CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.2 2023.06.27 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 19 september 2023, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 4 juli en de Dordtse Dinsdag van 27 juni en 29 augustus 2023 Vergaderzalen 1, 3 en 551.253 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

61

De voorzitter: De heer Van Ballegooijen. De heer Van Ballegooijen: Dank u wel voorzitter. Dat is één is niet wat we zeggen. De reden om specifiek hiernaar te vragen is omdat we toegaan naar het integrale beleidsplan. Dat komt het komend half jaar en we hebben wel vertrouwen uiteraard in het proces wat richting de kadernota 2025 belopen gaat worden om de begroting sluitend te krijgen. Dus dit voorstel of onze motie vraagt ook niet om de begroting sluitend te krijgen door een voorstel te doen op sociaal domein. Waar wij specifiek naar kijken is we zien die toekomstige ontwikkelingen op het sociale domein zien we aankomen. Die kun je niet beleggen door dat op andere onderdelen af te schuiven. Je moet ook dan denken wij in geval bewuste keuzes maken. Die keuzes kunnen prima zijn we behouden het ambitieniveau zoals het is. Maar ik denk wel dat je heel bewust die keuze moet maken wat doe je daarmee, ook gezien dat toekomstperspectief. Het lijkt ons logisch om dat al in dat integrale beleidsplan te doen, omdat je anders dat integrale beleidsplan vaststelt en een half jaar later gaat kijken en nu gaan we eens kijken hoe we die begroting sluiten. Terwijl we inderdaad wat we gezegd hebben, we zien een in dit geval een elf miljoen knelpunt op specifiek dat sociale domein. Dus het lijkt ons goed om het al in dat traject mee te nemen.

De voorzitter: De heer Stam voor dit moment genoeg? Mijnheer Safranti had u nog een hele dringende vraag? De heer Safranti: Ja hele dringende vraag. De voorzitter: Wilt u het dan heel kort houden? De heer Safranti: Dat is richting de heer De Heer. Het kan aan mij liggen hoor maar heb ik de motie 22 van u gemist? Want u heeft natuurlijk al die moties even benoemd, maar motie 22 die heb ik gemist. De voorzitter: De heer De Heer. De heer De Heer: Voorzitter terecht dat u dat zegt. Er is ook met veel aandacht naar de motie gekeken. Alleen met alle antwoorden die tot nu toe zijn gegeven, komt het bij ons inderdaad over dat er een aantal hele goede voorzieningen zijn die hooguit misschien nog wat meer aandacht moet krijgen. Maar dat er wel echt een goed fundament ligt om hierin te voorzien. Dus dat is even de aanname die we hebben gedaan op basis van de antwoorden die tot nu toe zijn gegeven. Dus we horen wel graag de reactie van de wethouder. Als die daar totaal van afwijkt, dan nemen we natuurlijk graag in overweging. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van Ballegooijen ik wil echt naar de wethouder. De heer Van Ballegooijen: Ik had een aantal vragen gekregen, onder andere van de PvdA over onze motie en die snapte ik niet en ik snap nu waarom. Er is namelijk een foutje gemaakt in het systeem waardoor de tweede pagina van onze motie per ongeluk van onze andere motie komt.

Dus over dat platform dat hoort niet bij motie M6 maar hoort bij motie M7. Dus ik wilde dat even rechtzetten.

62

De voorzitter: Dank u wel. U heeft gelijk dat hadden we hier ook al geconcludeerd. Dat platform hoorde er niet in. Goed. Ik heb drie wethouders aan tafel. Ik ga beginnen met wethouder Van Benschop die haar deel zal afhandelen. Ik schat in tien minuten per wethouder zou moeten lukken. De heer Van der Linden vijf minuten. Mevrouw Van Benschop: Ik ben blij dat ik mag beginnen voorzitter. Want we hebben nog een halfuurtje toch? Mevrouw Kruger: Voorzitter mogen we nog vragen stellen aan de wethouders. De voorzitter: Dat mag uiteraard maar u heeft ook een horloge waarschijnlijk en u kunt op een klok kijken. In ieder geval we hebben max een half uur en we willen graag het afkrijgen, dus doe het alleen als het echt nodig is ter verheldering en niet om in beeld te komen. Mevrouw Van Benschop: Dank u wel voorzitter. Ik ga ook maar gewoon even de moties langslopen want ik heb maar tien minuten. Dan begin ik even met de motie Inclusie is nu een illusie in Dordrecht. Ik hoor hier dat er gezegd wordt we willen misschien gaan splitsen, dus misschien is dat een idee. Het college blijft erbij dat de eerste bullet vinden we ingewikkeld. We willen dat de reguliere uitgaansgelegenheden voor iedereen toegankelijk zijn.

We zien er ook niet zoveel in om een soort proefperiode te doen met aparte avondjes, omdat wij denken dat het uiteindelijk pas echt zichtbaar wordt op het moment dat de reguliere uitgaansgelegenheden gewoon toegankelijk zijn. De tweede bullet kunnen wij ons wel iets bij voorstellen. Daar is eigenlijk de vraag om ook bij het organiseren van evenementen rekening te houden naast een toilet voor mensen die een beperking hebben, ook te kijken of er behoefte is aan een ruimte waar mensen medische handelingen of dergelijke kunnen verrichten. Ons voorstel is dan ook om dit wel echt mee te nemen in het evenementenbeleid. Om er niet met een apart voorstel voor te komen. Maar we kunnen ons dus wel voorstellen dat we dit meenemen, dat we kijken ook naar uitvoerbaarheid. Moet dat bij ieder evenement of alleen bij grote evenementen, maar dat we daar dus op terugkomen. De heer Stam: Voorzitter? De voorzitter: De heer Stam. De heer Stam: De eerste bullet ik snap wat u zegt, ik begrijp u misschien ook nog wel. Maar hoeveel tijd neemt u dat voor om te organiseren? Want ondertussen worden die kinderen van 14, 15, 16 jaar die daar behoefte aan hebben worden dadelijk 20, 25. Wat is dan een streefdatum voor u? De voorzitter: Mevrouw Van Benschop. Mevrouw Van Benschop: Voorzitter dat is natuurlijk een hele goede vraag en het liefst zou ik zeggen dan gaan we dat bij alle horecagelegenheden regelen.

Maar je hebt gewoon in sommige gevallen ook te maken met de fysieke beperking van de horecagelegenheid, dat het echt niet mogelijk is. Dus ik kan daar geen datum op

63

plakken. Wat ik wel kan doen is dat we zowel vanuit inclusieve stad, als vanuit het programma met de binnenstad, dat we daar gewoon voldoende aandacht voor hebben en het gesprek voeren met ondernemers. Mochten daar hele grote prangende knelpunten uitkomen dan zullen we daar weer op verder moeten kijken. De voorzitter: Voldoende mijnheer Stam? Dan gaat mevrouw Van Benschop verder. Mevrouw Van Benschop: Dan hadden we de motie voor de zorgadviseur. Wij begrijpen heel erg de behoefte dat er gekeken moet worden domeinoverstijgend naar situaties om vanuit al die verschillende wetten die er zijn en verschillende mogelijkheden die er zijn, de juiste zorg te kunnen leveren. Voor een deel doen we dat met een onafhankelijk clientondersteuner, die staat naast de cliënten en die kijkt welke zorg is er nodig. Begrijp ook dat er pilots gedraaid worden. In het geval van Zwijndrecht is dat inderdaad een casemanager dementie. Dus dat gaat over iemand met dementie waar dan vervolgens gekeken wordt welke zorg kunnen we daarbij organiseren? Het punt wat ik in de vorige raadsvergadering duidelijk heb willen maken, wat ook raakt aan de vraag van de heer De Heer over de kostenbesparing of niet. Is dat uiteindelijk zijn al die wetten op een andere manier gefinancierd. Het gaat niet alleen over financiering trouwens het zijn ook gewoon verschillende wetten.

Dus op moment dat we een zorgadviseur hebben die zegt het hoeft niet in de Wlz het kan ook in de Wmo, dan zal dat leiden tot hogere kosten in de Wmo. Als het andersom zo is, gaat die zorgadviseur nog steeds geen indicatie stellen voor de Wlz. Dan moet er alsnog via het CIZ gewoon een indicatie worden afgegeven. Dus zo'n zorgadviseur kan wel, heel waarschijnlijk, heel goed zien binnen welk domein is er passende zorg, maar die heeft geen doorzettingsmacht om ook daadwerkelijk die indicatie op die plek af te dwingen. Uiteindelijk leidt dat ertoe dat wij de toegang tot de Wmo uit handen geven, de toegang tot de Wlz niet, alle andere mogelijkheden worden niet daar neergelegd. Daarbij hebben wij geen grip als je het dan hebt over grip op het sociaal domein, hebben wij geen grip op de kosten die we zelf gaan maken. Dat is waarom we zeggen wij vinden dit op dit moment niet de juiste manier. We geloven wel in het domeinoverstijgend samenwerken. Dat wetsvoorstel is ook in de maak, wachten we ook graag af. We kunnen wel even inzichtelijk maken hoe dat precies zit en waarom wij van mening zijn dat dit voor ons geen juiste optie is. Dan hadden we nog … De heer Stam: Voorzitter nog een kleine vraag. De voorzitter: Vooruit mijnheer Stam.

De heer Stam: Hoe kijkt u ernaar uit het perspectief van de zorgontvanger? Mevrouw Van Benschop: Wij denken dat het voor een zorgontvanger vooral belangrijk is dat hij passende zorg krijgt. Dat is waarom we onder andere de onafhankelijke cliëntondersteuner hebben, dat is waarom we de pilots die gedraaid worden in het land wel degelijk volgen. Waarom wij ook écht wel aan het verkennen zijn hoe wij domeinoverstijgend kunnen samenwerken. Dat is één van de redenen dat we een integraal beleidsplan sociaal domein krijgen. Maar wij vinden op dit moment, er is een wetsvoorstel in de maak dat is er nog niet door, de financiering is niet structureel geregeld. Dat het te vroeg is om deze manier een zorgadviseur in te zetten met een

64

extra functie. Terwijl de randvoorwaarden daarvoor wat ons betreft nog niet voldoende in orde zijn. Dan was er nog de motie Grip op het sociaal domein maar die zit bij wethouder Heijkoop. Ik kan alleen wel één ding als het gaat over de Wmo bijvoorbeeld aangeven. Precies dat waarom gevraagd wordt door de VVD in de motie namelijk maakt inzichtelijk wat zijn de langetermijneffecten de kant waar we nu op gaan. Dan gaat het wat ons betreft echt niet alleen om financiën, maar ook om beschikbaarheid van de zorg. Dat zijn precies dingen die we in de herijking Wmo meenemen. Dus na de zomer ontvangt de raad de herijking, het raadsvoorstel. Daar staan die knoppen in genoemd en waar we aan willen draaien. Dat debat gaan we dan ook echt voeren. Dus verder laat ik de motie in de volle breedte even bij collega Heijkoop, maar wat betreft de Wmo kan ik u in ieder geval geruststellen en daar gaan we die discussie voeren. Volgens mij heb ik dan … De voorzitter: Ik denk dat u uw twee moties gehad heeft. Dan ga ik naar wethouder Heijkoop. Als we er één overhouden dan kom ik vanzelf weer bij u terug. Wethouder Heijkoop tien minuten voor u. De heer Heijkoop: Voorzitter dank u wel. Ik zal het proberen binnen tien minuten te doen. Ik heb hier geen water, dus dat scheelt weer houdt het meestal ook iets korter. Ik heb vier moties. ‘…’ (buiten de microfoon). Dat helpt, heel effectief.

Meestal scharrel ik mijn eigen water wel bij elkaar. Vier moties, drie in mijn portefeuille, eentje in die van collega Merx, die we natuurlijk enorm missen, maar die maakt zich elders in het gebouw verdienstelijk. Dat gaat over de motie evenementenfonds voor top- en breedtesport. U heeft daar een aardig debatje met elkaar over gevoerd. Ik denk dat we met elkaar niet hoeven te twisten over de waarde van sport en ook de waarde van breedtesport voor de gezondheid van onze inwoners en waar het gaat over topsport waar het gaat over de aantrekkelijkheid van de stad en de uitstraling. De heer Schalken heeft er absoluut gelijk in dat dat een positief effect heeft op de stad, maar het is niet altijd met een schaartje te knippen wat dan precies dat effect is. Maar dat het er is dat is zeker. Collega Merx heeft in de plenaire raad al aangegeven dat het budget beperkt is. Tegelijkertijd en dat zult u in de afgelopen periode ook wel, afgelopen jaren, ook al hebben meegekregen dat als er een heel mooi evenement langskomt dan gaan we altijd op zoek naar de mogelijkheden om dat financieel ook voor elkaar te krijgen en dan lukt dat ook. Zo hebben we destijds ook het shorttrack evenement naar de stad gehaald en helaas heeft de shorttrackbond niet voor het mooie meisje gekozen, maar voor het grote geld en is dat naar Tilburg vertrokken.

Maar laat onverlet dat er weer nieuwe mogelijkheden gaan ontstaan. Kansen zullen we altijd blijven benutten. Voor de rest zeg ik de heer, ik geloof vanuit de VVD kwam dat en ook collega Merx heeft dat al aangegeven, dat we dit echt even mee moeten nemen richting Q1 van volgend jaar, want dan worden daar plannen gemaakt over hoe we hier vorm en inhoud aan zouden geven. Maar voor uw beeld, een beetje evenement, denk aan de shorttrackevenementen maar ook aan het evenement WK IJshockey. Dat is geloof ik uiteindelijk niet gekomen, maar dat zijn toch allemaal evenementen van rond een ton, dus dat gaat wel over fors geld. Op het moment dat we het willen verbinden aan evenementen dan vraagt dat ook een integrale afweging in college en raad en daar moeten we dan ook gewoon met elkaar over spreken. Maar ik ben het wel direct met uw raad eens dat sport en topsport vaak ook een evenementenkarakter in zich hebben. Heel vaak heel veel activiteiten rondom zo'n topsportactiviteit maakt ook dat het een heel aantrekkelijk evenement voor een stad kan

65

zijn. Maar in deze vorm willen we hem dus ontraden en u vooral vragen om dat ook mee te geven richting 2024. Als het gaat over middelen voor sport in de volle breedte, zeg ik even op met mijn pet van wethouder van Financiën, moeten we daar ook een integrale afweging maken. Voorlopig zullen we eerder iets terug moeten dan dat er wat bij kan. Maar dat zal misschien voor de korte termijn nog wel wat mogelijkheden bieden, maar op de langere termijn verwacht ik dat we wat scherper aan de wind zullen moeten varen. Voorzitter motie M6 dat gaat over weer grip op het sociaal domein. Namens mijn collegawethouders sociaal domein kan ik ieder geval wel aangeven dat we deze titel niet helemaal geplaatst vinden. Ik durf de stelling aan dat weinig begrotingsposten binnen onze begroting, dat we zo goed grip hebben en weet hebben wat er gebeurt als het sociaal domein. Dat komt ook en dat is overigens ook de verdienste van de VVD, dat daar al tien jaar lang het vergrootglas op ligt. Want er zijn soms zaken die veel in kadernota en begrotingsprocessen terugkomen. Eén van die zaken is toch wel dat de VVD voortdurend aandacht vraagt voor de kosten in het sociaal domein en het beheersbaar houden van die kosten en dat zeg ik de heer Van Ballegooijen ook na. Collega Van Benschop heeft al even ingezoomd op dat Wmo-deel.

We kijken altijd naar waar kun je nog wat keuzes maken ook die kosten besparen, maar voor een deel wil je ook keuzes maken juist om de zorg en dienstverlening naar inwoners te verbeteren. Het blijft altijd de confrontatie van inhoudelijke doelstellingen enerzijds en de beschikbare middelen anderzijds. De motie in deze vorm ontraden we, want we vinden het niet terecht, dat gaf de heer Stam ook al aan, dat er heel eenzijdig de focus wordt gelegd op het sociaal domein. Maar de heer Van Ballegooijen, de VVD mag er echt van uitgaan, dat heb ik ook in de raad vorige week gezegd. Dat wij nadrukkelijk het sociaal domein ook meenemen in de bredere zoektocht naar besparingsmogelijkheden en mogelijke bezuinigingen. Dat wij ook dit jaar al het signaal aan onze GR hebben meegegeven dat we hier en daar op onderdelen misschien iets terug moeten via de zienswijzen en natuurlijk ook via onze verschillende verantwoordelijkheden in de bestuursorganen van de GR’en voorzitter. Mevrouw Kruger zit te popelen. De voorzitter: Dan mag mevrouw Kruger u een vraag stellen. Mevrouw Kruger: Voorzitter even een vraag aan de wethouder. Hij geeft aan er worden allerlei herijkingen gedaan. Er wordt gekeken naar hoe we aan bepaalde knoppen kunnen zitten. Wordt er ook vooral gekeken hoe we meer preventief kunnen gaan werken wat ook van grote invloed kan zijn op besparing in de zorg bijvoorbeeld.

De voorzitter: Wethouder Heijkoop. De heer Heijkoop: Voorzitter, daar hebben we vanmiddag nog met enkele collega's in sociaal domein bij stilgestaan. Wij vinden preventie echt de grootst mogelijke onzin. Nee dat is niet zo. Nee natuurlijk we blijven altijd op zoek naar preventie. Tegelijkertijd … ‘…’ (buiten de microfoon). Nee sorry, ik zag u helemaal verstrakken. Als u achterover was gevallen had ik me schuldig gevoeld. Dat is absoluut waar. Tegelijkertijd de vigerende wet- en regelgeving, de Jeugdwet, de Wet maatschappelijke ondersteuning, ook andere wetgeving is soms best wel strak waar het gaat over het recht hebben op voorzieningen. Ook de Participatiewet heeft wat extra bepalingen gekregen met aanvraag recht op voorzieningen. Dus dat moet je gewoon op orde houden en daar kun je niet helemaal aan ontkomen. Maar we proberen wel voortdurend een beweging te maken naar de voorkant zoals dat dan zo mooi in beleidsjargon heet, naar de algemene voorzieningen.

66

Te kijken van hoeveel je in de wijk in de buurt bij mensen zelf kunt doen zonder dat er gelijk een specialistische voorziening, die vaak veel duurder is met name in de jeugdzorg weet collega Van der Linden veel meer van, dan naar wat lichtere interventies aan de voorkant. De voorzitter: Mevrouw Kruger gaat uw gang. Mevrouw Kruger: Voorzitter nog één aanvullende opmerking. Ik ben blij dit allemaal te horen, ook al liet u me eerst vreselijk schrikken. Maar dit is dus eigenlijk wat mevrouw Duikers ook altijd aangeeft, het verschil tussen de leefwereld en de systeemwereld. U bent bekend in Den Haag ook bij de VNG. Dus ik zou zeggen laten we vooral ook daarop inzetten om daar de verandering in aan te brengen. Niet zozeer dat we weer steeds net als de zorgmakelaar van alles weer erbovenop zetten omdat er grote hiaten zijn tussen die leef- en systeemwereld, maar dat we dat op een andere manier gaan aanpakken. Bijvoorbeeld ook door meer preventie in te zetten. De voorzitter: Wethouder Heijkoop wat is uw antwoord? De heer Heijkoop: Voorzitter vanuit mijn verantwoordelijkheid vanuit het VNG-bestuur en voorzitterschap van de commissie natuurlijk heb ik dat gesprek. Tegelijkertijd ik doe dat al enige jaren en sinds uitgelekt is dat ik dat doe, word ik er ook wel heel vaak op aangesproken.

Natuurlijk voel ik die verantwoordelijkheid, maar met collega's zetten wij ons ook vooral in om het hier in Dordrecht goed voor elkaar te krijgen. Dat is gewoon heel ingewikkeld. Het is heel complex, maar de betrokkenheid vanuit het college om dit goed te doen met behoud van de goede dienstverlening en de goede ondersteuning voor onze inwoners is echt groot. Wij zijn ook zeer te spreken over de enorme betrokkenheid van de raad, want dat maakt het ingewikkelde gesprek dat we het komende jaar toch moeten voeren, ieder geval inhoudelijk en constructief. De voorzitter: Wethouder de heer Van Ballegooijen die is ook heel betrokken. De heer Van Ballegooijen: Dank u wel voorzitter. Allereerst zou ik graag willen rechtzetten dat onze motie heet Grip op financiële ontwikkelingen in het sociaal domein. Wij proberen zeker niet te insinueren dat er geen grip is op het sociaal domein. Maar we zien wel de ontwikkeling … ‘…’ (buiten de microfoon). Als Yevgeny Prigozhin klaar is zou ik graag willen vervolgen. De voorzitter: Ik ben geneigd om te zeggen komt u die iPad even inleveren? Mijnheer Van Ballegooijen probeert u door te gaan. De heer Van Ballegooijen: Dank u wel. Allereerst wilde ik graag de titel rechtzetten. Het gaat specifiek om de financiële ontwikkelingen.

Om de toekomstbeeld en uiteraard speelt daar juist in mee dat we willen dat zoveel mogelijk van de voorzieningen die we hebben naar de toekomst gegarandeerd kunnen worden. Dan is de vraag richting de wethouder die ik heb is eigenlijk. We gaan nu een integraal beleidsplan samenstellen in het komend half jaar wordt dat vastgesteld. Dan richting kadernota 2025 zal er worden gekeken om de begroting op de lange termijn sluitend te maken. Is het dan niet logisch om juist al in dat voortraject wanneer we dat integrale beleidsplan samenstellen, dan al

67

te kijken wat is er mogelijk? Niet eens wat is er nodig, maar wat is er mogelijk binnen dat proces en daar een voorstel voor te doen? En niet een half jaar na het vaststellen van het integraal beleidsplan nog eens te kijken hoe past dat eigenlijk in de algemene begroting. De voorzitter: Wethouder reageert u maar. De heer Heijkoop: Voorzitter de vraag van gut hoe past het in de algemene begroting die stellen wij onszelf eigenlijk nooit. U mag er echt van uitgaan dat wij ook echt wel doen wat u aangeeft. Dat doen we samen met de raad, maar dat doen we heel erg langs de lijn van de inhoud. Er zijn een aantal uitgangspunten die we natuurlijk met elkaar hebben vastgesteld al. De startnotitie die komen ook straks terug. Dat gaat over normaliseren, dat gaat over het toebewegen naar de voorkant. Het gaat over het informele netwerk ook in positie krijgen voor zover mogelijk. Er zitten echt wel een paar uitgangspunten in die in die zin zeker maatgevend zijn om juist de enorme in ieder geval de groei in het sociaal domein misschien wat te temporiseren. Nog niet eens zozeer vanuit de financiën, maar puur ook omdat we de handjes niet hebben. De arbeidsmarkt kan gewoon al die medewerkers, al die zorgverleners gewoon niet leveren. Dus we moeten daar gewoon keuzes in maken met elkaar.

Want op het moment dat je die keuzes niet maakt en je houdt de kerk in het midden en je loopt ervoor weg, dan zijn uiteindelijk de mensen die het meest kwetsbaar zijn die zijn de dupe. Dus we moeten daar met elkaar keuzes maken en die gaan hand in hand ook met kostenbesparingen, want boem is ho. We hebben nu al wachtlijsten die toenemen op verschillende onderdelen, ook in de zorg, ook op andere plekken. Dus we gaan er echt keuzes maken, maar dat doen we dan langs de lijn van de inhoud. Ik ben het wel met u eens gaandeweg dat traject komen natuurlijk ook de financiën er wel bij. Dan zie je dat, dat gaf ik net al aan, de inhoud en de financiën komen bij elkaar. Dus ik hoop dat u ook bijdrage ook levert aan die gesprekken ook aan deze tafel, zodat we met elkaar daar uiteindelijk tot een gedragen richting kunnen komen. De voorzitter: Gaat u verder wethouder want u heeft volgens mij nog een paar moties te gaan. De heer Heijkoop: Ik heb nog twee moties, collega Van der Linden heeft er ook twee en die gaf al aan dat hij het heel kort kon houden. Dus ik zal hem ... dat is niet waar. Goed voorzitter ik ga nog even naar motie 14 het jongerenperspectieffonds. Richting mevrouw Schnabel zou ik eigenlijk toch wel willen zeggen wij werken echt aan dezelfde missie. Ik voel zeer veel sympathie voor dit fonds. Ik heb inderdaad vorige week al aangegeven dat ik het dictum nu te stellig vind.

Ook omdat al onze middelen zitten in armoedeprogramma's. Dus het is niet zo dat we nog een pot met geld hebben die we hierop kunnen inzetten. Ik wil en dat wil denk ik mevrouw Schnabel ook niet, allemaal aanpakken gaan stapelen. Want ik gaf inderdaad al aan vorige keer we hebben de MatchMaker-aanpak vanuit de dienst Gezondheid & Jeugd en de Sociale Dienst. We hebben de Jongerenteam vanuit Sociale Dienst, we hebben Jongeren op de Rit. Dat zijn allemaal teams en aanpakken die goed functioneren. Heel veel van de andere gemeenten hebben dat niet. Dus je kan ook niet zomaar zeggen elders is het een succes dus dat moeten we in Dordrecht ook doen. Ik hoop dat u mij de tijd geeft en dat u ons de tijd geeft, om voor 1 oktober te komen dat we met jongerenperspectieffonds in gesprek

68

gaan. Dat we kijken naar wat de mogelijkheden zijn, u daar advies over te geven, ook eventueel de financiële consequenties in beeld brengen. Dat dan ook mooi te alignen langs de andere aanpakken die we ook hebben. Dan kunt u het geheel kunt u dan beoordelen en dan kunnen we met elkaar besluiten of en op welke manier we het jongerenperspectieffonds daar ook bij kunnen betrekken. Dan kunnen we in de tussentijd ook nog kijken naar welke financiële mogelijkheden er zijn, want die zie ik er echt nog wel op onderdelen. Maar ook daar moeten we even goed naar kijken. Maar ik stuur eerst de ambtenaar op vakantie. Na de vakantie gaan ze gelijk aan de slag met uw vraag. De voorzitter: Mevrouw Schnabel is nog niet op vakantie die gaat nog wat vragen. Mevrouw Schnabel: Dank u wel. Wat ik me afvroeg want het ligt al best wel een poos bij de ambtenaar, of althans al een tijd dat is wat ik in ieder geval heb gehoord. Wat is er dan nu nog dat besloten moet worden? Daarnaast vroeg ik me af binnen de programma's zoals Glansrijke toekomst lijkt het ook een hele mooie aanvulling te zijn om jongeren terug naar de arbeidsmarkt te begeleiden. Dan nog een laatste aanvulling, betekent dat ook met wat u zegt dat er een voorstel naar de raad komt waarbij er ook een dekkingsmogelijkheden bij zitten? De voorzitter: Wethouder Heijkoop.

De heer Heijkoop: We komen dan met een brief uw kant op, of een voorstel. Dat zal een beetje afhangen van wat de uitkomst van de verkenning is. U maakt ook een link met Glansrijke toekomst. Wij zullen die gesprekken ook nadrukkelijk ook in verbinding aangaan ook vanuit arbeidsmarktbeleid met collega Van Benschop om te kijken of daar ook nog raakvlakken aanwezig zijn. Dat jongerenperspectieffonds dat is een paar weken geleden. Ik heb ze wel een keer eerder gesproken op een andere plek en toen was ik al geïnteresseerd. Een paar weken geleden zijn ze echt concreet op ons pad gekomen. Toen heb ik dat gelijk ook uitgezet in de organisatie en die zijn nu die contacten aan het leggen en gaan die gesprekken aan. Dus dat zullen we de komende maanden doen. Dan kunnen we een mooi voor 1 oktober het net ophalen en richting uw raad, waar u onderdeel van bent, informeren hoe we hiermee aan de slag kunnen gaan. Want waar u op appelleert, daar ben ik daar zijn wij zeer gevoelig voor. Want juist jongeren, daar zit wel een vraagstuk. Waar het gaat over bestaanszekerheid, werkzekerheid, inkomenszekerheid, woonzekerheid, bij jongeren komt er heel veel samen. Dus we willen daar wel graag nog extra op inzoomen doen we daar de goede dingen? Of moeten we daar misschien nog wat meer doen? Maar dat wil ik echt in samenhang met die andere aanpakken bekijken.

In die zin zou ik u echt willen vragen om die motie wat bij te stellen om ons de ruimte te geven om met een heel verhaal naar u toe te komen en niet alleen maar puur gericht op eventueel een nieuw initiatief. Wat misschien ook weer andere waardevolle projecten in de wielen kan rijden want dat zal natuurlijk nooit uw bedoeling zijn. De voorzitter: Wethouder kunt u naar de witgoedregeling? De heer Heijkoop: De witgoed regeling voorzitter. Dat gaat over het verzoek om eigenlijk gewoon het minimabeleid te verruimen op onderdelen. Dat vinden we vanuit het college eigenlijk niet opportuun. Ik heb al wel aangegeven dat we vanuit de Sociale Dienst de regeling … we hebben in het dagelijks bestuur besloten om de regeling om niet, dus dat

69

mensen gratis bij een aanvraag in plaats van leenbijstand een witgoed krijgen, een wasmachine of wasdroger. Dat is prima. Dat gaat niet tot 130 procent. Wat wel interessant is en dat zou ik richting de heer Safranti ook willen aangeven. Wij hebben dus extra middelen gekregen om energiearmoede aan te pakken in de stad. Collega De Jonge en ik trekken daar echt samen in op. Zij vanuit duurzaamheidsambities en ik vanuit het armoedevraagstuk. Daar zit geld in een half miljoen en dat loopt eigenlijk best prima, maar er zit nog steeds geld in. We willen dat na de zomer gaan evalueren. Het lijkt mij opportuun om aan de hand van die evaluatie te kijken kunnen we die beschikbare middelen, kunnen we die eventueel nog op een iets andere manier inzetten. Bijvoorbeeld door misschien het bereik wat te vergroten. Op die manier zou ik ernaar willen kijken. Op dit moment In de huidige situatie willen we deze motie vanuit het college vinden we hem niet opportuun en willen we hem ontraden. Maar wel nadrukkelijk dus met de toezegging dat wij die regeling die we hebben, na de zomer dat we u kunnen meenemen in die evaluatie. Dan kunt u altijd nog richting begroting, kunnen we altijd nog met elkaar in gesprek gaan. Willen we ergens nog wat accenten verzetten? Dan zou uw oproep om een wat groter bereik te realiseren op andere inkomensgroepen daarbij te betrekken, zou daarbij een rol kunnen spelen.

Maar ook dat moeten we dan even financieel goed doorakkeren wat dat betekent. Op dit moment zouden we dat niet willen doen, willen we graag die evaluatie afwachten. De heer Safranti: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Safranti een hele korte, één zin als het kan. De heer Safranti: Ja hele korte. Ik was benieuwd naar de doelgroep van niet 130 procent, maar wat wordt het dan 110, 120? De voorzitter: Wethouder. De heer Heijkoop: Voorzitter vanuit minimabeleid hebben we allemaal verschillende regelingen met verschillende percentages. Bijzondere bijstand is meen ik nu 110. Als je aan die knop gaat draaien dan zie je natuurlijk ook logischerwijs de kosten flink toenemen. We hebben toen een heel pakket samengesteld. We hebben toen destijds bijvoorbeeld gekozen om met name kinderen in armoede extra te ondersteunen. Dus SMS-kinderfonds enorm op te hogen naar 150 procent. Waarmee we één op de vier huishoudens in Dordrecht bereiken. Andere regelingen hebben we wat andere keuzes in gemaakt en dat komt ook door de focus vanuit uw raad. Maar we moeten gewoon kijken naar beschikbare middelen en wat we daarvoor kunnen doen. Met collega De Jonge heb ik afgesproken en dat is ook vanuit het Rijk de bedoeling dat die middelen wel ingezet worden waar voor ze bedoeld zijn.

Dus dat komt sowieso goed en daarom willen we in die evaluatie even kijken of dat op deze manier dat die regeling succesvol is. De voorzitter: Wethouder Heijkoop dank u wel tot zover. Wethouder Van der Linden er ligt nog een amendement voor u en twee moties. De heer Stam: Voorzitter?

70

De voorzitter: De heer Stam. De heer Stam: Ik had vorige week een aantal vragen gesteld aan de wethouder, toen kreeg ik het antwoord die ga ik volgende week beantwoorden. Nu is het volgende week en er zijn nog een aantal vragen niet beantwoord, maar misschien dat hij die volgende week gaat beantwoorden ik weet niet. De voorzitter: Als het even kan nu als u ze paraat heeft. De heer Heijkoop: Voorzitter in de eerste termijn raad heeft de heer Stam een aantal vragen gesteld heel erg over de financiële reilen en zeilen. Ik weet niet in hoeverre dat in deze commissie aan de orde moet komen of dat we dat misschien de volgende commissie kunnen doen. De heer …: Na de pauze (buiten de microfoon). De voorzitter: Ja wat mij betreft. Mijnheer Stam is dat goed? Als het past want die is ook heel kort. Kan het ook niet schriftelijk? Want ik denk wethouder Van der Linden heeft ook nog wel tien minuten nodig voor een amendement en drie … De heer Stam: Ik vind het prima als er maar een keer reactie komt. De voorzitter: Kan het schriftelijk afgedaan worden? De heer Heijkoop: Zal ik dat anders doen? Er zitten een paar politieke vragen in en daar kunnen we natuurlijk het debat over voeren in de tweede termijn. De voorzitter: Dat is nu de tweede termijn. De heer Heijkoop: Nee, tweede termijn raad straks in de Raadzaal.

Maar er zaten ook een aantal vragen bij die ik wel degelijk gewoon al nu kan beantwoorden. Dus die zal ik u schriftelijk doen toekomen en die krijgt u nog deze week. Mevrouw …: Wij ook? De heer Heijkoop: Nee u niet alleen de heer Stam. Nee de hele raad krijgt de antwoorden. De voorzitter: Wethouder Van der Linden probeer het even binnen de tijd. De heer Van der Linden: Ik ga het proberen voorzitter, dank u wel. Toch nog eerst even de motie die is ingetrokken. Wat de heer Portier zei klopt natuurlijk helemaal. De rol van de overheid is natuurlijk een van de elementen waar je een politiek gesprek over kan voeren. Vind je voedsel, voedselkwaliteit enzovoort belangrijk? Dat kan, maar de rol van de overheid daarbij kun je als heel groot definiëren, maar ook als heel klein. Dit is typisch een gesprek wat je in het kader van die kaderstelling rond de startnotitie kan voeren. Prima dat de motie is ingetrokken. De toezegging staat en na het reces komt de notitie naar u toe. Dan het amendement. Daar heb ik vorige week in de raad al wat over gezegd. Even heel technisch. Het is natuurlijk toch de afspraak dat als je een voorstel amendeert, dan hoort daar een dekkingssuggestie of een dekkingsmogelijkheid bij. Wij

71

hebben bij het opstellen van deze kadernota geconstateerd dat voor jeugd die 1,1 miljoen beschikbaar was. Daarmee krijgen we hem goed rond. Als u dat voorstel wil amenderen, zou er wel de suggestie moeten worden gedaan, waar haalt u dan die 1,1 miljoen vandaan? Anders kan ik heel moeilijk een amendement ondersteunen of het oordeel raadgeven. Dan blijf ik in ieder geval op technische gronden sowieso het ontraden. Op inhoud ook, want we hebben al een aantal jaren in het sociaal domein zien we natuurlijk net zoals bij heel veel andere begrotingsposten, dat je heel goed kan begroten, maar dat je door het jaar heen over scheidingen ziet of soms ook onderscheidingen. Daar hebben we een reserve voor. Het nadeel van een bestemmingsreserve voor één post maken, is dat stel dat we volgend jaar zien dat er op jeugd helemaal geen nadeel ontstaat maar willekeurig op een andere post wel. Dan is die 1,1 miljoen is bestemd voor jeugd en niet voor iets anders. Terwijl we de afgelopen jaren eigenlijk hebben geleerd dat voor de grotere wetten in het sociaal domein we tussen de vier en zes miljoen per jaar in de risicoreserve hebben gezet. Het ene jaar heb je iets meer op het één nodig, het ander jaar iets meer op het ander. Eigenlijk opgeteld kom je nooit aan het totaal toe. Dus hij is ook niet nodig, want op die manier maken we eigenlijk nooit gebruik van de bestemmingsserve.

Ik zie aanstalten, tot de knop ingedrukt wordt blijf ik doorpraten. Mevrouw Schnabel: Voorzitter dan zou ik … De voorzitter: Ik zag u aarzelen, maar u wil toch een vraag stellen? Mevrouw Schnabel: Heel graag. Kijk want in de beantwoording die u meegeeft in de technische vragen staat dat in 2014 dat u verwacht dat het nihil gezet wordt dus de taakstelling. Maar ik kan me voorstellen dat we niet in de toekomst kunnen kijken en dat we dus niet per definitie nu al kunnen zeggen dat we dan op nihil gaan staan. Daarnaast staat in de hervormingsagenda dat we meer willen dat er samengewerkt wordt en dat er minder aanbieders komen. Onze vraag is dan, die contracten die zijn afgesloten met de zorgaanbieders die dan straks samengevoegd gaan worden eventueel, omdat er natuurlijk meer samengewerkt gaat worden. Die contracten moeten betaald worden, die kunnen niet in één keer afgesloten worden. Dus hoe zijn dan die bezuinigingen te verklaren? De voorzitter: Wethouder Van der Linden. De heer Van der Linden: Een fun fact is dat de hervormingsagenda van tachtig pagina's het woord samenwerking 54 keer voorkomt, heb ik net gecheckt. Best veel. Samenwerking is natuurlijk ook niet iets nieuws. Dat doen we al heel lang. We zien wel in het hele jeugdzorgland, dat er een paar vragen zijn die steeds lastig zijn.

Hoe lokaal wil je het maken? We willen het graag heel lokaal maken, want wij snappen het beste hoe de vraag zich ontwikkelt. Maar je wil ook een aantal dingen echt regionaal of zelfs landelijk organiseren, omdat je sommige voorzieningen zo'n kleine doelgroep hebben, die ga je nooit allemaal zelf blijven organiseren. Dus er zit steeds in elke hervormingsdiscussie zit ook wel dat spanningsveld tussen lokaal, specifiek, heel erg op je eigen doelgroep of op je eigen populatie gericht versus toch een aantal voorzieningen in de lucht houden. Mochten er als gevolg van de hervormingsagenda andere afspraken worden gemaakt met de markt, dan ga je natuurlijk een overgangstermijn afspreken. We

72

hebben vorig jaar hebben we zelf andere afspraken gemaakt met onze marktpartijen. Om een aantal redenen hechten we erg aan keuzevrijheid, daar hebben we ook vorm aan gegeven door een heel, laten we zeggen open model van marktbenadering toe te passen. We zien tot nu toe niet dat dat kostenverhogend werkt. We zien heus wel dat dat soms onoverzichtelijkheid in de hand werkt, maar daar kunnen we goed mee omgaan. Als we door deze hervormingsagenda tot andere afspraken worden gedwongen, gaan we die afspraak natuurlijk gewoon maken. Het klopt wel wat u zegt. Natuurlijk kun je niet helemaal voorspellen hoe een jaar loopt. Vorig jaar hebben wij op zich qua vraagontwikkeling en qua kostenontwikkeling in de sector een prima jaar gehad voor jeugd. Best goed voorspelbaar kunnen maken hoe de vraag zich ontwikkelt. Welke interventies helpen bijvoorbeeld de POH-jeugd al heel vaak aangehaald. Werkt veel sneller, is makkelijker te regelen, maar wel met meer tijd voor de client. Levert iets op wat je minder zwaar hoeft in te zetten en is ook nog eens een keer financieel voordelig. De voorzitter: Wethouder u kunt hier waarschijnlijk met veel passie nog een half uur over praten, maar er is nog een M8 waar ik u ook graag over wil horen. De heer Van der Linden: Daar ga ik ook zo over door dank u wel. De voorzitter: Wilt u dat doen? De heer Van der Linden: Dat ga ik doen.

Oftewel voorspellen kan niet, maar we kunnen wel aangeven hoe we de wereld voor ons zien. Afgelopen jaar is het nadeel geweest inflatie, loonontwikkeling en ook het woonplaatsbeginsel. Een wettelijke regeling die zo geregeld was en die ons 988.000 euro heeft gekost. Die hebben we niet kunnen voorspellen. Zo zal er zich vast zich nog meer voordoen. Mocht dat zo zijn en op 40 miljoen die wij per jaar aan jeugd uitgeven, natuurlijk ga je niet op de ton nauwkeurig kunnen voorspellen hoe de kosten zich ontwikkelen. Dan hebben we altijd onze reserve. Daar hou ik het bij. Voor dit amendement, dus deze ontraad ik nog steeds. De motie. Ik zat op deze plek zelfs en u zat daar mevrouw Kruger. Bij de behandeling van startnotitie cultuur, onder andere vastgesteld dat of desgevraagd dat het heel goed is om terug te komen op kunst in de openbare ruimte. Heb ik ook een toezegging op gedaan. Daar gaan we in de nota zeker op in. De motie maakt dat wat specifieker, kom met een voorstel. We vinden dat hij goed in elkaar gezet is. Het is niet stop er zoveel geld in of het moet zo'n regeling zijn, dus het is een heel open vraag. Ik denk dat we daar goed mee kunnen werken. Ik hou de toezegging overeind, we komen terug op dit onderwerp. Het helpt natuurlijk wel als u een duidelijke uitspraak doet als raad, dat vinden wij een heel goed idee, dus die motie ik geef een oordeel raad.

Hij geeft natuurlijk iets meer duiding aan zo'n toezegging dan alleen maar een terloopse toezegging als tijdens een startnotitiebehandeling. Dus wat dat betreft, ik heb een aantal partijen wel gehoord interessant, aantal nog niet. Ik nodig u graag uit om daar volgende week heel expliciet over te zijn. Tot zover voorzitter. De voorzitter: Dank u wel wethouder. Dan kom ik tot een kleine afronding. Ik heb in ieder geval mijn buurvrouw horen zeggen dat ze een gesprek gaat houden met ondernemers over toegankelijkheid. Dus daar kunnen we ze aan gaan houden. Ik heb de heer Heijkoop iets over horen zeggen in verband met motie M5 eerste kwartaal volgend jaar. Dan kunnen we iets van u verwachten over de evenementen en dergelijke. Ja dat klopt. Dan

73

heb ik u ook horen zeggen dat u voor 1 oktober een gesprek heeft met het jongerenperspectieffonds om dat bij te stellen. Daar gaan wij u ook aan houden. Dan was er ook nog een evaluatie over de extra middelen aangaande de heer Safranti het half miljoen wat er nog was. Als laatste hebben we zojuist de heer Van der Linden twee dingen horen toezeggen. Hij komt terug aangaande M8 op in ieder geval over die kunst in de openbare ruimte. De voedselvisie is al eerder toegezegd dat die in september komt. Volgens mij heb ik dan ongeveer alles gehad. De heer Stam die krijgt nog wat antwoorden van wethouder Heijkoop. Ik dank u allen voor het deelnemen aan het debat. Het was een intensieve klus en we zijn net op tijd klaar. Oordeelsvorming Kadernota Voorzitter: de heer Struijk Raadsgriffier: mevrouw Wepster Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Van Ballegooijen (VVD) De heer Burakçin (GroenLinks) De heer Van Dam-Timmers (CDA) Dhr. Gündogdu (Op ons Eiland) De heer Den Hartog (GroenLinks) De heer In ’t Veld (VSP) Dhr. Kleinpaste (Gewoon Dordt) De heer Kolkiliç (DENK) De heer Kuhlmann (VVD) De heer Laban (ChristenUnie-SGP) Mevrouw Lammens-Oostdijk (VVD) Mevr. Pichel (Forum voor Democratie) Dhr. Portier (SP) Dhr. Schalken-den Hartog (Beter voor Dordt) De heer Schilt (PvdA) De heer Van der Spoel (PvdA) Dhr. Venderbos-Lambinon (PvdD) Portefeuillehouders: wethouder T. De Jonge, wethouder P.

Heijkoop, wethouder M. Merx De voorzitter: Beste mensen ik kan nog een keer op het knopje gaan drukken maar dat vind ik eigenlijk een beetje gênant. Dus ik vraag u vriendelijk of u stil wil zijn. Ik heet u allemaal hartelijk welkom. De raads- en de commissieleden. De wethouders die er namens het college zitten. Mensen op de tribune. Mocht hij er zijn de pers en uiteraard ook de kijkers thuis. Ik heb in ieder geval gezien dat er minimaal acht partijen aanwezig zijn, dus er is een voldoende quorum om wettig te kunnen vergaderen en besluiten te kunnen nemen. Laten we eerst maar gaan beginnen met een voorstelrondje. Ik begin met de dame naast mij. Mevrouw Wepster: Anneloes Wepster raadsgriffier.

74

De heer Heijkoop: Ik ben Peter Heijkoop wethouder. De heer Schalken-den Hartog: David Schalken Beter voor Dordt. Mevrouw Pichel: Ruby Pichel Forum voor Democratie. De heer Burakçin: Necdet Burakçin GroenLinks Dordrecht. De heer Den Hartog: Paul den Hartog GroenLinks Dordrecht. De heer Portier: Ronald Portier SP. De heer Venderbos-Lambinon: Cees Venderbos Partij voor de Dieren. De heer Van Dam-Timmers: Jan Van Dam-Timmers CDA Dordrecht. De heer Kleinpaste: Gert-Jan Kleinpaste Gewoon Dordt. De heer Laban: Vincent Laban ChristenUnie-SGP. De heer Gündogdu: Aydin Gündogdu Op ons Eiland. De heer Kuhlmann: Alexander Kuhlmann Dordtse VVD. Mevrouw Lammens-Oostdijk: Jeanine Lammens Dordtse VVD. De heer Kolkiliç: Masum Kolkiliç DENK. De heer Schilt: Ruben Schilt Partij van de Arbeid. De heer Van der Spoel: Wouter Van der Spoel Partij van de Arbeid. De heer In ’t Veld: Richard In ’t Veld VSP. Mevrouw De Jonge: Tanja de Jonge wethouder. De heer Merx: Marc Merx wethouder. De voorzitter: Ik ben Leen Struijk en ik mag vanavond uw voorzitter zijn. Mijnheer Van Ballegooijen u neemt niet deel aan het debat? Wel, dan mag u zich ook nog even … De heer Van Ballegooijen: Luca Van Ballegooijen Dordtse VVD. De voorzitter: Goed beste mensen we zijn toegekomen aan de oordeelsvorming over de kadernota aan de hand van de door de griffie voorbereide blokkenschema.

Onderwerpen die zijn geclusterd en nu hebben we het Begrotingsprogramma Bestuurlijk en Ondersteunend. Er waren vier moties die hier op het programma staan, dat zijn de moties 9, 13, 18 en 20. Maar er zijn ook weer een paar nieuwe dingen bijgekomen. Er is een conceptmotie verruimen grafrechten voor onbepaalde tijd van GroenLinks. Ook DENK Dordrecht die zijn met een conceptmotie over natuurbegraafplaatsen gekomen.

75

Vervolgens heeft GroenLinks ook nog een bespreekstuk ingediend wat ze zo meteen zelf zullen gaan toelichten. Er zijn meerdere partijen die met meerdere mensen aan tafel zitten. Dat is niet erg, maar het moet wel een beetje ordelijk. Ik heb van GroenLinks het verzoek gehad of zij allebei een deel van de woordvoering voor hun rekening mochten nemen. Dat is prima. Het is niet de bedoeling dat straks van één partij allerlei mensen gaan interrumperen en vragen stellen. Want dan denk ik dat het een rommeltje wordt. Dus dat even over de gang van zaken. Dan ga ik eerst nog even vragen. Misschien zitten er aan tafel die zeggen ik ga dit allemaal aanhoren want je mag allemaal een korte woordvoering doen en dan je mening straks gaan geven over de moties. Maar als iemand zegt ik ga hier gewoon vooral zitten luisteren, was de vorige vergadering ook het geval. Ordevoorstel de heer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: U had het over het interrumperen. Er zitten best wat verschillende onderwerpen in. Per onderwerp is natuurlijk logisch dat er niet de mensen van dezelfde partij gaan interrumperen. Maar uiteenlopend van grafrechten tot bezuinigingen en Chemours zou ik het prettig vinden als we daar een beetje coulant mee om kunnen gaan. De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann prima dat was eigenlijk de strekking van mijn opmerking. Niet drie VVD'ers die over die grafrechten gaan beginnen.

De heer Kuhlmann: Dan orde, is het misschien want er zitten een aantal dingen bij die we niet heel vroeg van tevoren hebben kunnen lezen of zien. En sommige dingen ook waar we überhaupt nog niet zoveel kennis van hebben genomen. Is het misschien goed als die partijen die met iets nieuws komen, dat in eerste instantie even introduceren. Dat we daarna iedereen die dat wil de gelegenheid heeft voor het rondje woordvoering. De voorzitter: Een heel goed voorstel mijnheer Kuhlmann wij hadden zelf dat idee ook al, dus is het een goed voorstel. Ik ga zo meteen als eerste GroenLinks het woord geven om met hun concept motie te komen en ook met het bespreekstuk om dat even toe te lichten. Daarna dan denk ik dat het praktisch is als GroenLinks z’n verhaaltje gelijk helemaal afmaakt. Dat lijkt me dan het handigste. Daarna komt DENK de heer Kolkiliç die gaat hun conceptmotie toelichten en doe dan ook maar gelijk de korte woordvoering, dat lijkt me het handigste. Daarna ga ik gewoon de fracties af en als iemand geen behoefte heeft, dan schudt hij maar eventjes dan sla ik hem of haar over. Het is ook wel de bedoeling dat er tijd overblijft dat de wethouders nog even kunnen reageren op de moties. We hebben een uur dus alsjeblieft beperk je in de woordvoering. Het hoeft niet een prachtige gestroomlijnd verhaal te worden. Gewoon kort aangeven wat vindt u van de moties enzovoort enzovoort.

De heer Schalken-den Hartog: Voorzitter. De voorzitter: De heer Schalken. De heer Schalken-den Hartog: Nog even heel kort voor de duidelijkheid. Gaan we nu eerst de nieuwe dingen doen, want ik kan me zo voorstellen dat we eerst gaan doen wat al netjes al van tevoren aangekondigd is en ingeleverd.

76

De voorzitter: Mijnheer Schalken ik denk dat het onpraktisch is om en ook te veel tijd kost, om een paar rondjes te maken. We gaan vragen of GroenLinks eerst ook het nieuwe toelicht en maken even hun verhaal af. DENK licht even het nieuwe toe wat u misschien nog niet wist, maakt zijn verhaal af en dan kunt u reageren op de oude en de nieuwe dingen. Maar als ik twee keer rond moet gaan, weet ik zeker dat we niet om kwart voor elf klaar zijn. Als iemand zegt de heer Schalken zijn voorstel is veel beter, ik ben overal voor in hoor, maar ik denk dat we het niet gaan redden. Mijnheer Den Hartog u gaat beginnen. De heer Den Hartog: Dank u voorzitter. Ik ga dus dan beginnen met dat nieuwe onderdeel, dat gaat over de financiering toekomstig onderhoud. Bij investeringsprojecten uit het verleden blijkt nogal eens dat niet, of in ieder geval niet voldoende voorzien is in de onderhoudsbudgetten, denk bijvoorbeeld aan Energiehuis of Kunstmin. In de kadernota wordt aangegeven dat de kosten voor onderhoud in de openbare ruimte in de meerjarenraming nog niet zijn meegenomen. Met name met betrekking tot groen en bomen, zijn er eigenlijk regelmatig signalen, dat de vraag is of er wel voldoende middelen zijn voor onderhoud. Terwijl dit heel belangrijk is voor klimaatadaptatie, CO2opvang, biodiversiteit en dergelijke.

Het lijkt me daarom zinvol dat dit integraal in de financiële plannen wordt verwerkt. De vraag is dus dan ook, ook bij het verwerven van eventueel externe middelen daar rekening mee te houden. Kan daar in de toekomst beter mee worden omgegaan zodat dat niet als opeens een slecht nieuwsbericht nu moeten we onderhoud plegen en er is geen geld over. Dat voor wat betreft dat gedeelte. Heb ik begrepen dat ik daarna naar de andere motie ... De voorzitter: Ik denk dat het praktisch is als u dat direct doet. De heer Den Hartog: Akkoord. Ga ik naar de motie dat is motie M9 over Chemours. De aanleiding is natuurlijk de uitzending van Zembla van onlangs over Chemours. Dat heeft veel teweeggebracht bij allerlei inwoners en er bereikt ons veel berichten dat inwoners iets wilden doen. Bijvoorbeeld aansprakelijk stellen, maar niet wisten hoe? Wij denken dat de gemeente daarin een rol kan spelen door gerichte informatievoorziening. Over welke mogelijkheden er zijn, wat voor kansen dat eventueel op biedt. Allerlei vragen gaat om gezondheid, materiële schade, in welk collectief, welke vorm enzovoort dat soort vragen daar zitten de inwoners mee. Dat zou dan in een soort notitie moeten worden vastgesteld door experts op dit gebied. Vervolgens een vertaling plaatsvinden in eenvoudig taalgebruik, een soort stroomschema, zodat elke inwoner die denkt ik wil hier iets mee, maar ik weet niet wat.

Via dat stroomschema die vragen die ik net heb gezegd, wat zijn de mogelijkheden, wat zijn de kansen, wat zijn de kosten en dergelijke. Eigenlijk een soort preadvies krijgt, eventueel doorverwezen wordt naar advocatenbureau of wat dan ook. Het gaat er vooral om het faciliteren van onze inwoners op een laagdrempelige manier. De motie wordt in ieder geval ook al mede ingediend door VVD, Op ons Eiland, VSP en BVD. Er is in het proces ook geopperd en daar wil ik me sterk voor maken, dat als dit door de gehele raad dus unaniem zou worden aangenomen, om dan het niet politiek te maken. De logo's weg te halen en dit gewoon namens de raad zo in te dienen. De heer Van Dam-Timmers: Voorzitter? De voorzitter: De heer Van Dam-Timmers.

77

De heer Van Dam-Timmers: Dank voorzitter. Ik heb een deel van de motie die er aanvankelijk stond, heb ik goed kunnen bestuderen. Deze nieuwe ideeën die ik nu hoor nog minder goed. Maar ik vraag mij even af, wat ik hoor is dat de gemeente een best wel belangrijke rol zou spelen in de juridische informatievoorziening. Ik maak me daar toch wat zorgen over omdat dat typisch een rol is die de gemeente in mijn beleving misschien juist beter niet op zou kunnen pakken vanwege de risico's die dat ook met zich meebrengt. Plus ook dat de gemeente dan in een juridische zaak eigenlijk positie inneemt, ook als het gaat om individuele inwoners waar de gemeente dus eigenlijk geen positie heeft. Dat vind ik een beetje zorgelijk en ik zou dat toch wel helderder willen hebben wat daar de risico's van zijn volgens GroenLinks. De voorzitter: De heer Den Hartog. De heer Den Hartog: Dank u. Dank ook voor de vraag. Dan ben ik niet duidelijk genoeg geweest, dus daar wil ik dan graag wat duidelijkheid over scheppen. Het is niet de bedoeling dat de gemeente daar zelf het juridische advies geeft, maar dat het een verwijsfunctie is. Dus de gemeente geeft die eerste indicatie waar zou je terecht kunnen komen. Dat betekent dus uiteindelijk dat je natuurlijk bij juridische experts terechtkomt die het daadwerkelijke juridische traject voor moeten begeleiden.

De heer Kleinpaste: Voorzitter? De voorzitter: De heer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: In mijn ogen hebben we daar in deze stad een juridisch loket voor. Dus vanwaar deze toevoeging? De voorzitter: De heer Den Hartog. De heer Den Hartog: Het is mijn inschatting en dat heb ik mede op basis van mensen die die daar net even iets meer weten van de juridische kant laten vertellen dat de vragen van de inwoners dusdanig specifiek kunnen zijn, dat dat zeer waarschijnlijk is dat dat voorbij de expertise gaat van het juridisch loket. Dat de inwoners terecht zullen moeten komen bij, hoe zal ik dat zeggen echte experts, zonder het juridisch loket daarin tekort te doen. De voorzitter: Mevrouw Pichel had ook een vraag. Mevrouw Pichel: Dank u voorzitter. Ik heb vernomen van de heer Den Hartog van GroenLinks dat vooral de intentie is om een faciliterende rol aan te nemen. Daar voelen we best sympathie voor. Wel een paar opmerkingen ten aanzien wat er is geschreven in het dictum. Wij zouden wel vooral terughoudend willen zijn over het oordeel wat hier ook in is geschreven. Dat hier eigenlijk ook al in staat dat Chemours aansprakelijk zou zijn als gevolg van handelen of nalaten. Dat is nog maar een vermoeden en dat is nog niet bewezen dus daar zou ik wel echt terughoudend in zijn. Dan kijk ik naar punt twee van het dictum.

Dat is ook eigenlijk een om een notitie vragen die ook aangeeft of de claim kans van slagen heeft, of dat het bij voorbaat zinloos is. Aan de ene kant snap ik dat, aan de andere kant is dat ook aan een jurist heel moeilijk in te

78

schatten. Dus het is de vraag of dat überhaupt mogelijk is want dat doen ze natuurlijk eigenlijk vrijwel nooit. Dus dan is even kijken naar de haalbaarheid van dat punt. Dan is een derde punt wat ik heb is, ja wij zijn de gemeenteraad voor de Dordtse inwoners helemaal waar. Als we willen faciliteren kunnen we daar zeker naar kijken, maar we zijn ook de gemeenteraad voor Chemours en voor medewerkers van Chemours. Dus daar zou ik wel graag een onafhankelijkheid willen zien. Dus dat zijn de opmerkingen die ik heb. De voorzitter: De heer Den Hartog u wil daar nog iets op zeggen? De heer Den Hartog: Ja ik zit even te denken. Dank voor de opmerkingen. Ik denk inderdaad dat dan val ik toch in herhalingen. Dat je inderdaad uiteindelijk als een schadeclaim zo specifiek is dat je terechtkomt bij de juridische experts. Maar ik denk wel dat de inwoners als eerste van de gemeente wel mogen verwachten als ze weten van dat dit speelt en gemeente is ook een speler in het hele veld. Dat ze naar ons toekomen voor informatie en dat er dan zo’n stroomschema is die ze toegeleid naar de juiste plek waar ze voor hun specifieke vraag mee verder kunnen. De voorzitter: Aanvullende vraag? Mevrouw Pichel: Heel kort. De vraag aan de heer Den Hartog zou dan zijn of hij bereid is om enkele woorden in de tekst aan te passen. Want als het er zo staat, zouden we er niet mee akkoord kunnen gaan.

Als er mogelijk een aanpassing is aan de hand van de punten die ik net heb gemaakt dan is die mogelijkheid er wellicht wel. De voorzitter: De heer Den Hartog. De heer Den Hartog: We kunnen altijd naar de bewoording even kijken. De voorzitter: Dank alvast. De heer Portier. De heer Portier: Ik kom even terug op de woorden van de heer Den Hartog dat we de echte experts ernaar moeten laten kijken. Nu gaat dit om een schadeclaim van personen die mogelijke schade hebben geleden door DuPont Chemours. Maar u vraagt in het eerste bullet om het advocatenkantoor van de gemeente hiervoor een inschatting te laten maken. Dan vraag ik me af of daar dan inderdaad de experts zitten in dit soort zaken. Want die zijn toch meer gespecialiseerd lijkt me in bestuursrecht. Dus dat is even een punt van het twijfel dat wij hebben. Ook nog een aanvullende vraag over de reactie die u gaf op de heer Timmers. Want die zegt zijn er bepaalde risico’s voor de gemeente en u zegt we willen eigenlijk alleen een verwijsfunctie. Maar in het tweede bullet zegt u nee, we willen dat er een inschatting gemaakt wordt van de kansen voor bewoners en dat is toch iets meer dan een verwijsfunctie. De voorzitter: De heer Den Hartog twee vragen. De heer Den Hartog: Dank u wel. Om met dat laatste te beginnen. Ik denk dat door die verwijsfunctie dat je daarmee niet de gemeente zelf een rol laat spelen in de zaak zelf.

Kijk er zijn allerlei mogelijkheden. Het is ook een mogelijkheid dat een inwoner de gemeente aansprakelijk wil stellen. Dan zou het wel heel raar zijn als ze bij ons

79

terechtkomen voor advies, terwijl wij zelf een partij zijn. Dus ik denk dat je altijd die verwijsfunctie moet hebben naar in dit geval dan de ik noem het maar even de echte experts en daarmee bedoel ik niks denigrerends tegenover anderen. Het gaat om heel specifieke zaken, waar eigenlijk maar een beperkt aantal mensen … als het gaat om waar dat eerste bullet. De gemeente is zelf natuurlijk ook bezig met een rechtszaak en heeft daarvoor een advocatenbureau in de arm genomen. Die zijn juist met deze materie bezig en het is mijn inschatting dat zij daar voldoende kennis van hebben om juist dat overzicht te maken wat zijn de mogelijkheden. Ik denk ik juist dat dat de input moet zijn, omdat ik vermoed dat zeg maar de aanwezige kennis van de gemeentelijke ambtenaren die zich hiermee bezighouden te boven gaat. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Dam-Timmers heeft nog een vraag en ik wijs u erop dat we al meer dan een kwart van onze tijd besteed hebben. De heer Van Dam-Timmers: Dank voorzitter. Maar op zich is dat ook niet heel gek omdat hier zitten best wel wat risico's in mijn beleving nog steeds aan. Mijn vraag aan GroenLinks is waarom wil de gemeente hier eigenlijk eigenaarschap van de juridische procedure van inwoners ook krijgen? Terwijl er ook inmiddels al advocaten zijn die zelf met inwoners dit starten.

Ik maak me gewoon zorgen over de verbondenheid tussen de zaak die de gemeente zelf heeft en de zaak die inwoners hebben en het advocatenkantoor. Moet je dat wel willen, of kun je dat beter los van elkaar laten bestaan omdat je als gemeente gewoon wel kwetsbaar bent ook op dit thema. Zeker om er is nog geen uitspraak er is nog niks gebeurd. Dus hoe sympathiek het ook klinkt, maak ik me toch zorgen en zou ik dat wel echt goed uitgezocht willen hebben voordat je hier verder in kan gaan. De voorzitter: De heer Den Hartog. De heer Den Hartog: Dank u. Ik denk juist dat hier dat eigenaarschap van de gemeente dat er juist goed in wordt voorzien door dat advocatenbureau in te schakelen voor de daadwerkelijke informatie. In de verwijzing uiteindelijk ook terecht te komen bij de juridische experts en niet bij de gemeente. Juist vanwege het risico wat u noemt. Want daar ben ik me wel van bewust. De voorzitter: Mijnheer Den Hartog had u verder nog iets of gaat de heer Burakçin verder met het volgende stuk? Sorry nu maak ik u aan het schrikken. De heer Den Hartog: Mijn collega had sorry mijn schermpjes even weggesproken. Heel kort motie M18. Dat is die Raad bij ombuigingen en bezuinigingen. Wij gaan er eigenlijk vanuit dat dit feitelijk altijd al gebeurt. We hebben vertrouwen in de wethouder dat hij de raad sowieso goed meeneemt in het proces van bezuinigingen.

Dus in die zin zien we geen reden om daar voor te stemmen. M13 van de PvdA Stop de giftige uitstoot. Daar wordt opgeroepen om de schadelijke uitstoot naar nul te brengen. Volgens mij zijn we het hier in de raad geloof ik allemaal mee eens dat we dat willen. Dus ook daarbij zien we de meerwaarde er niet van in. Dat was tot zover dan heeft mijn collega nog iets over zijn ontmoeting. De voorzitter: Mijnheer Burakçin gaat u verder.

80

De heer Burakçin: Dank u wel voorzitter. Voorzitter we hebben een motie ingediend, tenminste ter bespreking vandaag staat hij op de lijst over verruimen grafrechten onbepaalde tijd. Dat heeft ermee te maken dat sinds kort een nieuwe Islamitische grafakker heeft aangelegd omdat de huidige grafakker vol raakte. Daar hebben wij al een tijd al aandacht voor gevraagd en we zijn daar ontzettend blij mee dat in ieder geval die nieuwe grafakker ook momenteel er ligt. Want voorzitter er is heel veel behoefte aan een Islamitische grafakker en dus daar worden dan onze inwoners in ieder geval in voorzien. Voorzitter wat er niet is binnen onze gemeente op de Essenhof, is dat de Islamitische, tenminste dat er in ieder geval de mogelijkheid wordt geboden voor onbepaalde tijd. Momenteel kunnen mensen begraven worden voor bepaalde tijd. De maximumtermijn daarvan is momenteel dertig jaar. Het liefst willen moslims en ook Joden overigens, de Joodse gemeenschap die wil begraven worden, eeuwig durende grafrust willen ze hebben. Echter kent de Wet op de lijkbezorging kent die term niet. Dus heel veel andere gemeentes die hebben daar een foef voor en … De voorzitter: Ik ga u even onderbreken. Mevrouw Lammens heeft een vraag voor u. Mevrouw Lammens-Oostdijk: Ik wou even vragen. U zei voor onbepaalde tijd, maar onbepaalde tijd is … is honderd jaar eeuwigdurend is een eeuw niet onbeperkt.

Heeft u dat bewust? De voorzitter: De heer Burakçin. De heer Burakçin: Jazeker voorzitter eeuwigdurende grafrust heb je ook in Nederland, maar dat zijn met name de bijzondere begraafplaatsen. Er zijn er een aantal van in Nederland, met name in Almere en Zuidlaren meen ik. Maar heel veel andere gemeentes die willen ook zeg maar in de behoefte voorzien van hun inwoners. Daar is dus wat ik ook eigenlijk net op wilde komen. Is dat we dus onbepaalde tijd beschouwen en onbepaalde tijd kan je dus een eigen invulling aangeven in die trant van tachtig jaar honderd jaar. Dus daar gaan de gemeentes ook verschillend mee om. De voorzitter: De heer Venderbos. De heer Venderbos-Lambinon: Dank u wel voorzitter. We hebben begrip voor de motie, alleen begraafplaatsen inclusief de Essenhof, hebben maar beperkte ruimte. Die ruimte die kunnen ze er niet meer bij, ze kunnen niet uitbreiden. Bij eeuwigdurende grafrecht of honderd jaar, loop we dus tegen de beperking van een begraafplaats aan. Hoe denkt GroenLinks dat op te kunnen lossen? De voorzitter: De heer Burakçin. De heer Burakçin: Voorzitter daar hebben we naar gevraagd. Essenhof heeft dus daar wel ruimte voor gevonden want anders hadden ze natuurlijk die begraafplaats momenteel wat ruimte biedt voor tussen de tweehonderd en driehonderd graven niet aangelegd, dus daar is wel ruimte voor.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/581/documents/26051