3. 201673415-Programmabegroting Duiven 2025-2028naargemeenteraad
Tekst van het document
De belangrijkste thema’s van de Liemerse Ambassade blijven logistiek, maakindustrie en vrijetijdseconomie, inclusief retail. The Economic Board werkt aan het versterken van verbindingen in de regio Arnhem-Nijmegen vanuit de economische kracht. Met de nadruk op de samenwerking tussen ondernemers, onderwijs en overheid. Voor de gemeente Duiven is met name de ontwikkeling van de energiesector van groot belang. De gemeente geeft de laatste kavels uit op bedrijventerrein De Nieuweling en Synergiepark InnoFase. Daarnaast voeren we gesprekken met ondernemers die zich willen vestigen op Centerpoort-Noord II. Dit vooruitlopend op de vaststelling van het omgevingsplan door de gemeenteraad, naar verwachting in Q4 2024. In 2024 is het bestemmingsplan Graafstaete II vastgesteld. Nu kunnen we ook voor dit terrein met belangstellende ondernemers gesprekken voeren over de mogelijkheden tot vestiging.
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Programma 3 Omgeving
25
Voor de economische ontwikkeling zijn ook inspanningen op andere beleidsterreinen van groot belang. Zoals bereikbaarheid, huisvesting, beschikbaarheid van (duurzame) energie en een goed functionerende arbeidsmarkt. De woningnood/-markt Voor veel mensen is het lastig om een woning te vinden die aansluit bij hun wensen en (financiële) mogelijkheden. Ook groeit het aantal huishoudens de komende jaren fors. Daarom moeten er snel meer woningen bij komen. Daarnaast staat Nederland grote demografische veranderingen te wachten. Zoals de blijvende groei van het aantal huishoudens, de verdergaande vergrijzing waardoor het aandeel ouderen in de totale bevolking toeneemt en een blijvende immigratie. Het aantal huishoudens blijft door de toename van het aantal 1- en 2- persoonshuishoudens (gezinsverdunning) groeien. Zo zijn er tot 2040 zo’n 60.000 extra woningen nodig in de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen (GMR). Ook in de Liemers en in Duiven blijft het aantal huishoudens groeien en zijn er veel extra woningen nodig. Het kunnen laten bouwen van deze aantallen woningen is een stevige opgave waar ook in regionaal verband hard aan wordt gewerkt. In 2020 zijn gemeenten binnen de Groene Metropoolregio, provincie Gelderland en Rijk met de 1e Woondeal een langjarig partnerschap aangegaan voor een beter werkende woningmarkt. Landelijk heeft deze opgave sindsdien steeds meer aandacht en prioriteit gekregen.
Het Rijk heeft in 2022 met alle provincies afspraken gemaakt over de bouw van 900.000 woningen tot en met 2030. Met als streven dat hiervan minimaal 2/3e deel betaalbaar is. Om dat te realiseren, neemt het Rijk de regie op de volkshuisvesting en de woningbouw met de Nationale Woon- en Bouwagenda en het programma 'Een thuis voor iedereen'. Er zijn prestatieafspraken gemaakt met provincies en corporaties. Er is in 2023 een nieuwe Woondeal 2.0 afgesloten. En de GMR is vanwege de benodigde schaalsprong, op het gebied van verstedelijking, aangewezen als NOVEX ontwikkelgebied. Het Rijk werkt ook aan nieuwe wetgeving (Wet versterking regie volkshuisvesting). De opgaven voor de versnelling van de woningbouw zijn dus groot. Maar het realiseren van de noodzakelijke, stevige betaalbare woningbouwopgave is een grote uitdaging. Onder meer door de oorlog in Oekraïne, de in 2022 en 2023 fors gestegen bouwkosten, een blijvend gebrek aan personeel, de toenemende uitdaging rondom netcongestie en het ontbreken van middelen om onrendabele toppen af te dekken. Uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (UPV) wegwerpplastic, inkomsten zwerfafval Sinds 2023 betalen producenten van kunststofproducten voor eenmalig gebruik mee aan de aanpak van zwerfafval door gebiedsbeheerders.
Producenten moeten een deel van de kosten vergoeden die gemeenten en andere gebiedsbeheerders maken voor het opruimen, vegen en transport naar de verwerking van deze stromen in het zwerfafval. Ook kosten voor bewustwording en gedragsbeïnvloeding vallen onder de UPV. Beleidsontwikkeling, monitoring en handhaving vallen buiten deze UPV-zwerfafvalvergoeding. Gemeenten krijgen de vergoeding achteraf voor gemaakte kosten. Op 1 juni 2024 is de hoogte van de vergoeding gepubliceerd. Daarna volgt voor 1 november 2024 uitkering van de vergoeding voor kosten die gemaakt zijn in 2023. We krijgen de vergoeding jaarlijks via deze cyclus. Er is geen einddatum voor de regeling. De vergoeding is niet belastingplichtig, hoeft niet aangevraagd of verantwoord te worden en wordt aangekondigd in de circulaires. Netcongestie Het elektriciteitsnet zit (bijna) vol. Dat heeft consequenties voor zowel de levering van stroom als de teruglevering. Het Duivens elektriciteitsnet zit ongeveer als volgt in elkaar: Tennet levert aan een zogenaamd ‘onderstation’ hoogspanning. Op dit onderstation wordt de elektra omgezet naar middenspanning en gaat deze naar de woonwijken en bedrijventerreinen. Daar wordt het in zogenaamde middenspanningsruimtes omgezet naar laagspanning. Alle woonwijken/bedrijventerreinen in Duiven, Montferland (deels), Westervoort en Zevenaar worden gevoed vanuit ‘onderstation Zevenaar’.
Dat onderstation zit bijna vol. Zó vol, dat naar het zich nu laat aanzien niet alle ruimtelijke plannen van nu tot en met 2030 in de vier gemeenten
26
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Programma 3 Omgeving
gerealiseerd kunnen worden. Er zijn dus keuzes nodig. Keuzes tussen gemeenten onderling (welke gemeente krijgt hoeveel restruimte) en keuzes binnen de gemeenten (welk plan wordt gerealiseerd en welk plan wordt getemporiseerd). Op moment van dit schrijven is niet duidelijk hoeveel restruimte er exact op het onderstation aanwezig is. Wel is de gemeente in gesprek met de betrokken gemeenten en Liander over het verdelingsvraagstuk. Dit is een zeer dynamisch dossier waarin informatie elkaar snel opvolgt en/of veroudert. Het college beraadt zich nog op een manier om de gemeenteraad hier goed over te blijven informeren. Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG)/ Vitaal Landelijk Gebied Gelderland (VLGG) en Nationale Omgevingsvisie Extra (NOVEX)GPLG) Blijvende oplossingen voor opgaven als natuur (waaronder stikstof), waterkwaliteit en klimaat. Dat is het doel van het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG). Door in een gebiedsgerichte aanpak maatregelen voor natuur, klimaat, bodem en water slim te combineren, is de verwachting dat de natuur herstelt en er meer ruimte komt voor vergunningverlening. Onderdeel van het NPLG zijn afspraken tussen Rijk en provincies over een goede ruimtelijke inpassingen van de opgaven op het gebied van wonen, bereikbaarheid, energie, economie, landbouw en natuur. Het Rijk vraagt hiervoor een ruimtelijk voorstel van iedere provincie.
De provincie Gelderland heeft in december 2023 een ruimtelijk voorstel vastgesteld. Dit ruimtelijk voorstel is opgebouwd uit de Regio Arrangementen van de 7 regio’s in Gelderland. Een van de regio’s is onze Groene Metropoolregio. In het Regio Arrangement maken provincie, regio’s, gemeenten en waterschappen afspraken over het gezamenlijk perspectief voor een samenhangende aanpak van al deze opgaven. In het NPLG heeft het Rijk per provincie doelen gesteld voor natuur, stikstof, water en klimaat. De opdracht van het Rijk aan de provincies is om te komen met een gebiedsplan voor het bereiken van deze doelen. De Provincie Gelderland gaat dit doen via het gebiedsprogramma Vitaal Landelijk Gebied Gelderland (VLGG). In dit Gelderse gebiedsprogramma (VLGG) zijn naast de NPLG-thema’s een vitale en duurzame landbouw en duurzame verstedelijking van essentieel belang. Denk aan economie (bedrijvigheid), bouwen, wonen en mobiliteit. Hier ligt voor de Groene Metropoolregio (GMR) dan ook de verbinding met de Verstedelijkingsstrategie en het Regio Arrangement. De verstedelijkingsstrategie, het verstedelijkingsconcept en de verstedelijkingsafspraken zijn een belangrijke basis geweest voor ons Regio Arrangement. Recent heeft de minister van LVVN aangegeven te stoppen met het NPLG. Het is nu niet duidelijk wat en of daar iets voor in de plaats komt.
Ook is op dit moment (september 2024) niet duidelijk of de provincie wel doorgaat met het VLGG. NOVEX Binnen de Nationale Omgevingsvisie Extra (NOVEX) zijn 17 NOVEX-gebieden aangewezen waarin Rijk en regio langjarig samenwerken aan complexe, vaak gestapelde opgaven in deze gebieden. De GMR behoort samen met de Regio Foodvalley (FV) tot deze 17 Novex-gebieden. De grote ruimtelijke transities in deze gebieden vragen om een NOVEX-uitvoeringsagenda en ontwikkelperspectief. Het ontwikkelperspectief bouwt voort op de verstedelijkingsstrategie, het Regioarrangement, VLGG, de Regionale EnergieStrategie (RES) en de Gelderse Energie Infra Structuur (GEIS). Daarnaast is het onderdeel van het Ruimtelijk voorstel van de provincies Gelderland en Utrecht. Het ontwikkelperspectief NOVEX Arnhem Nijmegen Foodvalley is opgebouwd langs drie hoofdopgaven: • realiseren van een schaalsprong in verstedelijking met oog voor leefomgeving. • realiseren van natuurherstel en een robuust watersysteem. • realiseren van een transitie in het landelijk gebied.
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Programma 3 Omgeving
27
Eind 2023 is het NOVEX-Ontwikkelperspectief opgesteld voor onze regio. De colleges van burgemeesters en wethouders in de GMR en FV hebben het vastgesteld. In de NOVEX uitvoeringsagenda staan de maatregelen die nodig zijn om de gemeentelijke opgaven te realiseren. Over een deel van deze maatregelen zijn al afspraken met elkaar gemaakt (Bestuurlijke afspraken verstedelijking in 2022). En over een deel zijn nog nadere afspraken nodig. Dit gebeurt in de NOVEX uitvoeringsagenda. Dit is een gezamenlijke agenda van Rijk, provincies, regio’s en waterschappen. De uitvoeringsagenda wordt in 2024 opgesteld. Gebiedsprogramma Liemers In de Liemers zijn vanuit de verstedelijkingsstrategie (nu NOVEX) in een gebiedsprogramma doelen vertaald naar concrete acties en maatregelen voor de korte en lange termijn. In 2025 ligt de prioriteit bij het onderzoeken van de mogelijkheden voor woningbouw in de spoorzones (Westervoort, Duiven, Zevenaar en Didam). Dit is nodig om de toekomstige woningbouwopgave tot 2040 uit te voeren (inbreiding zoveel mogelijk boven uitbreiding). Daarnaast ligt er een ambitie om de groenblauwe gebieden en structuren binnen en buiten de stedelijke zone te versterken en deze nog meer met elkaar verbinden. Hiermee moeten de landschapswaarden overal in de stedelijke zone nabij zijn en bijdragen aan een goed woon- en leefklimaat, de energietransitie, klimaatadaptatie, biodiversiteit en gezondheid.
Voor het Broek wordt ingezet op versterking van de landschapsstructuren, groen-blauw in combinatie met een vitale en toekomstbestendige landbouwsector en aanpak droogte. Daartoe onderscheiden we in de Liemers in grote lijnen 3 zones: • Het Liemers Broek (zone boven de A12) à aanpak via VLGG • De Stedenband (Westervoort-Didam) à aanpak via NOVEX • Het buitendijksgebied (van Spijk tot Doesburg) à aanpak via IRM en PAGW
Herijking/ actualisering Omgevingsvisie De Omgevingsvisie (vastgesteld in januari 2022) is toe aan een herijking/actualisatie. Dit vanwege nieuwe wetgeving van het Rijk en ontwikkelingen in de GMR zoals NOVEX, Regioarrangement
28
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Programma 3 Omgeving
en de Woondeals. In 2025 start hiervoor een proces op. We bepalen dan de scope van de herijking/actualisatie van de Omgevingsvisie en de benodigde middelen en menskracht. Dit wordt bekrachtigd met een bestuursopdracht. Daarna worden de eventueel benodigde middelen in de P&C-cyclus verwerkt. 3.2 Wat gaan we daarvoor doen? Programmadoel In Duiven is het goed leven, wonen en werken. De gemeente werkt aan een aantrekkelijke, toekomstgerichte en duurzame werk-, woon- en leefomgeving. Met ruimte voor gerichte ontwikkeling, initiatief en innovatie. De thema’s uit de omgevingsvisie, zoals beschreven in de inleiding van dit hoofdstuk, sluiten aan bij dit programmadoel. Toelichting Veel zaken in de omgeving hebben uiteindelijk effect op het geluksgevoel van inwoners. Denk aan werkgelegenheid, de kwaliteit van de werk-, woon- en leefomgeving, de mogelijkheid tot ontmoeting, verbondenheid in de buurt en maatschappelijke voorzieningen. De gemeente zet hier steeds meer op in bij de werkwijze en aanpak en de belangrijke keuzes die gemaakt worden. De gemeente wil de bestaande economische structuur behouden en versterken. Zowel op de bedrijventerreinen als in de winkelgebieden. Zo kunnen we zorgen voor behoud en uitbreiding van de lokale en regionale werkgelegenheid en het voorzieningenniveau. Belangrijk hierbij is het afstemmen van de regionale vraag en aanbod op de arbeidsmarkt en het beroepsonderwijs.
Ook streven we naar het verder benutten van potenties in de vrijetijdseconomie. Voor een goed ondernemings- en vestigingsklimaat zijn duurzaamheid en bereikbaarheid belangrijke randvoorwaarden. De gemeente wil bijdragen aan een aantrekkelijke en duurzame leefomgeving in Duiven, Groessen, Loo en het buitengebied. Hierbij gaat het in de basis om schoon, heel, veilig en gezond. Uitbreidings- en inbreidingslocaties moeten worden gerealiseerd. De nadruk ligt op behoud en verbetering van de kwaliteit van de leefomgeving en het daarbij passende voorzieningenniveau, het benutten van bestaande (natuur-)waarden en een (aanvullend) woonaanbod gericht op maatschappelijke ontwikkelingen en behoefte. De gemeente stimuleert, faciliteert en is uitnodigend naar bewoners, ondernemers en bedrijven, bezoekers en andere partners in vele samenwerkingsverbanden binnen en buiten Duiven. Hierbij heeft de gemeente een verbindende rol. Hoofddoelen De hoofddoelen van programma 3 hebben samenhang in de Omgevingswet. Deze wet is als het ware de kapstok. Het proces rondom de Omgevingswet is weergegeven in het eerste speerpunt. De thema’s uit de omgevingsvisie vormen de basis voor de overige speerpunten. Deze thema’s zijn: A. Een duurzaam thuis; B. Gezonde, sociale en veilige leefomgeving; C. Vitale economie; D. Bereikbaarheid; E. Klaar voor de toekomst.
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Programma 3 Omgeving
29
3.3 Wat gaan we daarvoor doen?
A. Een Duurzaam thuis 3.A.1 Doel
Toelichting
Uitvoeren Woonvisie/Versnellen woningbouw De omvang en kwaliteit van de woningvoorraad in Duiven, Groessen en Loo sluiten aan bij de behoefte, initiatieven en ontwikkelingen in de samenleving. Voor de nieuwe buurten en wijken werkt de gemeente aan een goede mix van betaalbare huur- en koopwoningen voor met name jongeren, ouderen en één -, en tweepersoonshuishoudens. Dit draagt bij aan het behouden van een aantrekkelijke en duurzame leef- en woonomgeving en voldoende aanbod van betaalbare woningen. Met het vaststellen van de Woonvisie 2021-2030 heeft de gemeente weer een actievere en proactieve houding gekregen in de uitvoering van het gemeentelijk woonbeleid. De noodzaak voor deze houding heeft inmiddels ook op rijks-, provinciaal-en regionaal niveau vorm gekregen via de Nationale Woon en Bouwagenda, het programma een duurzaam thuis en de nieuwe Woondeals. Het gaat dan om langer zelfstandig thuis wonen, de grote (betaalbare) woningbouwopgave, de grote druk op de woningmarkt en de verduurzaming van de bestaande woningvoorraad. Maar ook de toenemende regionale samenwerking en taken, een actievere rol richting woningbouwcorporaties en een aantal urgente vragen binnen het taakveld wonen. De Woonvisie benoemt een groot aantal doelen voor de komende jaren. Deze zijn na de evaluatie van de Woonagenda 2021-2022 voor de jaren 2023-2024 concreet gemaakt in de Woonagenda 2023-2024.
In 2025-2026 volgt op basis van de Woonvisie en nieuw Rijksbeleid een nieuwe Woonagenda. Om aan de grote behoefte aan woningen te voldoen moeten we flink doorpakken op de woningbouwlocaties die al in beeld zijn. We stappen af van het fenomeen ‘reservelocatie’. En als het haalbaar is, komen er zo snel mogelijk modulaire woningen op de Biezenkampen. De gemeente bouwt naar behoefte de juiste woning op de juiste plek op het juiste moment. De grootste opgave voor woningbouw ligt vanzelfsprekend in de kern Duiven. De gemeente realiseert de nieuwbouw daarom vooral in en bij de kern Duiven. In Loo en Groessen wordt naar behoefte gebouwd met extra aandacht voor lokale kenmerken als woonmilieus en sociale binding. De gemeente stelt eisen op het gebied van betaalbaarheid, energie, duurzaamheid, klimaatadaptatie en levensloopbestendigheid. Met de Woondeal 2023 is geconstateerd dat er in de regio nog een grotere woningbehoefte is dan tot nu toe berekend. We moeten dus met blijvende prioriteit uitvoering geven aan woningbouw op de nu bekende locaties. En het is noodzakelijk om de komende jaren te zoeken naar aanvullende woningbouwlocaties.
30
3.A.1 Risico’s
Planning
Financiën
Participatie
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Programma 3 Omgeving
Uitvoeren Woonvisie/Versnellen woningbouw Onvoldoende kunnen inzetten op monitoring, continuering van gemaakte afspraken, beleid en/of woningbouwprojecten. Bij woningbouwlocaties zijn er in algemene zin risico’s zoals onrendabele toppen, netcongestie en het niet kunnen vinden van personeel voor met name specialistische functies. Maar ook afhankelijkheid van een ontwikkelaar (bij locaties waar we faciliterende rol hebben), stikstof, gerechtelijke uitspraken, doorlooptijd beroepsprocedures Raad van State et cetera. Verder is het uitblijven van de noodzakelijke besluiten een procesrisico voor het op tijd realiseren van voldoende woningen. Het beleid is daardoor onvoldoende effectief of woningbouw-projecten en/of de realisatie van woningen en de woonagenda schuiven op in de tijd. Uitvoering geven aan de Woonvisie 2021, de Woonagenda en de Woondeal 2023, waaronder het doorpakken op woningbouwprojecten (huidige korte termijn plannen voor de komende twee tot vier jaar). De Woonvisie en woningbouwversnelling zijn, gecombineerd met de Woondeal 2023, meerjarige processen die de komende jaren blijvend om grote inzet vragen. Voor de middellange termijn start deze raadsperiode de visievorming voor mogelijke nieuwe woningbouwlocaties. Dit naar aanleiding van de evaluatie van medio 2024 en op basis van de nieuwste prognosecijfers.
Voor de uitvoering van dit speerpunt is met de voorjaarsnota 2021 -gelet op de ambities uit de nieuwe Woonvisie, de Woonagenda en de Woondeal- meerjarig extra middelen aan extern advies, onderzoek, ondersteuning of facilitering van initiatieven structureel € 50.000 per jaar opgenomen. Dit bedrag wordt met ingang van 2024 structureel verhoogd met € 10.000 tot € 60.000. Voor de uitvoering urgentie, bezwaar en beroep van de gemeentelijke Huisvestingsverordening komt met ingang van 2025 een andere kostenverdeling tussen corporaties en gemeenten, zodat deze wat meer in balans is. Dit leidt tot een verhoging van het benodigde budget van € 10.000. Voor het doorpakken op de Ploen-Noord (1e fase), Plakse Weide, Biezenkampen (modulaire woningen) en de inbreidingslocaties zijn de bestaande (extra) middelen vooralsnog voldoende (vanuit de huidige ambtelijke formatie, de voorbereidingskredieten, grondexploitaties en anterieure overeenkomsten). Voor de verdere uitwerking en uitvoering is aanvullende ambtelijke capaciteit nodig. Met de programmabegroting 2022-2026 is voor de realisatie van woningbouwplannen tot 1 oktober 2026 aanvullend budget vastgelegd. In 2023, 2024 en 2025 ieder jaar € 300.000 en in 2026 tot 1 oktober 2026 nog eens € 200.000. Deze middelen worden gedekt uit de Algemene Reserve.
Om het doorpakken op de woningbouw ook na oktober 2026 te kunnen doorzetten, is voor het resterende deel van 2026 nog € 100.000 nodig en voor 2027 en 2028 € 300.000 per jaar. De Woonagenda met daarin de actuele informatie per doel wordt 2 maal per jaar met de gemeenteraad gedeeld. Voor woningbouw en verdere beleidsontwikkeling bepaalt de gemeente afhankelijk van de situatie en ontwikkeling hoe en in welke mate participatie wordt ingezet.
3.A.2 Doel
Modulaire woningen Biezenkampen De realisatie van modulaire woningen op Biezenkampen.
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Programma 3 Omgeving
3.A.2 Toelichting
Risico’s
Planning
Financiën
Participatie
3.A.3 Doel Toelichting
Risico’s Planning
31
Modulaire woningen Biezenkampen Het college wil zo snel mogelijk een bijdrage leveren aan het tekort aan woningen voor 1- en 2-persoonshuishoudens in de sociale- en middeldure huur. Het college denkt dan met name aan jongeren/starters, spoedzoekers en statushouders. Locatie Biezenkampen is volgens het locatie- en effectonderzoek flexwonen uit 2023 een geschikte locatie voor woningbouw. De gemeente onderzoekt met Vivare en marktpartij de haalbaarheid van een circulair verplaatsbaar woningbouwproject van circa 120-150 flexwoningen op deze plek. Wanneer de gemeenteraad instemt met woningbouw op de hele locatie Biezenkampen, krijgen de circulair verplaatsbare woningen een tweede permanente plek binnen de Biezenkampen. Dit is duurzaam en geeft Vivare en Rabo SmartBuilds meer zekerheid over een tweede locatie. Dit komt hun businesscase ten goede. Dit betekent dat huurprijzen zo laag mogelijk kunnen zijn en gedurende de hele periode in hetzelfde prijssegment blijven. Wanneer de gemeenteraad niet instemt met een totale ontwikkeling van locatie Biezenkampen, bestaat er onzekerheid over de tweede locatie voor het modulaire woonproject. Dit kan betekenen dat de businesscase alsnog niet haalbaar is voor Vivare en/of marktpartij. Of dat gemeente hier garanties voor moet afgeven om de financiële risico’s voor Vivare en marktpartij af te dekken.
Voor een snel proces, worden zoveel mogelijk gelijktijdig gezet in plaats van na elkaar. Dit kan betekenen dat we kosten maken voor onderzoeken, die we vervolgens niet kunnen doorberekenen aan Vivare en/of marktpartij als de ontwikkeling toch niet haalbaar is. Het college wil voor de zomer 2024 een stedenbouwkundig plan voor het modulaire woonproject afronden, inclusief participatie met de omgeving. Ook is dan helder of de businesscase voor alle partijen (gemeente, Vivare en marktpartij) haalbaar is. Hierna start de ruimtelijke procedure. De planning hangt onder andere af van de snelheid van de procedure, hoe snel levering van woningen mogelijk is, het bestelmoment van de woningen (na onherroepelijke omgevingsvergunning of eerder) en aansluiting op het elektriciteitsnetwerk. Binnen het voorbereidingskrediet modulair wonen van € 200.000 is ruimte voor projectbegeleiding en diverse onderzoeken in 2024. Wanneer het plan wordt ontwikkeld, maken we afspraken met partijen over doorberekening van deze plankosten. Er is gekozen voor participatietrede raadplegen. Omwonenden krijgen o.a. de schets gepresenteerd en kunnen daarop input leveren. Wanneer wijzigingen bijdragen aan een beter plan en passen binnen budget en planning, nemen we deze mee. Snelle realisatie staat voorop, om mensen die nu geen woning hebben of in een onwenselijke woonsituatie leven, te helpen.
Herontwikkeling Centrum Het realiseren van een aantrekkelijk Vitaal Centrum Duiven (VCD) In 2023 is een integraal schetsontwerp opgesteld met daarin de plannen van Woonzorg Nederland en WP Retail (fase 4). Het schetsontwerp wijkt op onderdelen af van de in 2022 vastgestelde kaders. Daarom wordt dit in 2024 aan de raad voorgelegd. De bouw van IKC is gestart. Oplevering vindt naar verwachting plaats op 20 december 2024. Na de kerstvakantie zullen de leerlingen beginnen in het nieuwe schoolgebouw. Bestemmingsplan Droopad is vastgesteld maar nog niet onherroepelijk. Met de voorbereiding van het ontwikkelproces is al wel begonnen. Binnenkort start een tenderprocedure voor de selectie van de ontwikkelende partij. Voor de plannen van Droopad en VCD fase 4 vormen de planologische procedures een risico voor de termijn van ontwikkeling. De planning voor vitaal centrum loopt door tot en met 2028.
32
3.A.3 Financiën
Participatie
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Programma 3 Omgeving
Herontwikkeling Centrum De huidige stand van zaken voor de diverse deellocaties wordt verwerkt in een geactualiseerde grondexploitatie VCD en vastgesteld bij de Jaarrekening. Bij het voorleggen van de nieuwe kaders voor VCD fase 4 wordt tegelijkertijd een financiële doorrekening aangeboden. Voorafgaand aan de benodigde ruimtelijke procedures worden per deelplan participatieen communicatieplannen opgesteld. Uitgangspunt is het collegebesluit van participatie op trede 1 en 2 voor alle deellocaties (informeren en raadplegen). Voor de openbare ruimte op het Remigiusplein geldt trede 3 (adviseren).
B. Gezonde, sociale en veilige leefomgeving 3.B.1 Doel Toelichting
Risico’s Planning Financiën Participatie
Transitie naar een definitief omgevingsplan Een definitief omgevingsplan waarin alle gemeentelijke verordeningen, regels voor de fysieke leefomgeving en bestemmingsplan zijn opgenomen. Met de komst van de Omgevingswet zijn alle ruimtelijk relevante regels (regels voor de fysieke leefomgeving) opgenomen in één tijdelijk omgevingsplan. Op dit moment staan deze ‘losse’ ruimtelijke regels, zoals bestemmingsplannen en verordeningen, nog op zichzelf. Maar het doel is dat de losse onderdelen in één definitief omgevingsplan hun plek krijgen. Intern: ambtelijke capaciteit; extern: digitaal systeem (DSO) Definitief omgevingsplan inclusief een digitaal (landelijk werkend) systeem 2031 Tot en met 2025 dekken het budget vanuit de gemeentebegroting en de extra middelen vanuit het rijk de noodzakelijk uitgaven. Daarna moet er extra budget komen. Kennisgevingsplicht en motiveringsplicht
C: Vitale Economie
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Programma 3 Omgeving
3.C.1 Doel
Toelichting
Risico’s Planning
33
Uitbreiding bedrijventerreinen Centerpoort-Noord en Graafstaete Twee omgevingsplannen opstellen, in procedure brengen en laten vaststellen door college en gemeenteraad. En een uitgiftestrategie ontwikkelen en uitvoeren. Het gaat om de omgevingsplannen voor de uitbreiding van de bedrijventerreinen CenterpoortNoord en Graafstaete met Centerpoort-Noord 2 en Graafstaete 2. Verder duurzaamheidsuitgangspunten en -doelstellingen bepalen en in uitvoering brengen. De inwerkingtreding van de Omgevingswet was uitgesteld tot 1 januari 2024. Daarom is voor Graafstaete 2 niet gewerkt aan een omgevingsplan, maar aan een (ontwerp van een) bestemmingsplan. Dit plan is in 2024 vastgesteld. Voor Centerpoort-Noord 2 wordt een omgevingsplan opgesteld. Door de economische groei van de afgelopen jaren zijn er in Duiven nagenoeg geen bedrijfskavels meer beschikbaar voor uitgifte. Het ontwikkelen van bedrijventerreinen is voor Duiven een belangrijk onderdeel van het economisch vestigingsbeleid. Door de uitstekende ligging langs de economisch aantrekkelijke A12/A15-as is Duiven een gewilde vestigingsplaats voor ondernemers uit de regio. Maar ook voor ondernemers die een binding hebben met Duiven. De bedrijventerreinen zijn van groot belang voor verdere economische ontwikkeling en leveren veel banen op. Risicomanagement is een dynamisch proces dat per projectfase verschilt.
We benoemen risico's per fase en treffen waar nodig beheersmaatregelen. Voor Centerpoort-Noord 2 geldt de volgende planning: • • • • •
Tender aanbesteding – afgerond in 2023 Participatie Q4 2023 – Q1 en Q2 2024 Opstellen omgevingsplan Q1 – Q2 2024 Start procedure omgevingsplan Q3 2024 Vaststelling omgevingsplan door gemeenteraad – Q4 2024
Voor Graafstaete 2 geldt deze planning:
Financiën
Participatie
3.C.2 Doel
• Participatie – afgerond in 2023 • Opstellen bestemmingsplan – afgerond in 2023 • Start procedure bestemmingsplan - Q4 2023 • Vaststelling bestemmingsplan door gemeenteraad – Q2 2024 De gemeenteraad heeft op 10 maart 2022 een krediet van € 5.760.000 beschikbaar gesteld voor de aankoop van gronden voor Centerpoort-Noord 2. En een voorbereidingskrediet van € 150.000 voor het opstellen van een omgevingsplan voor Centerpoort-Noord 2. Voor het opstellen van een bestemmingsplan voor Graafstaete 2 is ook een voorbereidingskrediet van € 150.000 beschikbaar gesteld. Bij de najaarsnota 2023 is een aanvullend krediet beschikbaar gesteld voor een proefsleuvenonderzoek voor archeologie op Graafstaete 2 en Centerpoort-Noord 2 en advisering over het decentraal energienetwerk op Centerpoort-Noord 2. Participatie is een belangrijke pijler onder de Omgevingswet. Het gaat dan om het vroegtijdig betrekken van belanghebbenden bij het proces van de besluitvorming over een project of activiteit. Zodat belangen, meningen en creativiteit tijdig op tafel komen. Hier is ervoor gekozen om belanghebbenden te informeren en te raadplegen (trede 2 op de participatieladder).
Liemerse Ambassade Optimale regionale samenwerking tussen de Liemerse gemeenten met onderwijs en ondernemers.
34
3.C.2 Toelichting
Risico’s
Planning
Financiën
Participatie
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Programma 3 Omgeving
Liemerse Ambassade In het coalitieakkoord 2023-2026 staat dat samenwerking in de regio van groot belang is. De Liemerse Ambassade wordt gezien als belangrijke organisatie, waar de gemeente samenwerkt met bedrijfslevens en onderwijs. De gemeente wil deze samenwerking de komende jaren intensiveren, onder meer als uitkomst van de evaluatie van de Liemerse Economische Visie (LEV) 2020-2023. De Liemerse Ambassade geeft ook de komende jaren uitvoering aan het Actieplan LEV 2024-2026. Dit gebeurt samen met de gemeenten Duiven, Westervoort, Zevenaar, Doesburg en Montferland. Er worden middelen ingezet voor onder meer het promoten van de logistiek en het toerisme in onze regio. Dat laatste met het project Kijk verder in de Liemers.Daarnaast is de Liemerse Ambassade betrokken bij een verkenning van de landbouw in de Liemers. Dit gebeurt met het opstellen van een gebiedsagenda en mogelijke oprichting van een landbouwnetwerk, samen met gemeenten, LTO Noord/Liemers-Montferland en Waterschap Rijn en IJssel. De Liemerse Ambassade is ook betrokken bij het LEADER-programma 2023-2027 voor de vijf Liemerse gemeenten. Dit is gericht op de ontwikkeling van de ‘landelijke’ delen van de Liemers. Projecten kunnen vanaf 1 mei 2024 worden ingediend. De Liemerse Ambassade geeft ook komende jaren uitvoering aan de Liemerse Economische Visie 2024-2026.
Uit de evaluatie in 2023 is gebleken dat extra inspanningen nodig zijn om ondernemers en onderwijs beter aan te haken. Dit om de gezamenlijke doelstellingen te halen. De evaluatie van de Liemerse Economische Visie 2020-2023 heeft geleid tot een Actieplan voor de periode 2024-2026. De Liemerse Ambassade heeft dit actieplan uitgewerkt tot een concreet Plan van Aanpak voor de periode tot en met 2026. In de programmabegroting is voor de Liemerse Ambassade voor 2024 en verder een bedrag van jaarlijks € 25.000 opgenomen. Voor uitvoering van de Liemerse Economische Visie 2024-2026 staat een bedrag van jaarlijks € 31.000. Daarnaast resteren beperkte middelen over de periode 2020-2023. Projecten die de Liemerse Ambassade oppakt, komen vaak vanuit de samenleving en worden samen uitgevoerd. Zoals het promoten van logistiek en vrijetijdseconomie, maar ook het LEADER-programma en de verkenning van de landbouw.
D: Bereikbaarheid 3.D.1 Doel
Borgen inpassing doortrekking A15 en verbreding A12 Een zo goed mogelijke inpassing van de doortrekking van de A15 en verbreding van de A12 voor de gemeenschap van Duiven.
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Programma 3 Omgeving
3.D.1 Toelichting
Risico’s
Planning
Financiën
Participatie
35
Borgen inpassing doortrekking A15 en verbreding A12 Sinds 2 oktober 2024 is het Tracébesluit ViA15 na zeven beroepsjaren eindelijk onherroepelijk. In de loop van 2025 verwachten wij dat de (fysieke) voorbereiding van het project ViA15 weer kan worden opgepakt. De gemeente blijft inzetten op een proactieve en constructieve grondhouding. Samen met regiopartners en de Stichting BOG A15 blijft de gemeente zich hard maken voor meekoppelkansen en maatwerkoplossingen. Dit richting en in samenwerking met Rijkswaterstaat, aannemersconsortium GelreGroen en andere opdrachtnemers. Maatwerk kan ook betekenen: afwijken van bestaande gemeentelijke (planologische) beleidskaders. De definitieve uitkomst van de beroepsprocedure tegen het Tracébesluit is inmiddels bekend. Er is groen licht voor de A15. Rijkswaterstaat en GelreGroen gaan nu hun contract herijken. Wat hiervan de planning is is nog onbekend. Wanneer de planning en/of realisatie van het infraproject uitloopt dan heeft dit ook gevolgen voor onze planning en inzet van middelen. De gemeentelijke inzet loopt minimaal tot de oplevering van A15/A12. De planning voor de openstelling loopt steeds verder uit. Naar verwachting blijft in elk geval de komende begrotingsperiode ambtelijke inzet nodig voor nazorg en afronding van het Project ViA15 richting de gemeente over bijvoorbeeld het onderliggende wegennet.
Het Tracébesluit moeten we vertalen in een omgevingsplan. In 2025-2026 hopen we het afstemmingstraject tussen de diverse landschapsplannen af te ronden. Dit is een gebiedsproces met de verschillende stakeholders, waaronder bewoners, en de aanplant van extra omgevingsmaatregelen. Als blijkt dat de gelden uit de voorziening en bestemmingsreserve onvoldoende zijn, sluit het college een extra kredietaanvraag niet uit. Dit voor vervangende inhuur bij onder andere de afdeling Realisatie & Beheer. De gemeente is regelmatig met de Stichting Bewonersoverleg Groessen A15 in gesprek. In dit bewonersoverleg zijn alle kernen en buurtschappen langs het tracé verenigd. Afhankelijk van de situatie zetten we de participatieladder in.
E: Klaar voor de toekomst 3.E.1 Doel
Toelichting
Duurzaamheid Doelstellingen per programmalijn zijn: • Energietransitie: 95% CO2-reductie in 2050 ten opzichte van 1990 en een CO2-neutrale elektriciteitsvoorziening in 2050. • Klimaatadaptatie: Klimaatbestendig en water-robuust in 2050. • Circulariteit: 100% circulair in 2050 Het programma Duurzaamheid bestaat uit drie samenhangende programmalijnen: Energietransitie, Klimaatadaptatie en Circulariteit (grondstoffentransitie). Dwars door deze programmalijnen heen ontwikkelen we een integrale aanpak voor bedrijven(terreinen).
36
3.E.1 Risico’s
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Programma 3 Omgeving
Duurzaamheid Ondanks gemeentelijke participatie is een risico dat samenwerking tussen inwoners, bedrijven, onderwijs en overheid onvoldoende van de grond komt en we onvoldoende stappen zetten richting de programmadoelstellingen. Voor het behoud en versterking van draagvlak voor maatregelen en acties is consistente communicatie van belang. Zo hebben we de afgelopen jaren gezien dat met name landelijke ontwikkelingen enorme impact hebben op draagvlak en de afkalving hiervan. Daarnaast is het een risico dat er financiële druk ontstaat door het uitblijven van structurele middelen van het Rijk aan gemeenten en daardoor, onvoldoende continuïteit hebben op gemaakte afspraken, inzet op beleid, initiatieven en/of allianties, waardoor kansen of allianties verloren gaan.
Planning
Tot slot is netcongestie een issue dat een (realisatie)risico vormt voor projecten rondom bijvoorbeeld grootschalige opwek, elektrificatie van bedrijfsprocessen en -transport en aardgasvrij. De planning is meerjarig. Het speerpunt blijft de komende jaren in toenemende mate, stevige aandacht vragen. Wettelijke doelstellingen, ambitiedocumenten en onderliggende programmeringen moeten meer concrete activiteiten geven voor de komende 4 jaar en een programmering op hoofdlijnen richting 2050. Aandachtspunt hierbij is dat externe ontwikkelingen regelmatig leiden tot bijsturing van planningen. Dit vereist flexibiliteit in de programmering. Belangrijke actiepunten voor 2025: • Energietransitie: ◦ Res 2.0 ◦ Herijken capaciteitsraming ◦ Ontwerpen monitoringsdashboard voor het programma ◦ Doorontwikkeling wijkuitvoeringsplan de Vergert ◦ Ruimtelijke inpassing zonneparken rondom InnoFase en de doorontwikkeling van de Smart Energy Hub InnoFase ◦ Vervolg aanpak energie armoede • Circulariteit: ◦ Verduurzamen verenigingen & -evenementen ◦ Circulair inkoopbeleid ◦ Implementatie CROW monitor • Klimaatadaptatie: ◦ Beleidsontwikkeling Biodiversiteit ◦ Implementatie Landelijke Maatlat Klimaatadaptatie ◦ Opstellen en uitvoeren subsidieregeling Klimaatadaptatie ◦ Klimaatadaptief maken van o.a.
Eilandplein en Liemers Plein • Bedrijventerreinen Opstellen Plan van Aanpak voor de verduurzamingsopgave van de bedrijventerreinen in de A12-zone (incl. netcongestie en laadinfra voor zover binnen onze cirkel van controle of invloed).
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Programma 3 Omgeving
3.E.1 Financiën
Participatie
37
Duurzaamheid • Voor de uitvoering van de programmalijn Energietransitie heeft de raad in totaal en structureel circa € 140.000 procesgeld beschikbaar gesteld (excl. bedrijfsvoeringskosten). • Voor de uitvoering van de programmalijn Circulariteit heeft de raad circa € 28.000 procesgeld beschikbaar gesteld tot en met 2025 (excl. bedrijfsvoeringskosten) • Voor de uitvoering van de programmalijn Klimaatadaptatie is totaal € 1.042.510 ter beschikking gesteld t/m 2027. De gemeente kan de ambities voor de drie programmalijnen alleen realiseren met grote inzet en betrokkenheid van inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Om hen actief te betrekken is communicatie en participatie in het ‘hart’ van het programma geplaatst. Hiertoe is een communicatiestrategie, het beeldmerk en platform ’Samen1Nergie’ en een participatiestrategie ontwikkeld. Daarnaast werkt de gemeente met ondernemersverenigingen samen om te komen tot een gedragen aanpak richting bedrijven(terreinen). Verder bereidt de gemeente samen met de klankbordgroep en juniorklankbordgroep nieuw beleid voor en haalt de gemeente nieuwe ideeën op. Ook is een stap gezet richting verenigingen en maatschappelijke organisaties.
3.3 Wat gaat het ons kosten? Kosten bestaand beleid Programma Omgeving
Lasten Baten Saldo voor bestemming Mutaties reserves Saldo na bestemming Incidentele baten en lasten Structureel saldo
Rekening 2023 15.915 10.915 -5.000 75 -4.925 - 474 - 5.399
Begroting 2024 17.464 10.562 - 6.901 1.339 - 5.562 190 - 5.372
Begroting 2025 15.147 9.166 - 5.982 1.010 - 4.972 0 - 4.972
Meerjarenraming 2026 2027 2028 15.069 14.893 13.930 9.443 9.526 8.334 - 5.626 - 5.367 - 5.596 680 424 424 - 4.946 - 4.943 - 5.172 0 0 0 - 4.946 - 4.943 - 5.172
Bedragen x € 1.000 2025 Reeds verwerkt in de cijfers: Speerpunten: Advisering Woonvisie/ uitvoering huisvestingsverordening Doorpakken woningbouw Dekking Algemene Reserve Wensen: Herinrichting Eilandplein openbare ruimte Herinrichting Eilandplein onderhoud groen Extra capaciteit riolering Dekking voorziening riool Bezuinigingsvoorstellen: Straatnamen en huisnummers Gladheidsbestrijding Ongediertebestrijding Markten Milieuonderzoek bodem Omgevingsvergunning
10.000
2026
2027
2028
10.000
10.000
10.000
100.000 -100.000
300.000 -300.000
300.000 -300.000
8.000 20.000 100.800 -100.800
8.000 20.000 100.800 -100.800
8.000 20.000 100.800 -100.800
8.000 100.800 -100.800
-2.000 -10.000 -1.000 -2.200 -1.000 -2.500
-2.000 -10.000 -1.000 -2.200 -1.000 -2.500
-2.000 -10.000 -1.000 -2.200 -1.000 -2.500
-2.000 -10.000 -1.000 -2.200 -1.000 -2.500
38
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Programma 3 Omgeving
2025 -4.500 -15.000 -11.824 -4.000 -18.000 -3.000 -26.624
Bewegwijzering Verkeersregelinstallaties Klimaatadaptatie Sportpark de Nieuweling Eilandplein 304 Gymzalen Verwerkt in het saldo
2026 -4.500 -15.000
2027 -4.500 -15.000
2028 -4.500 -15.000
-4.000 -36.000 -6.000 -29.800
-4.000 -36.000 -6.000 -29.800
-4.000 -36.000 -6.000 -49.800
Bedragen in €
3.4 Welke verbonden partijen zijn betrokken?
Doel
Taak
Beleidsrisico’s
Onze inzet in 2025
Doel Taak
Beleidsrisico’s
Onze inzet in 2025
Omgevingsdienst Regio Arnhem (ODRA) Gemeenschappelijke behartiging van de belangen van de deelnemers op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving in het omgevingsrecht. De ODRA bundelt de krachten. Zo is er minder versnippering, meer deskundigheid en een meer efficiënte inzet van middelen. Het uitvoeren van taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving in het omgevingsrecht voor gemeenten in de regio Arnhem en provincie Gelderland. Ook is de ODRA voor deze overheden het aanspreekpunt voor milieuvraagstukken. De ODRA is een uitvoeringsorganisatie. De beleidsrisico’s zijn dan ook zeer beperkt. Het uitvoerend beleid wordt afgestemd, maar de gemeente blijft zelf bevoegd om het resultaat van de afstemming over te nemen. Ook de ODRA heeft een bezuinigingsopgave doorgevoerd. Naast de taken die al bij de ODRA zijn belegd, gaan ook de meldingen asbest met bedrijfsmatige grondslag in 2025 naar de ODRA. Deze taak is onder de Omgevingswet duidelijker als basistaak beschreven en daarom dient de ODRA deze af te handelen. Het werkpakket krijgt hierdoor een kleine uitbreiding. Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen Verbeteren van het vestigingsklimaat voor inwoners en bedrijven in de regio Arnhem-Nijmegen, zowel nationaal als internationaal. Overleg voeren gericht op afstemming van beleid voor wonen, mobiliteit, economie en duurzaamheid.
Daarnaast wordt het Bureau Brussel (EU-lobby) op strategisch-inhoudelijk niveau aangestuurd. Beperkt. Het orgaan is een afstemmingsplatform dat geen beslissingen kan nemen voor de afzonderlijke gemeenten. Het beleid wordt afgestemd, maar de gemeente blijft zelf bevoegd om het resultaat van de afstemming over te nemen. Belangrijk is bij grote, complexe vraagstukken samen te werken om voldoende slagkracht te bereiken. Zowel ambtelijk als bestuurlijk is het daarom van belang om aangesloten te zijn bij de diverse opgaveteams en speerpunten. Ook in 2025 zullen we deze samenwerking voortzetten.
VGGM – Zie programma 1.
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Algemene Dekkingsmiddelen
39
Algemene Dekkingsmiddelen In de nieuwe opzet van onze programmabegroting zijn de meeste onderdelen van de Algemene Dekkingsmiddelen vooral onder Programma 1 Bestuur opgenomen. De Toeristenbelasting is verwerkt in Programma 3 Omgeving. Omdat de opsomming van Algemene Dekkingsmiddelen een verplicht onderdeel van de BBV is hebben we deze als aanvullend hoofdstuk in het Programmaplan opgenomen. Tevens zijn in dit hoofdstuk verplichte onderdelen over de post onvoorzien en de vennootschapsbelasting opgenomen. Als Algemeen Dekkingsmiddel worden de volgende onderdelen aangemerkt: • Belastingen. • Uitkering uit het Gemeentefonds. • Beleggingen. • Overige Algemene Dekkingsmiddelen. Algemene Dekkingsmiddelen Belastingen - Toeristenbelasting - Reclamebelasting - OZB Uitkering uit het Gemeentefonds - Algemene Uitkering - Integratie-uitkering Participatie - Decentralisatie-uitkeringen Beleggingen Overige Algemene Dekkingsmiddelen - Rente interne financiering Totaal
2025
2026
2027
2028
168.833 61.500 7.429.348
168.833 61.500 7.665.601
168.833 61.500 7.864.907
168.833 61.500 8.061.530
47.834.481 1.860.681 278.459 108.000
46.248.290 1.763.286 278.347 108.000
47.960.970 1.630.088 256.531 108.000
49.963.324 1.612.542 256.531 108.000
280.163 58.021.465
280.163 56.574.020
280.163 58.330.992
280.163 60.512.423
Bedragen in €, zie voorcalculaties (incl. voorgestelde verhogingen)
Belastingen Hieronder vallen de gemeentelijke belastingen, voor zover zijnde Algemene Dekkingsmiddelen. In Duiven zijn dat de onroerende-zaakbelastingen, de toeristenbelasting, de reclamebelasting en eerder de hondenbelasting. De toelichting op deze belastingen is opgenomen in de paragraaf Lokale heffingen. Uitkering uit het Gemeentefonds Uit het Gemeentefonds worden betaald de Algemene Uitkering, Integratie-uitkeringen en decentralisatie-uitkeringen. Algemene Uitkering Het belang van de meicirculaire is in de afgelopen jaren sterk toegenomen. Stijgende accressen, ontwikkeling van de uitkeringsbasis, financiering 3D-taken en veranderingen in het verdeelstelsel. Ook in de meicirculaire 2024 zitten alle elementen weer opgenomen.
Totaal Algemene Uitkering Bedragen in €
2025 47.834.481
2026 46.248.290
2027 47.960.970
2028 49.963.324
40
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Algemene Dekkingsmiddelen
Ten opzichte van de septembercirculaire 2023 zijn er de volgende mutaties: Uitkeringsjaar Volume accres historisch bbp LPO accres prijs bbp Ontwikkeling uitkeringsbasis (dec. circ.) Ontwikkeling uitkeringsbasis (mei circ.) Uitkeren verdeelreserve (dec. circ.) Incidentele compensatie Afrekening ruimte onder BCF plafond Afronding uitkeringsfactor WOZ waarden mutaties Handelsregister Compensatieregeling niet beoogde kosten jeugdzorg Wmo hulpmiddelen Landelijke Vreemdelingen Voorziening Uitvoeringskosten Omgevingswet Uitvoeringskosten lbv en lbv plus Gemeentelijke antidiscriminatie voorzieningen Werkdrukverlaging jeugdbescherming Ketensysteem jeugd Dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden Loon- prijsbijstelling Voogdij 18+ BRP experiment Suppletieregeling Bommenregeling DU Voorschoolse voorziening peuters DU Jeugdhulp kinderen in een AZC DU einde lening inburgeringsplichtig IU Participatie Hoeveelheidsverschillen Totaal
2024 -362.655 -623.766 -290.124 398.920 36.265 870.372 257.485 3.627 19.830 -1.357 -35.445 5.180 -17.472 109.498 13.028 3.500 38.050 -852 45.052 2.134 2.387 2.108 8 22.103 1.739 196.824 -475.895 220.545
Bedragen in €
In de meicirculaire 2024 zijn nieuwe ramingen verwerkt van de ontwikkeling van de uitkeringsbasis. De accres-ontwikkeling werkt in 2024 en 2025 negatief uit. In de jaren daarna loopt het volumeaccres wel weer wat op. In verband met de gewijzigde indexatie methode is ook het Loon Prijs Ontwikkelings accres (LPO-accres) negatief in alle jaren. Daarvoor wordt incidenteel gecompenseerd in 2024 en 2025. In de jaren daarna wordt gecompenseerd door het structureel schrappen van de opschalingskorting. De afrekening van het BCF 2023 levert geld op maar hiermee is vanaf 2025 in de ramingen al rekening gehouden. In deze verwerking zijn ook de gevolgen van de decembercirculaire meegenomen. Daardoor wordt nu ook het voordeel vanwege de uitbetaling van de verdeelreserve en het extra geld voor de uitvoeringskosten van de Omgevingswet verwerkt. Als gevolg van het wijzigen van diverse aantallen bij de maatstaven in de berekening daalt de Algemene Uitkering. Vooral de ontwikkeling van de maatstaf huishoudens met een laag inkomen met drempel pakt voor Duiven negatief uit. Verder zijn er aantal kleine taakmutaties en worden de eerder beschikbare bedragen voor taken licht bijgesteld. Voor de aanvullend ingediende declaratie in het kader van de Bommenregeling ontvangen we een klein bedag en de mutaties van de WOZ waarden zorgt voor een klein voordeel.
Integratie-uitkeringen De integratie-uitkeringen zijn bestemd om middelen via het Gemeentefonds te verdelen op een wijze die afwijkt van de bestaande verdeelsleutels. Het zijn uitkeringen met een tijdelijk karakter. Opzet is dat deze uitkeringen op korte of middellange termijn worden opgenomen in de
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Algemene Dekkingsmiddelen
41
reguliere Algemene Uitkering. Voor 2024 gaat het in Duiven alleen nog om de Integratie-Uitkering Participatie. Voor de Participatie ontvangen we in 2024 € 196.824 meer vanwege loon- en prijsindexatie, tegemoetkoming sociaal ontwikkelbedrijven, verhoging bijdrage beschut werk en Wsw extrapolatie. Overzicht Integratie-uitkeringen Omschrijving Participatie Totaal
2025 1.860.681 1.860.681
2026 1.763.286 1.763.286
2027 1.630.088 1.630.088
2028 1.612.542 1.612.542
Bedragen in €
Decentralisatie-uitkeringen De decentralisatie-uitkering (DU) is een variant op de integratie-uitkering. Het tijdstip van overheveling hoeft in het geval van een decentralisatie-uitkering nog niet bekend te zijn en daarnaast kan het ook om tijdelijke middelen gaan. De DU Versterking omgevingsveiligheidsdiensten en de DU Maatschappelijke begeleiding zijn gestopt. Voor de DU Voorschoolse voorziening peuters wordt € 8 meer uitgekeerd en voor de DU Armoedebestrijding kinderen vanaf 2025 € 5.602 minder. Overzicht Decentralisatie-uitkeringen Omschrijving DU Armoedebestrijding kinderen DU decentralisatie provinciale taken VTH DU Voorschoolse voorziening peuters DU Jeugdhulp aan kinderen in een AZC DU extra capaciteit BOA's DU Kwaliteitsborging bouw DU impulsgelden Weerbaar Bestuur/Veilig wonen Totaal
2025 2026 2027 2028 83.425 83.425 83.425 83.425 63.236 63.236 63.236 63.236 39.200 39.200 39.200 39.200 37.665 37.665 37.665 37.665 33.005 33.005 33.005 33.005 14.866 14.754 7.062 7.062 278.459 278.347 256.531 256.531
Bedragen in €
Decentralisatie Uitkering Armoedebestrijding kinderen Vanaf 2017 stelt het kabinet structureel gelden beschikbaar voor de bestrijding van de gevolgen van armoede onder kinderen. Verdeling vindt plaats via door het CBS ontwikkelde gegevens over kinderen met een kans op armoede. Voor Duiven een bedrag van € 83.425. Onder het taakveld 6.3 Inkomensregelingen zijn lasten van gelijke hoogte opgenomen. Decentralisatie Uitkering provinciale taken vergunningverlening, toezicht en handhaving Vanwege de overdracht van taken aan gemeenten op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) bij provinciale inrichtingen is in 2025 € 63.236 toegevoegd. De raming voor de kosten voor VTH wordt gelijk aan deze decentralisatie-uitkering verhoogd (budgettair neutraal). Decentralisatie Uitkering Voorschoolse voorziening peuters Rijk en gemeenten hebben bestuurlijke afspraken gemaakt over een aanbod voor alle peuters. Met deze afspraken wordt alle peuters de mogelijkheid gegeven om naar een voorschoolse voorziening te gaan. Via de afspraken zetten gemeenten zich actief in om een aanbod te realiseren voor de groep peuters zonder recht op kinderopvangtoeslag die nu niet naar een voorschoolse voorziening gaat. Decentralisatie Uitkering Jeugdhulp aan kinderen in een AZC
42
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Algemene Dekkingsmiddelen
In de septembercirculaire 2018 zijn gemeenten geïnformeerd dat zij vanaf 2019 volledig verantwoordelijk zijn voor de organisatie en financiering van jeugdhulp, inclusief de jeugd-ggz, aan kinderen in een AZC. Decentralisatie Uitkering Extra capaciteit BOA's Om de capaciteit van (wijk)agenten en BOA's in de openbare ruimte te vergroten heeft het Rijk extra gelden beschikbaar gesteld. In de openbare ruimte verrichten BOA's belangrijk werk in specialistische en complexe beleids- en wetsgebieden. In de afgelopen jaren zijn BOA's binnen hun bevoegdheid ook steeds meer taken gaan uitvoeren. Decentralisatie Uitkering Wet Kwaliteitsborging bouw De wet Kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) is per 1 januari 2023 gefaseerd in werking getreden. Er wordt gestart met de eenvoudigere bouwprojecten, daarna volgen eventueel de meer complexere projecten. De Wkb heeft als doel de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteitsborgers. Onder deze wet zullen kwaliteitsborgers zorgdragen voor het voldoen aan de bouwtechnische regels. Deze taken vervallen hiermee bij gemeenten die overigens wel het bevoegd gezag blijven houden. Tegelijkertijd wijzigen bepaalde wettelijke taken en krijgen gemeenten er extra wettelijke taken bij, zoals registratie en beoordeling van de Wkb-meldingen.
Hieronder vallen onder andere bouwmeldingen, gereed meldingen en informatieverstrekking van de start en einde van bouwwerkzaamheden. Voor de invoering en de uitvoering van de wet wordt via deze decentralisatie uitkering geld beschikbaar gesteld. Decentralisatie Uitkering Weerbaar Bestuur/Veilig wonen De veiligheid van decentrale bestuurders is een vereiste voor het goed functioneren van het openbaar bestuur. Per 1 oktober 2023 wordt de werkgeversverantwoordelijkheid voor hun veiligheid daarom geëxpliciteerd met een wijziging van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers. Ten behoeve van een veilige woonplek krijgen decentrale bestuurders een beveiligingsadvies op maat aangeboden. Bij de advisering zal een breder pakket van preventieve maatregelen worden gehanteerd, waaronder fysieke, elektronische en digitale maatregelen. Gemeenten dienen op basis van de nieuwe regeling het beveiligingsadvies altijd over te nemen en de uitvoering van de veiligheidsmaatregelen te bekostigen. Vanuit het programma Weerbaar Bestuur wordt hier een tegemoetkoming tegenover gesteld voor de periode 2023-2026. Septembercirculaire De financiële gevolgen van de septembercirculaire kunnen van groot belang zijn voor deze begroting.
Door de stijging van de accressen, het eerder invoeren van de opschalingskorting, de ontwikkeling van de uitkeringsbasis en aanpassingen van de maatstaven of het niet toekennen van eerder toegezegde extra gelden voor Jeugdzorg ontstaan in alle jaren grote verschillen. Het is dit jaar niet gelukt de septembercirculaire in deze begroting te verwerken. Via een kennisgeving zal de gemeenteraad nog voor de begrotingsbehandeling op de hoogte worden gesteld van de financiële gevolgen. De septembercirculaire zal in de Najaarsnota worden verwerkt. Beleggingen Betreft het rendement van deelname in maatschappelijk kapitaal van instellingen en ondernemingen. Het productie- en leveringsbedrijf van de Nuon is verkocht. Het netwerkbedrijf van de Nuon is niet verkocht en heeft de naam Alliander gekregen.
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Algemene Dekkingsmiddelen
43
Overige Algemene Dekkingsmiddelen Dit gaat om de rente interne financiering. Specifiek om de rente die we nu nog bijschrijven op de voorzieningen. Onvoorzien Deze post dient ter dekking van de in de loop van het begrotingsjaar optredende onvoorziene, onvermijdbare en onuitstelbare niet geraamde uitgaven. Dit budget is niet per programma verdeeld, maar als totaalpost in de begroting opgenomen. Voor 2025 is geen bedrag geraamd. Vennootschapsbelasting Met ingang van 2016 zijn gemeenten voor een aantal activiteiten, zoals de grondexploitatie, vennootschapsbelastingplichtig. Voor de jaren tot en met 2021 is inmiddels een definitieve aanslag ontvangen. De aangifte voor het jaar 2022 is in april 2024 verstuurd. De aangifte kwam uit op een resultaat van € 59.458. Verwacht wordt dat de aangifte over het jaar 2023 in de tweede helft van 2024 wordt verstuurd. Hiervoor is door de belastingdienst uitstel verleend tot 1 mei 2025.
44
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Beleidsbegroting - Paragrafen
Beleidsbegroting - Paragrafen Paragraaf 1 Paragraaf 2 Paragraaf 3 Paragraaf 4 Paragraaf 5 Paragraaf 6 Paragraaf 7 Paragraaf 8 Paragraaf 9
Lokale heffingen Weerstandsvermogen en Risicobeheersing Onderhoud Kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid Rechtmatigheid Duurzaamheid
Paragraaf 1 Lokale heffingen 1.1 Algemeen Deze paragraaf bevat informatie over gemeentelijke belastingen. De gemeentelijke belastingen zijn te onderscheiden in drie typen belastingen. De algemene belastingen, de bestemmingsheffingen en de retributies. Na de Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds zijn dit de belangrijkste inkomstenbronnen van de gemeente. Het aandeel van de gemeentelijke belastingen in het totaal van de inkomsten op basis van de begroting 2025 is 25%. Algemene belastingen zijn belastingen waarvan de opbrengsten ten goede komen aan de algemene middelen van de gemeente. Dit betekent dat de opbrengsten van deze belastingen niet voor een specifiek en wettelijk bepaald doel maar voor alle gemeentelijke taken en voorzieningen mogen worden ingezet. De onroerende-zaakbelastingen (hierna: OZB), en de toeristenbelasting behoren tot deze categorie. De reclamebelasting feitelijk ook maar daar is in de gemeente Duiven wel een specifiek doel aan gekoppeld. Bestemmingsheffingen zijn belastingen waarvan de opbrengsten zijn bestemd voor specifieke voorzieningen met een duidelijk algemeen belang. Onder deze categorie vallen de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Retributies zijn belastingen die worden geheven als er door of namens de gemeente een specifiek product of een specifieke dienst wordt verleend. De leges, de lijkbezorgingsrechten en de marktgelden behoren tot deze categorie.
Voor bestemmingsheffingen en retributies geldt dat er geen winst mag worden gemaakt. De opbrengst mag daarom niet hoger zijn dan de kosten die worden gemaakt om het product of de dienst te verlenen. In de gemeente Duiven worden diverse belastingen geheven, te weten OZB, afvalstoffenheffing, rioolheffing, toeristenbelasting, reclamebelasting en rechten (o.a. leges). 1.2 Belastingopbrengsten In onderstaand overzicht zijn de geraamde belastingopbrengsten voor het jaar 2025 opgenomen. De geraamde opbrengsten voor 2024 zijn ter vergelijking bijgevoegd.
OZB Afvalstoffenheffing
Begroting 2025 7.429.348 3.479.433
Begroting 2024 6.725.107 3.066.641
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Paragraaf 1 Lokale heffingen
Rioolheffing Toeristenbelasting Reclamebelasting Lijkbezorgingsrechten Marktgelden Leges omgevingsvergunning Leges Huuropbrengst sport Totaal
45
Begroting 2025 2.439.051 168.833 61.500 194.168 45.321 796.668 362.242 258.472 15.239.716
Begroting 2024 2.848.737 168.833 62.250 60.000 2.639 785.971 360.173 256.494 13.334.803
Bedragen in €
1.3 Ontwikkeling tarieven De inwoners van de gemeente krijgen jaarlijks een aanslag gemeentelijke belastingen. Voor de beoordeling van de lastendruk zijn de tarieven dan ook van groot belang. De ramingen en de tarieven in de voorcalculaties zijn gebaseerd op de tarieven 2024. Een voorstel tot aanpassing van de tarieven vindt plaats in de financiële begroting. Bij aanpassing van de tarieven zal kritisch worden beoordeeld in hoeverre tariefstijging plaats dient te vinden. Daarbij wordt steeds een efficiënte en klantgerichte uitvoering van diensten en producten nagestreefd. Uitzonderingen hierop zijn de ramingen voor afvalstoffenheffing, rioolheffing, lijkbezorgingsrechten, marktgelden en leges omgevingsvergunning. Deze ramingen zijn gebaseerd op de geraamde kosten voor 2025 en de berekende tarieven voor 2025. Er is voor deze werkwijze gekozen omdat het voor genoemde heffingen en rechten noodzakelijk is om de kostendekkendheid voor 2025 te bepalen. Het is namelijk wettelijk niet toegestaan dat deze heffingen en rechten meer dan kostendekkend zijn. Naast kostenontwikkelingen (bijvoorbeeld inzameling- en verwerkingsprijzen afval) wordt normaal gesproken uitgegaan van een indexering van de tarieven 2024 met 3,45% voor loon- en prijsontwikkelingen overeenkomstig het percentage BBP (Bruto Binnenlands Product) uit de meicirculaire gemeentefonds 2024 (voor 2026 3,18%, voor 2027 2,6% en voor 2028 2,5%).
Verder wordt het uitgangspunt gehanteerd dat afvalstoffenheffing, rioolheffing, leges omgevingsvergunning en leges kostendekkend zijn. Voor lijkbezorgingsrechten en marktgelden is het uitgangspunt om zoveel mogelijk kosten te verhalen. Hieronder zijn de belastingtarieven voor het jaar 2025 vermeld. In het overzicht zijn, ter vergelijk, de tarieven voor 2024 opgenomen. De tarieven van de rechten, waaronder de leges en tarieven huur sportaccommodaties zijn divers. Daarom zijn deze tarieven niet opgenomen in het overzicht. Belastingsoort OZB eigenarenbelasting: - woningen, % van vastgestelde waarde - niet-woningen, % van vastgestelde waarde OZB gebruikersbelasting niet-woningen, % van vastgestelde waarde Afvalstoffenheffing vastrecht Afvalstoffenheffing variabel: - per lediging 140 liter container restafval - per lediging 240 liter container restafval - per storting ondergrondse container
Tarief 2025
Tarief 2024
0,1117 0.2109 0,1615 244,21
0,1030 0,1945 0,1489 208,36
8,61 15,33 2,41
8,61 15,33 2,41
46
Rioolheffing, per m3 Toeristenbelasting: - hotel, hostel, pension en B&B - kampeerterrein en camperplaats Reclamebelasting, Centrum Duiven
Programmabegroting Duiven 2025-2028 - Paragraaf 1 Lokale heffingen
1,94
1,88
2,00 1,10 750,00
2,00 1,10 750,00
Bedragen in €
In de meicirculaire 2024 is aangegeven dat er een landelijk gemiddelde waardestijging van 3,5% voor woningen en 1,25% voor niet-woningen wordt verwacht. De gemiddelde waardestijgingen voor Duiven zijn nog niet bekend. Daarom is voor de berekening van de OZB-tarieven 2024 uitgegaan van de oude Duivense waarden. Alle OZB-tarieven worden nog herzien op basis van de daadwerkelijke waardeontwikkeling in de gemeente Duiven. Een wijzigingsvoorstel hiertoe wordt in december 2024 aan de gemeenteraad voorgelegd. 1.4 Regelgeving Gemeenten kennen een gesloten belastingstelsel. Dit betekent dat een gemeente een belasting alleen kan heffen als een wet daar nadrukkelijk de bevoegdheid toe geeft. Het beleid betreffende de gemeentelijke belastingen is opgenomen in landelijke wet- en regelgeving. De belastingtarieven zijn opgenomen in onderstaande belastingverordeningen. - "Verordening onroerende-zaakbelastingen 2025". - "Verordening afvalstoffenheffing 2025". - "Verordening rioolheffing 2025". - "Verordening toeristenbelasting 2025". - "Verordening reclamebelasting 2025" - "Verordening lijkbezorgingsrechten 2025". - "Verordening marktgelden 2025". - "Verordening leges omgevingsvergunning 2025". - "Legesverordening 2025". In de verordeningen zijn verder bepalingen opgenomen ter uitvoering van de heffing en de invordering van gemeentelijke belastingen.