CConstaterende datDronten
Koppel je AI →
Document · PDF

0bfa4547-b18d-4975-8a3a-d478c2fd8149.pdf

Raadsvergadering 9 juni 2022, gemeente DrontenBij agendapunt: 10.c: AKKOORD Raadsvoorstel Gemeentelijk rioleringsplan (GRP) 2022-202824.686 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

€ 1.412.000 / jaar € 85.000 / jaar € 646.000 / jaar € 202.000 / jaar

Alle bedragen peiljaar 2021, in de planperiode jaarlijks te indexeren.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Pagina 34

5 - KOSTEN EN RIOOLHEFFING Terug naar: Inhoudsopgave

5.2 – Uitgaven voor investeringsprojecten Riolering heeft geen oneindige levensduur. Om kwalitatieve redenen moeten onderdelen van de riolering (putten, buizen, gemalen, persleidingen, e.d.) na verloop van tijd worden gerenoveerd of vervangen. Het betreft investeringsprojecten die bedoeld zijn om langjarig te functioneren. Het gaat daarbij om grote bedragen. Bij de berekening van de benodigde rioolheffing wordt niet slechts naar de planperiode van dit GRP gekeken, maar ook naar een veel langere periode daarna. De bedoeling is om grote schommelingen in de hoogte van de rioolheffing te voorkomen en verrassingen te vermijden. Daarbij moet worden aangetekend dat de toekomst onzeker is en het dus slechts een raming naar eer en geweten betreft. Voor de planperiode en de lange termijn worden de volgende bedragen aangehouden: • Planperiode 2022-2028: € 200.000 / jaar. • Periode tussen GRP en vernieuwingsgolf 2029-2045: € 660.000 / jaar. • Vernieuwingsgolf vanaf 2046 € 1.200.000 / jaar. Het eerstgenoemde bedrag is gebaseerd op ervaringskennis binnen gemeente Dronten, terwijl de beide andere bedragen zijn overgenomen uit de rapportage van de Rasmariant degradatie-analyse.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Pagina 35

5 - KOSTEN EN RIOOLHEFFING Terug naar: Inhoudsopgave Ga naar: Artikel 2.28a Kenmerken verordening rioolheffing

5.3 – Tariefs-egalisatie voor de rioolheffing Het berekenen van de benodigde rioolheffing is in essentie het in balans brengen van de inkomsten en uitgaven. Tussen beide staat een demper ofwel tariefegalisatie. De bedoeling van de egalisatie is dat de heffing niet van jaar tot jaar varieert afhankelijk van de projecten van dat jaar en van eventuele mee- of tegenvallers. Grofweg kan de demper bestaan uit: • Het activeren en meerjarig afschrijven van de investering. • Het vooraf sparen in een voorziening. • Het minimaliseren van de demper door het ideaalcomplex of versneld afboeken. In gemeente Dronten is gekozen om te sparen in een spaarvoorziening rioolvervanging. Het spaardoel is voldoende sparen om de riolering tijdens de aankomende vernieuwingsgolf te kunnen vernieuwen. De rioolheffing moet op termijn voorzien in een jaarlijks budget voor vernieuwing van gedeelten van het rioolstelsel waardoor het geheel op peil blijft. 5.4 – Vormgeving van het tariefsysteem van de rioolheffing Gemeenten hebben vanuit de Gemeentewet – artikel 2.28a de mogelijkheid tot een heffing om de kosten voor de gemeentelijke watertaken te bestrijden. In gemeente Dronten wordt van deze mogelijkheid gebruik gemaakt. In bijgaand kader staat een overzicht van de belangrijkste kenmerken van de verordening rioolheffing in onze gemeente.

Tot op heden is er in gemeente Dronten bij de rioolheffing geen sprake van tariefdifferentiatie. Dit kan in de planperiode worden onderzocht.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Pagina 36

5 - KOSTEN EN RIOOLHEFFING Terug naar: Inhoudsopgave Samenvatting Ga naar: Berekening rioolheffing Grafieken berekening rioolheffing COELO atlas

5.5 – Berekening van de benodigde rioolheffing Deze paragraaf geeft de doorrekening naar de benodigde rioolheffing om voldoende geld te hebben voor het beheer en de geplande projecten. De gegevens en de keuzes van de voorgaande paragrafen komen hier bij elkaar en leiden tot de benodigde rioolheffing. In bijgaand kader staan de relevante uitgangspunten bij de berekening van de benodigde rioolheffing beknopt weergegeven. Met behulp van een spreadsheet kan de hoogte van de rioolheffing nu worden berekend. De financiële middelen, die nodig zijn om alle taken van het rioleringsbeheer te kunnen uitvoeren, worden opgebracht door een rioolheffing. De berekening leidt tot de volgende tarieven: Jaartal 2022 Rioolheffing € 139

2023 € 150

2024 € 150

2025 € 150

2026 € 150

2027 € 150

2028 € 150

later € 170

Deze tarieven gelden voor de planperiode 2022 – 2028 en moeten jaarlijks worden verhoogd met de werkelijk opgetreden inflatie vanaf prijspeil 2021. De noodzakelijke verhoging aan het begin van de planperiode hangt samen met de extra activiteiten vanwege de klimaatadaptatie en de overige maatregelen die in de planperiode uitgevoerd dienen te worden. Zo is er capaciteit gewenst voor participatie in de samenwerkingsverbanden en het leveren van een bijdrage aan de ambitie van de gemeente Dronten. Vanaf 2029 is een verhoging noodzakelijk omdat dan meer investeringen voor rioolvernieuwing worden verwacht. De rioolheffing in Dronten is laag vergeleken met Nederlandse gemiddelden, zie COELO atlas van de lokale lasten 2021. Dit wordt vooral veroorzaakt door het nog jonge stelsel op stabiele ondergrond.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Pagina 37

BIJLAGEN Terug naar:

Bijlage 1 Aansluitverordening riolering 2022

Inhoudsopgave

Bijlage 2 Verordening rioolheffing 2022 Bijlage 3 Regenwater afvoeren, Waarom en Hoe(folder) Bijlage 4 Gebiedsgericht IBA beleid(waterschap Zuiderzeeland) Bijlage 5 Ontheffing gemeentelijke zorgplicht Bijlage 6 Rioleringskennis in beweging (Sweco) Bijlage 7 Raadsbesluit

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 6

ARTIKEL 3.13 Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 1.1

Gemeentelijk rioleringsprogramma onder de Omgevingswet. Artikel 3.13 (gemeentelijk rioleringsprogramma) Het college van burgemeester en wethouders kan ter invulling van de taak, bedoeld in artikel 2.16, eerste lid, onder a, onder 1° tot en met 3°, een gemeentelijk rioleringsprogramma vaststellen. Citaat uit de Memorie van Toelichting bij de Omgevingswet (TK, 2013-2014, 33 962, nr.3, blz. 133). Het gemeentelijk rioleringsplan, zoals dat op grond van artikel 4.22 van de Wet milieubeheer door de gemeenteraad moet worden vastgesteld, wordt overgeheveld naar de Omgevingswet als facultatief programma. Het gemeentelijk rioleringsprogramma is in het wetsvoorstel weliswaar niet meer een verplicht programma, maar het is om verschillende redenen voor gemeenten, medeoverheden en burgers en bedrijven van belang. Dit instrument stelt gemeenten in staat het beleid en de maatregelen die worden opgesteld om de taken op het gebied van stedelijk afvalwater (volgend uit de richtlijn stedelijk afvalwater), afvloeiend hemelwater en voor het treffen van grondwatermaatregelen na te komen en in samenhang te beschrijven. Het stimuleert gemeenten het rioolstelsel op orde te houden en maakt aan burgers en bedrijven inzichtelijk wat zij op dit gebied van de gemeente kunnen verwachten.

Ook bevordert het gemeentelijk rioleringsprogramma een goede beleidsafstemming tussen gemeenten en waterschappen en maakt het de besteding van de rioolheffing transparant.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 6

ARTIKEL 4.22 Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 1.1

Artikel 4.22 Wet milieubeheer: 1. De gemeenteraad stelt telkens voor een daarbij vast te stellen periode een gemeentelijk rioleringsplan vast. 2. Het plan bevat ten minste: a. een overzicht van de in de gemeente aanwezige voorzieningen voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater als bedoeld in artikel 10.33, alsmede de inzameling en verdere verwerking van afvloeiend hemelwater als bedoeld in artikel 3.5 van de Waterwet, en maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, als bedoeld in artikel 3.6 van laatstgenoemde wet en een aanduiding van het tijdstip waarop die voorzieningen naar verwachting aan vervanging toe zijn; b. een overzicht van de in de door het plan bestreken periode aan te leggen of te vervangen voorzieningen als bedoeld onder a; c. een overzicht van de wijze waarop de voorzieningen, bedoeld onder a en b , worden of zullen worden beheerd; d. de gevolgen voor het milieu van de aanwezige voorzieningen als bedoeld onder a, en van de in het plan aangekondigde activiteiten; e. een overzicht van de financiële gevolgen van de in het plan aangekondigde activiteiten.

3. Indien in de gemeente een gemeentelijk milieubeleidsplan geldt, houdt de gemeenteraad met dat plan rekening bij de vaststelling van een gemeentelijk rioleringsplan 4. Onze Minister kan, in overeenstemming met Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, aan gemeenten de plicht opleggen tot prestatievergelijking ten aanzien van de uitvoering van de taak, bedoeld in artikel 10.33, alsmede de taken, bedoeld in de artikelen 3.5 en 3.6 van de Waterwet. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de frequentie, inhoud en omvang van de prestatievergelijking. Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

1 - CONTEXT Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 1.2 Ga naar: Effecten en ambities Werken vanuit de bedoeling Leidende principes

Relatie tussen het GRP en de gemeentelijke omgevingsvisie Beleidsmatig heeft het GRP een directe relatie met de gemeentelijke omgevingsvisie. Hierin geeft de gemeente haar visie voor het hele omgevingsbeleid. Ook voor de gemeentelijke watertaken staat de essentie vermeld in de omgevingsvisie. In het GRP wordt dit concreter gemaakt in de uitwerkingen. Tijdens het opstellen van dit GRP was er in gemeente Dronten nog geen Omgevingsvisie vastgesteld. Wel een bestuursvoorstel om dit te gaan opstellen. In het document van het bestuursvoorstel zitten enkele punten die houvast bieden voor het GRP: •  Omgevingsvisie te midden voor maatschappelijke effecten en ambities. • Werken vanuit de bedoeling. • Leidende principes in Dronten.

Vakgebieden / ontwikkelingen: - Wegen - Groen - Ruimtelijke Ordening - Energietransitie - Klimaatadaptatie - Participatie - Handhaving

Omgevingsvisie

Waterplannen: - Waterbeheerprogramma waterschap ZZL - RAS / LAS (deels) - Waterprogramma provincie Flevoland - Nationale plannen/ regels - RIONED / VNG aanbevelingen

GRP Uitvoeringsprogramma's

Onderliggende documenten Omgevingsplan

Samenvatting

Omgevingsvisie

Beleid gemeentelijke

Beheer van de

Kosten en

OMGEVINGSVISIE VOOR MAATSCHAPPELIJKE EFFECTEN EN AMBITIES Terug naar: Inhoudsopgave Figuur omgevingsvisie

De term visie wordt op vele manieren gebruikt en niet altijd bedoelen we hetzelfde. Het is daarom van belang om voorafgaand aan het opstellen van de visie met elkaar helder te hebben op welk niveau de visie straks wordt opgeleverd. Wat staat er straks wel en niet in de visie? Om dat duidelijk te maken is het onderstaande schema opgenomen. Daarin is te zien dat de visie

straks iets zegt over onze gewenste maatschappelijke effecten en de ambities die we daarbij hebben. De missie, het allerhoogste niveau, is geen onderdeel van de visie en de uitwerking van de visie, op het niveau van beleidsplannen/ strategieën en activiteiten, is ook geen onderdeel van de visie.

Doelenboom Omschrijving

Voorbeelden

Missie

Waartoe bestaan we als gemeente(lijke overheid)?

Geluk van inwoners & volhoudbare aarde?!

Visie Droom

Wat zijn dan de maatschappelijke effecten die we kiezen om invulling te geven aan die missie?

Inclusieve samenleving?! CO2-neutraal?! Beter onderwijs?! Duurzamer handelen?! Verkeersveiligheid?! Klimaatbestendig?!

Ambitie Streven

Welk groots, gedurfde doelen kiezen we om die maatschappelijke effecten na te streven?

10.000 extra woningen?! Volledig circulair?! Aardgasvrije woonwijken?! 80% minder fietsongevallen?!

Strategie Plan / Beleid

Hoe gaan we die ambities bereiken? Wat is ons plan? Welk beleid is dan nodig?

Transitievisie Warmte?! GVVP?!

Uitvoering Activiteiten

Wat gaan we concreet doen om dat beleid waar te maken? Welke activiteiten, welke projecten? Waar geven we ons geld aan uit? Wie, wat, waar, wanneer?

Rotondes aanleggen?! Fietssnelwegen?! Aanleg warmtenet?! Subsidies?!

Samenvatting

Omgevingsvisie

Beleid gemeentelijke

Beheer van de

Kosten en

WERKEN VANUIT DE BEDOELING

Voorkomen moet worden dat de visie teveel details bevat, te uitvoeringsgericht wordt of als belemmerend wordt ervaren.

CLUSTER

Figuur omgevingsvisie

- de visie moet een gedeeld toekomstperspectief bieden - de visie moet enthousiasmeren, uitdagen, - de visie houvast bieden, kader stellend zijn.

Visie: Wat is het? Wat moet het doen? Wat is de bedoeling? Vergezicht Breed kijken Gezamenlijk doel Droombeeld Ideaalplaatje Verbindend

CLUSTER

Inhoudsopgave

Een korte brainstorm over wat de visie moet zijn, wat een visie moet doen leverde een drietal bedoelingen van de visie op:

Stimuleren Mogelijkheden Kansen Keuzes

CLUSTER

Terug naar:

Richting Kaders Houvast voor iedereen

Wat is het niet? Veel details Geen uitvoering Geen belemmering

Samenvatting

Omgevingsvisie

Beleid gemeentelijke

Beheer van de

Kosten en

LEIDENDE PRINCIPES IN DRONTEN Terug naar: Inhoudsopgave Figuur omgevingsvisie

In april 2020 stelde de gemeenteraad de leidende principes vast die we gebruiken voor de inrichting van het Omgevingswetstelsel. Deze principes (en de toelichting) zijn: • Vertrouwen •  Wederzijds vertrouwen tussen initiatiefnemers en partners in de samenleving en gemeente Dronten is ons uitgangspunt. We zijn transparant, zorgvuldig en betrouwbaar over en weer. Natuurlijk nemen wij deel aan de dialoog met initiatiefnemers en partners. Inlevingsvermogen en betrokkenheid van alle partijen zijn namelijk belangrijk. Daarbij wordt voor iedereen duidelijk welke voorwaarden passend zijn.

• Draagkracht samenleving •  In de toekomstvisie ‘De kracht van Dronten’ wordt beschreven waar onze samenleving in 2030 wil staan. Bij een draagkrachtige samenleving past dat inwoners worden betrokken bij initiatieven die plaatsvinden in de fysieke leefomgeving. Van de gemeente mag worden verwacht dat zij rekening houdt met draagkracht en draaglast. • Vernieuwend •  In de netwerkstructuur waarin wij zoveel mogelijk faciliteren, verbinden en mogelijk maken durven wij voor vernieuwing te gaan. Als gemeente bewegen wij daarin mee met de samenleving en maken dit vooral zichtbaar in het vereenvoudigen van regelgeving.

• Verantwoordelijkheid •  De basis voor onze samenwerking start vanuit het vertrouwen dat elke partij zijn eigen verantwoordelijkheid neemt. Omdat we inwoners centraal stellen nodigen wij hen graag uit om deel te nemen aan participatie-activiteiten die wij organiseren. Daarbij worden alle belangen in beeld gebracht en wordt duidelijkheid gecreëerd. • Ruimte (geven) •  ‘Dronten geeft je de ruimte’ is niet alleen in ons DNA opgenomen vanwege de fysieke ruimte. We hebben ook wat voor elkaar over. Ons uitgangspunt is dat we als gemeente ruimte geven aan de samenleving en denken in mogelijkheden. De samenleving vraagt om maatwerk dat uitgaat van een ‘ja mits’, ondernemend meedenken, dat de samenleving wordt gefaciliteerd en dat initiatieven niet worden afgevinkt maar afgewogen.

Samenvatting

Omgevingsvisie

Beleid gemeentelijke

Beheer van de

Kosten en

1 - CONTEXT Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 1.2

Relatie tussen het GRP en het omgevingsplan Het GRP geeft op onderdelen een gedetailleerde uitwerking van het beleid. Dit is dikwijls gebiedsgericht, dat wil zeggen dat op de ene plek andere regels gelden dan op de andere plek, vanwege lokale omstandigheden. In het omgevingsplan is te zien hoe dit uitwerkt op perceelniveau. Zo kan de gemeente bijvoorbeeld voor een perceel in de bebouwde kom eisen dat het afvalwater wordt aangesloten op de riolering, terwijl bij een bepaald perceel in het buitengebied geen riolering wordt aangeboden en lozing alleen is toegestaan via een kleinschalige zuivering. Voor hemelwater kan de gemeente bijvoorbeeld voor een kavel met geschikte bodem eisen dat hemelwater op de eigen kavel wordt geïnfiltreerd terwijl op een andere plek een hemelwaterriool wordt aangeboden waarop kan worden geloosd. In het GRP wordt, in hoofdstuk 2, het beleid uitgewerkt en onderbouwd.

Omgevingsvisie

Waterplannen: - Waterbeheerprogramma waterschap ZZL - RAS / LAS (deels) - Waterprogramma provincie Flevoland - Nationale plannen/ regels - RIONED / VNG aanbevelingen

Vakgebieden / ontwikkelingen: - Wegen - Groen - Ruimtelijke Ordening - Energietransitie - Klimaatadaptatie - Participatie - Handhaving

GRP Uitvoeringsprogramma's

Onderliggende documenten Omgevingsplan

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

1 - CONTEXT Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 1.2

Relatie tussen het GRP en andere aspecten van waterbeheer Het GRP gaat over de gemeentelijke watertaken afvalwater, hemelwater en grondwater zoals geformuleerd in de Omgevingswet. Daarnaast spelen de volgende zaken op het gebied van water: • Waterschap Zuiderzeeland is beheerder van het watersysteem in heel Flevoland. • Rijkswaterstaat is beheerder van het IJsselmeer, het Markermeer en de Randmeren. • Waterschap Zuiderzeeland is beheerder van AWZI’s en bijbehorende hoofdrioolgemalen en persleidingen in heel Flevoland. • Waterschap Zuiderzeeland is samen met de provincie Flevoland verantwoordelijk voor de grondwateronttrekkingen. • Provincie Flevoland is formeel verantwoordelijk voor het waterbeleid met het waterschap als uitvoerende instantie.

Omgevingsvisie

Waterplannen: - Waterbeheerprogramma waterschap ZZL - RAS / LAS (deels) - Waterprogramma provincie Flevoland - Nationale plannen/ regels - RIONED / VNG aanbevelingen

Vakgebieden / ontwikkelingen: - Wegen - Groen - Ruimtelijke Ordening - Energietransitie - Klimaatadaptatie - Participatie - Handhaving

GRP Uitvoeringsprogramma's

Onderliggende documenten Omgevingsplan

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

1 - CONTEXT Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 1.2

Relatie tussen het GRP en klimaatadaptie Het klimaat verandert, het regent vaker, langer en harder en het wordt steeds warmer. Klimaatadaptatie is iets voor meerdere beleidsterreinen en valt niet specifiek onder het beleidsterrein water en riolering. Klimaatadaptatie vraagt iets van de inrichting van de totale openbare ruimte. Deze dient zo ingericht te worden, dat er rekening gehouden wordt met het minimaliseren van wateroverlast, hittestress en droogte. Wateroverlast De regen die valt, dient een weg te vinden in de openbare ruimte, deze wordt deels gebufferd en afgevoerd via het riool en het overige water dient geborgen te worden in de openbare ruimte, door wegen en groenstroken zo in te richten dat het water bij een extreme bui tijdelijk gebufferd kan worden. Het water kan vervolgens infiltreren in de ondergrond, afgevoerd worden naar het oppervlaktewater of alsnog afgevoerd worden middels de riolering. Het is financieel onverantwoord om riolering te dimensioneren op extreme piekbuien. In de huidige situatie is de riolering gedimensioneerd op bui 8 (19,8 mm) van de leidraad riolering van RIONED. Vanwege de klimaatverandering hebben we in Dronten gekozen om de riolering bij toekomstige ontwikkelingen te dimensioneren op bui 10, dat is een bui die die 35,7 mm af kan voeren.

Omgevingsvisie

Waterplannen: - Waterbeheerprogramma waterschap ZZL - RAS / LAS (deels) - Waterprogramma provincie Flevoland - Nationale plannen/ regels - RIONED / VNG aanbevelingen

Vakgebieden / ontwikkelingen: - Wegen - Groen - Ruimtelijke Ordening - Energietransitie - Klimaatadaptatie - Participatie - Handhaving

GRP Uitvoeringsprogramma's

Onderliggende documenten Omgevingsplan

In het GRP 2016-2021 is een stresstest wateroverlast uitgevoerd. Er is een theoretische bui op de kernen Biddinghuizen, Dronten en Swifterbant losgelaten, die extreem is en in theorie eens per 100 jaar voor zal komen(T=100+10%, 63,4 mm in 1 uur met de piek

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

1 - CONTEXT Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 1.2

in het midden). Uit deze berekening volgt waar de locaties met wateroverlast plaatsvinden. Zo zijn in alle kernen de wateroverlast locaties geïnventariseerd. Er is bij de uitwerking rekening gehouden met de aanwezige infrastructuur, bomen en de ligging van kabels en leidingen. Zo zijn er op locaties eigenlijk wel maatregelen gewenst, echter laten de plaatselijke omstandig­heden dit niet toe. We gaan in de planperiode van het GRP bewoners en bedrijven onder meer op deze locaties informeren hoe ze een bijdrage kunnen leveren aan het voorkomen van wateroverlast. Op de locaties waar wel mogelijkheden zijn om de wateroverlast te minimaliseren kunnen we maatregelen nemen. De maatregelen zijn uitgewerkt in een maatregelprogramma en besproken met de diverse beheer- en beleidsafdelingen. De te nemen wateroverlast maatregelen zijn niet alleen de verantwoording voor de riolering maar voor de totale openbare ruimte. Zo kan de groene buitenruimte en de weg een bijdrage leveren aan het bufferen van extreme buien. Hierdoor is het ook logisch en reëel om deze kosten evenredig te verdelen.

Omgevingsvisie

Waterplannen: - Waterbeheerprogramma waterschap ZZL - RAS / LAS (deels) - Waterprogramma provincie Flevoland - Nationale plannen/ regels - RIONED / VNG aanbevelingen

Voor deze maatregelen is voor de periode 2022-2050 een benodigd budget geraamd van 642.000,- euro. Een deel van deze kosten is subsidiabel(1/3), de overige kosten dienen vanwege het integrale karakter bekostigd te worden uit de algemene middelen(1/3) en de rioolheffing(1/3). Hiervoor is een separaat voorstel opgesteld. Als maatregel is in de planperiode 2022-2028 opgenomen om 214.000 euro vrij te maken uit de rioolheffing voor het aanpakken van de wateroverlast locaties binnen de kernen van de gemeente Dronten.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Vakgebieden / ontwikkelingen: - Wegen - Groen - Ruimtelijke Ordening - Energietransitie - Klimaatadaptatie - Participatie - Handhaving

GRP Uitvoeringsprogramma's

Onderliggende documenten Omgevingsplan

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

1 - CONTEXT Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 1.2

Relatie tussen het GRP en andere taakvelden Het GRP bevat een uitvoeringsgerichte programmering van projecten. Dit vraagt afstemming met de programmering van wegen, groen, ruimtelijke ontwikkelingen, energietransitie, grondstoffenbeleid en dergelijke. Al deze onderwerpen beïnvloeden de openbare ruimte en vragen afstemming op het niveau van bestuur, management en beleid. In het onderhavige GRP is deze afstemming al zo veel mogelijk betracht. In de praktijk zal blijvende afstemming nodig zijn, vanwege steeds wisselende omstandigheden.

Omgevingsvisie

Waterplannen: - Waterbeheerprogramma waterschap ZZL - RAS / LAS (deels) - Waterprogramma provincie Flevoland - Nationale plannen/ regels - RIONED / VNG aanbevelingen

Vakgebieden / ontwikkelingen: - Wegen - Groen - Ruimtelijke Ordening - Energietransitie - Klimaatadaptatie - Participatie - Handhaving

GRP Uitvoeringsprogramma's

Onderliggende documenten Omgevingsplan

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

1 - CONTEXT Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 1.2

Relatie tussen het GRP en onderliggende documenten Het GRP is een compact document. Op veel onderdelen is sprake van onderliggende documenten en/of beheerprogramma’s die meer informatie bevatten. Denk aan SSW (systeemoverzicht stedelijk water), stresstesten wateroverlast en droogte (DPRA), rioolbeheerplan, gemalenbeheersysteem, degradatieanalyse, grondwateranalyse, kostendekkingsplan, etc. De informatie hieruit wordt aangetipt in het GRP.

Omgevingsvisie

Waterplannen: - Waterbeheerprogramma waterschap ZZL - RAS / LAS (deels) - Waterprogramma provincie Flevoland - Nationale plannen/ regels - RIONED / VNG aanbevelingen

Vakgebieden / ontwikkelingen: - Wegen - Groen - Ruimtelijke Ordening - Energietransitie - Klimaatadaptatie - Participatie - Handhaving

GRP Uitvoeringsprogramma's

Onderliggende documenten Omgevingsplan

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 8

SAMENVATTING EVALUATIE GRP DRONTEN 2016-2021 Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 1.3 Ga naar: Overzicht projecten GRP 2016-2021

De belangrijkste uitkomsten van de evaluatie zijn de volgende: •  Het rioleringsbeheer in gemeente Dronten is op orde: • Het dagelijks beheer en onderhoud verloopt goed, deels via raamcontracten. • Het rioolstelsel verkeert in goede staat. • De benodigde financiële middelen komen binnen via de rioolheffing, inclusief sparen voor de toekomstige vernieuwingsgolf. •  Het geformuleerde beleid voor de gemeentelijke watertaken voldoet in de praktijk. •  Vanuit aanpalende vakgebieden is er vraag naar meer aandacht voor klimaatadaptatie, integraliteit, bewonersparticipatie, communicatie, biodiversiteit, duurzaamheid, lozingsgedrag en grondstoffenbeleid. • De geplande projecten uit het vorige GRP zijn overwegend uitgevoerd. Klik hier voor een overzicht van de geplande projecten en status uit GRP 2016-2021.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 8

TABEL MET EVALUATIE VAN GEPLANDE PROJECTEN UIT HET VORIGE GRP Terug naar:

Activiteit

Evaluatie

Status

Inhoudsopgave

Recht van Opstal vestigen eigendommen

Alles is geinventariseerd en dient de komende jaren officieel geregeld te worden

Vervolg in nieuwe GRP

Onderzoek illegale bedrijfslozingen

Heeft de aandacht, is ook bij de OFGV aangekaart en wordt in de nabije toekomst opgepakt

Vervolg in nieuwe GRP

Paragraaf 1.3

Digitaliseren kalk tekeningen

Alle kalk tekeningen van de riolering zijn gedigitaliseerd en door DIV gearchiveerd.

Afgerond

Digitaliseren huisaansluitingen

Alle huisaansluitingen zijn verwerkt in het beheerprogramma GBI

Afgerond

Ga naar:

Verhelpen aantasting inprikpunten persleidingen

De mogelijke inprikpunten van de perleidingen op de vrij- vervalriolering zijn voorzien van een woelput

Afgerond

Samenvatting evaluatie

Onderzoek extreme buien in de kernen

Onderzoek is uitgevoerd in het rapport: Klimaatstresstest wateroverlast en Hemelwaterstructuurplan

Afgerond

Koppelen kolken GBI data

Alle kolken zijn gekoppeld in het GBI beheersysteem

Afgerond

Globaal plan gemengd naar gescheiden

Dit onderzoek is verwerkt in het hemelwaterstructuurplan dat onderdeel uitmaakte van de Klimaatstresstest wateroverlast

Afgerond

Samenwerking Zuiderzeeland (OAS)

Er is structureel overleg met het waterschap over beleidsontwikkelingen en projecten. Er is afgelopen periode geen noodzaak geweest voor een herziening van de OAS (Optimalisatie Afvalwaterstromen Studie)

Afgerond

Rasmariantanalyse

Deze analyse is voor dit GRP uitgevoerd en wordt gehanteerd in het nieuwe GRP, waardoor voor elke streng de theoretische levensduur is berekend

Afgerond

Opstellen GRP en kostendekingsplan

Het GRP bevindt zich voor uw ogen en het kostendekkingsplan is een onderdeel van dit GRP

Afgerond

Educatie en voorlichting scholen

Er is een start gemaakt met een educatieplan, deze zal meer vorm krijgen en integraal worden opgepakt met het grondstoffenbeleidsplan.

Vervolg in nieuwe GRP i.s.m grondstoffenbeleidsplan

Periodiek foldermateriaal

Bewoners worden indien noodzakelijk, meestal bij onregelmatigheden of klachten, geïnformeerd middels brieven en/of foldermateriaal.

Doorlopende activiteit

Inhuur derden SAF

Er zijn vanaf begin 2021 mensen ingehuurd voor het uitwerken van diverse maatregelen uit het GRP en voor het verrichten van werkzaamheden in de SAF. In het nieuwe GRP en de benchmark wordt bekeken hoe hier verder invulling aan te geven.

Doorlopende activiteit

Duurzaamheid en innovatie

Er is middels het samenwerkingsverband SAF bijgedragen aan projecten voor duurzaamheid en innovatie

Doorlopende activiteit

Onderzoek rioleringsvraagstukken

Er zijn diverse onderzoeken verricht, onder meer: onderzoek naar waterdoorlatende verharding, ombouwen grondwatermeetnet, inspectie rioolgemalen stranden en voorlanden, riooldata ontsluiten middels Wi(b)on.

Doorlopende activiteit

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 10

ARTIKEL 10.33 Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.1

Wet milieubeheer 1. De gemeenteraad of burgemeester en wethouders dragen zorg voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater dat vrijkomt bij de binnen het grondgebied van de gemeente gelegen percelen, door middel van een openbaar vuilwaterriool naar een inrichting als bedoeld in artikel 3.4 van de Waterwet. 2. In plaats van een openbaar vuilwaterriool en een inrichting als bedoeld in het eerste lid kunnen afzonderlijke systemen of andere passende systemen in beheer bij een gemeente, waterschap of een rechtspersoon die door een gemeente of waterschap met het beheer is belast, worden toegepast, indien met die systemen blijkens het gemeentelijk rioleringsplan eenzelfde graad van bescherming van het milieu wordt bereikt. 3. Op verzoek van burgemeester en wethouders kunnen gedeputeerde staten in het belang van de bescherming van het milieu ontheffing verlenen van de verplichting, bedoeld in het eerste lid, voor: a. een gedeelte van het grondgebied van een gemeente, dat gelegen is buiten de bebouwde kom, en b. een bebouwde kom van waaruit stedelijk afvalwater met een vervuilingswaarde van minder dan 2000 inwonerequivalenten wordt geloosd. 4. De ontheffing bedoeld in het derde lid kan, indien de ontwikkelingen in het gebied waarvoor de ontheffing is verleend daartoe aanleiding geven, door gedeputeerde staten worden ingetrokken.

Bij de intrekking wordt aangegeven binnen welke termijn in inzameling en transport van stedelijk afvalwater wordt voorzien.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 10

ARTIKEL 2.16 Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.1

Omgevingswet 1. Bij het gemeentebestuur berusten, naast de elders in deze wet en op grond van andere wetten aan dat bestuur toegedeelde taken voor de fysieke leefomgeving, de volgende taken: a. op het gebied van het beheer van watersystemen en waterketenbeheer: Lid 1.a.3 - de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater, 2. Op grond van het eerste lid, onder a, onder 3°, wordt stedelijk afvalwater ingezameld en getransporteerd naar een zuiveringtechnisch werk als dat vrijkomt: a. op de percelen, gelegen binnen een bebouwde kom van waaruit stedelijk afvalwater met een vervuilingswaarde van ten minste tweeduizend inwonerequivalenten als bedoeld in de richtlijn stedelijk afvalwater wordt geloosd, door middel van een openbaar vuilwaterriool, b. op andere percelen, voor zover dit doelmatig kan worden uitgevoerd door middel van een openbaar vuilwaterriool. 3. In plaats van een openbaar vuilwaterriool en een zuiveringtechnisch werk kunnen andere passende systemen in beheer bij een gemeente, een waterschap of een rechtspersoon die door een gemeente of waterschap met het beheer is belast, worden toegepast, als daarmee hetzelfde niveau van het beschermen van het milieu wordt bereikt.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 11

AFVALWATERBELEID VOOR WONINGEN BINNEN DE BEBOUWDE KOM Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.1

• Binnen de bebouwde kom is aansluiting op de riolering in principe verplicht. Het motief voor deze verplichting is het bevorderen van de volksgezondheid. Afvalwater in de leefomgeving kan aanleiding geven tot ziekten.

• De woning heeft geen wasmachine. Een wasmachine leidt tot een grote hoeveelheid afvalwater met zeepresten. Wil je zonder riolering, dan maak je gebruik van een centrale wasserette.

• Voor woningen met focus op duurzaamheid, circulariteit en het zogenaamde “off-grid” streven, kan onder strikte voorwaarden tijdelijke ontheffing worden verleend voor de aansluitplicht op de riolering. Dergelijke ontheffing wordt vooralsnog alleen overwogen in gebieden met een speciale status. De voorwaarden zijn:

• De keuken heeft water uit een jerrycan. Een klein beetje afvalwater uit de keuken kan worden uitgegoten over de tuin.

• De woning is niet aangesloten op het drinkwaternet. Aansluiting op het drinkwaternet geeft gerede kans op grote hoeveelheden afvalwater. Dit is zonder aansluiting op de riolering ontoelaatbaar in de bebouwde kom.

• De ontheffing (door de gemeente) is tijdelijk en kan worden verlengd na toetsing. Als aan één van genoemde voorwaarden niet meer wordt voldaan, dan vervalt de ontheffing en wordt aansluiting op de riolering alsnog verplicht.

• De woning heeft een droog toilet met separate opvang en verwerking van de droge en de natte fractie. Fecaliën zijn te verwerken in de tuin. Urine heeft potentie voor verwerking. • De woning heeft geen bad- of douchevoorziening. Bad en douche gaan gepaard met grote hoeveelheden afvalwater. Wil je zonder riolering, dan ga je naar een centrale badplaats.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 11

AFVALWATERBELEID VOOR NIET-WONINGEN BINNEN DE BEBOUWDE KOM Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.1

• Bedrijven Voor bedrijfsafvalwater geldt dat de gemeente afvalwater dat qua biologische afbreekbaarheid vergelijkbaar is met huishoudelijk afvalwater inzamelt. Ook ander bedrijfsafvalwater dat niet lokaal kan worden teruggebracht in het milieu wordt ingezameld, tenzij dit ten koste gaat van het doelmatig functioneren van de vuilwaterriolering of de rioolwaterzuivering. De gemeente kan nadere voorwaarden verbinden aan nieuwe of bestaande aansluitingen van bedrijven of deze weigeren of beëindigen. Het waterschap geeft hier advies. • Evenementen Voor evenementen geldt de plicht om afvalwater op verantwoorde wijze in te zamelen. De verantwoordelijkheid ligt bij de organisator. In sommige gevallen kan er direct worden geloosd op putten, maar het kan ook zijn dat het afvalwater per as wordt afgevoerd naar de zuivering. Soms zie je innovaties zoals gescheiden inzameling van urine.

• Boten Een varende boot wordt niet gezien als woning en kan niet worden aangesloten op de riolering. Lozing van afvalwater op oppervlaktewater is echter wel verboden. De bestuurder van de boot dient er op toe te zien dat afvalwater wordt geloosd op een geschikte locatie. De eigenaar/beheerder is verantwoordelijk voor een inzamelsysteem, bijvoorbeeld bij een haven. De gemeente ontvangt het afvalwater vanuit de haven net zoals een bedrijfsmatige lozing. • Gebouwen zonder afvalwater Diverse gebouwen hebben in principe geen afvalwater, zoals trafohuisjes zonder drinkwater en garageboxen zonder drinkwater. Deze behoeven geen verplichte aansluiting op de riolering.

• Woonboten Een woonboot wordt beschouwd als woning. Aansluiting op de riolering is verplicht bij een vaste ligplaats. Lozing vanuit de woonboot op het oppervlaktewater is verboden.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 11

AFVALWATERBELEID IN HET BUITENGEBIED Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.1 Ga naar: Bijlage 4: IBA-beleid

Onderstaand het beleid voor afvalwater voor woningen en niet-woningen buiten de bebouwde kom. Hier is niet vanzelfsprekend riolering aanwezig. Riolering in het buitengebied betreft meestal drukriolering, een stelseltype waarmee grote afstanden kunnen worden overbrugd. Daarnaast zijn andere systemen mogelijk zoals vacuüm of lucht-pers. Het volgende beleid wordt gehanteerd: • Het is de bedoeling dat afvalwater zo veel mogelijk wordt ingezameld met de riolering, maar bij veraf gelegen percelen gelden uitzonderingen. Deze uitzonderingen worden in de loop van de planperiode op kaart aangegeven. Bij het opstellen van deze kaart houdt de gemeente Dronten onder meer rekening met de volgende afstandscriteria: • Lozen van huishoudelijk afvalwater of daarop gelijkend bedrijfsafvalwater op oppervlaktewater is alleen toegestaan als de riolering verder weg ligt dan: - 40 m bij lozingen tot en met 10 i.e. - 100 m bij lozingen van 11 tot 25 i.e. - 600 m bij lozingen van 25 tot 50 i.e. - 1.500 m bij lozingen van 50 tot 100 i.e. - 3.000 m bij lozingen van 100 tot 2.000 i.e. • Het lozen van hemelwater of grondwater of oppervlaktewater op de drukriolering is verboden omdat het systeem dan overbelast raakt, soms op andere plekken dan de lozingslocatie.

• De gemeente hanteert in het buitengebied een gebiedsgerichte benadering. Dit komt erop neer dat per gebied wordt bekeken of riolering zinvol is of niet. Dit hangt af van de aantallen lozers, de lozingshoeveelheden en de kwetsbaarheid van het gebied voor de toepassing van individuele zuiveringen. De begrenzing van de gebieden en de keuze om al of niet riolering aan te bieden wordt in de planperiode gemaakt door de gemeente in overleg met het waterschap. • In gebieden met riolering geldt voor afvalwater een lozingsverbod in de bodem. In overleg met het waterschap geldt tevens een lozingsverbod voor afvalwater op oppervlaktewater. Afvoer per as is nog wel een optie, maar aansluiting op de riolering ligt in de meeste gevallen voor de hand. • In gebieden zonder riolering is een individuele voorziening voor de zuivering van afvalwater (IBA) vereist. Afhankelijk van de soort en hoeveelheid afvalwater worden hieraan eisen gesteld. In gemeente Dronten is lozing in de bodem niet toegestaan. Het waterschap is bevoegd gezag voor het lozen op het oppervlaktewater en heeft hiervoor IBA-beleid opgesteld • Veranderende omstandigheden kunnen voor de gemeente aanleiding geven om extra riolering aan te leggen. Een gebied verandert dan van de status “zonder riolering” naar “met riolering”. Aansluiten op de riolering wordt daarmee verplicht.

Eventueel wordt een overgangstermijn in acht genomen om bestaande goed functionerende IBA’s eerst af te schrijven.

• Het lozen van huishoudelijk afvalwater of daarop gelijkend bedrijfsafvalwater op de bodem is niet toegestaan.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 11

BELEID VOOR NIEUWE AANSLUITINGEN OF GROTERE LOZINGEN OP BESTAANDE RIOLERING Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.1 Ga naar: Bijlage 1: Aansluitverordening definiëren

• Hoofdregel is dat een bouwwerk zodanige voorzieningen voor de afvoer van huishoudelijk afvalwater moet hebben dat het water zonder nadelige gevolgen voor de volksgezondheid is af te voeren. • De gemeente brengt kosten in rekening voor een nieuwe aansluiting op de riolering. Dit is uitgewerkt in de aansluitverordening. De bedragen worden jaarlijks geïndexeerd. Voor de aanvrager zijn er daarnaast de kosten voor de aansluitleiding op het eigen terrein. • Voor lozingen groter dan 1 m3/dag, dus meer dan een normale huishoudelijke lozing, geldt dat de kosten die nodig zijn om het stelsel geschikt te maken voor deze grotere lozing, in rekening worden gebracht bij de initiatiefnemer. Denk hierbij aan een grotere leiding, rioolgemaal met dubbele pompen en extra elektronica. Dit geldt zowel voor nieuwe lozingen als voor bestaande lozingen die worden uitgebreid.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 11

BELEID VOOR NIEUWE AANLEG IN UIT- EN INBREIDINGSWIJKEN Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.1

In uit- en inbreidingswijken wordt nieuwe riolering aangelegd. Dit gebeurt in overleg met het waterschap, in zijn rol als waterbeheerder en in zijn rol als zuiveringsbeheerder. De hoofdregel is dat de gemeente gaat over de stelselkeuze en zorgt voor de bekostiging van de riolering. Dit wordt veelal geregeld via de grondexploitatie. Het afvalwater wordt door de gemeente getransporteerd naar een bestaand overnamepunt. Het waterschap is verantwoordelijk voor eventuele aanpassingen vanaf het overnamepunt. Bij grote uit- en inbreidingsplannen kan een nieuw overnamepunt aan de orde zijn. Ook dan is het overnamepunt de grens tussen de verantwoordelijkheid van de gemeente en die van het waterschap.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 11

VOOR LOZINGEN OP DE RIOLERING GELDT HET VOLGENDE BELEID: Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.1

• Er geldt een zorgplichtbeginsel voor afvalwaterlozingen: • Het voorkomen van het ontstaan van afvalwater; • Het gescheiden houden van verschillende soorten water. • Het voorkomen of beperken van bodemverontreiniging op het perceel; •  Het voorkomen of beperken van oppervlaktewaterverontreiniging vanaf het perceel; •  Het beschermen van de doelmatige werking van de voorzieningen voor afvalwaterbeheer, zoals de riolering en de zuivering; •  Geen lozingen zoals olie en vet in het riool. Bij horeca, garages en andere lozers van olie- en vethoudend afvalwater is een olie- en vetafscheider verplicht. •  Geen afvalwater lozen in het hemelwaterriool. •  Geen hemelwater lozen in het afvalwaterriool. • Het beleid is uitgewerkt in specifieke eisen aan lozingen op de riolering. Deze staan medio 2021 nog in het Activiteitenbesluit en worden via de zogenaamde Bruidsschat opgenomen in het gemeentelijk omgevingsplan. • Voor de meeste lozingen op de riolering is de gemeente bevoegd gezag. De Milieu- en Omgevingsdienst (OFGV) voert taken uit in opdracht van de gemeente. Het waterschap heeft een adviserende rol. Voor lozingen op oppervlaktewater is het waterschap bevoegd gezag.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 11

BELEID TEGEN FOUTAANSLUITINGEN Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.1

Bij gescheiden rioolstelsels liggen aparte buizen in de straat voor afvalwater en hemelwater. Het afvalwater wordt afgevoerd naar de zuivering en het hemelwater wordt geloosd op oppervlaktewater. Bij dit stelseltype bestaat het risico op foutieve aansluitingen: •  Als afvalwater wordt geloosd op het hemelwaterstelsel, dan vindt er een ongezuiverde lozing plaats, herkenbaar aan stank en grijzig water bij het lozingspunt. •  Als hemelwater wordt geloosd op het afvalwaterstelsel, dan raakt deze overbelast en treedt afvalwater uit bij een nood-overstort of op straat of in een gebouw.

•  Het feitelijke opsporingsonderzoek. Dit is vaak arbeidsintensief speurwerk. •  Herstel van foutieve aansluitingen. Dit kan op kosten van de eigenaar, maar de gemeente kan er ook voor kiezen om het te bekostigen vanuit de rioolgelden en het te zien als verbeteringsmaatregel voor de bestaande riolering. •  Als een eigenaar of gebruiker niet wil meewerken, dan kan het juridische traject worden bewandeld. Medewerking van de eigenaar en eventuele gebruiker van een pand is veelal vereist. Dit is juridisch afdwingbaar. Juridische aanpak kan via het bouwspoor of via het milieuspoor.

Per wijk met een gescheiden stelsel kan als volgt tewerk worden gegaan: •  Eerst inschatten in overleg met de waterbeheerder en met de zuiveringsbeheerder (waterschap Zuiderzeeland en/of RWS) hoe groot de problematiek is. Vervolgstappen alleen zetten als er een reëel probleem is, bijvoorbeeld grijs water bij de lozingspunten van het hemelwaterstelsel of een gemaal voor afvalwater dat duidelijk meer draait als er neerslag valt. •  Onderzoeken welke opsporingstechniek in de gegeven omstandigheden het beste past. De afgelopen jaren zijn meerdere technieken op de markt gekomen om foutieve aansluitingen op te sporen. •  Communicatietraject ingaan waarbij je de eigenaren of bewoners eerst aanspreekt op de ongewenstheid van foutieve aansluitingen en daarbij laat merken dat de gemeente desnoods met juridische middelen kan ingrijpen. Veelal zullen mensen zich schamen en meewerken.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 12

Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.2

ARTIKEL 3.5

ARTIKEL 2.16

Waterwet: 1. De gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders dragen zorg voor een doelmatige inzameling van het afvloeiend hemelwater, voor zover van degene die zich daarvan ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen, redelijkerwijs niet kan worden gevergd het afvloeiend hemelwater op of in de bodem of in het oppervlaktewater te brengen.

Omgevingswet: 1. Bij het gemeentebestuur berusten, naast de elders in deze wet en op grond van andere wetten aan dat bestuur toegedeelde taken voor de fysieke leefomgeving, de volgende taken: a. op het gebied van het beheer van watersystemen en waterketenbeheer:

2. De gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders dragen tevens zorg voor een doelmatige verwerking van het ingezamelde hemelwater. Onder het verwerken van hemelwater kunnen in ieder geval de volgende maatregelen worden begrepen: de berging, het transport, de nuttige toepassing, het, al dan niet na zuivering, terugbrengen op of in de bodem of in het oppervlaktewater van ingezameld hemelwater, en het afvoeren naar een zuiveringtechnisch werk.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Lid 1.a.1 - de doelmatige inzameling van afvloeiend hemelwater, voor zover de houder het afvloeiend hemelwater redelijkerwijs niet op of in de bodem of een oppervlaktewaterlichaam kan brengen, en het transport en de verwerking daarvan.

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 12

TOELICHTING OP DE GEMEENTELIJKE ZORGPLICHT VOOR HEMELWATER Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.2 Ga naar: Wateroverlast bij extreme buien

A. Dragen zorg voor. Deze woorden maken duidelijk dat het hier om een zorgplicht gaat en niet om een resultaatsverplichting. B. Doelmatige inzameling. Deze woorden zijn belangrijk. De kosten ie samenhangen met de inzameling en verwerking van hemelwater zijn afgelopen jaren flink gestegen door investeringen die zijn afgesproken met het waterschap voor verbetering van de kwaliteit van het oppervlaktewater. Deze kosten worden via de rioolbelasting verhaald op de burger. Het is aan de gemeente om af te wegen welke maatregelen doelmatig worden geacht en welke als te duur worden aangemerkt. C. Van recente datum is de aandacht voor extreem zware buien die door de klimaat¬ontwikkeling vaker lijken voor te komen dan voorheen. Het gaat om de vraag op welke plekken de enorme hoeveelheden water kortstondig geborgen kunnen worden. Verder speelt de vraag welke mate van overlast en schade acceptabel wordt geacht. Ook hier is het aan de gemeente om afwegingen van doelmatigheid te maken. Zie kader Beleid voor wateroverlast bij extreme buien D. Redelijkerwijs niet kan worden gevergd. Deze woorden staan te midden van een wat langere omschrijving. Zij geven aan dat de wet er in beginsel van uitgaat dat het hemelwater op het perceel waar het valt in de bodem wordt geïnfiltreerd of op de sloot wordt geloosd.

Dit sluit aan bij de natuurlijke gang van zaken: regen zakt weg in de bodem of loopt weg richting een sloot. In veel gevallen kan deze weg ook worden bewandeld in stedelijk gebied. Dikwijls is de bodem geschikt voor infiltratie en dikwijls zijn sloten, greppels, vijvers en grachten aanwezig. De wet gaat er vanuit

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

dat eerst naar deze mogelijkheden wordt gekeken. Alleen als het naar het oordeel van de gemeente teveel vergt van de particuliere eigenaar of woningcorporatie om dit te doen, dan is de gemeente aan zet om het hemelwater in te zamelen. Dit is een trendbreuk met de gangbare civiele praktijk waarbij meestal vanzelfsprekend al het hemelwater wordt ingezameld via de riolering. Met deze nieuwe wetgeving is het aan de gemeente om aan te geven in welke delen van de stad van de perceeleigenaren kan worden gevergd het hemelwater te verwerken op het eigen perceel en in welke delen van de stad de gemeente voorzieningen aanbiedt voor de inzameling van het hemelwater. Als de gemeente in bestaande gebieden wil overgaan van inzameling van hemelwater met de riolering naar een situatie waarbij particulieren zelf infiltreren of lozen op de sloot, zal een overgangstermijn nodig zijn om de particulieren in de gelegenheid te stellen eigen voorzieningen te treffen. Een en ander kan worden aangegeven in een verordening. E.  Doelmatige verwerking. De zorgplicht van de gemeente gaat niet alleen over het inzamelen van het hemelwater, maar ook over de verwerking hiervan. Het is aan de gemeenten om hierin doelmatige keuzes te maken. In de toelichting bij de wet wordt dit benadrukt. Dit is een trendbreuk met afgelopen jaren waarin waterschappen veelal dominant waren geworden ten aanzien van deze afweging.

Elders in de wet wordt wel benadrukt dat gemeenten en waterschappen goed moeten samenwerken. Het waterschap is dus niet buitenspel gezet bij het maken van de keuzes, maar op een gelijkwaardige positie gezet, waarin het niet zozeer normen aan de gemeente oplegt, maar in overleg haar belangen inbrengt.

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 12

THEMATISCHE UITWERKING MET PRINCIPES VOOR HET HEMELWATERBELEID Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.2

• Schoonhouden Hemelwater is vrijwel schoon als het valt. De opgave is om dit zo te houden. Onderstaande keuzes dragen bij aan het schoonhouden van hemelwater. •  Vermijd het gebruik van uitlogende materialen, zoals on-gecoate metalen. •  Houdt hemelwater zoveel mogelijk bovengronds. Zichtbaarheid bevordert een zorgvuldige omgang met het water zonder ongewenste lozingen. •  Vermijd activiteiten die afstromend hemelwater verontreinigen. Dergelijke activiteiten dienen plaats te vinden in afgesloten inrichtingen. •  Zorg dat er geen afvalwater wordt geloosd op voorzieningen voor hemelwater. Foutieve aansluitingen van afvalwater komen helaas voor in de praktijk. • Benutten Hemelwater is te benutten voor bijvoorbeeld tuinsproeien of toiletspoeling. •  Vanwege de lage prijs voor drinkwater in Nederland is het economisch nauwelijks interessant om hemelwater te benutten. •  Mensen met oog voor duurzaamheid kunnen zelf kiezen om hemelwater te benutten en zodoende minder drinkwater te verbruiken. •  In gebieden met een duurzaamheidsdoelstelling en/of in gebieden met beperkingen op het gebied van de drinkwatervoorziening kan de gemeente het benutten van hemelwater inzetten als instrument. • Vertragen Zware buien leiden tot piekbelasting. Soms geeft dit problemen in de vorm van overbelasting van regenwaterriolen of infiltratievoorzieningen

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

waardoor water op straat ontstaat. Of er ontstaat inundatie vanuit oppervlaktewater. Deze problemen treden minder op als de afstroming van hemelwater wordt vertraagd. Liefst zo lokaal mogelijk. Maar anderzijds is inzet op vertraging niet nodig als het benedenstroomse systeem ruim is gedimensioneerd. •  Groene of blauwe daken of berging op eigen perceel geven lokaal vertraging. •  Op buurtniveau is vertraging te realiseren door bergingsgebieden, zoals wadi’s. •  In het watersysteem is vertraging te realiseren door ruimte voor water. • Infiltreren Infiltratie van hemelwater leidt tot aanvulling van het grondwater. Het is nuttig in gebieden met droogte en draagt lokaal bij aan de watervoorziening van struiken en bomen. Bovendien kan het bijdrage leveren aan het lokaal remmen van bodemdaling. In gebieden met een kleine onverzadigde zone (o.a. als gevolg van kwel) is infiltreren lastiger. De geohydrologische omstandigheden zijn hierin bepalend. •  Infiltratie kan op particuliere schaal met een laagte in de tuin of een ondiep kratje. Bij nieuwbouw kan het direct worden gerealiseerd. Bij bestaande bebouwing kan het worden toegevoegd om het afvoersysteem te ontlasten. •  Infiltratie kan in de openbare ruimte door infiltrerende verharding of door afstroming naar lage groenstroken of door wadi’s of andere voorzieningen.

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 13

THEMATISCHE UITWERKING MET PRINCIPES VOOR HET HEMELWATERBELEID Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.2

• Directe lozing Directe lozing van hemelwater op oppervlaktewater klinkt vanzelfsprekend, mits het watersysteem de piekafvoer kan verwerken en de lozing niet verontreinigd is. •  Directe lozing is mogelijk vanaf daken en/of verharding mits vlakbij het water en in overleg met het waterschap. • Inzamelen De gemeente kan hemelwater inzamelen via de openbare ruimte om het verderop te lozen. Diverse stelseltypen kennen specifieke voor- en nadelen. •  Gotensysteem waarbij het hemelwater bovengronds blijft en verderop wordt geloosd. •  HWA-stelsel met bovengrondse inloop via goten en roosters. •  HWA-stelsel met ondergrondse aansluitleidingen. Ook geschikt voor drainage. Veel toegepast stelseltype. Achilleshiel zijn de foutieve aansluitingen.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 13

Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.2

RIOOLOVERSTORTEN

BASISINSPANNING

Riolering is in de eerste plaats bedoeld voor inzameling en transport van afvalwater. In de vorige eeuw is de praktijk ontstaan dat overtollig hemelwater met dezelfde riolering wordt ingezameld en getransporteerd. Dit betreft het zogenoemde gemengde rioolstelsel. Het brengt in feite al het water waar je vanaf wilt naar de stadsrand. In de loop van de vorige eeuw werden aan de stadsranden zuiveringen gebouwd omdat de lozing vanuit de steden ontoelaatbaar werd voor de kwaliteit van het oppervlaktewater. De waterkwaliteit is daarna sterk verbeterd. De sanering van bedrijfslozingen is ook van grote invloed geweest op de waterkwaliteit.

Vanaf de jaren ’90 is door waterschappen aangedrongen op de basisinspanning, het zogenaamde saneren van riooloverstorten. Soms door volledige sluiting, soms door afkoppelen van verhard oppervlak van de riolering, soms door grote bergbezinkbassins.

Het zuiveringsproces is gebaat bij een vrij constante aanvoer van afvalwater en niet bestand tegen de piek van al het hemelwater. Om die reden wordt er naast het echte afvalwater slechts een beperkte hoeveelheid extra water vanuit de riolering naar de zuivering geleid. Dit wordt de pompovercapaciteit genoemd. De rest wordt tijdelijk geborgen in de riolering. Dit wordt de berging genoemd. Maar bij zware buien of langdurige neerslag schiet deze bergingscapaciteit tekort en raakt het stelsel geheel gevuld. Om overlast te voorkomen zijn overstorten aangebracht in speciale putten. Deze lozen dan verdund doch ongezuiverd afvalwater op het oppervlaktewater. Bovendien komt dikwijls rioolslib mee door de hoge stroomsnelheden bij zware buien. Het resulteert in stank en visuele overlast, een verminderde waterkwaliteit met soms vissterfte, verarming van ecosystemen en dikwijls verontreinigde baggerspecie. De riooloverstorten kunnen niet worden gemist omdat het gemengde stelsel dan meerdere keren per jaar leidt tot water op straat inclusief afvalwater. Riooloverstorten zijn aldus een noodzakelijk kwaad vanuit een historisch gegroeide situatie.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

In 1995 is landelijk besloten dat de vuilemissie vanuit gemengde rioolstelsels naar oppervlaktewater 50% gereduceerd moet worden. Deze wens werd bekend als de “basisinspanning”. Als na het behalen van de basisinspanning nog steeds knelpunten ten aanzien van oppervlaktewaterkwaliteit worden ervaren, kunnen gemeente en waterbeheerder gezamenlijk besluiten om aanvullende maatregelen te nemen. In de gemeente Dronten is de basisinspanning voltooid. Er zijn geen aanwijzingen dat de resterende overstorten een groot probleem vormen. Wel blijft staan dat het water uit de overstorten verontreinigd is.

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 13

OVERZICHT VAN DE OVERSTORTEN VANUIT GEMENGDE STELSELS Terug naar:

Hieronder het overzicht van de overstorten vanuit de gemengde rioolstelsels:

Inhoudsopgave

Kern

Putnummer

Locatie

Biddinghuizen

B0111/B0064

Havenweg

Biddinghuizen

B0557

Parksingel

Biddinghuizen

B0142

Sportlaan/Parksingel

Biddinghuizen

B0108/B0756

Waterkant

Dronten

D0197-> D3417

Educalaan

Dronten

D0799

Installatieweg

Swifterbant

S0080

De Poort

Swifterbant

S0088

Dronterringweg

Swifterbant

S0093

Dronterringweg/Kolk

Dronten

P1 -> D3214

Havenkom-> Gangboord

Dronten

D0837

Noorderlicht

Voorwoord

Samenvatting

Paragraaf 2.2

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 13

AFKOPPELEN HEMELWATER IN BESTAAND BEBOUWD GEBIED Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.2

Het afkoppelen van hemelwater biedt de volgende voordelen: •  Minder afvoer van hemelwater naar de zuivering die daardoor beter of goedkoper werkt. •  Minder vaak werken van de overstorten bij gemengde rioolstelsels. •  Minder wateroverlast bij extreme buien. •  Kans tot gebruik van het hemelwater in tuin en/of woning. •  Aanvulling van het grondwater.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

Beheer van de riolering

Programmering

Kosten en rioolheffing

Bijlagen

Verwijzing van pagina 14 en 63

BELEID VOOR WATEROVERLAST BIJ EXTREME BUIEN Terug naar: Inhoudsopgave Paragraaf 2.3 Toelichting gemeentelijke zorgplicht hemelwater

 ioolstelsels zijn veelal ontworpen voor probleemloze afvoer van hemelwater R tot een neerslagintensiteit van 60 l/s/ha (liter per seconde per hectare) ofwel 20 mm/uur. Dit is voldoende voor alle normale dagen en ook voor de meeste zware neerslag. Af en toe, vooral bij zomerse donderbuien, komen hogere neerslag­ intensiteiten voor, tot meer dan 300 l/s/ha. Het is erg kostbaar om rioolstelsels daarop te dimensioneren. Als zo’n bui (of hevige cel in een bui) slechts enkele minuten duurt is er weinig aan de hand. Het wordt een probleem als het langer aanhoudt. De verwachting is dat door de klimaatontwikkeling extreme buien vaker voorkomen. In vakliteratuur wordt gepleit om te rekenen op een uur lang 300 l/s/ha ofwel 100 mm in een uur. Afgelopen jaren zijn dergelijke extreme buien op meerdere plekken in ons land waargenomen. Het is geen wettelijke eis dat de gemeente het systeem zodanig ontwerpt dat zo’n bui probleemloos verwerkt kan worden, maar wel een opgave voor de inrichting van de openbare ruimte om overlast en schade te beperken. Het belangrijkste kenmerk van dergelijke situaties is dat het water niet in de riolering past en dus op straat blijft staan en daar gaat stromen richting lage plekken. Op de lokaal laagste plekken komt alles bijeen en ontstaat overlast en soms ook schade. De nieuwe opgave wordt om het water her en der te geleiden naar laag gelegen groenstroken.

Bij het ontwikkelen van ruimtelijke plannen dient deze nieuwe opgave mee te spelen. Hemelwaterafvoer wordt steeds meer een bovengrondse aangelegenheid met invloed op de inrichting van de bovengrondse openbare ruimte.

Voorwoord

Samenvatting

Context

Beleid gemeentelijke watertaken

De gemeente spreekt van ernstige regenwateroverlast indien één van onderstaande situaties optreedt: • Putdeksels omhoog komen en gevaar opleveren. • Regenwater afkomstig uit een gemengd rioolstelsel of hemelwater langer dan 4 uur op straat staat. • Het water op straat stinkt en/of er toiletpapier en andere visuele verontreinigingen bevat vanwege volksgezondheidsrisico. • Water via de straat huizen of gebouwen instroomt. • Water in verkeersaders en doorgaande wegen en (fiets)tunnels gedurende meer dan 1 uur de doorgang blokkeert. • Water langer dan 4 uur hinder oplevert voor het verkeer, zowel gemotoriseerd als fietsers of voetgangers. • Water langer dan 4 uur in een tuin staat en dit afkomstig is uit het rioleringssysteem. Naast ernstige overlast kan er sprake zijn van hinderlijke wateroverlast. Voorbeelden hiervan zijn water tussen de trottoirbanden en ondergelopen plantsoenen, achterpaden of tuinen. Ernstige hemelwateroverlast vraagt om actie van de gemeente. Bij hinder is geen actie vereist. De gemeente neemt de volgende uitgangspunten tot beleid: • Bij riolering in bestaand bebouwd gebied is de bedoeling dat bui 8 (20mm in 1 uur met een piek van 110 l/s/ha) via de riolering kan worden afgevoerd zonder water op straat.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dronten.nl/api//v1/meetings/1001/documents/1793