CConstaterende datDronten
Koppel je AI →
Document · PDF

44a4f779-573b-489f-b66b-52136cac6ca2.pdf

Raadsvergadering 30 november 2023, gemeente DrontenBij agendapunt: 9: Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan Hanzekwartier Spoorzone (2042)20.709 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Uit het bodemonderzoek blijkt dat er op de onderzoekslocatie geen bodemverontreiniging is aangetroffen die een belemmering zou kunnen vormen bij de voorgenomen ontwikkeling. Voor nikkel, kobalt en zink geldt een lichte overschrijding van de achtergrondwaarden, maar deze brengen geen risico's met zich mee. Dit geldt ook voor de lichte overschrijding aan barium in het grondwater. Er heeft geen onderzoek plaatsgevonden naar het voorkomen van asbest. Het terrein is evenwel niet asbest-verdacht. Conclusie Op basis van de uitgevoerde onderzoeken voor bestemmingsplan Hanzekwartier en het aanvullend bodemonderzoek voor het plangebied van de Spoorzone kan worden geconcludeerd dat vanuit het aspect bodemkwaliteit geen belemmeringen zijn te verwachten voor de beoogde ontwikkeling. De gronden zijn geschikt bevonden voor het beoogde doel voor wonen en het stallen van fietsen. Bij verkoop van de kavels zal de gemeente Dronten een schone grond verklaring uitgeven, waarmee gedekt is dat de gronden die nu in gebruik zijn als gronddepot ook de beoogde bodemkwaliteit hebben bij oplevering.

4.7

Geluid

Op grond van de Wet geluidhinder (Wgh) geldt rond wegen met een maximumsnelheid hoger dan 30 km/uur, spoorwegen en inrichtingen die 'in belangrijke mate geluidhinder veroorzaken', een geluidzone. Bij de ontwikkeling van nieuwe geluidsgevoelige objecten binnen deze geluidzones moet akoestisch onderzoek worden uitgevoerd om aan te tonen dat de ontwikkeling voldoet aan de voorkeursgrenswaarden die in de wet zijn vastgelegd. De woningen zijn nieuwe geluidsgevoelige objecten om die reden is dan ook een akoestisch onderzoek voor onder andere dit plangebied uitgevoerd. In bijlage 8 is het akoestisch onderzoek bijgevoegd. Hieronder wordt kort ingegaan op de belangrijkste conclusies voor het plangebied. Wegverkeerslawaai Uit de berekeningsresultaten blijkt dat niet overal aan de (huidige) voorkeursgrenswaarde van Lden = 48 dB kan

34/748

worden voldaan, ten gevolge van het wegverkeer op De Noord, Ottodreef/Energieweg en het Gangboord. Ten gevolge van deze wegen wordt de maximale ontheffingswaarde van Lden = 63 dB niet overschreden. Het toepassen van maatregelen is onderzocht, maar naar verwachting zijn deze maatregelen onvoldoende doelmatig, dan wel vanuit stedenbouwkundige/landschappelijke niet gewenst. Railverkeerslawaai Uit de berekeningen blijkt dat niet overal aan de voorkeursgrenswaarde van Lden = 55 dB kan worden voldaan, ten gevolge van het spoortraject Lelystad – Zwolle (Hanzelijn). Bij een bouwhoogte van maximaal 12 meter wordt de maximale ontheffingswaarde van Lden = 68 dB echter niet overschreden. In het akoestisch onderzoek is aangegeven welke mogelijkheden er zijn ter reductie van de geluidbelasting. Hier is aangegeven dat bronmaatregelen niet mogelijk zijn, maar dat het plaatsen van een geluidscherm aan de zuidzijde van wel tot de mogelijkheden behoort. Afhankelijk van de hoogte hiervan, wordt aan de voorkeurgrenswaarde voldaan of is een lagere geluidbelasting van toepassing. Voor dit bestemmingsplan wordt voorgesteld wordt om de geluidcontouren die zijn uitgerekend bij een hoogte van 12 meter vast te leggen als hogere waarde contouren en hiervoor een generieke hogere waarde te verlenen. De procedure hiervoor loopt gelijk op met de procedure van dit bestemmingsplan.

Omdat de hogere waarden ook worden toegepast voor het berekenen van de benodigde geluidwering, betekent een generieke hogere waarde een goede borging voor het akoestisch binnenklimaat binnen de woningen. Conclusie Voor de woningen in het plangebied wordt niet voldaan aan de voorkeurgrenswaarden maar wel aan de maximale ontheffingswaarden. Het bestemmingsplan is binnen de Wgh uitvoerbaar en er wordt een een hogere waarden besluit genomen.

4.8

Luchtkwaliteit

In hoofdstuk 5 van de Wet milieubeheer zijn de grenswaarden op het gebied van de luchtkwaliteit vastgelegd. Daarbij zijn in de ruimtelijke ordeningspraktijk met name de grenswaarden voor stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM10) van belang. Projecten die slechts in zeer beperkte mate bijdragen aan de luchtverontreiniging, zijn op grond van het Besluit niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen) daarbij vrijgesteld van toetsing aan de grenswaarden. Op grond van de Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen) zijn (onder andere) de volgende projecten vrijgesteld van toetsing: woningbouwprojecten met minder dan 1.500 woningen; projecten die minder dan 3% van de grenswaarde voor stikstofdioxide of fijnstof bijdragen. Dit komt overeen met 1,2 µg/m3. Toetsing en uitgangspunten voor het bestemmingsplan Uit de grootschalige concentratie en depositiekaart Nederland blijkt dat in het plangebied in 2025 geen overschrijding van de normen plaatsvinden. De stikstofdioxide-concentratie (NO2) lager is dan 10 µg/m3 (norm 40 µg/m3) en de fijnstof-concentratie tussen 10-20 µg/m3 (norm 40 µg/m3). Zoals uit de structuurvisie voor het Hanzekwartier blijkt, worden er in het totale Hanzekwartier ruim 1.300

35/748

woningen (twee ontsluitingswegen), 26.500 m2 kantoren, 7.000 m2 leisure en 6.000 m2 kleinschalige commerciële ruimtes gerealiseerd. Omdat ook een groot bedrijventerrein qua functie wordt beëindigd, blijft dit programma ruimschoots onder de 3% van de grenswaarde voor stikstofdioxide of fijnstof. De ontwikkeling in het gebied Havenkade van voorliggend bestemmingsplan is slechts een onderdeel van de totale ontwikkeling in het Hanzekwartier waarbij bedrijventerrein wordt omgezet in woongebied, waardoor de ontwikkeling in dit plan eveneens ruim onder de grenswaarden blijft. Nader onderzoek kan dan ook achterwege blijven. Conclusie Ten aanzien van het aspect luchtkwaliteit zijn er geen belemmeringen voor dit bestemmingsplan.

4.9

Externe veiligheid

Externe veiligheid gaat over het beheersen van de risico's die ontstaan voor de omgeving bij het gebruik, de opslag en het vervoer van gevaarlijke stoffen, zoals vuurwerk, LPG en munitie. Sinds een aantal jaren is er wetgeving over 'externe veiligheid' om de burger niet onnodig aan te hoge risico's bloot te stellen. De normen voor externe veiligheid zijn vastgelegd in onder andere het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), Besluit externe veiligheid transportroutes (BEVT) en het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb). Toetsing en uitgangspunten voor het bestemmingsplan In het plangebied komen geen risicovolle inrichtingen voor. Direct ten noorden van het plangebied ligt wel de spoorlijn (Hanzelijn) en bevindt zich een aardgastransportleiding van de Gasunie. Spoorlijn Voor de Hanzelijn is - in het kader van het Tracébesluit - berekend dat het PR 10-6 (plaatsgebonden risico) gelegen is op maximaal 26 meter vanuit het hart van de tweesporige spoorbaan. Daar waar meer dan twee sporen liggen wordt de contour gemeten uit het hart van de twee buitenste sporen. Bepalend in de omvang van de PR-contour is het vervoer van zeer brandbare vloeistoffen (stofcategorie C3). Op basis van de huidige regelgeving zijn binnen deze 26 meter contour geen kwetsbare bestemmingen toegestaan.

Met de voorgenomen ontwikkeling worden ook geen kwetsbare bestemmingen binnen de veiligheidscontour van 26 meter uit het spoor gerealiseerd. Het plangebied is op circa 40 meter afstand gelegen van het hart van de spoorlijn. De richtlijnen voor het plaatsgebonden risico leveren dan ook geen knelpunten op voor de voorgenomen ontwikkeling. Als onderdeel van het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) is op 1 april 2015 tevens het basisnet in werking getreden. Het basisnet verhoogt de veiligheid van mensen die wonen of werken in de buurt van rijksinfrastructuur (auto-, spoor- en vaarwegen) waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. In de regeling ligt vast wat de maximale risico's voor omwonenden mogen zijn. Bovendien zorgt het basisnet ervoor dat gevaarlijke stoffen tussen de belangrijkste industriële locaties in Nederland en het buitenland vervoerd kunnen blijven worden. Als een bestemmingsplan betrekking heeft op een gebied dat geheel of gedeeltelijk gelegen is binnen 200 meter van een (basisnet)transportroute voor gevaarlijke stoffen (waarvan sprake is in dit geval), moet in de toelichting ingegaan worden op de dichtheid van personen in het invloedsgebied van de transportroute op het

36/748

tijdstip waarop het plan wordt vastgesteld. Hierbij moet rekening worden gehouden met de personen die a) in dat gebied reeds aanwezig zijn, b) in dat gebied op grond van het geldende bestemmingsplan redelijkerwijs te verwachten zijn en c) de redelijkerwijs te verwachten verandering van de dichtheid van personen in het gebied waarop dat plan betrekking heeft. Het voorliggend plan is een uitwerking op het bestemmingsplan Hanzekwartier uit 2015. Voor het bestemmingsplan Hanzekwartier zijn risicoberekeningen uitgevoerd en is het groepsrisico verantwoord. Zie hiervoor bijlage 14, 15 en 16 in het bestemmingsplan Hanzekwartier 2015. Hieruit blijkt dat woningbouwontwikkeling binnen het plangebied Spoorzone planologisch mogelijk gemaakt kan worden. Het voorliggende plan voegt geen extra risico's toe, ten opzichte van de huidige planologische mogelijkheden. Gelet op het vorenstaande hoeft niet nader ingegaan te worden op de personendichtheid in het plangebied. Aardgastransportleiding Voor de aardgastransportleiding is in het voorgaande bestemmingsplan Hanzekwartier uit 2015 een groepsrisicoverantwoording opgesteld waarin de transformatie van het Hanzekwartier tot een woonomgeving is betrokken. De verantwoording voor de gasleiding (en ook voor de spoorlijn) is terug te vinden in bijlage 15 en 16 van het bestemmingsplan Hanzekwartier 2015.

Het groepsrisico bij een nieuwe ontwikkeling wordt aanvaardbaar geacht. Aanvullend onderzoek naar externe veiligheid van de transportleiding is niet nodig omdat groepsrisico al eerder is onderzocht en toelaatbaar wordt geacht voor woningbouw ter plaatse. Conclusie In het plangebied is - ook in de toekomstige situatie - sprake van een verantwoorde veilige situatie. Ten aanzien van het aspect externe veiligheid zijn er geen belemmeringen voor dit bestemmingsplan.

4.10 Kabels en leidingen In (de omgeving van) het plangebied kunnen kabels en leidingen aanwezig zijn die beperkingen opleveren voor de bouwmogelijkheden in het plangebied. Hierbij valt te denken aan hoogspanningsverbindingen, waterleidingen en straalpaden. Toetsing en uitgangspunten voor het bestemmingsplan In het plangebied liggen geen kabels en leidingen die een belemmering vormen voor dit bestemmingsplan. Het straalpad behoeft niet te worden opgenomen. Wel zal onderhavig bestemmingsplan in het kader van het vooroverleg aan de leidingbeheerder worden toegestuurd. Conclusie Ten aanzien van het aspect kabels en leidingen zijn er geen belemmeringen voor dit bestemmingsplan.

4.11 Trillingen Algemeen Het plangebied Dronten – Hanzekwartier Spoorzone ligt op relatief korte afstand van de Hanzelijn (spoorlijn Zwolle-Lelystad). De kortste afstand bedraagt circa 40 meter tot het hart van de spoorlijn. In algemene zin geldt dat door het rijden van treinen over de spoorlijn trillingen kunnen worden opgewekt, die zich voortplanten door

37/748

de bodem en vervolgens gebouwfunderingen kunnen aanstoten en in trilling kunnen brengen. Deze trillingen planten zich voort in de gebouwconstructie. Eventuele (objectiveerbare) trillinghinder is afhankelijk van de optredende trillingssterkten en de mate van voorkomen (hoe vaak is een trilling voelbaar). In Nederland bestaan op dit moment geen wettelijke regelingen en normen, die duidelijke grenswaarden met een beoordelingssysteem voor trillingen geven. Sinds 1993 is er wel de meet- en beoordelingsrichtlijn van de SBR “Trillingen deel B – Hinder voor personen in gebouwen”, waarin streefwaarden worden gegeven, waarbij redelijkerwijs mag worden aangenomen dat er geen hinder optreedt. De SBR-publicatie is in 2002 geactualiseerd. Vanwege de toenemende aandacht voor trillingen en trillinghinder langs spoorlijnen (met name waar veelvuldig goederentreinen rijden) is er sinds mei 2019 de “Handreiking Nieuwbouw en Spoortrillingen” (Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat). In de Handreiking wordt twee afstandscriteria aangegeven ten aanzien van de beoordeling van het aspect trillingen. Vindt een plan of project plaats binnen een afstand van 100 meter van een spoorlijn, dan wordt geadviseerd een quickscan trillinghinder uit te voeren op basis van paragraaf 10.1 van de Handreiking.

Vindt een plan of project plaats binnen 250 meter afstand van een spoorlijn, dan moet worden beoordeeld in hoeverre klachten, bodemopbouw en/ of het treinbeeld aanleiding geven voor het doen van nader onderzoek. Toetsing en uitgangspunten voor het bestemmingsplan Voor het plangebied is de situatie ten aanzien van spoortrillingen beoordeeld op basis van een quickscan zoals beschreven in paragraaf 10.1 van de Handreiking, waarin tevens is aangegeven dat bij voorkeur ook aandacht wordt besteed aan eventuele ontwikkelingen aan de bron (wijzigingen aan het spoor, wijzigingen in treintypen, et cetera). In de Handreiking staan de volgende informatiebronnen genoemd die gebruikt kunnen worden voor een quickscan: bodemgesteldheid en opbouw, ligging waterpartijen, treinbeeld, locatie ES-lassen, wissels en overgangsconstructies, locatie bebouwing en type bebouwing en eventuele toekomstige wijzigingen aan het spoor. Wat betreft de bodemgesteldheid geldt dat in Dronten sprake is van kleigrond, waarin de overdracht van trillingen minder goed is in vergelijking met bijvoorbeeld veen en zand (gunstig). De Hanzelijn is een relatief nieuwe spoorlijn, ter hoogte van het plangebied gelegen op een zwaar dijklichaam. Dit dijklichaam zorgt ervoor dat de opgewekte trillingen voor een groot deel worden geabsorbeerd in het dijklichaam.

Voor het treinbeeld geldt dat op basis van het Geluidregister Spoor er per etmaal circa 800 rekeneenheden over het spoor rijden, waarvan circa 50% goederentreinen. Een toename van het treinverkeer op deze spoorlijn wordt niet verwacht. Wel wordt rekening gehouden met de instroom van nieuw NS-materieel. Vanwege de ligging nabij het station Dronten is de rijsnelheid voor stoptreinen laag wat een gunstig effect heeft op het opwekken van bodemtrillingen. Hoewel een deel van het plangebied op relatief korte afstand van het spoor is gesitueerd, is het op grond van bovenstaande niet aannemelijk dat hinder vanwege spoortrillingen zal optreden. Tenslotte dient te worden opgemerkt dat op andere locaties langs de spoorlijn in Dronten bestaande woningen binnen het invloedsgebied van de Hanzelijn zijn gelegen. Er zijn geen klachten bekend ten aanzien van trillingshinder afkomstig van bewoners uit Dronten.

38/748

Conclusie Concluderend wordt gesteld dat een nader aanvullend onderzoek niet noodzakelijk wordt geacht en dat in het kader van bovengenoemde Handreiking deze quickscan toereikend is voor het aspect trillingen.

4.12 Verkeer en parkeren Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de extra verkeersgeneratie die ontstaat door een nieuwe ontwikkeling. Op basis van de publicatie 'Toekomstbestendig parkeren' (publicatie 381, december 2018) van het CROW kan de verkeersgeneratie van de ontwikkeling berekend worden. De kencijfers zijn landelijk (en juridisch) geaccepteerd en worden gezien als de meest betrouwbare gegevens met betrekking tot het bepalen van de verkeergeneratie en het benodigde aantal parkeerplaatsen. Overigens wordt opgemerkt dat bij iedere functie, in de CROW-publicatie, een maximum en minimum wordt genoemd. Dit is de bandbreedte. Veelal wordt bij nieuwe ontwikkelingen het gemiddelde gehanteerd. De gemeente Dronten heeft een Nota Parkeernormen Dronten 2016 waarin normen en voorwaarden aan parkeervoorzieningen zijn opgenomen. Voor het plangebied, wat valt onder het Hanzekwartier, gelden op basis van de parkeernota de volgende uitgangspunten: Stedelijkheidsgraad: Matig stedelijk; Stedelijke zone: Schil centrum. Ten aanzien van de rekenmethode voor parkeerplaatsen op basis van de gemeentelijke parkeernota wordt nog het volgende opgemerkt. Een bouwplan dient in beginsel op eigen terrein aan de parkeerplaatsverplichting te voldoen.

Met het begrip “parkeren op eigen terrein” wordt bedoeld: ruimte voor parkeren of stallen van auto's in, op of onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw hoort, passend binnen het vigerende bestemmingsplan. Parkeerplaatsen op eigen terrein bij woningen worden niet altijd volledig meegerekend in de gerealiseerde parkeerplaatsen. Deze plaatsen worden immers vaak voor andere doeleinden gebruikt dan parkeren van auto's. De mate waarin parkeren op eigen terrein wordt meegerekend (afhankelijk van de parkeervoorziening) is opgenomen in onderstaande tabel 2.1.

Tabel 4.1

39/748

Parkeren op eigen terrein (Bron: Nota Parkeernormen Dronten 2016)

Parkeren Voorliggend initiatief gaat uit van de realisatie van 120 woningen. Conform het gemeentelijke beleid is het uitgangspunt om parkeren op het eigen terrein op te lossen. In het ontwerp van de nieuwe woonwijk is rekening gehouden met dit uitgangsprincipe. Daarnaast worden er ook een deel openbare parkeerplaatsen gerealiseerd. In de regels van dit bestemmingsplan is opgenomen dat bij het bouwen van nieuwe woningen moet worden voldaan aan de parkeernormen van de gemeente. Daarmee is dit aspect juridisch geborgd. Ontsluiting Het Hanzekwartier is gunstig gelegen tussen het centrum en station Dronten aan de invalsweg en doorgaande route De Noord. De Noord zorgt voor een goede aansluiting op de regionale infrastructuur. Door het Hanzekwartier, waar verblijven centraal staat en wat is ingericht als behorende bij een woonkarakter, wordt voor fietsers en voetgangers een langzaam verkeersroute "de slinger" gerealiseerd. De omliggende wegen De Noord, De Energieweg, Het Gangboord en De Oeverloper hebben een doorstroomfunctie met 50 km/uur. Tussen De Energieweg en Het Gangboord loopt een secundaire route. Op deze route takken de woonstraten als lussen aan. Alle wegen in het gebied krijgen het karakter van woonstraten met 30 km/uur, ingericht voor bestemmingsverkeer. Conclusie De verkeersontsluiting van het plangebied is goed.

Bovendien zullen voldoende parkeerplaatsen worden aangelegd ten behoeve van de nieuwe functies in het gebied.

4.13 Vormvrije mer-beoordeling Beleid en normstelling In onderdeel C en D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van het omgevingsvergunning plan-m.e.r.-plichtig, project-m.e.r.-plichtig of m.e.r.-beoordelingsplichtig zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen. Indien een activiteit onder de drempelwaarden blijft, dient alsnog een vormvrije m.e.r.-beoordeling uitgevoerd te worden, waarbij onderzocht dient te worden of de activiteit belangrijke nadelige gevolgen heeft voor het milieu, gelet op de omstandigheden als bedoeld in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling. Deze omstandigheden betreffen de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële (milieu)effecten. Per 16 mei 2017 is de regelgeving voor de MER en m.e.r.-beoordeling gewijzigd met daarin een nieuwe procedure voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling. Voor de ontwerp-bestemmingsplanfase moet een m.e.r-beoordelingsbeslissing worden genomen, waarin wordt aangegeven of wel of geen MER nodig is, gelet op de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële (milieu)effecten en mogelijke mitigerende maatregelen. Deze beslissing wordt als bijlage bij het bestemmingsplan opgenomen.

Voor elke aanvraag waarbij een vormvrije m.e.r.-beoordeling aan de orde komt moet de initiatiefnemer een aanmeldingsnotitie opstellen, waarbij ook mitigerende maatregelen mogen worden meegenomen. Het bevoegd gezag dient binnen zes weken na indienen een m.e.r.-beoordelingsbesluit af te geven. Een vormvrije

40/748

m.e.r.-beoordelingsbeslissing hoeft echter niet gepubliceerd te worden. Toetsing In het Besluit milieueffectrapportage is opgenomen dat de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject m.e.r.-beoordelingsplichtig is in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een oppervlakte van 100 hectare of meer of een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat (Besluit milieueffectrapportage, Bijlage onderdeel D11.2). De beoogde ontwikkeling bestaat uit de realisatie van maximaal 120 woningen. De beoogde ontwikkeling blijft daarmee ruim onder de drempelwaarde. Dit betekent wel dat een zogenaamde 'vormvrije m.e.r.-beoordeling' noodzakelijk is. Hiervoor is een aanmeldingsnotitie opgesteld, die is opgenomen als bijlage 9. Daaruit blijkt dat, gelet op de kenmerken van het project (zoals het kleinschalige karakter in vergelijking met de drempelwaarden uit het Besluit m.e.r.), de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële effecten, geen belangrijke negatieve milieugevolgen optreden. Door het college van B&W is op basis van de aanmeldingsnotitie vastgesteld dat geen MER nodig is.

41/748

Hoofdstuk 5 5.1

Juridische regeling

Algemeen

Het bestemmingsplan voldoet aan alle vereisten die zijn opgenomen in de Wet ruimtelijke ordening (Wrok), het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Inherent hieraan is de toepassing van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) 2012. De SVBP maakt het mogelijk om bestemmingsplannen te maken die op vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op een zelfde manier worden verbeeld. De SVBP 2012 is toegespitst op de regels die voorschrijven hoe bestemmingsplannen conform de Wro en het Bro moeten worden gemaakt. De SVBP geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan, zowel digitaal als analoog. De regels van dit bestemmingsplan zijn opgesteld conform deze standaarden. Het bestemmingsplan regelt de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden van de gronden in het plangebied. De juridische regeling is vervat in een verbeelding en bijbehorende regels. Op de verbeelding zijn de verschillende bestemmingen vastgelegd, in de regels (per bestemming) de bouw- en gebruiksmogelijkheden.

5.2

Toelichting op de regels

De wijze van bestemmen is afgestemd op het handboek van de gemeente Dronten en het nieuwe bestemmingsplan voor de woongebieden dat op het handboek is gebaseerd. In het plangebied komen de volgende bestemmingen voor: Verkeer - Fietsenstalling Het perceel waar (de uitbreiding van) de fietsenstalling ten behoeve van het openbaar vervoerstation plaatsvindt maakt deel uit van het stationsgebied. Om die reden is voor dit gebied de bestemming 'Verkeer Fietsenstalling' opgenomen. Deze bestemming is afgestemd op de in het aangrenzende bestemmingsplan 'Woongebieden Gemeente Dronten (D1000)' opgenomen bestemming. Binnen de bestemming is de mogelijkheid geboden om een overdekte fietsenstalling met een bouwhoogte van ten hoogste 3,00 meter te realiseren. Woongebied Het nieuwe woongebied is bestemd als "Woongebied': een globale, maar directe bestemming waarbinnen zowel eengezinswoningen als appartementen (in maximaal 3 bouwlagen) met de daarbijbehorende infrastructurele voorzieningen en openbare voorzieningen (woonstraten, paden, groen, water e.d.) mogen worden gerealiseerd. De ontwikkeling van verschillende woningtypen is hiermee mogelijk.

De daadwerkelijke inrichting en verkaveling van het gebied staat in principe vrij, met dien verstande dat rekening moet worden gehouden met de eisen uit de Structuurvisie Hanzekwartier Dronten (zie ook paragraaf 3.3.2) en het specifiek voor het plan opgestelde beeldkwaliteitsplan (zie ook paragraaf 3.3.4).

42/748

Hoofdstuk 6 6.1

Uitvoerbaarheid

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Het bestemmingsplan doorloopt een uitgebreide procedure. Tijdens deze procedure zijn er verschillende momenten waarop burgers en belanghebbenden hun mening op het plan kenbaar kunnen maken. Hieronder volgt een nadere toelichting. Voorbereidingsfase In het kader van het maken van het plan is gesproken met de direct omwonenden en andere belanghebbende over het voornemen. Daarna heeft het bestemmingsplan als voorontwerp ter inzage gelegen in de periode van 17 maart tot en met 28 april 2022. In deze periode zijn geen zienswijzen ingediend. Het voorontwerpbestemmingsplan is in het kader van vooroverleg verzonden aan de overlegpartners. Het verslag van dit vooroverleg is toegevoegd als bijlage 11. De resultaten van dit vooroverleg zijn waar nodig verwerkt in dit plan. Ontwerpfase Het ontwerpbestemmingsplan heeft de in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) opgenomen formele bestemmingsplanprocedure doorlopen. Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende zes weken ter inzage gelegen, van 12 juli tot en met 24 augustus 2023. Er zijn geen zienswijzen bij de gemeente kenbaar gemaakt. Na de inzagetermijn zijn ambthalve enkele ondergeschikte tekstuele wijziging doorgevoerd in de waterparagraaf (hoofdstuk 4.3). Vaststellingsfase De gemeenteraad is bevoegd om het het bestemmingsplan vast te stellen. Na vaststelling wordt het plan nogmaals zes weken ter inzage gelegd.

Tegen de vaststelling van het bestemmingsplan beroep mogelijk bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.

6.2

Economische uitvoerbaarheid

Voor de uitvoerbaarheid van het plan is het van belang te weten of het economisch uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid wordt enerzijds bepaald door de exploitatie van het plan (financiële haalbaarheid) en anderzijds door de wijze van kostenverhaal van de gemeente (grondexploitatie). Financiële haalbaarheid Het initiatief betreft de bouw van maximaal 120 woningen in Dronten en de realisatie van een grotere fietsenstalling. De woningen worden tegen marktconforme prijzen aangeboden. In hoofdstuk 1 is aangetoond dat hier behoefte aan is. Voor de uitgifte wordt gerekend met een verkoopprijs welke passend is bij de markt voor Dronten en vergelijkbaar is met ontwikkelingen in omliggende gemeenten. Grondexploitatie

43/748

Doel van de in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) opgenomen grondexploitatieregeling is het bieden van ruimere mogelijkheden voor het kostenverhaal en het creëren van meer sturingsmogelijkheden. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de publiekrechtelijke weg via een exploitatieplan en de privaatrechtelijke weg in de vorm van overeenkomsten. In het geval van een exploitatieplan kan de gemeente eisen en regels stellen voor de desbetreffende gronden, (woning)bouwcategorieën en fasering. Bij de privaatrechtelijke weg worden dergelijke afspraken in een (anterieure) overeenkomst vastgelegd. De gronden in het plangebied zijn in eigendom van de gemeente. De gemeente zorgt voor het bouwrijp maken en de uitgifte van de bouwkavels. Met deze uitgangspunten is er sprake van een sluitende grondexploitatie. Omdat de gronden in het plangebied waar het nieuwe woonmilieu wordt ontwikkeld in eigendom is van de gemeente, is het opstellen van een exploitatieplan niet noodzakelijk en zal hier van worden afgezien.

44/748

Bijlagen toelichting

45/748

46/748

Bijlage 1

47/748

Structuurvisie Hanzekwartier Dronten

Struc tuur visie Hanzekwar tier Dronten

Colofon Gemeente Dronten De Rede 1 8251 ER Dronten T 0321 388 911 E gemeente@dronten.nl BDP.khandekar Achter de Muren Zandpoort 10 7411 GE Deventer T 0570 644 042 E deventer@bdpkhandekar.com Weusthuis en Partners Zuiderpark 11 9724 AE Groningen T 050 526 86 63 E info@ weusthuis.nl Bureau Rekenruimte Prinses Julianaplein 14a-1 3817 CS Amersfoort T 033 461 88 08 E info@bureaurekenruimte.nl 2

Secretaris Runsinkbrink 1 2731 AG Benthuizen T 079 3426728 E info@bdpkhandekar.com

Deventerstraat 130 n 7321 CD Apeldoorn T 055 711 38 17

3

Struc tuur visie Hanzekwar tier Dronten

ONTWERP: 1 NOVEMBER 2011

4

Inhoud 5

7 Inleiding Deel I

Achtergronden 13 vertrekpunt 15 inventarisatie en analyse

Deel II

Structuurvisie 34 concept 39 basisstructuur 50 basisprofielen 55 keuzes

Deel III Verbeelding 59 voorbeelduitwerking 61 uitwerking per deelgebied Deel IV Uitvoeringsprogramma 85 uitvoeringsprogramma 91 programma per fase 93 projecten 97 bijlage kostenverhaal

0m

6

80m

400m

1

Inleiding 7

Met de komst van de spoorverbinding en een station in Dronten is vanuit de gemeente de ambitie ontstaan om rond dit gebied een grootschalige gebiedsontwikkeling te starten. De nieuwe spoorverbinding met het station Dronten vormt een impuls voor de gemeente Dronten en het Hanzekwartier. Van deze impuls kan het Hanzekwartier in zijn geheel profiteren en daar wil de gemeente optimaal gebruik van maken. Essentie van de structuurvisie Hanzekwartier vormt de transformatie van het huidige sterk verouderde werkgebied naar een aantrekkelijk woon- en werkgebied tussen het nieuwe station en het centrum van Dronten met een hoogwaardige ruimtelijke kwaliteit. Daarmee kent de ontwikkeling van de structuurvisie Hanzekwartier een lange voorgeschiedenis. De Nota Uitgewisseld en het raadsbesluit over de Nota Koers en Keuzes hebben als input voor de structuurvisie Hanzekwartier gediend. Wat is een structuurvisie en waarom een structuurvisie Hanzekwartier? Op 1 juli 2008 is de Wet ruimtelijke ordening in werking getreden. Deze wet verplicht gemeenten te beschikken over een gemeentelijke Structuurvisie, waarin de hoofdlijnen van het ruimtelijk beleid staan beschreven. De structuurvisie dient als ruimtelijk beleidskader van de vaststellende overheid (integraal afgewogen kader voor het uitwerken van projecten, vergunningen en gebieden) en als richtinggevend kader voor het bestuurlijk handelen.

Een structuurvisie kan de gehele gemeente of delen beslaan en integraal dan wel sectoraal van opzet zijn en opent de weg naar de uitvoering van het ruimtelijk beleid middels het vaststellen van locatieeisen en het kunnen verhalen van bovenplanse kosten. De gemeente Dronten heeft gekozen voor een structuurvisie 1 luchtfoto Hanzekwartier met projectie Hanzelijn

voor het Hanzekwartier om te beschikken over één kaderstellend document waarin de aanhaking van het stationsgebied aan het stedelijk weefsel van Dronten en de transformatie die met de komst van het spoorstation in gang wordt gezet integraal aan te sturen. Met de structuurvisie Hanzekwartier geeft de gemeente duidelijkheid over de publieke agenda en de rol die zij zelf in deze (her-) ontwikkeling inneemt en daarmee maakt zij het mogelijk om beter samen met andere (markt-) organisaties de gewenste ruimtelijke ontwikkelingen te realiseren. Opbouw en leeswijzer Dit boekwerk bestaat uit vier delen: I. II. III. IV.

Achtergronden De Visie De Verbeelding Het Uitvoeringsprogramma

In de Achtergronden wordt de beleidscontext die het vertrekpunt voor deze visie vormt beschreven en treft u de inventarisatie en analyse van de huidige situatie aan. In Deel II De Visie is op conceptueel niveau de visie op het Hanzekwartier beschreven. Dit concept is vervolgens verdiept naar basisstructuur en basisprofielen. Deel II sluit af met een overzicht van de belangrijkste te nemen beslispunten. Daarmee vormt Deel II met het concept, de basisstructuur en de basisprofielen het hart van het plan waarop toekomstige uitwerkingen worden gebaseerd. In deel III De Verbeelding volgt de voorbeelduitwerking die op een concreter niveau is en laat zien hoe het Hanzekwar-

8

1

9

tier er uit zou kunnen komen te zien. Deze voorbeelduitwerking is verdiept naar het te realiseren programma. Tot slot is in de uitwerking per deelgebied ingezoomd op de deelgebieden. Deel III De Verbeelding dient als inspiratie voor de toekomstige uitwerkingen. In Deel IV Uitvoeringsprogramma is de ontwikkelingsstrategie van de gemeente uitgewerkt. Onderdelen hiervan zijn onder andere fasering, de financiën en de taakverdeling tussen gemeente en markt. Het aan het uitvoeringsprogramma gekoppelde gemeentelijke projectenprogramma zal jaarlijks worden geactualiseerd Doelstelling en vorm De gemeente Dronten beoogt met de Structuurvisie Hanzekwartier te bereiken: • Integrale visievorming voor de lange termijn. • Bijeenbrengen en afwegen van belangen (inhoudelijk en procesmatig). • Toetsings- en inspiratiekader voor ruimtelijke beslissingen. • Basis voor uitwerking in sectoraal beleid en in juridischplanologische kaders (zoals projectprocedures en bestemmingsplannen). • Basis voor uitvoering: stellen locatie-eisen, verhalen (bovenplanse) kosten De structuurvisie Hanzekwartier is niet opgezet als een stedenbouwkundig eindbeeld en dient derhalve niet gelezen te worden als een afgerond plan. De tijdsspanne waarover de herontwikkeling zal plaatsvinden maakt dat alleen al onmo-

1 De beeldbepalende silo’s van Agrifirm aan de Passantenhaven

gelijk. Hoe het Hanzekwartier er uiteindelijk precies uit zal komen te zien zal afhangen van de invulling en uitwerking in de komende decennia. De structuurvisie Hanzekwartier kan wel gezien worden als een strategie voor het herontwikkelen van dit gebied. Een strategie die sturing en flexibiliteit combineert. De flexibiliteit betekent niet dat er geen sturing plaatsvindt. In deze structuurvisie is geen eindbeeld gepresenteerd. Deel III De verbeelding geeft voorbeelduitwerkingen die dienen als inspiratie. Dat betekent dat de ambities en doelstellingen uit Deel II de meetlat vormen waaraan toekomstige plannen moeten voldoen en waarlangs het succes van de transformatie wordt afgemeten. Met het formuleren van de ambities legt de gemeente als initiërende overheidspartij nu vast, welke kwaliteiten zij nastreeft. De structurering van het gebied, zoals deze in Deel II ‘structuurvisie’ is vastgelegd, vormt de onderlegger; vandaar dat wij spreken over het concept. Bij de herontwikkeling zal iedere fase hierop voortbouwen. De structuurvisie vormt als het ware de ‘kapstok’ waarop de herontwikkelingen worden opgehangen. De kapstok zorgt dat het geheel niet onsamenhangend wordt en dat ruimtelijke deelontwikkelingen meer zijn dan de som der delen. Sturing vindt verder plaats doordat de gemeente een aantal belangrijke onderdelen zelf ter hand neemt.

Daarmee laat de gemeente zien dat zij de herontwikkeling op gang wil brengen. Ook laat de gemeente met deze “eigen” uitvoeringen de kwaliteitsambitie zien die zij nastreeft. Met deze stappen wil de gemeente de markt stimuleren mee te doen en herontwikkelingen te starten.

Achtergronden

In de inventarisatie en analyse worden de mogelijkheden en onmogelijkheden van de locatie onderzocht. Daarbij wordt ingegaan op ontstaansgeschiedenis van Dronten, wordt het voorgaande beleid kort samengevat en worden de kansen en kwaliteiten van de bestaande bebouwing, verkeer, van de aanwezige functies en het groen en water benoemd. Deze aspecten samen vormen de input voor de structuurvisie.

10

vertrekpunt inventarisatie en analyse

12 ^ Rendering van het toekomstige station van Dronten op de Hanzelijn

Ver t rek punt 13

De ontwikkeling van de structuurvisie Hanzekwartier kent een lange voorgeschiedenis. De aanleiding van het herstructureringstraject is het besluit van het Rijk in 2001 tot de aanleg van een spoorverbinding tussen Lelystad en Zwolle met een station in Dronten. De treinverbinding zal eind 2012 in gebruik worden genomen.

de eerste fase in het stappenplan voor de ontwikkeling van de structuurvisie voor het Hanzekwartier. In de Nota Koers en Keuzes zijn de ambitie van de gemeente en de uitgangspunten van de nota Uitgewisseld vertaald in een visie. De visie bestaat uit verschillende hoofdthema’s die uitgewerkt zijn in een stedenbouwkundig concept.

Hanzelijn In 2001 is het besluit genomen tot de aanleg van de Hanzelijn. De Hanzelijn verbindt Lelystad via Dronten en Kampen met Zwolle. De treinverbinding zal eind 2012 in gebruik worden genomen. Al tijdens het ontwerp van Dronten in de jaren ’60 is rekening gehouden met de aanleg van de spoorlijn. Ten noorden van het centrum, dwars over het bedrijventerrein werd een zone van ongeveer 180 m gereserveerd voor de spoorlijn. In deze zone wordt op dit moment de spoorlijn aangelegd met het station op het kruispunt met De Noord. Door de komst van de Hanzelijn, wordt Dronten niet alleen beter aangesloten op het OV netwerk, ook de structuur van Dronten krijgt hierdoor een gewijzigd karakter. Door de komst van het station ligt de harde grens van het centrumgebied niet langer bij het Gangboord maar ontstaat een aantrekkelijk overgangsgebied tussen het nieuwe station en het centrum.

Raadsbesluit over de Nota Koers en Keuzes

Nota Uitgewisseld In de nota Uitgewisseld is de projectdefinitie voor het Hanzekwartier vastgelegd. Deze projectdefinitie wordt gezien als het destillaat van een uitgebreide inventarisatie van mogelijkheden en wensen voor het Hanzekwartier, waarbij zoveel mogelijk betrokkenen en geïnteresseerden ideeën konden aandragen. Er is een analyse van het gebied gemaakt waardoor het mogelijk is geworden een weging van de aangedragen ideeën te geven. Deze weging van factoren wordt gezien als de projectdefinitie van de structuurvisie en heeft in de nota Koers en Keuzes een plek gekregen. Nota Koers en Keuzes De Nota Koers en Keuzes is het afrondende document van

Door de Raad zijn een aantal punten uit de Nota Koers en Keuzes in februari 2010 vastgesteld. Deze zijn:

1. Het gebied tussen de Hanzelijn en de Dronterringweg wordt buiten de ontwikkelingsvisie gehouden 2. Het gebied aan de oostzijde van De Noord en ten Noorden van de Morinel wordt aangemerkt als ruimtereservering voor het Voortgezet Onderwijs 3. Op korte termijn wordt een verkeerskundige analyse gemaakt voor de locatiekeuze van de P+R op grond daarvan wordt een besluit genomen over de locatiekeuze 4. Het bedrijventerrein tussen de Lage Vaart en de Handelsweg wordt getransformeerd tot woongebied. In de structuurvisie wordt dit gebied uitgewerkt in deelgebieden, die onafhankelijk van elkaar ontwikkelbaar zijn. Per deelgebied wordt een economische- en risicoanalyse en het mogelijke ontwikkelscenario aangegeven. 5. Langs De Noord wordt een woonfunctie toegevoegd 6. De Noord wordt als hoofdroute voor al het verkeer gehandhaafd Nadien genomen besluiten In navolging van het bovengenoemde punt 3 is in december 2010 door de Raad besloten om de P&R aan de noordzijde van het station te leggen. De raad heeft in december 2010 verder een subsidie beschikbaar gesteld voor de bouw van een schoolgebouw voor 3 en 4 VMBO door het Almere College en het Ichthus College in het Hanzekwartier, met een sportzaal, dusdanig te bouwen dat in de toekomst uitbreiding naar een sporthal mogelijk is.

14

1

2

3

4

Bestaande kwaliteiten en zwaktes in en om het Hanzekwar tier 15

Opbouw van Dronten Karakter Als gepland dorp in een ontworpen polder is Dronten een interessante plaats. Het raamwerk van Dronten is in grote mate ingevuld met ideeën uit die tijd. Echter met de invulling van het raamwerk is de ontwikkeling van Dronten niet gestopt. In de jaren die volgden zijn nieuwe wijken aangelegd, is de sprong over de Lage Vaart gewaagd en is het centrum vernieuwd. De oorspronkelijke opzet en nieuwe ingrepen samen geven Dronten een prettige groene, ruim opgezette sfeer. Ligging in de polder Dronten ligt aan de knik van de Lage Vaart in de polder. Langs de Lage Vaart werden sportvelden en andere groen voorzieningen gesitueerd. De Lage Vaart vormde lange tijd de westgrens van Dronten. Met de ontwikkeling van Dronten-West is de Lage Vaart binnen de bebouwde kom van Dronten komen te liggen, waarbij de groene dooradering herkenbaar is gebleven. In het noorden, oosten en zuiden werd Dronten van het open landschap afgeschermd door een stevige boswal. Ook nu nog wordt de grens met de open polder grotendeels door de boswal gevormd.

De Wissel - Fazantendreef - De Oost. In de jaren negentig van de vorige eeuw is daar de Rivierendreef als belangrijke invalsweg voor Dronten aan toegevoegd. Kenmerkend voor de ruimtelijke opbouw van de invalswegen is dat, nadat zij de bosrand zijn gepasseerd, ze zich geleidelijk naar het centrum toe vernauwen. Hierdoor gaat de grote weidse schaal van de polder langzaam over in het kleinschaliger karakter van Dronten. Functionele opbouw In het oorspronkelijke raamwerk had Dronten een heldere functionele opbouw. In het midden van het dorp werd het centrum met de voorzieningen geplaatst, daaromheen werden de woningen, kantoren en bedrijven gesitueerd. Door de ontwikkeling van Dronten-West aan de overzijde van de Lage Vaart, is het bedrijventerrein Hanzekwartier binnen de woonbebouwing komen te liggen. Uitplaatsing van het bedrijventerrein naar de noordwestelijke rand van Dronten lijkt dan ook een logische stap in de ruimtelijke en functionele ontwikkeling van Dronten. De vrijgekomen locatie kan dan worden benut voor woningbouw en kleinschaliger voorzieningen.

5

6

Invalswegen Vanuit de polder is het centrum oorspronkelijk via vier invalswegen bereikbaar. Vanuit het zuiden zorgt De Zuid voor de verbinding met het centrum, vanuit het noorden De Noord en vanuit het westen De West en vanuit het Oosten 1. Afbakening in de polder door Lage Vaart en dorpsbos 2. Ontsluiting vanuit de windstreken 3. Hanzelijn zorgt voor nieuwe ontsluitingen 4. Door de infrastructuur worden de belangrijkste punten aangedaan 5. Huidige functie verdeling (geel is wonen, oranje is bedrijvigheid, rood is centrum) 6. Toekomstige functie verdeling

Dronten is gesitueerd aan de knik in de Lage Vaart

2

1

16

3

14

17

Omgeving Al hoewel deze niet altijd wordt herkend is de aanwezigheid van water in de omgeving van het Hanzekwartier een kwaliteit die bijdraagt aan de beleving van ruimte in Dronten. Zo bevindt zich in het westen van het Hanzekwartier de Lage Vaart en in het zuiden de Passantenhaven en de Zate. Kenmerkend voor zowel de Passantenhaven als de Lage Vaart is de grote breedte en diepe ligging van het water. Zowel de Passantenhaven als de Lage Vaart staan via sluizen in contact met het IJsselmeer, het Markermeer en de randmeren. De oevers van de Haven en de Lage Vaart zijn overwegend groen en grotendeels toegankelijk. Een uitzondering hierop zijn de oevers van de Lage Vaart ter hoogte van het Hanzekwartier. Deze zijn voorzien van damwanden en niet publiek toegankelijk. De Zate heeft een ander karakter dan de Lage Vaart en de Passantenhaven. De Zate is voorzien van flauwe groene taluds die voor voetgangers toegankelijk zijn gemaakt. Om de waterkwaliteit van de Zate te verbeteren is het peil opgezet door het plaatsen van een stuw onder de brug bij het Gangboord. Locatie De Binnenhaven op locatie staat in directe verbinding met de Lage Vaart. Ook de Binnenhaven heeft een aanzienlijke breedte (40m) en is voorzien van damwanden. De oevers van de Binnenhaven maken onderdeel uit van de kavels. Alleen de Havenkom is publiek toegankelijk. Net als in de 1.

De Binnenhaven met steile en veelal ontoegankelijke oevers 2. De Lage Vaart met aan de westzijde wandelgroen 3. (Passanten-) Haven met de bebouwingsaccenten er om heen 4. De Zate met flauwe, groene taluds

Lage Vaart ligt het water diep (ongeveer 3 m onder maaiveld). Door de lage ligging van het water en door de slechte toegankelijkheid van de oevers is het water op dit moment slecht te ervaren. Kans Zowel het water van de Lage Vaart, als het water van de Passantenhaven en de Binnenhaven liggen diep. Daarnaast zijn de oevers van de Lage Vaart en Binnenhaven niet of nauwelijks publiek toegankelijk. Hierdoor is het water vanaf de kade of oever slecht beleefbaar. Verlagen van het maaiveld of het verhogen van het waterpeil, kan bruikbaarheid en de ervaarbaarheid van het water vergroten. Het maken van een park of openbaar pad op de oever kan de toegankelijkheid verbeteren.

Lage V aart

Water

binne

nhave

passantenhaven

n

De Za te

Water is een nog onontdekte kwaliteit van Dronten

2

1

18

4

3

15

19

Groen en ruimte

groen

e lob la

ngs La

ngs sp

park la

oor

De Mo ord

rinel

Het G

De No

Locatie Ruimte is ook in het Hanzekwartier in grote mate voor handen. Echter door de grote hoeveelheid verhard oppervlak op het bedrijventerrein maakt het gebied eerder een stenige dan groene indruk. Groen bevindt zich langs de hoofdstructuren van het plangebied, zoals langs De Noord, De Morinel, Het Gangboord en het spoortalud. Door de brede bomenrijen langs de hoofdwegen , de bosplanting langs de spoordijk en de groep abelen bij de passantenhaven, lijkt het gebied voor voorbijgangers desondanks een groene sfeer te hebben.

ge Vaa r

t

Omgeving Groen en ruimte worden als de kernkwaliteiten van Dronten gezien. Ook in de omgeving van het Hanzekwartier zijn deze kwaliteiten ruim voorhanden. Zo heeft de Lage Vaart, met uitzondering van het Hanzekwartier, brede groene oevers die aan de overzijde van het Hanzekwartier als parkstrook zijn ingericht. Tussen het centrum en het Hanzekwartier ligt de Dierenweide, die door de inwoners van Dronten wordt gewaardeerd. Helaas draagt de bestaande inrichting van de weide niet bij aan de zichtbaarheid en herkenbaarheid van het gebied.

Kans De aanwezigheid van volgroeide bomen langs de hoofdstructuren van het gebied, zoals de bosbeplantingen langs het spoor en de boombeplantingen langs de hoofdwegen geven het gebied direct sfeer. Het is raadzaam bestaande bomen te behouden en het Hanzekwartier beter op de groene omgeving van de Lage Vaart en de dierenweide aan te sluiten. Hierdoor wordt het Hanzekwartier sterker aangesloten op de hoofdstructuur van Dronten en blijft het aanwezig groen behouden.

angbo

Dierenweide

ord

De Oe verlop e

r

Door bestaande groene kwaliteiten te benutten heeft het gebied direct uitstraling 1. Laanbeplanting langs De Noord 2. Laanbeplanting langs De Oeverloper 3. Laanbeplanting langs De Morinel 4. Het Dierenweide ten zuiden van het Hanzekwartier 5. Het Dorpsbos in de groene lob langs het spoor

1

20

3

2

14

21

Hanze

lijn

Energ

ieweg

ord

Locatie Het terrein zelf is ingericht voor auto- en vrachtverkeer. De wegen zijn breed en in ruime lussen aangelegd zodat er niet op het terrein hoeft te worden gekeerd. Ventwegen langs De Noord voorkomen stagnatie van het verkeer door laden en lossen. Door het ontbreken van doorgaande routes maakt het bedrijventerrein zelf een geïsoleerde indruk. Voor fietsers en voetgangers is op dit moment weinig ruimte in het Hanzekwartier gereserveerd. De fietsers bevinden zich op de rijbaan of ventweg. Voor de voetgangers zijn smalle voetpaden langs de wegen aangelegd

De No

Omgeving Het Hanzekwartier is het oudste bedrijventerrein van Dronten. Het bedrijventerrein is toen ten noorden van het centrum op strategisch wijze gesitueerd ten opzichte van het weg-, water- en treinverkeer. Zo is het terrein voor scheepvaartverkeer goed bereikbaar via de Lage Vaart en de Binnenhaven, voor auto- en vrachtverkeer vanaf De Noord en voor de bereikbaarheid over het spoor was ruimte gereserveerd voor de aanleg van de spoorlijn Lelystad – Zwolle.

Kans De goede aansluiting van het gebied op de regionale infrastructuur biedt kansen voor de herontwikkeling van het gebied. Zo kan de Lage Vaart meer worden benut voor pleziervaart en zijn door de aanwezigheid van Hanzelijn en de goede wegverbindingen Zwolle en de Randstad relatief dichtbij komen te liggen. Om de strategische ligging van het Hanzekwartier goed te kunnen benutten, zal het uiterlijk van de infrastructuur van de wegen moeten worden aangepast en zal het stenige, brede en utilitaire karakter plaats moeten maken voor wegen met meer een verblijfkarakter dat past bij de toekomstige invulling van het gebied.

Lage V aart

Bereikbaarheid

Het Gangboord

De Oe verlop e

r

1. De Noord is onderdeel van de hoofdverkeerstructuur 2. NS Station Dronten in aanbouw 3. De binnenhaven die is aangelegd voor goederentransport 4. De noordkade van de haven, bij Agrifirm

Het Hanzekwartier ligt dicht bij het centrum van Dronten, grenst aan het station en is voor scheepvaartverkeer goed bereikbaar

1

22

3

2

14

23

De bestaande bebouwing van het bedrijventerrein maakt een gedateerde indruk en een gedeelte van de gebouwen staat zelfs leeg. Alleen langs De Noord is in enkele gebouwen recent geïnvesteerd, zoals bij de wooninrichting Rikken

1. De brandweerkazerne aan de noordzijde van het spoor 2. Grootschalige detailhandel langs De Noord 3. Silo’s van Agrifirm aan de Passantenhaven 4. Het pas vernieuwde centrum van Dronten

Hanze

lijn

Energ

ieweg ord

Locatie Op het bedrijventerrein zijn verschillende soorten bedrijven aanwezig. Langs De Noord bevindt zich grootschalige detailhandel, zoals autobedrijven en meubelshowrooms, die afhankelijk zijn van het langskomende verkeer. Langs de Lage Vaart in de gebouwen van Agrifirm worden agrarische producten verwerkt en opgeslagen. In de zone tussen De Noord en de Lage Vaart bevinden zich onder andere werkplaatsen. Door de aanwezigheid van Agrifirm met zijn markante Silo is de agrarische oorsprong van Dronten nog steeds zichtbaar.

Kans Door hun opvallende vorm en dominante verschijning kan onderzocht worden of het mogelijk is de silo’s van Agrifirm op te nemen in de nieuwe bebouwing. Behoud en herontwikkeling van deze markante gebouwen laat na herontwikkeling iets van het voorgaande gebruik van het gebied zien. Mocht hergebruik van de silo’s niet mogelijk blijken, dan kan de markante vorm in een nieuw accent terug komen.

De No

Omgeving De omgeving van het Hanzekwartier kent een verschillend gebruik. Aan de Noordzijde van het spoortalud is het gebied in gebruik als bedrijventerrein. Aan de oostzijde en westzijde (overzijde van de Lage Vaart) bevinden zich woonwijken met hoofdzakelijk grondgebonden woningen. Een uitzondering hierop vormt de 10-laagse woontoren langs de Lage Vaart. Aan de zuidzijde van het plangebied is het gebruik gevarieerder. Eerst volgt een groen gebied met appartementen gebouwen in het groen en de dierenweide. Direct ten zuiden hiervan ligt het centrum. Opvallend is de kerktoren op de hoek van De Noord en de Helling.

en het pand van de woningbouw vereniging aan De Noord. Opvallend zijn de silo’s van Agrifirm, die door hun grote hoogte van grote afstand waarneembaar zijn.

Lage V aar t

Bestaande bebouwing

De Oe verlop e

r

Onderzocht kan worden of de beeldbepalende silo’s behouden kunnen blijven

Legenda Eigendomsverhoudingen (tot 1 mei 2011) Grens plangebied Eigendom Gemeente Dronten, (niet ingekleurde gebieden, inclusief het water, binnen de plangrens)

Eigendom De Staat

Eigendom Prorail

Eigendom Gemeente Dronten, erfpacht aan derden

Eigendom van woningbouwvereniging OFW

0m

24

50m

Gebieden met een geblokte arcering zijn grote aaneengesloten gebieden van één eigenaar

250m

1

Ra ndvo o r waard en 25

Zoals aangegeven is het Hanzekwartier momenteel in gebruik als bedrijventerrein. Dit betekent dat de gronden in eigendom zijn van verschillende eigenaren. Daarnaast zijn bedrijven veelal omgeven door hindercirkels. Binnen deze cirkels is het meestal niet mogelijk om te wonen. Ook bevinden zich kabels en leidingen in het gebied, die soms moeilijk kunnen worden verplaatst. Inzicht in de eigendomsverhouding, hindercirkels en kabels en leidingen is dan ook noodzakelijk om een goede fasering van het plan op te zetten.

Wat opvalt, is dat er in de gebieden die in particuliere handen of in erfpacht zijn, enkele eigenaren zijn die grote aaneengesloten gebieden in handen hebben. Dit kan een voordeel voor de fasering opleveren. Immers, als één van deze bedrijven uitgeplaatst wordt, komt een groot gebied ineens in aanmerking voor herontwikkeling. Deze gebieden zijn in de naastliggende kaart met een geblokte arcering aangegeven.

Eigendomsverhoudingen Het Hanzekwartier is ongeveer 55 ha groot en kent verschillende eigenaren. De grootste eigenaar in het gebied is de gemeente Dronten. De gemeente is eigenaar van alle infrastructuur en het water in het plangebied. Ze bezit gronden in de strook ten zuiden van het spoor (recent aangekocht van Domeinen), de voormalige brandweerkazerne, de voormalige gemeentewerf en de Dierenweide. Gronden die aan de Lage Vaart grenzen zijn ook in bezit van de gemeente, maar zijn in erfpacht uitgegeven. Daarnaast heeft de gemeente diverse kleinere bedrijfspercelen aangekocht. De woningbouwvereniging OFW bezit twee stukken grond langs De Noord met een gezamenlijk oppervlak van ongeveer 1 ha. De overige gronden zijn in eigendom van verschillende particulieren eigenaren.

De gemeente Dronten is de grootste grondeigenaar in het Hanzekwartier

Legenda 58 dB geluidscontour wegverkeer

48 dB geluidscontour wegverkeer

geluidscontour spoor (indicatief)

53 dB geluidscontour wegverkeer

geluidscontour spoor (indicatief)

plangebied

De geluidscontouren zijn opgesteld t.b.v. de aanleg van de Energieweg. De situatie is na deze berekening veranderd. De contouren hebben dus slechts een indicatieve waarde. In de stedenbouwkundige uitwerking moeten deze opnieuw berekend worden.

0m

26

50m

250m

27

Geluid Het Hanzekwartier wordt door het wegverkeer- en het railverkeergeluid belast zonder dat er overschrijding van de maximale grenswaarde dreigt. Bij meerdere geluidsbronnen moet aan-dacht worden besteed aan de samenloop (cumulatie) van de verschillende bronnen en op welke wijze de maatregelen rekening houden met die samenloop. Maatregelingen worden in eerste instantie aan de bron genomen (denk bijvoorbeeld aan geluidreducerend asfalt), dan in de overdracht (denk aan een geluidscherm) en tot slot aan de bron (denk aan ‘dove’ ge-vels). In het stedenbouwkundig plan dient rekening gehouden te worden met het zoveel mogelijk beperken van het aantal geluidbelaste woningen. Naast het houden van afstand van de ge-luidbron kunnen ook gesloten bebouwingswanden gerealiseerd worden om zo het achterlig-gende gebied in de luwte te leggen. Extra aandacht verdienen situaties met een samenloop van verschillende geluidsbronnen. Er zal nog een akoestisch onderzoek worden uitgevoerd, dat inzicht moet geven in de toekom-stige geluidsituatie. De invulling van het akoestisch onderzoek is afhankelijk van de planfase. Het is mogelijk dat naar aanleiding van het onderzoek een bouwplan aangepast dient te worden. Als op basis van de uitwerking van maatregelen blijkt dat de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden kan onder voorwaarden een hogere waarde worden verleend.

Door echter al in een vroeg stadium rekening te houden met geluid op stedenbouwkundig niveau kan dit vele ingrijpende maatregelen op blok (gebouw)- en woningniveau worden voorkomen.

De geluidsbelasting vormt geen onoverkomelijk probleem voor de ontwikkeling van het gebied

Legenda Persriool

Traject met relatief weinig leidingen

Hoge druk aardgas transportleiding

Traject met relatief veel leidingen

0m

28

50m

250m

1

29

Kabels en Leidingen Onder de wegen in het gebied komen verschillende kabels en leidingen voor. Veel van deze kabels en leidingen zullen bij de herontwikkeling van het gebied worden vervangen. Echter vanwege de hoge kosten en de grote impact zullen de hoge druk aardgas transportleiding en het persriool naar alle waarschijnlijkheid niet worden vervangen of verplaatst. De hoge druk aardgas transportleiding loopt ten noorden van het spoor, parallel aan het spoor. Het persriool loopt van de AWZI aan de noordzijde van het spoor via de westelijke berm van De Noord, de dierenweide en het Gangboord naar het centrum. Aan weerszijde van de Zate zijn ontluchtingsgebouwtjes aangebracht. Het is verboden om op of over het persriool heen te bouwen. Daarnaast heeft het gemaalgebouw in de berm van De Noord een hindercirkel van 30 m. Bij de herontwikkeling van het gebied zal hier dan ook rekening mee moeten worden gehouden.

Ten noorden van het spoor ligt een hoge druk aardgas transportleiding en in de westelijke berm van De Noord ligt een persriool

Legenda Geurcontour, het getal geeft ge/m3 als 98 percentiel aan

1 0m

30

50m

250m

31

Geurcontour Ten noorden van de Hanzelijn, aan de Installatieweg, bevindt zich de AWZI, een waterzuiveringsinstallatie. Deze installatie zorgt voor een zogenaamde geurcontour, die beperkingen oplegt voor woningbouw. In de huidige situatie levert dit niet of nauwelijks overschrijding van bestaande normen op. Voor verspreid liggende woningen en woningen op een industrieterrein gelden namelijk lagere normen dan voor aaneengesloten woningen. Echter, indien het Hanzekwartier getransformeerd wordt tot een woningbouwlocatie, zal deze geurcontour wel tot een overschrijding van de normen leiden. Om de realisatie van het Hanzekwartier als woningbouwgebied toch mogelijk te maken heeft de gemeente daarom onderzoek laten doen naar mogelijk oplossingen. Hieruit blijkt dat aanpassingen aan de bron de geurcontour vrijwel geheel buiten het Hanzekwartier kunnen dringen. De voorgestelde aanpassingen zijn het toepassen van meerdere filters en het verhogen van de ‘schoorstenen’.

2

het mogelijk is de geurcontour grotendeels buiten het Hanzekwartier te dringen

1. Geurcontour na aanpassingen aan de AWZI 2. Geurcontour bij ongewijzigde situatie

Visie Gezien de omvang en de complexiteit van de bestaande structuren van het Hanzekwartier kan het herstructureren van het hele Hanzekwartier alleen in stappen plaatsvinden. Daarom zijn in de Visie geen uitspraken gedaan over de precieze inrichting van het gebied, maar zijn er alleen beslissingen op een hoog, stedenbouwkundig abstractieniveau genomen. Hierbij is tevens rekening gehouden met de uitkomsten van de voorgaande nota’s en inventarisatie, zoals in de voorgaande pagina’s beschreven. In de structuurvisie worden de hoofdlijnen van het ontwerp met behulp van een aantal kaarten vastgelegd, de zogenaamde basisstructuurkaarten. Deze kaarten zijn tekeningen die in hoofdlijnen vastleggen wat daadwerkelijk belangrijk is in het ontwerp. De kaarten hebben betrekking op de ruimtelijke structuur, de hoofdverkeersstructuur, de functies, de bouwhoogtes en de openbare ruimte en geven de richting aan waaraan toekomstige plannen moeten voldoen. Omdat de economie, de vraag en de stedenbouwkundige inzichten in de loop der jaren veranderen, moet de structuurvisie namelijk niet te gedetailleerd zijn. Binnen de hoofdlijnen van de structuurvisie is dus nog voldoende 32

ruimte voor uitwerkingen die kunnen inspelen op toekomstige ontwikkelingen.

concept basisstructuur basisprofielen

In dit deel is op conceptueel niveau de visie op het Hanzekwartier beschreven. Op conceptueel niveau onderscheiden wij 7 dragers van de ruimtelijke transformatie. Deze 7 dragers vormen samen het concept welke aan de ruimtelijke bassistructuur ten grondslag liggen. 1. De komst van de Hanzelijn verandert de context van het Hanzekwartier. Door de ligging van het station aan één zijde van De Noord en het centrum aan de andere zijde, komt het gebied ineens op een centrale plek tussen deze twee knooppunten te liggen.

2. De Noord wordt omgevormd tot een brede loper, een aantrekkelijke route voor fietsers, voetgangers en gemotoriseerd verkeerd, die het centrum van de kerktoren met het station verbindt. Op de kop van de loper komt het stationsplein te liggen. De loper wordt helder begrensd door nieuwe bebouwing die met de voorkanten op de loper gericht is. Deze nieuwe bebouwing omvat, naast woningen, ook kleinschalige voorzieningen en kantoren in de plint. Aan de oostkant van De Noord is grootschalige detailhandel mogelijk.

34

Concept 35

3. De bestaande groenstructuren in en om het plangebied blijven behouden en worden versterkt. De groene vinger tussen het spoortalud en De Morinel, wordt doorgetrokken langs de Energieweg. De kade langs de Lage Vaart wordt net als de westoever van de Lage Vaart als een groene parkstrook ingericht en krijgt een openbaar karakter met een wandelroute langs het water. De kade ten noorden van de haven wordt als boulevard ingericht en koppelt zo de parkstrook langs de Lage Vaart met Het Gangboord en de Dierenweide. Op het einde van de boulevard, in de knik van de Lage Vaart, komt een landmark te staan. De landmark kan de silo van Agrifirm zijn (met daarin een bijzondere functie) of een nieuw accent.

4. Een nieuwe noord-zuidroute koppelt de overheersende oost-west lijnen in het plangebied. Het hart van het plangebied wordt zo verbonden met de westelijke uitbreidingsgebieden (via de brug over de Lage Vaart) en met het centrum. De slinger loopt als langzaam verkeerroute door de Dierenweide naar het centrum. Op deze manier krijgt de Dierenweide een sterke relatie met de omliggende gebieden.

5. De ligging van het plangebied aan het water van de Lage Vaart wordt versterkt door het water het plangebied in te trekken. Hierdoor kan een groter deel van de bebouwing direct aan het water worden gesitueerd. Door in de diverse watergangen te kiezen voor verschillende bebouwingstypes en sferen ontstaat er variatie in het aanbod.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dronten.nl/api//v1/meetings/1017/documents/2333