CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.7 2023-05-23 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 5 - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 20 juni 2023, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 16 mei en de Dordtse Dinsdag van 9, 23 en 30 mei 2023 Vergaderzalen 1,3,528.825 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

20

Maar ook daarachter, wat is onze visie daarop en de middelen die we daarbij beschikbaar hebben, en wat gebeurt er eigenlijk precies? Ik ga dan niet op al uw opmerkingen in, ik pak wel even een paar opmerkingen die u heeft gemaakt wat concreter beet. Misschien eerst even, wat hebben we nou aan beleid? We hebben eigenlijk heel veel beleid. We hebben natuurlijk allemaal locatiebeleid en verkeersplannen, we hebben specifiek voor de fiets de Fietsnota 2014. Een nota gaat meestal pakweg tien jaar mee, dus volgend jaar bij de Mobiliteitsvisie die we aan het opstellen zijn willen we het onderwerp fiets meenemen. Dat doen we integraal vanwege dat STOMP-principe, dat is het funderende principe van hoe we naar mobiliteit willen kijken. In de tussentijd, tussen ‘14 en nu hebben we nu twee keer een fietsuitvoeringsprogramma gehad. In ‘14 was er een uitvoeringsprogramma bij de Fietsnota, daar zijn toen ook middelen voor georganiseerd. Voor een deel zijn die, ik zeg eventjes, verstopt in onderhoudsplannen. Voor een deel zijn die apart gezet, want voor de fiets kun je ook soms apart geld aanvragen, of apart meelopen in een nieuwe regeling. In ‘18 hebben we dat weer gedaan, in 2018-2019 en nu hebben we weer een fietsuitvoeringsprogramma in voorbereiding. Dat is af. Dat u het nog niet heeft, heeft te maken met het feit dat het meeloopt met de kadernota.

Dat is meteen even één opmerking die ik maak en daar hoeven we het niet heel lang over te hebben. Er komt een kadernota aan waar we heel veel ambitie in hebben, want we hebben veel ambitie voor de stad. Met bomen, met sociaal domein, met cultuur, met fietsen, en nog twintig andere onderwerpen. Ik zou heel graag een kadernota willen hebben die zich richt op het onderwerp fiets en dan kan ik echt de hele begroting van de stad mee opmaken. Dat kan. Dat gaan we natuurlijk niet doen, net zoals we dat niet gaan doen voor alleen maar cultuur, of alleen sociaal domein enzovoorts. Die afweging, u maakt hem, want u stelt de begroting vast. In die afweging maken we keuzes. Daarmee ben ik begonnen aan een antwoord op de opmerkingen van de heer Damen en ik zou voor de rest graag even het kaartje willen zien wat u heeft toegelicht. Kan dat? De voorzitter: Ja, wat mij betreft wel, als ik hem maar niet tevoorschijn hoef te toveren. Moet je Clark weer eventjes erbij? De heer Van der Linden: Nou goed, ik kan het ook … De voorzitter: Misschien kan je het zonder kaartje. De heer Van der Linden: Nou, wat ik wilde zeggen. Kijk, wat je daar ziet is natuurlijk een wegennet wat inderdaad al heel lang ligt en zo gaandeweg wordt uitgebreid. We zagen de stukken waar je 50 mag.

Als de stukken die nu groen zijn, een groot deel daarvan is de afgelopen tien, vijftien jaar groen gemaakt, bijvoorbeeld de OranjelaanMerwedestraat, daar is heel lang over nagedacht: hoe pak je zo'n weg nou beet als je zo verschrikkelijk veel verkeer in en uit de stad gaat? Dus daar moet je goed over nadenken: hoe doe je dat als je weet dat je hem eigenlijk helemaal bijna overnieuw moest maken? Want dat asfalt lag er al tientallen jaren, dat was echt helemaal versleten. Hoe past zo'n project in de stad en hoe past het ook in de tijd? Want je doet meestal heel veel projecten. Nou, daar is jaren over nagedacht, dat is een paar jaar terug uitgevoerd. Daar zijn … De voorzitter: Eén moment, mijnheer de wethouder. Clark, het kaartje willen we graag weer even zien, van mijnheer Damen.

21

De heer Van der Linden: Ja, heel goed. Je ziet Oranjelaan-Merwedestraat, de groene strook, daar is ik denk wel zeven of acht jaar over nagedacht hoe je dat eigenlijk moet doen, wetende dat het moest gebeuren. Hij is technisch weer aangepast, hij is daarbij ook functioneel aangepast, want doorgaand verkeer en bestemmingsverkeer is gescheiden, er is veel meer ruimte gekomen voor groen en we hebben de fiets expliciet de ruimte gegeven. Dus iedereen die ik spreek – en u spreekt vast ook wel iemand anders op een verjaardag – iedereen die ik sprak in die tijd zei: nou, goed gedaan, hartstikke mooi, dit ziet er fantastisch uit. Heel groot project, daar kun je er niet tien of twintig van in een jaar of in vijf jaar doen. Een volgende die eraan gaat komen binnen een aantal jaren is de hele Spuiboulevard. U ziet, Spuiboulevard eigenlijk het hele vierkantje, Burgemeester de Raadtsingel, Achterhakkers, Spuiboulevard, Johan de Witt. Dat verkeersbesluit is genomen drie jaar terug.

We hebben – om ook even aan te geven, soms kan het met heel weinig geld – op Johan de Witt een maatregel genomen die 60.000 euro heeft gekost en die uit mijn hoofd zes verkeerslichten heeft weggesaneerd, namelijk groene plantjes neerleggen en voorkomen dat een singel die ontzettend ingewikkeld in de kruising lag, waar overal van hot naar her auto's heen en weer aan het rijden waren, waarvan we functioneel zeiden: dat kan anders. Dat hebben we gedaan door de kruising op te heffen en hem te blokken met groenbedekking. Ooit gaan we dat heus wel eens nog fundamenteler aanpakken, maar het werkt wel. De voorzitter: Mijnheer Damen. De heer Damen: Ik ben het eens met de wethouder als hij zegt: sommige projecten zijn goed gelukt en soms ook goedkoop uitgevoerd en slim bedacht. Maar het tempo ligt zo laag. Als we op deze manier bezig blijven, zijn we in 2040 niet klaar. De heer Van der Linden: Nou, dan heb ik een soort van toezegging voor u. Ook in 2040 zijn we niet klaar. Nee, maar … De voorzitter: Noteert u hem, mijnheer Damen? De heer Van der Linden: Dat is een behoorlijk harde toezegging. Kijk, ik wil even aangeven, we hebben nou de Krispijnseweg, dat is nu nog een rode streep. Daar is ook heel lang over nagedacht. En natuurlijk, dan begin je na te denken: het moet natuurlijk vanuit het STOMP-principe, dus we willen natuurlijk een tweezijdig fietspad.

In overleg met bewoners kom je er dan achter: dat is helemaal niet de beste oplossing. Participatie kost tijd, maar dat is wel fijne tijd, want daarmee kom je tot een oplossing waarvan ondernemers, bewoners en doorgaand verkeer, je kunt zien dat aan alle belangen recht is gedaan en daarmee kom je tot een goede oplossing. Dus in die zin, dat omdenken, je kan ook zeggen: we pakken een boek en een kaart, we hebben er verstand van, dit wordt het, veel succes. Maar dat gaan we niet doen. De voorzitter: Ik ga nu onderbreken. Mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: Misschien denk ik heel gemakkelijk, voorzitter, … De voorzitter: Dat is een voordeel.

22

Mevrouw Kamphuis: … maar als u eerst met de bewoners in gesprek gaat voordat er een heel duur plan op tafel komt, misschien gaat het sneller dan. De voorzitter: Mijnheer Van der Linden. De heer Van der Linden: Kijk, we komen natuurlijk niet overal vanzelf langs, vaak is er een aanleiding. Dat is ook een beetje een reactie op de heer Damen. U zegt: eigenlijk wil ik het heel snel doen en waarom wachten we nou weer omdat er een subsidie moet komen en zo. Kijk, als je de weg toch openmaakt omdat je met kabels en leidingen aan de gang gaat, dan zeg je niet: dat fietspad, dat leggen we weer terug zoals het was. Dan zeg je: nee, dat pakken we dan meteen beter. Soms wacht een kabelexploitant even een tijdje tot we toe zijn het fietsproject. We proberen eigenlijk alles gecombineerd te doen. Dat lukt niet altijd. Ik weet nog de Oranjelaan, hij lag er helemaal strak bij en een maand later moest er alweer ergens een gat in. Dat vinden we niet leuk, maar soms kan het niet anders, want boven de grond gebeurt veel, maar onder de grond gebeurt eigenlijk nog meer. Krispijnseweg is een mooi voorbeeld. Jaren over gesproken, daar zitten ook heel veel middelen bij. Daar vlakbij ziet u de … even kijken, welke zullen we pakken? De voorzitter: Het laatste voorbeeld, denk ik. Mevrouw Stolk: Ja, het laatste voorbeeld. Even kijken, hoor. Nee, dat doen we dat maar niet.

Kijk, we zien ook wel, ik zie een heleboel wegen waarvan ik zeg: ja, daar zou je best, technisch is het asfalt versleten, hier kun je aan de slag. Alleen, er staan bijvoorbeeld ook bomen langs waarvan je zegt: die willen we niet kappen. Dus nu het asfalt terugleggen en twee meter extra pakken voor een fietspad is dan niet altijd de juiste oplossing. Of het asfalt is nog lang niet versleten, dat is ook allemaal aan de orde. Dus die hele mix maakt dat je een kaartje hebt die je echt wel ziet veranderen, maar tegen de tijd dat het laatste stukje groen is geworden, moet je met het eerste alweer bezig. Dat is ook de realiteit. De voorzitter: Gaat u verder met uw betoog, u heeft nog een minuut of zeven. Mevrouw Stolk: Zeker, dank u wel. Nou, ik denk dat ik er bijna ben. De heer Safranti vroeg: hoe staat het eigenlijk met de verhouding tussen de ambities die we hebben vastgelegd en die hierin staan beschreven? Eigenlijk heel kort gezegd, en dat is niet vervelend bedoeld, want u begon daar zelf over. De reactie is: of we doen het al, of het kan niet, of het kost heeft dat geld. Ja, dat is ook de afweging natuurlijk. Heel veel dingen die u heeft geïnventariseerd komen niet voor niks naar boven, want die zien we zelf ook. Soms zijn ze hartstikke ingewikkeld. We kunnen het oplossen, maar ja, dan heb je misschien een brug nodig, of je moet een heel stuk weg omleggen.

Ja, dan heb je een project van 10, 20 miljoen te pakken. Daar kun je ook heel veel andere dingen voor doen, dus ook in die afweging stellen we prioriteiten. Tegelijk, ik zie wel, u bent met tientallen mensen in gesprek geweest. Ik zie ook wel een paar plekken en die hebben we zelf ook wel eens, we hebben een paar jaar terug 963 reacties gehad bij het inventariseren van de top 20 onveilige plekken. Natuurlijk komen daar heel veel stippen op de kaart waarvan je zegt: ja, zie je wel, honderd meldingen, tachtig meldingen, vijftig meldingen, logisch. En ook een eenzame plek midden op een dijkje. Dan denk je: wat kan daar gebeurd zijn? Natuurlijk, daar kan iemand op een

23

vervelende manier zijn ingehaald, of misschien is er zelfs een ongeval gebeurd. Dat kan, dat gebeurt helaas regelmatig. Dat wil niet altijd zeggen dat je dan ook een inframaatregel moet nemen om die situatie te veranderen, want een dijklichaam heeft weinig ruimte, daar staan soms bomen naast, daar kun je ook niet veel meer. Soms zeg je wel: we nemen een snelheidsmaatregel, of we leiden fietsers om. Nog één opmerking over de kosten. Soms kan inderdaad met weinig geld. In onze aanpak, niet alleen bij fiets, maar ook bij verkeersonveilige plekken zit ook de actie verfpot, waar we inderdaad – en daar hoort meer bij, het is niet alleen verven – schoolroutes opnieuw belijnen, strepen weer eens bijtrekken. En soms ook is het een kwestie van een heg snoeien, een verkeersbord plaatsen, of een metertje asfalt een klein beetje bijwerken. Dat doen we ook allemaal en dat dat helpt ook. De grote projecten, die kosten natuurlijk veel meer tijd. Ik kijk even, voorzitter, of ik nog twee minuten nodig heb. Hoeft niet. Nee, als het niet nodig is, dan hoeft het niet. Ja, toch? O ja, dat is nog eventjes, dat is uw vraag. Nou kijk, als het fietsuitvoeringsplan uw kant op komt, dan lijkt het me heel logisch dat u hierover wil praten. U mag het ook hameren, dat lijkt me een kansloze missie. Maar het lijkt me ook niet wat je moet willen, want het is een dik stuk waar heel veel onderzoek onder zit.

Er worden ook voorstellen gedaan en zoals ik zei, de kadernota is niet van: we delen overal zomaar geld uit. Dus we hebben echt een beperkte focus op de middelen. Natuurlijk staat het u vrij om te zeggen: er moet meer bij, of we moeten minder doen. Dan kunnen we faseren in de plannen die natuurlijk eronder liggen. De voorzitter: Mevrouw Kruger. Mevrouw Stolk: Dus beeldvorming is dan natuurlijk een eerste stap. Mevrouw Kruger: Voorzitter, ik probeer een beetje, ik weet niet of het haalbaar is, praktisch in te schieten. Ik hoor iedereen eigenlijk ook al zeggen: we willen wat meer weten. U heeft net al, nou ik denk zeker tien minuten een prachtig beeldvormende sessie stukjes geschetst, waarbij ik ook weer dingen leer die ik ook niet wist. We willen allemaal op dezelfde, ik wou zeggen vliegroute komen, maar de fietsroute komen moet dat natuurlijk zijn. Is het mogelijk om zelfs voor de kadernota nog, dus dat we gewoon nu al gaan kijken of we regelmatig zo wat stukjes eruit te halen die beeldvormend kunnen zijn? Zodat we het beter kunnen beoordelen. Nu hoeft een ambtenaar ook niet meer een initiatiefvoorstel te beoordelen, dus hij heeft weer tijd zat. Dat kan ingezet worden om … De heer Van der Linden: Maar dat is ook een kwestie van hoe agendeert u. Volgens mij zitten we tot de kadernotabehandeling in juli al behoorlijk vol.

Natuurlijk is dit plan, kijk, inhoudelijk is het klaar en het komt in de loop van de maand naar u toe, ik denk over één of twee weken. Bij de kadernotadiscussie betrekt u dit waarschijnlijk ook, maar het plan zelf kan ook daarvoor of daar vlak na worden vastgesteld. Dit jaar lopen we ook al met projecten natuurlijk, dus dat loopt gewoon door. Mevrouw Stolk: Voorzitter? De heer Van der Linden: Ik zou wel de tijd nemen om het goed te bespreken, als ik u was.

24

De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voorzitter, ik hoor wat de wethouder zegt, maar volgens mij gaat het ook om beschikbaar stellen van middelen. Juist met de behandeling van de kadernota is het misschien wel verstandig dat je van tevoren weet wat dingen gaan kosten, want dat is juist de afweging die we dan bij de kadernota en bij de begroting kunnen maken. De voorzitter: Mijnheer Van der Linden, een beetje een afrondend antwoord op deze vraag. De heer Van der Linden: Zeker afrondend, en ik wil ook niet het gras voor de voeten van collega's wegmaaien die ook met plannen gaan komen. We stellen een fietsuitvoeringsplan voor waarin we afgewogen hebben wat de dilemma's zijn en wat de keuzes kunnen zijn. Hoe duur een project concreet wordt hangt dus soms ook af van omstandigheden. Ik denk dat het heel belangrijk is dat we het fietsnetwerk versterken, daar zijn middelen voor nodig, dus we proberen daar met een voorstel te komen. Kijk, Eneco is verkocht, maar als we over twee of drie jaar opeens zeggen: we hebben weer extra middelen en die willen we besteden aan de fietsinfrastructuur. Dan hebben we natuurlijk een projectenlijst waar we prioriteiten kunnen geven en die we kunnen inpassen in het MOP, maar dan kunnen we bijschakelen of wat terugschakelen, al naar gelang de mogelijkheden. Dus eens. De voorzitter: U bent ongeveer klaar, mijnheer Van der Linden? Dank u wel.

Goed, dan gaan we richting een afronding. Als ik even heel kort samenvat wat de wethouder gezegd heeft: er zijn verkeersplannen, er is een Fietsnota 2014, er komt een mobiliteitsvisie aan waar de fiets ook uitdrukkelijk aan bod komt krachtens het STOMPprincipe, er komt een kadernota aan met ambitie ook wat de fiets betreft, en ik hoor hem net nog zeggen, we moeten de fietsnetwerken gaan versterken. Nou, dat is even de ene kant van het verhaal. Aan de andere kant van het verhaal zit het CDA, waar we het natuurlijk niet gaan hebben over die dertig knelpunten en dergelijke, maar in grote lijnen – en mijnheer Van der Kruijff mag me corrigeren als ik niet gelijk heb – zij gaan er eigenlijk van uit: je moet echt vernieuwen, je moet gaan omdenken, je moet nog meer ambitie hebben, je moet een andere benadering eigenlijk kiezen, je moet kaderstelling eerst doen en dan vervolgens gaan toepassen op het uitvoeringsprogramma. Dus dat is eigenlijk een wat andere gedachtegang. Mijnheer Van der Kruijff, zeg ik het zo goed?

De heer Van der Kruijff: Ja, voorzitter, in zoverre klopt dat uiteraard, dat als je gaat uitvoeren, dat je het moet doen op basis van kaders die er zijn. Wat er nu gebruikt zijn, zijn de oude kaders, lezen we voor een heel deel, en kaders die eraan komen, maar die wij nog niet kennen. Dus in die zin lijkt het mij wel heel praktisch, voorzitter, als ik me mag doorpakken, om dan te kijken als die mobiliteitsvisie en uitvoeringsprogramma op zo'n korte termijn komt als de wethouder aangeeft, dat we gewoon wat ons als CDA in ieder geval betreft die toetsen aan dit initiatiefvoorstel. Maar ik hoop dat u dat ook allemaal wil doen, want ja, we kunnen er niet omheen draaien, blijkbaar in de tijd valt het nu gewoon samen. Ik bedoel, we hebben allebei niet zo gepland, maar het is wel zo gebeurd.

25

De heer Kuhlmann: Is het niet handiger, want ik heb het idee dat iedereen inderdaad graag aan de hand van die mobiliteitsnota, het fietsuitvoeringsplan wat eraan komt, aan de hand daarvan een beeldvormende sessie te organiseren en in die breedte te pakken? Ik denk eerlijk gezegd dat er vandaag voldoende gezegd is over het initiatiefvoorstel, dat hoeft dan niet meer in de lucht te zweven, ik denk dat we dat nu prima afgehandeld kunnen beschouwen en dat we dan verder gaan aan de hand van de stukken die er vanuit het college komen. De voorzitter: Ik enk dat er twee mensen hier aan tafel het niet helemaal met u eens zijn, want ik kan u volgen en een heleboel mensen kunnen u denk ik volgen, maar er ligt hier wel een initiatiefvoorstel wat ingediend is waar wij oordeelsvormend over aan het spreken zijn en waar we tot een finaal oordeel moeten komen. Vandaar dat ik net even een poging deed om de twee mogelijkheden te schetsen: kiezen wij voor het vervolg voor de lijn die het college voorstaat? Of kiezen we de lijn die het CDA eigenlijk schetst en die zegt: er moet toch echt het roer moet om. Dat zijn eigenlijk de twee smaken, waarbij uiteindelijk, als gekozen wordt voor het één, dat het CDA ook nog kan zeggen: nou gaan we ons programma wel aanpassen, ons voorstel, en dan komen we er een andere keer mee terug. Maar we moeten eerst een keus maken. Dus u kan vinden van tafel.

Prima, maar dat vinden zij niet, dus we moet er eventjes een oordeel over uitspreken. Mevrouw Kruger. Mevrouw Kruger: Voorzitter, ik wil gelijk even ingaan op uw voorstel. Mij lijkt het eerste voorstel dus gewoon het voorstel wat vanuit het college komt, dat we dat gaan volgen. Daar is helemaal niks mis mee nu verder met het initiatiefvoorstel, want ja, initiatiefvoorstel meestal is het een initiatief tot verandering. Volgens mij hebben we dat ook in deze commissie al gehad, staan ook zelfs in de informatiebrief aardig wat veranderingen: het omdenken, STOMP. Ik bedoel, we zijn er al heel veel langer mee bezig, tegenwoordig heet het STOMP, maar volgens mij doen we dat nu ook. Dus ik zie niet zo heel veel, met alle respect, andere zaken als wat we nu gaan doen. We gaan nu omdenken, we gaan juist weer alles beetpakken. Dus ik zou op uw vraag daarvoor willen kiezen. De voorzitter: Helder, uw standpunt is duidelijk. Ik stel voor dat ik gewoon even het rondje ga maken. Gewoon maar op volgorde, dat lijkt me het handigste. Ik doe het andersom. Prima hoor, als u dat wil, dan ga ik naar mijnheer De Feijter. Wat is uw standpunt? De heer De Feijter: Ik kan me volledig vinden in het voorstel van mevrouw Kruger en ook eigenlijk het voorstel van de heer Kuhlmann.

Het lijkt ons goed om gewoon, even kijken, het mobiliteitsplan duurt natuurlijk nog eventjes, maar om het uitvoeringsprogramma fiets, om die zodra die er is te bespreken in eerste instantie beeldvormend gewoon, en daarna die oordeelsvormend. Natuurlijk staat het het CDA en andere partijen natuurlijk vrij om dan kaders mee te geven aan het college, want dat lijkt ons het geschikte moment, als het als het voorstel voor ons ligt. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Herwijnen. Mevrouw Van Herwijnen: Dan wilde ik toch graag nog eventjes wat verduidelijking hebben over wat de heer De Kruijff had aangegeven over dat ze nu geen oordeel wilden

26

hebben. Ik kan het mis hebben, hoor, maar geen oordeel wilden hebben over het initiatiefvoorstel nu, maar dat ze hem dadelijk weer terug oppakken wanneer de beleidsstukken er liggen. Klopt dat? De voorzitter: Mijnheer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Voorzitter, het is natuurlijk nu geagendeerd oordeelsvormend, dus normaal gesproken ga je vanuit oordeelsvormend naar besluitvormend. Maar wat wij proeven hier in de commissie is dat er heel veel behoefte is aan extra informatie en beeldvorming, onder andere met de stukken van het college erbij op tafel. Dat lijkt ons zinnig om aan die wens van de commissie gehoor te geven. De voorzitter: Mevrouw Stolk, u heeft nog een opmerking. Mevrouw Stolk: Voorzitter, mijn voorstel vanuit de VSP was eigenlijk om dit initiatiefvoorstel, ik weet niet of dat technisch mogelijk is, om gewoon even vast te houden en het samen als alles bij elkaar is, de fietsnota bij elkaar te bespreken. Want ik vind het namelijk geen recht doen, want jullie hebben er veel energie ingestoken en dat dat vind ik altijd te waarderen als fracties dat doen en het zou zonde zijn als het nu dadelijk niet aangenomen zou worden doordat we dit niet goed afhandelen. Dat doet het onderwerp denk ik geen recht, dus dat zou het voorstel zijn. De voorzitter: Helder. Mijnheer Safranti. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter.

Ook mijn mening was dus wat mevrouw Stolk net aangaf, desnoods combineren, kijken waar eventueel de punten die in het initiatiefvoorstel staan meegenomen kunnen worden. Want de ambtenaren zitten volgens mij ook op tribune, die kunnen er ook naar kijken. Er kan altijd nog met de Fietsersbond daarover gekeken worden. Wat ik wel mee wil geven, voorzitter, want dat proefde ik hier vandaag en daar begon ik ook mijn punt ook, waarom dit nou oordeelsvormend is. Zo'n belangrijk onderwerp, waar heel veel energie en aandacht in gestopt is, oordeelsvormend. Terwijl dus heel veel toch technische dingen beeldvormende vragen bij ons opkwamen. Dus misschien is het ook voor onze agendacommissie straks dat dit soort onderwerpen … De voorzitter: Ik wilde net zeggen, daar zit ik niet in dus. De heer Safranti: Nee, inderdaad, maar dat dit soort onderwerpen in de toekomst wel beter afgewogen moeten worden. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Die zal ongetwijfeld ook genoteerd zijn door de griffier. Mevrouw Stolk: Voorzitter, als ik daar nog even op mag reageren. Ik heb dat volgens mij ook in het presidium gezegd. Ik denk dat dat voor de hele raad geldt.

Als we kijken naar de agendacommissie, en sta me even toe dat ik hier gebruik van maak, als we kijken naar de agendacommissie laten wij met zijn allen – en dan zeg ik ook met zijn allen, commissie- en raadsleden – kijken hoe dingen geagendeerd worden. Op het moment dat wij vinden dat het niet goed geagendeerd wordt, dan moeten we met zijn allen aan de bel trekken, want wij bepalen namelijk de agenda. Dus dat wilde ik even gezegd hebben.

27

De voorzitter: Dat is helder. Is er iemand anders die nog? Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ik sluit me van harte aan bij de laatste opmerking van mevrouw Stolk. Dat doen we inderdaad zelf op welke manier het op de agenda staat. Voor wat betreft het gevolg hiervan sluit ik me helemaal aan bij wat er eerder ook gezegd is, dat het goed is om dat aan de hand van de stukken van het college te doen. De voorzitter: Dank u wel. Nog meer mensen? Mijnheer Wringer. De heer Wringer: Dank, voorzitter. Wat betreft ons kan dat ook gecombineerd worden met de fietsnota en dan beeldvormend en dan kan de wethouder ook nog de vraag over de Schwung app beantwoorden. De voorzitter: Ik denk dat de mobiliteitsvisie bedoeld wordt, of toch niet? De heer Van der Linden: We hebben een fietsuitvoeringsplan, dat komt binnen twee, drie weken naar jullie toe. En de mobiliteitsvisie, waar dus de fiets onderdeel van uitmaakt, die gaan we het tweede kwartaal volgend jaar vaststellen, want daar hoort een parkeerbalans bij en nog veel meer dingen. De voorzitter: Oké, dus als ik het goed begrepen heb, het fietsuitvoeringsplan, daar gaat u misschien aan de slag met ook wel wat goede punten … De heer Van der Linden: Nou ja, een deel van de dingen staat er al in en dat komt dus deze maand uit. De voorzitter: Mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: De SP sluit zich achter de woorden van de VSP.

De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw De Heer. Mevrouw De Heer: Datzelfde wilde ik ook zeggen. Ik vind dat wat mevrouw Stolk zegt, daar sluit ik me graag bij aan. De voorzitter: Helder. Nog meer mensen die … Ik zie dat mijnheer Damen het daar ook helemaal mee eens is. Volgens mij, ik zie allemaal mensen knikken. Mijnheer Roggekamp knikt ook. Ik hoor het, dank u wel. Goed, dan denk ik dat mijnheer Van der Kruijff nog wat wil zeggen. De heer Van der Kruijff: Even technisch, want we zijn natuurlijk als CDA-fractie ook eigenaar van deze initiatiefnota, dus we moeten ook beslissen wat we ermee doen. Dus misschien goed dat we dat ook even beamen dat we het dan ik zeg maar even aanhouden tot die bespreking die we net hebben afgesproken. Dank, mevrouw Stolk, voor dat voorstel, dat lijkt me een heel zinnig voorstel zoals u dat gedaan heeft en velen in de commissie dat steunen. Dan kijken we na die bespreking wel of dat nog iets oplevert wat we in de lucht willen houden, of niet, en of dat nodig is. Dat is dan voor dan. De voorzitter: En aanhouden betekent ook eventueel aanpassen, denk ik.

28

De heer Van der Kruijff: Precies. De voorzitter: Goed. Nou, dan denk ik dat dus de conclusie is dat mijnheer Van der Linden met sommige puntjes uit dit onderdeel aan de slag gaat, dat een aantal dingen er al in verwerkt zijn, dat het CDA hem aanhoudt en zo nodig aanpast en dat we te zijner tijd gezamenlijk die dingen in een ik denk eerst beeldvormend en dan oordeelsvormende sessie nog een keer bespreken, met een punt van aandacht voor de agendacommissie dat het niet zo heel gelukkig is om iets gelijk oordeelsvormend te bespreken. Mijnheer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Ja, ik moet ik moet toch een beetje opkomen voor de agendacommissie. Er is ons als CDA-fractie ooit wel gevraagd: hoe moeten we dit agenderen? Toen waren er nog geen wensen en bedenkingen van het college bekend, toen hebben we gezegd: het lijkt ons wel helder wat we hebben opgeschreven, dat kan in één keer oordeelsvormend, tenzij de wensen of bedenkingen voor het college aanleiding geven voor anders. Alleen, toen dit geagendeerd werd, toen waren die hele wensen en bedenkingen er nog niet, die kwamen vorige week opeens uit het plafond vallen voor ons. En ja, die zitten er nu bij en nu is het gelopen zoals het is gelopen. Maar volgens mij hebben we het weer rechtgebreid met elkaar.

De voorzitter: Dat kwam waarschijnlijk ook omdat die ambtenaar zijn werk, zoals mevrouw Kruger al zei, zo goed gedaan had dat hij daar toch wel wat tijd voor nodig had. Maar terecht dat u opmerkt dat niet de agendacommissie de zwarte piet toegespeeld moet worden. Nee hoor. Ik dank u allen hartelijk en ik wens u nog een genoeglijke avond, of een volgende commissievergadering.

2. Raadsinformatiebrief over Voortgang aanpak verkeersonveilige locaties Raadsinformatiebrief Voorzitter: Mevrouw Kruger Griffier: De heer Verkooijen Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Bootsman (GroenLinks) Dhr. Damen (PvdA) Dhr. De Feijter (CU-SGP) Mevr. De Heer (FvD) Mevr. Van Herwijnen (Partij voor de Dieren) Mevr. Kamphuis (SP) Dhr. Kleinpaste (Gewoon Dordt) Dhr. Klerk (CDA) Dhr. Kuhlmann (VVD) Dhr. Laban (CU-SGP) Dhr. Van der Meer (GroenLinks) Dhr. Roggekamp (Gewoon Dordt) Dhr. Safranti (DENK)

29

Mevr. Stolk (VSP) Dhr. Stolk (VSP) Dhr. Tutupoly (Op Ons Eiland) Dhr. Wringer (Beter Voor Dordt) Portefeuillehouders: wethouder R. van der Linden Overige aanwezigen: Dhr. Kraak (ambtelijke ondersteuning) Dhr. Loekemeijer (inspreker)

De voorzitter: O, hij blijft nu gaan. Oké, ik ga er niet meer aan zitten. Goedenavond allemaal. Ik ga proberen aandacht te krijgen voor deze commissie hier in deze zaal en wil vragen de mensen die in deze zaal zijn en nog aan het praten zijn op de gang hun gesprek voort te zetten. Dit geldt voor alle mensen hier achter in de zaal, graag uw gesprek op de gang voortzetten, zodat wij de commissie kunnen beginnen. De wethouder hebben we nodig hier, dus die komt straks wel naar u toe. Als we allemaal zitten, dan kan de deur ook dicht. Ja, graag, want het is nogal rumoerig op de gang. De eerste echte lentedagen zijn dus tegen de zomer aan aangebroken, dus ik denk dat iedereen een beetje de lentekriebels heeft, graag met elkaar in gesprek is en zo. Ik verzin maar wat hoor, om even de tijd te doden. De deur is dicht. Wij kunnen verder met de volgende commissievergadering naar aanleiding van een raadsinformatiebrief ‘Voortgang aanpak verkeersonveilige situaties’. Deze commissie is ook oordeelsvormend. Ik heet alle raads- en commissieleden welkom. Ik zal zo een rondje laten doen voor de notulen van alle namen en ik wens ook alle kijkers en luisteraars thuis en de mensen op de tribune van harte welkom bij deze commissie. Ik begin hier links. Als iedereen even zijn naam en waar die bij hoort aangeeft. De heer Verkooijen: Bas Verkooijen, commissiegriffier.

Mevrouw Kamphuis: Meta Kamphuis, SP. De heer Kuhlmann: Alexander Kuhlmann, Dordtse VVD. De heer Wringer: Jan-Willem Wringer, Beter Voor Dordt. De heer Bootsman: Nick Bootsman, GroenLinks Dordrecht. De heer Van der Meer: Frans-Bauke van der Meer, ook GroenLinks. De heer Damen: Leo Damen, Partij van de Arbeid. De heer Roggekamp: Erik-Jan Roggekamp, Gewoon Dordt. De heer Kleinpaste: Gert-Jan Kleinpaste, Gewoon Dordt. De heer Safranti: Mehmet Safranti, DENK Dordrecht.

30

De voorzitter: Ja, u ook, mijnheer Loekemeijer. De heer Loekemeijer: Dirk Loekemeijer, ik kom inspreken. De heer Stolk: Leo Stolk, VSP. Mevrouw Stolk: Margret Stolk, VSP. De heer Klerk: Albert Klerk, CDA. Mevrouw De Heer: Betsie de Heer, FvD. Mevrouw Van Herwijnen: Irma van Herwijnen, Partij voor de Dieren. De heer De Feijter: Bart de Feijter, ChristenUnie-SGP. De heer Laban: Vincent Laban, ChristenUnie-SGP. De heer Van der Linden: Rik van der Linden, wethouder. De heer Kraak: Ik ben Robert Kraak, ambtelijke ondersteuning. De heer Tutupoly: Gersom Tutupoly, Op Ons Eiland. De voorzitter: Ik ben Kitty Kruger, uw voorzitter van vanavond. Ik krijg altijd zo'n mooie brief mee waar wat aanwijzingen in staan en er stond: er is een vergaderquotum van minimaal acht fracties nodig, waarvan moet worden vastgesteld dat deze gehaald is. Volgens mij is dat bij deze wel gehaald. Er is veel belangstelling voor de onveilige verkeerssituaties, gelukkig. De reden van deze vergadering. De VVD heeft verzocht om een oordeelsvormende bespreking van de raadsinformatiebrief en heeft daar voldoende steun van andere fracties voor gevonden. De aangedragen politieke vragen voor de bespreking zijn: is de raad tevreden met de huidige tussenstand van de aanpak van de verkeersonveilige situaties? Zijn er andere straten die moeten worden aangepakt binnen dit project? Deze twee vragen zijn van de VVD.

Dan komt er één van Beter Voor Dordt klopt de prioritering nog steeds? Van het CDA is gevraagd: zou vanwege het STOMPprincipe de prioritering van de verkeersonveilige situaties moeten worden aangepakt? En Op Ons Eiland heeft nog een politieke vraag gesteld: zijn de aangepakte gevaarlijke kruispunten nu zichtbaar veiliger geworden? We starten deze avond met een inspreker, de heer Loekemeijer en u krijgt maximaal vijf minuten om uw verhaal te doen. Als dan de raads- of commissieleden nog iets verduidelijkend willen vragen aan u, dan staat hen dat vrij, maar daarna, u neemt geen deel meer aan het gesprek. Gaat uw gang. De heer Loekemeijer: Goed. Dankjewel dat ik hier mag zijn allereerst. Ik zit hier namens buurtvereniging De Prinsenpoort, dat is een buurtvereniging in de buurt van de Prinsenstraat. Voor de mensen die die straat misschien niet meteen kennen, dat is een toegangsweg voor de binnenstad van Dordrecht. Deze straat staat er niet bij als een verkeersonveilige situatie en die zouden wij als vereniging, met inmiddels meer dan zeventig leden, toch wel graag op de agenda willen hebben, omdat het een hele drukke straat is met heel veel verkeer en waar gewoon eigenlijk consequent veel te hard

31

gereden wordt. Dat wordt gewoon door gewone personenauto's, maar ook door zwaar verkeer wordt daar veel te hard gereden, waardoor letterlijk de kopjes van de tafels afschudden in de panden die daar aan die straat staan. Het is zo dat die straat is een tweerichtingsverkeer met een hele smalle stoep en er is nu een situatie ook ontstaan met de Lange Geldersekade, die erg breed is geworden en erg overzichtelijk, wat uitnodigt om hard te rijden. Die snelheid, die nemen mensen mee de Prinsenstraat op en dat zie je nu ook een beetje gebeuren dat dat steeds erger wordt. Door de smalle stoep kunnen mensen elkaar niet inhalen op de stoep, dus die lopen automatisch de weg op. Nou ja, daar komen dan mensen heel hard aanrijden en tel daar nog fietsers bij op die daar dan ook nog regelmatig vallen vanwege die gladde stoepen die er liggen, het is een wonder dat daar nog niet een keer iets heel ernstigs is gebeurd. Maar vooral ook het harde rijden wat daar gedaan wordt in die straat is met name de reden dat wij zeggen: dat is gewoon erg gevaarlijk. En het geeft heel veel overlast door de hoge panden aan beide kanten heb je ook nog enorme geluidsoverlast ervan. Een auto die 50 rijdt maakt nou eenmaal veel meer lawaai dan een auto die 30 rijdt. De regel is eigenlijk meer 50 dan 30 daar, heb je het idee. Ik heb toevallig vanmiddag zal ik thuis te werken heb ik zitten tellen.

Tussen vier en zes heb ik vier keer meegemaakt dat daar met gillende banden werd weggereden. Dat schijnt daar normaal te zijn, want ja, dat is gewoon dagelijkse kost dat daar gewoon minimaal vier, vijf keer per dag met gillende banden wordt weggereden, vol gas. Als je mensen vraagt of ze wat rustiger aan willen doen, dan is het vaak terugschakelen en gas bij. Het loopt een beetje uit de hand inmiddels. Had ik nog andere dingen daaraan toe te voegen? Nee. Ja, er zijn al meerdere verzoeken geweest om snelheidsbeperkende maatregelen of iets dergelijks, of versmallingen, of iets wat. Omdat het een drukke weg is met altijd tweerichtingsverkeer zou een versmalling natuurlijk al mensen forceren om af te remmen, maar ja, dat lijkt allemaal niet mogelijk. Drempels begrijp ik, want dan zou je nog meer schade aan de aanliggende panden krijgen, maar versmallingen of iets dergelijks, dat snap ik niet waarom dat niet mogelijk is. Voor zover. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Loekemeijer. Mevrouw Stolk: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Ik heb een vraag aan de heer Loekemeijer. Trouwens leuk om hier als inspreker in deze commissie te hebben. U zegt, we hebben diverse keren aangegeven om oplossingen. Wat zijn daar de reacties op geweest? De heer Loekemeijer: Wat ik ervan begrijp zijn er wel gesprekken geweest met de betreffende wethouders.

Wat er nu volgens mij actief ligt is dat er snelheidsmetingen gedaan worden, maar voor de rest is het eigenlijk heel passief. Ik heb verschillende Fiximeldingen gedaan over de situatie en dan wordt dat eigenlijk meteen op afgehandeld gezet. Dan krijg ik wel een schriftelijke reactie, maar inhoudelijk gebeurt er helemaal niks. En ja, we krijgen toch wel, en dat krijg ik ook terug, want ik heb natuurlijk overleg gehad met mensen in de vereniging, steeds meer het gevoel dat we niet echt serieus genomen worden. Ik weet toevallig net dat bij de Amstelwijck nu de mooie nieuwe geluidswanden zijn gemaakt en dat er toentertijd – want daar was ik bij – heel veel stampij over is gemaakt over het geluid in Amstelwijck. Nou ja, jullie zouden voor de gein

32

eens bij mij thuis moeten komen meten, ik denk dat het echt drie, vier keer zo hard is als wat in Amstelwijck ooit zou kunnen spelen. Dus ja, het is echt een rare situatie dat dat allemaal zomaar kan. De voorzitter: De heer Damen. De heer Damen: Voorzitter, mijn vraag is of de maatregelen om de hoeveelheid auto's in de Prinsenstraat terug te dringen, die zijn iets van 25 jaar geleden is er een knip gemaakt in de binnenstad om doorgaand verkeer van het Lijnbaangebied richting A16 door de binnenstad, om dat te blokkeren. Nou weet ik niet of dat nog steeds functioneert en of de klachten ook zitten in de hoeveelheid auto's die door de Prinsenstraat rijden, en of die hoeveelheid is toegenomen de laatste tijd. De heer Loekemeijer: Onder andere is een ding, en dat is misschien weer een ander punt, maar er zit aan het begin van de Voorstraat zit een coffeeshop en je ziet gewoon dat het gros van de klanten van de coffeeshop met de auto komen. Dat is echt even, ze staan regelmatig bij mij met draaiende motor voor de deur, even snel de wiet halen en weer weg. Ik denk dat als daarop iets geregeld kan worden dat mensen met de auto niet meer bij die coffeeshop kunnen komen of iets dergelijks, want die coffeeshop is prima, daar heb ik verder geen … Maar die verkeersdruk die dat met zich meebrengt, dat is belachelijk. Want die mensen komen echt een soort, dit is een soort drive-in.

Er zit ook nog een kort parkeren plekje vlakbij, dus mensen rammen daar die auto neer en het liefst zonder te betalen, dus dan zetten ze hem achter bij mij in de straat en bij anderen in de straat zetten ze de auto met draaiende motor stil en het liefst ook met keiharde muziek, want dat hoort erbij, denk ik, en dan even snel de wiet halen en weer weg. Ik denk, als ik een schatting moet maken, maar dat is een persoonlijke schatting, ik denk dat het tussen vier uur 's middags en acht uur 's avonds ongeveer de helft aan auto’s scheelt als mensen geen wiet kwamen halen. De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Dank u, voorzitter. Ik wilde nog aan de heer Loekemeijer vragen, ik begrijp, hij woont natuurlijk in de Prinsenstraat en veel van zijn buren ook. Het is de voordeur … Ja, logisch. Goed, waar ik naartoe wilde. Er zijn als ik het goed zie geen voortuintjes, de voordeur grenst meteen aan de eigenlijk vrij smalle weg. Hoe zit dat met de kinderen in de straat, durven die daar te spelen? Wat is een beetje de situatie voor als je daar woont en dat elke dag zo meemaakt? De heer Loekemeijer: Ik heb zelf een kind, maar daar hou ik mijn hart voor vast als die zo oud is dat die naar buiten kan, die is nu nog heel jong. Maar ik hoor wel van andere mensen dat ze hun kinderen gewoon niet naar buiten laten, omdat dat levensgevaarlijk is.

Wij durven de kat niet eens naar buiten te laten, omdat we dan weten, een week en dan is die doodgereden, dat kan niet anders. Dus ja, dat is een beetje de situatie. Er wordt daar gewoon echt als idioten gereden en ja, het kan ook, want er is de ruimte voor, dus mensen doen het. De heer Kuhlmann: Helder, dank u wel.

33

De voorzitter: Wie nog een korte verduidelijkende vraag, of is het voor iedereen helder? De heer Loekemeijer pleit voor de Prinsenstraat … De heer Wringer: Voorzitter? De voorzitter: Ik kom zo bij u terug. De Prinsenstraat op te laten nemen in de lijst van de meest gevaarlijke verkeerssituaties, omdat die er nog niet is in opgenomen, en u heeft ook uitgelegd waarom u dat zo graag zou willen. De heer Wringer heeft nog een vraag. De heer Wringer: Dank, voorzitter, en dank voor het inspreken. Die wegrijden met die slippende banden komt natuurlijk van dat parkeerplaatsje nadat ze geshopt hebben. Volgens mij staat er halverwege de straat ook een snelheidsmeterbord. Klopt dat? Maar daar zit geen snelheidscamera's bij, denk ik. De heer Loekemeijer: Ja, klopt, die geeft alleen de snelheid aan die je rijdt. Dat is volgens mij voor aantal lieden gewoon een reden om te kijken of je daar een zo hoog mogelijk cijfer op tevoorschijn kan toveren. De heer Wringer: Dank u. De heer Safranti: Voorzitter? Ik had geen vraag, maar omdat ik zelf ook in die binnenstad woon en daar regelmatig langsfiets en langsloop, het is niet alleen de coffeeshop, maar volgens mij ook het uitgaansleven daar in de buurt. Dat wil ik gewoon even meegeven. De voorzitter: Oké, dank u wel. Iemand anders nog een korte vraag? Dan laten we het hierbij. Dan wil ik de heer Loekemeijer bedanken voor zijn inspreken.

Uw verhaal is denk ik zeer duidelijk. Ik wil zo meteen aan de wethouder vragen om daar als we daaraan toe zijn … Wilt u daar nu direct al een reactie op geven? Dat zou misschien wel fijn zijn. De heer Van der Linden: Ja, dat wil ik wel. Ik begreep vanmiddag dat er inspraak zou zijn, dus ik heb geen voorbereiding op de specifieke punt. We zijn wel in gesprek met uw vereniging, daar is ook ambtelijk contact over. Want inderdaad, dit is natuurlijk een beetje een ingewikkelde situatie, omdat je hebt toegang nodig tot een deel van de binnenstad. Ik wil best een keer het gesprek voeren over de binnenstad autovrij maken, maar dat is echt een heel ander soort sport dan een autoluwe binnenstad. Dat hoor ik ook niet door de claim om dat te doen, maar dat maakt hem ingewikkeld. Een tweede, het zijn natuurlijk kwetsbare huizen. Daarom zit u hier ook. Dat maakt dat je sommige dingen die je in andere wijken vanzelf verzint, een drempel, ja, dat kun je hier niet doen. Plantenbakken hebben we wisselende ervaringen mee. Versmalling, ik weet dat dat besproken wordt en ik weet ook dat daar opvattingen over loskomen. Wat ik in ieder geval ten aanzien van verkeersonveilige plekken wel op de lijst of niet op de lijst even wil aangeven. We hebben destijds gekozen voor verkeersslachtoffers, het aantal verkeersslachtoffers in de drie jaren voor 2018, dat bepaalt de top 20.

Daarnaast hebben we tientallen plekken waar ofwel nooit iets gebeurd is, ofwel maar heel weinig gebeurd is. Bij u is nog niks gebeurd, maar het is natuurlijk geen garantie en zo. Dus ik wil best toezeggen dat als we het gesprek hebben gehad en er is overleg met de buurtvereniging geweest, wat dan nodig is. Natuurlijk, als je de hele straat gaat omleggen, dan is daar een investeringsbesluit van de raad voor nodig. Maar we hebben ook met kleinere maatregelen, plantenbakken, misschien kleine ingrepen in het wegpatroon, kun je ook

34

veel doen. Maar die afspraak staat al dat we daar zeker toe bereid zijn, maar dan moeten we dus wel eerst even beter kunnen peilen wat handig is. En het coffeeshopbeleid ga ik niet over. Dat is makkelijk, maar soms ook wel … De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Linden. Dat is ook niet het issue van vanavond. Mijnheer Loekemeijer, bent u tevreden met het antwoord van de wethouder op dit moment? De heer Loekemeijer: Gedeeltelijk. De voorzitter: Tot op dit moment, want u moet uw gesprek nog krijgen, hè? De heer Loekemeijer: Ja. Dus ja, we heel zijn benieuwd wat daarvan komt. Dit speelt natuurlijk al heel lang en tot op heden is er helemaal niks gebeurd. Dus ja, dat is wel een ding. De voorzitter: Nee, mijnheer Damen, mijnheer Van der Linden mag. De heer Van der Linden: Dit is natuurlijk een beetje gek, want we gaan in gesprek. De voorzitter: Nee nee nee, klopt, klopt. Maar ik wilde even recht doen aan de inspreker en dan stoppen we ermee. De heer Van der Linden: In mijn eerste maand in 2014 ben ik bij een paar bewoners langs geweest, toen zijn er dingen opgelost. Begin dit jaar werd ik benaderd voor het eerst: er zijn issues met te hard rijden. Dus wat dat betreft hebben we meteen wel aangehaakt: oké, daar moeten we het over hebben. Maar ik wil ook graag een toezegging doen, want ik hoor de urgentie hoor, dat we daar snel mee doorgaan.

Als het makkelijk op te lossen was, hadden we het al gedaan, maar we moeten wel een afweging maken. De voorzitter: Dat is al heel mooi dat u de toezegging heeft gedaan om hier goed naar te kijken en het mee te nemen. De heer Van der Linden: En op tempo. De voorzitter: En op tempo, dat is nog belangrijker. Mijnheer Loekemeijer, bedankt voor uw komst en bedankt voor uw inbreng. Dan gaan we verder met de vergadering. Sommigen hebben al bij de vorige commissie gezeten en hebben daar toen ook de briefing meegekregen dat via de laatste donderdagbrief dat het presidium heeft besloten de opzet van de oordeelsvormende besprekingen te wijzigen, dat wil zeggen dat we nu vanaf de eerste termijn meer in debat gaan. De opzet voor vanavond is als volgt: de eerste termijn, de fracties reageren op de aangedragen politieke vragen die ik net gesteld heb – ik hoop dat ze nog weet of voor u heeft – te beginnen bij VVD als initiator en dan Beter Voor Dordt, het CDA en Op Ons Eiland. Vervolgens kunnen de andere partijen ook hun woordvoering doen. Interruptie is natuurlijk altijd vrij. De heer Kleinpaste: Voorzitter?

35

De voorzitter: Ja, mijnheer. De heer Kleinpaste: Ik heb de neiging om een punt van orde te maken, al weet ik niet precies hoe dat punt van orde er dan exact uitziet. Maar ik vind het heel lastig dat we hier een oordeelsvormende vergadering inplannen over een raadsinformatiebrief, die je normaal dan beeldvormend agendeert, waarbij we dan in de oordeelsvormende vergadering een inspreken hebben, wat eigenlijk ook afwijkt van dat wat we gewend zijn te doen, en een paar van de politieke vragen – het worden politieke vragen genoemd – vind ik eigenlijk ook redelijk beeldvormende vragen. Dus mijn voorstel zou zijn om dan toch eerst aan de wethouder te vragen of er een korte toelichting mogelijk is op de raadsinformatiebrief die we hebben ontvangen, zodat ik een beetje weet waar we ons een oordeel over zouden moeten vormen überhaupt. Want ik vind de volgorde die we nu hebben gedaan en die we met een meerderheid van de raad kennelijk hebben gedaan, ik vind hem buitengewoon onhandig en ik vind hem ook afwijken van de afspraken die we hebben gemaakt met elkaar. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kleinpaste. Ik denk niet dat dat mogelijk is, uw voorstel. Ik ga daar gewoon even op in. Deze agendering is een tijdje geleden al gedaan, hij stond op de agenda.

U heeft niet, of andere raadsleden hebben niet gereageerd van tevoren: wij willen dat op een andere manier, omdat we kennelijk informatie ontbreken. We gaan nu niet de wethouder laten vertellen hoe het allemaal in elkaar zit. U heeft de raadsinformatiebrief gelezen, u heeft genoeg tijd gehad om onderzoek daarnaar te doen hoe het verder in elkaar zit en we gaan aan de hand van de gestelde politieke vragen die meegegeven zijn met de agendacommissie gaan we dit stuk bespreken. Het is niet anders. De heer Kleinpaste: Het spijt mij dat ik niet op de hoogte was van het feit dat ik dat vooraf dan kenbaar had moeten maken. Ik zal daarmee moeten leven, maar ik vind het bijzonder vreemd, laten we dat dan vastgesteld hebben, dat we in afwijking van onze eigen regels dit zo geagendeerd hebben. Mevrouw Stolk: Voorzitter? De voorzitter: Waarvan akte. Volgens mij zijn dit gewoon onze eigen regels. Maar mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Ja, nee, ik ga nu toch even het opnemen voor de agendacommissie. Ook dat hebben we in het presidium besproken. Ik heb het in de vorige commissie ook aangegeven. Wij gaan met zijn allen over onze agenda en wij moeten van tevoren bij de donderdagbrief en wanneer de stukken geagendeerd worden kan je aangeven of je iets beeldvormend of oordeelsvormend wil doen. Dat zijn de regels, dat hebben we met elkaar afgesproken.

Dan moeten we allemaal hand in eigen boezem steken, zo zeg ik het dan maar even, en goed opletten als dingen geagendeerd worden en op tijd aan de agendacommissie aangeven. Dat wilde ik even. De voorzitter: Dank u wel voor uw aanvulling, mevrouw Stolk, want dat kan het alleen maar onderschrijven. Ik wil nu toch doorgaan naar de eerste termijn, want we kunnen hier nog lang en breed over hebben, maar ik denk dat dat beter op zijn plaats is of in het

36

presidium weer, of bij de agendacommissie zelf. In ieder geval niet nu. Wie mag ik als eerste? De heer Kuhlmann, want dat had ik toegezegd. Gaat uw gang. De heer Kuhlmann: Dank u wel, voorzitter. De Dordtse VVD wil dat we het in onze stad zo moeilijk mogelijk maken voor hardrijders en andere wegpiraten. Dat vraagt om verschillende dingen. Dat vraagt om een hoge pakkans, om innovatieve handhavingsmaatregelen als lawaaiflitsers, maar natuurlijk ook om maatwerk in straten zoals drempels, bloembakken en andere wegaanpassingen. Het is heel goed dat we een aantal jaar geleden dit programma hebben vastgesteld om de meest verkeersonveilige locaties in onze stad aan te pakken en te verbeteren. Tegelijkertijd is het belangrijk om de voortgang … De heer Kleinpaste: Voorzitter? De voorzitter: De heer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Even ter interruptie op de heer Kuhlmann. Het schetst een beeld, volgens mij is dat ook het beeld wat destijds in beleid is gevat en wat in deze raadsinformatiebrief wordt uiteengezet. Op welke punten is de heer Kuhlmann dan precies ontevreden over deze terugkoppeling van hoe het staand beleid vorm krijgt? De heer Kuhlmann: Nou, als ik heel even de gelegenheid had gehad om verder te spreken, dan komt dat aan de orde. Dus met uw goedkeuring, voorzitter. De voorzitter: Gaat u verder, mijnheer Kuhlmann.

De heer Kuhlmann: Tegelijkertijd is het belangrijk om de voortgang te bespreken en waar nodig het programma te actualiseren. We leven immers niet meer in 2018. De straten die gebukt gaan onder veel hardrijders en verkeersonveilige situaties verdienen namelijk altijd onze aandacht. Dan denk ik bijvoorbeeld aan de Prinsenstraat, ik denk aan de Brouwersdijk en zo zijn er nog veel meer straten te noemen. Dat zal ik nu niet per se doen, want dan maai ik het gras voor anderen ook te veel weg, maar er zijn wel meer plekken en ik denk dat heel gezond is om daar goed naar te naar te kijken, naar te luisteren. Wat dat betreft ook alle lof voor de inspreker van vanavond. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kuhlmann. Dit zal de tweede keer, ik wil u complimenteren met uw korte woordvoering. De heer Kleinpaste: Voorzitter? De voorzitter: De heer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Ik verwachtte nog antwoord te krijgen op mijn vraag, maar misschien heb ik dat verkeerd verstaan of niet goed begrepen, maar volgens mij heb ik geen antwoord op mijn vraag. De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann, weet u nog de vraag van de heer Kleinpaste? Anders is hij vast bereid deze te herhalen.

37

De heer Kuhlmann: Wat er anders moet aan het programma, of wat we eerder in 2018 hebben vastgesteld, als ik de vraag goed heb onthouden. Dat is aanpassen naar de stand van 2023. Dat is niet iets revolutionairs, dat is niet maar dat er nu een enorme politieke strijd is tussen enerzijds de Dordtse VVD en anderzijds het college of wat dan ook, maar dat is wel gewoon nuttig om met elkaar te bespreken. Ik ben heel blij, weliswaar niet van Gewoon Dordt, maar dat er heel veel partijen in de raad zijn die dat verzoek steunden. Zo simpel is het. De heer Kleinpaste: Voorzitter, ik zou best blij zijn … De voorzitter: De heer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Voorzitter, sorry. Ik zou best blij zijn om over nieuw beleid als het gaat om verkeersveiligheid met elkaar te praten, maar daar heb ik de raadsinformatiebrief over het staand beleid niet bij nodig. Want als we het over nieuw beleid willen hebben, zullen we ook met elkaar moeten spreken over nieuw geld wat we daarbij kunnen leggen om dat beleid uit te voeren. Dus in die zin blijf ik het wat lastig vinden om nou met nieuw beleid te komen omdat we een raadsinformatiebrief over staand beleid geagendeerd hebben. De voorzitter: U mag daar zeker nog even op reageren, mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Nou goed, ik ken het standpunt Gewoon Dordt, heel dogmatisch: een raadsinformatiebrief moet je niet oordeelsvormend bespreken.

Ik denk, net zo goed als in het verkeer, dat het handig is om af en toe maatwerk toe te passen en in dit geval dat het handig is om het toch even te bespreken. Maar we verschillen daarin, dat is dan zo. De voorzitter: Dat lijkt mij ook, dus dan laten we het hier even bij. Mijnheer Kleinpaste, als u iets nieuws heeft toe te voegen graag, want we gaan hier niet … De heer Kleinpaste: Ik wilde reageren op het woordje dogmatisch, want dat bevalt me echt voor geen meter. Want wij doen dit niet omdat we er dogmatisch in zitten, wij doen dit omdat we vinden dat als je het over nieuw beleid wilt hebben, dat je dan nieuw beleid agendeert en dat je ook nadenkt met elkaar over wat er aan middelen bij moet. De voorzitter: Helder, mijnheer Kleinpaste. Mijnheer Kuhlmann had zijn woordvoering klaar. Dan ga ik door naar Beter Voor Dordt, de heer Wringer. De heer Wringer: Dank voorzitter. We hebben de RIB gelezen en daar staat in dat er projecten worden aangepakt, echte black spots hebben we niet meer in Dordrecht. Nul verkeersongelukken lijkt ons een utopie, en de effectiviteit meten van verkeersmaatregelen duurt een paar jaar. Mijn collega heeft blijkbaar gevraagd naar prioritering, die zien wij niet terug in de RIB. Ik weet niet of daar de wethouder nog iets over kan zeggen.

Wat misschien wel een idee is om de top 20 weer aan te vullen tot een top 20, maar dat is misschien nieuw beleid, dus dan moeten we daar even met Gewoon Dordt over hebben. Nog wel een vraag wat er eventueel kan gedaan worden van de onwil van die grondeigenaren in de straat Aldi Lidl, want dat is toch wel heel vervelend als zij niet mee willen werken en dat is een gevaarlijk kruispunt in onze ogen. Dank u, voorzitter.

38

De voorzitter: Dank u, mijnheer Wringer. Dan gaan we door naar het CDA, wie mag ik daar het woord geven? De heer De Klerk. Mijnheer Klerk, het is niet De Klerk. Klerk. De heer Klerk: Klerk, zonder De. Dank u wel, voorzitter. Het is goed dat we met regelmaat over verkeersonveilige situaties spreken. Over de situaties an sich heb ik vanzelfsprekend geen vragen. Ik heb wel een vraag die wordt opgeroepen door de recente omarming van het college van het zogenaamde STOMP-principe. Uitgaande dat we dat principe hanteren, zouden de lijstjes er dan anders uitzien? Natuurlijk gaat het hier breder dan alleen voetgangers en fietsers, maar ik kan me voorstellen dat de prioritering verandert als er vanuit het perspectief van met name fietsers wordt gedacht, die immers toch een heel kwetsbare weggebruiker zijn. Dank u wel. De voorzitter: O, dan moet ik wel mijn lampje aanzetten. Dank u wel, mijnheer Klerk. Gaan we verder met Op Ons Eiland, wie mag ik het woord geven? Nou, zit naast me. Ja, ik moet nog steeds wennen aan die andere logo’s. De heer Tutupoly, alstublieft. De heer Tutupoly: Op Ons Eiland heeft kennisgenomen van de raadsinformatiebrief.

Op baas van de lijst concluderen wij dat er na bijna vier jaar slechts de helft van de kruispunten is aangepakt, een kwart naar alle waarschijnlijkheid dit jaar nog wordt aangepakt en een kwart nog niet is uitgevoerd omdat aanpassingen op dit moment niet mogelijk zijn. Vraag aan de wethouder is om hier een toelichting op te geven waarom die vijf andere straten wat moeilijker liggen. Maar tevreden over huidige tussenstand zijn we dus niet. Tegelijkertijd vragen we ons af of de kruispunten die zijn aangepakt ook daadwerkelijk veiliger zijn geworden. De raadsinformatiebrief vermeldt hier niets over. Maar wat Op Ons Eiland betreft zou het moeten gaan om een succesvolle aanpak zodat het aantal ongevallen drastisch wordt teruggedrongen. Wellicht dat de wethouder ons meer kan vertellen over hoe dit gemonitord wordt. Op Ons Eiland heeft ook meerdere malen aandacht gevraagd over de status van de aanpak en vrij recent nog de aanpak van de Provincialeweg ter hoogte van de fietsoversteekplaats aan de Hastingsweg. Deze fietsoversteekplaats is een route waar veel fietsers en scholieren gebruik van maken en waar veel ongelukken plaatsvinden. We kregen de toezegging van het college dat het kruispunt in maart zou worden aangepakt, Op Ons Eiland werd op haar wenken bediend, zo luidde het antwoord.

Maart werd echter april en nu heeft de Provincialeweg de status gekregen dat hieraan gewerkt wordt. Helaas betreft het een ander kruispunt dan waar wij de toezegging op hebben gekregen en staat het kruispunt niet op de nominatie om alsnog te worden aangepakt. Er zou in het verleden al wat aan gedaan zijn, echter het is nog steeds niet veiliger op gewonden. We roepen de wethouder dan ook op de toezegging uit te voeren en ook hier te zorgen voor een veiligere oversteekplaats. Op de vraag of er nog andere straten moeten worden aangepakt, kunnen wij volmondig ja zeggen. Als de huidige lijst nu de gewenste prioriteit krijgt, dan kan ze worden aangevuld met nieuwe gevaarlijke kruispunten wat wij ook eerder hebben aangekaart. Op de vraag of de prioriteit klopt zijn wij van mening van niet. Wat Op Ons Eiland betreft ligt de lijst er te lang en het resultaat is te betreuren. Gezien de toezegging dat de Provincialeweg ter hoogte van de Hastingsweg zou worden aangepakt, wat achteraf terug wordt gedraaid, omdat het college een ander kruispunt in gedachten heeft, zegt wat Op Ons Eiland betreft ook wat over de prioriteit. Tot zover. De heer Kleinpaste: Voorzitter.

39

De voorzitter: Dank u wel. De heer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Mag ik een vraag stellen aan Op Ons Eiland? De voorzitter: Zeker. De heer Kleinpaste: Ik bedoel, ik kan me best voorstellen dat er enige teleurstelling is bij hoever we gekomen zijn. Maar is Op Ons Eiland ook bereid om dan bijvoorbeeld extra middelen beschikbaar te stellen? Want ik denk dat met de middelen die we hebben beschikbaar gesteld voor zoveel knelpunten misschien het geld wel gewoon ook op is en dat daardoor een aantal dingen vertraagd. Dus is Op Ons Eiland dan ook bereid om daar extra geld in te steken om te zorgen dat die dingen waarover ze teleurgesteld zijn dan toch nog kunnen worden opgelost? De voorzitter: De heer Tutupoly. De heer Tutupoly: Voorzitter, daar wil ik inderdaad even op reageren. Deze lijst bestaat uit 2019, er schijnen zelfs toezegging geweest te zijn uit 2018. De RIB vermeldt niets over dat er geld te kort is. Een aantal van die wegen is ook aangepakt met bijvoorbeeld wat verfstrepen. Dus als er geld te kort is, dan horen wij dat graag, maar tot nu toe is daar eigenlijk geen melding over gemaakt en we gaan ervan uit dat als er een lijst is met twintig gevaarlijke kruispunten, ook na input van de Dordtse bewoners die daaraan hebben meegewerkt en dat serieus opgepakt wordt, dan verwacht ik ook als er geld te kort is, dat daar opmerkingen over gemaakt worden.

De voorzitter: Helder, dank u wel. Wie mag ik verder? De heer … Nou ben ik even … Laban. De heer Laban: Dank u wel, voorzitter. In 2019 heeft de gemeenteraad ingestemd met het beschikbaar stellen van een bedrag van 450.000 euro per jaar voor het uitvoeren van maatregelen die onder andere voortkomen uit de top 20, inclusief aangevulde lijst. Uit de rapportages die we de afgelopen jaren hebben ontvangen blijkt dat de wethouder voortvarend aan de slag is gegaan en dat er een indrukwekkende lijst van locaties is aangepakt. Wanneer we verder inzoomen op de top 20, zien we dat er tien locaties zijn uitgevoerd, vijf zijn gepland of opgenomen in een project en dat er vijf nog niet uitgevoerd zijn. Op basis daarvan heb ik een aantal vragen aan de wethouder. Kan de wethouder een update geven van de financiële stand van zaken met beschikking tot het beschikbaar gestelde krediet? Een tweede vraag: wat gebeurt er met de middelen van de vijf locaties die binnen dit project niet mogelijk zijn, worden deze middelen gereserveerd voor aanpak in een volgende fase? En een derde vraag: kan de wethouder iets meer vertellen over de ervaringen van de politie met betrekking tot handhaving op de diverse locaties? Denk aan de woorden van de inspreker over de situatie in de Prinsenstraat en om nog maar een voorbeeld te noemen, het asociale verkeersgedrag wat vaak plaatsvindt op de Merwedestraat.

Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voorzitter, dank. Ik ben het voor een groot gedeelte eens met de woorden van de heer Kuhlmann en zeker als het betreft deze raadsinformatiebrief. Want

40

als je kijkt naar het vragenhalfuurtje wat we de afgelopen half jaar hebben gehad gaan, nou, je kan wel zeggen acht van de tien vragen over verkeersonveilige situaties. Dus ik vind het een beetje een flauwe opmerking van de heer Kleinpaste om te zeggen: dit hebben we zo niet met elkaar afgesproken. De heer Kuhlmann noemde dat dogmatisch, maar het is juist goed om dit soort dingen op de agenda te zetten. Dat houdt ons scherp en dat geeft ook inwoners de gelegenheid, kijk naar de heer Loekemeijer die hier vanavond aan tafel zit, zo blijft de raad ook scherp. Ik weet niet wie die opmerking maakte – o, dat was mijnheer Tutupoly – als er geen budget is, dan zou ik graag een voorstel zien van de wethouder. Want het gaat altijd maar over geld, geld, geld, maar er zijn ook, en dat hebben we in de vorige commissie ook al aangegeven, het gaat ook om kleine aanpassingen die je kan doen. Dus laten we daar gewoon ook met elkaar creatief en innovatief kijken wat voor aanpassingen we kunnen doen. Wat ik wel mee wil geven nog, en het is een beetje vervelend dat – nou, niet vervelend – maar dat de bewoner er nog bij zit, ik zou het wel op prijs stellen vanuit de VSP dat als mensen met klachten komen, dat ze ook serieus genomen worden en dat dat ook gehoord wordt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/570/documents/24460