2.3 2023.10.24 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.docx .pdf
Tekst van het document
Wat vindt de commissie ervan hoe het participatieproces verlopen is? En ik ga nog even erover nadenken nu we zo zitten om misschien nog wel wat meer vragen te stellen. Dat kan misschien ook nog na vanavond komen als ik daar de gelegenheid toe krijg, voorzitter, van u. De voorzitter: Ik denk dat dat mogelijk is inderdaad. Ja. Dan zag ik eerst volgens mij de hand van de heer Safranti of klopt dat niet? Nee? Dan ga ik naar de heer Schalken. De heer Schalken-den Hartog: Ja, voorzitter, misschien een aanvulling op de vraag van mevrouw Stolk van, in hoeverre wij als raad en als commissie vinden dat er ook voldoende wordt gedaan met alle inspraakreacties? Dus in hoeverre wij terugzien dat de inspraakreacties ook invloed hebben op het uiteindelijke plan? Want dat is eigenlijk de bedoeling hè, je gaat met elkaar in gesprek en je wil komen tot iets wat voor iedereen acceptabel is. We luisteren wel maar ik krijg van de insprekers niet het gevoel dat ze het idee hebben dat ze worden meegenomen en dat er wat wordt gedaan met wat ze aangeven. De voorzitter: Ja, en daaruit kan ik opmaken dat ook u behoefte heeft aan een oordeelsvormende commissie. De heer Roggekamp.
22
De heer Roggekamp: Ja, dank u, voorzitter. Voorzitter, ik sluit me daarbij aan en ik zou ook graag bouwkundig willen weten van wat er kan? En dan niet het neerzetten van het gebouw zelf maar juist inderdaad de fase dat het huidige gebouw gesloopt gaat worden, wetend wat voor woningen er staan, en het zware verkeer wat er dan heen moet voor de nieuwbouw. Ik woon in het Land van Valk, daar hebben we nu hetzelfde. Ik woon op een grotere afstand en ja, bij mij zijn ook scheuren in mijn huis gekomen. Ik kan me voorstellen als je zo dichtbij woont, dat het allemaal nog veel erger is. Dus ik zou daar ook meer technische know-how dan van willen hebben in de beeldvormende sessie want dat hebben we nu niet. Het is een beetje lastig, dan zou je ook een technische sessie moeten hebben. Maar er zijn nu nieuwe technische dingen naar voren gekomen waar lijkt dat dat niet meegenomen is in heel het plan. De voorzitter: Oké, dus dat is dan eigenlijk nog een stap voor de oordeelsvormende vergadering. Dan kijk ik even rond of daar ook bij andere partijen behoefte aan bestaat, aan een beeldvormende technische sessie? Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Ja, voorzitter, ik kan me daar wel bij aansluiten. Maar ik weet niet of dat, dan kijk ik ook even de griffie aan, of dat mogelijk is? Want ik ben het eens met de heer Roggekamp, je hoort nu dingen die je eigenlijk niet wist.
En wij weten ook niet alles wat er op technisch gebied is dus ik zou daar best wel wat meer over willen weten ja. De voorzitter: En dat wilt u in de vorm van een vergadering of wilt u schriftelijke vragen, technische vragen daarover stellen? Mevrouw Stolk: Technische vragen zou ook kunnen maar als we volgende week al een oordeelsvormende sessie hebben, dat weet ik niet, dan is dat heel kort dag. We zitten ook voor de begroting, wat ook een belangrijk onderwerp is dus ik zou daar dan wel iets langer de tijd voor willen hebben. Ik weet niet of er een fatale beslistermijn aan vastzit maar dan zou ik het over de begroting heen willen trekken. De voorzitter: Nou, als er een oordeelsvormende bespreking komt, dan komt die waarschijnlijk op 14 november dus dan heeft u nog drie weken de tijd voor technische vragen. Vindt u dat voldoende? Mevrouw Stolk: Ja, prima. De voorzitter: Oké. De heer Van der Kruijff, CDA. De heer Van der Kruijff: Dank u wel, voorzitter. Ja, ik sluit me inderdaad aan bij om het te hebben over het participatieproces. Maar uiteindelijk ligt er natuurlijk nu een bestemmingsplan voor, een wijziging. Dus ik denk ook goed dat wij als raad ons oordeel uitspreken over de voorgenomen hoogte, hoe groot gedeelte van het perceel dan bebouwd wordt. Want daar hoor je ook wel wat van, dat je zegt, het gaat toch wel erg massief en groot worden.
23
En ook wel hoe het zit met de vervuiling want daar hebben wij ook nogal een zorg over, dat we ons daar ook over uitspreken dus ook inhoudelijk erop ingaan. Dat klinkt misschien als een open deur maar niemand had het nog genoemd. Ik denk, uiteindelijk moeten we daar wat van vinden ook. De voorzitter: Zeker, dank u wel. Er is in ieder geval voldoende steun voor een oordeelsvormende commissie. De heer Uysal. De heer Uysal: Ja, dank, voorzitter. Ik sluit me ook aan bij de woorden van VSP, Beter Voor Dordt en CDA. Ook wij vinden het participatietraject heel erg belangrijk. Als ik zo luister naar de insprekers dan heb ik niet het gevoel dat alles inderdaad is meegenomen in het bestemmingsplan. Wij hebben de antwoorden op de zienswijze en daarbij kan je heel concreet de vraag stellen, de politieke vraag van, in hoeverre is het afdoende de antwoorden van het college, de antwoorden op de zienswijze met betrekking tot het bestemmingsplan? En ook inhoudelijk zou ik inderdaad ook wel op willen ingaan op het dorpse karakter van Dubbeldam. We hebben een enorme bouwambitie als stad, we willen heel graag gaan bouwen, dat hoor ik de insprekers ook zeggen. Maar tegelijkertijd hebben we natuurlijk ook wel met een kern te maken, een dorpskern in dit geval en hoe kijkt de commissie daarnaar? Mevrouw Stolk: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Stolk.
Mevrouw Stolk: Ja, ik ga even aanvullen want hoe verhoudt zich dit ook met het binnenstedelijk bouwen? Als je het hebt over het dorpse karakter, hoe verhoudt zich dat nu met het binnenstedelijk bouwen? Die zou ik er ook graag bij willen betrekken. De voorzitter: Dat kan. Dat kan zeker. Zijn er nog anderen die vragen willen toe … Ja, de heer Hartmeijer. De heer Hartmeijer: Nou, een politieke vraag zou kunnen zijn, is dit bestemmingsplan wel passend in dit gebied of zijn er geen alternatieven te bedenken? De voorzitter: Oké, we hebben nu een hele lijst met politieke vragen voor de oordeelsvormende commissie. Ik denk dat we dat dan op die manier gaan doen. De heer De Boer naast mij heeft driftig zitten mee typen. U heeft drie weken om technische vragen te stellen. Ik wil voorstellen dat u daar geen drie weken mee wacht maar dat zo snel mogelijk doet zodat het college met de beantwoording aan de slag kan. En dan wil ik iedereen bedanken voor zijn of haar aanwezigheid, met name de insprekers. Die zien we vast terug bij de oordeelsvormende commissie op 14 november waarschijnlijk. Dank u wel.
24
4. Vaststellen Startnotitie Dordrecht Klimaatneutraal 2040 Voorzitter: De heer Klerk Raadsgriffier: Mevrouw Vermeulen Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Van Ballegooijen (VVD) Dhr. Bootsman (GroenLinks) Dhr. Groenewege (Partij voor de Dieren) Dhr. Hartmeijer (SP) Dhr. Den Hartog (GroenLinks) Dhr. Laban (CU/SGP) Dhr. Van der Meer (GroenLinks) Dhr. Van Pelt (FvD) Mevr. Pichel (FvD) Dhr. Roggekamp (Gewoon Dordt) Dhr. Safranti (DENK) Mevr. Schnabel (PvdA) Dhr. Wringer (Beter Voor Dordt) Ambtelijke ondersteuning: dhr. Better, mevr. Van Luijk. Portefeuillehouders: wethouder C. van Benschop, wethouder T. de Jonge. De voorzitter: Goedenavond. Ik wilde graag voorstellen om deze vergadering maar te beginnen. Ja, toch wel. Inmiddels is er een quorum dus we mogen. Hartelijk welkom aan alle raads- en commissieleden en aan wethouder De Jonge namens het college en ik begreep dat wethouder Van Benschop ook aanschuift. En de rest, nou ja, dat zal ook binnendruppelen. Voor het verslag stel ik voor dat we eerst een voorstelronde doen en ik begin aan mijn rechterhand. Mevrouw Schnabel: O, excuus. Marije Schnabel, Partij van de Arbeid. De heer Den Hartog: Paul Den Hartog, GroenLinks Dordrecht. De heer Roggekamp: Erik-Jan Roggekamp, Gewoon Dordt. De heer Safranti: Mehmet Safranti, DENK Dordrecht. De heer Laban: Vincent Laban, ChristenUnie/SGP. Mevrouw Pichel: Ruby Pichel, Forum voor Democratie.
De heer Van Pelt: Dirk Van Pelt, Forum voor Democratie. De heer Hartmeijer: Raymond Hartmeijer, SP.
25
De heer Van der Meer: Frans-Bauke Van der Meer, GroenLinks. De heer Groenewege: Pieter Groenewege, Partij voor de Dieren. De heer Wringer: Jan-Willem Wringer, Beter Voor Dordt. De heer Van Ballegooijen: Luca Van Ballegooijen, Dordtse VVD. De heer Betten: Aart-Jan Betten van de ambtelijke ondersteuning. Mevrouw Van Luijk: En Loes Van Luijk, ook ambtelijke ondersteuning. Mevrouw De Jonge: Tanja De Jonge, wethouder. Mevrouw Vermeulen: Laurette Vermeulen, commissiegriffier. De voorzitter: Mijn naam is Albert Klerk en ik mag deze vergadering voorzitten. De startnotitie klimaatneutraal, dat is de reden dat wij bij elkaar zijn vanavond. Is in diverse vergaderingen beeldvormend toegelicht en besproken en hierin staan de uitgangspunten en het proces om tot routekaarten te komen. En over de volgende twee politieke vragen wil de raad nog met elkaar in debat. De eerste vraag is, kan de gemeenteraad instemmen met de uitgangspunten zoals geformuleerd in het raadsvoorstel? En de andere tweede vraag is, welke aandachtspunten wil de raad het college nog meegeven voor de uitwerking van deze notitie? Nou, we hebben negentig minuten de tijd en we hebben een eerste termijn en daarna een eerste mijn van de wethouder en dan mogelijk nog een tweede termijn als daar behoefte voor is.
Allereerst wil ik even een inventarisatie maken welke raadsleden van een eerste termijn gebruik willen maken überhaupt? Nou, dat is bijna iedereen dus ik stel voor dat ik gewoon, dat we de volgorde met de klok mee is dat, ja. En dat we beginnen bij de heer Van Ballegooijen van de VVD. Mevrouw Pichel: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Mag ik heel even een puntje van orde maken? Ik wilde in ieder geval een opmerking maken aan het begin van deze oordeelsvormende vergadering dat er nog een technische vraag is gesteld, zowel mondeling als schriftelijk, waar nog geen antwoord op gegeven kon worden. Ja, daar is tijdens deze vergadering wellicht niet zo heel erg veel aan te doen maar ik wilde hier wel even aangeven dat er dus nog een vraag is die niet beantwoord is. Waar waarschijnlijk een expert voor nodig is, waar ik dus nog wel graag een antwoord op zou willen hebben alvorens tot besluitvorming over te kunnen gaan. De voorzitter: Ja, dank u wel. De heer Safranti: Voorzitter?
26
De voorzitter: De heer Safranti. De heer Safranti: Dank u wel. Dat geldt ook voor ons, ik onderstreep de woorden van mevrouw Pichel. De voorzitter: Dank u wel. Nou, nu is het zo dat volgens mij in de vorige commissievergadering zijn we, toen heeft mevrouw Pichel, als ik me goed herinner, ook een opmerking gemaakt over deze vragen. De commissie heeft toen wel deze politieke vragen meegegeven voor deze oordeelsvormende vergadering. En daarom wil ik toch voorstellen dat wij op basis van wat er tot nu toe besproken is wel vandaag de oordeelsvormende vergadering houden. En dan afhankelijk, ja, van eventueel beantwoording van uw technische vragen, nou ja, dat zullen we later bezien hoe dat … Maar we zijn zo ver in het proces dat het me niet zinvol lijkt om dan nu daarop te wachten, als u begrijpt wat ik bedoel. Als de commissie daarmee instemt dan even de vraag? Oké. Ja. Mevrouw Vermeulen: Wellicht een toevoeging waar het over gaat. Dus mevrouw Pichel verwijst naar een vraag maar dit is geen artikel 40 vraag maar een technische vraag die is beantwoord. De voorzitter: Ja, dat is goed.
Misschien is het inderdaad wel goed dat mevrouw Pichel toelicht waar de technische vragen over gaan? Mevrouw Vermeulen: Mijn suggestie was, aangezien volgens mij de rest van de commissie niet goed weet over welke technische vraag het gaat omdat het zich verder buiten iedereens gezichtsveld heeft afgespeeld, dat dat wel even verhelderd wordt. Mevrouw Pichel: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Even een aanvulling op wat de griffier zegt. Klopt, er is een mondelinge vraag gesteld tijdens de beeldvormende sessie. Er kon geen antwoord op gegeven worden en toen is dezelfde vraag schriftelijk gesteld. Er is inderdaad een beantwoording gekomen alleen de beantwoording was dat er geen antwoord kon worden gegeven op de vraag en dat de expertise er niet was. Dus ja, er is een mail teruggestuurd heel netjes binnen een gestelde termijn alleen er werd gezegd dat er geen antwoord kon worden gegeven, dus vandaar dat daardoor de vraag nog steeds niet beantwoord is. De voorzitter: Dank u wel. Nou, dat nemen we even voor nu voor kennisgeving aan en ik stel voor dat we de vergadering vervolgen aan de hand van in ieder geval de politieke vragen die hier nu voorliggen. Ja? Dan geef ik nu het woord aan de heer Van Ballegooijen. De heer Van Ballegooijen: Dank u wel, voorzitter. Ik mag het vandaag overnemen van mijn collega mevrouw Boom. Ga ik zo goed mogelijk doen.
De Dordtse VVD kan instemmen met de uitgangspunten en bijbehorende doelen in de startnotitie
27
klimaatneutraal. Voor de duidelijkheid willen we graag benadrukken dat het dan gaat over de doelen, niet noodzakelijkerwijs over de bouwstenen. Want hoe die doelen behaald worden is voor ons belangrijk om wel goed uit te werken. Bij de uitwerking worden we als raad graag goed meegenomen gedurende het traject om te voorkomen dat er routekaarten voorgelegd worden waarmee de raad misschien moeilijk kan leven. Liever meteen goed meegenomen in het opstellende traject dan achteraf dingen zouden moeten amenderen. In de beeldvormende sessies is duidelijk naar voren gekomen dat er veel op Dordrecht afkomt om alle doelen te behalen in 2040, zoals netwerkcapaciteit, personele capaciteit, tijd überhaupt en beschikbare middelen. Daarom willen we graag snel van start gaan met het uitwerken van de doelen en de afweging van de bijbehorende keuzes op mobiliteit, economie, bouwen en energie. Er komen dus twee vragen nog eigenlijk op vanuit ook deze woordvoering. Wij hebben verondersteld dat de bouwstenen nog niet worden vastgesteld, alleen de doelstellingen. Kan de wethouder dat bevestigen voor ons? En wordt bij het opstellen van de bouwstenen richting begin volgend jaar ook de raad meegenomen als een van de consultatiepartners? Als dat niet het geval is zouden wij hopen dat het wel mogelijk is om dat te doen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel.
Dan de heer Wringer, Beter Voor Dordt. De heer Wringer: Ja, dank, voorzitter. Nou, anderhalf jaar na de start van de raadsperiode zijn we nog niet verder dan een startnotitie. Een beetje jammer, we hadden wel wat meer vaart willen zien van dit college. Omdat dit een startnotitie is staat er nog niet heel veel concreets in dus we kijken uit naar het uitvoeringsprogramma. Verder twijfelen we aan de genoemde cijfers die er in de startnotitie staan. Zeker op het vlak van procent hernieuwbare van het totaal energieverbruik. Want we hebben inmiddels vier windturbines, meerdere zonneparken, een forse toename van zonnepanelen bij particulieren en bedrijven, vele aansluitingen op het warmtenet en energiebesparing sinds de coronaperiode is dit percentage nauwelijks gestegen in vijf jaar tijd dus misschien moet er hier nog even naar gekeken worden. Nou, het zijn vier thema's. Het thema energie wordt natuurlijk gecovered door de inspanningen vanuit de regionale energietransitie. Over het thema mobiliteit zeg ik, het college gaat door met het STOMP-principe in Dordrecht maar de grote besparing moet natuurlijk komen van vermindering van verkeer of ander verkeer op de A16 en de N3. Dan heb ik het natuurlijk voornamelijk over elektrisch rijden. Maar dat is overheids- en Rijkswaterstaatbeleid.
Op het thema economie zal het bedrijfsleven toch zelf in actie moeten komen om nog verder te verduurzamen. Als laatste op het thema bouwen, ja, ga door met het isoleren want dat is toch de grootste winst die we in Dordrecht kunnen bereiken van woningen met lage energielabels. Verder kunnen we instemmen met de startnotitie. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Groenewege van de Partij voor de Dieren. De heer Groenewege: Dank u wel, voorzitter. 2040 is te traag. De gevolgen van het trage tempo waarop de overheid verduurzaamt zijn heel triest.
28
Koraal sterft uit, de zeespiegel stijgt waardoor kwetsbare kustgebieden, bijvoorbeeld die in Zuidoost-Azië en eilandengroepen in de Stille Oceaan nog kwetsbaarder worden, drinkwater wordt schaarser en er zullen meer voedseltekorten ontstaan in de armste gebieden op deze aardbol. We zijn het aan al die kwetsbare mensen en dieren verplicht om de klimaatcrisis die we zelf als rijk Europees land voor een groot deel hebben veroorzaakt, zo snel mogelijk te bezweren. Een paar dagen geleden nog verstuurden twaalf Nederlandse IPCC-auteurs een brandbrief aan de regering over de traagheid waarmee Nederland verduurzaamt. De Partij voor de Dieren wil dan ook dat het college gaat onderzoeken op welke subonderdelen Dordrecht sneller kan verduurzamen. Waar we sneller kunnen gaan hebben we ook de plicht om sneller te gaan. We overwegen een motie op dit punt. Voorzitter, voor de Partij voor de Dieren is het ook heel belangrijk dat de energietransitie niet ten koste gaat van de natuur. We zitten middenin een uitstervingsgolf die we zelf hebben veroorzaakt. Het gaat ontzettend slecht met de biodiversiteit in Nederland en in ons klimaatbeleid moeten we daar rekening mee houden. Bijvoorbeeld als we huizen isoleren, moeten we rekening houden met de leefruimte van vleermuizen die we daarmee vernietigen. Als we windmolens neerzetten, moeten we rekening houden met de impact op vogelpopulaties.
Enzovoort, enzovoort. Het lijkt de Partij voor de Dieren nuttig als dit aspect integraal mee wordt genomen in het opstellen van het klimaatbeleid. Als we inzetten dus op een natuurinclusieve energietransitie. De Natuur- en Milieufederatie Zuid-Holland maakte dit punt ook in een eerdere vergadering. Helaas lezen we hier niets over in de startnotitie en ook op dit punt overwegen we daarom een motie. Dan mijn laatste punt. Externe monitoring, het college had er de mond vol van bij de behandeling van ons initiatiefvoorstel over de CO2-prestatieladder. Dat zou wel goed komen en met die gedachte heeft de meerderheid tegen ons initiatiefvoorstel gestemd. Maar in deze startnotitie lezen we niets over externe monitoring, alleen over interne monitoring die de gemeente ook nog eens zelf ontwikkelt. Maar we zeiden het een paar maanden geleden al, vreemde ogen kijken strenger. Daarom overwegen we ook een motie over externe monitoring. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Van der Meer, GroenLinks. De heer Van der Meer: Dank u wel, voorzitter. De ambitie om in 2040 klimaatneutraal te zijn, echt klimaatneutraal, is hoog gegrepen maar tegelijkertijd absoluut noodzakelijk. We zijn daarom heel blij met de startnotitie die een duidelijk urgentiebesef en prima doelstellingen verwoordt.
We wensen de wethouder, het college en de stad heel veel succes bij de uitwerking en de uitvoering daarvan want er moet nog heel veel gebeuren. Ik wil drie punten noemen die daarbij van groot belang zijn bij de uitwerking. Ten eerste de duurzame opwekking. 0,19 terawattuur in 2026 betekent dat we de komende drie jaar minstens vier keer zo snel grootschalig zon en wind moeten realiseren dan de afgelopen drie jaar. Bovendien is die 0,19 nog geënt op klimaatneutraal of energieneutraal in 2050 en we willen het sneller dus het moet eigenlijk nog meer zijn. Ten tweede de energiebesparing, 30 procent minder energieverbruik in 2030 dan in 2020 is een gigantische opgave. E-, F-, G-labels beter isoleren helpt daarbij maar is bij lange na niet genoeg. Vraag, wat gaat er verder gebeuren? Dat zou ook in de uitwerking nadrukkelijk naar voren moeten komen.
29
Drie, de industrie is verantwoordelijk voor 51 procent van de CO2-uitstoot. Dat gaat niet alleen om verwarming en verlichting, dat gaat ook om bedrijfsprocessen. Daar lijkt veel meer inspanning en ontzorging, dat is ook in rondetafelbesprekingen aan de orde geweest van het bedrijfsleven, hartstikke hard nodig. Ook dat zou in de uitwerking naar voren moeten komen. Dan de vraag, hoe krijgen we dat allemaal gedaan? Ik wil daar twee punten over noemen, voldoende middelen en maatschappelijke participatie. Middelen, in het voorstel staat dat in dit stadium nog niet goed is te onderbouwen welk budget er nodig is. Dat moet in de eerste helft van volgend jaar duidelijk worden. Dan hebben we dus in deze raadsperiode nog krap twee jaar te gaan. Wat als het geld wat nodig blijkt te zijn dan niet beschikbaar is? Wij vinden dat daar nu al op voorgesorteerd moet worden en de vraag zou moeten worden beantwoord hoe binnen onze reserves of met externe financiering of wat dan ook extra middelen op tafel zouden kunnen komen? Want het is noodzakelijk. Ten tweede … De voorzitter: De heer Hartmeijer. Of o, sorry, de heer Groenewege. De heer Groenewege: Dank u wel. Ja, de heer Van der Meer stelt een terechte vraag over het budget wat nodig is voor de energietransitie. Maar wat ik wel interessant vind is dat de heer Van der Meer het ook bij een vraag laat.
Hij vraagt, hoeveel budget is er nodig? Maar had de heer … Wat gaat de heer Van der Meer hiermee doen uiteindelijk met dit voorstel? Wil hij bijvoorbeeld de begroting aanpassen op dit punt of gaat hij niet instemmen met de begroting als er geen geld wordt gereserveerd voor de energietransitie? Het zijn maar wat ideetjes. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, goede ideetjes, gaan we over nadenken lijkt mij. We praten nu niet over de begroting voor het volgend jaar, we praten nu over de uitgangspunten van de energienotitie en de punten die we willen meegeven aan de wethouder of aan het college voor de uitwerking daarvan. Daar hoort dit verhaal over budget bij. Het is best denkbaar dat we daarbij in het kader van de begroting ook nog een aardige discussie over hebben. Het tweede punt is de maatschappelijke participatie. Beter omgaan met klimaat, het is in talloze besprekingen de afgelopen weken benadrukt, is voor een belangrijk deel een sociaal vraagstuk. Gedrag van mensen, hun draagkracht en hun steun is hard nodig. Daarnaast zijn ook de ideeën, de initiatieven en de werkkracht vanuit de samenleving onontbeerlijk om de doelen te bereiken.
Daarom lijkt ons bij de uitwerking heel erg belangrijk intensivering van de informatievoorziening, stimulering en ondersteuning van burgers en het stimuleren en faciliteren van coöperaties, lokale energiegemeenschappen, circulaire bedrijfsterreinen, enzovoort. Tenslotte, in de notitie staat dat volgende week Klimaatweek met relevante partners wordt overlegd. Ik zou graag informatie krijgen over met welke partners, wanneer en waar wordt overlegd en of raadsleden daar ook kennis van kunnen nemen, bij aanwezig kunnen zijn of dat soort dingen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Hartmeijer van de SP.
30
De heer Hartmeijer: Ja, dank, voorzitter. Een zeer belangrijk onderwerp en heel goed dat het college met dit stuk de aanzet geeft om tot één breed programma te komen op het gebied van duurzaamheid en energie. De gemeente met zoveel mogelijk betrokkenen rond de tafel gaat en waar al die verschillende elementen zoals in de bouwstenen vermeld staan in opgenomen worden. Voor het grootste deel vinden wij die elementen logisch. Een breed plan met draagvlak is nodig, gezien de urgentie. De opwarming van de aarde gaat nog sneller dan eerder door experts werd ingeschat. De tijd van een beetje van dit en een beetje van dat is echt wel voorbij, het is nu de tijd geworden waarin we als samenleving zeggen, dit is een grote omslag naar een nieuwe manier van energieopwekking, weg van fossiel en dat maakt ook dat de overheid hier een grote rol heeft te vervullen. Naast het grote verhaal vinden wij het tegelijkertijd ook wenselijk dat er een plan van aanpak komt op wijkniveau om ook die omslag voor alle belanghebbenden op behapbare schaal mee te kunnen maken. Er zullen bindende afspraken moeten worden gemaakt met bijvoorbeeld corporaties of andere vastgoedeigenaren. Het zou goed zijn als we dat voor al onze wijken zo'n plan opstellen. De vrijblijvendheid moet er wel af als we dit programma een succes willen maken.
Verhuurders zullen een deel van hun gelden moeten inzetten om te renoveren en woningen te isoleren waar dat op dit moment nog niet gerealiseerd is. Iets waar de SP zich al langer hard voor maakt. De meest beroerde energielabels moeten al verplicht weg zijn gewerkt in 2028 dus prima om dat hierin op te nemen. Maar liever hadden wij ook de C- en D-labels genoemd zien worden in een plan wat tot 2040 zich uitstrekt. Natuurlijk is elk doel afhankelijk van de vraag of er voldoende vakmensen beschikbaar zijn want we kunnen het budget hebben maar zonder deze vakmensen zijn we natuurlijk ook nergens om dit allemaal uit te voeren. Dan de politieke vraag, wat willen we nog meegeven? Nou ja, naast die labels, de Dordtse Kil en zon-op-dak is iets waar wij ook aandacht voor vragen. Stedin is bezig met een nieuw transportstation, gereed in 2025. Dan komt er extra capaciteit op het net. Bedrijven willen natuurlijk hun extra opgewekte stroom terug verkopen aan het net maar heel veel daken zijn nu nog onbenut.
En de vraag is, wat kan de gemeente hierin betekenen? Veel bedrijven willen best naar zonnepanelen toe maar we vragen ons af, wat kan de gemeente nog doen om nog meer bedrijven te verleiden die keuze te maken? Windturbines zouden wat ons betreft zoveel mogelijk langs de snelweg en spoor kunnen worden gerealiseerd want daar wordt het land al doorkruist door infrastructuur dus dat lijkt ons logisch. Tenslotte wensen wij alle betrokkenen veel succes met de gesprekken. Wij kijken erg uit naar de routekaart schuine streep uitvoering. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Dank u wel, voorzitter. Om te beginnen wil ik aangeven dat Forum voor Democratie groot ontzag heeft voor de aarde, de creatie van een universele macht die tijd, ruimte en materie overstijgt. In het begin, dat is tijd, schiep God, de overstijgende macht, de hemel, dat is ruimte, en de aarde, dat is materie. Ons lichaam is een geschenk van de aarde dus zoals we met deze aarde omgaan, gaan we met onszelf om. Handelen vanuit bewustzijn ligt hieraan ten grondslag. Het is mij meer dan duidelijk dat klimaatneutraal beleid bedoeld is om beter om te gaan met de planeet waar wij tijdelijk op mogen verblijven en het spreekt voor zich dat we daar met respect mee omgaan.
31
We zijn dan ook een voorstander van deze visie. Ik zie echter een drietal contradicties. De eerste is dat in de beantwoording van artikel 40 vragen die wij hebben gesteld inzake Chemours Dordrecht het college erkent dat voor de producten ter bevordering van de energietransitie chemische stoffen vervaardigd dienen te worden en dat de emissie van die stoffen nooit in het geheel voorkomen kunnen worden. Chemours maar uiteraard ook andere bedrijven uit de chemische industrie maakt grondstoffen voor onder andere kabels, microchips en batterijen voor elektrische auto's en warmtepompen. En gelet op de vier thema's van klimaatneutraliteit zijn dit net de producten die gestimuleerd en gesubsidieerd worden vanuit dit beleid. De tweede contradictie. Een van de vier thema's is economie, industrie, afval en water en daarbij wil men uitstoot verminderen door het grondstof- en waterverbruik terug te brengen van de industriële bedrijven. Mijn vraag is dan, hoe gaan we het grondstoffen- en waterverbruik terugbrengen als de overige thema's juist de productie van de industrie stimuleren? Dan de derde contradictie, daar zie ik een fundamentele tegenstelling in de aanleiding van deze startnotitie. Zuivere wetenschap is gebaseerd op waarnemen zonder oordelen.
De waarneming dat de temperatuur op aarde is gestegen en nog een beetje zal stijgen is puur informatie en de veronderstelling dat het slecht is, is een oordeel. Oordelen zetten ons vast in conclusies waardoor we niet meer voorbij die conclusies kunnen kijken. Wanneer we de oordelen loslaten zijn we in staat om de waarneming te zien voor wat het is. Op basis hiervan heb ik de vraag gesteld of de temperatuurstijging mogelijk een gevolg zou kunnen zijn van het vrijkomen van warmte door snelle bewegende moleculen omdat er een verschuiving gaande is van een lage frequentie op aarde naar een hogere frequentie door de evolutie van bewustzijn? Ik weet niet of u zich ooit heeft afgevraagd wat we hier op aarde komen doen maar dit spel wat wij leven op aarde noemen is een cyclus die zich continu herhaalt met de opdracht om bij te dragen aan de evolutie van menselijk bewustzijn op aarde. Angst, boosheid en schuld zijn voorbeelden van lage frequenties tot maximaal 100 Hz en reden, liefde, vreugde en vrede bevinden zich op hogere frequenties van 400 tot 600 Hz. En even voor de leken onder ons, hertz is de eenheid die gebruikt wordt om frequentie uit te drukken met een aantal trillingen per seconde.
En niet onbelangrijk is om te vermelden dat er een spirituele oorlog gaande is tussen het licht en duisternis en wetenschappelijk is het ook niet moeilijk aan te tonen dat er een lagere temperatuur wordt gemeten in de schaduw. Dus als er een kans is dat de veronderstelling dat de temperatuur stijgt slecht is niet klopt, moeten we dan wel blindvaren op een beleid wat tegen wil houden wat we hier eigenlijk komen doen en dat is bewustzijn verhogen. Ons niet bewustzijn van wat de aanleiding inhoudt en niet weten wat we willen bereiken, dat is uitgangspunt één, lijkt het mij bestuursmatig niet de slimste keuze. Ter afsluiting, voorzitter, natuurlijk ben ik benieuwd hoe de wethouder, die erom bekend staat om toch bewuste keuzes te maken, hier tegenaan kijkt? Maar ook hoor ik graag van de commissie of zij deze contradicties ook zien en in hoeverre zij bereid zijn de verantwoordelijkheid te nemen voor keuzes waar zij op een later moment in tijd mee geconfronteerd worden? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Laban van ChristenUnie/SGP.
32
De heer Laban: Ja, dank u wel, voorzitter. Klimaat is inderdaad een heel erg belangrijk onderwerp waar we met elkaar over spreken. Er zijn al een aantal sprekers voor mij geweest, waaronder GroenLinks, mijnheer Van der Meer, die juist de dingen heeft gezegd waar ik helemaal achter kan staan, waar onze partij helemaal achter kan staan. De aandacht die ik eigenlijk wil vragen vanuit de tweede vraag die voorgelegd is, wat in de vorige ronde ook voorbijkwam is vooral kijken naar bottom-up, naar de kennis die al in de stad aanwezig is en die vooral inzetten voor de plannen die we met elkaar willen maken. De voorzitter: Dank u wel. De heer Safranti van DENK. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, wat ons betreft is het een prima stuk. We hadden drie punten, wat ook al eerder ook door mijnheer Van der Meer is genoemd. Ik sluit me ook trouwens aan bij grotendeels de woordvoering van mijnheer Van der Meer. Met name als het gaat om de duurzame opwekking, beter omgaan met klimaat. Toch wil ik dit trage proces toch wel benoemen, dat dat wat sneller kan of had gemoeten. Dus ja, ik wil niet in detail gaan. Dat was het, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Roggekamp van Gewoon Dordt. De heer Roggekamp: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik wilde eerst het college en de ambtenaren bedanken voor al het werk wat er al verzet is want er is al best veel gedaan.
Heeft u de vraag van de uitgangspunten en de aandachtspunten. Nou, de uitgangspunten, ja, ik denk dat we daar allemaal niet omheen kunnen en dat is helemaal niet zo slecht. Dan vraagt u aandachtspunten. En dan kijken wij, dan missen we eigenlijk wat samenhang en er moeten ook keuzes gemaakt worden en zijn dit de juiste keuzes? Als ik naar mijn EHBO-lessen van vroeger kijk dan heb ik altijd geleerd van, pak eerst aan wat het meeste bedreigt en dat mis ik eigenlijk. Op het moment dat ik bijvoorbeeld naar de CO2 kijk dan wordt er gezegd van, 43 procent van de CO2uitstoot, of nee, de grootste uitstoot is bij mobiliteit, 43 procent ervan komt vanaf de rijkswegen. Vervolgens is de oplossing dat wij STOMP gaan toepassen maar dat is voor, dat gebruik je in de bebouwde kom waar het slechts om 22 procent gaat. Dus we gaan echt op de kleine dingen stellen we voor om aanpassingen te doen zonder naar het grote plaatje te kijken. Bij het broeikasgas hebben we hetzelfde, 51 procent van de uitstoot komt van de grote industrie en vervolgens pakken we dat niet echt heel erg aan. Had dan bijvoorbeeld het lef getoond door te zeggen van, joh, wij willen dat al die industrie niks meer gaan uitstoten. O ja, en daarvoor in de plaats zetten we bijvoorbeeld een kerncentrale neer ergens op het eiland zodat die uitstoot niet nodig is.
Dus van één kant zouden we eigenlijk graag het grotere plaatje willen zien maar ook graag dat de grote problemen als eerste aangepakt worden. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie een interruptie van de heer Groenewege. De heer Groenewege: Ja, ik ben wel benieuwd welke uitstoot voorkomen kan worden door een kerncentrale op het eiland van Dordrecht neer te zetten? Want er zijn toch helemaal geen energieopwekkingscentrales voor elektriciteit die door een kerncentrale vervangen kunnen worden op het eiland van Dordrecht?
33
De voorzitter: Dank u wel. De heer Roggekamp. De heer Roggekamp: Ja, dank u wel, voorzitter. Voorzitter, uitstoot is altijd een proces wat er gedaan wordt. Het gaat hier om de broeikasgassen en broeikasgassen zijn bijna allemaal te vervangen door een elektrisch equivalent. Dus er wordt een proces gemaakt, daarvoor wordt warmte gemaakt, daarvoor wordt gas verstookt, daar wordt andere dingen voor verstookt en dat kan je altijd vervangen door elektriciteit. Ja, je hebt genoeg nodig en dat hebben we op dit moment niet maar denk op een andere manier. Denk na hoe je de grote dingen kan aanpakken in plaats van blijven zitten in de manier van denken van, o, ja, we kunnen nu dit autootje ergens anders neerzetten. O, dat heeft 0,0001 procent effect. We moeten naar het grote plaatje kijken en dan moet je ook soms naar dingen kijken wat misschien uiteindelijk niet lukt maar wat wel mogelijk is en waardoor je op een andere manier naar dingen gaat kijken. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Pichel: Voorzitter, mag ik … De voorzitter: Mevrouw Pichel, een interruptie. Mevrouw Pichel: Ja, ik wilde aan de heer Roggekamp vragen, hij heeft het over het grotere plaatje. Mag ik aan hem vragen hoe hij dan dat grotere plaatje voor zich ziet? De voorzitter: De heer Roggekamp. De heer Roggekamp: Nou, dank u wel, voorzitter. Nou, volgens mij heb ik dat net uitgelegd.
Als wij bijvoorbeeld kijken naar het STOMP-principe voor de voertuigen terwijl dat om 22 procent van de vervoersbewegingen gaat binnen de bebouwde kom, terwijl 42 of 43 procent zelfs over de rijkswegen gaat en we pakken de rijkswegen niet aan. Heeft het dan zoveel effect om dat kleine gedeelte binnen de bebouwde kom aan te pakken? Hetzelfde is het dan voor de industrie, daar kijken we ook naar andere dingen dan de industrie zelf en dat moeten we aanpakken en niet de dingen waar het maar om 10, 15 procent gaat. Natuurlijk werkt het allemaal mee maar wat ik al zei, bij de EHBO leer je, handel eerst naar wat het meest bedreigt en dat moeten we hier ook doen. De voorzitter: Mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Een kleine vervolgvraag aan de heer Roggekamp omdat hij gaf even ook een antwoord met betrekking tot de industrie die dus ook het een en ander, die dan ook wordt aangepakt. Maar dan heb ik daar toch een vraag over aan de heer Roggekamp want we zien dat ook terug in andere commissievergaderingen en andere stukken die zijn geschreven en andere discussies die zijn geweest. Is dat deze industrie ook vooral nodig is om dus de grondstoffen te leveren voor bepaalde producten die nodig zijn voor de energietransitie, denk aan kabels, microchips, warmtepompen en dergelijke. Hoe ziet u die tegenstrijdigheid dan? De voorzitter: De heer Roggekamp.
34
De heer Roggekamp: Nou, ik zie geen tegenstrijdigheid want die industrie moet nog steeds die dingen maken. Zeker, alleen zullen we een proces moeten aanpassen op een manier dat bijvoorbeeld door maken van elektriciteit, die op een andere manier opwekken, dat ze hun proces kunnen doen zonder bijvoorbeeld gas te moeten stoken om die dingen te maken maar dat ze dat elektrisch kunnen doen van, nou, voor mijn part zo’n kerncentrale. De voorzitter: Dank u wel. Dan nog een interruptie van de heer Laban. De heer Laban: Ja, dank u wel, voorzitter. Mijnheer Roggekamp had het over vooral de snelwegen die veel uitstoot geven. Heeft mijnheer Roggekamp ook ideeën over hoe we daar als Dordrecht invloed op kunnen uitoefenen dat de uitstoot op die snelwegen minder wordt? De voorzitter: Dank u wel. De heer Roggekamp. De heer Roggekamp: Voorzitter, we zijn nu bezig met een startnotitie dus we gaan eerst kijken welke lijnen we opgaan. En ja, er zal onderhandeld moeten worden met andere partijen als Rijkswaterstaat, als de provincie, als het Rijk. Maar op dit moment staat daar niks voor in en gaan we alleen naar onszelf. Ja, er wordt dan gezegd, ja, de auto's worden elektrisch maar dan zijn we er nog niet. Wij willen graag dat er gekeken wordt als eerste naar de grootste vervuilers en dan op een gegeven moment de energie en anderen.
En natuurlijk, als er winst gehaald kan worden of heel makkelijk laaghangend fruit is, natuurlijk doen. Maar wel de aandacht hebben voor de grote dingen want daar lossen we het meeste mee op. De voorzitter: Dank u wel. Verder geen interrupties meer op de heer Roggekamp? Nee. Dan geef ik het woord aan de heer Den Hartog, sorry, mevrouw Schnabel van de Partij van de Arbeid. Sorry. Mevrouw Schnabel: Dank u wel, voorzitter. Er zijn al heel veel dingen gezegd. We sluiten ons graag aan inderdaad bij wat de heer Van der Meer maar ook de heer Hartmeijer eerder heeft gezegd. Wat al een paar keer naar voren is gekomen en wat we ook nog graag zouden benoemen, we vonden de vorige sessie heel fijn. Er kwam heel veel input waarvan we denken dat die heel waardevol is. We zijn het heel erg eens met wat afgelopen sessie gezegd is over het feit dat we een implementatieplan nodig hebben en dat het echt duidelijk moet … Dat daar echt duidelijk in moet staan, hoe gaan we die opgaven aanpakken, wie doet wat, wanneer gaat wat gebeuren en wat gaat het kosten? Daarbij vinden we dat we ook een dashboard nodig hebben met meetbare indicatoren. We lezen bijvoorbeeld dat vanaf 2023 per jaar 2,1 miljoen gaat naar het maken van beleid en dat alleen al voor de bouwsteen energie. Dat is bij elkaar als dat over drie jaren gaat 6,3 miljoen.
Nou, als dat alleen al gaat naar beleid denken we dat we daar gewoon heel duidelijk met elkaar over moeten zijn, zeker als we de ambitie nastreven om in 2040 energieneutraal of klimaatneutraal te zijn. Dat we daar dan in het implementatieplan ook heel duidelijk moeten zijn over wat dat dan gaat kosten. Wat betreft de wijken, we hoorden dat er huishoudens zijn, bijvoorbeeld in Dordt-West waar een kapotte koelkast staat en mensen op matrassen leven.
35
Daar moet natuurlijk ook in verduurzaamd worden. Die mensen die hebben natuurlijk meer zorgen dan alleen de verduurzaming van hun huis dus daarvoor is het belangrijk om een duidelijke uitwerking te hebben. Dus we zouden graag zien dat er deskundig advies van ingenieurs en bouwkundigen wordt ingezet om langs de deuren eigenlijk te gaan, dus in straten te beginnen en eventueel op wijkniveau om advies te geven voor de langere termijn. Want in het verleden is dat ook gebeurd met de paalrot en de stadsvernieuwing, dat heeft goed geholpen. Dus in die zin zien we veel mogelijkheden voor het heden zodat we ook zo snel mogelijk aan de slag kunnen met die ambitie. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Safranti van DENK. De heer Safranti: Ja, dank u wel, voorzitter. Wat goed dat ik hoor over de witgoedregeling voor de burgers van Dordrecht. Zoals u weet hebben wij een paar maanden terug, nou, gekker nog, dat was tijdens de Kadernota, een motie ingediend over de witgoedregeling. Die hebben we toen ingetrokken omdat de wethouder natuurlijk de toezegging had gedaan om daarmee aan de slag te gaan. Een van de wethouders zit ook aan tafel. We hebben begrepen dat inmiddels het geld op is, voor de koelkasten dan.
Maar zou u dan straks dit verder willen stimuleren? Als ik u zo hoor dan denk ik, daar word ik echt enthousiast over, dat mensen die dus het juist nodig hebben ook hard kunnen gebruiken. De voorzitter: Ja, dank u wel, de heer Safranti. Ik wil wel even wijzen dat het misschien niet helemaal het onderwerp van dit debat raakt maar mevrouw Schnabel mag daar kort op reageren. De heer Safranti: Het ging over die witgoedregeling waar mevrouw Schnabel het over had. Mevrouw Schnabel: Nou, dank u wel, voorzitter. Het was deels ter illustratie gebruikt om aan te geven dat er mensen zijn bij wie de zorgen zo groot zijn dat ze niet per direct denken aan de verduurzaming van hun huis en dat deze mensen geholpen moeten worden. Dus dat was wat ik bedoelde. Wat betreft de witgoedregeling, nou, wat ik begrepen heb is de energiecoach nog steeds heel erg hard aan het werk om gewoon voor de huishoudens in Dordrecht te zorgen dat er ook koelkasten zijn. Maar dat is wat ik begrepen heb. En ja, dat is iets, dat is een project dat inderdaad gewoon door moet blijven gaan. De voorzitter: Dank u wel. Dan stel ik vast dat de eerste termijn van de commissie voorbij is en dan geef ik graag het woord aan mevrouw De Jonge namens het college. Mevrouw De Jonge: Ja, dank u wel, voorzitter. Inderdaad namens het college, ik zei net al even, meerdere collega's om mij heen.
Het is een opgave van het hele college, iedereen heeft zo zijn eigen deel en verantwoordelijkheid en aan mij de taak om coördinerend en voor energie de trekker te zijn. Dus ik zal ook in eerste instantie de vragen die echt op klimaatneutraal, de startnotitie betrekking hebben en mogelijk willen collega's nog aanvullen vanuit hun eigen thema.
36
Allereerst dank voor degenen ook die de complimenten heeft gegeven zeker ook aan onze organisatie, medewerkers die hier hard aan hebben gewerkt. En ja, mijnheer Hartmeijer, u zei het wel heel mooi want dit is ook wat we wilden, we wilden één breed programma hebben om echt die klimaatneutraliteit bij elkaar te brengen om de samenhang te hebben, de gezamenlijkheid erin en daarin weer aan de slag te kunnen. Dat is ook inderdaad wat u vandaag vaststelt, uitgangspunten om aan de slag te kunnen, nog niet de bouwstenen. Dat is het proces wat we ingaan. U heeft wel gezien, voor energie en mobiliteit is het al aardig ingevuld maar ja, dat kon, daar zijn we al langer mee bezig, daar liggen al andere startnotities die zijn vastgesteld. Maar zeker voor de componenten waar we nu echt ook heel intensief mee aan de slag gaan, daar gaan we de komende tijd die bouwstenen, die routekaarten bouwen met elkaar en die komen ook bij u als raad langs. Ja, er werd even getwijfeld aan de cijfers, dat is altijd jammer want die halen wij natuurlijk uit een zeer betrouwbare bron. Maar ik begrijp wel waar uw vraag zit en volgens mij hebben we het er ook al eens eerder over gehad. We lopen sowieso twee jaar achter met cijfers dus dan is dat enigszins vertroebeld omdat niet alle nieuwe in werking getreden grote opwek erin zit.
Tegelijkertijd, we hebben die cijfers ook geanalyseerd en er is volgens mij ook een technische vraag bij de begroting gesteld. We zien ook gewoon dat het energieverbruik nog steeds toeneemt. Dus ja, dan kan je aan de bovenkant wel steeds meer opwekken maar als we aan de onderkant van het rekensommetje als gezamenlijkheid meer energie verbruiken, ja, dan lijkt het net of dat het niet toeneemt. Maar als je het puur kijkt in de kilowatts dan zijn we echt wel al goed op weg. Als je het vergelijkt met Nederland, die zit gemiddeld rond de 10 procent en Dordrecht zit op 14 procent. Dus daar haal ik dan ook altijd wel mijn hoop in, dat we echt wel al goede stappen aan het maken zijn. Ja, er zijn meerdere vragen gesteld over het tempo. De één zegt, ik maak me zorgen, de andere zegt, het moet sneller. Ja, kijk, deze keuze is gemaakt in het politiek akkoord dat we gezegd hebben, Dordrecht, we nemen afscheid van 2050, wat eigenlijk voor de meeste gemeenten en voor landelijk de einddatum is. Wij zien urgentie, wij zien snelheid, we zien een gemeente, een stad die omringt is door water, wij snappen wel waar we aan willen werken. Vandaar dat wij naar 2040 zijn gegaan. Kijk je in gemeenteland, ja, het verschilt, 2030, 2035, 2050. Ik denk dat wij op een mooi gemiddelde zitten.
Uiteraard kijken we juist naar die gemeenten die de norm of de lat hoger hebben gelegd van, goh, wat kunnen we daarvan leren wat we mee kunnen pakken? Dat zullen we in de routekaarten en de uitwerking moeten verwerken. Ja, dat is denk ik een algemene opmerking over het tempo. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Groenewege. De heer Groenewege: Ja, ik ben wel benieuwd want het risico bestaat natuurlijk dat we ons blindstaren op één getal, 2040, terwijl het hier natuurlijk talloze ontwikkelingen moet doormaken binnen de gemeente om uiteindelijk klimaatneutraal te worden op allerlei onderdelen en subonderdelen. Wellicht zou je op een aantal subonderdelen wel veel eerder dan 2040 al helemaal duurzaam of geëlektrificeerd of noem maar op kunnen zijn. Wordt daarnaar gekeken en wordt het snelste tempo gehanteerd dat haalbaar is op ieder subonderdeel? Mevrouw De Jonge: Ja, een hele goede vraag. Uiteraard kijken we daarnaar en bij sommige, mobiliteit heeft volgens mij ook al een opgave om in 2035 al een deel al
37
neutraal te hebben. Dus er zitten in de verschillende paden ook verschillende tempo's op verschillende onderdelen, dat zie je in de individuele uitwerking in de notities energietransitie mobiliteit. En de op te leveren routekaarten die gaan inzichtelijk maken van ook de tussenstappen, 26 en 30. 26 kunnen we heel concreet zijn, we kunnen een doorkijk geven naar 30 en naar 40. Daar kunnen we met u echt dat gesprek over hebben als we zeggen van, nou, sommigen gaan we misschien toch al voor 2030 halen en sommigen niet. Nou, dan hebben we daar denk ik met elkaar debat over, ja, waarom haal je die andere niet al eerder dan 2040? Dus denk ik dat dat het mooie moment is om daar gezamenlijk naar te kijken. Maar we zullen eerst eens even de routekaarten goed in beeld moeten hebben van, wat moeten we nou eigenlijk allemaal doen om überhaupt het hele programma op 2040 in beeld te krijgen? Dat is waar deze startnotitie uiteraard voor is. Nou, u had het ook even over niet ten koste van de natuur. Nou, dat vind ik inderdaad wel een heel mooi punt maar er wordt natuurlijk wel al door heel veel wet- en regelgeving erop geattendeerd dat je er rekening mee moet houden. We moeten nu een SMP hebben anders mogen we überhaupt isolatie niet meer toestaan of de inwoner moet toch voor flink wat duizenden euro's een onderzoek aanvragen.
Daar proberen we ook weer proactief op in te steken dat we met de provincie heel snel tot een pre-SMP gaan komen zodat de isolatie wel door kan gaan. Want dat is eigenlijk wat iedereen hier ook zegt van, zorg er nou voor dat de eerste stap, dat energie besparen gewoon goed en stevig erin gaat. Dat onderschrijven wij ook. Op dit moment ligt het plan van aanpak energiebesparing waaruit blijkt hoe we die 30 procent gaan halen, zit in de besluitvorming. Hij gaat naar het college dus hopelijk ook binnen een maand bij u op de agendacommissie. Daar hopen we dan ook u alvast weer dat inzicht te kunnen geven hoe we daarmee omgaan. En zo zie je dus ook wel, ja, we zeggen altijd, we beginnen niet bij nul, er speelt veel, er loopt veel en dat gaat allemaal komen. Tegelijkertijd, ja, de bedrijvenkant, de industriekant, de economiekant, ja, daar zijn we nu juist heel erg mee bezig van, hoe kunnen we dat ook gaan integreren? Het is heel moeilijk om te zeggen, daar kun je echt een opgave maken. We zeggen wel van, hoe kun je nou met de bedrijven aan de slag gaan om samen te gaan kijken van, wat kunnen zij doen? We hebben daar niet zo heel veel invloed.
Daar moeten we ook altijd heel eerlijk in zijn hè, er zijn dingen die kunnen wij als gemeente heel erg beïnvloeden en er zijn onderdelen waar we iedereen bij nodig hebben, de inwoners, de bedrijven en waar we ook heel graag gebruikmaken van de partners. Nou, ik zie onze trouwe partners hier op de tribune zitten. De heer Safranti: Voorzitter? De voorzitter: De heer Safranti bij interruptie. De heer Safranti: Ja, dank u wel. Ik las vanmorgen in de krant dat Kijfhoek straks eventueel klaargestoomd kon worden voor zonnepanelen. In hoeverre kunnen wij vanuit Dordrecht daar gebruik van maken of mogen we daar gebruik van maken of is het echt voor Zwijndrecht? De voorzitter: Mevrouw De Jonge.
38
Mevrouw De Jong: Ja, dat antwoord is in die zin gecompliceerd want stroom gaat het net in en is weg. We hebben met de Regionale Energiestrategie hebben we met elkaar afgesproken met de zeven Drechtsteden dat wij een opgave hebben omarmd. Dat is 0,37 terawatt gaan wij leveren aan de totale Nederlandse opgave. Dat hebben we verdeeld over de gemeenten, iedereen heeft zo zijn gebieden gekregen om te kijken, kun je daar grootschalig zon of kun je wind kwijt. Ja, het park van Zwijndrecht draagt bij aan de totale opgave van onze regio en draagt in eerste instantie natuurlijk bij aan de opgave van Zwijndrecht. Want ook zij hebben net als ons dezelfde uitdaging, hoe gaan we überhaupt alle elektriciteit die we nodig hebben voor eigen gemeente al ergens vandaan halen? Zo zijn wij zelf ook bezig met ons zoekgebied om daar het zonnepark langs de A16 te gaan starten. We hebben ook toegezegd, u krijgt voor het eind van het jaar als de planning nog helemaal goed loopt, krijgen we de herijking van de Structuurvisie Wind. Waardoor we ook meer inzicht kunnen gaan krijgen, wat zijn nou de potenties van eigen opwek op ons eigen eiland en hoeveel is dat dan realistisch en kunnen we ook gaan realiseren en die bijdragen aan de totale opgave? Dus nee, het is niet één op één van, goh, daar kunnen wij een stukje van.
Misschien kan wel via Drechtse Energie geparticipeerd worden maar dat laat ik via de coöperatie lopen. Even kijken, ik ga er een beetje doorheen. Er is ook heel vaak gevraagd naar wijkniveau, buurtniveau. De heer Groenewege: Voorzitter? De voorzitter: De heer Groenewege. De heer Groenewege: Ja, toch nog even terug op dat punt over de natuurinclusieve energietransitie. Het nadeel als je een voorbeeld noemt, zoals ik deed in mijn bijdrage, is dat er uitsluitend op dat voorbeeld wordt ingezoomd en dat het bredere punt een beetje verwatert en dat gebeurt nu. Want ja, we horen de wethouder reageren over het soortenmanagementplan maar mijn vraag of de vraag van de Partij voor de Dieren was specifiek, gaan we dat element van de natuurinclusieve energietransitie, wat veel breder is dan alleen het soortenmanagementplan, dat veel breder is dan alleen spouwmuurisolatie, gaan we dat integraal terugzien in dit document voor klimaatneutraal 2040? Wordt dat aspect meegenomen bij al die elementen van, ja, de energietransitie? De voorzitter: Mevrouw De Jonge. Mevrouw De Jonge: Ja, dank u wel. Ja, nogmaals, ik vind het een heel mooi punt. Ja, wij houden ons aan alle wet- en regelgeving, flora en fauna wetten die van toepassing zijn. Als er ontwikkelingen zijn, we gaan natuurinclusief bouwen ook echt vaststellen als kader voor bouwontwikkelingen dus daar zit die ook in.
Ik geloof het voorbeeld van isoleren, maar kijk naar windenergie, nou, daar geldt hetzelfde voor, dat je gaat kijken van, is er een trekroute van bijzondere soorten, dan moet je daar rekening mee houden dat de windmolens stilgezet kunnen worden. Dus ik denk dat ik uw vraag kan beantwoorden, ja, zo goed mogelijk. Maar hou ons daar scherp op als u zegt van, nou, volgens mij mist u in uw totale beleid daar onderdelen van.
39
Maar kijk, de startnotitie klimaatneutraal, nogmaals, waar u naar vraagt is een stuk dat in de energietransitie uitgewerkt is, waar de kaders liggen. Bij bouwen ligt het kader natuurinclusief straks als uitgangspunt aan de voorkant om te toetsen, kunnen plannen doorgaan? Ja, daar zit de inbedding van het natuurinclusieve. De voorzitter: Vervolg uw betoog. Mevrouw De Jonge: Ga ik verder met wijk- en buurtniveau. Ja, dat omarmen wij als college enorm. Wij zien daar ook zeker de voordelen van. We hebben ook gezegd, we gaan juist naar buurtgericht werken met betrekken. Dat is die sociale energietransitie, dat is iedereen de kans geven om mee te doen. Wij zien ook daar naar corporaties, met netbeheerders, daar spreken we nu al over om die aanpak uit te gaan rollen, daar zien wij ook de kansen. Dat maakt het voor ons ook superinteressant nu we die middelen krijgen van het Rijk om in dat soort wijken ook gelijk mee aan de slag te gaan. Dus ook daar hebben we gezegd, we gaan een wijkgerichte aan en we blijven doelgroepenbenadering doen voor de groepen die nu nog niet mee kunnen in de wijken maar die we wel willen helpen om de stappen te maken. Mevrouw Schnabel: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Schnabel. Mevrouw Schnabel: Dank u wel.
Heel fijn wat de wethouder vertelt en tegelijkertijd vraag ik me ook af, worden er dan in het implementatieplan of binnen de bouwstenen ook voorwaarden meegegeven waardoor dat deze mensen ofwel ondernemers, ofwel mensen op huishoudniveau mee kunnen komen? De voorzitter: Mevrouw De Jonge. Mevrouw De Jonge: Nou, dat gaan we niet in de routekaarten vastleggen, dit zijn nou echt de onderdelen die je met de mensen uit die wijk gaat doen. Want je maakt een plan van aanpak samen met de wijk, daarvoor ga je ook echt de participatie aan. En in gezamenlijkheid ga je bepalen van, hoe gaan we in deze buurt, in deze wijk en met wie gaan we die transitie doormaken? Wat hebben we daarvoor nodig, wie hebben we erbij nodig en hoe gaan we het organiseren? Dus wat u vraagt komt eigenlijk pas in de latere fase als we gezegd hebben, dit is de wijk en dan starten we daar met het team wat allemaal nodig is, met de arbeidskant, met de sociale kant. Daar komt een team uit, samen met de inwoners, die zeggen van, nou, dit is de oplossing voor onze wijk en we gaan daar samen voor om dat voor elkaar te krijgen. De voorzitter: Mevrouw Schnabel. Mevrouw Schnabel: Dank u wel. Nog één korte aanvullende vraag. Misschien is dat ook te concreet hoor. Maar is er bijvoorbeeld dan ook onderdeel van dat je een lening zou kunnen aanvragen tegen hele lage rentebedrag? De voorzitter: Mevrouw De Jonge.
40
Mevrouw De Jonge: Zeker. Ja, kijk, dat is nou juist allemaal wat de vraag is van de particulier of van de huurder, van wie het ook betreft, om samen te kijken, wat is hier nou het maatwerkpakket wat we nodig hebben? We hebben al een heel breed aanbod vanuit de gemeente en dan kunnen we ook heel erg gericht zeggen van, nou, het is voor deze mensen in deze wijk het beste om ze op die manier te helpen. Soms is dat door de expertise, zoals u ook zegt, beschikbaar te stellen van, laat mensen langsgaan om ze te helpen met inventariseren, wat is er nodig? Soms zijn die mensen al heel ver dat er offertes liggen, dat je de financiële middelen misschien kunt helpen om ze vooruit te helpen. Ja. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, dank u wel, voorzitter. De wethouder heeft het over extra inzetten op de wijk voor wijk of blok voor blok benadering. Prima. Is er al enig zicht op wat daar aan menskracht voor nodig is en deskundigheid voor nodig is en hoe die te mobiliseren is? Of komt dat ook in de uitwerking? De voorzitter: Mevrouw De Jonge. Mevrouw De Jonge: Nou, de vraag is in die zin tweeledig. Nogmaals, in de energietransitie zijn we al heel ver op weg, in de route, in dat thema. Dus daar verwijs ik ook graag naar, vandaar zijn we de stappen aan het nemen. We zitten met Drechtse Stromen aan tafel, waar ook expertise zit.
Dat kunnen we verbreden naargelang wat we nodig hebben. Heel algemene opmerking, u heeft ook gevraagd naar de middelen. Capaciteit is ook gewoon een reëel vraagstuk op dit moment. We willen graag in dit tempo aan de slag. Wij staan te popelen bij wijze van spreken. Ja, we moeten reëel zijn, ook de menskracht moeten we wel kunnen vinden. Vandaar dat we blij zijn met Drechtse Stromen die aanbieden van, wij kunnen voor jullie een rol betekenen. En vanuit de gemeente zullen wij ervoor moeten zorgen dat we de partners in de teams krijgen die met hun capaciteit de kennis en expertise inbrengen die nodig is om zo'n buurtaanpak te kunnen, ja, in gang te gaan zetten. De voorzitter: De heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, een kleine vervolgvraag want ik snap dat er beperkingen zijn. Daarom stel ik de vraag ook juist van, wat zou er nodig zijn als je in voldoende tempo die van blok tot blok benadering noem ik het maar even zou willen realiseren? Hoeveel menskracht is daar nu eigenlijk voor nodig en in welk tempo kan het dan? De voorzitter: Mevrouw De Jonge. Mevrouw De Jonge: Ja, ik noem het liever een buurtaanpak want een blok voor blok is echt op conto van Drechtse Stromen. Dat zou ik niet af willen pakken, dat blijft daar ook. Wij doen een buurtaanpak wat natuurlijk ook gericht is op collectiviteit zoeken en samen op pad gaan.
Uw antwoord, ja, dat moet ik schuldig blijven want dat kunnen we gewoon niet op dit moment al zeggen. We zullen ook al aan de eerste projecten gaan we ook leren van, wat komt er überhaupt allemaal bij kijken?
41
En ook in het kader van de routekaarten zullen we daar inzicht in gaan krijgen van, ja, wat moeten we eigenlijk allemaal gaan doen? Dus de combinatie is van, ja, soms is het al wat in het uitvoeringsniveau dat we pas de antwoorden kunnen geven op dat soort concrete vragen. We proberen wel in de routekaarten daar een zo goed mogelijk beeld van te gaan krijgen in totaliteit zodat we ook weten waar we op moeten gaan sturen. Even kijken hoor, er was nog gevraagd naar bedrijventerreinen. Nou, in het algemeen kan ik daarover vertellen en straks zal collega Van Benschop nog aanvullen wat er al allemaal gebeurt. Daar hoort echt het lokale energiesysteem bij dus eigenlijk een buurtaanpak voor de bedrijvenkant om het zo maar te noemen. We hebben ook als Dordrecht een stap gemaakt dat we zeggen, ja, we zien gewoon de hele netcongestie vraagstukken, we zien hoe snel elektriciteit zich ontwikkelt. We zien dat bedrijven willen maar soms tegengehouden worden door inderdaad het tegen hun eigen tarieven terug moeten leveren of op de verkeerde tijdstippen het nodig hebben. Nou, we hebben gezegd, dat is echt voor ons speerpunt als je het hebt over bedrijventerreinen van, hoe kunnen we er nou voor gaan zorgen dat het lokale energiesysteem op de bedrijventerreinen gaan worden waarbij ze elkaar ook gaan helpen met leveren aan elkaar. Nou, daar zijn we echt nog wel een robbertje aan het vechten.
Wet- en regelgeving is helemaal nog niet klaar daarvoor. We hebben wel gezegd van, ja, wij moeten wel die stap samen met de bedrijven gaan nemen. Hendrik-Ido-Ambacht draait al een pilot waarvan we kunnen zeggen in onze regio van, hé, dat is interessant. En ja, we hebben ons oog al laten vallen op twee bedrijventerreinen in Dordrecht waarvan we zeggen, nou, dat is interessant voor ons om ook echt aan de slag te gaan om daar het systeem in kaart te gaan brengen. Even kijken, ChristenUnie/SGP vraagt aandacht voor de bottom-up. Ja, dank daarvoor. Wij waren zelf ook over die sessie echt heel positief. We hebben die handschoen ook gelijk opgepakt en laten weten aan partijen van, dat willen wij ook. Dus we zijn nu ook aan het kijken van, hoe kunnen we echt brede tafels, gesprekstafels met vele partijen om op te halen van wat daar ook leeft? Dus dat hebben wij ook zeker ter harte genomen. Wij geloven ook in ook een stukje participatie van, nogmaals, ja, wij lopen in de stad, u loopt in de stad maar er lopen heel veel mensen in de stad met dit vraagstuk van, laten we dat bij elkaar brengen en daar met elkaar de goede dingen gaan doen. Het is een enorme opgave en ja, net in een andere commissie werd ook al gezegd over energieopwekking, we hebben alles nodig dus dat geldt ook hiervoor.
Iedereen die mee wil doen is welkom en laten we ook vooral kijken dat iedereen mee kan doen, ook vanuit de sociale energie kant. Dat brengt me gelijk bij een heel concrete vraag waar ik wel even op in wil gaan om eventuele zorgen weg te halen. De witgoedregeling. Mijnheer Safranti, hallo. Ik kan u geruststellen, de regeling loopt, is inderdaad in die zin goed benut. Maar er ligt nu een vervolgplan van aanpak en dat is volgens mij vandaag in uw agendacommissie geweest waarin we de middelen weer beschikbaar gaan stellen. Omdat wij ook zien van dat dit echt naast energie besparen echt voor de huishoudens die echt met hun energierekening omhoogzit echt een heel welkome maatregel is om het zo maar te zeggen. Het loopt ook erg goed met de oude eruit en de nieuwe erin. Ja, dat willen wij dus ook gewoon gaan voortzetten. Ja. De heer Safranti: Voorzitter? De voorzitter: De heer Safranti.