CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Vastgestelde notulen DD 21 juni 2022.pdf

Dordtse Dinsdag – Beeld- en oordeelsvormende commissies 21 juni 2022, gemeente Dordrecht55.223 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 6

Op een gegeven moment gaan ze wel actief zoeken naar een waning, en dat ze dat een gegeven moment doen. Nou, dan duurt het ook wel iets langer, maar het loont wel als je heel actief op zoek gaat naar een waning. En wie zijn er dan op zoek naar een waning? Dat heeft de meneer van het CBS ook al

77

aangeven, dat zijn met name de jongeren die ... Het aantal jongeren dat zich gigantisch heeft ingeschreven, die zijn allennaal op zoek naar een woning waar ze hun gezin kunnen stichten of alleen kunnen wonen. En als je ziet de mensen die het meeste succes hebben dat zijn de ouderen, maar die wachten ook heel lang, die hebben ook een heel lang inschrijfduur, dus op het moment dat ze willen gaan verhuizen en ze reageren op een woning dan hebben ze ook heel snel een woning. Dus zo zit het een beetje scheef. Nou, er zijn heel van mensen die aan het zoeken zijn, dus ook gigantisch gestegen zoals u kunt zien. En wie zijn dat dan? Ja, het zijn toch allemaal mensen die toch graag in Dordrecht willen wonen. We verhuizen een beetje rond de Dordtse kerk met elkaar. Maar goed dat wil ook ervoor zorgen dat er wel een doorstroming moet plaatsvinden, want als iemand blijft zitten dan kun je niet verschuiven. Dus dan kun je zeggen: misschien moet je starterswoningen bouwen. Nou, daar gaat een starter in, heb je geen doorstroming. Op het moment dat je een oudere hebt - hebben we het net over gehad, Tinka - als je een ouder gezin verhuist dan komt er een woning leeg en dan krijg je een treintje van ongeveer vijf tot zes verhuizingen in de doorstroom. Nou, desalniettemin is het wel belangrijk dat we sociale woningen blijven bouwen.

Er zijn ook, zoals u wellicht weet, ook heel veel gesloopt en andere periodes was het beleid am vooral middelhoge inkonnens naar Dordrecht te lokken, maar daardoor zijn we eigenlijk een beetje weggezakt. Dus we hebben met elkaar een opgave am die woningen terug te bouwen naar de stand januari 2016.

De voorzitter: De heer De Heer. De heer De Heer: Ja, voorzitter dank u wel. Ik begrijpen uit de cijfers dat er relatief veel jongeren op zoek zijn naar een woning, en dat ze relatief weinig succes hebben in hun zoektocht. Zijn er nog andere dingen dan vooral die wachtlijsten die op dit moment zijn, dat je punten opspaart wat er natuurlijk ook voor zorgt dat je heel lang moet wachten. In het verleden waren er ook van die lotingsystemen. Hoe verhoudt zich dat tot elkaar voor jongeren? De heer Oerlennans: Ja, we loten op dit moment. Woonbron doet dat voornamelijk, maar ook de andere corporaties zijn vorig jaar gestart met loten. Het is ook een experiment. Heeft uw raad ook mee akkoord gegaan. Daar zijn de cijfers ook recentelijk van gepresenteerd, en daar zie je wel dat jongeren wel sneller aan een woning komen. Die zijn er actiever in, die zijn wellicht ook handiger met die systemen, dus daar zie je wel dat jongeren wat meer kans maken op een woning. De voorzitter: De heer Den Heijer. De heer Den Heijer: Dank, voorzitter. Nou, u stelt eerst dat er veel gesloopt is en onvoldoende bijgebouwd is en u stelt daarnaast dat we bepaald beleid hebben gevoerd waardoor je ook voor andere inkomensgroepen bouwt. Even terugkomend op het eerste, het mes snijdt altijd aan twee kanten.

Wij zullen het vast ook niet altijd goed hebben gedaan, maar waar zien jullie, ook voor jullie zelf, de kansen am het de komende jaren dan beter te doen dan bijvoorbeeld de afgelopen vier jaar, want er is kennelijk wel gesloopt, maar niet gebouwd.

78

De heer Oerlemans: Nee, dat klopt. Wij konden als Woonbron bouwen op onze eigen grond, en daarvoor moesten we eerst slopen. En wat Trivire betreft, daar moeten er gronden zijn waar ook Trivire op kan bouwen, en dat is eigenlijk de vraag van mevrouw Striebeck: zijn jullie ook bij die nieuwbouwplannen en bij die stadsontwikkelingsplannen eerder betrokken geweest als cooperatie, of zaten jullie aan de achterkant waar werd gezegd: o ja, er moet ook 10 procent sociaal in. Nou, nu heeft het college een andere programmering. Nu zegt het college: wij vinden dat er 30 procent sociaal moet komen. En dat betekent ook dat met name Trivire sneller aan tafel kan gaan zitten om die afspraken te maken zodat we die productie kunnen gaan maken. De heer Den Heijer: Als we dan kijken naar die programmering. Je ziet ook onder jongeren een enorme vraag ook niet alleen naar sociale huur, maar ook naar sociale hoop. Ziet u voor uzelf daarin een rol voor de komende jaren? De heer Oerlemans: Jazeker. Wij bouwen ook gedifferentieerd. Misschien kun jij iets vertellen over wat jullie van plan zijn? Mevrouw Van Rood: Ja, wij zijn ook naar het kijken naar sociale koop om dat ook toe te voegen. Ook daar geldt voor Waar je voor op moet passen bij sociale koop is dat op

het moment dat je het verkoopt en als je kijkt naar de huidige prijsstijgingen dan wordt het heel snel niet meer sociale koop. Dus voor ons het belangrijk dat als je dat op die manier op de markt zet je eigenlijk ook de mogelijkheid van koopgarant dat je het ook weer terug kan kopen dat je dan de afweging kan maken: zet ik het opnieuw in de markt als koopwoning en behoud ik het voor die doelgroep dan beschikbaar, of ga ik het toevoegen aan de huursector, aan de huurvoorraad onndat dat op dat moment belangrijker is? Dus wij zijn aan het kijken op welke manier we dat kunnen doen. Er zitten alle juridische, fiscale aandachtspunten bij. Die zijn wij op dit moment aan het uitzoeken, maar als dat een passende oplossing, als we daar een passend antwoord op kunnen vinden gaan we dat zeker te voegen. Mag ik van de gelegenheid nog even gebruikmaken om nog even te reageren op wat wij zelf kunnen doen, ook om te zorgen dat we die versnelling doen, is waar we ook in gesprek zijn met de gemeentes om te

kijken naar bouwtafels, dus dat je zorgt dat je met elkaar met alle partijen aan tafel gaat zitten, omdat het vergunningsproces ... Het vergunningsproces wat op dit moment echt heel veel tijd vraagt, om dat met mekaar de versnelling... Die planontwikkeling en dat vergunningsproces, dat zijn twee verschillende momenten in dit proces, dat moet ook echt sneller. Dus daar geldt met mekaar aan tafel. En soms kunnen wij dingen doen. Als de gemeente beperkte capaciteit heeft kunnen wij bijvoorbeeld het stedenbouwkundig plan ontwikkelen en dan kan de gemeente gewoon meekijken, is dat je met elkaar doet. Maar meer samen optrekken, eerder met elkaar om de tafel. Nou ja, samen de schouders eronder.

De heer Oerlemans: Wat wij ook doen, als ik mag aanvullen? In de Van Kinsbergenstraat bouwen we op dit moment en ook een aantal koopwoningen. En die koopwoningen geven voorrang aan mensen die een sociale huurwoning achterlaten dus dat je ook daar weer een stroming krijgt.

79

De heer Den Heijer: En daar kort op reageren op wat u zojuist zei. Dus in andere steden heb je bijvoorbeeld vervolgens een platformontwikkeling xxx, de stadsnaam. Naar mijn informatie is zo'n platform er niet in deze regio van deze stad. Zou het jullie helpen, ook misschien in het formele maar ook het informele contact om beter tot ontwikkeling te komen? Mevrouw Van Rood: Sterker nog, we hebben vrij recent binnen de Smart Delta hebben we er ook met elkaar over gesproken om te kijken wat de mogelijkheden zijn om lokaal een bouwtafel te hebben die dan weer opschaalt naar regionaal, omdat je ook in sommige gevallen regionale afstemming nodig hebt. Dus daar heb ik ook echt het gevoel dat nu met de nieuwe colleges er een nieuwe tijdgeest is waar ook een nieuwe wind waait wat nnogelijk helder maakt om die versnelling mogelijk te maken. De heer Oerlemans: Nou, dit plaatje heeft u al kunnen bestuderen. Dat laat zien dat alle pijlen de verkeerde kant op wijzen, zal ik maar zeggen, waar het gaat om zoektijd, inschrijftijd. En dat is niet alleen in Dordrecht, maar het is gewoon eigenlijk in de totale Drechtsteden dus het is daarmee ook een Drechtstedelijk probleenn wat we met elkaar moeten oplossen om de mensen in de Drechtsteden aan een woning te helpen. Dit plaatje hebben we net eigenlijk ook al een beetje bij stilgestaan. Het coalitieakkoord gaat uit van 4000 woningen te bouwen.

Tellen we nu onze opgaves ... Want een plan maken duurt een paar jaar, dus je bent al een tijdje bezig. Dus wat we nu aan harde plannen hebben telt op tot 750 sociale huurwoningen, dus dat zijn er nog geen 1200. En dat komt eigenlijk precies vanwege de vraag: waarom zitten jullie niet eerder aan tafel, en hoe gaan we dat dan doen, hoe komen we tot die 1200? Nou ja, dat betekent dat we met elkaar een inhaalslag moeten gaan programmeren de komende jaren. En dat betekent ook, en wij zijn er ook klaar voor en bereid voor om die 1200 met elkaar te gaan realiseren. De voorzitter: Vertel uw naam ook eventjes graag gelijk. De heer Damen: Ik ben Leo Damen van de Partij van de Arbeid-fractie. Ik ben nieuwsgierig of in die 750 woningen die nu dan wel aan gaan komen of daar ook rekening mee is gehouden dat er al een aantal woningen nog gesloopt gaan worden? Is dit nettoresultaat of is dit een brutoresultaat? De heer Oerlemans: Dit is een brutoresultaat. Juist, dus daar moeten ook een aantal woningen af, en uiteindelijk dan voegen we toe pak en beet 480, 500 dacht ik uit mijn hoofd. De heer Damen: Het lijkt mij goed om dat ook heel steeds nadrukkelijk te vermelden wat je uiteindelijk toevoegt. Mevrouw Van Rood: Ik zal het nieuwe college helpen. Het oude college heeft gesloopt, het nieuwe college gaat bouwen. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, even een vraag.

Klopt het dat u over vier jaar dan nog niet op het aantal sociale huurwoningen zit dat er op 1 januari 2016 was, klopt dat?

80

De heer Oerlemans: Dat weet ik niet zeker. Weet jij dat, Jan -Willem? De heer Verheij: Ik heb niet het volledige rekensommetje, maar volgens nnij moeten we ook na 2026 nog verder bouwen om op dat punt te komen. Het rekensonnmetje kunnen we desnoods nog een keer toe laten komen om dat duidelijk te maken. De heer Van Leeuwen: Heel graag. De heer Verheij: Ja, ik denk dat dat zinvol is, dan weten we ook wat de opgave nog is, en hebben we ook de juiste discussie over de versnelling die we nog willen aanbrengen. De heer Van Leeuwen: Dank u wel. De voorzitter: De heer Van der Kruijff heeft nog een vraag. De heer Van der Kruijff: Ja, nog een volgende. Ik zie hier staan meer is er nnogelijk als er ook in de bestaande plannen 30 procent sociale huur wordt geprogrammeerd. Dan ben ik benieuwd aan welke plannen u denkt, want er zit vaak een vaste gedachte al achter waar u op hint. En ik ben tegelijkertijd dan ook wel benieuwd, want we hebben het vaak over verspreiding van sociale huur. Mevrouw Van Rood zei het ook over gedifferentieerde wijken. Dat hebben we nu in Dordrecht. Is volgens mij nog niet zo heel gedifferentieerd waar het sociale huur betreft. Zit u dan bijvoorbeeld ook mogelijkheden in wijken als Stadspolders of Dubbeldann of andere wijken waarvan ik denk daar hebben we nog een inhaalslag te maken.

De heer Oerlemans: Nou, ik denk dat we op Stadswerven geloof ik te weinig sociaal hebben gebouwd. Ik denk dat het Maasterras wel mogelijkheden moet bieden voor sociaal. Als ik kijk naar waar wij de afgelopen jaren in Wielwijk aan de stadsmuur hebben gewerkt, daar zie je dat er juist een grote mix is ontstaan tussen sociaal en koopwoningen. Dus we werken daar heel veel aan. Misschien kun je wat aanvullen? Omdat ja, we hebben eigenlijk alleen nog onze eigen ronde. Mevrouw Van Rood: Nee, want dat is de snelste nnanier dat je die versnelling nnaakt als het gaat over de realisatie van sociale huurwoningen. Helder is natuurlijk dat bij sommige ontwikkelingen als zodanig ver zijn in de planvorming dat er gewoon afspraken liggen met commerciele partijen. Dan is het heel risicovol om die open te breken omdat het natuurlijk ook heel veel geld gaat kosten. Maar er zijn ook plannen die nog veel priller in de ontwikkeling zijn. Nou, daarvan denk ik dat het goed is om met elkaar te kijken is het wenselijk en is het mogelijk om die programmering aan te passen? Dat leidt, dat snappen we heel goed, tot een tekort op de grondexploitaties. Anne Koning, gedeputeerde van de provincie Zuid-Holland, die heeft ook in haar concept bod wat zij in het kader van de landelijke afspraken aan de minister aangegeven, zegt dan vindt zij ook dat de minister daar een bijdrage aan moet leveren.

Nou, laten we dan met elkaar als gemeente, corporatie en gedeputeerde naar de minister gaan en zeggen: oke, minister, help ons dan als wij die 30 procent conform uw lijn en de lijn van de gemeente gaan realiseren.

81

De heer Oerlemans: En als we die productie willen realiseren dan moeten we dat De voorzitter: Er is een vraag, excuus. De heer Safranti. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Nou, ik wilde toch even een bevestiging hebben of ik dit goed heb begrepen. Dus het huidige college geeft aan we gaan 1200 woningen bouwen in de komende vier jaar. Vervolgens geeft u aan dat kunnen we niet realiseren want er komen 750 woningen, en vervolgens op de vraag van mijnheer Damen was is dat bruto, netto? U gaf aan dat is bruto, dus dan blijft er voor mij 450 woningen over in plaats van 1200. Klopt mijn verhaal nu? De heer Oerlemans: Kijk het college zegt dat zij 1200 woningen gaan produceren. Het college zegt niet Wij zijn niet van het college natuurlijk, maar het college zegt niet: dat is netto. Ze willen 1200 produceren, 30 procent daarvan ... Sorry nee, 4000, 30 procent daarvan sociaal, en wij zeggen wij kunnen die sociale productie leveren ook als Trivire ook daartoe de gelegenheid gaat krijgen. En ja goed, wij moeten daarvoor ook woningen en Trivire moet ook een aantal woningen voor slopen, dus daarom is het bruto en niet netto. De voorzitter: Ga je gang. De heer Wringer: Ja dank, voorzitter. De heer Oerlemans heeft het at een paar keer gezegd u mag alleen bouwen op eigen grond. Ik vind dat zo vreemd, en Trivire mag overal bouwen in Dordrecht.

Kunt u uitleggen waaronn u alleen op eigen grond mag bouwen en niet nieuwe projectontwikkelingen De heer Oerlemans: Nou, de minister heeft een paar jaar geleden gezegd en dat was mede naar aanleiding van dat ze bijvoorbeeld een cooperatie als Vestia door heel Nederland kon bouwen, en nu gaan er corporaties die hun vleugels gespreid hadden hebben ze gezegd: weet je, we maken kerngebieden en we vinden dat een corporatie haar geld vooral moet besteden in dat kerngebied. Nou, de minister heeft bepaald dat voor Woonbron het kerngebied Rotterdam is de Haaglanden, en dan nog Spijkenisse erbij zullen we maar zeggen - dat is Nissewaard - maar Dordrecht niet. Nou, we hebben daar protest op aangetekend, maar dat heeft tot nu toe weinig resultaat gehad. Dat betekent dus dat wij geen toestemming krijgen van de minister om buiten onze eigen grond te bouwen, en als we lets willen bouwen moeten we eerst slopen en dan kunnen we pas bouwen. Oke? Mevrouw Van Rood: Misschien daar nog even aanvullen. Want Trivire wil graag bouwen in de stad, wil graag gewoon een bijdrage leveren, maar ook Woonzorg Nederland is ook een partij die ook woningbezit heeft in de regio en die ook capaciteit heeft om bij te bouwen. Dus we betrekken hen ook.

En laat het helder zijn uiteindelijk gaat het over de opgave die gerealiseerd moet worden als het gaat over die 1200 woningen voor de toekomst van Dordrecht en haar inwoners, en dan is het belangrijk dat die gerealiseerd wordt. En dan vind ik het natuurlijk fijn als wij er een belangrijk deel aan leveren, maar dat is niet het belangrijkste. Het gaat over de opgave die er gerealiseerd moet worden

82

en laten we dat met elkaar doen. En als Woonzorg Nederland daar ook een deel van de capaciteit op zich kan nemen, dan is dat alleen maar prima. De heer Oerlemans: Tot slot een toelichting op het laatste zinnetje. Ja, als je woningen gaat bouwen een je gaat het ontwerpen en je loopt het hele traject door dan ben je gewoon een aantal jaren mee bezig. Dus daar waar wij als corporaties naartoe willen is dat we afspraken maken met aannemers en betaalde bouwstromen realiseren en conceptwoningen realiseren die sneller uit de fabriek kunnen komen zodat we ook snelle productie kunnen maken. Nou, dat zijn landelijke ontwikkelingen waar wij vanuit de Drechtsteden ook graag bij aan willen sluiten. En deze is van jou, Tinka. Mevrouw Van Rood: Ja, betaalbaarheid was een ander donnein waar ook onze opgaven liggen. En los van het feit dat wij dat een buitengewoon, zeker in de huidige tijd, belangrijke opgave vinden wordt het ook heel erg gestuurd door het rijksbeleid. Los van het feit dat inkomenspolitiek nog steeds aan het rijk is voorbehouden geldt dat instrumenten bijvoorbeeld als huurtoeslag - hoeveel huurtoeslag krijgt men, bij welk inkomen - is heel bepalend voor het feit in hoeverre het wonen nog steeds betaalbaar is. Passend toewijzen.

Ik heb het net ook al gezegd, de beheersing van de huurtoeslag is besloten door de minister dat mensen met een bepaald inkomen alleen maar mogen huren tot een bepaalde prijs en daarmee ook bepalen van wat dan betaalbaar voor wonen is. Eenmalige huurverlaging die vorig jaar heeft plaatsgevonden. Dat heeft geleid tot de betaalbaarheid van wonen. Huurbevriezing vorig jaar, maar ook in het regeerakkoord is opgenomen voor 2024, en een maximale huurstijging is beperkt en dat zal in 2023 echt heel veel lager zijn dan de inflatie die bijna tegen de 10 procent op dit moment is. Dus dat laat het ook in de context even zijn, we gaan er geen zuur verhaal van maken alsjeblieft niet, maar dat beperkt investeringsmogelijkheden voor een corporatie fors, maar dat neemt niet weg dat wij toch er vol voor gaan als het gaat over die betaalbaarheid. Dan ... De voorzitter: De heer Den Heijer had een vraag. De heer Den Heijer: Voorzitter, ik kan me goed voorstellen dat lijstje dat u opsomt een flink beslag legt op uw investeringscapaciteit. Tegelijkertijd is er ook een ander besluit genomen door het kabinet met de verhuurderheffing. En ja, hoe moet ik dat dan zien voorheen, want ik wil wel Kijk, volgens mij nnoeten we gewoon verstandig en goede dingen doen voor deze stad.

En is het voor u belangrijk dat u goed kunt investeren en daardoor huizen kunt bouwen die hartstikke nodig zijn, maar wat is de invloed van de verhuurderheffing daarop op die investeringscapaciteit in relatie tot het lijstje wat u net schetste? Mevrouw Van Rood: Nee, dit is een terechte opmerking. We zijn ook volop bezig in de onderhandelingen met de minister als het gaat over landelijke afspraken. Hele grate ambities. Betaalbaarheid is daar ook een hele belangrijke in am daarin te noemen. Geld dat op dit moment in de plannen is opgenonnen dat als het gaat over de doelgroep van mensen met een sociaal minimum inkomen van 120 procent dat die een eenmalige huurverlaging krijgen naar 550 euro exclusief de bijkomende kosten. Nou, dat zijn mooie maatregelen zeker als het gaat voor de mensen met dat lage inkomen. We

83

grijpen wel fors in de financiering, in de kasstromen van de corporaties. En helder is natuurlijk met mekaar dat het gaat over de annbities en de opgave die wij met elkaar willen realiseren als volkshuisvester als bijdrage in deze stad, maar dat het betaalbaar moet blijven. Niet alleen vandaag, niet alleen nnorgen, maar ook op de lange termijn. Maar daar ook zijn afspraken over gemaakt om dat te monitoren aan de voorkant, tussentijds om te kijken met mekaar waar we op uitkomen. Want het zijn weerbarstige tijden ook als het gaat over de stijging van de bouwkosten, de beschikbaarheid van materialen, dus daar moeten we met elkaar naar kijken. Dus het is terecht, dus dat moet steeds in balans zijn. En als goed rentmeester, zoals wij onszelf dan noemen, betekent dat we niet alleen voor vandaag gaan maar ook voor de lange termijn. Als laag inkomen natuurlijk het energieverbruik leidt op dit moment heel veel tot energiearmoede. Laat het ook helder zijn dat het niet alleen gaat over de energielasten maar dat het vaak een onderdeel is van al die bijkomende woonlasten die uiteindelijk maken dat mensen soms niet meer betaalbaar kunnen wonen. En dan is ook het vraagstuk, de uitkeringen, in hoeverre 'evert dat nog wel voldoende bestaanszekerheid op en is dat niet te laag? Dus dat zijn wel vraagstukken, het gaat om een veel breder aspect dan alleen die energiearmoede.

De inzet van de corporatie is ook zo snel nnogelijk geen onzuinige woningen meer. We zijn volop bezig, daar hebben we ons ook aan gecomnnitteerd, om uiterlijk in 2024 een gemiddeld label B te hebben. Voor Trivire geldt dat we dat dan dit jaar naar alle waarschijnlijkheid gaan realiseren, en die E, F en Glabels die mogen we niet meer hebben na 2028. Dus daar gaan we volop nnee aan de slag. Aandachtspunt daarbij wel zijn de monumenten in de historische binnenstad want dat is echt nog wel een uitdaging, en de VvE's. Want daar zijn wij niet de enige die het besluit nemen of we daar de energietransitie gaan vormgeven. Er zitten particuliere eigenaren die daar ook een mening over hebben. En laat helder zijn op dit moment zijn de beschikbare subsidies en de leningen voor de particuliere eigenaren echt te dun. Daar moet nog aandacht voor komen. Dus op de korte en middellange termijn inzetten op isoleren en verlagen van de energievraag, en op de korte termijn ook het realiseren van kleine maatregelen. Dat doen we ook samen met de gemeente als het gaat om energiecoaches, kijken waarin nnaatregelen getroffen kunnen worden en ook mensen bewust maken van het ander gedrag wat nodig is als het gaat over het verlagen van het energieverbruik.

De voorzitter: Er is nog een vraag. De heer Den Heijer: Ja, weer een vraag, voorzitter. Volgens mu j hebben we hier een enorme opgave te pakken. En ik vind die ambitie 2028 geen label E, F, G, is enorm. In het coalitieakkoord staat dat we dit jaar met een plan willen komen om 16.000 woningen die slechte labels aan te pakken. Ik vind dat eigenlijk ook al een forse uitdaging. En ik vraag me af, nog los van het dat het ook voor vervelende elementen in zich heeft, want laten we iedereen hier even uit de droom helpen, dan ga je dus inderdaad woningen ook slopen, want dat kan bijna niet anders als je dat voor mekaar wil krijgen. Eerste vraag is, hoe denkt u dat te gaan doen? En de tweede vraag is, het is ook soms ook lastig omdat je binnen de woonblokken ook particuliere eigenaren hebt zitten. En u kunt niet verder als die particuliere eigenaren die stappen niet kunnen of niet willen zetten. En hoe kan de gemeente daar nu het beste mee omgaan?

84

Mevrouw Van Rood: Het is een terechte opmerking. Hij komt zo meteen ook nog terug bij duurzaarnheid, maar de grootste uitdaging voor de gemeente ligt niet bij ons. Want als het gaat over gemiddeld label B Voor Trivire geldt in 2022 als het gaat over de E, F, G -labels dan realiseren we dat voor 2028. Het aandachtspunt zit bij de VvE's. Maar het gaat over die mensen die met hun beschikbare inkomen een waning hebben gekocht van anderhalf tot tweeenhalve ton en die nog wel het geld hebben gehad om die keuken te kopen maar niet am die energietransitie vorm te geven. Daar zit mijn zorg, en ik denk de gemeente met mij. Dus daar over nadenken over hoe we dat met elkaar gaan doen, daar moet de rijksoverheid ook echt mee over de brug komen. En dat gaat over subsidie en dat gaat over wet- en regelgeving, maar dat is echt een groat aandachtspunt. Nu mag jij weer. De heer Oerlemans: Ja, we hadden het er net al over wat maakt een wijk leefbaar. Natuurlijk haar bewoners, en hun leefbaarheid en veerkracht zegt iets over de mate dat een wijk een zeker absorptievernnogen heeft en weer terug kan veren op het moment dat het wat minder gaat. Nou, daar is niet alleen de mensen die daar wonen, maar het gaat ook am de uitstraling van de wijk, de woonomgeving, voorzieningenniveau. Dus alle elementen waar je als corporatie wel over mee kunt praten, maar waar je niet aan het stuur staat.

En ja, zeker waar het gaat ook over de kwetsbare bewoners dat er ook zorg geleverd wordt, want ook inclusiviteit betekent ook dat mensen die het wat moeilijk hebben of die een rugzakje hebben dat die ook wonen in Dordrecht in de wijken. Nou, als je ziet, dit kaartje van leefbaarheid laat zien waar het meest veerkrachtig is. Dat zijn de groene wijken. En dan zie je ook wel als je bijvoorbeeld kijkt in Wielwijk waar heel veel geinvesteerd is dat je daar met elkaar toch ook het verschil kunt maken. Helaas zijn er ook wat rode puntjes. Nou, hier rand SSF en rand een complex van Woonzorg. Nou, daar hebben we afspraken gemaakt met de gemeente en ook met Woonzorg am daar nauwlettender op de toewijzing te gaan letten am ervoor te zorgen dat die wijken wel veerkrachtig blijven. Oak in de Vogelbuurt zie je dat daar ook goede ontwikkelingen zijn. Dus met elkaar kunnen we ervoor zorgen dat die wijken veerkrachtig warden en blijven. Dan de huisvesting van kwetsbare groepen. Ja, daar zijn corporaties ooit in het verleden voor opgericht in 1901, zorgen dat je waning hebt voor mensen die het echt nodig hebben. Nou, daar staan we ook voor. De opgaves zijn er ook voor. Maar dat betekent wel dat er afspraken gemaakt moeten warden over de begeleiding.

Je merkt wel dat er een zekere uitstroom vanuit instellingen naar wijken dat dan niet altijd gegarandeerd zorg geleverd gaat warden en dat heeft ook vaak met personeelsproblemen te maken, maar het kan ook financiele problemen zijn dat een instelling die zorg niet kan leveren. Nou, dat is dan kwetsbaar. Dan gaat de veerkracht er zeker niet op vooruit bij wijken, dus we moeten daar wel goede afspraken over maken. Dus onze stelling is dan ook als er geen zorg geleverd wordt bij die waning dan gaan we geen waning leveren. We willen echt die garantie dat het goed gaat, want dat is goed voor de bewoners zelf maar ook voor de buren die ernaast wonen, zal ik maar zeggen. Ja, wat wel is je kunt alle urgenties krijgen in het woonkeussysteem, en ongeveer een derde, dus een op de drie woningen, die gaat op dit moment naar een urgente woningzoekende. Dat kan iemand zijn die vanuit een instelling komt, maar het kan natuurlijk ook zijn als het een instantie is een kandidaat of iemand die met een nnedische indicatie heeft, maar het zijn natuurlijk ook mensen die vanuit landen komen waar oorlogen zijn en die status hebben

85

gekregen. Dus ja, dat is natuurlijk ook een politieke keuze van vind je dat veel of weinig, den op de due woningen? Dat moeten we met elkaar bepalen, want ja hoe nneer woningen naar urgenten gaan hoe minder woningen je overhoudt voor reguliere woningzoekenden. De heer Den Heijer: Voorzitter? De voorzitter: De heer Den Heijer. De heer Den Heijer: U legt nadrukkelijk voor dat het een politieke keuze is, maar ik kan me toch zonnaar voorstellen dat u daar zelf een opvatting ook over heeft. En wat zou uw advies dan op zijn? Is een op de drie een eerlijke verdeling op dit moment? De heer Oerlemans: Ik vind het een eerlijke verdeling, maar je moet het wel in de gaten houden. Ik vind het een eerlijke verdeling. De heer Damen: Ja, volgens nnij hebben we helemaal geen keuze. Je kunt nnoeilijk die mensen van de brug afgooien, dus je moet die mensen huisvesten als ze op een gegeven moment in staat zijn al of niet met zorg, zelfstandig te wonen? De heer Oerlemans: Nee dat klopt, maar je kunt wel in het aantal redenen waarop mensen urgentie kunnen krijgen daarin sturen. En dat zijn nu heel veel redenen, en daar kun je insturen. De heer Damen: Maar dat leidt van geen kant tot een afname van kwetsbare bewoners. Dat betekent hooguit dat een aantal kwetsbare bewoners niet aan zelfstandige woonruinnte kan konnen. Mij lijkt het een veel zinvollere weg om gestippeld te bouwen.

Spreid de sociale woningbouw echt door alle wijken, door alle connplexen, door alle De voorzitter: Dat vind ik wel interessant, maar daar moet ik ingrijpen. Het is een politieke stellingname en op dit moment hebben we het daar niet over ... De heer Oerlemans: Nou, laat helder zijn, wij gaan voor gedifferentieerde wijken en voor inclusieve wijken, dus dat betekent ook dat mensen die een rugzakje hebben dat die daar ook terecht komen. Maar waar je met elkaar een balans in moet vinden is dat je ook de reguliere woningzoekenden, wat ik daarstraks al liet zien zijn het wel ook veel jongeren, dat je die ook kansen moet bieden op de woningnnarkt. En ja, dat is natuurlijk een evenwicht wat je moet zoeken met elkaar. Mevrouw Van Rood: Ja, ik noemde net al eventjes nog een ander werkveld waar onze opgave is er natuurlijk in de laatste jaren bijgekomen als het gaat over de energietransitie. De corporaties zijn de startmotor. In het Klimaatakkoord zijn de corporaties als startmotor aangewezen en we hebben ook die rol op ons genomen, en we investeren heel veel nniljoenen als het gaat over de isolatie en zorgen dat de woningen aangesloten worden op het warmtenet of van het gas af gaan. We hebben geen aandelen in HVC, maar ik wil het toch opnennen voor HVC in die zin dat ze een redelijke, hun prijs voor hun tarief, dat is echt een redelijk tarief. Er zijn ruimtes binnen

86

de bandbreedte die ACM ook hanteert en daar zitten zij aan de onderkant. En de prijzen zijn nog wel van HVC gestegen als gevolg van de koppeling van de warmteprijs aan de gasprijs, en dat doet pijn. En in de nieuwe Warmtewet die eraan zit te komen wordt dat ontkoppeld, maar wat ons betreft moet dat veel sneller ontkoppeld worden en dat dat niet meegroeit met mekaar, want de gasprijzen zijn natuurlijk the sky is the limit. Dus voor die partijen die landelijk georienteerd zijn en vertegenwoordigers in Den Haag: lobby alsjeblieft om te zorgen dat die ontkoppeling zo snel mogelijk van toepassing wordt. Ik noemde net al even meekrijgen van die particulieren eigenaren hebben de uitrol van de energietransitie in wijken en buurten. Dat is echt een enorme opgave en daar moet echt ook om te zorgen dat die warmtetransitie daadwerkelijk slaagt. En dat is ook echt nog een opgave voor rijk en gemeenten omdat de investering die er nu min of meer van toepassing is, tussen 10 en 20.000 euro, gewoon voor een gemiddelde particulier eigenlijk te hoog is. Niet voor de mensen die een hele dikke portemonnee hebben, maar wel voor de mensen die dat aan de onderkant zitten van ...

De voorzitter: Er is een vraag door de heer De Heer. De heer De Heer: Voorzitter, dank u wel. In de sessie met HVC laatst begrepen we juist dat het deel particulieren eigenaren die nodig is voor succes en voor ook een goed rendement in de toekomst eigenlijk heel beperkt is, terwiji ik hier het idee krijg dat het essentieel is juist voor het slagen van de warmtetransitie. Mevrouw Van Rood: Nou ja, uiteindelijk wil je dat iedereen van het gas af gaat. Dus als je kijkt naar de Warmte Transitievisie die is opgesteld is het grootste gedeelte van alle wijken en buurten gaan op het warmtenet. En ik snap wel wat HVC aangeeft, namelijk Wij zijn ook gestart. We hebben subsidie gekregen voor 6000 woningen om tot en met 2025 die 6000 woningen regio breed op het warmtenet aan te sluiten om te zorgen dat er basis is voor de business case van HVC en dat ze daarmee door kunnen, want ze moeten ongelofelijke investeringen doen en daarvoor hebben ze de corporaties nodig. En zeker ook in een gemeente als Dordrecht waar de bebouwing dicht op mekaar staat, waar relatief meer hoogbouw is dan in andere gemeentes kan je het met elkaar sneller realiseren. Maar uiteindelijk nnoeten die particulieren ook mee. En in sommige wijken geldt dat je gaat voor all electric of andere voorzieningen, maar het grootste gedeelte in de regio is het warmtenet.

De heer Oerlemans: Want die meneer vroeg: klopt het artikel? Nou, dat artikel klopt niet, want onze naam had daar niet bij mogen staan. Het is zo dat Trivire en een aantal andere collega-corporaties hebben die subsidie aangevraagd. Het is niet zo Woonbron niets doet met de restwarmte, want alle nieuwbouw die wordt aangesloten op restwarmte en ook De Klockelaer en de Short Stay Facility die wordt konnende jaren aangesloten win het restwarnntenet, maar dat gaat onder contract wat er al was. Dus we hebben in 2012 heeft Woonbron en ook Trivire voor deels voor de bestaande bouw en voor de nieuwbouw een contract afgesloten met HVC, en dat contract loopt nog. En dat betekent dat wij als we — hoe heet dat - de twee complexen die ik net noemde, heb aangesloten dan is 25 procent van het woningbezit van Woonbron is aangesloten op het restwarmtenet.

87

De heer De Vries: Ik ben heel blij met uw antwoord, want ik denk dat het bijkomende voordeel ook is dat dan de plantsoenen als die leidingen er gelegd worden naar De Klockelaer dat het voor de private woningbezitters goedkoper zal worden om aangesloten te worden op het net. De heer Oerlemans: Ja, dat hopen wij ook, maar nu zijn de aansluitkosten enorm. De heer De Vries: Ja, hier zijn de aansluitkosten nog schrikbarend hoog. Dank u wet. Mevrouw Van Rood: En als laatste ook nog het ... Maak van de warmtetransitie geen technische opgave. Het is natuurlijk een hele ingrijpende technische opgave, maar wij komen bij iedereen achter de voordeur. En dat geldt ook bij de particulieren, en dan kan je zien wat er aan de hand is of er eventueel vereenzaming is of dat mensen sociale problemen of anderszins hebben op die manier met elkaar de handen ineenslaan. En er ligt ook een rol voor de gemeente om te kijken wat mensen nodig hebben om het !even, het wonen naar die energietransitie beter te maken. Dezelfde. Ja.

Als het gaat over duurzaannheid is het natuurlijk meer dan alleen de energierekening en de energietransitie, want ook hierin geldt dat circulair bouwen natuurlijk steeds meer nadrukkelijker aan de orde is, want al was het maar vanwege de beschikbaarheid van bouwmaterialen, maar ook als het gaat over de impact die bouwen heeft op de planeet en de CO2-uitstoot is buitengewoon belangrijk om met elkaar te kijken op welke manier je meer circulair kan bouwen dan dat we dat op dit moment aan het doen zijn. We zijn al circulair aan het slopen. We zijn al heel veel plekken zien we dat als hergebruik van grondstoffen, en zorgen we dat we dat in de nieuwbouw of renovatiewoningen weer gebruiken. En als laatste, groen en blauw zijn belangrijk. Groen, de natuur. Blauw, als het gaat over water. Investeren in de woonomgeving is niet alleen belangrijk als het gaat over dat in een groene omgeving mensen gezonder zijn mensen, mensen mogelijkheden hebben om ontmoetingen te realiseren, maar ook voor hittestress. En ook daar geldt dat we ... Recent hebben we Patersweg een nieuwbouwcomplex opgeleverd. Er zaten groene daken op de bergingen. De eerste stap, er moeten nog vele stappen gezet worden, maar ook daar kunnen we de handen ineenslaan om daar de goede dingen te doen voor de wijken en de buurten en de bewoners die daar wonen. De voorzitter: De heer De Heer.

De heer De Heer: Ja, ik had toch nog een vraag, een nieuwsgierigheid over dat circulair bouwen wat prachtig is natuurlijk als materialen worden hergebruikt. Aan de ene kant begrijp ik ook juist dat dat ook soms voor vertraging kan zorgen, omdat het daardoor langer duurt omdat materialen moeten worden gesorteerd et cetera. En dat het aan de andere kant ook voor een versnelling kan zorgen omdat er materialen kunnen worden hergebruikt. Is dat een bepaalde balans of wat onderaan de streep levert dat op in tijd? Mevrouw Van Rood: Ja, ik denk dat dat een ontwikkeling is waar we niet voor weg kunnen gaan lopen, al was het maar simpelweg omdat bouwmaterialen minder beschikbaar zijn. We zijn ons op dit moment ook aan het orienteren bijvoorbeeld in plaats van beton hout te gaan gebruiken. Slaat CO2 op, is ook in Europa gewoon beschikbaar, niet alleen in OekraIne en Rusland. Maar goed, op die manier probeer je

88

wel met mekaar stappen te maken. En het ingewikkelde is het is nieuw voor ons het is voor heel veel corporaties nieuw, en laten we leren van mekaar, laten we mekaar ook daarin meenemen. Het vraagt ook nog wel wat van de gemeente, want sommige uitgangspunten in het Bouwbesluit zijn helemaal niet ingericht op circulair bouwen, dus daar beetje moet je soms ook stretchen, ook nieuwe dingen met mekaar doen en ontdekken. Maar het is wel de weg. Het is wel de weg naar de toekomst, maar dat zal in sommige gevallen betekenen dat het lets langer duurt, maar laten we kijken met mekaar hoe we toch die kant op bewegen. En in sommige gevallen ga je ook modulair bijvoorbeeld, is ook een van de oplossingen die we toepassen. Er zijn ook locaties waar we bezig zijn - Leerpark is daar een van - dus dat je op die manier weer versnelling kan maken en op andere plekken misschien net iets meer tijd neemt om te kijken naar circulaire mogelijkheden. De voorzitter: De heer Van Ballegooijen had een vraag. De heer Van Ballegooijen: Ja, hierop inhakend. U noemt dat het vertragend kan werken. Ik kan me ook voorstellen dat er uiteraard extra kosten gemaakt worden. Drukt dat dan ook op die investeringscapaciteit die u heeft, en daarmee ook op de ambities die er zijn? Mevrouw Van Rood: Daar stelt u mijn gewetensvraag. Kijk, als je kijkt naar onze exploitatiennodellen gaan we uit van 50 jaar.

Als je uitgaat van circulair dan zou je kunnen zeggen we slopen nooit meer, want dat zijn de toekomstige grondstoffen voor nieuwbouw. Dus je moet heel anders gaan denken, je moet heel anders gaan rekenen, maar de initiele investering zal hoger zijn. Maar ook daarin vraagt het voor ons weer om te stretchen om te kijken in welke manier je met andere exploitatiemodellen moet gaan werken. En nou ja, wat dat dan gaat ook daarvan zeg ik: we !open daar niet voor weg. Het is spannend, maar we gaan de uitdaging aan. En dan zijn we ook aan de laatste slide. Dus er zijn vele opgaven die we met elkaar moeten realiseren. Wij willen graag heel graag met u aan de slag om de schouders eronder te zetten naar de toekonnst van deze stad. De voorzitter: Nou, in ieder geval dank. Ik kijk nog eventjes, ook naar de comnnissie of er nog dringende vragen zijn richting Ik moet even rond gaan kijken weer. De heer Hartmeijer. Ja, dan gaat het goed. U had nog een vraag. Gaat uw gang. De heer Hartmeijer: Ja, dank u. Ik had nog even een vraag over isolatie.

Kunnen wij ervan uitgaan dat de huizen die de meeste isolatie nodig hebben dat er daarmee gestart wordt, dus dat je van slechter naar beter geIsoleerd gaat? Mevrouw Van Rood: Nou, dat is een mooie vraag die u stelt, want in een heel groot gedeelte van de energietransitie die was vormgegeven op basis van een x aantal planningen, de planning van HVC, wanneer komt zij ergens aan in een wijk dat zij zeggen: nou, dan zou ik graag die complexe willen doen. Onze eigen renovatieplanningen was er over. De planningen van wanneer gaat die grond open, wanneer moeten eventuele rioleringen of anderszins opengaan zodat je die planningen over mekaar heen legt. En toen kwamen natuurlijk de E, F, en G -labels en de enorme stijgende energieprijzen. En dat maakt dat we weer opnieuw naar die planningen aan

89

het kijken zijn om te zeggen: zitten dan die complexen, waarvan er veel energieverbruik zit, die dan ook in de huidige planningen of moeten we de boel omgooien en met mekaar het gesprek aangaan dat we er toch opnieuw naar gaan kijken. Want het is natuurlijk toch dat je die woningen die het slechts zijn graag het eerst wil aanpakken. De heer Hartmeijer: En ligt het ook in de lijn van verwachtingen dat je op een gegeven moment tegen de bewoners van vrij oude huurwoningen ook moet zeggen: uw label is zo slecht of de kosten zijn zo hoog, eigenlijk is het beter om deze woning gewoon te slopen er wat nieuws te bouwen. Maar dan moet je natuurlijk wel eerlijk comnnuniceren naar de bewoners dat ze niet denken er komt een renovatieproject aan terwijI de woningen eigenlijk niet meer te redden zijn. Mevrouw Van Rood: Ja, het grappige is dat wij hebben Charlotte de Bourbonstraat, dat is gesloopt en dan gaan we nieuwbouwen en daar zijn we ook het gesprek ... Want we wisten niet zeker hoe slecht de woningen waren. Toen zijn we ook het gesprek aangegaan met de bewoners, hebben we iedere huishouden individueel uitgenodigd en zijn we het gesprek aangegaan. Om die verhalen van ik zit ergens, ik ben 90 en ik heb hier mijn hele leven gewoond, om die verhalen ook mee te nemen.

Uiteindelijk zeiden de mensen ook: wij snappen dat die woningen misschien gesloopt moeten worden, maar ik wil hier niet weg. Weet je, dus dat verhaal als je mensen serieus neemt en daadwerkelijk vraagt hoe woont u hier nu, dan snappen ze heel goed op een gegeven moment dat die woning op is. En je moet met mekaar altijd kijken wat zijn de mogelijkheden om nog te investeren om te renoveren versus wat ga je slopen. En dat is een lastige afweging, want je sloopt iemands thuis. Dus dat is echt heel heftig. Maar goed, daar goed het gesprek over gaat en die goede afweging gemaakt, en er zitten heel veel aspecten in waar je de bewoners heel goed in mee kan nemen. De voorzitter: Hier nog een vraag. De heer Damen: Ja, het is jammer dat Woonbron alleen op eigen grond mag bouwen, want dat !evert ook een voortdurende concentratie op van sociale woningbouw. Het maakt spreiding van sociale woningbouw over andere wijken minder makkelijk. Is er ooit bij Woonbron overwogen om Woonbron-Dordrecht gewoon af te splitsen en tot een zelfstandige corporatie te maken, want dat zou het probleem oplossen. De heer Oerlennans: Het is een creatief idee, maar ik geloof niet dat onze bestuurders daar naartoe gaan. Maar het is wel zo, kijk, we maken wel afspraken met de gemeente over differentiatie. Bijvoorbeeld de Colijnstraat en omstreken dat is een beruchte straat geweest zal ik maar zeggen.

Daar hebben we gezegd daar gaan we zoveel woningen slopen omdat het niet goed gaat met die straat, en daar bouwen we andere type terug of laten we door een projectontwikkelaar andere type woningen terugbouwen. Dus we gaan juist vanuit die kaart van die gedifferentieerde wijken kijken we heel goed wat is nodig voor de wijk en hoe kunnen we dat dan realiseren. Als we het zelf kunnen doen, dan doe het zelf en anders doet een projectontwikkelaar dat. De heer Damen: Maar u kunt nu terecht in nieuwbouwwijken waar u nog geen bezit heeft, en waar nu vooral veel koopwoningen staan?

90

De heer Oerlemans: Ja, dat klopt. Dus daaronn kijken we naar ons eigen bezit hoe dat gedifferentieerd is, en daar kijken we hoe kunnen we die differentiatie aanbrengen. Bijvoorbeeld in Wielwijk hebben we in overleg met de gemeente Heijmans bereid gevonden om daar marktwoningen neer te zetten. En dat draagt bij tot differentiatie. De voorzitter: De heer Wringer nog een vraag. De heer Wringer: Ja, dank voorzitter. U noemde al Charlotte de Bourbonstraat. De inrichting van de openbare ruimtes zijn vaak een sluitstuk op de begroting. Vaak is er dan geen geld meer. Hoe kijken de woningbouwcorporaties daartegenaan, want dat moet natuurlijk wel een connpleet verhaal zijn, huis plus omgeving? Mevrouw Van Rood: Ja, ben ik helemaal met u eens. Sterker nog, ik heb bij herhaling ook intern gevraagd want op het plaatje zag het er heel mooi uit, ook het binnenterrein was heel groen. Dus ik zeg gaat dat groen er wel komen, omdat vanwege hittestress, vanwege die groene omgeving dat mensen daar gezonder inleven, dat het ongelooflijk belangrijk is om meer aandacht te hebben voor die woonomgeving dan dat we in sommige gevallen in het verleden hebben gedaan. En ook daar geldt dat het niet alleen vanuit de corporatie is, maar ook in gezamenlijkheid met de gemeente. Maar dat is echt ... Om een heel concreet voorbeeld te noemen.

In het verleden al hele grote bomen in woningen stonden in de tuin, dan was het eigenlijk vaak zo dat de bomen gekapt werden als de woning leegkwann. Nu gaan we met mekaar het gesprek aan: misschien moet die boom wel blijven staan vanwege de hittestress. Dus met mekaar dan zie je dat er een ontwikkeling is, dat er nieuwe inzichten zijn en dat het gewoon belangrijk is om daar aandacht voor te hebben. De heer Oerlemans: Een goed voorbeeld is wel in de Vogelbuurt. Daar zijn we samen met de gemeente aan het kijken of we daar tussen die blokken ook groen maar ook speelgelegenheden kunnen realiseren, ontmoetingen kunnen stimuleren. En in de Vogelbuurt hebben we ook heel veel gedaan aan waterberging. Er zitten onder de tuinen allerlei opslagnnogelijkheden zodat het water wordt vastgehouden totdat het uiteindelijk naar het riool wordt afgevoerd, dus daar zijn wij met mevrouw Kelder van de gemeente mooie plannen aan het maken. De voorzitter: De heer Van Ballegooijen had nog een vraag. De heer Van Ballegooijen: Ja, enigszins aansluitend aan de vraag over openbare ruimte. Wij kregen steeds regelmatig signalen binnen over verronnmeling rondom sociale huurwoningen. Eigenlijk drie vragen daarover. Een, herkent u dat? Twee, is er lets als een huishoudelijk reglement? En drie, zo ja, wordt daarop gehandhaafd? De heer Oerlemans: Ja, er zijn huishoudelijke reglementen.

Trivire en Woonbron hebben complexbeheerders rondlopen die mensen aanspreken. Wat je wel ziet is dat vaak grofvuil bij die ondergrondse containers wordt gezet. En wat dat betreft vinden wij het jammer dat het op laten halen van grofvuil daar kosten aan verbonden zijn die de mensen met smalle beurzen vaak niet kunnen betalen, en ze hebben dan ook niet vaak een auto om naar de vuilstort te brengen. Wat we daarentegen wel met mekaar aan het

91

organiseren zijn de zogenaamde containerdagen met een grote container in de wijken, dan is het binnen een paar minuten altijd vol. Dat is ook wel verbazingwekkend.

De voorzitter: De heer De Vries had ook nog een vraag. De heer De Vries: Ja dank u wel, voorzitter. Heeft Woonbron ook al concrete plannen over de differentiatie in de Colijnstraat? Dat de geschiedenis zich niet gaat herhalen? De heer Oerlemans: We zijn in gesprek met de gemeente, en dat gaat met name over de Colijnstraat, want de Frank van der Goesstraat en de W.H. Vliegenstraat daar komen appartennenten, deels ook sociaal. En we zijn nu in gesprek met de gemeente of daar eengezinswoningen terugkomen in de Colijnstraat of marktappartementen. De heer De Vries: Oke, dank u wel. De voorzitter: Ik kijk even rond. Ik neem aan dat iedereen dit een heel erg interessant onderwerp vindt wat de komende jaren nog veel zal terugkomen. Volgens de griffier moest ik u ook nog wijzen op een wethouder die in mijn rug zat, maar ik weet niet precies wat daar Aileen, hij is er. Er is een wethouder aanwezig. Altijd fijn. Ik wit even rondkijken wat de commissie vindt met betrekking tot dit soort sessies. En ik nnag persoonlijk zeggen dat ik dit zeer interessant vind om ook vanuit de corporaties toch periodiek af en toe een dergelijke sessie te hebben om te kijken wat de stand van zaken is.

En ik weet niet of de commissie of een voorstel heeft binnen welke termijn op jaarbasis of om de twee jaar om toch een keer dan Woonbron en Trivire lief aan te kijken of ze dan toch nog een keer even willen vertellen wat de stand van zaken is. Ja, het is aan u. Ik bedoel, ik stel de vragen, en u mag antwoorden, dus. De heer De Vries: 0, sorry. Voorzitter, ik denk dat dat zeer interessant zou zijn dat als we dan horen dat het aantal woningen dat dat netto eigenlijk maar 450 is dan is het toch wel leuk als we het zouden kunnen volgen wat de werkelijke hoeveelheid gaat word en. De voorzitter: Ik bedoel cijfers zijn altijd interessant, en zeker netto cijfers, maar dan is de volgende vraag wanneer binnen welke termijn u dan inderdaad dit nog een keer gepresenteerd wil hebben. Dan kijk ik naar de heer De Boer misschien. De heer De Boer: Dank u, voorzitter. Ik doe een voorschot: een keer per jaar? De voorzitter: De heer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: leder jaar,, ja. Voorzitter, ik denk in zijn algemeenheid zou een keer per jaar best aardig zijn. Tegelijkertijd hoorde ik net toch at de opnnerking vanuit onze gasten dat er in onze plannen nog wel ruimte zit om het wat op te plussen. Want iedereen doet zo somber, maar ik hoorde vooral: er is ruinnte voor 750, maar het kan nneer als wij als genneenteraad andere besluiten gaan nemen.

Nou, dat gaat wel over het zomerreces heen, maar dat zou ik toch dit jaar nog wel een keer op de agenda willen hebben vanwaar dan die mogelijkheden liggen, en waar we dat kunnen doen.

92

De voorzitter: De heer Safranti. De heer Safranti: Ik sluit me aan bij mijnheer De Kruijff. De voorzitter: Ja, u zit daar aan het stuur zoals u weet, en het is ook kan u inderdaad om te bepalen wat u hiermee wil. En ik stel dan vast ook richting de griffie dat in ieder geval de wens is om toch een keer per jaar een dergelijke bijeenkomst te willen, en ik neem aan dat de woningcorporaties dat ook wel zien zitten als ik iedereen daar zie knikken. Mevrouw Van Rood: Nee, super. Wij zouden het heel fijn vinden. Ik bedoel, heel fijn dat we zo lang de tijd hadden om hierbij met mekaar stil te staan en de vragen te kunnen beantwoorden en onze toelichting te geven. Maar er is zoveel over te vertellen, want de vele velden die er zijn hebben we nog maar aangeraakt. Dus wat dat aangaat is het ieder onderwerp op zich kan je een avond opvullen. Dus wat ons betreft hartstikke nnooi als we hier een vervolg aan kunnen geven, en een keer per jaar lijkt me een mooie frequentie. De voorzitter: Mevrouw Kruger had nog een tip. Mevrouw Kruger: Nee, ik wou even aanvullen wat de heer Van der Kruijff ook aangaf, dus een keer per jaar is nnooi. Hartelijk dank voor alles, en ik ben zeer benieuwd wat er nog meer gaat komen. Ik kan wel een aantal dingen bedenken, maar vooral die aanvulling dat wij zelf in de actie schieten wat is er allemaal nog meer mogelijk.

De voorzitter: Ja, ik denk dat dat inderdaad wel misschien een goede conclusie is om te kijken wat we kunnen doen om hier meer sturing op te gaan geven ook richting het college. Ik kijk nog eventjes rond. Ik kijk ook naar de griffie. Ik denk dat dit het was. Ik wit in ieder geval de mensen van de woningcorporaties hartelijk danken voor deze bijeenkomst. En ik moet voor de griffie nog even wijzen op met name deel een van het woononderzoek van de rekenkamercommissie over de beschikbaarheid waar toch ook nog allerlei interessante info te vinden is, en dan dank ik u hartelijk, en dan wens ik u een prettige avond.

3. Vaststellen jaarstukken 2021 - Raadsvoorstel Voorzitter: mevr. Vol -van der Hoist Commissiegriffier: dhr. Vullings Verslag: NotuBiz

De voorzitter: Oke, Welkom allemaal. Ik ga maar gewoon beginnen, want het is half tien geweest. Het is vandaag een oordeelsvornnende vergadering. Ik ben Danielle Vol -van der Hoist en ik mag het voorzitten. Even kijken, hoor. Eerst ga ik natuurlijk de mensen thuis even welkom heten, die kunnen nneekijken. Dan gaan we even de publieke tribune ... Die is niet heel gevuld, maar de mensen die er zitten, welkom. En de aanwezige

93

raads- en connmissieleden. Als jullie jezelf even willen voorstellen, heel graag. En ik begin even bij de griffie. Ik zie van de VVD zijn twee mensen aanwezig, en de afspraak bij Nou, het is at geregeld. Oke. Ik weet wie de woordvoering doet. Heel fijn. De jaarstukken worden jaarlijks besproken en vastgesteld door de gemeenteraad. De raad heeft de afgelopen periode de mogelijkheid gehad om technische vragen te stellen. De beantwoording is vorige week gekomen en ook toegevoegd aan de stukken. De jaarstukken zijn in technische zin vorige week besproken in de auditcommissie waar ook de accountant aanwezig was, en ik zag haar net ook daar zitten, om een toelichting te geven en vragen te beantwoorden. Dus we gaan maar beginnen. De eerste ronde die we gaan doen is de eerste termijn, en ik wit voorstellen dat we geen interrupties gaan doen, dus dat iedere partij kennisgeeft van zijn standpunt. Ik ga denk ik bij mevrouw Nieuwland beginnen. Mevrouw Nieuwland-van den Bosse: Ja, dank u wet, mevrouw de voorzitter. Nou, allereerst wit ik graag ook de ambtelijke ondersteuning bedanken voor de antwoorden op de technische vragen. Kijk, vorige week in de auditcommissie hadden wij inderdaad zoiets het lijkt me goed om na een auditvormende vergadering te gaan omdat de antwoorden op de technische vragen nog niet binnen waren, maar volgens mij volledig naar tevredenheid beantwoord.

Persoonlijk was ik vooral blij Ik had een vraag gesteld nog over de toename in het aantal mensen met een inkomen tot 110 procent van het sociaal minimum. Ik schrok daar best van want het was behoorlijk gestegen, maar gelukkig bleek het een typo. Maar alsnog, het was geen 21 procent maar 12 procent. Maar ook 12 op de 100 mensen is alsnog verschrikkelijk veel, dus volgens mij staan we als stad voor grote uitdagingen nog. Ik was wet even benieuwd nog, nnisschien dus nog een vraag. Kijk, wat je natuurlijk ziet is dat je heel veel programma's ziet, dingen waar we mee aan de slag moet worden gegaan om ook de doelstellingen te behalen. Nu ben ik wet benieuwd of daar ook bijvoorbeeld evaluaties op plaatsvinden of alle dingen die we doen of die ook daadwerkelijk bijdragen aan die doelstellingen? Nou, ik wit daarin ook vooral de ambtenaren oproepen om ook de kritische geluiden die zij nog wet eens hebben ook vooral door te geven, want soms is het natuurlijk ook een soort mooi plannetjes die we hebben terwijI ze eigenlijk in werkelijkheid niet doen wat we misschien graag willen dat ze zouden doen. Dus ik hoop ook dat in de jaarstukken dat dat soort kritische geluiden ook gehoord worden, zodat we kunnen leren en ook dingen aan kunnen passen. En daar wit ik het graag bij laten. De voorzitter: Dank u wet. Dan ga ik naar de heer in 't Veld van de VSP.

De heer In 't Veld: Ook namens de VSP dank aan de ambtelijke organisatie. Het is eigenlijk weer een hels karwei zeg maar om het op tijd rond te krijgen. En bij de behandeling in de auditcommissie en de beantwoording van de schriftelijke vragen zijn voor ons in ieder geval de belangrijkste punten zijn wat ons betreft wet behandeld. le kunt je over elke indicator die erin staat op gegeven moment je iets van afvragen is het alleen maar zo of moet het iets meer of iets minder zijn. Nou ja, dat is wat ons betreft niet het allerbelangrijkste. Wij hebben wet een vraag met betrekking tot het accountantsverslag, en dan niet zozeer op de inhoud, op de technische kant, maar er worden daar een aantal aandachtspunten en soms zelfs zorgpunten vermeld. En dan ben

94

ik met name benieuwd naar de reactie van het college van hoe wordt omgegaan met die zorgpunten, met die aandachtspunten. En dan niet oke, we hebben er kennis van genomen, we omschreven het en we gaan er wat mee doen. Ik heb namelijk ... Sorry voor die tekst, Peter. Ik heb namelijk wet een aantal Ik kan ze straks wet benoemen, maar dan wet ook met een mijlpaal erbij, een deadline, zodat we daar ook de monitoring kunnen doen. En dat ontbreekt naar onze mening op dit moment nog even aan het geheel. Dank u.

De voorzitter: Oke, dank u wet. Dan ga ik naar de heer Van Dam Timmers van het CDA. De heer Van Dam Timmers: Ja, dank, voorzitter. Dank inderdaad ook aan de wethouder en alle ambtenaren die hieraan gewerkt hebben, en aan de mooie overzichten die hier tot ons gekomen. Dordrecht staat er goed voor. Er zijn natuurlijk altijd wet zorgen voor de toekomst, maar het is goed om dit allemaal te lezen en ook deze beantwoording op de vragen mee te krijgen. Ons viel nog wet op ook in coronajaar 2021 is er weer fors geld overgebleven ten opzichte van de begroting, en eigenlijk is dat natuurlijk at jaren de situatie. Dan kun je natuurlijk heel veel verklaringen voor vinden, maar blijkbaar slagen we er nog niet in om dingen die we hebben begroot om die op die nnanier ook uit te geven. Wellicht dat sommige taken dan niet zijn uitgevoerd. We zien eigenlijk in dat Dordrecht er goed voorstaat en dat we righting de toekomst dat we die eigenlijk met vertrouwen tegemoetzien, en we zijn dus ook blij wat we hier hebben kunnen lezen. Dank. De voorzitter: Dank u wet. Dat ga ik naar de heer Kolkilig van DENK. De heer Kolkilig: Dank, voorzitter. Er is vorige week heel veel gevraagd en ook heel veel beantwoord. Als fractie hebben we wet wat punten over de accountantsverklaring.

Bij aandachtspunten geven ze aan dat frauderisicobeheersing meer maatschappelijke aandacht krijgt, en zij verzoeken zelf vanaf 2022 pas dit op te nemen in hun controleverklaring, en dat vinden wij dan heel kort door de bocht. Jammer dat de investeringskredieten worden overschreden. Het is natuurlijk mooi dat het resultaat hoger was in 2021 dan begroot. Nou, tot nu toe waren dit eigenlijk die punten die ik wilde meegeven. De voorzitter: Dank u wet. Dan gaan we naar de heer Wringer van Beter voor Dordt. De heer Wringer: Ja, dank voorzitter. Dank aan de heer Besseling en iedereen die de jaarstukken heeft opgesteld. Het is een flink document. Ik maakte de fout om de PDF naar de printer te sturen, en 370 pagina's later had ik het document in handen. De programnna verantwoordelijkheid bestaat wederom uit een grote hoeveelheid groene vinkjes, en wat niet groen is wordt meestal veroorzaakt door de coronapandemie. We hebben het at vaak over gehad in de auditcommissie om dit aan te passen aan een meer realistisch beeld van wat er bereikt is of niet bereid is. Nou, dat gaat gebeuren in de toekomst, dat is mooi. Het financiele beeld van Dordrecht is uitstekend gezien de financiele positie vergeleken met gemiddeld in Nederland. Wel zien we een grote afwijking tussen de begroting en de jaarrekening 2021. Het positieve resultaat wordt behaald uit de onttrekking van de algemene reserves.

Dat kan natuurlijk een keer

95

gebeuren, maar moet niet te vaak voorkomen anders eten wij onze eigen reserves op, en dat is niet goed voor de stad Dordrecht. We vinden het wel jammer dat de lokale lasten toch duidelijk meer zijn gestegen dan de inflatie in 2021, die stond op 2,7 procent. Eigenaren betalen 4,2 procent meer, huurders 4,9 procent. Aan de andere kant is deze stijging gemiddeld lager dan in Nederland, want onze belastingdruk is gezakt van 95 naar 94 procent. We maken ons wel zorgen over de begroting 2023 gezien de huidige inflatie, de onzekerheid in de baten en lasten, en alle onzekerheden die zich in de wereld afspelen. Nou, ik ben er bijna. Ondanks het weerstandsvermogen en ratio een momentopname is op 31 december '21 was het 2,8. Nou, als we deze terugbrengen naar 1.0 zien wij ruimte om te kunnen investeren in onze stad. Wij vinden dat er nog veel meer mag worden geinvesteerd in onze stad om deze naar een hoger en welvaartsniveau te brengen op de sociaaleconomische ladder, want die moet echt stijgen. We staan op plaats 7 om de meest leuke stad om in te wonen. Volgens mij staan we op plaats 44 op de sociaaleconomische ladder, dus dat kan beter. Beter voor Dordt is trots dat we in een financieel gezonde stad wonen. Jammer is wel dat er ondanks dat Dordrecht de tweede rijkste gemeente van het land is, we maar moeilijk een sluitende jaarrekening kunnen vaststellen.

Gelukkig hebben we de reserves nog. Als laatste kunnen we instemmen met het raadsvoorstel. Dank u wel, voorzitter.

De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Venderbos-Lambinon van Partij voor de Dieren. De heer Venderbos-Lambinon: Ja, ook Partij voor de Dieren heel veel dank aan de ambtenaren die deze stukken voor elkaar gekregen hebben. Ook wij zijn heel blij dat Dordrecht er financieel gewoon heel goed voorstaat. En ja, er is heel veel gezegd door de andere partij aan de overkant. Ook dank voor de beantwoording van de vragen. Aileen op een vraag hebben wij wel een reactie, en de vraag is nu of straks die reactie geven? De voorzitter: Reacties mogen straks, maar u mag wel de vraag stellen. De heer Venderbos-Lambinon: Het gaat met name om vraag 23 van de technische vragen waarin wij de vraag gesteld hebben groei en ruimtelijk Dordrecht welk budget is uitgegeven aan dierenwelzijn en welke activiteiten zijn daarmee ondernomen. En het antwoord van de wethouder vinden wij nogal redelijk vaag, en ik wil daar graag straks even terugkomen. De voorzitter: Duidelijk. Staat genoteerd, volgens nnij. Dan gaan we naar de heer Van Ballegooijen ... Nee, sorry, naar mevrouw Boom-Vos van de VVD. Mevrouw Boom-Vos: Ja, dank u wel. Ook namens de VVD willen wij de ambtenaren en andere ondersteuningen heel hartelijk bedanken voor het mogelijk maken voor de jaarrekening en het jaarverslag.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/512/documents/18875