemeenteraad worden vastgesteld. In tegenstelling tot de werkwijze op basis van de verordening, wordt in het IHP uitgegaan van een proactief onderwijshuisvestingsbeleid. In formele zin laat de gemeente hiermee zien op welke wijze zij haar zorgplicht op grond van de taak die zij heeft in het voorzien van huisvesting voor het funderend onderwijs, wenst in te vullen. Het IHP:  Stelt de gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties in staat om op korte en lange termijn strategische keuzes te maken en proactief beleid te voeren.  Biedt een meerjarenperspectief waarop het eigen (investerings-)beleid kan worden afgestemd.  Vormt het beleidskader voor onderwijshuisvestingsbeleid voor de periode van 2021-2041. Het IHP wordt elke 5 jaar herijkt, zodat het beleidskader blijft aansluiten bij de vragen en behoefte van dat moment.

79

Jaarverslag 2023

Paragraaf 3

Financiering Met behulp van deze paragraaf kan de financieringsfunctie transparant worden gemaakt ten behoeve van het sturen, beheersen en controleren ervan. De begroting bevat de beleidsvoornemens ten aanzien van financiering. In deze jaarrekening wordt gerapporteerd over de uitvoering.

Algemene ontwikkelingen EMU-norm De Wet HOF heeft ten aanzien van de EMU-norm een macro budgettaire doelstelling. Dit betreft het zogenoemde EMU-tekort van 3% van het Bruto Binnenlands Product. Het ministerie van Financiën beheert deze norm en heeft op grond van de wet Fido (artikel 7) de bevoegdheid om een eventuele Europese EMU-boete naar rato van het aandeel in dit EMU tekort door te berekenen naar de decentrale overheden. Een middel om deze norm te kunnen bewaken is de EMU-enquête. De EMU-enquête geeft een goed beeld van het ontstane EMUtekort. De EMU-enquête wordt ingevuld op basis van beschikbare informatie bij het opmaken van de begroting en het vaststellen van de jaarrekening. De cijfers voor 2023 zijn onderstaand gepresenteerd. Omschrijving Bedrag x € 1.000 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves Mutaties (im)materiele vaste activa Mutaties voorzieningen

+ + +

Baten uit bijdragen van andere overheden, die niet op de exploitatie zijn verantwoord

+

Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa, voor zover niet op exploitatie

+

Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. Baten bouwgrondexploitatie

+

Lasten i.v.m. transacties met derden, die niet via de exploitatie lopen

-

Verkoop van effecten

-

Berekend EMU-saldo

=

2022 Rekening 6.933 -1.915 579

2023 Begroting -1.596 -2.596 -338

1.821 1.520

5.296

2023 Rekening +6.807 -1.604 -1.270

223 1.693

-4.530

5.403

Schatkistbankieren Bij schatkistbankieren wordt de gemeente verplicht om overtollige middelen bij het rijk uit te zetten. Met deze maatregel beoogt het rijk om het EMU-tekort terug te dringen. Er is een doelmatigheidsdrempel afgesproken waarbij 2 % van het begrotingstotaal als ondergrens elt. Uitgaande van een begroting van ca. € 65 miljoen is de drempel voor de gemeente Elburg in 2023 € 1.3 miljoen. Bij een banksaldo beneden deze drempel hoeven geen overtollige middelen overgeheveld worden. Deze ondergrens wordt over het gemiddelde van de banksaldi over een periode van een kwartaal berekend. Toevallige fluctuaties van omvang in banksaldi worden daarmee uitgemiddeld. Onderstaande tabel geeft per kwartaal de mate aan waarin in 2023 van het drempelbedrag van € 1,3 miljoen gebruik is gemaakt. Hieruit blijkt dat de gemeente in 2023 onder de bandbreedte heeft geopereerd. Op 1 januari 2023 stond er een bedrag van € 5,5 miljoen gestald bij de schatkist. Per 31 december 2023 staat er een bedrag van € 11,7 miljoen bij de schatkist. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren Bedrag x € 1.000 Drempelbedrag Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag

1.300 Kwartaal 1 377 923 n.v.t.

Kwartaal 2 476 824 n.v.t.

Kwartaal 3 338 962 n.v.t.

Kwartaal 4 345 955 n.v.t.

Risicobeheer Het risicobeheer wordt onderscheiden in renterisicobeheer, koersrisicobeheer, kredietrisicobeheer, intern liquiditeitenbeheer en valutarisicobeheer. Praktisch gezien zijn alleen het renterisicobeheer en het intern liquiditeitenbeheer voor Elburg aan de orde.

Renterisicobeheer De rekenrente die de gemeente gehanteerd heeft voor het begrotingsjaar 2023 is 1,00%. De rentekosten hebben in 2023 een voordeel laten zien. Dit was niet alleen het gevolg van uitstel van investeringen maar ook door de renteopbrengsten voor uitstaande gelden in de schatkist.

80

Jaarverslag 2023

Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is voor het jaar 2023 bepaald op € 5.625.000 (8,5% van het begrotingstotaal). Het toezicht op de kasgeldlimiet door de provincie vindt plaats in het kader van het reguliere begrotingstoezicht. Gemeenten moeten overschrijdingen van de kasgeldlimiet melden als deze zich drie achtereenvolgende kwartalen voordoen. Daarom wordt intern nog elk kwartaal de kasgeldlimiet berekend. De kwartaalrapportages omtrent de liquiditeitspositie zagen er als volgt uit: Kwartaal Bedrag x € 1.000 1e kwartaal 2e kwartaal 3e kwartaal 4e kwartaal

Krediet 43 negatief 2.681 positief 7.494 positief 9.323 positief

Limiet 5.625 negatief 5.625 negatief 5.625 negatief 5.625 negatief

Oordeel Geen overschrijding Geen overschrijding Geen overschrijding Geen overschrijding

Renterisiconorm Voor de renterisiconorm mag een bedrag worden afgelost welke maximaal 20% van het begrotingstotaal bedraagt. Onder begrotingstotaal wordt verstaan het totaal van de lasten op de begroting. Voor 2023 bedraagt het begrotingstotaal € 66.000.000 en de norm € 13.200.000. De stand van de langlopende geldleningen per 31 december 2023 bedraagt € 10.269.000. De betaalde aflossingen in 2023 bedragen € 1.048.000. De norm wordt daardoor niet overschreden.

Vervroegde aflossing Er zijn geen leningen waarvoor vervroegde aflossing, wegens bijvoorbeeld een hoog rentepercentage, mogelijk is.

Intern liquiditeitenbeheer In Elburg wordt grofmazig een liquiditeitsplanning opgesteld. Het is een goed functionerend systeem welke voor een gemeente met de grootte van Elburg meer dan gaat voldoen.

Gemeentefinanciering Financiering Op grond van de nieuwe BBV-voorschriften wordt onderstaand overzicht opgenomen. Begroting

Werkelijk

510.000

440.126

* Rente restant financieringstekort à 1% Totale rentekosten

6.650 516.650

141.944 582.070

Externe rentebaten Totaal door te rekenen externe rente

43.305 473.345

399.719 182.351

Rente grondexploitatie Rente projectfinanciering taakveld

24.474 43.305

51.854 35.816

Saldo door te rekenen externe rente Rente over eigen vermogen

405.556 0

94.682 0

Externe rentelasten over korte en lange financiering: Rente langlopende geldleningen, rijksvoorschotten en waarborgsommen Aan overige rentekosten te berekenen: * Rente financieringstekort tot rekening-courantlimiet à 0%

Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde)

0

0

De aan taakvelden toe te rekenen rente De werkelijk aan taakvelden toegerekende rente

405.556 721.020

94.682 0

Renteresultaat op het taakveld treasury

-315.464

94.682

Langlopende geldleningen De gemeente maakt hoofdzakelijk gebruik van langlopende geldleningen waardoor het renterisico zeer laag is. Door de reguliere aflossingen van € 1.048.000 miljoen bedraagt het totaal aan vaste geldleningen per 31 december 2023 € 10.269.000. De totale rentelast voor het jaar 2023 met betrekking tot de vaste schulden bedroeg € 407.215. Het gemiddelde rentepercentage van de geldleningen bedraagt 3,60%. Omschrijving

Rente

Aflossing

Saldo 31/12/23

Nederlandse Waterschapsbank

3.200.000

84.433

200.000

3.000.000

ASN Bank B.N.G.

1.800.000 6.303.000

64.897 257.242

200.000 646.000

1.600.000 5.657.000

14.000 11.317.000

643 407.215

2.000 1.048.000

12.000 10.269.000

Prokino Totaal leningen

Saldo 1/1/23

Opgenomen

81

Jaarverslag 2023

Kasbeheer Geldstromenbeheer In 2023 zijn alle mogelijke maatregelen genomen om de rentekosten zoveel mogelijk te beperken. De betalingen worden zoveel mogelijk afgestemd op de te verwachten ontvangsten. Het betalingsverkeer vindt elektronisch plaats, waardoor de kosten tot een minimum worden beperkt. Saldo- en liquiditeitenbeheer In 2023 zijn de saldi van de Rabobank automatisch dan wel regelmatig overgeboekt naar de rekening van de huisbankier (NV Bank Nederlandse Gemeenten). De saldi van hoofd- en nevenrekeningen bij deze bank zijn opgenomen in een zogenaamd rentecompensatiecircuit. Dit betekent dat debet- en creditsaldi van alle rekeningen worden samengevoegd tot één gecombineerd saldo, waarover de rente wordt berekend.

Schuldpositie In 2023 zijn geen vaste geldleningen aangetrokken, terwijl er wel € 1.048.000 afgelost is. Het saldo in de schatkist is in 2023 toegenomen. Tijdelijk heeft de gemeente een kasgeldlening aangetrokken. Omschrijving Vaste schulden looptijd van één jaar of langer

2019 15.362.418

2020 14.014.418

2021 12.666.418

2022 11.318.418

2023 10.269.000

Netto vlottende schuldenlooptijd korter dan één jaar Overlopende passiva

2.062.114 3.154.830

4.740.096 5.411.220

7.148.275 5.561.749

7.278.333 3.150.576

5.893.000 11.000.000

Uitzettingen looptijd korter dan één jaar Liquide middelen

-8.680.307 -116.503

-11.384.604 -107.357

-7.509.177 -404.149

-13.344.948 -401.334

-21.953.00 -406.000

-285.435 11.497.177

-3.441.627 9.232.146

-4.715.093 12.748.023

-1.369.597 6.631.448

-3.897.000 906.000

23.163 496.36

23.429 395.48

23.743 536,92

24.041 275,84

23.906 37,90

54.453.776 21%

65.414.987 14%

63.748.000 20%

68.890.000 10%

82.981.000 1%

Overlopende activa Netto schuld Aantal inwoners Netto schuld per inwoner [euro] Omzet Netto schuldquote

Voor de netto schuldquote geldt dat een normale quote tussen de 0% en 100% ligt. Tussen de 100% en 130% is het zorgelijk en een quote boven de 130% is slecht.

Administratieve organisatie In het treasurystatuut zijn de uitgangspunten van de administratieve organisatie vastgelegd. In 2014 is het treasurystatuut aangepast als gevolg van de invoering van schatkistbankieren en de inwerkingtreding van de Wet Hof.

82

Jaarverslag 2023

Paragraaf 4

Bedrijfsvoering In deze paragraaf wordt de gemeentelijke bedrijfsvoering van het afgelopen jaar beschreven.

Bestuurlijke Organisatie In het jaar 2023 is voortgebouwd op het bestuursakkoord 2022-2026, dat is omgezet naar een collegeprogramma dat de ambities van het college beschrijft. De gemeente streeft naar een actieve en wederzijdse samenwerking met haar inwoners en hun gemeenschappen. Hierbij stonden toegankelijkheid en betrokkenheid bij lokale aangelegenheden centraal. Vroegtijdige participatie en consultatie werden nagestreefd, waarbij maximale ruimte werd geboden aan inwoners, organisaties en bedrijven. Een effectieve samenwerking tussen het college, de raad en de organisatie is essentieel voor de succesvolle uitvoering van het collegeprogramma. In 2023 is wederom een gezamenlijke sessie gehouden met de gemeenteraad, het college en het managementteam om de onderlinge samenwerking te versterken. Zo vond er in november 2023 een heisessie plaats, waarin gezamenlijk werd nagedacht over inwonerparticipatie. Ook is er in 2023 gewerkt aan het verbeteren van de kwaliteit van raadsvoorstellen en aan een efficiënte digitale afhandeling van alle documenten. En zijn de voorbereidingen getroffen om per 1 januari 2024, conform de motie van de raad over begrijpelijke taal, de formats van college-en raadsvoorstellen aan te passen met een korte samenvatting in begrijpelijke taal.

Personeel en Organisatie Onze medewerkers zijn van onschatbare waarde voor de continuïteit en kwaliteit van onze dienstverlening, het uitvoeren van gemeentelijke taken en het realiseren van ons collegeprogramma. Ondanks uitdagingen op de arbeidsmarkt hebben we geïnvesteerd in het binden en boeien van ons personeel. Het invullen van vacatures kostte meer tijd dan voorheen, maar in de meeste gevallen is dit gelukt. In oktober 2023 zijn twee trainees vanuit de Talentenregio gestart, met een traject van twee jaar. We blijven investeren in onze organisatie om de juiste mensen aan te trekken en te behouden, en om de ambtelijke organisatie strategisch te versterken. Het Plan van Aanpak voor organisatieontwikkeling ‘Samen aan zet voor Elburg’ is vastgesteld, met missie, visie en kernwaarden. Het strategisch vermogen is vergroot door uitbreiding van de formatie met vier strategisch adviseurs en secretariële ondersteuning van het management. Tevens is aan de slag gegaan met managementontwikkeling, teamontwikkelingen en de ontwikkeling van het bestuurlijk ambtelijk samenspel. In het voorjaar van 2024 lopen deze trajecten door. Dit zal uiteindelijk resulteren in o.a. een (gewijzigde) structuur van de portefeuillehoudersoverleggen, een gewijzigd organisatiebesluit en een nieuw interne communicatiebijeenkomst.

Als werkgever streven we ernaar onze medewerkers eigentijdse huisvesting te bieden. Een projectgroep is gestart met de voorbereidingen voor vernieuwing van de huisvesting die voldoet aan de eisen van Het Nieuwe Werken, duurzaamheid en energieneutraliteit. De gemeenteraad heeft gekozen voor renovatie van het gemeentehuis, waarvoor het programma van eisen verder is uitgewerkt. In 2023 is bureau Berenschot ingeschakeld voor onderzoek naar het toekomstperspectief voor de gemeentelijke organisatie op middellange termijn (5-7 jaar). Dit onderzoek omvatte gesprekken met interne en externe stakeholders en resulteert begin 2024 in een advies aan het college.

Intergemeentelijke Samenwerking Zowel binnen de Regio Zwolle als de Kop van de Veluwe is samengewerkt aan economische, menselijke en ruimtelijke vraagstukken. De samenwerkingsagenda Kop van de Veluwe is eind vorig jaar door de gemeenten Hattem, Heerde, Oldebroek en Elburg, de provincie Gelderland en het waterschap Vallei en Veluwe vastgesteld. De samenwerkingsagenda is een samenwerking tussen de genoemde gemeenten op bepaalde beleidsterreinen, zoals economie, ruimte, energie, wonen en landelijk gebied. Op het gebeid van bedrijfsvoering hebben de colleges eind 2023 besloten om per 1 september 2024 te starten met een belastingsamenwerking. Het onderzoek naar fase 2 van de Informatisering & Automatisering (I&A) samenwerking heeft grotendeels plaatsgevonden in 2023, waarbij de gevolgen van verdere samenwerking zijn geanalyseerd.

Informatievoorziening In het afgelopen jaar is voortgang geboekt in projecten op het gebied van integraal informatiebeheer en hoogwaardige dienstverlening aan inwoners en ondernemers, inclusief de uitbreiding van online dienstverlening. Het gebruik hiervan blijft groeien. Softwarepakketten vervangen door Software as a Service (SAAS), waardoor het aantal on-premisse oplossingen is verminderd. In 2023 is het gemeentelijke Document Management Systeem (DMS/RMA) geactualiseerd en is een beheertool geïmplementeerd om te voldoen aan wet- en regelgeving. Het onderzoek naar de informatisering en automatisering van de H2ONE-gemeenten wordt voortgezet om de ICT en informatievoorziening verder te versterken en toekomstbestendig te maken.

Informatiebeveiliging 83

Jaarverslag 2023

Ernstige beveiligingsincidenten hebben mogelijk negatieve gevolgen voor burgers, bedrijven, partners en de eigen organisatie. Informatiebeveiliging is dan ook een essentiële randvoorwaarde voor onze dienstverlening. We hebben ervoor gekozen een samenhangend niveau van veiligheid na te streven door de landelijke BIO (Baseline Informatiebeveiliging Overheid) te hanteren en hierover (landelijk) verantwoording af te leggen. In 2023 is het Strategisch Informatiebeveiligingsbeleid vastgesteld. Het strategisch beleid wordt dan gebruikt om de basis te leggen voor de tactische beleidsplannen en daarmee richting te geven voor de verdere invulling van informatiebeveiliging op tactisch en operationeel niveau. Afleggen verantwoording 2023 Wij leggen zowel intern als landelijk verantwoording af over de informatiebeveiliging. Dat gaat enerzijds op basis van een zelfevaluatie door de eigen medewerkers over de status van de informatiebeveiliging ten opzichte van de landelijke vereisten. Ook leggen we meer specifiek verantwoording af richting diverse landelijke toezichthouders voor de onderwerpen burgerzaken, Basisregistratie Personen (BRP) en de overige basisregistraties. Anderzijds leggen we verantwoording af door het uitvoeren van een externe audit voor DigiD en Suwinet (Structuur Uitvoering Werk en Inkomen). Deze audit is uitgevoerd door een gecertificeerde RE-auditor van BDO.

De DigiD en Suwinet audit zijn niet vrijblijvend. Het is een belangrijke randvoorwaarde om deze aansluiting te behouden ten behoeve van onze dienstverlening. Op deze manier wordt op een veilige manier omgegaan met de persoonsgegevens. Resultaten afleggen verantwoording 2023 De resultaten van de DigiD audit en Suwinet zijn conform gevraagde normeringen. Er wordt over 2023 al proef gedraaid op de strengere DigiD audit voor 2024. Binnen die strengere audit dient de gemeente aan te kunnen tonen of er conform het proces wordt gewerkt. Bij de Basisregistratie Ondergrond (BRO) is een nieuwe eis gesteld over het gebruik van de BRO. De gegevens kwaliteit voldoet volledig, maar het in werkprocessen en contracten vastleggen dat de BRO moet worden geraadpleegd is nog niet geborgd. Verbeteringen afleggen verantwoording 2023 Binnen de gemeente wordt gewerkt met een verbeterplan voor informatiebeveiliging, wanneer de DigiD resultaten hiertoe aanleiding geven. Dit is op het jaar 2023 niet van toepassing. Ook zijn er geen verbeterplannen nodig voor de BRO, omdat we in het algemeen in control zijn. De verbeterplannen rondom de zelfevaluatie liggen in 2023 primair op continuïteitsplannen, uitwijk ICT en een nieuw helpdesksysteem. Aandachtspunt beveiligingsincidenten 2023 Het registeren van incidenten is van belang om patronen te ontdekken, waaruit lering getrokken kan worden.

Het tijdig melden van beveiligingsincidenten zowel door interne medewerkers, leveranciers of overige externe partijen is van belang om snel een beveiligingsincident op te lossen. De landelijke richtlijn is om binnen 24 uur een beveiligingsincident te melden. Er zijn diverse meldingen bekend die effect hadden kunnen hebben op de beschikbaarheid en de kwetsbaarheid in software. Dit heeft niet plaatsgevonden door snel acteren hierop, zowel intern als extern. Bewustwording Persoonlijk handelen is de zwakste schakel binnen informatiebeveiliging en ook voor het zorgvuldig omgaan met persoonsgegevens. Bewustwording is dan ook een belangrijke maatregel om een hack en/of een datalek te voorkomen. Het gaat hier om het continue creëren van leerervaringen. Dit aangezien dreigingen en risico’s fluctueren en nieuwe medewerkers starten. Er zijn diverse bewustwordingsactiviteiten uitgevoerd, waaronder reguliere bewustwording en specifieke bewustwording. Regulier wordt elke week een vraag gesteld aan alle medewerkers en wordt elke jaar aandacht besteed aan de specifieke Suwinet bewustwording. Nieuwe medewerkers krijgen een vaste vragenlijst op het gebied van informatiebeveiliging. Ook worden de medewerkers regelmatig op de hoogte gesteld van onderwerpen via het intranet. Dit jaar is er ook specifiek aandacht te besteedt aan het gevaar van het klikken op linkjes in email.

Privacy Het zorgvuldig omgaan met privacygegevens en het adequaat beschrijven van processen in een gemeente is belangrijk om de privacy van burgers te waarborgen en te voldoen aan de wettelijke vereisten, zoals de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Dit versterkt tevens het vertrouwen van burgers in de overheid en minimaliseert het risico op datalekken of misbruik van persoonlijke informatie. Het hebben van duidelijke processen helpt ook bij het efficiënt en transparant afhandelen van gegevensverzoeken en klachten. In 2023 is de gemeente op de hoogte gesteld van een klacht die de Autoriteit persoonsgegevens heeft behandeld. Na het aanleveren van de eerste externe audit die is uitgevoerd op basis van de Wet politiegegevens, zijn er, na vaststelling van een plan van aanpak door het college van burgemeester en wethouders, verbeteringen doorgevoerd met betrekking tot de politiegegevens die door de Bijzonder opsporingsambtenaren worden verwerkt.

Kengetallen bedrijfsvoering 84

Jaarverslag 2023

Formatie en bezetting 2022-2023 Formatie 2022

Bezetting 2022

Vast

Totaal

Vast

Omschrijving

Tijd.

Tijd.

Formatie 2023

Totaal

Vast

Tijd.

Bezetting 2023

Totaal

Vast

Tijd.

Totaal

Griffie

1,67

1,67

1,67

1,67

2,11

2,11

2,11

2,11

Directie en ondersteuning

3,13

3,13

4,58

4,58

5,10

5,10

5,10

5,10

Ruimte

58,54

58,54

58,76

0,11

58,87

64,54

1,80

66,34

59,57

0,42

59,99

Samen Leven

48,67

1,33

50,00

52,97

0,32

53,29

53,74

1,33

55,08

57,12

1,11

58,23

Dienstverlening

32,82

0,40

33,22

30,24

0,33

30,58

36,66

0,40

37,06

34,46

0,44

34,90

Bedrijfsvoering

42,78

0,60

43,38

42,17

0,61

42,79

47,20

0,60

47,80

44,73

0,92

45,65

Garantiebanen

4,39

4,39

4,16

4,16

4,39

4,39

3,16

194,33

194,55

195,94

213,74

217,87

206,25

2,89

209,15

Totaal

192,00

2,33

1,37

4,13

3,16

Loonsom organisatie Omschrijving

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Netto Loonheffing

6.130.410 2.534.563

6.425.059 2.545.538

7.438.284 2.755.319

7.724.669 2.754.471

8.401.504 3.123.792

9.406.588 3.299.673

Overige heffingen Ziektekosten*

1.173.473 332.420

1.217.303 334.054

1.397.444

1.486.440

1.615.138

1.809.756

ABP Overige

1.667.957 100.800

1.780.794 72.557

2.056.893 77.250

2.202.584 73.203

2.236.771 65.561

2.346.414 72.686

Loonsom

11.939.623

12.375.304

13.731.220

14.241.367

15.442.766

16.935.177

*Tot en met 2019 werden premies ziektekosten door de gemeente ingehouden op het salaris en afgedragen aan het Instituut Ziektekostenvoorziening Ambtenaren (IZA). Inhuur personeel Omschrijving Inhuur i.v.m. capaciteitsproblemen

2018 1.059.000

2019 1.791.685

2020 803.375

2021 1.619.085

2022*

2023

Inhuur specialistische deskundigheid Onderzoeks- en adviesopdrachten

376.000 0

406.445 0

771.967 0

615.400 0

Inhuur wegens vacature Inhuur wegens ziekte

779.746 92.797

1.055.383 348.842

Inhuur wegens piekbelasting Inhuur regulier in de begroting

440.780 463.337

190.494 487.395

Inhuur (specifiek project) via krediet Inhuur overig

118.066 235.054

99.864 867.060

2.234.485

2.129.780

3.049.038

Totaal

1.435.000

2.198.130

1.575.342

* Sinds 2022 houden we onze inhuurkosten op een andere wijze bij. Kengetallen Omschrijving Inhuur derden

2018 1.435.000

2019 2.198.130

2020 1.575.342

2021 2.234.485

2022 2.129.780

2023 3.049.038

11.939.623 13.374.623

12.375.304 14.573.434

13.731.220 15.306.562

14.241.367 16.475.852

15.442.766 17.572.547

16.935.177 19.984.215

Inhuur t.o.v. totaal Formatie

11% 173,24

15% 178,70

10% 188,51

14% 192,98

12% 194,33

15% 217,87

Loonsom per fte

77.203

81.553

81.192

85.376

90.426

91.725

2018 4,88%

2019 6,08%

2020 5,93%

2021 5,10%

2022 5,47%

2023 5,59%

Loonsom organisatie Inhuur en loonsom

Ziekteverzuim Omschrijving Ziekteverzuim

85

Jaarverslag 2023

Rechtmatigheidsverantwoording

Vanaf 2023 neemt het college een rechtmatigheidsverantwoording op in de jaarrekening. Door de raad is de nota rechtmatigheidsverantwoording vastgesteld. In deze nota is vastgelegd dat het college in de paragraaf bedrijfsvoering een toelichting geeft op alle afzonderlijke afwijkingen van rechtmatigheid voor zover deze de grens van € 75.000 hebben overschreden en door de raad niet als acceptabele afwijkingen zijn geduid. Naast de toelichting geeft het college eveneens aan welke maatregelen worden genomen om deze fouten in de toekomst te voorkomen.

Cumulatief overzicht van de geconstateerde rechtmatigheidsfouten over 2023: Begrotingscriterium 1A. Overschrijding lasten programma’s. 1B. Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten). 2. Ongeautoriseerde reservemutaties. 3. Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten en baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of te laat aan de raad zijn gemeld. Totaal begrotingsonrechtmatigheden 4. Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden (van onderdeel 1 en 2) dat past binnen het vooraf vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is geduid vermelden en verwijzen naar dit vooraf vastgestelde beleid. 5. Resterend saldo aan begrotingsonrechtmatigheden Voorwaardencriterium Inkopen ten onrechte niet Europees aanbesteed M&O criterium Geen bevindingen Totaal van onrechtmatigheden

€ 299.000 € 165.000 €€€ 464.000 €€ 464.000 € 109.000 €€ 573.000

Bevinding

Het totaal van de onrechtmatigheden heeft de gestelde verantwoordingsgrens van € 2.538.000 niet overschreden. Daarmee kan worden aangegeven dat het college van mening is dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutatie rechtmatig tot stand zijn gekomen. Toelichting van afzonderlijke afwijkingen voor zover deze de grens van € 75.000 hebben overschreden en door de raad voor wat betreft onderdeel 1A en 1B niet als acceptabele afwijkingen zijn geduid. Voor wat betreft begrotingscriterium onderdeel overschrijding lasten programma’s (onderdeel 1A.):  Overschrijding lasten van € 121.000 voor aan overhead toegerekende energielasten. In totaliteit over alle programma’s heen overschrijden de energielasten met een bedrag van € 77.000.  Overschrijding lasten van € 98.000 voor overhead is toe te rekenen aan het gegeven dat de primitieve begroting zoals deze is vastgesteld door de raad niet aansluit op de primitieve begroting zoals deze administratief was verwerkt. Op totaalniveau van alle programma’s inclusief overhead bedraagt de afwijking € 36.000. Voor wat betreft begrotingscriterium onderdeel overschrijding investeringsbudgetten (onderdeel 1B):  Geen afzonderlijke afwijking van meer dan € 75.000.

Voor wat betreft begrotingscriterium onderdeel onderschrijding lasten en baten en overschrijding van de baten (onderdeel 3):  Naar huidige regelgeving geldt dat deze afwijkingen tijdig aan de raad gemeld dienen te worden. Indien dat niet het geval is, is er sprake van onrechtmatige begrotingsafwijkingen. Wat tijdig melden inhoudt dient tussen raad en college te zijn overeengekomen.  Door het college wordt naar door de raad vastgestelde interne regelgeving het mogelijke gedaan in het kader van tijdig melden van afwijkingen. Zo kent de gemeente een voorjaarsrapportage en een najaarsrapportage waarin begrotingswijzigingen zijn opgenomen. Desondanks kunnen er ten aanzien van het begrotingscriterium onderdeel ‘3. Overschrijding van de baten en/of onderschrijding van de lasten en baten’ nog afwijkingen tussen begroting na wijziging en realisatie in de jaarrekening aanwezig zijn, die overigens naar gebruik in de jaarrekening per programma op taakveldniveau worden toegelicht. Om deze gebruikelijke toelichting van afwijkingen in de jaarrekening als tijdig – en daarmee rechtmatig - te beschouwen, wordt gebruikgemaakt van de mogelijkheid om voor vaststelling van de jaarrekening de raad expliciet te laten besluiten dat de gebruikelijke toelichting van de genoemde afwijkingen als tijdig kan worden aangemerkt.

Voor wat betreft voorwaardencriterium is ten aanzien van inkopen die ten onrecht niet Europees zijn aanbesteed:  Onrechtmatigheid is aan de orde ten aanzien van de inhuur van medewerkers bij een tweetal leveranciers. Deze inhuur is niet volgens de Europese aanbestedingswetgeving aanbesteed. Totaalbedrag onrechtmatigheid bedraagt € 109.000. Inmiddels is het college met een dienstverlener overeengekomen dat die een dynamisch aanbestedingssysteem voor de gemeente gaat beheren. Via dit systeem wordt de aanvraag tot inhuur van medewerkers open aangeboden aan de markt, inhuurcontracten opgesteld en beheerd. Door middel van deze maatregel dienen fouten rondom inhuur van medewerker te worden voorkomen. Voor wat betreft M&O-criterium (misbruik en oneigenlijk gebruik van de gemeentelijke regelingen) is op basis van uitgevoerde beoordelingswerkzaamheden aan te geven dat het M&O-beleid, zoals vastgelegd in de Nota voorkomen en bestrijden van misbruik en oneigenlijk gebruik, feitelijk wordt nageleefd en dat de getroffen maatregelen effectief werken.

86

Jaarverslag 2023

Paragraaf 5

Wet open overheid Inleiding Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid (hierna: Woo) in werking getreden. Deze wet heeft de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) vervangen. Met de komst van deze nieuwe wet is er ook een nieuwe verplichting gekomen: het opnemen van een openbaarheidsparagraaf in de jaarlijkse begroting en verantwoording (artikel 3.5 Woo). Openheid en transparantie zijn essentieel voor het vertrouwen tussen inwoners en de gemeente. Inwoners worden daarin gesterkt door de informatie die de gemeente beschikbaar stelt. De toegang tot publieke informatie, zonder daarbij een belang te hoeven stellen, is sinds de invoering van de Woo een expliciet recht geworden. Tijdens het produceren van informatie moet dus al rekening worden gehouden met de publicatie ervan. Dit vraagt om een cultuurverandering rond de omgang met informatie en om een goede informatiehuishouding. De Woo bevat twee hoofdonderdelen: actieve openbaarmaking en passieve openbaarmaking. Op deze twee onderdelen zal hieronder worden ingegaan.

Actieve openbaarmaking Actieve openbaarmaking is een nieuw verplicht onderdeel in de Woo. Om duidelijkheid en transparantie te vergroten, is het de bedoeling dat overheden zelf actief documenten openbaar gaan maken. De Woo bevat 11 informatiecategorieën die actief openbaar moeten worden gemaakt. Deze actieve openbaarmaking heeft een gefaseerde inwerkingtreding. De verplichtingsdata per informatiecategorie stelt het Rijk vast. In 2023 zijn geen verplichtingen vastgesteld voor het actief openbaar maken, maar er is door de wetgever wel een voorzet voor een fasering gegeven, maar zonder tijdspad. In juli 2023 zijn de eerste werkdefinities vastgesteld van 4 van de 11 informatiecategorieën die onder de Woo verplicht zijn. Uitwerking van deze definities is de eerste stap op weg naar de verplichting om te openbaren. Het gaat om de volgende 4 informatiecategorieën die als eerste moeten worden geopenbaard: organisatiegegevens, raads- en bestuursstukken en Woo-verzoeken en -besluiten. Op onze gemeentelijke website wordt al informatie geplaatst. Zo zijn de vergaderstukken van de gemeenteraad toegankelijk en kan online een raadsvergadering live worden gevolgd. De openbare besluitenlijst van het college van burgemeester en wethouders wordt op de website geopenbaard. De Woo-verzoeken worden nog niet geopenbaard, maar dit is een volgende stap.

Ter voorbereiding op het actief openbaren van overheidsinformatie heeft de gemeente in 2023 onderzoek gedaan naar de benodigde (aanpassingen van de) ICT-voorzieningen. Het vervolg daarop is dat de gemeente een publicatieplatform Djuma Openinfo heeft aangeschaft. Dit is het platform waarop de gemeente actief kan gaan openbaren en dat kan aansluiten op de Woo-index (verplicht aangestelde verwijsindex waarop gemeenten moeten aansluiten met hun eigen publicatieplatform voor het ontsluiten van overheidsinformatie). Dit platform moet ervoor zorgen dat onze informatie beter vindbaar, uitwisselbaar, eenvoudig te ontsluiten en goed te archiveren is.

Passieve openbaarmaking Passieve openbaarmaking is het op verzoek documenten openbaar maken voor een ieder. Dit wordt ook wel een Woo-verzoek genoemd (voorheen Wob-verzoek). Iedereen kan, zonder een belang te hoeven stellen, vragen om documenten over een bepaald onderwerp openbaar te maken. Het gaat hierbij om bestaande documenten, opgemaakt of ontvangen door de gemeente. De informatievoorziening over de Woo staat uitgeschreven op onze gemeentelijke website. Naast het kanaal post, kan een Wooverzoek ook worden ingediend via een elektronisch formulier op onze gemeentelijke website. In 2023 is gewerkt aan het uitschrijven van het proces voor het afhandelen van Woo-verzoeken. Dit zorgt voor een kwalitatief betere afhandeling en bewaking van de wettelijke termijnen. Het Woo-verzoek komt binnen bij juridische zaken en daar wordt in eerste instantie contact gezocht met de verzoeker voor het in kaart brengen van het Woo-verzoek. Ook blijkt dat het met regelmaat gaat om een informatieverzoek waarbij de verzoeker informatie wenst voor zichzelf en het doel openbaren voor eenieder niet van toepassing is. Hierdoor kunnen Woo-verzoeken omgezet worden in informatieverzoeken waardoor er een snellere afhandeling kan plaatsvinden. De ‘officiële’ Woo-procedure met de wettelijke termijnen hoeft dan niet te worden opgestart.

In 2023 is de termijn van 4 weken (behandeling Woo-verzoek) met een eventuele verlenging van 2 weken (verdaging) eenmaal overgeschreden. Het aantal opgevraagde documenten speelt hierin een grote rol. Hoe groter het Woo-verzoek, hoe groter de werklast op de domeinen. Gebleken is dat het zoeken naar documenten en het anonimiseren (zwart lakken) veel tijd vraagt van de vakambtenaar. Daarnaast is juridische zaken belast met het controleren van de geanonimiseerde stukken, het op vragen van zienswijzen bij belanghebbenden en het nemen van besluiten. De behandeling van een Woo-verzoek is een omvangrijke klus gebleken en zorgt voor piekbelasting op de domeinen. De informatiehuishouding van de gemeente speelt een cruciale rol bij de afhandeling van Woo-verzoeken. 87

Jaarverslag 2023

Monitoring Woo-verzoeken Sinds de invoering van de Woo, is het aantal verzoeken gestegen. In 2022 zijn in totaal 17 Wob/Woo-verzoeken (in 2022 kennen we zowel Wob- als Woo-verzoeken) ingediend, terwijl in 2023 in totaal 34 Woo-verzoeken zijn ingediend. Dit is bijna een verdubbeling in verzoeken en dit maakt ook duidelijk dat de Woo leeft onder onze inwoners en het recht op overheidsinformatie veelvuldig wordt gebruikt. De stijging van het aantal Woo-verzoeken is in verband te brengen met actuele onderwerpen die spelen in onze gemeente, bijvoorbeeld verzoeken m.b.t. nieuwbouwplannen en de opvang van vluchtelingen. Dit is een verklaring voor de toename van het aantal Woo-verzoeken in 2023. Ook in omliggende gemeentes zie je deze tendens. Het aantal ingewilligde Wooverzoeken is ten opzichte van 2022 verminderd, omdat uit contact met de verzoeker blijkt dat het ingediende Woo-verzoek een informatieverzoek betreft. Hieronder zijn de in 2023 afgehandelde Woo-verzoeken weergegeven ten opzichte van 2022. Wob- en Woo-verzoeken 2022

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=elburg&id=f1ffd698-eb25-4627-bab6-a8f571cdd654