05cb75f6-a227-45d8-9fff-559c39353e6d.pdf
Tekst van het document
Milieubeheer Bron Voortgangsrapportage 2020: Jaarrekeningresultaat Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek (OFGV) Het jaarrekeningresultaat 2019 is conform voorstel ontvangen. Regioplan Wind In 2020 is door de projectorganisatie Wind gewerkt aan het begeleiden en afstemmen van de initiatiefnemers rondom het vergunningenproces. Voor Windplan Blauw en Groen is een Raad van State-procedure gevoerd. Het Rijksinpassingsplan en de omgevingsvergunningen voor beide windplannen zijn na behandeling bij de RvS onherroepelijk geworden, waardoor gestart is met de voorbereiding van de bouw van de nieuwe windturbines. Daarnaast is gewerkt aan de verbinding met inwoners en bewonersgroepen. Enerzijds om op onderdelen verdieping te geven op thema’s, anderzijds om de voorbereiding van de uitwerking van de Gebiedsgebonden Bijdrage. Voor de kern Swifterbant is in samenwerking met verschillende partijen (Windbrekers, Windplan Blauw, Dorpsbelangen en gemeente) een krant uitgebracht met betrekking tot de bouwplannen van Windplan Blauw.
Wat heeft het gekost in 2020? Financieel sluit dit programma het jaar 2020 af met een resultaat van: € 1.642.000. Dit is het totaalsaldo van baten en lasten voor dit programma ten opzichte van de begroting na wijzigingen (-/- is een nadelig resultaat). Lasten en Baten (x € 1.000)
Rekening
Primitieve Begroting
Rekening
Verschil
2020
Begroting na wijziging 2020
2019
2020
2020
-922
-899
-955
-953
2
Lasten 7.1
Volksgezondheid
7.2
Riolering
-2.257
-2.160
-2.160
-2.214
-54
7.3
Afval
-4.308
-4.122
-4.241
-4.378
-137
7.4
Milieubeheer
-1.986
-1.303
-1.761
-2.059
-298
7.5
Begraafplaatsen en crematoria
-387
-358
-358
-366
-8
-9.860
-8.842
-9.474
-9.970
-495
Subtotaal Lasten
Jaarstukken 2020
72
Baten 7.2
Riolering
2.751
2.555
2.555
2.655
99
7.3
Afval
5.122
4.953
5.371
5.391
20
7.4
Milieubeheer
824
4
504
2.546
2.043
7.5
Begraafplaatsen en crematoria
434
381
381
355
-26
Subtotaal Baten
9.131
7.893
8.811
10.948
2.137
Saldo Lasten en Baten programma 7
-729
-950
-664
978
1.642
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-729
-950
-664
978
1.642
0.10
Toevoegingen aan reserves (lasten) 0.10 Onttrekkingen uit reserves (baten) 0.10 Saldo Reserves programma 7 Resultaat programma 7
Hierna verklaren we per taakveld de afwijkingen tussen Begroting na wijziging 2020 en de werkelijkheid 2020. De belangrijkste afwijkingen (lasten en baten) per taakveld worden toegelicht. Als richtlijn hanteren we het grensbedrag van toelichting bij afwijkingen van € 50.000 en hoger.
7.2 Riolering Bedragen
Voordeel /nadeel Nadeel Nadeel
Toelichting
Toelichting
€ 99.000
Voordeel /nadeel Voordeel
€ 99.000
Voordeel
- € 54.000 - € 54.000
Bedragen
Overige kleine posten < € 25.000 Totaal lasten
Baten: Deze afwijking wordt nader toegelicht in de Paragraaf Lokale Heffingen. Totaal baten
7.3 Afval Bedragen - € 137.000
Jaarstukken 2020
Voordeel /nadeel Nadeel
Toelichting Lasten: De overschrijding op dit taakveld heeft een aantal oorzaken. Zo zijn er hogere verwerkingskosten als gevolg van meer aangeboden tonnage afval (€ 322.000). Daar staat tegenover dat het uitreiken en vervangen van minicontainers minder budget gevraagd heeft (€ 32.000). Tot slot is er sprake van vrijval op de personeelslasten (€ 98.000) ten opzichte van de begroting. Hiervoor verwijzen wij u naar de integrale analyse in de Paragraaf Bedrijfsvoering. Om invulling te kunnen geven aan de activiteiten die bijdragen aan een afvalloze samenleving, is separaat budget beschikbaar gesteld (€ 49.000). Voor het ontwikkelen van het zwerfafvalbeleidsplan in samenhang met het grondstoffenbeleidsplan in 2021, wordt dit overgeheveld. Het restant van het budget voor het onderzoek naar efficiency en de ontwikkeling van de 73
- € 137.000
bedrijfsvoering is ook overgeheveld naar 2021 (€ 20.000). Totaal lasten
Nadeel
7.4 Milieubeheer Bedragen € 59.500
Voordeel /nadeel Voordeel
€ 149.500
Voordeel
- € 502.000
Nadeel
- € 5.000 - € 298.000
Nadeel Nadeel
Bedragen € 2.043.000
Voordeel /nadeel Voordeel
€ 2.043.000
Voordeel
Toelichting Lasten: Dit voordeel wordt veroorzaakt door minder gerealiseerde salariskosten. Hiervoor verwijzen wij u naar de integrale analyse van de personeelskosten in de Paragraaf Bedrijfsvoering. Lasten: De interne kosten van omgevingsmanagement en vergunningverlening vielen in 2020 mee, vanwege een lagere inzet. Er is naar verwachting in 2021 forse inzet nodig, gelet op de status van de beide windplannen en het bereiken van financial close. Overheveling is daarom wenselijk ten behoeve van de inzet in 2021. Lasten: Financiële afrekening met gemeente Lelystad vanuit bestuursovereenkomst Dronten-Lelystad. Zie ook de toelichting onder de baten. Overige kleine posten < 25.000 Totaal lasten
Toelichting Baten: Dit betreft de opbrengsten uit Windplan Blauw ten behoeve van dekking van de interne kosten. Totaal baten
Verplichte beleidsindicatoren Gemeenten nemen vanaf 2017 een basisset BBV beleidsindicatoren op in de begroting en het jaarverslag voor inzicht en heldere beeldvorming over de beleidsresultaten van de gemeente, en vergelijking van gemeenten onderling. Via het verplichte dashboard van Waarstaatjegemeente.nl zijn nog meer gegevens beschikbaar. In de onderstaande tabel staan de beleidsindicatoren voor dit programma van onze gemeente vergeleken met gemeenten met 25.000 tot 50.000 inwoners. Peildatum 29 januari 2021. Indicator
2016
2017
2018
2019
Gemeenten 25.00050.000 inwoners
Bron
Hernieuwbare elektriciteit in %
145,50
160,20
159,10
0,00
NB
KlimaatmonitorRijkswaterstaat
Omschrijving
Hernieuwbare elektriciteit
Omvang huishoudelijk restafval in kg per inwoner
169,00
115,00
121,00
130,00
CBS - Statistiek Huishoudelijk afval
Omschrijving
Niet gescheiden ingezameld huishoudelijk afval
Jaarstukken 2020
131,00
74
Programma 8 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Het programma omvat activiteiten die gericht zijn op de ruimtelijke ordening (ontwikkelingsvisie, bestemmingsplannen, welstandstoezicht en handhaving) en volkshuisvesting (woningbouw nieuw en bestaand, woonwagencentrum) en bouwgrondexploitaties. Met actief of faciliterend grondbeleid drukt de gemeente duidelijk haar stempel op de inrichting van de publieke ruimte. Zo wordt via bestemmingsplannen bepaald welke grond voor welk gebruik geschikt is en worden grondexploitaties gebruikt om stukken weiland in woonwijken te veranderen.
Wat hebben we bereikt in 2020? Ruimtelijke ordening Bron Programmabegroting 2020: invoering Omgevingswet In 2020 hebben we voortvarend gewerkt aan de voorbereidingen op de komst van de Omgevingswet. Alhoewel in maart 2020 duidelijk werd dat de wet een jaar later dan gepland wordt ingevoerd (nu gepland op 1/1/2022), heeft dat ons er niet van weerhouden door te gaan op dezelfde voet. De extra tijd die we gekregen hebben, gebruiken we om meer en uitgebreider te oefenen. In 2020 is onder andere gewerkt aan: De vaststelling van de leidende principes die we hanteren bij de invoering van de Omgevingswet; Het verwerven van en oefenen met software die nodig is om aan te kunnen sluiten op het Digitaal Stelsel Omgevingswet; Een verdere doorontwikkeling van de Omgevingstafel. Aan de Omgevingstafel worden voorstellen van initiatiefnemers integraal afgewogen; De inrichting van werkprocessen voor onder andere de vergunningverlening; Voorstellen rondom de inrichting van participatie onder de Omgevingswet; Verdere oriëntatie op de structurele kosten van de Omgevingswet en het mede indienen van een motie hierover op het VNG-congres; Een bestuurlijke startnotitie om te komen tot 1 visie op de leefomgeving; Verdere oriëntatie op de manier van werken die nodig is onder de Omgevingswet.
De werkgroep Omgevingswet van de raad vervult een belangrijke rol als klankbord van het college en in de voorbereiding op besluitvormende processen in de raad. Het invoeringsbudget is niet volledig ingezet voor de begrote taken als gevolg van het uitstel en de effecten van COVID-19. Voor dit programmabudget is een budgetoverheveling ingediend en door u vastgesteld in de februariraad. De werkzaamheden zullen alsnog in 2021 worden uitgevoerd volgens plan. Bron Voortgangsrapportage 2020: Bijstelling voorbereidingskrediet Swifterbant Zuid Het voorbereidingskrediet is opgehoogd naar € 250.000,--. De kosten zijn verwerkt in het Exploitatieplan in het kader van kostenverhaal (bij exploitatie door derden). Indien een Grondexploitatie zal worden opgesteld, zullen deze kosten daarin worden opgenomen. Bron Programmabegroting 2020: Herontwikkeling Spelwijk In samenspraak met de diverse stakeholders in het gebied is een inspirerend visiedocument opgesteld, voorzien van verschillende haalbare varianten. Twee ontwikkelvarianten worden uitgewerkt tot één concreet plan, namelijk 1. Schoon, heel en veilig en 2. Entree van het dorp. De uitwerking, uiteraard weer met participatie van de stakeholders, is gestart in het najaar van 2020. Deze uitwerking komt tot stand in één planproces met de aanpak van de Biddingweg.
In de begroting van 2021 is budget opgenomen om de plannen voor Spelwijk uit te voeren.
Jaarstukken 2020
75
Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) Bron Programmabegroting 2020: Prognose resultaat grondverkopen 2020 Dit onderdeel wordt nader toegelicht in de Paragraaf grondbeleid.
Wonen en bouwen Bron programmabegroting 2020: Optimalisatie BAG- en BGT-werkzaamheden Eind 2020 is de vacaturetekst opgesteld en is de werving van een BAG-medewerker gestart. Begin 2021 wordt deze vacature ingevuld. Bron programmabegroting 2020: Geo-visie: mutatiesignalering Er heeft een pilot voor de mutatiesignalering plaatsgevonden. Deze is succesvol afgerond. Hiermee is een potentiele partij gevonden die ons de software voor mutatiesignalering kan leveren. Bron programmabegroting 2020: Doorontwikkeling gegevens basisregistraties Ons datadistributiesysteem (DDS) vervult een centrale positie in onze informatievoorziening en is bijgewerkt. DDS wordt naar verwachting de komende jaren op basis van common ground grondig aangepast. De landelijke ontwikkelingen en de ontwikkelingen bij de leverancier Centric worden nauwlettend gevolgd. Bron programmabegroting 2020: Woonvisie en ontwikkelvisie herontwikkeling schoollocaties, sporthal Het Dok en Zuidwest centrum Dronten De huidige Woonvisie loopt in 2021 af; de planning was 4e kwartaal 2020 te starten met het proces voor een nieuwe Woonvisie. Inmiddels is met de bestuurlijke Startnotitie voor de Integrale Leefomgeving de intentie uitgesproken een nieuwe Woonvisie te integreren in de nieuw op te stellen integrale visie. Definitieve besluitvorming over de bestuurlijke Startnotitie heeft eind januari plaatsgevonden.
Op basis daarvan zal het vervolg over de Woonvisie onderdeel gaan uitmaken van de in de bestuurlijke startnotitie beschreven aanpak. In 2020 is een bestuursopdracht vastgesteld voor het uitvoeren van een ruimtelijke verkenning voor de centrumschil van Dronten. De ruimtelijke verkenning vormt de eerste stap naar een meer integrale gebiedsvisie voor de totale centrumschil. De eerste aanleiding wordt gevormd door de ambitie om te komen tot een samenvoeging van scholen voor primair onderwijs (in het gebied ten oosten van het centrum) en ondersteunende functies in een Kindcentrum. De resultaten van de ruimtelijke verkenning worden in april 2021 verwacht en geven meer duidelijkheid over de mogelijkheden van een Kindcentrum en geven inzicht in de randvoorwaarden en uitgangspunten voor het vervolg richting de uiteindelijke gebiedsvisie. Bron programmabegroting 2020: Uitvoeringsprogramma Klimaatbeleidsplan Voor de duurzaamheidsleningen is inmiddels in totaal € 5,6 miljoen beschikbaar gesteld. De gemeente Dronten heeft bijna 900 aanvragen voor een duurzaamheidslening goedgekeurd. Het merendeel van deze aanvragen betreft de installatie van zonnepanelen (ruim 9.500). Het Energieloket is in 2020 uitgebreid met een loket in Swifterbant en Biddinghuizen.
Dit jaar zijn tot en met het 3e kwartaal 2020 ruim 300 bezoekers geteld, ruim 1750 mensen hebben de website bezocht en er zijn ruim 400 energieadviezen gegeven. De inwoners weten het loket goed te vinden. Dit jaar is het concept Regionale Energie Strategie Flevoland (RES) verschenen. Het Flevolandse bod is opgebouwd uit bestaand beleid van Regioplan Wind (1700 MW) en Structuurvisie Zon (1000 MW). Samen komt dat overeen met ca. 4,76 TWh. Met dit bod draagt Flevoland bovengemiddeld bij aan de nationale opgave van 35 TWh. De gemeente Dronten cofinanciert het Rijksprogramma ‘Duurzaam Door’ Jaarstukken 2020
76
met een jaarlijkse bijdrage van € 7.500. Dit jaar zijn in dit programma een vijftal projecten in uitvoering (Met energie naar een circulaire samenleving, De Jeugd heeft de toekomst/verkorten van de voedselketen, De bewuste streekvoedselconsument, Jong Leren Eten en De energie challenge). De beleidsvisie zon is dit jaar vastgesteld. In deze visie is ook de zonneladder opgenomen als hulpmiddel om de ruimtelijke prioritering aan te geven. Trede 1: meteen doen: Zon op dak en Panelen aan gevels Trede 2: maatwerk: Overkappen parkeerplaatsen, langs infrastructuur (o.a. Hanzelijn, A6), op water (IJsseloog) en ruimte voor innovaties Trede 3: voorlopig niet: Op landbouwgrond en in natuur- en bosgebieden Dit jaar zijn er twee relevante zonneprojecten in uitvoering gekomen. Proeftuin PowerParking waarbij de parkeerplaats achter het gemeentehuis wordt overkapt met zonnepanelen en voorzien van een batterij en laadpalen en ’s werelds grootste solarcarport op de parkeerplaats Lowlands. Dit jaar is besteed aan de voltooiing van het Plan van Aanpak Transitievisie Warmte (inmiddels vastgesteld door de Raad d.d. 21 januari 2021). In Biddinghuizen is een start gemaakt met de oprichting van een energiecoöperatie ‘Biddinghuizen Energie Neutraal’. In Swifterbant wordt nagedacht over de oprichting van een commissie Duurzaamheid.
Bron programmabegroting 2020: Subsidiecoördinator Duurzaamheid De subsidiecoördinator is per 1 februari 2021 aangesteld. Bron programmabegroting 2020: Uitvoeringsagenda Woonvisie Zoals aangegeven is de intentie een nieuwe Woonvisie te integreren in de nieuw op te stellen integrale visie voor de leefomgeving. Hiermee schuift ook de uitvoeringsagenda door naar 2021/2022; het hiervoor gereserveerde budget wordt overgeheveld naar 2021. Bron Voortgangsrapportage 2020: Buiten gebruik stelling tachymeters De aanbesteding voor de inhuur van de landmeter is afgerond en gegund. Deze maakt nu gebruik van eigen apparatuur waardoor gemeente Dronten beter kan anticiperen op doorontwikkelingen. Ook ontstaan er meer keuzemogelijkheden qua inwinningstechnieken. De oude apparatuur is buiten gebruik gesteld Bron Voortgangsrapportage 2020: Ontwikkeling huisvesting studenten en arbeidsmigranten Voor de huisvesting van studenten is gestart met de realisatie van nieuwe wooneenheden op het campus terrein van Aeres. Met betrekking tot de huisvesting van arbeidsmigranten is de gemeente in gesprek met enkele initiatiefnemers. Plannen hiervoor worden nader uitgewerkt voordat besluitvorming kan plaatsvinden. Verder is de gemeente actief met een aanpak om de woon- en leefomstandigheden van arbeidsmigranten te verbeteren op basis van recente aanbevelingen van de commissie Roemer.
De gemeente onderzoekt momenteel samen met het Rijksvastgoedbedrijf mogelijke locaties voor de huisvesting van arbeidsmigranten.
Jaarstukken 2020
77
Wat heeft het gekost in 2020? Financieel sluit dit programma het jaar 2020 af met een resultaat van: € 4.075.000. Dit is het totaalsaldo van baten en lasten voor dit programma ten opzichte van de begroting na wijzigingen (-/- is een nadelig resultaat). Lasten en Baten (x € 1.000)
Rekening
Primitieve Begroting
Rekening
Verschil
2020
Begroting na wijziging 2020
2019
2020
2020
Lasten 8.1
Ruimtelijke ordening
-1.229
-1.590
-1.815
-1.452
362
8.2
Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) Wonen en bouwen
-5.250
-2.052
-2.052
-2.668
-616
-2.115
-2.389
-3.065
-2.334
731
-8.594
-6.030
-6.932
-6.455
477
8.3
Subtotaal Lasten Baten 8.1
Ruimtelijke ordening
6
4
4
54
50
8.2
Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) Wonen en bouwen
4.504
2.052
2.052
5.033
2.981
1.703
1.569
1.333
1.900
567
6.212
3.625
3.389
6.987
3.598
Saldo Lasten en Baten programma 8
-2.383
-2.405
-3.543
532
4.075
0.10
-3.196
-
-
-2.579
-2.579
4.055
-
-
1.941
1.941
859
-
-
-637
-637
-1.524
-2.405
-3.543
-105
3.438
8.3
Subtotaal Baten
Toevoegingen aan reserves (lasten) 0.10 Onttrekkingen uit reserves (baten) 0.10 Saldo Reserves programma 8 Resultaat programma 8
Hierna verklaren we per taakveld de afwijkingen tussen Begroting na wijziging 2020 en de werkelijkheid 2020. De belangrijkste afwijkingen (lasten en baten) per taakveld worden toegelicht. Als richtlijn hanteren we het grensbedrag van toelichting bij afwijkingen van € 50.000 en hoger.
8.1 Ruimtelijke ordening Bedragen € 76.000
Voordeel /nadeel Voordeel
€ 306.000
Voordeel
- € 20.000 € 362.000
Nadeel Voordeel
Jaarstukken 2020
Toelichting Lasten: Het opstellen van het bestemmingsplan Bedrijventerreinen is in 2020 niet uitgevoerd (€ 42.000). Dit gaat een omgevingsplan worden en vormt een pilot in het programma "Implementatie van de Omgevingswet". Voor de dekking van de vervolgkosten van het op te stellen bestemmingsplan Veehouderijen is het restant van het hiervoor beschikbaar gestelde budget overgeheveld naar 2021 (€ 31.500). Lasten: Een budgetoverheveling is voorgesteld voor de invoerkosten van de Omgevingswet, waarmee de vervolgkosten van uitstel van de wet alsnog in 2021 betaald kunnen worden. Overige kleine posten < € 25.000 Totaal lasten 78
Bedragen € 50.000
Voordeel /nadeel Voordeel
€ 50.000
Voordeel
Toelichting Baten: De bedrag is opgebouwd uit verschillende onderdelen. Onder meer zijn er bijdragen in plankosten ontvangen (€ 19.500). Daarnaast is € 10.000 ontvangen als bijdrage in ruimtelijke ontwikkeling, welke wordt toegevoegd aan de bestemmingsreserve. Verder bestaat het voordeel uit legesinkomsten voor gevoerde ruimtelijke procedures en principeverzoeken voor initiatieven van derden. Totaal baten
8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) Bedragen - € 616.500
Voordeel /nadeel Nadeel
- € 616.500
Nadeel
Bedragen
Toelichting Lasten: De actualisering van de voorziening voor het Hanzekwartier Havenkade heeft een negatief effect (€ 338.691). Daarnaast heeft de herziening van de POCwinst (Percentage of Completion) over voorgaande jaren een totaal negatief effect van € 276.295. Dit bedrag wordt conform de Nota Reserves en Voorzieningen 2020 onttrokken aan de bestemmingsreserve Niet afgesloten exploitaties (POC). Zie voor een nadere toelichting de paragraaf Grondbeleid. Totaal lasten
Toelichting
€ 2.981.500
Voordeel /nadeel Voordeel
€ 2.981.500
Voordeel
Totaal baten
Baten: Het positieve saldo bestaat uit een aantal onderdelen. De afwikkeling van de complexen Ellerveld en De Gilden hoofdstructuur heeft een totaal positief effect van € 1.830.696. De actualisering van de voorziening voor De Graafschap heeft een positief effect (€ 246.972). Tot slot is het resultaat van het verplicht tussentijds winst nemen volgens de POC-methode totaal € 903.775. Dit bedrag wordt conform de Nota Reserves en Voorzieningen 2020 toegevoegd aan de bestemmingsreserve Niet afgesloten exploitaties (POC). Zie voor een nadere toelichting de paragraaf Grondbeleid.
8.3 Wonen en bouwen Bedragen - € 32.500
Voordeel /nadeel Nadeel
- € 31.500
Nadeel
Jaarstukken 2020
Toelichting Lasten: Het nadeel is het gevolg van extra inhuurkosten van de projectleider vanuit het project Oneigenlijk gebruik gemeentegronden. Hier staat de dekking vanuit de verkoop van tuingronden tegenover. Lasten: De toename van het aantal kleine aanvragen en daardoor de advieskosten van Het Oversticht is de 79
€ 336.500
Voordeel
€ 314.500
Voordeel
€ 154.000
Voordeel
- € 10.000 € 731.000
Nadeel Voordeel
Bedragen € 503.000
Voordeel /nadeel Voordeel
€ 48.500
Voordeel
€ 15.500 € 567.000
Voordeel Voordeel
Jaarstukken 2020
oorzaak van deze overschrijding. Lasten: De eerste stap om te komen tot gebiedsvisies; een ruimtelijke verkenning naar de mogelijkheden van een Kindcentrum, wordt in het eerste kwartaal van 2021 gezet. Om die reden is het budget € 155.000 voor de advieskosten van een extern bureau overgeheveld naar 2021. De planning was om in het 4e kwartaal 2020 te starten met het proces voor een nieuwe Woonvisie. Inmiddels is met de bestuurlijke Startnotitie voor de Integrale Leefomgeving besloten een Woonvisie te integreren in de nieuw op te stellen integrale visie. Daarmee schuift een en ander door naar 2021 en is het hieraan gekoppelde budget van € 75.000 en het budget voor de Uitvoeringsagenda Woonvisie van € 25.000 overgeheveld. In afwachting van het kunnen aansluiten op de activiteiten van Dronten Marketing is in 2020 het beschikbare budget beperkt gebruikt. Het resterende budget van € 50.000 is overgeheveld naar 2021 en wordt ingezet voor een nieuwe wooncampagne. Lasten: In het Klimaatakkoord is afgesproken dat het Rijk € 150 mln. ter beschikking stelt aan gemeenten voor de periode 2019 tot en met 2021. De nadruk bij deze middelen ligt op de ondersteuning van gemeente bij de Transitievisie Warmte. Naast deze bijdrage heeft de gemeente ook middelen ontvangen voor ondersteuning van de energieloketten.
Deze ontvangen middelen en het restant van de eigen incidentele gemeentelijke klimaatmiddelen, zijn overgeheveld naar 2021 (€ 247.000) Het budget van € 50.000 voor de subsidie-coördinator is overgeheveld naar 2022 omdat deze later is gestart. Lasten: Minder werkzaamheden uitgevoerd voor de BAG zo is er geen externe inhuur geweest en is het budget niet gebruikt in 2020 Dit is opgenomen in de budgetoverhevelingen voor 2020. Overige kleine posten < € 25.000 Totaal lasten
Toelichting Baten: De bijstelling in de Voortgangsrapportage (€ 400.000 nadeel) vanuit het voorzichtigheidsprincipe had achteraf niet nodig geweest, aangezien de omgevingsaanvragen exceptioneel in aantal zijn toegenomen. Dit voordeel bevat een omvang van € 608.000 (vooruitontvangen) aan nog niet beschikte omgevingsvergunningen en zullen in 2021 afgehandeld worden. Baten: Het voordeel is het gevolg van de realisatie van de verkoop van tuingronden vanuit het project Oneigenlijk gebruik gemeentegronden. Overige kleine posten < € 25.000 Totaal baten 80
Verplichte beleidsindicatoren Gemeenten nemen vanaf 2017 een basisset BBV beleidsindicatoren op in de begroting en het jaarverslag voor inzicht en heldere beeldvorming over de beleidsresultaten van de gemeente, en vergelijking van gemeenten onderling. Via het verplichte dashboard van Waarstaatjegemeente.nl zijn nog meer gegevens beschikbaar. In de onderstaande tabel staan de beleidsindicatoren voor dit programma van onze gemeente vergeleken met gemeenten met 25.000 tot 50.000 inwoners. Peildatum 29 januari 2021. Indicator
2016
2017
2018
2019
% Demografische druk
71,00
71,20
71,80
72,20
Omschrijving
De som van het aantal personen van 0 tot 20 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot de personen van 20 tot 65 jaar
Nieuw gebouwde woningen per 1.000 woningen
6,20
Omschrijving
Nieuw gebouwde woningen, exclusief overige toevoegingen, zoals transformaties.
Woonlasten 708,00 éénpersoonshuishouden in € Omschrijving
Jaarstukken 2020
674,00
14,60
687,00
8,60
678,00
Basisregistraties adressen en gebouwen bewerking ABF Research
COELO, Groningen
696,00
674,00
687,00
753,00
COELO, Groningen
Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een meerpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten
WOZ-waarde woningen x 193,00 € 1.000
Omschrijving
696,00
13,50
Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een éénpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten
Woonlasten 708,00 meerpersoonshuishoudens in € Omschrijving
6,80
Gemeenten 25.000- Bron 50.000 inwoners 77,80 CBS Bevolkingsstatistiek
197,00
206,00
218,00
260,00
CBS - Statistiek Waarde Onroerende Zaken
De gemiddelde WOZ waarde van woningen 2014-2018
81
1.4 Paragrafen 1.4.1Paragraaf Lokale heffingen Lokale heffingen zijn de opbrengsten van de gemeentelijke belastingen en heffingen (zoals leges voor een paspoort). Met de informatie uit de paragraaf lokale heffingen kan de gemeenteraad een afweging maken tussen de belastingdruk en het gewenste voorzieningenniveau in de gemeente. In de paragraaf lokale heffingen staat namelijk informatie over: het beleid dat de gemeente voert ten aanzien van lokale heffingen; de geraamde inkomsten; een overzicht op hoofdlijnen van de lokale heffingen; een aanduiding van de lastendruk; een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid.
Beleid Het totale pakket van gemeentelijke heffingen wordt door de gemeenteraad vastgesteld middels belastingverordeningen en (deels) wettelijk vastgestelde tarieven. Voor de hoogte van de tarieven en leges gelden de volgende uitgangspunten: 1. Voortzetten van gemaakte keuzes in het verleden. Voorwaarde is dat de keuzes moeten voldoen aan wat wettelijk is toegestaan; 2. Maximale kostendekkendheid van tarieven en leges; 3. De tarieven en leges, met uitzondering van enkele belastingen, stijgen met 1,7%; 4. Dit geldt uiteraard niet voor tarieven die wettelijk worden vastgelegd of waarbij via besluitvorming door de raad een ander afwijkend tarief is afgesproken; 5. De verwerking van de kaders die door de raad zijn aangegeven in de Programmabegroting 2020. Het beleid ten aanzien van de lokale heffingen en het overzicht op hoofdlijnen van diverse heffingen wordt onderstaand toegelicht. Het beleid over de lokale lasten is opgenomen in: diverse belastingverordeningen; de Nota Kwijtscheldingsbeleid. Lokale heffingen genereren de volgende inkomsten in 2020: Opbrengsten lokale heffingen (x € 1.000)
Realisatie
Primitieve Begroting na begroting wijziging
Realisatie
Verschil
2019
2020
2020
2020
2020
0.61 & 0.62 Onroerende zaakbelasting
9.815
9.532
9.649
10.192
543
7.3 Afvalstoffenheffing
3.592
3.897
4.260
4.363
104
7.2 Rioolrechten
2.400
2.414
2.414
2.561
147
0.2 Burgerzaken
309
383
233
307
74
1.381
1.247
847
1.349
503
991
100
100
174
75
1.141
1.087
437
662
226
3.4 Forensenbelasting
162
132
132
180
47
3.3 Marktgelden
22
23
23
22
7.5 Grafrechten
434
381
381
355
Baten
8.3 Omgevingsvergunningen 2.1 Kabels en leidingen 3.4 (Water)toeristenbelasting
Jaarstukken 2020
-26
82
0.64.Hondenbelasting
2
1.2 Openbare orde en veiligheid
46
38
38
12
-26
0.63 Parkeerbelasting
10
8
8
2
-6
0.64. Precariobelasting
970
915
975
976
1
0.64.Reclamebelasting
178
193
133
138
5
20.264
20.345
19.624
21.030
1.406
Totaal lokale heffingen
Belastingbeleid en hoofdlijnen diverse heffingen Het beleid ten aanzien van de lokale heffingen en het overzicht op hoofdlijnen van diverse heffingen wordt onderstaand toegelicht.
Onroerende zaakbelasting Bij de begroting 2020 is gebruik gemaakt van de WOZ-waarden per 1 januari 2019 van alle woningen/gebouwen in de gemeente Dronten. Deze waarden afgezet tegen de OZBtarieven leiden tot een begrote opbrengst. Voor 2020 heeft de gemeente € 205.000 meer opbrengsten dan begroot ontvangen voor de OZB eigenaar woningen. Voor OZB gebruiker niet-woningen heeft de gemeente een bedrag van € 339.000 meer ontvangen dan begroot in 2020. Op basis van deze gegevens worden de tarieven als volgt: Rekening 2018
Rekening 2019
Rekening 2020
Begroting 2021
Afvalstoffenheffing
234,16
237,91
264,36
275,99
Rioolheffing
126,78
128,81
131,00
136,76
- Eigenaar woning 2020 (waarde € 206.000)
300,72
305,53
301,38
323,80
Totaal lastendruk (zonder eigen woning)
360,94
366,72
395,36
412,75
Totaal lastendruk (met eigen woning)
661,66
672,25
696,74
736,55
Lastendruk per huishouden
Onroerendezaakbelasting
* Bovenstaande tarieven zijn de basistarieven; over 2019 is in eerdere stukken een korting toegepast.
Afvalstoffenheffing Voor de berekening van de afvalstoffenheffing wordt uitgegaan van een dekking van 100%. Het tarief 2020 is bijgesteld met 1,7% stijging voor loon- en prijscompensatie zoals opgenomen in de Programmabegroting 2020. Daarnaast is bij de vaststelling van de Verordening afvalstoffenheffing 2020 een boventrendmatige verhoging van 9,3% doorgevoerd. In de onderstaande tabel wordt de kostendekkendheid inzichtelijk gemaakt. Zie voor een nadere toelichting taakveld 7.3 Afvalstoffenheffing. Berekening kostendekkendheid Afvalstoffenheffing
Percentage 2020
€
Kosten taakveld (incl. omslagrente)
4.368.012
Inkomsten taakveld (excl. heffingen)
-1.028.263
Netto kosten taakveld
€
3.339.749
Overhead (incl. omslagrente)
86%
822.497
BTW
21%
536.284
Totaal toe te rekenen kosten
1.358.781
Totale kosten
4.698.530
Opbrengst heffingen
4.363.178
Jaarstukken 2020
83
Rioolheffing De rioolheffing wordt vastgesteld in het kader van het gemeentelijk rioleringsplan (GRP). Het tarief 2020 is bijgesteld met 1,7% stijging voor loon- en prijscompensatie zoals opgenomen in de Programmabegroting 2020. In de onderstaande tabel wordt de kostendekkendheid inzichtelijk gemaakt. Zie voor een nadere toelichting taakveld 7.2 Rioolheffing. Berekening kostendekkendheid Rioolheffing
Percentage 2020
€
€
Kosten taakveld (incl. omslagrente)
1.827.744
Inkomsten taakveld (excl. heffingen)
0
Netto kosten taakveld
1.827.744
Overhead (incl. omslagrente)
86%
195.764
BTW
21%
166.531
Dotatie aan Voorziening Totaal toe te rekenen kosten
411.313 773.608
Totale kosten
2.601.352
Opbrengst heffingen
2.601.352
(Water)Toeristenbelasting Het tarief voor toeristenbelasting is sinds 2012 € 0,95 per persoon per overnachting. De ontwikkeling is afhankelijk van volumegroei. Dit monitoren we op basis van de aangiften. Indien de volumegroei in opbrengst niet gehaald wordt dan zal de hoogte van het tarief toeristenbelasting afgeleid worden van de door de gemeente geraamde opbrengst. Gezien de lopende afspraken met de ondernemers is het tarief voor 2020 op € 0,95 gehandhaafd. Door COVID-19 is de inkomsten uit toeristenbelasting teruggevallen ten opzichte van de begroting 2020. Steunmaatregelen vanuit het Rijk voor COVID-19 dekt niet de misgelopen inkomsten.
Forensenbelasting Forensenbelasting wordt geheven over de waarde van de woning/stacaravan. Voor 2020 is het tarief trendmatig verhoogd met 1,7 %. Afhankelijk van de economische waarde van het object bedraagt de in 2020 te betalen belasting tussen € 137 en € 635.
Marktgelden In 2020 is voor deze heffing rekening gehouden met een stijging van tarieven met 1,7 %.
Grafrechten Uitgaande van een stabilisatie van de opbrengsten bij gelijkblijvende mate van kostendekkendheid is voor de begraafrechten uitgegaan van de trendmatige tariefstijging van 1,7%. Voor 2020 betekent dit het volgende voor de meest voorkomende tarieven: Begraafrecht € 858 Begraafplaatsrecht € 1.417 Grafrecht voor 20 jaar € 934 Gedenktekenrecht wordt € 354 Recht aanleg grafkelder € 1.035
Jaarstukken 2020
84
Precario- reclamebelasting en overige leges en tarieven De precariobelasting komt te vervallen met ingang van 1 januari 2022. Tot die tijd blijft het tarief gelijk en wordt de belasting geheven. De opbrengstontwikkeling voor reclamebelasting wordt doorbelast conform het raadsbesluit van 25 juni 2015.
Kwijtscheldingsbeleid Indien een belastingplichtige niet of over te weinig financiële middelen beschikt om de belastingaanslag te voldoen, kan onder bepaalde voorwaarden aan deze belastingplichtige kwijtschelding worden verleend. Kwijtschelding is uitsluitend van toepassing op de volgende heffingen: afvalstoffenheffing en rioolheffing. Door de aanscherping van het rijksbeleid op het gebied van kwijtschelding voelen de zogenaamde minima het steeds meer in hun portemonnee. Naar aanleiding van COVID-19 heeft de gemeente in het voorjaar besloten dat op verzoek uitstel van betaling aan bedrijven en zzp’ers kon worden verleend tot eind augustus. Het aantal aanvragen was 158 voor een bedrag van in totaal ongeveer € 318.000. Relatief gezien is van de mogelijkheid voor uitstel van betaling dan ook beperkt gebruik gemaakt. Uiteraard heeft het uitstel geleid tot hogere debiteurenstanden en een vertraging in het inningsproces. Daarnaast is het ook vanaf september nog steeds mogelijk om een betalings-regeling te treffen om zo ondernemers te helpen deze lastige tijd te overbruggen. Voor het belastingjaar 2020 is voor € 305.000 aan kwijtscheldingen verleend (€ 22.000 meer dan begroot). Naar nu blijkt is er in 2020 over 2019 minder kwijtgescholden dan is geprognosticeerd bij de jaarrapportage 2019.
Daarnaast is over voorgaande belastingjaren (2015 t/m 2019) € 30.000 aan kwijtscheldingen geboekt (€ 8.000 minder dan begroot). De lasten zijn hiermee € 14.000 hoger dan begroot. Over de verwerking van aanvragen het volgende: Het percentage toegewezen verzoeken is in 2020 ruim 5% lager dan 2019. De werkvoorraad is per einde rapportagedatum fors lager dan voorgaande jaren.
Jaarstukken 2020
85
1.4.2Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt de financiële positie van de gemeente beschreven. Ook moeten gemeenten hier een geprognosticeerde balans opnemen en enkele verplichte financiële kengetallen. Of de gemeente in staat is de gevolgen van de risico’s op te vangen zonder dat het beleid of de uitvoering daarvan in gevaar komt, wordt weergegeven door de 'weerstandscapaciteit'. Onder weerstandscapaciteit verstaan we de middelen en mogelijkheden die de gemeente heeft om onverwachte, niet-begrote kosten te kunnen dekken. Het geld en de mogelijkheden bestaan onder andere uit het vrij aanwendbare gedeelte van de algemene reserve, de onbenutte belastingcapaciteit en de post onvoorzien die in de begroting is opgenomen. De benodigde weerstandscapaciteit is afhankelijk van de aard en de omvang van de risico’s waar de gemeente mee wordt geconfronteerd (risicoprofiel), bijvoorbeeld financiële risico’s binnen projecten. Voor deze risico’s kunnen geen verzekeringen worden afgesloten of voorzieningen worden gevormd omdat de risico’s zich niet regelmatig voordoen en niet goed meetbaar zijn. Tussen de weerstandscapaciteit en de risico’s waarvoor een gemeente geen maatregelen heeft getroffen, maar die wel van betekenis kunnen zijn voor de financiële positie van een gemeente bestaat dus een relatie.
Deze relatie wordt het weerstandsvermogen genoemd (zie ook het artikel van de NVVR).
Beleid De Nota Risicomanagement bevat het beleid omtrent het benodigde weerstandsvermogen, de aanwezige weerstandscapaciteit en de werkwijze omtrent het omgaan met en beheersen van onzekerheden. De risico’s worden halfjaarlijks geactualiseerd bij de begroting en de jaarstukken. Risico’s met een financieel gevolg zijn beoordeeld en opgenomen in de risico-inventarisatie van deze paragraaf. De gemeente Dronten wil met risicomanagement onder andere het volgende bereiken: Risicobewustzijn bij management en medewerkers; Risico's en onzekerheden onderkennen bij het streven naar beleidsdoeleinden en maatschappelijke effecten; Inzicht in risico’s geven en wijze waarop we op deze risico's sturen; Beheersing van risico’s door bewuste preventieve en reactieve maatregelen; Behoud van een goede financiële positie. De Paragraaf weerstandsvermogen delen we op in de volgende onderdelen: Risico-inventarisatie; Weerstandscapaciteit inclusief relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit; Kengetallen BBV. De toelichting over het Interbestuurlijk toezicht (IBT) is verplaatst naar de Paragraaf bedrijfsvoering.
Risico-inventarisatie Een risico is een kans op het optreden van een gebeurtenis met een bepaald (veelal negatief) gevolg. Tot de risico’s behoren alle onzekerheden van materiële betekenis die mogelijk impact hebben op onze organisatie. Het is van belang om inzicht te geven in de risico’s die de organisatie loopt. Niet financiële risico’s worden onderkend, maar ook zeker de risico’s op het terrein van milieu, letsel/veiligheid, imago, organisatorische en juridische aspecten. De geïdentificeerde risico’s zijn in een risicotabel opgenomen om eenduidige vastlegging te borgen. Deze Jaarstukken 2020
86
risicotabel wordt jaarlijks geactualiseerd en in de begroting en jaarrekening verwerkt in de paragraaf weerstandsvermogen. De gemeentelijke risico’s zijn in te delen in twee hoofdgroepen: 1. Risico's afkomstig buiten de eigen organisatie, macro-economisch gebonden risico’s (exogene risico’s); 2. Risico's binnen de eigen organisatie, organisatiegebonden risico’s (endogene risico’s). Daarnaast maken we onderscheid in risico's met een structureel gevolg en risico's met een incidenteel gevolg.
Risicokaart In onderstaande risicokaart zijn de risico’s opgenomen, onderverdeeld naar kans en impact, waaruit de risicoscore wordt bepaald op basis van kans-score x impact-score. Het aantal risico’s is in onderstaande tabel vermeld: IMPACT (in euro's) < € 25.000
€ 100.000 € 25.000 tot € 50.000 tot tot € € 49.999 € 99.999 499.999
> € 500.000
Score 1
Score 2
Score 3
Score 4
Score 5
2
1
4
1
1
Zeer groot (81-100%) Score 5 Groot (61-80%) Score 4 KANS
1
Gemiddeld (41-60%) Score 3
3
Klein (21-40%)
1
Score 2 Zeer klein (1-20%)
1
5
2
6
2
Score 1
Leeswijzer: het getal 3 rechtsonder op de kaart geeft aan dat er drie risico’s zijn geformuleerd met impact-score 5 en kans-score 1. Deze drie risico’s hebben een risicoscore van 5 x 1 = 5.
Risicotabel met scores en toelichting In onderstaand schema zijn de risico’s inclusief risicoscore vermeld. De gewijzigde risico’s en risico’s met een hoge risicoscore (8 en hoger) worden nader toegelicht: Omschrijving risico's:
Programma Verwachte kans
Verwachte impact
Incidenteel Risicoscore of structureel
Uitkeringen van het Rijk
0
80
↓ 1.100.000
Structureel
25
Transities Sociaal Domein
6
80
1.000.000
Structureel
25
Exploitatietekort Wsw IMpact
6
70
150.000
Structureel
20
SPUK
5
70
80.000
Incidenteel
15
Lagere legesopbrengsten omgevingsvergunning (a.g.v. omgevingswet)
8
70
65.000
Structureel
15
Bijstand zelfstandigen
6
50
30.000
Structureel
10
Leerlingenvervoer
4
40
50.000
Structureel
6
Bodemsaneringen
7
20
500.000
Incidenteel
5
Exogene risico's:
Jaarstukken 2020
87
Inkomensdeel Participatiewet
6
20
100.000
Structureel
4
Renteontwikkelingen
0
10
50.000
Structureel
3
Minder inkomsten uit dividenden
0
0
↓ 0.000
Structureel
0
Accomodatiebeleid
0
↑ 75
↑ 1.000.000
Structureel
25
Bijdrage aan negatief resultaat grondexploitaties
8
↑ 75
↑ 7.000.000
Incidenteel
25
Personeel, krapte arbeidsmarkt - nieuw
0
50
300.000
Structureel
20
Kosten ICT
0
50
100.000
Structureel
20
Personeel (politiek verlof c.q. detachering/terugkeergarantie)
0
40
200.000
Structureel
8
Procedures subsidies
5
40
50.000
Incidenteel
6
Garantstellingen OFW (WSW)
8
1
1.060.000
Incidenteel
5
Garantstelling HVC
7
10
1.050.000
Incidenteel
5
Aansprakelijkheidsclaim
0
10
250.000
Incidenteel
4
Toereikendheid VZ Afvalstoffenheffing
7
1
250.000
Incidenteel
4
Garantstelling Impact
6
10
240.000
Incidenteel
4
Europese aanbestedingen
0
10
150.000
Incidenteel
4
Overige garantstellingen
0
5
110.000
Incidenteel
4
Gladheidbestrijding
2
20
100.000
Incidenteel
4
Schade vandalisme
0
40
30.000
Incidenteel
4
Minimabeleid
6
10
50.000
Structureel
3
Gebruik accommodaties
0
5
50.000
Incidenteel
3
Re-integratieprocedure personeel
0
5
40.000
Incidenteel
2
Lagere inkomsten begraafplaats
7
20
30.000
Structureel
2
Kosten bestuursdwang Totaal
0
10
15.000 15.200.000
Incidenteel
1
waarvan structureel
4.225.000
Structureel
waarvan incidenteel
10.975.000
Incidenteel
Endogene risico's:
* Risico’s van grondexploitaties worden apart berekend in de perspectiefnota.
Toelichting omvangrijkste risico's Risico’s Sociaal Domein Het financiële risico Sociaal Domein (SD) is dat de taken niet binnen het vastgestelde financiële scenario kunnen worden uitgevoerd. De Begroting 2020 bevat een stevige ambitie voor wat de financiële kaders betreft. We staan voor deze opgave en nemen de afgesproken maatregelen. Desondanks blijft de uitvoering van taken in het SD het karakter houden van een openeinde. Een toe- of afnemende zorgvraag vanuit de samenleving, de praktische haalbaarheid of effectiviteit van bedachte activiteiten en maatregelen en/of de ontwikkelingen van inkomsten maakt dat er te allen tijde een risico is op overschrijding van het budget. Voor de komende jaren is met de vaststelling van de kadernota en begroting 2019 het budget voor het SD vastgesteld. Om te komen tot een sluitende begroting SD is gekozen voor scenario 2 uit het rapport van Berenschot. Scenario 2 houdt de voortzetting en aanscherping van de maatregelen in (20 maatregelen uit rapport Berenschot en Jaarstukken 2020
88
meegenomen in de aangenomen Strategie SD) die moeten leiden tot een besparing op de kosten en een bijdrage uit de algemene middelen. Voor 2020 is de inbreng vanuit de algemene middelen vastgesteld op € 1,9 miljoen. Voor 2020 zijn de kosten voor het sociaal domein binnen de financiële kaders van Berenschot gebleven. Risico’s Wmo Toelichting De Wmo bevat onder meer de volgende risico’s: Het aantal inwoners dat een beroep doet op de Wmo neemt toe; Het abonnementstarief heeft een aanzuigende werking op het aantal inwoners dat een beroep doet op de Wmo; Nieuw contract hulpmiddelen zorgt voor hogere tarieven; Meer gebruik van duurdere zorg dan verwacht; Onvoldoende gebruik van voorliggende algemene voorzieningen mede vanwege covid19; Toename van verwarde mensen in schrijnende omstandigheden; Toename van ontregelde huishoudens van mensen met verstandelijke beperkingen en/of geestelijke gezondheidsproblemen; Beheersmaatregel Om bovenstaande risico’s te beperken zijn de volgende maatregelen getroffen: Door de eenduidige toegang en werkwijze werken we integraal, vraag- en resultaatgericht. Oplossingen zullen meer gevonden worden in het sociaal netwerk en algemene voorzieningen.
We werken samen in het, waar nodig, opstellen van één plan van aanpak voor ondersteuning en zorg van inwoners; Door een regisseur zorg en veiligheid aan te stellen kunnen we de toename aan verwarde mensen opvangen. In de nieuwe contractperiode zijn we gestart met een resultaatgerichte aanpak. Op termijn verwachten we ook hier een besparing mee te bereiken; De verbeteringen in de monitoring zal ons meer informatie opeveren om tijdig te sturen op afwijkingen van de begroting en van de beleidsdoelen. De werkwijze "resultaatgericht werken" stuurt op de afspraken tussen de gemeente, aanbieder en inwoner. Gemeente stelt samen met de inwoner de resultaten op, inwoner en aanbieder werken om de resultaten te behalen binnen de gestelde tijdsduur. Waar mogelijk is zorg eindig en kunnen inwoners verder zonder professionele maatwerkondersteuning. Door deze werkwijze zijn de verwachtingen duidelijk van het traject en worden minder trajecten verlengd. Risico’s Jeugdwet Toelichting De besparingsopdracht 2020 is bijna volledig gerealiseerd. De kleine overschrijding wordt veroorzaakt door incidentele extra kosten in verband met COVID 19 en de afhandeling van het risicodossier jeugdhulp met verblijf. Bij de Jeugdwet is daarnaast ook sprake van het risico dat de uitvoering van beleid niet de tot de gewenste resultaten leidt.
Nadat in de 2e helft van 2018 een daling is ingezet van de instroom en het aantal ingezette voorzieningen zien we vanaf eind 2019 weer een stijging die zich heeft voortgezet in 2020. Als deze stijging zich voortzet, zal de gewenste besparing in 2021 niet gerealiseerd kunnen worden. Onzekerheden zijn verder binnen de Jeugdwet: Het woonplaatsbeginsel; Ophoging leeftijd jeugdhulp van 18 tot 21 jaar voor pleegzorg en gezinshuizen; Wijziging Jeugdwet. Het nieuwe woonplaatsbeginsel wordt per 1 januari 2022 doorgevoerd. Vanaf die datum is de gemeente waar jeugdigen vandaan kwamen voordat zij in jeugdhulp met verblijf ontvingen verantwoordelijk (inhoudelijk en financieel). Hierdoor komen verschuivingen in het budget voor voogdij en 18+ (het niet objectieve deel) dat per gemeente beschikbaar Jaarstukken 2020
89
is. Naast de ophoging van de leeftijd voor pleegzorg, is eind 2019 ook de leeftijd voor gezinshuizen opgehoogd tot 21 jaar. Afgesproken is dat het Rijk financiële middelen toevoegt aan het gemeentefonds, dat gemeenten zorg dragen voor de uitvoering van de afspraak en dat partijen na twee jaar gezamenlijk het effect van de afspraak onderzoeken. De wijziging van de Jeugdwet heeft betrekking op de intensivering van de (boven)regionale samenwerking en legt nadere eisen op aan de te bieden jeugdhulp. Dit kan een kostenopdrijvend effect hebben op de tarieven. Beheersmaatregel Om bovenstaande risico’s te beperken, nemen we maatregelen: Samen met de toegang zijn we actief om de instroom, doorstroom en uitstroom meer in balans te krijgen en in te zetten op de zelfredzaamheid van onze inwoners. Naast de omgekeerde verordening hebben we in 2020 nieuwe nadere regels opgesteld waarbij grenzen gesteld worden aan de reikwijdte van de jeugdhulp in Dronten. In de nieuwe contractperiode zijn we gestart met een resultaatgerichte aanpak. Op termijn verwachten we ook hier een besparing mee te bereiken. De verbeteringen in de monitoring zal ons meer informatie opleveren om tijdig te sturen op afwijkingen van de begroting en van de beleidsdoelen.
Risico’s Participatiewet Toelichting Voor de beleidscyclus 2019–2022 wordt er gewerkt met de strategie Sociaal Domein en de daaraan gekoppelde themaplannen. Dit gebeurt binnen de financiële kaders vanuit de Kadernota 2019. De risico’s voor de Participatiewet liggen bij het al dan niet succesvol implementeren van de maatregelen die zijn benoemd voor de uitvoering van de Participatiewet binnen de genoemde financiële kaders. Beheersmaatregel Met de verschillende producten binnen de P&C-cyclus wordt gemonitord of de maatregelen succesvol worden geïmplementeerd. Risico inkomensdeel P-wet Toelichting Gemeenten ontvangen van het Rijk een gebundelde uitkering voor het bekostigen van de uitkeringen in het kader van de Participatiewet, IOAW, IOAW, Bbz 2004 en voor de inzet van de loonkostensubsidie (BUIG). Deze BUIG is gebaseerd op een verdeelmodel. Verdeelmodel Op 1 januari 2015 is het nieuwe verdeelmodel voor de BUIG in werking getreden. Op basis van objectieve factoren (enquêtegegevens) werd de kans berekend dat een huishouden in de bijstand zit. Het kabinet heeft er destijds voor gekozen om 2015 en 2016 aan te merken als overgangsjaren. In 2017 is het verdeelmodel aangepast. Belangrijkste verandering in dit model was dat gebruik werd gemaakt van integrale data in plaats van de enquêtegegevens. Hierdoor zit elk Nederlands huishouden in het model en is geen herweging meer nodig.
Met ingang van 2019 is het verdeelmodel uitgebreid. Dit model is gebaseerd op de ontvangst van de uitkering (volumecomponent) en de hoogte van de uitkering (prijscomponent). Ook wordt rekening gehouden met de factoren die de hoogte van de bijstand van een huishouden beïnvloeden, met name de kans op deeltijdwerk. Het verdeelmodel is hiermee uitontwikkeld, wel blijft onderhoud noodzakelijk. Beheersmaatregel In de uitvoering zetten we optimaal in op de poortwachtersfunctie, arbeidsbemiddeling en handhaving om instroom te beperken en uitstroom te bevorderen en daarmee de uitgaven op het inkomensdeel te beperken. Vanaf 2017 heeft de gemeente Dronten geen tekort meer gehad op de BUIG. Indien blijkt dat de BUIG niet toereikend is, kan de Jaarstukken 2020
90
gemeente voor een tekort vanaf 7,5% een verzoek indien voor een extra rijksbijdrage (vangnetregeling). Hieraan zijn wel voorwaarden verbonden. Tekorten tot en met 7,5% moeten binnen de eigen begroting opgelost worden. In 2013 is de bestemmingsreserve Inkomensdeel ingesteld. Voor incidentele overschrijdingen (waar onder een crisissituatie) wordt dit bestemmingsreserve ingezet. De reserve is gemaximaliseerd op € 1,5 miljoen. Deze stand is in 2018 bereikt. Gezien de overschotten van de afgelopen jaren en het bestemmingsreserve vervalt het risico van € 100.000. COVID-19 Een onzekere factor is de gevolgen van COVID-19. Het Rijk heeft bij het vaststellen van de BUIG wel rekening gehouden met de te verwachten extra bijstandslasten. Hoe de verdeling van deze middelen moet plaatsvinden is op dit moment nog onduidelijk. VNG en gemeenten zullen betrokken worden bij het bepalen van de verdeelsleutel van het deelbudget COVID-19. Indien blijkt dat de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen ontoereikend zijn (inclusief vangnetregeling), kunnen wij terugvallen op het bestemmingsreserve. Risico op bijdrage in exploitatietekort werkvoorzieningschap IMpact (Wsw) Toelichting IMpact voert de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) uit voor de gemeenten Kampen en Dronten via een gemeenschappelijke regeling.
Daarnaast richt IMpact zich onder andere op de brede doelgroep uit de Participatiewet en Wajongers. De deelnemende gemeenten in de gemeenschappelijke regeling dragen naar rato bij aan een eventueel exploitatietekort. Dronten draagt 25% van de tekorten van IMpact. In de herziene programmabegroting 2021-2024 van het Werkvoorzieningsschap Kampen Dronten loopt het begrote tekort op de Wsw af van € 736.000 in 2021 naar € 630.000 in 2024, waardoor de bijdrage in het tekort voor Dronten afloopt van € 184.000 tot € 157.500. Daarnaast staat de gemeente vanaf 2011 garant voor geldleningen van IMpact bij de BNG. Voor die garantstelling heeft Dronten een 1e hypotheek gevestigd op de bedrijfslocatie van IMpact in Dronten. Dit risico is onder garantstellingen opgenomen. Beheersmaatregel IMpact heeft in 2017 Ondernemingsplan opgesteld voor de jaren 2018 – 2021. In dit plan stelt IMpact een scenario ‘Lokaal investeren’ voor. Hierin ligt de koers voor de toekomst waarmee antwoord gegeven wordt op de toegevoegde waarde en de betaalbaarheid. De gemeenten volgen en beoordelen de ontwikkelingen bij IMpact aan de hand van maandrapportages. In de kadernota 2019 is voorgesteld om voor de meerjarenbegroting Dronten rekening te houden met een jaarlijkse bijdrage in het exploitatietekort van € 160.000 (conform de eindafrekening 2017).
Daarbij is ook rekening gehouden met het Lage Inkomensvoordeel (berekening UWV 2017). Het verschil met de meerjarenbegroting 2021-2024 van IMpact (gemiddeld € 10.000) is als risico opgenomen. COVID-19 In 2020 heeft het Rijk besloten om de SW-bedrijven te compenseren voor de gevolgen van COVID-19. Deze compensatie heeft positief doorgewerkt in de exploitatierekening van Impact. Zonder deze compensatie zou de bijdrage in het tekort hoger zijn dan het bedrag waar in de meerjarenbegroting 2019-2022 rekening is gehouden. In 2021 heeft Impact ook te maken met de gevolgen van COVID-19. Het is nog onduidelijk of het Rijk de SW-bedrijven gaat compenseren. Accommodatiebeleid Ten behoeve van Dekkend aanbod onderwijs is voor de herijking van het accommodatiebeleid aanvullend budget nodig om de wettelijke onderwijshuisvesting investeringen te kunnen doen. De vereiste vervangingen van gebouwen laten een forse financiële en inhoudelijke uitdaging zien. Jaarstukken 2020
91
Beheersmaatregel Het doel is om dit tekort, onder meer in gesprek met de gebruikers van het gemeentelijk vastgoed, naar beneden bij te stellen. Risico Uitkeringen van het Rijk Toelichting De Algemene Uitkering gemeentefonds is afhankelijk van de Rijksuitgaven (samen de trap op en samen de trap af) en van wijzigingen in het verdeelmodel van de Algemene Uitkering. Forse kortingen kunnen leiden tot een meerjarig niet sluitende begroting. Het Rijk gaat de verdeelsystematiek van de Algemene Uitkering herzien. Dit zal naar verwachting tot uiting komen bij de Meicirculaire 2022. Een wijziging in de verdeelsystematiek valt, naar alle waarschijnlijkheid, nadelig uit voor de gemeente Dronten. Het is ook mogelijk dat het landelijke hoogte van het BTW-compensatiefonds ontoereikend is, en dat er in de nabije toekomst sprake blijkt te zijn van een korting op de Algemene Uitkering als gevolg van een overschrijding in het BTW-compensatiefonds. Tot slot is er nog geen definitieve hoogte bepaald voor de extra middelen Jeugd voor de jaren 2022 en 2023. Ook dit vormt een risico. Beheersmaatregel De afspraken tussen de VNG en het Rijk worden nauwgezet gemonitord om tijdig een inschatting te kunnen maken van de onzekerheid met betrekking tot de Algemene Uitkering.
De laatste inzichten (februari 2021) geven inderdaad aan dat de gemeente Dronten nadeel gemeente wordt bij de herziening van de Algemene Uitkering. Dit onderdeel van het risico is aangepast naar de laatste inzichten. Risico grondexploitatie: risico op tekorten ten laste van de algemene reserve Toelichting Wanneer tekorten en afwaarderingen in de grondexploitatie niet binnen de algemene reserves van de grondexploitatie kunnen worden opgevangen, dient vanuit de algemene reserve een aanvulling plaats te vinden op de algemene reserve Grondexploitatie. De woningmarkt lijkt zich goed staande te houden ondanks de coronapandemie. Bij de uitgifte van de bedrijventerreinen, zien we de effecten van het huidige economisch herstel terug in de verkoop van bedrijfskavels. Met de belastingdienst is in 2019 een Vaststellingsovereenkomst afgesloten waarin de uitgangspunten en methode voor de aangiften VpB zijn opgenomen. Bij het opstellen van de jaarrekening en de perspectiefnota zijn deze effecten financieel verwerkt. Nu actief begonnen is met de gehele herontwikkeling van het Hanzekwartier, neemt het kans op (grotere) negatieve grondexploitaties aanzienlijk toe, met als gevolg dat de kans waarschijnlijker wordt dat er een beroep moet worden gedaan op de algemene reserve om de tekorten af te dichten. Dit vertaalt zich in een hoger risicobedrag en een hogere kans van optreden.
Het betreft echter een incidenteel risico. Beheersmaatregel Grondexploitaties worden bij de Jaarstukken geactualiseerd. Tegelijkertijd wordt de voortgang en financiële stand van zaken strak gemonitord. Indien tussentijds substantiële wijzigingen voordoen, worden deze indien nodig aan de gemeenteraad voorgelegd ter besluitvorming. Woningbouwprognoses worden periodiek bijgesteld met als uitgangspunt een woningbouwprogramma van 250 woningen per jaar zoals benoemd in de Woonvisie. In november 2016 is een nieuwe nota grondbeleid aan de raad aangeboden waarin de wijzigingen BBV en VpB zijn verwerkt en zijn door de raad beheersmaatregelen vastgesteld om de risico's af te dekken. De stand van de reserve Grondexploitatie per 11-2021 is nihil.
Jaarstukken 2020
92
Risico leges omgevingsvergunningen als gevolg van Wet kwaliteitsborging en op termijn na vaststellen Omgevingsplan Toelichting Door het in werking treden van de nieuwe Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging verandert er veel. Het principe van legesheffing verandert niet. Ook de wettelijke grondslag voor het heffen van leges verandert niet. De Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen, die vergunningverlening en het bouwtoezicht voor een deel wegneemt bij de gemeenten, zal geld gaan kosten. En dat geld is niet terug te krijgen via de leges. Daarnaast zijn veel toekomstige besluitvormingstrajecten van invloed op de beoogde maximale kostendekkendheid van de leges. De besluitvorming gaat onder andere over: Mogelijk nieuwe activiteiten toestaan om leges over te heffen; (Mogelijk) minder vergunningplichten, dus meer vergunningvrij; Meer integrale vergunningen (meerdere belanghebbenden met gezag betrokken); Planactiviteiten worden minder complex (of juist complexer). Beheersmaatregel De pilots die zowel in 2020 als in 2021 gestuurd en georganiseerd worden, moeten leiden tot een goede onderbouwde kostprijsberekening op basis van de nieuwe wet- en regelgevingen. Of daarmee de beoogde maximale kostendekkendheid gerealiseerd kan worden, is een landelijke vraag die (nog) niet beantwoord kan worden en daardoor een voorlopig blijvend risico tot 2030.
Risico kosten ICT Toelichting Op het gebied van ICT gaan de ontwikkelingen snel en worden steeds hogere eisen gesteld. Het risico blijft aanwezig dat de komende jaren zowel incidenteel als structureel hogere kosten ICT noodzakelijk zijn. Naast financiële risico's speelt bij ICT ook het risico informatieveiligheid. Beheersmaatregel De teammanager IM (informatiemanagement) is verantwoordelijk voor beheersing van de ICT budgetten. Er is een ICT-adviesgroep ingesteld die zich richt op ontwikkelingen en prioritering van ICT. In 2017 is een nieuw meerjarig informatiebeleidsplan vastgesteld, die wordt in 2021 vernieuwd. Het informatieveiligheidsbeleid is in 2019 door het college vastgesteld en wordt in 2021 vernieuwd. Heeft het risico zich in 2020 voorgedaan? Nee, we zijn binnen de budgetten gebleven en zoals aangegeven zijn de structurele lasten meegenomen in de begroting. Daarnaast zijn met betrekking tot informatieveiligheid geen incidenten gebeurd die extra kosten tot gevolg hadden. Risico krapte op de arbeidsmarkt Toelichting De schaarste van personeel nam voor het coronatijdperk op de arbeidsmarkt reeds toe. Tegelijkertijd vergrijzen wij als organisatie en is wendbaarheid steeds belangrijker. In bepaalde beroepsgroepen neemt daardoor het risico toe dat we geen goed gekwalificeerd personeel hebben of binnen kunnen houden.
Dit kan gevolgen hebben voor de kwaliteit van het werk en/of het kan leiden tot een hogere werkdruk. Het financiële gevolg heeft betrekking op hogere kosten omdat vacatures niet worden ingevuld en er meer (en duurder) moet worden ingehuurd. Dit risico wordt ingeschat op basis van verwachte uitstroom in de komende jaren en een percentage van de functies die als moeilijk invulbaar worden ingeschat. Daarmee komen we op een financieel gevolg van € 300.000 (hogere inhuurkosten op gemiddeld 5 vacatures per jaar). Het gaat om een risico dat afhankelijk van de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt een aantal jaren kan voortduren. Beheersmaatregel Jaarstukken 2020
93
Er worden trainee-trajecten ingezet om jongeren binnen te halen. Met betere opleidingen ontwikkelmogelijkheden willen we een aantrekkelijk werkgever zijn en medewerkers binden en boeien. Hiertoe hebben we onder andere de Dronten Academie opgezet. Verder zijn we een pilot gestart met de gemeenten Noordoostpolder en Urk en het waterschap Zuiderzeeland en hebben gezamenlijk een recruiter aangenomen. De recruiter is aan het werk met onze arbeidscommunicatie en de recruiter wordt ingezet op moeilijk vervulbare vacatures. Tot slot zal in 2021 een coronascan worden uitgevoerd om de effecten van corona op de lokale economie en arbeidsmarkt te onderzoeken. Risico SPUK Toelichting Sinds 1 januari 2019 kunnen gemeenten, sportverenigingen en sportstichtingen de btw die hen in rekening wordt gebracht voor investeringen in sport niet meer in aftrek brengen. Om de ontwikkeling en instandhouding van sportaccommodaties en de aanschaf van sportmaterialen te stimuleren, kunnen gemeenten sinds die datum gebruikmaken van de Regeling specifieke uitkering stimulering sport (SPUK). Gemeente Dronten verhuurt de binnensportaccommodaties btw-belast aan Optisport. Optisport exploiteert de sportaccommodaties en ontvangt hiervoor een vergoeding. Het is op dit moment nog niet duidelijk of Optisport als winst beogend wordt aangemerkt voor de omzetbelasting.
Om als winst beogend voor de omzetbelasting te worden aangemerkt moet onder andere een kostprijs dekkende huur voor de accommodaties in rekening worden gebracht. Afhankelijk van de uitkomst van de vraag of Optisport winst beogend is voor de omzetbelasting kan gemeente Dronten wel of niet gebruik maken van de SPUK voor het deel van de binnensport-accommodaties. Als de uitkomst is dat Optisport als winst beogend kan worden aangemerkt, kunnen we geen gebruik maken van de SPUK en zullen de ontvangen subsidie bedragen over 2019 en 2020 terugbetaald moeten worden. De regeling heeft een maximum uit te keren bedrag dat naar waarschijnlijkheid volledig is benut, waardoor achteraf geen mogelijkheid meer is om alsnog een bedrag te claimen. Vanwege deze reden heeft gemeente Dronten de SPUK voor de binnensportaccommodaties wel aangevraagd. Mocht de uitkomst zijn dat Optisport niet als winst beogend kan worden aangemerkt, dan is de SPUK terecht aangevraagd maar moet de verrekende en gecompenseerde BTW die drukt op de kosten en de investeringen van de sportaccommodaties vanaf 1-1-2019 terugbetaald worden. Wij verrekenen momenteel de btw op basis van de wet omzetbelasting dan wel compenseren deze op grond van de Wet op het btw-compensatiefonds. De Belastingdienst heeft tot op heden geen uitspraak gedaan over de btw-positie van Optisport.
Risico effecten COVID-19 Toelichting De gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn gebaseerd op de continuïteitsveronderstelling van de gemeente Dronten. Echter, als gevolg van de uitbraak van COVID-19 wereldwijd, zijn door de Nederlandse overheid ingrijpende maatregelen genomen om de verspreiding van dit virus onder controle te krijgen. Deze maatregelen en mogelijke maatregelen die nog volgen, hebben naar verwachting belangrijke financiële gevolgen voor instellingen in Nederland. Deze gevolgen zijn op dit moment nog niet te overzien. De door de Nederlandse overheid genomen maatregelen kunnen impact hebben op de ontwikkeling van de opbrengsten en daarmee de ontwikkeling van het resultaat. Ook de financiële positie (liquiditeit en solvabiliteit) kan daardoor onder druk komen te staan. Door de Nederlandse overheid is een breed pakket aan maatregelen aangekondigd ter ondersteuning van instellingen. Op grond van de financiële positie van de gemeente Dronten per balansdatum en de positieve invloed van de ondersteuningsmaatregelen door de Rijksoverheid die de negatieve financiële gevolgen van de uitbraak van COVID-19 zullen beperken, acht het college een duurzame voortzetting van de activiteiten niet onmogelijk. De jaarrekening is dan ook opgemaakt Jaarstukken 2020