CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagen bij Welstandnota.pdf

Dordtse Dinsdag – Beeld- en oordeelsvormende commissies 14 februari 2023, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Amenderen op Geactualiseerde Welstandsnota Dordrecht - Raadsvoorstel30.188 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

hemelwaterafvoer) en het toepassen van kappen met een overstek. De gevels van de woningen bestaan uit gebakken klinkers in een lichtrode tot donkerbruine kleur, de kappen met rode-bruin of zwarte keramische pannen. Kozijnen, boeiborden, gootconstructies worden in principe in hout uitgevoerd. Dakkapellen zijn nadrukkelijk ondergeschikt aan het dakvlak. Aan- en/ of bijgebouwen worden zorgvuldig gesitueerd om het gewenste open beeld in stand te houden. De bebouwing van de vrije kavels langs de dijken is vooraf geheel vrij gelaten. Van belang voor het in stand houden van het gewenste beeld is de stedenbouwkundige setting. De bebouwing langs de dijken kenmerkt zich door een open verkaveling met veel ruimte tussen de bebouwing. Als algemene stelregel voor de bebouwing langs de dijken in de Hoven geldt dat de open ruimte tussen de bebouwing ten minste twee keer zo groot moet zijn als de bebouwde ruimte (zie bijgaande tekening). Om de gewenste openheid te handhaven is een zorgvuldige plaatsing van aan- en bijgebouwen noodzakelijk. Bedrijven De bedrijven richten zich met hun voorkant naar de ontsluitingsweg van het bedrijventerrein. Zij- en achterkanten krijgen minder zorg, hoewel ze van alle kanten in het zicht staan. Naarmate de schermen om de kamers in hoogte groeien en de terreinen “ingepakt” raken, is dit minder problematisch.

Overigens zal veel beplanting in het winterhalfjaar niet groen en dus transparant zijn. Daarom blijft binnen de kamers terughoudendheid wat betreft dichtheid, bouwhoogte, kleur- en materiaalkeuze, reclame-uitingen gewenst. Op enkele bedrijvenlocaties (Groene Zoom, Vissersdijk-beneden en Ploegstraat/Egstraat) is, zowel

stedenbouwkundig als architectonisch, meer kwaliteit ontwikkeld dan op een willekeurig bedrijfsterrein. Zo is het ontsluitingsprofiel met zorg gedetailleerd. Er is ruimte vrijgemaakt voor een bomenstructuur en een ordelijk parkeersysteem. De bebouwing is met een standaard architectuurconcept ontworpen om meer samenhang en kwaliteit te bereiken. Variëteit en individualiteit zijn mogelijk op ondergeschikte onderdelen. Ook op het gebied van reclame-uitingen zijn afspraken gemaakt om al te verstorende, opdringerige reclame tegen te kunnen gaan. Dijken De Noordendijk, Vissersdijk, de Oudendijk en de Zuidendijk zijn duidelijke landschappelijke elementen die dit gebied doorsnijden en begrenzen. Erlangs bevinden zich diverse dijkmilieus met karakteristieke bebouwing, zowel onderaan als op de dijk. Vaak vallen ze samen met fietsroutes. Vooral langs de oostzijde van de Vissersdijk heeft zich een samenhangende lintbebouwing ontwikkeld. De Oudendijk, een deel van de Zuidendijk en de Noordendijk zijn weliswaar opgenomen in het stedelijk weefsel, maar het open en groene karakter van de dijk overheerst; tussen de incidentele bebouwing is een ruim en goed zicht op het achterland mogelijk.

7.6.3 Waardering, beleid en ontwikkeling Groene zone met diversiteit De Corridor is een belangrijke groene geledingszone tussen Dubbeldam en Stadspolders, door de grote diversiteit aan functies ook wel eens oneerbiedig als rommelzone aangeduid. Om ruimte te bieden aan een

grote functionele diversiteit is een visie ontwikkeld voor de Corridor, die is vastgelegd in een bestemmingsplan. Met het ontwikkelen van groene ‘kamers’ moet de samenhang, het groene karakter, maar ook de diversiteit worden gewaarborgd. Essentieel in de visie is dat het kamerconcept met zijn groene schermen moet worden versterkt, dat de doorzichten van rand naar rand behouden blijven en dat de breedte en de openheid van de zone ervaren kunnen blijven worden. Binnen deze kamers kunnen diverse functies worden gesitueerd waarbij wordt gestimuleerd dat per kamer een sterke (ruimtelijk en/of functionele) samenhang ontstaat. Naast het bewaken van de kamerstructuur vormt de landschappelijke inpassing van ontwikkelingen langs de dijkzones een aandachtspunt. Zichtmogelijkheden naar het achterland, het open karakter en het landschappelijke karakter zijn van belang. Tegelijk biedt zo’n doorkijkje een inkijk in de verderop gelegen kamers, zolang het kamerscherm zijn werking nog niet vervult. Vanwege de landschappelijke kwaliteiten vervult de Corridor een rol in de stedelijke ecologische structuur en zorgt voor verbindingen tussen de Dordwijkzone/Wantijzone met het buitengebied. De kwaliteiten van het gebied zijn goed te beleven vanaf de verschillende dijken, die een belangrijke functie vervullen in het recreatieve netwerk van de stad.

Stedenbouwkundige visie De Corridor geldt als geledingszone in de stad en onderscheidt de stadsdelen Dubbeldam en Stadspolders. Nieuwe invullingen moeten bijdragen leveren aan deze specifieke betekenis. Kenmerkend voor dit gebied zijn de voortdurende veranderingen, die passen in het kader van een ontwerpvisie met groene ‘kamers’. Door de grote diversiteit in functies is de eenheid gevonden in de landschappelijke inbedding daarvan. De Corridor

Concepttekening Corridor

is daarbij opgedeeld in enkele ‘kamers’ die gevormd worden door stevige beplantingswanden/groen schermen van bomen en bosschages. De invulling van de kamers kan daardoor verschillen. De kamers zijn in hoofdzaak georiënteerd op en worden ontsloten vanaf de Provincialeweg. De kamerwand aan deze zijde heeft aan deze zijde dan ook een transparanter karakter/ groenscherm gekregen De groene kamers zijn primair; wat er binnen de kamers te zien is, komt op de tweede plaats.

en de openheid van de zone.

Tussen de verschillende kamers en langs de Noordendijk moeten zichtzones zonder bebouwing/minder dichte bebouwing er voor zorgen dat mensen de afstand tussen wijken kunnen ervaren en daarmee de breedte Bijlage Welstandsnota Dordrecht

59

60

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

Want ij

Wan ti

jdijk

No

ord

en

dij

Spoorlijn

k

Dordrec

ht - Geld

ermalse

n

N3

erk

am

pw

eg Oude

ndijk

Schenkeldijk

Ov

ijk

Zeed

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

61

3.7 Dordtwijkzone 3.7.1 Achtergrond Dubbele stadsrand De Dordwijkzone is de zone tussen het Wantij en de Wieldrechtse Zeedijk met als kern het landgoed Dordwijk. In de jaren ‘90 krijgt het de benaming Dortwijkzone. Het gebied herinnert nog aan de voormalige stadsrand van Dordrecht en Dubbeldam. De groei van Dordrecht en Dubbeldam kwam in dit gebied tot uitdrukking in twee naar elkaar toe bewegende stadsranden. Het is daarmee een dubbele stadsrand, nog één stap verder en de twee kernen zouden ineenvloeien. Kenmerkend voor de Dordwijkzone als stadsrandgebied zijn het landschappelijke grondpatroon van polders en dijken, de aanwezigheid van geplande voorzieningen als volkstuinen en sportvelden en ongeplande voorzieningen zoals woningen en kleinere bedrijven. Kenmerkend is ook dat zowel Dordrecht als Dubbeldam de achterkanten keren richting de Dordwijkzone. Naarmate het gebied verstedelijkte, raakt het doorsneden met wegen en een spoorlijn Visie In de visie voor de Dordwijkzone staat het zichtbaar maken van de landschappelijke kwaliteiten centraal. Het doel hierbij is een duidelijk samenhangend en begrensd parkgebied te ontwikkelen. De zone heeft daarnaast grote betekenis als natuurverbindingszone tussen het Wantij verbindt en de Nieuwe Dortse Biesbosch.

Uitgangspunten voor ontwikkeling is de gebruikswaarde van het gebied als ‘park voor de stad’, het herstel van de natuur binnen stedelijke grenzen en de herkenbaarheid van het gebied verbeteren. Dat betekent behoud van 62

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

groene kwaliteit, geen dichtslibbing en verrommeling, vergroting van de natuurwaarde en verbetering van de recreatieve routes. Nieuwe bebouwing is ondergeschikt aan het groene karakter en heeft een meerwaarde voor natuur en recreatie. Binnen deze randvoorwaarden is bouwen op sommige plekken beperkt mogelijk. Dit geldt zowel voor het volume als de vormgeving van de nieuwbouw.

3.7.2 Beschrijving Open en groene ruimte De Dordwijkzone is een relatief open en groene zone en wisselend in breedte. De Dordwijkzone manifesteert zich niet als een eenduidig gebied en is op te delen in drie gebieden. Centraal element is de parkenconcentratie; het landgoed Dordwijk, naamgever van de zone, Dubbelmondepark, Overkamppark. Deze locaties, ook wel de parkendriehoek genoemd, zijn als verschijningsvorm het meest ‘massief’. Het Wantijpark is de noordelijke beeindiging van de Dortwijkzone. De sportvoorzieningen, villawijk Wantijbuurt en het plan Tij in de Jagers- en Windhondpolder oogt semitransparant. Het gebied tussen het landgoed Dortwijk tot Wieldrechtse Zeedijk is een relatief open gebied met agrarische functies, sportcomplex Schenkeldijk, kascomplexen en volkstuinen. Randen en doorsnijdingen De Dordwijkzone valt binnen de officiële wijkindeling samen met delen van Reeland, Dubbeldam en Sterrenburg. Er zijn vele doorsnijdingen van oost-

Visiekaart van de Dordtwijkzone uit 2000 - Alle Hosper

west verkeersverbindingen, dijken en een spoorweg. In de lengterichting is de N3 zowel de begrenzing en doorsnijding van de Dordwijkzone. In het zuiden vormt de Stevensweg met zijn lintbebouwing een onderbreking. Aan de achterzijden van de huizen heeft uitbreiding van woon- en bedrijfsfuncties plaatsgevonden. Dordwijk Dordwijk is rond 1635 als buitenplaats aangelegd. Centraal ligt een kasteelboerderij, deels nog daterend uit de stichtingstijd. Halverwege de negentiende eeuw heeft J.D. Zocher jr. het park heringericht. Gebouwd werden: huize Dordwijk (1855), de oranjerie (1861), een tuinmanswoning (1861) met enkele schuren en villa Sorghvliet (1892) in eclectische stijl met enkele invloeden van de chaletstijl. De bebouwing vormt een harmonieus geheel met het door Zocher aangelegde park. Van de Dordtse buitenplaatsen is Dordwijk het gaafst bewaard gebleven. In zijn verschijningsvorm vertegenwoordigt het een unieke cultuurhistorische en landschappelijke waarde. Het landgoed is in zijn geheel op de monumentenlijst geplaatst. Tribune Aan het Halmaheiraplein, op sportpark Reeland, staat een bijzondere zittribune. De tribune is in 1933 gebouwd in opdracht van voetbalvereniging O.D.S. (Oefening Doet Slagen). De onderbouw is opgetrokken in baksteen en beton, met een stalen constructie en wordt afgedekt door een met Hollandse pannen gedekt, uitkragend houten schilddak.

Wantijpark en -plantsoen Het Wantijpark is in de crisisjaren (1933-1936) aangelegd als werkverschaffingsproject en heeft een unieke waarde. Het is een van de weinige en gaaf bewaard gebleven volksparken die tijdens het interbellum in Nederland zijn aangelegd. Het bestaat uit grote gazons, perken met struiken en bomen en een vijver met eilandjes. Bakstenen trappen en dito banken vormen de inrichtingselementen. Aan de rand staat een restant van een muur van een schietbaan, die omstreeks 1910 is opgetrokken in ambachtelijk-traditionele trant. Het Wantijplantsoen is een verdiept gelegen plantsoen in Nieuw Architectonische tuinstijl en dient als voorportaal van het ten zuidoosten ervan gelegen Wantijpark.

Ook de Zuidendijk is opgenomen in het stedelijk weefsel, maar nog altijd overheerst het open en groene karakter; tussen de incidentele bebouwing is een ruim en goed zicht op het achterland mogelijk.

Monumenten De schietbaan en het Wantijplantsoen staan op de rijksmonumentenlijst. Gemeentelijke monumenten in de Dordwijkzone zijn de begraafplaats Dubbeldam, de boerderij en het koetshuis Overkamp en de Oostenrijkse blokhuizen, hun naam dankend aan hun herkomst vlak na de watersnood in 1953, aan de Achterweg

Plan Tij In de voormalige polder zijn sportvoorzieningen en een woningbouwplan gerealiseerd. Dit plan heeft veel ruimte open gelaten voor water en groenvoorzieningen vanuit de kaders van de Dordtwijkzone. Onder invloed van eb en vloed kan zich hier een bijzonder waardevol Biesboschmilieu ontwikkelen. De meeste woningen hebben een sterke relatie met het water, waaronder aanlegplaatsen. Het plan heeft verschillende woningtypen, geschakeld, appartementen, 2/1 kap en vrijstaand en op de rand van een kade een strook vrije kavels. Welstandshalve is gezocht naar een minimum aan regelgeving, zodat een grote ontwerpvrijheid ontstond. Om toch de onderlinge relatie met de aangrenzende bebouwing geen geweld aan te doen, is als regel meegegeven dat kappen niet toegestaan waren. Verder kleuren en materiaalkeuze met bescheiden uitstraling.

Dijken De Wantijdijk, de Noordendijk en Zeedijk hebben een natuurlijk karakter door de ligging in het open landschap en het vrijwel ontbreken van bebouwing. De Oudendijk is opgenomen in het stedelijk weefsel, maar heeft tussen de bebouwing veel landschappelijke elementen behouden. De dijk heeft een half-open karakter; doorzichten zijn goed mogelijk door de ruime onderlinge afstand tussen de bebouwing.

Het proces en de uiteindelijke resultaten zijn zeer geschikt als voorbeeld voor een welstandsvrijere benadering, waarbinnen de individuele wensen en collectieve belangen in balans hebben gefunctioneerd. In de strook vrije kavels zijn belangrijke doorzichtplekken open gehouden om het zicht vanaf de Noordendijk naar het Wantijpark niet te blokkeren. Het streefbeeld is om woningen in een groene setting te presenteren op afstand van de stad.

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

63

3.7.3 Waardering, beleid en ontwikkeling Waardering: openheid en rust Het parkachtige en landschappelijke karakter met de recreatieve mogelijkheden maken het gebied waardevol. Het contrast tussen een rustig natuur en recreatiegebied en het het aangrenzende stedelijk milieu is daarin van belang. Het zuidelijk deel van de Dordwijkzone wordt gewaardeerd om de openheid van het polderlandschap. Ontwikkelingen Landschappelijk versus stedelijke functies Voor de visie op de ruimtelijke ontwikkeling van de Dordwijkzone is uitgegaan van een aantal principes. Deze zijn richtinggevend zowel bij het zoeken naar oplossingen voor concrete ontwerpvraagstukken als bij het bepalen van de aard en omvang van bouwwerken. De principes zijn een leidraad voor het ontwerp enuitwerking van het gebied. Het doet uitspraken over de openbaarheid, stadsrand, polders, kamers en dijken, water en groen en parkontwerp. De kwaliteitskenmerken van de Dortwijkzone kunnen verder worden ontwikkeld. Natuur/en landschapswaarden staan voorop maar stedelijke functies zijn, in beperkte mate, mogelijk. Het gerealiseerde Plan Tij in de Jagers- en Windhondpolder en Stevensweg-West zijn voorbeelden van de benadering waar woningaantallen, dichtheid, transparantie en korrelgrootte ten opzichte van natuur, groenvoorzieningen en ruimte voor water in balans zijn.

64

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

an

a

Or

n

laa

Do r

Spoorlijn

ht - Geld

ermalse

n

lda

ven

bbe

ms

oe

Du

we

g

a red t-B ch dre

Dordrec

ew

eg

tigh

Sp oo rlijn

zui

d

Tw in

e ns

lo

u To

ijk nd de or No

la nje

Welstandsnota Dordrecht

65

3.8 Reeland 3.8.1 Achtergrond Van polder naar woonwijk Het Land van Valk – genoemd naar de tuindersfamilie Valk – is een verwijzing naar de tijd dat het gebied een polder was met boerderijen, buitens, molens en een enkel blokje woningen. Het stratenpatroon van het Land van Valk, maar ook van heel Reeland herinnert nog aan de historische verkaveling. Zo heeft het zuidelijk deel van de Indische buurt een orthogonaal stelsel en een verscheidenheid aan kaveldieptes, voortkomend uit de polderverkaveling en het slotenpatroon. Specifieke historische elementen zijn de dijken, de spoorlijn naar Gorinchem, de Reeweg en de Dubbeldamseweg, die de stad met het achterland verbinden. Woningbouw overheerst, daarnaast staan er verspreid in Reeland scholen, een verzorgingstehuis, winkels en bedrijven. De plek waar het gemeenteziekenhuis heeft gestaan, is begin jaren ‘90 geschikt gemaakt om er eigentijdse woningen neer te zetten. Tot slot ligt er in Reeland een begraafplaats. Uitbreidingsplannen; “doelmatigheid, gezondheid en goedkoopte” Reeland is ontstaan op basis van de uitbreidingsplannen van 1917 en 1932. Het karakter van die plannen laat zich lezen in het volgende citaat: “De kunst van stadsuitbreidingen is die van zien in de toekomst; ze is minder gericht op formele schoonheid dan op nut, doelmatigheid, gezondheid, goedkoopte, ordelijkheid, overzichtelijkheid, gerieflijkheid”. 66

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

Diversiteit aan opvattingen en stijlen De ontwikkeling van Reeland begint aan het einde van de 19e eeuw met de Indische- en Transvaalbuurt nabij de Toulonselaan; de Vogelbuurt is in de jaren ’50 gebouwd. Een scala aan stedenbouwkundige en sociale opvattingen – over huisvestiging gedurende een halve eeuw – zijn herkenbaar in de verschillende buurten binnen de wijk. In het straatbeeld komt dit tot uiting in een verschuiving van gesloten bouwblokken – waarbij de straatruimte gevormd wordt door de massa van de bouwblokken – naar een meer open verkaveling, waarbij straten nog wel herkenbaar zijn, maar de bouwblokken meer “in de ruimte” zijn geplaatst. Ook qua de architectuur is er een rijke variatie in stijlen: van eclecticisme, art nouveau, Delftse school en functionalisme tot renovatie uit de jaren ‘80 en architectuur uit de jaren ‘90.

3.8.2 Beschrijving Stedelijk wonen Reeland kenmerkt zich door een recht stratenpatroon. De straatprofielen verschillen in breedtemaat. De straatwanden bestaan veelal uit aaneengesloten bebouwing, maar ook vrijstaande woningen en rijtjes van twee tot vier woningen komen voor. De bouwhoogte verschilt van één à twee lagen met kap tot incidenteel stapeling (maximaal vijf lagen). In grote delen van Reeland is een duidelijke scheiding in gebieden met een collectief karakter (de straat of “voorkant” ) en gebieden met een individueel karakter ( privé-tuinen of “achterkanten”).

Er is een rijke verscheidenheid aan kappen: van topgevels, mansardekappen en zadeldaken tot platte daken. Uiting van een evenzo rijke variatie aan stijlen. Het particulier woningbezit heeft op een aantal plaatsen geleid tot afwisseling in het beeld, onder meer door divers kleurgebruik en dakkapellen. Transvaalbuurt en Indische buurt Hoewel laagbouw overheerst, komt ook gestapelde bebouwing binnen het plangebied voor. Langs de Toulonselaan, de Reeweg-Oost, de Krommedijk en de Transvaalstraat komt hogere bebouwing voor dan in de achterliggende woonbuurten. De gestapelde bebouwing varieert van eengezinswoningen enerzijds, via bovenen benedenwoningen tot stapeling in maximaal vijf bouwlagen anderzijds. Omdat de Transvaalstraat later is aangelegd, staat slechts langs een deel van deze straat randbebouwing. Langs het andere, westelijke deel is sprake van de zij- en achterkanten van de bebouwing in de oudere zijstraten. De Transvaalbuurt is hoofdzakelijk verkaveld in blokken, waardoor een rechthoekig stratenpatroon is ontstaan. De bebouwing bestaat uit aaneengesloten blokken relatief kleine koopwoningen met één à twee lagen met kap. Er komen zowel kappen voor met de noklijn evenwijdig aan de straat, als topgevels met mansardeen zadeldaken. De architectuur is eclectisch met vooral invloeden van de neo-renaissance en art nouveau. Het overgrote deel van deze buurt heeft een stenig

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

67

karakter, waar de smalle straten, de dicht op elkaar staande bebouwing aan bijdragen. De huizen hebben kleine tuinen en plaatsjes die over het algemeen aan de achterzijde van de woningen liggen. Aan de voorzijde staan de woningen veelal direct aan de straat. Het overgrote deel van de bebouwing in de Transvaalbuurt is particulier bezit. Investeringen van bewoners – met subsidies in het kader van de regeling Particuliere Woningverbetering – hebben geleid tot een kleurig beeld: gootlijsten, kozijnen, ramen en voordeuren hebben bijna allemaal verschillende kleuren. De Indische buurt-zuid, gelegen tussen de Krommedijk, Reeweg-Oost en de spoorlijn Dordrecht–Geldermalsen, is qua opzet vergelijkbaar met de Transvaalbuurt. Alle – smalle – woonstraten staan loodrecht op de hoofdstraat, de Reeweg-Oost. De huizen, zowel eengezinswoningen als boven- en benedenwoningen, bestaan uit één, twee of drie bouwlagen met kap. Het straatbeeld in het oostelijk deel van deze buurt wordt bepaald door kleine voortuinen, erkers en grote dakvlakken met kleine dakkapellen (twee lagen met kap) en draagt daardoor duidelijk het stempel van bebouwing uit de jaren ‘30. De woningen zijn qua type en bouwstijl vergelijkbaar met de woningen in de Transvaalbuurt. Ook hier is aan de verscheidenheid de invloed van particuliere investeringen af te lezen.

Reeweg-Oost De Reeweg-Oost maakt onderdeel uit van de lange historische verbindingsroute binnenstad- Dubbeldam68

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

Kop van ‘t Land (Vriesestraat-Vrieseweg-ReewegHaaswijkweg). De bebouwing aan de Reeweg-Oost varieert van ensembles herenhuizen tot blokken bovenen benedenwoningen. Alle hebben zowel een voor- als achtertuin. Aan de Reeweg 181 t/m 219 staat een mooi complex herenhuizen met voortuinen. De architectuur vertoont invloeden van art nouveau. De school aan de Reeweg-Oost 123 is ontworpen door de bekende Dordtse architect B. van Bilderbeek. De architectuur heeft Amsterdamse school-kenmerken: de plasticiteit in het metselwerk en het mozaïekwerk in baksteen.

in de Indische buurt-noord behoren nagenoeg alle tot de koopsector. In dit deel van het plangebied komen veel boven- en benedenwoningen voor.

Omgeving Oranjelaan / Sumatraplein Aan de Oranjelaan (hoek Sumatraplein) staat een markant en rijk vormgegeven ensemble herenhuizen, met torentjes als bijzondere accenten. De huizen hebben een tuin aan de straatzijde die vaak is afgesloten met een smeedijzeren hekwerk. De architectuur is eclectisch, met onder andere invloeden van de neo-renaissance. De panden bestaan uit een souterrain, een bel-etage, eerste en kapverdieping. Ze zijn gebouwd in baksteen; de kap is bedekt met pannen, vaak in combinatie met leitjes.

Ter plaatse van het voormalig HTS-terrein is het nieuwbouwproject ‘Lanen van Oranje’ gerealiseerd. Het is een tuindorpachtige woonbuurt die in architectuur goed aansluit met de omliggende bebouwing.

Het straatbeeld in het oostelijk deel van deze buurt wordt bepaald door kleine voortuinen, erkers en grote dakvlakken met kleine dakkapellen (twee lagen met kap) en draagt daardoor duidelijk het stempel van bebouwing uit de jaren ‘30. Bijzonder zijn de lange rijen huizen langs de Boeroe-, Soemba- en Floresstraat, alle gebouwd met baksteen. Opvallend detail hier is het hoogteverschil tussen de straat- en tuinzijde. De huizen

Bankastraat en omgeving Op de plaats van het oude gemeenteziekenhuis zijn 168 woningen met hoogwaardige architectuur tot stand gebracht (project “Renaissance”). Daarbij is rekening gehouden met de groenelementen: de groenstrook langs de Reeweg en de bomen langs de Bankastraat. De nieuwbouw refereert aan het tuindorpkarakter.

Op het kruispunt van de Bankastraat met de Ceramstraat is een verbijzondering in de vorm van hoogte-accenten aangebracht. De nieuwbouw wijkt qua kleur af van de bestaande bebouwing. Voor een school en een sportcomplex met monumentale tribune wordt verwezen naar de Dordwijkzone. Vogelbuurt De Vogelbuurt onderscheidt zich van de andere buurten in Reeland door meer openheid. De bouwblokken zijn niet aaneengesloten en de rooilijn kent verspringingen. Door het (half) open karakter liggen binnengebieden, zijtuinen en erfafscheidingen in het zicht. De bouwblokken vormen straatachtige en hofvormige ruimten.

Twee lagen met kap komt veel voor als bouwhoogte, gecombineerd met drie- en vierlaagse middelhoogbouw. De middelhoogbouw heeft een opvallend dakranddetail in de vorm een royaal overstek van het platte dak. De bebouwing tussen de Bankastraat en de Billitonstraat vormt een uitzondering. Deze huizen zijn nog uitgevoerd in de stijl van de Indische buurt: gesloten blokverkaveling met een niet rechtlijnig stratenpatroon. De woningen in dit gedeelte van het plangebied zijn overwegend eigendom van een woningbouwcorporatie (sociale huurwoningen). Het gaat hoofdzakelijk om portiekflats en eengezinswoningen, vooral kleine drie- en vierkamerwoningen en woningen met een oppervlakte van minder dan 60 m2. Een gedeelte wordt verkocht aan particulieren als ‘maatschappelijk gebonden eigendom’. De flats aan de Oranjelaan zijn overwegend particulier eigendom. Momenteel is er voor de Vogelbuurt een grootschalige renovatie in voorbereiding. Hierbij is het handhaven van de stedenbouwkundige opzet als uitgangspunt genomen. Deze renovatie zal ook gevolgen hebben voor de omgeving van het Vogelplein, Havikstraat en Buizerdstraat. Zo moeten de veranderingen die hier plaatsvinden de pleinfunctie versterken. In het kader van de studie naar verdichtingsmogelijkheden wordt voor de locatie van de school aan de Aalscholverstraat een vervangende bouwmassa toegedacht van maximaal 30 meter hoogte.

Land van Valk Het woongebied dat voornamelijk gelegen is ten noorden van de Dubbeldamseweg, kenmerkt zich door overwegend gesloten bebouwing uit het begin

van de jaren ‘30 met zijn eigen kenmerken (alleen de randen, de huizen langs de Twintighoevenweg en de Korte Scheidingsweg vormen een uitzondering). Een in het oog springend element zijn de hogere bebouwingsonderdelen op de koppen van de straten. Ze zijn vooral te vinden in de straten tussen de Krommedijk en de Crayensteynstraat. De overige woningen zijn van een beduidend recenter datum, vanaf het midden van de jaren ‘50 tot het begin van de jaren ´70. Krommedijk/Crayensteynstraat; bijzondere waarde In het gebied gelegen tussen de Dubbelmondestraat, Crayensteynstraat, Standhasenstraat en Krommedijk staat een bijzonder woningbouwcomplex in traditionele baksteenarchitectuur, beïnvloed door de Delftse School. Het complex is opgebouwd uit geknikte straten met eenvoudige bakstenen aaneengesloten bouwblokken met een woonfunctie. Vlak voor de hoeken met de Krommedijk en de Crayensteynstraat zijn zeer beeldbepalende torenachtige opbouwen aangebracht met een schilddak, bedekt met rode pannen. De hoeken zelf hebben van oudsher een winkelfunctie, die nu echter nog maar gedeeltelijk wordt uitgeoefend. De tussengelegen straten zijn de Giessenmondestraat, Eemkerkstraat, Nessestraat, Heradesstraat en Vorensaterstraat. De straten zijn als volgt ingericht: in het midden een bakstenen bestrating met aan weerszijden een smal trottoir met betonnen stoeptegels en (natuurstenen) trottoirbanden.

Aan de voorzijde hebben de woningen een ondiepe tuin, die oorspronkelijk (en in sommige straten nog) van de straat is afgescheiden door een halfhoge haag. Kenmerkend is de parallelle bebouwingsstructuur en de gesloten bouwblokken. Als gevolg van een “knik”

in de weg is geen doorzicht naar het eind van de straat mogelijk. Aansluitend aan dit deelgebied bevindt zich tussen de Standhasenstraat en de Vorensaterstraat een basisschool, die in 1934 is ontworpen door de architect K. van Dongen in de traditionele baksteenarchitectuur van de Delftse School. Het schoolplein aan de voorzijde (Standhasenstraat) wordt van de openbare ruimte gescheiden door een bakstenen, gemetseld muurtje. De bouw van de school vormde de afronding van de bebouwing van het Land van Valk. Bij de school staan vrijstaande woningen en ligt een waterpartij met groenstroken. De indeling verraadt een specifiek stedenbouwkundig patroon. Door de hoofdopzet en verschijningsvorm van het woningbouwcomplex inclusief het schoolgebouw heeft het complex stedenbouwkundige en architectonische waarde. Het schoolgebouw aan de Standhasenstraat is uitgebreid met respect voor het stedenbouwkundig patroon. Er zal dan ook niets veranderen met betrekking tot de zichtlijn van de school over de waterpartijen. Dubbeldamseweg De Dubbeldamseweg is een historische verbinding van de stad Dordrecht met het achterland en loopt van de Singel tot de Dordwijklaan. Verder van de binnenstad wordt het karakter van de weg landelijker, wat zich uit in de bebouwing. Oudere, dorpse, vrijstaande bebouwing met tuinen rondom wordt afgewisseld door stedelijker aaneengesloten woonbebouwing.

Sommige villa’s zijn architectonisch interessant en dienen bewaard te blijven. Korte Scheidingsweg en Twintighoevenweg Langs de Korte Scheidingsweg staan villa-achtige Bijlage Welstandsnota Dordrecht

69

landhuizen, opgetrokken in baksteen, waarbij soms de invloeden van de Amsterdamse School zichtbaar zijn. Rondom de huizen liggen grote tuinen. Ook langs de Twintighoevenweg staat twee-onder-éénkapbebouwing, maar deze stamt uit de jaren ‘60. Winkelvoorzieningen De winkels concentreren zich rond het Vogelplein, langs de Reeweg en verder verspreid op enkele locaties, zoals langs de Krommedijk en op de karakteristieke hoeken van de Transvaalstraat. Verkeersroutes: Verkeersroutes die bepalend zijn voor de structuur van het Reeland: • • • • •

Toulonselaan / Oranjelaan Transvaalstraat / Crayensteynstraat Reeweg-Oost Bankastraat Krommedijk / Eemsteynstraat / Dubbeldamseweg

Randen Reeland bestaat uit de Transvaalbuurt, de Indische buurt, de Vogelbuurt en het Land van Valk. Eigenlijk horen de Wantijbuurt en de Jager- en Windhondpolder er ook toe, maar de welstandsnota trekt de grens bij de Noordendijk. Het gebied ten noorden van de Noordendijk wordt binnen de welstandsnota gerekend tot de Dordwijkzone. De noordelijke rand wordt dus gevormd door de Noordendijk, die fungeert als hoofdwaterkering en als ontsluiting voor Stadspolders. Reeland kent geen directe auto-ontsluiting naar de Noordendijk. De oostelijke rand wordt gevormd door groenvoorzieningen en de Molenvliet met het 70

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

erachter gelegen sportpark Reeland (onderdeel van de Dordwijkzone).Zowel de noordelijke als de oostelijke rand worden begeleid door voornamelijk gestapelde bouw uit de naoorlogse periode. In het westen vormen de Toulonselaan en Oranjelaan de grens. Beide zijn onderdeel van de stedelijke hoofdstructuur van het gemotoriseerd verkeer. In het zuiden zijn de spoorlijn naar Lage Zwaluwe en de Randweg de grens. Dijken De Noordendijk is opgenomen in het stedelijk weefsel en heeft een semi-besloten karakter. De bebouwing is geconcentreerd, veelal aan één zijde, waardoor beperkte doorzichten op het binnengebied mogelijk zijn. De Krommedijk vertoont een enigszins slingerend, door rooilijnen ondersteund, verloop. Door de hoogteligging van het aangrenzende gebied is het voor dijken kenmerkende niveauverschil slechts beperkt aanwezig. De blokken aan de noorwdzijde van de Krommedijk en de westzijde van de spoorlijn maken onderdeel uit van het Delftse School woningbouwcomplex. Kenmerkend aan deze zijde van de dijk zijn de grote voortuinen.

3.8.3 Waardering, beleid en ontwikkeling Stedelijk wonen Reeland is een aantrekkelijke, gemengde woonwijk met adequaat voorzieningenniveau, gelegen tussen grote groene gebieden. De ruimtelijke structuur kenmerkt zich door een variatie in opzet en bebouwing. Door de jaren heen heeft de wijk zich gevormd, met inbegrip van het specifieke stratenpatroon en het groen aan de randen. Handhaving van deze grote variëteit is uitgangspunt.

De bestemmingsplannen richten zich op behoud en versterking van de ruimtelijke en functionele structuur en kwaliteiten van het gebied. Qua goot- en nokhoogten moet aansluiting worden gezocht bij de omgeving. De voorgevelrooilijn moet worden aanhouden, aan- en bijgebouwen mogen uitsluitend op het zij- en achtererf. Aandacht voor de inrichting van de openbare ruimte, openbaar groen en speelgelegenheden is gewenst. Nieuwe ontwikkelingen (functie en inrichting) zijn te verwachten voor de Reeweg-Oost en de Transvaalstraat. Nieuw te bouwen woningen op bijvoorbeeld verdichtingslocaties moeten aansluiten op de Dordtse woningbehoefte en op de behoefte in de wijk.

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

71

72

Welstandsnota Dordrecht

asw

ijkw

eg

n slaa

. Ja

Burg

...\luchtfoto.dgn 9-4-2014 12:46:17

Ha

Ou

den

dijk Bijlage Welstandsnota Dordrecht

73

3.9 Dubbeldam 3.9.1 Achtergrond Historische lintbebouwing en buurtschappen In 1603 wordt het land waar nu Dubbeldam ligt, ingepolderd. Oorspronkelijk vormen een beperkt aantal woningen, een kerk, een kosterij, een school en een gemeentehuis de dorpskern. Afgezien van deze lintbebouwing langs de Dubbelsteynlaan, vroeger Straet Wegh geheten, wonen de meeste Dubbeldammers in verspreid gelegen boerderijen en buurtschappen. De bewoners leven vooral van vlas, graan, veeteelt en fruitteelt. Tussen 1918 en 1940 worden langs sommige polderwegen en dijken vrijstaande woningen (met name langs de Burg. Jaslaan) gebouwd; na 1945 neemt de uitbreiding grootschalige vormen aan. De belangrijkste routes zijn nog altijd de historische verbindingswegen, zoals de Dubbelsteynlaan, de Rechte Zandweg, de Haaswijkweg, de Burg.Jaslaan en de Stevensweg, waarlangs soms monumentale bebouwing staat. Ook komt nog bedrijvigheid op achter- en binnenterreinen voor. De bebouwing is meestal van een iets grotere maat dan de woonbebouwing, maar ligt vaak niet of nauwelijks in het zicht. Woonbuurten met dorps karakter Tussen begin jaren ’60 en midden jaren ‘70 krijgt het huidige Dubbeldam grotendeels vorm. Dubbeldam wordt een buitenwijk van Dordrecht met als hoofdfunctie wonen. De voor die tijd typerende open en half-open bouwblokverkaveling met korte bouwblokken komt het 74

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

meest voor. Een deel van de oorspronkelijke bebouwing verdwijnt. De buitenplaats Dubbelsteyn blijft als park bewaard. De dorpskern ondergaat een omvorming tot winkelcentrum, het Damplein. In de jaren ‘90 worden enkele buurten met een eigen karakteristiek gebouwd. In Dubbeldam staan veel middeldure tot dure koopwoningen. Er zijn voldoende voorzieningen en vooral rond de wijk zijn enkele kleine bedrijventerreinen aangelegd. Hoewel het dorpse karakter op de achtergrond geraakt is door wegverbredingen, het dempen van sloten en het slopen van boerderijen, blijft Dubbeldam als dorp herkenbaar en gewaardeerd.

3.9.2 Beschrijving Dorp en buurtjes Kenmerkend Dorp en buurtjes Kenmerkend voor Dubbeldam zijn de historische routes met lintbebouwing en de woonbuurten daartussen. Vele periodes uit de geschiedenis zijn vertegenwoordigd. Voor een sterke samenhang zorgt de gelijke hoogte van de bebouwing: twee lagen met kap is bepalend. Het oorspronkelijke dorp Dubbeldam is nog altijd omsloten door polders en landgoederen. Er is sprake van duidelijke voorkanten aan de straat en achterkanten in (half-open) binnenterreinen. Het zuidelijk deel van Dubbeldam bestaat voor 80% uit naoorlogse nieuwbouwwoningen, waardoor het meer dan het noordelijk deel het karakter van een “standaard” nieuwbouwwijk heeft. Enkele opvallende buurtjes zijn Burg. Beelaertspark, Middenhoeve en het woonwijkje

Dubbeldrecht. Centrum Het Damplein vormt het centrum; opvallend is de geringe samenhang tussen de oude en nieuwe bebouwing. De ontmoeting tussen het oude dorpse met de nieuwe tijd verloopt abrupt; aan de noordwestzijde het kleinschalige dorpse als schakel tussen de Dubbelsteynlaan-West en de “Zandwegen”; in het zuidoosten de na-oorlogse en recente centrumvoorzieningen. Lintbebouwing De historische lintbebouwing draagt bij aan het dorpse karakter. De laanbeplanting zorgt voor de verbinding van het landschap met het dorp: • “Zandwegen” met karakteristieke twee-onder-éénkapwoningen met fraaie kapvorm • Kromme Zandweg (noordzijde), nagenoeg onaangetaste openheid tussen woningen. • Haaswijkweg-Oost en -West: de meeste woningen hebben individueel uiterlijk; afstand tussen de woningen is zeer gering • Burgemeester Jaslaan met karakteristieke twee-onder-één-kapwoningen met fraaie kapvormen • Dubbelsteynlaan-West met omgeving (riante percelen en bebouwing, lommerrijk, diversiteit in functies, voorname sfeer) Noordhoevelaan De vormgeving van het woonwijkje Noordhoevelaan is in het bestemmingsplan zeer specifiek omschreven, zoals een minimale maat voor het overstek van het dak (45

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

75

cm) en de soort baksteen en de kleuren. Meer algemeen wordt het volgende in het bestemmingsplan gesteld: “Vanwege de schaal en de maat van het plangebied moet gestreefd worden naar een buurt met een eigen karakter en identiteit. Op deze wijze wordt aansluiting gezocht bij de bestaande structuur van Dubbeldam, liggen er referenties naar het verleden, maar wordt toch een eigentijdse ontwikkeling nagestreefd.” “Algemeen is gesteld dat het gebied Noordhoevelaan een woonbuurt moet vormen. Om die reden zullen vorm, materiaal en kleur van de woningen voor een groot deel identiek moeten zijn. Andere bouwwerken, zoals bedrijfsgebouwen, zullen op de schaal en de architectuur van de woningbouw afgestemd worden en in overeenstemming met het karakter van de woonbuurt moeten zijn. Samenhang en eenheid staan voorop.” • Randen en groenstructuur Dubbeldam is een dorp (wijk) omringd door park en polderland. Noordelijk begrenst de Provincialeweg met een groenstrook de wijk. In het noordwesten raakt de Randweg de wijk. Ten westen liggen enkele parken (o.a. landgoed Dordwijk). Zuidelijk verwijzen de Oudendijk en de Zuidendijk naar de geschiedenis van inpoldering. De buitenplaats Dubbelsteyn is onderdeel van een groenstructuur, die in verbinding staat met het omringende landelijke gebied. Monumenten De watertoren (1916) verwijst naar de tijd dat Dubbeldam zelf zorgde voor de watervoorziening.

Zij is een markant oriëntatiepunt. Dubbeldam kent redelijk veel gemeentelijke monumenten. Het betreft 76

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

voornamelijk bebouwing langs de historische routes. Vermeldenswaard zijn ook de twee rijksmonumenten; het voormalig raadhuis en een voormalige dokterswoning met huisapotheek. Parken Het park van Dubbelsteyn werd halverwege de negentiende eeuw ontworpen door J.D. Zocher jr. in landschapsstijl. Het landhuis is verdwenen. Dubbelsteyn is nu een wijkpark. De aanleg van Zocher is nog vrij gaaf aanwezig. Het park is van bijzondere landschappelijke waarde en aangewezen als gemeentelijk monument. Van de buitenplaatsen is Dordwijk, direct aan de rand van Dubbeldam gelegen, het gaafst bewaard gebleven. Voor meer informatie over dit park, met unieke cultuurhistorische en landschappelijke waarde, wordt verwezen naar de Dordwijkzone. Ambachtelijke bedrijvigheid Regelmatig komt op achterterreinen en binnenterreinen bedrijvigheid voor. De bebouwing is meestal van een iets grotere maat dan de woonbebouwing, maar ligt vaak niet of gedeeltelijk in het zicht. Dijken Het oostelijke deel van de Oudendijk is opgenomen in het stedelijk weefsel, maar telt nog veel landschappelijke elementen. De dijk heeft een half-open karakter; doorzichten zijn mogelijk door de ruime onderlinge afstand tussen de bebouwing.

Het westelijke deel van de Oudendijk is weliswaar opgenomen in het stedelijk weefsel, maar het open en groene karakter overheerst; tussen de incidentele bebouwing is er een ruim en goed zicht op het achterland mogelijk. De Zuidendijk heeft een zeer natuurlijk karakter door de

ligging in het open landschap en het vrijwel ontbreken van bebouwing.

3.9.3 Waardering, beleid en ontwikkeling Waardering en ontwikkeling: dorp Het karakter van dorp moet behouden blijven, niet in conserverende zin, maar als uitgangspunt voor verdere ontwikkeling van een eigen identiteit van Dubbeldam. Juist bebouwing uit alle tijden betekent dat ook nieuwbouw mogelijk is – als er maar rekening wordt gehouden met de stedenbouwkundige en architectonische maat die bij een dorp past. Het beeldkwaliteitsplan Dubbeldam (juni 2000) stelt: “Het dorpse karakter leunt op het doen kristalliseren van de beste particuliere initiatieven. In een dorp zijn altijd grote en kleine gebouwen naast elkaar te vinden; grotere dichtheid naast het ontbreken van (gebouwd) programma; braakliggend terrein naast bewerkte akkertjes en tuinen.” Uitgangspunt voor verdere ontwikkelingen is dat Dubbeldam geen buitenwijk van Dordrecht is (geworden), maar dat het dorpse karakter juist een bewuste keuze blijft, geïnspireerd door het landschap. Beeldkwaliteitsplan Het Beeldkwaliteitsplan Dubbeldam (juni 2000) stelt dat naast koesteren van het oude meer mogelijk is: • Bouw van monumenten van de toekomst (voorkomen dat er namaak-boerderijen bijkomen) • In stand houden van de collectie buurtjes; afzonderlijke kenmerken versterken • Weloverwogen minutieuze stedenbouwkundige ingrepen

•

Collectie grote en kleine monumentale tuinen, om de dorpse, groene sfeer te herstellen en bevorderen

Alle ontwerpende disciplines moeten streven naar een verrassende afwisseling van interessante bebouwing, tuinen en een verfijnde stedenbouwkundige detaillering. Er moet een dorp met eigentijds karakter ontstaan. Noordhoevelaan Vanwege de schaal en maat moet gestreefd worden naar een buurt met een eigen karakter en identiteit. Op deze wijze krijgt de buurt aansluiting met de structuur van Dubbeldam, is er een referentie met het verleden, maar wordt toch een eigentijdse ontwikkeling nagestreefd. Algemeen is gesteld dat Noordhoevelaan een woonbuurt moet vormen. Om die reden zullen vorm, materiaal en kleur van de woningen voor een groot deel identiek moeten zijn. Andere bouwwerken, zoals bedrijfsgebouwen, zullen op de schaal en de architectuur van de woningbouw worden afgestemd en in overeenstemming met het karakter van de woonbuurt moeten zijn. Samenhang en eenheid staan voorop. Locatie Pap Deze locatie aan de Lindelaan maakt deel uit van de groene Alloysen zone. Dit is een nieuw groen stadslint die het buitengebied met de geledingszone de ‘Corridor’ verbindt tussen Dubbeldam en Stadspolders.

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

77

Du

bbe

lda

ms

ew

zui

d

Spoor

lijn Do

rdrech

t - Ge

lderm

alsen

eg

N3

78

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

3.10 Leerpark 3.10.1 Achtergrond Van stadsrand naar periferie Het ‘zorgknooppunt’ krijgt vorm in een gebied dat ligt aan de voormalige stadsrand van Dordrecht. Er is sprake van een voormalige stadsrand, omdat Dordrecht vanaf de jaren zestig van de vorige eeuw in zuidelijke richting werd uitgebreid met de wijken Sterrenburg en Stadspolders. Het voormalige dorp Dubbeldam, dat voorheen nog door een vrij ‘schootsveld’ was gescheiden van de stad, werd opgenomen in het verstedelijkte gebied. Het landschappelijke gebied aan de rand van de stad met daarin het fraaie landgoed Dordwijk werd omgevormd tot een groots stadspark in de stad. In het gebied werden vervolgens voorzieningen gesitueerd, die door hun omvang niet inpasbaar waren in de bestaande stedelijke gebieden. In het stedenbouwkundig gedachtegoed uit de jaren zestig van de vorige eeuw was zonering van stedelijke functies gemeengoed. Daardoor ontstond rondom het verkeersknooppunt van de toenmalige Randweg met de Laan der Verenigde Naties een concentratie van maatschappelijke voorzieningen: ziekenhuis, onderwijs en sport. Het plangebied kreeg in de tweede helft van de twintigste eeuw het typische karakter van een binnenstedelijke periferie: versnipperd, doorsneden door infrastructurele barrieres, vol met ‘vergeten’ gebieden en met een grote diversiteit aan stedelijke functies.

Masterplan Leerpark - West 8

Van periferie naar stedelijk knooppunt Vanaf eind jaren negentig van de vorige eeuw wordt gewerkt aan de ontwikkeling van het Zorgknooppunt Dordwijk. Dit knooppunt kon gestalte krijgen door intensivering, versterking en innovatie van een reeks bestaande stedelijke voorzieningen aan beide zijden van de N3: middelbaar- en beroepsonderwijs, sportvoorzieningen, het streekziekenhuis en psychiatrische zorgvoorzieningen. Door de groei van de bestaande voorzieningen en de toevoeging van de functies wonen, werken en commerciële voorzieningen is het perifere gebied de afgelopen jaren veranderd in een centraal gelegen, multifunctioneel stedelijk knooppunt. Het Zorgknooppunt omvat het Gezondheidspark, het Leerpark, de infrastructuur en het groenblauwe

casco. De verzameling van scholen ten noorden van de N3 wordt ontwikkeld tot het Leerpark: een multifunctioneel gebied met onderwijsinstellingen, bedrijven en wonen. Het Gezondheidspark ten zuiden van de N3 omvat twee programmatische hoofdelementen: gezondheidszorg en sport. Het multifunctionele karakter wordt bereikt doordat deze twee functies worden aangevuld met wonen, werken, winkels, parkeren en maatschappelijke voorzieningen. Zowel het Leerpark als het Gezondheidspark hebben inmiddels een bovenregionaal verzorgingsgebied.

3.10.2 Beschrijving Randen, routes en dijken Het Leerpark wordt begrensd door N3, de Laan der Verenigde Naties, het spoor Breda – Dordrecht en de Dubbeldamseweg Zuid. het stedelijk knooppunt is Bijlage Welstandsnota Dordrecht

79

80

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

ontworpen als een mix van werken en scholen binnen één gebied, met als doel een sociaal veilige omgeving te creëren ook in weekenden en avonden. Het hart van de wijk wordt gevormd door een park. Aan het park liggen de verschillende deelgebieden. Door een goede verbinding met de Dubbeldamseweg maakt het park vanzelfsprekend onderdeel uit van de oude dijken en linten die het eiland van Dordrecht doorkruisen. Structuur en typologie Het park vormt het adres voor de scholen, de leerbedrijven, bedrijven, voorzieningen en woningen maar is ook de plek waar gesport, gespeeld, gewandeld of gehangen kan worden. Door de oriëntatie van het park krijgt het als openbare ruimte betekenis voor de leerlingen maar ook voor de naastgelegen buurten. Het Leerpark bestaat uit verschillende deelgebieden die ieder hun eigen specifieke functies, uitdrukking en flexibiliteit kennen. De gewenste flexibiliteit dient te worden gerealiseerd binnen het gebouw, in het ontwerpproces, in de stedenbouwkundige opzet en bij de mensen die werken in het Leerpark. A. Bedrijven langs het spoor Langs het spoor is een strook met eenvoudige bedrijfsverzamelgebouwen gepland. Een enkele keer onderbroken door het sportgebouw, kantoren en een driehoekige pleinruimte. In deze bedrijfsbebouwing komt een combinatie van bedrijfshalachtige ruimtes en kantoorruimtes.

Waar elders in het plan een zo groot mogelijke differentiatie gewenst is, vraagt deze plek om rust en overzichtelijkheid.

B. Westelijke bebouwingsstrook Tussen de bedrijvenzone langs het spoor en het park is een gevarieerde strook bebouwing gepland. Aan het park komen grote herenhuizen, met de mogelijkheid om er een winkel of bedrijfsruimte onderin te maken. Er ontstaat een wand gevormd door verticaal ogende panden.

Er wordt ingezet op klassieke woonstraten met een gedifferentieerde pandsgewijze verkaveling in bouwblokken. Parkeren wordt zoveel als mogelijk opgelost binnen de bouwblokken waardoor het parkeren in de straten beperkt blijft tot eenzijdig langsparkeren. Een sculpturaal appartementengebouw staat hier in het park.

C. Woningbouw en leerbedrijven tussen de scholen De zuidrand van het park ligt aan de Leerparkpromenade, een 15 meter brede stoep. Aan de promenade treft men een dwarsdoorsnede van de scholengemeenschap: de hoofdingangen van de scholen, leerbedrijven, bedrijven en woningen. De promenade is enkel voor auto’s bereikbaar ten behoeve van laden en lossen en nooddiensten. De scholen presenteren zich niet als grote complexen maar zijn overzichtelijke panden. Transformaties in de tijd, veranderende organisaties zijn in een dergelijke opzet makkelijker op te vangen.

Door het park loopt een watergang die het water aan de oostzijde van het plangebied verbindt met het water langs het spoor. Het water wordt verbijzonderd door lelievelden, een eilandje en bruggetjes. Doorsteken en spontane looproutes van leerlingen worden hiermee gekanaliseerd.

D. Zone langs de N3 De zuidrand van het Leerpark bepaald het beeld langs de N3. De zig-zag rand bestaat uit gebouwen in een mix van bedrijvigheid, onderwijs en kantoren. De representatieve gebouwen hebben een geluidwerende functie voor de daarachter gelegen scholen. E. Woningbouw Ten noorden van het park ligt een woonbuurt. De buurt is zodanig ontworpen dat een vanzelfsprekende aansluiting ontstaat op de Dubbeldamseweg en het Land van Valk.

Huidige situatie Aan de zuidrand van het park is de Leerparkpromenade inmiddels gerealiseerd, waaronder de Duurzaamheidsfabriek. Langs het spoor is een enkele school en het sportgebouw gerealiseerd. Ten noorden van het park blijft de realisatie van de woonbuurt achter door de moeilijke tijden op de woningmarkt. De verkeersinfra, het park en de promenade met de watergangen zijn aangelegd en functioneren naar wens. Kleine verkeerskundige aanpassingen en beheerkwesties worden opgepakt en op praktische wijze verholpen.

3.10.3 Waardering, beleid en ontwikkeling Flexibiliteit Als tegenhanger van een krachtige openbare ruimte presenteert zich de opzet voor de bebouwing als losse Bijlage Welstandsnota Dordrecht

81

82

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

panden: woonpanden, bedrijfspanden, schoolpanden, grote panden en kleine panden. Deze opzet brengt de menselijk maat in het Leerpark en biedt kansen voor kleinschaligheid en fijnmazigheid, maar bewerkstelligt ook de gewenste flexibiliteit. Panden kunnen worden toegevoegd. Functies van panden kunnen veranderen; woonpanden worden kantoorpanden, schoolpanden worden woonpanden en vice versa. Panden kunnen worden weggehaald en vervangen door nieuwe panden. Dit is een beproefd stedelijk concept met de beste garanties voor een duurzame ontwikkeling. Beeldkwaliteitsplan Leerpark (2005) Voor het hele gebied is een beeldkwaliteitsplan samengesteld. Hierin wordt per deelgebied duidelijk gemaakt wat een pand is en aan welke randvoorwaarden de architectuur van een pand dient te voldoen. Het stedenbouwkundig concept, waarbij bouwblokken zijn opgebouwd uit panden impliceert dat er meerdere architecten per bouwblok ingeschakeld zullen worden. Differentiatie in verschijningsvorm kent een aanleiding in differentiatie van programma, plattegrond of architect. Er gelden enkele algemene beeldkwaliteitseisen voor wat betreft de architectenverdeling, materiaalgebruik, gevelbeëindigingen, entrees, kleurgebruik, integreren van nuts- en reclamevoorzieningen en architectuur.

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

83

N3 Ov

erk

Ouden

dijk

84

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

am

pw

eg

3.11 Gezondheidspark 3.11.1 Achtergrond Van stadsrand naar periferie Het ‘zorgknooppunt’ krijgt vorm in een gebied dat ligt aan de voormalige stadsrand van Dordrecht. Er is sprake van een voormalige stadsrand, omdat Dordrecht vanaf de jaren zestig van de vorige eeuw in zuidelijke richting werd uitgebreid met de wijken Sterrenburg en Stadspolders. Het voormalige dorp Dubbeldam, dat voorheen nog door een vrij ‘schootsveld’ was gescheiden van de stad, werd opgenomen in het verstedelijkte gebied. Het landschappelijke gebied aan de rand van de stad met daarin het fraaie landgoed Dordwijk werd omgevormd tot een groots stadspark in de stad. In het gebied werden vervolgens voorzieningen gesitueerd, die door hun omvang niet inpasbaar waren in de bestaande stedelijke gebieden. In het stedenbouwkundig gedachtegoed uit de jaren zestig van de vorige eeuw was zonering van stedelijke functies gemeengoed. Daardoor ontstond rondom het verkeersknooppunt van de toenmalige Randweg met de Laan der Verenigde Naties een concentratie van maatschappelijke voorzieningen: ziekenhuis, onderwijs en sport. Het plangebied kreeg in de tweede helft van de twintigste eeuw het typische karakter van een binnenstedelijke periferie: versnipperd, doorsneden door infrastructurele barrieres, vol met ‘vergeten’ gebieden en met een grote diversiteit aan stedelijke functies.

Van periferie naar stedelijk knooppunt Vanaf eind jaren negentig van de vorige eeuw wordt

gewerkt aan de ontwikkeling van het Zorgknooppunt Dordwijk. Dit knooppunt kon gestalte krijgen door intensivering, versterking en innovatie van een reeks bestaande stedelijke voorzieningen aan beide zijden van de N3: middelbaar- en beroepsonderwijs, sportvoorzieningen, het streekziekenhuis en psychiatrische zorgvoorzieningen. Door de groei van de bestaande voorzieningen en de toevoeging van de functies wonen, werken en commerciële voorzieningen is het perifere gebied de afgelopen jaren veranderd in een centraal gelegen, multifunctioneel stedelijk knooppunt. Het Zorgknooppunt omvat het Gezondheidspark, het Leerpark, de infrastructuur en het groenblauwe casco. De verzameling van scholen ten noorden van de N3 wordt ontwikkeld tot het Leerpark: een multifunctioneel gebied met onderwijsinstellingen, bedrijven en wonen. Het Gezondheidspark ten zuiden van de N3 omvat twee programmatische hoofdelementen: gezondheidszorg en sport. Het multifunctionele karakter wordt bereikt doordat deze twee functies worden aangevuld met wonen, werken, winkels, parkeren en maatschappelijke voorzieningen. Zowel het Leerpark als het Gezondheidspark hebben inmiddels een bovenregionaal verzorgingsgebied.

3.11.2 Beschrijving Regionale betekenis Zowel het Leerpark als het Gezondheidspark hebben een bovenregionale betekenis. Door de samenvoeging van ziekenhuisfuncties uit stad en regio

is het Gezondheidspark het domein geworden van het grootste ziekenhuis van de regio, het Albert Schweitzer Ziekenhuis. De andere grote publiekstrekker van het Gezondheidspark, de Sportboulevard is één van de grootste overdekte sportcomplexen van Nederland. Hier vinden regelmatig (inter)nationale sportevenementen plaats. Het is de bedoeling dat het Gezondheidspark uiteindelijk door zo’n 2.000.000 mensen per jaar zal worden bezocht. Randen, routes en dijken Het Gezondheidspark kent een driehoekige grondvorm en wordt begrensd door de Overkampweg en het Overkamppark in het noordoosten, de N3 in het noordwesten en de Oudendijk in het zuiden. Ten noorden ligt de wijk Dubbeldam, ten zuiden ligt de wijk Sterrenburg. De Overkampweg sluit via een tunnel onder de N3 en een tunnel onder het spoor door aan op de Laan der Verenigde Naties, de stedelijke hoofdontsluiting richting binnenstad. De N3, de provinciale weg tussen A16 en A15, ligt op een dijklichaam langs het Gezondheidspark en kent een afslag ter hoogte van de Overkampweg. De Karel Lotsyweg is de centrale boulevard, die het Gezondheidspark met de wijk Sterrenburg verbindt. In het midden van deze boulevard is een tunnel voor het autoverkeer aangelegd. Hiermee wordt bereikt dat de voetgangers zich ‘kruisingsvrij’ over de esplanade kunnen bewegen.

De Oudendijk is een onderdeel van de ringdijk rond de oudste polder op het eiland van Dordrecht, ‘Het Bijlage Welstandsnota Dordrecht

85

86

Bijlage Welstandsnota Dordrecht

oude land van Dubbeldam’ (1603). Ter plaatse van het Gezondheidspark kent de dijk een karakteristiek bebouwingslint van kleinschalige dijkwoningen aan de ‘binnenzijde’ van de dijk. Oud en nieuw De transformatie van het perifere (stadsrand)gebied tot het stedelijk knooppunt Gezondheidspark is vanaf het begin van de 21e eeuw in volle gang. Op verschillende plekken heeft nieuwbouw plaatsgevonden en zijn diverse openbare ruimten heringericht. Daarnaast zijn grote infrastructurele projecten uitgevoerd. De vernieuwing heeft vooral plaatsgevonden langs de N3 en de Overkampweg. Langs de Oudendijk is de oorspronkelijke setting van gebouwen uit de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw nog aanwezig. Het oude ‘Merwedeziekenhuis’ is vanaf de dijk nog goed zichtbaar.

nieuwbouw tussen het politiebureau en het zorghotel, zal naar verwachting in 2015 plaatsvinden. 3. Direct langs de N3 ligt de Sportboulevard. In deze zone ligt het accent op voorzieningen voor sport en leisure. In het complex zijn een 50-meter wedstrijdbad, diverse doelgroepenbaden, een ijsbaan met een ijshockeyveld, een turnzaal en een multifunctionele sporthal gevestigd. 4. De middenzone vormt de beoogde verbindende schakel tussen het ziekenhuis en de sportzone. Door veranderende marktomstandigheden heeft de ontwikkeling van de middenzone vertraging opgelopen. De ruimte is geasfalteerd en kent een tijdelijk gebruik als parkeerterrein voor het ziekenhuis en de sportgebouwen.

1. Het ‘Merwedeziekenhuis’ (1989) vormt de oorspronkelijke kern van het Albert Schweitzer ziekenhuis. Vanaf de Oudendijk is dit gebouwencomplex nog goed zichtbaar.

5. In de zone ‘Parkway Overkampweg’ is het nieuwe regiokantoor voor de politie gebouwd.Het hoofdaccent moet hier in de toekomst meer komen te liggen bij het wonen, gericht op het stadspark Dordwijk. In 2012 is één van de drie beoogde woontorens met uitzicht op het Overkamppark gerealiseerd. De bouw van de overige twee woontorens zal plaatsvinden op een nader te bepalen moment. In de zuidoostelijke punt van het Gezondheidspark liggen het Dalton Lyceum Dordrecht en een tweetal instellingen voor de geestelijke gezondheidszorg.

2. De zone ‘Albert Schweitzer ziekenhuis’ is de schil van nieuwbouw die aan het begin van de 21-ste eeuw is toegevoegd tussen de Karel Lotsyweg en het oude ziekenhuiscomplex. Deze zone is bestemd voor ziekenhuisfuncties en ondersteunende voorzieningen voor gezondheidszorg. Ook het medisch beroepsonderwijs en het regiokantoor voor de politie is vertegenwoordigd. Het sluitstuk van deze zone, de

6. Deze zone wordt begrensd door de Amnesty Internationalweg en de Oudendijk. Vanaf het begin van de 21-ste eeuw heeft hier een geleidelijke vernieuwing plaatsgevonden, waarbij het karakter van een rommelige stadsrandzone is omgebogen naar een meer verzorgde setting van gebouwen, die recht doet aan de historische en landschappelijke betekenis van de Oudendijk. Programmatisch ligt de nadruk op voorzieningen met

Structuur en typologie Het Gezondheidspark bestaat in hoofdlijnen uit zes zones die ieder een eigen programmatische karakteristiek en verschil in bebouwingstypologie kennen:

een sterke relatie met de gezondheidszorg. Openbare ruimte en groen Voor de bezoekers van het Gezondheidspark zal de Esplanade de belangrijkste publieke ruimte worden. De Esplanade wordt een stedelijke ruimte vrij van autoverkeer, die de verschillende onderdelen van het Gezondheidspark samenbindt. De groen- en waterstructuren aan de randen van het Gezondheidspark zijn op een hoger schaalniveau van belang als onderdeel van het groenblauwe casco van het Eiland van Dordrecht. Het landschappelijk ingerichte evenemententerrein, de Overkampweg die is ingericht als ‘parkway’ en groene geledingszones tussen park en Oudendijk geven het Gezondheidspark uiteindelijk een meer parkachtige uitstraling.

3.11.3 Waardering, beleid en ontwikkeling Structuurvisie Dordrecht 2040 (september 2013) In het plangebied is veel nieuwbouw volgens plannen gerealiseerd, evenals de bijbehorende inrichting van de openbare ruimte. De ontwikkeling van de middenzone heeft, door veranderende marktomstandigheden, vertraging opgelopen. Daardoor is ook de esplanade als de verbindende publieke ruime van het Gezondheidspark nog niet gerealiseerd. Ook de bouw van de resterende twee woontorens langs de Overkampweg heeft vertraging opgelopen. De realisering van de Middenzone, de esplanade en de woontorens aan de Overkampweg (binnen de gestelde kwaliteitsambities) zijn essentieel voor het slagen van het Gezondheidspark als geheel. Op 17 december 2013 heeft de gemeenteraad van Dordrecht de Structuurvisie Dordrecht 2040 (september 2013) vastgesteld. Hierin staat over het Knooppunt Bijlage Welstandsnota Dordrecht

87

Dordwijk het volgende beschreven: ‘Rond de N3, centraal in de stad zijn grootschalige voorzieningen gelegen die geen ruimte kunnen vinden in het fijnmazige centrum: Het Leerpark en het Gezondheidspark. De thematisering van deze twee locaties is gekozen om concurrentie met het centrum te voorkomen. De bereikbaarheid van deze locatie en de onderlinge verbondenheid tussen de verschillende functies geven richting aan de ontwikkelingen.

van door de gemeenteraad vastgestelde gebiedsgerichte Welstandscriteria. Het beeldkwaliteitsplan is de leidraad voor het werk van de supervisor, die is aangesteld in opdracht van het gemeentebestuur.

Kansen en opgaven Vanwege het hoge voorzieningenaanbod dat al aanwezig is en de ruimte die nog beschikbaar is zijn er op termijn kansen voor doorontwikkeling tot een compleet stedelijk leefmilieu. Dit is echter afhankelijk van de mate waarin de veiligheidssituatie langs het spoor verbeterd kan worden. Voor het optimaal ontwikkelen van deze locatie is voorts een goede bereikbaarheid per openbaar vervoer vereist.’ Met betrekking tot het Gezondheidspark houdt dit in dat er in overleg met de betrokken partners en omwonenden gezocht zal worden naar een passende invulling voor de te bebouwen terreinen. Hiervoor wordt vastgehouden aan de gestelde kwaliteitsambities voor het Gezondheidspark, zoals vastgelegd in het Beeldkwaliteitsplan Gezondheidspark Dordrecht (2005).

Domestic quality Het Gezondheidspark is ontworpen als een ruimtelijke eenheid met een eigen identiteit. Door intensief ruimtegebruik worden functies gebundeld en gestapeld, hetgeen bijdraagt aan het multifunctionele karakter. Het Gezondheidspark moet een omgeving worden die warmte en geborgenheid uitstraalt, waar de bezoeker zich thuis voelt en die zich zo min mogelijk onderscheidt van andere levendige delen van de stad. Dit vraagt om een menging van functies, waardoor levendigheid in de openbare ruimte is gegarandeerd overdag, in de avond en in het weekend. Gelet op de unieke combinatie van stedelijk programma en het beoogde dynamische stedelijke milieu is een centrale thematiek benoemd voor de kwaliteitsregie. De thematiek ‘domestic quality’ speelt in op de wens om de sfeer van monofunctionele complexen en desolate stedelijke periferie te vermijden. Daarnaast heeft het tot doel om de gezondheidszorg zo veel mogelijk te ontdoen van haar neiging zich te willen manifesteren met een institutioneel en technologisch imago.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/650/documents/22115