CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.5 2023.10.24 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 5 - concept.docx .pdf

Gemeenteraad Dordrecht 19 december 2023, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 7 en 8 november en de Dordtse Dinsdag van 24, 31 oktober, 14 en 28 november 2023 Vergaderzalen 1, 3, 524.587 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

De heer Burggraaf: Maarten Burggraaf, wethouder. De voorzitter: En mijn naam is Leen Struijk en ik mag vanavond uw voorzitter zijn. Even een toelichting, waarom deze vergadering. Er zijn twee consulterende sessies geweest, op 27 juni en 3 oktober over het Maasterras. De conclusie in ieder geval, was uiteindelijk, dat dat meer informerend dan consulterend was. Zeker de laatste keer was dat het geval. En dat was ook niet zo vreemd, want er waren twee zeer interessante presentaties, die ook vragen opriepen.

21

Toen was er dus geen tijd meer om dat te gaan doen, waar het eigenlijk voor in het leven geroepen was, namelijk dat u uw zegje kon doen. De behoefte is er uiteraard wel, dat u dat nog gaat doen en dat gaan we vanavond doen. Het college wil ook heel graag uw input krijgen. Vanavond hebben we dus een kleine anderhalf uur hiervoor de tijd. Maar ook niet meer, want om tien uur wacht ook weer een vergadering, waar een heleboel van u waarschijnlijk moeten aansluiten. En ik in ieder geval, zelf ook. Wat wordt er vanavond van u eigenlijk verwacht? Nou, er zijn in ieder geval ten eerste, drie onderwerpen waar u ja, wat over mee kan geven richting het college, uw mening over kan ventileren. Dat is het onderwerp mobiliteit. De wijk, dat gaat een heel andere wijk worden dan de andere wijken van Dordrecht. Als je bijvoorbeeld denkt aan het aantal parkeerplaatsen, de indeling van straten, enzovoort, enzovoort. Er is een rangeerterrein en een stamlijn en volgens de planning, moet hij weg. Nou, daar mag u ook uw zegje over doen. En het bouwprogramma, ja, dat kan ook variëren van nou ja, even plat gezegd kort door de bocht, heel veel woningen en dan wat minder groen, of u kiest voor veel meer groen, maar dan worden het vanzelfsprekend minder woningen. Dat is het eerste deel. Vervolgens wordt u ook nog gevraagd. Dit wordt een heel lang project, dat gaat jaren duren.

En in het verleden was het wel eens zo, dat bij zo'n langdurig project, er een aparte commissie in het leven geroepen werd. Die was er bijvoorbeeld in de vorige periode, de commissie Grote Projecten. Nou, het is denkbaar, dat we daar nu weer voor kiezen. Maar een andere optie is ook, want nadeel van een vaste commissie is, dat dat heel moeilijk in het model van de Dordtse Dinsdag past, een andere optie is ook, dat de partijen zoveel mogelijk gaan werken met vaste woordvoerders, die dus gedurende trajecten de expertise opbouwen. Je voorkomt ermee, dat over een jaar iemand vragen gaat stellen, waar de rest allang het antwoord op weet. Dus wat is ja, wat is uw wens? Hoe ziet u dat het liefste? Dat is het eerste. En het tweede. Naast zo'n commissie dan wel die vaste woordvoerders, is er ook de behoefte aan een begeleidingscommissie. Dan gaat het niet meer over de inhoud, maar dan gaat het eigenlijk over het hele proces. En bij zo'n begeleidingscommissie moet u denken, gok maar eventjes wat, stuk of vier personen die dan ja, het proces moeten bewaken, moeten stroomlijnen en moeten zorgen, dat alles de komende jaren gewoon in goede banen geloosd wordt. Dus ook daar, mag u straks zegje over doen. Dan denk ik, dat ik nog één ding moet zeggen en dat is eventjes richting de toekomst. 5 december is de bedoeling, dan wordt het bestemmingsplan ter goedkeuring, voorgelegd aan het college.

14 december komt het ter inzage te liggen. En de vaststelling, want er kunnen natuurlijk allerlei reacties, zienswijzen enzovoort, op ingediend worden, daarvan is de bedoeling, dat dat medio juni 2024 gaat gebeuren. Dus we hebben nog wel tijd, maar de klok gaat ook altijd door. Dus het is altijd minder, dan je eigenlijk zou denken. Dit, wat betreft eigenlijk mijn zegje. Ik zie mijnheer Damen voorzichtig met een vinger zwaaien. Die wil waarschijnlijk iets zeggen. De heer Damen: Ja, voorzitter, naast de planning die wij als gemeente hebben met het terrein, hebben we ook te maken met een groot aantal bewoners en belanghebbenden. Kunt u, is er ook duidelijkheid, wanneer zij zekerheid krijgen over wat hun toekomstige situatie zal zijn? Als we, of op welke momenten we daar iets over vastleggen, zodat we die mensen wat meer zekerheid kunnen bieden, over wat ze kunnen verwachten.

22

De voorzitter: U bedoelt waarschijnlijk de bewoners van de Weeskinderendijk. Nou, in ieder geval, komt daar volgende week van iets op de agenda. Dan gaan we het over de WVG hebben. En ja, dan mogen er wel mensen ook inspreken. Dan worden er natuurlijk ook nog geen knopen doorgehakt, maar ja, dan gaan we verder. En wat daarop volgt, ja, dat hangt dan ook weer een beetje van de commissie af natuurlijk. Maar volgende week, dan komt in ieder geval dat op de agenda. Mevrouw Stolk: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Ja, voorzitter, even aansluitend op wat de heer Damen aangeeft. Ik wil het graag even hebben over het doorlopen participatieproces. We hebben de mond vol over participatie en ik hoor werkelijk waar, in iedere commissie hoor ik terug, dat het participatieproces niet goed doorlopen is. Wij hebben ook contact met bewoners in dat gebied en die worden soms voor voldongen feiten gezet. Ik zou toch graag van de wethouder een reflectie daarop willen, hoe hij daartegenaan kijkt, hoe er op dit moment met de omwoners of inwoners of bewoners, hoe je het ook zeggen wil, omgegaan wordt. Want naar mijn idee, schort daar op dit moment nogal wat aan. Dus ik zou graag een reflectie van de wethouder daarop willen. De voorzitter: Ik heb er al een gevoel bij, mevrouw Stolk. Maar ik ben alleen een beetje bang, dat we dan de hele avond hierover bezig zijn.

Dan is het dus weer een vergadering, die niet gaat over wat eigenlijk de bedoeling is. Dus het lijkt mij niet verstandig om op dit moment het te gaan hebben over de inspraakprocedure. Komt ongetwijfeld allemaal aan de orde, maar laten we dat nu niet doen. Laten we ons nu beperken tot … Mevrouw Stolk: Voorzitter. De voorzitter: Waar ik zojuist over gehad heb. Mevrouw Stolk: Die snap ik, als ik nog even daarop mag reageren. Maar als je het aan de voorkant niet goed afbakent of als je aan de voorkant niet goed de kaders meegeeft en als je aan de voorkant de inwoners van echt een megaproject hè, want we willen bouwen, er moet iets uit de grond komen. Dan moet je aan de voorkant, de inwoners van dat gebied daar wel in meenemen. Dus ik weet niet, op wat voor manier we het gaan doen. Maar ik zou daar graag toch wel een andere commissie ook aan wijden van, hoe gaan we nou met zulke grote projecten om, om stagnatie in wat voor processen ook, tegen te gaan? De voorzitter: Ik begrijp u helemaal, mevrouw Stolk, ik heb er alle gevoel bij. Alleen nogmaals, deze vergadering heeft een heel andere agenda en ik denk, dat we vanaf nu, ons daartoe moeten beperken. En als u graag nog een vergadering wil gaan wijden aan het hele inspraaktraject of wat dan ook, kunt u altijd een verzoek daartoe indienen. U kunt er ook vragen over gaan stellen.

De beantwoording van die vragen, kan vervolgens aanleiding zijn voor de agendacommissie, om dat te gaan agenderen.

23

Mijnheer Damen, ik denk, dat ik nu het echt even wil afkappen. Want anders komen we niet toe, aan wat we hier moeten gaan doen, wat geagendeerd is. De heer Damen: Ja, maar, voorzitter. Er wordt van ons een uitspraak gevraagd over het aantal woningen, dat er moet komen. Dat heeft zonder meer gevolgen voor de be… De voorzitter: Mijnheer Damen, we gaan vanavond niet beslissen, hoeveel woningen er moeten komen. We gaan vanavond ideeën opperen, we gaan van gedachten wisselen over en er wordt vanavond echt niet beslist, hoeveel. Laten we nu de agenda af gaan handelen en de andere zaken, hoe belangrijk ook, eventjes parkeren. Daar zijn andere wegen voor, om die te gaan bewandelen. Dus ik ga beginnen met het onderwerp mobiliteit, rangeerterrein en bouwprogramma. Wie van de collega's mag ik daarover het woord geven? Wie heeft inmiddels, gezien na afloop van de vorige sessies, daar voldoende kennis over vergaard, dat hij daar een mening over kan geven? Mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: Nou ja, ik wil mevrouw Stolk, ja, mee eens zijn. Want je luistert in ieder geval, naar de mensen van een woonwagenkampwoonark en op Weeskinderendijk. Want dat bespaart heel veel kosten, voordat je plannen ga maken. Laat de bruggen open voor alle verkeer. Want anders, als het op de A16 was gebeurd, dan hebben de mensen die naar het ziekenhuis moeten in Zwijndrecht, een probleem.

Wij van de SP willen minimaal dertig procent sociale huurwoningen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Kamphuis. Dat is in ieder geval helder. En de volgende was mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Ik wou een verhelderende vraag stellen aan mevrouw Kamphuis, als dat mag. De voorzitter: Dat mag. De heer Kleinpaste: Ik weet dat je niet mag interrumperen verder, maar misschien wel wat vragen. Want ik ben heel erg benieuwd hoe de SP er precies tegenaan kijkt, hoe de relatie is tussen het handhaven van de functie van de brug zoals die is, en het aantal woningen wat je op het Maasterras zou kunnen bouwen. De voorzitter: Mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: Nou ja, hoeveel aantal woningen, dat durf ik niet zeggen. Maar ik vind, met mijn fractie vinden wij het heel belangrijk, dat de mensen ook met de ja, met de auto naar Zwijndrecht kunnen gaan. Dat is gewoon altijd belangrijk, want het is onze enigste uitvalsweg als de A16 dichtvalt. De voorzitter: Ik denk, dat dat duidelijk is. En de brug open of niet, heeft in ieder geval alles te maken met het onderwerp mobiliteit.. Wie is de volgende, die wat wil gaan zeggen? Mijnheer Stam.

24

De heer Stam: Dank u wel, voorzitter ik ga toch nog even door over die brug. Want u heeft zelf gezegd van, je mag hier wat input leveren op de planvorming. Of dat de mobiliteit is of de ontwikkeling van het gebied, dat zijn volgens mij twee dezelfde dingen. Ben even teruggetrokken in de tijd en dan hebben we het over 2001, is er ook een onderzoek geweest naar mobiliteit en Zwijndrechtse Brug. Destijds is er een heel strak onderzoek geweest, die zegt van nou, je kan die brug op een hele andere manier neerleggen. Er zijn ook berekeningen geweest, waardoor ook de bus nog gewoon over die weg mocht gaan en die zou dan aansluiting vinden op de Dokweg. Dus ik vraag me eigenlijk af van, wat is er nu gebeurd met die plannen? Want er is destijds ook heel breed onderzoek naar gedaan, heeft ook de nodige kosten gekost. En ik zie die eigenlijk nergens meer terug in Mecanoo verhaal. Dus ik zoek even de verbinding, wat is daarmee gedaan? Als ik dan naar die stamlijn kijk en naar het rangeerterrein. Het rangeerterrein, dat is toch eigendom van de NS? Hoe gaan we daar dan mee om? En ja, wat betekent dat voor de planvorming en voor die woningbouw dan? Dus dat zijn even twee hele simpele vragen, die volgens mij redelijk snel beantwoord kunnen worden. De voorzitter: Dank u wel. De wethouder, die heeft geschreven, ik heb ook geschreven. Dus ze komen straks ongetwijfeld aan de orde.

En volgens mij die van het rangeerterrein, is in de presentatie vorige keer al iets over gezegd. Maar dat komt wel. Mijnheer De Feijter. De heer De Feijter: Dank u wel, voorzitter. Ja, wat betreft die mobiliteit, daar is in de prestatie de vorige keer ook wat naar voren gekomen. Er is dus een sheet laten zien, waarop de verschillende modaliteiten in en rond het Maasterras inzichtelijk worden gemaakt. We willen van het Maasterras of in ieder geval in een plan, willen we er een autoluwe wijk van maken. Daarin mis ik dan wel een beetje in de wijk zelf, de plek voor fietspaden. Het lijkt mij, dat als je juist die auto weg wil hebben uit een wijk of zoveel mogelijk weg wil hebben, dat je dan ook geschikte alternatieven moet bieden. En ja, ik vraag me af, of dan wandelpaden voldoende zijn of dat wij juist, het fietsen meer zouden moeten stimuleren. We hebben vorige raadsvergadering, er is nog niet over gestemd vanwege het staken van de stemmen. Maar ook een motie mede ingediend met de Partij voor de Dieren, over bakfietsen. Juist bijvoorbeeld bakfietsen bieden kansen om juist de auto te vervangen, maar dan moeten die wel gefaciliteerd worden. Dan nog een punt over de Laan van VN of de Dokweg eigenlijk, op dat punt inmiddels. Dat is ook een punt, wat de heer Damen de vorige commissie eigenlijk ook al aangaf. Het is wel een ja, toch wel een beetje een lelijke plek voor zo'n grote weg.

En nou is het natuurlijk een belangrijke verkeersader, maar het zou ons wel interessant lijken om nog eens te onderzoeken, of het mogelijk is om dat verkeer of via een andere weg te leggen. Of nou ja, het is een groot project, dan moeten we ook groot denken. Of daar ook mogelijk is om eventueel, een tunnelbak aan te leggen en te verkluizen. Of daar eventueel nog mogelijkheden voor zijn, zodat we ook het water dichter bij deze wijk brengen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer De Feijter. U komt in ieder geval met een aantal dingen. Mijnheer Kleinpaste, mijnheer Bootsman en daarna mevrouw Stolk en dan mijnheer Gorter en dan mijnheer Damen, als ik het allemaal kan onthouden.

25

De heer Kleinpaste: Dank u wel, voorzitter. Ja, ik wou maar niet al te diep op de details ingaan, om nu mee te geven. We hebben een plan gezien, wat ambitieus is en wat echt heel ver de toekomst in rijkt. Dus het is ook niet zo zinnig om met de kennis van nu en met de blik van nu en met hoe nu de situatie is, te kijken naar een situatie die echt over tien, twintig jaar pas realiteit zal zijn. Ik zou wel willen pleiten, om zoveel mogelijk vast te houden aan de ambities, die destijds in dat echt inspirerende plan van Mecanoo zijn vastgelegd, om gewoon eens echt met lef en ambitie naar een nieuwe ontwikkeling van Dordrecht te kijken. En dat geldt voor mij en dan hebben we toch over mobiliteit, ook voor het idee om een andere bestemming te geven voor de Zwijndrechtse brug. Dat leidt dan ongetwijfeld tot vraagstukken rondom mobiliteit, waar dan andere, misschien beter passende oplossingen, voor gevonden zouden kunnen worden. En we hebben ook de tijd, om dat soort oplossingen uit te werken en aan te dragen. Ik kende het onderzoek niet, waar de heer Stam het over had. Ik ben wel nieuwsgierig, naar wat dat onderzoek destijds geweest is, want wellicht zitten er bouwstenen in, die dan bij de oplossing zouden kunnen helpen. Dus dat zou heel goed mogelijk zijn. Ik ken het onderzoek wat dat betreft, gewoon niet.

Ik denk dat nu uitspreken van, laat de Zwijndrechtse brug de functie behouden die het nu heeft, heel veel invloed heeft, heel veel effect heeft, op dat wat je op het Maasterras überhaupt kunt realiseren. Du moment dat je zegt, dat dat een hele belangrijke verkeersader blijft, betekent dat iets voor het aantal woningen bijvoorbeeld, wat je überhaupt in die buurt kwijt kunt. En hoe je die zou moeten positioneren en plaatsen, met blinde gevels en geluidswerende maatregelen. Allemaal van dat soort vraagstukken, die dan onmiddellijk een rol gaan spelen. Een zorg die ik blijf houden en die ook breder leeft, is natuurlijk alles wat er rondom het spoor gebeurt en wat er over het spoor heengaat. Want ook dat heeft grote effecten, op dat wat je uiteindelijk verantwoord kunt realiseren. Bedoel, we doen aan de andere kant van het spoor moeilijk over één pandje, wat we willen ombouwen van een bedrijfsgebruik naar woningen. Dat kan niet, want het staat te dicht op het spoor. Hier gaan we natuurlijk ook heel erg dicht op het spoor bouwen, dus je moet heel zorgvuldig kijken wat er gebeurt, wat de afspraken worden met ProRail, NS en of het misschien ook met Rijks hulp een keer zo zou kunnen zijn, dat er een andere bocht gerealiseerd wordt, om de gevaarlijke stoffen over te vervoeren.

Want dat biedt lucht, om echt optimaal deze wijk zo mooi te kunnen maken, als ons destijds in het plan van Mecanoo is voorgehouden. Dus mijn pleidooi is eigenlijk vooral, hou de ambitie hoog en hou vast aan dat, wat ooit in die plannen is vastgelegd ‘…’. Want ik denk, dat dat voor het Dordrecht op de langere termijn, gewoon echt heel erg nodig is en heel erg goed zou zijn. Een praktisch vraagje, wat ik nog heb overgehouden uit de vorige bijeenkomst die we hadden is, dat ik toch prettig zou vinden om nog even heel kort uit te leggen, waarom we een project als dit, toch binnen de Crisis- en herstelwet ter inzage leggen en kunnen gebruiken. Dus dat is gewoon een hele praktische vraag, waarom verklaren we die wet daarop van toepassing? Ik denk dat het goed is, om dat ook in openbaarheid goed vastgelegd te hebben. Dat was eigenlijk, wat ik wou meegeven in dit stadium. De voorzitter: Dank u wel. In ieder geval …

26

De heer Kleinpaste: Ho,ho, één dingetje nog. Want u had een vraag gesteld over de begeleidingscommissie, over hoe we dat zouden willen. Mijn voorkeur zou het hebben, om het gewoon binnen de Dordtse dinsdag op te hangen, met zoveel mogelijk vaste woordvoerders, in plaats van nog weer een aparte commissie daarvoor in het leven te roepen. Over de begeleidingscommissie van vier, vijf man hebben we het intern nog niet gehad, dus daar heb ik geen fractie oordeel over, op dit moment. De voorzitter: Dank alvast, hiervoor. Dan, korte vraag. Mevrouw Kamphuis: Even over die Zwijndrechtse brug, mijnheer Kleinpaste. De Rijkswaterstaat en Zwijndrecht zijn tegen gesloten van ja, tegen het sluiten van de brug. Hoe ziet u dat dan? De heer Kleinpaste: Ik heb gezien, dat ze tegen het sluiten van die brug zijn. Dus dat betekent, dat je met die partijen om tafel zal moeten, om te kijken hoe de toekomst eruit ziet. Wat mij betreft lijkt mij evident, dat als Rijkswaterstaat en Zwijndrecht daar een punt hebben en daar gelijk hebben, dat dat heel veel invloed heeft, op dat wat je überhaupt op de Maasterras kunt doen. Ik zou graag veel op het Maasterras doen, dus ik denk, dat dat indringende gesprekken worden. De voorzitter: Dat ben ik helemaal met u eens. Mijnheer Bootsman, ik ga naar u. Mijnheer Van der Kruijff, ik heb u gezien, u komt straks. De heer Bootsman: Ja, dank u wel.

Wij willen een aantal dingen meegeven. Wij vinden het heel mooi, dat dit een wijk wordt die opgebouwd wordt, volgens het STOMP-principe aan mobiliteit. Dat maakt dat het belangrijk is, dat er in deze wijk goede voorzieningen zijn voor voetgangers en fietsers. En dat ook het ov in deze wijk goed moet zijn. Dat we dus niet hetzelfde krijgen als met De Hoven en de Wilgewinde van ja, deze wijk is aangelegd voor fietsers, dus het OV kan er niet rijden. Nee, want als het ov er niet is, jaag je mensen ook de auto weer in. En dat willen we juist niet. Dan even over de Zwijndrechtse brug, waar, al meerdere mensen hebben het erover gehad. In onze mening is de Zwijndrechtse brug autoluw, essentieel voor de plannen van het Maasterras. Ook zoals de heer Kleinpaste eigenlijk zei. Dan een kleine opmerking, de bus gaat natuurlijk nog wel over de brug. Dus dat betekent dat in geval van nood, auto's er ook overheen zouden kunnen rijden. Dus als er echt nood aan de man is en we moeten van het eiland af, dan kan er van die brug nog steeds gebruik gemaakt worden. Verder over de stamlijn, dat treinlijntje. Wij vragen ons af, wat de logistieke behoefte van die stamlijn nog is. Ook als er overgegaan wordt in een duurzamere logistiek en wat dan ook. En wat zijn de gevolgen ervan, als die weggaat? Dan nog een klein stukje over het masterplan.

Wij willen graag een goede mix van huizen zien, dus van sociale huur tot aan dure koop. Maar wel een hele goeie mix daarvan en niet het ene meer, heel veel en het andere, heel weinig. En het is … De voorzitter: Ik laat even mijnheer Bootsman zijn verhaal afmaken.

27

De heer Bootsman: Ja, bijna klaar. En voorzieningen in de wijk, ook belangrijk, op loop-, fietsafstand. Ook om het wijk levendig te houden en om te voorkomen, dat mensen toch ook weer veel in de auto gaan zitten. En voor het groen wilden wij graag meegeven, dat er ook aandacht moet zijn voor het soort groen, vooral het soort groen wat de biodiversiteit bevordert. En dat was hem. De voorzitter: Mag ik gelijk van de gelegenheid gebruik maken om te vragen, hoe GroenLinks denkt over een vaste commissie? Of … De heer Bootsman: Ja zeker, die was ik vergeten. Wij denken dat de oordeelsvorming, gewoon regulier Dordtse Dinsdag zouden moeten zijn. Dat consultatie en beeldvorming, dat dat misschien een vaste commissie zou kunnen. Maar dat kan ook met streven naar vaste woordvoerders. En voor een procesbegeleiding. Ja, we hadden eigenlijk liever dan een clubje, wat zich echt met de inhoud bezighoudt, in plaats van alleen met het proces. De voorzitter: Ja, maar dat is dan dubbelop. Want als, dan ga je het in de commissie doen en dan heb je ook, dus dan moeten we maar niet doen, denk ik. Dat lijkt me niet handig. De heer Bootsman: Nee, maar daar hebben we, we hebben het niet verder over gehad, als het en-en zou zijn. Dus, vandaar. De voorzitter: Dank u wel, tot zover. Ik ga zo naar mevrouw Stolk, maar mijnheer Damen wil nog even een vraag stellen aan zijn overbuurman. De heer Damen: Ja.

De heer Bootsman heeft het over een goede mix gehad. Wat betekent dat dan voor het percentage sociale woningbouw, dat GroenLinks in het, in dit gebied wil hebben? De voorzitter: De heer Bootsman. De heer Bootsman: Ja, dat is een lastige vraag. We hebben natuurlijk die dertig procent afspraak, voor over de hele stad. En daar, en in mijn ogen zou ik zeggen, dan moeten er wel voldoende sociale huurwoningen. Dus niet heel weinig. De voorzitter: Mijnheer Stam, die wil er ook nog even iets over vragen en mijnheer Gorter ook, maar hou uw vraag even ... Niet? Mijnheer Gorter niet, mijnheer Stam wel. De heer Stam: Nou, allereerst, voorzitter, dank. Ik zou ook nog reageren, hoe ik kijk naar een commissie. Ik zou een speciale commissie wel fijn vinden, omdat dit een, best wel een megagrote onderdeel is. Dus wat dat betreft, duidelijk. Even over die woningbouw. Ik hoor mensen continu praten over woningen. We hebben de vorige keer in de vorige commissie al gevraagd van, hoe kijkt u nou tegen die standplaatsen aan hè? Want er wordt, in de stukken wordt gezegd, uitplaatsing verwijderen en er ligt een inspanningsopdracht. Nu heeft er gisteren nog een stuk in de krant gestaan, dat gemeentes onvoldoende bezig zijn geweest, met de uitvoering van de Rijksvoorschriften tot komen tot extra standplaatsen.

28

Dus wij zijn ook wel benieuwd, hoe dan de commissie kijkt, naar toevoeging van al die standplaatsen en het verwijderen. Ik vind, die inspanningsverplichting vind ik eigenlijk te zacht. Ik zou eigenlijk een garantie willen hebben van het college, waarin ze zeggen, als die standplaatsen weg moeten, dan zorgen wij gewoon, dat er een even grote plek komt waar die standplaatsen terechtkomen. Liefst nog met uitbreiding. Want de toezegging die er nu lag, die in de presentatie werd gegeven, vond ik toch te vrijblijvend, zeker in ogenschouw nemend, wat er gisteren in de krant heeft gestaan. De voorzitter: Goed. En u wil van mijnheer Bootsman, een reactie hierop? De heer Stam: Ja, dat mag hij van mij doen hoor. De voorzitter: Mijnheer Bootsman, wilt u er nog iets op zeggen? Want ik denk, dat de wethouder dat straks ook wel gaat doen. Maar die mag nog niet. De heer Bootsman: Ja, dat mag altijd. Ja, kijk, wij vinden het natuurlijk belangrijk, dat die mensen een andere plek krijgen en eventueel … Want je kan niet mensen hun huis uitjagen. Je kan niet zeggen, je hebt geen plek meer, je gaat maar, weet ik veel wat, onder een brug wonen. Dat kan niet is. Er moet wel goed over nagedacht worden, natuurlijk. De voorzitter: Mijnheer Gorter.

De heer Gorter: Geen reactie op mijnheer Bootsman, maar eigenlijk hetzelfde om even te reageren op … De voorzitter: Maar dan wordt het een reactie, op een reactie en dat gaan we … De heer Gorter: Nee, nee. Nee, nee, u heeft mijn mening nog niet gevraagd. De voorzitter: Ja, maar u wil op mijnheer Stam reageren. De heer Gorter: Nee, ik niet. Ik zeg, hetzelfde waarop de heer Stam reageerde. De voorzitter: Oh, excuus. Heel goed. De heer Gorter: Wij zijn van Op ons Eiland ook voor een speciale commissie. Ik ben alleen de draad over die brug helemaal kwijt. Die brug is toch niet van ons, die is toch van Rijkswaterstaat? Van wie is die brug? Die vraag stel ik van, wat hebben wij te vertellen over die brug? Stel dat de gemeente Zwijndrecht, die wil de brug niet afsluiten. De voorzitter: Mijnheer Gorter, ik ga u heel even onderbreken. Het is een hele goede vraag. En dat Op ons Eiland zijn mening wil geven voor de commissie, ook. Maar u bent zo meteen aan de beurt, na mevrouw Stolk. Want die was eerst nog. De heer Gorter: Altijd. Ga je gang. Mevrouw Stolk: Ja, voorzitter, maakt mij niet uit hoor. Ik wacht netjes.

29

De voorzitter: Ik heb mijn volgorde opgeschreven. Gaat u nou maar eventjes. Mevrouw Stolk: Ja, nee, dat is prima. Ja, voorzitter, wat wij mee willen geven. Ik denk, dat de heer Gorter de spijker op zijn kop slaat. Van wie is die brug en waar gaan we over? Tegelijkertijd, hoor ik de heer Kleinpaste vanavond zeggen van ja, dan moet er een goed gesprek gevoerd worden, als die brug niet autoluw wordt. Wij zijn vanaf het begin af aan tegen het autoluw maken van die brug geweest, want er gaan zestienduizend auto's per dag over die brug heen. En dat dat invloed heeft voor het Maasterras, ja, het zij zo. Dat is dan niet anders. Tegelijkertijd, als we het hebben over van vorige, de vorige keer heb ik daar de vraag over gesteld, hoe zit dat nou, hebben jullie nou als college zijnde met Zwijndrecht gepraat? De heer Kleinpaste: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Mag ik de vraag stellen aan mevrouw Stolk? De voorzitter: Tuurlijk. De heer Kleinpaste: Over die brug, in dit geval. Zestienduizend auto's over de brug klinkt misschien als een groot aantal, maar dat dat valt relatief gesproken wel mee, als het gaat om het aantal. Maar ik ben benieuwd hoe mevrouw Stolk denkt, dat de mobiliteit er in pakweg 2040, 2045 uitziet en of de brug dan nog dezelfde relevantie zou hebben, als die nu heeft. De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Ja, voorzitter.

Ja, ik heb geen glazen bol, ik kan niet in de toekomst kijken. Je moet wel een visie hebben natuurlijk van, wat je op een gegeven moment wil doen. Wij zijn misschien als een van de weinige partijen, die niet alles met de fiets, de wandelaars en weet ik veel wat allemaal, willen doen. Heel veel partijen willen in deze stad, de auto weg hebben. Nou, wij zijn daar gewoon tegen. Wij willen gewoon ook, alle vormen van vervoer in onze stad behouden. Is dat misschien een antwoord op uw vraag? De voorzitter: Mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Het klinkt als een antwoord, in ieder geval als uw antwoord. Dus dat lijkt mij prima. Overigens zijn wij ook niet van mening, dat we alle auto's weg willen hebben, hoor. De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Ja, voorzitter. Dat is ook, ik kan hem nu ook terug inkoppen, dat is ook een antwoord van de heer Kleinpaste. Maar laten we … De voorzitter: Gaat u maar verder met uw …

30

Mevrouw Stolk: Laat ik het gewoon even op de inhoud houden. De voorzitter: Heel goed. Mevrouw Stolk: Wat ik al zei over die brug, dat is een dingetje. Want dat heeft heel veel consequenties namelijk, voor dat gebied. En ik was uitgenodigd bij Studio De Witt op een zaterdagochtend en daar waren, twee raadsleden van Zwijndrecht stonden daar aan tafel. Die hadden daar nog nooit van gehoord. Zelfs de wethouder die zei van, ja, weet je, wij weten daar niet van. Dus ja, dan vraag ik toch wel aan het college van ja, ik zal het heel netjes zeggen, wie jokt er hier nu? Want je kan met elkaar praten, je kan het over koetjes hebben, je kan het over kalfjes hebben. Maar heb je nou daadwerkelijk ook over die brug gesproken, dat je die autoluw wil gaan maken? En hoe zit Zwijndrecht daar dan in? Ten tweede. Die brug is van Rijkswaterstaat, die brug is niet van Dordrecht, die is niet van Zwijndrecht. Dus weet je, ik leg hem maar even neer en ik geef dat ook mee ter overdenking aan het college. Dan ten tweede, even reagerend op de heer Stam. Het is inderdaad, dat inw…bewoners daar weg moeten en ook het woonwagenkamp moet daar weg. Wij hebben samen met Fractie van Waardhuizen initiatiefvoorstel ingediend, in het volste vertrouwen, dat dat meegenomen zou worden ook in de bouwambitie van dit college. En vervolgens krijg je daar dan antwoorden op van ja, het lijkt meer op een motie.

Ja, dat vond ik een beetje flauw. Maar laten we in ieder geval de mensen meenemen, die in dat gebied zitten, want het heeft een impact op deze mensen. Daar wou ik het even voor nu bij laten. De voorzitter: Nog één vraagje aan u, mevrouw Stolk. Dank u wel, tot zover Maar bent u voor een vaste commissie of voor vaste commissieleden in de huidige commissie? Mevrouw Stolk: Ja, voorzitter, daar hebben we het nog even over gehad. Ik heb in eerste instantie gezegd van, wij zijn er wel voor om een aparte commissie. Maar dat gaat puur over het proces en niet over de inhoud, dus daar zijn wij niet voor. Ik zou, wij zijn er wel voorstander voor, om met vaste sprekers hier aan tafel te zitten. Zodat je een betere ja, gestructureerde commissie krijgt. De voorzitter: Helder, dank u wel. Mijnheer Gorter. De heer Gorter: Dank u wel. Ja, mevrouw Stolk heeft letterlijk het gras voor mijn voeten weggemaaid. Dus dankjewel daarvoor. Ik heb ook met een aantal leden in Zwijndrecht gesproken, die waren redelijk verbaasd. Het verhaal over die brug is een duidelijk verhaal, van wie is die nu? Volgens mij is die van Rijkswaterstaat. Ik zou aan de wethouder willen vragen.

Stel dat de gemeente Zwijndrecht wel die brug open wil, is het dan een optie dat je van Zwijndrecht wel Dordrecht in kan en van Dordrecht niet naar Zwijndrecht? En Op ons Eiland is vooralsnog, voor een vaste commissie omtrent dit onderwerp. De voorzitter: Dank je wel, Margret. Dat was hem? Dank u wel, mijnheer Gorter. Dan ga ik naar mijnheer Van der Kruijff, dan mijnheer Den Heijer, dan mijnheer Schalken en dan mevrouw Van Herwijnen. Of was u al veel eerder, mevrouw Van Herwijnen, heb ik u over het hoofd gezien? Nou, het is zielig, hè. Ja, u zat echt in het rijtje, dat is waar.

31

Mijnheer Damen, dan mijnheer Van der Kruijff en dan denk ik, mevrouw Van Herwijnen. meneer dame dan meneer van de Kruijff en dan denk ik, mevrouw van Herwijnen en dan ga ik naar … Ja, zo doen we het. De heer Damen: Ja, voorzitter. Het is een buitengewoon ingrijpend plan, gaat ook buitengewoon veel geld kosten. Aan de andere kant, we hebben veel woningen nodig. Nou, dat moet je, dat geeft voor ons de doorslag, dat je moet inzetten op meer woningen, dan er nu voorgesteld worden in het favoriete plan. Dat heeft consequenties voor de mensen, die er nu wonen. Dat betekent, dat je ook daar zorgvuldig mee moet omgaan. Daar komen we volgende week op terug, daar ben ik blij om. Maar dat moet dan wel gebeuren, zodat er duidelijkheid komt voor die mensen. Wat betreft de brug, zijn wij benieuwd wat de consequenties zijn. Want dat moet dan heel inzichtelijk worden voor de planontwikkeling en het aantal woningen, dat je kunt realiseren als daar autoverkeer op blijft plaatsvinden. Wij staan daar niet voor te juichen, als dat moet gebeuren. Maar iedereen moet die afweging kunnen maken, aan de hand van de consequenties van de voor, zeg maar de woningbouw in het plangebied, als er wel autoverkeer gaat plaatsvinden. Want je zou zelfs op enig moment kunnen zeggen van, nou, dat levert dusdanige belemmeringen op, dat je het hele plan moet afblazen.

De, wij zijn voor dertig procent sociale huurwoningen en dan met name corporatiewoningen. Er zijn zeventienduizend mensen ingeschreven, bij de woningbouwcorporaties. Die willen een woning of die hebben een andere woning nodig, daar kan dit plan nauwelijks in voorzien. Als je honderd procent sociaal zou bouwen, dat willen we niet. We denken wel, dat je op zijn minst naar dertig moet. Wat betreft de voorzieningen in het plangebied, daar maken we ons wel een beetje zorgen over. Er staan nu in de plantkaart, allemaal grote pijlen getekend. Die vind ik een beetje sprookjesachtig, die pijlen bestaan er niet. Er staat een pijl van, die vanaf de Weeskinderdijk de bestaande wijk inloopt. Dan moet je een heel eind naar beneden. We hebben een soortgelijke situatie in de stad bij de Noordendijk naar de Singel toe. We hebben ook een trap gemaakt, zodat er een verbinding was. Ook daar is ooit eens een pijl neergezet. Nou, daar gaat geen mens over die trap, nooit. Deze pijl die daar getekend wordt, die gaat niet werken. Zo zijn er meer pijlen. De pijl van de wijk naar de rivier toe. De voorzitter: Voor mijn begrip, u heeft het nu dus over het thema mobiliteit? De heer Damen: Ja, dat heeft te maken met mobiliteit, maar ook de voorzieningen die je in de wijk kunt en moet maken.

De betekent namelijk, dat die verbindingen veel moeilijker liggen en veel moeilijker te realiseren zijn, als nu gesuggereerd wordt. Er ligt een overdekking van de A16. Ik heb begrepen van de Boulevard Périphérique in Parijs, die kent soortgelijke overdekkingen. Dat kost een miljoen per strekkende meter. Er staat nu een overdekking hier getekend van en dat is een vergelijkbare grootte hè. Er staat nu een overdekking getekend van ongeveer honderd meter. Nou, dan is het geen moeilijke som om uit te rekenen, in welke orde van grootte alleen die overdekking betekent. Maar die is wel noodzakelijk voor de verbinding van de verschillende stukken van de wijk, naar de rest van de stad. Dus wat dat betreft, zie ik nog wel grote problemen en daar zouden we veel beter over na moeten denken en veel meer duidelijkheid over moeten krijgen.

32

Wat betreft nou, dat, ik vind dat inhoud, wat de inhoud betreft, dat ik voldoende. Nee, nog één punt. Het moet duidelijk zijn, dat als we de standplaatsen weghalen hier, dat we moeten garanderen dat die mensen een zeg maar, een adequate standplaats elders in de stad terugkrijgen. Ook zeg maar, waar ze in de huidige samenstelling naartoe kunnen. Wat betreft de vaste commissie. Ik vind dat het de taak is van politiek en van de gemeenteraad, om aan politiek te doen. We hebben geen deskundige commissie nodig, we hebben een politieke beoordeling nodig van de plannen. Daarom ben ik niet voor een vaste commissie om, waarin de deskundigheid zich moet ontwikkelen. De voorzitter: Maar wel vaste woordvoerders? De heer Damen: Nee, ben ik niet voor. Al zal het in het geval van onze fractie, bijna onvermijdelijk zijn. De voorzitter: Elk nadeel heb zijn voordeel, zullen we dan maar zeggen. Goed, dan ga ik naar mijnheer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, gebiedsontwikkelingen als Maasterras, die zijn natuurlijk megagroot. Dat zijn we met zijn allen wel eens. En dan beginnen ze ook wel met grote ambities. Wij denken ook wel, dat je daarvanuit moet vinden. Ja, daar komen heel veel vragen achter vandaan.

Ja, van wie is de brug? Ja, van wie is de stamlijn? Ja, van wie is het rangeerterrein? En ook nog andere stukken grond, die wij helemaal nog niet in eigendom hebben. Dus daar valt nog heel veel op te lossen. Maar dat betekent niet, dat we nu niet kunnen uitspreken, wat we graag zouden zien gebeuren en willen. En volgens mij is dat, wat we nu doen. Dat is dan vervolgens ook de opdracht voor het college, om dat dan ook proberen voor elkaar te krijgen. En ik snap, dat die garantie er ook niet op voorhand ligt. En als je dan ziet hoe vaak we hier met elkaar spreken, dat er echt een enorme hoeveelheid woningen in Dordrecht extra nodig is, dan is dit een enorme kans, om dit hier te gaan realiseren. Dat zeggen we al jaren tegen elkaar en wij vinden het ook goed, dat er nu voortvarend aan gewerkt wordt en willen we ook graag aan meewerken. Als je dan kijkt naar deze wijk, het Maasterras en je kijkt naar de beoogde omvang en beoogde scenario, wat wij steunen overigens, dan heeft dat ook wel een opvang, dat je eigenlijk bijna een nieuw dorp in Dordrecht bouwt. Of een wijk. Maar we hebben net uit de vorige commissie geleerd, in Dubbeldam noemen ze dat dan nog steeds een dorp, met een eigenheid. Wij denken, dat je dat ook bij het Maasterras zou moeten willen nastreven. Dat daar echt een wijk ontstaat met zijn eigen eigenheid, waar je in woont. Wat je zegt, ik woon op het Maasterras.

En dan niet alleen omdat daar woningen staan. Maar dat heeft dan ook te maken met de sociale samenhang, die je daar nastreeft en ook met de voorzieningen, die er zijn. Of dat nou sportvelden zijn, scholen zijn, gezondheidscentrum en waar je winkelcentra, waar je niet over na kan denken, dat je dat dan ook gewoon in die wijk, in die opvang ook passende omvang hebt. Nou, we hebben de presentaties gehoord. Ja, we gaan het zodanig flexibel opschrijven allemaal, want dat kan tegenwoordig, dat het allemaal later nog in te passen is. Daar ben ik nog niet helemaal gerust op. Misschien ten onrechte. Want ik denk, een sportveld, dat vergt nog wel wat plek als je dat zou willen. Of een school, dat vergt nog wel wat plek, als je dat zou willen. Dan kan je er niet zomaar huizen neerzetten.

33

Of wellicht erboven, dat ik te bekrompen denk. Maar dat zou ik dan wel aan de voorkant zeker willen weten, dat dat elkaar niet gaat, in de weg zitten. Mevrouw Stolk: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Stolk, u heeft een vraag aan mijnheer Van der Kruijff. Mevrouw Stolk: Ja, verhelderend. Vindt het, vindt de heer Van der Kruijff van het CDA ook, dat dan de bewoners van dat gebied, ook niet een plek moeten krijgen op dat Maasterras, wat betaalbaar is? Want we hebben het tegenwoordig over betaalbaar, dan heb je het over drieëneenhalve ton huizen. Nou, voor jullie misschien betaalbaar, voor mij is dat niet betaalbaar. Maar … En ook, waarom is er geen plek binnen dat Maasterras, voor de bewoners die er nu zitten? Is daar überhaupt al over nagedacht? Vindt het CDA, dat dat, dat daar ook niet naar gekeken moet worden? De voorzitter: Mijnheer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Natuurlijk moet er goed gekeken worden en netjes en fatsoenlijk en reëel omgegaan worden, met mensen die daar nu wonen. Dat zijn verschillende categorieën. Daar wonen mensen in koophuizen aan de Weeskinderendijk bijvoorbeeld. Er wonen mensen in woonwagens, daar hebben we het ook met elkaar over gehad. Ik heb in de presentaties gehoord en daar kom ik, daar zal ik dan nu iets naar voren halen. Ik had het voor iets later in mijn woordvoering staan.

Bijvoorbeeld voor de woonwagenbewoners, dat er dan gekeken wordt op een andere plek in de grotere gebiedsontwikkeling. Een volgende fase, daar dan plek voor te zoeken. Nou, dat vinden wij, zoeken, dat is sowieso wel wat je mag doen. Maar wij vinden ook wel, dat het niet alleen een inspanningsverplichting moet zijn, maar dat je dat ook wel gewoon moet realiseren. Je kunt niet tegen allerlei mensen in een woonwagen zeggen van, we heffen jullie huidige woonplaats op en we staan er niet voor in, dat er op een andere plaats wellicht zelfs iets groter, ook gezien uw initiatiefvoorstel en dat we als stad groeien. Ook op een grotere manier of op twee plekken gesplitst, maakt mij nog niet eens uit. Maar daar dan ook een plek krijgt, helemaal met u eens. Maar dat hoeft niet per se in fase A, dat mag ook in fase B zijn plek krijgen. Als het maar wel een plek krijgt en ook in de overbrugging, gewoon netjes en fatsoenlijk en met participatie, oké, al die dingen. ‘…’ De voorzitter: Mevrouw Kamphuis heeft een korte vraag aan u. Mevrouw Kamphuis: Ja, ik hoor, ik sloeg aan, u zei desnoods gesplitst. Mensen op de woon… Ja, ik hoorde een klein zinnetje. De mensen op de woonwagenkamp, die willen heel graag, wat ik me kan voorstellen, bij elkaar blijven. Hoe denkt de CDA daarover? De voorzitter: Mijnheer Van der Kruijff.

34

De heer Van der Kruijff: Nou, dat kan ik me ook heel goed voorstellen, mevrouw Kamphuis. Waarom ik het zei? Ik zei omdat en dat heeft ook het college aangeven, dat er wellicht zelfs iets groei nodig is, in het aantal woonwagen standplaatsen binnen Dordrecht. Als je als stad groeit, zou ook dat mee kunnen groeien. En dan zou je die groei niet per se zeg ik, niet perse, mag wel, maar moet niet, op dezelfde plek realiseren, maar dan kan je wellicht ook op een andere plek realiseren. Dat bedoelde ik te zeggen, met gesplitst. Mevrouw Stolk: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Ja, even. Als je het hebt hè over de woonwagenbewoners. Er zijn hier in Dordrecht denk ik, nog nooit zoveel mensen verplicht moeten verhuizen, als woonwagenbewoners. En dat zijn gewoon inwoners van onze stad. En tegelijkertijd wordt er ook tegen die mensen gezegd, als wij een ander huis gaan kopen of we willen verhuizen, dan kiezen wij waar we gaan wonen eventueel hè. Als u een huis ga kopen of ik ga een huis kopen, dan kan je zelf kiezen in welke wijk je ga wonen. Woonwagenbewoners, die mogen zelfs nog niet eens kiezen. Die zijn al, die worden nu … De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voor de vierde keer gedwongen om te verhuizen.

Hoe kijkt het CDA daar dan tegenaan? Waarom mogen zij niet meebepalen naar de plek, waar zij naartoe gaan met uitbreiding? De voorzitter: Mijnheer Van der Kruijff, u mag er heel kort op reageren. Maar eigenlijk zitten we dan toch weer op dat inspraakverhaal. En dat hebben we afgesproken, dat we daar niet teveel tijd aan zouden verspillen, want we moeten het over andere dingen hebben. De heer Van der Kruijff: Voorzitter, in dit gebied zijn heel veel functies. Er wonen mensen in woonwagens, er wonen mensen in huizen, er zitten bedrijven, er zitten andere voorzieningen. Als je dit grootschalig gaat aanpakken, is alles wat in dit gebied wordt, staat, ergens in beweging. Dus het is niet zo, dat we alleen tegen woonwagenbewoners zeggen, u moet weg. Of, moet weg, we zien graag, we gaan elders een plaats voor u regelen. Want ik zei niet zoeken, regelen. Dat geldt ook voor mensen die er wonen. Het geldt ook voor bedrijven die er zitten. Alles wat hier zit, komt ergens op losse schroeven. Dat kan niet anders, als je zo'n grote ontwikkeling gaat doen, dat er ergens die beweging ontstaat. Ik zou niet weten, hoe ik het anders moest doen. De voorzitter: Mijnheer Van der Kruijff, heeft u nog een vervolg aan uw verhaal? De heer Van der Kruijff: Ja, voorzitter. Dat gaat over de mobiliteit.

Wij denken, er werd, wordt gezegd, ik ken die aantallen niet, maar dat er grote aantallen auto's over de Zwijndrechtse brug gaan.

35

Als we daar een hele woonwijk gaan ontwikkelen, denken wij niet, dat het heel prettig is als daar zo'n hele drukke verkeersader, dwars door die woonwijk heen gaat. Dus dat je dat autoluw maakt, is alleen maar prettig voor die mensen, die daar komen te wonen. En wij weten ook en dat wordt ook vaak gezegd dat, de A16 zit dan erg vol en hoe moet dat dan? Ik denk ja, dat is precies wat er gebeurt. Als de A16 vol zit, gaan al die automobilisten en ik zie het zelf gebeuren en ik zal u bekennen, ik heb het zelf ook wel eens gedaan, die gaan dan in Zwijndrecht of in Dordrecht de snelweg af en die gaan allemaal door de wijken en over die brug rijden. Dat moet je met elkaar niet willen. Dus als wij het voor elkaar zouden kunnen krijgen, om dat terug te brengen en ja, dat is een inspanningsverplichting. Ik snap ook, dat Rijkswaterstaat maar mee moet werken en Zwijndrecht. En los van hoe dat gesprek is gegaan, dan lijkt me dat een uitstekende ambitie om dat proberen voor elkaar te krijgen. En als je toch met de auto van Zwijndrecht naar Dordrecht moet, kan je door de tunnel van de A16 ook wel gaan. Dat is nogal te doen, denken wij dan. Voorzitter de punten over de vaste woordvoerders. Wij denken dat het goed is, om dat te beogen, maar het hoeft voor ons niet in een aparte commissie. Dat past niet zo goed in ons huidige vergadermodel.

Dus laten we het proberen gewoon als fracties met elkaar af te spreken, dat we dat doen. En een begeleidingscommissie op proces, zou prettig zijn. En als CDA hebben we daar het idee van, misschien dat we ook uit de voorzitters pool een aantal voorzitters kunnen vinden, die deze commissie vaak voorzitten, die met elkaar dan ook die proces commissie willen vormen. Want als voorzitter bewaak je al gauw ook mede het proces, dan zou dat prima in elkaar te passen zijn. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Stam had een piepklein vraagje aan u. De heer Stam: Ja, misschien toch iets groter als gesuggereerd. De voorzitter: Dat is ondeugend, hè? De heer Stam: Maar mijnheer Van der Kruijff zit natuurlijk al bijna zijn halve leven in deze gemeenteraad. Als je dan kijkt naar waar ik net aan refereerde hè, dat plan uit 2001 met betrekking tot die brug en die afsplitsing op de Dokweg uitkom. Als ik de plannen zo ziet van 2001, dan heb ik het idee, dat dat toch grotendeels buiten het gebied omgaat. Deelt u met mij die visie? Of zegt u van, nee hoor, die gaat er nog dwars doorheen. Of staat het plan er niet meer bij? Want een ander nadeel van oud worden is, dat je ook veel vergeet. De voorzitter: Probeert u nog korter te antwoorden, dan de vraag van mijnheer Stam was.

De heer Van der Kruijff: Ja, voorzitter, er is inderdaad vaker sprake van geweest, om de Zwijndrechtse brug, ik zeg maar rechtuit langs het spoor af te laten dalen. Dat is om vele redenen allemaal niet gebeurd. Mede ook omdat daar een Weizigtpark ligt en alles, waar we ook niet graag het autoverkeer door willen hebben. Dus zeg, gezien deze woning ontwikkeling, dat je dan de Zwijndrechtse brug niet dwars door de wijk laat kronkelen. Dat lijkt ons een hele verstandige denkrichting. En ja, er zullen nog een hele hoop praktische vragen achter vandaan komen.

36

De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Herwijnen. Mevrouw Van Herwijnen: Ja, dank je wel, voorzitter. Ik krijg hem niet naar voren. Nou, er liggen mooie ambities voor deze nieuwe wijk. Ik heb een aantal puntjes die ik wil meegeven of waar ik graag nog verduidelijking wil hebben. In ieder geval het STOMPprincipe, het is niet nieuw, dat wij daarachter staan. Maar dit kan wel consequenties geven, voor de bestaande omliggende wijken. In het voorstel staat, voor de omliggende wijken wordt er een parkeerregime vastgesteld. Het is voor mij niet helemaal duidelijk, wat daarmee wordt bedoeld. Verder inderdaad, we hebben het al genoeg denk gehad, over de brug. Maar mijn vraag is wel, hoe kritiek is dat punt? Want als dat autoluw maken van die brug niet doorgaat, wat dan, wat voor opties hebben we dan? En wat voor consequenties kan het geven voor de wijk? En verder wil ik het ook nog even terugpakken, op wat de heer Damen in de vorige vergadering al heb aangegeven. Er wordt, een Rivierenpark wordt er gerealiseerd en die moet een verbinding maken, met die nieuwe wijk. Daar gaat natuurlijk een verkeersader doorheen. Hoe zien we dan die verbinding, hoe wordt die verbinding met de wijk gecreëerd? Nou ja, en dan eigenlijk het laatste punt en dat heeft de heer Kleinpaste ook al aangegeven.

Door de hele hoge ambities neergelegd op deze wijk, vanuit groen, vanuit duurzaamheid, vanuit STOMPprincipe, houd die ambities vast. Je ziet natuurlijk vaak bij wat grotere projecten, dat ze naderhand vaak worden afgeschaald. Dus ik wil dat inderdaad ja, toch wel even benadrukken van, hou de ambities die we nu op het oog hebben, hou die vast. Dat was hem. De voorzitter: Mag ik u nog even vragen, hoe u denkt over een vaste commissie dan wel vaste … Mevrouw Van Herwijnen: Begeleidingscommissie op proces, is ons idee. De voorzitter: Nou, twee vragen eigenlijk. Bent u voor een vaste commissie of voor vaste sprekers in de commissie? En de tweede vraag, vindt u ook dat een begeleidingscommissie nut heeft? Mevrouw Van Herwijnen: Begeleidingscommissie op proces, zien we daar wel de voordelen voor in. En ja, vaste personen in de commissie, is voor ons niet altijd haalbaar. Heb ik daarmee de vraag beantwoord? De voorzitter: Ja, denk dat dat voldoende is. Ja. Dan ga ik naar mijnheer, mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: Ik heb nog niet onze mening gezegd over … De voorzitter: Maar mijnheer, ik weet, dat mijnheer De Feijter dat ook wil doen. Dus u mag hem nog even noemen. Mevrouw Kamphuis: Oké. Want wij zijn wel voor vaste sprekers in de commissie. Alleen dat.

37

De voorzitter: Prima. Mijnheer De Feijter wil het ook gelijk nog even aangeven. Hebben we het maar gehad. De heer De Feijter: Ja, inderdaad, nog even over het proces. Het lijkt ons goed, om zoveel mogelijk te streven naar vaste woordvoerders, wat betreft de inhoud in de huidige vorm van de Dordtse Dinsdag. Dus geen inhoudelijke commissie. Lijkt ons wel goed, om een technische begeleidingscommissie die het proces dus begeleidt, te doen. En wij zouden ook al graag een voorschot willen doen, op de voorzitter daarvan. Lijkt ons, dat de heer De Boer dat ook uitstekend kan doen. Het mag namelijk ook bij een begeleidingscommissie, dat iemand buiten de raad, dat doet. De voorzitter: Heel goed. Dank u wel, in ieder geval voor de tip. Of hij het wil, dat is de volgende vraag. Maar dat gaan we wel zien. Dank u wel. Mijnheer Den Heijer dan. De heer Den Heijer: Ja, dank u, dank u wel, voorzitter. Ja, nou, onze stad vraagt om de ambitie, waarmee we broodnodig huizen gaan bouwen en vele. En dit gebied dus ook beter en mooier gaan maken, daar gaan we dus nu mee aan de slag. Zien dat de voorkeursvariant niet lijkt uit te gaan op, met op de hoogste bouwaantallen, maar voor een gematigde variant met op zichzelf begrijpelijke, insteek van hoog stedelijke kwaliteit. Maar als we voor deze route gaan, dan geldt voor ons de voorkeur wel, dat we dat op een consequente manier doen.

Dus ook in de programmering, een hoogwaardig binnenstedelijke ontwikkeling. Een realistische grondexploitatie afgestemd op de vraag, die er is voor dit gebied. Dus ook gezinnen en starters die voor het eerst gaan samenwonen, moeten hier iets kunnen vinden. De aantallen, programmering en de mogelijkheden van mobiliteit, moeten hierop aansluiten en de algehele ambitie ondersteunen. Dan de lage parkeernorm. De heer Damen: Voorzitter. De voorzitter: De heer Damen. Mijnheer Den Heijer. De heer Den Heijer: Nou, ik heb juist de woorden gekozen van begrijpelijk. Dus op zich is het begrijpelijk, dat we op dit moment kiezen voor aantallen, in combinatie met de kwaliteit van de gebiedsontwikkeling. Maar je moet, dat is ook het dilemma waar we later in mijn verhaal eigenlijk op terug wilde komen, je moet ook niet je ogen sluiten voor de kansen die er liggen, om toch je bouwaantallen misschien iets omhoog te schroeven, omdat de vraag gewoon onverminderd hoog blijft. Ook de komende jaren. Maar voor nu deze variant, voldoet wat ons betreft, op dit moment. Dan de lage parkeernorm, voorzitter. Want auto's moeten niet alleen goed afgevangen worden, maar ja, ook toch binnen de kaders die nu gesteld gaan worden, wel een reële rol hebben in dit gebied. Want of we nou hoog of laag springen, het blijft gewoon een noodzakelijk vervoersmiddel. Ook nu, gezien de discussie rondom de brug.

Als we kijken naar Dordrecht als deel mobiliteitsstad, dan zit onze zorg met name op het punt van deelmobiliteit. Of dit wel echt de komende jaren ervoor gaat zorgen, dat we gewoon tientallen auto's per nieuw te realiseren blok, daadwerkelijk gaan afvangen. Dat plaatst ons ook voor keuzes. We zouden bijvoorbeeld ook een keuze kunnen zijn of een haalbare variant is, waarin de autobrug behouden blijft.

38

Toch iets meer toegankelijkheid voor auto’s is, door bijvoorbeeld de bouwhoogtes iets toe te laten nemen en op sommige plekken misschien toch te kiezen, voor ietsjes minder groen. Dat zijn wel de keuzes die, het één gaat altijd ten koste voor het ander. Het zou goed zijn, om daar met elkaar ook in deze raad over in gesprek te blijven. De heer Van der Kruijff: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer De Kruijff. De heer Van der Kruijff: Kijk, een autoluwe wijk, zegt heel veel over het karakter en of je die auto's allemaal toelaat in de wijk. Als u dan zegt van nou, we houden de wijk wel rustig, maar bijvoorbeeld de parkeervoorzieningen aan de rand. Je maakt nog iets ruimer, zodat er voor iedereen plek, meer, voldoende plek is aan de rand. Is dat dan ook goed voor u, of zegt, ze moeten echt allemaal de wijken in kunnen? De voorzitter: Ik heb gezien hoe u erover denkt, mijnheer Den Heijer. Maar dat heeft niet iedereen gezien, dus u mag toch wel even uitspreken. De heer Den Heijer: Nou, ten principale vinden wij wel, dat echt wel gelegenheden zijn, dat een auto gewoon de wijk in moet kunnen rijden. Dus en volgens mij bent u het daar overigens, niet mee oneens. Waar onze zorg wel zit, op bijvoorbeeld de realisatie van de parkeergarage bij, die ter vervanging zou moeten gelden voor Weeskinderendijk. Dan zou dat wel een parkeergarage moeten zijn, met echt een hoge capaciteit.

Waarmee dat echt een serieus alternatief is voor de aankomende bewoners en de huidige bewoners in de aanpalende wijk, om daar je auto neer te kunnen zetten. Dus dat, onze ambitie zou daarin zijn, dat dat een parkeergarage wordt met heel veel plekken. Ook beide aspecten die we net noemden, met de brug en parkeergarage zouden we ook later graag inzichtelijk willen hebben. We hebben het over een gebied, waar al veel plannen op losgelaten zijn in het verleden. Daarbij is ook wat ons betreft belangrijk, dat we vaart houden. Dat is echt cruciaal. Willen we dit gebied snel ontwikkelen en die broodnodige huizen gaan bouwen, zijn we ook afhankelijk van een subsidie deadline van het Rijk, die erop ziet, dat we vijftig procent betaalbaar gaan houden. Dat ja, dat noopt ook tot spoed. Moet ook een levendig gebied worden aan de rand van het centrum, met ook ruimte voor ondernemerschap. Ondernemers, misschien dienstverlening? Er moet ook, moet geen saaie wijk worden. Moet wel wat gebeuren en te, ook letterlijk te ondernemen zijn, maar er moet ook ruimte zijn voor vermaak. Denk bijvoorbeeld aan een groot evenemententerrein bij de brug, waar op dit moment ook geen woningen mogelijk zijn of combinatie met het parkeerdek. En dat we dit ook goed aan de voorkant regelen, met adequate geluidsnormen. Dus dat het ook echt een plek is waar, voor jongeren bijvoorbeeld iets te doen is in dit gebied.

Verder hebben we geen punten en sluiten we ons aan bij de heer Kleinpaste, hou de ambitie vast en we gaan ervoor. De voorzitter: En misschien nog eventjes, dank u wel voor deze inbreng, over vaste commissie of vaste sprekers en begeleidingscommissie, ja, dan wel nee.

39

De heer Den Heijer: Ja, ik vind het lastig om in de semantiek te gaan van, willen we een vaste commissie of vaste woordvoerders in een commissie? Allebei prima. Had nog wel een andere gedachtegang, maar dat kunnen we misschien op een ander moment met elkaar door praten. Dat bij de Kadernota vaak bekend is in de bestuurlijke planner, wat nou echt grote projecten zijn. En dat we dan als raad gewoon benoemen, onder andere deze, deze ligt heel erg voor de hand, dat we daar gewoon een speciale commissie met vaste woordvoerders voor inrichten. En dat we dat op andere punten niet doen. Maar het lijkt me wel wenselijk, dat het vaste woordvoerders zijn, wellicht een vaste voorzitter. Zodat we inderdaad ook ja, politieke consistentie misschien vast kunnen houden, als ik naar de heer Damen kijk. Want dat is natuurlijk wel belangrijk de komende jaren. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Den Heijer. Mevrouw Stolk wil nog een korte verduidelijking. Mevrouw Stolk: Ja, wij willen er toch niet voor pleiten, om weer de oude Grote Projecten commissie in het leven te roepen. Want naar ons idee, is dat toch wel een beetje een flop geweest. Daar kunnen mensen anders over denken, maar wij hebben niet graag een andere commissie Grote Projecten weer. Dus laten we het alsjeblieft gewoon hier in deze commissie houden. Met zoveel mogelijk als dat kan, vaste woordvoerders.

De voorzitter: Nou, tot nu toe, is dat een klein beetje de lijn, die ik proef. Mijnheer De Feijter wil er nog iets aan toevoegen. De heer De Feijter: Nou, nee, meer een vraag aan de heer Den Heijer. Want ik heb hem nog niet gehoord over de meer begeleidingscommissie. Want bijvoorbeeld bij de raadswerkgroep, de Omgevingswet, de raadswerkgroep die daarover gaat, is dat best wel succesvol gebleken. Om juist een beetje overzicht te houden van, heeft de raad, is die in positie? Is alle informatie, die ze zouden moeten weten, hebben ze die ook? Hoe denkt de heer Den Heijer daarover? De voorzitter: Mijnheer Den Heijer. De heer Den Heijer: Nou, ik ben op zichzelf niet tegen begeleidingscommissies. Ik vind, ik weet niet, of dit ook het beste moment is om helemaal door te gaan akkeren, wat nou juiste vormen zijn en wat niet. Dus ik kijk ook even met een schuin oog naar de voorzitter en de griffier, om wellicht een voorstel in de agendacommissie bijvoorbeeld op te stellen. Of dat we gewoon concreet iets kunnen of in het presidium, weet ik veel. De voorzitter: Vooral duidelijkheid. Het gaat alleen maar even om een richting aan te geven, waarin gedacht moet worden. De heer Den Heijer: Nou ja, wij hebben inmiddels een soort wildgroei aan begeleidingscommissies. Dat begint ook wel, ook soms zijn nadelen zichtbaar te maken. Dus ik sta daar eerlijk gezegd, niet om te springen.

Maar wel gewoon vaste woordvoerders, een vaste commissie. Dat we daar enige consistentie in betrachten.

40

De voorzitter: Hij is helder. Mijnheer Schalken, u hebt lang moeten wachten, maar geeft niet. De heer Schalken-den Hartog: Ja, dat geeft niet, voorzitter. Een aantal puntjes vanuit Beter voor Dordt. Er is natuurlijk al veel gesproken over de brug hè? Er werd ook heel duidelijk gezegd, wij gaan er uiteindelijk niet echt over. Wat Beter voor Dordt betreft, hebben we wel de wens, dat hij in ieder geval openblijft en voor alle verkeer ook bereikbaar blijft. En dat we het vooral moeten zoeken, in het verleiden dat mensen, richting de mensen, om andere keuzes te maken. Met dat verleiden. We streven wat ons betreft, ook naar een redelijk autoluwe wijk. Dat streven, dat kun je alleen maar zoveel mogelijk bereiken als je goede andere voorzieningen hebt. Dus goede fietspaden, goede wandelpaden, goed openbaar vervoer. Dan verleid je eigenlijk de mensen, tot het maken van andere keuzes en dan heb je waarschijnlijk uiteindelijk, ook minder auto bewegingen. De heer Stam, die begon net nog over het vroegere plan wat er was, met betrekking tot de aanlanding van die brug. De heer Van der Kruijff: Voorzitter. De voorzitter: De heer Van der Kruijff, u wil wat vragen? De heer Schalken-den Hartog: Ik maak even mijn zin af.

Vanuit Beter voor Dordt lijkt het ons wel eens goed, om dat, in ieder geval ook dat plan ook zichtbaar te maken voor alle huidige commissieleden om te kijken, of dat wellicht ook nog wat mooie, nieuwe inzichten geeft. En ik zie al iemand, die hem nog heeft. Ja. Ik doe even mijn knopje uit. De voorzitter: Mijnheer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Ja, voorzitter. Mijn vraag ging over die brug. Want ik begrijp heel goed waar het over mobiliteit gaat, dat u zegt, we moeten mensen verleiden om met andere vervoersmiddelen te gaan. Dat klopt natuurlijk. Als je kijkt naar de Zwijndrechtse brug, die wordt juist heel veel gebruikt door mensen, die helemaal niet in die wijk wonen. Maar als de A16 verstopt staat, die allemaal de snelweg afgaan en allemaal door Zwijndrecht en Dordrecht beginnen te rijden. Bent u het niet met me eens, dat we dat toch wel moeten proberen af te remmen? En hoe ziet u dat dan voor zich? De voorzitter: Mijnheer Schalken. De heer Schalken-den Hartog: Nou, wellicht is er dan een stevige opdracht richting de hogere overheden om voor te zorgen, dat het verkeer daar ook beter doorstroomt. En het niet iedere keer vaststaat, omdat er weer een te hoge vrachtwagen of zo voor de bru… of voor de tunnel staat, waardoor het verkeer stilligt. Maar wat ons betreft, blijft in ieder geval de brug voor zover wij erover gaan, gewoon goed bereikbaar en open.

En proberen we zoveel mogelijk mensen te verleiden, tot het maken van andere mobiliteitskeuzes. Ja, iemand zei net ook al en ik weet niet meer welke fractie dat was, die het had over, voldoende wijkfuncties aanwezig.

41

Om te bevorderen, dat inderdaad daar echt zo'n nieuwe buurt ontstaat, waar je graag wil zijn, waar mensen zoals bijvoorbeeld iemand ook aangaf, het Dubbeldam gevoel hebben, maar dan in die nieuwe wijk, de Stadsas of hoe die ook dadelijk uiteindelijk gaat heten. Puntje natuurlijk met betrekking tot de veiligheid hè, het gevoel gevaarlijke stoffen. Dat blijft natuurlijk een aandachtspunt voor ons allemaal, dat we daar goed oog voor blijven houden en ook zien, dat dat voorlopig ook nog beperkingen gaat geven in de ontwikkeling. Mensen die nu in de wijk wonen, die moeten er ieder geval als ze dat willen, ook in de nieuwe wijk weer een goede plek terugkrijgen. Dat geldt voor zowel de bewoners van huizen, maar ook de mensen die nu daar een standplaats hebben. Het kan echt niet zo zijn, dat mensen wellicht op een andere plek terug kunnen komen, waar ze dat niet willen. Als zij de wens hebben om in ieder geval in het huidige gebied te blijven, dan moeten we daar ook proberen invulling aan te geven. En dan ook minimaal hetzelfde, maar eigenlijk gewenst, wel meer plekken, omdat die hard nodig zijn. Als laatste met betrekking tot de vraag, die u ook aan iedereen stelt. Een begeleidingscommissie op het proces, vinden wij prima. Wat ons betreft, hoeft er geen aparte commissie te komen. Maar doen we wel gewoon alles in de molen van de Dordtse Dinsdag, met zoveel mogelijk vaste sprekers.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/590/documents/28769