CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Cultuurscan 2023

Raadsvergadering 28 november 2023, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Cultuurbrief 2025-2028 en Subsidieverordening Cultuur Eindhoven 2025-202839.089 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

2.1.2 BrabantStad-regeling De regeling ‘Professionele kunsten Eindhoven in samenhang met BrabantStad’ is een meerjarige regeling die in afstemming met de provincie en het Rijk is ontwikkeld en bedoeld is voor organisaties die ook regionaal en landelijk van belang zijn. Binnen deze regeling zijn vierjarige subsidies verleend aan 17 organisaties die ook meerjarige subsidie hebben aangevraagd bij de provincie en velen van hen bij het Rijk. De regeling is tot stand gekomen dankzij het bestuurlijk overleg ‘BrabantStad’ van de provincie Noord-Brabant met de gemeenten Breda, Eindhoven, Helmond,

Hoofdstuk 2

Perspectief van de sector

’s-Hertogenbosch en Tilburg. De focus ligt op de ontwikkeling, productie en presentatie van professionele kunsten. Er zijn vier specifieke functies binnen deze regeling, namelijk festival voor kunst en technologie, presentatie-instelling hedendaagse beeldende kunst, symfonieorkest en urban cluster. De organisaties die binnen deze regeling worden gefinancierd door Cultuur Eindhoven zijn:

− Afslag Eindhoven − De Fabriek − philharmonie zuidnederland − Stichting Baltan − Stichting De Ontdekfabriek − Stichting Kazerne − Stichting Make Eindhoven − Stichting Makerdays − Stichting MU − Stichting Onomatopee

− Stichting Rugged Solutions − Stichting So What’s Next? − Stichting STRP − Stichting Tegentijd (United Cowboys) − Stichting Tromp Muziek Biennale − Stichting Urban Eindhoven − Stichting Watershed

Drie van de hierboven genoemde organisaties ontvangen van het Rijk subsidie in het kader van de landelijke Basisinfrastructuur (BIS), te weten philharmonie zuidnederland, MU en Stichting Urban Eindhoven. Dutch Design Foundation (DDF) maakt onderdeel van de landelijke BIS, maar de financiering wordt niet door Cultuur Eindhoven verstrekt, maar door de gemeente en de provincie Noord-Brabant. Daarnaast ontvangt Stichting BioArt Laboratories de subsidie in het kader van de landelijke BIS. Stichting BioArt Laboratories heeft in 2020 ook subsidie aangevraagd binnen de BrabantStad-regeling en een positief advies van de Cultuurraad gekregen. Omdat het subsidieplafond ontoereikend was om alle positief beoordeelde aanvragen te honoreren is door Cultuur Eindhoven geen subsidie verleend.

23

Cultuurscan 2023

2.1.3 Tweejarige programma’s Voor terugkerende activiteiten en langer lopende programma’s kan een tweejarige programmasubsidie worden verleend. Deze subsidie is bedoeld voor organisaties die activiteiten ontplooien op het gebied van cultuureducatie en/of vrijetijdsaanbod en/of professionele kunst. Hierbij ligt de nadruk op talentontwikkeling, onderzoek, productie of presentatie van kunst en cultuur binnen Eindhoven voor de periode 2021-2022 en voor de periode 2023-2024. Voor de periode 2021-2022 zijn twaalf programmasubsidies verleend. Voor de periode 2023-2024 zijn zestien programmasubsidies verleend. Voor deze laatste periode zijn door het college incidentele middelen beschikbaar gesteld voor vijf organisaties die een positief advies ontvingen van de Cultuurraad, maar niet gehonoreerd konden worden binnen het oorspronkelijk beschikbare subsidieplafond van 2 miljoen euro totaal. Dankzij de extra middelen van € 680.000,- krijgen vijf organisaties van bevlogen Eindhovense makers de kans om in de periode 2023-2024 meer activiteiten voor en met verschillende groepen inwoners uit te voeren. Het is een belangrijke impuls voor verbreding van het cultureel aanbod in de stad en voor verdere ontwikkeling van Eindhovense makers.

2.1.4 Projecten Drie keer per jaar kunnen aanvragen voor projectsubsidies worden ingediend. Er zijn dus twaalf rondes mogelijk gedurende de gehele periode 2021-2024. Het gemiddeld aantal aanvragen per ronde ligt tussen tien en vijftien. Hierbij is er elke ronde sprake van zowel nieuwe aanvragers als organisaties die eerder projectsubsidie hebben aangevraagd. Hoewel de projecten een incidenteel karakter hebben, is het voor organisaties ook mogelijk om aan te vragen voor terugkerende projecten, zoals een evenement (Popwaarts, Night of the Nerds, Stap op de Rode Loper). Dat komt de continuïteit van het aanbod ten goede.

2.1.5 Snelgeld In de regeling Snelgeld kunnen zowel rechtspersonen als natuurlijke personen een subsidie aanvragen. De bijdrage aan individuele makers vormt een impuls

Hoofdstuk 2

Perspectief van de sector

voor hun professionele loopbaan en is gericht op het stimuleren van de artistieke en/of zakelijke ontwikkeling, bijvoorbeeld door opbouw van publiek en nieuwe opdrachtgevers. Met ingang van 2021 is het ook mogelijk voor collectieven van meerdere makers om een aanvraag in te dienen voor een gezamenlijk project. Om recht te doen aan internationale makers die gevestigd zijn in Eindhoven is het ook mogelijk een aanvraag in het Engels in te dienen. Aanvragers mogen niet twee keer voor dezelfde activiteit aanvragen, maar dezelfde makers vragen herhaaldelijk aan voor verschillende projecten. Een bescheiden bedrag levert een waardevolle bijdrage aan een onderzoek, productie of presentatie. Dit kan voor alle artistieke disciplines van meerwaarde zijn; voor een onderzoek, residency of tentoonstelling van een beeldend kunstenaar of ontwerper tot het maken van een muziekalbum of publicatie, een bijdrage aan een theater-/dansproductie of de ontwikkeling van een filmscenario of boek. Het komt ook voor dat de programmatische invulling van bijvoorbeeld een expositieplek door individuele subsidies per maker verzorgd wordt. Sinds het ingaan van de Snelgeldregeling in 2017 is het beschikbare budget per tranche jaarlijks gestegen. Zo is het budget in de periode 2017-2020 gegroeid van 40.000 euro in 2017 naar 150.000 euro in 2020.

Bij de verdeling van het budget in de Cultuurbrief 2021-2024 is 150.000 euro per jaar gereserveerd voor Snelgeld. Vanwege ingrijpende gevolgen van de coronacrisis voor de makers is uit het steunpakket in 2021 en 2022 een extra bijdrage aan Snelgeld beschikbaar gesteld. Provincie Noord-Brabant heeft een matchingsregeling opgezet voor gemeenten die subsidies aan makers verlenen. Cultuur Eindhoven heeft sinds 2018 hiervoor jaarlijks het maximaal beschikbaar bedrag van € 50.000,- ontvangen. Door de alsmaar groeiende vraag, blijft het Snelgeldplafond structureel overvraagd. Deze groeiende vraag is deels te verklaren door de effecten van de coronacrisis op de beroepspraktijk van makers. Het Snelgeld biedt ontwikkelingskansen aan makers, waardoor zij zelf initiatief kunnen nemen voor onderzoek, productie of presentatie. Met name op het gebied van producties in de beeldende kunst en creatieve industrie, omdat in deze disciplines veel individuele makers aanwezig zijn. Voor hen is het Snelgeld de enige mogelijkheid om subsidie aan te vragen. In figuur 9 is de achtergrond van de aanvragers te vinden.

24

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

Figuur 09

Achtergrond aanvragers Snelgeld Bron: Tussentijdse rapportage KPI 2022, Cultuur Eindhoven Figuur 06 — Achtergrond aanvragers Snelgeld Figuur 06 — Achtergrond aanvragers Snelgeld Figuur 06 — Achtergrond aanvragers Snelgeld

Perspectief van de sector

Aanvragen Aanvragen Aanvragen

Gehonoreerd Gehonoreerd Gehonoreerd

234 234 234 207 207 207 176 176 176 142 142 142

124 124 124

106 106 106 77 77 77

46 46 46 28 28 28

46 46 46 19 19 19 10 10 10 Rechtspersoon Rechtspersoon Rechtspersoon

Figuur 10

Geen rechtspersoon Geen Geen rechtspersoon rechtspersoon

Individueel Individueel Individueel

Namens collectief Namens Namens collectief collectief

Nederlandstalige aanvraag Nederlandstalige Nederlandstalige aanvraag aanvraag

Engelstalige aanvraag Engelstalige Engelstalige aanvraag aanvraag

Verdeling subsidiebudget 2022 Bron: Jaarverslag 2022, Cultuur Eindhoven Figuur 07 — Verdeling subsidiebudget per regeling Figuur 07 — Verdeling subsidiebudget per regeling 2% 1% Figuur 07 — Verdeling per regeling 2% subsidiebudget 1% 2% 2% 2% 2% 1% 11% 11% 11%

5% 5% 5%

Totaal € 22.742.854 Totaal Totaal € 22.742.854 € 22.742.854

79% 79% 79%

Professionele kunsten in samenhang met BrabantStad Professionele kunsten in samenhang Professionele kunsten in samenhang € 2.524.936 met BrabantStad met BrabantStad € 2.524.936 € 2.524.936 Basis Eindhovense € 18.041.463 Basis Eindhovense Eindhovense Basis € 18.041.463 € 18.041.463 Programma’s € 1.029.233 Programma’s Programma’s € 1.029.233 € 1.029.233 Projecten € 413.155 Projecten Projecten € 413.155 € 413.155 regulier Snelgeld € 366.126regulier Snelgeld Snelgeld regulier € 366.126 € 366.126extra middelen Snelgeld € 82.242 extra middelen Snelgeld Snelgeld extra middelen € 82.242 € 82.242 Gilden € 15.755 Gilden Gilden € 15.755 € 15.755 subsidies Gelabelde € 269.944 subsidies Gelabelde Gelabelde subsidies € 269.944 € 269.944

25

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

2.1.6 Gelabeld

2.1.8 Werkwijze

Deze subsidies worden door Cultuur Eindhoven verstrekt op basis van een collegebesluit. In 2023 betreft het subsidies voor de volgende doeleinden:

Cultuur Eindhoven communiceert actief over de subsidiemogelijkheden. De stichting probeert iedereen zo goed mogelijk te ondersteunen bij de voorbereiding van de subsidieaanvraag. Dat doen we bijvoorbeeld via informatie op de website, maar vaak ook via persoonlijk contact tijdens het spreekuur of informatiebijeenkomsten. Uit de gestelde vragen maken we op dat de regelingen steeds bekender worden en minder uitleg behoeven, maar dat de aanvragers het sparren over een aanvraag nog steeds zeer zinvol vinden.

− bijdrage aan Cultuureducatie met Kwaliteit (CmK): deze regeling komt voort uit een landelijk convenant over cofinanciering door de gemeente en het Rijk en voorziet in een aanbod voor het onderwijs waarbij cultuureducatie in alle disciplines en voor alle leeftijdsgroepen aangeboden wordt. De uitvoering van dit programma is in handen van CultuurStation; − huurcompensatie aan BROET en Baltan, als huurcompensatie voor huisvesting in Natlab op basis − van het collegebesluit van 9 april 2013; − bijdrage aan bewonersbibliotheken waarvoor Bibliotheek Eindhoven een factuur indient voor − gemaakte kosten; − in 2023-2024 voert Cultuur Eindhoven ook de subsidierelatie met Next Nature Network uit, die de gemeente co-financiert als future lab design en technologie.

2.1.7 Gilden Eindhoven kent negen nog actieve gilden. Zij zijn verspreid gevestigd over de stad. Deze gilden krijgen jaarlijks een subsidie van 1750 euro voor het in stand houden van hun traditionele activiteiten. − Ridderlijk gilde Sint Sebastiaan − Sint Martinusgilde Tongelre − Sint Jorisgilde Gestel en Blaarthem − Sint Jorisgilde Stratum − Sint Catharinagilde Tongelre − Sint Catharinagilde Eindhoven-Stad − Sint Catharinagilde Strijp − Sint Catharinagilde Woensel − Sint Catharinagilde tot Blortem en Gestel De gehele verdeling van het subsidiebudget is te vinden in figuur 10.

Perspectief van de sector

De subsidiecyclus bestaat uit drie stappen, namelijk: subsidie verlenen, subsidie monitoren en subsidie vaststellen. De stappen van het proces zijn voor de verschillende onderdelen van de subsidieregeling in hoofdlijnen hetzelfde. De Cultuurraad beoordeelt als onafhankelijk adviesorgaan van de stichting de meerjarige aanvragen en projectsubsidies. Op advies van de Cultuurraad neemt de directeur-bestuurder een besluit. Voor Snelgeld besluit de directeur-bestuurder aan de hand van het advies van de beleidsmedewerkers. De aanvragen van de gilden worden getoetst aan de voorwaarden en toegekend op basis van de beoordeling door de betrokken medewerker van Cultuur Eindhoven.

2.1.9 Conclusie Cultuur Eindhoven subsidieert een breed scala aan organisaties en activiteiten binnen de kaders van de Subsidieverordening Cultuur Eindhoven 20212024. De Basisinfrastructuur is in 2017 ingevoerd. De organisaties die de functies invullen, bestonden al vóór 2017, met uitzondering van het CultuurStation. CKE voerde deze functie aanvankelijk uit waarbij CKE ook veel cultuuraanbod voor onderwijs zelf aanbiedt. Met ingang van 1 augustus 2017 is CultuurStation een zelfstandige organisatie voor de bemiddelingsfunctie tussen onderwijs en cultuur. De uitvoering van de bemiddeling tussen onderwijs en culturele partners vindt daarmee vanuit een autonome zelfstandige organisatie plaats. De basisinfrastructuur komt overeen met de onmisbare culturele functies in een grote stad waarvoor de gemeente primair verantwoordelijk is.

26

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

Perspectief van de sector

De gesubsidieerde programma’s vertegenwoordigen gezamenlijk een divers aanbod. Dat komt voor een belangrijk deel overeen met de activiteiten die eerder door de gemeente Eindhoven gesubsidieerd werden. Er is wel een duidelijke verbreding gerealiseerd in de periode 2017-2020 en doorontwikkeling van diverse organisaties en makers in 2021-2024. Binnen de diverse regelingen wordt een diversiteit aan activiteiten, verdeeld over verschillende disciplines, gehonoreerd. De flexibilisering van het budget is zichtbaar in meerdere opzichten. In 2021 is er met de komst van de BrabantStad-regeling naast de Eindhovense Basis meer ruimte gekomen voor structurele subsidie voor vier jaar, wat organisaties ruimte geeft om een stevigere positie in de stad in te nemen. De flexibiliteit en verrijking van het aanbod wordt via de Programma-, Projecten- en Snelgeldsubsidie gerealiseerd. Daarbij is te zien dat in 2021 veel individuele makers in de stad, werkzaam binnen diverse disciplines, via de Snelgeldregeling een extra steun in de rug hebben ontvangen om hun beroepspraktijk verder te ontwikkelen. Covid-19 had in 2021 nog veel beperkende invloed op de mate waarin activiteiten mogelijk waren. Tussen de verschillende disciplines is niet altijd een scherpe scheidslijn zichtbaar. Organisaties werken samen en overschrijden hun eigen discipline en/of hun eigen domein.

Zo is er een verschuiving zichtbaar van organisaties die hun focus van beeldende kunst naar meer multidisciplinaire vormen hebben verlegd, waarbij kunst en design of kunst en techniek samen-

gaan. Daardoor begeven zij zich meer op het terrein van wat nu de creatieve industrie wordt genoemd. Diverse deelregelingen zijn een goed werkbaar instrument die een aantal culturele organisaties in de stad een stevige basis voor continuïteit biedt en tegelijkertijd ruimte geeft voor dynamiek en doorontwikkeling in de culturele sector. Dankzij de Regio Deal die in 2018 is afgesloten tussen het Rijk en regio Brainport Eindhoven zijn er naast het reguliere subsidiebudget van de gemeente Eindhoven afgelopen jaren extra middelen geïnvesteerd in de culturele voorzieningen en versterking van het aanbod. De Regio Deal-middelen zijn verleend voor eenmalige investeringen in de renovatie van Area 51 als volwaardige hotspot voor urban sport en cultuur op Strijp-S, doorontwikkeling van Eindhoven Museum naar een museumpark VONK, uitbreiding van ateliers in de stad waarvan een deel in gemeentelijk eigendom en subsidies voor makerspaces waarmee o.a. ook Pand P kan worden behouden als culturele locatie. Daarnaast is een deel van de Regio Deal-middelen verleend aan festivals (DDW, GLOW en STRP) en culturele organisaties, zoals het Muziekgebouw, samenwerkingsverband Wonka-podia waarvan het Parktheater deel uitmaakt en het samenwerkingsverband van bibliotheken in de regio, voor versterking van de programmering.

2.2 Impact van coronacrisis 2.2.1 Coronaperiode Dankzij de gemeentelijke noodsteun in de vorm van subsidie of huurkorting en coulance met betrekking tot uitgevoerde activiteiten, hebben veel culturele instellingen in de stad gedurende de afgelopen jaren standgehouden. Met name voor de podiumkunsten hebben lange tijd geen of nauwelijks activiteiten plaats kunnen vinden. Het aantal bezoekers voor muziekconcerten en theatervoorstellingen is in die periode drastisch afgenomen. Uit het rapport Waarde van Cultuur blijkt dat het totaal aantal voorstellingen in Brabant van podiumkunsten gehalveerd was in

2020 tot 3.262 (in lijn met de landelijke trend). In de periode 2013 t/m 2019 was dat gemiddeld 6.000 á 6.500. Verdeeld over de podiumkunstdisciplines betrof het aantal uitvoeringen in 2020 voor theater 711, muziek 1127, dans 188, muziektheater 368, kleinkunst/cabaret 651 en overige 217. Het totale bereik van die podiumkunstvoorstellingen was in 2020 in Noord-Brabant ongeveer 25% van wat het in de periode daarvoor was: 590.000 bezoeken in 2020 ten opzichte van ongeveer 2.000.000 per jaar in de periode 2013 t/m 2019. Wat ook in lijn was met de landelijke trend.

27

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

Verdeeld over de podiumkunstdisciplines betrof het aandeel van het publiek in 2020 voor theater 40% van het publiek ten opzichte van de pre-covid-periode, bij muziekuitvoeringen 23%, dans 45%, muziektheater 28%, kleinkunst-cabaret 37% en bij de overige voorstellingen 13%. In absolute aantallen is bij muziekuitvoeringen het bereik in 2020 voor het grootste deel geslonken. Daar waren 723.000 bezoeken per jaar minder dan in de pre-covid-periode.

kaartje koopt weer ongeveer gelijk is aan de periode voorafgaand aan covid. Specifieke gegevens over cultuurbezoek van Eindhovenaren zijn te vinden in Hoofdstuk 3 van de Cultuurscan, waar we ingaan op de Cultuurmonitor 2022 van de gemeente Eindhoven. De impact van Covid-19 is de afgelopen jaren sterk voelbaar geweest, maar ook nu alle activiteiten weer mogelijk zijn blijven bepaalde gevolgen langdurig invloed houden op de dagelijkse bedrijfsvoering. Er is een nieuwe werkelijkheid waar podiumkunstinstellingen en makers zich toe moeten verhouden.

In 2021 was het beeld vanwege langdurige lockdown- periodes en beperkingen nog niet veel beter, maar er zijn geen vergelijkende cijfers voor Brabant gepubliceerd. In 2022 was na het eerste kwartaal weer alles mogelijk en kon de sector alle publieksactiviteiten weer opstarten. De indicatie is dat met name bij festivals het aantal bezoekers weer snel is toegenomen. Publiek voor andere vormen van het podiumkunstenaanbod komt langzamer op gang.64 In figuur 11, 12 en 13 is te zien hoe het aantal voorstellingen, tentoonstellingen en overige activiteiten van gesubsidieerde instellingen de afgelopen jaren zich heeft ontwikkeld. Hierin is in het geval van voorstellingen en overige activiteiten een dip te zien in de Covid-jaren 2020 en 2021. In 2022 is te zien dat het aantal voorstellingen en activiteiten weer stijgt. Het aantal tentoonstellingen is de laatste jaren wel stabiel gebleven, ook gedurende Covid-19. Vergelijkbaar met podiumkunsten is de bioscoopexploitatie. Ook daar waren de effecten van corona duidelijk merkbaar. Waar bioscoopbezoek en -recette een sterke groei lieten zien tot de coronacrisis, zijn de cijfers in 2021 nog veel lager dan daarvoor.65 Zoals verderop in dit hoofdstuk beschreven, onder film en audiovisueel, is het bioscoopbezoek in 2021 vergelijkbaar met dat van 2008.

Tegelijkertijd zijn er signalen dat er wel veel nieuw publiek naar de zalen komt.66 Ook blijkt uit een trendanalyse van Stichting Digitaal Informatieplatform, waaraan theaters en toneelmakers verbonden zijn, dat er in Brabant weliswaar over de breedte sprake is van daling in verkoop van kaarten van gemiddeld 12%, maar dat de bestelmomenten weer ongeveer gelijk zijn aan de pre-covid-periode.67 Verder blijkt uit de analyse dat bij theaters de verhouding ouderen dat een

Perspectief van de sector

Hoewel de culturele sector in het algemeen flinke klappen heeft gehad door de gevolgen van de coronacrisis, zijn er wel grote verschillen tussen de disciplines. De presentatie-instellingen in de stad hebben relatief lage publieksinkomsten of waren vanwege de ruimtes makkelijker coronaproof in te richten dan bijvoorbeeld een bioscoopzaal (bijvoorbeeld het PreHistorisch dorp dat hoofdzakelijk buiten is). Gevolgen waren afgelopen jaren dan ook vooral organisatorisch, financieel, emotioneel en rondom publieksbinding. Zo was de verbinding houden met het publiek lastig met wisselende openingsmogelijkheden, uitgestelde of gecancelde exposities en een gedeeltelijk onlineprogramma. Binnen organisaties, zeker in de erfgoed- en beeldende kunstsector, waar veel met vrijwilligers wordt gewerkt, zijn ook veel van die netwerken verzwakt. Uit resultaten van verantwoordingen over 2021 en verwachtingen voor 2022 is echter gebleken dat zeker bij (gratis toegankelijke) presentatie-instellingen het publiek zijn weg weer terugvindt en exposities over het algemeen goed bezocht worden. Daar waar organisaties binnen de disciplines beeldende kunst, creatieve industrie en erfgoed minder financiële consequenties hebben ervaren, was dat voor makers het tegenovergestelde.

Veel creatieve makers die hun verdiensten halen uit exposeren, verkopen van werk en werken in opdracht, hebben afgelopen jaren financieel enorm veel verdienmogelijkheden gemist. Exposities werden geannuleerd of verschoven, het vinden van kopers was moeilijker en netwerkmogelijkheden voor bijvoorbeeld nieuwe opdrachtgevers waren minimaal. Creatieve makers, voornamelijk beeldend kunstenaars, zijn al een behoorlijk kwetsbare doelgroep en daar heeft de coronacrisis zeker niet in positieve zin aan bijgedragen.68

28

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

Wat betreft de letteren zijn ook daar de consequenties erg wisselend. Tijdens corona stegen het aantal lezers en de frequentie waarin werd gelezen, maar fysieke programma’s over literatuur werden uitgesteld of geannuleerd. Ook fysieke plekken zoals boekenwinkels hebben het, naast de al bestaande concurrentie van het internet en online-boekwinkels, moeilijk gehad tijdens corona vanwege sluitingen. Ook voor schrijvers is het beeld diffuus. Zij voelden financieel vooral consequenties vanwege het niet doorgaan van activiteiten, zoals lezingen en literaire festivals, maar ook vanwege een lagere verkoop van boeken. In Eindhoven hebben organisaties als Watershed (digitale) programma’s opgezet zoals ‘Write-on’, om te zorgen dat schrijvers ook op die manier aan het werk konden blijven.

Noodsteun Cultuur 2021 gemaakt. Die bestond uit de regelingen ‘Tegemoetkoming rechtspersonen’ (286.068 euro, vier organisaties ontvingen noodsteun), ‘Tegemoetkoming individuele makers’ (1.307.340,95 euro, steun verleend aan 218 individuele makers) en ‘Garantiesubsidie’ (29.950 euro, twee organisaties). Daarnaast werd de ‘Subsidieregeling Covid-19 noodsteun meerjarige subsidieontvangers Subsidieverordening Cultuur Eindhoven 2021-2024’ in het leven geroepen. Drie organisaties hebben hiervan gebruikgemaakt. Voor steun aan amateurkunstverenigingen en een programma van herstel door CKE is aanvullend 200.000 euro verleend aan CKE. Daarnaast heeft het college aan een aantal podia steun verleend in de vorm van huurkorting in 2021 en Q1 2022. In 2022 is voor het herstel van de beroepspraktijk van Eindhovense makers 300.000 euro bestemd voor diverse specifieke maatregelen. 47 makers maakten hiervan gebruik.

2.2.2 Noodsteun Omdat de beperkingen voor culturele activiteiten in de periode tussen maart 2020 en maart 2022 in diverse vormen van kracht waren, heeft de Rijksoverheid meerdere, vooral generieke steunregelingen in het leven geroepen. Veel van deze steun ging naar meerjarig ondersteunde organisaties. Uit het rapport ‘Ongelijk getroffen, ongelijk gesteund’ van de Boekmanstichting blijkt dat deze steun niet altijd voldoende bij iedereen terecht is gekomen. Organisaties die in normale omstandigheden veel eigen inkomsten verwerven, zoals poppodia en filmtheaters, ontvingen in verhouding tot het omzetverlies weinig steun. Verder bleek dat er veel bezuinigd is op zelfstandige makers en dat beleidsinformatie de cultuursector niet altijd even goed bereikt.69 De gemeente heeft in de coronaperiode noodsteun verleend aan 13 culturele instellingen en makers. Waar in 2020 nog de focus lag op de noodsteun aan gesubsidieerde organisaties, is in 2021 gekeken naar de gehele sector en zijn noodsteunsubsidies verleend aan individuele makers, gesubsidieerde en niet gesubsidieerde organisaties en amateurkunstverenigingen. Om te voorkomen dat instellingen vanwege effecten van de coronacrisis om zouden vallen en individuele kunstenaars en makers financieel in de problemen zouden komen om hun beroepspraktijk in stand te houden, is op verschillende manieren noodsteun verleend.

Daartoe is de Subsidieregeling Covid-19

Perspectief van de sector

In totaal is in de periode 2020-2022 door Cultuur Eindhoven 6.098.906 euro aan steun verleend aan makers en culturele organisaties. In 2022 is vanwege gestegen energielasten door het college de ‘Subsidieregeling noodmaatregelen maatschappelijke/culturele subsidiepartners en buurthuizen wegens stijging energielasten’ opengesteld. Voor culturele subsidiepartners was voor 2022 850.000 euro beschikbaar. Drie partijen hebben in totaal €379.973 ontvangen. In 2023 was er 1.075.000 euro beschikbaar. Tot nu toe hebben drie partijen steun ontvangen voor een totaal van €633.848.

29

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

Figuur 11

Aantal voorstellingen Bron: Tussentijdse rapportage KPI 2023, Cultuur Eindhoven

Perspectief van de sector

Figuur 08 — Aantal voorstellingen

430

553

38

7

Figuur 08 — Aantal voorstellingen 12.325 12.297

534

37 221

11.035 430

553

38

7

12.325

12.297

273 534

37

6 57

7.461

11.035

2017

2018 BIS

2019

2020 PLUS-projecten

PLUS-programma

114

221

400

268

6

7.461

9.951

232 5.625

273

400

268

57

9.951

232 5.625 2021

114 2022

Eindhovense Basis Programma

2017

2018 BIS

2019

2020 PLUS-projecten

PLUS-programma

Project 2021 BrabantStad

2022

Eindhovense Basis Programma Project

Figuur 09 — Aantal tentoonstellingen

Figuur 12

BrabantStad

Aantal tentoonstellingen Bron: Tussentijdse rapportage KPI 2023, Cultuur Eindhoven

15 Figuur 09 — Aantal tentoonstellingen 46

157 15 46

6 72

157

12 66

6 15 72 2018

2017 BIS

12 44

15 12

22

66 2019

12 2020 44

PLUS-programma 15

PLUS-projecten 15

22

2017 2018 2019 2020 De afwijking in 2017 is te verklaren door het wijzigen van prestatieafspraken. BIS

PLUS-programma

PLUS-projecten

47 5.625

50

10 39

10 39

47 5.625 2021

1

50

0

2022

10 10 Eindhovense Basis 39 39 Programma 1 Project 2021 BrabantStad

0 2022

Eindhovense Basis Programma

Figuur 10 — Aantal overige activiteiten

Project De afwijking in 2017 is te verklaren door het wijzigen van prestatieafspraken. Figuur 10 — Aantal overige activiteiten

BrabantStad

375 5.692

1.569

375

3.081

127 3.679

318 281 3.144

293

46

30

157

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

6 72

2017 BIS

12 66

12 44

15

15

22

2018

2019

2020

PLUS-programma

PLUS-projecten

Perspectief van de sector

47 5.625

50

10 39

10 39 1

0

2021

2022

Eindhovense Basis Programma Project

Figuur 13

De afwijking in 2017 is te verklaren door het wijzigen van prestatieafspraken. Aantal overige activiteiten

BrabantStad

Bron: Tussentijdse rapportage KPI 2023, Cultuur Eindhoven Figuur 10 — Aantal overige activiteiten

375 5.692

1.569

127

318 281

3.679

3.081

293

3.144

3.151

935 1.109

1.806

1.329

2017

2018 BIS

1.892

253 2.505

1.668 817

2019

PLUS-programma

2020 PLUS-projecten

2021 Eindhovense Basis Programma Project BrabantStad

2022

31

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

Perspectief van de sector

2.3 Ontwikkelingen en trends Voor we gaan kijken naar de verschillende disciplines in de stad, kijken we eerst naar recente ontwikkelingen die voor de gehele cultuursector relevant zijn. Veel van deze ontwikkelingen waren ook al in hoofdstuk 1 te zien. In deze paragraaf kijken we specifiek naar hoe deze ontwikkelingen in de kunst- en cultuursector tot uiting komen. Hierbij geven we ook voorbeelden uit Eindhoven om te laten zien hoe de sector in de stad met de ontwikkelingen bezig is. De voorbeelden zullen vanwege de zichtbaarheid vooral vanuit basisinstellingen komen.

2.3.1 Diversiteit en inclusie Aandacht voor diversiteit en inclusie, zoals eerder in hoofdstuk 1 benoemd, is een veelbesproken onderwerp binnen de cultuursector. Toch zijn er binnen de sector weinig gegevens beschikbaar over dit onderwerp.70 Ook ontbreken zowel landelijke als regionale cijfers. Wel zijn er de laatste tijd meer onderzoeken gedaan naar diversiteit en inclusie binnen de cultuursector. Ondanks het gebrek aan sectorbrede, landelijke data heeft de Boekmanstichting wel een aantal onderwerpen en vraagstukken uitgelicht binnen het thema diversiteit en inclusie.71 Deze onderwerpen zijn relevant voor de gehele cultuursector. Allereerst is er natuurlijk de Code Diversiteit en Inclusie (zie hiervoor ook 2.5.2 Codes). Deze code wordt gebruikt in de verlening van kunstsubsidies om culturele organisaties te stimuleren actief beleid te formuleren en uit te voeren. Andere relevante onderwerpen zijn bijvoorbeeld genderongelijkheid, grensoverschrijdend gedrag en sociale veiligheid, toegankelijkheid, representatie en dekoloniseren.72 Wat hierbij op landelijk niveau opvalt, is dat er tussen culturele instellingen grote verschillen kunnen zitten wanneer gekeken wordt naar wat zij doen voor diversiteit en inclusie.

In Eindhoven zijn er verschillende voorbeelden te vinden van makers en instellingen die de afgelopen jaren belangrijke stappen hebben gezet om hun programma diverser en inclusiever te maken. Het Van Abbemuseum presenteert met Dwarsverbanden

de eerste multi-zintuiglijke collectiepresentatie in het land.73 De tentoonstelling maakt onder andere gebruik van voeltekeningen, soundscapes, braille en geurinterpretaties. Hierdoor is de beeldende kunst toegankelijk voor bijvoorbeeld blinde en dove bezoekers en rolstoelgebruikers. Ook het Muziekgebouw en de Effenaar verbreden gericht hun programmering. Het Muziekgebouw organiseerde bijvoorbeeld concerten voor en met verschillende internationale gemeenschappen in Eindhoven en het heeft een programmeur op het gebied van inclusie.74 Ook op het gebied van beeldende kunst en creatieve industrie zijn er organisaties die programma's ontwikkelen waarbij diversiteit en inclusie bevraagd worden, zoals De Fabriek Eindhoven en Pennings Foundation. Watershed heeft in haar programma voor schrijvers veel aandacht voor diversiteit en werkt samen met Van Piere in het project Buskeda, een leesclub met een nadruk op vrouwelijke en/of niet-Westerse schrijvers en/of schrijvers vanuit de LHBTIQ+-gemeenschap.75 Veel culturele organisaties, gesubsidieerd en nietgesubsidieerd, houden in hun programmering rekening met de steeds grotere groep internationals in de stad en regio. Zo organiseert Lab-1 activiteiten voor internationals en heeft het Parktheater samen en in overleg met het samenwerkingsverband Wonka-podia zijn internationale programmering uitgebreid.

De Boekmanstichting is een kenniscentrum dat sinds 1963 informatie verzamelt over kunst, cultuur en beleid. Ze schrijven artikelen over de sector en houden ook de cultuurmonitor bij, waarin data worden bijgehouden over sector. Deze data hebben we in de Cultuurscan veelvuldig gebruikt om gegevens uit Eindhoven mee te vergelijken.

32

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

2.3.2 Duurzaamheid

2.3.3 Digitalisering

De huidige energiecrisis, en in de kern daarmee ook de klimaatcrisis, is actueel en urgent voor de gehele culturele sector. De Boekmanstichting onderzocht in 2022 duurzaamheid in de culturele sector op landelijk niveau.76 Hieruit bleek onder andere dat de sector in 2022 op eenzelfde manier en schaal verduurzaamde als in 2019. Waarschijnlijk is corona de reden dat er op dit gebied niet veel vooruitgang lijkt te zijn geboekt. Toch heeft corona dus ook niet geleid tot een terugval in het uitvoeren van verduurzamingsmaatregelen. De hoge energieprijs lijkt wel invloed te hebben gehad op de mate van verduurzaming in de cultuursector. Verder bleek dat er weinig inzicht is in de klimaatimpact van de sector. Ook werd er een gebrek aan ondersteuning vanuit cultuurbeleid ervaren. Veel culturele organisaties doen wel aan verduurzaming, maar daarin worden nog niet alle mogelijkheden optimaal benut. Om verduurzaming door te kunnen zetten, gaven organisaties aan vooral behoefte te hebben aan geld en ontzorging op het gebied van tijd en kennis.

Digitalisering is net als op landelijk niveau ook een trend op het gebied van cultuur. DEN (kennisinstituut Cultuur en Digitalisering) signaleert dat de cultuursector bezig is met een digitale transformatie, wat het definieert als het doorontwikkelen van fysiek naar digitaal of het zoeken van een hybride vorm. Binnen erfgoed, beeldende kunst, creatieve industrie en letteren worden collecties en werken bijvoorbeeld al jaren gedigitaliseerd en/of digitaal aangeboden. Tijdens corona is digitalisering urgent geworden om binding te houden met de achterban, al is dit niet altijd even gemakkelijk gebleken. Het blijkt, zeker in het geval van beeldende kunst en design, lastig te zijn om alle werken op gelijke wijze digitaal te kunnen ervaren als in het echt.78 Daarnaast geven organisaties aan dat het lastig is om een verdienmodel te maken met digitale content. Online is veelal gratis, dus om mensen te laten betalen voor bijvoorbeeld een digitale expositie is een grote uitdaging. Tegelijkertijd wordt het potentieel aan publiek vele malen groter met een digitaal programma.

Hoewel duurzaamheid nadrukkelijk en uitgebreid wordt genoemd in het bestuursakkoord van de gemeente Eindhoven, wordt daarin niets specifieks genoemd voor het verduurzamen van de cultuursector in Eindhoven. Wel is bekend dat de gemeente bezig is met het verduurzamen van haar gebouwen.77 Er ligt bijvoor-

In Eindhoven is ook te zien dat cultuuraanbod meegaat in de digitale transformatie. Bij de Effenaar werden tijdens de pandemie de ’Isolation Sessions’ gehouden, met aanbod van live online-popmuziek dat veel bezoekers trok. Playgrounds heeft zichzelf bewezen als een van de belangrijke aanbieders van digitale programma’s. Tromp Percussion Eindhoven zette tijdens een muziekconcours digitale middelen in om de achterban van de vele internationale deelnemers te bedienen. Na de pandemie blijven organisaties investeren in digitale mogelijkheden om publiek te bedienen en te binden. Daarnaast is het ook nodig om te experimenteren, om een nieuw type digitale programma's te ontwikkelen. De Effenaar ontwikkelt als smart venue en makerspace samen met muzikanten nieuwe mogelijkheden van digitalisering: als extra alternatieve vorm van expressie bij live-uitvoeringen, het creëren van extra contactmogelijkheden met publiek en het ontwikkelen van een alternatieve bron van inkomsten voor artiesten.

beeld een plan om aanpassingen te doen in het Van Abbemuseum om het gebouw duurzamer en energieefficiënter te maken. Verder tekenden meerdere partijen in Eindhoven in april 2023 de Green Deal Evenementen. Onder de ondertekenaars waren ook het Muziekgebouw, de Dutch Design Foundation, GLOW en het Klokgebouw, die alle culturele evenementen organiseren. Alle partijen stellen binnen een halfjaar een plan op om te verduurzamen op het gebied van energie, materiaal, eten en drinken, mobiliteit en inclusie en diversiteit.

Perspectief van de sector

Digitalisering heeft ook een effect gehad op cultuurparticipatie en -educatie, met name de manier waarop vormen van cultuur beschikbaar zijn. Hierover meer in Hoofdstuk 3.

33

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

2.3.4 Mensen

2.3.5 Ruimtes

Behalve dat de makers hun beroepspraktijk als gevolg van corona soms moesten onderbreken of beëindigen, hebben ook veel organisaties tijdelijk hun vaste team moeten inkrimpen en minder zzp’ers ingehuurd.79 Een van de gevolgen van corona is daarom dat mensen die eerder werkzaam waren in de sector zich hebben laten omscholen of een andere beroepskeuze hebben gemaakt.80 Vanwege schaarste is het niet alleen lastig om aan goede mensen te komen, ook de salariskosten en/of uurtarieven stijgen aanzienlijk. Behalve door krapte op de arbeidsmarkt is dit mede veroorzaakt door een algemene loonstijging vanwege inflatie. Zowel podia, presentatie-instellingen/musea, werkplaatsen als festivals hebben hier last van. Het gaat vaak om technici en productiemedewerkers, maar ook om zzp’ers voor opbouw en afbouw. Daarnaast wordt door culturele organisaties vaak genoemd dat ze het tekort op de arbeidsmarkt aan financieel medewerkers, marketing-/ communicatiemedewerkers en horecapersoneel ervaren bij de invulling van vacatures.81 Vanwege schaarste op

Zoals in hoofdstuk 1 benoemd werd, bevindt Nederland zich in een wooncrisis. In bredere zin is dit eigenlijk ook een gebrek aan ruimte in het algemeen. Verschillende sectoren hebben behoefte aan ruimte en de belangen lopen soms sterk uiteen.84 Het wordt steeds moeilijker om naast woonruimte ook biodiversiteit, klimaatadaptatie en leefbaarheid hand in hand te laten gaan. Ook de cultuursector ondervindt de gevolgen van het ruimtegebrek. Zo ontstaat er bijvoorbeeld een gebrek aan maak- en presentatieplekken.

de algehele arbeidsmarkt en vele vacatures in andere, vaak beter betaalde sectoren is het lastig om goed personeel te vinden voor deze functies. Zoals in hoofdstuk 1 beschreven is, is de druk op de arbeidsmarkt ook in Eindhoven te voelen. Over de cultuursector in Eindhoven zijn echter minder gegevens bekend. Tussen april 2022 en april 2023 waren er gemiddeld 82 vacatures per maand in de creatieve en taalkundige sector.82 Hieronder vallen beeldende kunstenaars, uitvoerende kunstenaars, auteurs en taalkundigen, journalisten, bibliothecarissen en conservatoren, grafisch ontwerpers en productontwerpers en fotografen en interieurontwerpers.83 Het aantal vacatures in deze sector ligt wel fors lager dan bij bijvoorbeeld technische beroepen of bedrijfseconomische en administratieve beroepen. Ook geeft het aantal online vacatures nog geen compleet beeld van de sector. Ook de ondersteunende beroepen, zoals technici of horecapersoneel, zijn hier niet in meegenomen. Het tekort aan artistiek geschoolde krachten is ook voelbaar in de amateurkunst en in het onderwijs c.q. bij de uitvoering van activiteiten op het gebied van cultuureducatie.

Perspectief van de sector

In Eindhoven is er vanwege snelle groei en gebiedsontwikkelingen in de stad sprake van bedreigingen en kansen tegelijk. Ruimte is schaars en duurder geworden en dat wordt met name gevoeld door makers en startende initiatieven. Tegelijkertijd is bij gebiedsontwikkelingen ook het bewustzijn dat culturele initiatieven bijdragen aan leefbaarheid en aantrekkingskracht van een nieuw gebied. Zodoende is er ook bij verschillende partijen het streven om nieuwe ruimtes voor cultuur te ontwikkelen. De ontwikkeling van Strijp-S en NRE-terrein zijn goede voorbeelden uit het recente verleden. In Eindhoven heeft de gemeente een portefeuille cultureel vastgoed waarin met name cruciale culturele spelers in de stad worden gehuisvest, zoals de Effenaar, Muziekgebouw Eindhoven en Parktheater Eindhoven. Met de middelen van Regio Deal heeft de gemeente geïnvesteerd in uitbreiding van atelierruimte en makerspaces in de stad. Daarnaast zijn veel culturele initiatieven gehuisvest in gebouwen die particulier bezit zijn of alleen tijdelijk beschikbaar door de gemeente. In een enkel geval is de culturele organisatie zelf eigenaar van het gebouw. Er zijn veel verschillende makers en gezelschappen binnen de stad die ruimte nodig hebben om te werken. Deze hebben allemaal andere wensen wat betreft de gebouwen waarin ze hun maakproces kunnen uitvoeren.

Een belangrijke plek daarvoor is onder andere Pand P dat, behalve als laagdrempelige vlakke vloertheaterzaal, ook fungeert als maak- en experimenteerplek voor onder andere de beginnende podiumkunstenaar. Bij Sectie C hebben makers van allerlei disciplines een plek gevonden, van ontwerpers en beeldend kunstenaars of fotografen tot Carte

34

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

Blanche die theaterproducties maakt. United C zit al een aantal jaren naar haar zin aan de Kleine Berg. Deze plekken zijn echter nooit in eigendom van het gezelschap of de maker zelf. Gezien de wooncrisis en noodzaak van stedelijke ontwikkeling wordt ook op deze plekken gekeken naar mogelijkheden voor nieuwbouw of doorontwikkeling.

Naast culturele instellingen hebben ook makers veel last van het ruimtetekort. Het overgrote deel van beeldend kunstenaars en ontwerpers in Eindhoven werkt vanuit een eigen of gedeeld atelier. Zij hebben ruimte, materiaal en machinerie nodig om werk uit te voeren. In 2018 heeft de gemeente Eindhoven een Atelierbeleid opgesteld. Dit kwam vanuit de noodzaak voor actief beleid op vastgoed en ruimte voor makers. Door een combinatie van groei van de creatieve sector, focus op design en met de autonome ontwikkeling van de stad, verdichting van het centrum en transformatie van leegstaand vastgoed naar voornamelijk woningen, staat de duurzame (huis)vesting van creatieve ondernemers en kunstenaars onder druk.85 Dit geldt niet alleen voor ateliers en studio’s voor makers, maar ook voor bijvoorbeeld presentatieplekken van allerlei disciplines. Onder andere door tekort aan ruimte in de stad stijgen huurprijzen, soms zo extreem dat culturele organisaties of makers niet meer aan de prijzen kunnen voldoen. De huidige energiecrisis en extreme inflatie versterkt de financiële druk op de sector. Stijgende kosten voor materiaal, personeel en energie dwingt organisaties keuzes te maken in de programmering door bijvoorbeeld jaarlijks minder exposities te organiseren.

Wat veel plekken gemeen hebben, is dat er sprake is van onzekerheid ten aanzien van de huurtermijn. Voor Pand P is de gemeente overgegaan tot het toevoegen van het gebouw aan de portefeuille van cultureel vastgoed, om zo te waarborgen dat het een culturele functie en invulling behoudt. Maar het komt ook voor dat bijvoorbeeld een internationaal gewaardeerd dansgezelschap als The Ruggeds in de afgelopen jaren meerdere keren heeft moeten verhuizen en telkens genoegen moest nemen met een suboptimale tijdelijke ruimte, zoals nu als huurder van een NS-gebouw op het perron van Eindhoven Centraal Station. Ook organisaties die in gemeentelijk cultureel vastgoed zijn gehuisvest hebben soms te maken met tijdelijke en onzekere contracten, zoals United C en Paviljoen Ongehoorde Muziek. Dat laatste is gedwongen om van de huidige gewenste culturele locatie te vertrekken vanwege andere keuzes in het atelierbeleid, waarbij in het nog te verbouwen pand voorrang gegeven wordt aan ontwerpers.

Perspectief van de sector

35

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

Perspectief van de sector

2.4 Beeld van de culturele sector In deze paragraaf wordt een beeld geschetst van de Eindhovense culturele sector per culturele discipline. Hierbij wordt de gehele keten zoveel mogelijk als leidraad genomen, zowel gesubsidieerd als ongesubsidieerd. Van opleidingen en ontwikkelingsplekken tot werkplaatsen en professionele podia. Er wordt gekeken naar de makers die zich in de stad bevinden maar ook naar organisaties of bedrijven. De bronnen die hierbij gebruikt zijn, kunnen per discipline verschillen maar er is ook overlap, bijvoorbeeld de Kamer van Koophandel (KvK) en de Waarde van Cultuur. We zijn ons ervan bewust dat we niet elke organisatie in één bepaalde discipline kunnen vangen. In het geval van de disciplines is er in het veld ook veel sprake van overlap tussen creatieve industrie en beeldende kunst. Daarom is er in dat geval voor gekozen eerst per discipline de keten te schetsen en daarna een overzicht te geven van de plaatsen waar beide type makers actief zijn. Daarnaast programmeren veel organisaties heel breed en zijn ze niet binnen één stramien te plaatsen. Zo programmeert het Parktheater bijvoorbeeld alle genres van de podiumkunsten en organiseert LAB-1 behalve filmvertoningen ook veel verschillende soorten evenementen die voor de verrijking van de nachtcultuur in Eindhoven van belang zijn.

We plaatsen in dit hoofdstuk de desbetreffende instanties bij de discipline die ze primair uitvoeren. Amateurkunsten en cultuureducatie rekenen we in dit hoofdstuk niet tot een discipline, deze zijn meegenomen in Hoofdstuk 3. Atelierruimtes, werkplaatsen maar ook presentatieruimtes worden veelal gebruikt door makers van diverse disciplines, al hebben plekken in de stad ook een bepaald karakter. Professionele makers vormen het fundament van de culturele sector: zonder hen geen cultuuraanbod. De aanwezigheid van creatieve makers in een stad zorgt niet alleen voor een levendig cultuurklimaat, maar beïnvloedt ook de betrokkenheid van inwoners bij cultuur en draagt bij aan cultuurparticipatie en actieve beoefening. Sterke clusters, verbindingen tussen makers en uitwisseling met publiek zijn de ingrediënten die het mogelijk maken dat er een sterke scene van creatieve makers ontstaat en blijft in de stad. Belangrijke randvoorwaarden hiervoor zijn

goede (werk)ruimtes, toegang tot financiering en kansen voor presentaties c.q. optredens. Qua makers zien we een grote verscheidenheid qua disciplines binnen de stad. Met verschillende opleidingen binnen design en creatieve industrie (DAE, TU/e, Fontys, St. Lucas en Summa) zijn er veel makers binnen die disciplines die hun loopbaan starten in Eindhoven. Het valt op dat Eindhoven als makerstad niet vooroploopt in Noord-Brabant op het gebied van podiumkunsten. Uit gegevens van de Kamer van Koophandel blijkt dat er in 2023 477 inschrijvingen “Beoefening van podiumkunst” zijn, dat is ongeveer 1 op de 461 inwoners. Ter vergelijking zijn het er in Tilburg 1 op 255 inwoners, in Den Bosch 1 op 417 inwoners maar in Breda zijn het er minder; 1 op 555 inwoners. Dat is te verklaren door kunstvakopleidingen die in Tilburg worden gegeven bij Fontys. Daarnaast is de urban scene sterk ontwikkeld in de stad en zijn er ook onderscheidende makers van alle andere disciplines gevestigd. Makers zijn ook niet altijd te vangen in één discipline omdat ze diverse uitdrukkingsmogelijkheden ontwikkelen gedurende hun loopbaan. Binnen alle disciplines geldt wel dezelfde behoefte een faciliteiten: (fysieke) maakruimte, ontwikkelplekken en presentatieruimte. Het sterk maken en houden van deze gehele keten is cruciaal.

2.4.1 Podiumkunsten – muziek Naar aanleiding van Kamer van Koophandelinschrijvingsgegevens op het gebied van podiumkunsten in Eindhoven is het volgende bekend:86 16 x maken en uitgeven van geluidsopnamen 10 x dansscholen 188 x beoefening van podiumkunst 9 x producenten van podiumkunst 3 x circus en variété 5 x theaters en schouwburgen 2 x evenementenhallen Hierbij zijn overigens de gegevens over de KvKinschrijvingen van ondersteunende zelfstandigen zoals technici of decorbouwers niet bekend.

36

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

Figuur 14

Figuur 11 — Cultuur‘entries’ & design op ‘entries’ op de kaart Cultuur & design de kaart

Perspectief van de sector

Bron: Gemeente Eindhoven

22

7

2

20 17

3 22

23

31 11 20 14 35

1

25

36 6

19

5

13

6 3

21

24

11

13

28 19

33 9 15 12

17 10 4

23

16

15

21

29

16

5

7

30 25

18 32

2 1

10

24 14

4 18

8 8

27

12

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18

Albert Van Abbehuis Van Abbemuseum Area 51 Catharinakerk CKE Cova Art Gallery DAF Museum De Fabriek Domusdela Dynamo Effenaar Eindhoven Museum Galerie Nasty Alice Galerie Pennings Inkijkmuseum Kazerne KEVN Koelhuis

19 20 21 1 22 23 24 25 26 27 7 28 29 30 31 32 33 34 35 36

LAB-1 MU Hybrid Art House Muziekgebouw Natlab Next Nature Onomatopee Ontdekfabriek Pand P Parktheater Philips Museum Van Pierre POM PopEI Salon Veneman Stadslab Ton Smitshuis We Are Zwarte Doos

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17

26

9

34

Apparatenfabriek BioArtlab Complex De Caai Fifth Fuutlaan Greefstraat 6 Hallenweg Heezerweg (tijdelijk) Kade Clubhuis Klokgebouw MAKE werkplaats Microlab NOOF Nulzes PLAN-B Residency for the people

18 19 20 21 22 23

24 25

Schellensfabriek Sectie-C Strijp-T TAC T56 United Cowboys per eind ‘23: Jacob Oppenheimstraat Ruysdaelbaan 106

locatie bibliotheek locatie buurt/wijkcentrum locatie basisonderwijs locatie middelbaar onderwijs

37

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

Er is in Eindhoven een divers aanbod aan niet gesubsidieerde activiteiten op muzikaal gebied. Zo zijn er repetitieruimtes als ‘De Oefenruimte’ (met een locatie in Woensel en Berckelbosch) en de ‘Anker Studio’. Ook zijn er diverse zelfstandige muziekdocenten/-scholen zoals MijnMuziekles en SingShop. Het CKE werkt samen met muziekdocenten die individuele lessen aanbieden voor diverse instrumenten in de ruimtes van het CKE. Daarnaast speelt PopEi als gesubsidieerde instelling een cruciale rol in het muzikale ecosysteem van de stad. De organisatie biedt repetitieruimten aan en ondersteunt vooral jongere popmusici en muziekproducers bij verschillende aspecten van hun ontwikkeling. En het Summa College biedt met Metalfactory, Rock City Institute en Music Production Lab op mbo-niveau opleidingen op het gebied van popmuziek aan. Tijdens het jaarlijks rondreizende festival Popronde hebben opkomende Eindhovense bands daarnaast tevens de mogelijkheid zich landelijk te presenteren.

De basisfunctie concertzaal wordt ingevuld door het Muziekgebouw Eindhoven. De organisatie heeft als missie: “Verbinden door muziek”. Het beoogt de ontmoeting en daarmee de verbindingen tussen mensen te stimuleren door in het gebouw een podium te bieden aan een grote muzikale diversiteit. De programmering bestaat uit pop-, jazz en klassieke concerten en concerten uit andere muziekculturen.

Voor wat betreft muziekpodia in de stad vinden er regelmatig optredens plaats bij broedplaatsen als TAC en Stroomhuis en ook in de diverse horecagelegenheden in de stad, zoals muziekcafé Altstadt, café Wilhemina, ’t Rozenknopje en Fifth-NRE. Ook zijn er muziekactiviteiten in bijvoorbeeld de Catharinakerk. Grootschaligere concerten en muziekfestivals kunnen in het Klokgebouw worden gerealiseerd. In het Philips Stadion zijn mogelijkheden om stadionconcerten te organiseren, al is dat tot nog toe beperkt tot concerten van Guus Meeuwis. Binnen de meerjarige BrabantStad-regeling en Programmasubsidieregeling is het mogelijk om subsidie te verlenen voor het produceren en presenteren van muziek. Storioni (met kamermuziek), So Whats Next (jazz), philharmonie zuidnederland (klassiek, symfonische muziek), Paviljoen Ongehoorde Muziek (hedendaags gecomponeerde en geïmproviseerde muziek) en Tromp Percussion Eindhoven (muziekconcours voor slagwerk) ontvangen alle meerjarige subsidie en bieden een gevarieerde programmering op diverse plekken in de stad. Via projectsubsidie heeft Stichting Bol Boluje de kans gekregen om in samenwerking met de Effenaar het programmeringsformat op het gebied van popmuziek “Party in No Man’s land” te ontwikkelen en uit te voeren.

Perspectief van de sector

Daarnaast organiseert het Muziekgebouw Eindhoven speciale familie- en kinderconcerten en educatieve activiteiten. Muziekgebouw Eindhoven heeft een grote zaal met 1.250 stoelen (1.750 staanplaatsen) en een kleine zaal met 400 zitplaatsen. Daarnaast gebruikt de organisatie de foyer voor uitvoeringen. Ook beschikt ze over een opnamestudio waar eigen producties worden gemaakt. De basisfunctie poppodium wordt ingevuld door de Effenaar. De organisatie heeft als missie om “publiek onderling en publiek en artiest te verbinden en samen de toekomst van de live popcultuur opnieuw vorm te gegeven”. Met een divers aanbod dat bestaat uit concerten in verschillende stromingen van de popmuziek wil de Effenaar bijdragen aan een levendig en aantrekkelijk popmuziekklimaat in Eindhoven. De Effenaar programmeert ook op uiteenlopende locaties in de stad, zoals het Groendomein Wasven. In het eigen gebouw heeft de Effenaar een grote zaal met een capaciteit van 1.300 personen (inclusief het in 2021 toegevoegde balkon) en een kleine zaal voor maximaal 400 personen. De afgelopen jaren is daarnaast een vruchtbare samenwerking tussen de Effenaar en het Muziekgebouw tot stand gekomen waarvan het gezamenlijk georganiseerde, in 2023 voor het eerst gepresenteerde, gitaarfestival Bridge een goed voorbeeld is.

Tevens zijn de Effenaar en het Muziekgebouw Eindhoven onderdeel van het Brabantse samenwerkingsverband van podia en festivals “Music Hub Brabant”. Doel is om zodoende talenten en talentontwikkeling structureel op te nemen in de Brabantse cultuursector.

38

Cultuurscan 2023

2.4.2 Podiumkunsten - theater en dans Wat betreft locaties zijn er voor theater en dans vaak specifieke voorzieningen nodig, waardoor podia zelden zonder subsidie kunnen voortbestaan. Naast de gesubsidieerde podia bestaat er onder andere particulier initiatief, zoals het podium ‘Arno’s Theater’ van theatermaker Arno Huibers. Educatief aanbod is er in de stad bijvoorbeeld van; de “Ilse Wouter Academie”, waar theaterlessen en -trainingen gericht op volwassenen worden verzorgd; de “Jeugd Toneelschool” die lesgeeft in toneelspelen, acteren, zingen en bewegen voor jeugd; het ‘Centrum voor Musical’, dat zich met musicaleducatie richt op kinderen.87 Daarnaast biedt het CKE als gesubsidieerde basisinstelling ook dansen theaterlessen in groepsverband aan. Een voltijds theaterberoepsopleiding op hbo- of mbo-niveau is niet aanwezig in de stad. Uit de gegevens van de Kamer van Koophandel blijkt daarnaast dat er 10 dansscholen in de stad zijn ingeschreven die qua disciplines een breed aanbod vertegenwoordigen, van salsa tot breakdance en van ballet tot streetdance. Ook hier geldt net als bij theater dat een voltijds dansopleiding op hbo- of mbo-niveau niet aanwezig is in de stad. VSCD rapporteert geen gegevens op gemeentelijk niveau. Qua kleinschalige presentatieplekken voor theater en dans zijn er in Eindhoven Pand P en daarnaast beschikt ook Natlab over een vlakke vloerpodium.

Sommige meerjarig gesubsidieerde instellingen zoals Carte Blanche en United Cowboys presenteren regelmatig voorstellingen in hun eigen gebouwen. Afslag Eindhoven maakt als producent veel locatievoorstellingen, die onder andere in de Genneper Parken zijn te zien. Maar de producties van Afslag Eindhoven, Carte Blanche, United Cowboys en ook van Wildpark en The Ruggeds zijn behalve op de Eindhovense podia ook buiten de stad te zien. Afslag Eindhoven maakt locatietheater en treedt op bij diverse festivals, United Cowboys heeft veel internationale uitwisselingen en Carte Blanche presenteert haar voorstellingen ook in en voor zorg- en welzijnsorganisaties in de regio. De voorstellingen van The Ruggeds zijn tevens landelijk en internationaal te zien. Voor en door jeugd wordt er

Hoofdstuk 2

Perspectief van de sector

theater gemaakt door Wildpark. Zij bereikt ook scholen buiten Eindhoven en omgeving. Dankzij extra middelen die door het college voor 2023-2024 beschikbaar zijn gesteld, kunnen twee gezelschappen hun activiteiten nog beter verankeren in de stad. Mies-en-scene is een kleine producent die vaak theater maakt voor en met de bewoners van de stad en vooral lokaal gericht opereert. Theatergezelschap Oortwolk richt zich met de voorstellingen op kinderen in midden- en tussenbouwleeftijd en treedt op voor basisscholen in Eindhoven en daarbuiten. Qua theaterfestival is sinds een aantal jaren het rondreizende theaterfestival De Parade in Eindhoven neergestreken, dit dankzij de samenwerking met het Parktheater en met behulp van projectsubsidie. Het Parktheater Eindhoven vervult de basisfunctie van schouwburg in de stad. De missie van de organisatie is: “Iedereen die hier binnenkomt, wordt geïnspireerd en geraakt. Parktheater Eindhoven wil mensen verrassen, verwarren, verstillen en verwonderen. Het theater wil meer zijn dan alleen een aanbieder van voorstellingen en meer dan een gebouw in de stad Eindhoven. Het Parktheater wil een nieuw hoofdstuk schrijven in het boek ‘Theater’.” Het theater heeft een veelzijdig en uitgebreid aanbod op het gebied van toneel, cabaret, muziektheater en dans. Het Parktheater (co-) produceert ook nieuw aanbod.

Het faciliteert verschillende initiatieven op het gebied van theater en dans zoals Wildpark, The Ruggeds en Stichting Sample Culture (Urban dansdagen). Door middel van ThinX ondersteunt de organisatie nieuwe makers uit de stad en vervult hiermee een functie van broedplaats. De grote zaal heeft een capaciteit van 950 stoelen. Daarnaast beschikt het Parktheater over een zaal met 500 tot 900 plaatsen. Deze zaal met vlakke vloer beschikt over hoogwaardige technische voorzieningen en is om te bouwen voor uiteenlopende vormen van presentaties. De kleine Kameleonzaal biedt plaats aan 150 tot 300 bezoekers. Daarnaast is het Parktheater al jaren een van de voortrekkers van de exploitatie van multifunctioneel podium Pand P en verzorgt het daar een belangrijk deel van de programmering. In samenwerking met Natlab draagt het Parktheater ook bij aan de programmering van de vlakke vloer zaal aldaar. De vlakke vloer in Natlab is als basisfunctie bestemd als speelplek voor beginnende makers en kleinschaliger, soms experimenteel en meer kwetsbaar aanbod. Voor het publiek zijn de kleinschaligere locaties over

39

Cultuurscan 2023

Hoofdstuk 2

het algemeen laagdrempeliger dan de schouwburg, wat maakt dat deze tevens een functie hebben in het aanspreken van een nieuw en divers publiek. Tevens is Parktheater, net als dansgezelschap United C, vanuit de ontwikkelfunctie voor jonge makers onderdeel van de provinciale talenthub PLAN-brabant. Daarnaast werkt het Parktheater samen met zes verschillende theaters in de regio Zuidoost-Brabant onder de naam Wonka Podia, op het gebied van programmering is er afstemming en op onderdelen is er sprake van gezamenlijke publiciteit en marketing.

Er zijn binnen de gebieden van creatieve industrie diverse opleidingen in Eindhoven te vinden. Op vmboen mbo-niveau bieden SintLucas en Summa College leerwegen aan met profielen zoals media, vormgeving & ICT, creatieve ambacht, meubelmaker en fashion. Design Academy Eindhoven is wereldwijd een van de meest gerenommeerde opleidingen op het gebied van design. Ongeveer 180 ontwerpers studeren elk jaar af aan de Academy. De TU/e biedt tot slot Industrial Design en Bouwkunde. Er is geen opleiding tot beeldend kunstenaar maar wel verschillende talentontwikkelingstrajecten. Daarnaast zijn er ook verschillende makers die afstuderen van bijvoorbeeld DAE of Sint

2.4.3 Visuele kunsten & design Onder visuele kunsten wordt beeldende kunst in de breedste zin van het woord verstaan: schilderkunst, mediakunst, digitale kunst, bioart, lichtkunst, graffiti, beeldhouwkunst et cetera. In de gehele keten komen (beeldend) kunstenaars, designers en andere creatieve makers elkaar op verschillende plekken tegen. Qua productieplekken/werkplaatsen zijn er verschillende makerspaces in de stad waar zowel kunstenaars als ontwerpers gebruik kunnen maken van apparatuur en expertise. Binnen broedplaatsen en atelierruimtes komen veel ontwerpers, kunstenaars en andere makers samen om te werken. En op uiteindelijke presentatieplekken worden werken ook multidisciplinair getoond. Vandaar dat we de Cultuurbrief 2021-2024 volgen en deze disciplines bundelen onder ‘Visuele kunsten & design’. Het grootste gedeelte van de organisaties die subsidie ontvangen binnen de disciplines Visuele Kunsten & Design, ontvangen dit via Cultuur Eindhoven. De uitzonderingen zijn Dutch Design Foundation, het Van Abbemuseum (gemeentelijk museum) en GLOW, dit betreft wel belangrijke organisaties met een groot publieksbereik. Daarnaast is design ook inhoudelijk een onderdeel binnen de gemeentelijke werkwijze, binnen de afdeling strategie.

Daarnaast voert de gemeente het project ‘Eindhoven Design District’ uit, samen met DDF en EHV365, een initiatief om design en technologie in Eindhoven een groter podium te bieden en design thinking te stimuleren bij bedrijven en overheden.88 In 2023 verscheen de Designvisie 20232030 van het Eindhovense designveld.89 De gemeente is naar aanleiding van de visie een uitvoeringsagenda aan het vormgeven.

Perspectief van de sector

Lucas en zich daarna profileren als beeldend kunstenaar. Voor kinderen is er ook educatief aanbod op het gebied van beeldende kunst en creatieve industrie. Bijvoorbeeld de Ontdekfabriek, een van de voorlopers van design- en techniekeducatie voor kinderen en jongeren tussen de 4 en 15 jaar. Buiten de gesubsidieerde sector zijn er ook verschillende organisaties die zich volledig richten op educatieve programma's zoals Architectuurlessen en Studio Tast. Daarnaast richten verschillende organisaties in de stad zich binnen hun algehele programmering ook op kinderen en jongeren met speciaal ontworpen programma's, zoals bijvoorbeeld MU, STRP en Next Nature Network. Verschillende Eindhovense organisaties zijn onderdeel van de Brabant brede talenthubs, namelijk ‘Design to Market' (Design Forum, Kazerne, DDF en Microlab), ‘JUMP!’ (Pennings, Nasty Alice en Make Eindhoven) en Inversie (TAC).90 Het precieze aantal kunstenaars in de stad is lastig in te schatten. Er zijn bij de KvK 238 mensen ingeschreven binnen de codes voor fotografie en schrijven en overige scheppende kunst. Er is geen SBI-code speciaal voor beeldend kunstenaars en niet alle beeldend kunstenaars zijn geregistreerd bij de KvK. Aan de Atelierroute Eindhoven deden in 2022 ongeveer 70 kunstenaars mee.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13336371/2