2.7 2024.09.03 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 3 - concept.pdf
Tekst van het document
Wie gaat dat betalen en kunnen we dat wel betalen in deze situatie? En de derde opmerking en eigenlijk ook vraag is, zit er ook ruimte voor de ouderen met het mobiliteitsplan waar u het nu over heeft? Want ik ben het helemaal met de heer Kuhlmann eens dat daar helemaal geen ruimte voor is. Dus dat waren mijn vragen. De heer Van der Meer: Ik denk dat juist om voldoende ruimte voor ouderen en mensen met een beperking te houden, het juist heel erg belangrijk is dat anderen wat minder van die auto gebruik gaan maken. Want natuurlijk moeten ouderen en anderen die dat
20
nodig hebben voor hun werk of om überhaupt in de stad te kunnen komen van de auto gebruik blijven maken. Dat heeft niemand ooit bestreden, althans niet van de zijde van GroenLinks.
Waar het om gaat, is dat we juist voor de mensen die het echt nodig hebben die ruimte voor de auto bewaken en dat we anderen een beter leven geven, doordat ze wat minder van die auto gebruik hoeven te maken en niet in de file hoeven te staan, niet eindeloos voor de parkeergarage hoeven te wachten en al dat soort zaken meer. Wat de 30 kilometer betreft. Ja, dat is een keuze. Ik denk dat het al helpt om gewoon de regel dat in woonwijken en in de binnenstad en op allerlei andere wegen, een enkele uitzondering daar gelaten, de maximumsnelheid 30 kilometer is, ongeacht de inrichting, dat dat al helpt, want een groot deel van de mensen zal zich daar aan houden. En op een aantal punten zal daar een investering nodig zijn. Maar als je het doet zonder de inrichting al te ingrijpend te veranderen dan is er ook geen probleem voor de hulpdiensten. De heer Stolk: Nee, voorzitter, mag ik nog heel even kort? De voorzitter: Vooruit. De heer Stolk: Dan 30 kilometer zones had u het over Rotterdam. De voorzitter: Had de heer Van der Meer het over Rotterdam? De heer Stolk: Ja. Honderdvijftien straten. Dus als u het over Rotterdam heeft, is het ook een heel klein gedeelte in Rotterdam. Dus die vergelijking gaat niet helemaal op. En over de brandweer, wat u heeft gezegd, nou, daar zetten we nieuwe posten bij om dus de mobiliteit te verbeteren. Ik vind dat nogal een dure uitspraak.
De heer Van der Meer: Dat laatste is een optie die met zoveel woorden in het mobiliteitsplan staat. En wat dat eerste betreft, natuurlijk kan het in Rotterdam en Amsterdam en in Parijs allemaal nog beter. Maar het is ongelooflijk dat het hier in Dordrecht maar heel beperkt kan. De voorzitter: De heer Safranti had nog een interruptie. De heer Safranti: Ja, naar aanleiding van de uitspraak van de heer Van der Meer over lange files bij de parkeergarages. Wij zijn ook een stad natuurlijk die wil gaan leven en onze binnenstad die loopt leeg. We willen juist heel veel buurtgemeenten of buurtbewoners of buurtburgers trekken naar onze binnenstad. En als u dus geen alternatief wilt bieden om meerdere eventueel parkeerplaatsen te creëren of garages te creëren, dan zijn wij deze mensen ook straks kwijt. Hoe kijkt GroenLinks daar naar? De heer Van der Meer: Ik ken een heleboel binnensteden waarin heel weinig verkeer wordt toegelaten en die heel aantrekkelijk zijn. Misschien kunnen we daar samen eens naar gaan kijken. De voorzitter: Lijkt me een strak plan. Mevrouw Jager.
21
Mevrouw Jager: Ik kan het toch niet laten. Ik hoor de heer Van der Meer zeggen van mensen een beter leven geven door ze uit die auto te halen. Hoe denkt u dat de reactie van de gemiddelde Dordtenaar zal zijn als u tegen hem zegt van, ik ga u een beter leven geven, ik ga zorgen dat u niet meer in uw auto kan rijden. Hoe denkt u dat de reactie zal zijn? De heer Van der Meer: Ja, ik denk dat daar inderdaad, als u het zo formuleert, is dat iets te kort door de bocht om mensen te verleiden. Maar ik denk dat het heel belangrijk is om naar manieren te zoeken om mensen de ervaring te geven om het, zeker in binnensteden, zonder auto te doen. Mensen die goed ter been zijn, heb ik het dan over. Om het zonder auto te doen en te ontdekken wat daar de aantrekkelijke kanten en hoe rustgevend dat kan zijn. Mevrouw Jager: Vindt u het zelf, vindt de heer Van der Meer dit niet een beetje betuttelend? De heer Van der Meer: Nee, ik denk dat als we als stad proberen om de mobiliteit en de mogelijkheden daartoe en de verleiding daartoe om bepaalde mobiliteitsvormen te gebruiken, zodanig te doen dat mensen dat plezierig vinden, vind ik niet betuttelend. Ik zeg tegen niemand, je mag niet met de auto. Ik maak het wel aantrekkelijker om het op een andere manier te doen. De voorzitter: Oké, de heer Gorter had ook nog een interruptie voor de heer Van der Meer. De heer Gorter: Dank u wel, voorzitter.
Ik werd even getriggerd door de opmerking dat een aantal steden het wel voor elkaar hebben. Of deels voor elkaar. Maar wat hebben ze dan voor elkaar waardoor het wel lukt en waarom het hier niet lukt? De heer Van der Meer: Doortastend beleid. De voorzitter: Daar kunnen we een avond over filosoferen. Oké. Mag ik een volgende kandidaat voor een woordvoering? Mijnheer Klerk. Ik zit wel erg op rechts. Het is niet dat ik jullie niet zie, maar ik zie daar geen handen verder. De heer Klerk: Dank u wel, voorzitter. Ik probeer me zoveel mogelijk rond de politieke vragen te bewegen. Ik hoop dat, dat lukt. Ja, de allereerste is, is dit plan de beste manier? Ja, de beste weet ik niet, voorzitter, maar het is wat ons betreft wel een goede manier. Het beantwoordt ook wel deels aan wat wij destijds in de tijd hebben, in de stad hebben gehoord toen wij met een initiatiefvoorstel bezig waren. En toen zagen we ook, hoorden we geluiden die we hier ook wel weer in terugzien. En dat is sowieso goed. Wel is het CDA ook kritisch op een aantal punten. Allereerst die knip in de Krispijntunnel. Er staat een citaat in de nota, als we een eind op weg zijn in onze groei rond 2030, dan zien we dat een knip voor autoverkeer in de Krispijntunnel veel goeds doet voor de autodoorstroming.
Dit roept bij onze fractie wel het vraagtekens op, omdat door die knip de binnenstad toch wel een stuk ingewikkelder bereikbaar wordt voor mensen bijvoorbeeld uit Dordt west. De vraag aan de wethouder is hoe hij daarop reflecteert en hoe die doorstroming dan in zijn ogen verbeterd voor de automobilist.
22
En dan maak ik even een sprong naar vraag zeven, dat gaat over het fietspad door het Natura 2000 gebied en het conceptamendement wat verspreid werd vanuit de Partij voor de Dieren. Ja, in eerste instantie verbaast het ons dat er inderdaad door de Biesbosch, dwars door de Biesbosch, zomaar een recreatief fietspad wordt aangelegd, wat een stukje fietstijd scheelt richting het Biesbosch centrum, maar met puur recreatief doeleinden. En volgens mij is dat wel een, zouden we dat niet moeten willen in een Natura 2000 gebied. En de vraag die we daar ook bij hebben, en daar zit het amendement niet op, van is dit nu waar we ons geld nu aan willen besteden, met alle uitdagingen die op ons pad komen? Maar wij neigen naar, ja, om dat amendement wel te steunen. Ja, en dat heb je ervan als je dan gaat springen tussen vragen. Even kijken. Is STOMP ambitieus genoeg? Dat was de derde vraag. Daar zijn wij het wel mee eens en dat heb ik zojuist ook toegelicht. Voor ons is dat wel de logische volgorde in de stad met de uitdagingen die we hebben. Alleen zoals ik al zeg, de P van privéauto betekent niet dat hij helemaal weg, daar moeten we ook wel oog voor blijven hebben. Maar we staan natuurlijk wel voor het STOMP-principe, zoals we al in andere vergaderingen ook hebben gezegd. Is er te veel aandacht voor monitoring? Dat vind ik ook niet, en mijn fractie ook niet.
We zien niet zo snel op welke punten er nu concreter zaken doorgehakt moeten worden of besloten moeten worden. Wel is het goed, denk ik, om monitoring in te zetten om bijvoorbeeld knelpunten en verkeersstromen inzichtelijk te maken via verkeerssimulaties bijvoorbeeld. In die zin is monitoring juist een heel goed punt. Zeker als je eenrichtingsverkeer en dergelijke of 30 kilometer per uur gaat overwegen, maatregelen gaat, dan is het goed om dat wel goed te monitoren en ook in te grijpen als het dan wat minder goed lijkt te gaan als dat we gehoopt hebben. Ja, ik denk dat ik er nu redelijk doorheen ben, want de vijfde vraag, de neveneffecten, dat is een vraag die ik zelf, ja, daar kan ik niet beantwoorden. Ik ben geen verkeerskundige. En ja, of het STOMP-principe voldoende kaders biedt, ja, ook daarvan zijn we wel overtuigd. Dus tot zover, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ik heb nog een paar vragen richting het CDA. U heeft iets gezegd over welke aanpassingen er wat u betreft of wat het CDA nodig zijn. Heel goed dat u ook aandacht vraagt voor dat idee van de Krispijnse tunnel, dat dat ook bij het CDA wat vraagtekens oproept. Maar dan ben ik benieuwd, er zitten een aantal andere, wat mij betreft een aantal andere pijnpunten in. Het voorstel om die zero-emissiezone uit te breiden.
Als je kijkt naar de ondernemers net buiten de binnenstad, moeten die straks ook allemaal elektrische voertuigen gaan aanschaffen, de bakker en de slager op de Reeweg? En het tweede is, in het plan staat ook het idee om betaald parkeren te gaan uitbreiden als beleidsdoel. Hoe kijkt het CDA daar tegenaan? Omdat in al de wijken of mensen er wel of niet om vragen zonder meer uit te breiden. De heer Klerk: Allereerst die zero-emissiezone uitbreiden. Ik denk dat dat, de zeroemissiezone uitbreiden an sich dat is denk ik iets wat een goede maatregel kan zijn. De gevolgen voor ondernemers, ik denk dat het ook, dat gaat wel heel erg op de uitvoering in. Dus ik denk dat we daar ook echt…Ik kan me voorstellen dat daar een stuk maatwerk in geleverd wordt. Ik kan daar het antwoord niet op geven. En voor het betaald parkeren als beleidsdoel, u noemt betaald parkeren in de hele stad, zonder dat mensen erom vragen. Nou ja, daar is
23
inderdaad…Ik vraag me af of alle inwoners daar zo tegen zijn. We hebben eerder hebben we sessies gehad, ook in wijken waar het ingevoerd werd. En daar bleek dat inwoners het allemaal niet zo'n bezwaar vinden om iets te betalen voor een parkeerplek als dat oplevert dat er wel een parkeerplek is daardoor, waardoor je je auto kan parkeren. Dus in die zin sta ik daar niet negatief tegenover. De heer Kuhlmann: Iets verduidelijken, want de sessies, voorzitter, waar de heer Klerk aan refereert, dat zijn sessies die zijn georganiseerd naar aanleiding van het verzoek van bewoners die dan vragen om betaald parkeren in hun wijk en vervolgens wordt er een enquête gehouden en als de meerderheid van de mensen die reageren voor is, dan wordt het ingevoerd. Die systematiek, die steunen in ieder geval wij als VVD en is in de tijd ook als meerderheid volgens mij ook met steun van het CDA zo ingevoerd. Hier in het mobiliteitsplan, het concept zoals dat door het college naar ons is gestuurd, daar staat iets anders. Namelijk om dat als beleidsdoel uit te breiden in allerlei andere wijken.
En mijn vraag aan het CDA, daar ben ik toch wel even benieuwd, heel scherp, is het CDA ervoor om uit te breiden alleen wanneer bewoners daar in meerderheid om vragen? Of moet dat sowieso een beleidsdoel zijn, los van de vraag of bewoners daar wel of niet op zitten te wachten? De heer Klerk: Ik denk dat de waarheid ergens in het midden ligt. Kijk, op een gegeven moment, deze mobiliteitsnota die het STOMP-principe omarmt, die heeft ook doelstellingen om het ene vervoermiddel binnen de stad te stimuleren en het andere, nou ja, minder. Wat wou ik zeggen? Dus op het moment dat je betaald parkeren invoert op basis van alleen gewenste, van wat gewenst is in de stad, voorkomt dat dat je andere doelstellingen haalt. Dus daar moet wel een balans in zitten. Als we nu, nou ja, ik noem maar even het voorbeeld de interruptie van mevrouw Jager op de heer Van der Meer. Ja, wie maak je blij als je zegt van, ik geef u een gelukkig leven, maar stap uit uw auto. Ja, dat is een vrij retorische vraag, maar uiteindelijk zul je wel een gedragsverandering moeten bewerkstelligen en daar kan het STOMP-principe, sorry, daarvoor kan betaald parkeren wel helpen.
De heer Kuhlmann: Ik begrijp het dus goed dat het CDA zegt ook als mensen er, bewoners in de straat, niet op zitten te wachten, een meerderheid tegen is, vindt het CDA het wel een goed idee om betaald parkeren in te voeren in bepaalde wijken? De heer Klerk: Ik kan dat niet heel generiek zeggen voor alle wijken, maar ik kan me voorstellen dat, dat zo is in bepaalde wijken. De voorzitter: Voor de volgende moet u betalen, mijnheer Kuhlmann. Mijnheer Safranti. De heer Safranti: Ik had ook een vraag aan de heer Klerk. Zeker rondom het betaald parkeren. En met name uitbreiden naar de hele stad. Op dit moment zien we natuurlijk een olievlek. Van de ene wijk gaat het naar de andere wijk en van daar gaat het weer naar een andere. Dus je kan over een jaar of twee al vaststellen dat de hele stad natuurlijk betaald parkeren is. Alleen, ik ben ook met de heer Kuhlmann eens, dat is puur op advies en op signaal van de burger. Is de heer Klerk met mij eens dat dit een olievlek kwestie is en dat wij dus
24
uiteindelijk, of de burger, gedwongen wordt om juist daar naartoe te gaan? Dat is de vraag. De heer Klerk: Ja, de vraag is of ik een olievlekwerking zie, toch? Ja, uiteindelijk zal dat als je dat stadsbreed breder gaat invoeren zou je dat kunnen definiëren als een olievlekwerking, ja. De voorzitter: Oké. Wie wil er een woordvoering doen? Mijnheer Wringer, was net, dat vind ik bijzonder, want mevrouw Jager heeft net geïnterrumpeerd. Dus dat, eigenlijk gaat dat…Ga ik even over nadenken. Ga ik eerst de heer Damen het woord geven. De heer Damen: Mooi zo. Voorzitter, er komen wel wat problemen op ons af. De stad moet groeien. Er komen fors meer bewoners. Het plan zoals het voorligt gaat er vanuit dat niet de gebruikelijke groei van het autoverkeer die daarmee gepaard gaat dat we dat moeten toelaten, maar dat we moeten streven naar 30 procent minder groei van het autoverkeer. Dat is een zeer beperkte doelstelling. Maar wel noodzakelijk, omdat anders het verkeer in de stad vastloopt. Tenminste, het autoverkeer. Daarnaast, en daar is al door GroenLinks op gewezen, is er met veel autoverkeer sprake van een enorm ruimtebeslag waar ook uitstoot van fijnstof, iets mindere mate van CO2 naarmate er meer elektrische auto’s komen, maar er blijft een forse uitstoot van fijnstof en dat is buitengewoon schadelijk voor de gezondheid van mensen.
Dus terugdringen van de groei van het autoverkeer is, terugdringen van de groei, zeg ik, is gewenst. Is dit plan daar voldoende ambitieus voor? Wij vinden het STOMP-principe daar redelijk ambitieus voor. Zoals het plan voorligt, vinden wij het eigenlijk beperkt, met name omdat de grote kans om de groei van het autoverkeer af te remmen, ligt in het stimuleren van het gebruik van de fiets en de combinatie van fiets en trein. En als je dat wilt bereiken, moet je ook met geld over de brug komen. En dan praat je over een behoorlijk bedrag. Wat dat betreft ben ik blij met het standpunt van de VVD, zoals dat net verwoord is, dat prioriteit bij fietspaden moet liggen. Bij fietspaden tussen wijken en dat je daarna pas moet investeren in recreatief fietsnetwerk. Dat betekent dat een mooie wijziging van het standpunt van de VVD wat betreft de investeringen in het park XXL, neem ik aan. De voorzitter: Mijnheer Safranti, u had een vraag. De heer Safranti: Ja, die was ik bijna alweer vergeten, voorzitter. Want de heer Damen is al bijna klaar. De voorzitter: Mijnheer Safranti, ik wil soms mensen even gewoon ook laten uitpraten. De heer Safranti: Ja, nee, dat begrijp ik. Daarom bleef ik ook keurig netjes wachten. De voorzitter: Heel goed. De heer Safranti: Maar op den duur was de heer Damen bijna klaar. Maar goed, de vraag was over die fijnstof in de binnenstad.
Dat, dat allemaal zorgelijk was. Ik kan het begrijpen, ik kan het ook volgen. De heer Damen: Ik heb het niet over de binnenstad gehad wat betreft fijnstof.
25
De heer Safranti: Nou, dat heb ik dus wel gehoord en daarom…Nee, maar daarom… De voorzitter: Dat is dan opgehelderd, denk ik. Gaat u verder. De heer Kuhlmann heeft… De heer Kuhlmann: Als het mag, voorzitter, meteen kan ik van deze ruimte… De voorzitter: Ik ga het bijhouden. De heer Kuhlmann: Interruptie gebruik maken. Voor wat betreft de opmerking van de heer Damen dat hij dacht dat we niet voor fietspaden in het nieuwe stadspark XXL zijn. Dat is niet het geval. Wat dat betreft moet ik hem even uit de droom helpen. En dat is ook logisch te verklaren, want het Stadspark XXL, dat ligt natuurlijk midden in de stad. Dat is, vormt een verbinding tussen verschillende wijken en naar belangrijke voorzieningen als het sportpark. Daar hoor je natuurlijk ook goed naartoe te kunnen fietsen. Maar voor het overige ben ik blij dat we op dat onderdeeltje deels elkaar vinden. Ik hoop dat de heer Damen dat ook zo ziet. De voorzitter: Ziet de heer Damen dat ook zo? De heer Damen: Nee. Wij hebben al eerder aangegeven dat Park XXL voor ons geen prioriteit heeft en dat de investeringen die je daar wilt plegen in vooral infrastructuur, dat je die beter kunt aanwenden voor het fietsverkeer, het faciliteren van het fietsverkeer in tussen wijken en van de wijken naar de binnenstad. De voorzitter: Mijnheer Roggekamp. De heer Roggekamp: De heer Damen kan eerst het antwoord van de heer Kuhlmann afmaken.
Dan wil ik even doorgaan op de verzoek van mijn buurman, de heer Safranti, over de fijnstof. Is de heer Damen bekend met de landelijke plannen tot het elektrificeren van auto's dat er sowieso bijna geen fijnstof meer uit auto's komt? Dus dat daarmee toch de fijnstofproblematiek ook voor een heel groot gedeelte opgelost wordt? De heer Damen: Mijn antwoord is, is de heer Roggekamp ervan op de hoogte dat bandenslijtsel enorm veel fijnstof produceert en ook elektrische auto's hebben nog steeds banden. De voorzitter: Even weer met microfoon graag. De heer Damen: Als je met fietsen, het duurt echt een hele tijd voordat je fietsbanden hebt versleten en die zijn veel kleiner dan autobanden. Ik doe gemiddeld twee jaar met een fietsband. Ja, maar die produceren dus echt honderd keer zoveel, meer dan honderd keer zoveel, fijnstof. Wat betreft de Krispijntunnel die ter discussie is gekomen, ik verbaas me een beetje over die discussie. Als je nu bij de Krispijntunnel kijkt, zie je dat er nauwelijks sprake is van autoverkeer. Echt, bij de Krispijntunnel rijden heel weinig auto's op dit moment. Op de Krispijnseweg is het na de reconstructie buitengewoon rustig geworden. En ook op de Spuiweg is het autoverkeer niet echt intensief. Dus of je die nou afsluit of niet, dat gaat niet heel veel betekenen voor de bereikbaarheid van de binnenstad. Wat betreft betaald
26
parkeren ben ik het met de VVD eens, dat moet je alleen invoeren als wijkbewoners daar zelf voor kiezen. Je hebt simpelweg geen draagvlak om iets anders te doen en dat heb je wel nodig. De maatregelen die je neemt op dit terrein moet je op zijn minst kunnen uitleggen aan de buurtbewoners. En tegen de wil van de buurtbewoners betaald parkeren invoeren is niet verstandig. Overigens is het tegelijkertijd onvermijdelijk. De olievlekwerking voor betaald parkeren ontstaat ook doordat we met zijn allen per persoon steeds meer auto's hebben. En dat betekent dat er gewoon steeds meer auto's in de stad zijn en dat het steeds meer dringen wordt. Ik wil nog wel aandacht vragen voor één groep autogebruikers. Dat zijn mensen die een busje hebben voor hun werk. Gewoon een busje vol gereedschap waar ze naar hun werk mee moeten rijden ’s ochtends vroeg. En daarvoor moet wel een oplossing gevonden worden, want die busjes die vullen ook oude stadswijken steeds meer en dat leidt tot conflicten met andere bewoners. Tenslotte, de zero-emissiezone voor de binnenstad uitbreiden. Wij hechten niet zo aan zo'n doelstelling als een zero-emissiezone. Wij vinden het veel belangrijker dat je het autoverkeer zoveel mogelijk beperkt en om daarmee de totale uitstoot van fijnstof en ook van CO2, zolang niet iedere auto elektrisch is, te beperken.
En alleen iets doen voor de binnenstad vinden we een beetje symboolpolitiek. Daarmee heb ik op een groot aantal punten wel gereageerd. Het kernpunt van ons verhaal blijft dat, wil je echt een beperking van autoverkeer realiseren, dan moet je niet alleen een mooi mobiliteitsplan hebben, maar dan moet je ook bereid zijn om een heel fors bedrag te investeren in het faciliteren van het fietsverkeer, zowel in de wijken als van de wijken naar de binnenstad en de stations. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Wringer. De heer Wringer: Dank u wel, voorzitter. Er ligt een uitgebreid plan op hoofdlijnen voor rond met betrekking tot het beperken van de mobiliteitsgroei tot 2040. Beter voor Dordt kijkt voornamelijk uit naar de uitwerking van dit plan op detail- en wijkniveau. Wij kijken dan per plan, slash, wijk strak naar de mogelijkheden om de auto te kunnen blijven gebruiken, parkeermogelijkheden, de vergroening, de economische impact en de toegankelijkheid voor mindervaliden. Beter voor Dordt gaat ervan uit dat aan de voorkant per plan specialisten worden geraadpleegd op verschillende gebieden, zoals groenvoorziening en toegankelijkheid voor mindervaliden. We gaan ervan uit dat de POBD en de Vereniging van Eigenaren 3311 nauw worden betrokken bij de uitvoering van de plannen.
We moeten de binnenstad, die een economische motor is voor Dordrecht, goed bereikbaar houden en het liefst nog veel meer bezoekers trekken naar onze mooie binnenstad. Beter voor Dordt is het met de POBD en VvE 3311 eens dat de kwaliteit van mobiliteitsoplossingen belangrijker is dan de snelheid waarmee ze worden geïmplementeerd. Beter voor Dordt is voor vergroening, zolang er eerst maar alternatieve parkeermogelijkheden zijn voor auto's. We zijn het eens met de ingediende zienswijze van een ondernemer op het Groothoofd. Want hoe je het ook bekijkt, veel inwoners bezitten een auto die ze ook nodig hebben voor hun werk en/of bezoek aan hun vrienden en familie. Wij willen ook dat er snel een bewonersparkeergarage gebouwd wordt op de Grote Markt, dat de gemeente de parkeergarage Visstraat aankoopt en dat dit ook een bewonersparkeergarage wordt. Hierdoor kunnen veel auto's in de Dordtse binnenstad van straat verdwijnen, waardoor meer plek wordt gecreëerd voor natuur, wandelroutes, zitbankjes en andere manieren
27
om te recreëren. Even over de parkeerkosten differentiëren. Op straat duurder en in de parkeergarages goedkoper. Dat staat in het plan. Maar nu zitten parkeergarages al heel vaak vol. Wat lange wachtrijen auto's oplevert. Bijvoorbeeld op de Q-Park parkeergarage op de Kolfstraat, waardoor een lange rij wachtende auto's staat op De Vest. Uit onderzoek is trouwens gebleken dat 50 procent van de bezoekers aan de binnenstad een betaalbaar parkeertarief een reden vindt om naar de binnenstad te komen. Dus college, prijs jezelf niet uit de markt en voorkom een lege binnenstad. We vinden het wel vreemd dat groene golven geen onderdeel uitmaken van dit plan. Juist groene golven voorkomen dat bij het optrekken, remmen stoppen, optrekken, remmen, stoppen veel uitstoot vrijkomt. Is geen groene golf niet in tegenspraak met punt acht, het borgen van een goede doorstroming van autoverkeer op de belangrijkste inprikkers? Terwijl er wel wordt gesproken over slimme verkeerslichtinstallaties, IVRI's. Ik ben er bijna, voorzitter. Een vraag aan het college, wat zijn de gevolgen voor het mislukken van deelscooters in Dordrecht? Levert dit meer autobewegingen op of juist meer fietsbewegingen? Zijn er andere effecten waarneembaar? En komt er een ander deelvervoer terug in Dordrecht? Wij horen het graag. Wat betreft de ontsluiting van de Wilgenwende sluiten we ons aan bij de VVD.
En als laatste, we zijn wel bezorgd over de ambitie en de uitvoering van de plannen, aangezien het moeilijk blijft voor het college om iets simpels als een belijning op de Krispijnseweg, waar al eerder deze avond over gesproken is, eens goed en compleet aan te pakken of een fietsenstalling te openen in de Drievriendenhof. Dat duurt ook al een hele tijd en er gebeurt helemaal niks. Tot zover onze bijdrage. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Hartmeijer. De heer Hartmeijer: Dank, voorzitter. Het plan lezend valt één element wel op en dat is ook al eerder genoemd, dat zijn die diverse knips die voorgesteld worden. En dan lijkt er gezegd te worden, we sluiten op een bepaalde weg ergens de toegang voor auto's en kijk nou, er rijden hier ineens minder auto's. Dat is wel heel erg makkelijk natuurlijk. Dat gaat natuurlijk zorgen voor een concentratie van auto's op een andere plek. En wat doe je dan daar weer mee? Mensen zullen toch alternatieve routes gaan zoeken. Een ander punt is de relatie wonen en auto gebruik. Dat heeft de wethouder ook al wel eens eerder gezegd. We willen meer bouwen op een beperkte ruimte. Dus je moet op een andere manier met parkeren omgaan. Je kunt niet meer voor iedereen garanderen dat er ook een parkeerplek bij je nieuwe woning hoort. Dat vinden wij in principe reëel.
Andersom betekent dat ook dat je meer voor andere doelgroepen moet gaan bouwen. Dus niet per se voor mensen die nu twee auto's voor de deur hebben. Want dat gaat op een gegeven moment dus gewoon niet meer passen. Dan nog wat vragen betreft het proces. Per wijk komt er nog een uitwerking, lezen we, zodat we meer kunnen inzoomen. Worden deze dan ook per wijk afzonderlijk aan de commissie voorgelegd? Wordt er ook uitvoering gegeven aan het aangenomen amendement uit 2022, wat bij de stukken toegevoegd zit? Want dat was in kader van slijpen aan een diamant, als de binnenstad aan de orde komt. Wordt ook het lijstje van potentiële 30 kilometerwegen, de routekaart die we toen hebben gekregen, weer bij de afzonderlijke uitwerkingen per wijk betrokken? Want op zich vonden wij dat wel een goed, helder document. Het amendement van de Partij voor de Dieren heb ik nog niet bestudeerd, dus dat komt nog. En als laatste kan ik me wel aansluiten bij de heer
28
Wringer. Het rapport voelde erg als overdaad. Veel plannen en beleid zijn al vastgesteld in eerdere besluiten en visies. Die staan ook in de brief, daar hebben we het al heel lang over. Dus opnieuw een lijvig stuk was voor ons niet zo nodig. Dank. De voorzitter: Licht technische vragen. Mijnheer Stolk. Ik zie niemand voor een interruptie, dus u mag gewoon uw woordvoering doen. De heer Stolk: Hartstikke goed. Voorzitter, dank. Wat betreft de VSP kunnen we ons wel vinden in de mobiliteitsplannen in zijn algemeenheid tot 2040, maar de VSP heeft ook wel wensen en bedenkingen over dit plan. Het mobiliteitsplan vraagt om meer groei van het openbaar vervoer en een fijnmazig netwerk door de wijken. Wij constateren daar helemaal niets van en het wordt steeds verder afgebouwd. Dus daar de aandacht voor. De VSP staat ook voor gratis openbaar vervoer voor 65 plus en de mensen die het krap hebben. En dat lijn 5 in Dubbeldam na 1900 uur gewoon blijft rijden. College hanteert… De voorzitter: Mijnheer De Feijter. De heer De Feijter: Dank u, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Stolk, zet uw…Ja. Ik had een vraag voor de VSP. Ik hoorde de heer Stolk zeggen van dat fijnmaziger netwerk en het OV, daar zien we helemaal niks van.
Heeft hij het dan over de huidige situatie of over wat hij daarvan terugziet in het mobiliteitsplan 2040 wat nu voor ligt? De heer Stolk: Als ik het goed gelezen heb vandaag, en dat heb ik, dan staat erbij we moeten het openbaar vervoer stimuleren. En stimuleren wil niet zeggen dat het ook daadwerkelijk gebeurt. Ik kan er niet een ander woord van dat stimuleren maken. Het is geen verplichting en we weten dat we natuurlijk bij de provincie moeten zijn hierover en dat die eigenlijk bepalen. Maar ik denk dat wij als burgers van Dordrecht recht hebben, als dit allemaal doorgaat, ook het STOMP-principe, dat wij dus echt een goed en fijnmazig OV willen hebben. De voorzitter: Gaat u verder, mijnheer Stolk. De heer Stolk: Het college hanteert het STOMP-principe en een voorkeursbehandeling voor fietsen. Maar moet er ook niet een goed plan komen voor auto's? Dus ik draai het om. We hebben het over fietsen, lopen, fietsen en dan bussen. Maar ik zeg, we moeten ook kijken naar de auto en ik denk dat dat heel belangrijk is, want auto's kan je niet wegzetten zonder dat er ook een parkeergarage is. Dus ik denk ook, en dat is wat de heer Safranti ook zegt, moeten we niet eerst ook de mobiliteit aanpakken en zorgen dat we dus goede garages hebben voordat we in de stad iets gaan doen. En dan kijk ik ook naar de krant van vandaag over wat hier dus staat.
En er zijn dus twee inwoners en ik wil er één citeren. De ene na de andere landelijke winkel sluit in Dordt. Het ondernemersklimaat is kapot. Het begon met een parkeerbeleid en de pollers. Met de horeca en de winkels als slachtoffers. Men gaat nu naar andere plekken zoals Zwijndrecht en Breda. Ik denk dat dit fantastisch onderschrijft wat ik er ook mee bedoel. En ik denk in de toekomst ook dat we heel zuinig moeten zijn voor de binnenstad. En zoals het er nu uit gaat zien, gaan de winkels vertrekken. En we kunnen schudden. En
29
het heeft natuurlijk ook economisch dat de winkels geen bestaanszekerheid meer hebben, omdat er veel internet gedaan wordt. Maar toch is dat zo. De voorzitter: Mijnheer Damen. De heer Damen: Toch een vraag daarover. U noemde de winkels en de horeca. Ik kan op dit moment niet anders dan constateren dat de horeca steeds meer bloeit in het Dordtse. De heer Stolk: Ja, als uw mening dat zo is, dan is dat zo. Ik vind dat we het niet alleen over de horeca hebben en natuurlijk ook over de horeca, want die klaagt wel op het gebied van mobiliteit, dat de mensen dus op een andere manier de stad uit moeten als dat ze dus eigenlijk zouden willen. Of we moeten zorgen dat er een goede taxi verbinding is of openbaar vervoer. En dat dat dan geregeld wordt. Net zoals in Breda bijvoorbeeld. Daar hebben we het altijd over. Nou, daar staan ze dus in het verzorgingsgebied. En dan kan je dus naar het station gaan of wat dan ook. Dus dat was mijn antwoord. De voorzitter: Was u verder klaar met uw woordvorming, of gaat u nog… De heer Stolk: Nee, ik ga nog door, maar ik denk… De voorzitter: Ja, want er zijn volgens mij namelijk nog een aantal interrupties. De heer Stolk: Oh, dat is fantastisch. De voorzitter: Ja, goed, hè? Des te meer zendtijd heeft u. Ik zag een vinger bij de heer De Feijter en bij de heer Gorter, volgens mij. Nee? De heer De Feijter nog? De heer De Feijter: Dank u wel, voorzitter.
Als ik het goed begrijp, zou bijvoorbeeld zo'n parkeergarage, zoals aan het Maasterras, zoals in het plan staat, zou dat volgens de heer Stolk dan een goed idee zijn?
De heer Stolk: Op zichzelf wel, alleen dan hoort er ook weer bij dat er een gratis verbinding naar de stad is. En ik wil ook een citaat voorlezen. Dat wil zeggen dat ik dat vanmiddag een ambtenaar heb horen zeggen op het stadskantoor. Ik moet helemaal lopen naar de Weeskinderdijk in de regen. Shit. Ik wil graag gratis vervoer ernaartoe. Het is een ambtenaar geweest, die ik vandaag… De voorzitter: Ik vind dat dit niet verdere toelichting behoeft. De heer Stolk: Nee, maar ik vind het wel leuk. Voorzitter, ik ga verder. De auto moet bereikbaar blijven voor iedereen en in het bijzonder voor ouderen en mensen die het nodig hebben voor hun gezondheid en beperking. Niet alleen Spuiboulevard wordt autoluw, ook de omliggende straten, bijvoorbeeld Bagijnhof, Leerpark en de Gezondheidspark, wil de gemeente autoverkeer beperken. Waar moet de auto dan nog naartoe? Is er een plan, wel genoeg rekening gehouden met de mensen met een
30
beperking? Bij mensen met een beperking is de behoefte groot aan meer sociaal contacten en activiteiten. Wat ik er nog bij geschreven heb is ook, hoe gaan we dit allemaal betalen? En daar staat ook een stuk in het stuk, daar staat bij, het is een open eindje. Maar ik vind als je iets presenteert, natuurlijk tot 2040, maar dat je dus wel een begroting, want alles wat er op ons afkomt, dat wil zeggen dat we het per stukje moeten gaan beoordelen en er moet geld voor komen. En je hoorde het vanavond over de tunnel van vijftien miljoen of vijf miljoen. Waar halen we dat vandaan? Zeker in deze tijd die komen gaat. Voorzitter, 2040 is ver weg, maar dat we een mobiliteitsplan hebben waar langs we kunnen lopen, is mooi en hopelijk is het niet in beton gegoten. Dat was het. De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Dank u wel, voorzitter. Laat ik in eerste plaats zeggen dat ik blij ben dat de VSP ook er oog voor heeft dat je inderdaad niet alleen met de fiets en met het OV, wandelend, maar ook de auto, dat dat ook belangrijk is. Goed dat u er aandacht voor vraagt. Er zitten in het plan een aantal ideeën die het voor de auto echt een stuk moeilijker maken. Het afsluiten van de Krispijntunnel, de Zuidendijk, om daar een knip in te voeren en zo nog een aantal andere dingen.
Bent u daar enthousiast over, over die onderdelen? De voorzitter: Is de heer Stolk daar enthousiast over? De heer Stolk: Ja, enthousiast. Ja, ik kan nog maar meer opnoemen, want het is eigenlijk de Raadtsingel wordt ook versmald en de Noordendijk is nu aan het versmallen en we gaan alles dichtknippen en daardoor komen we al minder naar de stad. Dus of ik enthousiast ben? Nee, ik ben er niet enthousiast voor. De voorzitter: Mijnheer Van der Meer.
De heer Van der Meer: Ja, een vraag aan de VSP. U bent, de VSP is niet enthousiast over de beperking van het autoverkeer, maar betekent dat, dat u geen onderscheid wil maken tussen mensen die, die auto inderdaad nodig hebben, ook om in de binnenstad te kunnen komen, en mensen die een prima alternatief hebben? Op het moment dat we er niet in slagen om die laatste groep te verleiden om op andere manieren naar die binnenstad te komen, denkt u niet dat dat ten koste gaat van uw doelgroep, namelijk de mensen die het echt nodig hebben, omdat het dan gewoon te vol wordt in de binnenstad en daardoor de toegankelijkheid voor ouderen en mindervaliden juist lager wordt? De heer Stolk: Voorzitter, daar wil ik wel antwoord op geven. Juist onze doelgroep heeft het dus nodig, dus als er een beperking is, dan is het zo. En het lijkt me ook dat daar voor die doelgroepen dus geen beperking komt. Maar het is veel belangrijker dat we dus garages aan de zijkanten van de stad krijgen en dat we dat eerst eens goed gaan bekijken voordat we de stad autoluw maken. En er wordt vanavond ook steeds gezegd, andere steden hebben dat. Ja, ik ben wezen kijken. Ik heb er denk ik wel twaalf, veertien gezien. Die hebben een hele andere intocht, of hoe noem je dat, toevoer naar de stad toe. Wij hebben maar twee kanten, de Dokweg en de Merwedestraat. En dan voor de burger is het dus de Krispijnse tunnel.
En verder hebben we dus niets. En als je dus die
31
andere tunnel, of tenminste de andere steden ziet, daar kan je van acht kanten aankomen, ga je naar een garage toe, bijvoorbeeld Eindhoven, sta je midden in de stad. Dat moeten we hebben, maar daar is Dordrecht niet voor gebouwd. De voorzitter: Oké. Iedereen is er stil van. Mijnheer Roggekamp. De heer Roggekamp: Ik wil een woordvoering doen, voorzitter. De voorzitter: Nou, dat mag. De heer Roggekamp: Nou, heel fijn. Voorzitter, we zijn in het verleden al niet heel erg positief geweest over alles wat in dit plan staat en dat is al duidelijk geweest. We hebben er niet heel veel verbetering in gezien. Als ik dan de vragen kijk die we vanavond hebben, van is dit plan de beste manier om voor de bereikbaarheid van Dordrecht? En we zien het sluiten van een Krispijnseweg tunnel. Nou, dat hebben we al meer gehoord. Nee, dat lijkt ons niet. Sterker nog, hoe kunnen we dit uitleggen als we in andere plannen, honderd meter verderop vanaf het Maasterras een nieuwe tunnel willen maken? Want dat staat daar in dat plan. De heer van der Meer had er in het begin al over, over ook het watergebruik. We zijn tenslotte een eiland en we hebben ook heel veel water open, bijvoorbeeld in de binnenstad, waar je met pleziervaart ook heel veel zou kunnen doen en wat ook een karakter aan Dordrecht kan geven. Staat niks van over in het plan.
Als ik dan de punten van het STOMP-plan bekijk, hebben we altijd gezegd STOMP, leuk, maar dat te doen door promotie van het lopen en het fietsen en niet door het verbieden van andere dingen. Dus parkeer betalen buiten de A-zone zijn we geen voorstander van. Sterker nog, goede parkeergelegenheid aan de rand van die A-zone lijkt ons een must. We hebben weleens gezegd van, parkeer onder de haven, parkeer onder de Spuiboulevard. Dingen die je dus niet per se hoeft te zien, maar wel alternatieven om te kijken van, zorg dat je bereikbaar blijft. Wat we vanavond ook verschillende keren gehoord hebben. Hoe komen de mensen anders binnen? STOMP zegt ook van het OV verbeteren. Hartstikke leuk. De voorzitter: Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Even een vraag aan de heer Roggekamp. Op het moment dat je zegt van, ik wil niet tegenhouden dat mensen de auto kiezen. Betekent dat dan dat je zegt, u zegt eigenlijk ik wil niet verbieden. Volgens mij pleit niemand voor het verbieden van het gebruik van de auto. Ik in elk geval niet. Waar het om gaat, is verleiden, aantrekkelijker maken van alternatieven. En daarvoor kan het wel helpen in mijn ogen, maar de vraag is hoe u daarover denkt, om op het gebied van parkeren, snelheid en dat soort dingen maatregelen te nemen om het gewoon aantrekkelijker te maken in verhouding, om op een andere manier van A naar B te gaan.
Bent u het daar mee eens? De heer Roggekamp: Het ligt er heel erg aan hoe je dat verleiden ziet. Kijk, verleiden, op het moment dat je aan de rand van de A-zone parkeergarages maakt, zou je altijd een eind moeten gaan lopen. Dus mensen die in Dordrecht wonen, verleid je daarmee toch om de fiets te pakken. Maar niet om het onmogelijk te maken om in de buurt te komen van waar je wilt zijn. Dus je kan zeker verleiden, alleen ga je al 0,3 gebruiken als een aantal auto's per huis, dan ga je mensen eigenlijk verbieden om een voertuig te hebben.
32
Daar zijn we niet direct voor. Dan ga ik verder, voorzitter. Voorzitter, het OV verbeteren. Daar hebben we relatief weinig invloed op. Dat weten we allemaal. En we zien het alleen minder worden op dit moment in plaats van verbeteren. De bus naar Dubbeldam die niet meer gaat, minder treinen naar het zuiden toe. En Brabant heeft toch een behoorlijke grens met ons, met ons als eiland, met als Dordrecht. Dat is een beetje over het STOMPprincipe. Dan waren er andere effecten van het plan. Ja, het is afgestemd met de regio. Heel erg mooi, maar de regio als de Drechtsteden. Niet de regio als bijvoorbeeld onze grote zuidelijke grens. Want met Breda zie ik helemaal niks. Sterker nog, we zagen net dat de treinen minder worden en ik zie daar geen alternatief voor, voorzitter. Dan als laatste, fietspad door het Natura 2000 gebied. Ik hoor er heel veel weerstand tegen, maar als ik aan de overkant van de rivier kijk, in hetzelfde Natura 2000 gebied, lopen daar hele mooie recreatiefietspaden die heel mooi gebruikt worden. En ik zie dus ook geen reden waarom dat aan onze kant niet ook zou kunnen. Dus dat amendement, daar zijn we geen voorstander van, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Safranti. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik ga puntsgewijs onze woordvoering even benoemen, want inhoudelijk hebben we daar een hele discussie over gehad.
Ik heb diverse keren aangegeven en ik blijf het aangeven, zolang je niet met goede alternatieven komt voor een goede binnenstad, autoluwe binnenstad, kom je niet ver. Je kan wel honderd projecten of plannen bedenken, alleen je moet gewoon goede plan of een alternatief hebben. Dat is één. Daar hebben we een duidelijke discussie over gevoerd, ook met GroenLinks. Voldoende parkeerplaatsen en geen stadsbreed betaald parkeren. Ook die punt is uitgebreid besproken. Ik ben trouwens in grote lijnen met de VVD, maar ook zeker met de VSP eens, met de woordvoering die zij hebben gevoerd. Ik heb net ook aangegeven over de groei of de ambitie om naar honderdveertigduizend te groeien. En dat je wel daar ook… De voorzitter: Heel even wachten, mijnheer Safranti. Ik dacht, ik moet even gaan ingrijpen, maar het valt reuze mee. Gaat goed. De heer Safranti: Nou, ik ga dan weer verder. De groei en de ambitie richting de honderdveertigduizend, dat blijf ik alleen maar juichen. Alleen ook daar moeten we dus met goede alternatieven komen en goede punten komen, willen wij dus kunnen groeien. Willen wij straks dus burgers naar binnen kunnen halen. Dus met dit plan heb ik het gevoel dat je dus juist mensen afstoot door de stad betaald te parkeren, door geen alternatieven te bieden. Dus mensen straf je eigenlijk en dwing je eigenlijk om hier niet naartoe te komen.
En dat blijf ik maar herhalen… De voorzitter: Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Even een vraag aan de heer Safranti. Op het moment dat we inderdaad groeien naar honderdveertigduizend, laten we daar even van uitgaan, wat is uw beeld dan over de toename van het autoverkeer in de komende tien jaar? De heer Safranti: Ik ben blij dat u deze vraag ook aan mij hebt gesteld, want ik heb een paar keer ook richting GroenLinks gesteld en ik krijg maar constant geen duidelijk
33
antwoord en duidelijk beeld. Als ik hiernaar moet kijken, dan zou ik zeggen, begin eerst met een alternatief voor je eigen burgers, wil je het aantrekkelijk maken. En dat zijn we. Dat zijn we. Wij zijn niet voor niets evenementenstad drie keer geweest van het jaar. Wij zijn niet voor niets publiekstrekkers voor heel veel evenementen, maar ook andere publiekstrekkers. Ik denk aan zo'n kerstmarkt of wat dan ook. Dat loopt allemaal prima. Alleen nu, want met die gedachte doe je ook mensen ergens laten parkeren, gratis laten vervoeren. Dat is al een alternatief. Dat is ook een paar keer net ook aangekaart door andere partijen. Kom met alternatieven. Denk aan parkeerplaatsen ondergronds desnoods. Denk aan parkeerplaatsen buiten de binnenstad, zodat je mensen toch naar die binnenstad kan trekken. De heer Van der Meer: Nog een vraagje, voorzitter, richting de heer Safranti. Wij kunnen dus samenwerken, als ik het goed begrijp, op het ontwikkelen van goede alternatieven voor het autovervoer. Dat verheug ik mij op. De voorzitter: Verheugt de heer Safranti zich daar ook op? De heer Safranti: Zeker. Want het is in het belang van de burger natuurlijk uiteindelijk en daar gaat het om. En daarom ben ik blij dat GroenLinks dit nu ook aangeeft. Want ik vind het prima dat we naar een STOMP-principe moeten. Alleen, wat ik net aangeef, we moeten wel alternatieven kunnen bieden.
We moeten ook met oplossingen kunnen komen. En als ik maar dat niet hoor, dan denk ik, ja prima plan, maar ik kan hier niks mee. Ik ga verder met de andere punten die ik dus…Even kijken, hoor. Nou ja, inderdaad, alternatieven voor een autoluwe binnenstad. Die heb ik ook net genoemd. Passend OV is een paar keer net ook genoemd. Zeker als we kijken naar de effecten en de cijfers na de coronatijd. En die cijfers zijn natuurlijk niet uit de lucht komen vallen, want dat heeft Qbuzz ook laten weten, dat ze dus de cijfers en de reizigers nog steeds niet op orde hebben voor de coronatijd. Dus daar zit ook natuurlijk nog een winst in voor ons, willen wij daar ook iets in kunnen betekenen. Even kijken. Nou ja, Krispijnse tunnel, het sluiten daarvan. Dat is voor mij, voor onze partij ook een groot probleem straks, want ook dan geef je je alternatief straks weg of uit handen. Tot slot, voorzitter, Dordtse DENK wil werken aan een mobiliteitsplan dat zowel duurzaam als autovriendelijk is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Het is trouwens de Krispijntunnel, dames en heren. Mijnheer Gorter. De heer Gorter: Ik wil graag de woordvoering doen, niet reageren. De voorzitter: Ik geef u de gelegenheid om uw woordvoering te doen. De heer Gorter: Dank u wel, mevrouw Koene. Volgens Op ons Eiland is de discussie omtrent de bereikbaarheid 2040 die van de auto binnen het STOMP-principe.
Het OV hebben we nauwelijks invloed op en het fietsplan staat op de agenda. Is de bereikbaarheid voor de inwoner en bezoeker in Dordrecht voldoende gewaarborgd in dit mobiliteitsplan? Immers, onze stad gaat groeien. Nee. De bereikbaarheid voor de auto wordt gaandeweg dit traject steeds minder. Dit college heeft het niet op het gebruik van de auto. Zonder het realiseren van voldoende parkeergelegenheden, hubs rondom het
34
centrum en in de wijken, zal de bereikbaarheid en de aantrekkelijkheid niet toenemen. Datzelfde geldt voor het vestigingsklimaat. Waarom kiest dit college er voor, waarom kiest het college er niet voor om eerst de parkeerfaciliteiten op orde te hebben in plaats van maatregelen aan het einde van de keten? Het aantal bewoners die ingesproken hebben verwoordde het duidelijk. Zet de vergroeningsdrift op pauzeknop en kom met een integraal plan omtrent het verkeer in onze stad. De voorzitter: Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, vraag aan de heer Gorter. Begrijp ik nou dat hij zegt door meer parkeergelegenheid in en om de binnenstad te creëren wordt die binnenstad aantrekkelijker? De heer Gorter: Ja, dat heeft u goed begrepen. Ik wil graag verder gaan. Op ons Eiland ziet het somber in voor de middenstand en onze inwoners in ons prachtig historisch centrum. Mogelijk is het te onderzoeken waard dat het model, dan ga ik even in op wat de heer Van der Meer al zei over bepaalde gemeenten, bijvoorbeeld het model in Zierikzee en Delft. In deze steden is het centrum alleen voor de inwoners en voor de bedrijven om te parkeren. Rondom de stad liggen prachtige grote hubs die naadloos aansluiten naar het centrum. Weeskinderdijk komt straks te vervallen. Hier komt een parkeergarage, plan Maasplaza, voor terug. Sorry, Maasterras, voor terug, ja.
Zowel voor de bewoners, let op, drie woningen, één auto, en voor de gasten, per saldo weer minder parkeerplaatsen. Is de ambitie van het STOMP-principe ambitieus genoeg? Op ons Eiland denk te ambitieus. En gezien alle financiële donkere wolken die op ons afkomen. In het plan is veel aandacht voor monitoring. Meten is weten en dat is goed. Dan nog even de opmerking over de knip bij de Krispijnse tunnel. Op ons Eiland zou graag zien dat er nadrukkelijk wordt ingezet op verkeerssimulatieprogramma's, zoals dat eerder is gebeurd op de Oranjelaan versus de Merwedeweg. Dat geeft voor ons een beter beeld omtrent de knelpunten. Nu zijn het veelal aannames die gedaan worden. Wij moeten er maar van uitgaan dat die aannames kloppen. Biedt het STOMP-principe voldoende kaders om de problematiek in de hele stad het hoofd te bieden? Ja, als je ervan uitgaat dat onze inwoners en gasten niet kiezen voor de auto als mobiliteit naar onze stad. De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Dank u, voorzitter. Ik ben even benieuwd voor wat betreft de Krispijntunnel. Dank, voorzitter, voor die correctie. Ik hoor, als ik het goed heb verstaan, Op ons Eiland zeggen van ja, goed, we moeten eigenlijk meer onderzoek hebben. Kom met betere onderbouwing.
Maar dan ben ik toch benieuwd, dat geldt voor ons en ook best wel wat andere partijen die eigenlijk hier zeggen van ja, het is sowieso een slecht idee om die tunnel af te sluiten. Ik ben benieuwd hoe u kijkt Op ons Eiland daar naar? Is dat niet gewoon een slecht idee? En als het een slecht idee is, dan is dat onderzoek toch ook niet nodig? Moeten we het gewoon niet doen? De heer Gorter: Ja, wij vinden het een slecht idee, maar misschien moet dat gestaafd worden met gewoon een stukje simulatie die in het verleden gedaan is. En dan wordt het voor anderen misschien ook duidelijk dat het een slecht idee is. Het Centraal Planbureau
35
heeft in 2020 een stukje mobiliteitsheroverweging gedaan. Het is wel verstandig om dat te lezen. En het geeft aan dat het verplaatsing motief van bewoners vooral zit in winkelen, boodschappen doen en sociaal recreatief de auto gebruiken. En in mindere mate het zakelijk gebruik van de auto. Het Centraal Planbureau verwacht een geringe verandering in het autogebruik tot 2040 voor auto delen en mobility as a service. Hoe gaan wij veranderingen van het autogebruik van onze inwoners in voorkeur en gedrag realiseren? Op ons Eiland is van mening dat het alleen mogelijk is om nadrukkelijk naar onze inwoners te luisteren en aanbevelingen van onze inwoners ook over te nemen. We weten toch onderhand wel dat de heilige koe echt heilig is en essentieel is in de mobiliteit van onze inwoners. Als het college hiervoor de ogen sluit, blijft sluiten, dan zal het mobiliteitsplan 2040 uiteindelijk uitdraaien op een fiasco voor onze inwoners. Met betrekking tot het amendement van Partij voor de Dieren, we hebben het gelezen, maar daar zijn we nog niet uit. Dank u wel. De voorzitter: Oké. Ik had eerst al de CU/SGP gezien en ik had daarvoor nog de heer Van der Spoel gezien. En daarna gaan we dan weer naar de overkant. Gaat uw gang. De heer Van der Spoel: Dank u wel.
Dan kan ik de ChristenUnie/SGP zeggen dat ik het kort ga houden, want ik ben voor eigenlijk een heel groot deel, volledig eens met de woordvoering van mijn overbuurman van de VVD, met uitzondering voor de minima en het openbaar vervoer. En waar zit hem dat vooral voor mij in, is dat STOMP-principe. Ik hoor het GroenLinks net zeggen, niemand is voor verbieden, maar zoals dat nu in het mobiliteitsplan staat, dan ben ik eigenlijk bang dat we die privé autobezitter vooral een beetje afstompen. Omdat we hem niet stimuleren om hem te laten staan, maar vooral dingen gaan organiseren waardoor het vervelender wordt. En ik denk niet dat, dat de manier is om mensen hun auto te laten staan. En ik vind dat er te weinig wordt ingezet op manieren, en ik hoorde het GroenLinks net ook niet vertellen ja, die campagnes, OV verbeteren. Ik heb daar weinig vertrouwen in. En zoals het nu staat omschreven, nogmaals, ik denk echt, STOMP-principe, het afstompen van automobilisten in plaats van stimuleren om de fiets te pakken. En daar zie ik te weinig van terug. En dat zou ik graag meer willen zien. Dan twee korte punten nog. De zero-emissiezone. Daar sluit ik mij deels aan bij de woordvoering van de PvdA daarover. Ik vind het deels symboolpolitiek, zeker omdat iedere gast die ik ontvang in deze stad die breng ik naar het drukste rivierenpunt van Europa.
En als ik dan al die schepen voorbij zie komen, denk ik, emissiezone, zero-emissiezone, terwijl we daar het drukste rivierenpunt hebben van Europa. En tegelijkertijd begrijp ik dat het dan wel wat afneemt, maar ik vind dat nogmaals symboolpolitiek. Dan komen we, omdat ik me vooral aansluit bij de woordvoering van de VVD nog wel bij het fietspad door Natura 2000 gebied. Fantastisch idee om dat daar neer te leggen. En dat heeft er vooral mee te maken ook omdat ik die sportvisie erg belangrijk vind. En wat krijgen we er in Dordrecht toch een prachtig rondje bij als je met de racefiets gaat fietsen of lekker gaat hardlopen. Dus ik zal niet gaan pleiten voor extra verlichting, zodat we daar ‘s avonds ook door kunnen fietsen. Maar ik ben er ontzettend blij mee dat we daar een prachtig fietspad krijgen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, de ChristenUnie/SGP. En dan bij jullie maak ik dan dezelfde uitzondering.
36
De heer Laban: Dank u wel, voorzitter. Wat ons betreft het mobiliteitsplan als horizon, tenminste het mobiliteitsplan heeft als horizon 2040. En wat dat betreft lijkt het plan ons al ambitieus genoeg om alle doelstellingen binnen die tijd te kunnen halen. Met de voorgenomen plannen zoals parkeergarage voor de binnenstadbewoners, met de voorgenomen plannen zoals parkeergarage voor de binnenstadbewoners geven we voldoende mogelijkheden voor hen en wat ons betreft biedt STOMP ook voldoende mogelijkheden om de problematiek de hoofd te bieden zoals het ervoor ligt. We zouden niet weten welke andere mogelijkheden er zijn. Natura 2000 en recreatie sluiten elkaar niet zonder meer uit. De aandacht die de Partij voor de Dieren hiervoor vraagt lijkt ons voldoende, zonder dat wij het amendement zullen steunen. En evenals de VVD zijn we van mening dat het fietspad in eerste instantie geen prioriteit heeft en niet het eerste doel is van het hele plan. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Kuhlmann heeft een vraag. De heer Kuhlmann: Ja, ik ben benieuwd hoe enthousiast is de fractie ChristenUnie/SGP over het idee om de Krispijntunnel af te sluiten voor autoverkeer? De heer Laban: Blij dat u het vraagt, mijnheer Kuhlmann. Ik ben er niet op ingegaan, omdat ik gezegd heb dat wat mij betreft het plan een goed en evenwichtig plan is.
En we kunnen niet, als we naar het plan kijken één of twee puntjes eruit halen waarvan we zeggen dat bevalt ons niet, omdat daarmee het hele plan als een kaartenhuis in elkaar valt. Al die zaken hebben met elkaar te maken. Als we één puntje eruit halen, dan werkt het niet meer. Dan zijn de aannames die erin aangebracht zijn, zoals vermindering van verkeersbewegingen, die gaan dan niet meer op. Dus wij zijn het eens met de voorgenomen plannen. De heer Kuhlmann: Ik ben wat verbaasd over de wat rigide en in mijn ogen wat fatalistische kijk op het plan, maar het is goed en dank voor het antwoord. De voorzitter: Mijnheer Van Aarden. Aarden, gewoon, sorry. De heer Aarden: Dank, voorzitter. Het college is van plan om een fietsroute aan te leggen van de Kop van ‘t Land naar het Biesbosch centrum, een zogenaamde missing link in het recreatieve fietsnetwerk, aldus het college. Partij voor de dieren is hier sterk op tegen. Dit fietspad gaat ten koste van de natuur en ten koste van de gemeentelijke financiën. De Otterpolder is op dit moment slechts moeilijk bereikbaar. Een fietsverbinding zou dit gebied ontsluiten voor intensieve recreatie. Dit kan niet de bedoeling zijn in een Natura 2000 gebied vol met bijzondere dieren, waaronder de zeearend, een diersoort die op de rode lijst staat. In een Natura 2000 gebied zou deze natuur voorop moeten staan.
Bij het maken van deze fietsroute zouden er ook fietsbruggen gebouwd moeten worden over brede wateren in een uitdagende omgeving met bijbehorende onderhoudskosten. Gezien de gemeente financiën, de enorme opgave om te bezuinigen, vindt de Partij voor de Dieren dit financieel niet te verantwoorden. De Partij voor de Dieren heeft het idee dat het college dit plan achter een tekentafel heeft bedacht zonder rekening te houden met de natuur en of het plan wel realistisch en haalbaar is. Wie zit er überhaupt op dit fietspad te wachten? Nou ja, blijkbaar een Fractie Van der Spoel. Maar dan denk ik, op het moment dat je een lekker rondje wilt fietsen
37
naar het Biesbosch centrum, dan kan je ook een stuk omfietsen. Dan ben je nog sportiever bezig. We hebben het hier over meer dan een lijntje op een kaart. Deze plannen hebben ingrijpende gevolgen voor de Dordtse natuur. Daarom dienen wij een amendement in om dit plan uit het mobiliteitsplan te schrappen. De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ja, even, ik hoorde Partij voor de Dieren, de heer Aarden, zeggen van, goed, het is beter om om te fietsen tussen de Kop van ‘t Land en het Biesbosch centrum. Vindt de Partij voor het Dieren het dan eigenlijk een beter idee, want dat betekent natuurlijk dat mensen sneller de auto's willen pakken, dat mensen eerder met de auto dit mooie gebied gaan bezoeken in plaats van met de fiets? De heer Aarden: Bedankt voor de vraag. Maar we hebben het hier vooral over recreatieve fietsroutes. En op het moment dat je een recreatieve fietsroute wilt gaan volgen dan lijkt het me niet het idee om met de auto te gaan, maar juist om een lekker stukje te gaan fietsen. Dus wij zien daar geen problemen mee. De voorzitter: Mijnheer Safranti. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik heb keurig gewacht totdat de heer van Partij voor Dieren klaar was. We hebben heel veel dingen gehoord over dieren en over natuur. Alleen ben ik nu natuurlijk benieuwd hoe Partij voor de Dieren over de burgers denkt.
We hebben de hele avond over wegen gehad, over alternatieven gehad, over parkeergarages gehad. Maar hoe denkt Partij voor de Dieren daarover? De heer Aarden: Als in het plan in het grotere geheel? De heer Safranti: Als u, en dat heeft u zeker gedaan, geluisterd hebt naar de partijen die aan het woord zijn geweest, die zitten ongeveer op hetzelfde niveau of op hetzelfde idee qua alternatieven bieden, fietsen of alle punten die we dus al vanavond besproken zijn. Maar daar heb ik dus Partij voor de Dieren nog niet over gehoord. Dus niet over het directe plan, maar ook over de meningen die vanavond zijn gedeeld. De heer Aarden: De Partij voor de Dieren vindt, is sowieso voorstander van het STOMPprincipe. Wat ons betreft zou het op sommige punten misschien zelfs nog wat ambitieuzer mogen. Maar wij vinden wel dat daarbij ook de toegankelijkheid van de burgers dat daar ook aandacht voor moet zijn. Wij zijn groot voorstander van een autoluwe binnenstad. Zelfs sommige autovrije straten. Maar opnieuw, daarbij moeten we ook denken aan de toegankelijkheid. We zijn voor verbetering van het fietsnetwerk. Wij zijn voor uitbreiding van het OV. En voor de mensen voor wie het dan echt nodig is zouden wij dan voor de auto nog steeds een rol zien. Maar wij zijn vooral voorstander van zo min mogelijk auto's in de binnenstad.
Dus wat betreft de parkeergarages aan de rand van de stad, daar zijn we het ook wel mee. De voorzitter: Oké, mijnheer Aarden, was u al klaar met uw woordvoering? Oké, dan krijgen we de heer Van Pelt. Nee, mijnheer Van der Linden, u mag nog niet.
38
De heer Van Pelt: Dank u wel. Ik wil graag even aansluiten bij de woordvoerder van DENK als het gaat over het punt van de uitbreiding van onze stad, want dat is naar wat ik begrijp eigenlijk de oorzaak van het probleem waarvoor wij hier vanavond over een oplossing moeten nadenken. Namelijk een verkeersinfarct als gevolg van elfduizend nieuwe woningen erbij. En het is dat die uitbreiding kennelijk heilig is, maar anders zou je toch die uitbreiding op zichzelf ook moeten heroverwegen wellicht. Wat mij betreft is ook de strekking, vooral van de bespreking die wij hiervoor hadden over de Wilgenwende, is dat we eigenlijk geen ruimte hadden voor die wijk. We zijn aan het proppen geslagen en ik denk dat we in hetzelfde scenario belanden. Wat ik verder een bedenking vind, is dat… De heer De Feijter: Voorzitter. De voorzitter: Sorry, ik was afgeleid door het rondzingen van die microfoon en ik zat eigenlijk te kijken hoe we dat konden oplossen. De heer De Feijter heeft daar een antwoord op. De heer De Feijter: Niet daarop, voorzitter, vrees ik, maar ik heb wel een vraag voor de heer Van Pelt. De voorzitter: Het blijft een bijzondere constructie zo, maar daar gaan we het nog wel een keer over hebben.
De heer De Feijter: Mijn vraag was als volgt, als ik het goed begrijp ziet Forum voor Democratie dan op dit moment geen mogelijkheden meer voor woningbouw en voor verdere uitbreiding wat dat betreft? De heer Van Pelt: Nou ja, het probleem… De voorzitter: Misschien even de microfoon van de heer Wringer gebruiken, alstublieft. De heer Van Pelt: Het feit dat we in ieder geval in dit verband tegen dit probleem aanlopen, dat wijst wat mij betreft in de richting dat we misschien gewoon redelijk vol zijn als stad. De voorzitter: Was u klaar of nog niet, toch? De heer Van Pelt: Nee, ik heb nog twee korte punten, want ik vind…Het gaat over een mobiliteitstransitie en ik heb ook een beetje de indruk dat dat toch eigenlijk wat een eufemisme is voor het ontmoedigen van mobiliteit. Niet zozeer alleen maar van automobiliteit, maar eigenlijk van mobiliteit an sich, als zodanig. Omdat op het moment dat je het autogebruik gaat terugdringen, dan moet je dus op alternatieve vorm van vervoer overstappen en ik denk dat het onvermijdelijk is dat je dus meer tijd gaat kwijt zijn als je je door de stad wilt bewegen. Auto is denk ik gewoon het snelst. Dus dat lijkt mij toch een hele ongewenste inperking van de vrijheid. In het document kwam ook de 10 minuten-stad nog langs.
Ja, dan vind ik het echt een beetje eng worden, voorzitter Het idee is kennelijk dat je je wijk bijna niet meer uit hoeft, dat we allemaal voorzieningen in de wijk gaan maken. We gaan toch niet naar een stad toe die is opgedeeld in een aantal reservaten, die je nauwelijks of niet meer kunt verlaten. Lijkt me