CConstaterende dateemnes
Koppel je AI →
Document · PDF

05. Ontwerp-Omgevingsverordening Provincie Utrecht prb-2025-21377

Commissie WenR 3 februari 2026, gemeente eemnesBij agendapunt: RV Zienswijze Eemnes ontwerp-omgevingsvisie en -verordening (POVI) provincie Utrecht46.678 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 6

3.

Als uit de Bereikbaarheidsscan blijkt dat er mogelijk sprake is van verslechtering van de bereikbaarheid of toename van knelpunten op het omliggende verkeers- en vervoernetwerk, wordt een bereikbaarheidsonderzoek als bedoeld in de Bijlage XIV Bereikbaarheidsanalyse uitgevoerd. Binnen dit bereikbaarheidsonderzoek worden mogelijke oplossingen voor de geconstateerde knelpunten uitgewerkt, waarbij ook realisatie en financiering van deze maatregelen aan bod komen.

4.

In afwijking van het eerste lid kan een omgevingsplan regels bevatten waarbij knelpunten in de bereikbaarheid toenemen, mits voldaan is aan de volgende voorwaarden: a. er is sprake van een substantiële bijdrage aan een provinciaal belang;

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

b. c. d. e. f. 5.

de mate waarin het knelpunt toeneemt, staat in verhouding tot de bijdrage aan een provinciaal belang; na integrale afweging is er geen geschiktere locatie mogelijk voor de gewenste ontwikkeling in een gemeente of omliggende gemeenten; de toename van knelpunten in het regionaal wegennet wordt tot een minimum beperkt. Daarbij wordt gebruik gemaakt van de resultaten van het bereikbaarheidsonderzoek bedoeld in de Bijlage XIV Bereikbaarheidsanalyse; de toename van het knelpunt leidt niet tot ernstige hinder op het regionaal wegennet, grote toename van verkeersonveiligheid of hinder voor het openbaar vervoer; en de bereikbaarheid van de nood- en hulpdiensten blijft gewaarborgd.

De motivering van een omgevingsplan bevat: a. een onderbouwing van het aantal verplaatsingen die deze nieuwe ontwikkelingen tot gevolg hebben; b. een beschrijving van de wijze waarop het plangebied wordt ontsloten voor de diverse vervoerwijzen; c. een analyse of er door het aantal verplaatsingen knelpunten op het gebied van bereikbaarheid en verkeersveiligheid op omliggende (regionale) verkeers- en vervoersnetwerk voor de diverse vervoerwijzen kunnen ontstaan; en d. een analyse of de bereikbaarheid past bij de kenmerken van het gebied.

HHHHHH Artikel 4.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.3 Instructieregel behoud provinciaal bereikbaarheidsnetwerk regionaal wegennet 1.

Een omgevingsplan waarin nieuwe ontwikkelingen zijn voorzien, bevat regels die het belang van de ongewijzigde instandhouding, het ongewijzigde gebruik en de mogelijkheid tot uitbreiding van het provinciaal bereikbaarheidsnetwerk regionaal wegennet in het Gebied provinciaal bereikbaarheidsnetwerk regionaal wegennet waarborgen.

2.

De motivering van een omgevingsplan bevat een beschrijving van de wijze waarop met het belang van de ongewijzigde instandhouding en mogelijkheid tot uitbreiding van het provinciaal bereikbaarheidsnetwerk regionaal wegennet is gewaarborgd.

IIIIII Paragraaf 4.2.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 4.2.1 Algemene bepalingen provinciale weg Artikel 4.5 Oogmerk provinciale weg De regels in deze afdeling zijn gesteld met het oog op: a. het behoeden van de staat en een doelmatige en veilige werking van een provinciale weg voor nadelige gevolgen van activiteiten op of rond die weg, inclusief het belang van verruiming of wijziging van die weg; b. behouden van aardkundige waarden, landschappelijke, cultuurhistorische, archeologische en ecologische waarden in het gebied waar de provinciale weg gelegen is; en c. beschermen van recreatieve en toeristische belangen in het gebied waar de provinciale weg gelegen is.

Artikel 4.5 Oogmerk provinciale weg

78

1.

De regels in deze afdeling zijn gesteld met het oog op het behoeden van de staat en een doelmatige en veilige werking van een provinciale weg voor nadelige gevolgen van activiteiten op of rond die weg, waartoe ook het belang van verruiming of wijziging van die weg behoort.

2.

Taken en bevoegdheden op grond van deze afdeling kunnen ook worden uitgeoefend met het oog op de volgende belangen in het gebied waar de provinciale weg is gelegen: a. het beschermen van landschappelijke en aardkundige waarden; b. het beschermen van ecologische waarden en natuur;

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

c. d.

het beschermen van cultuurhistorische en archeologische waarden; en het beschermen van recreatieve en toeristische belangen.

Artikel 4.6 Aanwijzing beperkingengebied provinciale weg Een De beperkingengebieden met betrekking tot een provinciale weg bestaat bestaan uit: het Beperkingengebied bouwwerken provinciale weg; a. b. het Beperkingengebied vrij zicht provinciale weg; en c b. het Beperkingengebied beheer provinciale weg. JJJJJJ Artikel 4.8 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.8 Toepassingsbereik provinciale weg 1.

Deze paragraaf is van toepassing op activiteiten in het Beperkingengebied vrij zicht provinciale weg en het Beperkingengebied beheer provinciale weg die nadelig zijn nadelige gevolgen kunnen hebben voor de belangen, bedoeld in Artikel 4.5.

2.

Paragraaf 4.2.3 geldt Deze paragraaf is niet voor van toepassing op activiteiten die uitgevoerd worden verricht door of namens de wegbeheerder in het kader van de aanleg, de wijziging of het beheer van een weg provinciale weg of de regeling van het verkeer over die weg.

KKKKKK Artikel 4.9 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.9 Specifieke zorgplicht provinciale weg

79

1.

Degene die een activiteit in het Beperkingengebied vrij zicht beheer provinciale weg uitvoert en weet of redelijkerwijs kan had kunnen vermoeden dat die activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de belangen, in Artikel 4.5, is verplicht: a. alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van diegene gevraagd kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen; b. voor zover die gevolgen niet voorkomen kunnen worden voorkomen, die gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken; en c. als die gevolgen onvoldoende beperkt kunnen worden beperkt, die activiteit achterwege te laten voor zover dat redelijkerwijs van diegene gevraagd kan worden gevraagd.

2.

Deze plicht houdt in ieder geval in dat: a. het veilig en doelmatig gebruik en de instandhouding van wegen wordt verzekerd verzekerd wordt; b. het gebruik van de weg provinciale weg , in overeenstemming met haar de functie als openbare weg, wordt verzekerd verzekerd wordt; c. het vrije zicht niet wordt beperkt beperkt wordt; d. werkzaamheden op een zodanige wijze worden uitgevoerd worden dat hieruit geen schade voor de weg kan ontstaan; e. geen vaste stoffen of voorwerpen worden gedeponeerd gedeponeerd worden, anders dan bij werkzaamheden ten behoeve van voor kabels en leidingen; f. het Beperkingengebied beheer provinciale weg niet wordt verontreinigd met hinderlijke of schadelijke vaste stoffen, hinderlijke of schadelijke vloeistoffen, en hinderlijke of schadelijke voorwerpen of met beplantingsresten; verontreiniging door hinderlijke of schadelijke vaste stoffen, hinderlijke of schadelijke vloeistoffen, hinderlijke of schadelijke voorwerpen of beplantingsresten voorkomen wordt; g. beplanting in een zodanige conditie wordt gehouden wordt dat zij deze geen gevaar of hinder vormt voor de weggebruikers en geen schade veroorzaakt aan de weg; h.

borden, spandoeken, vlaggenmasten, handelsreclame en licht- lichtgevende of geluidgevende voorzieningen op een zodanige plaats of wijze worden aangebracht worden dat de veiligheid van het verkeer niet in gevaar wordt gebracht gebracht wordt; i. bermsloten in het Beperkingengebied beheer provinciale weg alleen worden gedempt gedempt worden, afgedamd of de afvoercapaciteit daarvan gewijzigd worden door of namens de wegbeheerder;

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

j. k.

aanleg of wijziging van de een provinciale weg alleen geschiedt aangelegd of gewijzigd wordt door of namens de wegbeheerder; en alle passende maatregelen worden genomen worden om ongewone voorvallen en de nadelige gevolgen daarvan, bedoeld in artikel 19.1 van de wet Omgevingswet, te voorkomen.

LLLLLL Na artikel 4.9 worden twee artikelen ingevoegd, luidende:

Artikel 4.9a Informeren over ongewoon voorval provinciale weg Bij onverwachte situaties in het Beperkingengebied beheer provinciale weg die nadelige gevolgen kunnen hebben voor het veilig en doelmatig gebruik en voor de instandhouding van een provinciale weg worden gedeputeerde staten zo snel mogelijk hiervan op de hoogte gesteld.

Artikel 4.9b Benodigde gegevens over ongewoon voorval provinciale weg Zodra de onderstaande gegevens over het ongewoon voorval in het Beperkingengebied beheer provinciale weg bekend zijn, worden ze verstrekt aan gedeputeerde staten: a. wegnummer, hectometrering van de locatie en datum en tijdstip waar het ongewoon voorval plaatsgevonden heeft; b. informatie over de oorzaken van het ongewoon voorval en de omstandigheden waaronder het ongewoon voorval zich voorgedaan heeft; c. informatie over de nadelige gevolgen voor de veiligheid, het gebruik en de instandhouding van de provinciale weg; d. andere gegevens die nodig zijn om de aard en de ernst van de gevolgen voor de veiligheid, het gebruik en de instandhouding van de provinciale weg te kunnen inschatten; en e. informatie over de maatregelen die genomen zijn of overwogen worden om de nadelige gevolgen van het ongewoon voorval te voorkomen, bedoeld in artikel 19.1, eerste lid, van de Omgevingswet. MMMMMM Artikel 4.10 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.10 Indieningsvereisten aanvraag omgevingsvergunning activiteit provinciale weg algemeen In aanvulling op de indieningsvereisten in de wet worden bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit op grond van deze paragraaf, minimaal de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. de kilometrering en het wegnummer van de locatie waar de activiteit plaatsvindt op tekening; b. de datum en het tijdstip waarop de activiteit wordt begonnen; en c. de duur van de activiteit. [Gereserveerd] NNNNNN Artikel 4.11 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.11 Eis verwijderen of , verleggen en aanpassen van werk en object 1.

80

Met het oog op het belang Activiteit in beperkingengebied provinciale weg van de aanleg, verruiming of wijziging van een provinciale weg worden bouwwerken, werken die geen bouwwerken zijn of andere objecten, waarvoor geen omgevingsvergunning op grond van deze paragraaf is vereist vereist is, verplaatst of verlegd als die een belemmering vormen voor de voorbereiding of uitvoering van de aanleg, verruiming of wijziging van die weg door of namens de wegbeheerder.

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

2.

Als, ondanks een redelijke poging daartoe, met de rechthebbende op het bouwwerk, het werk dat geen bouwwerk is of het andere object geen schriftelijke overeenstemming is bereikt is over de termijn waarop dat bouwwerk, werk of object wordt verplaatst of verlegd wordt, stelt het bevoegd gezag die termijn bij gedeputeerde staten die termijn bij met een maatwerkvoorschrift vast.

OOOOOO Artikel 4.13 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.13 Maatwerkvoorschriften en vergunningvoorschriften activiteit provinciale weg 1.

Gedeputeerde staten kunnen maatwerkvoorschriften stellen of een vergunningvoorschrift aan de omgevingsvergunning verbinden voor de activiteiten genoemd over het bepaalde in Paragraaf 4.2.3.

2.

Met een maatwerkvoorschrift of een vergunningvoorschrift kan worden afgeweken worden van het bepaalde in Paragraaf 4.2.3.

3.

Een maatwerkvoorschrift wordt niet gesteld als over dat onderwerp een voorschrift aan een omgevingsvergunning bedoeld in Paragraaf 4.2.3 kan worden verbonden.

PPPPPP Subparagraaf 4.2.3.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 4.2.3.2 Activiteiten uitweg bij provinciale weg Artikel 4.14 Vergunningplicht uitweg bij provinciale weg 1.

Het is verboden zonder omgevingsvergunning in het Beperkingengebied beheer provinciale weg de volgende activiteiten uit te voeren: a. het hebben of en maken van een uitweg naar de provinciale weg; b. het maken van wijzigingen aanbrengen aan een bestaande uitweg naar de provinciale weg; c. het veranderen van het gebruik van een bestaande uitweg naar de provinciale weg van particulier gebruik naar bedrijfsmatig gebruik; en d. het intensiveren van het gebruik van een bedrijfsmatige uitweg.

2.

Het eerste lid is niet van toepassing op standplaatsen en verkooppunten bedoeld in Artikel 4.35 en in Artikel 4.35a .

Artikel 4.15 Beoordelingsregel aanvraag omgevingsvergunning uitweg bij provinciale weg Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een uitweg bij een provinciale weg in het Beperkingengebied beheer provinciale weg, wordt de omgevingsvergunning in ieder geval geweigerd als: a. de uitweg bij een perceelsplitsing voor het nieuwe perceel wordt aangesloten wordt op de provinciale hoofdrijbaan als er sprake is van een gebiedsontsluitingsweg; de uitweg aangesloten kan worden aangesloten op een parallelweg of op een weg van een b. gemeente, een waterschap of op een andere weg van lagere orde; c. de aanvraag betrekking heeft op een tweede uitweg van het perceel, tenzij een tweede uitweg in het belang van de verkeersveiligheid noodzakelijk is; het gaat om een tweede uitweg naar de provinciale weg vanaf het te ontsluiten perceel, tenzij deze tweede uitweg in het specifieke geval in het belang van de verkeersveiligheid door de provincie noodzakelijk geacht wordt; d. de uitweg wordt aangesloten op een stroomweg; e d. de uitweg wordt aangelegd wordt op minder dan 50 meter van bochten, kruispunten, splitsingen, rotondes of en verkeersregelinstallaties; of f e. de verkeersveiligheid door de verkeersaantrekkende werking van het gebruik van het te ontsluiten perceel onevenredig wordt aangetast aangetast wordt.

81

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

Artikel 4.16 Beoordelingsregel aanvraag omgevingsvergunning tijdelijke uitweg bij provinciale weg Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een tijdelijke uitweg bij een provinciale weg in het Beperkingengebied beheer provinciale weg, wordt de omgevingsvergunning, aanvullend op Artikel 4.15, in ieder geval geweigerd als: a. de uitweg niet noodzakelijk is voor het uitvoeren van werkzaamheden van tijdelijke aard; of b. het werkverkeer ontsloten kan worden ontsloten via een bestaande uitweg.

Artikel 4.17 Indieningsvereisten aanvraag omgevingsvergunning uitweg bij provinciale weg In aanvulling op de indieningsvereisten in Artikel 4.10 wordt bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een uitweg bij een provinciale weg, bedoeld in Artikel 4.14, in ieder geval aangegeven of er obstakels zijn die voor de beoogde aanleg of wijziging van de uitweg verwijderd moeten worden. Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning, bedoeld in Artikel 4.14, worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden aangeleverd: a. gegevens genoemd in artikel 7.3 van de Omgevingsregeling; b. situatietekening met daarop de hectometrering en het wegnummer van de locatie waar de uitweg gepland is; c. datum en tijdstip waarop de werkzaamheden gestart worden; d. duur van de werkzaamheden; e. als dit van toepassing is: obstakels die voor de beoogde aanleg of wijziging van de uitweg verwijderd moeten worden; en f. verkeersmaatregelenplan conform CROW publicatie WIU 96b 2020 Werken op niet-autosnelwegen.

Artikel 4.18 Eis uitvoering en onderhoud uitweg Uit oogpunt van verkeersveiligheid, doorstroming en een uniforme inrichting van de provinciale weg bepalen gedeputeerde staten in de voorschriften van een omgevingsvergunning voor een uitweg dat: a. welke technische eisen aan de uitweg en wijze van aanleg gesteld worden; b. welke veiligheidseisen op het uitvoeren van de werkzaamheden voor de aanleg van de uitweg van toepassing zijn; a c. dat de aanleg en het onderhoud van de uitweg in het Beperkingengebied beheer provinciale weg voor rekening en door of in opdracht van de provincie wordt aanvragen uitgevoerd; en wordt; b d. een aan de provincie geen financiële vergoeding verschuldigd is voor het de onder a c. genoemde aanleg; en onderhoud. e. onderhoud van de uitweg, voor zover deze gelegen is binnen het beheergebied van de provinciale weg en binnen de eigendomsgrenzen van de provincie, door de provincie meegenomen wordt in het regulier onderhoud van de provinciale weg en wegbermen. QQQQQQ Het opschrift van subparagraaf 4.2.3.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 4.2.3.3 Activiteiten kabels, leidingen, lasgaten, huisaansluitingen, duikers, goten kabelgoten, buizen, afrasteringen mantelbuizen en andere werken RRRRRR Artikel 4.19 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.19 Vergunningplicht kabels, leidingen, lasgaten, huisaansluitingen, duikers, goten kabelgoten, buizen, afrasteringen mantelbuizen en andere werken Het is verboden zonder omgevingsvergunning in het Beperkingengebied beheer provinciale weg kabels, leidingen, duikers, goten kabelgoten, buizen, afrasteringen mantelbuizen en andere werken

82

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

te hebben, op te richten, aan te leggen, te wijzigen of en te verwijderen, tenzij een meldplicht geldt, tenzij de meldplicht uit Artikel 4.23 van toepassing is. SSSSSS Artikel 4.20 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.20 Beoordelingsregel aanvraag omgevingsvergunning kabels, leidingen, lasgaten, huisaansluitingen, duikers, goten kabelgoten, buizen, afrasteringen mantelbuizen en andere werken Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op kabels, leidingen, lasgaten, huisaansluitingen, duikers, goten kabelgoten, buizen, afrasteringen of mantelbuizen en andere werken in het Beperkingengebied beheer provinciale weg, wordt de omgevingsvergunning in ieder geval geweigerd als er een aanmerkelijke kans bestaat op schade of aantasting van het veilig en doelmatig gebruik van een weg provinciale weg . TTTTTT Artikel 4.21 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.21 Wijzigen of intrekken van omgevingsvergunning kabels en leidingen In aanvulling op het bepaalde in Artikel 1.9 kan een omgevingsvergunning voor kabels of leidingen worden gewijzigd of ingetrokken als: Gedeputeerde staten kunnen een omgevingsvergunning op grond van deze verordening voor kabels of leidingen wijzigen en intrekken als: a. een situatie genoemd in Artikel 1.9 van toepassing is; a b. een kabel of leiding of een deel daarvan, verlegd moet worden verlegd als gevolg van werkzaamheden van de provincie of van derden, en er geen ruimte is om de kabel of leiding te laten liggen of terug te plaatsen; b c. de vergunninghouder niet voldoet aan het verzoek tot het maatregelen te nemen van maatregelen of het doen van aanpassingen aanpassingen te doen, die nodig zijn voor de realisering van provinciale infrastructurele maatregelen of voor de uitvoering van beheer en onderhoud. UUUUUU Artikel 4.22 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.22 Indieningsvereisten aanvraag omgevingsvergunning kabels en leidingen In aanvulling op de indieningsvereisten in Artikel 4.10 worden bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen, aanleggen, plaatsen, in stand houden, slopen of verwijderen van kabels en leidingen, bedoeld in Artikel 4.19, minimaal de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning, bedoeld in Artikel 4.19, worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden aangeleverd: a. voor het aanleggen of plaatsen van een kabel of leiding: 1. gegevens genoemd in artikel 7.3 van de Omgevingsregeling; 1 2. een beschrijving van de soort kabel of leiding; 2 3. een beschrijving van de wijze van aanleg van de kabel of leiding; 3 4. de kilometrering, het wegnummer en de ligging van de kabel of leiding op tekening; situatietekening met daarop de hectometrering, het wegnummer en de ligging van de kabel of leiding en van de objecten die daarmee samenhangen; 5. datum en tijdstip waarop met de werkzaamheden begonnen wordt; 6. duur van de werkzaamheden; 4 7. als een gestuurde boring wordt gebruikt gebruikt wordt: een boorplan; 5 8. als wordt geboord wordt bij de fundering van een viaduct, brug, duiker, talud, darmwand of ander civieltechnisch kunstwerk: een beschrijving van de invloed van op de boring op de fundering; en 9.

verkeersmaatregelenplan conform CROW publicatie WIU 96b 2020 Werken op niet-autosnelwegen. b. voor het in stand houden van een kabel of leiding: 1. gegevens genoemd in artikel 7.3 van de Omgevingsregeling;

83

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

1 2. 2 3.

c.

een beschrijving van de werkzaamheden aan de kabel of leiding; situatietekening met daarop de kilometrering hectometrering, het wegnummer en de ligging van de kabel of leiding en van de objecten die daarmee samenhangen op tekening; en 4. datum en tijdstip waarop met de werkzaamheden begonnen wordt; 5. de duur van de werkzaamheden; en 6. verkeersmaatregelenplan conform CROW publicatie WIU 96b 2020 Werken op niet-autosnelwegen. voor het slopen of verwijderen van een kabel of leiding: 1. gegevens genoemd in artikel 7.3 van de Omgevingsregeling; 1 2. een beschrijving van de wijze van verwijderen; 2 3. situatietekening met daarop de kilometrering hectometrering, het wegnummer en de ligging van de kabel of leiding en van de objecten die daarmee samenhangen op tekening. ; 4. datum en tijdstip waarop met de werkzaamheden begonnen wordt; 5. duur van de werkzaamheden; en 6. verkeersmaatregelenplan conform CROW publicatie WIU 96b 2020 Werken op niet-autosnelwegen.

VVVVVV Artikel 4.23 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.23 Meldplicht lasgaten en huisaansluitingen 1.

Het is verboden zonder melding in het Beperkingengebied beheer provinciale weg lasgaten en huisaansluitingen voor de watervoorziening, de energievoorziening of en de telecommunicatie te hebben, op te richten, aan te leggen, te wijzigen of en te verwijderen als daarvoor geen verhardingen van de weg worden opgebroken of gekruist.

2.

Minimaal 4 weken en maximaal 6 maanden voordat het lasgat of de huisaansluiting aangelegd, gewijzigd of verwijderd wordt, wordt de melding ingediend. Voorwaarde voor het kunnen volstaan met een melding in plaats van met een omgevingsvergunning is dat er voor de werkzaamheden in het eerste lid geen verhardingen van de weg opgebroken en gekruist worden en het lasgat of de huisaansluiting niet door middel van een boring of persing aangelegd wordt.

3.

Minimaal 4 weken en maximaal 6 maanden voordat het lasgat of de huisaansluiting op een andere manier aangelegd, gewijzigd of verwijderd wordt dan eerder gemeld, wordt een nieuwe de melding ingediend.

4.

De melding met alle daarbij behorende stukken zijn tijdens de werkzaamheden op het werk aanwezig. Op verzoek van het bevoegd gezag wordt deze melding onmiddellijk getoond. Minimaal 4 weken voordat het lasgat of de huisaansluiting op een andere manier aangelegd, gewijzigd of verwijderd wordt dan eerder gemeld, wordt een nieuwe melding ingediend.

5.

De activiteit bedoeld in het eerste lid wordt uitgevoerd met in achtneming van de regels van Bijlage VIII Eisen kabels en leidingen. De melding met alle daarbij behorende stukken zijn tijdens de werkzaamheden op het werk aanwezig. Op verzoek van het bevoegd gezag wordt deze melding onmiddellijk getoond.

6.

De activiteit bedoeld in het eerste lid wordt uitgevoerd met in achtneming van de regels van Bijlage VIII Eisen kabels en leidingen.

WWWWWW Artikel 4.24 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.24 Meldplicht telecom en laag- of middenspanning elektriciteit kabels en leidingen Meldplicht telecom-, laagspanning- en middenspanning-elektriciteitskabels en -leidingen 1.

84

Het is verboden zonder melding in het Beperkingengebied beheer provinciale weg kabels en leidingen in de zin van de Telecommunicatiewet of en laag- en middenspanning elektriciteits-

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

kabels te hebben, op te richten, aan te leggen, te wijzigen of en te verwijderen als daarvoor geen verhardingen , inclusief het bouwen, aanleggen, plaatsen, in stand houden en slopen van de weg worden opgebroken of gekruist, met inbegrip van: daarmee samenhangende bouwwerken en werken die geen bouwwerken zijn. a. het bouwen, in stand houden en slopen van bouwwerken die daarmee samenhangen; en b. het aanleggen, plaatsen, in stand houden en verwijderen van werken die geen bouwwerken zijn, die daarmee samenhangen. 2.

Minimaal 4 weken en maximaal 6 maanden voordat de telecom-, laagspanning-, middenspanning of elektriciteitskabel of -leiding aangelegd, gewijzigd of verwijderd wordt, wordt de melding ingediend. Voorwaarde voor het kunnen volstaan met een melding in plaats van met een omgevingsvergunning is dat er voor de werkzaamheden in het eerste lid geen verhardingen van de weg opgebroken en gekruist worden.

3.

Minimaal 4 weken en maximaal 6 maanden voordat de telecom-, laagspanning-, of middenspanning- of elektriciteitskabel of -leiding op een andere manier aangelegd, gewijzigd of verwijderd wordt dan eerder gemeld, wordt een nieuwe de melding ingediend.

4.

De melding met alle daarbij behorende stukken zijn tijdens de werkzaamheden op het werk aanwezig. Op verzoek van het bevoegd gezag wordt deze melding onmiddellijk getoond. Minimaal 4 weken voordat de telecom-, laagspanning-, middenspanning- of elektriciteitskabel of -leiding op een andere manier aangelegd, gewijzigd of verwijderd wordt dan eerder gemeld, wordt een nieuwe melding ingediend.

5.

De activiteit bedoeld in het eerste lid wordt uitgevoerd met in achtneming van de regels van Bijlage VIII Eisen kabels en leidingen. De melding met alle daarbij behorende stukken zijn tijdens de werkzaamheden op het werk aanwezig. Op verzoek van het bevoegd gezag wordt deze melding onmiddellijk getoond.

6.

De activiteit bedoeld in het eerste lid wordt uitgevoerd met in achtneming van de regels van Bijlage VIII Eisen kabels en leidingen.

XXXXXX Artikel 4.25 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.25 Meldplicht gedenkteken 1.

Het is verboden zonder melding in het Beperkingengebied beheer provinciale weg een gedenkteken naar aanleiding van een dodelijk ongeval te plaatsen. [Gereserveerd]

2.

Het gedenkteken naar aanleiding van een dodelijk ongeval wordt onder voorwaarden door de provincie ter beschikking gesteld en wordt alleen in overleg met de directe nabestaanden geplaatst.

YYYYYY Artikel 4.26 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.26 Indieningsvereisten melding lasgaten en huisaansluitingen In aanvulling op de indieningsvereisten in Artikel 1.12 wordt ten behoeve van een melding voor een lasgat of huisaansluiting, bedoeld in Artikel 4.23, minimaal een tekening met wegnummer en kilometrering van de beoogde ligging van de lasgaten en huisaansluitingen verstrekt. Bij een melding, bedoeld in Artikel 4.23, worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden aangeleverd: a. gegevens genoemd in Artikel 1.12; en b. situatietekening met daarop de hectometrering en het wegnummer van de beoogde ligging van de lasgaten en huisaansluitingen. ZZZZZZ

85

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

Artikel 4.27 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.27 Indieningsvereisten melding telecom-, laagspanning-, middenspanning-elektriciteitskabels of elektriciteitskabel of -leiding leidingen In aanvulling op de indieningsvereisten in Artikel 1.12 worden bij een melding ten behoeve van een telecom-, laagspanning-, middenspanning of elektriciteitskabel of -leiding, bedoeld in Artikel 4.24, minimaal de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: Bij een melding, bedoeld in Artikel 4.23, worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden aangeleverd: a. voor het aanleggen of plaatsen van een kabel of leiding: 1. gegevens genoemd in Artikel 1.12; 1 2. een beschrijving van de soort kabel of leiding; 2 3. een beschrijving van de wijze van aanleg van de kabel of leiding; 3 4. de kilometrering, het wegnummer en de ligging van de kabel of leiding op tekening; situatietekening met daarop de hectometrering, het wegnummer en de ligging van de kabel of leiding en van de objecten die daarmee samenhangen; en 5. de gegevens benoemd in Bijlage VIII Eisen kabels en leidingen. b. voor het in stand houden van een kabel of leiding: 1. gegevens genoemd in Artikel 1.12; 1 2. een beschrijving van de werkzaamheden aan de kabel of leiding; 2 3. situatietekening met daarop de kilometrering hectometrering, het wegnummer en de ligging van de kabel of leiding en van objecten die daarmee samenhangen op tekening; en 4.

de gegevens benoemd in Bijlage VIII Eisen kabels en leidingen. c. voor het slopen of verwijderen van een kabel of leiding: 1. gegevens genoemd in Artikel 1.12; 1 2. een beschrijving van de wijze van verwijderen; 2 3. de kilometrering en de ligging van de kabel of leiding en van objecten die daarmee samenhangen op tekening. situatietekening met daarop de hectometrering, het wegnummer en de ligging van de kabel of leiding en van objecten die daarmee samenhangen; en de gegevens benoemd in Bijlage VIII Eisen kabels en leidingen AAAAAAA Het opschrift van artikel 4.28 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.28 Indieningsvereisten melding gedenkteken BBBBBBB Artikel 4.29 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.29 Vergunningplicht borden en vergelijkbare objecten Het is verboden zonder omgevingsvergunning in het Beperkingengebied beheer provinciale weg een bord en, spandoek en vlaggenmast, vlaggenmasten, handelsreclame, kunstuiting en, licht- of lichtgevende en geluidgevende voorzieningen of vergelijkbare objecten voorziening en vergelijkbaar object te hebben, plaatsen of en wijzigen, tenzij een de vrijstelling uit Artikel 4.29a of de meldplicht geldt uit Artikel 4.33 van toepassing is. CCCCCCC Artikel 4.30 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

86

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

Artikel 4.30 Beoordelingsregel aanvraag omgevingsvergunning borden en vergelijkbare objecten Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op borden een bord of vergelijkbare objecten vergelijkbaar object in het Beperkingengebied beheer provinciale weg, wordt de omgevingsvergunning in ieder geval geweigerd als: a. niet voldaan wordt aan Artikel 4.9, tweede lid, sub onderdeel h; b. er sprake is van commerciële aanduidingen; c. het object in zichthoeken komt te staan; d. het object botsgevaarlijk is; of e. het object bevestigd wordt aan wegmeubilair. DDDDDDD Artikel 4.31 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.31 Beoordelingsregel aanvraag omgevingsvergunning borden en vergelijkbare objecten voor aanduiding van objecten en terreinen Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op borden een bord of vergelijkbare objecten vergelijkbaar object voor de aanduiding van objecten en terreinen, al dan niet met een toeristisch karakter, in het Beperkingengebied beheer provinciale weg, wordt, aanvullend op Artikel 4.30, de omgevingsvergunning in ieder geval geweigerd als: a. er op basis van de algemene geografische bewegwijzering gereden kan worden gereden naar een geografische bestemming waar het terrein of object is gelegen is of waarmee het terrein of object wordt geassocieerd geassocieerd wordt; of b. hiermee geen verkeersveilige afwikkeling en geen ongehinderde doorstroming van het verkeer bevorderd wordt. EEEEEEE Artikel 4.32 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.32 Indieningsvereisten aanvraag omgevingsvergunning borden en vergelijkbare objecten In aanvulling op de indieningsvereisten in Artikel 4.10 worden bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een bord of vergelijkbaar object, bedoeld in Artikel 4.29, minimaal de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning, bedoeld in Artikel 4.29, worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden aangeleverd: a. gegevens genoemd in artikel 7.3 van de Omgevingsregeling; a b. situatietekening met daarop de kilometrering hectometrering en het wegnummer van de locatie waar de borden of vergelijkbare objecten worden geplaatst op tekening worden; b c. de datum en het tijdstip waarop met de plaatsing wordt begonnen begonnen wordt; en c d. de duur van de periode waarin de borden of vergelijkbare objecten aanwezig zullen zijn. FFFFFFF Artikel 4.33 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.33 Meldplicht borden en vergelijkbare objecten

87

1.

Het is verboden zonder melding in het Beperkingengebied beheer provinciale weg borden een bord , spandoeken spandoek , vlaggenmasten vlaggenmast, handelsreclame, kunstuiting en, licht- lichtgevende of geluidgevende voorzieningen voorziening of vergelijkbare objecten vergelijkbaar object te hebben, plaatsen of wijzigen buiten het Gebied landschappelijke waarden.

2.

De in het eerste lid genoemde objecten moeten voldoen aan het bepaalde in Artikel 4.30. Minimaal 4 weken voordat het bord of vergelijkbaar object geplaatst of gewijzigd wordt, wordt de melding ingediend.

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

3.

Minimaal 2 weken voordat het bord of vergelijkbaar object geplaatst of gewijzigd wordt, wordt de melding ingediend. De in het eerste lid genoemde objecten moeten voldoen aan het bepaalde in Artikel 4.30.

GGGGGGG Na artikel 4.33 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 4.33a Meldplicht gedenkteken 1.

Het is verboden zonder melding in het Beperkingengebied beheer provinciale weg een gedenkteken naar aanleiding van een dodelijk ongeval te plaatsen.

2.

Het gedenkteken naar aanleiding van een dodelijk ongeval wordt onder voorwaarden door de provincie ter beschikking gesteld en wordt alleen in overleg met de directe nabestaanden geplaatst.

HHHHHHH Artikel 4.34 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.34 Indieningsvereisten melding borden en vergelijkbare objecten Bij een melding voor een bord of vergelijkbaar object, bedoeld in Artikel 4.33, worden minimaal in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. gegevens genoemd in Artikel 1.12; a b. situatietekening met daarop de kilometrering hectometrering en het wegnummer van de locatie waar de borden of vergelijkbare objecten worden geplaatst op tekening worden; b c. de datum en het tijdstip waarop met de plaatsing wordt begonnen begonnen wordt; en c d. de duur van de periode waarin de borden of vergelijkbare objecten aanwezig zullen zijn. IIIIIII Na artikel 4.34 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 4.34a Indieningsvereisten melding gedenkteken Bij een melding, bedoeld in Artikel 4.33a, worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden aangeleverd: a. gegevens genoemd in Artikel 1.12; b. situatietekening met daarop de hectometrering en het wegnummer van de locatie waar het gedenkteken gewenst is; c. datum en tijdstip van de gewenste plaatsing van het gedenkteken; en d. gewenste periode dat het gedenkteken blijft staan. JJJJJJJ Subparagraaf 4.2.3.5 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 4.2.3.5 Activiteiten standplaats voor handel of bedrijf en verkooppunt voor energie aan voertuigen Artikel 4.35 Vergunningplicht standplaats voor handel en verkooppunt bedrijf Het is verboden zonder omgevingsvergunning in het Beperkingengebied beheer provinciale weg de volgende activiteiten uit een standplaats voor handel en bedrijf in te voeren: nemen en te hebben. a. een standplaats voor handel of bedrijf in te nemen en te hebben; of b. een verkooppunt voor het leveren van energie aan voertuigen of andere goederen in te richten en te hebben.

88

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

Artikel 4.35a Vergunningplicht verkooppunt voor energie aan voertuigen Het is verboden zonder omgevingsvergunning in het Beperkingengebied beheer provinciale weg een verkooppunt voor het leveren van energie aan voertuigen en andere goederen in te richten en te hebben.

Artikel 4.36 Beoordelingsregel aanvraag omgevingsvergunning standplaats en verkooppunt voor handel of bedrijf Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een standplaats voor handel of verkooppunt bedrijf in het Beperkingengebied beheer provinciale weg , wordt de omgevingsvergunning in ieder geval geweigerd als: a. er een aanmerkelijke kans bestaat op overlast, hinder of onveiligheid voor het verkeer en de omgeving; of b. toestemming van de desbetreffende gemeente ontbreekt.

Artikel 4.36a Beoordelingsregel aanvraag omgevingsvergunning verkooppunt voor energie aan voertuigen Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een verkooppunt voor energie aan voertuigen in het Beperkingengebied beheer provinciale weg wordt de omgevingsvergunning in ieder geval geweigerd als: a. er een aanmerkelijke kans bestaat op overlast, hinder of onveiligheid voor het verkeer en de omgeving; of b. toestemming van de desbetreffende gemeente ontbreekt.

Artikel 4.37 Beoordelingsregel aanvraag omgevingsvergunning standplaats en verkooppunt voor handel of bedrijf op carpoolplaats Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een standplaats voor handel of verkooppunt bedrijf op een carpoolplaats in het Beperkingengebied beheer provinciale weg , wordt de omgevingsvergunning, aanvullend op Artikel 4.36, de omgevingsvergunning in ieder geval geweigerd als: a. op de carpoolplaats op hetzelfde tijdstip al een standplaats voor handel of verkoopplaats bedrijf van de betreffende productgroep vergund is; of b. onvoldoende parkeerruimte overblijft.

Artikel 4.37a Beoordelingsregel aanvraag omgevingsvergunning verkooppunt voor energie op carpoolplaats Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een verkooppunt voor energie aan voertuigen op een carpoolplaats in het Beperkingengebied beheer provinciale weg wordt, aanvullend op Artikel 4.36a, de omgevingsvergunning in ieder geval geweigerd als: a. op de carpoolplaats op hetzelfde tijdstip al een verkooppunt van de betreffende productgroep vergund is; of b. onvoldoende parkeerruimte overblijft.

Artikel 4.38 Indieningsvereisten aanvraag omgevingsvergunning standplaats voor handel en verkooppunt bedrijf In aanvulling op de indieningsvereisten in Artikel 4.10 worden bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een standplaats of verkooppunt, bedoeld in Artikel 4.35, minimaal de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning, bedoeld in Artikel 4.35, worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden aangeleverd: a. omschrijving van de aanleiding, doelstelling en doelgroep van de standplaats of verkooppunt; gegevens genoemd in artikel 7.3 van de Omgevingsregeling; b. de wijze waarop invulling wordt gegeven aan een duurzame opzet van de standplaats of verkooppunt; situatietekening met daarop de hectometrering en het wegnummer van de locatie van de standplaats; c. de wijze waarop het terrein zal worden schoongehouden gewenste startdatum en tijdstip van de standplaats; d. duur van de standplaats; en d e. omschrijving van de wijze waarop zorg wordt gedragen voor toezicht en sociale veiligheid;

89

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

e. f. g.

de vereiste diploma's voor en de opgedane ervaring met het exploiteren van een standplaats of verkooppunt; indien van toepassing: de wijze waarop een energievoorziening wordt gerealiseerd; en indien van toepassing: de wijze waarop de standplaats of verkooppunt wordt gepromoot.

Artikel 4.38a Indieningsvereisten aanvraag omgevingsvergunning verkooppunt energie voor voertuigen Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning, bedoeld in Artikel 4.35a, worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden aangeleverd: a. gegevens genoemd in artikel 7.3 van de Omgevingsregeling; b. situatietekening met daarop de hectometrering en het wegnummer van de locatie van het verkooppunt; c. gewenste startdatum en tijdstip van het verkooppunt; d. duur van het verkooppunt; en e. omschrijving van de aanleiding, doelstelling en doelgroep van het verkooppunt. KKKKKKK Artikel 4.39 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.39 Vergunningplicht evenement Het is verboden zonder omgevingsvergunning in het Beperkingengebied beheer provinciale weg een evenement te houden waarbij de doorstroming van het verkeer wordt belemmerd wordt of de verkeersveiligheid op de provinciale weg in gevaar wordt gebracht gebracht wordt. LLLLLLL Artikel 4.41 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.41 Indieningsvereisten aanvraag omgevingsvergunning evenement In aanvulling op de indieningsvereisten in Artikel 4.10 worden bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een evenement, bedoeld in Artikel 4.39, minimaal de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning, bedoeld in Artikel 4.39, worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden aangeleverd: a. gegevens genoemd in artikel 7.3 van de Omgevingsregeling; b. situatietekening met daarop de hectometrering en het wegnummer van de locatie waar het evenement plaatsvindt; c. startdatum en starttijdstip van het evenement; d. duur van het evenement; a e. naam en Kamer van Koophandel inschrijving van de vereniging die het evenement organiseert; b f. een kopie van de verzekeringspolis waaruit blijkt dat de organisatie verzekerd is tegen de wettelijke aansprakelijkheid voor schade, die uit (het organiseren van) het evenement kan voortvloeien; c g. de doelgroep van het evenement; d h. het verwachte aantal deelnemers; e i. het verwachte aantal bezoekers; f j. een indicatie van vanwaar de bezoekers afkomstig zijn (plaatselijk, regionaal, landelijk of internationaal); g k. als dit van toepassing is: het aantal volgauto's indien van toepassing; h l. een verkeersplan met de te treffen verkeersmaatregelen conform de CROW-publicatie/richtlijn 96b: 1.

de benodigde afsluitingen van wegen; 2. de benodigde en geregelde parkeergelegenheid; 3. de benodigde en geregelde fietsenstallingen; 4. de als dit van toepassing is: benodigde omleidingen van het openbaar vervoer en het overige verkeer indien van toepassing; 5. de benodigde verkeersregelaars; en 6. de beoogde locaties voor verkeersregelaars; i m. de organisatie die de verkeersmaatregelen uitvoert;

90

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

j n.

het aantal, de soort en de plaats waar objecten zoals podia, kramen en tenten worden geplaatst geplaatst worden; een topografische kaart waarop de plaats van het evenement is aangegeven is of waarop de gehele route van het evenement is aangegeven aangegeven is, inclusief rijrichting en eventuele controleposten; een routebeschrijving met tijdschema, waarin alle wegen die binnen de provincie bereden worden vermeld staan vermeld, evenals . En als dit van toepassing is de gemeenten waarbinnen ze gelegen zijn, indien van toepassing. Bij provincie overschrijdende provinciegrensoverschrijdende evenementen moeten ook de wegen in de andere provincie(s) vermeld worden; een verklaring waaruit blijkt dat de betrokken gemeentelijke overheid bereid is medewerking te verlenen aan het te houden evenement, als een dergelijke verklaring vanuit de betrokken gemeentelijke overheid noodzakelijk is; een verklaring waaruit blijkt dat er overeenstemming is met betrokken wegbeheerders over de eventuele omleidingsroutes; een verklaring van de beheerder(s) van in de route opgenomen onverharde weggedeelten of eigen wegen, dat tegen het berijden daarvan geen bezwaren bestaan, dan wel of een verklaring van de organisatie dat bedoelde deze verklaring van geen bedenkingen mondeling is verkregen verkregen is; en de wijze waarop de wijze waarop de belangen van aanwonenden zijn meegenomen meegenomen zijn.

k o. l p.

m q. n r. o s.

p t.

MMMMMMM Artikel 4.42 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.42 Meldplicht tijdelijk verwijsbord evenement 1.

Het is verboden zonder melding in het Beperkingengebied beheer provinciale weg tijdelijke verwijsborden kort voor en tijdens een evenement te plaatsen.

2.

Tijdelijke verwijsborden moeten voldoen aan het bepaalde in Artikel 4.30.

3.

Minimaal 2 4 weken voordat het tijdelijke verwijsbord geplaatst wordt, wordt de melding ingediend.

NNNNNNN Artikel 4.43 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.43 Indieningsvereisten melding tijdelijk verwijsbord evenement Bij een melding voor een tijdelijk verwijsbord voor een evenement, bedoeld in Artikel 4.42, worden minimaal in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden verstrekt aangeleverd: a. gegevens genoemd in Artikel 1.12; a b. de kilometrering en het wegnummer van de locatie waar de borden of vergelijkbare objecten worden geplaatst op tekening; situatietekening met daarop de hectometrering en het wegnummer van de locatie waar de tijdelijke verwijsborden geplaatst worden; b c. de datum en het tijdstip waarop met de plaatsing wordt begonnen; en startdatum en starttijdstip waarop met de plaatsing begonnen wordt; en c d. de duur van de periode waarin de borden aanwezig zullen zijn. OOOOOOO Artikel 4.44 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.44 Eis tijdelijk verwijsbord evenement

91

1.

Met het oog op een veilig en doelmatig gebruik van de weg zijn tijdelijke verwijsborden uitsluitend maximaal 24 uur vóór voor en tijdens een evenement aanwezig.

2.

De borden zijn niet groter dan 1 meter bij 1 meter.

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

3.

De borden worden binnen 24 uur na afloop van het evenement verwijderd.

4.

Er worden niet meer dan 2 borden bij elkaar op een locatie aangebracht.

5.

De borden worden geplaatst in de onverharde buitenberm op een afstand van minimaal 2,5 meter uit de kant van de verharding.

PPPPPPP Paragraaf 4.3.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 4.3.1 Algemene bepalingen lokale spoorweg Artikel 4.45 Oogmerk lokale spoorweg Deze afdeling is van toepassing op het Beperkingengebied lokale spoorweg en bevat regels met het oog op het ongewijzigd in stand houden van de aanwezige infrastructuur en werking daarvan alsmede voor nadelige gevolgen van activiteiten op of rond die spoorweg, waartoe ook het belang van verruiming of wijziging van die spoorweg behoort. De regels in deze afdeling zijn gesteld met het oog op: a. behoeden van de staat en werking van de lokale spoorweg voor nadelige gevolgen van activiteiten op of rond die spoorweg, inclusief het belang van verruiming of wijziging van die spoorweg; en b. ongewijzigd in stand houden van de aanwezige infrastructuur en werking daarvan.

Artikel 4.46 Aanwijzing beperkingengebied lokale spoorweg Het Beperkingengebied lokale spoorweg bestaat uit: a. de Kernzone lokale spoorweg; en b. de Beschermingszone lokale spoorweg. QQQQQQQ Artikel 4.48 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.48 Instructieregel hinder lokale spoorweg 1.

Voor zover een Een omgevingsplan betrekking heeft op locaties binnen het Beperkingengebied lokale spoorweg bevat het regels voor bestaande gebouwen die getransformeerd worden het transformeren van bestaande gebouwen tot geluidgevoelige gebouwen mits zij met een binnenwaarde van maximaal 33 dB Lden hebben.

2.

Voor zover een omgevingsplan betrekking heeft op locaties binnen het Beperkingengebied lokale spoorweg : zijn nieuwe geluidgevoelige gebouwen toegestaan tot het geluid van maximaal 60 dB Lden op de gevel. a. zijn nieuwe geluidgevoelige gebouwen in buiten de bebouwde kom toegestaan tot een geluidbelasting van maximaal 60 dB Lden op de gevel; en b. nieuwe geluidgevoelige gebouwen binnen de bebouwde kom toegestaan tot een geluidbelasting van 65 dB Lden op de gevel.

3.

De motivering van een omgevingsplan bevat een onderbouwing waaruit blijkt dat wordt voldaan aan: a. wordt voldaan aan de voorwaarden in het eerste en tweede lid; en b. er maatregelen worden genomen om de hinder van geluid, trillingen, elektromagnetische straling of emissies van koper- of ijzerslijpsel, veroorzaakt door de lokale spoorweg, nu en in de toekomst te voorkomen.

RRRRRRR Paragraaf 4.3.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

92

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

Paragraaf 4.3.3 Regels over activiteiten lokale spoorweg Artikel 4.49 Toepassingsbereik lokale spoorweg Deze paragraaf is van toepassing op activiteiten in het Beperkingengebied lokale spoorweg, die nadelige gevolgen kunnen hebben voor de belangen, bedoeld in Artikel 4.45.

Artikel 4.50 Vrijstelling vergunningplicht beschermingszone Beschermingszone lokale spoorweg 1.

Het verbod in artikel 9.48 van het Besluit activiteiten leefomgeving, om zonder omgevingsvergunning een activiteit in een beperkingengebied met betrekking tot een lokale spoorweg uit te voeren, geldt niet voor activiteiten in de Beschermingszone lokale spoorweg.

2.

Het verbod in artikel 9.48 van het Besluit activiteiten leefomgeving, om zonder omgevingsvergunning een activiteit in een beperkingengebied met betrekking tot een lokale spoorweg uit te voeren, geldt niet voor activiteiten in de Beschermingszone lokale spoorweg, met uitzondering van: Deze vrijstelling van de vergunningplicht voor activiteiten in de Beschermingszone lokale spoorweg geldt niet voor: a. het bouwen en in stand houden van bouwwerken en het plaatsen en behouden van objecten, met inbegrip van inclusief bomen, met een waarvan de hoogte die groter is dan de kortste afstand van tussen het bouwwerk of object tot en de bovenleiding; b. het planten en behouden van bomen waarvan de kroon binnen een afstand van 5 meter vanaf de boom dusdanig groeit dat de afstand tot aan de bovenleiding kan groeien minder dan 5 meter wordt; c. het gebruiken van een ladder, hijskraan of hoogwerker met een hoogte die groter hoger is dan de kortste afstand van tussen de locatie waar de ladder, hijskraan of hoogwerker wordt gebruikt tot en de bovenleiding; d. het uitvoeren van heiwerkzaamheden; e. het uitvoeren van graafwerkzaamheden met een diepte van meer dieper dan 1/10 van de afstand tot de buitenste spoorstaaf; f. het onttrekken van grondwater; en g. andere activiteiten die van invloed zijn op het lokale spoor.

Artikel 4.51 Indieningsvereisten aanvraag omgevingsvergunning lokale spoorweg In aanvulling op paragraaf 7.2 van de Omgevingsregeling worden bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een lokale spoorweg, de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 9.48 van het Besluit activiteiten leefomgeving, worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden aangeleverd: a. gegevens genoemd in artikel 7.3 van de Omgevingsregeling; a b. een werkplan waarin wordt beschreven hoe de activiteit wordt uitgevoerd, inclusief risicoinventarisatie en -evaluatie; b c. een beschrijving van de locatie en de inrichting van het werkterrein waarop in ieder geval is aangegeven de locatie van de bouwketen, het werkmaterieel inclusief draaicirkels en (werk)hoogte, de opslagtanks en aan- de aanvoer en afvoerwegen; c d. een omschrijving van de gevolgen van de werkzaamheden voor de toegankelijkheid, de veiligheid en het doelmatig gebruik van de spoorweginfrastructuur; d e. een Veiligheid & Gezondheid plan Uitvoeringsfase (V&G U-plan) conform het Kader Werkzaamheden Tramweg (KWT); e f. een uitvoeringsplan waarin wordt aangetoond dat de baan lokale spoorweg veilig berijdbaar is tijdens en na de werkzaamheden en indien . En als dit van toepassing is: een Plan Veilige Berijdbaarheid conform het Kader Werkzaamheden Tramweg (KWT); f g.

een werktekening met diepteligging onder trambaan, route en diameter of diameters van te boren of persen leidingen) en een kraterberekening indien van toepassing; en werktekening met diepteligging onder de lokale spoorweg, de route en de diameter(s) van te boren of persen leidingen. En als dit van toepassing is: een kraterberekening; en g h. een monitoringsplan als graaf- graafwerkzaamheden, hei- heiwerkzaamheden of bronneringswerkzaamheden worden uitgevoerd. SSSSSSS Artikel 4.52 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

93

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

Artikel 4.52 Oogmerk vaarweg 1.

De regels in deze afdeling zijn gesteld met het oog op: a. de instandhouding en de bruikbaarheid van de vaarwegen en de bijbehorende werken; en b. de veiligheid en het vlotte verloop van het scheepvaartverkeer op de vaarwegen. ; en c. behoud van landschappelijke, natuurwetenschappelijke, cultuurhistorische, archeologische, aardkundige en ecologische waarden.

2.

Taken en bevoegdheden op grond van deze afdeling kunnen ook worden uitgeoefend met het oog op de volgende belangen in het gebied waar de vaarweg is gelegen: a. het beschermen van landschappelijke, cultuurhistorische en aardkundige waarden; en b. de natuurbescherming.

TTTTTTT Paragraaf 4.4.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 4.4.2 Algemene bepalingen vaarwegbeheer Artikel 4.53 Toedeling vaarwegbeheer 1.

De provincie is belast met het vaarwegbeheer van de Vaarweg in beheer bij provincie Utrecht, bedoeld in lijst A van Bijlage IX Vaarwegbeheer, onder de nummers 1 tot en met 4 opgenomen regionale wateren en sluizen.

2.

Het vaarwegbeheer van de Vaarweg niet in beheer bij provincie Utrecht bij provincie, bedoeld in lijst A van Bijlage IX Vaarwegbeheer, onder de nummers 5 tot en met 13 opgenomen regionale wateren en sluizen, wordt uitgevoerd door de in deze lijst aangegeven bestuursorganen.

3.

Met het vaarwegbeheer van de in lijst B en C van Bijlage IX Vaarwegbeheer, opgenomen regionale wateren en sluizen zijn belast de op de betreffende lijst aangegeven bestuursorganen.

4.

Het nautisch beheer van de in lijst A, B en C van Bijlage IX Vaarwegbeheer, opgenomen regionale wateren en sluizen ligt bij het op de betreffende lijst aangegeven bestuursorgaan. Het Vaarweg in beheer bij provincie Utrecht van regionale vaarwateren wordt in Bijlage IX Vaarwegbeheer is als volgt toegedeeld: a. lijst A: het vaarwegbeheer van de vaarwegen genoemd in deze lijst berust bij het bestuursorgaan van de provincie Utrecht; b. lijst B: het vaarwegbeheer van de vaarwegen, sluizen en bruggen genoemd in deze lijst berust bij het bestuursorgaan van de gemeente of provincie; c. lijst C: het vaarwegbeheer van de vaarwegen en sluizen genoemd in deze lijst berust bij het bestuursorgaan van het waterschap.

Artikel 4.54 Vaarwegonderhoud door vaarwegbeheerder 1.

De vaarwegbeheerder draagt zorg voor het onderhoud van de vaarweg. Het onderhoud omvat in ieder geval: a. het in stand houden en bruikbaar houden van de aanvraag; a b. het behouden of realiseren van de vaarwegdiepte en vaarweghoogte, zoals vastgesteld in het Besluit minimaal benodigde doorvaarthoogten en het Besluit minimaal benodigde vaarwegdiepten; b c. het in goede staat houden of brengen van oevers, oevervoorzieningen en kunstwerken; en c d. het schoonhouden van de vaarweg.

2.

Ontheffing van het realiseren van de vaarweghoogte wordt alleen verleend als bij de bouw van een vaste brug redelijkerwijs niet aan die vaarweghoogte kan worden voldaan.

Artikel 4.54a Beoordelingsregel aanvraag ontheffing vaarwegonderhoud door vaarwegbeheerder Ontheffing van Artikel 4.54 kan alleen worden verleend als bij de bouw van een vaste brug redelijkerwijs niet aan die vaarweghoogte kan worden voldaan.

94

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

Artikel 4.55 Bediening bruggen en sluizen De vaarwegbeheerder draagt er zorg voor dat de bruggen en sluizen worden bediend op de door gedeputeerde staten vastgestelde tijden. [Vervallen per datum]

Artikel 4.56 Verhaalplicht 1.

Schepen, samenstellen van schepen en drijvende voorwerpen worden op eerste aanwijzing van de vaarwegbeheerder verhaald, als onderhoud van een vaarweg of bijbehorend werk dat nodig maakt.

2.

Uitgezonderd in spoedgevallen wordt de zakelijk gerechtigde of de gebruiker van een schip, een samenstel van schepen of van een drijvend voorwerp ruimschoots van tevoren door de vaarwegbeheerder schriftelijk in kennis gesteld van de uit te voeren onderhoudswerkzaamheden aan een vaarweg of bijbehorend werk.

UUUUUUU Paragraaf 4.4.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 4.4.3 Regels over activiteiten op de vaarweg Artikel 4.57 Toepassingsbereik vaarweg Deze paragraaf is van toepassing op activiteiten in het Beperkingengebied vaarweg , die nadelige gevolgen kunnen hebben voor de belangen, bedoeld in Artikel 4.52.

Artikel 4.57a Aanwijzing beperkingengebied vaarweg 1.

Voor activiteiten op provinciale vaarwegen bestaat een Beperkingengebied vaarweg.

2.

Daarbij is het Merwedekanaal, bezuiden van de Lek, onderverdeeld in zones die de functie hebben van: a. vaarstrook; b. veiligheidsstrook; c. veiligheidszone; d. overige delen van de vaarweg.

Artikel 4.58 Specifieke zorgplicht activiteit in beperkingengebied vaarweg

95

1.

Degene die in het Beperkingengebied vaarweg een activiteit uitvoert en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat die activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de belangen, bedoeld in Artikel 4.52, is verplicht: a. alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van diegene gevraagd kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen; b. voor zover die gevolgen niet voorkomen kunnen worden voorkomen: die gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken; en c. als die gevolgen onvoldoende beperkt kunnen worden beperkt: die activiteit achterwege te laten voor zover dat redelijkerwijs van diegene gevraagd kan worden gevraagd.

2.

Deze plicht houdt in ieder geval in dat in het Beperkingengebied vaarweg : a. in de vaarweg geen stoffen of voorwerpen in het gebracht Beperkingengebied vaarweg worden gebracht die schade toebrengen aan de vaarweg of negatieve gevolgen kunnen hebben voor de veiligheid en het vlotte verloop van het scheepvaartverkeer; b. de uitvoering van de activiteit geen belemmering of hinder veroorzaakt voor de scheepvaart; b c. houtopstand zo wordt onderhouden dat geen hinder voor de scheepvaart wordt veroorzaakt; en houtopstanden zo onderhouden worden dat deze geen hinder veroorzaken voor de scheepvaart; en c d. bij het uitvoeren van activiteiten geen belemmering of hinder voor de scheepvaart wordt veroorzaakt.

Provinciaal blad 2025 nr. 21377

18 december 2025

alle passende maatregelen genomen worden voor het voorkomen van ongewone voorvallen en de nadelige gevolgen daarvan, bedoeld in artikel 19.1, eerste lid, van de Omgevingswet.

Artikel 4.58a Informeren over ongewoon voorval beperkingengebied vaarweg Bij onverwachte situaties in het Beperkingengebied vaarweg die nadelige gevolgen kunnen hebben voor de instandhouding en de bruikbaarheid van een vaarweg en de bijbehorende werken of voor de veiligheid en het vlotte verloop van het scheepvaartverkeer op een vaarweg, worden gedeputeerde staten zo snel mogelijk hiervan op de hoogte gesteld.

Artikel 4.58b Benodigde gegevens over ongewoon voorval beperkingengebied vaarweg Zodra de onderstaande gegevens over het ongewoon vooral in het Beperkingengebied vaarweg bekend zijn, worden ze verstrekt aan gedeputeerde staten: a. naam van de vaarweg, hectometrering van de locatie, datum en tijdstip waar het ongewoon voorval plaatsgevonden heeft; b. informatie over de oorzaken van het ongewoon voorval en de omstandigheden waaronder het ongewoon voorval zich voorgedaan heeft; c. informatie over de nadelige gevolgen voor de instandhouding en de bruikbaarheid van de vaarweg en de bijbehorende werken of voor de veiligheid en het vlotte verloop van het scheepvaartverkeer op de vaarweg; d. andere gegevens die nodig zijn om de aard en de ernst van de gevolgen voor de instandhouding en de bruikbaarheid van de vaarweg en de bijbehorende werken of voor de veiligheid en het vlotte verloop van het scheepvaartverkeer op de vaarweg te kunnen inschatten; en e. informatie over de maatregelen die genomen zijn of overwogen worden om de nadelige gevolgen van het ongewoon voorval te voorkomen, bedoeld in artikel 19.1, eerste lid, van de Omgevingswet.

Artikel 4.59 Vergunningplicht beperkingengebiedactiviteit activiteit beperkingengebied vaarweg Het is verboden zonder omgevingsvergunning in het Beperkingengebied vaarweg de volgende activiteiten uit te voeren, tenzij een vrijstelling uit Artikel 4.59a van toepassing is: a. veranderen van de loop of de vaarwegdiepte van de vaarweg; de vaarweg veranderen van vorm, loop, constructie en vaarwegdiepte; b. een werk en object op, in, over en onder de vaarweg aanbrengen, hebben, veranderen of en verwijderen van werken of objecten; en c. het scheepvaartverkeer op de vaarweg geheel of gedeeltelijk stremmen en belemmeren; c d. aanbrengen, hebben of veranderen van een ligplaats of afmeervoorziening. ; e. een vaartuig en een drijvend voorwerp in de vaarweg afmeren en ankeren, tenzij de locatie is toegestaan op grond van een verkeersbesluit; of f. een haven en de daarmee verband houdende voorzieningen te maken en te houden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16560404/1