CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.3 2024.06.04 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 9 juli 2024, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 18 en 19 juni 2024 en de Dordtse Dinsdag van 4 en 11 juni 2024 Vergaderzalen 1, 3, 547.383 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Hebben we ook gesproken over de onderwijshuisvesting of de investeringen die daarvoor nodig zijn. En toen begreep ik dat voor ‘27 en ‘28 alvast een eerste afschrijving begroot zou zijn. Die zie ik hier niet terug. Waarschijnlijk zal ik die ergens anders moeten zien. De voorzitter: Mijnheer Hagoort. De heer Hagoort: Die staan ook op een ander programma. Die heb ik inderdaad hier niet geprojecteerd, maar die latere jaren inderdaad zijn al wel in het beeld gebracht. Jazeker. Dan eventjes over de ombuigingen. U heeft ze zowel in de hoofdtabel geconsolideerd zien staan, opgeteld 5 en 7. En ik wilde eigenlijk collega Erik-Jan van Genderen het woord geven om iets meer te vertellen over het ombuigproces. De voorzitter: Mijnheer Van Genderen, aan u het woord. De heer Van Genderen: Dank u wel, voorzitter. Wij hebben in een ander verband elkaar ook al een keer ontmoet, rondom de raadsinformatiebrief die in maart is gepresenteerd. Daar hebben we vooral heel erg gefocust op het proces naar de Perspectiefnota 2026. We praten nu over de Perspectiefnota 2025. In die Perspectiefnota 2025 wordt al een aantal ombuigingen meegenomen. Toen geconstateerd werd dat het perspectief verslechterde, is nog een aantal extra ombuigingen toegevoegd, die u terugziet in de Perspectiefnota 2025.

Wat ik hier nog wil onderstrepen, we zijn nu echt ook al volle bak aan de gang met de Perspectiefnota 2026, de voorbereidingen daarop, omdat, dat hebt u zojuist ook gezien in de tabellen die collega Hagoort liet zien, het perspectief vanaf ‘26 gewoon echt slecht is. We willen ook voor de Perspectiefnota ‘26 een pakket aan ombuigingen hier op tafel hebben waar heel veel draagvlak onder ligt. We hebben in maart al tegen u aangehouden dat we daarvoor een participatieproces aan het

21

voorbereiden zijn. Wij hebben ook toegezegd dat u rond deze tijd daar informatie verder over gaat krijgen. Er wordt nu gekoerst, dat ziet u ook op de slide staan, 18 juni wordt in het college een raadsinformatiebrief vastgesteld waarin de participatieaanpak zit en ook de bouwstenen van objectieve informatie, die zijn toegezegd in de RIB, die toen voorlag, zijn aangehaakt. Participatieproces hebben we vandaag ook nog over gesproken in het college, maar dat gaat bestaan uit twee fasen. Een fase die direct na het reces gaat starten, daar zijn we nu de voorbereidingen voor aan treffen, die veel meer gaat op een wat abstracter niveau. Hoe bepalen we richting? Hoe willen we dat die stad eruitziet? Nog niet direct de diepte in naar concrete maatregelen, maar op een hoger abstractieniveau kijken, als je dan aan knoppen gaat draaien, waar moet je dat dan doen? Hoe kijken we met elkaar naar die stad? Gaan we ook verschillende groepen voor uitnodigen. Wordt helemaal uitgewerkt. En ook dat ziet u straks in de raadsinformatiebrief terug. Tweede fase zal, nadat er een stuk besluitvorming heeft plaatsgevonden aan het einde van dit jaar, dan plaatsvinden begin volgend jaar. Die gaat echt over concrete maatregelen. Zo gaat dat per participatieproces er op hoofdlijnen uitzien. Betrokkenheid uit een brede vertegenwoordiging uit de stad, richting bepalen en concrete maatregelen. Twee fasen.

Participatieplan gaat u aantreffen in de derde week van juni bij een raadsinformatiebrief. En inmiddels zijn we ambtelijk ook gewoon de mogelijke maatregelen verder aan het inventariseren. Daar wilde ik het bij laten, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel voor deze toelichting. Mijnheer Hagoort, u gaat nog wat vertellen? De heer Hagoort: Ja. Deze kan ik denk ik overslaan. Dit is de tabel die u in ieder geval bij de raadsinformatiebrief ook gezien heeft en geconsolideerd, de toegevoegde ombuigingen. En staan allemaal los ook op de programma’s opgenomen. Daar vindt u deze 1, 2, 3, 4, 5, 6 toegevoegde ombuigingen. En in de onderste regel, dat was de laatste startvraag van dit uurtje, de logiesheffing verhogen, direct vanaf 2025 aan de inkomstenkant en extra inkomsten genereert. Ik heb collega Van Genderen weleens geplaagd met het feit dat de term ombuigingen door onze toezichthouder eigenlijk niet als juiste raakterm wordt bestempeld. Een ombuiging, zo heb ik het me laten vertellen, als je van A naar B gaat en je buigt om via een omweg, je komt nog steeds bij B aan. Financieel gezien, zegt de toezichthouder, heeft een ombuiging geen effect op het financieel perspectief. Dan moet je dat anders noemen. Ik ben eens gaan zoeken naar links, rechts, boven, onder ons. En daar hebben ze toch wel wat krachtige termen. De Fransen, leest u het zelf.

In Duitsland is dat altijd wat duidelijker. En vooral die tweede term sparen, de term besparen is eigenlijk een wat zuiverder term dan ombuigen. Want ik pleit niet voor afwijken van de term ombuigen, maar bij deze. De Engelsen, zult u ook niet verbazen dat dit hun terminologie is. Bij een Italiaan is het allemaal wat zangeriger. En onze zuiderbuur is eigenlijk wel de mooiste met een glimlach. Die noemen dit dan budgettair inkrimpen. We gaan naar het raadsvoorstel. In het raadsvoorstel liggen er 6 besluiten voor. Het college stelt 6 zaken voor. Allereerst om de baten en lasten voor ‘24 en de volgende jaren te wijzigen overeenkomstig de Perspectiefnota ‘25, conform eN3tal begrotingswijzigingen. Klinkt een beetje als een hoog over besluit, maar hiermee stelt u

22

de onderliggende begrotingswijzigingen vast, die allemaal voortkomen uit de diverse tabellen. De tweede, klein haakje naar ook het resultaat uit de jaarstukken. Uit de jaarstukken komt in eerste instantie een afstort van het onverdeeld resultaat naar de algemene reserve. Dat bedrag hangt nog een beetje. Is een fors bedrag heeft u gezien. Tegelijkertijd stelt het college voor om eN3tal zaken wederom uit die algemene reserve te halen. 840.000 voor de eindafrekening van de Sportboulevard. 5,1 miljoen voor de dekking van de eenmalige uitname van het Gemeentefonds. En een bedrag terug te storten van 11,9 miljoen naar de reserve ontheemden. Mevrouw Boom-Vos: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Boom. Mevrouw Boom-Vos: Heeft u ergens misschien een plek waarin dit terug kunnen vinden? Als ik bedenk, net hebben we het over de jaarrekening gehad, dat was ongeveer 29 miljoen min nog een paar miljoen. En de rest ging voor het financiële ravijn. En daar blijft er denk ik 26 miljoen over, even grofweg. U weet dat beter. Daarvan gaan we nu 11,9 miljoen storten in de reserve ontheemden? De voorzitter: Is die conclusie juist, mijnheer Hagoort? De heer Hagoort: Dat is het collegevoorstel. En dat klopt, ja.

Mevrouw Boom-Vos: Waar kan ik de onderbouwing vinden voor dit bedrag, waarom we 12 miljoen pakken en niet 15 of 5? De voorzitter: Staat die erin of moet je dat navragen? De heer Hagoort: Ik wil de vraag graag meenemen, als u het goed vindt? De voorzitter: Ja, parkeren. De heer Hagoort: Onder kopje 3, uiteengezet welke onttrekkingen reserves, toevoegingen reserves ook voor de voorzieningen er in deze Perspectiefnota worden voorgelegd. Excuses, deze sloeg nog op de vorige, maar dit kopje 3, ook daar is een aparte bijlage voor toegevoegd. In die bijlage ziet u per jaarschijf 2024, ’25, ’26, ’27, ’28... Hier heb ik maar een kort fragment per reservenummer wat er aan u wordt voorgelegd. De bovenste tabel, die ik even herhaalde in het beeld, was met name om te laten zien dat uw besluit onder kopje 1 feitelijk het vaststellen is van de onderste regel van het financieel perspectief. En die onderste regel komt alleen maar tot stand via alle ontwikkelingen, alle mutaties die daarboven ingeschoten zijn. Dan worden de kredieten die beschikbaar gesteld worden ook stapsgewijs toegelicht. Waar vindt u al deze kredieten A tot en met L? Die staan binnen de programma’s genoemd. Dat zijn de investeringen hier op het voorbeeld, Groen, Duurzaam en Ruimtelijk. Dat zijn er 1, 2, 3, 4, 5. Die vindt u ook bovenaan A, B, C, D, E. Alleen met 1 verschil, in begrotingsprogramma's staan de kapitaallasten.

In het raadsvoorstel staat ook direct het bedrag dat aan krediet beschikbaar gesteld dient te worden als voorstel. Kopje 5, hebben wij ook kredieten die slaan op de jaarschijf 2024 die ook verhoogd worden.

23

Die komen voort uit een andere tabel in de Perspectiefnota, onder de afwijking op de investeringskredieten. Ook daar tekst en uitleg, waarom die verhoging wordt aangevraagd. En dit zijn verhogingen zonder effect op het financieel perspectief. Daar is dekking aangedragen, dekking voor handen. Helemaal aan het eind, eigenlijk meer de formaliteit aan het eind om de complete Perspectiefnota ‘25 vast te stellen voor wat betreft de overige onderdelen. En dan ziet u dat als ik het raadsvoorstel van vorig jaar erbij zou pakken, dan eigenlijk de beslispunten 1 en 6 waren toen alleen maar in beeld. We hebben met 2, 3, 4 en 5 in ieder geval de beslispunten uiteengerafeld en nu veel duidelijker laten maken waar u over besluit. Dit zijn namelijk de technische, die heb ik achter de hand gehouden, omdat ik dacht van, wellicht roept het vragen op. Het beslag van de indexaties is enorm. Dit zijn de geconsolideerde tabellen, de optellingen van de indexaties uit de verschillende begrotingsprogramma's. Het oog valt denk ik snel op onderdeel 4 aan de uitgavenkant, met een oploop 10,5 miljoen aan indexaties ten behoeve van verbonden partijen. Achter de hand heb ik ook gehouden even het beeld van de weerstandsratio, altijd een belangrijke indicator voor de raad in de jaarstukken, op 1,1 in de Perspectiefnota.

Met alle voorgestelde onttrekkingen uit de algemene reserve houden we uiteraard die ondergrens van 1,0 goed in de gaten. En met wat er nu voorgesteld wordt door het college blijft die ratio boven de 1. Daar zit wel een berekening achter. Die berekening heb ik hier rechts aan de zijkant opgenomen, want daar staan alle getallen, alle onttrekkingen die al hard of in de administratie staan vanuit eerdere Kadernota, vanuit Kadernota 2024. Maar u ziet daar bijvoorbeeld ook staan de toevoeging van een onverdeelde rekeningresultaat. En een aantal voorgestelde onttrekkingen, min 11,9, min 5,1, min 0,84 op Sportboulevard. Die bepalen wel de hoogte van de algemene reserve, wat er resteert na vaststelling van de Perspectiefnota. Dit heb ik geknipt en geplakt vanuit hetgeen dat u te wachten staat. Best wel voor mij een bekend traject. Komende tijd, technische vragenronde zit ertussen. En eentje loopt al. Die eindigt op 10 juni in de avond. Daarna kleine week om die beantwoording te doen. Er komt een tweede ronde technische vragen van 12 juni tot 24 juni in de avond. En ook daar relatief kort tijd, klein weekje om maandag 1 juli uiterlijk 4 uur die technische vragen terug te sturen via de griffie uw kant uit. En dan werken we toe naar 9 juli uiteindelijk, samen met de jaarstukken, als het goed is, om de Perspectiefnota vast te stellen.

Ik had het plan om vooral het een en ander te laten zien, wat dwarsverbanden, u de gelegenheid te geven tot het stellen van technische vragen, meenemen in de opbouw van dit relatief nieuwe product, in ieder geval nieuw in zijn vorm, en duidelijkheid te geven over de beslispunten. En daar wilde ik hem mee afronden, tenzij u uiteraard nog vragen heeft. De voorzitter: Mevrouw Schnabel. Mevrouw Schnabel: Ik had ook nog een vraag over de afwegingen of over die ombuigingen die dan voor aankomend jaar gepland staan. En ik vroeg me af, daar staat ook bij aanpak fraude in het zorgdomein. En juist bij die tweede zoekrichting wordt er gekeken naar de maatschappelijke effecten. Ik vroeg me af, waarom staat die juist hierin en volgt hij niet nog, om ook een afweging te maken hoe de andere partijen daar tegenaan kijken? De voorzitter: Is denk ik een redelijk politieke vraag, mijnheer Hagoort. De heer Hagoort: Voorzitter, dank u. Dat was ook onze conclusie.

24

De voorzitter: Mevrouw Schnabel, u moet nog even geduld hebben tot, pak hem beet, de algemene beschouwingen. Mevrouw Schnabel: Excuus. De voorzitter: Mijnheer Gündogdu. De heer Gündogdu: Voorzitter, dank u wel. Wat ik ook in deze discussie wil ingooien, is dat natuurlijk we landelijk bezig zijn met een nieuw kabinet en ook de voornemens van het nieuwe kabinet. En ook straks zullen zij plannen maken voor de komende jaren. Ook een financieel perspectief en de effecten daarvan op lokale overheden. Wanneer verwacht u daar enigszins inzage in te krijgen? We kunnen geen toekomst voorspellen. Maar op het moment dat dat nadelige effecten heeft, buiten het Gemeentefonds om, hoe worden wij geïnformeerd? De voorzitter: Kunt u daar antwoord op geven? Een beetje in de toekomst kijken. De heer Hagoort: Ja, kort. Toekomst van wat ik zie. Mijn circulaire doorrekening wordt momenteel voorbereid. Daar weet ik serieus nog niets van hoe dat uitpakt voor de gemeente Dordrecht. Aanvullend krijg je eigenlijk gewoon het ritme van de diverse circulaires, waar kabinetsbeleid uiteindelijk via de accressystematiek tot uiting komt. En dat is eigenlijk, alle gemeentes volgen dat ritme en pikken daaruit op wat nieuw beleid gaat betekenen voor gemeenten. De voorzitter: Mijnheer Gündogdu, zullen we ook deze vraag verder anders schriftelijk laten beantwoorden? Ja? Hij is genoteerd.

Mevrouw Boom, ik zag u ook nog. Mevrouw Boom-Vos: Dank u wel. Dank u wel voor de toelichting. Fijn nog een keer bevestiging, we doen nu de Perspectiefnota 2025 besluiten. Daarna gaan we het traject richting 2026 inzetten. Daar zal met de Perspectiefnota 2026 besluiten genomen worden. Als ik de stukken nu lees, dan zie ik een uitdaging voor ’26. ‘25 krijgen we mooi rond. Dat geeft rust. Dan hebben we voor ‘26 23 miljoen uitdaging te gaan. Ik dacht, maar dat kan mijn interpretatie zijn, dat is mooi, ons jaarrekeningresultaat geeft de ruimte voor 2026 om besluiten te maken. Want hoe groot is het risico dat als wij ombuigingen 2026 gaan starten dat die gewoon nog niet in te boeken zijn voor 2026? De voorzitter: Mijnheer Hagoort, kunt u daar iets mee? De heer Hagoort: Ik geef hem aan collega Van Genderen. De voorzitter: Mag ook uiteraard. Mijnheer Van Genderen.

De heer Van Genderen: Dank u wel, voorzitter. Een paar antwoorden daarop. Die wegen we inderdaad mee. De uitdaging ’26, uw vraag is als ik hem goed interpreteer, het is een omvangrijke opgave. Dat is één. Maar twee, als je nu gaat voorbereiden, kun je dan eigenlijk die opgave wel realiseren in ’26? Dat is een terechte vraag. Daar hebben wij ook nog niet helemaal het antwoord op. Gaan we echt ook wel bekijken. Maar de

25

oplossing die u erbij geeft van, kun je misschien nog met incidenteel geld iets doen, die nemen we uiteraard ook mee. De voorzitter: Genoeg, mevrouw Boom, of heeft u nog... Mevrouw Boom-Vos: Nog even één vervolg... Want ik zou graag dan een inzicht hebben hoe groot onze reserves zijn na de verwerking van de jaarrekening en deze Perspectiefnota? Zijn die dan leeg of vol? De heer Hagoort: Ik geef in ieder geval mee dat wij in de opmaat naar de begroting 2025... In de begroting staat sowieso de bijlage, staat van de reserves. Maar wij voeren een ambtelijke screening op de reserves uit. Die zouden we normaal bij de Perspectiefnota doen. Alleen die is verschoven, gelet op dat het interfereert met het ombuigtraject. En wij maken daar in ieder geval inzichtelijk waar de afweegbaarheid in reserves zit. En tegelijkertijd is dat ook het momentum om te kijken, wat is die omvang van die reservepositie? En wat is daarbinnen beklemd en wat is niet beklemd, oftewel afweegbaar? Dat inzicht hebben wij wel op de rol staan. De voorzitter: Dan denk ik dat wij naar een afronding toe kunnen. Dan ga ik u in ieder geval vragen of u voldoende informatie heeft gehad, of u hiermee uit de voeten kan, aan het werk kan richting algemene beschouwingen? Mijnheer Gündogdu.

De heer Gündogdu: Ik heb nog niet de gelegenheid gehad om alle stukken tot mij te nemen, maar uiteraard gaan we technisch vragen ook stellen. Maar bent u ook bereid, misschien ook voor andere collega's die vandaag niet aanwezig zijn, om een tweede, vergelijkbare sessie te organiseren? De voorzitter: Ik ga niet over hun agenda hoor, maar ik zou zeggen, je moet hier zijn. Dit was duidelijk bekend. Maar als zij zeggen, in mijn vrije tijd wil ik het best doen, ga ik het niet verbieden. Maar als je het op mij vroeg, wist ik het antwoord. Mijnheer Hagoort. De heer Hagoort: Daar kan ik op aangeven, als dat verzoek er is, we nemen de verzoeken in ieder geval in ontvangst. De voorzitter: Mijnheer Gündogdu, daar kunt u het even mee doen, denk ik. Mooi antwoord. Dan, als u nog heel even geduld hebt, ga ik afronden. Met de conclusie, u weet de eerste technische vragenronde is gestart en die eindigt de tiende, dan moeten de vragen binnen zijn. En die worden dan binnen een week beantwoord, zodat voor de algemene beschouwingen u de antwoorden heeft. Dan komt er daarna, op 2 juli, nog een oordeelsvormende Dordtse Dinsdag. En dan houden we rekening met de uiteindelijke finale besluitvorming op die mooie, prachtige laatste raad van het jaar op 9 juli. Volgende week spreekt de Auditcommissie nog over de Perspectiefnota, om er een advies over te vormen.

En er is mij zojuist ook ingefluisterd dat BDO, de accountant, bij die Auditcommissie komt met een reflectie op de Perspectiefnota. Zij laten dan ook hun licht erover schijnen. En dat was volgens mij zo ongeveer wat ik mee wilde delen. Dan rest mij nog om u te danken voor uw inbreng. De heer Katif: Voorzitter.

26

De voorzitter: U mag zo, mijnheer Katif. De heer Katif: Sorry. De voorzitter: Ik maak de zin even af en dan mag u. De heren te danken voor de presentatie en alles wat daarmee te maken had. Beantwoording van de vragen. En mijnheer Katif mag dan nog een nabrandertje geven. De heer Katif: Voorzitter, ik dacht dat u ging afronden en klaar was, maar ik wilde even de ambtelijke organisatie bedanken voor de heldere uitleg van de Perspectiefnota. Mijnheer Hagoort deed mij denken aan de collegebanken waar ik een aantal jaren gezeten heb. Dank u wel. De voorzitter: Heeft u daar gezeten? De heer Hagoort: Dank u wel, mijnheer Katif. De voorzitter: Heel aardig van u, mijnheer Katif. 4. Vragenhalfuur Voorzitter: De heer Schalken-den Hartog Raadsgriffier: Mevrouw Wepster Verslag: NotuBiz Aanwezig: Mevr. Kamphuis (SP) Dhr. Katif (Beter Voor Dordt) Dhr. Kleinpaste (Gewoon Dordt) Mevr. Kruger (GroenLinks) Dhr. Van der Net (VVD) Mevr. Stolk (VSP) Dhr. Stolk (VSP) Dhr. Wringer (Beter Voor Dordt) Portefeuillehouders: wethouder M. Burggraaf, wethouder C. van Benschop, wethouder R. van der Linden, wethouder T. de Jonge, wethouder M. Merx.

De voorzitter: Beste mensen, het is zeven uur. Welkom bij het vragenhalfuurtje van dinsdag 4 juni. We hebben zes vragen. En we willen alle vragen aan bod laten komen. Graag kort, krachtig een toelichting op de vraag en dan ook een kort krachtig antwoord vanuit het college, zodat we alle vragen netjes kunnen behandelen. De eerste vraag is een vraag met betrekking tot leefbaarheid en overlast. Er zijn daar vragen over vanuit de VVD en Beter voor Dordt. Ik geef als eerste het woord aan de VVD en daarna het woord aan Beter voor Dordt. En vervolgens kan de portefeuillehouder in één keer antwoorden, hopelijk. Van de VVD, de heer Van der Net, gaat uw gang.

27

De heer Van der Net: Dank u wel, voorzitter. Kort en bondig. Wij hebben wat mensen al gesproken ook. En de leefbaarheid op het Beverwijcksplein is op dit moment wel een probleem. En daarnaast hebben we ook nog een keer vernomen dat bij het Wantijpark een het Wantijbad, bij de parkeerplaats daar, dat daar ook dingen plaatsvinden die het daglicht niet kan velen. En wij hebben daar de volgende vragen over. Ik neem aan dat het college bekend is met de problemen op het Beverwijcksplein en bij de parkeerplaats. De vraag is, wat voor maatregelen neemt de gemeente nu? Ook omdat de woordvoerder van de gemeente heeft gezegd dat er nog niet wordt nagedacht over aanvullende maatregelen. En bent u voornemens om aan de wens van de bewoners tegemoet te komen en cameratoezicht te gaan uitoefenen op genoemde plekken? En zo nee, wat voor andere maatregelen bent u plan om te gaan nemen? Dat was hem, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Katif van Beter voor Dordt. De heer Katif: Voorzitter, ik zal maar gelijk even beginnen met de vragen, dan bespaar ik u ook de tijd. We hebben een aantal vragen aan het college ten aanzien van het Beverwijcksplein en met name de veiligheid daar rondom het plein.

Uiteraard, is het college op de hoogte van de ernstige overlast en onveiligheid op het Beverwijcksplein, die door buurtbewoners wordt ervaren? Zo ja, is het college het met Beter voor Dordt eens dat er meer moet gebeuren om deze overlast aan te pakken? Vindt het college de huidige maatregelen wijkverboden, fouilleren effectief? Zo ja, welke resultaten zijn er bereikt? Zo nee, welke aanvullende effectieve maatregelen worden overwogen? Is het college bereid om een aantal preventieve acties te overwegen? Zo ja, aan welke acties denkt het college op korte termijn? Graag een toezegging. Welke langetermijnoplossingen ziet het college om de leefbaarheid van het Beverwijcksplein en de omliggende straten te waarborgen en de overlast blijvend terug te dringen. Graag ook een toezegging. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dit was een toelichting op de vragen. En het is een vraag richting wethouder Merx. Gaat uw gang. De heer Merx: Dank u wel, voorzitter. Goede vragen. Punten die wij ook wel zien en herkennen en erkennen. Laat ik beginnen met het Wantijbad. Daarover één van de vragen was, het college denkt niet na over maatregelen. Ik weet niet waar u het vandaan heeft. Uit de krant? Onze reactie aan de krant was, beste journalist, ik kan je op dit moment geen reactie geven op de brief. Het is een brief aan de gemeenteraad.

En de komende dinsdag besluit de Agendacommissie hoe deze beantwoord gaat worden. De kans is wel groot dat dit via het college zal zijn. Maar dan is de juiste volgorde wel om eerst te reageren naar de inwoners die we de brief hebben gestuurd en niet via de krant. Dat was het antwoord aan de krant. En dat vinden wij ook belangrijk, omdat deze mensen een brief sturen en we graag de reactie die ik nu gaan geven eerst aan hen hadden willen geven. En de reactie is, we hebben in de afgelopen twee jaar welgeteld twee meldingen gehad via Fixi. En we hebben daar heel de buurt bekeken, wat zijn er voor meldingen? Het blijft bij twee meldingen jeugdoverlast, ook wel gerelateerd aan afval. Op 26 april heeft onze wijkmanager een uitnodiging gehad om op gesprek te komen bij het buurtcomité of buurtvereniging, omdat ze een aantal onderwerpen met haar wilden bespreken. Op die dag kon onze wijkmanager niet. Maar die heeft op 30 april gereageerd via de mail. Fijn, ik wil graag

28

met u in gesprek. Kunt u precies aangeven welke onderwerpen u wil bespreken, want dan kan ik de informatie ophalen uit de organisatie. En dan kan ik dat met u bespreken op een datum die we samen vaststellen. Daar is nog geen reactie op gekomen. Vervolgens is dan wel een brief of een artikel in de krant geschreven en een brief aan de gemeenteraad. En dat is waar we nu staan. Wij staan nog steeds uiteraard, zoals we voor iedereen openstaan om een gesprek aan te gaan. Wij hebben de surveillance wat opgeschroefd daar in die omgeving, om te kijken wat er daar precies aan de hand is. We zullen ook mensen die daar staan aanspreken. Nou is het niet verboden om ergens te staan, maar wel vervelend als je daar rotzooi achterlaat. We zullen tegen die mensen ook zeggen, dat zijn jullie zeker niet geweest, maar die anderen die hier voor jullie waren die dit achtergelaten hebben. Maar let erop, als dit niet verbetert, dan zouden er weleens maatregelen kunnen volgen, waardoor dit een plek wordt waar je straks niet meer met elkaar leuk kan chillen of zo. Dat wil je volgens mij ook niet. Dat is wat we gaan doen. Het is echt niet zo dat wij niet nadenken over maatregelen. Dit is wat we weten. Dit is wat we gedaan hebben. De heer Van der Net: Mag ik heel even aanvullen, voorzitter? De voorzitter: Even, want we willen alle vragen aan de orde laten komen.

De heer Van der Net: Dat begrijp ik, maar de wethouder heeft het over het Wantijbad en aanvallende maatregelen. Maar mijn opmerking daarover ging wat er in de krant werd gezegd over het Beverwijcksplein even. De voorzitter: Ik hoop dat de heer Merx met betrekking tot het Beverwijcksplein nog in één minuut wat kan zeggen, want dan gaan we naar de volgende vraag. De heer Merx: Daar ga ik op in. Daar geldt hetzelfde voor. Ook daar zijn wij druk bezig. Dat zijn echt wel even ander type problemen. Ik neem even de vraag van de heer Katif mee, zijn de maatregelen zoals preventief fouilleren en wijkverboden effectief? Ja. En dat is de reden waarom ze nu op het Beverwijcksplein zijn. Dit is een groep mensen die eigenlijk overal lak aan heeft. We hebben interventieteams, we hebben een kernteam die echt wel doorpakt bij overlastgevende mensen, maar die hebben vaak nog een sociaal netwerk achter zich staan die wij kunnen aanspreken om te zorgen dat die mensen zich gaan gedragen. Dat is behoorlijk effectief. Maar bij deze groep werkt dat gewoon niet, want deze hebben geen sociale achtervang. Kunnen ze ook niet aanspreken. We zetten daar gewoon op in. We blijven daarop controleren. Als het nodig is, dan zullen we ook gewoon een wijkverbod opleggen. Daar gaan we ook niet heel voorzichtig mee om. En dat varieert van 28 uur naar 2 weken naar 6 weken naar 3 maanden.

Nou moet ik even mijn leesbrilletje erbij pakken. Het tegengaan van verrommeling in die omgeving. Vaker gaan we opruimen, de containers weg, leegstand van het oude GWA kantoor gaan we nog eens even goed onder de aandacht nemen. En we gaan eens kijken of de Suswachten daar ook een mooie rol kunnen spelen. En omdat het uiteindelijk gaat om personen die we dan misschien wel weer daar weg krijgen, en dat is een inzet erop, maar die duiken dan weer ergens anders op. Het zijn mensen die zo nu en dan ook op Rijkskosten langdurig wat langer verblijven in een hok, waar de sleutel aan de andere kant zit. Maar als ze weer vrij worden gelaten, dan komen ze ook weer vrolijk terug naar Dordrecht. Het is een hardnekkige groep. Het is niet van vandaag

29

op morgen oplossen. Ik denk dat we daar een echt een lange adem voor moeten hebben. En in die tussentijd blijven we ze als het ware rondpompen door de stad, want dat is wel het effect van wat we tot nu toe kunnen doen. Even kijken. En dan denk ik dat ik bijna alle vragen beantwoord heb. Maar er was ook nog iets met.. Ik zag nog iets met cameratoezicht, een vraag. Dat zetten we echt wel. Er zijn verschillende plekken in de stad waar we het doen, maar dan moet het wel objectief vastgesteld zijn dat het daar ook echt nodig en effectief is. Is dat voldoende, voorzitter? De voorzitter: Vanwege de tijd moeten we het hier ook echt bij laten, want anders kunnen de andere vragen niet aan de orde komen. Dan moet u het echt op een andere manier nog even met de wethouder opnemen, want anders kunnen de andere vragen niet aan de orde komen. De heer Katif: Dan zullen we gewoon even schriftelijke vragen stellen, want er zijn twee antwoorden, met name de avond daar hebben de bewoners. De voorzitter: Dat is uw goed recht. De heer Katif: Doen we. Dank u. De voorzitter: Ik ga naar de volgende onderwerpen. En die zijn door de VSP en GroenLinks ingebracht. Eerst het woord kort aan de VSP en daarna aan GroenLinks. En aansluitend kan de wethouder in één keer antwoorden op de vragen. Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voorzitter, dank. De VSP ontvangt regelmatig klachten over de zorg in PZC Dubbelmonde.

En dat is niet de eerste keer dat wij dit nu aan de kaak stellen. Helaas blijkt dat, ondanks toezeggingen tot verbetering, onlangs een zeer triest incident heeft plaatsgevonden. Lees ook, AD De Dordtenaar heeft hierover een artikel geplaatst. Een vrouw van 95 slaapt een nacht in een sta-op-stoel. In dit artikel worden meerdere recente misstanden met betrekking tot de zorg vermeld. De VSP is van mening dat ouderen ook gewoon inwoners zijn van onze stad, die recht hebben op passende zorg en bescherming. De VSP heeft dan ook de volgende vragen. Hoe werkt de wethouder, college samen met PZC Dubbelmonde op het gebied van zorg, gezien de recente incidenten en de beloftes tot verbetering. Welke acties onderneemt de wethouder om fatsoenlijke zorg voor kwetsbare ouderen te waarborgen en herhaling van incidenten te voorkomen in de instelling? Deelt de wethouder de mening dat zij moet opkomen voor de belangen van deze kwetsbare groep ouderen? Zo ja, op welke manier wordt dit opgepakt? En zo nee, waarom niet? Dat was het, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Kruger, u heeft nog aanvullende vragen op dit onderwerp. Mevrouw Kruger: Ik wil gewoon even mijn stukje doen. Mevrouw Stolk heeft al duidelijk aangegeven waarover het gaat. En naar oordeel van GroenLinks vinden wij ook dat hier echt iets in moet veranderen.

We hebben hier al contact over opgenomen met onze landelijke collega's, want ook daar zouden maatregelen genomen kunnen worden. Echter menen we dat er hier lokaal iets moet gebeuren. We moeten instaan voor de veiligheid

30

en goede zorg voor onze inwoners, zoals mevrouw Stolk ook al aangaf. En we begrijpen dat de eerste weg voor de gedupeerden is om naar de inspectie te gaan. Echter een en ander is niet makkelijk na een vaak intensief traject. Vooral wanneer je als gedupeerden al vermoeid bent met het eerder oplossen van de hiaten in de zorg door intensieve mantelzorg. Ook al is de gemeente, zo begrijpen wij, in deze geen toezichthouder, is de wethouder het dan toch met ons eens dat wij er alles aan moeten doen om onze inwoners te beschermen tegen misstanden in de zorg? En zo ja, wat zou de wethouder kunnen betekenen in deze om de gedupeerden nu en ook in de toekomst daarin te kunnen ondersteunen? De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting. Ik ga naar de wethouder Van der Linden denk ik. Of nee, mevrouw Benschop. Mevrouw Benschop: Dank u, voorzitter. Deze vragen zijn inderdaad al een keer eerder, niet in deze vorm, maar wel ongeveer gesteld ook door de VSP. En eigenlijk is de algemene strekking van de vragen of het college van mening is dat we goede zorg zouden moeten hebben voor onze kwetsbare inwoners, onder andere in dit geval de ouderen. En natuurlijk is het college dat echt van mening. Wij vinden echt dat ouderen, ook andere mensen die zorg ontvangen goede zorg moeten krijgen en dat die zorg van goede kwaliteit moet zijn.

Het probleem waar we hiertegen aanlopen, of het probleem, het issue wat hier speelt, is dat dit gaat om Wlz-zorg. Dit gaat om zorg geleverd vanuit de Wet langdurige zorg. En dat betekent dat PZC in deze niet samenwerkt met de gemeente of met de sociale dienst vanuit de Wmo, maar vanuit de Wlz met het zorgkantoor samenwerkt. Dat betekent ook dat wij geen toezichthoudende rol hebben. Dat die toezichthoudende rol belegd is bij het zorgkantoor. En uiteindelijk natuurlijk bij incidenten of bij misstanden de inspectie. Dat betekent niet, want ik deel de mening dat wij kwetsbare inwoners hebben waar de zorg goed moet zijn, dat we niet proberen om in ieder geval in contact te blijven, in dit geval met PZC, naar aanleiding van signalen die we zowel vanuit de raad als vanuit de krant als vanuit inwoners krijgen. Dat heb ik dan ook gedaan. Ik heb weer bestuurlijk contact opgenomen met de bestuurder van PZC, om in ieder geval het gesprek te kunnen voeren van, wat is er aan de hand? En wat ik al de vorige keer heb uitgelegd, is dat hier sprake is van een traditioneel woonzorgcentrum, dat was het, waar het veel meer gaat over verzorging. Het Rijk heeft daarvan gezegd, dat gaan we niet meer doen. Dat financieren we niet meer. We hebben alleen nog verpleeghuisplekken. Wat betekent dat daar mensen gehuisvest worden die zwaardere zorg nodig hebben.

Dan gaat het niet meer zozeer om verzorging, maar om zorg. PZC zit nu in die transitie. Eigenlijk zou dat niet kunnen, want er mogen niet meer verpleeghuis plekken bijkomen. In dit geval hebben zij een deal kunnen sluiten met hun financier, het zorgkantoor. En zij erkennen ook wel dat daar dingen niet goed gaan. Als het dan gaat over, wat kunnen wij doen op dit niveau, dan is dit zover als de bevoegdheid strekt. De raad heeft hier ook geen bevoegdheid. Maar ik snap wel dat het over onze inwoners gaat. Ik heb ook met die bestuurder gesproken van, wat kunnen we de raad dan wel bieden? En daar is uit voortgekomen dat hij aanbiedt om namens PZC Dubbelmonde de raad een uitnodiging te doen om daar te komen kijken van, waar komen we vandaan, waar gaan we naartoe? En dan ook bestuurlijk het gesprek te kunnen voeren over al die signalen die u ontvangen heeft. Dan ben ik ertussenuit als tussenpersoon, omdat ik niet kan handhaven, ik kan

31

geen toezicht houden, ik heb daar verder geen zicht op, maar u kunt in ieder geval alle vragen, signalen delen met de bestuurder. Ik zal zorgen dat dat via de griffie, via PZC zelf tot een uitnodiging komt. En dan sorry, voorzitter, maar nog even een klein stukje. Er werd ook nog gevraagd, mensen die hier tegenaan lopen en die al een intensief mantelzorgtraject vaak achter de rug hebben, wat kunnen die doen? Vanuit de Wlz is er cliëntondersteuning mogelijk. Vaak wordt die wel verleend aan de zorgvrager. De vraag is even, is in een dergelijk geval wat nu in de krant stond dan dat toereikend? Maar wat wij in ieder geval kunnen doen... Wij hebben ook onafhankelijke cliëntondersteuning vanuit de Wmo. Dat hebben we belegd bij MEE Mantelzorg. Ik kan u in ieder geval toezeggen, ik ga ervan uit dat beide partijen contact hebben met de getroffene die nu het verhaal in de krant heeft gedaan, dat wij haar koppelen aan iemand die in dit proces met haar mee kan lopen. Mevrouw Stolk: Voorzitter, heel kort. De voorzitter: Ik zou graag willen, maar we lopen nu al vijf minuten uit. Mevrouw Stolk: Ik wil één korte... Dat mocht mijn collega ook. Eén korte vervolgvraag. De voorzitter: Een vervolgvraag kan echt niet meer. Dat moet u echt dan even een-opeen met de wethouder doen. Anders doe ik ook geen recht aan de andere mensen die hun vraag hebben ingediend. Het spijt me echt.

Mevrouw Stolk: Waarvoor hebben we dan dit vragenhalfuurtje? De voorzitter: Om iedereen de kans te geven... Mevrouw Stolk: Kunnen we dat dan niet beter gewoon afschaffen? De voorzitter: We gaan op een ander moment deze discussie voeren. Ik probeer echt mijn best te doen om... Mevrouw Stolk: Het gaat hier over kwetsbare ouderen. Kwetsbare ouderen die niet voor zichzelf op kunnen komen. De voorzitter: Zeker. Mevrouw Stolk: En daarvan zegt u nu, daar mag u niet over praten. De voorzitter: Dat zeg ik niet. U heeft uw vraag kunnen stellen. U heeft antwoord gekregen. Een vervolgvraag kan op dit moment even niet. Ik ga naar de SP, naar mevrouw Kamphuis. Mevrouw Stolk: Dan doe ik het wel op een andere manier. De voorzitter: En die heeft een vraag die gaat over het water in de Merwelanden. Mevrouw Kamphuis: Dank u wel, voorzitter. De Merwelanden, toch zwemmen hier, zoals ik twee weken geleden ook zelf gezien heb, nog vaak kinderen. Zaterdag 1 juni liep ik vroeg langs de zwemplas waar de kleine kinderen zwemmen en zag daar een vreemde

32

waas over het water, zie foto. Daar wij ons zorgen maken over de gezondheid van de kinderen, willen wij de volgende vragen stellen. Eén, weet u wat de gloed is op het water? Zo nee, wilt u dat laten controleren? Vraag twee, wordt het water nog steeds gecontroleerd op andere ziekmakende stoffen? Zo nee, waarom niet? N3, wilt u het nog duidelijker aangeven dat daar een negatief zwemadvies is? Bijvoorbeeld borden bij elke toegang van de plas. Want als je naar de plas toegaat, dan staan er twee mooie grote borden, maar niet bij de parkeerplaats. Zo nee, waarom niet? De voorzitter: Dank u wel. Wie vanuit college mag ik hierover het woord geven? Mevrouw De Jonge. Mevrouw De Jonge: Dank u wel, voorzitter. Laat ik beginnen met, het college verontrust het ook als wij horen en zien dat er mensen toch zwemmen in deze plas, ondanks het negatief zwemadvies. En voordat 1 mei zwemseizoen weer begon, heb ik contact gehad met de Gedeputeerde van, wat gaat u doen dit zwemseizoen? En toen was natuurlijk ook net het heerlijke weer in het begin van de vakantie. En toen kregen wij al de signalen. Heb ik nog een keer contact opgenomen van, weet u dat dit aan de hand is? Zij zijn verantwoordelijk. En hun Omgevingsdienst helpt hen daarbij. En toen hebben we ook met elkaar afgesproken dat er borden kwamen, en die staan er ook, bij de ingang en de looppaden richting Merwelanden.

Dat hebben we in ieder geval met elkaar ook afgesproken. En we hebben daar vanmiddag nog een keer expliciet naar gevraagd van, we hebben signalen doorgekregen. We krijgen nu vandaag weer signalen. Wat gaat u nu doen? Er wordt nog een keer goed gekeken naar bebording. En we hebben ook afgesproken dat op het informatiebord waar nu slechts heel summier onder in een mededeling staat van negatief zwemadvies, vanwege de PFAS, dat dat prominenter op het bord terecht gaat komen. Zodat hopelijk mensen zich er wel aan houden. We hebben ook in het begin onze boa’s er wat frequenter langs laten gaan om ook het gesprek aan te gaan met degenen die aan het zwemmen zijn. En vooral de ouders, als het kleine kinderen zijn. We hopen dat daar dan het effect van is. Maar tegenhouden kan op dit moment niet. Dat is ook gelijk uw vraag van, wat gebeurt er op dit moment? Over uw vraag van, wat was er op het water? Hebben we ook laten navragen bij de Omgevingsdienst. De laatste meting was 21 mei. Toen bleek er niks afwijkends vanuit de zwemkwaliteit. Het zou misschien blauwalg kunnen zijn. Vandaag stond de reguliere meting weer gepland en is ook uitgevoerd. Als het goed is, is over een paar dagen bekend of er afwijkende hoeveelheden zijn gevonden van een stof, een bacterie of iets anders. We controleren dat vanuit het reguliere toezicht nog steeds van zwemadvies.

En we zijn uiteraard ook bezig met het monitoringsprogramma vanuit de PFAS met het waterschap. We controleren echt heel veel op dit moment. Mevrouw Kamphuis: Voorzitter. De voorzitter: Ik heb ook echt geen tijd voor een vervolgvraag. Mevrouw Kamphuis: Ik heb geen vraag, maar daar zijn geen borden geplaatst.

33

De voorzitter: Daar moet u we dan echt nog even contact over zoeken met de wethouder. Ik ga naar de heer Kleinpaste van Gewoon Dordt. Die heeft een vraag rondom de plannen van het station. De heer Kleinpaste: Dank u wel, voorzitter. Het zal u niet verbazen dat wij verrast waren door een artikel in het AD dat de gemeente zou afzien van de door Mecanoo ontwikkelde plannen. Vooral omdat we ze met enthousiasme eerder hebben omarmd. Ze zouden niet uitvoerbaar zijn. Dat brengt ons bij de vraag of er buiten de financiële overwegingen andere redenen en argumenten zijn om de ambities die destijds door Mecanoo zijn opgesteld nu te verlaten. Daar willen wij graag duidelijkheid over hebben, voordat we er beeldvormend en oordeelsvormend over kunnen gaan spreken. De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting. Ik denk de heer Burggraaf. Nee, ik zit echt wel fout iedere keer. De heer Van der Linden: We hebben ook zes wethouders. De voorzitter: Gaat uw gang, mijnheer Van der Linden. De heer Van der Linden: Dank u wel. Dank voor de vraag. De plaatjes die u heeft gezien en die veel enthousiasme hebben opgeroepen, die komen natuurlijk uit de Ontwikkelvisie van een paar jaar geleden. Die heeft ook gediend als basis voor het ontwerpbestemmingsplan en voor alle andere planontwikkeling die we nu doen. We zitten nu in de fase van een MIRT-verkenning, zoals dat officieel heet.

U weet, twee jaar terug hebben we een stevig bedrag toegekend gekregen als Oude Lijn steden om die MIRT-verkenning te gaan doen. Waarbij je ook gaat zien van, wat enerzijds je droom is, hoe wil je er graag uit hebben zien? En anderzijds, wat is daar technisch voor nodig? Bijvoorbeeld in ons geval, welke ondergrondse of bovengrondse passages zijn dan nodig? Hoe zit het er met de perrons? Hoe zit het met de kwaliteit van het stationsgebouw? Kortom, in zo’n MIRT-verkering komen allerlei technische aspecten aan de orde die je nu of op termijn zou willen oplossen. En dan komt ook de confrontatie met het budget. Daar zijn we nog helemaal niet uit, want die MIRT-verkenning loopt nog. Dat is vorige week in toelichtende zin besproken. Daar zijn nog geen conclusies aan verbonden. We weten nog niet of we alleen maar een tunnel of ook één of twee bruggen over het stationscomplex heen gaan voorstellen of ontwikkelen. Daarmee gaan we hier natuurlijk wel nu een paar stappen verder dan de droomplaatjes van de Ontwikkelvisie. Dat het er iets anders uit gaat zien dan zoals daar omschreven, dat is een zekerheidje. Maar we hebben niet losgelaten dat we over het station heen ofwel er onderdoor of misschien allebei als kansrijk en ook nodig zien. En later in het proces komen daar de definitieve voorstellen voor. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel.

Gezien de tijd, het spijt me echt, dan ga ik naar de volgende vraag. En die komt van de VSP. En die gaat over de stamlijn. En mijnheer Stolk kan hem toelichten. De heer Stolk: Voorzitter, dank u wel. De uitgebreidere versie staat op papier bij de RIB. En wat ik voor ga lezen, bij het werkbezoek Zeehavengebied van vorige week dinsdag is geargumenteerd waarom het opheffen van de stamlijn niet mogelijk is. Hiervoor is een

34

indrukwekkend aantal cijfers overlegd van onder andere 1.000 vervoersbewegingen, wat staat voor 32.000 vrachtauto's. Voorzitter, de VSP wil graag weten, hoe denkt het college erover, kan het überhaupt nog in de visie Zeehaven en in de gebiedsontwikkeling Maasterras ingevuld worden? Wij maken ons erg bezorgd dat er meer geschat gaat worden. De voorzitter: Dank u wel. Vanuit het college, de heer Burggraaf. Nu wel goed. De heer Burggraaf: Inderdaad, correct. Dank u wel, voorzitter. Voor iedereen die er niet bij was, vorige week hebben we een werkbezoek aan de Zeehaven hier in Dordrecht gehad. En daar was de heer Van der Oever aanwezig, die het traject voor een nieuwe Zeehavenvisie richting 2040 begeleidt. En dat doen we samen met het Havenbedrijf. En zoals ik daar ook heb toegelicht, samen met de heer Van der Wal van het HBR, hoe we die visie gaan vormgeven. Maar daar hoort ook een foto bij van hoe het gebied er nu bij ligt en hoe de verschillende modaliteiten, zoals dat heet, het water, het spoor en de weg gebruikt worden. En die foto nu laat zien dat die stamlijn een twintig jaar terug ongeveer door vijftien bedrijven werd gebruikt. En op het moment nog door vier bedrijven. En dat kunt u ook met zijn allen wel vaststellen dat de route, zoals de stamlijn nu door het Maasterras loopt en ook de wegen kruist, niet een robuuste aantakking is door stedelijk gebied.

Tegelijkertijd is het in ieder geval voor die vier bedrijven in de Zeehaven zeer belangrijk dat die spoorverbinding er is. Dat is ook evident. En dit vraagstuk zullen wij met betrekking tot de Rijksinfra in het Maasterras, waaronder de stamlijn, maar ook het ProRailemplacement onder de loep nemen. Daar zijn we over in gesprek met de partijen. En een onafhankelijk procesbegeleider helpt ons daarbij. Dit traject is net gestart. Het is nu nog te vroeg om daar een definitief eindantwoord op te kunnen geven. Maar daar zullen we u natuurlijk meenemen in de vele sessies die we inmiddels op het Maasterras hebben gehad en nog ongetwijfeld zullen volgen.

De voorzitter: Dank u wel. Volgens mij is de oproep vanuit de VSP in ieder geval duidelijk. Ik ga naar de laatste vraag, om iedereen de kans te geven zijn vraag te stellen. En dat is een vraag die is ingebracht door Beter voor Dordt. En die gaat over de verkeersveiligheid op de Singel-Vrieseweg. De heer Wringer. De heer Wringer: Dank, voorzitter. Ik zie nog zes minuten. Tijd genoeg voor een vervolgvraag straks. Rij niet te hard, het is geen Mariokart. Misschien heeft u vorige week ook de protesterende kinderen gezien op de hoek van de Singel en de Vrieseweg. Samen met de zelfgemaakte verkeersborden protesteren ze door middel van boegeroep en duimpjes naar beneden tegen auto's die te hard rijden over de Singel. Ondanks dat er borden staan dat er 30 kilometer gereden mag worden, is de straat niet ingericht als een echte 30 kilometerstraat. En zolang de straat niet ingericht is als een 30 kilometerstraat kan er niet goed gehandhaafd worden en wordt er gewoon 50 kilometer of harder gereden. Beter voor Dordt heeft daarom de volgende vragen. Ik neem aan dat het college op de hoogte van de situatie. Is het college bereid om het weggedeelte van de Singel tussen de Vrieseweg en de Blekersdijk met spoed in te richten als een echte 30 kilometerstraat. En zo niet, welke maatregelen gaat het college dan ondernemen om de veiligheid van de kinderen te verhogen? Dank u.

35

De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Van der Linden, neem ik aan. De heer Van der Linden: Dank voor de vraag. Heldere vraag ook. De huidige inrichting van de Singel is resultaat van de uitvoering die we in ’14, ‘18, 2014, 2018 voor de duidelijkheid hebben gegeven aan de Singel. Dat was het Verkeersplan Centrum. Dat hebben we toen uitgevoerd. Het was destijds een 50 weg, waar soms echt wel tegen de 60 werd gereden. Inmiddels is een 30 weg, die natuurlijk op een aantal punten is onderbroken, waar 30 en ook weleens wat harder wordt gereden. Maar de gemiddelde snelheid is fors gedaald. Er zijn een aantal maatregelen genomen in de loop van die jaren. Wegversmallingen, drempels waar het kon, hier en daar een plateautje, de bochten zijn aangescherpt. En dat heeft tot goede resultaten geleid. Er zijn 2 dingen die we niet hebben kunnen doen, zodat het niet een helemaal 30 kilometerinrichting is op alle plekken. Namelijk op onderdelen is de weg breder, namelijk geen 5 meter, maar 5,90 meter. Dat heeft te maken met het feit dat het ook een weg is waar je nood- en hulpdiensten snel wil laten kunnen passeren, als dat nodig is. En het tweede is, idealiter doe je in een 30 kilometerstraat een klinkerweg. Dat hebben we hier niet gedaan.

Dat had met kosten te maken en met de kwaliteit van het asfalt wat er ligt, maar ook met het feit dat dat geluidseffecten heeft die je ook niet wilt, omdat je daar natuurlijk met heel veel panden zit waar gewoond wordt. En al met al hebben we met de snelheidsremmers die we hebben kunnen aanleggen, drempels, plateaus, enzovoorts voldoende effect weten te bereiken. Kunnen we dan helemaal niks doen? Wat we kunnen doen, is in ieder geval op korte termijn zo’n matrixbord plaatsen. Dat hebben we vaker gedaan op de Singel. En dat heeft een tijdelijk effect, maar dat heeft wel een effect. We hebben nu net de Mobiliteitsvisie vastgesteld in het college, zoals u weet. Die gaan we vanavond voor het eerst technisch bespreken. Volgend jaar is de bedoeling dat er wijkplannen voor komen. Daar kan natuurlijk ook iets uitkomen dat effect heeft op de Singel. In het meerjarenonderhoudsprogramma staat de Vrieseweg opgesomd. En daar worden nu plannen voor gemaakt om die, als die toch onderhouden wordt, ook aan te passen. Daar wordt natuurlijk de buurt en ook de scholen bij betrokken. Tot zover even. De voorzitter: Dank u wel. Nogmaals richting iedereen, het spijt me dat ik geen ruimte kon geven voor een vervolgvraag. Wellicht moeten we het daar op een ander moment een keer over hebben, maar dit is het maximale wat ik heb kunnen doen. Ik wens u een prettige vergaderavond. 5.

Vaststellen Dierenwelzijnsbeleid – Raadsvoorstel 6. Raadsinformatiebrief over Pilot integrale aanpak plaagdierbestrijding Crabbehof – Raadsinformatiebrief 7. Beantwoorden door het college van artikel 40-vragen van de fractie PvdD over Stop het uitbuiten van Vogelklas Karel Schot – Antwoordbrief artikel 40/41 8. Raadsinformatiebrief over inzet van dieren tijdens evenementen 2024 – Raadsinformatiebrief

36

Voorzitter: Mevrouw Stolk Raadsgriffier: De heer Boogaard Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Van den Berg (CDA) Mevr. Van Engelen (GroenLinks) Dhr. Groenewege (Partij voor de Dieren) Dhr. Gündogdu (Op ons Eiland) Dhr. Hartmeijer (SP) Dhr. De Heer (ChristenUnie/SGP) Dhr. Den Heijer (VVD) Mevr. Lammens-Oostdijk (VVD) Mevr. Pichel (Forum voor Democratie) Dhr. Safranti (DENK) Dhr. Schalken-Den Hartog (Beter Voor Dordt) Mevr. Stevens (PvdA) Mevr. Striebeck (VSP) Portefeuillehouders: wethouder T. de Jonge Overige aanwezigen: mevr. De Zoete De voorzitter: Dames en heren, sorry dat ik ietsje verlaat ben, maar ik moest even wat stoom afblazen. Maar ik ben weer helemaal terug. Ik mag vanavond uw voorzitter zijn. We zitten vanavond bij het raadsvoorstel vaststellen dierenbeleid en enkele daaraan gerelateerde stukken. Het is een oordeelsvormende vergadering. Er is een vergaderquorum, waarvan moet worden vastgesteld dat deze wordt gehaald. Volgens mij hebben we dat gehaald. Er zijn minimaal negen fracties aanwezig, als ik even zo snel kijk. Nogmaals welkom raads- en commissieleden en wethouder De Jonge namens het college. Welkom ook aan de ambtelijke ondersteuning, mevrouw De Zoete. En tenslotte welkom aan de mensen op de publieke tribune en kijkers thuis. Dan voor het verslag vraag ik de aanwezigen even zich kort voor te stellen. En ik ga even van links naar rechts. Gaat uw gang.

De heer Boogaard: André Boogaard, commissiegriffier. Mevrouw De Jonge: Tanja de Jonge, wethouder. Mevrouw De Zoete: Tessa de Zoete, ambtelijke ondersteuning. De heer Van den Berg: Elco Van den Berg, CDA Dordrecht. De heer Schalken-den Hartog: David Schalken, Beter voor Dordt. De heer Hartmeijer: Raymond Hartmeijer, SP. Mevrouw Lammens-Oostdijk: Jeanine Lammens, Dordtse VVD.

37

De heer Den Heijer: Rolin Den Heijer, Dordtse VVD. De heer Groenewege: Pieter Groenewege, Partij voor de Dieren. Mevrouw Stevens: Inge Stevens, Partij van de Arbeid Dordrecht. De heer De Heer: Robert de Heer, ChristenUnie/SGP. De heer Safranti: Mehmet Safranti, DENK Dordrecht. Mevrouw Pichel: Ruby Pichel, Forum voor Democratie. De heer Gündogdu: Aydin Gündogdu, Op Ons Eiland. Mevrouw Striebeck: Bernadette Striebeck, VSP. Mevrouw Van Engelen: Yara van Engelen, GroenLinks Dordrecht. De voorzitter: Dank. Dan even een toelichting en de reden van deze vergadering. We bespreken vanavond het raadsvoorstel om het Dierenwelzijnsbeleid 2024 vast te stellen. Daarbij betrekken we ook de raadsinformatiebrief over de plaagdierenbestrijding en de beantwoording van de artikel 40-vragen over de Vogelklas Karel Schot en de raadsinformatiebrief over de inzet van dieren bij evenementen. Via de agenderingstool zijn de volgende politieke vragen aangeleverd, aan de hand waarvan het politieke debat wordt gevoerd.

Fractie Partij voor de Dieren had, moet de gemeente stoppen met het opzettelijk doden of laten doden van dieren? Moet de gemeente meer doen tegen het gebruik van dieren voor menselijk vermaak? Moet de gemeente meer doen om dieren te beschermen bij rampen en tegen hitte? Moet de gemeente meer doen om gemeentelijke bouwwerken en infrastructuur veiliger te maken voor dieren? En dan vragen voor fractie van Beter voor Dordt. Wij vinden het wenselijk dat bij evenementen met veel drukte, geluid, extreem weer of ander ongemak voor honden in de reclameadvertenties, marketinguitingen een advies wordt meegewogen om geen honden mee te nemen naar het evenement. Kan dit gerealiseerd worden? Dan van de VVD. Is het niet beter om het beleid te vatten onder de ruimere, meer inclusieve titel dierenbeleid in plaats van Dierenwelzijnsbeleid, omdat het beleid immers ook zaken als plaagdierbestrijding omvat. Is er voldoende aandacht in het dierenbeleid voor het plezier en de positieve buitenervaring die dieren beleven, dankzij dier gerelateerde activiteiten, zoals sportvissen, paardrijden of een wandeling maken met de hond? Dan fractie van het CDA.

Willen we als raad de extra gevraagde financiën vrijmaken voor de bovenwettelijke taken, gezien de financiële uitdaging die op ons afkomt, het ravijnjaar genoemd? Is er ook gedacht aan dieren, zoals de wolf, die nu nog niet in ons gebied aanwezig zijn? Wat is dan het beleid? Het zijn heel veel vragen hoor. Daarnaast zijn er gisteren door de Partij voor de Dieren acht conceptmoties gedeeld om te betrekken bij deze bespreking. En vraag nu aan u is, wie wil aftrappen bij deze oordeelsvormende vergadering? En ik zie, de eerste vinger is de heer Groenewege van Partij voor de Dieren. Gaat uw gang.

38

De heer Groenewege: Dank u wel, voorzitter. Laten we eens vanuit het perspectief van dieren naar Dordrecht kijken. Er staat een volière met zebravinken in Park Merwestein. Voor ons een object waar we misschien een vluchtige blik op werpen tijdens onze wandeling door het park, maar voor de tropische vogels die erin zitten is die krappe volière hun hele leven. Onze prachtige kades zijn een sieraad en historisch erfgoed. Maar voor een in het water gevallen jong eendje of misschien een onervaren kitten, die maar moeilijk kan zwemmen en snel uitgeput raakt, zijn het dodelijke obstakels. Voorzitter, deze Dierenwelzijnsnota gaat vooral over diervriendelijk praten. Dat zou prima zijn als onderdeel van een pakket maatregelen, waarbij het college ook kritisch naar zijn eigen handelen kijkt. Maar welk recht heeft het college om anderen de les te lezen over de vijf vrijheden van dieren? Over hoe dieren vrij moeten zijn van verwondingen, bijvoorbeeld, terwijl het college zelf vrolijk jachtrechten uitgeeft en dieren laat afknallen op gemeentegrond. Over dat dieren vrij moeten zijn van stress, terwijl het college zelf ongebreideld doorfokt met de dieren op de Stadsboerderij, waardoor groepen dieren ieder jaar afgevoerd moeten worden en groepen worden opgebroken.

Over dat dieren hun natuurlijke gedrag moeten kunnen vertonen, terwijl het college zelf tropische vogels in gevangenschap houdt in een park dat zelf al barst van de vogels. Mevrouw Van Engelen: Voorzitter. De heer Groenewege: Alsof we op dit eiland in de negentiende eeuw leven. De hypocrisie van deze nota is niet te harden, voorzitter. Voorzitter, is er een interruptie? De voorzitter: Ja, u krijgt een interruptie. Mevrouw Van Engelen, gaat uw gang. Mevrouw Van Engelen: Dank u wel, voorzitter. Ik had een interruptie nog even over het fokken op de kinderboerderijen. Want in de technische beantwoording zag ik staan dat deze dieren die dan worden afgevoerd gaan naar particulieren boerderijen en parken. Ik vroeg me af waar Partij voor de Dieren dat op baseert dat het niet diervriendelijke plekken zijn? De heer Groenewege: Misschien zijn de plekken waar ze naartoe gaan best diervriendelijk, naar het vervoer en het opbreken van de groep levert natuurlijk stress op voor die dieren. En die stress kan je voorkomen door niet met dieren te fokken. Daarnaast is het ook vrij nobel, vinden wij, als je de Dordtse Stadsboerderijen inzet als opvang voor dieren in plaats van als een soort mini bio-industrie waar je dieren fokt, om ze vervolgens af te voeren. De voorzitter: Een vervolgvraag, kort. Mevrouw Van Engelen: Kleine vervolgvraag. Ik zal proberen niet een hele biologieles te beginnen.

Want als ik denk aan een konijnenhok en er zit mannetjeskonijnen en vrouwtjeskonijn, die gaan zich voortplanten. Dat lijkt me ook natuurlijk gedrag. Is dat ook fokken of moeten we dat dan tegengaan? Hoe ziet Partij voor de Dieren dat voor zich? De heer Groenewege: Het is altijd, als je dieren in gevangenschap houdt, een onnatuurlijke situatie. En je zal de ene of het andere onnatuurlijk gevolg daarvan moeten accepteren. En de Partij voor de Dieren maakt daarbij de afweging dat het steriliseren

39

van een konijn minder leed oplevert dan het ieder jaar opnieuw moeten afvoeren van groepsdieren. De voorzitter: Gaat u verder met uw betoog. De heer Groenewege: Dank u wel. Voorzitter, deze nota laat heel veel kansen liggen. En we hebben als Partij voor de Dieren niet de illusie dat we alle gaten die deze nota open laat kunnen dichten. Maar we willen wel een poging wagen, met een aantal concrete voorstellen die de commissie van tevoren heeft kunnen inzien en nog een aantal die er nog aankomen. Bevrijd die zebravinken uit die krappe volière. Pak die kades aan, zodat dieren een kans krijgen om uit het water te klimmen. En doe meteen hetzelfde met de rioolputten. Koop diervriendelijk in. Geen bont en geen dierproefproducten. Hanteer op de Dordtse Stadsboerderijen het Keurmerk Diervriendelijke Kinderboerderij. Zet je in om de impulsaankoop van huisdieren in winkels te stoppen. En bekijk de wereld ook eens vanuit het perspectief van een duif die wordt ingezet voor menselijk vermaak bij huwelijken. En die grote kans maakt om daarna verdwaald te raken en van uitputting in het wild te overlijden. Voorzitter, als je dat allemaal doet als gemeente, dan heb je recht van spreken om anderen te vragen om dieren goed te behandelen. Voor nu raden wij het college een diepe en kritische blik in de spiegel aan. Dank u wel. De voorzitter: Dank voor uw inbreng.

Wie mag ik als vervolg? Mevrouw Lammens, gaat uw gang. Mevrouw Lammens-Oostdijk: Dank u wel, voorzitter. De Dordtse VVD kan zich grotendeels vinden in deze nota. Dat we dierenleed willen aanpakken in onze stad vinden we meer dan terecht, net zozeer als we daar rattenoverlast moeten terugdringen. En wat ons betreft wordt geen middel geschuwd. We steunen de nieuwe rattenaanpak. Goed dat dit college daar stappen op maakt in het Integraal Veiligheidsplan in deze nota. Ook moedigen we het stadsbrede voederverbod alleen maar aan. We moeten het probleem bij de bron aanpakken. We vinden het belangrijk dat we verantwoordelijk met dieren omgaan. Ze zijn vaak de beste vriend van een mens. Maar we moeten niet doorslaan. Zo kan wat ons betreft Sinterklaas gewoon op een paard. Horen de zebravinken en herten in het Park Merwestein. Ook dieren op evenementen, mits met respect behandeld, zoals in de nota staat, moet wat ons betreft kunnen. We vragen ons af wat de versterking van dieren in parken... Niet verstaanbaar? We vragen ons af wat de versterking van dieren in parken precies inhoudt? Wat de consequenties zijn van een keurmerk waar het college zich aan wil verbinden? Graag daar een reactie op. Voor ons een belangrijk punt. We hebben als raad de hondenbelasting afgeschaft, zodat mensen die een hond hebben, net als katteneigenaren, geen belasting hoeven te betalen.

Je houdt zo extra geld over voor brokjes en een hond geeft beweging en de kans voor sociale contacten op te doen. Heel belangrijk voor heel veel mensen en dieren. Educatie over dieren is natuurlijk ook belangrijk. Daarom is het goed dat scholen op bezoek gaan bij kinderboerderijen en dat de kinderen in onze parken dieren kunnen ontmoeten en leren hoe ze met respect met dieren om moeten gaan. Van zoönose zijn wij geen fan. Daarom houden we de dieren die zoönose kunnen overdragen wat verder van de mensen vandaan. Ook vleermuizen onder dak bij gebouwen is niet gewenst. De poep kan waarschijnlijk ook problemen veroorzaken, wat we gemerkt hebben tijdens de COVID

40

periode. Tot slot, dit beleid moet ook in dienst staan voor onze gebieds- en woningbouwambitie en geen extra drempels opwerpen. Dat is voor ons voorwaardelijk. Graag daarop een reactie van het college. Ook zien we problemen ontstaan met de financiële afweging die we voor deze nota moeten maken. Wat ons betreft hebben we bij het maken van de financiële keuze primair de focus op de verantwoordelijkheden binnen de wettelijke taken en kijken we daarna verder. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank, mevrouw Lammens. Dan kijk ik even rond. Dan de heer Hartmeijer, gaat uw gang. De heer Hartmeijer: Dank, voorzitter. Net als mevrouw Lammens wil ik ook eventjes het over de ratten hebben. Want er is in Crabbehof een grote overlast door ratten. En dat is niet zo heel vreemd. De wijk is tegenwoordig bezaaid met gedumpte en soms opengescheurde vuilniszakken. Niet alleen naast containers, maar ook rondom flats, in de bosjes. Ook bergen aan weggegooid los afval, wat veel dieren aantrekt, onder andere ratten.

Voor ons heel irritant en vies al dat afval, maar voor de ratten een waar luilekkerland. Een wandeling door de wijk en gesprekken met bewoners daar leerde ons dat mensen zelfs de auto pakken om hun vuilniszak naar de container in hun eigen straat te brengen, om onderweg maar geen rat tegen te hoeven komen. Een ritje van soms slechts enkele tientallen meters. Zover zijn we al. En als oplossing draagt het college aan vooral het actief doden van ratten. Daar is geen beginnen aan, want ratten vermenigvuldigen zich met een gigantisch tempo en omvang. En als je niet de bestaansreden van de rattenpopulatie aanpakt, ons afval en hun voedsel, zullen de ratten blijven komen. In de wijk is er een hoge mate van doorstroom van bewoners, bijvoorbeeld arbeidsmigranten, die niet allemaal een pasje bezitten voor de ondergrondse containers, wat de vele bijplaatsingen en andere dumpingen kan verklaren. Nu is er een motie door de raad aangenomen die uitspreekt dat we als proef in een buurt het systeem van de pasjes gaan loslaten. En die motie moet gewoon uitgevoerd worden. En wij dringen er ook bij het college op aan dat die pilot echt in Crabbehof gaat plaatsvinden. Wellicht zijn er ook meer rolcontainers per flatgebouw nodig, die de HVC dan ook gewoon mee kan nemen op hun rondje. Want dat het zo niet langer kan, is overduidelijk. Dank, voorzitter. De heer De Heer: Voorzitter.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/762/documents/33701