CConstaterende datDrechterland
Koppel je AI →
Document · PDF

B1. Besluit tot vervanging van Omgevingsplan Drechterland pilot Hoogkarspel

Gemeenteraad 27 januari 2025, gemeente DrechterlandBij agendapunt: Vaststelling omgevingsplan pilot Hoogkarspel (2025-1)50.634 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 6

Artikel 5.63 Aanvraagvereisten Waarde - Archeologie 2 Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in Artikel 5.61 en Artikel 5.62 worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. een rapport verstrekt waarin de archeologische waarde van de locatie in voldoende mate is vastgesteld.

Artikel 5.64 Beoordelingsregels bouwen archeologische waarde 2 Burgemeester en wethouders verlenende omgevingsvergunning als bedoeld in Artikel 5.61 mits: a. nader archeologisch onderzoek heeft aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden aanwezig zijn of als er, mede naar oordeel van Archeologie West-Friesland, geen archeologische waarden te verwachten zijn; of b. andere informatie heeft aangetoond dat door bodemverstoringen op de betrokken locatie geen archeologische waarden verstoord zullen worden.

Artikel 5.65 Beoordelingsregels voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Burgemeester en wethouders verlenende omgevingsvergunning als bedoeld in Artikel 5.62 mits: a. de aanvrager een rapport, dan wel een quickscan van Archeologie West-Friesland, heeft overlegd waarin de archeologische waarde van het te verstoren terrein naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld en waaruit blijkt dat: 1. het behoud van de archeologische waarden in voldoende mate kan worden geborgd; of 2. de archeologische waarden door de verstoring niet onevenredig worden geschaad; of 3. kan aantonen dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden aanwezig zijn; b. de aanvrager een rapport heeft overgelegd waarin de archeologische waarden van de betrokken locatie naar het oordeel van de bevoegde overheid in voldoende mate is vastgesteld; c. de betrokken archeologische waarden, gelet op dit rapport, door de activiteiten niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning regels te verbinden, gericht op: 1. het treffen van maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. et doen van opgravingen; 3. begeleiding van de bouwactiviteiten door een archeologisch bedrijf.

Artikel 5.66 Vergunning- en maatwerkvoorschriften bouwen archeologische waarde 2 1.

21

Met vergunningvoorschriften kunnen burgemeester en wethouders de volgende voorschriften verbinden aan een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk of bouwen ten behoeve van andere activiteiten:

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

a. b. c.

Concept

2.

het treffen van maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; het doen van opgravingen; begeleiding van de activiteiten door een archeologisch deskundige.

Met maatwerkvoorschriften kunnen burgemeester en wethouders nadere eisen stellen aan de situering, de inrichting en het gebruik van de gronden, indien uit onderzoek is gebleken dat ter plaatse beschermingswaardige archeologische resten aanwezig zijn. Toepassing van de bevoegdheid mag niet leiden tot een onevenredige beperking van het meest doelmatige gebruik.

SubSubParagraaf 5.3.1.6.2 Waarde - Archeologie 3 Artikel 5.67 Toepassingsbereik Waarde - Archeologie 3 Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen en het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, in het specifiek beschermde gebied ‘Waarde - Archeologie 3’.

Artikel 5.68 Vergunningplicht bouwen archeologische waarde 3 1.

Het is verboden zonder vergunning bodemverstorende bouwwerkzaamheden te verrichten indien de oppervlakte van het project meer dan 500 m2 betreft en de bodemroering dieper dan 0,4 meter onder het maaiveld zal plaatsvinden.

2.

De vergunningplicht in Artikel 5.68lid 1 is niet van toepassing op een bouwplan dat betrekking heeft op: a. vervanging van een reeds bestaand bouwwerk waarbij de oppervlakte niet wordt uitgebreid en de bestaande fundering wordt benut. Dit dient wel van tevoren worden voorgelegd ter toetsing aan burgemeester en wethouders. b. regulier onderhoud en beheer van een terrein.

Artikel 5.69 Vergunningplicht voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 1.

Het is verboden zonder vergunning de volgende werken of werkzaamheden te verrichten in het specifiek beschermde gebied ‘Waarde - Archeologie 3’: a. aanbrengen van gesloten oppervlakteverhardingen; b. bodemverlagen of afgraven, ophogen, egaliseren dan wel anderszins aanbrengen van wijzigingen in het maaiveld; c. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en/of bomen; d. het verrichten van graafwerkzaamheden anders dan normaal spit- en ploegwerk; e. het uitvoeren van heiwerkzaamheden en het op een of ander wijze indrijven van voorwerpen; f. het aanleggen van kabels en leidingen en daarmee verband houdende constructies; g. diepploegen; h. het aanleggen van watergangen of het vergraven, verruimen of dempen van reeds bestaande watergangen; i. het uitvoeren van werkzaamheden ter verlaging van de grondwaterstand.

2.

De vergunningplicht als bedoeld onder lid 1 geldt niet voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden die: a. een oppervlakte van minder dan 500 m² betreffen en waarvan de bodemroering minder diep is dan 0,4 meter; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan; c. in het kader van het normale beheer en onderhoud (incl. sleufloos draineren); d. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende omgevingsvergunning of een ontgrondingvergunning; e. noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarvoor een omgevingsvergunning, zoals in artikel x [vergunningplicht bouwen archeologische waarde] bedoeld, is verleend; f. ten dienste van archeologisch onderzoek worden uitgevoerd.

Artikel 5.70 Aanvraagvereisten Waarde - Archeologie 3 Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in Artikel 5.68 en Artikel 5.69 worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:

22

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

a.

een rapport verstrekt waarin de archeologische waarde van de locatie in voldoende mate is vastgesteld.

Concept

Artikel 5.71 Beoordelingsregels bouwen archeologische waarde 3 Burgemeester en wethouders verlenende omgevingsvergunning als bedoeld in Artikel 5.68 mits: a. nader archeologisch onderzoek heeft aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden aanwezig zijn of als er, mede naar oordeel van Archeologie West-Friesland, geen archeologische waarden te verwachten zijn; of b. andere informatie heeft aangetoond dat door bodemverstoringen op de betrokken locatie geen archeologische waarden verstoord zullen worden.

Artikel 5.72 Beoordelingsregels voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Burgemeester en wethouders verlenende omgevingsvergunning als bedoeld in Artikel 5.69 mits: a. de aanvrager een rapport, dan wel een quickscan van Archeologie West-Friesland, heeft overlegd waarin de archeologische waarde van het te verstoren terrein naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld en waaruit blijkt dat: 1. het behoud van de archeologische waarden in voldoende mate kan worden geborgd; of 2. de archeologische waarden door de verstoring niet onevenredig worden geschaad; of 3. kan aantonen dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden aanwezig zijn; b. de aanvrager een rapport heeft overgelegd waarin de archeologische waarden van de betrokken locatie naar het oordeel van de bevoegde overheid in voldoende mate is vastgesteld; c. de betrokken archeologische waarden, gelet op dit rapport, door de activiteiten niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning regels te verbinden, gericht op: 1. het treffen van maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. het doen van opgravingen; 3. begeleiding van de bouwactiviteiten door een archeologisch bedrijf.

Artikel 5.73 Vergunning- en maatwerkvoorschriften bouwen archeologische waarde 3 1.

Met vergunningvoorschriften kunnen burgemeester en wethouders de volgende voorschriften verbinden aan een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk of bouwen ten behoeve van andere activiteiten: a. het treffen van maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; b. het doen van opgravingen; c. begeleiding van de activiteiten door een archeologisch deskundige.

2.

Met maatwerkvoorschriften kunnen burgemeester en wethouders nadere eisen stellen aan de situering, de inrichting en het gebruik van de gronden, indien uit onderzoek is gebleken dat ter plaatse beschermingswaardige archeologische resten aanwezig zijn. Toepassing van de bevoegdheid mag niet leiden tot een onevenredige beperking van het meest doelmatige gebruik.

SubSubParagraaf 5.3.1.6.3 Waarde - Archeologie 4 Artikel 5.74 Toepassingsbereik Waarde - Archeologie 4 Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen en het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, in het specifiek beschermde gebied ‘Waarde - Archeologie 4’.

Artikel 5.75 Vergunningplicht bouwen archeologische waarde 4

23

1.

Het is verboden zonder vergunning bodemverstorende bouwwerkzaamheden te verrichten indien de oppervlakte van het project meer dan 1.000 m2 betreft en de bodemroering dieper dan 0,4 meter onder het maaiveld zal plaatsvinden.

2.

De vergunningplicht in Artikel 5.75lid 1 is niet van toepassing op een bouwplan dat betrekking heeft op: a. vervanging van een reeds bestaand bouwwerk waarbij de oppervlakte niet wordt uitgebreid en de bestaande fundering wordt benut. Dit dient wel van tevoren worden voorgelegd ter toetsing aan burgemeester en wethouders.

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

b.

regulier onderhoud en beheer van een terrein.

Concept

Artikel 5.76 Vergunningplicht voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 1.

Het is verboden zonder vergunning de volgende werken of werkzaamheden te verrichten in het specifiek beschermde gebied ‘Waarde - Archeologie 4’: a. aanbrengen van gesloten oppervlakteverhardingen; b. bodemverlagen of afgraven, ophogen, egaliseren dan wel anderszins aanbrengen van wijzigingen in het maaiveld; c. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en/of bomen; d. het verrichten van graafwerkzaamheden anders dan normaal spit- en ploegwerk; e. het uitvoeren van heiwerkzaamheden en het op een of ander wijze indrijven van voorwerpen; f. het aanleggen van kabels en leidingen en daarmee verband houdende constructies; g. diepploegen; h. het aanleggen van watergangen of het vergraven, verruimen of dempen van reeds bestaande watergangen; i. het uitvoeren van werkzaamheden ter verlaging van de grondwaterstand.

2.

De vergunningplicht als bedoeld onder Artikel 5.76lid 1 geldt niet voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden die: a. een oppervlakte van minder dan 1.000 m² betreffen en waarvan de bodemroering minder diep is dan 0,4 meter; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan; c. in het kader van het normale beheer en onderhoud (incl. sleufloos draineren); d. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende omgevingsvergunning of een ontgrondingvergunning; e. noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarvoor een omgevingsvergunning, zoals in artikel x [vergunningplicht bouwen archeologische waarde] bedoeld, is verleend; f. ten dienste van archeologisch onderzoek worden uitgevoerd.

Artikel 5.77 Aanvraagvereisten Waarde - Archeologie 4 Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in Artikel 5.75 en Artikel 5.76 worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. een rapport verstrekt waarin de archeologische waarde van de locatie in voldoende mate is vastgesteld.

Artikel 5.78 Beoordelingsregels bouwen archeologische waarde 4 Burgemeester en wethouders verlenende omgevingsvergunning als bedoeld in Artikel 5.75 mits: a. nader archeologisch onderzoek heeft aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden aanwezig zijn of als er, mede naar oordeel van Archeologie West-Friesland, geen archeologische waarden te verwachten zijn; of b. andere informatie heeft aangetoond dat door bodemverstoringen op de betrokken locatie geen archeologische waarden verstoord zullen worden.

Artikel 5.79 Beoordelingsregels voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Burgemeester en wethouders verlenende omgevingsvergunning als bedoeld in Artikel 5.76 mits: a. de aanvrager een rapport, dan wel een quickscan van Archeologie West-Friesland, heeft overlegd waarin de archeologische waarde van het te verstoren terrein naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld en waaruit blijkt dat: 1. het behoud van de archeologische waarden in voldoende mate kan worden geborgd; of 2. de archeologische waarden door de verstoring niet onevenredig worden geschaad; of 3. kan aantonen dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden aanwezig zijn; b. de aanvrager een rapport heeft overgelegd waarin de archeologische waarden van de betrokken locatie naar het oordeel van de bevoegde overheid in voldoende mate is vastgesteld; c. de betrokken archeologische waarden, gelet op dit rapport, door de activiteiten niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning regels te verbinden, gericht op:

24

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

1. 2. 3.

het treffen van maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; het doen van opgravingen; begeleiding van de bouwactiviteiten door een archeologisch bedrijf.

Concept

Artikel 5.80 Vergunning- en maatwerkvoorschriften bouwen archeologische waarde 4

25

1.

Met vergunningvoorschriften kunnen burgemeester en wethouders de volgende voorschriften verbinden aan een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk of bouwen ten behoeve van andere activiteiten: a. het treffen van maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; b. het doen van opgravingen; c. begeleiding van de activiteiten door een archeologisch deskundige.

2.

Met maatwerkvoorschriften kunnen burgemeester en wethouders nadere eisen stellen aan de situering, de inrichting en het gebruik van de gronden, indien uit onderzoek is gebleken dat ter plaatse beschermingswaardige archeologische resten aanwezig zijn. Toepassing van de bevoegdheid mag niet leiden tot een onevenredige beperking van het meest doelmatige gebruik.

SubParagraaf 5.3.1.7 Beschermde gebieden rondom leidingen SubSubParagraaf 5.3.1.7.1 Leiding - Gas Artikel 5.81 Toepassingsbereik Leiding - Gas Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen en uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, in het specifiek beschermde gebied ‘Leiding - Gas’.

Artikel 5.82 Vergunningplicht bouwwerk bouwen Leiding - Gas Het is verboden zonder vergunning een bouwwerk of gebouw te bouwen of te verbouwen in het specifiek beschermde gebied ‘Leiding - Gas’.

Artikel 5.83 Vergunningplicht voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 1.

Het is verboden zonder vergunning de volgende activiteiten te verrichten in het specifiek beschermde gebied ‘Leiding - Gas’: a. het aanbrengen van hoogopgaande en/of diepwortelende beplanting, waaronder bijvoorbeeld rietbeplanting; b. het rooien van diepwortelende beplanting; c. het wijzigen van het maaiveldniveau door ontgronding of ophoging; d. het verrichten van grondroeractiviteiten (bijvoorbeeld het aanbrengen van rioleringen, kabels drainage en leidingen, met uitzondering van hoofdaardgastransportleidingen) anders dan normaal spit- en ploegwerk; e. het indrijven van voorwerpen in de bodem; f. diepploegen; g. het aanbrengen van gesloten verhardingen; h. het permanent opslaan van goederen waaronder ook begrepen het opslaan van afvalstoffen; i. het aanleggen van waterlopen of het vergraven, verruimen of dempen van bestaande waterlopen; j. het plaatsen van onroerende objecten zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair.

2.

De vergunningplicht als bedoeld onder Artikel 5.83lid 1 geldt niet voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden die: a. het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan; c. mogen worden uitgevoerd op basis van een reeds verleende omgevingsvergunning.

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

Artikel 5.84 Bijzondere aanvraagvereisten Leiding - Gas

Concept

Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in Artikel 5.82 en Artikel 5.83 worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. een plan van aanpak waaruit blijkt hoe de risico’s wordt omgegaan; b. het advies van de betreffende leidingbeheerder.

Artikel 5.85 Beoordelingsregels bouwwerk bouwen Leiding - Gas Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.82 mits: a. wordt voldaan aan de regels zoals gesteld in paragraaf 5.3.2 en 5.3.3; b. de veiligheid met betrekking tot de gasleiding niet wordt geschaad; c. er geen kwetsbare objecten worden toegelaten; en d. er advies is ingewonnen van de betreffende leidingbeheerder.

Artikel 5.86 Beoordelingsregels voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.83 mits uit vooraf ingewonnen advies van de betreffende leidingbeheerder is gebleken dat hiertegen uit oogpunt van doelmatig leidingbeheer geen bezwaar bestaat.

SubSubParagraaf 5.3.1.7.2 Leiding - Riool Artikel 5.87 Toepassingsbereik Leiding - Riool Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen en uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, in het specifiek beschermde gebied ‘Leiding - Riool’.

Artikel 5.88 Algemene regels bouwhoogte bouwwerken Leiding - Riool Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt dat de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 3 meter.

Artikel 5.89 Vergunningplicht bouwwerk bouwen Leiding - Riool Het is verboden zonder vergunning een bouwwerk of gebouw te bouwen of te verbouwen in het specifiek beschermde gebied ‘Leiding - Riool’.

Artikel 5.90 Vergunningplicht voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Leiding - Riool 1.

Het is verboden zonder vergunning de volgende activiteiten te verrichten in het specifiek beschermde gebied ‘Leiding - Riool’: a. het aanbrengen van hoogopgaande en/of diepwortelende beplanting; b. het wijzigen van het maaiveldniveau door ontgronding of ophoging; c. het verrichten van grondroeractiviteiten (bijvoorbeeld het aanbrengen van kabels drainage en leidingen, met uitzondering van rioolleidingen) anders dan normaal spit- en ploegwerk; d. het indrijven van voorwerpen in de bodem; e. diepploegen; f. het aanbrengen van gesloten verhardingen; g. het aanleggen van waterlopen of het vergraven, verruimen of dempen van bestaande waterlopen.

2.

De vergunningplicht als bedoeld onder lid Artikel 5.90lid 1 geldt niet voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden die: a. het normale onderhoud betreffen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan.

Artikel 5.91 Bijzondere aanvraagvereisten Leiding - Riool Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in Artikel 5.78 en Artikel 5.79 worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. een plan van aanpak waaruit blijkt hoe de risico’s wordt omgegaan; b. het advies van de betreffende leidingbeheerder.

26

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

Concept

Artikel 5.92 Beoordelingsregels bouwwerk bouwen Leiding - Riool Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.89 mits het gaat om een bouwwerk ten dienste van het riool, of, voor zover wordt gebouwd ten dienste van andere daar toegestane activiteiten: a. wordt voldaan aan de regels zoals gesteld in paragraaf 5.3.2 en 5.3.3; b. uit vooraf ingewonnen advies bij de betreffende leidingbeheerders is gebleken dat hiertegen uit oogpunt van doelmatig leidingbeheer geen bezwaar bestaat; en c. er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van 1. de stedenbouwkundige situatie, onder meer gevormd door het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de woonsituatie; 3. de verkeersveiligheid; 4. de sociale veiligheid; 5. de milieusituatie; en 6. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken.

Artikel 5.93 Beoordelingsregels voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Leiding - Riool Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.90 mits uit vooraf ingewonnen advies van de betreffende leidingbeheerder is gebleken dat hiertegen uit oogpunt van doelmatig leidingbeheer geen bezwaar bestaat.

SubParagraaf 5.3.1.8 Bodemkwaliteit Artikel 5.94 Algemene regels toelaatbare kwaliteit van de bodem 1.

De waarden voor de toelaatbare kwaliteit van de bodem voor het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie zijn de interventiewaarden bodemkwaliteit, bedoeld in bijlage IIA bij het Besluit activiteiten leefomgeving.

2.

Er is sprake van overschrijding van de toelaatbare kwaliteit als voor ten minste één stof de gemiddelde gemeten concentratie in meer dan 25 m3 bodemvolume hoger is dan de interventiewaarde bodemkwaliteit.

3.

Het zinsdeel “in meer dan 25 m3 bodemvolume” in het Artikel 5.94lid 2 lid is niet van toepassing op asbest.

Artikel 5.95 Algemene regels maatregelen bij overschrijding waarde toelaatbare kwaliteit Het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een locatie waar sprake is van een overschrijding van een waarde als bedoeld in Artikel 5.94 is uitsluitend toegestaan als een sanering van de bodem wordt uitgevoerd volgens paragraaf 4.121 van het Besluit activiteiten leefomgeving.

Artikel 5.96 Meldingsplicht bouwen bodemgevoelig gebouw op bodemgevoelige locatie 1.

Het is verboden een bodemgevoelig gebouw te bouwen op een bodemgevoelige locatie zonder dit tenminste vier weken voor het begin te melden.

2.

Een melding wordt ondertekend en bevat ten minste: a. de onderzoeken, bedoeld in paragraaf 5.2.2 van het Besluit activiteiten leefomgeving; b. bij overschrijding van een waarde als bedoeld in artikel 5.89i, eerste lid, BKL: gegevens en bescheiden die aannemelijk maken dat een sanerende of andere beschermende maatregel wordt getroffen.

3.

Dit artikel is niet van toepassing als voor de bouwactiviteit op grond van dit omgevingsplan een omgevingsvergunning is vereist.

Artikel 5.97 Informatieplicht ingebruikname na maatregelen op verontreinigde bodem Bij overschrijding van een waarde van de toelaatbare kwaliteit van de bodem, bedoeld in Artikel 5.94, wordt een bodemgevoelig gebouw of een gedeelte daarvan op een bodemgevoelige locatie alleen in gebruik genomen nadat het college van burgemeester en wethouders is geïnformeerd over de wijze waarop de sanering, bedoeld in Artikel 5.95, is verricht.

27

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

Paragraaf 5.3.2 Hoofdgebouw bouwen SubParagraaf 5.3.2.1 Algemene regels hoofdgebouw bouwen Artikel 5.98 Toepassingsbereik hoofdgebouw bouwen

Concept

Deze subparagraaf gaat over het bouwen en verbouwen van hoofdgebouwen.

Artikel 5.99 Vergunningplicht hoofdgebouw bouwen Het is verboden zonder vergunning een hoofdgebouw te bouwen of te verbouwen.

Artikel 5.100 Aanvraagvereisten hoofdgebouwen Bij een aanvraag om een vergunning voor het bouwen van een hoofdgebouw zoals bedoel in Artikel 5.99 gelden de aanvraagvereisten uit Artikel 22.35.

Artikel 5.101 Beoordelingsregels hoofdgebouw bouwen algemeen 1.

De vergunning wordt verleend als het hoofdgebouw gelegen is binnen een Bouwvlak;

2.

De vergunning wordt verleend als de goothoogte ter plaatse van de omgevingsnorm Goothoogte gebouwen en overkappingen niet hoger is dan de opgenomen goothoogte;

3.

De vergunning wordt verleend als de bouwhoogte ter plaatse van de omgevingsnorm Bouwhoogte gebouwen en overkappingen niet hoger is dan de opgenomen bouwhoogte;

4.

De vergunning wordt verleend indien het gebouw plat wordt afgedekt, dan wel met een kap, met dien verstande inden er met de omgevingsnorm Maximale dakhelling is aangegeven, de aangeven dakhelling de maximale dakhelling bedraagt.

5.

De vergunning wordt verleend indien het gebouw plat wordt afgedekt, dan wel met een kap, met dien verstande inden er met de omgevingsnorm Minimale dakhelling is aangegeven, de aangeven dakhelling de minimale dakhelling bedraagt.

6.

de beoogde activiteiten in het aangevraagde bouwwerk in overeenstemming zijn met de regels in afdeling 5.2 die voor het gebiedstype zijn aangewezen; en

7.

Voldaan wordt aan subparagraaf 5.3.2.2 t/m SubParagraaf 5.3.2.10.

SubParagraaf 5.3.2.2 Bouwen hoofdgebouw bedrijfsgebouw Artikel 5.102 Beoordelingsregels bouwen bedrijfsgebouw Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een hoofdgebouw binnen ‘Bouwen bedrijfsgebouw’ als aan de voorwaarden zoals opgenomen in de volgende leden wordt voldaan a. in afwijking van Artikel 5.101lid 1 mag het hoofdgebouw deels buiten het bouwvlak gerealiseerd worden, mits: 1. de grenzen van een bouwvlak of een aanduiding met niet meer dan 3,00 m worden overschreden; 2. de vergroting noodzakelijk is voor een goede uitoefening van de bedrijfsactiviteiten; 3. er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de milieusituatie, het bebouwingsbeeld en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden.

Artikel 5.103 Beoordelingsregels bouwen bedrijfsgebouw nuts centrum Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een hoofdgebouw binnen ‘Bouwen bedrijfsgebouw nuts centrum’ als aan de voorwaarden zoals opgenomen in de volgende leden wordt voldaan a. in afwijking van Artikel 5.101lid 1 mag het hoofdgebouw buiten het bouwvlak gerealiseerd worden, mits het gaat om maximaal 50,00 m² aan gebouwen en overkappingen per werkingsgebiedvlak, inclusief de bestaande gebouwen en overkappingen buiten een bouwvlak.

28

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

SubParagraaf 5.3.2.3 Bouwen hoofdgebouw bedrijfswoning

Concept

Artikel 5.104 Beoordelingsregels bouwen bedrijfswoning 1 Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een bedrijfswoning binnen ‘Bouwen bedrijfswoning 1' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. het aanleggen en gebruiken van bedrijfswoningen en bijgebouwen bij bedrijfswoningen, al dan niet in combinatie met ruimte voor aan-huis-verbonden beroepen en aan huis verbonden bedrijven zoals bedoeld in Bijlage III, tot een maximale vloeroppervlakte van 40m2.

Artikel 5.105 Beoordelingsregels bouwen bedrijfswoning 2 Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een bedrijfswoning binnen ‘Bouwen bedrijfswoning 2' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. de goothoogte wordt vergroot tot niet meer dan 6,50 meter; b. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke waarden, het bebouwingsbeeld, en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

SubParagraaf 5.3.2.4 Bouwen hoofdgebouw centrum Artikel 5.106 Beoordelingsregels bouwen in centrum Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een hoofdgebouw binnen ‘Bouwen in centrum’ als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. in afwijking van Artikel 5.101 lid 1 mag de dakrand van het hoofdgebouw deels buiten het bouwvlak gerealiseerd worden, mits de dakrand maximaal 2m buiten het bouwvlak ligt; b. in afwijking van Artikel 5.101lid 1 mag het hoofdgebouw tevens deels buiten het bouwvlak gerealiseerd worden, mits het gaat om een overkapping dat als gevolg van een uitbreiding van het bestaande gebouw en/of overkapping deels buiten het bouwvlak wordt gebouwd, mits: 1. de grenzen van een bouwvlak met niet meer dan 3,00 meter worden overschreden 2. de vergroting noodzakelijk is voor een goede uitoefening van de centrumactiviteiten; 3. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, het bebouwingsbeeld, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

SubParagraaf 5.3.2.5 Bouwen hoofdgebouw cultuur en ontspanning Artikel 5.107 Beoordelingsregels bouwen cultuur en ontspanning Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een hoofdgebouw binnen ‘Bouwen cultuur en ontspanning’ als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. in afwijking van Artikel 5.101lid 1 mag het hoofdgebouw deels buiten het bouwvlak gerealiseerd worden, mits het gaat om maximaal 50,00 m² aan gebouwen en overkappingen per werkingsgebiedvlak ‘Bouwen cultuur en ontspanning’, inclusief de bestaande gebouwen en overkappingen buiten een bouwvlak.

SubParagraaf 5.3.2.6 Bouwen hoofdgebouw detailhandel Artikel 5.108 Beoordelingsregels bouwen detailhandel Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een hoofdgebouw binnen ‘Bouwen detailhandel’ als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. als gebouwen, niet zijnde bedrijfswoningen, bijgebouwen en overkappingen op niet minder dan 3,00 m achter de naar de weg(en) gekeerde gevel(s) van de bedrijfswoning dan wel het verlengde daarvan worden gebouwd; b. in afwijking van Artikel 5.101lid 1 mag het hoofdgebouw deels buiten het bouwvlak gerealiseerd worden, mits: 1. de grenzen van een bouwvlak of een aanduiding met niet meer dan 3,00 m worden overschreden; 2. de vergroting noodzakelijk is voor een goede uitoefening van de detailhandelsactiviteiten;

29

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

3.

er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de milieusituatie, het bebouwingsbeeld en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden.

SubParagraaf 5.3.2.7 Bouwen hoofdgebouw horeca

Concept

Artikel 5.109 Beoordelingsregels bouwen horeca Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een hoofdgebouw binnen ‘Bouwen horeca’ als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. indien een bedrijfswoning aanwezig is dient het gebouw op een minimale afstand van 3m achter de naar de weg(en) gekeerde gevel(s) van de bedrijfswoning te worden gebouwd; b. in afwijking van Artikel 5.101lid 1 mag het hoofdgebouw deels buiten het bouwvlak gerealiseerd worden, mits: 1. de grenzen van een bouwvlak of een aanduiding met niet meer dan 3,00 m worden overschreden; 2. de vergroting noodzakelijk is voor een goede uitoefening van de horeca-activiteiten; 3. er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de milieusituatie, het bebouwingsbeeld en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden

SubParagraaf 5.3.2.8 Bouwen hoofdgebouw infrastructuur Artikel 5.110 Beoordelingsregels bouwen infrastructuur Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een hoofdgebouw binnen ‘Bouwen infrastructuur' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. de gebouwoppervlakte van een gebouw niet meer bedraagt dan 8,00 m2; b. een gebouw mag plat worden afgedekt.

SubParagraaf 5.3.2.9 Bouwen hoofdgebouw maatschappelijk Artikel 5.111 Beoordelingsregels bouwen maatschappelijk centrum Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een hoofdgebouw binnen ‘Bouwen maatschappelijk centrum’ als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. gebouwen, niet zijnde bedrijfswoningen, bijgebouwen en overkappingen mogen op niet minder dan 3,00 m achter de naar de weg(en) gekeerde gevel(s) van de bedrijfswoning dan wel het verlengde daarvan worden gebouwd; b. in afwijking van Artikel 5.101lid 1 mag het hoofdgebouw deels buiten het bouwvlak gerealiseerd worden, mits: 1. de grenzen van een bouwvlak of een aanduiding met niet meer dan 3,00 m worden overschreden; 2. de vergroting noodzakelijk is voor een goede uitoefening van de activiteiten van de maatschappelijke voorziening; 3. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de milieusituatie, het bebouwingsbeeld en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden.

Artikel 5.112 Beoordelingsregels bouwen maatschappelijk 1 Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een hoofdgebouw binnen ‘Bouwen maatschappelijk 1’ als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. het gebouw mag plat worden afgedekt, dan wel met een kap, met dien verstande dat de dakhelling niet meer mag bedragen dan 50o; b. in afwijking van Artikel 5.101lid 1 mag het hoofdgebouw deels buiten het bouwvlak gerealiseerd worden, mits : 1. de grenzen van een bouwvlak of een aanduiding met niet meer dan 3,00 m worden overschreden; 2. de vergroting noodzakelijk is voor een goede uitoefening van de activiteiten van de maatschappelijke voorziening; 3. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de milieusituatie, het bebouwingsbeeld en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden.

30

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

Concept

Artikel 5.113 Beoordelingsregels bouwen maatschappelijk - begraafplaats Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor hoofdgebouwen binnen het ‘Bouwen maatschappelijk - begraafplaats' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. per werkingsgebiedvlak ‘Bouwen maatschappelijk - begraafplaats’ niet meer dan 1 gebouw of overkapping wordt/is gebouwd; b. de oppervlakte van een gebouw niet meer bedraagt dan 25 m2.

Artikel 5.114 Beoordelingsregels bouwen maatschappelijk woonzorgvoorziening Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor hoofdgebouwen binnen het ‘Bouwen maatschappelijk woonzorgvoorziening' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. in afwijking van Artikel 5.101lid 2 mag het hoofdgebouw dat plat is afgedekt worden gebouwd tot de maximale bouwhoogte zoals aangegeven in lid 3.

SubParagraaf 5.3.2.10 Bouwen hoofdgebouw woning Artikel 5.115 Beoordelingsregels bouwen woning Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101. de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99. voor het bouwen van een woning binnen Bouwen woning als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. als hoofdgebouw mogen uitsluitend woonhuizen worden gebouwd; b. met ten minste één gevel van de woning in een naar de weg gekeerde bouwgrens wordt gebouwd;

Artikel 5.116 Beoordelingsregels bouwen woning 1 Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een woning binnen ‘Bouwen woning 1’ als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. een hoofdgebouw mag uitsluitend vrijstaand worden gebouwd, dan wel, voor zover bestaand, aaneen gebouwd worden gebouwd, met dien verstande dat in dat geval het aantal aaneen te bouwen hoofdgebouwen ten hoogste het bestaande aantal bedraagt.

Artikel 5.117 Beoordelingsregels bouwen woning 2 Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een woning binnen ‘Bouwen woning 2’ als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. een hoofdgebouw mag uitsluitend vrijstaand worden gebouwd, dan wel, voor zover bestaand, aaneen gebouwd worden gebouwd, met dien verstande dat in dat geval het aantal aaneen te bouwen hoofdgebouwen ten minste het bestaande aantal bedraagt.

Artikel 5.118 Beoordelingsregels bouwen woning maximum aantal Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een woning binnen ‘Bouwen woning maximum aantal' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. binnen het ‘woningaantalnormgebied’ het aantal te bouwen woningen niet meer bedraagt dan het maximum aantal wooneenheden.

Artikel 5.119 Beoordelingsregels bouwen woning afwijken de bouwmaat Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een woning binnen ‘Bouwen woning afwijken de bouwmaat' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. in afwijking van Artikel 5.101lid 2 en 3 mag het hoofdgebouw de bestaande goot- en bouwhoogte bedragen.

31

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

Concept

Artikel 5.120 Beoordelingsregels bouwen woning maatschappelijk Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een woning binnen ‘Bouwen woning maatschappelijk' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. het aanleggen en gebruiken van woningen en bijgebouwen, al dan niet in combinatie met ruimte voor aan-huis-verbonden beroepen en aan huis verbonden bedrijven zoals bedoeld in Bijlage III, tot een maximale vloeroppervlakte van 40m2.

Artikel 5.121 Beoordelingsregels bouwen bovenwoning Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een woning binnen ‘Bouwen bovenwoning' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. het aanleggen en gebruiken van een bovenwoning, al dan niet in combinatie met ruimte voor aan-huis-verbonden beroepen en aan huis verbonden bedrijven zoals bedoeld in Bijlage III, tot een maximale vloeroppervlakte van 40m2.

Artikel 5.122 Beoordelingsregels bouwen woongebouw Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een woning binnen ‘Bouwen woongebouw' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. het aantal te bouwen wooneenheden in het woongebouw niet meer bedraagt dan het bestaande aantal.

Artikel 5.123 Beoordelingsregels bouwen onderdoorgang Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een woning binnen ‘Bouwen onderdoorgang' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. ter plaatse van het werkingsgebied "Bouwen onderdoorgang" tot een bouwhoogte van 3 meter geen gebouwen worden gebouwd.

Artikel 5.124 Beoordelingsregels bouwen stolp Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.101 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.99 voor het bouwen van een woning binnen ‘Bouwen stolp' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. als hoofdgebouw mogen uitsluitend woonhuizen in de bouwvorm van een stolp worden gebouwd; b. de hoofdvorm van het gebouw, bepaald door de goothoogte en bouwhoogte, dakvorm, oppervlakte alsmede de verhouding tussen lengte- en breedtematen en gevelindeling, zowel bij nieuwbouw als bij verbouw, niet gewijzigd worden; c. een hoofdgebouw mag met niet minder dan 1 gevel in een naar de weg gekeerde bouwgrens worden gebouwd. d. er kan worden afgeweken van lid b, in die zin dat in ondergeschikte mate wordt afgeweken van de bestaande maatvoeringen en gevelindeling, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de hoofdvorm van de stolp.

Paragraaf 5.3.3 Bijbehorende bouwwerken bouwen SubParagraaf 5.3.3.1 Algemene regels bijbehorende bouwwerken Artikel 5.125 Toepassingsbereik bijbehorende bouwwerken Deze paragraaf gaat over het bouwen en verbouwen van bijbehorende bouwwerken.

Artikel 5.126 Aanwijzing vergunningplicht bijbehorend bouwwerk bouwen Het is verboden zonder vergunning een bijbehorend bouwwerk te bouwen of te verbouwen.

32

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

Artikel 5.127 Aanvraagvereisten bijbehorend bouwwerk bouwen Bij een aanvraag om een vergunning voor het bouwen van een bijbehorend bouwwerk zoals bedoel in Artikel 5.126 gelden de aanvraagvereisten uit Artikel 22.35.

Concept

Artikel 5.128 Uitzonderingen op de vergunningsplicht bijbehorend bouwwerk bouwen

33

In afwijking van Artikel 5.126 mag een bijbehorend bouwwerk onder de volgende voorwaarden zonder omgevingsvergunning gebouwd of uitgebreid worden: a. het aantal woningen blijft gelijk; b. het bijbehorend bouwwerk staat op de grond; c. het bijbehorend bouwwerk staat op het achtererfgebied; d. het bijbehorende bouwwerk staat op een afstand van meer dan 1 meter van openbaar toegankelijk gebied; e. als het bijbehorende bouwwerk meer dan een bouwlaag heeft, mag alleen de eerste bouwlaag een verblijfsgebied hebben; f. het bijbehorende bouwwerk heeft geen dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte; g. binnen 4 meter van het oorspronkelijke hoofdgebouw mag het bijbehorende bouwwerk niet hoger zijn dan: 1. het hoofdgebouw; 2. 0,3 meter boven de bovenkant van de scheidingsconstructie met de tweede bouwlaag van het hoofdgebouw; en 3. 5 meter. h. voor zover een bijbehorend bouwwerk meer dan 4 meter van het oorspronkelijk hoofdgebouw staat: 1.

als het bijbehorende bouwwerk of de uitbreiding daarvan hoger is dan 3 meter: voorzien van een schuin dak, de dakvoet niet hoger dan 3 meter, de daknok gevormd door twee of meer schuine dakvlakken, met een hellingshoek van niet meer dan 55°, en waarbij de hoogte van de daknok niet meer is dan 5 meter en verder wordt begrensd door de volgende formule: maximale daknokhoogte [in meters] = (afstand daknok tot de perceelsgrens [aantal meter] x 0,47) + 3; en 2. het bijbehorende bouwwerk is functioneel ondergeschikt aan het hoofdgebouw, maar als een bijbehorend bouwwerk, bestaat uit een deel dat op meer, en een deel dat op minder dan 4 meter van het oorspronkelijk hoofdgebouw staat, zonder een inwendige scheidingsconstructie tussen beide delen, dan is het deel dat op minder dan 4 meter van het oorspronkelijk hoofdgebouw is gelegen functioneel ondergeschikt aan het hoofdgebouw; i. de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied bedragen niet meer dan: 1. bij een bebouwingsgebied kleiner dan of gelijk aan 100 m2: 50% van dat bebouwingsgebied; 2. bij een bebouwingsgebied groter dan 100 m2 en kleiner dan of gelijk aan 300 m2: 50 m2, vermeerderd met 20% van het deel van het bebouwingsgebied dat groter is dan 100 m2; en 3.

bij een bebouwingsgebied groter dan 300 m2: 90 m2, vermeerderd met 10% van het deel van het bebouwingsgebied dat groter is dan 300 m2, tot een maximum van in totaal 150 m2. j. uitbreiding van of gelegen aan of bij een hoofdgebouw, anders dan: 1. een woonwagen; 2. een hoofdgebouw waarvoor in de omgevingsvergunning voor de bouwactiviteit of de omgevingsplanactiviteit bestaande uit een bouwactiviteit is bepaald dat de vergunninghouder na het verstrijken van een bij die vergunning gestelde termijn verplicht is de voor de verlening van de vergunning bestaande toestand te hebben hersteld; of 3. één huishouden; k. een erf- of perceelafscheiding, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1. hoger dan 1 m maar niet hoger dan 2 m; 2. op een erf of perceel waarop al een hoofdgebouw staat waarmee de afscheiding in functionele relatie staat; en 3. de lijn die loopt langs de voorkant van dat hoofdgebouw en vanaf daar evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied zonder het hoofdgebouw te doorkruisen of in het gebouwerf achter het hoofdgebouw te komen.

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

Concept

Artikel 5.129 Uitzonderingen op de vergunningsplicht bijbehorend bouwwerk bouwen aanvulling In afwijking van Artikel 5.126 mag een bijbehorend bouwwerk zonder omgevingsvergunning gebouwd indien het voldoet aan de beoordelingsregels uit paragraaf 5.3.3 en het niet in, aan, op of bij een gemeentelijk monument, voorbeschermd gemeentelijk monument, provinciaal monument, voorbeschermd provinciaal monument, rijksmonument of voorbeschermd rijksmonument en en voldoet aan de volgende voorwaarden: a. een bijbehorend bouwwerk of een uitbreiding daarvan, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1. op de grond staand; 2. gelegen in achtererfgebied; 3. op een afstand van meer dan 1 m vanaf openbaar toegankelijk gebied; 4. niet hoger dan 5 m; 5. de ligging van een verblijfsgebied, bij meer dan een bouwlaag, alleen op de eerste bouwlaag; en 6. niet voorzien van een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte; b. een bouwwerk voor recreatief nachtverblijf, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1. op de grond staand; 2. niet hoger dan 5 m; en 3. de oppervlakte niet meer dan 70 m2; c. een dakkapel in het voordakvlak of een naar openbaar toegankelijk gebied gekeerd zijdakvlak, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1.

gelegen in een gebied dat of een bouwwerk dat in het tijdelijke deel van dit omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet, is aangewezen als gebied of bouwwerk waarvoor geen redelijke eisen van welstand van toepassing zijn; 2. voorzien van een plat dak; 3. gemeten vanaf de voet van de dakkapel niet hoger dan 1,75 m; 4. onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet; 5. bovenzijde meer dan 0,5 m onder de daknok; en 6. zijkanten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak; d. een sport- of speeltoestel anders dan voor alleen particulier gebruik, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1. niet hoger dan 4 m; en 2. alleen functionerend met behulp van de zwaartekracht of de fysieke kracht van de mens; e. een zwembad, bubbelbad of soortgelijke voorziening of een vijver op het gebouwerf bij een woning of woongebouw, als deze niet van een overkapping is voorzien; f. een erf- of perceelafscheiding, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1. hoger dan 1 m maar niet hoger dan 2 m; 2. op een erf of perceel waarop al een gebouw staat waarmee de afscheiding in functionele relatie staat; en 3. achter de lijn die langs de voorkant van dat gebouw evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied; g. een bouwwerk, geen gebouw zijnde, in achtererfgebied voor agrarische bedrijfsvoering, voor zover het gaat om: 1. een silo; of 2.

een ander bouwwerk niet hoger dan 2 m; h. een buisleiding anders dan een buisleiding waarop artikel 2.29, onder p, aanhef en onder 4°, van het Besluit bouwwerken leefomgeving van toepassing is; of i. een te veranderen bouwwerk, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1. geen uitbreiding van de bebouwde oppervlakte; 2. geen uitbreiding van het bouwvolume; en 3. geen bouwwerk als bedoeld in artikel 2.29, onder b tot en met r, van het Besluit bouwwerken leefomgeving dat niet voldoet aan de voor dat bouwwerk in die onderdelen gestelde eisen.

SubParagraaf 5.3.3.2 Bouwen bijbehorende bouwwerken bedrijf Artikel 5.130 beoordelingsregels bijbehorend bouwwerk bedrijf Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bijbehorende bouwwerken binnen ‘Bedrijfsactiviteiten' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. overkappingen worden uitsluitend binnen het bouwvlak gebouwd; b. de goothoogte en bouwhoogte van overkappingen mogen niet meer bedragen dan aangegeven ter plaatse van de omgevingsnormen ‘Goothoogte gebouwen en overkappingen’ ‘Bouwhoogte gebouwen en overkappingen’;

34

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

c. d. e.

Concept

f. g.

overkappingen mogen plat worden afgedekt, dan wel met een kap, met dien verstande dat de dakhelling niet minder mag bedragen dan 15o en niet meer mag bedragen dan 50o; de vergunning voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt verleend ten behoeve van andere bouwwerken dan paardrijbakken, tennisbanen en zwembaden; de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 1,00 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen binnen de bouwpercelen achter de voorgevel van de bedrijfsgebouw(en) niet meer mag bedragen dan 2,00 m; de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, mag niet meer bedragen dan 10,00 m. in afwijking van lid a mogen overkappingen als gevolg van een uitbreiding van de bestaande gebouwen en/of overkappingen deels buiten een bouwvlak worden gebouwd, mits: 1. de grenzen van een bouwvlak met niet meer dan 3,00 m worden overschreden; 2. de vergroting noodzakelijk is voor een goede uitoefening van de bedrijfsactiviteiten; 3. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de milieusituatie, het bebouwingsbeeld, en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

Artikel 5.131 aanvullende beoordelingsregels bijbehorend bouwwerk bedrijf Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.130 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bijbehorende bouwwerken binnen ‘Verkooppunt motorbrandstoffen' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. binnen het werkingsgebied ‘Verkooppunt motorbrandstoffen’ mogen uitsluitend overkappingen worden gebouwd; b. de oppervlakte van de overkapping over het pompeiland ter plaatse van het werkingsgebied ‘Verkooppunt motorbrandstoffen’ mag niet meer bedragen dan de bestaande oppervlakte; c. in afwijking van Artikel 5.130 onder b, mag een overkapping over het pompeiland tot maximaal 6 meter hoogte worden gebouwd.

Artikel 5.132 beoordelingsregels bijbehorend bouwwerk nutsvoorzieningen en watertoren Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bijbehorende bouwwerken binnen ‘bijbehorend bouwwerk nutsvoorzieningen en watertoren' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. de vergunning voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt verleend ten behoeve van andere bouwwerken dan paardrijbakken, tennisbanen en zwembaden; b. de vergunning voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt verleend voor lichtmasten met een maximale bouwhoogte van 8,00 meter; c. de vergunning voor andere bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, wordt verleend indien de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 2,00 meter.

Artikel 5.133 aanvullende beoordelingsregels bijbehorend bouwwerk nutsvoorzieningen Burgemeester en wethouders verlenen in aanvulling op Artikel 5.132 de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bijbehorende bouwwerken binnen ‘bijbehorend bouwwerk nutsvoorzieningen’ als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. overkappingen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; b. de goot- en bouwhoogte van overkappingen mag niet meer dan 3,00 meter goothoogte en 5,00 meter bouwhoogte bedragen.

Artikel 5.134 beoordelingsregels bijbehorend bouwwerk nutsvoorzieningen centrum Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bijbehorende bouwwerken binnen ‘bijbehorend bouwwerk nutsvoorzieningen centrum' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen en overkappingen mag niet meer bedragen dan 50,00 m² per werkingsgebiedsvlak; b. de bouwhoogte van overkappingen mag niet meer bedragen dan 4,00 m; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 5,00 meter.

SubParagraaf 5.3.3.3 Bouwen bijbehorende bouwwerken bij een bedrijfswoning

35

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

Concept

Artikel 5.135 beoordelingsregels bijbehorend bouwwerk bouwen binnen het bouwvlak bedrijfswoning Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bijbehorende bouwwerken binnen het ‘bijbehorend bouwwerk bedrijfswoning' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. de gezamenlijke oppervlakte van bijgebouwen en overkappingen per hoofdgebouw niet meer bedraagt dan 150m2; b. de goot- en bouwhoogte van bijgebouwen bij een bedrijfswoning mogen niet meer bedragen dan respectievelijk 3,50 m en 6,50 m.

Artikel 5.136 beoordelingsregels erkers en serres bedrijfswoning Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bijbehorende bouwwerken binnen ‘erkers en serres bedrijfswoning’ als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. de diepte van een erker en/of serre niet meer bedraagt dan 1,50 meter vanuit de gevel van het bijbehorende bedrijfswoning, met dien verstande dat de diepte van de voortuin c.q. de zijtuin in ieder geval niet minder mag bedragen dan respectievelijk 3,00 meter en 2,00 meter, na het realiseren van de erker en/of serre; b. de breedte van de erker en/of serre niet meer bedragen dan 70% van de gevel van de bedrijfswoning waaraan de erker of serre wordt aangebouwd; c. de goothoogte van een erker of serre niet meer bedraagt dan 3,00 meter; d. de bouwhoogte van een erker of serre niet meer bedraagt dan 3,25 meter.

SubParagraaf 5.3.3.4 Bouwen bijbehorende bouwwerken cultuur en ontspanning Artikel 5.137 beoordelingsregels bijbehorend bouwwerk cultuur en ontspanning Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bijbehorende bouwwerken binnen ‘Cultuur en ontspanning' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. overkappingen mogen uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. in afwijking van lid a mogen overkappingen buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits het totaal aan gebouwen en overkappingen niet meer bedraagt dan 50,00 m buiten het bouwvlak per werkingsgebied; c. de goot- en bouwhoogte van gebouwen en overkappingen mogen niet meer bedragen dan de ter plaatse van de omgevingsnormen ‘Goothoogte gebouwen en overkappingen’ ‘Bouwhoogte gebouwen en overkappingen’; d. de vergunning voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt verleend ten behoeve van andere bouwwerken dan paardrijbakken, tennisbanen en zwembaden; e. de bouwhoogte van een voetbalkooi niet meer bedraagt dan 4,00 m; f. de bouwhoogte van lichtmasten niet meer bedraagt dan 8,00 m; g. de bouwhoogte van andere bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, niet meer bedraagt dan 2,00 m.

SubParagraaf 5.3.3.5 Bouwen bijbehorende bouwwerken groen Artikel 5.138 beoordelingsregels bijbehorend bouwwerk groen 1 Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, binnen ‘Groenvoorzieningen' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. indien de bouwhoogte van (overige) bouwwerken niet meer bedraagt dan 5,00 meter.

Artikel 5.139 beoordelingsregels bijbehorend bouwwerk groen 2 Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, binnen ‘aanvullend bijbehorend bouwwerk groen' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. de vergunning voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt verleend ten behoeve van andere bouwwerken dan paardrijbakken, tennisbanen en zwembaden; b. de vergunning voor een bouwwerk, geen gebouw of overkapping zijnde, wordt verleend wanneer de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 5,00 meter; c. de vergunning voor lichtmasten wordt verleend wanneer de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 8,00 meter.

SubParagraaf 5.3.3.6 Bouwen bijbehorende bouwwerken maatschappelijk

36

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

Concept

Artikel 5.140 beoordelingsregels bijbehorend bouwwerk bouwen bijbehorend bouwwerk maatschappelijk Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bijbehorende bouwwerken binnen het ‘bijbehorend bouwwerk maatschappelijk’ als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. overkappingen mogen uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. de goot- en bouwhoogte van gebouwen en overkappingen mogen niet meer bedragen dan aangegeven ter plaatse van de omgevingsnormen ‘Goothoogte gebouwen en overkappingen’ ‘Bouwhoogte gebouwen en overkappingen’; c. overkappingen mogen plat worden afgedekt of met hellende dakvlakken, waarvan de helling niet meer mag bedragen dan aangegeven ter plaatse van de omgevingsnorm ‘Maximale dakhelling’;. d. indien gebouwen en overkappingen plat worden afgedekt, mag de bouwhoogte niet meer bedragen dan de bouwhoogte aangegeven ter plaatse van de aanduiding "maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)"; e. de gezamenlijke oppervlakte van bergingen mag niet meer bedragen dan 150,00 m²; f. de bouwhoogte van een berging mag niet meer bedragen dan 3,50 m. g. de vergunning voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt verleend ten behoeve van andere bouwwerken dan paardrijbakken, tennisbanen en zwembaden; h.

de vergunning voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt verleend als de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedraagt dan 1,00 meter, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) niet meer mag bedragen dan 2,00 m; i. de vergunning voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt verleend als de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 5,00 m.

Artikel 5.141 beoordelingsregels bijbehorend bouwwerk bouwen bijbehorend bouwwerk begraafplaats Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bijbehorende bouwwerken binnen het ‘bijbehorend bouwwerk begraafplaats’ als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. overkappingen mogen uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. de goot- en bouwhoogte van gebouwen en overkappingen mogen niet meer bedragen dan aangegeven ter plaatse van de omgevingsnormen ‘Goothoogte gebouwen en overkappingen’ ‘Bouwhoogte gebouwen en overkappingen’; c. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 1,00 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen binnen de bouwpercelen achter de voorgevel van het (de) bedrijfsgebouw(en) niet meer mag bedragen dan 2,00 m; d. de bouwhoogte van palen en masten niet meer bedragen dan 5,00 meter, met dien verstande dat de bouwhoogte van lichtmasten niet meer mag bedragen dan 8,00 m; e. de bouwhoogte van een klokkenstoel niet meer bedragen dan 6,00 m; f. de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, mag niet meer bedragen dan 2,00 m.

Artikel 5.142 beoordelingsregels bijbehorend bouwwerk bouwen bijbehorend bouwwerk begraafplaats centrum Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bijbehorende bouwwerken binnen het ‘bijbehorend bouwwerk begraafplaats centrum’ als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. per bestemmingsvlak niet meer dan 1 gebouw of overkapping wordt/is gebouwd; b. de oppervlakte van een gebouw of overkapping niet meer bedraagt dan 25 m2; c. de bouwhoogte van een gebouw of overkapping niet meer dan aangegeven ter plaatse van de omgevingsnorm ‘Bouwhoogte gebouwen en overkappingen’; d. de bouwhoogte van terreinafscheidingen niet meer bedragen dan 2,00 meter; e. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet meer bedragen dan 5,00 meter.

SubParagraaf 5.3.3.7 Bouwen bijbehorende bouwwerken sport Artikel 5.143 beoordelingsregels bijbehorend bouwwerk sport Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bijbehorende bouwwerken binnen ‘bijbehorend bouwwerk sport' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan:

37

Concept

(van 4-12-2024 9:44)

a. b.

c.

Concept

d.

e.

overkappingen mogen uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; de goothoogte en bouwhoogte van overkappingen mogen niet meer bedragen dan aangegeven ter plaatse van de omgevingsnormen ‘Goothoogte gebouwen en overkappingen’ ‘Bouwhoogte gebouwen en overkappingen’; de vergunning voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde, wordt verleend als de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen niet meer bedraagt dan 1,00 m; voor lichtmasten uitsluitend als het gaat om vervanging van bestaande lichtmasten, mits wordt voldaan aan: 1. de bouwhoogte van de lichtmasten niet meer bedraagt dan 15,00 m; 2. het aantal lichtmasten niet meer bedraagt dan 14 per bestemmingsvlak en er sprake is van objectgerichte verlichting; 3. de verlichting van de lichtmasten niet buiten de perceelgrenzen zal schijnen; 4. de verlichting van de lichtmasten vanaf 23.00 uur tot zonsopgang niet zal branden en van een verzegelde tijdschakelaar wordt voorzien; 5. op basis van een verlichtingsrapport van een ter zake deskundige is aangetoond dat aan de voorwaarden in sub 1 tot en met 4 is voldaan; de vergunning voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde, wordt verleend als de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, niet meer bedragen dan 5,00 m.

SubParagraaf 5.3.3.8 Bouwen bijbehorende bouwwerken tuin Artikel 5.144 beoordelingsregels bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde in tuinen Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning als bedoeld in Artikel 5.126 voor bijbehorende bouwwerken binnen ‘bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde in tuinen' als aan volgende voorwaarden wordt voldaan: a. geen paardrijdbakken, tennisbanen en zwembaden worden gebouwd, met uitzondering van de vergunde paardrijdbakken, tennisbanen en zwembaden; b. bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen niet meer bedraagt dan 1,00 meter; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, niet meer bedraagt dan 5,00 meter.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14968113/1