Bijlage 3a - TAM-omgevingsplan Doorstroming HOV4 - Motivering
Tekst van het document
Als toepassing wordt gegeven aan het tweede lid, wordt overeenkomstig toepassing gegeven aan de uitgangspunten van het eerste lid. Dat betekent dat bij de ontwikkeling zo zorgvuldig mogelijk omgegaan wordt met het ruimtebeslag door optimale invulling te geven aan de mogelijkheden voor intensivering van het beoogde ruimtebeslag en dat er toepassing wordt gegeven aan meervoudig ruimtegebruik. Beoordeling 36
vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
In kwestie is sprake van een permanente voorziening, zijnde een nieuwe HOV-verbinding en verplaatsen van bestaande parkeerplaatsen en een in- en uitrit. Waar mogelijk wordt met de nieuwe HOV-verbinding gebruik gemaakt van de huidige infrastructuur. Op enkele plekken is meer ruimtebeslag benodigd dan wat het huidige ruimtelijk kader toe laat. Artik el 5.9 Toepassing van de lagenbenadering In artikel 5.9 is ook opgenomen dat in de motivering een verantwoording moet worden opgenomen waaruit blijkt dat rekening is gehouden met de gevolgen van de beoogde ruimtelijke ontwikkeling voor de in het plan begrepen gronden en de naaste omgeving, in het bijzonder wat betreft de bodemkwaliteit, de waterhuishouding en de archeologische, cultuurhistorische, ecologische, aardkundige en landschappelijke waarden. Verder dient de omvang van de bebouwing en de beoogde functie te passen in de omgeving en de effecten die de ontwikkeling op de omgeving heeft, waaronder vanwege milieuaspecten en volksgezondheid. Ook dient de ontwikkeling adequaat te worden afgestemd op de aanwezige infrastructuur. Beoordeling De toetsing van de gevolgen van het voornemen op bovengenoemde aspecten is per onderwerp uiteengezet in voorliggende motivering.
Voor een nadere motivering wordt verwezen naar Hoofdstuk 7 waarin onder meer is getoetst aan aspecten als bodem, waterhuishouding, archeologie, cultuurhistorie en ecologie. Hieruit volgt onder meer dat de beoogde ontwikkeling vanuit de lagenbenadering bezien inpasbaar is in de omgeving. Bovendien zijn de effecten van de beoogde ontwikkeling op de omgeving in voornoemd hoofdstuk inzichtelijk gemaakt. Daarmee wordt voldaan aan de toepassing van de lagenbenadering uit artikel 5.9. Artik el 5.10 Meerwaardecreatie Meerwaardecreatie omvat een evenwichtige benadering van de economische, ecologische en sociale aspecten die in een gebied en bij een ontwikkeling zijn betrokken, waaronder: a. de mogelijkheid om opgaven en ontwikkelingen te combineren; en b. de bijdrage van een ontwikkeling aan andere opgaven en belangen dan die rechtstreeks met de ontwikkeling gemoeid zijn. De Omgevingsverordening geeft aan dat de fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit, bedoeld in artikel 5.11 'Kwaliteitsverbetering landschap' deel uit kan maken van de meerwaardecreatie. Beoordeling Het voornemen beoogt 'meerwaardecreatie' door het verminderen van negatieve effecten in de regio op het gebied van milieu, verkeersveiligheid en ruimtelijke kwaliteit in de omgeving.
De mobiliteitsmaatregelen hebben als doel het verbeteren van de bereikbaarheid en de mobiliteit in de regio Eindhoven - Veldhoven. People: maatschappelijke meerwaarde Het projectvoornemen levert belangrijke maatschappelijke meerwaarde op voor de gemeenschap. Die meerwaarde is op de volgende vlakken zichtbaar: a. Veiligheid en gezondheid: Een goed bereikbaar en betrouwbaar openbaar vervoersysteem stimuleert mensen om de auto te laten staan. Dit vermindert verkeersdrukte en verlaagt de kans op verkeersongevallen. Bovendien leidt minder autoverkeer tot minder luchtvervuiling en geluidsoverlast, wat direct bijdraagt aan een gezondere leefomgeving. b. Sociale samenhang en inclusiviteit: De HOV4 verbindt verschillende wijken en vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
37
voorzieningen, waardoor ook mensen zonder auto – zoals ouderen, jongeren, of mensen met een beperking – volwaardig kunnen deelnemen aan de samenleving. Dit bevordert gelijke kansen op het gebied van werk, onderwijs en sociale contacten. c. Kwaliteit van de leefomgeving: De nieuwe lijn stimuleert duurzame mobiliteit en draagt bij aan een groenere, meer toegankelijke en leefbare stad. Goed ingerichte haltes, veilige fietsroutes en aantrekkelijke openbare ruimte rondom de lijn verbeteren het straatbeeld en verhogen de aantrekkelijkheid van de omgeving. De HOV4 betekent dus meer dan alleen sneller vervoer: het versterkt de leefbaarheid, verbindt mensen en draagt bij aan een gezondere en inclusievere stad. Bewoners profiteren dagelijks van betere bereikbaarheid, schonere lucht en meer kansen om actief deel te nemen aan het maatschappelijke leven. Planet: meerwaarde op het gebied van circulariteit en volhoudbaarheid De aanleg van de HOV4 draagt bij aan een meer circulaire en toekomstbestendige leefomgeving. Deze bijdrage komt op meerdere manieren tot uiting: 1. Efficiënt energie- en grondstofgebruik: Hoogwaardig openbaar vervoer maakt collectieve mobiliteit aantrekkelijker. Dit leidt tot minder individueel autogebruik, wat het totale energieverbruik verlaagt. De bussen zijn elektrisch, waardoor de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen afneemt. 2.
Minder klimaatbelasting: Door de overstap van auto naar bus vermindert de CO2-uitstoot per reiziger aanzienlijk. Dit levert een directe bijdrage aan de klimaatdoelen van de stad en aan een lagere milieu-impact per vervoersbeweging. 3. Duurzame infrastructuur: Bij de aanleg van HOV4 wordt gekozen voor duurzame materialen en slimme ontwerpen die lang meegaan en herbruikbaar zijn. Dit vermindert materiaalverspilling en bevordert circulair bouwen. 4. Versneller van duurzame stedelijke ontwikkeling: De HOV4 stimuleert ruimtelijke ontwikkelingen langs de lijn (bijvoorbeeld woningbouw) op plekken die goed bereikbaar zijn zonder auto. Dit voorkomt versnippering van het landschap en beperkt de noodzaak van nieuwe infrastructuur elders. De HOV4 is dus niet alleen een mobiliteitsoplossing, maar ook een instrument voor circulaire en volhoudbare stedelijke ontwikkeling. Door energiebesparing, lagere uitstoot en duurzaam ruimtegebruik draagt de lijn bij aan een veerkrachtige leefomgeving voor huidige en toekomstige generaties. Profit: economische meerwaarde positie Noord-Brabant De HOV4 versterkt de economische positie van de provincie Noord-Brabant op strategische wijze: a. Verbeterde bereik baarheid van economische hotspots: De HOV4 verbindt belangrijke economische gebieden in Eindhoven, zoals Brainport, de High Tech Campus en onderwijsinstellingen.
Dit maakt werk- en kennislocaties beter bereikbaar voor werknemers, studenten en bedrijven, wat de economische dynamiek versterkt. b. Aantrekkelijke vestigingsvoorwaarden voor bedrijven: Een betrouwbaar en duurzaam OV-netwerk is een belangrijke vestigingsfactor voor (internationale) bedrijven. De HOV4 draagt bij aan een concurrerende, goed ontsloten regio die aantrekkelijk is voor innovatieve ondernemingen en talent. c. Ondersteuning van arbeidsmobiliteit: Door snelle en toegankelijke verbindingen tussen woonwijken en werklocaties vergroot de HOV4 de arbeidsparticipatie en flexibiliteit op de arbeidsmarkt. Dit is essentieel voor een regio die afhankelijk is van hoogopgeleide én praktisch geschoolde werknemers. d. Stimulans voor duurzame economische groei: De investering in hoogwaardige, duurzame 38
vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
infrastructuur zoals de HOV4 is toekomstgericht. Het stimuleert economische groei zonder extra druk op het milieu of de ruimte, passend bij de circulaire ambities van Brabant. De HOV4 is een aanjager van economische kracht, doordat het bereikbaarheid, arbeidsmobiliteit en vestigingsklimaat verbetert. Zo draagt de lijn bij aan het versterken van Noord-Brabant als innovatieve topregio in Nederland en Europa.
Artik el 5.11 Kwaliteitsverbetering landschap In artikel 5.11 is voorgeschreven dat bij ruimtelijke ontwikkelingen buiten bestaand stedelijk gebied, de ontwikkeling gepaard gaat met een fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van bodem, water, natuur, landschap, cultuurhistorie of van de extensieve recreatieve mogelijkheden van het gebied of de omgeving. Deze kwaliteitsverbetering dient bovendien financieel, juridisch en feitelijk te worden geborgd. De bedoelde kwaliteitsverbetering kan mede betreffen een landschappelijke inpassing, het toevoegen van landschapselementen, activiteiten gericht op behoud of herstel van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing en het wegnemen van verharding, het slopen van bebouwing. Als de kwaliteitsverbetering niet op locatie kan worden bewerkstelligd is het ook mogelijk een passende financiële bijdrage te doen in een (gemeentelijk) landschaps- of groenfonds. Beoordeling In zijn algemeenheid wordt landschappelijke inpassing als basisvereiste/-inspanning gezien. Daarnaast kan deze verbetering bereikt worden met: De sloop van overtollige bebouwing. Het verwijderen van overtollige verharding. Het behoud en herstel van cultuurhistorische waarden en kenmerken. De realisering van NNB.
Het toevoegen, versterken of herstellen van landschapselementen die een bijdrage leveren aan de versterking van de landschapsstructuur of de relatie stad-land, of het aanleggen van extensieve recreatieve mogelijkheden (artikel 5.11, derde lid OV), welke aspecten in het grotere geheel van het openstellen van het landgoed ook aan de orde komen. Met behulp van een landschapsinvesteringsregeling moet worden bepaald welke tegenprestatie nodig is: landschappelijke inpassing of berekende kwaliteitsinvestering. De ontwikkeling omvat de realisatie van een HOV-verbinding voor de stad (verkeersfunctie). De planlocatie ligt volgens de Omgevingsverordening Noord-Brabant voor een klein gedeelte in landelijk gebied. Iedere ontwikkeling in het buitengebied moet gepaard gaan met kwaliteitsverbetering van het landschap. Gemeente Eindhoven heeft geen landschapsinvesteringsregeling om de tegenprestatie en hoogte van de kwaliteitsbijdrage te bepalen. Gemeente Eindhoven past maatwerk toe en gebruikt de Landschapsinvesteringsregelingen van omliggende gemeente daarbij als leidraad. In deze regeling wordt onderscheid gemaakt in drie categorieën, waarbij naar gelang de impact van de ontwikkeling op de omgeving een tegenprestatie aan kwaliteitsverbetering vereist is. Categorie 1 heeft weinig impact en daarom is geen tegenprestatie vereist.
Categorie 2 heeft een geringe impact op de omgeving en hiervoor volstaat een goede landschappelijke inpassing. Ontwikkelingen in categorie 3 hebben behoorlijke impact op de omgeving en hiervoor is een berekende kwaliteitsbijdrage aan de hand van forfaitaire bedragen nodig. De voorgenomen ontwikkeling behoort qua impact tot categorie 2. De kwaliteitsverbetering van het landschap dient zodoende te worden vormgegeven door te voorzien in een goede vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
39
landschappelijke inpassing. In paragraaf 7.12 Groen wordt hier nader op ingegaan.
Gelet op het voorgaande wordt voldaan aan artikel 5.11 van de Omgevingsverordening Noord-Brabant.
Artik el 5.60 Verkeersdoeleinden Dit artikel bevat randvoorwaarden voor de aanleg van een HOV-tracé. Deze regels zijn met name gericht op een goede onderbouwing van de ontwikkeling. De weg omvat ook de aan de weg gerelateerde voorzieningen en de bij de weg behorende kunstwerken. Vanuit zorgvuldig ruimtegebruik wordt een onderbouwing van de noodzaak van een dergelijke voorziening gevraagd. Bij de aanleg van een HOV-tracé is het belangrijk om relevante mitigerende maatregelen te treffen om negatieve effecten op gezondheid, natuur en soorten te voorkomen. Hiervoor bevat het omgevingsplan een onderbouwing van de effecten van de weg op zijn omgeving. Het gaat daarbij onder andere op de effecten op een goede en veilige leefomgeving, maar ook om effecten op aanwezige waarden. Om negatieve effecten te voorkomen of te beperken, worden mitigerende maatregelen onderzocht en -voor zover nodig- in het omgevingsplan geborgd.
a. De noodzaak van de aanleg van de weg gelet op het verkeerskundige probleem of de ontwikkelingen die plaatsvinden De aanleg van HOV4 is noodzakelijk vanwege een structureel verkeerskundig knelpunt en een sterke ruimtelijke ontwikkelingsdruk in het zuidwestelijk deel van Eindhoven en Veldhoven. De huidige mobiliteitsstructuur kan de toenemende vervoersvraag, met name als gevolg van grootschalige woningbouw (zoals in Groots Gestel, Brainport Smart District) en de groei van de Brainportcampus, niet opvangen zonder ingrijpende kwaliteitsimpuls in het openbaar vervoer. HOV4 voorziet in een hoogwaardige openbaarvervoeras tussen Eindhoven Centraal en De Run in Veldhoven, waarmee: De bereikbaarheid van economische toplocaties (zoals ASML, MMC en de High Tech Campus) wordt geborgd; Congestie op hoofdwegen en knelpunten zoals de Karel de Grotelaan, de Ring en de A2/N2 wordt verminderd; Een duurzaam mobiliteitsalternatief wordt geboden dat aansluit bij de STOMP-principes en gemeentelijk mobiliteitsbeleid. Gelet op het voorgaande is de aanleg van HOV4 een directe ruimtelijke en mobiliteitsmatige reactie op een urgent verkeerskundig probleem én op grootschalige gebiedsontwikkelingen. Daarmee wordt voldaan aan de motiveringsplicht van artikel 5.60 sub a van de provinciale Omgevingsverordening.
b. De keuze van het tracé gelet op de verrichte onderzoeken De keuze voor het tracé van HOV4 is tot stand gekomen op basis van uitgebreide variantenstudies, waarin verschillende tracéalternatieven zijn onderzocht op criteria, zoals: ruimtelijke inpassing, verkeerskundige werking, omgevingskwaliteit, kosten, haalbaarheid, en milieueffecten. Op basis van deze onderzoeken is gekozen voor een tracé dat: Aansluit op bestaande OV-infrastructuur (zoals HOV1 en Station Eindhoven). Een rechtstreekse en snelle verbinding biedt tussen Eindhoven Centraal en De 40
vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
Run/Veldhoven. Zoveel mogelijk gebruikmaakt van bestaande wegenstructuren en dus ruimtelijk efficiënt is. De impact op groen, ecologie en leefomgeving beperkt, onder meer door ongelijkvloerse kruisingen en inpassing binnen bestaande corridors. Bijdraagt aan de ontlasting van drukke verkeersassen, zoals de Karel de Grotelaan en de Ring. De tracékeuze is onderbouwd in documenten zoals de Nota Voorkeursalternatief, het MER (Milieueffectrapport), en diverse verkeersonderzoeken. Gelet op het voorgaande is de gekozen tracévariant voor HOV4 onderbouwd met gedegen onderzoek en representatief voor een evenwichtige afweging van mobiliteit, ruimtelijke kwaliteit en milieubelangen. Daarmee voldoet het plan aan artikel 5.60 sub b van de Omgevingsverordening Noord-Brabant.
c. De maatregelen voor de inpassing van de weg waarbij de ontwikkeling in samenhang wordt bezien met zijn omgeving om een grotere kwaliteitswinst voor meerdere ruimtelijke functies, waaronder natuur en landschap, te bereiken De inpassing van de HOV4 is afgestemd op meerdere functies in de omgeving, waaronder mobiliteit, landschap, water, ecologie en verblijfskwaliteit.
Kwaliteitswinst in samenhang met de omgeving: Groenstructuren worden versterkt: langs delen van het tracé (zoals Karel de Grotelaan) wordt de aanleg van de HOV4 aangegrepen om bomenrijen, ecologische zones en waterstructuren te verbeteren of te herstellen, in lijn met het gemeentelijk beleid op groenblauwe netwerken. Landschappelijke integratie: het ontwerp benut bestaande infrastructuurlijnen en inpassingsmaatregelen (zoals ongelijkvloerse kruisingen, geluidbeperkende maatregelen en groeninpassing) om visuele en fysieke barrières te beperken. Hierdoor wordt de versnippering van het landschap verminderd. Verbetering stedelijke leefkwaliteit: door de aanleg van vrijliggende HOV-infrastructuur ontstaat ruimte voor herinrichting van bestaande wegen, bredere fietspaden, veilige oversteken en vergroening van verblijfsruimtes. Versterking duurzame mobiliteit: de HOV4 sluit aan op fietsverbindingen en stations (o.a. Eindhoven Centraal), waarmee de overgang tussen modaliteiten wordt gestimuleerd in lijn met het STOMP-principe. Ecologie en water: bij kruisingen met ecologisch waardevolle zones of watergangen wordt rekening gehouden met behoud of versterking van habitatverbindingen, en worden klimaatadaptieve maatregelen getroffen (zoals waterberging en infiltratiezones).
Gelet op het voorgaande is de inpassing van de HOV4 zorgvuldig afgestemd op de omgeving waarmee een meervoudige ruimtelijke kwaliteitswinst wordt bereikt, in overeenstemming met artikel 5.60 van de Omgevingsverordening Noord-Brabant. Het project overstijgt de louter infrastructurele opgave en draagt bij aan een robuuster, groener en leefbaarder stedelijk systeem.
d. De maatregelen die bijdragen aan een gezonde leefomgeving De ontwikkeling van de HOV4 draagt bij aan het beschermen van een gezonde leefomgeving door het stimuleren van duurzaam vervoer en het terugdringen van autoverkeer.
Hierdoor wordt: vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
41
De luchtkwaliteit verbeterd, door minder uitstoot van stikstof en fijnstof. Geluidshinder beperkt, doordat (stil) elektrisch openbaar vervoer stiller is dan autoverkeer; De verkeersveiligheid vergroot, met een veilig ingericht tracé en oversteekplaatsen. En lichamelijke beweging gestimuleerd, doordat OV-gebruik wordt gecombineerd met lopen en fietsen. Daarnaast wordt het openbaar vervoer toegankelijker en betrouwbaarder, wat de drempel verlaagt voor mensen om gezonde, duurzame vervoerskeuzes te maken. Daarmee ondersteunt het plan actief een gezonde leefomgeving in lijn met de doelen van de Omgevingswet. Tot slot bevordert de ontwikkeling van HOV4 de sociale cohesie doordat het mensen beter en laagdrempeliger met elkaar verbindt - zowel fysiek als sociaal: Goede bereikbaarheid met het openbaar vervoer verbindt woonwijken met werkplekken, onderwijs, zorg en cultuur, ook voor mensen zonder auto. Betaalbaar en toegankelijk vervoer vergroot de mobiliteitskansen voor álle groepen, inclusief jongeren, ouderen en mensen met een beperking of laag inkomen. Ontmoetingsplekken bij haltes en knooppunten versterken de levendigheid van buurten en stimuleren contact tussen bewoners. Door verbinding van stadsdelen en regio's draagt de HOV4 bij aan een inclusieve, samenhangende stad waarin iedereen kan meedoen.
Zo draagt het plan bij aan een Eindhoven waar ontmoeting, deelname en gelijke kansen centraal staan.
e. De noodzaak van een aan de weg gerelateerde voorzieningen en kunstwerken Een aan de weg gerelateerde voorziening is in de omgevingsverordening Noord-Brabant gedefinieerd als een voorziening die direct aansluitend aan de weg ligt en die ten behoeve van weggebruikers ter plaatse gevestigd is, waaronder een motorbrandstoffenverkooppunt.
Onderhavig plan ziet niet op de realisatie van een dergelijke voorziening.
De aanleg van verkeerskundige kunstwerken zoals ongelijkvloerse kruisingen, tunnels en onderdoorgangen is noodzakelijk om de doelstellingen van HOV4 te realiseren: een snel, betrouwbaar en hoogwaardig openbaar vervoer tussen Eindhoven en Veldhoven. Deze kunstwerken zijn functioneel om: Kruisingen met drukke verkeersaders (zoals de Ring, A2/N2 en Karel de Grotelaan) ongelijkvloers te maken, waardoor conflictvrij en dus vertragingvrij HOV-verkeer mogelijk wordt. De doorstroming en punctualiteit van de HOV-bus te waarborgen, essentieel voor een betrouwbaar alternatief voor de auto. Verkeersveiligheid te vergroten, door scheiding van modaliteiten (auto, OV, fiets, voetganger). En de leefbaarheid in aanliggende woongebieden te beschermen door het beperken van verkeersdruk op maaiveldniveau. Gelet op het voorgaande zijn de kunstwerken onlosmakelijk verbonden met het functioneren van HOV4 als hoogwaardige en snelle openbaarvervoerlijn en zijn noodzakelijk vanuit een verkeerskundig, ruimtelijk en leefbaarheids oogpunt.
42
vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
Artik el 5.56 Afwijkende regels stedelijke ontwikkeling Als er vanuit kwaliteit of kwantiteit in Stedelijk gebied onvoldoende ruimte aanwezig is, dan bestaat er de mogelijkheid dat een stedelijke ontwikkeling binnen de locatie Landelijk gebied wordt gerealiseerd. Als er nieuw ruimtebeslag nodig is, wordt met toepassing van de basisprincipes uit Paragraaf 5.1.2 Basisprincipes voor een evenwichtige toedeling van functies gekeken naar welk gebied daarvoor in aanmerking komt en onder welke voorwaarden. Beoordeling De aanleg van de HOV4 is passend binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied en binnen de regionale afspraken. Het versterken HOV-verbindingen is een onderdeel van de ontwikkelingsrichting als omschreven in de gemeentelijke Omgevingsvisie. Het bestaande hoogwaardig openbaar vervoersnetwerk (HOV-netwerk) wordt uitgebreid met nieuwe routes, waaronder het zuidwesten (HOV4). Hierdoor worden belangrijke plekken in de stad beter met elkaar verbonden. Door te investeren in de Multimodale OV-Knoop wordt Eindhoven Centraal een prettige overstaplocatie voor verschillende vormen van openbaar vervoer en deelvervoer. Dit is noodzakelijk om de verwachte toename van reizigers op te vangen en past bij de ontwikkeling van het station naar een nieuw, hoogstedelijk woon- en werkmilieu in het hart van de Brainportregio.
Het Rijk, de provincie en de gemeente Eindhoven zetten zich gezamenlijk in voor het verbeteren van de bereikbaarheid en het versnellen van de woningbouw in regio Brainport Eindhoven. Op 9 november 2022 zijn hierover afspraken gemaakt in het Bestuurlijk Overleg Meerjarenplanning Infrastructuur, Ruimte en Transport (BO MIRT). Rijk en regio reserveren voor de HOV4 respectievelijk € 132 miljoen en € 138 miljoen. De stedenbouwkundige en landschappelijke inrichting van het tracé van HOV4 zijn afgestemd op de omgevingskwaliteit en structuren in het gebied en de naaste omgeving, waarbij rekening wordt gehouden met een duurzame afronding van het Stedelijk gebied. Bij de ontwikkeling van de HOV4 wordt zoveel mogelijk de bestaande infrastructuur benut. De HOV-bus rijdt op een vrije baan. Op plekken waar dit niet lukt rijdt de HOV-bus mee met het overige verkeer. Daar waar sprake is van met deze verordening te beschermen en te ontwikkelen waarden, zal hier rekening mee gehouden worden. Artik el 5.20 Externe werking natuur netwerk Brabant Een omgevingsplan dat een ontwikkeling toelaat in Landelijk Gebied, die een aantasting geeft van de ecologische waarden en kenmerken in het Natuur Netwerk Brabant (NNB), bepaalt in aanvulling op het Besluit activiteiten leefomgeving dat de negatieve effecten waar mogelijk worden beperkt en de overblijvende, negatieve effecten worden gecompenseerd.
Hier wordt in de volgende paragraaf nader op ingegaan. Natuur Netwerk Brabant Het ontwerp van de HOV4 doorkruist het Natuur Netwerk Brabant op twee locaties: 1. De eerste locatie waar ruimtelijk beslag op NNB gebied plaatsvindt betreft een strook direct ten zuiden van de Gagelboschbrug ter hoogte van de Meerveldhovenseweg. Bij deze brug over het Afwateringskanaal wordt een extra brug gerealiseerd over het Afwateringskanaaal en er is zodoende sprake van ruimtebeslag op N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland en N04.02 Zoete plas. 2. Circa 700 meter zuidelijker wordt een nieuwe brug gerealiseerd over de Dommel ten zuiden van de Locatellistraat om zodoende een directe verbinding te realiseren met de vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
43
HTC Campus ten zuiden van de Dommel. Dit is de tweede locatie waar ruimtelijk beslag op NNB gebied plaatsvindt. Er is hier sprake van ruimtebeslag op Natuurtype N12.06 Ruigteveld en N03.01 Beek en bron. De aanleg van de bruggen en wegen / paden leidt tot (verdere) versnippering van de resterende delen van het NNB. Er is op beide plekken echter ook al sprake van een bestaande brug, waardoor er geen sprake is van een volledig nieuwe situatie. De versnipperingseffecten zijn beperkt tot een marginaal grotere barrièrewerking van de nieuwe bruggen. Van ruimtebeslag op natuurtype N04.02 Zoete plas is geen sprake gezien de aard van de werkzaamheden waarbij er geen oppervlakteverlies optreedt op het desbetreffende natuurtype. Voor wat betreft deelgebied Afwateringskanaal zijn indirecte effecten op natuurdoelen en natuurkwaliteit niet te verwachten. De huidige natuurwaarde rond de huidige brug over het Afwateringkanaal is beperkt gezien de sterk stedelijke ligging met bijbehorende verstorende effecten en betreding. In de huidige situatie is reeds sprake van een breed spectrum aan verstorende invloeden en is reeds een intensief gebruikte brug aanwezig. De natuurdoelen van de aanwezige natuurtypen zijn daar ook aan gelieerd en zijn realistisch voor een dergelijk stedelijk plangebied. Indirecte effecten op de natuurdoelen en natuurkwaliteit zijn dan ook niet te verwachten.
Voor wat betreft deelgebied Dommel HTC betreft het natuurtype Ruigteveld. Effecten op de natuurdoelen en kwaliteit van het resterend deel N12.06 Ruigteveld zijn niet te verwachten. Effecten op de vegetatie zijn niet te verwachten. Hoewel de verkeersintensiteit en daarmee verstorende werking zal toenemen is het niet aannemelijk dat dit leidt tot een afname van de natuurkwaliteit van het aanwezige type. De direct aangrenzende zone met natuurtype Ruigteveld is relatief smal, grenst aan het HTC terrein en is reeds aan een bepaalde mate van verstoring onderhevig gezien de aanwezige fietsbrug welke intensief gebruikt wordt door forenzen en recreanten. Aanwezige bosschages en bomen vormen een natuurlijke barrière tussen de brug en verder NNB-gebied langs de Dommel.
44
vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
Locatie Afwateringskanaal
Locatie de Dommel De voorgenoemde ontwikkeling leidt tot aantasting van gebieden die zijn beschermd in het Natuurnetwerk Brabant (verder te noemen NNB). Bij ruimtebeslag binnen het NNB is herbegrenzing van het NNB en compensatie van het verlies aan oppervlak vereist. Voor de herbegrenzing van het NNB biedt de Omgevingsverordening Noord-Brabant verschillende mogelijkheden. Voor onderhavig planvoornemen is sprake van toepassing van 'Artikel 5.34 Toepassing van het Nee, tenzij-principe' (Bijlage 8).
Artik el 5.34: Er is een uitzondering mogelijk als er sprake is van een groot openbaar belang en alternatieven aantoonbaar ontbreken. Het ontbreken van alternatieven mag niet zonder meer worden aangenomen. Het tweede lid stelt eisen aan het onderzoek dat daarvoor uitgevoerd moet worden. Voorts gelden er eisen dat de aantasting van waarden zoveel mogelijk wordt voorkomen en gecompenseerd. Als het omgevingsplan waarin de aantasting is vastgelegd, in werking is getreden passen Gedeputeerde Staten periodiek de begrenzing aan van de locatie NNB omdat er anders voor die ontwikkeling beperkingen blijven gelden. Bij het toezicht op de vaststelling van een omgevingsplan bezien Gedeputeerde Staten of op correcte wijze invulling is gegeven aan de opgenomen voorwaarden die in artikel 5.34 zijn opgenomen.
Geen alternatieven De gemeente Eindhoven heeft onderzoek gedaan naar verschillende tracéopties voor de verbinding naar de High Tech Campus Eindhoven (HTCE). Ook voor het tracédeel Karel de Grotelaan ter plaatse van het Afwateringskanaal is onderzoek gedaan naar alternatieven. Daaruit volgt dat alleen gekozen route HOV-waardig is die meer reizigers trekt. Bestaande en andere routes zijn niet toekomstbestendig omdat de betrouwbaarheid afneemt of de reistijd langer is en de kosten hoger zijn, waardoor geen HOV-kwaliteit geboden kan worden. Deze vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
45
zijn daarom geen alternatief. Op andere routes kan geen HOV-kwaliteit voor een snelle busverbinding worden bereikt, waardoor er minder reizigers met het openbaar vervoer zullen gaan. Hierdoor worden beleidsdoelstellingen op het gebied van modal shift (minder autogebruik en meer OV-gebruik) en mobiliteitstransitie hier niet gehaald. Naast reistijdverlies en meerkosten (maar ook lagere opbrengsten) betekent het niet bereiken van HOV-kwaliteit op de route naar de High Tech Campus vooral dat er minder mensen met het openbaar vervoer gaan. De auto-afhankelijkheid van het gebied is momenteel groot en wordt daarmee nog groter, wat indruist tegen het beleid om een mobiliteitstransitie te bereiken. Conclusie: er zijn geen reële alternatieven voor het voorliggende HOV-traject.
Compensatie Ten gevolge van het voornemen is sprake van zowel fysieke aantasting door de aanleg van de bruggen als door het gebruik van deze wegen van de NNB. Om deze reden dient het Natuurnetwerk Brabant (NNB) te worden herbegrensd. Het uitgewerkte Compensatieplan NNB, Gebiedsbescherming NNB en de Natuurtoets voorzien hierin en zijn als Bijlage 8, Bijlage 9 en Bijlage 10 aan deze motivering gehecht. De gemeente Eindhoven heeft reeds een perceel aangewezen waarop de noodzakelijke compensatie kan worden uitgevoerd en geborgd. Dit betreft een voormalige paardenwei ter hoogte de Klotputten op geringe afstand van de Dommel. Het beschikbare terrein betreft maakt al onderdeel uit van het NNB maar alleen als Nog om te vormen landbouwgrond naar natuur NNB-gebied (N00.01) (zie ook figuur 4-2). Door de compensatie op de huidige voorziene locatie te houden blijft het totale oppervlak van ingericht NNB binnen (de direct omgeving van) het plangebied zoveel mogelijk in stand. Door aan te sluiten bij het huidige oppervlak ingericht NNB vindt er zo min mogelijk versnippering plaats waardoor randeffecten en versnippering grotendeels worden voorkomen. De voorziene locatie sluit wat betreft omstandigheden, zoals landschappelijke samenhang, nabijheid van Dommel en bronpopulaties en bodemgesteldheid zo goed mogelijk aan bij de lokale omstandigheden van dat wat wordt aangetast.
Figuur 4-1 geeft de locatie aan waar de compensatieopgave vanuit het NNB zal worden gerealiseerd. Het beschikbare oppervlak is ruimschoots voldoende om de compensatieopgave van 3060 m2 (ca. 0,3 ha) voor beide natuurtypen te realiseren.
46
vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
Locatie compensatiegebied De compensatielocatie betreft een perceel dat al ruim een eeuw in gebruik is als grasland en tussentijds niet bebouwd of bebost is geweest. Lange tijd maakte het perceel integraal deel uit van het Dommeldal. Een lager gelegen en nat gebied met een kleinschalig cultuurlandschap met heggetjes, hooilanden en kleine bosschages. Het kleinschalig karakter en de natuurlijke loop van de Dommel is door ruilverkaveling en ruimtelijke ontwikkelingen grotendeels verloren gegaan, maar op de AHN-kaart is de ligging in het lage Dommeldal nog goed zichtbaar. Vanwege de lage ligging is binnen het compensatiegebied sprake van relatief vochtige omstandigheden. Er is sprake van kweldruk met ijzer- en basenrijk grondwater en potenties voor ontwikkeling van natte landnatuur in de vorm van vochtig hooiland of nat schraalland met soortenrijke vegetaties. Dergelijke natuurtypen komt reeds verspreid voor in het Dommeldal. Dit blijkt onder andere uit de beheertypenkaart die deel uitmaakt van het Natuurbeheerplan van de provincie Noord-Brabant uit 2025. Gezien het open karakter en relatief voedselarme en vochtige omstandigheden ligt het voor de hand om vochtig hooiland (N10.02) te realiseren. Dit sluit het beste aan op de huidige situatie en de ontwikkeldoelen voor natuur in dit gebied.
Kwalitatief is dit type in potentie vergelijkbaar met of zelfs waardevoller dan de natuurtypen die worden aangetast, waarmee op termijn netto een positieve bijdrage voor het NNB kan worden geleverd. De uitvoering en bescherming van de compensatie is reeds planologisch geborgd door de functie Natuur en gelet op het feit dat de gronden reeds tot het NNB behoren.
Groenblauwe waarden De groenstrook tussen de parkeerplaatsen langs de Locatellistraat en tennisvereniging “Volley” komt met de uitvoering van het plan te vervallen en wordt omgezet naar een verkeersfunctie. Op deze strook ligt in de Omgevingsverordening Noord-Brabant de aanduiding “Groenblauwe – waarden”. De groenblauwe waarde van deze strook is echter nihil: het is feitelijk een strook strak gemaaid gras met enkele bomen gelegen aan verschillende sportvelden. Gezien de ligging tussen de sportvelden en de parkeerplaatsen en de relatief kleine breedte van de strook is een verbetering van de groenblauwe waarde op deze locatie niet zinvol.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
47
De bedoelde strook
In de directe omgeving zullen er wel groenblauwe waarden worden toegevoegd. Ten noorden van Yuverta zal een wateropvangvoorziening worden gecreëerd, waardoor er meer gradiënten ontstaan. Voorts worden er naast de nieuwe busbaan groene bermen gerealiseerd waar naast (kruidenrijk)gras ook een gemengde haag en nieuwe bomen in worden aangeplant. Er wordt op deze manier groenblauwe waarde aan het gebied toegevoegd.
Nieuwe situatie - versterking groenblauwe waarden
Overige instructieregels Overige instructieregels zijn voor dit plan niet relevant. Conclusie 48
vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
De voorgenomen ontwikkeling is in lijn met het gestelde in de omgevingsverordening Noord-Brabant, mits de compensatie voor het Natuur Netwerk Brabant tijdig wordt gerealiseerd.
6.3
Regionaal beleid
6.3.1
Integrale Strategie Ruimte Metropoolregio Eindhoven (ISR)
Kader In 2016 is Brainportregio Eindhoven door het Rijk erkend als één van de drie mainports. De 21 gemeenten van de Metropoolregio Eindhoven (MRE) hebben een gezamenlijke ambitie: de Brainport Eindhoven verder ontwikkelen tot een economische topregio die internationale allure verbindt aan regionale eigenheid. De ISR is een ambitie, inspiratie- en kansendocument voor de regio. Het is een basis van waaruit partijen op verschillende niveaus (lokaal, subregionaal en bovenregionaal) werken aan opgaven ter versterking van de kwaliteiten van onze regio. Het vormt een gemeenschappelijk vertrekpunt voor de subregionale en lokale beleidsontwikkeling. De ISR ondersteunt daarmee de onderlinge en met andere partijen te maken afspraken. De ISR heeft een functie voor communicatie- en lobbytrajecten. Zo zal het een bouwsteen namens de regio vormen voor de provinciale omgevingsvisie.
De ISR is opgesteld door de werkplaats Ruimte met partners uit het bedrijfsleven, wetenschap, onderwijs en overheden. De ISR zet in op 3 centrale thema's: a. De energieke regio: de centra van steden en dorpen zijn van bewoners en bezoekers. Inrichting is gericht op beleving en verblijfskwaliteit. b. De verbonden regio: Een onderscheidende regionale en (inter-)nationale bereikbaarheid. Verplaatsen in de regio is sneller, eenvoudiger en/of leuker. c. De innovatieve regio: Economische activiteit en innovatie op werklocaties. Verbeteren verwevenheid campussen, kennisinstellingen en de innovatieve maakindustrie. Ruimte om te experimenteren. De strategiekaart toont de keuzen, ambities en strategische projecten die van belang zijn op (inter)nationaal niveau, waaraan we als Brainportregio werken. De Brainportregio maakt onderdeel uit van de nationale Ruimtelijke Economische Ontwikkelingsstrategie (REOS). Deze richt zich op het versterken van het economisch kerngebied van Nederland. Tegelijkertijd dragen de op de strategiekaart vermelde elementen ook bij aan een versterking van de regio zelf, wat goed is voor het woon-, leef en ondernemingsklimaat van iedereen in de regio. De strategie is opgebouwd uit de thema's: economisch vestigingsklimaat; woon- en leefklimaat; omgevingskwaliteit; mobiliteit; duurzaamheid en klimaat.
Per thema bevat de ISR een kaart en een beschrijving van het streven en de wijze waarop dit kan worden bereikt.
Toets De mobiliteitsmaatregelen hebben als doel het verbeteren van de bereikbaarheid en de mobiliteit in de regio Eindhoven-Veldhoven, daarmee draagt de ontwikkeling bij aan twee centrale thema's, te weten: de verbonden regio en de innovatieve regio.
Conclusie De voorgenomen ontwikkeling is in lijn met het gestelde in de ISR.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
49
6.3.2
SGE programmering werklocaties
Kader Als belangrijk onderdeel van regionaal beleid kan verder worden genoemd de "programmering nieuwe werklocaties Stedelijk Gebied Eindhoven 2021" van 8 juli 2021. Het Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE) is het kloppend hart van de Brainport regio. In het SGE werken negen gemeenten samen op de thema's Economie, Wonen, Voorzieningen & Evenementen en Ruimte 'als ware we één gemeente'. In de Samenwerkingsagenda 20182025 is onder andere afgesproken dat iedere vier jaar de programmering werklocaties wordt geactualiseerd. Het doel van deze programmering is dat vraag en aanbod voor werklocaties zo goed mogelijk in balans zijn.
Toets De mobiliteitsmaatregelen hebben als doel het verbeteren van de bereikbaarheid en de mobiliteit in de regio Eindhoven-Veldhoven, daarmee draagt de ontwikkeling bij aan de voorzieningen in de regio. Door de ontwikkeling van de HOV4 wordt de basis gelegd voor een goede en robuuste bereikbaarheid van de werklocaties. Conclusie De voorgenomen ontwikkeling is in lijn met het gestelde in de SGE programmering werklocaties.
6.3.3
Integrale Gebiedsvisie Ontwikkelas Zuidwest
De Integrale Gebiedsvisie Ontwikkelas Zuidwest is eind november 2024 door de gemeenten Eindhoven en Veldhoven vastgesteld. De visie beoogt een hoogwaardige stedelijke ontwikkeling met ruimte voor wonen, werken, voorzieningen en duurzame mobiliteit, waarbij de HOV4 als dragende infrastructuur de bereikbaarheid, ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid in het gebied versterkt. Onderhavige ontwikkeling draagt daarmee direct bij aan de uitvoer van deze gebiedsvisie en ondersteunt de gezamenlijke ambitie van de ontwikkeling van hoogwaardige openbaar vervoer-voorzieningen.
6.4
Gemeentelijk beleid
6.4.1
Omgevingsvisie
Eindhoven staat voor grote ambities en opgaven. De regio trekt mensen uit binnen- en buitenland die hier graag komen wonen en werken. Tussen 2022 en 2040 komen er in Eindhoven 40.000 woningen en 36.000 arbeidsplaatsen bij. Een stad die groeit, heeft ruimte nodig voor woningen, voorzieningen, groen, verkeer, klimaatmaatregelen en de energietransitie. De ruimte in Eindhoven is beperkt. Daarom moeten we goede keuzes maken en slim met de ruimte omgaan. Samen met de stad heeft de gemeente Eindhoven de omgevingsvisie Eindhoven opgesteld. De omgevingsvisie Eindhoven helpt te bepalen hoe we de ambities en opgaven een plaats kunnen geven binnen Eindhoven. Het is een integrale visie die de hoofdrichting van de ruimtelijke ontwikkeling van Eindhoven voor de lange termijn bepaalt en die doorwerking krijgt in diverse omgevingsprogramma's en het omgevingsplan. De omgevingsvisie richt zich op het jaar 2040. 50
vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
De omgevingsvisie beschrijft in de ambitie wat we bereikt willen hebben voor 2040. Daarnaast beschrijft de omgevingsvisie in de opgaven aan welke opgaven we moeten werken om de ambitie te bereiken. Als laatste beschrijft de omgevingsvisie door middel van verstedelijkingsprincipes hoe we de ambitie gaan bereiken. Op 26 november 2024 is de omgevingsvisie Eindhoven vastgesteld door de gemeenteraad.
Ambitie In 2040 is Eindhoven, binnen haar stadsgrenzen, gegroeid naar een compacte, gezonde, groene stad met een wereldse uitstraling. Het is plezierig om er te wonen, met veel groen, goede voorzieningen en prettige wijken. De stad is slim ingedeeld, met verdichting rondom (H)OV-knooppunten en omgeven door parken en groene ruimtes voor ontmoeting, beweging en ontspanning. Ondanks de verdichting voelt de stad aangenaam en natuurlijk aan. Eindhoven heeft zich ontwikkeld naar een slimme, gezonde duurzame stad voor iedereen. Stevig verbonden met de Brainportregio en de verdere omgeving. Dit vertaalt zich in de volgende integrale ambitie: "Eindhoven is de stad waar de toek omst gemaakt wordt, met een goede balans tussen onze unieke economie, ecologie en welzijn."
De integrale ambitie is opgedeeld in vier deelambities, die niet los van elkaar kunnen worden gezien. De vier deelambities zijn in evenwicht en vullen elkaar aan en vormen samen de integrale ambitie. Ze zijn: Eindhoven als toekomstbestendige stad: een klimaatadaptieve, gezonde, biodiverse en duurzame stad. Eindhoven als stad voor iedereen: een sociale, inclusieve en gastvrije stad. Eindhoven als hart van de Brainportregio: een innovatieve economische wereldspeler waar iedereen mee doet. Eindhoven als stad in ontwikkeling: een veranderende stad met oog voor eigenheid en historie. Hoe werken we aan de ambitie? Eindhoven is in trek om in te wonen en te werken. Het is een prettige, compacte, groene, leefbare en innovatieve stad die steeds in verandering is. De Brainporteconomie zorgt voor een prettig werkklimaat, met een goede samenwerking tussen bedrijven, onderwijs en overheid. Bedrijven willen zich hier graag vestigen, huidige bewoners willen hier blijven wonen en nieuwe inwoners willen hier graag komen wonen. Door de groei van de stad is er meer behoefte aan woningen, ruimte om je door de stad te verplaatsen, groen, water, voorzieningen, energie en ruimte om te werken. Maar de ruimte in de stad is schaars. Dit zorgt ervoor dat we slim om moeten gaan met de ruimte die we hebben.
Het combineren van verschillende functies in één gebied, zoals wonen, werken, groen en voorzieningen heeft veel voordelen. We behalen ruimtewinst en verbeteren de kwaliteit en levendigheid van die gebieden. Dit vraagt om randvoorwaarden voor de verstedelijking. Deze randvoorwaarden zijn uitgewerkt in zes verstedelijkingsprincipes. De verstedelijkingsprincipes zijn integraal en geven inzicht in de wijze waarop de verschillende stedelijke opgaven in samenhang tot elkaar opgepakt worden. Ze zijn noodzakelijk om de ruimtelijke ambities van Eindhoven waar te maken.
De verstedelijkingsprincipes zijn: De groene hoofdstructuur is leidend voor de gezonde ontwikkeling van de stad. vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
51
Voldoende ruimte voor energievoorziening is noodzakelijk. Eindhoven is een compacte stad waar nabijheid en meervoudig ruimtegebruik het uitgangspunt zijn. De mobiliteit zorgt voor een verbonden, ruimte-efficiënte en gezonde stad. De Brainporteconomie krijgt ruimte op bestaande en nieuwe economische toplocaties. De ruimtelijke structuur van de stad blijft herkenbaar en we voegen hoogwaardige architectuur toe. Welke opgave hebben we om de ambitie te bereiken? De kenmerken van de bestaande stad, de ambitie van Eindhoven en trends en ontwikkelingen leiden samen tot een aantal stedelijke opgaven. Deze opgaven ontstaan uit het verschil tussen de stad van nu en de stad die we in 2040 willen zijn. De opgaven zijn stadsbreed, langjarig en dragen bij aan het realiseren van de ambitie. Ze geven richting aan de ontwikkeling van onze stad. De stedelijke opgaven zijn allemaal even belangrijk en moeten in samenhang met elkaar worden opgepakt.
De stedelijke opgaven zijn: Eindhoven wordt klimaatneutraal. Eindhoven vergroent en wordt gezonder met oog voor mens en dier. Eindhoven bouwt door aan een vitale stad met ruimte voor iedereen en meerdere centra. Eindhoven investeert in leefbare, sociale en veilige wijken. Eindhoven biedt ruimte aan een sterke, concurrerende en duurzame Brainporteconomie. Eindhoven werkt aan duurzame mobiliteit en bereikbaarheid: vlot, veilig en schoon. Eindhoven werkt aan een levendige stad met goede basis- en topvoorzieningen. Samen met de stad werken wij aan de stedelijke opgaven. We zoeken de samenwerking op met onze ketenpartners (bijvoorbeeld Waterschap, ODZOB, Veiligheidsregio en GGD), bedrijfsleven, overheden (rijk, provincie, SGE en MRE), inwoners, ondernemers, onderwijsinstellingen, welzijnsorganisaties, woningcorporaties, ontwikkelaars en belangenorganisaties.
Toets Dit plan geeft uitwerking aan de concrete stedelijke opgave 'werken aan een goede stedelijke bereikbaarheid'. Onderdeel van deze opgave is werken aan nieuwe HOV-verbindingen tussen Eindhoven Airport, campuslocaties en buurgemeenten. In de Omgevingsvisie is aangegeven dat we moeten blijven werken aan een uitgekiend (H)OVen fietsnetwerk om de stad, regio en de campussen beter te ontsluiten en te verbinden met het centrum van Eindhoven. Deze investering draagt bij aan het realiseren van een multimodale OV-Knoop, zodat Eindhoven Centraal een prettige overstaplocatie wordt voor verschillende vormen van openbaar vervoer. Dit is noodzakelijk om de verwachte toename van reizigers op te vangen en past bij de ontwikkeling van het station naar een nieuw, hoogstedelijk woon- en werkmilieu in het hart van de Brainportregio. Gezien de groei van de stad, de toenemende verkeersdrukte en de toenemende druk op het klimaat en de luchtkwaliteit is het tevens nodig om te werken aan duurzame mobiliteit. In de Omgevingsvisie is het HOV4-tracé ook al opgenomen als 'HOV in ontwikkeling'. Conclusie Gelet op het voorgaande wordt met dit project invulling gegeven aan de ambities die zijn geformuleerd in de Omgevingsvisie. 52
vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
6.4.2
HOV Strategie Eindhoven
In 2009 is door de Eindhovense gemeenteraad de HOV Strategie - 'Eindhoven (ver)bindt, Eindhoven beweegt!' vastgesteld. Volgens de visie zorgt hoogwaardig openbaar vervoer (HOV), als onderdeel van een samenhangend beleidspakket, voor een duidelijk mobiliteitseffect. Voornoemd samenhangend pakket is geënt op hoogwaardig (snel, frequent, betrouwbaar) openbaar vervoer, ruimtelijke concentratie langs de HOV-corridors en aangepast mobiliteitsbeleid (parkeerbeleid/parkeernormering, fietsparkeren bij haltes, P+R, e.d.). De basis voor de doorontwikkeling van het HOV netwerk op langere termijn is hier in vastgelegd. De realisatie van de HOV4 maakt onderdeel uit van dit netwerk.
6.4.3
Masterplan Mobiliteit 2050
Op 12 maart 2024 heeft de gemeenteraad het Masterplan Mobiliteit 2050 vastgesteld. Het Masterplan Mobiliteit 2050 (inclusief actie-agenda) heeft als doel om samen met de stad een gezamenlijk beeld op mobiliteit te vormen en te komen tot richtinggevende keuzes en concrete stappen die de toekomstvoorstelling helpen te realiseren. Op basis van een zeer uitgebreid proces met tientallen bijeenkomsten en gesprekken met experts, honderden inwoners, ondernemers en bezoekers van Eindhoven, is gekomen tot zeven dromen die invulling geven aan dat nieuwe en andere perspectief. De mobiliteit in 2050 gaat over verbinding, vrijheid voor iedereen, ruimte maken, schoon, veilig, gezond en ontspannen. Door vanuit deze dromen te kijken naar de rol van mobiliteit, zijn er nieuwe inzichten en conclusies getrokken over de mobiliteitsopgaves die er liggen. Dat is een basis voor de actie-agenda die is opgesteld. Deze bevat uitvoeringspakketten met richtinggevende uitspraken en concrete projecten voor de komende jaren tot 2030. De zeven dromen geven weer welke rol mobiliteit speelt in de grote stedelijke opgaven van Eindhoven, zoals de verstedelijking, verduurzaming en de inclusieve stad. Sterker dan in voorgaande beleidsvisies is dan ook de link gelegd met andere beleidsdomeinen.
Het is dan ook niet voor niets dat er belangrijke links liggen met andere visies en beleidsdocumenten zoals de omgevingsvisie en het ontwikkelperspectief Eindhoven. De zeven dromen zijn als volgt uitgewerkt:
Mobiliteit is verbinding Alles is dichtbij Wij zetten in op een stad waar alles dichtbij is: Eindhoven als een 15-minutenstad, waar alle dagelijkse voorzieningen binnen 15 minuten fietsend of lopend te bereiken zijn. Het versterkt de relatie met lokale voorzieningen en maakt de buurteconomie krachtiger. Een passend netwerk voor elke vervoerswijze Ons netwerk verbindt ons zowel binnen Eindhoven als met de regio, de rest van Nederland en het buitenland. Om de stad in de toekomst goed verbonden te houden, zullen we de kracht van alle vervoerswijzen moeten benutten. Hubs als verbindende schakels Multimodale overstappunten vormen de verbindende schakel. Wij hebben aandacht voor de routes naar hubs en het verbeteren en ontwikkelen van hubs op alle schaalniveaus.
Mobiliteit is vrijheid voor iedereen Vervoer is beschikbaar en betrouwbaar We willen dat vervoer overal in onze stad beschikbaar is. We geven inwoners en bezoekers de keuzevrijheid om de manier van verplaatsen te kiezen die het beste past bij dat moment. Dit betekent volwaardige alternatieven voor iedere afstand vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
53
en locatie en goede informatievoorziening over keuzemogelijkheden. Iedereen een betaalbaar duurzaam vervoersalternatief Vervoer is betaalbaar voor iedereen en geldgebrek mag geen reden zijn om niet te verplaatsen. Vervoer is toegankelijk Wij willen dat vervoer toegankelijk is en halen fysieke barrières weg.
Mobiliteit is ruimte maken We winnen ruimte! We zetten in op een minder zichtbare plek voor de auto, door proactief parkeerbeleid en minder parkeerruimte in de straat. We maken ruimte voor kwaliteit in de stad We zetten in op meer ruimte voor wonen, ondernemen en ontspanning. We voegen pleinen, groen en water toe én gaan verrommeling van het straatbeeld tegen door inpandig fietsparkeren. We maken ruimte voor de mobiliteitstransitie We zetten in op hoogwaardige loop, fiets en OV routes. En daarbij op de ontwikkeling van hubs en deelmobiliteit.
Mobiliteit is schoon Mobiliteit zonder uitlaatgassen Wij voeren het stappenplan van de routekaart uit voor zero emissie gericht op alle motorvoertuigen binnen Eindhoven. We bieden een duidelijk handelingsperspectief, doen het samen met de stad en hebben oog voor draagvlak en draagkracht. Daarnaast richten we ons erop om proactief laadvoorzieningen te organiseren in de stad. Circulaire materialen Wij zetten in op het verminderen, hergebruik en recyclen van materialen.
Mobiliteit is veilig Veiliger gedrag en handhaving In 90% van het ontstaan van ongevallen speelt gedrag een rol. De focus zal daarom meer en meer op veilig gedrag van verkeersdeelnemers liggen. We zetten in op stimulering van gewenst gedrag en een gerichte aanpak van normvervaging. Geen verkeersonveilige plekken meer Wij pakken de aandachtslocaties in Eindhoven aan. Zowel op basis van data als vanuit de beleving. In situaties waar onveiligheid ontstaat tussen verschillende vervoerwijzen, maken we deze veiliger. We zorgen voor veilige schoolzones. Snelheid is de belangrijkste factor in de ernst van ongelukken (slachtoffers, doden). We zetten daarom in op snelheidsverlaging op zoveel mogelijk wegen. Doorontwikkeling data gedreven werken Betere registratie en data kan meer inzicht geven in de risico's. Wij verrijken de data door samenwerking voor een meer preventieve aanpak.
Mobiliteit is gezond Meer lopen en fietsen Meer lopen en fietsen is gezond én essentieel voor het slagen van de mobiliteitstransitie. Daarnaast is het belangrijk daarvoor de bereikbaarheid van parken, bos en sportvoorzieningen op peil te houden. Minder overlast Wij zetten in op het verbeteren van de luchtkwaliteit en het verminderen de trillingen en het geluid van het verkeer. Mobiliteit is ontspannen Prettig verplaatsen, zonder gedoe. Wij zetten in op het gemakkelijk oriënteren, plannen van onze verplaatsingen én een prettig gebruik van alle vervoerwijzen. Gastvrije mobiliteit Wij zetten in op goed vindbare reis- en vervoersinformatie voor iedereen, ook in tijdelijke situaties en tijdens evenementen.
54
vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
Toets In de actieagenda bij het masterplan zijn de concrete keuzes en stappen beschreven voor de komende jaren. Een van de uitwerking is een verkeerscirculatieplan voor het gebied binnen de Ring en een verbeterplan voor de Ring. Ook staat beschreven dat er wordt gewerkt aan de HOV4: Eindhoven Centrum - Veldhoven De Run.
Conclusie De realisatie van de HOV4 draagt concreet bij aan de realisatie van vooromschreven doelen (dromen). 6.4.4
Mobiliteit in balans: Verkeerscirculatieplan en Verbeterplan Ring
Bij de vaststelling van het Masterplan Mobiliteit 2050 is de richtinggevende keuze vastgelegd tot uitwerking van een Verkeerscirculatieplan (VCP) voor het gebied binnen de Ring en - in samenhang hiermee - een Verbeterplan voor de Ring zelf. Met het VCP wordt het autoverkeer op een andere manier door het gebied geleid. Daarmee wordt het centrum en het hele gebied binnen de Ring ontlast van doorgaand autoverkeer en daardoor veiliger, gezonder en aantrekkelijker. Omdat het VCP meer autoverkeer via de Ring gaat leiden is tegelijkertijd een Verbeterplan voor de Ring opgesteld. Dit plan is erop gericht dat alle verkeersdeelnemers op een veilige en vlotte manier gebruik kunnen maken van de Ring, of deze kunnen oversteken. Tegelijkertijd beogen we met dit plan waar mogelijk de barrièrewerking van de Ring te verminderen, de leefbaarheid rondom de Ring te verbeteren en de cultuurhistorische waarde van de Ring te behouden en zo mogelijk te versterken. De twee plannen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, dienen ook in samenhang te worden uitgevoerd en noemen we als totaalpakket: Mobiliteit-in-Balans. Mobiliteit-in-Balans draagt bij aan het realiseren van de mobiliteitstransitie en daarmee de reductie van CO2, zoals vastgelegd in het Masterplan Mobiliteit en is als samenhangend pakket randvoorwaardelijk voor het kunnen realiseren van de woningbouwopgave.
Verkeerscirculatieplan (VCP) Met het VCP wordt het verkeer in de toekomst op een andere manier door de stad geleid. Doorgaand autoverkeer gaat niet meer dwars door de stad, maar wordt via de Ring en de Randweg (N2) geleid. Het VCP leidt tot minder autodrukte in het centrum en daarmee wordt het schoner en gezonder. Ook wordt ingezet op meer lopen, fietsen en goed openbaar vervoer. Daarnaast wordt met dit plan meer ruimte voor groen, pleinen en parken gemaakt. Zo worden o.a. de volgende maatregelen genomen: Het gebied binnen de Ring wordt vrijgemaakt van doorgaand autoverkeer, zodat het leefbaarder en aantrekkelijker wordt. Het gebied binnen de Ring wordt opgedeeld in meerdere sectoren (gebieden). Tussen de sectoren maken we doorsteken die alleen toegankelijk zijn voor voetgangers, fietsers, lijnbussen en hulpdiensten. Niet voor auto's. Zo'n doorsteek noemen we een verkeersfilter. Voor auto's is elke sector vanaf de Ring bereikbaar. Voetgangers, fietsers, lijnbussen en hulpdiensten kunnen wel van de ene naar de andere sector. Alle bestemmingen (ook parkeerplaatsen) blijven bereikbaar met de auto, alleen kan de route anders worden. Hierdoor wordt het verkeer beter geregeld en maken we ruimte voor groen, pleinen en parken. Hieronder worden de plekken inzichtelijk gemaakt waar meer ruimte ontstaan voor groen, pleinen en parken: Fellenoord. 18 Septemberplein-Stationsplein Zuid.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
55
Stadhuisplein. Emmasingel (bij Philips Museum). Vonderweg (bij Philips Stadion). Daarnaast mag straks op alle invalswegen binnen de Ring maximaal 30 kilometer per uur worden gereden. Een lagere snelheid heeft een positief effect op de verkeersveiligheid en de leefbaarheid, is beter voor luchtkwaliteit en zorgt voor minder geluidsoverlast. De invalswegen worden hierbij anders ingericht dan de woonstraten. Hierdoor blijft het verkeer voornamelijk via de invalswegen rijden. Toets De ontwikkeling van de HOV4 draagt op de volgende manieren direct bij aan de doelen van het Verkeerscirculatieplan van de gemeente Eindhoven: 1. Het VCP wil doorgaand autoverkeer beperken binnen De Ring. De HOV4 biedt een aantrekkelijk alternatief voor autogebruik. Snelle OV-verbindingen zullen mensen stimuleren om de auto te laten staan voor woon-werkverkeer, wat bijdraagt aan afname van autoverkeer in het centrum; 2. Het ontwerp van de HOV4 is afgestemd op het sectorenmodel van het VCP. Bij de varianten van de HOV4 is gekeken welke routes geschikt zijn binnen het verkeer dat via filters wordt geleid. De HOV4 kan profiteren van verkeersfilters doordat busroutes ontzien worden van obstructies, en beter voorspelbare busdoorstroming krijgen; 3. De HOV4 versterkt de capabiliteit van de stad, wat past bij de ambitie van het VCP om lopen, fietsen en openbaar vervoer te stimuleren.
Door goede busbanen, goede haltes en verbeterde reizigerservaring wordt het openbaar vervoer aantrekkelijker; 4. Minder autoverkeer en beter openbaar vervoer dragen bij aan reductie van emissies, geluidsoverlast en verkeersrisico's. Het VCP streeft naar schonere, gezondere binnenstad en de HOV4 helpt daar concreet aan mee; 5. Het ontwerp van de HOV4 is mede bepaald binnen het kader van VCP, met aandacht voor oversteekplaatsen, veilige fietsroutes, het beperken van autoverkeer op routedelen waar dat past bij het VCP. Conclusie Gelet op het voorgaande is de ontwikkeling van de HOV4 in hoge mate consistent met en ondersteunend aan het VCP. De HOV4 kan meehelpen de vervoersstrategie van Eindhoven te realiseren: minder autoverkeer in het centrum, betere bereikbaarheid per OV, verbetering van leefbaarheid en gezondheid. Verbeterplan voor de Ring Door alle ontwikkelingen (waaronder het VCP) speelt de Ring een steeds belangrijkere rol in de verdeling van het autoverkeer en de (auto)bereikbaarheid van de stad. Met een Verbeterplan wordt de Ring versterkt. In dit plan staan voorstellen voor betere doorstroming van het autoverkeer, meer verkeersveiligheid en goede oversteekbaarheid. Ook is er aandacht voor de leefbaarheid in de aanliggende buurten van de Ring en wordt rekening gehouden met historische waarde van de Ring, de herkenbaar als Rondweg en de inpassing in de stadsdelen.
De maximumsnelheid op de Ring wordt verlaagd naar 50 kilometer per uur. Behalve op de Ring tussen de J.F. Kennedylaan en Eisenhowerlaan. Een lagere snelheid heeft een positief effect op de verkeersveiligheid en leefbaarheid, is beter voor luchtkwaliteit en zorgt voor minder geluidsoverlast. Daarnaast wordt het minder aantrekkelijk om over Ring te rijden, waardoor het autoverkeer meer gebruik gaat maken van de Randweg (N2 en A2). Het Verbeterplan de Ring richt zich op het veiliger, overzichtelijker en groener maken van de 56
vastgesteld TAM-omgevingsplan Doorstroming Eindhoven-Veldhoven(HOV4) Gemeente Eindhoven
Ring Eindhoven, met als doelen: Betere doorstroming van regionaal verkeer. Veiliger oversteken voor fietsers en voetgangers. Minder barrières tussen stadsdelen. Meer verblijfskwaliteit langs de Ring. Toets De ontwikkeling van de HOV4 draagt op de volgende manieren direct bij aan de doelen van het Verbeterplan voor de Ring: 1. Afname autoverkeer binnen de Ring: de HOV4 biedt een aantrekkelijk alternatief voor autogebruik, wat de druk op De Ring en omliggende wegen vermindert. 2. Betere oversteken en knooppunten: Op het kruispunt van de HOV4 met de Ring wordt de infrastructuur aangepast voor een veilige en vlotte doorstroming van bussen, fietsers en voetgangers. 3. Ruimtelijke samenhang: De inpassing van de HOV4 is afgestemd op de herinrichting van de Ring, zodat de OV-route logisch aansluit op nieuwe verkeersstructuren en verblijfsgebieden. 4. Versterking duurzame mobiliteit: de HOV4 ondersteunt het streven van het Verbeterplan om autogebruik te beperken en de stad te verduurzamen. 5. Ter plaatse van de kruising van de Karel de Grotelaan met de Ring wordt een nieuwe ongelijkvloerse kruising gerealiseerd. Conclusie Gelet op het voorgaande is de ontwikkeling van de HOV4 complementair aan het Verbeterplan de Ring.
Ze versterken elkaar inhoudelijk: waar de Ring wordt ingericht als duurzame hoofdstructuur voor autoverkeer, vormt HOV4 de hoogwaardige OV-ruggengraat daarbinnen en erlangs. Samen dragen ze bij aan een leefbare, bereikbare en toekomstbestendige stad. 6.4.5