2.7 Dordrecht Commissie Sociale Leefomgeving 13 januari 2021.pdf
Tekst van het document
Nou ja, goed, over de eerste politieke vraag, over die extra beschikbare middelen, die vragen die mijn voorgangers hebben gesteld die deel ik. Dus daar zouden we inderdaad ook een antwoord op willen hebben. Waar we nog een opmerking over hebben, over extra … Over dat … Ja, over die efficiëntie van die inzet van die middelen, is bijvoorbeeld dat er nu weer om een onderzoek gevraagd wordt over de participatiewet, wat betreft de kostendelersnorm. Ja, dat snap ik niet zo helemaal, voorzitter. Volgens mij zijn er al ontzettend veel onderzoeken gedaan. Een paar maanden geleden nog een onderzoek uitgevoerd in opdracht van de SoZaWe. En daarin staat klip-en-klaar gewoon wat de kostendelersnorm doet en wat voor nadelige gevolgen het heeft zeg maar ten aanzien van dak- of thuisloosheid, met name voor bepaalde groepen zoals de jongeren. Dus ik begrijp eerlijk gezegd dat onderzoek niet … En daarom zou ik eigenlijk aan de wethouder willen zeggen, ja, voer het gewoon uit zoals staatssecretaris Klijnsma dat ook heeft gezegd. Die heeft gewoon de beleidsvrijheid geboden om af te wijken van de regels vanuit de participatiewet. Dus waarom wordt dat niet gewoon uitgevoerd en moeten we dus weer een onderzoek laten verrichten. Dat was in ieder geval over ons … Tenminste, het eerste punt. Voorzitter, is kijken. Tweede politieke vraag, ja, over ook die veiligheid nu.
Ik vind het lastig om daar nu een klip-en-klaar antwoord op te geven, omdat we dus niet beschikken over harde cijfers. Ja, corona heeft natuurlijk ook wel een aardige rol hierin. Maar goed, harde cijfers had ons wel kunnen helpen om dat beter te kunnen duiden. We hebben eerder ook zeg maar, toen we dit eerder bespraken, hebben we gevraagd om een nulmeting. Nou, daar wilde het college niet aan beginnen. Maar dat had ons wel behoorlijk geholpen om nu te zeggen van joh, of we nou vooruit of achteruit zijn gegaan. Dus dat is wel een gemiste kans, vinden wij. Maar desalniettemin, voorzitter, de buurt ervaart natuurlijk nog steeds heel veel overlast. Ja, en ja, daar moeten toch wel stappen in ondernomen worden. Dus de vraag aan het college, wat gaat het college nog ondernemen om dat wel op te lossen. En in dat plan van aanpak, waar we dus inderdaad … Waar wij dus mede-ingediend hebben die motie. Ja, dat zien
21
we toch graag terug, in plaats van een raadsinformatiebrief wat we dus nu al doen. Voorzitter, goed, ik houd het eventjes hierbij. Er is al een hoop gezegd, dus dan kom ik misschien later nog terug op andere punten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Burakçin. Dan gaan we door met de vertegenwoordiger van de ChristenUnie/SGP, ik neem aan de heer Boersma? De heer Boersma: Ja, dat klopt, voorzitter. De voorzitter: U heeft het woord. De heer Boersma: Dank u wel. Nou, allereerst, er is heel veel gezegd. En op een aantal punten kan ik me aansluiten bij wat er al gezegd is. Dat gaat over het punt van financiën en met name ook kijken naar de langere termijn, als de rijksbijdrage er niet is. Daarmee sluit ik aan bij de opmerking van de heer Van Verk. Ik had net ook nog even een vraag naar aanleiding van die discussie die al genoemd werd over de Dienst Gezondheid & Jeugd. De vraag is gesteld, waarom de Dienst Gezondheid & Jeugd? Mijn vraag als gevolg daarop is van, los van de vraag of dit dan de juiste geschikte partner zou zijn, hoe verhoudt zich dat, en daar doelde mevrouw Nijhof volgens mij ook al op de rol van de sociale teams die benoemd wordt, met name in de vraagverheldering. Verder sluit ik me graag aan bij de opmerking van de heer Van Verk over die aandacht voor die tussenvoorzieningen. Ik ben heel benieuwd hoe de wethouder daarop gaat reageren.
Daarbij wel de opmerking dat uiteindelijk, wat we natuurlijk willen hè, dat is van opvang naar wonen, is dat we mensen uiteindelijk toch zoveel mogelijk weer op een eigen plek in een eigen woning, al dan niet begeleid, willen krijgen. Ik ben het helemaal eens met de pluim die de heer Van der Net uitdeelde, hoe mooi is het als je op je eigen verjaardag een pluim uitdeelt, over de winteropvang. Heel goed dat dat geregeld is op deze locatie. Nog één vraag aan de wethouder, ik las vandaag in de krant dat dat in eerste instantie tien plekken zijn. Maar is daar voldoende ruimte als blijkt dat we meer plekken nodig hebben voor de winteropvang? Want jaarlijks blijkt daar soms toch een behoorlijke druk op te komen staan. Is daar nog voldoende ruimte om dat iets uit te breiden? Verder heb ik nog een paar concrete vraagjes over de stukken die we gekregen hebben. En dat zit … Eén zit dat op de laatste raadsinformatiebrief die inmiddels natuurlijk alweer een beetje achterhaald is. Want volgens mij is inmiddels de nachtopvang van het Kasperspad, de verbouwing, is afgerond. Ik zag een interview met de manager van het Leger des Heils over de 49 éénpersoons kamers. Nou, mooi dat dat geregeld is. Ik las ook een opmerking dat de overgebleven ruimte van februari benut kan worden voor de werk- en dagbehandeling van de deelnemers.
En dan vroeg ik mij even af, zijn dat alleen de mensen die gebruik maken van die 49 kamers? Of zijn dat ook andere mensen die gebruik maken van de dagbehandeling? En hoe verhoud zich dat dan tot, nou ja, dat die mensen daar dan niet in die 49 kamers blijven, maar na afloop van de dagbehandeling weer de straat op gaan, met het risico dat ze op het Kasperspad of Kromhout blijven hangen. Vragen over de betrokkenheid van de omliggende gemeenten is al gesteld, dus die hoef ik niet te herhalen. Nog even een opmerking die werd genoemd in de laatste raadsinformatiebrief, dat het initiatief van de rustplek nu ook in Dordrecht is gestart. Particulier initiatief. Ik denk heel mooi dat ook op die manier particuliere initiatieven ontstaan en mensen zorg hebben voor mensen die tijdelijk even een andere huisvesting
22
of een andere opvang nodig hebben. De laatste vraag, dat heeft te maken met de gebiedsverboden. Ik las in de raadsinformatiebrief van juli, dat vanaf maart dit jaar de gebiedsgeboden niet gehandhaafd worden. Dat had te maken met de coronamaatregelen, en dat de problematiek die daar omheen hing, en dat het ook lastig was. Nou, ik vroeg me wel af of dat inmiddels wel weer gebeurt? Zeker omdat we hier te maken hebben met juist, nou ja, de meest ernstige overlast gevende groep. Die moeilijke groep die ook al genoemd wordt, die ook heel lastig aan te pakken is. Op het moment dat die gebiedsgeboden niet gehandhaafd kunnen worden, ja, hoe zit het dan met die groep? En er wordt ook tegelijkertijd opgemerkt dat de noodmaatregelen corona wel gehandhaafd worden. 1,5 meter, niet meer dan drie personen bij elkaar. Hoe verhoudt zich dat tot die gebiedsverboden, want als je niet meer met drie personen bij elkaar mag, ja, dan denk ik zomaar dat je ook al heel snel bij die groep terecht komt die de gebiedsgeboden overtreedt. En nou ja, het is al genoemd, er waren weer wat berichten vanuit het actiecomité dat het nog steeds niet goed gaat. En ik kreeg ook de indruk dat die zich ook wel zorgen maakt over juist die meest overlast gevende groep.
Ik vroeg me alleen even af of de groep die in het krantenartikel vandaag genoemd wordt, of dat ook de groep is die door de burgemeester herkend wordt als de meest overlast gevende groep. Tot zover even, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Boersma. Dan gaan we verder met de vertegenwoordiger van de fractie van de PVV. Mevrouw Rutten-Alberts: Ja, goedenavond. De voorzitter: Goedenavond, ga uw gang. Mevrouw Rutten-Alberts: Het idee van de heer Van Verk voor die tijdelijke opvang, tussenopvang, dat vond ik goed klinken. Het deed mij een beetje denken aan de Short Stay Facility aan de Trompweg, waar je voor een half jaar een kamer kan huren. Het nadeel is dat tegenwoordig met de krapte op de woningmarkt je niet binnen een half jaar weer iets anders hebt gevonden. Het extra geld van het Rijk moeten we zo duurzaam mogelijk natuurlijk gaan inzetten, omdat ik er ook vanuit ga dat dit maar éénmalig is. En qua de opvang bij Kasperspad en omstreken is mijn mening dat verdeel en beheers de overlast de beste oplossing gaat zijn. En de stap van de winteropvang naar industrieterrein Louterbloemen, dat is in ieder geval een goed voorbeeld wat voor mij in de juiste richting gaat. Nou ja, verder is er al heel veel gezegd, dus wilde ik het hierbij laten. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Rutten. Dan gaan we verder met de VSP. Wie mag ik het woord geven? Mevrouw Striebeck: Ja.
Goedenavond, voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Striebeck, ga uw gang. Mevrouw Striebeck: Dank u wel. Er is al veel gezegd. Ook is er een … Ook willen we naast de jongeren een groeiende groep ouderen benoemen die door verlies van werk
23
hypotheekschuld krijgen en dakloos worden. Wat kunnen we voor deze mensen doen? De VSP heeft wat betreft de Sint Jorisweg-Kromhout de raadsbrief van juli gelezen over het plan van aanpak van de leefbaarheid in de buurt. Daar lezen we dat op het gebied van overlast successen worden geboekt met de inperking hiervan, maar dat staat haaks op de berichten die wij met grote regelmaat van de omwonenden horen. De VSP is met grote regelmaat te vinden in het gebied van de Sint Jorisweg, Kromhout, Vrieseweg, en constateren daar zeer regelmatig overlast gevende personen, politie aanwezig in deze omgeving. Tevens lezen we dat de vuilniscontainers overvol zijn, dat het afval door cliënten van het Leger des Heils naast de containers wordt geplaats, zodat het huisvuil zich opstapelt. Dat is zeer ongewenst. Hoe verhoudt zich dat met de successen die genoemd worden in de raadsinformatiebrief, en hoe gaan wij dit aanpakken? Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Striebeck. Nou, dan hebben we alle fracties gehad die vanavond aanwezig zijn. We hebben, zoals bij het begin aangegeven, hebben we drie portefeuillehouders. We hebben de heer Stam voor wat betreft de leefbaarheid, we hebben de heer Heijhoop voor wat betreft alles rondom de opvang, en burgemeester Kolff voor wat betreft alles rondom veiligheid, openbare orde.
En ik wil graag starten met het woord te geven aan onze burgemeester. Er zijn heel veel opmerkingen gemaakt, eigenlijk wel breed gedragen, over de raadsinformatiebrief, als antwoord op motie 7. En daarnaast zijn er nog andere opmerkingen gemaakt, maar ik denk dat u ook mee geschreven heeft. En ik geef u het woord, burgemeester. Burgemeester Kolff: Ja. Hartelijk dank, voorzitter. Enerzijds heel goed om natuurlijk nu vanavond in deze commissie te zijn. Mooi om ook een keer mijn gezicht te kunnen laten zien in de commissie sociaal. Tegelijkertijd is dit natuurlijk ook, en zeker voor wat betreft openbare orde en veiligheid, een thema wat in de commissie bestuur en middelen ook aan de orde komt. Maar ik begrijp ook uw wens om dat integraal te kunnen bespreken, dus dat doen we bij dezen. En vandaar ook dat we hier met drie portefeuillehouders zijn. Ja, er is natuurlijk destijds gevraagd om een plan van aanpak. En ik heb eigenlijk bij, toen die vraag werd gesteld en de motie uiteindelijk ook ter sprake kwam, daarop geantwoord dat we natuurlijk al jarenlang bezig zijn in het gebied. En dat er al flink wat inzet wordt gepleegd, en dat een deel van die inzet ook zeker moet worden gecontinueerd om het in ieder geval niet erger te maken dan het op dit moment is. En dat er ook intensivering van sommige thema’s nodig is om de situatie daar te verbeteren.
Ik wil wel meteen ook daar een stuk realisme in brengen. Zolang daar bepaalde instellingen zitten, mensen rond die instellingen ook moeilijk aanspreekbaar zijn daarop, weliswaar overlast veroorzaken, maar niet direct strafbare feiten begaan. Ik hoorde de VVD al praten over de ISD maatregel. Ja, daar moet je echt vijf strafbare feiten hebben begaan, waarvan eentje zeer recentelijk, voordat je daarvoor in aanmerking komt. Er zal daar toch ook altijd enige vorm van overlast blijven. We hebben te maken met een, en dat heeft u vanavond in uw commissie ook allemaal eigenlijk wel benoemd, te maken met soms zeer lastige doelgroep. En de doelgroepen die zeer hardnekkig zijn in het veroorzaken van overlast, dat betreft een groep Polen, Somaliërs en Antillianen die eigenlijk zich van heel weinig aantrekken. Met wie het heel lastig communiceren is, die veel te dealen hebben met alcoholmisbruik, en waar heel
24
lastig vat op te krijgen is. En daar hebben we van allerlei maatregelen al voor getroffen, en die moeten we ook de komende tijd blijven treffen. Dan heb je het over dat samenscholingsverbod, je hebt het over gebiedsverboden. ChristenUnie/SGP raakte dat thema gebiedsverboden ook even aan. Dat heeft door corona even een dip gekend, maar in de loop van 2020 zijn we daar ook weer mee verder gegaan. Er zijn er drie opgelegd. En die effecten van die gebiedsverboden zullen hopelijk ook de komende maanden zichtbaar worden. Het is ook niet zo, zoals mevrouw Van der Ham suggereert, dat we vanaf 2017 al precies hetzelfde doen. Er is ook echt geïntensiveerd. We hebben een cameratoezicht hebben we verstevigd. Van drie tijdelijke mobiele camera’s, zeer recent overgestapt naar vijf vaste camera’s. Maar ik moet ook meteen daarbij zeggen dat de aanpak van corona, ja, dat gebeurt voor een deel ook door dezelfde mensen als die daar moeten handhaven, politie en handhaving, dat die aanpak van corona natuurlijk ook wel eigenlijk in de hele stad roet in het eten heeft gegooid voor wat betreft de integrale veiligheidsplannen die voor de hele stad gelden. Ik heb ook kennis genomen van het artikel … De voorzitter: Burgemeester, voordat u verder gaat, u krijgt een interruptie van de heer Van der Net. De heer Van der Net: Dank u, voorzitter. Ja, ik hoor het de burgemeester zeggen, en het is moeilijk.
Ja, ik ben de laatste om dat te ontkennen dat het moeilijk is. Maar wat kunt u nu de burgers die daar wonen en die overlast toch constant ervaren nu beloven? Dat is mijn punt. En die mensen die zien wel dat er wel wat gebeurt, maar aan de andere kant zien we ook gewoon dat er constant toch overlast is die ik zelf hier in mijn buurt niet wil hebben. En dan is dus tuurlijk de volgende vraag, en als het niet in uw macht ligt, misschien dan in Den Haag qua wetgeving, maar begrijpt u de zorgen toch van die mensen die daar toch constant die last ervaren? En dat u dan aangeeft, ja, het is moeilijk. Ik zou daar als burger als ik daar zou wonen, zou ik daar geen genoegen mee nemen, voorzitter, richting de burgemeester. Dus … De voorzitter: Nou, laten we eens horen wat de burgemeester daarvan vindt. Burgemeester Kolff: Nou, in reactie op de heer Van der Net, ik denk dat het is goed is als we met het hele college en met de hele raad ook onder ogen zien dat we hier wel realistisch in moeten zijn. We kunnen niet met één druk op de knop de situatie daar drastisch veranderen. Dat is een proces van jaren en jaren, daar helpt bijvoorbeeld het verspreiden van de opvang van moeilijke doelgroepen over de stad enorm bij.
Daar helpt ook bij als we op een gegeven moment al onze mensen die we nu moeten inzetten in de handhaving van coronamaatregelen, ook weer zoveel mogelijk beschikbaar hebben voor kwetsbare wijken in onze stad, waar deze wijk er zeker ook eentje van is. Maar ja, ik kan uiteindelijk ook eigenlijk alleen maar roeien met de riemen die ik heb, en dat doen we zo goed mogelijk. We doen wat we kunnen, we zetten daar ook echt veel meer op in dan de afgelopen jaren is gebeurd. Maar de effecten daarvan zijn ook niet binnen een week of binnen een maand zichtbaar, dat heeft tijd nodig. Er komt een raadsinformatiebrief nog uw kant op met weer een nieuwe stand van zaken. Ik heb de fractie van GroenLinks ook horen vragen naar een nulmeting. Nou, die is wel degelijk verricht voor zover mogelijk. En dan is het ook belangrijk om de eerstvolgende RIB weer
25
af te wachten, om te zien wat het verschil is met die nulmeting. Maar daaruit blijkt ook dat een deel van de inwoners in ieder geval wel degelijk verbetering ervaart op het gebied van veiligheid en overlast. Maar nogmaals, laten we met elkaar wel … laten we in elk geval niet de indruk wekken dat dit simpel is, dat dit makkelijk op te lossen is met een druk op de knop of een bepaalde maatregel. Er is een set van maatregelen die we jarenlang zullen moeten volhouden en waar allerlei disciplines en portefeuilles ook door elkaar lopen. Investeringen vanuit de raad ook in bepaalde opvangvoorzieningen die nodig zijn. En dan komen we uiteindelijk tot de situatie die misschien voor iedereen acceptabel is en gewenst is. De voorzitter: Burgemeester, u krijgt nog een interruptie van de heer Van Verk, en daarna nog van mevrouw Van der Ham. De heer Van Verk: Ja, voorzitter, het betoog van de burgemeester, waarin hij realisme bepleit en vaststelt dat het allemaal niet simpel is. Nou ja, burgemeester, ik kan u vertellen dat het leven niet simpel is. En dan tot het realismegebied te zeggen dat sommige oplossingen moeilijk zijn, maar daarom niet onmogelijk. Want wat ik toch een beetje hoor is een beetje houding van ja, nou ja, het zijn nou eenmaal moeilijke mensen. Ze luisteren niet goed, en noem maar op. Een weinig proactieve houding.
Het plan van aanpak wat de raad voor ogen had, en ik meen dat het zelfs raadsbreed is vastgesteld, daar worden een vijf- of zestal elementen genoemd, mevrouw Van der Ham heeft ze net nog eens opgelepeld, waarbij je zou kunnen zeggen, wat zouden die diensten, wat zouden die kunnen bijdragen aan het verbeteren van de leefbaarheid in de buurt. En dat hoeft niet altijd op repressie te zitten. Wanneer je bijvoorbeeld, en ik geef maar een simpel voorbeeld, het onderdeel wonen eruit licht, dan zou je kunnen zeggen, welke diensten zou de corporatie daar, zijnde Trivire, welke zouden die kunnen leveren om de leefbaarheid te verbeteren? En hoe zouden zij bij de woningtoewijzing te werk kunnen gaan om bepaalde doelgroepen juist te versterken, dan wel andere doelgroepen wat minder prominent aanwezig te laten … Dat zijn soms simpele oplossingen voor ingewikkelde problemen die ook gewoon tot de realiteit behoren. Daarnaast denk ik dat een collega Aboutaleb in Rotterdam u vast en zeker wel kan informeren over de werkwijze in Rotterdam, die soms fors sterker is dan in het Dordtse, met de Rotterdamwet in de hand. Waarin ook een integrale aanpak wordt uitgevoerd die breder gaat als alleen maar repressie en surveillance en cameratoezicht. En wellicht dat dat mogelijkheden zijn die op dit kleine gebied van toepassing kunnen zijn gedurende een bepaalde tijd die resultaten op kunnen leveren.
En tot slot, voorzitter, ik hoor de heer Kolff zeggen van, ja, er zijn mensen die willen niet willen luisteren. Nou ben ik niet de man van de harde repressie, maar wie niet horen wil, moet wel gaan voelen. En zero tolerance beleid ten aanzien van groepen die dus het verrekken om goed te luisteren en gewoon te doen wat hen wordt gevraagd. Ja, daar moet je dan maar soms wat harder tegen optreden. Want nogmaals, wie niet horen wil, moet maar gaan voelen. De voorzitter: Nou, u heeft volgens mij niet een echte vraag gesteld. Maar u wilt daar graag een … Burgemeester Kolff: Nee, maar ik begrijp …
26
De voorzitter: Ja. De heer Van Verk: De vraag is ei… Burgemeester Kolff: Ik begrijp het wel hoor. Even nog … Ik begrijp de heer Van Verk wel. Ik zal … De vraag is eigenlijk tweeledig. Enerzijds in dat integrale plan van aanpak wat gewenst is, zou ook een creatievere oplossing denkbaar kunnen zijn, zegt de heer Van Verk. En hij zegt tegelijkertijd, voor groepen die niet willen luisteren, dan moet u maar voelen. Ja kijk, ook dan geldt nog steeds, zeg ik ook tegen de heer Van Verk, voor dat laatste, dat we wel te maken hebben met de Nederlandse wet- en regelgeving, met het OM die uiteindelijk verantwoordelijk is of iemand vervolgd wordt en met een rechter die uiteindelijk verantwoordelijk is of iemand veroordeeld wordt. Ik heb echt de hele instrumentenkist die we hebben in Dordrecht, en die we hebben als burgemeester om veiligheid en openbare orde zoveel mogelijk te garanderen, op dit gebied leeg getrokken. Dan moet u dus denken aan samenscholingsverboden, gebiedsverboden, cameratoezicht, inzet van handhaving en politie. En dat gebeurt op grote schaal in dit gebied. Ik durf ook wel te beloven, want ik wil echt voorzichtig zijn met het doen van beloftes. Juist omdat je als overheid het doen van loze beloftes richting inwoners die ontevreden zijn, dat werkt uiteindelijk alleen maar extra wrevel op. Dus ik wil ook gewoon een realistisch beeld schetsen.
Maar de aanpak zoals die in Rotterdam in bepaalde wijken gebeurt, die is echt te vergelijken met de aanpak zoals we die hebben in deze wijk. Maar zolang hier bepaalde voorzieningen zitten die ook mensen aantrekken die dit gedrag vertonen, zullen we ook te maken blijven houden met vormen van overlast. En waar je ook mee te maken hebt, is dat de interpretatie van sommige buurtbewoners daar ook ongelooflijk in verschilt. De ene buurtbewoner vindt dat acceptabel, de andere zegt ik wil en kan hier niet aan wennen. Nou, dat is ook iets waar we mee te maken hebben. Dat zagen we vandaag ook weer in dat krantenartikel terug. Ik blijf me in ieder geval tot op het bot inzetten voor het veiliger krijgen van deze wijk. Alleen dat is een kwestie van hele lange adem, van het volhouden van de maatregelen die we hebben ingezet, het goed toepassen daarvan, het inzetten van de juiste diensten en ook inderdaad, zoals gesuggereerd werd door de VVD, in overleg treden, als dat ook maar enigszins kan, met het Openbaar Ministerie, om bepaalde overlastgevers wat langduriger uit de wijk te kunnen weren. Overigens zit er ook nog een deel bij van mensen die overlast veroorzaken waar projecten lopen om ze niet langer in Nederland te laten hebben. En nou ja, die trajecten daar ga ik uiteindelijk ook niet over.
Maar dat zijn ook diensten van het Rijk, zoals u weet, die zich daarmee bezig houden, als mensen hier niet legaal verblijven. Nou, alles wordt hier aangewend om dit zo goed mogelijk te doen. Maar dit blijft een hardnekkige en ingewikkelde kwestie. Ik hoorde een aantal van u ook spreken over ruimtelijke ordening en wonen en dergelijke. Ja, dat heeft natuurlijk ook allemaal betrekking op deze situatie. Maar ik voel me eerlijk gezegd als burgemeester niet al te vrij om daar wat over te zeggen, want dan ga ik echt wethouders in de wielen rijden, dat zou ik volgens mij niet moeten doen. En ik hoorde ook een aantal van u nog, of in elk geval het CDA, spreken over een aantal voorzieningen in de buurt die ook soms voor overlast zorgen. Supermarkt, casino, coffeeshops. Ja, dat zijn toch ook voorzieningen die daar gevestigd zitten. Bijvoorbeeld ten aanzien van het casino kan ik zeggen dat wij in Dordrecht aan het werken zijn aan een speelautomatenbeleid waarbij
27
daar mogelijk wat kan veranderen. Maar ook daarvoor geldt dat dat niet iets is wat volgende maand geregeld is. Dat zijn allemaal kwesties van lange adem en waar we met elkaar moeten volhouden. Daar wilde ik het eigenlijk eventjes bij laten. En volgens mij gaat wethouder Stam straks nog wel even iets zeggen over de leefbaarheid in de wijk. Je ziet natuurlijk nauwe raakvlakken met veiligheid, en dat gaat dan bijvoorbeeld ook over dat huisvuil, et cetera. De voorzitter: Ja. Ik zie mijnheer Van Verk en ik zie mevrouw Nijhof in beeld. Maar ik wilde toch eerst echt mevrouw Van der Ham het woord geven. Mevrouw Van der Ham: Ja, voorzitter, dank u wel. Dat die aanwijzing als aandachtsgebied voor handhaving in 2017 is gedaan, dat begrijpt iedereen. En dat het niet makkelijk is, dat begrijpt ook iedereen. Maar deze verdient het toch wel dat wij niet zeggen, het is moeilijk en we moeten volhouden. Deze buurt verdient een plan van aanpak waarin wij opschrijven wat wij de komende jaren gaan doen om het beter te maken. En precies de laatste wat eigenlijk de portefeuillehouder aangeeft, zo’n plan van, mogelijk kunnen we iets met het casino, dat is nou precies wat ik verwacht bij zo’n plan van aanpak.
Waarin je zegt van nou, we hebben al die factoren, en in plaats van dat we het alleen maar hebben over de overlast gevende aanpak op straat, wat misschien ook best wel zwaarder, wat heftiger mag, of wat meer op de Rotterdamse manier, ik weet het niet. Maar er is zoveel meer in die wijk aan de hand. En waarom krijgen we dan een raadsinformatiebrief van alles wat er nu gebeurt, zonder al te veel samenhang, en eigenlijk maar heel weinig blik op de toekomst. Ik denk dat die wijk, die wijk verdient meer. En de problematiek vereist ook meer dan nu. En is dan het antwoord van de portefeuillehouder op dit moment, ja, ik doe eigenlijk al alles wat ik kan, ik kan niet meer, we zitten de rit maar uit. Ik vind dat moeilijk. Burgemeester Kolff: Ik vind dat woorden, voorzitter, die nu door mevrouw Van der Ham zelf worden gebezigd. We hebben de afgelopen jaren middelen en maatregelen ingezet die steeds verder worden opgevoerd. We hebben … Ik heb al daar een aantal dingen over toegelicht. Ik heb ook gezegd dat we in de loop van 2020 weer zijn begonnen met gebiedsverboden. Ik heb gesproken over het cameratoezicht wat structureel is gemaakt en is uitgebreid.
Ik heb ook gezegd dat het in tijden van corona, en ik hoop echt dat daar begrip voor bestaat in deze gemeenteraad, dat die urgentie van corona tussen de oren zit, ook gezien hetgeen ik aan het begin van deze vergadering ook heb gezegd, dat dat toch even voor een dip heeft gezorgd in alle inzet van hulpdiensten, omdat die elders urgent nodig waren. Maar dat we dat, zodra dat kan, ook weer gaan opvoeren. Zaken als bijvoorbeeld de Rotterdamwet, zoals die wordt genoemd, die hanteren wij ook, met selectieve woningtoewijzing op kwetsbare straten in de stad. En ook de Wet aanpak woonoverlast hanteren we door middel van gedragsaanwijzing. Dus er gebeurt echt ongelooflijk veel. Ik heb dat ook toen de motie ter sprake kwam aan de orde gesteld. Ik heb gezegd, er gebeurt heel veel en dat is een kwestie van lange adem, volhouden, kleine verbeteringen. En natuurlijk kan het ook van invloed zijn als er bepaalde instellingen daar zitten en die worden verplaatst of verspreid over de stad, dat daar een forsere stap in wordt gezet in de tussentijd. Nou, ik … En mevrouw Van der Ham zegt ook, de portefeuillehouder. Ja, dat is natuurlijk iets wat veel breder ligt, waar
28
ook wethouder Heijkoop zeer bij betrokken is, waar de overige wethouders bij betrokken zijn voor wat betreft RO en leefbaarheid. Dus die moeten daar ook zeker het hunne over zeggen. Maar wij werken daar in ieder geval fors aan in dit gebied. En ik hecht er ook aan dat we dan met elkaar, ook is nu nog geen gelegenheid om iets te vieren hoor, maar dat we wel met elkaar zien dat er ook inwoners zijn, een deel van de inwoners zijn, daar wordt u binnenkort over geïnformeerd, die daadwerkelijk zeggen, wij ervaren dat die veiligheid toeneemt en dat de overlast in dit gebied afneemt. En dat is wat mij betreft echt nog niet genoeg. We kunnen zeker nog niet op onze lauweren rusten. Hier moet de komende jaren volle aandacht erop blijven. Maar ik wil ook echt niet de belofte doen dat dit volgende maand of over twee of drie maanden aanzienlijk beter is. Die belofte zou onrealistisch zijn, die zou ik niet waar kunnen maken, en dat doe ik ook dus gewoon niet. Mevrouw Van der Ham: Mag ik daar nog op reageren, voorzitter? De voorzitter: Ja, dat mag. Mevrouw Van der Ham: Ja, en de heer Kolff geeft aan dat ik zelf woorden bedenk. Maar het volhouden en dat het moeilijk is en dat alles al gedaan wordt, heb ik echt niet zelf bedacht, dat heeft hij zelf verwoord eerder.
En precies wat u nu ook weer aangeeft, die selectieve woningtoewijzing bijvoorbeeld, dat is nou zoiets wat ik verwacht terug te zien in dat plan van aanpak. We gaan de komende 5 jaar deze acties uitvoeren en die gaan leiden tot verbetering. Maar er is nu geen samenhang. We krijgen een raadsinformatiebrief met een opsomming van wat er al gebeurt, de samenhang is ver te zoeken. En dat geeft geen vertrouwen richting de toekomst van, we zijn er ook echt mee bezig en we gaan daar en daar naartoe. Het lijkt veel meer op van, nou we proberen het in de hand te houden. En ik zeg niet dat dat zo is, ik zeg alleen dat dat wel de indruk is die we krijgen op basis van de raadsinformatiebrief. En als wij zien wat wij als raad gevraagd hebben, is het een aanpak, een integrale aanpak, dus over alle leden van het college heen, richting dat betere leefbaarheid in die wijk. En dat vraagt gewoon wel even wat meer dan alleen maar zeggen maar zeggen, we hebben in 2017 iets ingezet. Burgemeester Kolff: Dat begrijp ik, maar … De voorzitter: De burgemeester, mevrouw Van Dam. Burgemeester Kolff: Dat begrijp ik. Maar dan zou ik ook zeggen, de wethouder leefbaarheid is tevens wethouder wonen, laat hem daar zo meteen ook iets over zeggen. En als u zegt, ik wil een stuk papier waarop staat, waar al dit soort thema’s op staan, dan kunnen we dat produceren.
Maar uiteindelijk zijn die inwoners van deze wijk het meest geholpen bij actie. En ik hoorde ook één van u ook dat woord noemen. En actie is dat wat we aan het doen zijn in dat gebied. Alleen nogmaals, ik wil ook niet de indruk wekken dat die actie volgende week meteen resultaat boekt. De voorzitter: Oké, dan zag ik de heer Burakçin, die had ook nog een interruptie.
29
De heer Burakçin: Ja, voorzitter, dank. Ja, voorzitter, even over die nulmeting. Het was me even ontgaan inderdaad dat we daar eerder cijfers over hebben gekregen. Dus dat klopt inderdaad. Maar de burgemeester die geeft aan dat er binnenkort weer cijfers komt, en wanneer kunnen we die verwachten? Dat is mijn eerste vraag. En hij heeft het ook gehad over het cameratoezicht. Ik mag aannemen dat dat live bekeken wordt. En de vraag is, vindt er ook meteen opvolging plaats vanuit de politie? Want dat kan natuurlijk wel enorm meehelpen. Burgemeester Kolff: Ja, dank. Ten aanzien van die laatste vraag geldt dat er voor een deel live wordt meegekeken en voor een deel teruggekeken kan worden. Als er live gekeken wordt en er wordt iets geconstateerd wat niet kan, dan wordt daar natuurlijk opvolging aan gegeven. Daarmee geldt natuurlijk wel, en dat weet de heer Burakçin denk ik als geen ander, dat het afhankelijk is van wat er op dat moment ook elders in de stad speelt. Want ja, we hebben meer wijken in deze stad die veilig en leefbaar moeten zijn, en er wordt aan dat soort meldingen prioriteit toegekend. Dus dat is een kwestie van schaarste verdeling. Maar zodra daar iets zichtbaar is wat niet kan en er zijn agenten in de buurt, dan wordt daar zeker ook tegen opgetreden. De voorzitter: Oké. De heer Van Verk zegt, vergeet je mij niet? Ik vergeet de heer Van Verk eigenlijk nooit.
Mijnheer Burakçin die mag nog één reactie, maar na u krijgt mevrouw Nijhof het woord. Dan weet mijnheer Van Verk dat alvast, en daarna kom ik bij hem. De heer Van Verk: Ik zie het, dank je. De heer Burakçin: Voorzitter, over die cijfers. Volgens mij heb ik daar geen antwoord op gekregen, wanneer we die cijfers krijgen. Burgemeester Kolff: Ja, ik heb het volgens mij eerder al gezegd, die komen bij mijn weten, maar ik denk dat wethouder Heijkoop daar meer over kan zeggen, want daar komt een integrale, dat is een modewoord, er komt een integrale raadsinformatiebrief uw kant op. En volgens mij staat daar ook het nodige in over die cijfers. Als ik het goed heb wordt die volgende week in het college vastgesteld en komt hij daarna uw kant op. Maar ik laat dat even aan wethouder Heijkoop voor het honderd procent juiste antwoord. De heer Burakçin: Ja, dank u. De voorzitter: Mevrouw Nijhof. Mevrouw Nijhof: Ja. Nou ja, zo naar de discussie luisterend, vraag ik mij af, portefeuillehouder, of er bijvoorbeeld geen taskforce ingezet zou kunnen worden op die specifieke extra overlast gevende groep. Want die is volgens mij, voor zover wij dat ook al die jaren horen, eigenlijk helemaal niet zo heel erg groot, maar die is wel het hardnekkigst.
En ik weet dat er in verschillende gemeenten voorbeelden zijn van taskforces die specifiek ingezet worden op, nou ja, laten we zeggen groepen waar data verzameld worden en waar vervolgens vanuit de veiligheidskamer in samenwerking met het OM en ook met instellingen, gekeken wordt naar, laten we zeggen, een soort van
30
individuele aanpak, en een groeps, maar dan ook individuele aanpak van deze groep, om uiteindelijk die overlast te laten stoppen. Dus ik zou daar graag een reactie op willen om te kijken of dat wellicht een idee is om ook portefeuille breed, en daar bedoel ik ook de portefeuillehouder leefbaarheid en ook de portefeuillehouder zorg, die daar een rol in zouden kunnen spelen. Omdat we volgens mij al jaren praten over, nou ja, laten we zeggen, dezelfde overlastgevers die iedere keer weer, nou ja goed, voor de meeste problemen in de buurt zorgen. De voorzitter: De burgemeester. Burgemeester Kolff: Ja, dank. Ja, ook het fenomeen taskforce is natuurlijk maar net welke definitie je daar vervolgens aan geeft en wat je daar voor invulling aan geeft. Maar we hebben in ieder geval een interventieteam wat met deze mensen bezig is. En dat is een team wat inderdaad integraal naar deze problematiek kijkt. Als het gaat om mensen die hulp nodig hebben, dan wordt dat ook verleend. Als het gaat om mensen die naar werk of onderwijs begeleid moeten worden, dan wordt dat geregeld. Tegelijkertijd zit daar ook een hele repressieve kant aan, en kan het zijn dat in samenspraak met het OM, met de politie, er hele andere maatregelen nodig zijn. Maar dat interventieteam, die individuele aanpak die we hebben vanuit dat interventieteam met de kerngroep, die is al actief op deze ploeg, op deze groep mensen.
Maar nog lang niet altijd met het gewenste resultaat. Mevrouw Nijhof: Hoe lang is deze groep actief dan, als ik dat vragen mag, dat interventieteam? Weet u dat? Burgemeester Kolff: Even kijken hoor. Ik zit een beetje te puzzelen tussen twee apparaten om mijn informatie … Mevrouw Nijhof: Ja, we hebben allemaal dat probleem. Burgemeester Kolff: Ik heb dat niet meteen paraat. Maar als u daar graag antwoord op wilt, dan kan ik zorgen dat we dat nog verstrekken. Mevrouw Nijhof: Oké, daar zou ik graag antwoord op willen. Ja. De voorzitter: Oké, dan ga ik door naar de heer Van Verk. De heer Van Verk: Ja, voorzitter, ik was een kwartier geleden ongeveer enigszins verbaasd over de opmerking van de portefeuillehouder, van de burgemeester, over van ja, dan gaat ik andere wethouders misschien wel voor de voeten lopen. Dan zou ik denken … In dit kader zou ik zo denken van, nou ja, so what. Want er is gevraagd om een integraal, prachtig modewoord zegt de burgemeester terecht, maar integraal is voor mij een allesomvattend plan van aanpak om de problemen in die buurt op te lossen. En dan dreigt u bijna met een stuk papier, want zo komt het in ieder geval bij mij over. Maar dat stuk papier willen we inderdaad hebben. We willen een probleemanalyse hebben van die wijk, we willen weten wat daaraan gebeurd wordt en welke doelen daarbij gesteld worden en wat de resultaten zijn.
Dus probleem, actie, doel en resultaat.
31
Hoeft geen roman te worden, dat alsjeblieft niet. Gewoon in een Excelbestand een aantal actiepunten waarbij u de problemen in die buurt aanpakt. Waarom willen we dat zo graag hebben? Om te kijken of de integraliteit er inderdaad is. Maar los daarvan is het voor de burgers die daar wonen, wekt dat het vertrouwen dat er inderdaad dingen gebeuren. Ja, als u het papier alleen maar schrijft voor het papier, dan kunt u het net zo goed nalaten. Maar als u de acties die u daar beschrijft ook daadwerkelijk onderneemt en de resultaten kan laten zien, dan geeft dat de mensen in de buurt, maar ook de mensen in de raad wellicht, het gevoel te krijgen dat daar inderdaad doelgerichte samenhangende acties worden ondernomen. En als ik heel eerlijk ben, krijg ik nu het gevoel dat het allemaal wat, ja, fatalistisch, passief wordt neergezet. Zo van, ja, ze zijn er eenmaal dit, en er zijn … Kom op, pak aan en geef één keer een papier en vink de acties af, zodat iedereen ziet wat er gebeurt. De voorzitter: De burgemeester. Burgemeester Kolff: Ja, dank. Nee kijk, laat me duidelijk zijn, als de commissie of de raad behoefte heeft aan een ander document dan er nu ligt, dan moeten wij dat natuurlijk opleveren hè. Laat ik daar meteen duidelijk over zijn. Maar als ik denk ik de heer Van Verk hoor zeggen, kom op, pak aan, in actie, et cetera.
Dan denk ik, ja, dat doet echt geen recht aan alle inzet die gepleegd wordt, want ik zou toch echt wel, laat ik het zo zeggen, ik zou het eigenlijk niet willen weten hoe het er daar aan toe zou gaan als we die inzet niet zouden plegen. We moeten met elkaar ook realistisch zijn, dat in een stad van onze omvang, met voorzieningen die wij hebben met inwoners die in dat soort problemen zitten. Of met mensen die hier verblijven en die in dat soort omstandigheden verkeren, die zich zo gedragen waar ons rechtssysteem landelijk, zeg ik dan ook maar even, niet altijd tegen opgewassen is. Ja, we moeten die realiteit ook onder ogen zien, ik kan dat niet met een druk … Ik houd er gewoon niet van om loze beloftes te doen. Ik vind het belangrijk dat we laten zien wat we doen, dat we dat inzichtelijk maken. Dat we ook aangeven dat we daar waar mogelijk we dat nog intensiveren. En dat we inderdaad ook slimme verbindingen maken tussen de portefeuilleonderdelen, als je het even vanuit de politieke context bekijkt. Dus daar kunnen we altijd nog weer net een stapje extra in zetten. Op een gegeven moment gaat dat misschien ook middelen vragen waar u als raad dan de portemonnee zal moeten trekken, zeg ik dan gelijk ook maar eventjes. En ik sta ook open voor suggesties vanuit uw raad om dingen te doen die we nog niet doen. Maar die heb ik eerlijk gezegd vanavond in dit overleg nog niet gehoord.
De heer Van Verk: Voorzitter, als ik even mag reageren. Ik zeg niet dat er geen actie wordt ondernomen. Maar het krantenartikel vanochtend in De Dordtenaar geeft aan dat de burgers daar in ieder geval het gevoel hebben dat die actie onvoldoende is. Burgemeester Kolff: Ja, maar … De heer Van Verk: Ja, en dan kunt u zeggen, ja maar dat is de mening van een aantal burgers. Dadelijk uit de rapportage blijkt het ook. Het feit dat een aantal mensen dat zodanig ervaren, zou voldoende moeten zijn om die actie zichtbaarder te maken en een plan van aanpak te hebben waar je van kunt zeggen, kijk, die zaken daar kunt u ons op
32
afrekenen. Dat gebeurt nu niet. En als u zegt van, ja, als de raad dat zo graag wilt. Ja, de raad die wilt dat, want die heeft dat namelijk in juli per motie uitgesproken. Dus ik begrijp niet waarom dat er nog niet ligt. De voorzitter: Nou, nog één keer de burgemeester op dit punt. Burgemeester Kolff: Voorzitter, voor de duidelijkheid. Ik heb toen die motie werd aangenomen ook gezegd dat ik zou opleveren wat nu opgeleverd is, namelijk de inzet die we plegen en die voornemens zijn om te gaan plegen, om te zorgen dat we de leefbaarheid en de veiligheid verbeteren in die wijk, en de overlast verminderen. Dat heb ik toen aangegeven, en dat is de reactie ook die we destijds al hebben gegeven op die motie. Als u nu zegt, wat mij betreft is dat nog niet voldoende, en dat blijkt vanavond, dat zullen we daar zeker nog aandacht aan besteden en zorgen dat dat er komt. Maar ik wil ook niet de illusie wekken dat een plan van aanpak de oplossing is van alles wat daar speelt. En ik wil ook niet de indruk wekken dat het krantenartikel wat vandaag in het AD stond, dat dat representatief is voor alles en iedereen in die wijk. Laten we daar ook met elkaar realistisch over zijn. En het spijt me wel, ik ben geen politicus, ik ben een bestuurder.
Ik begrijp dat u sommige zaken stevig wilt neerzetten, maar ik probeer gewoon in de realiteit van de dag te opereren en met de middelen die we hebben daar de juiste dingen te doen. En dat is echt een kwestie van lange adem. Er zal een plan van aanpak komen. Als u dat heel graag wilt, wie ben ik, zeg ik dan, dan komt die er ook. Maar heb nou ook niet de illusie dat er in dat plan van aanpak in één keer allerlei toverstafjes zitten waarmee het probleem morgen weg is. De voorzitter: Nou, dank u wel, voorzitter. Die toezegging voor dat integrale aanpak en nieuwe raadsinformatiebrief, die is genoteerd. En wat mij betreft krijgt mevrouw Van der Ham nog één keer het woord, en dan wil ik graag doorgaan naar de andere portefeuillehouders. Mevrouw Van der Ham: Ja, voorzitter, dank u wel. Ik herinner mij het debat vorig jaar juli nog heel goed wat we hierover hadden. En inderdaad heeft de portefeuillehouder Kolff toen aangegeven dat hij voornemens was om aan te geven wat er nu gebeurt. Toen heeft de raad ook heel duidelijk uitgesproken dat men dat niet genoeg vond en echt een plan van aanpak wilde zien. Dus ik hoop wel dat met deze toezegging er dan nu ook echt een plan van aanpak komt, en niet dat we dan straks weer horen dat het een opsomming wordt van wat er al gebeurt. Er zal dus echt meer moeten komen dan wat er nu in die RIB staat. Integraal, meer acties en verdergaand dan nu.
En ik hoop wel, ik wil dat expliciet uitspreken, want blijkbaar waren we de vorige keer niet duidelijk genoeg. De voorzitter: De burgemeester. Burgemeester Kolff: Nou, ik heb die wens zeker gehoord, en die zal ik ook meenemen naar het college. Maar ik heb ook net gezegd dat ik me niet vrij voel om te spreken over tal van onderwerpen waar wethouders verantwoordelijk voor zijn, waar ook echt meer een politieke component aan zit. Maar ik heb u goed gehoord. Er is een plan van aanpak, een integraal plan van aanpak gewenst. Maar nogmaals, ik wil echt niet, en ik
33
wil de winstwaarschuwing blijven geven, de indruk wekken dat daar allerlei toverstafjes in zitten. De voorzitter: Dank u wel, burgemeester Kolff. Dan stel ik nu voor om door te gaan met de portefeuille van wethouder Stam, op dit punt. De heer Stam: Ja. Dank u wel, voorzitter. Er is natuurlijk al heel gezegd door de portefeuillehouder veiligheid. En zoals de portefeuillehouder ook heeft aangegeven, er zit een grote verbondenheid tussen veiligheid en leefbaarheid en de opvang van groepen bij het Leger des Heils. Er zijn wel een aantal specifieke onderdelen genoemd die betrekking hebben op mijn portefeuille leefbaarheid, en met name over wonen. Als je naar de leefbaarheid in zijn totaliteit kijkt, denk ik dat wij wel zo goed mogelijk luisteren naar de bewoners. Dat heeft er na vorig jaar toe geleid dat het oude gebouw van jeugdzorg dat we dat volledig hebben afgezet met een wand, waardoor er niet meer overnacht kon worden en de overlast op straat naar ons idee iets zou verminderen. Binnenkort wordt begonnen met de sloop van dat gebouw en zal begonnen worden met de bouw van woningen in het gebouw en in de Warmoezierspad, waarmee we denk ik wel een belangrijke stap zetten om die leefbaarheid in die buurt te vergroten. Daarnaast gaat binnen onafzienbare tijd gaat ook de woningbouw van start op het voormalige Dammeterrein aan de Korte Kromhout.
Dus in die zin qua wonen proberen we daar wel stappen te zetten, en die worden ook gezet. Er zit nog een ander component aan die wordt gevraagd over de opvang van kwetsbaren in wonen na hun periode in bijvoorbeeld een Leger des Heils of andere opvangmogelijkheden. Binnen het overleg wonen is ook ruimteordelijk en de opvang van kwetsbare groepen met de woningbouwcorporaties is continue overleg. En heel veel woningen die via de sociale huurmarkt vrijkomen, worden ook al vergeven voordat ze überhaupt op de markt komen, aan kwetsbaren en andere groepen die hoognodig een woning moeten hebben. En daarnaast proberen we zo goed mogelijk te anticiperen op de schoon, heel en veilig omgeving. Ik heb daar wat directe contacten in de buurt waarmee we direct proberen te schakelen. Dus op het moment dat wij klachten krijgen over slapende mensen, spuiten, afval, proberen we daar gelijk op te anticiperen en dat gelijk te verhelpen. Er was op een gegeven ogenblik ook sprake van overlast in het verlaten Juliusgebouw. Daar hebben we voor gezorgd dat daar nu even een tijdelijke andere huurder in zit, waardoor we zeg maar die leefbaarheid en de toegang van mensen die het niet zo goed bedoeld hebben in de wijk, proberen te verminderen. Ook op het terrein waar een hotel geplant was, waar overlast was, hebben we gelijk geanticipeerd door een hek te plaatsen en inmiddels een parkeerplaats te maken.
Dus we proberen al die acties, alle vragen die uit de buurt komen, proberen wij zo goed mogelijk op te pakken om die leefbaarheid te vergroten. Een andere kwestie van leefbaarheid is dat we heel goed aan het kijken zijn welke functies je nou in zo’n buurt nog zou moeten toevoegen. We hebben onlangs ook een kwestie gehad die we nu proberen te stoppen. Ik kan daar niet echt direct op ingaan, omdat dat wellicht ook iets is wat naar de rechter gaat. Maar we proberen er alles aan te doen, in ieder geval ook vanuit mijn kant, om die leefbaarheid zo goed mogelijk voor die buurt te vergroten zeg maar. Dus dat zijn wel echte concrete acties die vanuit mijn portefeuille met betrekking tot leefbaarheid plaatsvinden. En daarnaast zijn natuurlijk in die leefbaarheid …
34
De voorzitter: Wethouder, voordat u verder gaat, u krijgt een interruptie van de heer Van Verk. De heer Stam: Is goed. De heer Van Verk: Dank u, voorzitter. Ik hoor de heer Stam de parkeerplaats noemen bij het Vrieseplein, die net is opgeleverd. Daar hebben wij enige tijd geleden geconstateerd dat daar de ratten rond rende, vanwege het huisvuil dat daar gestort werd. Inmiddels hebben we zo’n zelfde klacht, zoals u weet, ook uit het Kromhout gekregen. Ik neem aan dat daar direct actie op wordt ondernomen en actief op rattenjacht wordt gegaan. De heer Stam: Ja, voorzitter, zodra wij van die problemen op de hoogte worden gesteld, schakelen wij gelijk HBC in om dat probleem zo snel mogelijk op te lossen. Dus daar kan ik wel ja op zeggen. Maar niet al die berichten bereiken mij echt persoonlijk. Maar via Fixi wordt daar heel snel op geschakeld. En die overlast van zwerfafval, zoals u weet, die gaat breder dan alleen het Kromhout en omgeving. En al dat afval wat daar staat is echt niet enkel en alleen afkomstig van bewoners van het Leger des Heils. Maar we proberen wel zo snel als mogelijk daarop te anticiperen om dat zwerfafval inderdaad zo snel mogelijk te verwijderen. Dus nogmaals, in aansluiting op wat de portefeuillehouder veiligheid heeft aangegeven, ik sluit me aan bij zijn aanbod om dat plan van aanpak verder uit te breiden met ook die leefbaarheidsaspecten.
En ja, een aantal van de veiligheidsaspecten is van heel grote invloed op ook die leefbaarheid, dus daar heeft de Kolff al voldoende over gezegd. Dus ik denk dat vanuit mijn portefeuille leefbaarheid ik voor nu wel even heb aangegeven hoe wij die zaken proberen op te pakken en adequaat graag proberen te reageren op de specifieke vragen die er worden gesteld. De voorzitter: Voordat u die gaat beantwoorden, krijgt u toch nog even een interruptie van de heer Burakçin. De heer Burakçin: Ja, voorzitter, dank. Ja, voorzitter, eventjes over de leefbaarheid daar in de buurt. We hebben het voortdurend over de opvanglocaties die daar in de buurt zijn. Maar we weten ook dat andere factoren dus meespelen met, hoe heet het, de ondernemingen die daar ook druk op voeren, zoals bijvoorbeeld die twee casino’s die daar ‘…’. Is er bijvoorbeeld wel eens gesprekken … Zijn er weleens gesprekken gevoerd met bijvoorbeeld één van die casino’s, of beiden, om bijvoorbeeld die te gaan verplaatsen elders? Want dat kan natuurlijk ook wel helpen om de leefbaarheid daar in de omgeving te verbeteren. De heer Stam: Ik denk dat de … Voorzitter, de burgemeester heeft net heel duidelijk aangegeven dat hier nieuw beleid op wordt gemaakt. Dus op het moment dat daar meer over bekend is, zal dat aan u worden voorgelegd. De voorzitter: Ja.
De heer: Er zit natuurlijk een aantal aspecten, zoals de commissie nu net zelf heeft aangegeven. Het is een integraal iets wat over bijna heel het college heen gaat. En wij
35
daar echt heel druk mee bezig om al die aspecten in beeld te brengen, wat je daar kan doen om die leefbaarheid in de buurt te verbeteren. Maar ik sluit ook wel aan bij de woorden van de burgemeester, want het is een proces van lange adem. De voorzitter: Burgemeester, wilt u nog reageren op hetgeen wat de heer Burakçin net heeft aangegeven? Burgemeester Kolff: Ja, ik weet dat dit inmiddels het termijn van de heer Stam is, maar ik voelde me toch even geroepen, omdat het over die casino’s ging. Dat is ook heel erg complex, het verplaatsen van casino’s en speelautomatenhallen, zal ik maar even. Nogmaals, wat ik net al in mijn woordvoering aangaf, daar wordt op dit moment nieuw beleid op gemaakt. Dat hebben we, als ik het goed heb, afgelopen dinsdag in het college vastgesteld, en dat komt dus ook uw kant op. En ja, dat maakt het mogelijk om speelautomatenhallen, casino’s, et cetera, ook eventueel te verplaatsen. Uiteraard moet daar de eigenaar het wel mee eens zijn, want anders wordt dat een buitengewoon kostbare aangelegenheid voor de gemeente. En sommigen van de eigenaren in Dordrecht hebben ook die wens, dus daar zijn we heel erg druk mee bezig. En daar zit ook een heel nauwe verbondenheid met het vergunningenstelsel wat daaraan kleeft. En we zitten in Dordrecht op dit moment nog met onbepaalde tijds vergunningen.
Dat gaat we omzetten naar bepaalde tijdsvergunningen, en dan ook een clausule daarbij dat men éénmalig zou mogen verplaatsen zonder dat men die vergunning verlengd. Want dat heet het zogenaamde schaarse vergunningenstelsel, en daar liggen altijd weer andere kapers op de loer om dan aan zo’n vergunning te komen. Dus het is niet makkelijk voor een eigenaar van zo’n instelling om zijn bedrijf te verplaatsen. Maar daar wordt dus voor dit gebied specifiek ook aan gewerkt door middel van dat nieuwe beleid. De voorzitter: Dank u wel. De heer …: Ik hoor u niet, voorzitter. De voorzitter: Nou, gaat u … Ik kijk nog eventjes naar mijnheer Boersma en ook naar mevrouw Van der Ham. Dat het echt iets is wat alleen maar nu de portefeuille van de heer Stam betreft. Mijnheer Boersma. De heer Boersma: Nou ja, voorzitter, daar willen we namelijk even een vraag aan stellen over de wethouder. Want ik hoor de heer Stam zeg maar aangeven wat er allemaal gebeurt. Ik heb de burgemeester aan horen geven wat er allemaal gebeurt, straks gaat de heer Heijkoop ook aangeven wat er allemaal gebeurt. Er gebeurt heel veel. En ik denk dat er ook al wel meer gebeurt dan misschien een tijd geleden. Ik hoor ook de vraag van mevrouw Van der Ham, die eigenlijk vertaalt wat wij in die motie gevraagd hebben.
En dan zit ik mij af te vragen, het centrale thema wat steeds weer terugkomt, ook in de gesprekken met bewoners, is die leefbaarheid. Je wilt gewoon in een prettige wijk wonen, je wilt geen zwervers die in hun eigen uitwerpselen ronddraaien, je wilt gewoon een leefbare wijk. En dan zit ik me af te vragen, is het dan ook niet tijd om voor zo’n integraal plan ook gewoon bij wijze van spreken een integrale wethouder aan te wijzen. De burgemeester zei net zo, ja, ik ben bestuurder, niet politiek. Wethouders zijn wel politiek. Maar los van politiek of bestuur is er gewoon behoefte aan een eenduidig
36
plan van aanpak wat dan wat mij betreft ook gewoon eigenlijk een stukje eenduidige regie nodig heeft. En waar volgens mij vanuit het thema leefbaarheid al die andere onderdelen, ieder vanuit zijn eigen rol en vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid, een onderdeel kunnen vormen. Alleen dan moet er wel, vanuit mijn idee dan, één bestuur zijn die daar een stukje regie op pakt. Nou, daar denk ik vanuit leefbaarheid, dat zou misschien een hele logische zijn om de wethouder leefbaarheid en wijken de regie te geven op dit integrale plan van aanpak. En ik ben benieuwd naar wat de heer Stam daarvan vindt als wethouder. De voorzitter: Nou, wethouder, een reactie. De heer Stam: Nou, allereerst dank voor het vertrouwen dat u dat toekent in mijn portefeuille. Ik denk dat een integrale aanpak inderdaad wel goed zou kunnen zijn als je dat centraal neerlegt bij één wethouder. Ik denk dat we wel eerst met het college goed moeten kijken welke aspecten daar dan allemaal nog moeten inzitten. Er is al een toezegging gedaan voor een plan van aanpak. Dus ik denk dat we bij dat plan van aanpak bij u terugkomen van hoe wij dan aankijken tegen die integrale aanpak en wat dat betekent voor de bevoegdheden die binnen je portefeuille zitten, en hoe je die bevoegdheden uit de andere portefeuilles centraal kan neerleggen.
Want de veiligheidsaspecten die bij een burgemeester ondergebracht zijn, lijken mij vrij lastig om die bij mijn portefeuille onder te brengen. Maar qua uitvoering kunnen we natuurlijk altijd wel gaan onderzoeken en bekijken hoe je dat het beste kan centraliseren. Dus ik zie wel voordelen in dit plan, maar nog wel wat haken en ogen die we in het college eerst goed moeten bespreken. De voorzitter: Oké. De heer Boersma: Ja nou, dat is prima. En dan wil ik u nog even meegeven, want de regie is voor mij niet het overnemen van verantwoordelijkheden. Want iedereen vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid. Alleen een stukje regie op het proces en integraliteit, ik denk dat daar met name de behoefte zit. De heer Stam: Ja maar, voorzitter, ik denk dat we even goed moeten kijken waar het zwaartepunt zit in leefbaarheid. Leefbaarheid wordt nu gebruikt als vehicle, maar het grootste probleem zit toch echt op veiligheidsaspecten van cameratoezicht en overlast gevende mensen. Dus nogmaals, we moeten even goed kijken binnen het college, hoe we dat het beste vorm kunnen geven. De voorzitter: Prima. De heer Boersma: Nou, dank u. De voorzitter: Nou, dan mevrouw Van der Ham nog. En dan stel ik voor dat de wethouder op de concrete vragen ingaat. Mevrouw Van der Ham: Ja, voorzitter, dank u wel. Nou, dat laatste hè, dat klinkt me nou echt goed in de oren.
Want dat zwaartepunt ligt voor mij ligt dat echt op leefbaarheid in
37
combinatie met die veiligheid. En precies de omschrijving die u aangeeft, wethouder Stam, dat juist die prullenbakken goed worden geleegd, dat er ingestoken wordt dat er een gevel wordt dichtgezet, dat er overleg is met de woningcorporaties. Die zijn juist zo belangrijk om dan echt iets voor elkaar te krijgen. Want er ligt een nieuwe visie opvang, en er ligt een heel uitvoeringsprogramma. Maar dat tweede stuk, daar is nou juist nog net, ja, niet voor ons in ieder geval nog geen integrale aanpak op aanwezig. En ik heb nog één vraag, want dit laatste kwam er eigenlijk bij naar aanleiding van wat de heer Boersma zojuist met u heeft besproken. Maar de kamerverhuur op de Sint Jorisweg, valt dat onder uw portefeuille of niet? Want het is mij ook niet altijd even duidelijk. Ja of nee? De heer Stam: Nou, wonen valt binnen mijn portefeuille. En we hebben natuurlijk via de huisvestingsverordening hebben wij een bepaald percentage afgesproken wat voor kamerverhuur mag, maar of daar dan sprake is van legaal of illegaal, ik weet niet wat u daar dan bedoelt met kamerverhuur. Mevrouw Van der Ham: Nee, waar mijn vraag betrekking op heeft is, er zijn daar panden, die zitten in de kamerverhuur, en daar woont zwaar overlast gevend volk, laat ik het dan even zo zeggen. Die overlast is van verschillende types overlast, maar feit is wel dat er best wel veel overlast is daar.
En mijn vraag aan u was, nou u heeft overleg met de woningcorporaties bijvoorbeeld. Ik weet even niet of dat die kamerverhuur plaatsvindt bij private partijen natuurlijk. Maar is daar samenhang, en wordt daar dan ook naar gekeken? Behalve dat u zich inzet voor de huisvesting van kwetsbare groepen, is er ook echt overleg over, nou hoe gaan we daar nou met die overlast om en hoe kunnen we die verbeteren? Want dan is het plaatsen van een kwetsbaar persoon in zo’n woonomgeving misschien niet zo’n goed idee. De heer Stam: Ik ben er bijna zeker van dat die kamerverhuur niet plaatsvindt in corporatiewoningen. Dat zullen waarschijnlijk private woningen zijn. Op het moment dat wij daar signalen van ontvangen dat daar overlast ontstaat, dan hebben wij natuurlijk via het veiligheidsteam en de wijkmanagers proberen wij daar zo adequaat mogelijk op in te springen, om te kijken wat de problemen zijn en hoe we die kunnen oplossen. Dus in die zin hebben wij daar wel oog voor en proberen we dat zo goed mogelijk aan te pakken en op te lossen. Mevrouw Van der Ham: Maar u heeft op dit moment daar geen beeld bij dat dat speelt zeg maar, dat dat nu gemeld wordt en dat daar acties op lopen? Of hoe moet ik dat interpreteren? De heer Stam: Ik heb niet de signalen ontvangen dat er extreme of overlast is op basis van kamerverhuur, die wel echt in de particuliere huizen zit.
Dus we zouden even nog verder goed moeten inventariseren in de organisatie wat voor klachten daarvan zijn. Of ze er zijn. En waarschijnlijk lopen daar dan ook vanuit andere disciplines al wat onderzoeken op. Mevrouw Van der Ham: Ik zou het persoonlijk heel fijn vinden in ieder geval als we daar wat meer informatie over kunnen ontvangen.
38
De heer Stam: Dat lijkt me prima, dat gaan we meenemen. De voorzitter: De toezegging is genoteerd. Dan stel ik voor, wethouder Stam, dat u nu concreet ingaat op de vragen die aan u gesteld zijn. Wethouder Stam: Nou ben ik even de weg kwijt, voorzitter, want volgens mij heb ik in mijn woordvoering al een aantal concrete vragen al beantwoord. Dus ik zou graag horen van de commissie, welke concrete vragen er nu dan nog openstaan? De voorzitter: Ja, het zou best kunnen zijn dat u ze inderdaad allemaal beantwoord heeft, ook nog met het doorvragen. Ik kijk even in de chat. Nou, daar zie ik inderdaad voor u niks meer verschijnen. Dus dan bedank ik u voor uw inbreng en dan ga ik door naar wethouder Heijkoop. De heer Heijkoop: Ja, voorzitter … De voorzitter: Wethouder, aan u het woord. De heer Heijkoop: Ja. Dank u wel, voorzitter. Ik ben een beetje slecht belicht, maar het belangrijkste is dat u mij goed kunt verstaan. Ik heb veel vragen van u gehoord. Ik ga ze proberen goed te beantwoorden, en ik heb ze eigenlijk even … Ik heb wat aantekeningen gemaakt. Ik heb aantal vragen gehoord over het geld, even plat gezegd, en ook over het realisme daarvan en de structurele middelen, hoe die zich verhouden tot incidentele inzet. De rol van de regiogemeente heb ik genoteerd. De uitvoering van de visie en wat daarbij komt kijken.
En ik heb ook wat gehoord over de samenwerking, de samenwerking van partijen en daarbij ook de triage wil ik daarbij betrekken. Ik ga proberen uw vragen op die manier enigszins geordend te beantwoorden. Nou is het op mijn papiertje wel een zooitje, dus ik ga proberen in ieder geval daar wel enige structuur in mijn woordvoering in aan te brengen. Ik start even met de middelen, de 2,5 miljoen. De heer Van Verk had daar een aantal vragen over, een aantal andere raadsleden ook. Die middelen zijn inderdaad incidenteel. Die hebben wij gevraagd en gekregen. En het was destijds een mooie samenloop van omstandigheden, want we hadden een visie opgesteld, en die heeft u toen ook vastgesteld, met daarin een, nou ja, toch ook wel concrete ambities. En dat paste naadloos ook bij de ambities van het kabinet, in het bijzonder verantwoordelijk staatssecretaris Blokhuis. Dus wij waren ook de eerste met een plan, en we kregen ook een mooi deel uit de pot, om het zo maar te zeggen. En als het gaat over wat te doen met die middelen. We besteden ze niet allemaal tegelijk, we hebben ze een beetje in de tijd weggezet. We willen daar een aantal veranderingen mee doorvoeren, want ze zijn inderdaad niet structureel. Hoewel de staatssecretaris ons als wethouders en zeker ook de pilot gemeenten, waar Dordrecht toe behoord, heeft opgeroepen om ook echt te pleiten voor structureel meer middelen.
Dus dat zullen we ook zeker bij het nieuwe kabinet onder de aandacht brengen. Want een deel van die inzet die zal wel degelijk structureel zijn. Wat we er concreet van doen en ook willen doen, dat gaat allereerst om, nou dat heeft u allemaal kunnen zien, de verbouwing mede mogelijk maken. Dat kan echt in een stroomversnelling daarmee. De nodige preventieve activiteiten willen we doen. Want ja, je wilt eigenlijk ook voorkomen dat mensen uiteindelijk in de positie komen dat ze bij de daklozenopvang moeten