CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Rekenkamerrapport Terecht in Dordrecht - Opvanglocaties en inburgeringsbeleid.pdf

Dordtse Dinsdag – Beeld- en oordeelsvormende commissies 13 oktober 2026, gemeente DordrechtBij agendapunt: 3: Agenderingsverzoek Rekenkamer over Bespreking rekenkamerrapport opvanglocatiebeleid en inburgeringsbeleid33.963 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

1.2.2 Het COA stelt eisen aan waar opvanggebouwen aan moeten voldoen, maar geeft geen uitgangspunten voor de locatiekeuze In het Programma van Eisen (RFPvE) beschrijft het COA de functionele en ruimtelijke uitgangspunten voor opvanglocaties.2 Hierin schrijft het COA dat de capaciteit van een opvanglocatie niet vastligt, maar afhangt van de specifieke situatie. Wel geldt als uitgangspunt dat bij nieuwbouwlocaties wordt gestreefd naar minimaal 600 plaatsen. Bij bestaande bouw of herontwikkeling ligt de ondergrens op 450 plaatsen, al kan hier van afgeweken worden bij hoge capaciteitsnood. Voor de omgang van ruimten geldt dat het COA hier het geldende Bouwbesluit volgt. In het Programma van Eisen gaat het COA uit van een verblijfsruimte van 5 m2 per persoon. Verder bevat het Programma van Eisen uitgangspunten op het gebied van inrichting en kleurgebruik van opvanggebouwen, maar geen eisen op het gebied van locatie. Zo worden er bijvoorbeeld geen eisen gesteld aan de bereikbaarheid van de opvanglocatie of de nabijheid van voorzieningen. 1.2.3 Gemeenten hebben sinds 2024 beperkt invloed op het aantal opvangplekken dat zij moeten realiseren Sinds 1 februari 2024 geeft de Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielvoorzieningen, beter bekend als de Spreidingswet, gemeenten de taak om een bepaald aantal asielzoekers op te vangen.

Voor de invoering van de Spreidingswet was asielopvang voornamelijk gebaseerd op vrijwillige medewerking van gemeenten. Dit leidde echter niet tot voldoende opvangplekken. Met de invoering van de Spreidingswet wordt het door het COA berekende aantal benodigde opvangplekken verdeeld over gemeenten aan de hand van een verdeelsleutel. Die verdeelsleutel is gebaseerd op het aantal inwoners en de sociaal- economische status van de gemeente. De verdeling is onderwerp van gesprek op de Provinciale Regietafel (PRT), waar gemeenten onder leiding van de Commissaris van de Koning onderling afspraken kunnen 2 COA. (2020). Opvanglocaties COA. Ruimtelijk Functioneel Programma van Eisen. VenF-RFPvE-opvanglocaties- COA-2020.pdf

36 maken en opvangplekken voor verschillende groepen nieuwkomers kunnen ‘uitruilen’ . De afspraken die aan de PRT worden gemaakt, legt de minister vervolgens vast in een verdeelbesluit. Gemeenten moeten dit verdeelbesluit uitvoeren door in samenwerking met het COA opvanglocaties te realiseren. 1.3 De huisvesting van ontheemde Oekraïners Kernbevinding: Direct na de inval in Oekraïne kregen burgemeesters onder noodwetgeving de taak om opvangplekken te realiseren. Vanaf juni 2024 verschoof met de invoering van tijdelijke wetgeving de verantwoordelijkheid voor het realiseren van opvangplekken van de burgemeester naar het college. Het college is nu verantwoordelijk voor de opvang van alle ontheemde Oekraïners die zich bij de gemeente melden en voldoen aan de daarvoor geldende voorwaarden. 1.3.1 Wettelijke kaders voor de opvang van Ontheemde Oekraïners In onderstaande tabel staan relevante wetten en regelingen op het gebied van ontheemde Oekraïners. Relevante wet- en regelgeving Richtlijn tijdelijke bescherming (2001/55 EG) Deze Europese richtlijn geeft Oekraïense ontheemden in alle EU-lidstaten tijdelijk recht op opvang. Wet verplaatsing bevolking Deze noodwet uit 1952 geeft de overheid de bevoegdheid om inwoners te verplaatsen in geval van een (dreigende) ramp.

Tijdelijke wet opvang ontheemden Oekraïne Deze tijdelijke wet belegd de verantwoordelijkheid voor de opvang van ontheemde Oekraïners bij gemeenten. Regeling opvang ontheemden Oekraïne Dit is een uitwerking van bovenstaande wet en stelt nadere eisen aan de opvang. Bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne Deze regeling voorziet in een specifieke uitkering voor gemeenten ter dekking van de kosten die gemeenten maken voor de opvang en het leefgeld voor ontheemde Oekraïners. Tabel 2: Relevante wet- en regelgeving op het gebied van opvang van ontheemde Oekraïners 1.3.2 De verantwoordelijkheid voor de opvang van ontheemde Oekraïners is verschoven van burgemeester naar het college Snel na de inval van Rusland in Oekraïne verzocht het kabinet via de voorzitter van de veiligheidsregio’s de burgemeesters om opvangplaatsen voor ontheemde Oekraïners te realiseren. Dit gebeurde in eerste instantie op vrijwillige basis, zonder juridische grondslag. Het COA bleek immers niet in staat om naast de

opvang voor asielzoekers, ook de opvang voor ontheemden te realiseren.3 Eind maart 2022 besloot het kabinet noodrecht (de Wet verplaatsing bevolking) in te zetten en de burgemeesters ook formeel de opdracht te geven om opvang te realiseren.4 Daarbij viel het realiseren van opvangplekken onder de openbare orde en veiligheidstaken van de burgemeester. In juni 2024 werd de noodwetgeving vervangen door de Tijdelijke Wet opvang ontheemden Oekraïne. Deze wet haalt de opvang van ontheemde Oekraïners uit het crisis- en veiligheidsdomein, en stelt de opvang van ontheemde Oekraïners als een tijdelijke taak voor gemeenten. Daarmee verschuift ook de verantwoordelijkheid voor de opvang van de burgemeester naar het college. De wet is verder uitgewerkt in de Regeling opvang ontheemden Oekraïne.5 Deze regeling bepaalt onder meer aan welke eisen opvangplekken moeten voldoen en stelt de regels omtrent de financiële toelages voor ontheemden. Eisen aan de opvangplekken zijn (art.

5 van de Regeling): • | de opvangvoorziening voldoet aan een toereikend huisvestingsniveau, waaronder ten minste wordt begrepen de aanwezigheid van een adequate bescherming tegen weersinvloeden, van verwarming, sanitaire voorzieningen en zit- en slaapgelegenheid; • | indien mogelijk wordt voorzien in de gelegenheid tot het bereiden van maaltijden; • | van de in het eerste lid genoemde criteria kan worden afgeweken gedurende de eerste acute opvang. Verder worden er eisen gesteld aan de verstrekkingen aan ontheemden in gemeentelijke opvang en in particuliere opvang. 1.3.3 Gemeenten ontvangen van de rijksoverheid een specifieke uitkering om de kosten van de opvang te dekken Met de bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne regelde het Rijk dat gemeenten per gerealiseerde opvangplek een specifieke uitkering ontvingen. De hoogte van de uitkering begon in 2022 op €100 per dag per opvangplek en is ondertussen gedaald naar €44 per dag per opvangplek. De rijksoverheid schrijft dat deze hoogte gebaseerd is op de reële kosten die gemeenten gemiddeld maken. Aanvankelijk waren die kosten hoger, omdat toen op de korte termijn relatief dure opvangplekken werden gerealiseerd op schepen en in hotels.6 Wel geldt er een uitzonderingsbepaling: gemeenten kunnen hun werkelijk gemaakte kosten verantwoorden en gecompenseerd krijgen.

Hoogte van de uitkering per dag per gerealiseerde opvangplek Tot 15 oktober 2022 | €100 15 oktober 2022 – 31 december 2023 | €83 1 januari 2024 – 31 december 2024 | €61 Vanaf 1 januari 2025 | €44 Tabel 3: Hoogte van de uitkering per dag per gerealiseerde opvangplek op basis van artikel 3 van de bekostigingsregeling 3 Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. (2023). Memorie van toelichting op Tijdelijke regels over de opvang van ontheemden uit Oekraïne (Tijdelijke wet opvang ontheemden Oekraïne). De Wet verplaatsing bevolking is een Nederlandse rijkswet uit 1952 die de overheid de bevoegdheid geeft om bij oorlog, zware crises of een plotselinge grootschalige instroom van vluchtelingen de verdeling en huisvesting van de bevolking te regelen of te gelasten. 4 Ministerie van Justitie en Veiligheid. (2022, 31 maart). Brief inzake regeling opvang ontheemden Oekraïners 5 Regeling opvang ontheemden Oekraïne (1 oktober 2025). https://wetten.overheid.nl/BWBR0046503/2025-10-01 (laatst geraadpleegd: 17 maart 2026). 6 Ministerie van Justitie en Veiligheid. (2025, 20 mei). Brondocument financiële Q&A Gemeenten Bekostigingsregeling.

37 38 1.3.4 Per 1 januari 2025 dienen gemeenten een eigen bijdrage van ontheemde Oekraïners in rekening te brengen Per 1 januari 2025 is het voor gemeenten verplicht om een eigen bijdrage te innen van Oekraïners van 18 jaar of ouder met eigen inkomsten uit arbeid of uitkeringen.7 De eigen bijdrage bedraagt in 2026 €244,22 per maand per persoon, met een maximum van €488,44 per gezin. Colleges hebben in verschillende gemeenten beleidsregels of – uitgangspunten opgesteld met betrekking tot het innen van de eigen bijdrage van Oekraïense ontheemden. Het college van de gemeente Dordrecht heeft dit niet gedaan. 1.3.5 Gemeenten mogen Oekraïners die om opvang vragen niet weigeren In tegenstelling tot bij de opvang van asielzoekers, zijn er voor de opvang van Oekraïense ontheemden geen regels over verdeling en spreiding over gemeenten. Ontheemde Oekraïners kunnen zich melden bij iedere gemeente en verzoeken om opvang. Indien, na een afspraak met de IND, blijkt dat zij aan de voorwaarden voldoen, mag de gemeente de opvang niet weigeren. Ook het argument dat de beschikbare opvangplekken bezet zijn, is geen geldige reden om de opvang te weigeren.

Uit een rechterlijke uitspraak blijkt namelijk dat het realiseren van opvangplekken geen inspanningsverplichting, maar een resultaatverplichting is.8 7 Artikel 8 van de Regeling opvang ontheemden Oekraïne 8 Rechtbank Noord-Nederland 23 juli 2025, ECLI:NL:RBNNE:2025:2993

39 2. Reconstructie opvanglocatie AZC In dit hoofdstuk wordt de besluitvorming rondom de selectie en locatiekeuze van de opvanglocatie voor asielzoekers in Dordrecht chronologisch gereconstrueerd. Daarbij wordt zichtbaar hoe het proces zich ontwikkelde van crisisopvang naar structurele locatiekeuze, welke bestuurlijke momenten bepalend waren en op welke wijze raad en omgeving zijn betrokken. In dit hoofdstuk worden onderstaande deelvragen beantwoord: • Hoe is de besluitvorming rondom de selectie en locatiekeuze van opvanglocaties voor asielzoekers voorbereid en uitgevoerd? o Hoe zijn inwoners bij deze besluiten betrokken? o Hoe is de gemeenteraad bij deze besluiten betrokken? • Welke beleidsmatige, ruimtelijke en maatschappelijke afwegingen hebben een rol gespeeld bij de besluitvorming over de selectie van opvanglocaties voor asielzoekers? 2.1 De opvangsituatie voorafgaand aan de locatiekeuze Voorafgaand aan de eerste formele besluiten over de locatiekeuze voor een asielzoekerscentrum bevond Dordrecht zich in een situatie van acute opvangdruk. Sinds begin 2022 werden vluchtelingen, met name ontheemden uit Oekraïne maar ook asielzoekers, opgevangen via tijdelijke en veelal ad-hoc gerealiseerde locaties, waaronder de crisisopvang aan de Marconiweg.

Deze opvang vond plaats onder noodmaatregelen en met toepassing van gedoogbesluiten, waarbij reguliere ruimtelijke procedures werden losgelaten. Uit gesprekken blijkt dat de uitvoering in deze periode sterk werd gekenmerkt door tijdsdruk, onzekerheid over de duur van de opvang en een voortdurend veranderende context. In eerste instantie werd de opvang benaderd als tijdelijk, maar gaandeweg werd duidelijk dat langdurigere oplossingen nodig waren. Tegelijkertijd groeide de druk vanuit het Rijk en het COA om structurele opvangcapaciteit te realiseren. In deze fase ontbrak nog een concreet landelijk beleidskader voor asielopvang. De (aankomende) Spreidingswet hing wel “boven de markt” , maar was nog niet uitgekristalliseerd in een concrete opgave voor Dordrecht. Dit leidde ertoe dat het college, mede naar aanleiding van de situatie in Ter Apel en regionale gesprekken, begon met een verkenning van de rol die Dordrecht wilde en kon spelen in de opvang van asielzoekers. 2.2 Van crisisopvang naar locatiekeuze (2022 – februari 2023) Deze fase omvat de overgang van tijdelijke crisisopvang naar structurele besluitvorming. Onder druk van de opvangcrisis en met een nog onduidelijk beleidskader verkent het college de rol van Dordrecht, stelt criteria op en komt tot een principebesluit en locatiekeuze. Ook de eerste betrokkenheid van de raad valt in deze fase.

2.2.1 Verlenging crisisopvang Marconiweg op 7 februari 2022 Het college besluit het gedoogbesluit voor de tijdelijke crisisopvang aan de Marconiweg te verlengen9, ondanks strijdigheid met het bestemmingsplan. Dit markeert het begin van een fase waarin onder hoge 9 Gemeente Dordrecht, Collegebesluit 27 februari 2022 (verlenging gedoogbesluit tijdelijke crisisopvang Marconiweg).

40 tijdsdruk opvangcapaciteit wordt gerealiseerd. De besluitvorming vindt plaats in een crisissetting, waarin reguliere procedures ondergeschikt zijn aan de noodzaak om opvang te bieden. 2.2.2 Verdere verlenging crisisopvang op 10 januari 2023 Het college verlengt opnieuw het gedoogbesluit voor de Marconiweg10. Hiermee wordt duidelijk dat de tijdelijke crisisopvang langer nodig is dan aanvankelijk voorzien. 2.2.3 Principebesluit 17 januari 2023 om AZC mogelijk te maken Het college besluit om een asielzoekerscentrum mogelijk te maken en spreekt de bereidheid uit om een locatie te realiseren die mogelijk groter is dan de gemeentelijke taakstelling11. Tegelijkertijd wordt de raad voorgesteld geen wensen en bedenkingen in te dienen. Hierin schrijft het college dat er nog geen locatiekeuze is gemaakt voor het te realiseren AZC. Wel geeft het college aan dat er verschillende locaties worden beoordeeld. Het college treedt niet in detail over de criteria waarop deze locaties worden beoordeeld. Wel wordt medegedeeld dat inpassing in de omgeving en milieu-en veiligheidsaspecten’ belangrijke aspecten van de beoordeling zijn en dat er om diverse redenen gezocht wordt naar een locatie op een bedrijventerrein.

Wel geeft het college aan welke zaken van belang zijn bij de realisatie van een AZC en daarmee ten dele ook voor de locatiekeuze: • duurzaamheid; • mogelijkheid voor asielzoekers om te werken; • bereikbaarheid; • zorgvuldige inpassing en communicatie met de omgeving; • periode van vestiging.12 Dit vormt het bestuurlijke startpunt van de locatiekeuze. Daarbij speelde ook de regionale context mee. Dordrecht nam in de regionale gesprekken een voortrekkersrol, maar ervoer dat andere gemeenten minder snel of minder ruimhartig bijdroegen. De keuze om meer opvangplekken te realiseren dan de eigen taakstelling werd daarom verbonden aan de wens om regionaal afspraken te maken over de verdeling van andere opgaven, zoals de huisvesting van statushouders. 2.2.4 Eerste bespreking in de raadscommissie op 24 januari 2023 In de raadscommissie wordt het voornemen van het college toegelicht aan de hand van het raadsvoorstel om geen wensen en bedenkingen in te dienen. Uit het raadsvoorstel blijkt dat het college met het principebesluit anticipeert op de Spreidingswet, die op dat moment nog niet is aangenomen door de Tweede Kamer.

Het college geeft aan meer opvangplekken te willen realiseren dan de wettelijke taakstelling, ‘onder de voorwaarde dat harde afspraken worden gemaakt met regiogemeenten over de huisvesting van andere kwetsbare doelgroepen’.13 De gemeente hoopt met name dat regiogemeenten de taakstelling voor de opvang van statushouders overnemen van Dordrecht. De raad krijgt de mogelijkheid technische vragente stellen en maakt hier gebruik van door meer dan 50 vragen te stellen14. 10 Gemeente Dordrecht, Collegebesluit 10 januari 2023 (verlenging gedoogbesluit crisisopvang Marconiweg). 11 Gemeente Dordrecht, Collegebesluit 17 januari 2023 (voornemen realisatie AZC en voorstel aan raad inzake wensen en bedenkingen). 12 Gemeente Dordrecht, Raadsvoorstel 17 januari 2023 (Wensen en bedenkingen voornemen tot vestiging van asielzoekerscentrum in Dordrecht). p. 3 13 Gemeente Dordrecht, Raadsvoorstel 17 januari 2023 (Wensen en bedenkingen voornemen tot vestiging van asielzoekerscentrum in Dordrecht). p. 3 14 Gemeente Dordrecht, Beantwoording technische vragen raad inzake AZC (set 1 en 2), 7 februari 2023.

41 Ook wordt de raad geïnformeerd over de planning, waarbij een besluit over de locatie op korte termijn wordt aangekondigd15. 2.2.5 Keuze voor locatie Dordtse Kil IV in het collegebesluit van 31 januari 2023 Het college besluit om een locatie op bedrijventerrein Dordtse Kil IV beschikbaar te stellen aan het COA16. Deze keuze volgt uit een ambtelijke verkenning op basis van criteria zoals omvang, grondeigendom en uitsluiting van woningbouwlocaties. Uit het raadsvoorstel blijkt dat de locatie is gekozen omdat deze voldoet aan de minimale omvang van drie hectare, er sprake is van ‘acceptabele omstandigheden’ rond veiligheid en milieu en dat de locatie ‘inpasbaar is in de forse ambities die zijn opgenomen in de agenda 2030’ . 17 Uit gesprekken blijkt dat de locatiekeuze in korte tijd tot stand kwam, maar dat hieraan al een ambtelijke verkenning voorafging. Daarbij is gekeken naar locaties die voldoende omvang hadden, beschikbaar waren, niet bestemd waren voor woningbouw en binnen de ruimtelijke structuur van Dordrecht konden worden ingepast. Ook speelde mee dat de gemeente vanwege de urgentie geen tijd zag voor aankoop of onteigening; gemeentelijk eigendom was daarom een belangrijk criterium. In combinatie met de eisen van het COA, waaronder een locatie van circa 2 à 3 hectare en een tijdelijk karakter, bleef uiteindelijk feitelijk één geschikte locatie over.

Betrokken bestuurders en ambtenaren gaven in gesprekken voor dit onderzoek aan dat het proces tussen principebesluit en locatiekeuze relatief kort was, omdat ambtelijk al veel voorwerk was verricht. Volgens hen wordt een principebesluit pas genomen wanneer er voldoende zicht is op de haalbaarheid. In deze fase is bovendien met het COA afgestemd of de locatie realistisch was. 2.2.6 Gemeenteraad stemt op 7 februari 2023 in en brengt geen wensen en bedenkingen in De gemeenteraad stemt in met het voorstel en besluit geen wensen en bedenkingen in te brengen18. Wel worden moties en amendementen ingediend, waarvan één motie wordt aangenomen over het instellen van een begeleidingscommissie. Deze begeleidingscommissie moet volgens de raad bestaan uit omwonenden, bedrijven, bewoners en andere betrokken partijen en richt zich op het inpassen van de opvang in de omgeving. Ook zijn de meer dan 50 technische vragen beantwoord. Meerdere partijen vragen het college over de te verwachten kosten. Het college geeft herhaaldelijk aan dat dit project budgetneutraal is voor de gemeente Dordrecht. Ook stellen enkele partijen vragen over de bereikbaarheid van de voorgestelde locatie. Hierop geeft het college aan te streven naar een betere openbaar vervoer verbinding, waarvoor het COA de kosten zal moeten dragen.

Dit moment markeert de formele betrokkenheid van de raad, waarbij de invloed zich vooral richt op de nadere uitwerking en niet op de locatiekeuze zelf. De raad werd daarmee betrokken op het moment dat het college een bestuurlijke voorkeursrichting had bepaald. De invloed van de raad richtte zich vervolgens vooral op de voorwaarden waaronder het AZC zou worden gerealiseerd, zoals veiligheid, verkeer, bereikbaarheid en de inrichting van het omgevingsproces. 15 Gemeente Dordrecht, Besluitenlijst commissie (Dordtse Dinsdag) 24 januari 2023 (toelichting voornemen AZC en planning besluitvorming). 16 Gemeente Dordrecht, Collegebesluit 31 januari 2023 (beschikbaar stellen locatie Dordtse Kil IV voor AZC). 17 Gemeente Dordrecht, Raadsvoorstel 31 januari 2023 (Aanwijzen locatie voor het vestigen van een AZC in Dordrecht) 18 Gemeente Dordrecht, Raadsbesluit 7 februari 2023 (geen wensen en bedenkingen; moties en amendementen inzake AZC).

42 2.3 Uitwerking en afspraken met het COA In deze fase worden de plannen voor de gekozen locatie verder uitgewerkt en vindt afstemming plaats met het COA. De randvoorwaarden voor de opvang, zoals de omvang, duur en budgetneutraliteit, worden vastgelegd in overeenkomsten. Ook wordt gestart met de inrichting van het omgevingsproces, waaronder het opstarten van de begeleidingscommissie. 2.3.1 Intentieovereenkomst met COA op 14 maart 2023 en start begeleidingscommissie Het college besluit de locatie onder voorwaarden beschikbaar te stellen en spreekt de intentie uit om een bestuursovereenkomst met het COA te sluiten19. Ook wordt in april invulling gegeven aan de motie van de raad door het instellen van een begeleidingscommissie. De begeleidingscommissie had geen formele besluitvormende rol, maar functioneerde als klankbord voor de inpassing van het AZC en voor de eisen en voorwaarden die richting het COA werden ingebracht. Daarmee bood de commissie ruimte voor invloed op praktische en omgevingsgerichte aspecten, maar niet op de locatiekeuze als zodanig. In gesprekken is aangegeven dat er geen kaders waren voor de werkwijze van de begeleidingscommissie. Belangstellenden konden zich hiervoor aanmelden en hun inbreng werd meegewogen in de verdere uitwerking van de locatie en de gesprekken met het COA.

Deelnemers van de begeleidingscommissie – bewoners en ondernemers - waren zelf verantwoordelijk voor terugkoppeling naar hun ‘achterban’ . De ervaring van de gemeente is dat de begeleidingscommissie goed functioneerde en leidde tot uitwisseling tussen bewoners, ondernemers en de gemeente. Begeleidingscommissie AZC Uit de verslagen van de begeleidingscommissie blijkt dat de Vereniging Behoud Leefbaarheid Tweede Tol (VBLTT) deelnam aan de commissie. Het bedrijfsleven werd vertegenwoordigd door VVE Dordtse Kil 3, Parktrust en LGI distripark. Er namen meerdere functionarissen vanuit de gemeente deel, waaronder de project- en omgevingsmanager en al naar gelang de agenda, ook deskundigen op het gebied van bijvoorbeeld verkeer of openbare ruimte. Tot slot nam een vertegenwoordiger van het COA deel aan de begeleidingscommissie en is ook de politie wel eens aangesloten. Tijdens de vergaderingen van de begeleidingscommissie is er aandacht voor: • de rol en positie van de commissie (meeweten, meedenken, meepraten-adviseren, waarnemen.

Rol begeleidingscommissie na opening AZC); • ontwikkelingen in het proces van realisatie (bouw, juridische procedures); • communicatie (in te zetten communicatiemiddelen, contact met bestuurders); • inpassing: verkeers- en veiligheidsmaatregelen; • deelname van de nieuwkomers aan de samenleving (taal, inburgering, werk en meedoen); • zorgen en signalen (zoals over AMV’ers); • politiek-bestuurlijke onderwerpen (zoals de uitvoering van de ‘€ 1000 motie’ (zie ook 2.3.8), de bestuursovereenkomst). Van alle bijeenkomsten wordt een verslag gemaakt, dat bij de volgende vergadering gezamenlijk wordt vastgesteld. In de verslagen is vermeld dat de deelnemers de vergaderingen positief waarderen. Het initiatief voor de onderwerpen ligt voornamelijk bij de gemeente en soms door het COA; er worden toelichtingen en presentaties gegeven. Daarnaast wordt er op deze onderwerpen veel input gevraagd van de deelnemers. De input krijgt in de daaropvolgende vergaderingen vaak een follow up.20 19 Gemeente Dordrecht, Collegebesluit 14 maart 2023 (beschikbaar stellen locatie Dordtse Kil IV onder voorbehoud en intentieovereenkomst COA). 20 Verslagen begeleidingscommissie AZC tussen november 2024 en november 2025.

43 2.3.2 Laatste verlenging crisisopvang op 30 mei 2023 Het college besluit de crisisopvang aan de Marconiweg voor de laatste keer te verlengen21. 2.3.3 Besluit over omvang en duur AZC op 4 juli 2023 Het college besluit tot de ontwikkeling van een AZC met circa 580 plekken voor een periode van 10 jaar.22 Vanwege de tijdelijkheid van het AZC wordt gewerkt met een tijdelijke afwijking van het bestemmingsplan voor het Distripark op basis van een kruimelgevallenregeling. De raad wordt geïnformeerd over het besluit en hier wordt aangegeven dat het project budgetneutraal moet zijn voor de gemeente. Ook geeft het college aan dat in april een begeleidingscommissie is geformeerd, die vanaf eind april elke twee weken bijeenkwam om de voortgang van het project te bespreken. Juridische procedures en bezwaar op basis van kruimelgevallenregeling Een aantal inwoners heeft op basis van het collegebesluit een kort geding aangespannen tegen de komst van het AZC. Volgens deze inwoners heeft de gemeente ten onrechte gebruik gemaakt van de kruimelgevallenregeling en had zij niet mogen afwijken van het bestemmingsplan. Daarnaast redeneren deze inwoners dat er teveel negatieve effecten uitgaan van de bouw van het AZC, met name voor de fysieke leefomgeving van de omwonenden. De rechter heeft uiteindelijk geoordeeld dat het college juist heeft gehandeld en de omgevingsvergunning mocht verlenen.

Ook oordeelde de rechter dat er inderdaad gevolgen zijn voor omwonenden en ondernemers, maar dat deze niet opwegen tegen het belang van opvang en dat de gemeente bovendien passende maatregelen trof om de gevolgen te beperken. De betreffende inwponers hebben hun zaak uiteindelijk ook bij de gemeentelijke bezwarencommissie bepleit, maar ook die oordeelde dat de gemeente in haar recht stond. De zaak loopt op dit moment nog bij de Raad van state. Ondertussen is er doorgebouwd aan het AZC en is het in april 2026 in gebruik genomen. 2.3.4 Beantwoording politieke vragen op 12 september 2023 Het college beantwoordt vragen over de gevolgen van het mogelijk intrekken van de Spreidingswet en benadrukt dat deze geen invloed heeft op de plannen voor het AZC 23. Hiermee bevestigt en bestendigt het college het eerder ingezette traject. 2.3.5 Sluiten van overeenkomsten met COA op 3 oktober 2023 Het college informeert de raad dat de bestuursovereenkomst en huurovereenkomst met het COA zijn gesloten24. Hiermee wordt de realisatie van het AZC contractueel vastgelegd. Ook beantwoordt het college een oproep van het Nidos om AMV’s te huisvesten met een brief. In deze brief spreekt het college zich uit dat de gemeente Dordrecht als uitgangspunt bij instroom van vluchtelingen in het AZC het afspiegelingsbeginsel hanteert.

Dit houdt in dat de instroom een afspiegeling is van de totale instroom van asielzoekers in Nederland, waaronder dus ook AMV’s.25 21 Gemeente Dordrecht, Collegebesluit 30 mei 2023 (laatste verlenging gedoogbesluit crisisopvang Marconiweg). 22 Gemeente Dordrecht, Collegebesluit 4 juli 2023 (raadsinformatiebrief Distripark Dordrecht en vestiging AZC, inclusief omvang en duur). 23 Gemeente Dordrecht, Collegebesluit 12 september 2023 (beantwoording schriftelijke vragen Fractie Van Waardhuizen inzake spreidingswet en AZC). 24 Gemeente Dordrecht, Collegebesluit 3 oktober 2023 (raadsinformatiebrief voortgang AZC en sluiting bestuursovereenkomst en huurovereenkomst COA). 25 Gemeente Dordrecht, Brief aan Nidos van 3 oktober 2023 betreffende Verzoek opvang AMV's

44 2.3.6 De maatschappelijke en politieke discussie tussen 24 oktober en 28 november 2023 In deze periode spreken verschillende inwoners in tijdens commissievergaderingen26 met zorgen over de veiligheid en mogelijk dalende huizenprijzen door de komst van het opvangcentrum en worden kritische vragen gesteld door raadsfracties27. Het college reageert schriftelijk en benadrukt dat een zorgvuldig proces is doorlopen28. Ook gaat het college in op de zorgen rondom veiligheid. Het college schrijft dat een veiligheidsplan in de maak is. Onderdeel van dit veiligheidsplan is een 0-meting van de veiligheid, om vervolgens de effecten van de opvanglocatie op de veiligheid te kunnen monitoren. In gesprekken met ondernemers en bewoners stond volgens de betrokken portefeuillehouder formeel vooral de vraag centraal hoe de opvanglocatie moest worden ingepast, en niet meer of het AZC op deze locatie zou komen. In de praktijk bleek dat onderscheid echter lastig vast te houden. Bewoners en ondernemers brachten ook zorgen naar voren over de komst van het AZC als zodanig. Daarbij verschilde de aard van de reacties. Grotere bedrijven richtten zich vooral op praktische vragen over veiligheid en verkeersafwikkeling, terwijl bij andere ondernemers en bewoners de principiële discussie sterker speelde.

2.3.7 Toelichting op 2 april 2024 over locatiekeuze en -proces In de raadscommissie wordt toegelicht hoe de locatiekeuze tot stand is gekomen. Daarbij wordt expliciet aangegeven dat op basis van vooraf gestelde criteria één geschikte locatie is geselecteerd en dat er geen alternatieve locaties zijn onderzocht29. 2.3.8 Aanvullende maatregelen en motie financiële tegemoetkoming op 9 april 2024 De raad neemt een motie aan om financiële middelen beschikbaar te stellen voor veiligheidsmaatregelen voor omwonenden30. Omwonenden konden zo aanspraak maken op een vergoeding om vervolgens zelf de veiligheidsmaatregelen te treffen. In gesprekken is aangegeven dat de motie tot enige discussie leidde, omdat de reikwijdte en de formulering van de motie voor onduidelijkheden zorgde. Maar het politieke draagvlak was groot en het college heeft de motie uitgevoerd. Daarbij heeft het college de vergoedingen verstrekt aan omwonenden die deze aanvroegen en is daar pragmatisch mee omgegaan, in die zin dat er niet is gecontroleerd op de besteding van de vergoeding. Het college treft daarnaast maatregelen op het gebied van verkeer en veiligheid.31 2.4 Juridische borging en realisatie (2024 – 2026) In deze laatste fase wordt de realisatie juridisch en praktisch mogelijk gemaakt via vergunningverlening, aanvullende maatregelen en verdere uitwerking.

Tegelijkertijd spelen externe factoren, zoals landelijke besluitvorming en de rol van het COA, een belangrijke rol in de voortgang en timing van het project. Na het aanwijzen van Dordtse Kil IV verschoof het zwaartepunt van het dossier. Waar aanvankelijk de locatiekeuze centraal stond, ging het in de verdere uitwerking vooral over de invulling van de opvanglocatie, de relatie met de omgeving, verkeers- en veiligheidsmaatregelen en de maatschappelijke deelname van bewoners. 26 Gemeente Dordrecht, Notulen commissie (Dordtse Dinsdag) 24 oktober 2023 (inspraak inwoner inzake AZC). 27 Gemeente Dordrecht, Notulen commissie (Dordtse Dinsdag) 28 november 2023 (bespreking schriftelijke vragen en ambtelijke toelichting AZC). 28 Gemeente Dordrecht, Collegebesluit 7 november 2023 (beantwoording vragen fracties en reactie op inspraak AZC). 29 Gemeente Dordrecht, Notulen commissie (Dordtse Dinsdag) 2 april 2024 (toelichting locatiekeuze en proces AZC). 30 Gemeente Dordrecht, Raadsbesluit 9 april 2024 (motie inzake financiële tegemoetkoming omwonenden AZC). 31 Gemeente Dordrecht, Collegebesluit 9 april 2024 (beantwoording vragen en aanvullende maatregelen verkeer en veiligheid AZC).

45 2.4.1 Informatie over regionale afstemming en zorgen over voortgang op 5 november 2024 Het college informeert de raad over regionale afspraken en spreekt haar zorgen uit over de tijdige realisatie van het AZC32. De realisatie is afhankelijk van externe factoren, zoals vergunningprocedures en het COA en veroorzaken vertraging in planning van de gemeente. 2.4.2 Verlening omgevingsvergunning 4 maart 2025 Het college verleent de omgevingsvergunning voor het AZC voor een periode van 10 jaar33. Tegelijkertijd wordt bezwaar gemaakt tegen het verdeelbesluit van het Rijk over de verdeling van opvangplekken. Hoewel Dordrecht overeenkomstig de afspraken met het COA 580 plekken moet realiseren, wordt er onderscheid gemaakt tussen 530 reguliere plekken en 50 plekken voor AMV’s. Het college wil deze AMV’s opvangen, maar wel op dezelfde locatie als de 530 reguliere asielzoekers. Het COA heeft er echte voor gekozen om op de opvanglocatie alleen 580 reguliere asielzoekers op te vangen. Dordrecht wil echter niet op een andere plek in de stad de 50 AMV’s uit de taakstelling opvangen. 2.4.3 Raad stelt op 27 mei 2025 krediet beschikbaar voor maatregelen De raad stemt in met het beschikbaar stellen van middelen voor verkeersmaatregelen rondom het AZC34. Dit besluit ondersteunt de feitelijke ingebruikname van de locatie35.

2.4.4 Informatie op 11 november 2025 over de voorbereiding op ingebruikname Het college informeert de raad over aanvullende verkeersmaatregelen en de planning36. De verwachting is op dat moment dat het AZC in 2026 gefaseerd in gebruik wordt genomen. Huidige stand van zaken rondom het AZC In april 2026 is het AZC in gebruik genomen en worden er asielzoekers opgevangen. Mede op basis van de gesprekken met de begeleidingscommissie en andere participatie heeft de gemeente maatregelen getroffen om de leefomgeving van omwonenden maar ook die van ondernemers te verbeteren. Zo werken onder andere de gemeente, COA en de politie samen om toezicht te houden op de veiligheid en zijn er verkeersmaatregelen genomen. Omwonenden worden daarnaast gevraagd naar hun mening over hun leefomgeving via periodieke metingen en via vragenlijsten. De eerste meting heeft in oktober 2025 plaatsgevonden. Inmiddels kunnen omwonenden geen aanspraak meer maken op individuele financiële tegemoetkomingen, maar wordt er een subsidie verstrekt aan de Vereniging Behoud Leefbaarheid Tweede Tol (VBLTT). Deze vereniging kan de subsidie inzetten voor het verbeteren van de leefbaarheid en veiligheid van omwonenden. 32 Gemeente Dordrecht, Collegebesluit 5 november 2024 (raadsinformatiebrief regionale regietafel en voortgang AZC).

33 Gemeente Dordrecht, Collegebesluit 4 maart 2025 (verlening omgevingsvergunning AZC en bezwaar tegen verdeelbesluit Rijk). 34 Gemeente Dordrecht, Raadsbesluit 27 mei 2025 (kredietverlening verkeersmaatregelen AZC). 35 Gemeente Dordrecht, Notulen commissie 13 mei 2025 (inspraak en bespreking AZC). 36 Gemeente Dordrecht, Collegebesluit 11 november 2025 (raadsinformatiebrief verkeersmaatregelen en planning ingebruikname AZC).

46 3. Reconstructie duurzame opvanglocaties ontheemden In dit hoofdstuk wordt de besluitvorming rondom de selectie en locatiekeuze van de opvanglocatie voor ontheemden in Dordrecht chronologisch gereconstrueerd. Daarbij wordt zichtbaar hoe het proces zich ontwikkelde van aanwijzing van tijdelijk gedoogde noodopvanglocaties naar meer duurzame huisvesting in flexwoningen, welke bestuurlijke momenten bepalend waren en op welke wijze raad en omgeving zijn betrokken. In dit hoofdstuk worden onderstaande deelvragen beantwoord: • Hoe is de besluitvorming rondom de selectie en locatiekeuze van duurzame opvanglocaties voor Oekraïense ontheemden voorbereid en uitgevoerd? o Hoe zijn inwoners bij deze besluiten betrokken? o Hoe is de gemeenteraad bij deze besluiten betrokken? • Welke beleidsmatige, ruimtelijke en maatschappelijke afwegingen hebben een rol gespeeld bij de besluitvorming over de selectie van opvanglocaties voor asielzoekers? 3.1 Opvang onder crisisomstandigheden Op 8 maart 2022 gaf de burgemeester van Dordrecht, als voorzitter van de Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid, een persconferentie over het bestuurlijk verzoek van het kabinet om per veiligheidsregio op korte termijn opvangplekken voor Oekraïense ontheemden te realiseren. De opvangplekken moesten binnen twee weken beschikbaar komen.

Deze oproep volgt op de militarisering van het conflict tussen Rusland en Oekraïne eerder dat jaar. In deze fase bestonden nog geen uitgewerkte landelijke kaders voor de opvang. Het Rijk gaf aan dat gemeenten opvang moesten organiseren en dat de kosten zouden worden vergoed, maar concrete normen, verdeelsleutels en financiële kaders volgden pas later37. 3.2 Van acute opvang naar langer durende tijdelijke opvang 3.2.1 De eerste opvanglocaties kwamen onder hoge tijdsdruk tot stand De opvang van Oekraïense ontheemden kwam in Dordrecht onder hoge tijdsdruk tot stand. De opgave was in eerste instantie geen regulier huisvestings- of locatiekeuzevraagstuk, maar een crisisopgave. Snelheid, directe beschikbaarheid en basale geschiktheid van locaties stonden voorop. Uit gesprekken blijkt dat de gemeente in deze fase werkte vanuit een crisisorganisatie. Locaties zijn op korte termijn geschouwd, onder meer met de veiligheidsregio, om te beoordelen of zij snel geschikt konden worden gemaakt voor opvang. Reguliere processen, zoals volledige ruimtelijke procedures of aanbestedingstrajecten, pasten niet bij de urgentie van dat moment. Betrokkenen geven aan dat in de eerste periode buiten de normale processen werd gewerkt, omdat opvang snel moest worden gerealiseerd.

37 Persconferentie Vluchtelingenstroom 8 maart 2022, https://dordrecht.raadsinformatie.nl/vergadering/966561, geraadpleegd op 13 april 2026.

47 3.2.2 De keuze voor CrownPoint en de hotelboot was vooral praktisch ingegeven De eerste grote opvanglocaties in Dordrecht waren CrownPoint en de hotelboot aan de Korte Wantijkade. De keuze voor deze locaties was vooral praktisch ingegeven. CrownPoint was een leegstaand kantoorgebouw dat snel beschikbaar kwam doordat de eigenaar het pand ter beschikking stelde. Daardoor kon Dordrecht in korte tijd een groot aantal opvangplekken realiseren. Ook financieel was dit gunstig, omdat de gemeente voor deze locatie geen huur hoefde te betalen. De hotelboot kwam via de veiligheidsregio in beeld en werd later door de gemeente overgenomen. Ook hier was snelheid bepalend. Uit gesprekken blijkt dat de komst van de boot kort, twee dagen, van tevoren duidelijk werd, waardoor de omgeving pas op korte termijn kon worden geïnformeerd. De communicatie met de omgeving had in deze fase daarom vooral het karakter van informeren en praktisch organiseren. Op 15 en 22 maart 2022 nam het college gedoogbesluiten om deze locaties, in afwijking van de geldende bestemmingsplannen, als noodopvanglocatie te kunnen gebruiken38. CrownPoint bood ruimte aan circa 600 ontheemden; de hotelboot aan maximaal 183 ontheemden. De ligplaats van de boot is door de gemeente ter beschikking gesteld39. Bij CrownPoint werd de wijkmanager betrokken om de communicatie met omwonenden op te starten.

Volgens betrokkenen was het sentiment in de eerste fase overwegend positief. Inwoners en ondernemers wilden in veel gevallen meewerken. Vragen hadden vooral betrekking op praktische onderwerpen, zoals werk, dagbesteding, mogelijke overlast en aanspreekpunten. Het aantal klachten bleef volgens betrokkenen beperkt. 3.2.3 De tijdelijke opvang werd langduriger dan vooraf verwacht De eerste opvanglocaties waren bedoeld als tijdelijke noodoplossing. In de loop van 2022 en 2023 werd echter duidelijk dat de opvang langer nodig zou blijven. Daarmee veranderde de aard van de opgave. Waar eerst vooral de vraag centraal stond hoe snel opvangplekken konden worden gerealiseerd, kwam gaandeweg de vraag op hoe de opvang langer verantwoord kon worden georganiseerd. Deze ontwikkeling had gevolgen voor de bestaande locaties. Collectieve opvang in grote locaties was geschikt als noodoplossing, maar minder passend voor langdurig verblijf. Ontheemden verbleven soms met meerdere mensen voor langere tijd in beperkte ruimtes en de voorzieningen waren beperkt. 3.2.4 Reguliere regels en financiële kaders gingen gaandeweg zwaarder wegen In de eerste fase bood de crisissituatie veel ruimte om snel te handelen. Volgens betrokkenen konden en moesten reguliere processen deels worden losgelaten om opvang te realiseren. Na verloop van tijd veranderde dat.

De opvang bleef urgent, maar de situatie werd minder als acute crisis en meer als langdurige opgave behandeld. Daarmee gingen reguliere regels en verantwoordingsvereisten zwaarder wegen. 38 Gemeente Dordrecht, Gedoogbesluit tijdelijke noodopvang Oekraïense vluchtelingen CrownPoint – Collegevoorstel, 15 maart 2022 en Gemeente Dordrecht, Gedoogbesluit tijdelijke noodopvang Oekraïense vluchtelingen hotelboot Korte Wantijkade - Collegevoorstel, 22 maart 2022. 39 Gemeente Dordrecht, Aanvullend gedoogbesluit tijdelijke noodopvang Oekraïense vluchtelingen hotelboot Korte Wantijkade, 5 april 2022.

48 Dat gold onder meer voor aanbestedingen, financiële verantwoording en ruimtelijke procedures. Betrokkenen benoemen dat de druk vanuit de accountant toenam om zaken weer volgens reguliere regelgeving te organiseren. Tegelijkertijd bleef de uitvoering onder tijdsdruk staan, omdat de bestaande opvangcapaciteit behouden moest blijven en nieuwe oplossingen nodig waren. Ook de financiële kaders veranderden. In de eerste fase gaf het Rijk vooral aan dat gemeenten opvang moesten realiseren en dat het Rijk de kosten zou vergoeden. Later kwamen normbedragen per opvangplek. Dordrecht hield in 2022 middelen over, mede doordat CrownPoint gratis beschikbaar was gesteld en doordat grote opvanglocaties efficiënter waren dan veel kleinere locaties. Deze middelen zijn volgens betrokkenen vervolgens benut voor de langere termijn huisvesting. Het Stadskantoor als tijdelijke opvangmogelijkheid Toen duidelijk werd dat de opvang van Oekraïense ontheemden langer nodig bleef, ontstond ook de vraag wat er moest gebeuren met de ontheemden die in CrownPoint verbleven. Het college ging er begin 2023 nog vanuit dat CrownPoint zou sluiten, omdat het gebouw zou worden gesloopt. In januari 2023 nam het college daarom een principebesluit40 om het Stadskantoor beschikbaar te stellen voor de opvang van Oekraïense ontheemden uit CrownPoint, voor de periode van juni 2023 tot medio 2025.

Dit besluit ging samen met het voornemen om functies uit het Stadskantoor, waaronder gemeentelijke kantoorfuncties, handhaving en het college, tijdelijk elders te huisvesten41. Volgens het college waren de mogelijkheden voor langere huisvesting zeer beperkt en was na verbouwing alleen het Stadskantoor geschikt. Tegelijkertijd was nog niet duidelijk hoe de ontheemden in de periode tussen het einde van CrownPoint en de beschikbaarheid van het Stadskantoor zouden worden gehuisvest. Het Stadskantoor viel enkele maanden later weer af. Op 14 maart 2023 besloot het college het Stadskantoor niet beschikbaar te stellen voor de opvang van Oekraïense ontheemden. De aanleiding daarvoor was dat CrownPoint langer beschikbaar bleef: de sloop van CrownPoint werd uitgesteld doordat de voorgenomen locatieontwikkeling door marktomstandigheden op dat moment niet haalbaar was. Daarnaast zouden de verbouwing van het Stadskantoor en de tijdelijke herhuisvesting van gemeentelijke functies aanzienlijke extra kosten met zich meebrengen. Uit gesprekken blijkt dat ook inhoudelijk is gekeken naar de geschiktheid van het Stadskantoor. Daaruit kwam volgens betrokkenen een negatief advies over verbouwing naar voren: de locatie bleek niet geschikt voor opvang of huisvesting. Dat CrownPoint langer beschikbaar bleef, kwam vanuit gemeentelijk perspectief goed uit.

De gemeente had al geïnvesteerd in het geschikt maken van CrownPoint en kon de bestaande opvang daar voortzetten. In april 2024 stuurt de burgemeester een RIB over de uitspraak van de Raad van State dat derdelanders moeten vertrekken uit de opvang. Een deel van hen wil de ‘COA-route’ in: zij worden verplaatst naar de HUB (crisisnoodopvang). De burgemeester overlegt met de politie over het uitplaatsen van derdelanders die niet de COA-route willen volgen en geen plan hebben om te vertrekken. De burgemeester wijst er hierbij op dat de opvang vol is en ontheemden uit Oekraïne moeten worden afgewezen. 40 College Dordrecht, principebesluit beschikbaar stellen van (een deel van) het Stadskantoor voor de opvang van Oekraïners in een gemeentelijke opvang (GOO) en verhuizing deel personeel Stadskantoor en college naar andere locaties - Raadsinformatiebrief, 17 januari 2023. 41 College Dordrecht, Raadsinformatiebrief Principebesluit beschikbaar stellen van (een deel van) het Stadskantoor voor de opvang van Oekraïners in een gemeentelijke opvang (GOO) en verhuizing deel personeel Stadskantoor en college naar andere locaties, 17 januari 2023.

49 3.2.5 Het college benoemt in januari 2023 het belang van een langdurig perspectief op opvang Op 24 januari 2023 wordt in de commissievergadering een bestuurlijke en ambtelijke toelichting gegeven op de landelijke ontwikkelingen met betrekking tot opvang Oekraïners en andere vluchtelingen voor lange(re) termijn en wat dit betekent voor Dordrecht.42 Hierbij wordt ook ingegaan op het principebesluit om het Stadskantoor ter beschikking te stellen. Verder meldt het college dat de hotelboot als noodopvanglocatie in maart vervangen wordt door locatie Singel, voor max. 250 mensen. Uit het raadsvoorstel Wensen en bedenkingen voornemen tot vestiging van asielzoekerscentrum in Dordrecht, dat in de commissievergadering van wordt besproken, blijkt dat het college van mening is dat er eerst een “duidelijk perspectief op een oplossing moet zijn” voor het vraagstuk van de opvang van Oekraïners, voordat een definitief besluit wordt genomen over het AZC.43 De besluitvorming over dit raadsvoorstel vindt plaats op 7 februari 2023. 3.2.6 De raad werd vooral geïnformeerd over de voortgang en de uitvoering In de eerste fase had de betrokkenheid van de gemeenteraad vooral het karakter van informatievoorziening. De opvang van Oekraïense ontheemden werd aanvankelijk georganiseerd als crisisopgave, waarbij snelheid en uitvoerbaarheid voorop stonden.

Daardoor lag de nadruk in de communicatie met de raad op de voortgang van de opvang, de beschikbare capaciteit en de praktische organisatie van locaties. In de eerste maanden werd de raad maandelijks geïnformeerd via raadsinformatiebrieven. Na de zomer van 2022 werd de informatievoorziening meer gekoppeld aan belangrijke besluiten en ontwikkelingen. De raad werd daarmee wel op de hoogte gehouden van de opvangopgave, maar de stukken geven beperkt inzicht in een expliciete politieke afweging tussen mogelijke locaties of in een vooraf vastgesteld kader voor locatiekeuze. De eerste locatiekeuzes waren in belangrijke mate al bepaald door de crisissituatie, directe beschikbaarheid van locaties en de noodzaak om snel opvangcapaciteit te realiseren. Van 14 maart 2023 tot en met 15 april 2024 neemt het college geen besluiten die raken aan de opvanglocaties van ontheemden uit Oekraïne. Ook wordt de gemeenteraad niet geïnformeerd over de opvang in deze periode. Dit is opvallend omdat de termijnen voor de gedoogbesluiten voor de opvanglocaties Crownpoint en Singel 270 verstreken in deze periode. Bovendien was een duidelijk perspectief op de opvang van Oekraïners volgens het college een voorwaarde voor de besluitvorming over de locatie van het AZC, die in deze periode plaatsvindt. Naarmate de opvang langer duurde, veranderde ook de positie van de raad.

De opvang verschoof van crisisaanpak naar een langduriger huisvestingsvraagstuk. Daarmee kwamen reguliere besluitvorming, financiële kaders en ruimtelijke procedures nadrukkelijker in beeld. De rol van de raad werd daardoor gaandeweg minder uitsluitend informerend en meer gericht op randvoorwaarden, middelen en de verdere uitwerking van de langetermijnoplossing. Die ontwikkeling wordt zichtbaar in de latere besluitvorming over flexwoningen. 42 Gemeente Dordrecht, Presentatie voor commissie, 24 januari 2023. 43 College Dordrecht (2023, 17 januari), Wensen en bedenkingen voornemen tot vestiging van asielzoekerscentrum in Dordrecht p.3.

50 3.3 Flexwoningen werden gekozen als duurzame oplossing voor opvang en woningbehoefte 3.3.1 De eindigheid van bestaande opvanglocaties maakte een nieuwe oplossing nodig Vanaf 2023 werd binnen de gemeente Dordrecht nagedacht over een oplossing voor de langere termijn. De bestaande opvanglocaties boden op korte termijn veel capaciteit, maar waren niet ingericht als structurele huisvestingsoplossing. Daarbij speelden twee overwegingen. Ten eerste hadden bestaande grote opvanglocaties, waaronder CrownPoint, een tijdelijk karakter. Ten tweede werd collectieve opvang minder passend naarmate duidelijker werd dat de oorlog in Oekraïne langer zou duren. Uit gesprekken blijkt dat al in het najaar van 2023 werd nagedacht over flexwoningen, ook al bestond toen nog onzekerheid over de duur van de oorlog. De bestaande crisisplekken waren volgens betrokkenen niet geschikt voor langdurig verblijf. Daarbij speelde mee dat Oekraïense ontheemden soms al jaren met meerdere mensen in een kleine ruimte verbleven. De behoefte aan een nieuwe oplossing kwam dus niet alleen voort uit het aantal benodigde opvangplekken, maar ook uit de kwaliteit en houdbaarheid van de opvang. De keuze voor een langetermijnoplossing had ook een bestuurlijke lading.

Eerder beginnen aan een langetermijnoplossing zou een bestuurlijke erkenning betekenen van langdurige opvang, een onderwerp dat politiek-bestuurlijk gevoelig was. Daarmee was de uiteindelijke stap de langetermijnoplossing met flexwoningen niet alleen een uitvoeringsbesluit, maar ook een markering van de overgang van tijdelijke crisisopvang naar langduriger huisvesting. 3.3.2 De bestuursopdracht van 16 april 2024, verbond opvang aan spreiding, planning en financiële haalbaarheid Op 16 april 2024 stelde het college een bestuursopdracht vast. Daarin kreeg de ambtelijke organisatie de opdracht om vijf locaties te onderzoeken voor de realisatie van flexwoningen voor Oekraïense ontheemden. Het college formuleerde daarbij de volgende uitgangspunten: • spreiding over de stad; • gedeeltelijke oplevering van locaties in juli 2025; • een haalbare financiële businesscase door inzet van subsidies; • in 2025 en 2026, na sloop van CrownPoint, in totaal 900 Gemeentelijke Opvang Oekraïners (GOO)-plekken, bestaande uit flexwoningen en één opvanglocatie; • vanaf 2027 650 plekken in flexwoningen en geen opvangcentra meer. In de raadsinformatiebrief gaf het college aan voor 650 personen huisvesting in flexwoningen te willen realiseren. Volgens het college deed dit aantal recht aan wat van Dordrecht mocht worden verwacht in de totale maatschappelijke opgave.

Daarbij werd, bij gebrek aan een heldere verdeelsleutel, aangesloten bij de systematiek van de Spreidingswet44. Het college ging ervan uit dat Oekraïense ontheemden voor een periode van vijf jaar in de flexwoningen zouden worden gehuisvest. De woningen zelf zouden voor een periode van tien tot vijftien jaar worden gebouwd en daarmee ook nog voor een langere periode voor andere doelgroepen kunnen worden gebruikt. Het college motiveerde de keuze voor flexwoningen vanuit de verantwoordelijkheid voor de langere termijn huisvesting van Oekraïense ontheemden. Daarbij wees het college erop dat verblijf in opvanglocaties, 44 College Dordrecht, Raadsinformatiebrief Proces langetermijnhuisvesting Oekraïners, 16 april 2024.44 College Dordrecht, Raadsinformatiebrief Proces langetermijnhuisvesting Oekraïners, 16 april 2024, p.1.

51 vanwege het beperkte oppervlak per persoon, negatieve invloed had op het welbevinden van de ontheemden. Flexwoningen moesten daarom niet alleen voldoende capaciteit bieden, maar ook een betere vorm van verblijf mogelijk maken. In dezelfde raadsinformatiebrief maakte het college duidelijk hoe het de participatie met omwonenden en andere betrokkenen wilde vormgeven. De locatiekeuze werd geen onderwerp van inspraak. Per gekozen locatie wilde het college wel met omwonenden en eventueel bedrijven in gesprek over de impact op de buurt. Daarbij zouden bewonersavonden en de participatiesite Doe mee Dordt worden ingezet45. Daarmee werd de participatieruimte vanaf het begin afgebakend: inwoners konden meedenken over de manier waarop de woonvoorzieningen in de wijk zouden landen, maar niet over de vraag of de locaties als zodanig zouden worden gebruikt. 3.3.3 De aankoop van het Schippersinternaat moest het wegvallen van Crownpoint opvangen Op 3 september 2024 besprak de commissie twee raadsvoorstellen die samenhingen met het beschikbaar houden en vervangen van opvangcapaciteit. Beide voorstellen waren volgens de toelichting besproken in het college van 15 augustus 2024. Het eerste voorstel betrof het verstrekken van een hypothecaire lening aan ontwikkelaar VORM voor de aankoop van het recht van erfpacht van de grond onder CrownPoint46.

In ruil daarvoor zegde VORM toe dat Oekraïense ontheemden uiterlijk tot 1 december 2025 in CrownPoint konden blijven. Voorafgaand aan de commissiebehandeling stuurde het college een technisch addendum op het raadsvoorstel. Daarin werd de toelichting gecorrigeerd: in plaats van een concerngarantie zou VORM een BW2:403-verklaring afgeven47. Volgens het college bood deze verklaring de gemeente meer zekerheid dat VORM aan haar verplichtingen zou voldoen. Het tweede voorstel betrof het beschikbaar stellen van kredieten voor de aankoop van het Schippersinternaat aan de Burgemeester de Raadtsingel 93A en voor de aankoop en plaatsing van woonunits48. Het gebouw was aan de gemeente te koop aangeboden en werd geschikt geacht voor opvang. In het Schippersinternaat zelf konden 150 opvangplekken worden gerealiseerd. Met het bijplaatsen van woonunits zou het totaal op 210 plekken uitkomen. De achtergrond van dit voorstel was dat CrownPoint tussen augustus en december 2025 moest worden opgeleverd aan de ontwikkelaar. Daarmee zouden de opvangplekken op die locatie vervallen. De locatie Singel 271, met 258 plekken, was nog beschikbaar tot en met 31 december 2026. Daarom zocht de gemeente naar alternatieve locaties. Volgens de planning moesten de eerste bewoners in februari 2025 verhuizen naar het Schippersinternaat49 . De plaatsing van 60 woonunits was strijdig met het omgevingsplan.

Daarom moest een procedure voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit worden doorlopen. Daarnaast was de plaatsing van de woonunits strijdig met het risicobeleid in de omgevingsvisie. Het college gaf vier argumenten om van dit beleid af te wijken: het ging om tijdelijke huisvesting, er waren nauwelijks alternatieve locaties beschikbaar, de locatie was geschikt voor de huisvesting van een grotere groep ontheemden en de ligging 45 Ibid,p.2 46 Gemeente Dordrecht, Verstrekken van een hypothecaire lening aan VORM project 26, 15 augustus 2024. 47 Gemeente Dordrecht, addendum op raadsvoorstel verstrekken hypothecaire lening CrownPoint, 10 september 2024. 48 Gemeente Dordrecht, Beschikbaar stellen kredieten voor aankoop Schippersinternaat Burgemeester de Raadtsingel 93A en aankoop en plaatsing woonunits, 15 augustus 2024. 49 Gemeente Dordrecht, presentatie 3 september 2024.

52 op circa 100 meter van het spoor, achter bestaande bebouwing, werd minder risicovol geacht. Ook wees het college erop dat de beoogde bewoners zelfredzaam zijn. Tijdens de commissiebespreking werd een ambtelijke presentatie gegeven. Daarin werd onder meer toegelicht dat de HUB zou sluiten zodra het Schippersinternaat zou openen, en dat de bewoners van de HUB zouden worden verplaatst naar het hoofdgebouw van CrownPoint. Dit was een aanvulling op het raadsvoorstel50. Tijdens dezelfde commissiebespreking sprak een inwoner in namens het VvE-bestuur. Deze inwoner was kritisch op de participatie rondom het besluit over het Schippersinternaat. De kritiek wordt in gesprekken van de rekenkamer met deelnemers van de later ingerichte begeleidingscommissies onderschreven. De aankoop van het Schippersinternaat voor de opvang van Oekraïners vernamen zij uit de krant, en niet van de gemeente zelf. Dat betekende voor omwonenden een valse start. Zij hadden veel vragen over de keuze voor deze locatie, over de impact op de buurt en de duur van de opvang. Mede naar aanleiding van deze kritiek en de zorgen werd een extra inspraakmoment georganiseerd tijdens de commissie van 17 september 2024. Uit een memo van de portefeuillehouder aan de raad blijkt bovendien dat op 3 september ook een besloten deel van de commissievergadering heeft plaatsgevonden.

Tijdens dat besloten deel zijn de vijf locaties voor flexwoningen benoemd51. 3.3.4 Aanvullende participatie op 10 en 17 september 2024 leidde tot doorgang van de besluitvorming Op 10 september is een informatieavond voor omwonenden van het Schippersinternaat. Deze avond werd door circa 25 omwonenden bezocht.52 Door omwonenden werd gevraagd om op tijd en over het gehele (bouw)proces te communiceren met de buurt. Tijdens beeldvormende commissie op 17 september spreekt de vertegenwoordiger van het VVE-bestuur opnieuw in.53 De inspreker zegt uiteindelijk tevreden te zijn met het participatieproces. De commissie besluit een werkbezoek te brengen aan de locatie. Beide raadsvoorstellen worden door de commissie doorgestuurd naar de gemeenteraad en als hamerstukken afgedaan op 24 september 2024.54 3.3.5 Het kredietvoorstel van 17 september 2024 maakte vijflocaties voor flexwoningen concreet Het college stuurt een raadsvoorstel voor het beschikbaar stellen van kredieten voor de realisatie van flexwoningen op 5 locaties voor de huisvesting van Oekraïense ontheemden.55 Hiertoe wordt een krediet beschikbaar gesteld van €34 miljoen voor de bouw en €27 miljoen in een periode van 10 jaar afgeschreven.

Het college geeft verder aan dat er 600 opvangplekken worden gerealiseerd verspreid over vijf aangewezen locaties: 50 Email VVE bestuur Singel 296, Zaaknummer 2024-0087302 - Beschikbaar stellen kredieten voor aankoop Schippersinternaat Burg, de Raadtsingel 93A en aankoop en plaatsing van woonunits, 31 augustus 2024. 51 Portefeuillehouder, Memo Beantwoording vragen beeldvormende bespreking kredieten beschikbaar stellen voor flexwoningen Oekraïense ontheemden, 11 oktober 2024. 52 Gemeente Dordrecht, Kort verslag en aantekeningen van de informatieavond Schippersinternaat, burgemeester de Raadtsingel 93 A / 10 september 2024, 10 september 2024. 53 Gemeenteraad Dordrecht, Verslag van de openbare vergadering van de gemeente Dordrecht – Dordtse Dinsdag, 17 september 2024. 54 Gemeenteraad Dordrecht, Openbare besluitenlijst gemeenteraad Dordrecht van 24 september 2024, 24 september 2024. 55 College Dordrecht, Beschikbaar stellen van kredieten voor de realisatie van flex-woningen op 5 locaties voor de huisvesting van Oekraïense ontheemden, 17 september 2024; College Dordrecht, openbare besluitenlijst College en Wethouders 17 september 2024.

53 • Cornelis Evertsenstraat Zuid • Cornelis Trompweg • Businesspark Amstelwijck, Laan van Riga • Vlijkade • Rudyard Kipling-erf (naast basisschool Griffioen). De locaties Amstelwijck en Rudyard Kipling-erf zouden mogelijk worden ontwikkeld door een woningcorporatie. Uit het raadsvoorstel blijkt niet welke afzonderlijke afwegingen tot deze locaties hebben geleid. Het college verwees naar de uitgangspunten uit de raadsinformatiebrief van 16 april 2024. Wel blijkt uit de toelichting dat een deel van de locatie Vlijkade pas in 2026 ontwikkeld kon worden en dat op andere locaties ruimtelijke uitdagingen bestonden. Daarom bleef het Schippersinternaat belangrijk voor snelle opvangcapaciteit. Ook in dit voorstel maakte het college duidelijk dat de locatiekeuze geen onderwerp van participatie was. Vanwege de noodzaak om op korte termijn huisvesting te realiseren, richtte de participatie zich op inpassing, veiligheid en leefbaarheid56. Verder staat in het raadsvoorstel dat bij iedere locatie in overleg met omwonenden wordt gekeken hoe tot een win-win situatie gekomen kan worden door 'inpassingsmaatregelen‘ die ten goede komen aan de bewoners van de flexwoningen, maar ook aan mensen die in de omgeving wonen.

3.3.6 De inloopbijeenkomsten gingen vooral over inpassing en niet over de locatiekeuze In september en begin oktober 2024 organiseerde het college vier inloopbijeenkomsten over de locaties voor flexwoningen57. Bij deze inloopbijeenkomsten wordt een algemene presentatie gegeven over de huisvesting van de Oekraïense vluchtelingen op de beoogde locaties.58 Ook wordt getoond hoe de woningen eruit zullen zien en wat de exacte locatie is. Bezoekers kunnen hun zorgen, wensen en ideeën schriftelijk of mondeling meegeven aan de vertegenwoordigers van de gemeente. De bijeenkomsten hebben het karakter van informatieavonden. Hiervoor is volgens het college gekozen omdat er geen participatie geboden wordt op de keuze voor de locaties, maar alleen op de inpassing van de locaties.59 De reacties verschilden per locatie. Bij de Vlijkade zagen aanwezigen de komst van Oekraïense ontheemden niet als probleem, maar vroegen zij vooral aandacht voor parkeerdruk. Bij de Cornelis Trompweg en Cornelis Evertsenstraat was meer weerstand, onder meer vanwege het gebruik van groenruimte en de ervaren stapeling van opvanglocaties in de wijk. Bij het Rudyard Kipling-erf was de onvrede het grootst. Daar ging het zowel om de locatie, een grasveld naast een school, als om het communicatieproces. Omwonenden vonden dat eerder en breder overleg had moeten plaatsvinden.

56 College Dordrecht, Beschikbaar stellen van kredieten voor de realisatie van flex-woningen op 5 locaties voor de huisvesting van Oekraïense ontheemden, 17 september 2024, p.5. 57 Verslag inloop avond flexwoningen Cornelis Trompweg (Wielwijk), 25 september 2024; Verslag inloop avond flexwoningen Vlijkade 26 september 2024; Verslag inloop avond flexwoningen Rudyard Kipling-erf, 3 oktober 2024; Verslag inloop avond flexwoningen Cornelis Evertsenstraat (Wielwijk), 2 oktober 2024; 58 College Dordrecht, powerpointpresentatie Inloop avond flexwoningen, ongedateerd. 59 College Dordrecht, Beantwoording technische vragen huisvesting lange termijn opvang Oekraïners, 18 oktober 2024.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/1191/documents/50870