CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.6 2024.01.16 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 6 februari 2024, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 19 december 2023 en de Dordtse Dinsdag van 12 december 2023 en 16 januari 2024, Vergaderzalen 1, 3, 538.755 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Was het een verrassing dat dit zo is opgenomen of hoe is dat in het proces gebeurd? De heer Van Loon: Nou, die uitgebreide participatie die bestond voor in ieder geval voor mij eruit, ik weet niet of mijnheer Vincent Bek of Ferry van Merz eerder zijn benaderd, voor ons bestond die eruit dat wij in september 2023 hebben aangezeten. Tenminste, ik dan alleen, Ferry was volgens mij ook uitgenodigd maar die kon toen niet. Toen heb ik dat al genoemd. Ik heb het daarna nog als mail nagezonden, maar wij kwamen er niet doorheen wat dat betreft. Ons standpunt is in ieder geval ook niet door Koninklijk Nederland afdeling Drechtsteden vertolkt. En nogmaals, ik kan de mails want die heb ik ook meegenomen, die ik nog na heb gezonden naar de mevrouw De Vries en haar collega, ja. Maar in ieder geval daar is niets meer mee gebeurd. De voorzitter: De heer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Ja, dank u wel voorzitter.

Ja, toch even om het iets explicieter te krijgen want u bent dan geen horecaconcentratiegebied, u zou dat wel graag zijn en wat zijn dan de nadelen die u ondervindt als u geen horecaconcentratiegebied bent maar wel bekend zijn als horecabedrijf in dat gebied en zelfs een horeca twee ondernemer? De heer Van Loon: Nou, ik wil sowieso gezegd hebben wat ik net al zei, het is voor de bewoners ook heel onduidelijk natuurlijk als er geen horecaconcentratiegebied is maar ik mag toch tot vijf uur zes uur 's ochtends open zijn omdat ik een horeca twee vergunning heb met vier vijfhonderd bezoekers. Wat voor mij het nadeel zou zijn en ook voor mijn collega's is dat op een gegeven moment natuurlijk, stel over een aantal jaren, tien twintig, de AOW die is nog heel ver weg natuurlijk, maar je wil je zaak verkopen. Dan is het maar weer de vraag of bijvoorbeeld, ga ik even, ga ik in een andere volgende zeggen. Ik heb tijdens die vergadering in september heel duidelijk horen zeggen dat de

21

Lachende Monnik op basis van wat er nu in de horecanota staat niet meer die vergunning zou hebben die die nu heeft, namelijk dat hij een avondhorecazaak is en niet per se een dagopening hoeft te hebben. Dat zou dan winkel ondersteunend moeten zijn, dat zou niet meer gebeuren. Dolhuis heeft natuurlijk een horeca twee status, dat hebt u kunnen lezen. Maar ik zou mij kunnen voorstellen dat op een gegeven moment wordt gezegd: ja, nogmaals, u zit niet in een horecaconcentratiegebied, misschien chargeer ik wat, maar u zit niet in een horecaconcentratiegebied, als u uw zaak verkoopt dan moet die volgende maar een pannenkoekenrestaurant daar beginnen, want we willen daar niet meer om na twaalven activiteiten hebben. Dus daar word ik ook als ondernemer of wij als ondernemers, want hetzelfde geldt voor mensen, hetzelfde geldt voor de Cozmic, worden we als ondernemers latent ook door benadeeld. De heer Kleinpaste: Dus, als ik mag voorzitter, heel concreet, de angst bestaat dan dat uw zaak mocht u hem willen doorverkopen eigenlijk niet door te verkopen is. De heer Van Loon: Die angst die bestaat latent.

Concreet bestaat gewoon de angst van wat gebeurt hier? Er wordt een horeca, want wij vinden het wel een horecaconcentratiegebied want de Merwekade staat hier ook als een horecaconcentratiegebied maar het veerhuis dat ligt net zover van, ik weet niet meer hoe die zaak heet daar op de Boomstraat, als wij van Merz. Wij vinden het een horecaconcentratiegebied maar wij worden gewoon wat dat betreft tekortgedaan. En bewoners die daar komen wonen, die denken ook, ja, we zitten niet in een horecaconcentratiegebied, hoe kan het dat jullie zo laat open zijn? Het leidt gewoon tot verwarring en dat is voor niemand goed. De voorzitter: Wie? Mijnheer Portier. De heer Portier: Ja, hoe zinvol vindt u eigenlijk de introductie van het begreep horecaconcentratiegebied? De heer Van Loon: Nou kijk, dan ga ik weer terug naar die vergadering van bestuur- en middelen 30 maart 2021. Kijk, je kunt natuurlijk niet van de hele binnenstad een feestkwartier maken dus die beperking werd toen ook al gelijk aangegeven. Laat ik het zo zeggen, ik heb daar zelf niet zo direct een mening over maar ik vind wel dat als je daar al vijftig zestig jaar met ondernemingen zit dat er niet opeens in 2024 een nota kan worden aangenomen dat er wordt gezegd: nou, dat is geen horecaconcentratiegebied.

Want dan voelen wij ons misschien in de toekomst wel tekortgedaan in de faciliteiten die een horecaconcentratiegebied of de toestemming die een horecaconcentratiegebied wel worden gegeven en die ons worden ontzegd terwijl wij feitelijk een horecaconcentratiegebied zijn. De voorzitter: Ik, in het verband met de tijd nog een vraag, mevrouw Kruger. En dan gaan we verder naar de volgende inspreker. Mevrouw Kruger. Mevrouw Kruger: Ja, dank u wel. Nou, ik ben blij dit even te horen omdat ik toch, ja, aan het zoeken ben: hoe zit het nou met de aantallen horecaconcentratiegebieden? Het woord alleen al, je krijgt het amper je strot uit. Maar als ik dit, zoals u dat, zoals de heer

22

Van Loon het omschreef dan heeft het toch een aantal, ja, zaken bij elkaar die je ook kan vergelijken met de andere horecaconcentratiegebieden. Het is niet zo dat er daar maar twee zitten en bij de rest zitten er een stuk of tien. Maar is u ook uit… u heeft ernaar gevraagd, waarom zijn wij geen horecaconcentratiegebied en wat is daar voor reden aangegeven? De heer Van Loon: Ik heb in dat overleg in september heb ik het naar voren gebracht, toen is het tijdens het verslag er heel summier ingekomen. Ik heb ook gewezen op de feitelijke onjuistheid dat er staat het Dolhuis ligt geïsoleerd in een gebied zonder verdere horeca. Dus voor zover het een slip of the pen is denk ik dan hadden ze dat kunnen herstellen. Ik ga nu iets zeggen wat misschien een brug te ver is maar wij denken wel eens in ons gebied: wij hebben de verkeerde onroerend goed eigenaren. Je kunt in Dordrecht beter een onroerend goed eigenaar hebben waar de gemeente bereid is voor wel hard te lopen dan individuele onroerend goed eigenaren want volgens mij, ik heb een particulier onroerend goed eigenaar die een pand heeft en zo de anderen hebben ook allemaal een verhuurder waar die geen meerdere onroerend goed beheert.

En wij denken wel eens dat er, dat de gemeente en natuurlijk begrijp ik ook wel, makkelijker in de pas loopt met een aantal grote onroerend goed beleggers in Dordrecht en de straat plaveit voor de mogelijkheden die in hun panden worden gegeven. De heer Katif: Voorzitter. Ja sorry dat ik even uw feestje ... Ik wil toch even de vraag nog een keer herhalen want wat was het antwoord namelijk van degene die bij u aan tafel heeft gezeten voor u, bij hem of haar aan tafel, dat jullie geen horecaconcentratiegebied bent. Want daar ben ik echt benieuwd naar. De heer Van Loon: Op dat moment, het was een vergadering en daar is een verslag van gemaakt, daar is een summier verslag van gemaakt en dat is later enigszins aangepast. En daarna, toen dat werd aangepast op verzoek van Koninklijke Horeca Nederland want het is zelfs zo dat tijdens die vergadering volgens mij uit mijn mond kwam: we moeten eigenlijk die horecaconcentratiegebieden die moeten we niet zo heel nauw zien. Je zou bij wijze van spreken het Scheffersplein met Statenplein en de Nieuwstraat en misschien een stukje Voorstraat-Noord als een horecaconcentratiegebied kunnen zien, zoals je ook de Houttuinen, ‘…’ Grotekerksplein, Dolhuisstraat, Merz als een horecaconcentratiegebied kunnen zien.

Daarvan is alleen maar opgenomen, ik kan u de mail laten lezen die ik daarna heb gestuurd, daar is alleen maar van opgenomen dat dat met het gebied zou gebeurden waar ik het zelf ook voor voorstelde, het Scheffersplein het eerste gebied. Van ons verder niet. Ik heb gezegd: er staat een feitelijk onjuistheid in over het geïsoleerd liggen van het Dolhuis want er worden twee zaken dan niet genoemd. Dat is niet verbeterd, er is niets mee gedaan. Ik denk dat het niet uitkwam. De voorzitter: Dus duidelijk toch, ja. Dan gaan wij door naar de volgende inspreker, de laatste in ieder geval voor de ondernemers in de stad. Mevrouw Gatzen over het, ja, namens het Evenementenplatform toch? Staat hier. Mevrouw Gatzen: Ja, namens het Evenementenplatform. De voorzitter: Gaat uw gang.

23

Mevrouw Gatzen: Misschien goed om even te duiden wat het Evenementenplatform is dan, in deze. Wij hebben ons als evenementenorganisatoren in de stad zijn wij ons aan het verenigen, we zijn nog in oprichting. Dit omdat er best wel heel veel op ons afkomt qua wet- en regelgeving en we eigenlijk allemaal een beetje tegen dezelfde dingen aanlopen en samen kom je altijd verder, dus we hebben ons, we zijn ons aan het verenigen in het Evenementenplatform. Daar werken we nu met een stuurgroep en daar ben ik vanavond mag ik het woord doen namens hen. Dus dit stuk wat ik heb gemaakt is ook, hebben wij gemaakt als Evenementenplatform. Allereerst wil ik namens het Platform onze oprechte dank uitspreken voor de extra financiële middelen die zijn veiliggesteld voor evenementen in onze prachtige stad Dordrecht, zoals vastgesteld in de recente kadernota. Dit benadrukt vanuit de gemeente het belang dat wij gezamenlijk hechten aan de culturele en sociale verrijking van onze stad. Evenementen in Dordrecht zijn meer dan alleen festiviteiten. Ze vormen een essentieel onderdeel van het DNA van de stad. Ze stimuleren de lokale economie op manieren die verder gaan dan de directe zichtbare effecten. Denk aan de lokale ondernemers van horeca tot detailhandel die profiteren van de toestroom van bezoekers.

Deze bezoekers komen niet alleen voor de evenementen zelf, maar worden ook verliefd op de unieke charme van Dordrecht wat leidt tot herhaalbezoek en positieve mond tot mondreclame. Dit is van onschatbare waarde van onze toeristische sector. Maar de waarde van evenementen gaat verder dan economische voordelen, ze zijn een katalysator voor de sociale cohesie. In een tijd waarin sociale fragmentatie toeneemt bieden evenement een platform voor inclusiviteit en diversiteit. Ze brengen mensen van verschillende achtergronden samen, creëren gedeelde ervaringen en bevorderen een gevoel van gemeenschap en verbondenheid. Dit is essentieel voor het sociale welzijn van onze stad. Laten we ook de belangrijke rol van onze vrijwilligers niet vergeten, zij zijn het kloppend hart van onze evenementen. Hun passie, inzet en harde werk zijn de ruggengraat van elk succesvol evenement en dragen bij aan een sterkere maar betrokken gemeenschap. Met de ontwikkelingen in onze binnenstad waaronder de vergroening en de implementatie van het nieuwe horecabeleid worden we geconfronteerd met complexe uitdagingen. Het optimaal benutten van onze openbare ruimte voor evenementen, terwijl we rekening houden met alle gebruikers van deze ruimtes. De vergroening van de binnenstad is een noodzakelijke stap voorwaarts naar een gezondere, duurzamere en aantrekkelijkere leefomgeving.

Tegelijkertijd vraagt het nieuwe horecabeleid en de visienota evenementen voor een zorgvuldige afweging van de belangen van lokale ondernemers en bezoekers. Het is van cruciaal belang dat deze ontwikkelingen niet los van elkaar worden gezien, maar als onderdelen van een geïntegreerde visie van op onze stad. Dit vereist een nauwe samenwerking tussen de gemeente, evenementenorganisatoren, horecaondernemers, milieuexperts en de lokale gemeenschap. Samen kunnen we plannen zo ontwikkelen dat die zowel de groene ambities van onze stad ondersteunen als ruimte bieden voor gemeenschapsactiviteiten en evenementen. Door een evenwichtige benadering te hanteren kunnen we ervoor zorgen dat onze openbare ruimtes dynamisch en inclusief blijven terwijl we tegelijkertijd de levenskwaliteit in onze stad verbeteren. Laten we deze uitdaging aangaan met de geest van samenwerking en innovatie om een Dordrecht te creëren dat zowel groen als levendig is. Als we het hier samen over eens zijn, dan wil ik hierbij een beroep op u doen om bij elke stap in het proces van stadsvernieuwing de waarde van evenementen in acht te nemen.

24

Laten we samenwerken om een evenwicht te vinden tussen deze ontwikkelingen en het behoud van onze levendige evenementencultuur. Het is van vitaal belang dat we een balans vinden waarbij onze stad groener wordt, maar ook levendig en inclusief blijft. Stelt u zich eens voor: een Dordrecht waar groene ruimtes en evenementen naadloos in elkaar overgaan, waar onze inwoners en bezoekers kunnen genieten van zowel de groene stad als het culturele rijkdom van onze stad. Het is niet alleen een visie voor een mooiere stad, maar ook voor een meer verbonden en levendige gemeenschap. Wij als Evenementplatform staan klaar met onze know how, om onze know how met de stad te delen zodat Utrecht, of zodat Utrecht, zodat Dordrecht een voorbeeld kan zijn voor andere steden. Ja, dat doe ik nog een keer. Een stad waar duurzaamheid en culturele vitaliteit hand in hand gaan. Ik dank u hartelijk voor uw tijd en aandacht. De voorzitter: De heer Den Heijer. De heer Den Heijer: Ja, ik had twee vragen. De eerste vraag is: hoeveel potentie heeft het Statenplein voor, nou, de ambities die uw platform heeft met de evenementen? En wat voor mogelijkheden zijn er om meerdere gebieden aan te wijzen maar als we de vergelijking trekken naar andere steden, bestaat er ook behoefte om een permanente evenementenlocatie te hebben in onze stad? Want die, in tegenstelling tot andere steden is die er in Dordrecht niet.

Dus ik ben daar benieuwd naar. Mevrouw Gatzen: Potentie heeft het Statenplein zeker. Het Statenplein is natuurlijk nu een gedrocht van een plek eigenlijk, het is een ongezellige, lelijke, kale plek. Evenementen gaan daar de oplossing niet voor zijn. Dus we zullen daar, dat plein dat moet aan alle kanten mooier worden. Alleen ik zag in de vergroeningsnota zag ik een heel mooi plaatje met een soort water in het midden en vaste bomen en zo, ja, dan ben je ons al kwijt. Big Rivers ben je dan kwijt, misschien kleine evenementjes die ook belangrijk zijn want we zijn allemaal belangrijk voor de diversiteit in de evenementen. Maar voor de evenementen denk ik dat het heel belangrijk is om sowieso ruimte te houden, waar het Statenplein een belangrijke voor is. En in antwoord op uw vraag over de vaste locatie, daarmee beperk je ook de creativiteit en dan ga je heel erg vastzitten aan een plek. Het Energieplein was volgens mij destijds zo bedoeld tot iemand bedacht dat daar grote masten zijn geplaatst en bobbeltjes in de weg en waardoor je eigenlijk daar helemaal niks mee kan als evenementen. Dus waar ik eigenlijk voor pleit is dat wij veel meer als organisatoren in een heel vroeg stadium betrokken zijn bij allerhande ontwikkelingen van locaties. Want het is al lastig, alle ‘…’ beperkingen die je hebt. Een nieuwe omgevingswet komt eraan.

Al die, ja, dus het wordt steeds lastiger om ruimte te vinden voor evenementen maar ik denk wel dat we heel erg noodzakelijk zijn voor de stad. En dat is het verhaal wat ik graag wilde vertellen. De heer Den Heijer: Als ik namelijk de verschillende plannen gelezen heb betekent het eigenlijk, want ik hoor u net slip of the tongue Big Rivers zeggen, dat in de komende jaren Big Rivers niet op het Statenplein zou kunnen plaatsvinden want dat is alleen voorbehouden aan de Dordtse decemberdagen en als het enorme evenementen zoals de Tour de Femmes naar onze stad halen. Dus in hoeverre ziet u voor de komende jaren daar ook kansen? Mevrouw Gatzen: Nee, zo heb ik hem niet gelezen, hoor. Volgens mij werden Decemberdagen en Tour de Femmes als voorbeeld gebruikt. Maar ik heb niet gelezen

25

dat dat de enige zouden zijn die daar ruimte want, ja, dat zou natuurlijk een rare keuze zijn als dat zo is. Ik denk juist voor een Big Rivers als we het dan toch over mijn eigen evenement onder andere hebben, maar daar zijn er vast veel meer. Ik bedoel, het is een plein wat potentie heeft om grote groepen mensen in één keer kwijt te kunnen want daar gaat het natuurlijk ook om, dat ... Ja zeker. De voorzitter: Mevrouw Van Engelen. Mevrouw Van Engelen: Dank u wel voorzitter. Mijn eerste vraag was eigenlijk wanneer zit groen evenementen in de weg? Die vraag heeft u eigenlijk al beantwoord door te zeggen: vaste bomen, vast water, kan ik me iets bij voorstellen. Wat zijn de mogelijkheden, om gelijk uw expertise maar te gebruiken, om groen en evenementen wel samen te verenigen? Mevrouw Gatzen: Groen en evenementen gaan juist heel erg samen natuurlijk. Het is, wat we, bewegend bos gaat op dit moment door de stad natuurlijk, daarmee zie je bewegend groen bijvoorbeeld. Maar ook, kijk, het hoeft niet allemaal bewegend te zijn. Het kan, natuurlijk kan het ook gewoon in de grond, alleen praat wel met elkaar van hoe we dat dan gaan doen. Waar gaan we dat dan doen en hoe houden we die ruimte zo dat die door meer mensen, het is niet alleen, het geldt ook voor horecaterrassen zo meteen natuurlijk, maar ook door evenementen te gebruiken zijn.

De voorzitter: Ja, nog één vraag en dan gaan we dadelijk naar de vergroening toe richting GroenLinks. Mevrouw Kruger. Mevrouw Kruger: Dat is heel mooi. Ja, ik wilde even aan mevrouw Gatzen vragen, u noemde daarstraks de samenwerking tussen de horeca, de ondernemers, de gemeente en het Evenementenplatform in oprichting. Heeft u het idee dat dat nu al voldoende verloopt of zijn er ook nog extra aandachtspunten die de hobbels die genomen moeten worden om, ja, het één vloeiende club te laten worden zodat u elkaar allemaal goed ondersteunt? Mevrouw Gatzen: Nou, in de ontwikkeling van nieuwe plannen blijft dat achter. Ik vind wel dat we heel erg goed samenwerken in deze stad, dat er echt ook de afgelopen jaren dat je dat heel erg ziet, dat we, dat de samenwerkingen zeker beter zijn. Alleen als evenementen, wij worden snel vergeten in het lijstje: oh ja, die moeten we ook nog vragen. En dat blijkt dan nu in de plannen die er nu liggen van, oh ja. Daar komen wij dan zelf mee van, oh ja, wij waren er ook nog. En dat is wel, dat vind ik een gemiste kans, vind ik ook jammer. Maar goed, we kunnen gewoon alsnog dat gaan doen natuurlijk, dat is geen probleem. De voorzitter: Ja, u kunt nog een vraag stellen mevrouw Schnabel, gaat wel van de tijd dadelijk weer van de andere insprekers af. Mevrouw Schnabel: Heel korte vraag. De voorzitter: Heel kort.

26

Mevrouw Schnabel: Ik werd getriggerd doordat u aangaf of doordat mevrouw Gatzen aangaf dat jullie graag in een veel eerder stadium zeg maar betrokken zouden willen worden. Zijn jullie ook meegenomen in de doelstellingen die geformuleerd zijn en hoe is jullie input daarin geweest? Mevrouw Gatzen: De doelstellingen van? Mevrouw Schnabel: De doelstellingen die we met het evenementenbeleid zeg maar in wording vast gaan stellen. Mevrouw Gatzen: Zeker, het evenementenbeleid zijn we heel erg bij betrokken. De hele evenementenvisie, dat gaat heel erg gezamenlijk. Die wel. Volgens mij, zoals ik het zie worden er allerhande losse poten opgetuigd alleen mist het dwarsverband. En die zijn gewoon nodig om de hele boel, ja, goed neer te zetten voor de toekomst van onze stad. Mevrouw Schnabel: Ja en wat ziet u dan echt als dwarsverband? Misschien heeft u het al benoemd hoor, maar gewoon … Mevrouw Gatzen: Overleg bijvoorbeeld. Mevrouw Schnabel: Overleg, oké ja. Mevrouw Gatzen: In ieder geval van elkaar op de hoogte zijn waarom. En de importantie van onderwerpen, ja, die zijn natuurlijk voor een evenementenorganisator heel anders dan de horeca of voor inwoners of voor een vergroening van de stad of voor, ja, noem maar op. Maar je hebt elkaar wel nodig, je moet het wel samen doen om het mooiste ervan te maken. En daar zitten we volgens mij allemaal voor hier.

De voorzitter: Dan wilde ik dit blok gaan afsluiten en in ieder geval de insprekers dankzeggen. 5. Vaststellen Aanpak Vergroening Binnenstad - Raadsvoorstel Voorzitter: De heer Van der Net Raadsgriffier: Mevrouw Vermeulen Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Ayverdi (DENK) Dhr. Van den Berg (CDA) Dhr. Droog (CU/SGP) Mevr. Van Engelen (GroenLinks) Dhr. Groenewege (Partij voor de Dieren) Mevr. De Groot (Beter voor Dordt) Dhr. Den Heijer (VVD) Dhr. Katif (Beter Voor Dordt) Dhr. Kleinpaste (Gewoon Dordt) Mevr. Koene (Gewoon Dordt) Dhr. Kolkiliç (DENK)

27

Mevr. Kruger (GroenLinks) Dhr. Kuhlmann (VVD) Mevr. Lammens-Oostdijk (VVD) Dhr. Van Leeuwen (Fractie van Leeuwen) Dhr. Van Pelt (FvD) Mevr. Pichel (FvD) Dhr. Portier (SP) Mevr. Schnabel (PvdA) Dhr. Van der Spoel (Fractie Van der Spoel) Dhr. Stolk (VSP) Dhr. Tutupoly (Op Ons Eiland) Dhr. De Vries (VSP) Insprekers: Dhr. Van de Burgt (WMO Raad) Mevr. Van Genderen (WMO Raad) Dhr. Elzinga (Bewonersplatform Binnenstad) Dhr. Stehouwer (Platform Duurzaam Dordrecht) Mevr. Van Veen (Stichting DE STAD) Mevr. Van Schooten (Bewoners Voorstraat-Noord) Portefeuillehouders: wethouder M. Burggraaf De voorzitter: Om te voorkomen dat het weer een Poolse landdag wordt zo snel mogelijk aan tafel, mevrouw Van Veen en de heer Stehouwer en die gaan het hebben over de vergroening in de binnenstad. Daar komt die mijnheer aan. Dat is de heer Stehouwer en dan moet dit mevrouw Van Veen ongetwijfeld, toch? Welkom. Voor u geldt hetzelfde, ongeveer vijf minuten. Ik wilde wel voorstellen om in het kader van de vergaderdiscipline eerst eventjes beide mensen te laten spreken en dan daarna even vragen te stellen. En dan wilde ik, nou ja, dames eerst dan, namens de Stichting DE STAD. Mevrouw Van Veen, u heeft vijf minuten, gaat uw gang. Mevrouw Van Veen: Ja, dank u wel. Ik ben inderdaad Anneke van Veen en ik zit hier namens Stichting DE STAD.

Ik hoop dat u allemaal Stichting DE STAD kent maar ik zal toch voor de zekerheid even voorstellen. Stichting DE STAD zet zich al ruim dertig jaar in voor de kwaliteit van de architectuur en de openbare ruimte in Dordrecht. We doen dit door het organiseren van onder andere discussieavonden, stadslabs, lezingen, excursies en films. We hebben veel aandacht, ook voor de binnenstad en vergroening. Recent voorbeeld is de avond die we hadden over de auto, de boom en de burger, kansen voor de kade, Otto Dickeplein hebben we behandeld over bomen een avond, klimaat op straat en natuurlijk hebben we stadslabs gehouden waar meer dan tweehonderd bewoners hebben deelgenomen voor het Spuikwartier, waar de groene loper uit is gekomen en de Spoorzone. En we horen keer op keer dat er behoefte is aan meer groen in de binnenstad. Ik woon er niet, maar ik hoor het wel en ik zie het ook. Ook de klimaatstresstesten tonen aan het belang van meer groen om met name hittestress te voorkomen. Van onze stadsdichter

28

Swendeline Ersilia komt het signaal dat jongeren naast meer uitgaansmogelijkheden ook meer behoefte hebben aan groen. Vond ik heel boeiend om dat te horen. Het is kortom ontzettend goed dat de gemeente dit zo oppakt. En we zijn blij te kunnen reageren op de voorliggende plannen, de plannen voor de groene binnenstad. En ik reageer op het document van PLANTERRA. Algemene reactie is dat het goed is dat er aandacht is voor de vergroening, voor klimaat adaptatie, hoe houden we onze stad leefbaar en aantrekkelijk, voor biodiversiteit, gezondheid en voor de kwaliteit om er te zijn. Goed ook dat dit aan bewoners is voorgelegd om betrokkenheid en kennis op te halen en om te delen met bewoners. Dat hebben we ook bij de stadlabs gemerkt hoe waardevol dat is. En het benutten van het bewegend bos is een geweldig instrument voor snuffelen aan meer groen. We hebben wel een aantal aandachtspunten. We hebben namelijk wel behoefte aan een visie. Er staat in het rapport: er hoeft, we gaan geen visie maken, dat is te ingewikkeld. Wij hebben juist wel behoefte aan een visie en niet aan het ad hoc aanpakken van plekken. En waarom niet het maken van een visiekaart? Er ligt nu een vergroeningskaart en daar worden geen keuzes in gemaakt. Dat is jammer.

We missen een stedenbouwkundige visie gekoppeld aan klimaat adaptatie, biodiversiteit, gezondheid en aantrekkelijkheid waarin ruimtelijke kwaliteit belangrijk is. Het is niet zo dat als je alle ingrediënten bij elkaar krijgt, het meteen mooi maakt. Je kunt allerlei onderdelen halen bij allerlei winkels om bijvoorbeeld je huis in te richten maar het scheelt nogal of je een dijkhuis hebt of dat je een flat huurt of dat je in de Hoven woont. Alles is maatwerk en is gekoppeld aan de plek waar je het maakt. Ruimtelijke kwaliteit is erg belangrijk en dat vinden we eigenlijk wel een beetje missen, die visie daarop. Een mooie plek is niet een stapeling van de functies. En de plekken die moeten zich ook met elkaar verhouden, er is een relatie tussen de verschillende plekken en het moet aansluiten op het bestaande groen. Gebaseerd ook op looproutes die er zijn van A naar B in plaats van leuke rondjes. Bijvoorbeeld vanaf de Veersteigers naar de binnenstad. Dat is nu natuurlijk echt een soort drama. Waarbij ook woonbuurten moeten worden bekeken. En vragen die moeten worden behandeld zijn: wat past bij de uitstraling en architectonische kwaliteit van die prachtige binnenstad die we hebben? We zijn het ons verplicht. Hoe werken we aan structuur in plaats van aan snippers? Hoe maken we de stad mooier, gezonder, aantrekkelijker? En heel belangrijk, het koesteren van bestaand groen en bomen.

Er is nu te weinig budget voor goed bomenbeheer. Dat betekent kapitaalvernietiging en is destructief voor de stad. Hoe kan het zijn dat de rode beuk bij Studio De Witt kennelijk langzaam maar zeker aan zijn eind moest komen? Zo'n kwalitatief geweldige boom. Waarom moest hij gerooid? Volgende week spreekt u over het bomenplan, ik kom dan weer, ga me er weer over opwinden. En ik hoop dat u een motie gaat indienen om het collegevoorstel naar onderhoudsniveau A te brengen, waarbij we eigenlijk stoppen dat de beschermde bomenlijst ook een kaplijst wordt. Omwille van de gewenste toename van de biodiversiteitswaarde is aandacht voor bestaande en gewenste ecosystemen nodig in plaats van het aanplanten van plukjes inheems groen in een plantenbak. We vinden betrokkenheid van bewoners onmisbaar om bouwstenen en kennis op te halen voor een goed plan. Definitieve uitwerkingen maken vraagt om expertise, ook de combinaties bijvoorbeeld met zo’n evenementengebruik, er wordt nu even gezegd, ja, de combinatie met Statenplein met evenementen met bomen planten dat kan niet. Nou, daar kunnen we het over hebben, denk ik. Maar ook expertise rond vormgeverskwaliteit,

29

stedenbouwkundige structuren, effecten van maatregelen in tegengaan hittestress, droogte en wateroverlast, daar is expertise voor nodig. En dat kan je heel goed, dat wordt ook genoemd in het plan, het gezamenlijk optrekken van die expertise en die bewoners, dat is ontzettend kostbaar kwaliteit van het project. Daarnaast moeten we gaan voor meer biodiversiteit en het maken van ecosystemen. Integraal moeten doelen worden aangevlogen met input van bewoners. Nou ja, daarnaast hebben we nog kansen, zien wij nog kansen voor gevelgroen op plekken die te lelijk zijn, bijvoorbeeld de entree van de Drievriendenhof maar dat is ook een persoonlijke queeste. Ik zoek nog medestanders. Wij vragen aandacht voor het toepassen van het juiste sortiment groen, jaar rond, aantrekkelijk en we willen ook de overweging meegeven om direct de koppeling binnenstad station mee te nemen. We gaan nu aan het prachtig nieuwe Dorthuis werken en hoe mooi is het om, waar ook al plannen voor zijn, de route van het station naar die binnenstad eigenlijk misschien toch iets meer een lust te maken. Conclusie, we zijn blij met het voorliggende document, ook al heb ik allerlei misschien wat giftig klinkende dingen af en toe gezegd. Het is constructief bedoeld, het is geweldig dat het gemaakt is, maar de expertise rond de ruimtelijke kwaliteit en de belevingswaarde moeten worden toegevoegd.

En wij vragen dus wel om een visiedocument wat hierop gebaseerd kan worden, met daarin onder andere een duidelijke prioritering en samenhang. En wij rekenen op een krachtdadig vervolg om zo stap voor stap, experts samen met bewoners, te werken aan een aantrekkelijke, gezonde binnenstad, waarbij middels een groen parelsnoer, fraaie pleinen, aantrekkelijke kaders, de binnenstad zich op haar best kan gaan tonen. Aantrekkelijk voor mens, plant en dier, levendig, leefbaar en veilig voor nu en straks. Samen maken we de stad en wij gaan ervoor. Dank voor uw aandacht. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan wij gelijk over naar de heer Stehouwer en die is van het Platform Duurzaam, lees ik hier. En dat klopt, hoop ik. De heer Stehouwer: Nee, dat klopt niet helemaal. Ik ben van Platform Duurzaam Dordrecht, dus maar dat is een klein detail, dat is niet zo belangrijk. De voorzitter: U, gaat uw gang, u heeft ook vijf minuten. De heer Stehouwer: Het platform, ik zal me ook even voorstellen. Het Platform Duurzaam Dordrecht dat beijvert zich om, ja, klimaatverandering om daar toch een antwoord op te vinden in allerlei manieren. Iedereen weet wel de energietransitie maar ook rondom groen is het heel belangrijk dat vanuit een duurzaamheidsperspectief de zaak ontwikkeld wordt. En Anneke die had het er net al over, volgende week gaat het over bomen.

Ik kan het niet nalaten om dat nu eventjes toch te zeggen, er is een beleid komende dat alle bomen gaan verdwijnen. Ik overdrijf misschien, maar die richting gaat het uit. Mensen, ga volgende week luisteren, want het gaat hier in Dordrecht helemaal verkeerd. Maar er is ook een nota van PLANTERRA en die geeft wel perspectief op groen en vergroening van de stad. Dat waarderen wij zeer. Maar de nota is vaag, ik kan het niet anders zeggen. Het gaat in op het proces, de organ… het bureau wat die nota heeft opgesteld verkoopt eigenlijk alleen maar of vooral een tool, een geautomatiseerde tool die toegang biedt voor burgers om te kijken wat er nu allemaal precies zo gebeurt in de

30

stad met vergroening, met plannen en inbreng et cetera, et cetera. Maar veel meer is het niet, er ontbreekt inderdaad, Anneke zei het al, een visie. En als wij praten over, ja, het antwoord geven op klimaatontwikkelingen zoals hittestress dan moet je bomen neerzetten en de bomen die er staan laten staan. Als je dat niet doet krijg je problemen, problemen zoals er zijn in steden als op dit moment in Spanje of jaren terug ook al in Spanje. Als je daar op het Playa Mayor zit dan heb je allerlei terrassen. Zo'n plein is vierkant en dan zie je aan één kant schaduw en daar zitten mensen, staan geen bomen, staat helemaal niks, alleen maar plein en terrassen en daar in de schaduw zitten mensen, de zon draait en je ziet de terrassen waar de zon komt zie je leeglopen en waar de schaduw was zie je leeglopen en ze volgen dus als het ware gewoon de schaduw. Dus het gaat om de schaduw. En ik was blij te horen dat de horeca en de evenementen ook, ja, groen willen. En ik kan, want wat is mooier dan op het terras zitten in de schaduw, in de koelte. De visie die wij hebben op zeg maar het neerzetten van, het planten van bomen is dat die kunnen zorgen voor verkoeling, verkoeling op het terras, verkoeling op een plein, verkoeling bij een evenement.

Mensen, laten we dat niet vergeten, als we dat niet doen nu dan hebben we over dertig jaar, over twintig over dertig jaar hebben we hier alleen maar warme pleinen. Een ander ding wat volgens ons erg belangrijk is dat is dat de looproutes en de fietsroutes naar de stad, naar de markt, naar de winkels, naar de woningen in de stad, dat die routes vergroend worden. Moeten even kijken waar de meeste mensen lopen, dat onderzoek moeten we wel goed doen en we moeten dus zodanig gaan vergroenen dat je daar bomen krijgt die de straat overdekken, een bladerdak creëren. Dat moeten we gaan doen, dat geeft verkoeling. Eerst even onderzoeken wat precies het verkoelingseffect is. En je zult zien, die ervaring is er in heel Nederland, trouwens over de hele wereld, als het overdekt is, is het een stuk koeler. En hoe fijn is het niet? Als je de auto geparkeerd hebt in een parkeergarage en je loopt naar de stad onder een groen dak en je hebt het koel en dan ga je de airco van de winkel in. Prachtig. Als het door zonnepanelen wordt aangejaagd die airco, dan kan ik me er nog iets bij voorstellen. Dan heb je dus vanuit je air conditioned auto een groene loper en in de winkel verkoeling. Nou, wat willen we eigenlijk nog meer? Dat is toch eigenlijk het ideaal wat we allemaal willen hier in deze stad? Dat gaat wel wat geld kosten.

Dat project wat nu door PLANTERRA op een rijtje is gezet dat is, lijkt het, vijf ton voor een, nou, een jaar, misschien twee jaar. Maar daar redden we het niet mee als de plannen die wij willen gerealiseerd moeten worden, dan moet je denken aan een termijn van twintig jaar. Twintig jaar waarop je bijvoorbeeld vijf ton per jaar investeert, want het gaat hier om investering in de toekomst. En als we dat doen, dan maken we Dordrecht echt een mooie stad, een leefbare stad, vooral leefbaar en we hebben verkoeling. Ik vind het hier hartstikke warm. Je zou denken: zet hier een paar bomen neer. Dat werkt ook geloof ik niet. De voorzitter: Een goede air conditioning kan ook helpen, maar … De heer Stehouwer: Een goede air conditioning zou ook wel helpen. De voorzitter: We zijn bezig om een nieuw huis te bouwen. Kunt u afronden want dan kunnen we nog eventjes wat vragen want we hebben zo meteen ook nog wat bewoners die willen inspreken.

31

De heer Stehouwer: Ja, nee nee nee, ik ben nagenoeg rond. Kijk, die groene paden waar ik het over heb, dat moeten we ook doen in het Maasterras. Bij het Maasterras hebben we straks geen autoverkeer meer. Alle mensen moeten lopen als ze gaan werken naar de parkeergarage. Die looproutes, die moeten vergroend worden. Breng die visie in alsjeblieft vanuit de politiek bij de ontwikkeling van het Maasterras, dan komt het wel goed. Nog één opmerking, biodiversiteit, dat wil ook iedereen, iedereen wil het mooi groen maken, et cetera. Maar laten we alsjeblieft niet vergeten dat de groei van planten wordt bepaald door de soort grond die waar de planten in groeien. En als we dat niet goed doen en het gaat voortdurend verkeerd hier in Dordrecht, dan wordt het helemaal niks. En dan kun je visies hebben en ideeën hebben over meer biodiversiteit. Nou, forget it. De voorzitter: Dank in ieder geval ook met dat we toch ook nog zo meteen de bewoners hebben, houden we het even kort wat vragen. Mevrouw Van Engelen. Mevrouw Van Engelen: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, vraag aan de heer Stehouwer want ik hoor allemaal mooie dingen schetsen. Zijn, was alles wat u heeft opgenoemd is dat, zijn dat dingen die er missen in de plannen van TERRA? Want ik heb daar zelf ook iets gezien over groene looproutes maar ik ben natuurlijk geen expert in.

Dus was dit een wensenlijstje die nog mist of is dit iets wat in de plannen staat? De heer Stehouwer: Nee, ze hebben wel gesproken over groene looproutes, dat is correct, maar het wordt alleen maar aangestipt. En er wordt geen invulling aan gegeven zoals ik bijvoorbeeld nu net heb gedaan. En dat is wel erg jammer. En ze gokken erop, zeg ik maar, dat burgers en organisaties, ik hoop dat ik ook uitgenodigd word, tot nu toe niet, dat gaat niet altijd even goed in de gemeente hoor. Maar ik hoop dat wij ook uitgenodigd worden en dan zullen we die visie, ja, uitdiscussiëren en dan, ja, dan komt er vanzelf wel invulling. Maar nu staat het er niet in. De voorzitter: Mevrouw Lammens. En dan gaan we zo meteen over naar de insprekers vanuit de bewoners. Mevrouw Lammens-Oostdijk: Dank u wel voorzitter. Ik wou even vragen, wat vindt u van gevelgroen? De heer Stehouwer: Ja, gevelgroen, wat zal ik daar nou van zeggen? Het is, het kan mooi zijn, het kan goed zijn, het kan werken, het kan verkoeling geven, maar bomen geven ook verkoeling, maar dan natuurlijk niet op het huis. Maar ik denk dat bij redelijk geïsoleerde woningen de effecten eigenlijk minimaal zijn. Ik weet het niet, je zou het moeten onderzoeken, zo deskundig ben ik niet, maar ik schat in dat dat maar minimaal is.

Kijk, als je hedera tegen de muur aan laat groeien, misschien een aardig detail en je laat het lang staan en het ontwikkelt zich echt goed met bloemen en van die, ja, bolletjes, van die blauwe bessen dan komt er ontzettend veel insecten op af. Als je dat wil is prachtig, alleen moet je de ramen wel dichthouden. De voorzitter: Ik, in het kader, even. Ik hoor ergens weer een stem. Ja daar, mevrouw Schnabel.

32

Mevrouw Schnabel: Altijd net een beetje te laat. De voorzitter: Ik wijs u erop dat we nog twee insprekers hebben, dus. Mevrouw Schnabel: Ja, heel kort dan. Dus ik begrijp uit uw beide verhalen eigenlijk dat jullie niet meegenomen zijn in de totstandkoming van dit plan. De heer Stehouwer: Dat is correct. De voorzitter: Antwoord is dus duidelijk. In het kader van de tijd wil ik in ieder geval deze insprekers hartelijk danken. En dan gaan wij naar de bewoners en voor de VoorstraatNoord mevrouw Van Schooten en voor het Bewonersplatform Binnenstad de heer Elzinga aan tafel alstublieft. En dan ook nog namens de Wmo raad de heer Van de Burgt en mevrouw Van Genderen. Ik wist, ik dacht dat er maar twee waren, ik denk oh jee, dit gaan we nooit redden trouwens, maar goed. Wij gaan vijf minuten, welkom in ieder geval alle insprekers en om het geroezemoes gelijk eventjes in te tomen wil ik graag als eerste mevrouw Van Schooten voor de bewoners Voorstraat-Noord het woord geven. U heeft vijf minuten. Gaat uw gang. Mevrouw Van Schooten: Namens meerdere bewoners van Voorstraat-Noord en dan specifiek het gedeelte vanaf Steegoversloot tot aan de Nieuwbrug met ongeveer zestig woningen willen wij u informeren over onze standpunten ten opzichte van de plannen van de gemeente om van bovengenoemd stuk Voorstraat horecaconcentratiegebied te maken.

In de nieuwe omgevingswet wordt een initiatiefnemer, hier de gemeente, die een plan heeft waarbij de openbare ruimte wordt veranderd verplicht gesteld om het plan aan alle belanghebbenden, waaronder omwonenden en ondernemers, voor te leggen en verslag te maken over de voortgang c.q. uitkomst. In dit verslag dient aangegeven te worden wie zijn uitgenodigd, wie is gesproken, welke zorgen of aandachtspunten hadden zij en wat is er mee gedaan? Hoe is het plan aangepast, op welke punten en waarom niet? Bewoners van de Voorstraat-Noord hebben niets van bovenstaande gemerkt. Voor de bewoners kwam het plan totaal onverwacht. Dit gedeelte van de Voorstraat wordt in eerdere visies, nota's en bestemmingsplannen beschreven als aanloopstraat naar het kernwinkelgebied met als bestemming wonen, winkelen en ondersteunende horeca, geen nachthoreca. Toch zijn hier twee horecazaken, ‘t Avontuur en de Pyramide, die in de weekeinde openingstijden hebben tot vijf uur 's morgens vroeg en door de weeks tot twee uur 's avonds. Deze late sluitingstijden hebben een aanzuigende werking op het uitgaanspubliek dat na twaalf uur of twee uur ’s nachts wanneer andere horeca sluit nog door willen feesten. Dat deze bezoekers meer overlast veroorzaken vanwege rokers, lawaai, wildplassen, drank- en drugsgebruik, moge duidelijk zijn en wordt in ieder geval geconstateerd door de bewoners.

Rond 2005 heeft de gemeente het wonen op dit gedeelte Voorstraat aangemoedigd door wonen boven winkels te subsidiëren. Bewoners die hier zijn komen wonen doen dat met een langetermijnvisie. Ze hebben geïnvesteerd in hun huis en wonen met plezier in de binnenstad, in een levendige, maar ook leefbare omgeving. Deze leefbare omgeving komt nu onder druk te staan door van Voorstraat-Noord horecaconcentratiegebied te maken.

33

Dat de bewoners niet betrokken zijn geworden bij zulke ingrijpende verandering van de leefomgeving wordt, om het netjes te zeggen, als teleurstellend ervaren. Als bewoners gaan we ervan uit dat juist onze binnenstad levendig en leefbaar moet zijn, goede communicatie daar een essentieel onderdeel van is. In de horecanota wordt vermeld om te komen tot een breed gedragen horecanota is door de gemeente Dordrecht met ondernemers, bewoners en andere betrokkenen een zorgvuldig proces doorlopen. U begrijpt dat wij als bewoners dat anders zien omdat wij op geen enkele manier in kennis zijn gesteld, laat staan erbij zijn betrokken. In de horecanota wordt het gebied als volgt omschreven: op de Voorstraat is een aantal horecazaken gevestigd, waaronder een restaurant, conceptstore en enkele kroegjes. Tevens wordt in dezelfde nota voorgesteld het gebied te consolideren. Dat betekent in onze beleving dat er niets wordt veranderd. De wethouder schrijft: het werken met gebiedsprofielen voor de binnenstad vindt plaats als uitwerking van de toekomstbeeld binnenstad, zoals vastgesteld in 2022. Deze zullen nader worden ingevuld vanuit deze horecanota als leidraad bij het actieve vestigingsbeleid ten aanzien van detailhandel en horeca in de binnenstad. Een meer logische weg vinden wij eerst gebiedsprofielen vaststellen en dan pas invulling vanuit de horecanota geven.

In eerdere nota’s en visies wordt wonen in horecagebieden ontmoedigd. Wij vragen ons af of ons dat ook op de Voorstraat-Noord staat te wachten als het eenmaal horecaconcentratiegebied is. En zo ja, wat houdt dat ontmoedigingsbeleid dan in? Zo'n horecaconcentratiegebied, zoals omschreven in de horecanota, is gericht op het uitgaansleven en het gebruik van terrassen en onderwerpen als sfeer, gezelligheid, aantrekkingskracht zijn van belang. De voorgestelde veranderingen betreffen verlaatjes van vijf naar twaalf, geluidjes van vier naar twaalf, openingstijden op donderdag van twaalf uur naar twee uur ’s nachts, verruiming reguliere toegestane openingstijden, verdere versterking van het terrassenbeleid, nieuwe horeca is vooral voorzien in de horecaconcentratiegebieden. Voorstraat-Noord is een belangrijke verkeersader. Gebruikers zijn onder andere de stadsbus, brandweer, politie, ambulance, bezorgdiensten, doorgaand verkeer, parkeerplaatsen, fietsers, voetgangers en leveranciers van de winkels en de horeca. Als de straat dan ook nog horecaconcentratiegebied wordt met uitbreiding van terrassen wordt het wel heel erg vol. Wensen van de bewoners zijn: horeca na twaalf uur 's nachts open, dan portier bij de deur. Bij het verlaten van de horecagelegenheid zorgt de eigenaar ervoor dat bezoekers niet voor de deur blijven hangen.

Terrassen eerder sluiten dan de horecagelegenheid, bij voorkeur om tien uur 's avonds. Betere voorzieningen voor het stallen van fietsen. Tot slot, bewoners van Voorstraat-Noord zijn van mening dat de overlast van de huidige horeca het maximaal toelaatbare is en zijn dan ook tegen uitbreiding van terrassen en openingstijden. Opgemerkt wordt dat een aantal bewoners de huidige overlast als te veel hebben ervaren en zijn vertrokken. Wij gaan ervan uit dat dit niet de bedoeling van de gemeente is. Het wonen in de binnenstad is anders dan in een buitenwijk, dat weten wij en we genieten meestal van de gezelligheid en levendigheid in het centrum. Bij incidentele overlast gaan we niet direct klagen. We weten dat wonen in de binnenstad bepaalde gevolgen heeft voor de leefbaarheid. Het beleid moet gericht zijn op een balans tussen wonen, werken en ontspannen. Voorstraat-Noord hoort om die redenen ook geen horecaconcentratiegebied te worden. Het is een smalle straat met hoge bebouwing waar geluid niet weg kan. Zoals de gemeente zelf aangeeft moet er een balans zijn tussen

34

levendigheid en leefbaarheid. Wij als bewoners willen hier graag aan meewerken om dit te realiseren, maar dan moeten we wel gehoord worden. Dank u. De voorzitter: Ja, dank u wel. Ik, ook om in ieder geval omdat dit een inspreekavond is wilde ik gewoon eerst inderdaad weer het lijstje afgaan en mocht er dan nog tijd zijn dan hebben we in ieder geval dan nog die mogelijkheid voor vragen. Namens het Bewonersplatform Binnenstad, de heer Elzinga. U heeft ook vijf minuten, gaat uw gang. De heer Elzinga: Dit is een reactie van ons op de definitieve concept horecanota. Bij de totstandkoming van de nieuwe horecanota is onder andere ook de werkgroep horeca en evenementen van het Bewonersplatform Binnenstad geconsulteerd. Vanuit het Bewonersplatform is op een aantal punten een kritische reactie uitgebracht, die helaas nagenoeg geen effect heeft gehad op het eindproduct. Daarom willen we alsnog op dit moment onze belangrijkste kritiekpunten delen met u als raadsleden zodat u dit kunt meewegen in uw besluit. In het beleid in Dordrecht en ook in deze horecanota wordt meermaals benoemd dat er een evenwicht moet zijn en blijven tussen levendigheid, de horeca en evenementen en leefbaarheid, het wonen. Gezien de toename van het wonen in de binnenstad en het stimuleren van wonen boven winkels wordt dit evenwicht steeds relevanter.

Waar we blij mee zijn is dat de vestiging van nieuwe horeca alleen via een ruimtelijke ordeningsprocedure mogelijk blijft. Dat biedt in ieder geval de mogelijkheid om ook als belanghebbende bewoners het genoemde evenwicht te bewaken. Tegelijk zijn er vanuit het bewonersbelang de volgende kritiekpunten. Op dit moment is het grootste gedeelte van de binnenstad nog bewoonbaar, dat is een essentiële kwaliteit om een aantrekkelijke binnenstad te behouden. Het voorstel in de horecanota om voor elke horecavoorziening twaalf keer per jaar een verlaatje en parallel twaalf keer per jaar een geluidje mogelijk te maken en dat alles nog opgeteld bij ruimere openingstijden op donderdag, eventuele evenementenvergunningen en stedelijke evenementen, maakt echter dat het evenwicht tussen leefbaarheid en levendigheid volkomen uit balans is geraakt. Opgeteld, een veel te zware belasting voor elk gebied waar ook gewoond wordt. Het wonen in de dichtbebouwde binnenstad met vaak smalle stenige straten waar geluid niet weg kan is erg gevoelig voor geluidsoverlast. Belangrijk is dan ook om per gebied een maximum aan ontheffingen en vergunningen vast te stellen, gebaseerd op het aantal bewoners versus het aantal horecazaken en te verwachten evenementen.

In dat kader zou ook per horecaconcentratiegebied nader moeten worden omschreven voor welke horeca het gebied met name geschikt is en voor welke type horeca niet. Het maakt voor de leefbaarheid nogal verschil of het om dag-, avond- of nachthoreca gaat. Wat past waar en wat past waar niet? Wenselijk is dat de definitie van de verschillende typen horeca scherper wordt begrensd. Als een restaurant wordt vergund zou het niet zo moeten zijn dat dit ook een locatie voor al dan niet grote feesten en partijen kan zijn of dat het restaurant in de avonduren wordt omgebouwd tot muziek- en danscafé. Qua effect voor de omgeving zijn dit namelijk veel belastende activiteiten dan een restaurant. Een horecavergunning zou dus explicieter dan nu moeten aangeven welke activiteiten en wellicht tot welke omvang zijn toegestaan, zodat bij vergunningverlening volstrekt duidelijk is voor omwonenden wat ze kunnen verwachten. Omdat het gebruik van terrassen vooral bij avondhoreca een belangrijke bron van overlast voor de omwonenden is dient er de mogelijkheid te zijn de openingstijden voor een terras niet automatisch te koppelen aan de openingstijd van een horecavoorziening.

35

Hier moet ook per gebied maatwerk worden geleverd om te zorgen dat ook kwaliteit van wonen wordt gegarandeerd. Bij openingstijden van een horecavoorzieningen tot na twaalf uur 's nachts dient bewaking c.q. portiers buiten verplicht gesteld te worden om overlast voor omwonenden te voorkomen of te beperken. Waar criteria worden genoemd in de nota om nieuwe horecavoorzieningen aan te toetsen, wordt nergens leefbaarheid als criterium genoemd. Dit strookt niet met het uitgangspunt dat het evenwicht tussen leefbaarheid en levendigheid belangrijk is en bewaakt moet worden. Dit criterium dient dan ook mee te wegen en moet ook toetsbaar gemaakt worden, anders blijft het een loze kreet zonder enige consequentie. Onduidelijk is ook wie vervolgens bepaalt of er sprake is van een goede balans tussen leefbaarheid en levendigheid. De vier nieuwe horecaconcentratiegebieden zijn pas in de laatste stadium en zonder overleg met betreffende bewoners aan de nota toegevoegd waardoor zij en het Bewonersplatform Binnenstad buitenspel gezet zijn, ondanks dat in de nota diverse malen wordt vermeld dat alles in overleg met bewoners is gedaan. De nota is nogal terughoudend waar het gaat om nieuwe horeca buiten de binnenstad, terwijl ook daar spraakmakende voorzieningen kunnen worden gerealiseerd, zoals Villa Augustus, die voor de gehele stad relevant zijn.

Hiervoor zou zeker ruimte moeten blijven in het nieuwe beleid waarbij bijvoorbeeld een koppeling met cultuur zeker voor stadsbezoekers ook een aantrekkelijke optie kan zijn zoals in Kunstmin of het Energiehuis. Resten twee opmerkingen over de procedure en voor de horeca en het vervolg. Gezien het feit dat dit nieuwe beleid gevolgen heeft voor ondernemers en bewoners in de stad en met name in de binnenstad lijkt het ons wenselijk om de nieuwe horecanota ter visie te leggen en partijen en personen de kans te geven hierop te reageren door middel van zienswijzen. Onze vraag is of deze procedure ook zo is gepland door de gemeente en zo niet, waarom niet? Gebruikelijk is dat er regulair overleg is van de gemeente met een vertegenwoordiging van horecaondernemers. Aan te bevelen is daar ook betrokken bewoners bij aan te laten sluiten, evenwicht tussen levendigheid en leefbaarheid kan namelijk niet eenzijdig worden bewaakt. Dat was het. De voorzitter: Dank u wel. In het kader ook van de tijd want negen uur en dan moeten we echt sluiten, dan kijk ik naast mij en dan zie ik een bekend gezicht, de heer Van de Burgt, u heeft ook vijf minuten. Vier, ja, vier. Gaat uw gang. De heer Van de Burgt: Voorzitter, dank u wel. Laat me eerst opmerken dat mevrouw Van Genderen er niet kan zijn, ze is niet fit.

Zij is voorzitter van de werkgroep inclusie, maakt onderdeel uit van de adviesraad Wmo en jeugd en die werkgroep ziet toe op de toegankelijkheid en de begaanbaarheid van horecavoorzieningen, van trottoirs van de binnenstad en dergelijke. Deelt ook pluimen uit waar dat goed is en op die wijze is ze nadrukkelijk betrokken als ervaringsdeskundige ook bij betrokken. Ik zal het iets inkorten. In het toekomstbeleid van Dordrecht slijpen aan een diamant is de volgende tekst opgenomen, ik citeer: we investeren in een inclusieve samenleving, een samenleving waarin iedereen mee kan en mag doen. Voor de binnenstad betekent dit meer oog voor de begaanbaarheid van de openbare ruimte voor andere mobiele mensen, zoals personen met rollator, rolstoel of kinderwagen. Zowel de 65-plusser, de jongere, als het gezin met kleine kinderen dienen welkom en thuis te voelen. Einde citaat. De werkgroep inclusie, de adviesraad, zijn we blij met deze algemeen formuleerde tekst. Twee dingen willen we vandaag eigenlijk

36

toelichten. Meer oog voor begaanbaarheid van de openbare ruimte, voor anders mobiele mensen en de brede doelgroep moet zich welkom voelen. Eigenlijk geeft u zelf twee meetpunten aan, iedereen mee kan en mag doen, iedereen zich welkom en thuis voelen. Allereerst willen we uitspreken dat het de adviesraad goed doet dat het college zich zo inzet voor het hebben van evenementen, goede horeca met mooie terrassen en meer groen in de binnenstad. Wij zeggen: ja, dan wel voor iedereen. Het college zegt of de nota zegt, ruimtelijke horecanota staat niet op zichzelf, maar haakt in op ander beleid. Dat doet het zeker, voor ons op inclusiviteit. Echter wat in de toekomstbeeld staat en ik citeer net, komt niet terug in de horecanota. U gaat uit van horecaconcentratiegebieden en horecaschakelpunten. Voorzitter, mogen we het college uitdagen ervoor zorg te dragen dat iedereen kan en mag meedoen in die concentratiegebieden en op die schakelpunten. Dat is een goede begaanbaarheid van openbare ruimte is voor eenieder die minder mobiel is en dat ze zich daar welkom voelen omdat de toegankelijkheid op orde is, ook in de horecavoorzieningen. De nota geeft aan goede handhaving van beleidskeuzes is nodig om de beleidsdoelstellingen te realiseren. Onder handhaving wordt door het college verstaan: het geheel van activiteiten dat gericht is op de naleving van regels.

Voorzitter, mogen we het college uitdagen de regels voor toegankelijkheid en begaanbaarheid van activiteiten te voorzien, zodat naleving van de regels ook plaatsvindt. 2030 als stip op de horizon wilt u toewerken naar een toekomstig en geactualiseerd evenementenbeleid met vijf doelstellingen. Wij markeren de eerste, evenementen voor iedereen. De visienota evenementen is nu een werkdocument. Dat geeft ons de mogelijkheden om onze punten in dat proces ook goed in te brengen. De schaarse ruimte speelt ook als u meer groen wil toevoegen. Dat kan schuren met belangen. Bewegend bos was niet altijd een succes voor mensen met minder mobiliteit. Bewoners geven aan andere manier van groen te willen toevoegen aan de straat. Jawel, op het trottoir. Vergroening zal dus altijd een afweging en een keuze zijn, meerdere kwaliteiten en belangen, ook de belangen van minder mobiele Dordtenaren. Ik zou een aantal concrete situaties willen noemen maar ik wil ze beperken tot de kopjes daarvan.

De begaanbaarheid van de trottoirs bij horeca, bij terrassen, bij evenementen en vergroening, vraagt bijzondere aandacht, u hebt een kwaliteit openbare ruimte, daar heeft u een handboek voor en als dat gehanteerd wordt, dan zal dat voor de trottoirs en de mensen die minder mobiel zijn goed zijn. Verder willen we aandacht vragen voor alles wat te maken heeft met opgebroken straten, waarbij voor onvoldoende wordt voorzien in goede alternatieve routes voor voetgangers, scootmobielen en slechtzienden. In de nota wordt gesproken ook over minder parkeerplaatsen, parkeerplaatsen in feite voor vergroening. Invalideparkeerplaatsen zijn er tekort, betekent dat we minder mobiele Dordtenaren bij bereikbaarheid van de binnenstad in feite niet kunnen voldoen om dichterbij te komen. Voldoende parkeerplaatsen brengen het gevaar dat die invalideparkeerplaatsen kunnen verdwijnen. Wij constateren daarnaast dat de invalideparkeerplaatsen pal aan de weg gemaakt worden, waardoor uitstappen een probleem is, maar ook het uitlaten van de rolstoel veel ongemak geeft en voor onnodig gevaarlijke situatie zorgt. Met betrekking tot de evenementen, de werkgroep inclusie wordt door de festival- en evenementencommissie op diverse manieren betrokken bij de voorbereiding en organisatie van festivals, laten

37

we dat zo volhouden. Herstelbudget reserveren. Vaak moeten wij constateren dat eer iets gerealiseerd is en bij het realiseren voor begaanbare en toegankelijke binnenstad niet altijd foutloos vergaat. Maar we gaan er wel van uit dat er bereidheid is om op basis van die ervaringen door te ontwikkelen en te leren. Dat betekent dat er ingecalculeerd zou moet worden dat er toch aanpassingen plaatsvinden naar realisatie en daar een budget voor te realiseren. Voorzitter, laat het zo zijn dat iedereen mee kan doen omdat de horeca en terrassen toegankelijk zijn, de weg ernaartoe begaanbaar, evenementen geen belemmeringen hebben om aan deel te nemen als je minder mobiel bent. Wat zou dat mooi zijn als invaliden en anders beperkte Dordtenaren welkom zijn en zich thuis voelen in de binnenstad. De voorzitter: Dank. Ik stel vast dat het tijd is. En ja, we hebben ook nog andere werkzaamheden. Alles wordt natuurlijk opgenomen, alles wordt bijgevoegd bij het dossier. Mevrouw Schnabel: Voorzitter? De voorzitter: Ja? Nee nee nee nee nee nee nee, het is tijd, ik moet, ik heb ook andere verplichtingen, dus met andere woorden van u maakt zelf inderdaad uw tijd vol. Mevrouw Schnabel: Ja, maar we hebben wel uitgebreid naar de ondernemers geluisterd maar … De voorzitter: Ja, daar bent u zelf bij geweest natuurlijk.

Mevrouw Schnabel: Ja en dat was heel zinvol maar we hebben dus niet geen vragen kunnen stellen aan de ... De voorzitter: Ja nee, dat klopt. Ja nee ja, dat klopt. Dan moet u inderdaad dan in de agendacommissie daar inderdaad een oplossing voor zien te vinden. Op dit moment kan ik daar eigenlijk niks anders aan doen. Ja, Rolin. De heer Den Heijer: Een ordevoorstel doen. Als de commissie bereid is dat ik ook een vraag misschien als voorzitter mag stellen wil ik u best vervangen, dan kunnen we misschien er nog tien minuten aanknopen, kunnen we wat vragen stellen aan bewoners en hebben we de balans. De voorzitter: Ja nee, natuurlijk, natuurlijk. De plaatsvervangend voorzitter: Oké, ik heropen de vergadering. Mag ik iemand verzoeken, mijnheer Heijkoop, kunt u de deur dichtdoen? Ja, dank u wel. Dan gaan we beginnen. Wie wilde er een vraag stellen? Ik denk dat het Marije Schnabel was van de Partij van de Arbeid. Mevrouw Schnabel: Dank u wel voorzitter. Nou, we hebben net gehoord wat de bewoners zeg maar daarover te zeggen hadden. En nu is mijn vraag aan mevrouw Van Schooten: op wat voor manier is er in het verleden wanneer er bijvoorbeeld veranderingen kwamen gecommuniceerd met de bewoners en hoe is toen dat participatieproces verlopen? En

38

wat voor communicatie is er geweest over die nieuw in te stellen horecaconcentratiegebieden? Het zijn eigenlijk twee vragen. Mevrouw Van Schooten: Over het laatste is helemaal geen communicatie geweest. In het verleden heeft de VVD, ik meen een vertegenwoordiger van de VVD een bewonersbijeenkomst gehad en dat ging over de herinrichting van de straat, maar dat had nog geen enkele relatie tot deze horecanota. En heel lang geleden was er een manager Voorstraat-Noord die over de her… over de verandering van de VoorstraatNoord een bewonerscommissie heeft bijeengeroepen. Maar dan heb ik het echt over tien vijftien jaar geleden. En verder, dat was het. De plaatsvervangend voorzitter: Ja, vervolgvraag. Mevrouw Schnabel: Dank u wel. Joe is er op dit moment dan met jullie gecommuniceerd over zeg maar de herziening van de horecanota? Mevrouw Van Schooten: Hoe wij daar aan gekomen zijn? Dat, ik denk via het Bewonersplatform dat die de … Ja? De heer Elzinga: Ik heb daarvan gehoord via het Bewonersplatform. En aangezien er ontzettend veel druk was om dat snel erdoor te krijgen hebben we een enquête gehouden onder de bewoners en met hun samen hebben we dan die brieven opgesteld richting gemeente zeg maar. Dat we, de bewoners op zich zijn niet gekend in de plannen van de Voorstraat-Noord om daar een horecaconcentratiegebied van te maken.

Ik heb wel gezeten in die commissie die de horecanota heeft samengesteld. En daar heb ik, nou ja, dat heb jullie net gehoord, diverse dingen opgemerkt. Maar daar is totaal, bijna geen reactie op geweest, althans niet onze richting op in ieder geval. De plaatsvervangend voorzitter: Laat ik voor de orde voorstellen dat we even alle vragen tegelijkertijd innemen en dat we dan de beantwoording doen want we hebben nog enkele minuten. Dus vingers, mevrouw Van Engelen van GroenLinks. Mevrouw Van Engelen: Dank u wel voorzitter Den Heijer. Over de Voorstaat-Noord, daar zit natuurlijk café ‘t Avontuur die tot zo laat open is en mag zijn. Ik kan me voorstellen dat nog zo'n café of een uitgaansgelegenheid met zulke lange uitgebreide openingstijden niet heel erg wenselijk is. Hoe kijkt de Voorstraat-Noord aan tegen horecagelegenheden zoals bijvoorbeeld het Magazijn of de Tijd die tot twaalf uur twee uur 's nachts zo open zijn? Ja nee dat, daar laat ik het even bij. Hoe kijkt u daar tegenaan? De plaatsvervangend voorzitter: We gaan eerst de andere vragen even laten stellen en dan vervolgens kunt u een antwoord erop geven. Zijn er nog andere commissieleden met een vraag? De heer Van den Berg van het CDA. De heer Van den Berg: Dank. Ja, ik had een vraag, in de huidige nota zijn er ook al de verlaatjes en geluidjes.

Kunnen jullie daar iets over delen wat daar de ervaring mee is en wat, ja, mogelijk jullie bezwaren zijn met het verruimen van de verlaatjes.

39

Mevrouw Van Schooten: Nou, het verruimen van de verlaatjes dat zien we absoluut niet zitten, want er is nu al genoeg geluidsoverlast, met name als de horeca uitgaat blijven mensen hangen, zijn vaak toch hebben ze veel gedronken, dat betekent harde geluiden. En dus daar zien we niets in. En als dat, als die uitbreiding van de verlaatjes zeg maar als dat nog uitgebreid wordt dan wordt dat alleen maar erger, die overlast. De Tijd en het Magazijn, dat zijn gewoon leuke gelegenheden, daar gaat het niet om. Dat zijn echt wel leuke gelegenheden. ‘t Avontuur is een stuk minder leuk. Maar de Tijd en het Magazijn zijn leuke gelegenheden. Maar ze leveren wel geluidoverlast op, dat is gewoon zo. Mevrouw Van Engelen: Sorry voorzitter, ik was niet helemaal … De plaatsvervangend voorzitter: Een vervolgvraag. Mevrouw Van Engelen: Ik was niet helemaal helder omdat ik drie vragen tegelijk in mijn hoofd had en omwille van de tijd er eentje uitkoos. Ik bedoelde eigenlijk: stel de Voorstraat-Noord wordt dan misschien horecaconcentratiegebied en er ligt dan een kans dat er meer gelegenheden komen zoals het Magazijn en de Tijd. Hoe kijkt u daar tegenaan? Dus dat er meer horeca in dat gebied komt. Mevrouw Van Schooten: Nee, dat lijkt ons helemaal niets, dat ... De plaatsvervangend voorzitter: Nou, dan neem ik eerlijk gezegd zelf nu even, dan gaat pet voorzitter af, dan gaat pet VVD gaat op.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/734/documents/29762