Voorstel algemene reserve - Voorlopige jaarstukken 2025
Tekst van het document
Overzicht van het aantal klachten 2025 Team Team Bedrijfsvoering/Communicatie Team Bedrijfsvoering/Faza Team Bedrijfsvoering/HR Team Bedrijfsvoering/Financien Team Bedrijfsvoering/ICT Team Bedrijfsvoering/Inkoop Team Bedrijfsvoering/ Risk& Compliance Team Infectieziekten Team Infectieziekten/ Corona Team Jeugd
2025 0 0 2*) 0 1*) 0 2 3 3 29
Team MABZ Team Preventie in Beeld Team Toezicht Team Veilig Thuis
6**) 1 0 36
nvt 12 totaal
Aard van de klacht
werkwijze- geen reactie werkwijze - geen toegang tot gegevens AVG geen soa spreekuur in de regio, kosten en advies reizigersvaccinatie bejegening wijze van vaccineren, bejegening, advisering, te vaak verzetten afspraak JGZ, geen afspraak kunnen plannen , adviezen borstvoeding, kosten telefonie, onbereikbaarheid GGD melding aan VT, vernietiging dossier, bejegening, werkwijze onbereikbaarheid MMK werkwijze VT , rapportage onjuist, bejegening, niet vernietiging dossier, complexe scheidingen schimmel in zorginstelling, geluidsoverlast, melding KM door buren, VT buiten de regio, data lek stichting bevolkingsonderzoek, overlast windtrubunes, klacht jeugdteam/ jeugdbescherming
94
*) samenloop met een klacht van een ander team **) meerdere klachten van 1 persoon gedurende het jaar Een aantal klachten heeft geleid tot (directe) maatregelen, zoals het aanpassen van de informatie op de website, bekijken adviezen borstvoeding, scholing van JGZ medewerkers omtrent vaccineren en verbeteren planningsafspraken bij de JGZ.
Communicatie
Vanuit communicatie is onze aandacht afgelopen jaar, naast de reguliere activiteiten vooral uitgegaan naar een aantal grote projecten te weten: Interne communicatie over de voorbereidingen van de verhuizing naar het Prins Bernhardplein (Samen Sterker) en de implementatie en het vullen van het nieuwe intranet. Communicatie was betrokken bij implementatie van de wijzigingen in het Rijksvaccinatieprogramma 2025 en de samenwerking op het gebied van Infectieziektebestrijding met GGD Amsterdam. Alle brieven van Veilig Thuis zijn aangepast. Daarnaast lopen nu de projecten ‘nieuwe Veilig Thuis website’ en ‘nieuwe GGD website’. Wat betreft de externe communicatie vraagt de ‘Proeftuin Toekomstscenario Veilig Thuis’ ook veel aandacht. Zo kwamen er ook relatief veel persvragen binnen bij Communicatie.
Facilitaire Zaken
Door de professionaliseringsslag die vorig jaar is ingezet zijn de nodige werkzaamheden als procesgericht werken, contractbeheer, inzicht in huisvestingszaken en onderhoud steeds beter in beeld gebracht. Zodoende kunnen de werkzaamheden steeds beter gemanaged worden.
2026.
Facilitaire Zaken werkt nauw samen met diverse gemeenten i.v.m. nieuwbouw-/verbouw/verhuisprojecten t.b.v. JGZ. Voor de locaties waar een consultatiebureau gehuisvest is, is een basisprogramma van eisen opgesteld. Dit programma van eisen geeft aan waar een locatie aan moet voldoen om goed te kunnen functioneren. In de praktijk is gebleken dat dit document zeer waardevol is in de gesprekken die gevoerd worden met architecten, projectleiders van de gemeenten en (potentiële) verhuurders en gebouwbeheerders. Ter voorbereiding van de verhuizing van het hoofdkantoor naar het Prins Bernardplein participeert Facilitaire Zaken in meerdere projectgroepen van het project “Samen sterker” en zijn de medewerkers al volop bezig met de nodige voorbereidingen om de verhuizing soepel te laten verlopen. Bij alle projecten en werkzaamheden speelt duurzaamheid een belangrijke rol.
HR
De HR afdeling heeft geïnvesteerd in het professionaliseren van de afdeling waarbij de focus het afgelopen jaar lag op het verder professionaliseren van het personeelsregistratie- en informatiesysteem AFAS HR. Het traject is einde 2025 nog in volle gang, omdat vernieuwingen en optimalisaties van het systeem nog in volle gang zijn. De verwachting is dat dit nog wel tot medio 2026 door zal lopen. AFAS is einde 2025 voor HR en medewerkers al een stuk gebruiksvriendelijker geworden. Vacatures hebben ook een behoorlijke impact gehad op de workload. De Wet DBA heeft gemaakt dat we vooral sturen op het vervullen van vacatures door vaste medewerkers, externe inhuur neemt daardoor nog steeds af. De rapportage van de vertrouwenspersoon 2024 is ontvangen en besproken. Uit de rapportage blijkt dat er acht meldingen zijn geweest. De achtergrond van de meldingen zijn bekend en hebben onder andere te maken gehad met de cultuurverandering binnen de GGD. Op de meldingen is effectief geacteerd. Dit geldt ook voor de bevindingen die voortkwamen uit de rapportage van de exitinterviews. Door voortdurend te werken aan het verbeteren van de werkcultuur, kan ongewenst gedrag effectief worden voorkomen waardoor melding naar verwachting zullen afnemen. Dit doet de GGD door aanbevelingen om te zetten in acties, waardoor de GGD de gewenste cultuur blijft bevorderen.
Een cultuur waarin medewerkers zich gehoord, gezien en gesteund voelen. De werkzaamheden voor de organisatieverandering GGD, zijn met de laatste puntjes op de ‘i’ inmiddels afgerond. In de organisatieverandering zaten een groot aantal HR vraagstukken. Een van de vraagstukken die nog open stond was het ontwikkelen van het Sociaal Statuut. Ook dit proces is inmiddels afrond met de ondertekening van het statuut door de DPG en de vakbonden. HR neemt deel aan de werkgroep verandering van het project “Samen Sterker”, het gaan samenwonen met de VrZW. De projectgroep stuurt op de uitvoering van het plan dat begin 2025 is uitgewerkt, met als doel om te komen tot een gewenste vorm van samenwoning in het pand aan het Prins Bernhardplein. De inzet en enthousiasme van medewerkers om dit project tot een succes te maken is nog steeds groot. Instroom-uitstroom GGDZW Headcount FTE
Instroom totaal
Instroom intern
Instroom Extern
Uitstroom Uitstroom totaal intern
Uitstroom extern
93
56
37
111
51
60
47,48
42,09
5,78
26,99
19,55
7,44
De instroom was in 2025 hoger dan de uitstroom. Dit heeft o.a. te maken met het invullen van vacatures door medewerkers in loondienst en door het vervullen van formatieplaatsen in verband met het verbeteren van de dienstverlening. De uitstroom is mede een gevolg van de organisatieverandering, de cultuurverandering die is ingezet en het sturen op reductie van externe inhuur in navolging van de Wet DBA.
2026.
Verzuimpercentage
2025 Q1
2025 Q2
2025 Q3
2025 Q4
GGDZW
10,8%
8,6%
8,7%
9,1%
Corona Financiën en bedrijfsvoering HR en bedrijfsvoering Infectieziektebestrijding
1,3%
0,0%
6,8%
0,0%
10,7%
9,0%
10,1%
8,5%
11,6%
9,1%
16,0%
19,3%
12,7%
13,5%
10,3%
20,1%
13,4%
9,4%
9,1%
9,4%
6,0%
6,2%
6,1%
5,9%
Jeugdgezondheidszorg Preventie en Zorg en Veiligheid
Het organisatie brede verzuim is in de loop van het jaar afgenomen. De seizoensinvloeden hebben invloed op het verzuim maar ook uitstroom heeft de afgelopen periode invloed gehad op het verzuimcijfer. Er is binnen de GGD sterk ingezet op het voorkomen van verzuim door aandacht te besteden aan duurzame inzetbaarheid en het voorkomen en reduceren van verzuim door het geven van aandacht en inzet van middelen die helpen het verzuim te beperken. Een van deze middelen is o.a. een verzuimtraining voor leidinggevenden geweest. De organisatiewijziging en de cultuurverandering hebben ook invloed gehad op het verzuim. Leeftijdsopbouw
In de grafiek zijn alle medewerkers meegenomen die binnen de GGD werkzaam zijn. Zoals in de grafiek is weergegeven, is de gemiddelde leeftijd binnen onze organisatie hoog. Met de leeftijdsverdeling medewerkers GGD wordt zichtbaar dat over enkele jaren veel uitstroom te verwachten is vanwege pensioengerechtigde leeftijd. Dat betekent dat ook veel kennis verloren gaat bij uitstroom van deze doelgroep. Hierop dient vroegtijdig geacteerd te worden door dit in de afdelingsplannen en HR plannen mee te nemen. Het inzetten op opleiding, ontwikkeling, coaching en kennisoverdracht en zodoende een goede arbeidsmarktpositie te verwerven is de komende jaren van groot belang. Ook het afgelopen jaar heeft het investeren in ontwikkeling van medewerkers door voldoende ontwikkel- en opleidingsmogelijkheden te bieden weer hoog op de agenda gestaan. Rechtmatigheid In overeenstemming met het Controleprotocol 2025 en de Financiële verordening 2024 van GGD Zaanstreek-Waterland en de Kadernota Rechtmatigheid van de Commissie BBV geeft het Dagelijks Bestuur in de paragraaf Bedrijfsvoering een nadere toelichting op alle gevonden individuele rechtmatigheidsfouten en individuele rechtmatigheidsonduidelijkheden, voor zover deze boven de door het Algemeen Bestuur op 2 april 2024 vastgestelde rapportagegrens van € 25.000 liggen.
Daarbij wordt aangegeven welke (beheers)maatregelen zijn of nog worden getroffen om deze rechtmatigheidsafwijkingen op te heffen of in de toekomst te voorkomen.
2026.
Aspecten die hierbij aan de orde moeten komen zijn de tussentijdse communicatie met het Algemeen Bestuur – of de reden waarom deze achterwege is gebleven - alsmede de maatregelen die zijn genomen om verbeteringen aan te brengen om het handelen conform wet- en regelgeving afdoende in processen te waarborgen. De toelichting op de onrechtmatigheden bestaat uit een beschrijving van de geconstateerde afwijking, een toelichting op het ontstaan van de afwijking en de vermelding van de actie die wordt ondernomen om rechtmatigheidsafwijkingen in de toekomst te voorkomen. De gevonden individuele rechtmatigheidsfouten en individuele rechtmatigheidsonduidelijkheden boven de rapportagegrens van € 25.000 betreffen: 1. Niet naleving Europese aanbestedingsrichtlijnen In 2024 zijn de Europese aanbestedingsrichtlijnen gevolgd. Het totaalbedrag van de onrechtmatig afgesloten contracten bedraagt € xxxxxx Het overgrote deel hiervan vindt zijn oorsprong in 2021 en eerder en is voor een bedrag van € xxxxx toe te wijzen aan maatregelen in het kader van de coronabestrijding. Een deel van de onrechtmatigheden is het gevolg van een technische fout: bij het opstellen van een aantal contracten is onbewust gekozen voor een nationale in plaats van een Europese aanbestedingsprocedure.
Deze fout heeft echter niemand benadeeld, aangezien het zeer onwaarschijnlijk is dat zich Europese aanbieders zouden hebben gemeld, doordat de opdrachten een Nederlands talige partij vereiste. Het betreft hier een bedrag van € xxxxxx, waaronder ook contracten vallen die verband houden met de eerder genoemde coronabestrijding. Er waren geen onrechtmatig afgesloten contracten die hun oorsprong vonden in 2024. Op dit moment zijn alle contracten in beeld en heeft GGD-ZW aan de hand van de voor het eerst opgestelde inkoopkalender en het uitbreiden van de signaal functie de toekomstige contracten scherp in beeld en zal in 2025 het proces gecoördineerd verlopen. Enerzijds doordat we met de inkoopkalender minder ad hoc zaken tegen komen waardoor praktijk en wettelijke normen elkaar tegenwerken. Anderzijds hebben we het proces van het tot stand komen en goedkeuring van contracten verbetert waardoor het aantal afgesloten contracten buiten het zicht van de inkoopafdeling tot een minimum zal worden beperkt. 2. Niet acceptabele begrotingsoverschrijdingen op de lasten per programma Zoals blijkt uit deze jaarrekening zijn op bepaalde programma’s overschrijdingen geweest. Deze zijn allen in een vroeg stadium gedetecteerd en besproken in het bestuur van de GGD. Er zijn afspraken gemaakt de overschrijdingen vanuit de algemene reserve te betalen mits deze toereikend was. Dit was het geval.
De lasten op programma 2, Infectieziektebestrijding, overschrijden de begroting met € 2.300.083. Deze overschrijding is toe te schrijven aan de werkzaamheden omtrent corona, de SPUK gelden en de Reizigersafdeling. Deze overschrijding op de kosten brengt echter ook een hogere inkomst met zich mee, namelijk € 2.180.586. De lasten op programma 99, Overhead, overschrijden de begroting met € 1.064.912. Deze overschrijding wordt voor € 480.000 verklaard door onderdekking vanuit de plustaken. Daarnaast verschillende overschrijdingen door extra inhuur door nog niet kunnen of willen invullen (Samen sterker) van bepaalde functies. Vooral betrekking hebbend op Control, ICT/IV, Risk en Compliance en HR. 1.2.7
Paragraaf Wet open overheid
De Wet open overheid (Woo) regelt het recht op informatie over alles wat de overheid doet. Het is de opvolger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Deze wet is op 1 mei 2022 ingegaan. De GGD Zaanstreek-Waterland is een regionale samenwerkingsorgaan, wat betekent dat de organisatie publieke informatie openbaar maakt. Zo kunt u de informatie waar u naar zoekt veilig en snel vinden. De Rijksoverheid heeft een Woo-index opgesteld waar de GGD Zaanstreek-Waterland aan is verbonden. Informatie kunt u vinden via de Woo-index en op de website van de GGD. Woo-index Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zaanstreek-Waterland | Overheid.nl en Wet Open Overheid - GGD Zaanstreek-Waterland (ggdzw.nl)
2026.
2
JAARREKENING
2.1 Balans per 31 december 2025 GGD Zaanstreek-Waterland Bedragen in hele €, de jaarrekening is opgesteld voor resultaatbestemming. ACTIVA VASTE ACTIVA
31 december 2025
31 december 2024
€
3.396.804
€
€
808.042
€
€ €
7.570 4.212.416
€ €
22.151 3.644.835
€
53.154
€
54.332
€
6.346.402
€
250.745
Materiële vaste activa Overige investeringen met economisch nut Immateriële vaste activa Bijdragen aan activa in eigendom van derden Financiële vaste activa Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Totaal vaste activa
3.622.684 -
VLOTTENDE ACTIVA Voorraden Gereed product en handelsgoederen Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist Overige vorderingen
€ € €
369.816 4.951.808 180.855
€ € € €
Liquide middelen Kassaldi Bank- en girosaldi
€ €
2026.
5.502.479
250 256.960
€ € €
Overlopende activa De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
€
308.500
€
394.226
636.363 5.622.011 88.028
250 250.495
257.210
€
58.416
€
638.311
Totaal vlottende activa
€ €
702.726 6.515.569
€ €
696.727 7.348.206
Totaal generaal
€
10.727.985
€
10.993.041
PASSIVA VASTE PASSIVA
31 december 2025
Eigen Vermogen Algemene reserves Bestemmingsreserves Het gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening
457.258 1.675.215
457.258 1.249.350
696.414
Voorzieningen Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's Vaste schulden met een rentetypische looptijd van 1 jaar of langer Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen Totaal vaste passiva
31 december 2024
73.913 2.828.889
1.780.524
109.704
90.878
1.866.666
1.983.333
4.805.259
3.854.735
1.169.124
1.265.269
VLOTTENDE PASSIVA Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd van korter dan één jaar Overige schulden Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van van volgende begrotingsjaren komen
2026.
3.257.738
3.759.081
312.204
590.875
1.183.660
1.523.081
Totaal vlottende passiva
4.753.602 5.922.726
5.873.037 7.138.306
Totaal generaal
10.727.985
10.993.041
2.2 Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening 2025 GEREALISEERDE BATEN EN LASTEN PER PROGRAMMA Basis- en Plustaken Baten: Programma 1: Monitoren, signaleren en adviseren Baten basistaken Bijdrage gemeenten Programma 2: Infectieziektebestrijding Baten basistaken Bijdrage gemeenten Programma 2: IZB corona SPUK Baten Bijdrage gemeenten Programma 2: IZB VIP SPUK Baten Bijdrage gemeenten Programma 3: Jeugdgezondheidszorg Coronabestrijding meerkostenregeling jan-jun Baten basistaken Bijdrage gemeenten Programma 4: Meldpunt en Advies Bijzondere Zorg Baten basistaken Bijdrage gemeenten Programma 5: Publieke gezondheid bij rampen en crises Baten basistaken Bijdrage gemeenten Programma 6: Toezicht houden Baten basistaken Bijdrage gemeenten Programma 7: Veilig Thuis Baten plustaken Bijdrage gemeenten Programma 8: Plustaken Baten plustaken Programma 99: Overhead Baten basistaken Bijdrage gemeenten
Totaal van de baten
2026.
Realisatie
Begroting na 1e wijziging
Begroting
€ € €
80.950 € 1.075.077 € 1.156.027 €
€ 1.075.065 € 1.075.065 €
1.090.392 1.090.392
€ € €
1.518.158 € 890.771 € 2.408.929 €
731.103 € 890.759 € 1.621.862 €
731.103 901.140 1.632.243
€ € €
1.320.539 1.320.539
€ € €
-
€ € €
-
€ € €
808.951 € € 808.951 €
-
€ € €
-
€ € €
796.225 € 9.901.816 € 10.698.041 €
116.000 € 9.901.813 € 10.017.813 €
116.000 10.999.676 11.115.676
€ € €
72.746 € 1.153.231 € 1.225.977 €
€ 1.153.220 € 1.153.220 €
943.666 943.666
€ € €
119.398 € 37.489 € 156.887 €
178.897 € 37.489 € 216.385 €
178.897 37.489 216.385
€ € €
741.145 € € 741.145 €
809.334 € € 809.334 €
809.334 809.334
€ € €
103.720 € 3.771.635 € 3.875.355 €
€ 3.771.636 € 3.771.636 €
-
€ €
4.926.757 4.926.757
€ €
4.401.710 € 4.401.710 €
9.882.290 9.882.290
€ € €
1.033.442 8.068.954 9.102.396
€ € €
1.790.918 € 8.068.948 € 9.859.866 €
7.768.940 5.241.181 13.010.121
€
36.421.004
€
32.926.892 €
38.700.108
Basis- en Plustaken Lasten: Programma 1: Monitoren, signaleren en adviseren Lasten basistaken Programma 2: Infectieziektebestrijding Lasten basistaken Programma 2: IZB corona SPUK Lasten Programma 2: IZB VIP SPUK Lasten Programma 3: Jeugdgezondheidszorg Coronabestrijding meerkostenregeling jan-jun Lasten basistaken Programma 4: Meldpunt en Advies Bijzondere Zorg Lasten basistaken Programma 5: Publieke gezondheid bij rampen en crises Lasten basistaken Programma 6: Toezicht houden Lasten basistaken Programma 7: Veilig Thuis Lasten plustaken
Realisatie
Begroting na 1e wijziging
Begroting
€ €
1.009.278 1.009.278
€ €
1.075.065 € 1.075.065 €
1.090.392 1.090.392
€ €
2.215.629 2.215.629
€ €
1.621.862 € 1.621.862 €
1.632.243 1.632.243
€ €
897.365 € 897.365 €
-
€ €
-
€ €
808.951 € 808.951 €
-
€ €
-
€ €
9.648.689 9.648.689
€ €
10.017.813 € 10.017.813 €
11.115.676 11.115.676
€ €
1.248.866 1.248.866
€ €
1.153.220 € 1.153.220 €
943.666 943.666
€ €
80.301 € 80.301 €
216.385 € 216.385 €
216.385 216.385
€ €
741.146 € 741.146 €
809.334 € 809.334 €
809.334 809.334 -
€ €
3.874.324 3.874.324
€ €
3.771.636 € 3.771.636 €
€ €
3.973.312 3.973.312
€ €
4.401.710 € 4.401.710 €
9.882.290 9.882.290
€ €
10.874.778 10.874.778
€ €
9.859.866 € 9.859.866 €
13.010.121 13.010.121
Totaal van de lasten
€
35.372.638
€
32.926.892 €
38.700.108
Resultaat voor mutaties in reserves Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Resultaat voor bestemming en na mutaties in reserves
€ € € €
1.048.367 788.000 436.047 696.414
€ € € €
-0 788.000 788.000 -
Programma 8: Plustaken Lasten plustaken Programma 99: Overhead Lasten basistaken
2026.
€ € € €
788.000 788.000 -
2.3
Toelichting
2.3.1
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
Algemeen De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de (financiële) verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door het Algemeen Bestuur op 19 december 2024 de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld. Het boekjaar (verslagjaar) is gelijk aan het kalenderjaar. De in de onderhavige jaarrekening gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn gebaseerd op de veronderstelling van continuïteit van GGD Zaanstreek-Waterland. Vergelijking met voorgaande jaren De grondslagen voor waardering van activa, passiva en van de resultaatbepaling zijn ongewijzigd ten opzichte van voorgaand jaar. Er hebben geen stelsel- en/of schattingswijzigingen plaatsgevonden in verslagjaar 2025. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd.
Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van betaalrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen dan wel schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (reorganisaties) wordt wel een verplichting gevormd. Algemene grondslagen voor de Rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening 2024, de controleverordening 2024-2025, het controleprotocol 2025-2026 en op basis van de Kadernota Rechtmatigheid van de Commissie BBV. Dat betekent dat: 1.
De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet;
2026.
2. De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: a. Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 19 december 2024 door het Algemeen Bestuur is vastgesteld; b. Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten op programmaniveau en investeringskredieten onrechtmatig zijn. Voor over- en onderschrijdingen van baten op programmaniveau, onderschrijdingen van lasten op programmaniveau en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig (conform afspraken in de financiële verordening 2023) aan het Algemeen Bestuur zijn gemeld. c. Ten aanzien van het M&O criterium is het M&O beleid van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. 3. De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de Kadernota Rechtmatigheid 2023 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening 2024 en controleprotocol 2025-2026. Dit betekent dat: a.
Een verantwoordingsgrens van 1% (zijnde € 368.571) van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves is gehanteerd waarboven cumulatieve rechtmatigheidsfouten en rechtmatigheidsonduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; b. Een rapportagegrens van € 25.000 is gehanteerd waarboven individuele rechtmatigheidsfouten en rechtmatigheidsonduidelijkheden in de paragraaf Bedrijfsvoering worden opgenomen. Balans Materiële vaste activa Alle materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten) of vervaardigingsprijs (de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige directe kosten (waaronder overheadkosten), verminderd met de ontvangen investeringssubsidies en bijdragen van derden die direct gerelateerd zijn aan het actief, de jaarlijkse afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Naar verwachting duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Investeringen hebben een economisch nut indien ze verhandelbaar zijn en/of indien ze kunnen bijdragen aan het genereren van middelen. Alle investeringen met een economisch nut > € 5.000 worden conform de financiële verordening 2024 geactiveerd.
Als de investering onderdeel is van een groter geheel, kan van dit minimum bedrag worden afgeweken. Afschrijvingen De op de oorspronkelijke verkrijgings- of vervaardigingsprijs toegepaste jaarlijkse afschrijvingen corresponderen met een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur (kortste van de geschatte economische levensduur of technische gebruiksduur) van de geactiveerde objecten en voorzieningen. Met een eventuele restwaarde is daarbij geen rekening gehouden. De afschrijvingen worden berekend volgens de lineaire methode. De afschrijvingen geschieden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar en starten op het moment van ingebruikname van het materiële vaste actief. Op gronden en terreinen wordt niet afgeschreven. Eventuele boekwinsten bij inruil of afstoting van een kapitaalgoed zijn als incidentele bate in de jaarrekening verwerkt. Buiten gebruik gestelde materiële vaste activa Indien een materieel vast actief buiten gebruik is gesteld, heeft op het moment van buitengebruikstelling een afwaardering van de boekwaarde plaatsgevonden naar de lagere restwaarde. De restwaarde wordt bepaald op het moment van buitengebruikstelling. 2026.
De volgende afschrijvingstermijnen, zoals ook vastgelegd in § 3.1 Waardering en afschrijving vaste activa van de financiële verordening GGD Zaanstreek-Waterland 2024, zijn van toepassing: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
30 jaar: Bedrijfsgebouwen; 25 jaar: Renovatie en restauratie bedrijfsgebouwen; 10 jaar: Technische installaties in bedrijfsgebouwen, inventaris; 5 jaar: ICT apparatuur statisch en software, vervoermiddelen; 4 jaar: ICT apparatuur draagbaar; 3 jaar: Mobiele telefoons; Niet: gronden en terreinen.
Immateriële vaste activa Immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs, verminderd met lineaire afschrijvingen. Het betreft niet-stoffelijke activa met een meerjarig nut, in het geval van de GGD betreft het de bijdragen aan activa van derden (verbouwing pand van de Veiligheidsregio inzake Samen Sterker). Speciaal voor Samen Sterker worden er tijdelijk een tweetal afschrijvingstermijnen aan toegevoegd: 1. 20 jaar: Verbouwing en constructie; 2. 15 jaar: Inrichting niet zijnde inventaris. Financiële vaste activa De overige uitzettingen met een rente typische looptijd van meer dan één jaar worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voorraden De voorraden zijn gewaardeerd tegen verkrijgingprijs, dan wel lagere marktwaarde. Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar De uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening dubieuze debiteuren wordt bepaald op basis van de statische methode. Liquide middelen De liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Overlopende activa De overlopende activa zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.
Vaste passiva Onder de vaste passiva wordt verstaan het eigen vermogen, de voorzieningen en de vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer. Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de reserves en het resultaat voor bestemming en na mutaties in reserves volgend uit de jaarrekening. De reserves zijn te onderscheiden in algemene en bestemmingsreserves. In de toelichting op de balans wordt elke reserve afzonderlijk vermeld en afzonderlijk toegelicht. Er wordt geen jaarlijkse rente toegevoegd aan de reserves. De post eigen vermogen wordt onderscheiden in: • Reserves, gespecificeerd naar: o Algemene reserve o Bestemmingsreserve • Het gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening. Reserves In het BBV worden reserves omschreven als vermogensbestanddelen die als eigen vermogen zijn aan te merken en die vanuit bedrijfseconomisch oogpunt vrij te besteden zijn. De vaststelling van de noodzakelijke omvang van reserves is een zaak van het Algemeen Bestuur. 2026.
Daarom worden reserves ook wel onderverdeeld in algemene en bestemmingsreserves. Zodra het Algemeen Bestuur aan een reserve een bepaalde bestemming heeft gegeven, is er sprake van een bestemmingsreserve. Om die reden kunnen bestemmingsreserves naar de situatie per ultimo verslagjaar geen negatieve stand kennen. Heeft een reserve geen bestemming dan wordt het een algemene reserve genoemd. Mutaties in reserves zijn enkel mogelijk op basis van een besluit van het Algemeen Bestuur genomen voor het einde van het betreffende begrotingsjaar. De reserves worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voorzieningen Voorzieningen behoren tot het vreemd vermogen (schulden). Om die reden kunnen voorzieningen naar de situatie per ultimo verslagjaar geen negatieve stand kennen. Voorzieningen worden gewaardeerd op de nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Indien het effect van de tijdswaarde van geld materieel is worden personele voorzieningen gewaardeerd tegen contante waarde. Van een voorziening is sprake als het gaat om te kwantificeren financiële verplichtingen of risico’s. Mutaties in de voorziening vloeien uitsluitend voort uit het aanpassen van de omvang van een voorziening aan een nieuw noodzakelijk niveau. Overige mutaties bestaan alleen uit verminderingen wegens aanwending voor het doel waarvan de voorziening is ingesteld.
In de toelichting op de balans wordt elke voorziening afzonderlijk vermeld en toegelicht. De vorming van een voorziening, dan wel een dotatie aan een reeds bestaande voorziening, is als een last in het betreffende boekjaar verantwoord. Alle aanwendingen aan voorzieningen zijn rechtstreeks ten laste van de voorziening gebracht en in het verslagjaar niet ten laste van de exploitatie verantwoord. Voorzieningen worden niet gevormd voor jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. Voor het bepalen van het “jaarlijks vergelijkbaar volume” is een tijdsperiode van vier jaar gehanteerd. Rentetoevoegingen aan voorzieningen zijn niet toegestaan. Vaste schulden, met een rente typische looptijd langer dan één jaar De vaste schulden zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde (hoofdsom) verminderd met het totaal van de gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een renten typische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva Onder de vlottende passiva wordt verstaan de netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar en de overlopende passiva. De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
Niet in de balans opgenomen belangrijke financiële verplichtingen In de toelichting op de balans wordt een zo getrouw mogelijk beeld geschetst van de relevante financiële verplichtingen die de gemeenschappelijke regeling voor meerdere jaren is aangegaan, maar die niet uit de balans blijken. Voorbeelden hiervan zijn: langlopende leasecontracten, huurovereenkomsten en het bovenwettelijke verlofsaldo per einde jaar. Deze laatste zal in de balans moeten worden opgenomen wanneer in de toekomst het verlofsaldo over de afgelopen 3 jaren structureel eenduidig stijgt. Grondslagen resultaat Toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves geschieden op basis van bestuursbesluiten. Het jaarresultaat wordt na vaststelling van de jaarrekening verdeeld conform het door het bestuur genomen besluit. Afgeleide financiële instrumenten GGD Zaanstreek-Waterland maakt geen gebruik van financiële derivaten en beperkt de risico’s (renterisico, kasstroomrisico en kredietrisico) door gebruik te maken van de rekeningcourantbankrekeningen en schatkistbankieren bij het Ministerie van Financiën.
2026.
2.3.2
Toelichting op de balans per 31 december 2025
ACTIVA VASTE ACTIVA Materiële vaste activa In 2025 is een totaalbedrag van € 188.320 geïnvesteerd. Dit had betrekking op investeringen in laptops (€ 177.748) en computerapparatuur (€ 10.572)
Overige investeringen met een economisch nut
Boekwaarde 31-12-2025 € 3.396.804
Boekwaarde 31-12-2024 € 3.622.684
€ 3.396.804
€ 3.622.684
Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de overige investeringen met economisch nut weer.
Boekwaarde 31-12-2024 Overige investeringen met economisch nut Gronden en terreinen Bedrijfsgebouwen Vervoermiddelen Overige materiële vaste activa
€ 1.000.000 € 1.700.001 € 28.309 € 894.374
Investeringen
€ € € €
€ 3.622.684 €
188.320
Afschrijvingen
€ € € €
188.320 €
100.000 7.011 307.188
Boekwaarde Verkoop 31-12-2025
€ € € €
414.199 €
-
€ 1.000.000 € 1.600.000 € 21.298 € 775.506
- € 3.396.804
Afschrijvingen vinden plaats conform hetgeen is opgenomen in de financiële verordening GGD. Immateriële vaste activa
Bijdragen aan activa in eigendom van derden
Boekwaarde 31-12-2025 € 808.042
Boekwaarde 31-12-2024 € -
€
€
808.042
-
In 2025 is er geïnvesteerd in activa van het pand op het Prins Bernardplein in Zaandam; het pand van de Veiligheidsregio waar wij in 2026 inverhuizen. Hier wordt pas over afgeschreven op het moment van ingebruikname. Financiële vaste activa Dit betreft de waarborgsom die is betaald aan de verhuurder van de panden aan de Bristolroodstraat te Zaandam en borg sleutels van het parkeerterrein van Zaan-Inn.
Uitzettingen met een rentetypische looptijd van meer dan één jaar
2026.
Boekwaarde 31-12-2025 € 7.570
Boekwaarde 31-12-2024 € 22.151
€
€
7.570
22.151
VLOTTENDE ACTIVA Voorraden De voorraad gereed product en handelsgoederen bestaat uit de waarde van de voorraad vaccins ten behoeve van de reizigersadvisering.
Gereedproduct en handelsgoederen
Boekwaarde 31-12-2025 € 53.154
Boekwaarde 31-12-2024 € 54.332
€
€
53.154
54.332
Uitzettingen met een rente typische looptijd van korter dan één jaar Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de uitzettingen met een rente typische looptijd van één jaar of minder weer.
Schatkistbankieren
Decentrale overheden zijn verplicht overtollige liquide middelen aan te houden in de schatkist, met een ondergrens van € 1.000.000. De GGD houdt te allen tijde de beschikking over de bij de Staat uitgezette gelden. De ondergrens van € 1.000.000 houdt in dat de GGD € 1.000.000 aan liquide middelen op haar bankrekeningen mag aanhouden. Dit betekent echter niet dat het bedrag van € 1.000.000 niet mag worden overschreden. De wet geeft de decentrale overheid daarin wat ruimte. Zo lang het gemiddelde saldo van de bankrekeningen over een kwartaal de ondergrens niet overschrijdt, voldoet de decentrale overheid aan de wet Fido. De gemiddelde bankstanden per kwartaal zijn als volgt: Gemiddelde bankstand 2025 1e kwartaal € 243.597 2e kwartaal € 239.514 3e kwartaal € 234.010 4e kwartaal € 248.472 De ondergrens is in geen van de kwartalen overschreden.
Vorderingen op openbare lichamen Overige vorderingen Voorziening (dubieuze debiteuren) Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar: Uitzettingen in 's Rijks schatkist
Boekwaarde 31-12-2025 € 369.816 € 215.970 € -35.115
Boekwaarde 31-12-2024 € 636.363 € 101.036 € -13.008
€ 4.951.808
€ 5.622.011
€ 5.502.479
€ 6.346.402
Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten.
Kassaldi Banksaldi
2026.
Boekwaarde 31-12-2025 € 250 € 256.960
Boekwaarde 31-12-2024 € 250 € 250.495
€
€
257.210
250.745
De GGD heeft de beschikking over een kredietfaciliteit op de rekening courant bij de Bank Nederlandse Gemeenten van € 300.000. De liquide middelen staan ter vrije beschikking van GGD Zaanstreek-Waterland. Overlopende activa De overlopende activa wordt als volgt onderscheiden.
Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel
Boekwaarde 31-12-2025 € 394.226
Boekwaarde 31-12-2024 € 638.311
€
308.500
€
58.416
€
702.726
€
696.727
De nog van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen op specifieke uitkeringen kan als volgt worden gespecificeerd:
Omschrijving Veilig Thuis Bijdrage GR (Wvggz)
Stand 01-01-2025 € 58.416 € € - € € 58.416 €
ToevoeOntvangen Stand gingen bedragen 31-12-2025 - € 58.416 € 308.500 € - € 308.500 308.500 € 58.416 € 308.500
PASSIVA VASTE PASSIVA Eigen vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten.
Algemene reserve Bestemmingsreserves
Resultaat na onttrekkingen en toevoegingen aan reserves, voor bestemming
Boekwaarde 31-12-2025 € 457.258 € 1.675.215 € 2.132.473
Boekwaarde 31-12-2024 € 457.258 € 1.249.350 € 1.706.608
€
696.414
€
73.913
€ 2.828.887
€
1.780.521
Het onderstaand overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van het eigen vermogen weer.
2026.
1.0 1.1
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8
Uitbetaling Stand aan Stand 31-12-2024 gemeenten Toevoegingen Onttrekkingen 31-12-2025 € 73.913 € - € - € 73.913 € -
Resultaat 2024 Algemene reserve wettelijke taken € Reserve gezondheidsonderzoek Reserve groot onderhoud Reserve markttaken Reserve afwikkeling integratie JGZ 0-4 Reserve kantoorautomatisering Reserve functionele samenwerking IZB ZW HN Bestemmingsreserve Impuls bedrijfsvoering Reserve dekk.kapitaallasten instrumenten JGZ
457.258
€
- €
- €
- €
457.258
€ € €
218.048 € 2.980 € 140.000 €
- € - € - €
63.000 € - € - €
6.129 € - € - €
274.919 2.980 140.000
€
18.278
€
- €
- €
- €
18.278
€
121.141
€
- €
- €
- €
121.141
€
18.892
€
- €
- €
- €
18.892
€
730.010
€
- €
725.000 €
429.918 € 1.025.092
€ - € € 1.780.520 €
- € - €
73.913 € 861.913 €
- € 73.913 509.960 € 2.132.473
1. Algemene reserves 1.1 Algemene reserve wettelijke taken De algemene reserve is te beschouwen als het algemene weerstandvermogen van de GGD. Er rust geen specifieke bestemming op deze reserve. 2. Bestemmingsreserves 2.1 Reserve gezondheidsonderzoek De reserve gezondheidsonderzoek wordt gevormd om de kosten voor de gezondheidsenquêtes uit te dekken. Er vindt jaarlijks een toevoeging aan de reserve plaats van € 63.000. Er heeft in 2025 een onttrekking plaatsgevonden van € 6.129. Deze onttrekking is gedaan ten behoeve van dekking van gemaakte kosten in verband met uitgevoerde bevolkingsonderzoeken. 2.2 Reserve groot onderhoud Deze reserve is gevormd conform het besluit van het Algemeen Bestuur van 14 april 2011. De reserve is bedoeld om toekomstige onderhoudskosten aan het pand aan het Vurehout te dekken. Besloten is om de jaarlijkse toevoeging aan de reserve groot onderhoud te laten vervallen en met het vrijgekomen bedrag de kapitaallasten van de renovatie in 2019 te dekken. 2.3 Reserve markttaken Deze reserve is gevormd om schommelingen in de resultaten van de markttaken op te vangen. Jaarlijks wordt het exploitatieresultaat op het product reizigersadvisering toegevoegd dan wel onttrokken. De Reserve Markttaken heeft eind 2025 een omvang van € 140.000. Deze reserve heeft in 2024 zijn maximale waarde behaald.
Positieve resultaten reizigersadvisering worden direct toegevoegd aan het resultaat van de GGD zodat deze reserve de maximale waarde van € 140.000 behoudt. 2.4 Reserve afwikkeling integratie Jeugdgezondheidszorg 0-4 Deze reserve is, conform het besluit van het Algemeen Bestuur van 18 november 2010, gevormd ten behoeve van de financiële afwikkeling inzake de overname van Jeugdgezondheidszorg 0-4 van Evean door de GGD. 2.5 Reserve kantoorautomatisering Deze reserve is gevormd uit het resultaat van 2020, ten behoeve van de vervanging van de verouderde, door de leverancier niet langer ondersteunde kantoorautomatisering.
2026.
2.6 Reserve functionele samenwerking IZB ZW en HN Deze reserve is gevormd uit het resultaat van 2021. Het project is inmiddels stopgezet. 2.7 Bestemmingsreserve Impuls bedrijfsvoering Op 13 juli 2023 heeft het Algemeen bestuur van de GGD de eerste begrotingswijziging van 2023 definitief vastgesteld. Deze begrotingswijziging behelst een impuls in de bedrijfsvoering van de GGD. Deze impuls is bedoeld ter versterking van de bedrijfsvoering als geheel over de jaren 2023 tot en met 2025. De onttrekkingen uit deze reserve hebben in 2025 ter dekking gediend van extra kosten op gebied van interne controle, informatiebeveiliging, versterking ICT, document- en informatiebeheer, project- en programmamanagement en inkoopondersteuning. 2.8 Reserve dekking kapitaallasten instrumenten JGZ Deze reserve is gevormd uit het resultaat van 2024 zoals is vastgesteld door het Algemeen Bestuur van 10 juli 2025 en is bedoelt om de kapitaalslasten van de aanschaf van het instrumentarium Jeugdgezondheidszorg te kunnen dekken. De verwachting is dat in 2026 dit bedrag zal worden uitgegeven.
Verloopoverzicht bestemmingsreserve Impuls Bedrijfsvoering: Omschrijving Saldo 1-1-2025 Toevoeging Ondersteuning interne controle tbv rechtmatigheidsverklaring Preventief medisch onderzoek Inkoopondersteuning Communicatie – versteviging capaciteit Vernieuwing intranet Uitvoering plan van aanpak Document- en informatiebeheer Meer doen met informatie, Verbeteren digitale (samen)werkplek, Administratief ontlasten medewerkers Implementatie NEN-7510, Woo
Beginstand Onttrekking € 730.010 € 725.000
Totaal
€ 1.455.010
€ € € € €
15.065 10.073 71.540 27.830 23.272
€
24.698
€ €
223.404 34.037
€
429.918
Resteert
€ 1.025.092
Voorzieningen Het onderstaand overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de voorzieningen weer.
1.1 1.2
Voorziening huiselijk geweld Voorziening verlofsparen
Stand 31-12-2024 Toevoegingen € 15.367 € - € € 75.511 € 48.162 € € 90.878 € 48.162 €
Vrijval 29.336 29.336
Stand 31-12-2025 € 15.367 € 94.337 € 109.704
1.1 Voorziening huiselijk geweld Deze voorziening is gevormd met middelen uit het voormalige project Huiselijk Geweld. Het doel van deze voorziening is om een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van het project Ontwikkeling Online Hulpverlening ASHG’s Noord-Holland in samenwerking met de Blijfgroep.
2026.
1.2 Voorziening verlofsparen Door de invoering van de spaarverlofregeling kunnen medewerkers de volgende zaken omzetten naar spaarverlof: • • • •
Verlofuren uit onregelmatig werken Bovenwettelijk verlof Overwerkvergoeding Gekochte bovenwettelijke uren
Spaarverlof ontstaat niet automatisch. Een aantal medewerkers van de GGD heeft aangegeven een deel van hun verlofsaldo om te willen zetten naar verlofsparen. Om de toekomstige kosten te kunnen dekken is hier een voorziening voor gevormd. De vrijval van de voorziening ontstaat doordat medewerkers uit dienst zijn gegaan. Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer weer.
Onderhandse lening binnenlandse banken en overige financiële instellingen
looptijd 30 jaar
Stand Stand rente % 31-12-2024 31-12-2025 3,91 € 1.983.333 € 1.866.666
€ 1.983.333 €
1.866.666
Ten behoeve van de aankoop van de hoofdlocatie van de GGD in Zaandam is in 2009 een lening aangegaan van € 3.500.000. Op deze lening is in 2025 voor een bedrag van € 116.667 afgelost. De rentelasten in 2025 bedragen € 74.896,VLOTTENDE PASSIVA Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar Onder de netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar zijn opgenomen.
Overige schulden
Specificatie overige schulden Crediteuren Te betalen projectgelden Te betalen vennootschapsbelasting Totaal
2026.
Boekwaarde 31-12-2025 € 1.093.387
Boekwaarde 31-12-2024 € 1.265.269
€ 1.093.387
€ 1.265.269
2025 € 1.079.075 € € 90.049 € 1.169.124
2024 € 1.224.503 € 820 € 39.946 € 1.265.269
Overlopende passiva De in de balans opgenomen overlopende passiva worden als volgt gespecificeerd.
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn op gebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen. De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren. Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen
Boekwaarde 31-12-2025 € 3.257.738
Boekwaarde 31-12-2024 € 3.759.081
€
€
312.204
590.875
€ 1.183.660
€ 1.523.081
€ 4.753.602
€ 5.873.037
Specificatie Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen. 2025 2024 Nog te betalen netto salarisen € 31.449 € 28.951 Inspecties kinderopvang € 59.482 € 88.765 Loonheffing € 1.568.612 € 1.484.146 Loyalis WGA € 22.174 € -11.524 Pensioenpremie € 318.313 € 303.431 BTW € 4.785 € 23.117 Nog te betalen bedragen € 875.600 € 1.051.674 Plustaken € 249.016 € 569.430 Innovatiegelden € 128.307 € 128.307 SPUK Pijler 1 IZB € € 18.800 SPUK Pijler 5 (praktijkopleiding) IZB € € 73.984 Totaal € 3.257.738 € 3.759.081
De in de balans opgenomen van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotten op specifieke uitkeringen kunnen als volgt worden gespecificeerd:
2026.
De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren Stand 31-12-2024 ZaansFit! Zaanstad € 188.255 Wijk GGD Zaanstad € 22.689 SPARK GGD Zeeland € 15.937 Specialistische bemoeizorg Zaanstad € Opvang vluchtelingen Oekraïne Zaanstad € 7.537 Innovatieve Psychiatrie Zaanstad € 6.646 MABZ in regionaal veiligheidsteam € 8.839 MABZ in W.S. Groep € 1.036 Versterken kennis- en adviesfunctie € 43.745 Helder op school Edam-Volendam € 13.967 Versterken Aanpak Suïcidepreventie € Crisishulpkaart Kennisnetwerkplaats Zaanstad € Opgroeien in een Kansrijke Omgeving (Z'stad en E-V) € Verhogen vaccinatiegraad Purmerend € Verhogen vaccinatiegraad Zaanstad € Samen Sterker € 229.445 Triagist MABZ € CJG Landauerstraat Purmerend € VoorZorg € 52.779 € 590.875
€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € €
ToevoeVrijgevallen Stand gingen bedragen 31-12-2025 - € 92.538 € 95.717 93.634 € 95.625 € 20.698 - € - € 15.937 97.060 € 95.481 € 1.579 52.986 € 44.338 € 16.185 112.729 € 119.375 € 54.828 € 63.667 € 14.881 € 15.917 € 51.833 € 95.578 € 6.319 € 3.125 € 17.161 41.744 € 35.863 € 5.881 20.929 € 17.279 € 3.650 74.877 € 13.978 € 60.899 18.035 € - € 18.035 26.216 € 11.470 € 14.746 - € 229.445 € 82.500 € 45.164 € 37.336 4.380 € - € 4.380 - € 52.779 € 752.951 € 1.031.622 € 312.204
Specificatie Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende boekjaren komen 2025 Vooruitontvangen bedragen 1.152.803 Vooruitontvangen projectgelden 30.857 Totaal 1.183.660
2024 1.464.722 58.359 1.523.081
Niet in de balans opgenomen belangrijke financiële verplichtingen De GGD is voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan verschillende huur- en leasecontracten. Hieronder volgt een opsomming van de belangrijkste van deze verplichtingen. Het betreft o.a. huurcontracten die namens de gemeenten zijn afgesloten voor de huisvesting van het CJ(G). Het genoemde jaarbedrag zijn huur- en servicekosten. Het uitstaande bovenwettelijke verlofsaldo per eind 2025 is eveneens opgenomen in deze tabel. Bij structurele stijging in de toekomst is dit een potentiële balansverplichting. Echter is dit niet de verwachting daar het management van de GGD dit proces strak in de gaten houdt.
2026.
Contracten
Jaarbedrag
Meerjarige contracten tussentijds opzegbaar: Huurcontract Geuzenpad 5 Zaandam Huurcontract A. Schweitzerstraat 2-4 Krommenie Huurcontract Bristolroodstraat Zaandam Huurcontract Guishuis Zaandijk Onderhuurcontract Zaanstad Vurehout Huurcontract Triton Huurcontract Landauerstraat Huurcontract Heel Europa Purmerend Huurcontract Kerkbuurt Oostzaan Huurcontract Beschuitstoren Wormer Huurcontract De Bolder Monnickendam Leasecontract Bus Faza Leasecontract printers (tm april 2026) Leasecontract koffiemachines (tm juni 2029) Contract schoonmaak (tm sept 2026) Verlofsaldo per eind 2025
€ € € € € € € € € € € € € € € €
2.3.3
34.262 77.995 44.833 62.325 88.613 50.592 54.014 41.082 38.216 51.098 72.627 7.716 5.262 15.829 90.215 2.244.793
Toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening
In deze paragraaf worden de totale baten en lasten per programma gepresenteerd, daarnaast is per programma een specificatie met hierin de baten en lasten die verband houden met de uitvoering van de activiteiten binnen de Gemeenschappelijke Regeling. Er is een positief resultaat behaald van € 696.414. Dit bedrag is als volgt opgebouwd. € 423.174 is het positieve resultaat behaald op corona. VWS heeft laten weten dat we dit bedrag niet terug hoeven te storten over 2025; tijdens het tot stand komen van deze jaarrekening werden we hiervan op de hoogte gebracht. Het voorste is dit bedrag toe te voegen aan de algemene reserve om de volgende reden: De GGD kent meerdere financiële risico’s waar geen bestemmingsreserves of voorzieningen voor zijn gevormd. De Algemene Reserve is bedoeld om risico’s op te kunnen vangen. De Algemene Reserve bedraagt momenteel € 457.258 en mag maximaal 5% (ongeveer € 1,6 miljoen) van het begrotingstotaal bedragen. Een financieel tekort op de taken voor pandemische paraatheid is één van de risico’s. € 117.592 is een bedrag wat in 2024 is aangevraagd als begrotingswijziging € 314.025,--. Dit waren de kosten die samenvielen met het jaar uitstel van het project Samen Sterker. Dit bedrag zal volledig conform de verwachting worden uitgegeven aan posten die extra geld kosten door dit uitstel.
Echter zijn deze in eerdere jaarrekening verantwoord onder overlopende posten. Dit is technisch niet juist. Daarom valt dit bedrag nu vrij in het resultaat maar stelt de GGD voor het bedrag gelijk weer op te nemen in een bestemmingsreserve, welke in 2026 geheel zal worden gebruikt. € 100.000 is een bedrag wat was opgenomen onder de overlopende posten voor uitwerking van de aanbesteding voor het digitaal dossier. Dit geld zal in 2026 moeten worden uitgegeven. Derhalve stellen we een bestemmingsreserve voor. In 2026 zal dit geheel worden gebruikt voor de voorbereidingen van de aanbesteding van het digitaal dossier. Na aftrek van dit bedrag resteert er een positief resultaat van € 55.648. Het voorstel is om dit resterende bedrag ook toe te voegen aan de algemene reserve. Over- en onderschrijdingen binnen de basis taken en plustaken worden nader toegelicht.
2026.
Overhead Op grond van artikel 8, eerste lid, onderdeel c van het Besluit begroten en verantwoorden provincie en gemeenten is een apart overzicht opgenomen van de kosten van de overhead. Overzicht van de aanwending van het bedrag voor onvoorzien De GGD begroot jaarlijks € 50.000 onvoorzien. Zie ook het overzicht van incidentele baten en lasten. Overzicht van de structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves Om de kosten voor bevolkingsonderzoeken enigszins te kunnen nivelleren is er in 2007 gekozen voor een structurele toevoeging aan de bestemmingsreserve gezondheidsonderzoek van € 63.000. Vanaf 2025 is de onttrekking ook begroot voor hetzelfde bedrag. Het resultaat van de programma’s
Programma P1 Monitoren, signaleren en adviseren P2 Infectieziektebestrijding P2 Corona P3 Jeugdgezondheidszorg P4 Meldpunt en advies bijzondere zorg P5 Publieke gezondheidszorg bij rampen en crises P6 Toezicht houden P7 Veilig Thuis P8 Plustaken P99 Overhead Totaal
Resultaat 2025 € 89.878 € 193.299 € 423.174 € 1.049.351 € -22.888 € 76.586 € -0 € 1.031 € 953.447 € -2.067.464 € 696.414
Het resultaat van de GGD Zaanstreek-Waterland in 2025 bedraagt € 696.414 positief. Programma 1: Monitoren, signaleren en adviseren Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten binnen het programma. Dit is een totaaloverzicht van de baten en lasten in de basistaken en de plustaken.
Baten basistaken Baten plustaken
Begroting na Realisatie 1e wijziging Begroting € 1.156.027 € 1.075.065 € 1.090.392 € 647.265 € 269.056 € 269.056
Lasten basistaken Lasten plustaken
€ 1.009.278 € 1.075.065 € 1.090.392 € 520.444 € 269.056 € 269.056
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ € € €
273.570 63.000 6.129 216.698
€ € € €
63.000 63.000 -
€ € € €
63.000 63.000 -
Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten binnen het programma. Dit is een totaaloverzicht van de baten en lasten in de basistaken.
2026.
Baten basistaken Bijdragen gemeenten Incidentele baten
Begroting na Realisatie 1e wijziging Begroting € 80.950 € € € 1.075.077 € 1.075.065 € 1.090.392 € € € -
Lasten basistaken Incidentele lasten
€ 1.009.278 € 1.075.065 € 1.090.392 € - € € -
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ € € €
146.750 63.000 6.129 89.878
€ € € €
63.000 63.000 -
€ € € €
63.000 63.000 -
Analyse realisatie versus begroting binnen de gemeenschappelijke regeling Dit programma kent een positief resultaat van € 89.878. Dit wordt als volgt toegelicht.
De baten
Dit programma heeft in 2025 een positieve afwijking ten opzichte van de begroting laten zien. Deze afwijking is voornamelijk toe te schrijven aan een iets lagere bezetting en ontvangen baten van het UWV.
De lasten
Binnen dit programma bestonden de lasten voornamelijk uit de reguliere kosten. Met betrekking tot de Gezondheidsmonitor zijn in 2025 geen aanzienlijke kosten gemaakt. Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten in de plustaken. Het resultaat op de plustaken dient ter dekking van de kosten overhead.
Plustaken Baten
Realisatie Begroting € 647.265 € 269.056
Lasten
€
520.444 €
269.056
€
126.820 €
-
€
126.820 €
-
Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Totaal Programma 2: Infectieziektebestrijding
Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten binnen het programma. Dit is een totaaloverzicht van de baten en lasten in de basistaken en de plustaken.
2026.
Baten basistaken Baten plustaken
Begroting na Realisatie 1e wijziging Begroting € 2.408.929 € 1.621.862 € 1.632.243 € € € -
Lasten basistaken Lasten plustaken
€ 2.215.629 € 1.621.862 € 1.632.243 € € € -
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ € € €
193.299 193.299
€ € € €
-
€ € € €
-
Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten binnen het programma. Dit is een totaaloverzicht van de baten en lasten in de basistaken.
Baten basistaken Bijdragen gemeenten Incidentele baten
Begroting na Realisatie 1e wijziging € 1.505.786 € 731.103 € 890.771 € 890.759 € 12.371 € -
Lasten basistaken Incidentele lasten
€ 2.215.629 € 1.621.862 € 1.632.243 € - € € -
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ € € €
193.299 193.299
€ € € €
-
Begroting € 731.103 € 901.140 € -
€ € € €
-
Analyse realisatie versus begroting binnen de gemeenschappelijke regeling Dit programma kent een positief resultaat van € 193.299. Dit wordt als volgt toegelicht.
De baten
Infectieziektebestrijding ontvangt een bijdrage vanuit de gemeenschappelijke regeling, evenals subsidie, zoals een ASG voor CSG. Binnen Infectieziektebestrijding valt ook Reizigersadvisering, die opereert als een markttaak en een groot financieel effect heeft binnen dit programma. Het team Reizigersadvisering heeft in 2025 een positief resultaat behaald van € 196.527. Dit wordt veroorzaakt door de hoge omzet in het tweede en derde kwartaal, voornamelijk als gevolg van de vakantieperiode. In deze periode was de vraag naar reizigersadvisering en vaccinaties hoger dan gemiddeld. Daarnaast heeft Reizigersadvisering geprofiteerd van overvolle spreekuren bij omliggende aanbieders van reisvaccinaties. Klanten die daar niet (tijdig) terechtkonden, hebben zich gemeld bij onze GGD. Dit heeft geleid tot goed gevulde spreekuren en een bijbehorende hogere omzet.
De lasten
Door samenwerking en uitbesteding van werkzaamheden aan GGD Amsterdam bestaan de meeste kosten binnen Infectieziektebestrijding uit kosten voor inhuur. Deze samenwerking betreft, net als in voorgaande jaren, werkzaamheden met betrekking tot AIZB, CSG en TBC. Dit geldt ook voor THZ, dat door GGD Amsterdam wordt uitgevoerd, evenals voor de afwikkeling van facturen. Bij CSG was het beschikbare budget binnen het team echter onvoldoende, waardoor dit is gecompenseerd door de baten van Reizigersadvisering. De Reserve Markttaken heeft eind 2025 een omvang van € 140.000. Deze reserve heeft in 2024 de maximale waarde bereikt. Positieve resultaten uit Reizigersadvisering worden direct toegevoegd aan het resultaat van de GGD. Door de aanzienlijk hogere omzet binnen Reizigersadvisering zijn ook de inkoopkosten gestegen.
2026.
Het grotere aantal uitgevoerde vaccinaties heeft geleid tot een hogere inkoopbehoefte, waardoor de materiële kosten de begroting overschrijden. VIP Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten van de plustaken van IZB; dit betreft de VIP gelden.
Realisatie Baten IZB VIP Bijdrage VWS Bijdragen gemeenten Incidentele baten
€ € €
808.951 -
Lasten IZB VIP Incidentele lasten
€ €
808.951 -
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat
€ € € €
-
Corona De corona bestrijding valt ook onder infectieziektebestrijding. Hieronder volgt een overzicht van de kosten en baten van de coronabestrijding. Dit wordt verantwoord aan het ministerie van VWS.
Realisatie Baten corona Voorschot VWS Bijdragen gemeenten Incidentele baten
€ 1.250.539 € € 70.000
Lasten corona Incidentele lasten
€ €
897.365 -
Resultaat
€
423.174
Voor de coronabestrijding is geen begroting vastgesteld door het Algemeen bestuur. Derhalve leiden alle baten en lasten die gemaakt zijn in het kader van de coronabestrijding tot een begrotingsonrechtmatigheid. Voor de werkzaamheden met betrekking tot corona heeft de GGD een SPUK (Speciale uitkering) ontvangen. Deze SPUK wordt verantwoord in de SiSa bijlage in deze jaarstukken. Ons voorstel is om het resultaat op corona toe te voegen aan de bestemmingsreserve pandemische paraatheid. Programma 3: Jeugdgezondheidszorg Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten binnen het programma. Dit is een totaaloverzicht van de baten en lasten in de basistaken en de plustaken.
2026.
Baten basistaken Baten plustaken
Begroting na Realisatie 1e wijziging Begroting € 10.698.041 € 10.017.813 € 11.115.676 € 2.509.540 € 3.193.088 € 3.193.088
Lasten basistaken Lasten plustaken
€ 9.648.690 € 10.017.813 € 11.115.676 € 1.917.951 € 3.193.088 € 3.193.088
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ 1.640.941 € € € € € € 1.640.941 €
-
€ € € €
-
Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten binnen het programma. Dit is een totaaloverzicht van de baten en lasten in de basistaken.
Baten basistaken Bijdragen gemeenten Incidentele baten
Begroting na Realisatie 1e wijziging Begroting € 789.291 € 116.000 € 116.000 € 9.901.816 € 9.901.813 € 10.999.676 € 6.934 € € -
Lasten basistaken Incidentele lasten
€ 9.648.690 € 10.017.813 € 11.115.676 € - € € -
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ 1.049.351 € € € € € € 1.049.351 €
-
€ € € €
-
Analyse realisatie versus begroting binnen de gemeenschappelijke regeling Dit programma kent een positief resultaat van € 1.049.351. Dit wordt als volgt toegelicht.
De baten
Vanuit het UWV hebben wij in 2025 € 250.000 ontvangen ten behoeve van de zwangerschapsverloven; vanwege de kortdurende aard van het vervang is er vaak voor gekozen de uren niet (geheel) te vervangen. Daarnaast heeft JGZ vanuit het Rijksvaccinatieprogramma een hogere baat ontvangen van € 200.000 met betrekking tot de Rotavaccinatie, Maternale griepvaccinatie, de vaccinatie tegen het RS virus, dat gestart is in het najaar van 2025, en de hielprikken. Andere baten die wij ontvingen in 2025 betrof de vergoeding voor uitgevoerde zorg bij asielzoekers en vergoedingen voor opleidingen ten hoogte van een bedrag van € 125.000.
De lasten
De kosten zijn lager dan begroot omdat vacatures niet (tijdig) ingevuld zijn. Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten van de plustaken. Het resultaat op de plustaken dient ter dekking van de kosten overhead.