CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.2 2023.11.08 Notulen Gemeenteraad Dordrecht - concept.docx .pdf

Gemeenteraad Dordrecht 19 december 2023, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 7 en 8 november en de Dordtse Dinsdag van 24, 31 oktober, 14 en 28 november 2023 Vergaderzalen 1, 3, 546.084 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

De heer Safranti: Inderdaad, dat bestaat nog steeds en daarom heb ik ook aangeven, als het in de kerken mag of kan, dan waarom niet in verpleegtehuizen, verzorgingstehuizen.

21

Want mevrouw Stolk die heeft natuurlijk diverse keren ook gepleit na de verkiezingen van, jongens, het is makkelijker ook voor de ouderen die dus moeilijk ter been zijn, lichamelijk desnoods psychisch, dat ze dus makkelijker en sneller bij zo'n stembus terecht kunnen. Of dat nou een moskee is, een verpleegtehuis of wat dan ook in de buurt, dat maakt op dat moment niet uit, want dat is op dat moment een onderdeel van ons rechtstaat. De voorzitter: Dank u wel. We gaan nog naar mevrouw Pichel en dan gaat u wat mij betreft door met uw betoog. Gaat uw gang. Mevrouw Pichel: Dank u wel, voorzitter. Ik heb toch even een hele lastige vraag, denk ik, aan de heer Safranti. Als ik zo weer ook deze discussie beluister over locaties die wellicht een politieke voorkeur uitstralen. Want het gemeentehuis is bijvoorbeeld ook een locatie waar men gewoon kan gaan stemmen. En het gemeentehuis is ook een locatie waar bepaalde politieke voorkeuren ook worden uitgedragen, zoals laatste LHBTQ... Ik kan het bijna niet uitspreken. Maar dat die de … De regenboogvlaggen en alle uitingen die daar zijn, daarvan weten we ook dat dat een politieke uiting is, waarvan bepaalde politieke partijen vinden dat dat niet zo geuit hoeft te worden. Dus in dat opzicht zie ik niet hoe dat anders is met bijvoorbeeld een kerk of een moskee.

En wat is de visie van de heer Safranti hierop? De heer Safranti: Ik zal ik zal daar heel kort in kunnen zijn: als ik afgelopen periode in een sinterklaashuis kan stemmen, mag stemmen, dan zou ik zeggen, waarom zou dat in een andere locatie niet kunnen. Want sinterklaashuis … Ja, Sinterklaas, als kind zijnde vind je dat natuurlijk hartstikke leuk, maar Sinterklaas is toch niet het juiste plek om te gaan stemmen, denk ik. De voorzitter: Oké. Mensen, we dwalen een beetje af van de begroting. Ik had aangegeven dat er heel veel interrupties waren geweest al en dat mijnheer Safranti nu door zou kunnen gaan met zijn betoog. Gaat uw gang. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, afgelopen raadsvergaderingen hebben wij aangeven dat onze fundament in 1572 in Dordrecht is gezet. Wij vinden dit enorm belangrijk. Iedere inwoner van Nederland en daarmee iedere inwoner van de gemeente Dordrecht de tekst en betekenis van artikel 1 behoort te kennen. wij willen in de hal of centrale ontvangstruimte voor bezoekers van de aankomende Dordthuis een prominente zichtbaarheid van artikel 1 van de grondwet realiseren en dienen daarom samen met CDA, Beter Voor Dordt en VSP een motie in. De voorzitter: Eerste interruptie de heer Burakçin. De heer Burakçin: Dank u wel, voorzitter. Even over dat zichtbaar maken van artikel 1 van de grondwet in het nieuwe Dordthuis.

Het is natuurlijk een prima voorstel. Daar kunnen we zeker achter staan, maar ik heb daar twee vragen over. Eerste is de tekst van artikel 1 van de grondwet binnen uw motie, daar mis ik twee fundamentele dingen in. Er is namelijk een en ander veranderd binnen de nieuwe grondwet en dat is seksuele geaardheid en handicap aan toegevoegd.

22

Mag ik aannemen dat vergeten is door DENK. De tweede vraag is: tijdens de behandeling van de startnotitie ‘Inclusieve stad’ heb ik namelijk de vraag gesteld aan de wethouder om te onderzoeken of het mogelijk is om binnen alle publieke plekken, zoals de bibliotheek, artikel 1 van de grondwet op de muur te hangen. En daar hebben we een hele concrete toezegging gekregen van de wethouder die heeft gezegd dat te onderzoeken en binnenkort te komen met een voorstel. Is dat niet voldoende voor de heer Safranti? De heer Safranti: Ik vind het zeer voldoende. Alleen ik heb zelf die toezegging niet gehoord dus vandaar ook de motie. Als dat zo is en de wethouder die komt straks met een toezegging van, jongens, dat komt er, dat is dan prima. Maar dan ben ik blijkbaar niet de enige die dit niet gehoord heb, want CDA, VSP en Beter Voor Dordt hebben dit ook mede ingediend. Dus ik ga ervan uit dat de wethouder straks gewoon duidelijkheid hierover kan geven. De voorzitter: Het andere deel van de vraag van de heer Burakçin ging over de tekst van artikel 1 die begin dit jaar is aangepast. De heer Safranti: Als dat in de in de huidige vorm staat, wie ben ik dan om dat niet op te nemen in ons ‘…’ dus dat is geen probleem. Mevrouw Van Vugt-Roose: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw van Vugt.

Ik had eerst een interruptie aan de heer Groenewege beloofd, maar die heeft denk ik al plaatsgevonden inmiddels. Mevrouw van Vugt, gaat uw gang. Mevrouw Van Vugt-Roose: Het klopt wel dat de eerste versie vervangen is door een tweede en in die tweede staat volgens mij gewoon in de hal van de centrale ontvangstruimte een prominente zichtbaarheid van artikel 1 van de grondwet realiseren, dus ik denk niet dat er iets hoeft veranderd te worden. De heer Safranti: Het ging meer om tekst en uitleg volgens mijnheer Burakçin, dus als dat in het nieuwe artikel 1 bijgevoegd is, nogmaals, die nemen we gewoon over. Oké. Tot slot. Voorzitter, tijdens de laatste begroting kwamen wij met een voorstel om kinderen tot en met 12 jaar gratis te laten reizen met de bus. Hier zijn ontwikkelingen in. Zo hopen we dat aantal reizigers binnen de openbaar vervoer de gewenste hoogte bereikt. Wij zijn namelijk nog steeds van mening dat indien kinderen gratis mogen reizen het voor gezinnen ook goedkoper en aantrekkelijker wordt. Dit draagt bij aan de klimaatdoelen. Ook sluit het goed aan bij de ambities van het college die voor de autoluwe binnenstad gaat. Voorzitter, ik zou weer een zak met geld willen halen uit mijn zak maar die raakt steeds meer leeg. Dat was het, burgemeester. De voorzitter: Hartelijk dank. Ik zie verder geen interrupties meer. Nee. Dan gaan we door naar de volgende fractie.

Dank voor uw inbreng. U levert inderdaad drie moties in. Dat zijn de moties M20, M21, M22 en dan gaan we nu door naar Gewoon Dordt. Het woord is aan mevrouw Koene.

23

Mevrouw Koene: Zo, voorzitter. Ik heb nooit eerder gedacht dat ik pas op de tweede dag van de begrotingsbehandeling mijn woordvoering mocht doen. Daarom maar gelijk ook een verzoek aan iedereen: kunnen we dat volgend jaar niet op een andere manier doen? Dat we gewoon alleen de begroting behandelen en dan andere onderwerpen een andere keer? Want ik vind het een beetje jammer dat dat nou … Begrotingsraad, dat is toch eigenlijk ook wel een momentje, maar goed. Voorzitter, ik heb mijn woordvoeringen niet teruggelezen van de vorige keren. Was natuurlijk heel driftig nog bezig om een om iets gezelligs te maken, maar ik werd steeds afgeleid. We zeggen in ieder geval altijd dat de begroting een nette uitwerking is van de kadernota. Dat zeggen we nu dus ook en die kadernota blijft voor ons toch echt wel het moment om wensen in te dienen, zowel vanuit het college natuurlijk, maar ook vanuit de raad. En op dat moment zijn heel veel moties en amendementen best wel logisch, maar ook nu zijn er weer een heleboel moties ingediend en amendementen met allerlei mensen voor de stad. Misschien minder logisch, maar wij doen er toch ook wel aan mee. Allereerst doen wij mee aan een motie samen met een aantal andere partijen over wanneer er nu eens gestart kan worden met het verkennen, hoe we met een burgerbegroting zouden kunnen gaan werken, of dat een optie is.

De toezegging van de wethouder hierop is precies van een jaar geleden en zij zou daarop terugkomen in de notaparticipatie. Die zwerft nog ergens. Daarvan zijn we nog steeds in blijde verwachting en wij hopen dat dat dus wel een keer, zeg maar even als vervolg op de blijde verwachting, tot een bevalling gaat komen, omdat we het een mooie kans vinden om onze inwoners mee te nemen bij hoe een gedeelte van het budget in de stad ingezet kan worden. En is dit ook niet een manier om inwoners bewuster te maken van wat die begroting inhoudt, door ze er ook wat actiever bij te betrekken? En hoe zij ermee te maken hebben. Want voorzitter, met de aankomende bezuinigingen in het vooruitzicht mogen we best verwachten dat ook de stad ideeën aanbrengt, hoe we het beschikbare geld het beste in kunnen zetten. Wij weten dat het college het heel belangrijk vindt om in te zetten op het vergroten van de betrokkenheid van de inwoners, maar dan moet wel iedereen snappen waar het over gaat. Dat sluit dus weer naadloos aan op het door het college gewenste participatie om dit op een begrijpelijke manier te doen. Even over die begrijpelijke manier: we gaan er vaak vanuit dat als we iets op B1 schrijven, taalniveau, dat het automatisch door iedereen begrepen wordt en dat is niet per se het geval, voorzitter.

Even voor de duidelijkheid, want we moeten gewoon steeds duidelijker zijn: B1 is dus als je een duidelijke titel gebruikt, tussenkoppen gebruikt, actieve schrijfstijl hebt met voorbeelden, eenvoudige woorden gebruikt die iedereen kent en korte en duidelijke zinnen maakt. Als wat je communiceert hieraan voldoet, dan ben je al een heel eind op weg. Toch horen wij regelmatig mensen in de stad zeggen, dat ze niet begrijpen wat de gemeente nou precies bedoelt, wat de gemeente wil zeggen, of waar de gemeente naartoe wil. Dat geldt ook wel voor andere organisaties die direct of indirect met de gemeente te maken hebben, zoals bijvoorbeeld MEE, de sociale dienst, Dordrecht Sociaal. In andere steden worden brieven en websites en folders en dat soort dingen getest door mensen die laaggeletterd zijn of waren en dat noemen wij dan ervaringsdeskundigen of taalambassadeurs. Het leuke is dat er natuurlijk de laatste tijd vrij veel aandacht is voor laaggeletterdheid. We hebben Frans Bauer die met laaggeletterden of met taalambassadeurs aan de slag gaat, er is iets met Loes Luca nu en dat verdient het thema ook.

24

Maar die taal ambassadeurs worden dus in een aantal steden bij elkaar gebracht in een taalpanel en onze vraag, die hebben we in een motie gevat, is om te onderzoeken of er ook in Dordrecht zo'n panel aangesteld kan worden. En wie weet, voorzitter, inspireert die het college ook gelijk om richting de raad eens wat beter en wat meer op tijd te communiceren. Zeg ik verder niks over. Verder geen moties van onze kant voorzitter. Wel nog een kleine beschouwing over onze stad richting de toekomst. Behalve op het thema klimaat ontbreekt het op de meeste andere thema's aan een langetermijnvisie. Dus of er ligt een visie voor een langere periode, maar dan is het gehalte wensdenken weer heel erg groot. Te groot voor Gewoon Dordt om aan te kunnen, zoals bij thema mobiliteit. Helaas, mijnheer Van der Linden. Hebben we behalve de Dordtse stadsas, of hoe het ding inmiddels ook mag heten, in de categorie Dordthuis en allerlei andere fantastische termen in beeld welke stedenbouwkundige ontwikkelingen onze stad verder vooruit gaan helpen? Dat vraagt de heer Kleinpaste zich af. De heer Roggekamp, die komt met nog iets technischers. Die vroeg zich af hoe zit met de cyberveiligheid. Zijn we klaar voor de NIS2-richtlijn? Ik had er nog nooit van gehoord, u waarschijnlijk ook niet. Dat heeft te maken met informatieveiligheid en de verplichtingen en de kaders daaromheen.

Met in ons achterhoofd dat er bezuinigd moet worden: is het een idee om eens met elkaar in gesprek te gaan als raad waar we als overheid voor aan de lat staan? Wat is nou echt iets waar je als gemeente verantwoordelijk voor bent? Misschien wel het ouderwetse schoon, heel en veilig. En waar ben je als inwoner zelf misschien wel voor verantwoordelijk? Wij denken dat dat ons kan helpen in de debatten die we gaan hebben over waar we minder of misschien juist af en toe ook meer aan uit moeten geven. Wij vertrouwen erop voorzitter dat we dat op een goede constructieve manier met elkaar aankunnen richting de volgende kadernota's en begrotingen. Zeker omdat we weten dat het soms wat minder maar dat dat minder soms ook vaak genoeg is. Dank. De voorzitter: Hartelijk dank. Motie van Gewoon Dordt, M23 over lezen en schrijven en normaal taalgebruik. Dan gaan we naar Op Ons Eiland. De heer Gündogdu. Gaat uw gang. De heer Gündogdu: Kijk, zo doen we dat hier. De voorzitter: Het woord is aan de heer Gündogdu. Gaat uw gang. De heer Gündogdu: Voorzitter, dank u wel. Beste collega's, publiek op de tribune, alhoewel ik weinig mensen zie, en de ambtelijke organisatie uiteraard. Van harte dank voor deze begroting. We gaan eens even een schouwing maken op hoe wij ons gemeenschapsgeld in 2024 gaan verdelen. Voorzitter, vorig jaar ben ik mijn beschouwing gestart met het noemen van het getal 16,8.

Dat was de inflatiepercentage op dat moment en inmiddels is dat gelukkig wat gedaald, maar kunnen we wel de veronderstelling aannemen dat we in een rustiger vaarwater zijn gekomen? Dat vragen wij ons terecht af, voorzitter, want wat wij dus lezen in de krant en ook in onze omgeving zien, dat de koopkracht is enorm gedaald, de consument houdt de hand op de knip, de rentepercentages zijn enorm gestegen, bedrijven zijn aan het reorganiseren en ik kan nog veel meer voorbeelden geven. Voorzitter, wat wij in de diverse documenten hebben gelezen, is dat we ons zorgen moet gaan maken over de financiën van de gemeente. Er moeten scherpe keuzes gemaakt worden en die gaan pijn doen.

25

Voorzitter, dat brengt ons wel bij het punt om toch even stil te staan bij wat punten uit het verleden. Er wordt gesproken over een boeggolf aan onderhoudswerkzaamheden die op ons afkomen, althans die er nu al zijn, maar waar wij geen reservering voor hebben. Er zijn drie oorzaken van deze boeggolf, zegt het college. Ten eerste zijn in het verleden veel voorzieningen betaald uit de reserves en incidentele middelen, zonder dat gestart is met reservering voor vervanging. En het gaat om vele honderden miljoenen euro's. Voorzitter, met de wetenschap dat we wat miljoenen hebben overgehouden uit het vorig jaar is het college bereid om met een voorstel te komen hoe we dit kunnen inrichten naar de toekomst. Ten tweede, voorzitter, we lopen tegen een aantal onderhoudsinvesteringen die wij de komende 20 jaar sowieso zullen moeten gaan doen en die nu niet in de begroting zitten. Deze wetenschap knaagt aan ons, want met deze systematiek en de vooruitzichten dreigen we naar financiële wanorde. Moeten we nu niet ingrijpen? Graag een reactie van het college. En het derde, voorzitter, is dat de boeggolf onder andere bestaat uit inflatie. Investeringen in lijn met BWV-afspraken die zijn opgenomen in de historische kosten. Voorzitter, de vraag die Op Ons Eiland heeft, is of dit systematiek nog wel bestaansrecht heeft.

Zitten wij niet op een dwaalspoor, zoals we die sinds kort ook in Dordt kennen? Of is het college bereid om een ander systematiek voor te stellen en prijsstijgingen bij vervanging te kunnen compenseren? We leven immers in onzekere tijden, geopolitiek en economisch. Deze kunnen we niet in de Dordtse gemeenteraad oplossen. Daar zijn we ons van bewust. Maar het is wel aan ons, de Dordtse gemeenteraad, om perspectief te bieden in onzekere tijden. Aan alle Dordtenaren. Er wordt daadkracht van ons verwacht. We zijn ongerust, voorzitter. In de begroting 2024 staat zelfs het woordje, ik citeer: ‘ravijnjaren vanaf 2026’. Grote bezuinigingen zijn dus aanstaande. En het college heeft al toegezegd om met de raad het proces van bezuinigingen te willen opzetten. Daar zijn we hen dankbaar voor. Maar wat ons betreft moeten we een stapje verder zetten. Gezien de financiële situatie van vele huishoudens, voorzitter, maar ook de maatschappelijke organisaties, zou het een mooie geste zijn om al deze afwegingen samen met de Dordtse samenleving te maken en dus niet alleen met de Dordtse ondernemers zoals VVD dat voorstelt. De Dordtse gemeenteraad, voorzitter, is weliswaar de hoogste bestuursorgaan om aanstaande bezuinigingen te maken, de keuzes daarin te maken, maar de inbreng van de Dordtse samenleving zal een belangrijke afwegingskader voor ons kunnen zijn. Daar geloven wij ook in.

Daarnaast heeft de Dordtse gemeenteraad ook nog eens aangegeven dat zij in besluitvormingsprocessen juist ook de participatie hoog in het vaandel heeft staan, dus het zou een natuurlijk proces zijn om onze burgers en/of de samenleving in dit proces te betrekken. Voorzitter, het kopje Wonen. Zoals velen staat het ook op onze agenda. Voorzitter, we moeten doorbraken forceren. Volgens mij zijn we het er met elkaar over eens. Doorbraak. en wij zijn ook gaan zoeken van, hoe zou normaal op het moment dat er een enorme krapte is op de markt en dat we zelfs het over wie de weer normaal is geworden, hebben kunnen lezen in de kranten al deze woningzoekenden kunnen ondersteunen. Wij hebben daarvoor een voorstel, voorzitter, en we weten niet wat de voor- dan wel nadelen zijn, dus dat leggen we op de tafel van het college. Wij denken aan vormen van erfpacht. Voorzitter wil het college überhaupt dit instrument zijn keertje uitzoeken en ons voorleggen wat de voor- dan wel nadelen mogelijk zijn voor de nieuwbouwwoningen in onze stad. Een ander punt, voorzitter: we zijn als stad van oudsher een MKB-vriendelijke stad en dat willen we ook blijven.

26

Echter, de afgelopen jaren is het heel moeilijk geweest. Vanwege de coronamaatregelen zijn heel veel ondernemers getroffen. Maar, voorzitter, er is vandaag straks bij de hamerstukken ook nog een stuk, een voorstel van het college. Helaas mag ik daar geen nadere duiding aan geven, want er is een geheimhouding op dat voorstel van het college. Maar voorzitter, wij gaan daarstraks overigens tegen stemmen, maar het is een kapitale fout van dit college, als zij dit voorstel tot uitwerking brengt. Wij zijn de stad die de ambitie had om te behoren tot de top vijf ondernemersvriendelijk gemeenten. daar hoort een dergelijk voorstel niet tussen. En overigens over die top vijf gesproken; daar horen we trouwens ook niks meer over. Stadslogistiek, voorzitter, de zere emissiezona, daar hebben we al diverse keer aandacht voor gevraagd. Voorzitter, gaat dit nou concreet betekenen dat ooit de beste of de leukste markt van Nederland straks er niet meer zal zijn vanwege gewoon het gegeven, dat marktkooplui niet aan die regeling kunnen voldoen? De voorzitter: Komt u tot een afronding want u zit... De heer Gündogdu: Jazeker, voorzitter. Mijn laatste pagina. De voorzitter: Toch een beetje inkorten, want u heeft echt uw tijd opgemaakt. De heer Gündogdu: Voorzitter, ik heb tweetal kopjes. Het gaat om de lobby van de gemeenteraad en het college over de 80-kilometerzone, over de M3.

Daar heeft volgens mij de gemeenteraad een uitgesproken mening over geventileerd richting het college. Hoe staat het daarmee? Dat is een vraag over de M3. En, voorzitter, over lobby gesproken, en dat is een succes denk ik, vanuit deze hele gemeenteraad: er is een motie in de tweede kamer aangenomen. Vrij recent nog, op 26 oktober, en deze motie zegt het volgende: ‘verzoekt de regering het RIVM opdracht te geven tot het uitvoeren van een uitgebreid onderzoek naar het effect van Chemours op de gezondheid van omwonenden en werknemers.’ En het is unaniem aangenomen. En ik wilde maar even zeggen dat wij enige maanden geleden precies een vergelijkbare motie hadden ingediend, behalve dat de kosten bij Chemours belegd moesten worden. Dus het is ook een compliment aan deze raad dat dit signaal is opgepakt in de Tweede Kamer. Mijnheer Groenewege kijkt mij even al aan. Het was een Kamerlid van de Partij voor de Dieren die het heeft ingediend. Voorzitter, dat was mijn bijdrage. Dank u wel. De voorzitter: Hartelijk dank. Ik zie verder geen interrupties, dank voor uw bijdrage. Dan gaan we naar de SP-fractie. Het woord is aan de heer Portier. De heer Portier: Voorzitter, we spreken vandaag de begroting voor 2024, maar wat kunnen we eigenlijk met deze begroting? Wat zien we in deze begroting? Ik heb er ook bij de kadernota al eens een opmerking over gemaakt.

In het verleden hadden we begrotingen, ik heb die van 1960 bekeken, waarin je exact terug kon vinden wat de gemeente uitgaf, waar het naartoe ging, hoeveel mensen waren er in dienst, wat deden die mensen, wat was hun salaris, hoeveel werd er gereserveerd voor hun pensioen, hoeveel werd er besteed aan de kolen om het sociale diensten warm te houden et cetera. Als ik nu naar de begroting kijk, dan zie ik totalen per programma, waarbij bijvoorbeeld ondernemend en leren Dordrecht bij elkaar is genomen et cetera.

27

Het is al een gigantisch aggregatieniveau. Zie je inderdaad wat cijfers, maar waar het geld echt naartoe gaat, dat wordt uit deze begroting naar mijn idee niet echt duidelijk. Hebben we geen idee van hoeveel mensen we in dienst hebben in ieder geval niet vanuit de begroting, of überhaupt, wat die mensen bijvoorbeeld doen. We weten niet wat we aan energiekosten hebben. Dus wat mij betreft is alleen al om deze reden het onmogelijk om deze begroting goed te keuren en kunnen we onze controlerende taak als raad hiermee niet uitvoeren. Wat dat betreft, dat is een interessante motie van de VVD om mensen uit het bedrijfsleven hier ook naar te laten kijken, naar deze begroting. Ik denk dat die gelijk tegen hetzelfde probleem aan zullen lopen. Overigens is het misschien ook een heel goed idee om mensen die dagelijks van een minimumuitkering rond moet komen om die naar de begroting te laten kijken, want die weten hoe je met weinig geld uit kan komen. Voorzitter, wat in ieder geval wel duidelijk is, is dat als er niks veranderd we op een gigantisch tekort afgaan, want voor de jaren vanaf 2026, het bekende ravijn, gaan de nu vastgestelde bedragen die we als gemeente krijgen gigantisch omlaag en er is de goede hoop, de mogelijke hoop dat het wel mee zal vallen, dat tegen die tijd het Rijk wel over de brug zal komen.

Maar wat kan er in de jaren allemaal gebeuren, als we kijken wat er in de wereld allemaal gebeurt? Als de economie verder in crisis raakt? We zien dat we geen goedkope energie meer hebben. Alleen nog maar peperduur LPG uit de Verenigde Staten. We zien een vorm van de-industrialisatie. De industrie is al in het verleden vertrokken uit ons ‘…’. Dus wie zegt dat daadwerkelijk de begroting weer op orde gaat komen? Dat er weer geld vanuit het Rijk gaat komen? Waarschijnlijk zal het minder drastisch worden dan nu voorgesteld wordt. Maar ook als we geen 30 miljoen maar 15 miljoen of 10 miljoen moeten bezuinigen, dan is het wel verstandig om er nu over na te gaan denken. Iets anders. Ik zal er zo direct nog wat we over zeggen. Maar ik denk dat ook belangrijk is dat zeker in deze tijden de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen. Hier is al het woord meest MKB-vriendelijke gemeente of top MKB-vriendelijke gemeente gevallen, maar als we naar de lastenverdeling kijken, dan zijn we vooral een vastgoedbaronvriendelijke gemeente en deels ook een projectontwikkelaarsvriendelijke gemeente. Want qua OZB, reinigingsrechten en afvalstoffenheffing lopen we niet zo ver uit de pas met andere gemeentes. Maar bijvoorbeeld een OZB voor eigenaren van het grote onroerend goed, die is verdacht lager dan in andere gemeentes. Dus wat ons betreft zit daar iets scheef.

Er is ook al gesproken over de lastenverzwaringen die doorgevoerd gaan worden en die iets meer verzacht wordt door mensen 75 euro het geven, maar vergeet niet dat ook bijvoorbeeld het invoeren van 20 euro, als je wat grofvuil af wil voeren, ook een lastenverzwaring is die je echter niet meer als lasten in koopkrachtplaatjes of lastenoverzichten van deze gemeente ziet. Wat dat betreft is het beeld nog wat zwarter, zal ik maar zeggen. Ik wil niet al te zwart, negatief overkomen, maar toch wat ernstiger nog dan het tevoren gesteld wordt. Voorzitter, als ik dan even ga kijken van, waar zouden we nou eigenlijk op kunnen bezuinigen? Het is heel lastig aan te geven als je niet precies weet waar het geld aan uitgegeven wordt. Maar wat me wel opvalt is dat bijvoorbeeld de helft van alle salariskosten van de gemeenten opgaat aan overheadkosten. Dat is denk ik toch wel iets waar we een groot probleem hebben, dus ik vind dat we er echt maar moeten kijken of dat niet anders kan.

28

We zien trouwens ook al dat de percentage van kosten aan overhead is gestegen en als de gemeentebestuur zegt van, dat komt omdat we nu bijvoorbeeld de overhead van de sociale dienst opgenomen hebben in de begroting. Het gekke is, als ik in het verleden zei van, de overhead is veel groter dan we denken, we nemen niet meer de kosten van verbonden organisaties die hun eigen overhead hebben, daar werden wel een beetje lacherig over gedaan, maar nu zien we daadwerkelijk het effect. Nog steeds zijn bijvoorbeeld de overheadkosten van bijvoorbeeld een gemeenschappelijke gezondheidszorg. Dat soort zaken zijn ook nog niet opgenomen in onze begroting, dus nog steeds worden de kosten van de overhead gewoon onderschat naar mijn idee. Goed. Als we dan verder gaan met bezuinigen; een van de dingen waar we ook op kunnen bezuinigen, naar mijn mening, is ook wat er allemaal gebeurt in de zogenaamde Smart Delta. Vandaag weer een uitnodiging van een extern onderzoeksbureau om er een groot verhaal in te leveren van hoe er beter samengewerkt zou kunnen worden in de Drechtsteden. Op zich is het goed als het nuttig is en als het ergens iets toe aan bijdraagt. We hebben een gezamenlijk investeringsvehikel, dat is ROND. We hebben wat afstemming met elkaar van, wie vestigt waar welke industrie? Dat is allemaal prima.

Maar waarom ook samenwerken op puur gemeentelijke beleidsterrein als het bouwbeleid, waar onlangs weer een kwartiermeester is aangesteld die allemaal praatgroepen op moet gaan zetten, zogeheten bouwtafels. Wie heeft daarom gevraagd? waarom doen we dat, als je dit prima op gemeentelijk niveau kunnen regelen? Voorzitter, als laatste wil ik aandacht vestigen aan een groot probleem en dat is het probleem van de woningnood. Nog steeds wordt er gestreefd naar slechts het inhalen van de afbraak, het verdwijnen van sociale huurwoningen, pas op de plaats. Pas op 1 januari 2031 hebben we weer het aantal sociale huurwoningen dat we in het verleden hadden. Dat is iets wat SP betreft echt volledig anders zou moeten. Daar wou ik het nu even bij laten. Dank u wel. De voorzitter: Hartelijk dank. Ik zie geen interrupties. Dank voor uw bijdrage. Dan gaan we naar Forum voor Democratie, mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Dank, voorzitter. Geachte raadsleden, aanwezige college en college, dank voor deze begroting en ook iedereen die een bijdrage heeft geleverd. Voordat ik begin met mijn verhaal heb ik eerst een korte film die voor u klaar staat. So in Hebrew the word for word and the word for thing is the same word: dabar. In Hebrew you cannot differentiate between a word and a thing, a noun. Which to me means, psycholinguistically, that for us words are real. They’re concrete.

They can build up, they can tear down. They last. And when you consider your words in that context, you use them differently. You know that phrase ‘abracadabra’? Yeah. That magicians use? That comes from the ‘…’. It’s an Aramaic phrase. Abera kedabera. Abera kedabera, which means ‘I create as I speak.’ We create words as we speak. It’s all in the Bible. Think about it. The story of creation. And God said: let there be light. And there was light. The world was created through speaking of words and so that’s the first Hebrew thing that just amazes me. This idea of words and thing being the same.

29

Mevrouw Pichel: Ja, dames en heren, woorden zijn echt en woorden creëren. Dus als we zeggen, en ik heb het gisteren en vandaag gehoord en ik heb een aantal dingen genoteerd, het is lastig om de voorzieningen overeind te houden, de woningnood is heel hoog, tekorten zijn enorm, er wordt te weinig gebouwd, minder, minder, minder. Er zijn jongeren die kwetsbaar zijn. Wat ik ontzettend leuk vond gisteren aan de bijdrage van de heer Uysal van GroenLinks, is dat hij een aantal prikkelende dingen zei. Woorden doen ertoe, zei hij. Laten we alle winnaars zijn. Ik vond het prachtig. Laten we dit soort woorden gebruiken, want woorden creëren. We kijken vaak vooral naar wat we niet hebben, maar erkenning voor wat er wel is en dankbaarheid voor wat we hebben, dat is de bron van creatie. Dit is de begroting en de begroting gaat over geld en ik zou het graag willen hebben over wat geld nou daadwerkelijk is. Om een eenvoudige weergave te doen van wat geld is, dan zullen we terug moeten gaan naar hoe geld als het ware ontstaan is. Het was ooit bedoeld als ruilmiddel. Als men een zak aardappelen zou willen ruilen voor 10 eieren, dan werd het op een gegeven moment makkelijker om een tegoedbriefje uit te schrijven, een zogeheten IOU.

En stel dan dat ik een zak aardappelen geef en dan kreeg ik een IOU voor 10 eieren die ik dan op een later moment kan ophalen, en als ik nou in dat geval nog eens even zelf 10 extra IOU-briefjes zou gaan schrijven, hoe zou u dat dan noemen? Precies. Welkom in ons monetaire systeem, dat sinds het ontstaan van geld alleen maar complexer is geworden. De wereld is vastgezet in een monetair systeem. En geld, wat een uitvinding is van de mens, is voorbijgegaan aan haar praktische bijdrage om het leven makkelijker te maken. Het heeft zich gevormd tot een monster wat aan leugens aan elkaar hangt en in deze realiteit is het op een gegeven moment gewoon onhoudbaar geworden. Geld is niets anders dan energie. En de leugens die we zijn gaan kopen, die hebben ervoor gezorgd dat we een afhankelijke positie hebben gekregen waarvan we denken dat we er nooit meer uit zullen komen. Wordt het niet eens tijd dat de overheid mensen gaat leren dat het geld ooit bedoeld was als ruilmiddel en niet als machtsmiddel. Het geloof van de mens dat we ergens van afhankelijk zijn, houdt ons gevangen in een onzichtbare kooi, terwijl alles wat door de mens geschapen is nooit boven de creatie van de schepper kan staan.

En geld is nu eenmaal een onderdeel van onze maatschappij en ook daarin vindt inclusiviteit zijn weg, maar laten we de ware betekenis van geld en haar plek in de maatschappij niet vergeten en wanneer we dit erkennen, wat is er dan werkelijk mogelijk? De wethouder gaf aan, gelet op de begroting voor de komende jaren, dat we zullen moeten besparen. Nou, FvD heeft een goede besparingstip: dat is het klimaatneutraal beleid. Aangezien de investering in al die warmtepompen, elektrische voertuigen en windmolens de vraag opschroeven bij chemische bedrijven zoals 3M, Tata Steel en Chemours zou ik terughoudend zijn met de grote investering in dit beleid. De mens leert vrij weinig van het verleden en het ziet er zo naar uit dat we net als met PFAS, asbest, commerciële vluchten, tabak en ga zo maar door, weer een markt aan het creëren zijn van zogenaamde milieuvriendelijke producten die een extra boost geven aan een chemische industrie, waar bepaalde bedrijven veel geld aan gaan verdienen onder het mom van het redden van de aarde. De voorzitter: Bij interruptie, de heer Portier.

30

De heer Portier: Voorzitter, mevrouw Pichel, vraagt aandacht, zal ik maar zeggen, voor de kosten van windmolens, energiepark et cetera, zonnepanelen, het klimaatbeleid. We hebben onlangs een revolverend fonds opgericht om onze eigen gemeentelijke gebouwen wat klimaatvriendelijker te maken. Uiteindelijk levert dat een heleboel geld op. Het zijn investeringen die geld opbrengen. Als we die investeringen niet zouden doen, beseft u niet dat we dan uiteindelijk met veel meer kosten zitten in plaats van minder? Mevrouw Pichel: Dat ligt eraan hoe dat bekeken wordt. In een aantal gevallen zouden dingen kostenbesparend kunnen zijn. De vraag is alleen: voor wie zijn die kosten een besparing, want er is namelijk ook een gigantische investering nodig om dit soort dingen tot stand te brengen. Daarbij zou het, wat ons betreft, niet per se om het geld gaan, wat ik net aangaf, geld is energie en de positie van geld, die kan anders zijn in een bepaalde realiteit. Maar het is, zoals de heer Portier het aangeeft, nog maar de vraag of die besparing er daadwerkelijk is. Omdat er ook gewoon andere investeringen mee gemoeid zijn.

Wil natuurlijk niet zeggen dat we niet moeten gaan kijken naar bepaalde innovaties en bepaalde ontwikkelingen die er wel degelijk voor kunnen zorgen dat bepaalde vormen van energie verbeterd kunnen worden, verbruik gereduceerd kan worden, dingen slimmer kunnen worden gedaan. Absoluut, en daar zijn we ook geen tegenstander van. De heer Portier: Toch nog even terugkomen. Als we naar gewoon het plaatje kijken, het financiële plaatje achter dat revolverend fonds, dan zie je dat gewoon die investeringen zichzelf terugverdienen, zelfs als je ervan uitgaat dat de energiekosten, de fossiele energiekosten, zal ik maar zeggen, niet zouden stijgen de komende jaren. Met andere woorden: waarschijnlijk zijn de opbrengsten nog veel groter dan dat we nu al kunnen verwachten. En dan even aanvullend even over uw opmerking dat geldt alleen maar een idee is of een energie, of hoe u het ook wil uitdrukken, wat kunnen wij daarmee bij deze begroting is de discussie? Want we kunnen natuurlijk niet als gemeente Dordrecht ons eigen geld gaan drukken, want dat zou niet geaccepteerd worden. Met andere woorden: wat kunnen wij met dat idee van u dat geld alleen maar energie of een idee is? Mevrouw Pichel: Voorzitter, ik hoor twee vragen. Laat ik even beginnen bij de eerste. U haalt dat fonds erbij. In mijn betoog geef ik ook niet aan dat dat iets is wat niet de bedoeling is.

In mijn betoog, en ook eerder betogen wijs, ik de raad en het college op, laten we zeggen, de tegenstrijdigheid wat er gebeurt bij de investering in bepaalde producten die te maken hebben met de bevordering van energietransitie en dat deze producten een directe afhankelijkheid hebben van chemische bedrijven. We zien het ook vanuit het verleden. Een voorbeeld wat we allemaal kennen: PFAS, asbest, commerciële vluchten. Op een gegeven moment werd het gewoon aangejaagd. We weten nog vanuit, wat het was het, de jaren ’60, ik was er niet eens, dat de Amerikaanse maatschappijen het maar al te leuk maakten om leuk met het vliegtuig gegaan, want het was net zo makkelijk als met de bus en het werd allemaal veel goedkoper. Dat heeft op een gegeven moment gewoon een industrie op gang gebracht en op die manier heeft de mensheid vaker industrieën op gang gebracht, bijvoorbeeld de melkindustrie, bijvoorbeeld een vleesindustrie, het zijn door de mens gecreëerde industrieën die niet per se goed zijn.

31

Daarom wijs ik erop dat ook een gecreëerde industrie in het kader van klimaatneutraal, dat daar producten mee gemoeid zijn die een directe afhankelijkheid het hebben van de chemische industrie en dat we ervoor moeten waken en dat we echt gewaar moeten zijn, dat we niet weer opnieuw patronen aan het herhalen zijn om vervolgens weer een nieuw probleem te gaan creëren. Wat u aangeeft over een dergelijk fonds en als we daadwerkelijk gaan besparen, dan zijn we daar absoluut niet op tegen. Maar dan wil ik wel kijken naar een daadwerkelijke besparing en een daadwerkelijke verbetering. Dan kom ik op uw tweede vraag, dat geld energie is en u noemt daarbij dat we in Dordrecht geen geld kunnen gaan drukken. Ik hoop niet dat ik met de opmerking geld is energie de indruk wek dat wij vinden dat er geld gedrukt moet worden in Dordrecht, want dat is ook iets wat ik niet zei. Het enige wat ik als voorbeeld gaf, dat als ooit bij het begin van de creatie van geld ik één IOU-briefje zou hebben in ruil voor 10 eieren voor een zak aardappelen en ik zou op een gegeven moment zelf 10 extra IOU-briefjes gaan uitschrijven. Dat dat dan iets is wat geen eerlijke ruilhandel meer is. De voorzitter: De heer Portier tot slot. De heer Portier: Als laatste, ik vroeg wat we alsnog met dat idee zouden kunnen dat geld energie is.

Wat voor effect heeft dat op de discussie die we nu over de begroting hebben? Mevrouw Pichel: Dat is een hele interessante vraag. Wat kunnen we daarmee? We kunnen daarmee ervoor zorgen dat we om te beginnen dus dingen gaan zien voor wat ze zijn. Als we weten dat geld energie is, dan ga je ook merken dat mensen daar op een hele andere manier mee om willen gaan want op momenten dat we iets zien voor wat het niet is, dan zouden we creëren vanuit een leugen en creatie gaat eigenlijk alleen maar vanuit waarheid en vanuit authenticiteit. Aangezien geld iets is geworden wat het niet is, dan ga je verder in die creatie en het is heel leerzaam voor mensen om op een gegeven moment gewoon te weten, dit is dus wat de werking van geld is en enerzijds heeft dat geld is energie, maar dat heeft ook met waardering te maken. Armoede is iets wat hier ook heel veel wordt genoemd. Het heeft er ook mee te maken dat mensen vinden dat ze zelf niet zoveel verdienen, of dat ze zelf niet veel waard zijn. Je kunt ook alleen maar datgene ontvangen wat je vindt dat je waard bent. Dus op het moment dat dat mensen weten dat ze meer waard zijn, dan kunnen ze ook meer gaan ontvangen en dat is een les die men kan leren. De voorzitter: Dank. Mevrouw Schnabel. Mevrouw Schnabel: Ik werd getriggerd door wat mevrouw Pichel net zei. Misschien heb ik verkeerd begrepen wat ze zei.

Maar is dat dat mensen die op dit moment een hele … Ik vind dat echt heel erg, mensen die … Ik haal even het snoepje uit mijn mond … Dat mensen die in armoede leven dat over zichzelf afgeroepen hebben. Want dat is wat u met deze uitspraak suggereert.

32

Mevrouw Pichel: Nee, dat zijn de woorden die mevrouw Schnabel invult, dus dat is niet wat ik zeg. Ik geef net in mijn woorden aan dat als we het gaan hebben over dat geld energie is, dat eigenlijk alles energie is, en dat bij de uitwisseling van energie dat datgene wat je wat je onderliggende overtuiging is, dat dat hetgeen is wat je creëert en dat betekent niet dat mens het op zichzelf afroepen, of dat het iemand schuld is, maar het heeft te maken dat als iemand een bepaalde onderliggende overtuiging heeft, dan is dat als het ware de vraag die wordt opgeroepen naar het universum. Het universum beantwoord vervolgens de onderliggende overtuiging en dat wordt de realiteit gemaakt. Mevrouw Van Engelen: Voorzitter? De voorzitter: Gaat uw gang. Mevrouw Van Engelen. Mevrouw Van Engelen: Dank u wel voorzitter. Ik denk dat ik mevrouw Michel wel kan volgen en ik wil daar een vraag over stellen. Dat is heel knap voor mij. Nee hoor, is best goed te volgen. Mensen hebben natuurlijk het recht om te gaan stemmen in onze samenleving en in mijn mening, en ook hoe ik uw woorden opvang, geven ze daarmee een uiting aan hun energie. Nu zitten hier heel veel partijen die zich hard inzetten tegen armoedebestrijding.

Zitten die mensen hier niet juist omdat de mensen die over zichzelf hebben afgeroepen dat ze het niet verdienen, juist vinden dat ze het wel verdienen om uit de schulden te komen of beter te verdienen en dat wij de vertaling van die mensen zijn en juist hiervoor moeten strijden, zodat wij hier juist allemaal in naam van het universum voor die mensen zitten? Mevrouw Pichel: Ik begrijp de vraag niet helemaal, voorzitter. U zegt dus dat u hier zit om te vertalen wat mensen als onderliggende overtuiging hebben? Mevrouw Van Engelen: Dat zijn wij niet, dus wij voeren die strijd voor deze mensen. Zijn wij dan niet precies wat deze mensen verdienen? Mevrouw Pichel: Dat kan. Als dat uw overtuiging is en van de mensen dan heb ik daar niks tegenin te brengen. De voorzitter: Oké. Ik zag nog de heer Van Dam-Timmers en daarna zou ik eigenlijk weer verder willen gaan met uw betoog. Liefst zo veel mogelijk over de begroting. De heer Van Dam-Timmers: Dank, voorzitter. Ter interruptie, ik zou dat ook graag kort willen houden. Ik wil het ook niet over allerlei energetische stromen hebben.

Maar ik hoor mevrouw Pichel eigenlijk zeggen dat ze op geen enkele manier verduurzaming en ook de opwek van energie eigenlijk in onze regio steunt, omdat ze dat eigenlijk geldverkwisting vindt en dat anders zou willen besteden en daarmee heb ik eigenlijk een hele simpele vraag: bent u nou voor of tegen extra zonnepanelen op daken in Dordrecht, zodat we onze eigen energie zelf kunnen opwekken?

33

Mevrouw Pichel: Voorzitter, ik zou het nu heel handig vinden als we nu even de opname zouden kunnen terugkijken. Want wat de heer Van Dam-Timmers nu zegt, die woorden heb ik volgens mij niet gebruikt. Verduurzaming, slimme verbeteringen, goede innovaties, daar zijn we niet op tegen. De heer Van Dam-Timmers: Mooi. De voorzitter: Gaat u verder. Mevrouw Pichel: Met daarbij de nadruk op slimme. Dank u wel, voorzitter. Ik zie nog anderhalve minuut. Ik was eigenlijk klaar met mijn betoog. Ik heb nog wel wat opmerkingen voor een aantal voorliggende moties. Er zijn een aantal moties die wij mede indienen, dat zijn een aantal moties van Beter Voor Dordt, een aantal moties van DENK. Ik heb wel een aantal opmerkingen voor bepaalde moties. Ik zag de moties van Partij van de Arbeid en het zijn natuurlijk eigenlijk ook wel sympathieke moties. Ik zeg niet zozeer dat ik tegen zou stemmen, ik kijk zo ook nog even wat de reactie is van de wethouder, maar ik werd wel herinnerd aan een quote van Loesje: ‘Het is gewoon lekkerder dweilen, als je weet dat ondertussen tenminste iemand probeert de kraan te repareren’. En dan kom ik bij een motie van DENK: het artikel 1 van de grondwet prominent in Dordrecht. Ik waardeer dit gebaar enorm en als ik zou denken dat dit enige zin heeft, dan zou ik het van harte steunen. Hoe de wereld je behandelt is een reflectie van hoe je over jezelf denkt.

De waardering die je ontvangt kan niet groter zijn dan de waardering die je jezelf geeft. Met andere woorden: waardering komt van binnenuit en mag nooit afhankelijk zijn van wat van buitenaf komt. Als tegenvoorstel zou ik zeggen, gebruik de zin, hou onvoorwaardelijk van jezelf. Dank u wel. De voorzitter: Dank voor uw bijdrage. Dan gaan we door naar Fractie van Waardhuizen de heer Stam. De heer Stam: Dank u wel, voorzitter. Regeren is vooruitzien. Zo hebben wij deze algemene beschouwing voor onszelf genoemd. Fractie van Waardhuizen heeft bewust gekozen om geen technische vragen te stellen en ook zelf geen moties en amendementen in te dienen. Waarom niet? Omdat enerzijds de begroting zo goed als in beton is gegoten en de financiële verplichtingen, inkomsten en uitgaven voor zo'n 95 procent vastliggen. Verbonden partijen en contracten die zijn afgesloten bepalen voor het grootste deel onze uitgaven. Anderzijds wordt er continu gewezen op de slechte financiële positie waar we op afstevenen en waar wij vanuit het totale gemeentelijke belang niet doof voor zijn. De begroting is ook voor de gewone inwoner van onze stad niet meer te lezen. De begroting is dan ook een intern spel voor de politieke partijen geworden, wat ons betreft. Wij zullen deze vergadering geen enkele motie of amendement steunen, omdat de financiële problematiek daardoor wellicht alleen maar verergert.

Nu nog even snel bij begroting moties en amendementen met financiële verplichtingen aangaan, lijkt ons wat dat betreft een soort pyrrusoverwinning. Nu binnenhalen en over twee jaar weer inleveren. De voorzitter: Bij interruptie, de heer Safranti.

34

De heer Safranti: Ik kan mijnheer Stam natuurlijk wel begrijpen, ook over de kosten eventueel rondom de moties. Alleen een van die moties van ons hoeft in principe niet veel geld kosten. En daarbij wil ik aangeven dat er sowieso ook bijna zeven ton nog natuurlijk aan budget is. De heer Stam: Ik heb u gehoord. Wij zitten daar nu anders in. Wat schieten onze inwoners daar nu echt mee op als we het over twee jaar weer moeten inleveren? En we hebben echt onze wensen wel, zo'n beetje op elk beleidsterrein, maar het moet wel realistisch zijn en betaalbaar blijven en dat gevoel hebben we nu nog niet en niet alleen het college, maar ook wij als raad hebben de verantwoordelijkheid voor ons huishoudboekje. Wat willen wij dan wel? Fractie van Waardhuizen wil zo snel mogelijk met alle partijen en college om tafel om te komen tot afspraken hoe we de bezuinigingen gaan aanvliegen en hoe we hier onze inwoners bij gaan betrekken. Wij willen, met de toezegging van het college, zo snel mogelijk met de stad gaan kijken waar het minder kan en vooral moet. Wat ons betreft komt hier geen enkel beleidsterrein aan. Het college is in ‘22 begonnen met de insteek om samen te werken met alle partijen. De basis was immers vrij smal en die samenwerking lijkt wat Fractie van Waardhuizen betreft, tot op heden nog niet helemaal tot stand te komen.

Laat het college vooral oppassen dat ze niet in de situatie komen die in het verleden en de verwijten die zijn gemaakt aan vorige colleges over samenwerken, transparantie en wat nog meer. Conclusie voor nu zou dan ook kunnen zijn, dat dit niet aan de afzonderlijke partijen ligt, maar toegeschreven kan worden aan het construct coalitie en college. In het kader van de komende bezuinigingen en de samenwerking wil Fractie van Waardhuizen twee voorbeelden aanhalen waarbij we echt een probleem zien hoe die twee tot stand komen. Herhaaldelijk wordt en is de gemeenteraad gewezen op de toekomstige financiële positie die er niet rooskleurig uitziet. Er moet fors bezuinig worden en die moet een breed draagvlak hebben. Dan zien we tot onze spijt echter dat er toch grote structurele verplichtingen worden aan gegaan met bijvoorbeeld een HVC, een contract voor maar liefst 10 jaar met vele miljoenen. In de commissie is hier in beslotenheid melding van gemaakt met de toevoeging: als we niet uitkomen met HVC, dan hoort u ons niet meer. Wat ons betreft een strafpunt om hier, gelet op de toekomstige financiële bezuinigingen, de gemeenteraad niet transparant erin mee te nemen. En wat betreft Fractie van Waardhuizen is daar nog een extra reden waarom het college in dit specifieke geval transparanter had moeten zijn en dat is de politieke relatie tussen HVC en de collegepartij.

Ook heeft het college wat Fractie van Waardhuizen betreft de samenwerkingsboot gemist met het besluit rondom de vestiging van een azc in onze stad. Ook hier is gebruik gemaakt van de specifieke bevoegdheden om gemeenteraad, en vooral inwoners, zo goed als buitenspel te zetten. Dit had, wat Fractie van Waardhuizen betreft, breed opgepakt kunnen worden via bijvoorbeeld een stadsberaad waar het college de stad aan de voorkant had mee kunnen nemen en wellicht een breder draagvlak had kunnen creëren. Een gemiste kans wat ons betreft. De voorzitter: Bij interruptie, de heer Por...

35

De heer Portier: Voorzitter, in het besluit over de vestiging van het azc heeft het college zowel met de raad gesproken als uitgebreid met bewoners. U was ook op die avond. Er kwamen best wel emoties omhoog, maar er is uitgebreid gesproken met bewoners. Waar baseert u op, dat dat niet gebeurd zou zijn? De heer Stam: Wij zijn nog steeds in gesprek met die bewoners en die bewoners hebben daar gewoon echt een ander idee over. De heer Portier: Het gaat erom, hoe baseert u zich erop? U zegt, er zijn bewoners die er niet zo blij mee zijn, dus is er niet met ze gesproken. Dat is toch geen manier van redeneren? De heer Stam: Ik zeg niet dat ze er niet blij mee zijn, ik zeg dat ze vinden dat er te weinig met hun is gesproken. Het college is één keer geweest en het signaal wat wij nu krijgen is: je ziet ze niet meer. Op basis van die informatie zeggen wij dit nu, maar het gaat hier nu niet om het inhoudelijke punt wel of geen azc. Wij zeggen eigenlijk, dat had je op een bredere manier en transparante kunnen aanpakken. Dat is het enige punt wat we willen maken, als je gaat kijken naar de samenwerking die het college zichzelf heeft opgelegd. De heer Portier: Voorzitter, ik denk dat het gewoon niet eens worden. Wat mij betreft is de raad en ook de bewoners gewoon in meegenomen. De heer Stam: Prima.

Dit zijn wat ons betreft twee voorbeelden van zaken die in bredere samenwerking opgepakt en uitgewerkt hadden kunnen worden. En welke bevoegdheden oefent het college dan nog verder uit waar financiële consequenties aan zitten en waar de gemeenteraad grotendeels het nakijken heeft? We begrijpen heel goed dat er specifieke bevoegdheden zijn. We vragen ons alleen af of je die altijd en overal dan maar moet toepassen. Eigenlijk ben ik dan wel zo’n een beetje aan mijn eind gekomen. Regeren is vooruitzien. Zo hebben wij deze algemene beschouwing ingestoken en wij willen graag van het college weten, hoe men nu geanticipeerd heeft op de komende bezuinigingen om onze gemeente financieel op het juiste pad te houden. Of is er dan alleen richting gemeenteraad, lees: oppositie, gewezen om voorzichtig te zijn met ons geld? Want wat hebben die signalen dan voor waarde gehad de afgelopen periode, als we nu weer volop moties en amendementen gaan opnemen? Dat was ie, voorzitter. De voorzitter: Hartelijk dank. De heer Den Heijer: Voorzitter. De voorzitter: Bij interruptie, de heer Den Heijer. De heer Den Heijer: Ik begreep vanuit de Fractie van Waardhuizen dat we eigenlijk op een manier nieuwe manier zouden moeten begroten op basis van incidentele middelen. Dus dat we gewoon daar nog wat beweeglijker zijn en dat ook makkelijk volgens Fractie van Waardhuizen zouden kunnen doen.

Zou dat verder … want ik hoor dat nu niet in uw in uw bijdrage echt prominent naar voren brengen. Zou u dat kunnen toelichten.

36

De heer Stam: Jazeker. Ik heb ze niet meegenomen nu in de woordvoering. Dat hebben we wel op een ander moment al gedeeld. Wij zijn echt van mening dat we naar nieuwe wegen moeten kijken hoe we onze doelstellingen kunnen bereiken. Als je dat legt naast allerlei IC’s die zijn geschreven door grote gemeenten in samenwerking met een van de grotere accountantsbureau dan liggen daar ook mogelijkheden om op een andere manier je financiering ter hand te nemen, dus dat hoeft niet altijd vanuit de exploitatie te komen, maar ze hebben ook die reserves eenmalig kunnen gebruiken om die doelstellingen te bereiken. Maar die moeten wij nog verder uitwerken, dus die wil ik best nog wel een keertje breder gaan delen. Maar voor nu was het punt eigenlijk, we moeten bezuinigen. Wij willen het signaal afgeven van, dan maar even geen amendementen en moties, want we willen eerst goed een beeld hebben van, waar gaan we bezuinigen, hoe gaan we bezuinigen, wat is eventueel de vrije ruimte om nieuwe ideeën in te brengen? De heer Den Heijer: Dat is volgens mij de spanning die we samen voelen. Aan de ene kant zijn incidentele middelen heel fijn, omdat ze het niet structureel doorbetalen. Aan de andere kant krijgen wij boze brieven van de provincie, als we het te vaak doen en waarin ziet u dan precies die ruimte? Daar ben ik gewoon benieuwd naar.

De heer Stam: Een dilemma van de provincie bedoelt u? Op zich, als je naar onze begroting kijk, is die structureel sluitend en dat is de exploitatie. Er is al er andere partijen aangegeven. Als je naar onze reservepositie kijkt; ook los van Eneco-middelen zitten we gewoon heel goed. Dan zijn we eigenlijk best wel een rijke stad. En die provincie zou toch ook mee moeten gaan bewegen met al die gemeentes die voor dezelfde vraagstukken zitten. Ik weet niet of u op de hoogte bent van een VNG-brief? De VNG heeft eigenlijk al aangegeven van, dien uw begroting nu maar eens een keer niet sluitend in. Want we hebben natuurlijk dat Rijk wat continu achterblijft met zijn betalingen of met zijn vergoedingen voor al het beleid wat we hieruit voeren en de provincie zit daar nog op een andere manier in. Dus je ziet ook bij dat Rijk verschillende bewegingen: enerzijds je moet hem sluitend aanleveren en de andere partij zegt, doet dat maar een keer niet om die druk op te voeren, om die gemeentes breder tegemoet te komen.

Eén van die opties is daarbij inderdaad van, maak op een andere manier gebruik van je reserves maar die is pas geschreven, nogmaals, door een van de grotere accountantsbureaus en die moeten we nog verder uitdiepen, maar dat is wel een vraag aan het college: kunnen we daar naar kijken en welke mogelijkheden zien we om dat eventueel ook in onze gemeente toe te passen? De voorzitter: Hartelijk dank. Volgens mij is daarmee uw termijn afgerond. Dan gaan we tot slot naar Fractie Van der Spoel. 10 over 10. De heer Van der Spoel: Dank u wel. De voorzitter: Ik ga de agenda van morgen alvast rustig leeghalen. De heer Van der Spoel: Dank u wel voorzitter en zoals u gisteren ook al zei over de begroting als laatste agendapunt: het toetje, dat we het lekkerste voor het laatst hebben bewaard. Zo zie ik dat ook maar met de volgorde van de fractievoorzitters die een woordvoering mogen doen.

37

De voorzitter: Ik ben blij dat u zichzelf zo kwalificeert. De heer Van der Spoel: Ik had het over mijn woordvoering maar dank u wel. Ik richt mij in deze woordvoering op twee thema's die wij als Fractie Van der Spoel erg belangrijk vinden. Dat eerste thema is wonen. In 2024 is volgens de overheid een betaalbare woning een woning tot 390.000 euro. Het gemiddelde inkomen van Dordtenaren met een baan is rond de 32.000 euro. Woningzoekende, veel succes op de Dordtse woningmarkt. Vorige week tijdens de commissievergadering gaf wethouder Heijkoop tijdens de commissie aan dat we deze periode niet gaan halen waarschijnlijk om die 4000 woningen te bouwen. En ook de fractievoorzitter van GroenLinks gister liet weten dat het geloof in die 4000 nieuwe woningen er eigenlijk niet meer is. Woningzoekende, veel succes op de Dordtse woningmarkt. De wethouder noemde vorige week ook een aantal factoren. De heer Den Heijer: Voorzitter. De voorzitter: De heer Den Heijer, bij interruptie. De heer Den Heijer: Het optimisme heeft hij niet herontdekt na het vertrek bij de Partij van de Arbeid, constateer ik. Dat was jammer, maar ik had eigenlijk een andere vraag: eergister stonden er 511 woningen te koop.

Hoeveel woningen daarvan waren er onder de 355.000 euro, mijnheer Van der Spoel? De heer Van der Spoel: Voorzitter, ik moet constateren, gisteren hebben we dit ook gezien, dat de VVD inderdaad de rol van Jos Brink heeft overgenomen. Ik vind het ontzettend leuk, deze quizvragen, en het zal de VVD misschien heel goed doen onderling dat ze dit met elkaar kunnen bespreken van, hé, we hebben een aantal vragen voorbereid. Maar heel veel plezier ermee, zou ik zeggen. Ik zie het nut er niet zoveel van in om hier een antwoord op te geven, meer dat het de VVD heel erg goed doet. Waarschijnlijk. Ik heb namelijk geen idee, want ik ben niet zo goed in deze quizvragen. Ik raad de VVD aan: organiseer een leuke pubquiz voor de raad. Dan gaan we daar een keer met zal aan beginnen. Dus mocht u het antwoord willen vertellen en laten zien dat de VVD dit soort feitjes wel weten, dan is dit nu het moment, denk ik, dat ze dat even mogen doen. Voorzitter? De voorzitter: Ik weet niet of de heer Den Heijer behoefte heeft aan het tweede interruptie. De heer Den Heijer: Het is in ieder geval bewonderenswaardig dat Fractie Van der Spoel afstand neemt van feiten en dat is opmerkelijk. Onder de twee ton waren het 49 huizen, tweeënhalve ton 100 en onder de drie-en-een-halve ton waren het er 195.

Dat doe ik niet om mijn fractiegenoten te plezieren of andere mensen hier in de zaal te plezieren, dat doe ik ook om ook wel een beetje bij de feiten te blijven, want anders kunt u hier allerlei beelden optuigen dat het allemaal hel en verdoemenis is. Dat hebben we van uw oude partij in de eerste termijn ook gehoord.

38

U doet het nu dunnetjes over en ik vind het jammer, want dat helpt ook niet zoveel om bij te dragen aan een versnelling of meer huizen bouwen. En ik hoop dat u op dat punt misschien een aantal voorstellen heeft die die daartoe bijdragen. De heer Van der Spoel: Voorzitter, ik vind het jammer om te moeten constateren dat de quizvraag voor dit moment is bewaard terwijl ik letterlijk een wethouder heb geciteerd, zojuist; de fractievoorzitter van GroenLinks en blijkbaar vond de VVD het toen niet nodig om deze opmerking te maken en nu wel dus een beetje jammer, maar u gaat waarschijnlijk door voor de wasmachine in de volgende ronde. Ik ga verder met mijn betoog. Eens even kijken, waar was ik? De wethouder noemde vorige week ook een aantal factoren, waardoor het moeilijk is betaalbare woningen te bouwen. Een van die factoren is bijvoorbeeld de grondexploitatie. Bij het ene gebied kost allemaal meer dan bij een ander gebied en dat is best logisch ook. Voor de wethouder zijn al die factoren heel helder en inzichtelijk. De wethouder is dan ook fulltime wethouder. Wij als raadsleden doen dit allemaal naast onze normale baan en dat valt niet altijd mee. Dit college roept met enige regelmaat dat ze het samen met de raad willen doen. En dat is fijn. Maar ik krijg soms het gevoel dat we als gemeenteraad door dit college wel achter het stuur worden gezet, maar dan wel op onbekend terrein.

Datzelfde college gooit ons dan vervolgens een stapel wegenkaarten toe en na een minuut zegt de wethouder: zo, nu weet je de weg. Rijden maar. Dat is in mijn ogen niet samen sturen. Daarom ben ik ook blij met de motie van Beter Voor Dordt; breng woningbouwmonitor terug. Het is namelijk voor een lekenbestuur als de gemeenteraad verrekte moeilijk af en toe om kaders te kunnen stellen, te kunnen controleren en richting mee te geven, zonder dat deze informatie inzichtelijk in kaart is gebracht. We krijgen echt een hele lading stukken over die schutting heen gegooid. Maar ik ben ook wel getriggerd door de uitspraak van de wethouder over de verschillen van locaties wat betreft de GREX. We kijken steeds naar al bestaande bebouwde gebieden, maar zijn er op ons eiland ook onbebouwde gebieden aan te wijzen die voor de Wieldrechtse Zeedijk liggen en waarbij het GREX technisch gezien voordelig gebouwen is? En is het college bereid om deze potentiële bouwlocaties inzichtelijk te maken, zodat we als raad hierover kunnen praten en de inwoners van Dordrecht hierin mee kunnen nemen. Over meenemen en samen sturen gesproken ... De heer Stam: Voorzitter. De voorzitter: De heer Stam. Gaat uw gang.

De heer Stam: Toch een vraag want … het was de heer Van der Spoel, ik was even je naam kwijt… Als u dan roept van, kan het college aanwijzen welke gronden er dan zijn binnen de Wieldrechtse Zeedijk om te bouwen, dan heeft u waarschijnlijk zelf ook al een idee, want anders gooi je die kaarten net zo hard terug naar het college. Maar als ik u vraag, welke gebieden heeft u dan op het oog? Kan u er dan twee of drie noemen? De heer Van der Spoel: Jazeker. Ik weet dat er heel lang geleden een partij heel erg groot is geworden met hun strijd tegen het bebouwen van de polder. Deze discussie is alweer van 13 jaar geleden. Ik denk dat het tijd is dat we ook dit soort taboes durven te bespreken.

39

Niemand durft zich hier in de raad daaraan te wagen, maar ik denk dat het ook heel eerlijk is naar de stad toe, als we die gebieden ook in kaart brengen en dat we daarmee ook kunnen laten zien, en daarom is het zo goed om de stad daarbij te betrekken, als we als stad, als Dordtenaren ervoor kiezen om niet te bouwen in die gebieden, dan betekent het ook dat het moeilijker is om in de bebouwde gebieden die aantallen woningen te bouwen. Ik denk dat er dan veel meer begrip voor is, dat het soms wat langer duurt. Maar misschien zeggen de Dordtenaren nu wel ineens van, hé, misschien is het wel een optie om daar te gaan bouwen. Maar durf dat te bespreken en ik denk dat we daar veel mee naartoe moeten, dat we ook dit soort taboes durven te bespreken. De voorzitter: U kunt gewoon door. De heer Van der Spoel: Eens even kijken, waar was ik? En over meenemen en samen sturen gesproken, en dan komen we bij tweede thema, ik sluit wonen af: de sportvisie die we vorig jaar hebben vastgesteld. We konden ervan uitgaan dat de routekaart van de uitvoering van de sportvisie er eind 2023 zou zijn. Deze routekaart hebben we volgens mij nog steeds niet gekregen en sowieso nog niet besproken. En mij bekruipt steeds vaker het gevoel dat als er visies of startnotities moeten worden vastgesteld er tegen de raad wordt gezegd: waar u naar vraagt, dat is inderdaad belangrijk, maar dat komt later.

Vervolgens wordt de desbetreffende visie of startnotitie vastgesteld en op dat later moeten we als raad dan maar weer wachten. De wethouder duwt ons als ware de auto weer uit om zelf weer achter het stuur plaats te nemen en komt ons dan wel weer oppikken als we weer nodig zijn. Dus ik wil de wethouder vragen om nu eindelijk eens met die routekaart voor de sportvisie te komen. Want sport is zo belangrijk en zoveel meer dan alleen maar leuk. Het bevordert namelijk de gezondheid en het helpt bij het verminderen van obesitas. Gezien de hoeveelheid kinderen in Dordrecht met overgewicht, lijkt me meer bewegen en sporten op ons eiland geen overbodige luxe. Maar sportverenigingen brengen mensen ook samen. Sport biedt dus kansen bij het tegengaan van vereenzaming bij ouderen en sport kan helpen bij de integratie van diverse bevolkingsgroepen. Met de komst van het azc lijkt me dat ook een uitgelezen kans. Sport houdt jongeren ook bezig en biedt een alternatief voor negatieve activiteiten, waardoor criminaliteit wordt verminderd. Sport kan bijdragen aan de lokale trots en gemeenschapsidentiteit. De VVD zei het gisteren ook al en die benoemde dat al: 11 wedstrijden ongeslagen en je ziet dat de gesprekken op straat er ook over steeds leuker worden. Dit college heeft de ambitie om Dordrecht in de top tien van meest sportieve gemeenten te krijgen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/590/documents/28766