CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.3 2023.03.28 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 3 - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 16 mei 2023, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad 11 april en de Dordtse Dinsdag 28 maart, 4 april en 18 april 2023 Vergaderzalen 1,3,524.002 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Het zijn ook niet de beste lessen, moet ik ook eerlijk zeggen hoor, die ik dan geef. Maar kijk, daar hebben we Clark. O wee, als jee nu weer de verkeerde hebt. Ze zijn wel onder druk allemaal van mij. Nu nog op het grote scherm. Goed, ik ga mijn microfoon uitzetten en het woord geven aan mijnheer Van Uum. Ik denk dat dat heel hard nodig is, want we zitten hier ... Al was het maar voor de mensen thuis, maar ik denk voor sommige mensen hier dat het ook prettig is en voor het verslag is het natuurlijk ook belangrijk. De heer Van Uum: Prima. Hij doet het nu. Mooi. De voorzitter: Succes ermee. De heer Van Uum: Dank u wel. Mijn naam is Edwin van Uum. Ik heb een eigen bureau. Maar eigenlijk ondersteunen we jullie als gemeente met de toekomst van het ontwikkelplan Wantij-West. Ik neem u even mee met een aantal grote stappen, het proces wat we afgelegd hebben, de participatie. Ik neem u daarna mee naar de inhoud van het ontwikkelplan en de achterliggende keuzes die we daarin gemaakt hebben. Maar misschien om goed te starten, met welk doel en vanuit welke kaders is het ontwikkelplan opgesteld? Te beginnen eigenlijk met de basis dat het ontwikkelplan ergens tussen een visie en uitvoering inzit. Er zijn allerlei strategische beleidsnota's gemaakt op niveau van de hele stad. Ik zal daar straks iets meer over zeggen.

De bedoeling is met name om verschillende initiatieven, verschillende ontwikkelingen in het gebied, verschillende visies samen te brengen in één ontwikkelplan. Daarmee eigenlijk de weg vrij te maken om keuzes te maken in die uitvoering. We hebben het over een aantal uitgangspunten. Het gebied tussen de Prins Clausbrug en Prins Hendrikbrug is eigenlijk het focusgebied, met name ook het water en de oevers. Wat we mee hebben gekregen, is ook te zoeken eigenlijk, vorm te geven, inhoud te geven aan het Levendige waterplein, waardoor het water beter zichtbaar en beleefbaar wordt, openbaar en toegankelijk voor alle mensen uit Dordrecht, functies combineren en

21

uiteindelijk één samenhangend plan waarin u als gemeenteraad de definitieve keuzes maakt uiteindelijk. Het is goed om even te kijken ook naar de kaders. We hebben met name deze twee kaders vanuit strategisch beleid meegekregen, vanuit de Omgevingsvisie een aantal doelstellingen, waar we ook daadwerkelijk vorm en inhoud aan geven en daarnaast de beleidsvisie Dordtse Binnenhaven. Die doelstellingen raken ook echt de doelstellingen van het ontwikkelplan, de zichtbaarheid en beleefbaarheid, het maritiem toerisme, toegankelijkheid, bereikbaarheid over water, het versterken van de economische positie, met name van de binnenstad en groen in en rondom de kaders en havens. Ook hier, dat Levendige waterplein is daar eigenlijk al opgeborreld, zou ik bijna durven zeggen, als basisidee eigenlijk voor Wantij-West. Naast dit strategisch beleid hebben we ook kaders meegegeven vanuit de ontwikkeling van Leefwerf De Biesbosch. Daar zijn een aantal afspraken en besluiten genomen. U ziet hier, ik weet niet, gezien de tijd ga ik ze niet allemaal opnoemen, maar vanaf 2016 is het burgerinitiatief actief.

In 2017 zijn daar een aantal raadsbesluiten over genomen, met name om een inspanningsverplichting te maken om maximaal tien historische schepen ruimte te geven in de Zuidelijke Insteekhaven en uiteindelijk ook een gemeentelijke bijdrage in de exploitatie te overwegen als het minder dan tien historische schepen zouden zijn. In 2020 is daar een raadsvoorstel overheen gekomen, waarbij met name de voltooiing van Leefwerf De Biesbosch en met name een bestemming voor een aantal ligplaatsen voor de kade van Wantij voor de Biesboschhal. Dat alles onder voorwaarde van de ontwikkelaar van Stadswerven-project, dat zij medewerking daaraan zouden geven om het openbaar en toegankelijk en groen te houden. Dat zijn een aantal afspraken. Waar staan we nu? De Insteekhaven heeft nu zes historische schepen. Ik verklap u alvast ... Ik zie handen achterin, maar oké. De voorzitter: Even een korte reactie naar de mensen achter mij. Het is niet de bedoeling dat u ook meedoet. Ik geef het maar even aan. U mag na afloop die mijnheer aanschieten. Niet neerschieten, maar aanschieten. Gaat u verder. De heer Van Uum: Ik hoop dat het bij aanschieten blijft, dat ook. Maar dit is in ieder geval het uitgangspunt wat we hebben meegekregen. De huidige stand van zaken is, de Insteekhaven heeft nu zes historisch schepen en bij de Biesboschhal is nu het plan voor drie historische schepen.

In het ontwikkelplan, dat verklap ik u maar vast, zien wij ruimte om één of twee nieuwe plekken te creëren voor Leefwerf De Biesbosch. De gemeente is in gesprek over de exploitatiebijdrage. Maar dit is in ieder geval het kader wat wij als plannenmakers, samen met de experts binnen de gemeente, hebben meegekregen. Ik neem u mee ook dat we ... Een overzicht van de participatie. Want ik kan u vertellen, we zijn niet over één nacht ijs gegaan. We hebben nogal wat uit de kast getrokken om alles en iedereen daarbij te betrekken. Ik memoreerde al aan verschillende Omgevingsdialogen, maar ik noem dat we met name ook drie ateliers hier intern gemeentelijk hebben gehouden met verschillende experts, verschillende disciplines. Ik wil in ieder geval het beeld wegnemen alsof dit een plan zou zijn van bureaus of een studie van bureaus. Dat wordt ook wel breed afgewogen, in ieder geval binnen verschillende afdelingen, verschillende disciplines binnen de gemeente. Daarnaast hebben we uiteraard ook extern veel werk gemaakt van een participatieaanpak. Ik neem u even mee door een aantal hoofdlijnen. We hebben in april 2022 een aantal thema-ateliers georganiseerd. We zijn bewust klein begonnen, in

22

kleinere groepen, om juist rond bepaalde thema's bepaalde groepen bij elkaar te krijgen, die juist op dat thema belangrijke belangen hebben, zou ik bijna zeggen. Een thema levendigheid, waarin het vooral ging om economie, toerisme, horeca, vertier. Een thema leefbaarheid rondom groen, ecologie, recreatie, veiligheid. Het thema bereikbaarheid, over water en ook over land, autoverkeer, parkeren, allemaal onderwerpen die ook eigenlijk vorige week in de inspraakreacties terug zijn gekomen. We hebben nadrukkelijk veel inzicht gekregen in de betrokkenheid van partijen, inzicht in de belangen en vooral ook een goed overzicht van alle initiatieven en ruimteclaims die daaruit voortkomen. We hebben een eerste Brede Omgevingsdialoog gedaan ... De heer Stolk: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Stolk van de VSP heeft een vraag. De heer Van Uum: Prima. De heer Stolk: Ik had nog een vraag. Het vorige sheet stonden allemaal thema's. U zegt ook van dat we die mensen geraadpleegd hebben. Zijn dat grote groepen geweest, kleine groepen? Zijn daar aantallen van bekend? Wie zijn daar geweest? De heer Van Uum: Het aantal deelnemers bedoelt u, per atelier? De heer Stolk: Ja. De heer Van Uum: Ik denk dat dat een tien, twaalf, soms veertien personen zijn geweest, per atelier. Die hebben we met name bij elkaar gebracht omdat zij een bepaalde achtergrond hebben.

Mensen van de scheepvaart of van de nautische kant hebben we rondom bereikbaarheid bijeengebracht. Mensen die meer in het ondernemerschap of in de horeca actief zijn of evenementen organiseren, hebben we rondom dat eerste thema bijeengebracht. We hebben eerst in kleine kring, met gelijkgestemden zou je kunnen zeggen, eens gekeken van, wat speelt er, welke belangen spelen er, welke ambities leven er? Pas daarna zijn we groter gegaan in die Brede Omgevingsdialoog, waarin we eigenlijk alle personen, alle partijen bij elkaar gebracht hebben. Dat is eigenlijk de volgorde geweest. De voorzitter: Mijnheer De Boer heeft ook nog een vraag.

De heer De Boer: Dank u wel, voorzitter, een vervolgvraag. Mijn buurman vroeg al, welke partijen? U noemt een aantal aantallen van mensen die verstand hebben van zaken. Zijn dat mensen, ook omwonenden daar of zijn dat mensen van bureaus? Later zegt u ook, we hebben met meerdere mensen gesproken. Zijn dat echt ook alle omwonenden, alle partijen die in dat plan terugkomen? De heer Van Uum: We hebben in ieder geval alle partijen, als het gaat om, ik zou bijna zeggen, de type partijen, wat voor soorten partijen? Wij hebben bijvoorbeeld bij het thema leefbaarheid de VvE van Scharwoude aan tafel gehad, de VvE-voorzitter van Wantijhof. Ik noem toch maar de vertegenwoordigers van de bewoners, die in ieder

23

geval het bewonersgeluid hebben laten horen. We hebben daarmee niet alle omwonenden geraadpleegd, ook niet allemaal aan tafel gehad. Dat was ook bijna niet te doen, in dat opzicht. Maar wel juist even, ik noem dat vaak meerstemmigheid, dat je verschillende stemmen hoort van verschillende groepen. Of je dan heel veel bewoners hebt of heel weinig, dat maakt dan eerlijk gezegd niet zoveel uit. De voorzitter: Mijnheer Kleinpaste heeft ook nog een vraag. Ik stel voor dat we daarna doorgaan naar de volgende sheet. De heer Van Uum: Ik heb nog een hele presentatie voor boeg. De heer Kleinpaste: Daarom. Maar u wilde ook vragen tussendoor krijgen, begreep ik. De uitkomst van deze ateliers, is die vervolgens ook weer in het verdere participatieproces met de wat minder uitgezochte deelnemers besproken? Hoe is de weging geweest van die ateliers ten opzichte van de inbreng van gewoon de omwonenden die zich bij de participatie hebben gemeld? De heer Van Uum: Dan ga ik toch door om bijvoorbeeld dit te laten zien. Dit hebben we gedaan in de eerste Omgevingsdialoog. We hebben eigenlijk de resultaten van die drie deelateliers vertaald naar een puzzel, letterlijk een puzzel. We hebben verschillende opties die we gehoord hebben in die drie kleinere ateliers vertaald naar een aantal keuzemogelijkheden en letterlijk dat als een puzzel ...

Bij wijze van spreken ziet u hier een aantal verschillende manieren waarop we die puzzel gelegd hebben. We hebben dat ook in juni met een aantal raadsleden gedaan, in dit verband. Misschien dat een aantal van u dat nog herinnert. De reden waarom we dat gedaan hebben, is niet iedereen heeft een professionele achtergrond of een deskundige achtergrond. Juist omwonenden of bewoners, niet om ze daarmee teniet te doen ... Je kunt iedereen op hetzelfde informatie niveau ... Kun je die puzzel leggen. Je doet dat vanuit kennis of vanuit ervaring of vanuit direct belang, omdat je er woont of leeft of werkt. Dat maakt iedereen ook gelijkwaardig in zo'n discussie. Het gaat in dit verband niet om de puzzel en de resultaten ervan, maar dat je elkaar leert verstaan in de argumenten die je over en weer met elkaar uitwisselt. Hier hebben we zeven puzzels gemaakt op die avond. We hebben hem ook ambtelijk intern gedaan, met de deskundigen binnen de gemeente. We hebben hem ook met u vanuit de raad gedaan. Dat waren ook drie puzzels. We hebben al die puzzels bij elkaar gelegd en ook geanalyseerd. Gewoon heel letterlijk gekeken, welke keuzes zijn er nu gemaakt? Ik ga er niet helemaal inhoudelijk op in. We hebben dat ook gekoppeld, niet alleen puzzels op het platte vlak, maar ook over kwaliteit en een discussie over kwaliteit.

Want het gaat niet alleen om functies toedelen, maar ook om wat dat in beleving en kwaliteit en uitstraling doet. We hebben ook een beeldenstorm georganiseerd, met name met foto's, over wat voor kwaliteiten zou je in het gebied wensen in het ontwikkelplan? Dat hebben we ook weer teruggebracht naar die drie thema's levendigheid, leefbaarheid en bereikbaarheid, waarin eigenlijk een soort moodboard ontstaan is vanuit de groep over, wat voor kwaliteiten zouden we dan terug willen zien in het ontwikkelplan Wantij-West? Een aantal van dit soort beelden zijn ook als referentie weer teruggekomen in het ontwikkelplan, bij de verschillende maatregelen. Zo concreet is het doorgevoerd. Uiteindelijk heeft dat geleid tot twee basispuzzels, zou ik haast zeggen. We hebben die dertien puzzels teruggebracht naar eigenlijk twee basisopstellingen. U ziet hier links een soort zonering noord-zuid, waarbij met name alles

24

wat met evenementen, vertier, horeca, reuring te maken heeft aan de zuidkant en met name ook het nautische aan de zuidkant is. De noordkant ziet u ook meer groen, dat dat veel rustiger en veel meer gericht is op leefbaarheid. Terwijl bijvoorbeeld die zonering oost-west, aan de andere kant, daar zit meer in het oostelijk deel meer nautisch, het middendeel meer reuring en juist de rechterkant meer groen en meer gericht op leefbaarheid. Dat is eigenlijk een soort rode draad, in dit geval tweevoudig, die we uit die puzzelsessie hebben gehaald. Uiteindelijk hebben we dat ook teruggebracht naar een eerste schets van het ontwikkelplan. Wat voor maatregelen stellen we dan voor? Ook dat hebben we min of meer met alle stakeholders gedaan, in wat kleinere kring. Dat hebben we uiteindelijk vertaald in de tweede Brede Omgevingsdialoog, in twee gebiedsprofielen, hebben we dat genoemd. Twee scenario's, twee hele samenhangende mogelijkheden. Hier links het Levendig waterplein genoemd, met een stedelijk brandpunt rond Kinepolis en rechts het Nautisch cultuurpark, wat juist meer gericht is op groen, verbindingen en investeringen meer gespreid. Het zijn een beetje archetypische modellen.

Het is ook niet de bedoeling dat je de een of de ander kiest, maar ook hier juist om de geesten te slijpen en de argumenten juist op tafel te krijgen, waarom kies je voor het één of waarom kies je voor het ander? Dat hebben we ook bijvoorbeeld uitgewerkt op maatregelniveau. Bijvoorbeeld, links ziet u dat Levendig waterplein, met allereerst een idee voor een zwemfaciliteit, zou ik haast zeggen. Met een steiger, een stadsstrand, een ligweide, dat dat nadrukkelijk invulling geeft aan de concentratieplek, die hotspot waar dat Levendige waterplein gesitueerd is. Terwijl aan de rechterkant dat eigenlijk veel ontspannener is. Dat zit dan in het Nautisch cultuurpark, waarin het zwemmen heel extensief is en juist helemaal niet georganiseerd wordt of eigenlijk in de huidige situatie zo blijft. Uiteindelijk zijn daar ook beoordelingen over plaatsgevonden. We hebben dat met alle partijen zo beoordeeld van, wat is er goed of minder goed aan die twee verschillende modellen? Waar zijn we het dan over eens en waar schuurt het dan nog? Dat heeft ook geleid tot een soort winst- en verliesrekening van beide modellen en ook prioriteiten gesteld van, welke maatregelen vindt u daadwerkelijk het meest belangrijk? Dat hebben we ook letterlijk gedaan om iedereen ... Ik bedoel, we hebben iedereen tien stickers gegeven, ik zou bijna zeggen tien munten, tien euro's, zo u wil.

Waar zet je je geld op in? Van die achttien maatregelen die ook uiteindelijk terug te vinden zijn in het ontwikkelplan zijn er ook prioriteiten gesteld, in dit geval bijvoorbeeld als landtong, voor inrichting van de landtong zou u kiezen? Dit is maar een voorbeeld hoor. Tel niet deze stickers. Maar u ziet aan de linkerkant een landtong die openbaar is, waar sport en spel plaatsvindt, met een beweegbare brug, maar die echt openbaar toegankelijk is en recreatief heel erg ingericht is. Terwijl de landrong aan de rechterkant bijvoorbeeld puur op de ecologie rust en zegt van, dat is een ecologische biotoop. De natuur heeft daar het primaat. Het is vooralsnog minder toegankelijk. Daar zijn keuzes in gemaakt. Zo hebben we al die achttien maatregelen in tweevoud en zijn daar keuzes in gemaakt. De maatregelen die gekozen zijn of die de hoogste prioriteit hebben gekregen, die zijn uiteindelijk in het ontwikkelplan terechtgekomen. U ziet eigenlijk in het ontwikkelplan daar waar alle prioriteiten zijn neergelegd. Die hebben we samengesmeed dan als één ontwikkelplan. Kortgeleden zijn we afgerond met de derde Omgevingsdialoog. We hebben hier doelbewust een aantal partijen die zich geroerd hebben in dit proces gevraagd om een pitch te geven. Dit zijn de namen die voorbijgekomen zijn, ook om een soort hoor en wederhoor te plegen.

Niet dat we alleen het ontwikkelplan presenteren, maar juist ook een aantal partijen vragen om daar kritisch op te reageren. Dat is ook

25

gebeurd. Daar zijn ook nog weer kritische noten uit voortgekomen die u als inspraakreactie ook weer teruggezien heeft. U herkent ook een aantal mensen denk ik die ook toen als insprekers hebben opgetreden. Ik rond af in ieder geval met de participatie. Wat hebben we nog meer gedaan? We hebben die gebiedsprofielen ook intern gewogen, binnen de gemeente. We hebben een digitale enquête gedaan voor de stad, juist om niet alleen direct betrokken omwonenden, maar Wantij-West heeft ook een functie voor de hele stad. Wat zijn daar dan de belangrijke opmerkingen van? Eén van de opbrengsten die dat opgeleverd heeft, dat er daadwerkelijk behoefte is aan echt een zwemplek, aan een vertierplek, een evenementenplek aan het water. Dat dat toegevoegde waarde heeft aan de binnenstad en eigenlijk ook op de schaal van de hele stad speelt. Gebieden zijn doorgerekend. Dat heeft geleid ook tot een eerste kostencalculatie van de verschillende maatregelen. Dat ziet u ook achter in het ontwikkelplan. Uiteraard bestuurlijke consultaties en kortgeleden een werkbezoek met een wandeling met verschillende raadsleden om ter plekke kennis te nemen van de situatie. Dat is het hele participatieproces geweest. Misschien zijn daar vragen over. Maar daarom zei ik u al, we zijn niet over één nacht ijs gegaan. Ook de inhoud speelt nadrukkelijk een rol, hoe dat doorgetikt heeft in het ontwikkelplan.

Ik wil alleen maar benadrukken, het is niet een ontwikkelplan van ondergetekende of van bureaus of van ambtelijk alleen. Het is zowel intern gedragen als ook extern, in ieder geval in co-creatie ontstaan. Er zullen altijd partijen zijn die daar kritisch op zijn of hun zin niet hebben gekregen. In dat proces speelt dat een rol natuurlijk, maar het is meer dan een eendagsvlieg, zou ik zeggen. De voorzitter: Mijnheer Laban heeft een vraag. De heer Laban: Voorzitter, graag. U liet net de sheets zien met zwemmen tussen de zwembak en, hoe wordt het genoemd, het recreatief natuurzwemmen. Als ik kijk naar de resultaten, die tweede Omgevingsvisie of dat verslag daarvan, dan zie ik voor dat recreatief natuurzwemmen 21 stippen en voor de zwembak 5 stippen. Ik zie in de visie uiteindelijk toch de zwembak terugkomen. Kunt u uitleggen hoe dat dan gebeurd is? De voorzitter: Zegt u het maar. De heer Van Uum: Ik pak hem even terug. Dat was hier, geloof ik. U bedoelde deze, denk ik? We hebben dat ook niet letterlijk genomen. Dat is één. De stemming zegt iets, maar ik zie dat als een advies. We hebben dat niet opgevolgd als een wetmatigheid. De meeste stemmen gelden, want ik zou bijna zeggen de deelnemers zijn geen goede afspiegeling van eigenlijk het hele stakeholderveld. Het kan zijn dat de één of de andere partij ... Er zijn partijen die vijf man sterk komen, vanuit één organisatie.

Dat geeft dan een heel vertekenend beeld over wat ... Die stippen hebben we opgevat als indicatief. Daarna hebben we ook de maatregel gewogen in termen van een aantal criteria, bijvoorbeeld veiligheid of openbaarheid. Veiligheid is een belangrijke kwestie, in ieder geval als het gaat om zwemmen. In ieder geval ook intern. In de interne ateliers zijn ook vanuit verschillende experts oplossingen aangedragen om die veiligheid te verbeteren. Links is eigenlijk een voorstel gedaan om het zwemgedeelte meer af te kaderen. Het gaat niet om een bak, het is ook geen zwembak, het is eigenlijk nog steeds gewoon open water, alleen het is veel meer afgebakend door een steiger. Daarmee voorkom je nog steeds niet dat jeugd aan alle kanten van de steigers springt en ook in de vaarroute gaat zwemmen. Dat kun je niet voorkomen. Je kunt wel duidelijke regels stellen en in ieder

26

geval afspraken maken dat binnen dat vierkant of binnen ... Het laatste voorstel is nog weer anders geworden dan dit, want hier ziet u nog een apart podium bijvoorbeeld. Om dat steiger dan ook multifunctioneel te gebruiken en daar ook bijvoorbeeld evenementen op te kunnen organiseren, door bijvoorbeeld met een ponton of iets dergelijks toch een podium te kunnen maken. De voorzitter: De heer Klerk wil graag daar ook nog iets over vragen. De heer Klerk: Dank u wel, voorzitter. Dat ging niet zozeer hierover. Ik had een andere vraag. Dat was wel over de uitgangspunten waarop het plan is gebaseerd. Net werd ook het inmiddels veel besproken amendement A7A aangehaald. Op welke manier is daar nu rekening mee gehouden? Want die vijf schepen waar in dat amendement over gesproken wordt, die zie ik ... Op de tekening zien we er nu drie. Ik krijg de indruk, corrigeer me als het anders is, dat de veronderstelling er wel is dat er met het amendement is rekening gehouden. Kunt u uitleggen hoe? De heer Van Uum: Mag ik die even parkeren voor de presentatie, want dan kunnen we daar inhoudelijk wat dieper op ingaan. De voorzitter: Ja, ik wilde dat ook voorstellen, want ik denk dat die Leefwerf zo meteen echt wel aan bod komt. Mijnheer de Boer, als u daar ook wat over wilde vragen, dan komt dat straks. Dat lijkt mij het handigste. Mijnheer Klerk houdt wel in de gaten of u woord houdt. Ik ook.

Mijnheer Stam, nog wel over het zwemmen? De heer Stam: Ja, Of het een bak of niet, het is wel bekend daar dat het vol ligt met betonbrokken, -stukken. Het is niet zo diep daar. Dat betekent dan dat heel die geul wordt uitgegraven. Wat heeft het dan voor consequenties voor die kades? De voorzitter: Zegt u het maar. De heer Van Uum: In de actieagenda ... We hebben aan het ontwikkelplan een actieagenda toegevoegd. Wat u ziet hier is het ontwikkelplan met concrete voorstellen. We hebben niet alles technisch uitgezocht, niet in deze fase. Wat we daadwerkelijk tegenkomen aan kabels en leidingen of aan technische randvoorwaarden, het blijft in die zin een plan op hoofdlijnen. Indicatief is aangegeven, dit zou een heel goed zwemgedeelte zijn. Daar wordt nu ook al gezwommen. Het zal moeten blijken. Ook bij wijze van spreken de steiger zelf, dat is ook nog een ontwerpopgave. Moet die steiger er zo uitzien of moet dat eigenlijk een hele andere vorm krijgen? In de inspraakreactie, zoals ook bijvoorbeeld, hoe gaat het dan met de watertaxi? We hebben ook maar indicatief aangegeven dat een halte van de watertaxi ... We hebben dat letterlijk met een icoontje aangegeven hoe dat technisch past en hoe dat zich verhoudt tot zwemmen. Dat moeten we gewoon nog goed uitzoeken. Dat geldt eigenlijk ook voor de veiligheid en de diepte daarvan, of de vervuiling, zo u wilt. Dat moeten we gewoon uitzoeken.

Dat staat ook vermeld in een van de uitwerkingsacties die in het uitvoeringsprogramma staan. De voorzitter: Voldoende, mijnheer Stam? Gaat u verder.

27

De heer Van Uum: Ik kom nu tot de inhoud. De introductie van het ontwikkelplan. Ik neem u mee naar de hoofdlijnen. Ik loop zes stappen met u af. Misschien kunnen we na elke stap even stilstaan, zo u wil. In ieder geval over de ambities, over de opgave, de strategische visie die daar ten grondslag aan ligt. Het rondje Wantij, wat we volledig centraal hebben gesteld en eigenlijk op drie manieren. Zal ik u straks meer over zeggen. Het ontwikkelplan, concreet met achttien maatregelen. Die actieagenda met kostenindicatie. Dat is in hoofdlijnen wat het hele ontwikkelplan behelst. Te beginnen met de ambities, vijf ambities. Ik neem ze met u door, want ze staan voor in het ontwikkelplan. Ik noem ze niet hier, maar dan ga ik ze even met u langs. Eén, ook wel verreweg de belangrijkste, is natuurlijk ook het water zichtbaar en beleefbaar maken. Als u gaat kijken, een aantal van u is daar geweest, we hebben ook aangegeven, het water is an sich ook helemaal niet zo groot, of het is helemaal niet zo breed. Het beleefbaar maken van het water vraagt nadrukkelijk om ingrepen om rondom eigenlijk altijd zicht te houden op het water en contact met het water te blijven voeren. Als u het rondje zou lopen, het rondje Wantij, een aantal van u heeft dat gedaan vorige keer, dan verlies je ook op sommige momenten het contact. Je kunt geen continue route lopen.

Je loopt op sommige plekken dood of je moet helemaal door de bebouwing. Hoe kom je dan weer terug bij het Wantij? Dat rondje Wantij en het beleefbaar maken van het water is nadrukkelijk uitgangspunt, een ambitie. Het tweede, u ziet het al, dat hadden we ook al meegekregen als kader, om juist ook substantieel te vergroenen in en om het water. U ziet hier natuurlijk dat de planvorming alweer voortgeschreden is, zou je kunnen zeggen. Er zijn nu alweer initiatieven om dit te vergroenen. Er zijn ook alweer eerste ingrepen gepleegd. Maar dit kan in de zomer ook bijzonder heet worden, zeker met de hetere zomers die we tegemoet gaan, over het algemeen, kan dit ook wel substantieel een veel groener karakter krijgen. Hetzelfde geldt ook voor andere plekken die weliswaar groen zijn, maar ecologisch waardevoller ingericht zouden kunnen worden. Een tweede ambitie. Een derde, veilig recreatief gebruik van het water. We hebben hier eigenlijk uit die eerste kleinschalige ateliers puur een inventarisatie gemaakt van alle ideeën en claims, rijp en groen, zou ik zeggen. We hebben ze gewoon maar op een kaart gezet en indicatief ook een plek gegeven. U ziet dat het bijzonder druk wordt als we alles zouden honoreren in het Wantij-West.

Hoe krijg je dan ook samenhang daarin? Veilig recreatief gebruik van het water is nadrukkelijk een van de ambities geweest om zoveel mogelijk initiatieven te honoreren, maar wel binnen de kaders van veiligheid, openbaarheid en dat soort elementen. Daar hebben we in het ontwikkelplan dan vorm en inhoud aan gegeven. De vierde is de profilering, eigenlijk de economische stimulering ook van de binnenstad, onder andere door een directere verbinding tussen Wantij en de rondvaartboten, het toerisme, nautisch toerisme, om dat veel nadrukkelijker aan de binnenstad te koppelen, ook door betere looproutes. We weten natuurlijk dat met bussen toeristen op de boot worden gezet, maar er zijn mogelijkheden. Daar hebben we ook gesprekken over gehad tijdens de Brede Omgevingsdialogen hoe je met de rondvaartmaatschappijen en met nautisch toerisme dat je die koppeling tussen binnenstad, al was het maar voor dagtoerisme, dat je dat veel nadrukkelijker ... Dat dat een belangrijke kans zou zijn. De voorzitter: Mijnheer Damen heeft een vraag.

28

De heer Damen: Ik vind die boten eigenlijk varende dozen. Het ziet er niet uit. Aan de ene kant is het heel prettig dat ze toeristen aanvoeren ... De voorzitter: Mijnheer Damen, u geeft een mening en ik heb graag een vraag. De heer Damen: Kunnen die dingen niet op een andere plek terecht? De heer Van Uum: Wij hebben meegekregen om het nautisch toerisme te stimuleren daarin, om die verbinding te maken. Dat is vanuit de visie Dordtse Binnenhavens gekomen. Hij ligt hier wel prominent op de plek, maar Wantij-West voorziet eigenlijk wel in een goede plek om die rondvaartboten eigenlijk te laten aanmeren, precies op de route naar de binnenstad. Of ze mooi of lelijk zijn, daar hou ik me buiten. De heer Damen: Dat vind ik jammer, want dadelijk loop je op een deel van dat rondje tussen zo'n doos en de blinde gevel van de flats aan de Lijnbaan. Dan creëer je, naar mijn idee, een hele zwakke schakel. De voorzitter: Mijnheer Damen, dat is volgens mij weer niet echt een vraag. Dat heb ik al een jaartje in de gaten, eerlijk gezegd. Ik bewonder uw zelfkennis. Gaat u verder, mijnheer ... Nee, ik zie mijnheer Stam nog een vraag.

De heer Stam: Misschien kan ik mijnheer Damen een beetje helpen met de vraag van, zijn de woningbouwcorporaties nog van plan om de woningbouw daar wat te moderniseren, die meer passend is in het beeld van het Wantij-West? De voorzitter: Ik weet niet of mijnheer Van Uum daar antwoord op heeft? De heer Van Uum: We hebben zeer nadrukkelijk contact gezocht ook met de woningbouwcorporatie Trivire. Ze hebben ook gepitcht op de derde Omgevingsdialoog. Zij vinden eigenlijk het ontwikkelplan ... Dat ondersteunen ze eigenlijk volledig, dat ook die buitenruimte opgeknapt wordt. We zijn nadrukkelijk met hun in gesprek geweest, want is er ook eigenlijk van glas een soort sluitende geluidsmuur, die zijn functie verloren heeft, omdat het eigenlijk gebouwd was voor de geluidsoverlast van de overkant. Met Stadswerven is die geluidsoverlast vervallen. Zij hebben in ieder geval aangegeven dat ze nadrukkelijk weer opnieuw zouden willen kijken naar hun vastgoed, wat dat betreft. De maar daarbij was dat het vastgoed eigenlijk van nog steeds heel erg goede kwaliteiten is, bouwtechnisch dan, dat dat niet zomaar, bij wijze van spreken, tegen de vlakte zou kunnen of zo. De vraag is of op het moment dat je de buitenruimte opknapt je wellicht afspraken kunnen maken met de corporatie over bijvoorbeeld opknappen van de gevel, dat dat simultaan zou kunnen gaan.

Maar er zijn nog geen harde afspraken over gemaakt of zo. De voorzitter: Mijnheer Van Uum, ik heb geen inzicht in hoe lang uw presentatie is, maar qua tijd zijn we op de helft. U weet hoeveel dia's er zijn. Misschien moet er gas gegeven worden. De heer Van Uum: Prima. De laatste, cultuurhistorie zichtbaar maken. Last but not least. Maar natuurlijk voor het nautisch cultuurhistorie, het varend cultuurhistorie. Daar hebben we natuurlijk ook tijdens de verschillende Brede Omgevingsdialogen van de Leefwerf De Biesbosch, het Binnenvaartmuseum ... Daar hebben we natuurlijk van alles over gehoord. Ook de Biesboschhal natuurlijk is te benoemen. De energiestations, onze

29

50kV-gebouw, maar ook Villa Augustus. Het wemelt eigenlijk van de cultuurhistorie en de verschillende tijdlagen daarin. De opgave, dat hou ik heel kort. Dat kunt u nalezen in het ontwikkelplan. Ook hier hebben we eigenlijk die drie thema's weer laten terugkomen als soort continuïteit. Daar zit de opgave om bij Levendig een aantal activiteiten sterker te bundelen. Dingen te concentreren waardoor er eigenlijk reuring plaatsvindt. Als je het allemaal verspreidt, dan wordt het vlees nog vis en dan wordt het nooit erg gezellig. Zorg dat het bij elkaar komt. Leefbaarheid gaat vooral over een heldere structuur, een heldere zonering en plekken die je groener maakt. Bereikbaarheid gaat over die veiligheid, varend, overlast en vooral ook parkeren. Daar heeft u natuurlijk ook het een en ander over gehoord en ongetwijfeld een aantal vragen over. Dat waren de opgaven. Ik ga door naar de strategische visie. Dat heeft u ook gezien in het ontwikkelplan, dat Wantij-West een schakel is tussen binnenstad en Biesbosch. We zoomen even uit. Het is goed om te beseffen dat Wantij-West niet alleen een inrichtingsopgave is, maar daadwerkelijk een schakel is met de verbinding naar het water. Het heeft een sleutelpositie eigenlijk potentieel in het nautisch toerisme, waardoor rondvaartboten bijvoorbeeld op deze plek nadrukkelijk die koppeling kunnen maken met de binnenstad, verbinding met de Biesbosch.

Het creëren van een aantal routes, niet alleen het rondje Wantij, maar juist die uitlopers naar Biesbosch of naar binnenstad zijn ook van belang. Wat ik al zei, die verbinding met de binnenstad een levendige hotspot, de plek rond Kinepolis, Energiehuis, om dat echt een plek te maken waar allerlei evenementen, horeca, waar reuring kan plaatsvinden, op gezette tijden. Dat heeft geleid tot een aantal structurerende principes. Ik neem ze met u door. Zonering van activiteiten en rust. U ziet hier eigenlijk die twee puzzels die ik u eerder heb laten zien. Links is de zonering eigenlijk van nautisch naar reuring in het middendeel tot meer groen en leefbaarheid aan het rechterdeel. Aan de andere kant een structurerend principe van noord-zuid eigenlijk, waarin met name de stedelijke activiteiten aan de zuidkant plaatsvinden en meer groen, leefbaarheid aan de noordkant plaatsvindt. Gaat het over zonering. Doorgaande routes ontwikkelen, de continuïteit van een route, rondje Wantij, hoe maak je daar een continue, eenvormige route van, die ook helder is en herkenbaar is en het vergroenen op aantrekkelijke plekken, waarin je rustplekken vindt, natuur ontwikkelt en daar een aantal ecologische hotspots maakt, waarin je ook gewoon lekker kunt verblijven aan het water. Tenslotte, het maken van een aantal aantrekkelijke plekken.

Er zijn een aantal plekken, soms juist heel rustig, soms juist van reuring, soms in het voorbijgaan als zitplek, soms juist als sport en spel plek, die zijn zo in het ontwikkelplan geduid met als speciale plek eigenlijk die actieve zone rondom Kinepolis, rondom dat waterplein, waar juist alle concentratie van evenementen en reuring plaatsvindt. Juist ook om daar te concentreren, omdat het dan ook gezelliger en leuker was, ook beter beheersbaar is, maar juist ook om de overlast op andere plekken te voorkomen. Drie keer rondje Wantij dat is eigenlijk de centrale drager geworden in het ontwikkelplan. Ik zou bijna zeggen, als we uit de participatie één ding hebben gehaald, is dat er een bijna volledige eenstemmigheid is over de waarde van een rondje Wantij te maken. We hebben hem eigenlijk in drievoud in het ontwikkelplan vermeld. Eén als een groen en natuurlijk rondje Wantij. U ziet hier het rondje Wantij, maar dan eigenlijk als een soort kralenketting van allemaal groene plekken die soms rustplekken zijn, soms actieve plekken zijn, waarin ook de landtong openbaar is en de route, eigenlijk dat rondje Wantij over de landtong loopt langs de Prins Hendrikbrug loopt en zo eigenlijk langs het hele Wantij-West en elke keer contact houdt met het water. Ik kom daar straks meer in detail over te spreken.

Dat zou bijvoorbeeld voor de landtongen er zo uit kunnen zien, als een ruwe schets, maar met name ook om de landtong onderdeel tot laten zijn van dat groene rondje Wantij. Maar ook als groene plek, want met Stadswerven is er behoorlijk ook woningbouw in het gebied. Het is een van de weinige groene plekken in het gebied. Het

30

pleidooi in het in het ontwikkelplan is om de landtong vooral groen in te richten en openbaar te maken. De voorzitter: De heer Bootsman heeft een vraag voor u. De heer Bootsman: Jazeker. Ik zie hier dat bruggetje ingetekend staan. Dat heb ik ook in de plannen gezien. Maar betekent dat dat dat een bruggetje is waar bijvoorbeeld ook mensen met een rolstoel of rollator eroverheen kunnen of wordt dat een bruggetje zoals je in andere gemeenten vaak ziet met trappetjes, wat helaas niet voor iedereen te gebruiken is? De heer Van Uum: Die vraag zou ik nu niet durven beantwoorden. We gaan ervanuit dat ook nautisch die brug beweegbaar zou moeten zijn. Dat voor nautisch verkeer, met schepen, dat dat in en uit kan. Maar dit soort voorwaarden zijn natuurlijk wel belangrijk, dat het ook voor iedereen toegankelijk is. Dat is allemaal nader uit te werken hoe überhaupt zo'n brug eruit zou kunnen zien. Maar het is nadrukkelijk wel de bedoeling. Het tweede rondje Wantij gaat over bewegen. Een beweegvriendelijk rondje Wantij. In coronatijden hebben we allemaal de waarde van een ommetje leren ontdekken, misschien. Wie weet het nog? Maar dit rondje Wantij hebben we bewust gemikt eigenlijk op twee doelgroepen. Juist de wandelaars, een ommetje, je hond uitlaten, elkaar ontmoeten, ook nadrukkelijk met een aantal ontmoetingsplekken en ook voor sporten en bewegen, ook als beweegroute.

Niet om elkaar, sporters en wandelaars, in de weglopen. Je hebt als sporter aparte fitnessplekken of sportplekken waar je eigenlijk de hele route mee aan zou kunnen doen. Dat bedient ook weer een andere doelgroep, die voor buitensporten dit soort plekken interessant vindt. Er zijn ook eerder aanvragen gedaan om een aantal fitnesstoestellen te plaatsen op de plek bij Kinepolis. Dat zou veel gestructureerder een route kunnen worden, wat dat betreft. Dat is het tweede rondje Wantij, met bijvoorbeeld ... We hadden het net over de woningen van Trivire. Bijvoorbeeld, een suggesties is ... Dat is nu heel smal en kruip-door-sluip-door en niet uitnodigend om daar te passeren eigenlijk direct voor de woningen langs. Het zou denkbaar zijn om die steiger ... Bijvoorbeeld een soort hangend steiger te hebben boven het water, waarin je die kade kunt verbreden, maar bijvoorbeeld de looproute voor de woningen ook te verbreden, waardoor je eigenlijk een soort hoge route hebt en een lage route hebt. Dat zou je ook met groen kunnen aankleden, waardoor het veel aantrekkelijker wordt om van Kinepolis naar de binnenstad te lopen langs het water of weer terug. Die looproute is wel een belangrijke centrale as in het ontwikkelplan. Dat is maar suggestief natuurlijk om te laten zien wat de potentie zou kunnen zijn.

Het derde rondje Wantij gaat over een cultureel rondje Wantij en een levendig rondje Wantij, waarin met name de cultuurhistorie nadrukkelijk een rol speelt. Het aan elkaar rijgen eigenlijk van alle cultuurhistorische waarden. Leefwerf De Biesbosch, het Binnenvaartmuseum, de Biesboschhal, Villa Augustus, Energiehuis, allerlei plekken die cultuurhistorisch waardevol zijn, waar ook een publieke functie in gevestigd is of zou kunnen worden, die soms ook een publieke functie hebben en waar je juist, in combinatie van het erfgoed en evenementen, een hele interessante route maakt om voor bezoekers en ook omwonenden daar gebruik van te maken. Het blijft nog steeds hetzelfde rondje, in dat opzicht, maar voor hele verschillende doelgroepen is het rondje interessant, op die manier. Met als voorbeeld hier eigenlijk de suggestie van een soort stadstrand in combinatie met een Wantijplein, wat veel meer een soort sportfaciliteit zou kunnen zijn. Ook hier indicatief aangegeven dat je echt zo’n concentratie, zo'n plek maakt waar de reuring geconcentreerd is, waar evenementen kunnen plaatsvinden op het water, aan het water, waarin de trappen eigenlijk een soort natuurlijke tribune zijn, waarin je eigenlijk ook daar Dordt op een goede manier manifesteert, aanvullend aan de

31

binnenstad. Het Energiehuis heeft daar ook positief op gereageerd. Dat heeft u ook in de inspraak kunnen zien. Dat zij mogelijkheden zien om het Energiehuis juist ook een gezicht aan het water te kunnen geven. Ontwikkelplan in achttien maatregelen. Ik kom steeds verder in mijn presentatie. Tot zover gaat het goed. Dit is eigenlijk de centrale kaartbeeld met achttien maatregelen. Ik wilde u eigenlijk voorstellen om het meer in detail te bespreken, om een soort denkbeeldig rondje Wantij te lopen. Ik laat hem even hier zien. Dat we bijvoorbeeld op zeven plekken even stilstaan en wellicht wat meer in detail kijken als u daar vragen over heeft, ook gezien de inspraakreacties, dat we daarbij stilstaan. Ik kan me voorstellen dat we zo alle zeven punten aflopen. Misschien kunt u bepalen, misschien ook wel van tevoren, gezien de tijd, welke plekken het meeste aandacht zouden behoeven, in dit opzicht. De voorzitter: Ik hou het in de gaten. Ik heb wel een idee. De heer Van Uum: Ik vermoed dat we zeker bij vier stilstaan, bij de Leefwerf natuurlijk. Ik begin bij het begin. Dit zit nu als voorstel eigenlijk in het ontwikkelplan. De hotspot, ik had het er al een paar keer over, waarin het rondje Wantij eigenlijk gekoppeld is aan deze hotspot. U ziet hier eigenlijk het voorstel om de parkeergarage te verplaatsen, op een andere plek het parkeren te organiseren, in ieder geval.

Deels met het verminderen, het autoluw maken van de Lange Wantijkade. Maar dit echt een plek voor voetgangers en fietsers te laten zijn, waarin juist op deze plek toegevoegde waarde is om een stadsstrand te ontwikkelen, in combinatie met zwemmen, in combinatie met evenementen, podium. Dat daar ook eigenlijk vooral de jeugd zijn plek vindt. De jeugd vindt nu al zijn plek in de zomer, op deze trappen. Het wordt nu al gebruikt voor zwemmen. Wij hebben eigenlijk gesuggereerd om dat dan ook een veilige plek te maken, door bijvoorbeeld een afbakening met dit steiger, hoe zou ik zeggen, een duidelijke markering ook te maken met allerlei aanduidingen waar het veilig is om te zwemmen. Met name aan deze kant, aan de zuidkant hier, is het stromingssluw. Dit is eigenlijk de enige plek, in combinatie met de steiger, waar je in het Wantij veilig zou kunnen zwemmen. Dat is uitgesloten. Naarmate je dichter bij de Prins Clausbrug komt, zorgt de scheepvaart op de Merwede, vooral met duwbakken, voor allerlei stromingen. Dan loop je ook het risico dat je in het slechtste geval zelfs de Merwede opgezogen wordt. Dat moeten we niet willen met elkaar. Ook hier geldt ... De voorzitter: Er is een vraag van mijnheer Roggekamp. De heer Van Uum: Prima. De heer Roggekamp: Dank u wel, voorzitter. Die stroming baart me ook zorgen.

Zeker met de plannen van Rijkswaterstaat om het nog harder te laten stromen daar. Hoe wordt voorkomen dat die zwemmers toch in de stroming terecht gaan komen? De heer Van Uum: Wat ik al eerder zei, helemaal voorkomen doe je niet, tenzij je dat natuurlijk echt gaat handhaven of zelfs met toezicht gaat werken of zelfs misschien met hekken zou gaan werken. Dan nog, we hebben gezien dat zelfs jeugd gewoon naar de overkant zwemt en weer terug. Zo praktisch gaat het. Nu is het helemaal niet geregeld. Nu is er geen enkele aanduiding waar het veilig is om te zwemmen. Dit is eigenlijk, zou bijna zeggen, een soort light-oplossing, waarin je nog steeds je eigen verantwoordelijkheid hebt voor het zwemmen en dat blijft, maar dat je wel heel duidelijk kunt markeren, ook bijvoorbeeld als ouder, zeker als je wat jongere kinderen zou hebben, waar is het veilig om te zwemmen en waar niet? Dat kan ook nadrukkelijk aangegeven worden.

32

De heer Roggekamp: Want de situatie wordt mogelijk nog ernstiger qua stroming, met de ideeën die er zijn om achter in de Biesbosch nog meer wateropslag te hebben, waardoor de stroming hier langskomt. Want hier komt dat water langs. Waar je nu nog op vele momenten goed over kan zwemmen, kan het zo meteen weer anders zijn. Ik zal dan wel aandacht willen hebben dat dat goed gemarkeerd wordt van, hierachter eigenlijk niet meer zwemmen. De heer Van Uum: U ziet hier de vaargeul bovenlangs lopen. Zelfs ook al zou de stroom toenemen, dit blijft dan nog steeds het meest luwe deel, wat dat betreft. De voorzitter: Mijnheer Damen, heeft u een vraag of een idee? De heer Damen: Een vraag. Want op zich is deze plek leuk, omdat de parkeergarage verdwijnt. Die komt op een andere plek. Ik weet niet hoe die parkeergarage eruit gaat zien, maar als dat een gebouw wordt, sluit hij dan niet te veel de zichtbaarheid juist van dat plein aan het water vanaf de Noordendijk af? Want de Noordendijk is een heel openbaar stukje stad. De voorzitter: Mijnheer Van Uum.

De heer Van Uum: Ik ga even terug naar de grotere prent, want het parkeren is een uitzoekpunt. Daarmee maak ik niet heel makkelijk me ervan af, want op het moment dat je een parkeergarage verplaatst of zo zou verwijderen, dan moet er een alternatief zijn natuurlijk. Je kunt pas dat gaan doen als er een serieus alternatief is hoe je dat parkeren dan wel organiseert. Wat we in ieder geval gezien hebben, is dat met name de Noordendijk vanuit het oosten, vanuit de Staart natuurlijk een invalsweg is naar de binnenstad. De gedachte zou kunnen zijn om eigenlijk zowel het parkeren voor directe bezoekers van het Energiehuis, Kinepolis, Villa Augustus te combineren, maar ook te combineren met bezoekers aan de binnenstad, om dat te ontwikkelen als een mobiliteitshub. Zo staat het ook benoemd in het ontwikkelplan. Met een mobiliteitshub bedoelen we eigenlijk niet alleen een parkeergarage, maar waar je ook je auto achterlaat en op andere vormen van mobiliteit overstapt. Je kunt daar openbaar vervoer pakken, deelfietsen, deelscooters. Dat staat allemaal nog in de kinderschoenen. Daar ben ik me volledig van bewust. Maar er wordt hard aan gewerkt, ook in Nederland, aan de mobiliteitstransitie, dat je niet meer met de auto de binnenstad in komt. Dat het toch voor bezoekers met name teruggedrongen zou kunnen worden. We hebben eigenlijk twee plekken indicatief aangegeven.

Dat is op het Energieplein of in het gebouw ... Of de toekomst op de plek van het Drechtsteden gebouw. Ook dat is maar indicatief. Er zijn ook suggesties gekomen in de Brede Omgevingsdialoog om onder de Vlij, bijvoorbeeld. Er zijn een aantal opties of mogelijkheden, zoals we die gehoord hebben. Daarom hebben we dat ook nadrukkelijk geagendeerd als een belangrijke verkenning, in combinatie met die mobiliteitshub, of dat kans verslagen heeft op deze plek. De voorzitter: Ik denk dat dat voldoende is, mijnheer Damen? Dan ga ik naar mijnheer Klerk. De heer Klerk: Dank u wel, voorzitter. Mijn vraag wordt een beetje getriggerd door de vraag van de heer Roggekamp ten aanzien van het zwemwater. Ik heb de termen zwemwater en zwembad voorbij zien komen. Kijk, het zwemmen op eigen verantwoordelijkheid snap ik, maar als het het stempeltje zwembad krijgt, is daar toch

33

een hele andere vorm van toezicht eigenlijk vereist. Hoe verhoudt zich dat nu in het plan? Waar hebben we het nu uiteindelijk over? De heer Van Uum: In dit plan zijn we uitgegaan van het huidige zwemwater en dat het hooguit met een steiger afgekaderd wordt. De heer Klerk: Een stadsstrand en niet een zwembad? De heer Van Uum: Ja, niet een zwembad in traditionele zin. Het is niet een bak of chloorbad of iets dergelijks, helemaal niet De voorzitter: De heer Kerk, was voldoende? Mijnheer Stam. De heer Stam: Dank u wel, voorzitter. Toch nog een vraag over dat zwemmen. Een klein stukje verderop, als je de Wantij onderdoor gaat, daar ligt Stadspolders. Er wordt daar ook gesproken over een zwemplas aan de Oudelandshoek. Is dat een of/of- of een en/enconstructie of valt dat niet binnen het plan van Wantij-West? De heer Van Uum: Dat hebben we niet bekeken in het kader van plan Wantij-West. De voorzitter: Ik denk, mijnheer Stam, dat die vraag op een andere plaats gesteld kan worden. Ik zou het antwoord kunnen geven, maar dat ga ik natuurlijk niet doen. Gaat u verder. De heer Van Uum: Dan is dit de eerste stap. De tweede stap in het rondje Wantij is eigenlijk de herinrichting van de Korte en de Lange Wantijkade.

Hier pleit het ontwikkelplan eigenlijk om juist hier ruimte te geven aan rondvaartboten en juist geen plek meer te geven op lange termijn voor de binnenvaart, voor de reguliere binnenvaartschepen. Dat met name omdat dit dan een belangrijke as is, ook wandelend, naar het waterfront van de binnenstad. Je daar ook met wandelaars en ... De voorzitter: Er is een vraag van mijnheer Laban en daarna van mijnheer De Boer. De heer Van Uum: Prima. De heer Laban: Dank u wel, voorzitter. Ik woon daar in de buurt, ik loop dat rondje Wantij heel vaak, maar ik zie het hele jaar door aan de kader daar binnenvaartschepen liggen. Die maken daar goed gebruik van de mogelijkheden die er al heen. Terwijl de cruiseschepen zie ik maar drie, vier maanden per jaar. Dat betekent als de binnenvaartschepen daar niet meer mogen liggen dat daar in met name de winterperiode dan vrij veel ruimte is. Ik zou me kunnen voorstellen dat het inderdaad een goed idee is om die binnenvaartschepen daar niet meer aan te laten leggen. Maar is er nagedacht over alternatieve plaatsen voor die schepen? De voorzitter: Weet u dat? De heer Van Uum: We hebben in dit kader natuurlijk niet over alternatieven nagedacht. Er zijn, ik begreep in ieder ambtelijk, dat daar wel een bredere verkenning plaatsvindt nu naar alternatieve locaties voor binnenvaartligplaatsen. Daar sluiten we dan bij aan.

Het is ook niet gezegd dat bij wijze van spreken morgen de binnenvaartschepen hier al zouden moeten vertrekken of dat dat in de winter ook standaard het geval zou moeten zijn. Ook dat is nader uit te zoeken wat hier een gangbare goede afspraak zou moeten

34

zijn. We zeggen in het ontwikkelplan dat deze plek zo dicht bij de binnenstad heeft vooral eigenlijk potentie voor het nautische toerisme. De voorzitter: Dank u wel. Ik denk, mijnheer Laban, dat u eventueel zo’n vraag schriftelijk nog zou kunnen stellen, want er is iemand anders die wel antwoord op kan geven, maar die geef ik vandaag het woord niet. Mijnheer De Boer. De heer De Boer: Dank u wel, voorzitter. Ik ben even een beetje op zoek naar waar ik mijn vraag kwijt kan. Toch twee korte vragen. Eén, toch nog even over dat zwemmen. Want mijnheer Stam van de overkant die noemde net al, misschien ligt er vuil in het water. Maar neem ook bijvoorbeeld het PFAS mee. Ook een hot item in Dordt. Mogelijk ligt daar ook iets te drijven of ondergronds in de slib. Tweede vraag is eigenlijk, ik kijk even met een knipoog naar mijnheer Elio Barone op de tribune. Hij mag natuurlijk ook geen antwoord geven. Misschien van hij wel ja of nee knikken. Maar ik ga toch even brutaal zijn. Want hij had vorige week een vraag die mij wel triggerde. Hij had het over, is er wel een integraal plan voor de beleving voor het water? Zit dat voldoende in dat plan? De voorzitter: Die eerste vraag gaat mijnheer Van Uum beantwoorden. De andere vraag, misschien heeft u geknikt of geschud gezien, maar ik niet. Dat hoef ik nu ook niet, denk ik. Mijnheer Van Uum, de eerste vraag, PFAS en dergelijke.

De heer Van Uum: Wat ik net al zei, de hele technische kant, of het kan ... Ik zei al van, over waterkwaliteit, plekken, diep, ondiep, kabels, leidingen, dat is allemaal nog nader uit te zoeken. Daar hebben we ons bewust maar even niet heel veel zorgen over gemaakt. De voorzitter: Goed, gaat u dan gauw verder. De heer Van Uum: Precies. Het tweede, we hebben natuurlijk tweezijdig gekeken. Natuurlijk vanuit het land naar het water en vice versa, vanuit het water. Want we gaan er ook vanuit dat niet alleen pleziervaart of nautisch toerisme gebruikmaakt van het water, maar ook kanoënd of suppend of zwemmend moet vanuit het water die kwaliteit, dat levendige waterplein geboden worden. Wij hebben ons best gedaan in ieder geval om van beide kanten te kijken. Daar zijn natuurlijk ook afwegingen in te maken, in veiligheid, openbaarheid, beleving. Over beleving, over smaak kun je twisten natuurlijk. Maar we hebben bewust wel gepoogd om zoveel mogelijk rond dat rondje Wantij, waar mogelijk, zoveel mogelijk plekken te vergroenen bijvoorbeeld. Dat maakt het aantrekkelijk om ook vanuit het water eigenlijk Wantij-West te beleven. De voorzitter: Zullen we naar punt drie gaan, van het rondje? De heer Van Uum: Prima. Ik kom hier voorbij de Prins Clausbrug, over de Prins Clausbrug op de kop eigenlijk van Stadswerven.

U ziet hier een plein, eigenlijk een soort getijdenplein, wat al in het plan Stadswerven opgenomen is. Er waren suggesties om hier zwemmen mogelijk te maken, maar dat is uitdrukkelijk eigenlijk niet de bedoeling. Hier zwemmen niet aan de hand, niet aan de orde, omdat het ook gewoon onveilig is, omdat het veel te dicht bij de Merwede zit, in dat opzicht. Dat maakt dit plein veel kleinschaliger. Ik zeg bijna buurtachtig plein. Misschien dat het ook uit sorteert dat bepaalde doelgroepen juist bij het stadsland Kinepolis gaan, andere mensen misschien hier meer de rust of het vertoeven opzoeken. Er komt in ieder geval in de Plint van het gebouw van Stadswerven en een kleinschalige horecavoorziening, waardoor het ook een hele aantrekkelijke plek zou kunnen zijn, op het zuiden. Met name ook aan de zuidkant

35

moet het ook afgezoomd worden met groen, om ook dat zwemmen bijna onmogelijk te maken. De voorzitter: Mijnheer Bootsman heeft weer een vraag. De heer Bootsman: Ik had een vraag over die horecagelegenheid ook, die in het gebouw komt. Dat zie ik hier op de tekening. Dit gebouw is in de verkoop gaan pas. In de Stadswerf zag ik een mooie tekening hangen. Maar daar zie ik wel in de tekening van het woongebouw die steiger die je daar ziet, die wandelsteiger, dat die niet is ingetekend in het woongebouw. Mensen die nu een woning kopen en die niet het plan Wantij- West lezen, die hebben niet op hun tekening gezien dat er misschien een wandelsteiger voor hun deur komt. Is dat, niet zozeer bewust gebeurd, maar is het de bedoeling dat die mensen dat niet weten? Laat ik het zo zeggen. De voorzitter: Ik denk dat mijnheer Van Uum uw vraag snapt. De heer Van Uum: Ik snap uw vraag. Ik ga niet over het plan Stadswerven. Maar we hebben gezien vanuit Wantij-West, het ontwikkelplan dat, omdat de woningen hier bij het Stadswerven tot aan de waterlijn staan of bijna tot aan de waterlijn staan, dat er een aanvaarbeveiliging nodig is. Er is sowieso een aanvaarbeveiliging nodig om de woningen te beschermen. Die zal van dezelfde maat en schaal ongeveer zijn als wat we voor de drijvende woningen al zien liggen.

Wij hebben gemeend om werk met werk te maken door te zeggen, op het moment dat je rondje Wantij wil lopen, dan kun je eigenlijk alleen maar binnendoor lopen, hier door de bebouwing heen. Dan verlies je eigenlijk het contact met het water. Hoe interessant zou het zijn als we het rondje Wantij letterlijk, op de aanvaarbeveiliging, de combinatie kunnen maken tussen de steiger en aanvaarbeveiliging? Waardoor je letterlijk het contact me het water niet verliest. Sterker nog, misschien wel extra kwaliteit krijgt, qua beleving, dat je bij wijze van spreken over het water loopt. Nu moet u beseffen dat deze afstand is ook nog wel een meter of tien, twaalf. Dat is ook nog wel op een afstand van de woning. De mensen die hier op de begane grond wonen, ik heb me laten vertellen dat die ook hoger wonen, waardoor je niet letterlijk vanuit de steiger bij iemands huiskamer naar binnen kijkt. Ook hier hebben we gezocht naar een soort combinatiemogelijkheid en werk met werk maken om juist kwaliteit toe te voegen in het ontwikkelplan. De voorzitter: Kunnen we naar nummertje vier, want het wordt nu zo meteen spannend, denk ik. De heer Van Uum: We gaan naar nummertje vier. Dan komen we op de landtong. Leefwerf de Biesbosch, Biesboschhal, Binnenvaartmuseum. U ziet hier eigenlijk het voorstel in het ontwikkelplan om de landtong helemaal groen te laten zijn.

Dat betekent ook nogal wat, want de bodem is vervuild, er zal een behoorlijke sanering moeten plaatsvinden om recreatief gebruik van die landtong mogelijk te maken. We hebben gemeend om dat wel voor te stellen, omdat het een van de weinige groene plekken is in dit gebied. Met de woningbouw van Stadswerven hebben we in ieder geval vanuit de bewoners van Stadswerven gehoord dat die behoefte er is aan een duidelijke, groene plek waar je kunt vertoeven, over het water kunt kijken, een boek kunt lezen, maar ook gewoon kleinschalig sport en spel voor kinderen, misschien ook wat fitness voor ouderen, om het echt openbaar te maken en openbaar toegankelijk te maken. Om het ook daadwerkelijk te ontsluiten met een doorgaande route, ook met een beweegbare brug, dat je die continuïteit langs het water voelt en daarmee echt een toegevoegde plek te maken. U ziet hier eigenlijk ook de suggestie dat ook voor de Leefwerf ...

36

De voorzitter: Een momentje alstublieft. Mijnheer De Boer, kunt uw microfoon uitzetten? De heer De Boer: Excuus. De heer Van Uum: U ziet dat wij de Leefwerf De Biesbosch daarbij betrokken hebben om het openbaar te maken, door bijvoorbeeld ook hier eigenlijk de steiger openbaar te maken, om van twee kanten eigenlijk te steiger te ontsluiten. Dat is nu natuurlijk eenzijdig, omdat de landtong niet toegankelijk is. We hebben ook gemeend om suggesties te doen om wellicht met een herschikking van schepen en de suggestie hebben we gedaan dat bijvoorbeeld Het Zwarte Zwaantje wellicht dichter bij de landtong getrokken zou kunnen worden en wellicht ook een recreatieve of een spelende functie zou kunnen krijgen. Daarmee veel effectiever ook eens zo'n combinatie zoekt eigenlijk met het recreatie op de landtong. Indicatief hebben we het maar aangegeven, u ziet het in stippellijnen, dat daar ruimte is voor één of twee extra schepen, als daar een herschikking zou kunnen plaatsvinden. Dat weten we niet. Dat moeten we ook uitzoeken. Dat moeten we ook nadrukkelijk met de Leefwerf zelf natuurlijk uitzoeken. Dat kan alleen maar een coproductie gaan natuurlijk. Daarom hebben we dat ook nadrukkelijk als uitwerkingsactie in dat uitvoeringsprogramma, in die actieagenda neergezet. Maar we menen wel die suggestie te doen, omdat met een betere herschikking zou je wellicht die ruimte kunnen vinden.

Het tweede is natuurlijk de Biesboschhal. We hebben ook gemeend hier aan de zuidkant ... U ziet ook een soort stippellijn er doorheen getekend, dat ook visueel eigenlijk die verbinding ... Dat wellicht aan de zuidkant van de hal, dat is natuurlijk nog heel open welke invulling zou het moeten krijgen en hoe de toekomst van de Biesboschhal eruitziet. Maar om hier een publiek karakter te laten zijn, juist ook in combinatie met het Binnenvaartmuseum, dat dat juist ook binnen en buiten een goede verbinding met elkaar aangaat, want hier wordt de kade natuurlijk heel smal en dat maakt deze plek natuurlijk bijzonder speciaal, ook hoe je daar wellicht een openbare functie of een publiek toegankelijke functie inzet. De voorzitter: U heeft een vraag van mijnheer Laban. De heer Laban: Voorzitter, dank u wel. We hebben vorige week bij de insprekers gezien natuurlijk dat er behoefte is om die aanlegkade iets voor de landtong te kunnen neerleggen. U heeft dat heel nadrukkelijk denk ik niet meegenomen in de visie. Kunt u uitleggen waarom u dat niet heeft meegenomen en of er opties zijn om daar wel over na te denken? De heer Van Uum: We hebben in dit ... Want de suggestie zou kunnen zijn om hier ook daadwerkelijk schepen voor de landtong neer te leggen. De voorzitter: De heer Laban. De heer Laban: Een deel. De heer Van Uum: Een deel.

De heer Laban: Tot hoever zou dat kunnen? Dat is eigenlijk de vraag. De heer Van Uum: We hebben drie basisargumenten waardoor we hiervoor in ieder geval die keuze niet gemaakt hebben. Het eerste argument is veiligheid. Dat gaat ook met name over veiligheid in de vaargeul. De vaargeul komt hier veel dichter bij de landtong

37

dan dat hij in de zuidkant het geval is. De veiligheid gaat natuurlijk ook over zwemmers die misschien hier in het middendeel, in de vaargeul zwemmen, waardoor uitwijkmogelijkheid beperkt is. Zeker als aan de zuidkant de steiger natuurlijk ook nog een stuk naar binnenkomt. Aan de zuidkant snoep je eigenlijk al een behoorlijk stuk van het Wantij af, zou je kunnen zeggen, waardoor eigenlijk het resterende deel steeds smaller wordt. Wij hebben gemeend, ook vanuit het oogpunt van veiligheid, moet je hier dan geen schepen neerleggen? Laat staan dat je hier dan een steiger zou leggen en aan twee kanten boten zou leggen. Dan maak je aan twee kanten het Wantij eigenlijk heel smal. Hij is maar 150 meter breed. We hebben ook gezegd, je moet beide oevers in samenhang bekijken. Dit is maar één kant van de oever. Die andere oever hoort er ook bij. Je moet dat eigenlijk als een straat zien waarin de gevels beiden in beeld moeten zijn. Dat is één argument, veiligheid. Het tweede gaat over openbaarheid. We willen nadrukkelijk dat het een openbare plek is, toegankelijk voor alles en iedereen eigenlijk. Op het moment dat je het aan twee kanten zou inpakken eigenlijk met private schepen, dan voelt het veel minder openbaar. Dan kun je nog wel zeggen bordje openbaar, maar dat voelt toch als een plek die aan anderen toebehoort.

Nadrukkelijk is het de bedoeling dat het openbaar is voor alles en iedereen en iedereen daar zich vrijelijk zou mogen of kunnen bewegen. Dat is het tweede argument, openbaarheid. De derde gaat over beleving. Dat gaat ook over, ik zei u al, beleving, dan kom je natuurlijk op glad ijs van smaken verschillen. Maar we hebben wel gemeend, gezien ook de korte afstand van de overkant bijvoorbeeld, dat je groen moet kunnen zien. Het groen beleven, het groen zien, is wel een bijzondere kwaliteit die je niet op al die plekken vindt. U ziet hier ook de suggestie om niet alleen, bij wijze van spreken, drijvend groen, of ik zou bijna zeggen bijna amfibisch groen. U heeft ook een brief ontvangen van Stichting Wantij, met een nadrukkelijk pleidooi om de ecologische kwaliteit ook van het Wantij te versterken. Dit soort waterrijke natuur biedt ook andere biotopen voor flora en fauna. De voorzitter: U hebt nog een vraag van mijnheer Hartmeijer. De heer Hartmeijer: Dank. Dat sluit perfect aan. Wij hebben inderdaad een brief gekregen van Stichting Wantij, u refereerde eraan, waar zij aangeven dat er ook andere manieren zijn om vervuilde grond weg te halen, met bijvoorbeeld een zuigtechniek. Ik heb er ook geen verstand van. Maar zodat je ook bestaande boom of in ieder geval een deel van de bomen kan behouden, ook vanwege de vleermuizen die natuurlijk beschermd zijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/550/documents/23474