2020.12.16 Dordrecht Raad.pdf
Tekst van het document
De rol van de gemeente Dordrecht optimaal is. Dat is toch feitelijk gewoon een serviceorganisatie waar we het over hebben? En ik begrijp best voorzitter, dat u dan zegt van ja maar dit is het compromis. Dit is een duur betaald compromis voor de mensen die zo’n warm gevoel hebben bij de SDD. Waarbij ik nog steeds het gevoel heb dat het vooral een grote vinger is die ze in de pap willen hebben, en veel minder een warm gevoel. Hoe kijkt u tegen zo’n stelling aan? De heer Heijkoop: Ja voorzitter, ik denk dat de omliggende gemeenten zich echt wel realiseren dat zij het niet opeens voor het zeggen krijgen. Dat, volgens mij ambiëren ze dat ook niet. Tenminste, de meeste gemeenten niet. Ik heb ook wel gemeenten horen zeggen van wij dragen heel graag een groot deel van onze bevoegdheden over, om voor het andere deel wel als zelfstandige gemeente te kunnen blijven opereren. Maar nog belangrijker, inhoudelijk zijn die verschillen ook niet zo groot. Dat lijkt soms door de enorme discussie die is geweest, maar die discussie ging over een relatief klein deel van de begroting, en ging ook echt wel over specifieke, zeer politiekgevoelige punten. Ik ben het wel met u eens dat, kijk dat als het gaat over wat wij in de Sociale Dienst uitvoeren. We moeten nu niet net doen alsof dat allemaal, nee laat ik het anders zeggen. Dat zijn best wel harde wetten die daar zijn gedelegeerd.
Dat is gewoon de Bijstandswet, de BUIG, dat is de Participatiewet, dat is de Wet maatschappelijke ondersteuning, dat is de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Dat zijn omvangrijke wetten. Dat zijn complexe wetten. Daar is veel expertise voor nodig. En nogmaals, er worden fouten gemaakt bij de Sociale Dienst, maar die expertise is daar echt volop aanwezig, en ook echt erkent. En ook erkend door de regiogemeenten. Dus ik verwacht niet, en kijk, dat zien we nu ook bij de Wet Inburgering. Ik ben ook echt wel benieuwd, de gemeenten die zeggen van wij gaan dat zelf doen, ja op welke manier zij dat dan gaan doen. Want in theorie is dat dan mogelijk, maar dat vraagt over, dat vraagt heel veel expertise inladen. En op die andere wetten vraagt dat nog veel meer. En dat zie ik ze gewoon niet doen. En ik heb ze die wens ook niet horen uitspreken. Ik heb ze alleen wel horen zeggen, bijvoorbeeld een
40
gemeente als Hardinxveld, van nou joh dat minimabeleid, dat vinden wij eigenlijk iets te ruimhartig. Wij zouden in Hardinxveld een paar tandjes minder willen. Nou, daarvan heb ik al in een redelijk vroeg stadium gezegd, van joh daar kunnen we over praten en daar komen we uit. Als u dan zegt van joh moeten we dan dit, moet dan die hele samenwerking op een andere manier worden vormgegeven, nou dat heeft er ook mee te maken met de onderliggende wens om ook de lokale raad meer in positie te krijgen. En dat raakt dus ook echt wel de governance die op dit moment daar geen ruimte voor biedt. De voorzitter: Dank u wel. Volgens mij een helder antwoord op de vraag. Was dat uw betoog ook wethouder? De heer Heijkoop: Ja, nou misschien nog een afsluitende zin. Kijk. De voorzitter: Eén zin dan. De heer Heijkoop: Twee zinnen. De voorzitter: Twee, vooruit. De heer Heijkoop: Wij willen hier graag mee verder. En wij willen dit ook doen vanuit de rol die ons wordt toebedacht als college van Dordrecht. Omliggende gemeenten vragen van ons ook wel leiderschap. En wij proberen dat leiderschap ook invulling te geven, zowel ambtelijk als bestuurlijk. En dat is niet, want ik hoor ook het woord powerplay en andere kracht, nou woorden die kracht symboliseren, dat doen we niet door met de spierballen te rollen. En dat doen we ook zeker niet op de macht.
En je wordt ook zeker niet groter door op anderen te gaan staan, maar vooral door de belangen van de verschillende gemeenten te verbinden. En dat uiteindelijk tot een gezamenlijk doel te maken. En ik heb echt de indruk, en uw voorzitter refereerde al aan gesprekken die nu lopen, ik heb ook echt de indruk dat de andere gemeenten die rol ook aan Dordrecht toevertrouwen. En dat, nou, zo zou ik hem wel willen afsluiten, want dat biedt ook wel een goede basis voor de komende maanden. De voorzitter: Hartelijk dank wethouder. Dan ga ik naar wethouder Sleeking, die zich nog zal toespitsen op wat het nou precies betekent als we de organisaties die vanuit de GRD bij ons komen, gaan invlechten in onze organisatie. Wethouder, gaat uw gang. De heer Sleeking: Ja voorzitter, dank u wel. Ja inderdaad een bespiegeling vanuit mijn portefeuilleonderdeel Personeel en Organisatie. Ik bemerk vanavond wel dat alle stukken en voorstellen die naar de raad gestuurd zijn, wel als een soort van golf over u heen komen. En ik heb daar ook wel alle begrip voor. We zijn als college denk ik de afgelopen maanden, afgelopen halfjaar, toch wel op vrij intensieve wijze betrokken bij dit hele traject en het voorsorteren op deze transformatie.
En de gevolgen van de keuzen die nu gemaakt worden, of aan u worden voorgelegd, ja die moet je inderdaad wel goed tot je nemen en daar ook, nou ja, alle mogelijke gevolgen en risico’s goed overwegen. Dat doen wij ook vanuit met name het termijn van Personeel en Organisatie. Wat komt op ons af, en wie heeft de regie? Nou wij vinden dat Dordrecht ook daarin de regierol moet
41
nemen. We hebben een kwartiermaker gepositioneerd bij de GRD. Er zijn natuurlijk verschillende aspecten die goed in beeld moeten worden gebracht. Ik heb enkele woordvoerders vanavond ook gehoord van, ja gaat u dat wel eerst allemaal goed inventariseren? Van wat komt er allemaal straks van de GRD naar Dordrecht toe? Ja, dat gaan we zeker doen. Met een grondige analyse van alle beschikbare capaciteit en kwaliteit die aanwezig is. De zogenaamde Due Diligence. Daar zullen wij straks ook de conclusies uit kunnen trekken. Kijk, we moeten ons wel realiseren dat Dordrecht nu ook al, gezien de inbreng die Dordrecht heeft, zo’n 50% van de risico’s draagt. Dat om te beginnen. Het is een enorme opgave. We willen de risico’s ook echt goed in beeld brengen, waarbij de uitgangspunten denk ik moeten zijn en blijven: continuïteit, geen grote hiccups. Maar tegelijkertijd ook geen stagnatie. En doorgaande vernieuwing en innovatie. Ik denk niet dat we ons aan de voorkant rijk moeten gaan rekenen. Die fout hebben we in het verleden eerder gemaakt. Toen zijn er al bij verschillende operaties bepaalde bedragen ingeboekt in begrotingen, omdat men zich te snel zat rijk te rekenen op mogelijke efficiencywinst. Deze operatie die draagt dan ook echt wel even wat kosten voor de baat uit.
Met wel het uitzicht dat je in een later stadium ook echt die efficiencywinst en meer mogelijkheden tot innovatie kunt realiseren. Er worden ook met de regiogemeenten bepaalde termijnen afgesproken om de dienstverlening ook te continueren. Ook om te voorkomen dat je op korte termijn met allerlei grote frictiekosten geconfronteerd gaat worden. Daar moeten vanzelfsprekend ook de andere gemeenten nog definitieve besluiten over nemen. Maar volgens mij komt er wel een model uit waar ook de andere gemeenten zich in kunnen vinden. Ik denk dat het hele traject in ieder geval zorgvuldig moet zijn. Met voldoende zorg ook voor de medewerkers die ook nu bij de GRD werkzaam zijn. Dat geeft natuurlijk hier en daar best wel wat cultuurverschillen. Dus daar zal zeker de nodige aandacht naar uitgaan. Wat we moeten voorkomen is dat er hier en daar een cherry picking gedaan wordt. En dat er om evenredig veel kosten uiteindelijk bij Dordrecht landen. Collega Burggraaf en ik zullen ook met name vanuit het college, als het gaat om de hele ICT-operatie, Personeel en Organisatie vanuit de projectorganisatie daar ook direct betrokken zijn. Wat we ook afgesproken hebben is dat het ook heel regelmatig in het college moet terugkomen, om de voortgang te bespreken, te evalueren, en te bewaken, en kijken of dat allemaal naar wens verloopt. We hebben daar de tijd voor.
Maar het zal wel op een degelijke manier georganiseerd moeten worden. Dus wij zullen daar ook echt onze eigen organisatie op moeten inrichten. Volgens mij, voorzitter, waren dit de opmerkingen die ik als reactie wilde geven. De voorzitter: Hartelijk dank wethouder. Volgens mij hebben we daarbij de inbreng van het college dan afgerond voor nu. Straks nog ruimte voor ik hoop een korte, want er is veel aan de orde geweest al, en ook al in de commissie, een korte tweede termijn. En voor die tijd wil ik even schorsen voor degenen die daar behoefte aan hebben. Laten we zeggen tot 22.23 uur. We zien elkaar dan terug. De vergadering is geschorst. Schorsing De voorzitter: Ja beste leden van de raad, leden van het college, en andere mensen die met ons meekijken. Welkom terug bij de vergadering die weer is heropend. We zijn
42
aanbeland bij de tweede termijn van de raad, als het gaat om het instemmen met het Principebesluit toekomstige samenwerking Drechtsteden. Uitgebreid gesproken in commissie, en nu ook in de eerste termijn. Misschien goed om te kijken of er nog behoefte aan een tweede termijn, en misschien ook nog goed om even samen te vatten, want dat hebben we misschien vanuit het college niet voldoende duidelijk gedaan. Wel uit de tekst, maar nog even heel helder. Amendement wordt ontraden, omdat dat echt een wijziging zou zijn in het Principebesluit en moeilijk ligt om dat in de regio te doen. De twee moties worden allebei ook ontraden, waarbij we wel meteen aangeven vanuit het college, zoals dat ook is gezegd, dat de belangrijke, één van de belangrijke drijfveren om dit allemaal aan te gaan is om de positie van Dordt te versterken. Dus dat zit bij het college zeer goed tussen de oren. Maar als de motie zou worden aangenomen dan zouden we wel heel erg gebonden zijn aan een duidelijke richting die de onderhandelingsruimte met de overige gemeenten wel weer erg beperkt. En er zijn ook andere mogelijkheden om die zeggenschap te versterken. Dat wou ik nog eventjes aangeven ten aanzien van de moties en het amendement, zodat het voor eenieder ook duidelijk is. Ik kijk even rond of er behoefte is aan een tweede termijn. De heer Schalken zegt, ja kort. Aan hem het woord. Gaat uw gang.
De heer Schalken -den Hartog: Ja voorzitter, ik neem het even over van mijn collega, want die is even niet op zijn plek. Kort. Allereerst dank aan de wethouders en de portefeuillehouder voor de reacties op de eerste termijn. Ja, samengevat, wij voelen, voor een eind kunnen we meegaan, en wat ook de heer Van der Kruijff aangaat. Van ja, dit is het maximaal haalbare op dit moment om met elkaar ook samen op te trekken in het vervolgproces. We kunnen ook een eind meegaan in wat de heer Merx aangaf, wat hij in het aangekondigde amendement maar niet, wat niet is ingediend, wel ook aangaf. Van ja, in hoeverre krijgen we voldoende zeggenschap in de uitwerking. Daar bent u ook in uw eerste termijnreactie op ingegaan. Het is voor ons meer van ja het is heel lastig. We moeten nu een in Principebesluit nemen, maar hoe loopt dat op het moment dat wij in de loop van het komende jaar zien en ervaren dat die zeggenschap niet de ‘…’ die we graag meer willen, niet voldoende vorm krijgt, of niet voldoende geborgd wordt. Zitten we dan vast aan die GR waar we met dit in Principebesluit ook voor kiezen. Of is er dan toch nog een andere optie mogelijk dat je richting een serviceorganisatie gaat? Dat even in een eerste, of tenminste, in deze tweede termijn. De voorzitter: Dank u zeer. Dan de VVD, de heer Merx. De heer Merx: Ja dank u wel voorzitter.
Ja ik, mij moet van het hart, want ik heb het in het eerste termijn ook in de interruptie genoemd. Dat ik het wel heel erg lastig vind om op basis van anderhalve A4 een gespreksverslag en woordvoeringen, zo’n belangrijk besluit te nemen. Wij hadden echt graag gezien, en we hebben het amendement wel gemaakt, we hebben het niet ingediend, en misschien krijgen we daar spijt van, dat we echt veel beter waren meegenomen op papier in alle overwegingen en alle argumenten, en de voors en de tegens die geleid hebben tot dit besluit. Als het puur en alleen een bestuurlijk compromis is. Ja uiteindelijk zijn we ook politiek verantwoordelijk, en moeten we daarin ook onze keuzes maken. Moeten we ook in stelling gebracht worden om die keuzes te kunnen maken. En ja, mijn fractie, en dat moest ik echt nadrukkelijk melden,
43
en dat doe ik hier ook, en ik sta er ook volledig achter, vindt dat we op basis van deze stukken daar niet voldoende in zijn meegenomen. Dus, voor het volgende proces. Wij willen toch graag, en het is al door ‘…’ gevraagd, echt een goed gedegen stuk, met een schets van alle risico’s, hoe we die gaan integreren als we deze route ingaan. De risico’s op bestuurlijk gebied, of financieel gebied, op uitvoerend gebied, op samenwerkingsgebied, op onze positie in het land. Ga zo maar door. Want dat speelt natuurlijk ook een belangrijke rol. We willen ook echt een heel duidelijke analyse hebben van wat onze positie straks als Dordtse raad is. En dat moet wat ons betreft maximaal zijn. En dat hebben we ook geleerd uit alle rapporten die zijn geschreven over de Drechtsteden, waarin ons is verweten dat wij té vaak een soort van omgekeerde Calimero heb ik het weleens genoemd, wij zijn groot dus we moeten ons klein houden. Dat is ons kwalijk genomen. En ik vind dus ook dat wij die positie, en dan gaat het niet om de anderen zijn minder waard of wat dan ook. Daar gaat het helemaal niet om. Het gaat erom dat wij die positie moeten pakken en moeten nemen in het belang, niet alleen van Dordrecht, maar ook van de Drechtsteden. En dat betekent dus ook dat onze, ja dat onze raad, ons bestuur, maximaal in positie moet worden gebracht.
Dat is voor ons echt wel een hele belangrijke voorwaarde, en daar kan het proces in het verloop wat ons betreft ook gewoon op struikelen. En, nou ja goed, dus dat zijn eigenlijk zo’n aantal voorwaarden waarvan ik denk, die moeten verder ingevuld worden. En onder die voorwaarden kunnen wij instemmen, zij het schoorvoetend, met dit Principebesluit. Maar nogmaals, voorzitter, in het vervolg van het proces willen we echt beter en ook wat meer dat we ons goed erin kunnen verdiepen, worden meegenomen. Niet meer op basis van een anderhalf A4. Dank u wel. De voorzitter: Dank u zeer. Dan kom ik bij de CDA-fractie. Gaat uw gang. De heer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Ja dank u wel voorzitter. Ja voorzitter, ik hoorde de heer Merx dat allemaal net zeggen, en hij benadrukt het vanuit een andere, precies de andere kant als het CDA gedaan heeft. Maar volgens mij komen we wel op hetzelfde punt uit. Want ook het CDA heeft in haar woordvoering aangegeven dat wij willen dat alle risico’s in kaart gebracht worden. En we snappen, we geven nu een richtinggevend besluit, dat is heel wat. Maar nog geen finaal besluit. En dat we al die risico’s in kaart willen hebben, dat die analyse gedaan wordt, dat het stemgewicht uitgewerkt wordt, en noem het allemaal maar op.
En dat hebben we het college, de portefeuillehouders, allemaal horen toezeggen, of in ieder geval de gedachte erachter horen ‘…’. En ook wij zijn geëindigd met mocht in de uitwerking blijken dat er onvoldoende resultaat uitkomt wat past, dan kan het nog altijd zijn dat wij dan toch gaan vinden dat je op een serviceorganisatie moet uitkomen voor het sociaal domein. Dus volgens mij vinden we materieel hetzelfde, maar benaderen we het heel anders. En ik denk ook dat het belangrijk is om het zo te benaderen, omdat het wel uitdraagt naar de omliggende gemeenten dat je er met elkaar uit wil komen. En dat vinden wij een heel belangrijk signaal. En dat is de reden waarom we het ook zo formuleren. Dus we zullen het Principebesluit zoals het nu voorligt steunen. Het amendement niet. De motie M4 over de ‘Toekomstige regionale samenwerking in één keer compleet’ ook niet. En die motie Stemgewicht zijn we toch eigenlijk geneigd wel te steunen. U had het zelf ook aangegeven. Ik denk dat daar
44
materieel mee wordt bedoeld dat het gewoon in die verhouding zo gaat uitpakken. Als u zegt misschien doen we het op een andere manier, maar dat hoor ik straks nog wel van de heer Van Verk, wat materieel dezelfde impact heeft, dat we er ook mee kunnen leven. Maar het is wel een duidelijk signaal hoe we er als Dordt inzitten, en wat we graag zien. Maar goed, dat hoor ik in tweede termijn graag ook nog even een reactie op. En dan zullen we daar finaal over besluiten. Dank u wel. De voorzitter: Hartelijk dank. Kom ik bij D66. De heer Polat. De heer Polat: Dank u voorzitter. De voorzitter: Wethouder Heijkoop mag zijn scherm uitschakelen hoor. Gaat uw gang, de heer Polat. De heer Polat: Dank voorzitter. In de commissie hebben wij hier over al die onderwerpen besproken, over de risico’s, overnemen van overname van personeel, over wat de impact zal zijn voor Dordrecht. En daar is door de portefeuillehouder en de wethouder beloofd dat daar een uitgebreid plan zal komen ergens in de eerste kwartaal van 2021, als ik me goed herinner. In dat kader hebben we ook gezegd van we gaan akkoord met het Principebesluit om in ieder geval het college de kans te geven om het uit te werken, want dat is nog een finaal besluit, dat is wel een Principebesluit. Dus wat dat betreft, daar staan we nog steeds achter. Wij kijken ernaar uit, naar de uitwerking ervan.
En op basis daarvan gaan wij een finaal besluit nemen. Wat wij vinden van de moties en amendementen. Wij vinden op dit moment voorbarig om nu al een hele strenge kaders mee te geven, dus wij wachten op wat het Principebesluit uiteindelijk gaat opleveren. En op basis daarvan gaan wij een besluit nemen. Dus we gaan de amendementen en de moties niet ondersteunen. Dank. De voorzitter: Hartelijk dank mijnheer Polat. Dan gaan we naar GroenLinks, mevrouw Kruger. Mevrouw Kruger: Ja voorzitter, dank u wel. Nou ik ben de heer Merx en de heer Van der Kruijff zeer dankbaar, want dat is precies ook hoe wij erin staan. Ik heb al eerder aangegeven, wij hebben grote twijfels bij of alle gemeentes zo achter de gemeenschappelijke regeling zouden staan zoals die nu wordt voorgesteld. Nou ja, het is een Principebesluit. We zullen ons straks nog na de tweede termijn van de wethouder, of wethouders, ik weet niet wie er allemaal aan het woord komen, nog even beraden of wij dus akkoord gaan met dit Principebesluit. Dank u wel. De voorzitter: Hartelijk dank. Dan kom ik bij de ChristenUnie/SGP-fractie. De heer Veldman. De heer Veldman: Voorzitter, dank. Veel is al gezegd. Wat ons betreft verdient het compromis wat er ligt in zichzelf omdat het er ligt een kans en respect.
En met de toezegging op het punt van de risico’s, zoals ook net verwoord en ook al in mijn eerste termijn overigens de positie tussen CDA en VVD, kunnen wij akkoord gaan met het voorstel. Tegen de moties zullen wij stemmen omdat wij denken dat we op het punt van
45
stemgewicht misschien ook wel preciezere of meer verstandige varianten te bedenken zijn. Maar evident is uiteraard dat de rol van Dordrecht daarin groot zal moeten zijn. Tot zover. Dank u. De voorzitter: Dank de heer Veldman. Dan gaan we naar de PVV, de heer Helweg. De heer Helweg: Goedenavond. Voorzitter, wij kunnen ons scharen achter hetgeen de VVD hierover gezegd heeft. En kunnen voor stemmen. Moties en amendementen zullen wij niet ondersteunen. Dank u wel. De voorzitter: Hartelijk dank. Dan de heer Portier. De heer Portier: Voorzitter, ook nog even kort. Wij zullen voor de motie van de Partij van de Arbeid stemmen over het stemgewicht. Hoewel het aantal mensen dat een beroep doet op de Sociale Dienst, we zullen het maar niet meer over klanten hebben, wat ons betreft niet de beste maatstaf is. Maar gewoon als teken dat we inderdaad een duidelijker aandeel willen, of een duidelijker stem. Ja wij blijven een gemeenschappelijke regeling een heel slecht idee vinden. De reden dat we het amendement niet steunen, is omdat we het proces niet willen verstoren of niet willen ophouden. Ja we handhaven de motie, want de burgemeester die gaf aan van het zou de onderhandelingsruimte van het college te sterk beperken als de motie wordt aangenomen. Maar het is juist een motie en geen amendement, om die onderhandelingsruimte te geven.
Dus het is meer een dringend beroep, ga nog eens het gesprek aan met de andere gemeentes over het sociaal, of het democratisch tekort dat dreigt te ontstaan als we het in de vorm van een gemeenschappelijke regeling gieten. En ik wou nog wel even de opmerking maken. Er is gezegd van, ja er wordt toch vooral wettelijke taken uitgevoerd. Dus dat is beleidsarm. Ja, je kan een wettelijke taak op veel manieren uitvoeren. Het feit bijvoorbeeld dat de Sociale Dienst de afgelopen jaren stappen gezet heeft om op een heel andere manier met cliënten om te gaan, dat toont al aan dat ook in de manier waarop je beleid en wettelijke taken vormgeeft, dat daar, dat dat op één manier kan, of op een andere manier. Rotterdam is onlangs afgestapt van het inzetten van algoritmes, om te bepalen van wie een fraudeonderzoek aan zijn broek zou krijgen. Dat hebben wij gelukkig nooit gedaan. Maar dat is weer een ander voorbeeld van dat je een wettelijke taak ook op allerlei manieren in kan vullen. Dus dat is zeker niet hetzelfde als beleidsarm. En daar wou ik het bij laten. Dank u wel. De voorzitter: Hartelijk dank. Dan de Partij van de Arbeid. De heer Van Verk. De heer Van Verk: Voorzitter, ik meen dat eerst de VSP nog is? De voorzitter: U heeft helemaal gelijk. Ik zit me enorm te vergissen. De heer Wisker, gaat uw gang. De heer Wisker: Ook ik geef de heer Van Verk in dezen gelijk. Dank u wel voorzitter.
Met een dun sprongetje. Voorzitter, bekend is dat de VSP een voorstander is van een volledige servicegemeente rol voor Dordrecht. Wij willen echter ook respect tonen voor de inspanningen van dit college voor de eerste stap in die richting. Die al lastig genoeg
46
is geweest, dat hebben we inmiddels ook wel uit alle kanten vernomen. Dus wij zullen het Principebesluit wel steunen. Dank u wel. De voorzitter: Heel hartelijk dank. Dan kom ik bij de heer Van Verk, Partij van de Arbeid. De heer Van Verk: Voorzitter, wij hebben een goede discussie achter de rug over dit belangrijke onderdeel. Wij hebben een amendement en een motie klaarliggen zoals u weet. Wij zijn ons ervan bewust dat het een Principebesluit is wat de stap is naar de volgende fase. En wij hebben er heel goed kennis van genomen dat in die volgende fase er nog allerlei zaken openliggen waardoor de werkelijkheid anders kan worden dan nu. Waar bij ons het belangrijkste punt is, is dat er politieke sturing moet kunnen komen, moet zijn en blijven, op een beleidsrijk onderdeel van het werk, namelijk het sociaal domein. En dat betekent dus dat wat dat betreft wij nog niet helemaal gerustgesteld zijn door de woorden van de heer Heijkoop, waarin hij vooral veel woorden gebruikt als goede afspraken, en we moeten daar met elkaar goed van gedachten, ja dat geloof ik graag. Maar ik ben wel bereid om het voordeel van de twijfel te geven, en te zeggen van nou oké, ik stel vast dat we als gemeenteraden politieke invloed hebben en sturing kunnen verkrijgen op een nog op te richten gemeenschappelijke regeling.
En welke vorm dat dat gaat aannemen dat wachten we af, maar dat is voor ons wel een belangrijke voorwaarde. Dat de positie van de gemeente Dordrecht wordt versterkt, waarbij de motie duidelijk uitspreekt dat dat een positie is die doorslaggevend van aard moet zijn. En daar zullen we, dat vinden we een volgende voorwaarde, daar zullen we ook de resultaten op toetsen. En dat wij voor wat betreft de robuustheid van het Sociale Dienst die daar wel gemeen in zijn dat de wettelijke taken daaronder worden geschaard. Het percentage van 5%, dat zou ik niet in de mond willen nemen. Dat vind ik een kwestie van onderhandelen. Maar ik ben het met de heer Heijkoop eens dat het wel een robuust geheel moet zijn, want anders gaat de efficiëntie verloren. En dat betekent dus dat wij amendement noch motie uiteindelijk indienen. Dat wij voorlopig instemmen met de richting die wordt ingeslagen. Maar er moet me van het hart dat een serviceorganisatie wat mij betreft veruit de voorkeur had gehad. In reactie op de woorden van de heer Merx. De raad moet maximaal in positie zijn. Een serviceorganisatie brengt elke raad van elke zeven gemeentes maximaal in positie. Dat was het voorzitter. De voorzitter: Hartelijk dank de heer Van Verk. En dat betekent ook dat motie M5 en amendement A3 door u zijn ingetrokken, want ze waren ingediend. Dat ze bij dezen zijn ingetrokken.
Dan ga ik naar mevrouw Koene, Gewoon Dordt. Mevrouw Koene: Nou voorzitter, ik had al nee gezegd eigenlijk, dat ik geen tweede termijn hoefde. Ook geen derde, ook geen vierde. En ik wil ook niet dat er nog een keer geschorst wordt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u zeer. Tot slot, mevrouw Jager. Mevrouw Jager: Ik sluit me helemaal aan bij mevrouw Koene. Ik hoef ook geen tweede termijn. En ik vind het ook mooi zo.
47
De voorzitter: Heel goed. Dan gaan we nog even naar wethouder Heijkoop. Ik heb zelf geen behoefte om in tweede termijn nog te reageren. Volgens mij is alles gezegd. Wethouder Heijkoop, heeft u nog inbreng te leveren op dit punt? De heer Heijkoop: Ja, misschien heel kort voorzitter. Ik heb verschillende raadsleden de inhoudelijke agenda zien vormen. De heer Merx had het al heel nauwgezet op het netvlies. Ja, wat mij betreft een heel sterk verhaal wat we precies moeten gaan doen inderdaad de komende maanden. Dat is ook inderdaad het verschil tussen het Principebesluit richting, en welk besluit nemen we nu echt met elkaar. En ik zou er wel voor zijn om als het gaat over de zorgen van de heer Van Verk over die governance, en over de positie van de raad, die overigens breed onderschreven wordt door uw raad, om daar gewoon echt even met elkaar als raad en college een keer een commissiebehandeling aan te wijden, en dat ook even goed te laten voorbereiden ook van iemand die expert is op het gebied van dit soort zaken. Die is ook betrokken geweest bij de collegeconferenties. Om met elkaar te kijken van joh hoe kunnen we die kaderstellende rol nu aan de voorkant echt goed borgen. En ook die rol aan de achterkant waar het gaat over de verantwoording die het college aflegt aan u raad. Ik denk dat we daar even goed met elkaar tijd voor moeten nemen.
Want Dordrecht heeft, ook al is het een GR, heeft Dordrecht wel degelijk een andere positie dan de andere gemeenten. En dat is echt wel doordat Dordrecht wel een hele andere omvang heeft, zowel qua problematiek, als qua omzet, als qua cliënten en dergelijke. Dus ik stel voor dat we daar wel echt even met elkaar de tijd voor nemen, zodat ook op dat vlak conform ontstaat naar de toekomst. De voorzitter: Hartelijk dank. Dan hebben we, ja er is nog een interruptie van de heer Portier. Gaat uw gang. De heer Portier: Voorzitter, wat mij betreft is de toezegging van de wethouder Heijkoop, dat we met elkaar gaan praten inderdaad over hoe we dit gaan doen, reden om motie M4 in te trekken. Ik zeg er wel bij, hij is ook door de VSP ingediend, dus hij is hiermee nog niet van tafel, maar van onze kant uit trekken we hem in. De voorzitter: Dank u wel de heer Portier. Ik kijk nog even naar de heer Wisker. De heer Wisker: Ja voorzitter, daar kunnen wij ons in vinden. Ook wij vinden de woorden van de wethouder ‘…’ dat nog een keertje op tafel te krijgen. De voorzitter: Heel goed. Dank u wel. Dan hebben we daarmee ook het tweede termijn van het college gehad. Ik kijk nog even voor de zekerheid of wethouder Sleeking nog wil reageren. De heer Sleeking: Nee voorzitter, dank u wel. Er zijn voor mij ook geen verdere vragen aan de orde geweest. De voorzitter: Dat dacht ik inderdaad ook. Dank.
Dan hebben we daarmee de tweede termijn gehad. Kunnen we overgaan tot stemming. Het enige wat in stemming wordt gebracht is het voorstel zelf. Ik begin met stemmen bij mevrouw Jager.
48
Mevrouw Jager: Dank u wel voorzitter. Ik stem voor het Principebesluit. De voorzitter: Overigens, dat is een fout van mij, is er nog behoefte aan stemverklaringen? Dat kunt u dan aangeven in de chat. Alleen als u daar behoefte aan heeft. Anders hoeft dat niet. Ik zie geen stemverklaringen. Dan gaan we dus stemmen. Mevrouw Jager was voor had ze gezegd. Dan kom ik bij de heer Van der Klaauw. De heer Van der Klaauw: Voor. De voorzitter: Voor. De heer Soy is er niet. De heer Van der Graaf. De heer Soy: Ik, voorzitter, ik ben er wel. De voorzitter: U bent er wel. O, mijnheer Soy, excuus. Gaat uw gang. De heer Soy: Voor. De voorzitter: Voor. De heer Van der Graaf. De heer Van der Graaf: Voor. De voorzitter: Mevrouw Van Eck. Mevrouw Van Eck: Voor. De voorzitter: De heer Schalken. De heer Schalken-den Hartog: Voor. De voorzitter: De heer Gündogdu. De heer Gündogdu: Voor. De voorzitter: Mevrouw Nijhof. Mevrouw Nijhof: Voor. De voorzitter: De heer De Boer. De heer De Boer: Voor. De voorzitter: Dank. Dan de heer De Looze. De heer De Looze: Voor. De voorzitter: De heer Veldman. De heer Veldman: Voor.
49
De voorzitter: De heer Boersma. De heer Boersma: Voor. De voorzitter: Mevrouw Klein-Hendriks. Mevrouw Klein-Hendriks: Voor. De voorzitter: Mevrouw Koene. Mevrouw Koene: Voor. De voorzitter: De heer Portier. De heer Portier: Voor. De voorzitter: De heer Van Verk. De heer Van Verk: Voor. De voorzitter: Mevrouw Stevens is er niet. Dan zijn we bij de heer Van der Net. De heer Van der Net: Met moeite voor, voorzitter. De voorzitter: Dank. De heer Noldus. De heer Noldus: Voor. De voorzitter: De heer Merx. De heer Merx: Voor. De voorzitter: De heer Den Heijer. De heer Den Heijer: Voor. De voorzitter: De heer Kwaak. De heer Kwaak: Voor. De voorzitter: Dan, mevrouw Rutten is volgens mij naar huis gegaan. Althans, is niet meer in de vergadering. Mijnheer Van Leeuwen ook niet. Kom ik bij de heer Helweg. De heer Helweg: Voor. De voorzitter: Eenzame strijder, zeg ik dan maar. Even kijken. GroenLinks, mevrouw Van Benschop. Mevrouw Van Benschop: Voor.
50
De voorzitter: Mevrouw Kruger. Mevrouw Kruger: Voor. De voorzitter: De heer De Lijster. De heer De Lijster: Voor. De voorzitter: De heer Burakçin. De heer Burakçin: Voor. De voorzitter: Mevrouw Van der Ham. Mevrouw Van der Ham: Voor. De voorzitter: De heer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Voor. De voorzitter: De heer Chapel. De heer Chapel: Voor. De voorzitter: De heer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Voor. De voorzitter: Dan mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voor. De voorzitter: De heer Wisker. De heer Wisker: Voor. De voorzitter: De heer Bosuguy. De heer Bosuguy: Voor. De voorzitter: De heer Tiebosch. De heer Tiebosch: Voor. De voorzitter: De heer Polat. De heer Polat: Voor. De voorzitter: En de heer Loekemeijer.
51
De heer Loekemeijer: Voor. De voorzitter: Dan hebben we, als ik het goed heb geteld, 36 voor en 0 stemmen tegen. Dus unaniem aangenomen. Waarvoor dank. Dat is een mooi resultaat. 56.Beschikbaar stellen krediet Sportboulevard – aanpassing installatie vanwege legionella. De voorzitter: Dan gaan we snel door met het volgende agendapunt. Dat is agendapunt 56, beschikbaar stellen krediet Sportboulevard – aanpassing installatie vanwege legionella. Het beschikbaar stellen van het krediet aan de Sportboulevard is op 8 december besproken in de commissie Sociale Leefomgeving. Hier heeft de wethouder nog een memo toegezegd die de afgelopen week is toegevoegd aan de stukken. In de commissie is aangegeven dat die memo wellicht afdoende zou zijn, en dat het eventueel een hamerstuk zou kunnen worden. En ik heb begrepen dat de wethouder met uw goedvinden een paar zinnen, drie zinnen, voorafgaand aan de bespreking zou willen zeggen, die misschien ook nog van belang zijn voor de bespreking. Dus het woord is even kort aan wethouder Burggraaf. De heer Burggraaf: Ja dank u wel voorzitter. Ja in de commissie waren bij de behandeling van dit raadsvoorstel nog wat vragen over de dekking van de investering om het legionella risico structureel op te lossen. Hierop is er verdere verdieping gegeven in de memo die bij de stukken zit.
Ik begreep dat het nog een vraag opriep over de resterende boekwaarde van de investering in het sturingssysteem, voor het spoelen, en thermostaten en het vervangen van het leidingwerk. En in 2030, bij het einde van de exploitatiecontract van Optisport. Beiden investeringen hebben een afscheidingstermijn in lijn met uw financiële verordening. De investering van € 540.000 heeft in 2030 op basis daarvan nog een boekwaarde van € 338.000. En volgens mij zijn daarmee dan alle technische vragen rond dit voorstel beantwoord. De voorzitter: Hartelijk dank. Ik kijk even in de chat of u überhaupt nog behoefte heeft aan bespreking van dit stuk. Of dat dit voldoende is en we het als hamerstuk kunnen afhandelen. Als iemand behoefte heeft aan bespreking, dan zie ik dat graag in de chat. Ik zie de fracties GroenLinks en CDA die behoefte hebben aan bespreking. En dan zou ik die ook alleen als enige voor de eerste termijn daarvoor in aanmerking laten komen. Begin ik bij mevrouw Van der Ham, gaat uw gang. Mevrouw Van der Ham: Ja voorzitter dank u wel. Ik moet even scrollen, want ik ben normaalgesproken niet als eerste aan de beurt. Even mijn woordvoering erbij pakken. Met die toelichting van de wethouder zojuist blijkt dat het feit dat deze investering wordt afgedekt door het gedoteerde onderhoudsbudget, de besparing daarop, dus niet klopt. En dat is jammer.
En anders had het inderdaad als hamerstuk afgedaan kunnen zijn. Maar nu blijkt dat 3 ton van deze investering niet wordt afgedekt door besparing op het onderhoud, terwijl het wel 2 tot 3 maal zo wordt genoemd in de raadsinformatiebrief. En dat vinden we jammer. Dus, vervolgens gaan we even kijken, nu zijn er dus drie opties. Taakstellend meegeven, dat deze afspraak nu wel degelijk moet worden bespaard op het onderhoud binnen die negen jaar. Dat zal waarschijnlijk
52
wat problemen opleveren. Instemmen met het raadsvoorstel, en dus weer 3 ton extra beschikbaar stellen voor de Sportboulevard. Dat doet ook pijn. Of het niet instemmen met het raadsvoorstel, en het niet beschikbaar stellen van het extra budget. Dat doet ook pijn, want de legionella moet wel degelijk worden opgelost. Maar de vraag rijst wel, wanneer houdt het op? Nog niet eens zo lang geleden werd ons op het hart gedrukt dat het ophogen van het budget voor onderhoud de problemen zou oplossen, en dat het hiermee gedaan zou zijn. Het aanpakken van de problematiek rondom legionella werd daarbij zelfs als voorbeeld genoemd. De problematiek moet broodnodig worden opgelost, daar is geen twijfel over mogelijk. Maar de zoveelste budgetophoping, het zij incidenteel zoals nu, hetzij structureel zoals de vorige keer, stemt ons niet gerust. Want wat komt er hierna? Want deze investeringen gaan er onzes inziens niet toe leiden dat de Sportboulevard in 2030 nog echt rendabel is. Niet zolang er geen ‘…’ is bij de exploitant om zich hierop te richten en hierin te investeren. Wat ons betreft zou het liefste een taakstellend kader meegegeven worden om de beloofde investering voor het deel dat boven de besparing van onderhoudskosten uitkomt terug te verdienen. Misschien kan er bespaard worden op de uitvoering van het politiek onderhoud.
Of is het mogelijk, wethouder, dat als het collectief onderhoud per jaar niet opgaat dat het geld dan terugkomt, zodat we de investering op die manier misschien terug kunnen verdienen. Van die 1 miljoen per jaar moet dat misschien toch wel te doen zijn. Bovendien bleef voor het ophogen van het onderhoudsbudget van ‘…’ maar 1 miljoen per jaar ook al geld over op onderhoud. Het geld kan dan gebruikt worden om de afschrijvingslasten naar 2030 af te dekken. Zo zadelen we onszelf in 2030 niet met extra lasten op, en nemen we nu onze verantwoordelijkheid. De voorzitter: Mevrouw Van der Ham, ik wil u wijzen op het feit dat uw spreektijd erop zit. Dus als u tot een afronding wilt komen, graag. Mevrouw Van der Ham: Ik ben bezig. De voorzitter: Heel goed, heel goed. Mevrouw Van der Ham: Zonder ophoging van het budget voor de Sportboulevard. Want er gaat al zoveel geld heen. En daar kan best, verdeeld, over een aantal jaar, misschien een ton of twee op bespaard worden. Dank u wel. De voorzitter: Heel goed, dank u wel. Dan ga ik naar de GroenLinks-fractie, mevrouw Van Benschop. Mevrouw Van Benschop: Ja, dank u wel voorzitter. Wij zijn blij met de toelichting die wethouder Burggraaf zojuist heeft gegeven.
Dit geeft in ieder geval duidelijkheid over die ene veel gestelde vraag: Wordt deze investering gedekt door het vastgestelde onderhoudsbudget? Deze vraag is tot nu toe altijd met een ja beantwoord. De investering leidt tot een jaarlijkse besparing. En de jaarlijkse kapitaallasten van deze investering passen binnen, en worden ruim gedekt, door deze besparing. Echter, het beschikbaar gestelde krediet is voor nog negen jaar. Terwijl de afschrijving loopt tot respectievelijk 2036, en 2050. Dat betekent dat we na negen jaar nog een flink stuk van deze investering overhouden waarvoor nog geen dekking is. Er zijn dan ook drie
53
scenario’s mogelijk. 1. Je schrijft de investering volledig af binnen negen jaar. Dit zou echter betekenen dat ander onderhoud niet uitgevoerd kan worden, en dat lijkt ons zeer onwenselijk. 2. Dat je de investering binnen negen jaar afschrijft, en het onderhoudsbudget daartoe ophoogt met, ik geloof € 24.000 per jaar. En deze optie staat ons echter zeer tegen, gezien het feit wij misschien wel vier keer hebben gevraagd of het vorig jaar beschikbaar gestelde budget toereikend zou zijn. En onze vragen naar een eventuele second opinion, of expert opinion, omtrent het MJLP en demarcatie overzicht werden afgedaan met een stellige: niet nodig. Hoe denkt het college hier nu over? Scenario 3, is instemmen met dit voorstel, en na 2030 verder kijken waar we de dekking voor het resterende bedrag kunnen vinden. Voor scenario 3 moet je er echter wel van uit kunnen gaan dat de genoemde levensduur van 40 jaar van de Sportboulevard, dus tot 2050, ook echt realistisch is. Of dat er dan weer exorbitante investeringen nodig zijn om de Sportboulevard na 2030 überhaupt te kunnen exploiteren. Kan de wethouder hier iets over zeggen? Al met al constateren wij dat de afschrijvingstermijnen aansluiten bij de financiële verordening. Maar dat deze investering dus niet geheel past binnen het vorig jaar extra beschikbaar gestelde onderhoudsbudget.
Dit doet echter niets af aan ons begrip dat deze investering op alle fronten duurzamer, en waarschijnlijk ook wenselijker is, dan de lapmiddelen die tot nu toe zijn toegepast. Want een uit de klauwen lopende legionellabacterie in een zwembad, is natuurlijk nooit verantwoord. Dank u wel. De voorzitter: U hartelijk dank. Volgens mij is dat dan daarmee ook de eerste termijn van de raad. Dan wil ik graag doorschaken naar wethouder Burggraaf voor een reactie. De heer Burggraaf: Ja voorzitter, even kijken hoor. Ik druk op het verkeerde knopje geloof ik. Ben ik zo te verstaan? De voorzitter: Ja hoor, gaat u gang. De heer Burggraaf: Ja, ja, oké. Precies. Ja ik zie geen beeld meer verder, maar dat maakt niet uit. Als u mij maar kunt horen en zien dan komt het goed. De voorzitter: Wij kunnen u horen en zien. Ik zeg niet dat dat allemaal geweldig is, maar we kunnen u horen en zien. De heer Burggraaf: Kijk. Ligt dat aan de beeldkwaliteit, of aan hetgeen wat u ziet? De voorzitter: Nee hoor, gaat u gang. Gaat u gang. De heer Burggraaf: Ja. Goed, de investering die er nu voorligt. Kijk, duidelijk is dat de maatregelen die nu worden genomen in ieder geval een structurele oplossing bieden voor het legionella probleem.
Want de enige andere oplossing zou zijn dat je nog elke keer met filters vervangen, met douchekoppen blijft zitten, wat echt verre van een optimale oplossing is, en bovendien veel risico’s met zich meebrengt. Het is zo dat uiteindelijk een boekwaarde resteert aan het einde van 2030. Maar dat is natuurlijk sowieso voor de hele Sportboulevard wel het geval. Want we hebben nu een gebouw zitten met een boekwaarde van 48 miljoen, in 2030 nog bij lange na niet zal zijn
54
afgeschreven. En als u mij dan vraagt van ja zouden we hetgeen dan binnen die afschrijvingsperiode van negen jaar nog in te halen zou zijn om die boekwaarde naar nul te brengen, dan kom je inderdaad zo’n beetje uit op een bedrag van extra, schat ik, zo’n € 30.000 op jaarbasis uit. Ja, en dat moet dan vervolgens wel uit het onderhoudsbudget wat u heeft gegeven teruggehaald worden met, nou ja, bezuinigingen op andere plekken. In die zin zou ik richting het CDA willen toezeggen dat we natuurlijk met dat budget zeer spaarzaam om zullen gaan. En niet meer investeren dan noodzakelijk. Dus vanzelfsprekend kijk je daarin of je echt het volledige budget nodig hebt, of dat er nog ruimte in ontstaat. Maar om op voorhand al te zeggen van ja los het op binnen dat budget, ja dan is het risico veel te groot dat ik eerder weer terug moet komen bij de raad van ja we hebben nu niet genoeg budget om dat onderhoud op een acceptabele en verantwoorde manier uit te voeren. De voorzitter: Interruptie van mevrouw Van der Ham. Mevrouw Van der Ham: Voor dat laatste heb ik uiteraard begrip voorzitter. En ik ben ook blij dat de wethouder hierover ook eerlijk is. En aangeeft dat dat dan ook niet kan. Ik ben wel op zoek naar de ruimte in het feit als er onderhoudsgeld overblijft. Natuurlijk gaan we daar spaarzaam mee om. Ik heb ook niet de indruk dat we dat niet doen op dit moment.
Maar is er dan ook echt een gelegenheid of een mogelijkheid om dan dat geld ook echt weer terug te laten vloeien? Of blijft het dan toch in die onderhoudspot zitten als het niet opgaat in 2020? Schuift het dan automatisch naar 2021? De heer Burggraaf: Ja, het is denk ik lastig als je over een langere periode kijkt, om het met een schaartje te knippen. Het is natuurlijk zo dat soms dingen net over een boekjaar heen vallen. Maar uw oproep is mij wel heel duidelijk. En dat sluit denk ik ook wel aan bij de vraag die vanuit GroenLinks werd gesteld. En waar ik ook wel op wil toezeggen dat dat denk ik goed is om eens een keer met u in de commissie nog eens een keer uitvoerig stil te staan bij hoe de meerjarenonderhoudsplanning er nu uitziet. En ik denk dat het ook best wel verstandig zou zijn om daarbij het expertisebureau, wat er destijds de rapporten toe heeft opgesteld, daar ook bij uit te nodigen, en toelichting te geven. En u de kans te geven om daar in een vraag- en antwoordsessie meer scherpte en duidelijkheid op te krijgen. En dan kunnen we ook dit soort vragen met elkaar nog eens wat beter doorleven. En, nou ja, zou je misschien zelfs kunnen stellen dat bij zo’n groot project het zo zou kunnen zijn dat je jaarlijks dat gesprek met elkaar voert, zodat je een vinger op de pols kan, aan de pols kan houden, hoe je onderhouds, ja, besteding loopt.
Ik zou vooral in die richting met elkaar willen toezeggen. De voorzitter: Oké, hartelijk dank. De heer Burggraaf: Dan denk ik dat ik recht doe aan de opmerking die u maakt. De voorzitter: Ik zie mevrouw Van der Ham knikken. Dan is er nog een interruptie van de heer Boersma. De heer Boersma: Ja voorzitter, dank u wel. Ja ik vind het wel allemaal heel lastig en ingewikkeld worden als wij zelfs in de raad geïnformeerd worden over de
55
restantboekwaarde van thermostaten, dan vind ik het wel heel lastig om nog op hoofdlijnen en op kaders te sturen vanuit deze raad. Ik snap het punt, maar ik blijf een beetje de vraag houden. Wij hebben inderdaad een budget voor 10 jaar vastgesteld, maar wij investeren nu in apparatuur en onderdelen die gewoon langer dan 10 jaar meegaan. Mijn boerenverstand zegt dan dat we over 10 jaar gewoon een nieuw plan maken, een nieuw onderhoudsplan maken, waarbij we dan dat soort dingen weer meenemen. Is dan niet gewoon zo dat we dan het restant van al die waarden van wat er nog inzit, dan gewoon weer meenemen in het nieuwe onderhoudsplan? De heer Burggraaf: Ja uiteraard. Kijk, wat je nu allemaal aan boekwaarde hebt zitten, op het gebouw zitten natuurlijk ook zaken in die bij wijze van spreken van 2025 aan het einde van hun economische levensduur zitten. En op dat moment weer binnen die onderhoudsruimte die je hebt, weer een herinvestering komt. En ja, dan ook zaken zullen zijn die na 2030 doorlopen. Dus het is sowieso niet een gebouw waarvan je in 2030 kan zeggen, de stand is weer nul, en we hebben volledige beslissingsruimte om te kijken wat we daarvan wel en niet willen doen. Want het is natuurlijk gewoon een gebouw wat uiteindelijk een economische levensduur tot 2050 heeft, we met elkaar hebben gekozen om tot 2030 het onderhoudsbudget en de kapitaallasten te nemen.
En je dan vanaf dat moment weer, ook weer zit met nieuwe investeringen die ook weer nodig zijn voor een gebouw die dan inmiddels de laatste 20 jaar van zijn levensduur ingaat. Dus ook weer nieuwe investeringen vergt. Maar daarom denk ik dat dat best zinvol kan zijn om die exercitie een keer in commissieverband te doen. Dat is inderdaad best een technische exercitie. Zodat we ook goed een kaderstellende rol, want dat ben ik met u eens, daar zal het debat hier vooral over moeten gaan, kunt uitvoeren. De voorzitter: Oké, dank u wel. De heer Boersma: Oké. De voorzitter: Wethouder, was dat ook meteen uw termijn? De heer Burggraaf: Volgens mij wel. De voorzitter: Ja. Kijk ik even of er behoefte is nog vanuit raadsleden aan een tweede termijn. Dat is niet het geval. Heel kort, wel het geval. Mevrouw Van Benschop: Voorzitter? De voorzitter: Ja, gaat uw gang mevrouw Van Benschop. Mevrouw Van Benschop: Nou ja, ik had in de eerste termijn nog niet gezegd wat wij zouden doen met dit voorstel. Maar met de toezegging van de wethouder dat we nu een keer gewoon goed bijgepraat kunnen worden over hoe dit soort projecten lopen en hoe meerjarenonderhoudsplan, kunnen we voor stemmen. De voorzitter: Hartelijk dank. Dat is meteen dan ook een soort stemverklaring. En dan nog heel kort, mevrouw Van der Ham, geeft ze aan. Gaat uw gang.
56
Mevrouw Van der Ham: Ja voorzitter, dank u wel. Ik ben blij met de toezegging van de wethouder, omdat dat ook vertrouwen geeft dat we naar de toekomst gaan kijken, en dat we het problemen vastpakken op het moment dat ze zich voordoen. En dat we minder verrast zullen worden in de toekomst. Dus dat is sowieso goed. Wij vinden het natuurlijk jammer dat er geld bij moet, omdat het voor ons gevoel, nou ja, gewoon veel geld kost. Laat ik het zo zeggen. Maar we snappen dat het niet anders kan, en we hopen dat we met de stappen die worden gezet toe kunnen naar een meer voorspelbare uitgavepatroon richting de Sportboulevard. Dank u wel. De voorzitter: Hartelijk dank. Dan zijn we volgens mij beland bij de stemmingen. Ik zie verder geen, ik zag geen vragen aan de wethouder. Dan kijk ik even of er behoefte is aan stemverklaringen, laat ik daarmee beginnen. In elk geval de heer De Boer, gaat uw gang. De heer De Boer: Dank u wel voorzitter. Beter voor Dordt vindt dat de extra kosten van € 540.000 voor de veiligheid om het legionellaprobleem op te lossen er niet toe mag leiden dat andere zaken in de knel lopen. Dank u wel. Tot zover. De voorzitter: En dat betekent de heer De Boer, dat u? Voor of tegen bent? Mijnheer De Boer? Bent u er nog? De heer De Boer: Ik druk alles uit, sorry voorzitter. Voor. De voorzitter: Voor. Heel duidelijk. Ik kijk even of er nog andere stemverklaringen zijn.
Dat is niet het geval. Dan kijk ik even in de chat of er überhaupt behoefte is aan stemming. Dat betekent dat als er mensen van plan zijn om tegen te gaan stemmen, dat ze dat even in de chat aangeven. Als er niemand behoefte heeft aan stemming, dan kunnen we ook constateren dat het voorstel unaniem is aangenomen. Is er behoefte aan stemming? Dat is niet het geval. En dan is daarmee het voorstel 56 unaniem aangenomen. 59. Actualiseren bestuurlijke planner 2020/2021 De voorzitter: Dan gaan we naar 59, dat is het actualiseren van de bestuurlijke planner 20/21. Mevrouw Jager geeft aan dat zij de vergadering verlaat. Ik wens haar een goede nachtrust toe. 59, actualiseren bestuurlijke planner 2020/2021. In de commissie Bestuur en Middelen is op 8 december een amendement bij dit onderwerp aangekondigd door de CDA-fractie. Hierover is ook in de commissie al gesproken, en in de raad zou er dan eigenlijk ook geen inhoudelijke bespreking meer nodig zijn. Het gaat om het indienen van het amendement, en het daarover stemmen. Ik geef dan ook graag het woord aan de CDA-fractie, met het verzoek het amendement kort toe te lichten en in te dienen. En mocht er toch over gesproken willen worden dan verzoek ik u dat aan te geven in de chat. En anders gaan we meteen over naar de stemming. Ik wil graag het woord geven aan de CDA-fractie.
Mevrouw Van der Ham: Het gaat over het amendement van de bestuurlijke planner hè?
57
De voorzitter: Ja zeker, ja. Mevrouw Van der Ham: Exact. Nee het amendement spreekt voor zich denk ik. Wij willen heel graag dat er druk wordt behouden op de voortgang Verenigingshallenplan en de Sportparkenvisie. En wij spreken met het amendement de wens uit dat de voortgang voortvarend wordt opgepakt, en uiterlijk in Q2 aan ons wordt voorgelegd, in plaats van dat het een uitgesteld werd tot Q3. De voorzitter: Hartelijk dank mevrouw Van der Ham. Dat is amendement A4, die is al bij u bekend, bij de leden van de raad. Ik kijk even rond of er ten aanzien van dit amendement, dan wel het voorstel, het actualiseren van de bestuurlijke planner, behoefte is aan een termijn vanuit de raad. De heer Schalken in ieder geval. Gaat uw gang. De heer Schalken-den Hartog: Ja voorzitter, kort. Want we gaan inderdaad geen bespreking doen. We snappen de wens van het CDA, die volgens mij door de raad breed gedragen wordt, om de vaart erin te houden op dit proces. We willen graag allemaal, ja, de vaart erin houden. Maar Beter voor Dordt is er niet voor om nu een bepaalde termijn af te dwingen, want volgens mij heeft ook de wethouder voldoende aangegeven dat hij ook graag wil leveren. Maar onnodig de druk opvoeren komt het proces niet ten goede wat ons betreft. Dank u wel. De voorzitter: Hartelijk dank. Ja en dan gaan er toch meerderen, dus dan ga ik even kort iedereen langs.
De VVD-fractie, is er behoefte aan een eerste termijn? De heer Den Heijer. De heer Den Heijer: In principe nee. Dus ik ben eigenlijk benieuwd naar de reactie van de wethouder. De voorzitter: Hartelijk dank. Even kijken, de CDA-fractie heeft hem ingediend. Is er nog behoefte aan een eerste termijn vanuit de CDA-fractie? Ik denk het haast niet. Mevrouw Van der Ham: Nou voorzitter. De voorzitter: Ja gaat uw gang. Mevrouw Van der Ham: Ik wil wel heel graag aangeven dat het het uitspreken van een wens betreft in de bestuurlijke planner. En dat er geen enkele sprake van dwang is. Het is een signaal om aan te geven dat wij haast hebben. De voorzitter: Dank u zeer. Dat is dan nog even ter verduidelijking. Dan kijk ik naar D66. Is er behoefte aan een eerste termijn? De heer Tiebosch. De heer Tiebosch: Nou voorzitter, wij volgen de haast van het CDA. Dus wij kunnen instemmen met het amendement. De voorzitter: Dank u zeer. Mevrouw Van Benschop, GroenLinks.
58
Mevrouw Van Benschop: Ook wij kunnen ons aansluiten bij het CDA, en stemmen in. De voorzitter: Hartelijk dank. ChristenUnie/SGP, de heer Boersma. De heer Boersma: Ja voorzitter, wij hebben het amendement mee ingediend, dus wij gaan er sowieso mee instemmen. En het is niet zozeer om daar er nog extra druk op te zetten, maar om gewoon het proces op snelheid te houden. En, nou ja, daarbij ook gewoon de wethouder en het college aan hun toezeggingen te houden om dit ook gewoon op tijd te leveren. En wij schrokken van het feit dat wij de indruk hadden dat het eerste kwartaal 2021 hier een voorstel van zou komen. En dat dat ineens naar het derde kwartaal verschoven was. Dus vandaar onze wens om dat gewoon, en dan nog netjes, op kwartaal twee te zetten. De voorzitter: Hartelijk dank. PVV-fractie. De heer Helweg: Geen termijn nodig, maar even de wethouder aanhoren alstublieft. De voorzitter: Ja, dat gaat zeker zo gebeuren. Dan de heer Portier, SP. De heer Portier: Voorzitter, ik sluit me aan bij de woordvoering van mevrouw Van der Ham, en zal dus het CDA-amendement ondersteunen. Dank u wel. De voorzitter: Hartelijk dank. VSP, de heer Wisker. De heer Wisker: Dank u wel voorzitter. Ook wij houden van snelheid, dus wij zullen dit mede ondersteunen. De voorzitter: Dan de heer Van Verk, Partij van de Arbeid.
De heer Van Verk: Ja voorzitter, ook wij kunnen ons aansluiten bij de woorden van mevrouw Van der Ham en van de heer Boersma. En wij ondersteunen het amendement. De voorzitter: Dank u zeer. Gewoon Dordt. Mevrouw Koene. Mevrouw Koene: Ja voorzitter, in principe steunen we hem niet. De voorzitter: Dank u zeer. Ging het allemaal maar zo snel hè, mevrouw Koene, als dit onderwerp. Even kijken, mevrouw Jager is naar huis. Dan kijk ik even naar de wethouder voor een reactie. Wethouder Stam, gaat uw gang. De heer Stam: Ja, dank u wel voorzitter. Ook wij houden van snelheid. Ik heb mevrouw Van der Ham goed gehoord. En in haar tweede toevoeging gaf zij aan van dat we het niet zozeer was om de druk onnodig op te voeren, maar dat we graag de voortgang erin willen houden. De voortgang, nogmaals, die kunnen wij ook onderschrijven. We zitten natuurlijk wel nu in een hele bijzondere situatie met corona, dat er niet veel kan. Wij gaan ons uiterste best doen om in ieder geval eerste kwartaal al die gesprekken te kunnen voeren, hopelijk dan een afronding in het tweede kwartaal van 2021 om die visie op tafel te leggen. Dat heb ik al eerder aangegeven zoals de heer Boersma aangaf.
59
Ik hoop dat het onder de huidige omstandigheden allemaal lukt. We doen ons best. Maar vanuit die zin zou ik zeggen, als die, dat amendement bedoeld is om extra druk op te voeren, dan zou ik hem ontraden. Maar als het enkel en alleen bedoeld is om de voortgang een stimulans te geven, dan zeg ik dan neem ik hem graag mee. En dan gaan we u goed informeren over de voortgang, waar u overigens zelf in de gesprekken die gevoerd gaan worden in wordt meegenomen. De voorzitter: Er is een interruptie op u van mevrouw Van der Ham. Gaat uw gang. Mevrouw Van der Ham: Ja voorzitter, wij hebben het amendement mede opgesteld omdat wanneer het ging bijvoorbeeld over de Sportparkenvisie er eigenlijk voor ons gevoel heel makkelijk werd gezegd, o dat wordt Q3. En dat is precies wat we niet willen. We willen juist dat we voortgaan, we willen juist in Q2 hier gewoon stappen kunnen maken. En nog ruim voor de verkiezingen duidelijkheid kunnen geven aan de verenigingen, aan de sportclubs, welke kant gaan we uit met sport. En op het moment dat het makkelijk naar Q3 schuift, dan gaan we voor die tijd geen stappen meer maken. En dat zou zo ontzettend jammer zijn. Dus u begrijpt toch wel dat wij Q2 wel heel belangrijk vinden, in plaats van Q3? De heer Stam: Ja voorzitter, die woorden kan ik enkel maar onderschrijven. Ook wij willen graag een Sportvisie ontwikkelen.
Dus wat dat betreft is het ook wel goed om te zeggen laten we Q2 proberen die Sportparkenvisie op tafel te hebben. U bent daar nogmaals zelf bij in alle vergaderingen, in alle bijeenkomsten die komen. Dus dan kunnen we geleidelijk aan in begin 2021 maandelijks met mekaar kijken hoe ver de voortgang is. Maar om de druk inderdaad eind kwartaal 2 te zetten, ik denk dat we die uitdaging maar aan moeten gaan met mekaar. De voorzitter: Hartelijk dank. Dan nog een interruptie van de heer Den Heijer. De heer Den Heijer: Ja, ik kan me, voor een deel leven met de omstandigheden, zeker omdat we toen op het punt stonden om gewoon zo’n avond te organiseren, en op het laatste moment niet door kon. Maar even richting de wethouder, even serieus nu. Ja gaat dit nou lukken, ja of nee? En niet een beetje ja, of een beetje nee. Laten we hier nou gewoon duidelijk over zijn. Laten we elkaar nou geen mietje noemen, noemen ze dat in Dordt. Gaat het nou lukken, ja of nee? Want anders gaan we met hopelijk dit, hopelijk zus, en dan gaan we later weer krijgen, het lukt niet, en het komt toch in Q3. En wat dan? Dus ik zou graag voordat we verder daar, nou verder stappen in gaan nemen, ja dat zou ik graag willen weten. Hechten wij veel waarde aan. De heer Stam: Ja voorzitter, duidelijke woorden van mijnheer Den Heijer. Ja zoals mevrouw Van der Ham duidelijk aangaf was het om de druk erop te houden.
Nou ik heb toegezegd dat ik daar mee akkoord kan gaan. En, nou, als u echt vraagt van laten we ons niet als een mietje gedragen en zeggen dat we het gaan doen, dan zeg ik dat we dat eind kwartaal 2, dat we die visie op tafel gaan leggen. De voorzitter: Dank u zeer. Ik kijk even of er nog behoefte is aan een tweede termijn vanuit de raad. Dat is niet het geval. Dan gaan we stemmen. En dan stemmen we zoals
60
gebruikelijk eerst op het amendement. Amendement A4. Ik kijk even of er behoefte is aan stemverklaringen. In ieder geval de heer Schalken, gaat uw gang. De heer Schalken-den Hartog: Ja voorzitter, ik probeerde zo snel te tikken. De voorzitter: Ik zag het ja. De heer Schalken-den Hartog: Het wordt inderdaad een korte stemverklaring. Nou ja, Beter voor Dordt vindt zeker ook dat we de vaart erin moeten houden. Maar Beter voor Dordt heeft ook hier in deze raad al slechte ervaringen met het, misschien soms onnodig de druk opvoeren, en wij zullen daarom niet meestemmen met dit amendement. De voorzitter: De heer Den Heijer heeft een stemverklaring. De heer Den Heijer: Ja, de VVD heeft eigenlijk dezelfde stemverklaring als Beter voor Dordt, maar dan met een andere uitkomst. Dat we dus wel meedoen. We zullen het amendement wel steunen. Maar dan wel in dien verstanden, met de uitleg van de wethouder, dat we het als een wens zien. En ik zou de wethouder ook de ruimte wensen, uiterlijk Q2/Q3, dat er dan ook gewoon een goede visie komt te liggen. Want ik denk dat we ook gewoon met een goed besluitrijp stuk moeten komen. Daar hecht ik ook heel veel waarde aan. Dus, maar goed, doen en voortgang maken. Dat lijkt me het belangrijkste. De voorzitter: Mevrouw Van Benschop nog met een stemverklaring. Mevrouw Van Benschop: Ja. Dank u wel voorzitter.
Ik had net al gezegd, wij stemmen in met het amendement. En wij stellen het zeer op prijs dat de wethouder aangeeft zelf ook echt voort te willen maken met deze visies. Dus hartstikke fijn die toezegging. Hebben we duidelijk gehoord. De voorzitter: Tot slot, mevrouw Van der Ham, met een stemverklaring op haar eigen amendement. Mevrouw Van der Ham: Voorzitter, wij zijn blij met de toezegging van de wethouder, dat het amendement haalbaar is. En zullen hem daarom ook in stemming brengen. De voorzitter: Hartelijk dank. Verder geen stemverklaringen. We gaan wel stemmen. Ik begin normaal bij mevrouw Jager, maar die is vertrokken. Begin ik bij de heer Van der Klaauw. De heer Van der Klaauw: Tegen. De voorzitter: De heer Soy. De heer Soy: Tegen. De voorzitter: De heer Van der Graaf.
61
De heer Van der Graaf: Tegen. De voorzitter: Mevrouw Van Eck. Mevrouw Van Eck: Tegen. De voorzitter: De heer Schalken. De heer Schalken-den Hartog: Tegen. De voorzitter: De heer Gündogdu. De heer Gündogdu: Tegen. De voorzitter: Mevrouw Nijhof. Mevrouw Nijhof: Tegen. De voorzitter: De heer De Boer. De heer De Boer: Tegen. De voorzitter: De heer De Looze. De heer De Looze: Voor. De voorzitter: De heer Veldman. De heer Veldman: Voor. De voorzitter: De heer Boersma. De heer Boersma: Voor. De voorzitter: Mevrouw Klein-Hendriks. Mevrouw Klein-Hendriks: Voor. De voorzitter: Mevrouw Koene. Mevrouw Koene: Tegen. De voorzitter: De heer Portier. De heer Portier: Voor. De voorzitter: De heer Van Verk. De heer Van Verk: Voor.
62
De voorzitter: De heer Van der Net. De heer Van der Net: Voor. De voorzitter: De heer Noldus. De heer Noldus: Voor. De voorzitter: De heer Merx. De heer Merx: Voor. De voorzitter: De heer Den Heijer. De heer Den Heijer: Voor. De voorzitter: De heer Kwaak. De heer Kwaak: Voor. De voorzitter: De heer Helweg. De heer Helweg: Tegen. De voorzitter: Mevrouw Van Benschop. Mevrouw Van Benschop: Voor. De voorzitter: Mevrouw Kruger. Mevrouw Kruger: Voor. De voorzitter: De heer De Lijster. De heer De Lijster: Voor. De voorzitter: De heer Burakçin. De heer Burakçin: Voor. De voorzitter: Mevrouw Van der Ham. Mevrouw Van der Ham: Voor. De voorzitter: De heer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Voor. De voorzitter: De heer Chapel.