CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.10 Concept Notulen Gemeente Dordrecht Commissie Fysieke Leefomgeving 2 juni 2021.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 22 juni 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Raadsvergadering van 26 mei 2021, de Commissie Grote Projecten van 20 mei 2021 en de Commissies Bestuur en Middelen, Fysieke Leefomgeving en Sociale Leefomgeving van 12 mei, 18 mei en 2 juni 202126.395 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

En elke stap in de goede richting dat is er immers één. We willen dan ook de mensen bedanken die hieraan gewerkt hebben. En we zullen niet te veel ingaan op de technische details. Dat kunnen de heren voor mij konden dat veel beter. Maar we willen wel van de mogelijkheid gebruik maken om in te gaan op waar het in de kern om gaat. En dat is dat er prioriteiten moeten worden gesteld. We kunnen niet langer zoeken naar de balans tussen planeet, samenleving en economie. De economie hoort in dienst te staan van de samenleving en het leven op deze planeet niet te schaden. Er zal dus ook moeten weg worden bewogen van het politieke en economische systeem dat ons in de huidige schadelijke situatie heeft gebracht. Er is omschakeling in denken nodig waarbij rechtvaardig en duurzaam omgaan met de aarde en haar bewoners geen bijkomstigheden zijn maar randvoorwaarden. De regionale energiestrategie is wat ons betreft een veel te kleine stap in een periode waarin een

20

reuzesprongen vereist zijn. De dreigende klimaatcatastrofe is er een van de grootste uitdagingen waarvoor de mensheid zich gesteld ziet. En daarvoor is een immense gecombineerde inspanning nodig van ons allemaal. De nota en het voorgestelde bod missen de urgentie van crisisaanpak. Mede gezien de vrijblijvendheid. En in de slotparagraaf wordt opgemerkt dat de doelen van de landelijke overheid waarop het bod al is gebaseerd niet op schema liggen. En dat klimaatverandering in een hoger tempo lijkt plaats te vinden dan gedacht. En deze verontrustende ontwikkelingen kan men dagelijks uit de krant vernemen. Echter wordt hier het bod niet op aangepast. En dat verontrust ons zeer. Waar is die ambitie die nodig is? Wij hebben daarnaast sterke twijfels over de uitvoering. Leiden de voorstellen uit de strategie ertoe dat er voldoende slagkracht zal zijn om de snel benodigde stappen te zetten? Er is geen tijd meer om te wachten, uit te proberen en te spelen. De overheid kan niet meer achterover leunen en kijken initiatieven er uit de samenleving, polder en markt mogelijk kunnen komen. Zij moet het voortouw nemen en doen wat nodig is. De gevolgen van de crisis ja we merken ze al. We kunnen misschien nog heel even doen alsof het allemaal wel meevalt met de ernst of met de snelheid. En dat geeft ons de ruimte en een prettig gevoel om lastige keuzes voor ons uit te kunnen schuiven.

Maar dat zal de noodzakelijke keuzes uiteindelijk alleen maar ingrijpender maken. Zorg voor het draagvlak, wees eerlijk naar uzelf en de burgers die u vertegenwoordigt. Het gaat veel aanpassingen van ons vragen en het gaat lastig worden. Maar het is het waard. En draagvlak kan ook gecreëerd worden door middel van het instellen van een burgerberaad waarover wordt gesproken in de energiestrategie. Dat is mooi. Dit is een groep geloten inwoners die op basis van uitgebreide informatie en onderling overleg aanbevelingen voor beleid opstelt. Want zo helpen zij politici om beslissingen te nemen over complexe vaak polariserende onderwerpen. En zij zorgen er op die manier voor dat de langetermijngevolgen van keuzes voorop worden gezet. En wij zouden graag zien dat dat burgerberaad wordt ingericht en eigenlijk ook nog eens vergaand mandaat krijgt om mee te beslissen. Alleen zo kunnen we een rechtvaardige en leefbare aarde doorgeven aan de volgende generaties. Die van u en van onze kinderen. Dat is waar het in de kern om gaat. Wij en niemand anders zijn op dit moment verantwoordelijk voor het voorkomen van die dreigende klimaatcatastrofe. Wij vinden de gedachte onacceptabel dat we onze kinderen en kleinkinderen opzadelen een enorm probleem. Te meer omdat het wel in ons vermogen ligt. En het vermogen van de mensheid om de omslag naar een leefbare planeet te maken.

Iedereen dus ook u als volksvertegenwoordigers van de gemeente Dordrecht zal nu uw macht en invloed moeten aanwenden om de noodzakelijke en radicale verandering op gang te brengen. En daarmee het enige juiste te doen voor de mensen waarvoor u in de raad zit. Wij vragen de moed van u als door ons gekozen leiders om ons voor te gaan en samen in die richting te bewegen die in het belang is van iedereen. Ook als dit rigoureuze en impopulaire maatregelen vereist. En graag doen we dat met u. Ik rond af. Wij zullen niet stoppen met het actievoeren totdat onze eisen ingewilligd zijn. Ons huis staat immers in brand. En als we nu niet met al het mogelijke materieel uitrukken is dat huis morgenochtend geen thuis meer. Ik dank jullie voor jullie aandacht. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Van Blerck ook u net iets over tijd, maar ik heb u laten uitspreken. Dank u wel voor uw inbreng. En ik kijk in de chat. Ik zie als eerste de heer Oostenrijk. Die een vraag heeft. Maar ik weet niet aan wie. Meneer Oostenrijk, u heeft het woord.

21

De heer Oostenrijk: Ja voorzitter, ja dat is een vraag aan de heer Rien Val. Hij heeft aangegeven dat er veel gedegen rapporten zijn. En dat gevoel dat deel ik. Alleen ik zou graag zijn mening willen horen of dat ook over het aspect woningisolatie gaat. Oftewel, het verduurzamen van woningen. Ik heb dat nauwelijks kunnen ontdekken. Dus ik hoor graag van hem waar ik dat kan zoeken. En wellicht en er kwam bij mij wel heel wat bekends over. Ook wellicht lezende het stukje in de gemeentekolom wat ik over hetzelfde onderwerp heb gesproken. Ik wat dat betreft herken ik zijn vraag over het tempo en de ingewikkeldheid van woningisolatie. En mijn vraag is, kan hij mij wat meer toevoegen wat hij heeft ontdekt over het aspect woningisolatie in de hele pakketten van de onderzoeken? De voorzitter: Dank u wel meneer Oostenrijk. Meneer Val, u heeft het woord. De heer Val: Ja eigenlijk deel ik wel een beetje wat u zegt. Want inderdaad dat rapport dat heeft natuurlijk vooral tot doel om een om aan te geven in welke wijk wat gaat gebeuren. Of het warmtenet daar leidend is of dat... streeft naar iets anders. Maar inderdaad de volgende stap om dan daadwerkelijk aan te geven wat er daadwerkelijk in die wijk dan gaat gebeuren ja dat staat er eigenlijk nog niet in. Dus dat betekent dat als vervolg daar weer een rapport op nodig is.

En dat warmtenet ja dat is natuurlijk vooral alle partijen die dat aanleggen. En er is nu een afspraak met de corporaties die leggen dat aan. Maar juist alle andere ingrepen, all-electric als je een eigen warmtekoudeopslag wil aanleggen in een flat, ik noem maar wat. Ja dat betekent daar staat eigenlijk nog niets over in. En het zou mooi zijn om daar nu snel mee aan de gang te gang en op veel grotere schaal. Dat ben ik met u eens. En ja dan kom je niet eromheen dat je vooral de burgers zelf ook moet aanspreken dat je niet meer alleen richting bevolking brieven kan sturen. Uw wijk staat nog niet voor het warmtenet. Gaat u vooral isoleren. En we zien wel verder. Dus dat betekent daar moet meer ja ik zou best maar zeggen uitvoerend beleid voor komen. Ja als Drechtse Stromen doen we in ieder geval ons best daar al voor om... want we hebben ook beperkte handjes. Maar we geven inderdaad advies aan burgers op verzoek om daarbij te helpen. De heer Oostenrijk: Maar voorzitter nog een aanvullende vraag. De voorzitter: Meneer Oostenrijk, gaat uw gang. De heer Oostenrijk: Beseft u wel dat nu die verantwoordelijkheid alleen maar op uw schouders ligt. Oftewel, zou het niet veel beter zijn ik heb in Dordt Centraal het woord of opnieuw het woord fysiek het loket het genoemd. Dat ook de gemeente daar veel meer assertiever mee aan de gang zou kunnen gaan.

Deelt u dat? De heer Val: Ja ik denk dat dat kan. Overigens, we moeten de overheid ook de gemeente die hebben natuurlijk al veel gedaan. Er is in ieder geval het energieloket. Maar dat is dan digitaal vooral. En er is ja er zijn ook bijvoorbeeld Crabbehof best wel de nodige acties geweest. Veelal gericht meer op de wat kleinere maatregelen met die RREsubsidies. Die vouchers die zijn vorig jaar op grote schaal uitgedeeld. Maar ik denk dat we daar inderdaad verder gaande stappen mee kunnen maken. Dus dat ja dus en ik hoop ook dat dat gebeurt zodat we ook sneller gaan.

22

De voorzitter: Ja dank u wel meneer Val. Dan ga ik naar de heer Kleinpaste van Gewoon Dordt. Die heeft een vraag aan alle drie de insprekers. En ik stel voor dat de heer Kleinpaste de vraag stelt en dat we in de volgorde van insprekers de heer Verbakel, de heer Val en daarna de heer Van Blerck alle drie de mogelijkheid krijgen om dezelfde vraag te beantwoorden. De heer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Met ‘…’ meerdere vragen aan de insprekers, meer dan één dus. Maar zal ik beginnen met de heer Verbakel? Ik heb bij de heer Verbakel de vraag van heeft Drechtse Energie wel zicht op zowel de toekomstige energievraag als de toekomstige niet fossiele energieopwekking en hoe die verhouding precies is? En wat vindt de heer Verbakel van windtrees en van windwokkels als alternatief naast grote windmolens? Ik heb aan de heer Val de vraag of Drechtse Stromen ook ideeën heeft om mensen met een smalle beurs nog beter op weg te helpen dan op dit moment gebeurt? Want daar zit echt een knelpunt in de samenleving. En heeft Drechtse Stromen ook het idee om een vereniging van eigenaren, want daar hoor ik heel vaak van terug dat die niet voor voorfinanciering in aanmerking komen, om daar een mouw aan te passen zodat met name kleine VvE's toch ook in deze transitie geholpen zouden kunnen worden.

Heeft de heer Val daar ideeën bij? En bij meneer Van Blerck heb ik eigenlijk de vraag, het verhaal is helder, het is activistisch, idealistisch. Ik herken er dingen in die ik zeker omarm en ook dingen waarvan ik denk van het zou ook anders kunnen. Maar wat is het advies van de heer Van Blerck naar al die huishoudens die eigenlijk heel graag duurzamer en ook energieneutraal zouden willen leven maar het gewoon echt financieel technisch ook niet voor elkaar krijgen? Hoe krijgen we dan volgens de heer Van Blerck die groep mee? Dat zijn de vragen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Kleinpaste, mijn excuses, het was de heer Alexander die dezelfde vraag aan alle drie de insprekers heeft. Dus ik zat er even naast. Maar uw vragen zijn genoteerd. De heer Verbakel, u mag als eerste het antwoord geven op een van de vragen die aan u was gericht. De heer Verbakel. De heer Verbakel: Er zijn twee vragen aan mij gesteld. Vraag één was van heeft Drechtse Energie inzicht in de verhouding tussen opwek die zo mogelijk is en de mogelijke energiebehoefte in de toekomst. Dat is niet zo'n simpele vraag. De vraag is wat je meetelt. En de vraag is ook hoe het precies gaan uitpakken met het warmtenet. Want als het warmtenet mager wordt dat heeft veel meer elektriciteit nodig. ‘…’ ook de het gebruik van de auto's mee ‘…’ dan hebben we nog veel meer energie nodig.

Dus voorlopig is het denk ik zo dat wij in onze regio veel minder opwekken of gaan opwekken dan ook bij lagere scenario's wij nodig hebben. Dan is de vraag zijn er alternatieven voor de grote windmolens? Die zijn er, maar eigenlijk leveren die te weinig op. Die wokkels en al die andere dingen dat zijn voorzieningen die iemand voor zichzelf of een bedrijf voor zichzelf kan plaatsen. Dan is het financieel een beetje haalbaar. Tot nu toe zijn de opbrengsten van al die systemen ver stukken lager als onze zonnepanelen en stukken lager als voor grotere windmolens. Dat betekent dus dat eigenlijk met subsidie zijn ze niet te realiseren. Want ze zijn niet subsidiabel. Dat betekent dat het alleen werkt voor eigen gebruik voor iemand op zijn eigen huis. Of voor bedrijven. Hopelijk wordt dat in de toekomst beter. Maar op dit moment is er nog geen enkele plek waar we serieus een alternatief hebben voor grootschalige wind. Jammer maar helaas. De heer Kleinpaste: Voorzitter, mag ik daar een aanvullende vraag op stellen?

23

De voorzitter: Meneer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Want ik hoorde de heer Val die is dan wel van Drechtse Stromen zeggen dat de techniek voorhanden is. En mijn zorg is in het transitieverhaal steeds geweest dat de techniek nog niet toereikend is om de behoefte en de vraag voor energieneutraliteit binnen termijn te gaan oplossen. Dus mijn vraag blijft ook aan Drechtse Energie dan, wat moeten we nu doen om dan wel bij die energieneutraliteit terecht te kunnen gaan komen? De heer Verbakel: Dat betekent ja wat mij betreft als ik meteen mag antwoorden, ik vind dat je we moeten nu aan de slag. Toekomstige technieken hebben we vandaag niks aan. Want als we alles wat we de komende tien jaar niet doen dat betekent dat we nog sneller daarna in tien jaar tijd alles moeten oplossen. Dat betekent dat we bestaande technieken moeten gebruiken. En helaas is voor efficiënte duurzame opwek op dit moment windenergie grootschalige windenergie de beste bijdrage aan resultaat. Dat wordt vaak is daar discussie over. Maar materieel is grootschalige wind drie en een halve keer zo efficiënt als zon. Het is niet anders. En als we dat niet willen dan zeggen we eigenlijk vinden we te moeilijk, laten we er maar even omheen lopen. Dat kan, daar ben ik niet blij mee. Maar dat is wel de realiteit. En nieuwe technieken die komen er. Maar die kunnen we dan misschien gebruiken de komende tien jaar na 2030.

Hebben we nu niks aan. Of heel weinig aan. De voorzitter: Dank u wel meneer Verbakel. Meneer Val, volgens mij had meneer Kleinpaste een vraag aan u gericht. De heer Val: Ja de vraag naar bewoners met een smalle beurs. Ja het belangrijkste wat we natuurlijk zien bij de bewoners die hebben ja een deel subsidie is natuurlijk sowieso goed als die mensen dat krijgen. Maar een belangrijk deel is natuurlijk dat je maatregelen nu neemt. En nou als ik maatregelen neem dan kan ik die financieren en ik heb daar ook voldoende middelen voor. Maar heel veel mensen die hebben dat niet. En die kunnen ze ook niet krijgen van de bank omdat ze geen leencapaciteit hebben. En ook misschien omdat de rente te hoog is. En juist daarvoor zijn dan weer die landelijke fondsen. Maar ook die geven te weinig leencapaciteit vaak of ze hebben andere voorwaarden. Te hoog minimaal subsidiebedrag waardoor je je muur niet kan isoleren. Nou zo zijn er allerlei beperkingen aan. En dat is in die zin mooi dat het gemeentelijke fonds daar een aanvulling op is en zich juist op die bevolkingsgroepen ook richt. En ik hoop ook dat dat dan voldoende is om die mensen ook op breed front te helpen. En dat er eventueel als dat dan nog bij een aantal mensen niet lukt dat de gemeente ook daadwerkelijk op zoek gaat om ook die laatste mensen toch te zorgen dat die ook mee kunnen doen.

En een aanvullende vraag van meneer Kleinpaste was de vraag over de VvE's. Ik moet zeggen helemaal financieel gezien weet ik daar niet het fijne van. Ik weet wel er zijn aparte rijksregelingen daarvoor. Maar je hebt grote kans dat daar in de raad dezelfde problemen als met individuele burgers geldt. Ik denk wel dat dit jaar meer gaan tegenkomen. En dit jaar heeft de gemeente in de RREW-subsidie de aanvraag ook voor een belangrijk deel op VvE's. Dus dat betekent dat we daar ook dit jaar ervaringen mee op gaan doen. Of we die mensen ook over de streep kunnen helpen. In ieder geval met kleine maatregelen. Maar ik hoop ook dat er een aantal complexen zijn die ook met grotere maatregelen over de streep kunnen worden geholpen. Ja en dan kom je deze

24

vragen natuurlijk gelijk tegen. Op zich heb ik daar op dit moment niet direct een antwoord op hoe dat bij de VvE's ligt. Maar gaan we zeker tegenkomen. De voorzitter: Dank u wel meneer Val. Dan kom ik bij meneer Van Blerck. De heer Blerck: Ja dank voor die vraag. Volgens mij was het ook de vraag wat zou Extinction Rebellion zeggen tegen de mensen met een kleine beurs. Ik zou zeggen, de overheid heeft verzaakt. Wij leveren we hebben een sociaal contract met de overheid. We leveren een stukje van onze vrijheid in. Wij geven de keuzes laten we gelukkig soms maar aan anderen over, de lastige keuzes. Maar de overheid heeft verzaakt. De lastige keuzes zijn vooruit geschoven. En mijn nou ja de boodschap dus eigenlijk is, kom in actie, rebelleer. Zorg dat die overheid aan de gang gaat. De het wrange is dat de kleine huishoudens of we nou in Nederland kijken ten opzichte van de rijken ten opzichte van de mensen met een kleine beurs of Nederland ten opzichte van een land van Bangladesh waar mensen wonen die al helemaal weinig hebben om van rond te komen. Dat hoe kleiner de beurs hoe minder effect hoe minder groot de CO2 of de bijdrage aan de CO2uitstoot is geweest. Dus het is ten eerste niet hun zij waren niet de belangrijkste oorzaak. Maar nou ja komen nu wel in de problemen omdat de overheid heeft verzaakt.

Dus dat ja ik zou willen zeggen, weet dat dit eraan zit te komen die klimaatcatastrofe die is aan de gang. We zitten aan de vooravond daarvan. Rebelleer. Roep die overheid ter verantwoording. En zorg dat ze aan de slag gaat en doe mee. Dat natuurlijk ook. Want het kan zoveel mooier zijn deze aarde als we een duurzame planeet voor onszelf en voor onze kinderen en alle komende generaties die er nog komen weten te realiseren. Is dat een antwoord op de vraag? De voorzitter: Ik denk het wel. De heer Kleinpaste: Dank u wel, het is een antwoord op de vraag en dan laat ik even in het midden hoe ik hem apprecieer. Maar het is een antwoord op de vraag. De voorzitter: Ja dat dacht ik ook. Dank u wel. De heer Van Blerck. Dan gaan we door... De heer Blerck: Zou ik nog een ding toe mogen voegen? En dat is misschien om iets van nuance aan te brengen. Er zijn andere organisaties gelukkig hebben die ook ingesproken en die kunnen op een andere met een andere visie hun bijdrage leveren. Maar wij durven de vinger op de zere plek te leggen en dat is dat er nu gewoon onvoldoende gebeurt. En dat moet ook gezegd worden. De voorzitter: Ja dank u wel voor de aanvulling. Dan kom ik bij de volgende fractie. Dat is fractie van PvdA. En de heer Alexander Jansen die had wel een vraag aan alle drie de insprekers. De heer Jansen. De heer Jansen: Ja twee vragen had ik zelfs voorzitter.

Maar de heer Van Blerck geeft een prachtig bruggetje naar mijn eerste vraag eigenlijk. Want mijn eerste vraag zou eigenlijk, wat vindt u van de ambitie die je uit het huidige ja hij is voor alle drie de insprekers hoor meneer Van Blerck, maar ook voor u. Wat vindt u van de ambitie, wat zou u tegen het college willen zeggen over hun ambitie op betreffende energiestrategie in de huidige in het huidige coalitieakkoord? En dan doel ik met name over die beperking voor het aantal windmolens die daar al vanaf het begin is opgenomen. En het verzet dat door een aantal

25

coalitiegenoten continu gevoerd wordt tegen windmolens. Dat is mijn eerste vraag voor iedereen. Mijn tweede vraag is eigenlijk meer voor de heer Verbakel en iets minder voor de andere twee heren. Meneer Verbakel is expert op het gebied van windmolens inmiddels. We hebben een brief gekregen van de heer ‘…’. Ik weet niet of de andere insprekers deze brief ook hebben mogen lezen. Want die zit natuurlijk tussen onze stukken maar niet per se aan de andere insprekers. Dat vind ik dan jammer. Daarom vind ik het jammer dat de heer ‘…’ niet echt in kan spreken. Ik was heel erg blij met deze brief. Ik zal hem even kort schetsen voor de heer Verbakel als hij niet weet wat de inhoud is. De heer Verbakel: Ik ken de inhoud. De heer Jansen: U kent de inhoud. Oké hoef ik hem niet te schetsen, keurig. Ik werd erg blij van deze brief omdat die precies dat aangeeft waar wij als PvdA al langer voor pleiten. Namelijk betrekt de agrariërs ter plekke want met een windmolen op hun land kunnen ze nog hun bedrijf uit voeren en halen kunnen ze extra inkomsten halen uit de windmolens. Een win-winsituatie. Mijn vraag aan u is, hoeveel windmolens zou u denken dat Dordrecht op dit moment eigenlijk nodig zou hebben ten opzichte van de vijf die we nu hebben? Wat voor een percentage van onze node van wat we nodig hebben, is dat ongeveer in uw ogen? Wat komen we te kort.

De voorzitter: Meneer Jansen, ik wil even op een punt toch even bij een punt stilstaan. U heeft twee vragen gesteld waarvan de eerste vraag een politieke en een oordeelsvorming betreft over windmolens. En de mening van insprekers die is denk ik wel helder. Dus met uw welbevinden wil ik die vraag toch overslaan. Want dat is tegen de spelregels. U mag verhelderende vraag stel en niet politiek geladen. En politiek sturende vragen. En de tweede vraag dat was wel een verhelderende vraag richting de heer Verbakel. Dus dan wil ik graag de heer Verbakel het woord geven over de tweede vraag. De heer Verbakel: Voor de duidelijk, kijk als we willen uitrekenen hoeveel windmolens we nodig hebben om aan onze energiebehoefte te voldoen. Zeker als we meerekenen de automobiliteit dan zou ‘…’ nog wel tien windmolens kunnen plaatsen. Maar zeg ik er meteen bij, we moeten ook reëel zijn. We willen of wij willen alleen maar windmolens plaatsen als dat fatsoenlijk kan in het landschap. En als dat kan zonder al te veel last voor de burger op een redelijke manier. En de vraag is of we dat in ons gebied helemaal voor elkaar kunnen krijgen. Maar we vinden wel dat we maximaal ons best moeten doen.

Daarom vragen we ook aan het college om ons ruimte te geven om met de boeren in dat gebied, met de burgers die er omheen wonen in gesprek te gaan, wat zou een mooie opstelling zijn? Zou daarmee ook de belangen van die burgers er omheen kunnen worden gewaarborgd? Mogelijk met een vergoeding voor een aantal zaken zoals ze daarbij betrokken zijn met de goede inpassing. Want het is wel zo dat ook natuurgroepen zeggen in dit gebied ook in Dordrecht, liever een paar windmolens dan heel veel zon. Dat is wel een duidelijke keuze die ook door de natuurgroepen in de Biesbosch wordt gedragen. Want dat heeft voor de impact voor natuur is het maar beperkt. De voorzitter: Dank u wel meneer Verbakel. Dan ga ik naar Beter voor Dordt, de heer Gündogdu, die heeft een vraag voor alle drie de insprekers. De heer Gündogdu, u heeft het woord.

26

De heer Gündogdu: Ja dank u wel voorzitter. Om te beginnen alle insprekers uiteraard enorm bedankt voor hun inbreng. En voor hun kennis over deze energietransitie. Wat mij opviel bij alle drie de insprekers is eigenlijk een rode draad die ik wil meegeven en ook een vervolgvraag daarover stellen. Alle drie de insprekers geven eigenlijk aan dat het potentieel van onze burgers onze bewoners onze bedrijven niet wordt benut of niet volledig wordt benut. Meneer Verbakel geeft aan ha het potentieel aan initiatieven wordt niet aangepakt. De heer Val geeft aan bewoners zelf met een initiatief te laten komen. En meer ambitie tonen. En meneer Blerck geeft aan joh je zou aan een soort burgerberaad moeten denken. Nou op zich heel mooi dat u dit allemaal aangeeft. En nu ligt er vanuit het college een voorstel rondom de energietransitie en de voortgang die daarin wordt geboekt. Waar u aangeeft er zou veel meer uit kunnen worden gehaald. Ik ben benieuwd in dat kader vanuit uw expertise in hoeverre u de handen ineen heeft geslagen of wilt slaan om richting deze gemeenteraad en ook het college dan op dit onderdeel het betrekken van de burgers met een concreet voorstel te komen. Want dan kunnen we dat ook meenemen in onze overwegingen. Dus u als ervaringsdeskundigen die horen we graag met uw input. Dit is even concreet mijn vraag voorzitter.

De voorzitter: En wilt u daar nu antwoord op of later dan. De heer Gündogdu: Ja van alle drie als het kan, als ze daar... De voorzitter: Dan gaan we kijken of dat u antwoord krijgt op deze vraag. De heer Verbakel, u mag als eerst. De heer Verbakel: Als eerste wil ik even reageren op het idee voor een burgerberaad. Daar ben ik op zich of een burgerforum daar ben ik voor. Alleen niet om daarmee te wachten. Dus mijn voorstel is, vooruit wat nu voorligt. En begin morgen of eigenlijk op 1 juni meteen met de volgende stap. Want dit is maar een stapje en we moeten heel veel stappen zetten. Dat is eigenlijk wat dat we een vorm zoeken waarin we de burgers in hun gevarieerdheid voor- en tegenstanders, arm, rijk, proberen bij dit proces te betrekken in een goede debatsetting. Daar ben ik heel erg voor. Tweede is van hoe kun je op dat is een vorm van burgerbetrokkenheid. Het tweede is, kijk wij zijn een coöperatie en onze leden zijn gewoon burgers in de stad. En bij alle initiatieven zorgen we dat mensen in de omgeving kunnen meedoen. In het geval van energiebesparing ben ik er echt voor dat de gemeente gelden vrij maakt om burgers in bepaalde wijken te adviseren en te ondersteunen. Dat onafhankelijk te doen, niet zoals bij dat gebeurt in de stadsvernieuwing. Zodat de burgers zelf het idee hebben dat ze niet iets moeten doen wat de gemeente wil.

Maar dat de opgave kan worden ingevuld op een manier die hen past. Maar waarbij de gemeente wel uitdraagt er is een urgentie, de problemen zoals ze er zijn zijn onhoudbaar. Dus we moeten in beweging komen. En de vraag is wat heb je nodig van de burger om dat te kunnen doen? Dat is mijn antwoord. De voorzitter: Dank u wel meneer Verbakel. Dan ga ik naar de heer Val. De heer Val: Ja ik zou bijna zeggen, Willy haalt me de woorden uit de mond. Inderdaad een burgerberaad kan ik me heel goed voorstellen. En dat moet dan natuurlijk wel georganiseerd worden. Dat duurt weer een tijdje. Maar intussen dat betekent wel want staat eigenlijk niet in die transitievisie of tenminste uitgewerkt. Dus juist de uitwerking van die transitievisie ja daar ligt daar komt het erop aan om daadwerkelijk met de

27

mensen in gesprek te gaan. En Willy noemde de stad ‘…’ als voorbeeld. En een ander voorbeeld is de verdelingsaanpak. Ja ook daar moest de gemeente met de mensen in gesprek. En zorg er vervolgens ook voor dat er een gesprekspartner voor de was om de burgers daarbij te ondersteunen. En ook te helpen bij alle vragen die in die energietransitie in dit geval naar boven komen. Dus ja inderdaad nu aan het werk met de uitwerking. En aan de slag. Overigens daar zijn we ook in overleg met de gemeente op allerlei fronten om daar stappen in te maken. De voorzitter: Dank u wel meneer Val. Meneer Van Blerck. Meneer Van Blerck, uw microfoon staat nog niet aan. De heer Van Blerck: Nu die hij het als het goed is wel. Dankjewel. Als ik de vraag goed begrepen heb denk ik dat voor het draagvlak, voor het betrekken van burgers het essentieel is dat de overheid eerlijk is over de uitdaging die voor ons ligt. En dan kunnen we mensen mee krijgen. En er hangt ook aan vast en daar hoort zo'n burgerberaad ook bij. Zo'n burgerberaad met een groep burgers die vervolgens de informatie krijgen om de juiste beslissingen te maken. Wees eerlijk, ga daar vanuit. Dat kan helpen bij het maken van die plannen. En het creëren van draagvlak. Daarnaast denk ik ook ja begin daar zo snel mogelijk mee. En vanuit de overheid ja prioriteer.

En waar moeten we nu aan werken dat is zo snel mogelijk die omslag naar een duurzame aarde. En nou ja daar hangen dus ook financiële consequenties aan. En ja dat voor nu ja. De voorzitter: Dank u wel meneer Van Blerck. Meneer Gündogdu, zijn hiermee uw vragen beantwoord? Ik denk het wel. Dan ga ik verder. De heer ja de heer Noldus, die heeft een vraag aan de heer Val. De heer Noldus is van de VVD. De heer Noldus: Ja voorzitter, dank u wel. Allereerst ook dank aan alle insprekers voor hun bijdrage. Mijn vraag aan de heer Val die had het op een gegeven moment over het naar voren trekken van bepaalde maatregelen voor woningen die pas in 2040 aan de beurt zouden zijn voor aardgasvrij maken. Ik heb niet de precieze quote opgeschreven. Het is al even gelezen dat die passage noemde. Maar ik hoop dat hij het nog herinnert. En daar had ik eigenlijk verwacht ook iets over de oplossing zoals een hybride warmtepomp of iets dergelijks om een verschil te kunnen maken juist ook voor dat type woningen. Ik ben benieuwd hoe de opvatting van meneer Val en dan ook de Drechtse Stromen is over dit soort oplossingen en wat de impact kan zijn van hybride warmtepompen. De voorzitter: De heer Val. De heer Val: Ja ik herinner me de vraag. De gebieden waar we het over hebben dat zijn met name bijvoorbeeld grote delen van Sterrenburg. Vooral de randen en aan de zuidkant.

En ook in Dubbeldam dat valt er eigenlijk in zijn geheel onder. Nou een hybride warmtepomp is zeker een goed middel. Want je kan vrij snel al daar grote besparingen mee kan doen mee doen. Dus je moet je huis isoleren. Je kan een flinke reductie op die aardgasgebruik hebben. Maar je bent nog duidelijk niet aardgasvrij. Dus het is ook daarmee een soort overgangsmiddel waar je pakweg tien à vijftien jaar mee vooruit kan. Maar er zijn ook zeker situaties waar je eigenlijk dat je dan denkt van ja dan koop je zo'n hybride warmtepomp. Met een klein beetje meer dan heb je gewoon een echte warmtepomp. Dus waarom zou je dan die hybride warmtepomp nog kopen. Koop gelijk

28

een echte. Ook dat is een optie. En ik proef een beetje dat is overigens later wel afgezwakt, maar zeker in de eerdere versies. Want ik heb ook mee mogen participeren bij de voorbereiding van die warmtetransitievisie. Daar stond het eigenlijk ook anders aangegeven. Sterrenburg en Dubbeldam dat werden eigenlijk aangewezen als wijken waar we het nog niet precies wisten hoe die warmtenet precies uitgerold moest worden. Kortom, daar zou dat eigenlijk pas na 2040 gebeuren. En met zo'n hybride warmtepomp kan je het als het ware ook open houden of dat je alsnog dat warmtenet gaat doen. Of dat je op lange termijn dan toch dat die mensen andere oplossingen moeten kiezen. Ik voor mezelf heb dan eigenlijk van ja 2040 laat die mensen zelf kiezen wat ze nu al willen voor initiatieven of in ieder geval rond 2030 misschien al, ga ze niet per se zitten uitstellen tot na 2030. Maar laat ze echt zelf kiezen. En dat hybride middel dat is dan echt een soort overgangsmiddel. Ja kan maar hoe dan ook haal de mensen er zelf bij en laat ze zelf kiezen. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Noldus, is hiermee uw vraag beantwoord? De heer Noldus: Ja zeker voorzitter, dank u wel daarvoor. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar mevrouw Klein-Hendriks van ChristenUnie, SGP. Mevrouw Klein-Hendriks: Ja dank u wel voorzitter. Er zijn heel veel vragen al gesteld. Dat is fijn.

Er is wat dat betreft veel interesse. Ik heb aan de verschillende insprekers wel een vraag. Aan de heer Verbakel heb ik onder andere de vraag naar aanleiding van zijn inspraak over die restruimtes en die natuurtoets en ecologische waarde daarvan, en of daar eigenlijk al gebieden op het oog zijn waarvan de ecologen zouden zeggen van nou zorg daar dan dat je echt extra aandacht voor die ecologie voor die natuurtoets hebt ook als is het een restruimte voor zon? De energie efficiëntie voor wind die begrijp ik. Maar ik heb nog wel een vraag ook aan de heer Verbakel. Dat onder andere naar aanleiding van een tijdje geleden die uitzending van Pointer dat gaat over die gezonde afstand tot de windturbines. En dat vraag ik ook met het oog op datgene wat de heer ‘…’ schriftelijk heeft ingebracht. En de heer Verbakel kent die inbreng over de locatie oostelijker dichter bij de boerderijen van de initiatiefnemers zelf. En wat daar dan van een gezonde afstand tot windturbines ja heeft te gelden? En de derde vraag en dat zijn de twee vragen aan de heer Verbakel. Ik heb nog een vraag aan de heer Val. Dat is toch ja toch wel wat ik een beetje merk is aan de ene kant verwachten we het heel erg van de gemeente. En aan de andere kant benadrukken we benadrukt de heer Val toch de inbreng vanuit de buurt. Zo vertaal ik het.

Ik zou toch graag willen van ja hangt dat nou echt alleen maar samen met euro's beschikbaar stellen zodat buurtinitiatieven of zoiets dergelijks kunnen worden ontplooid? Of zijn er eigenlijk nog andere concrete ideeën waardoor echt het potentieel in de buurten zelf benut gaat worden? En de tweede vraag voor de heer Val is toch ook wel, we hebben het over warmtepompen. Maar en de techniek die is er heeft de heer Verbakel gezegd. Maar mijn zou toch wel zijn of ook de Drechtse Stromen veel contact met de aannemerij of de installatietechniekers op het eiland van Dordrecht. Want zijn die technieken voorhanden? Of is het eigenlijk voor burgers nog een enorm zoekwerk naar de leverancier en de aannemer uit de buurt die een dergelijk systeem kan installeren en ook onderhouden? En dan aan de heer Van Blerck tot slot, zijn inbreng doet me heel erg denken aan wat een uitspraak die ik hoorde alleen ga je sneller maar samen kom je verder. Aan de ene kant zit er die enorme urgentie in die klimaatverandering die er

29

gaande is. En inderdaad ik zei het laatst nog tegen iemand. We zijn best een welvarend land. Maar we hebben een enorme energiehonger. Dus die urgentie voel ik wel. Maar hoe zou nou de heer Van Blerck ook zien hoe dat nou in het klein op het niveau van de buurt en niet alleen maar op groot politiek en beleidsmatig niveau maar gewoon in de buurt bij de mensen zelf waar het vertrouwen geeft een verandering tot stand kan komen? Dat zijn mijn vragen. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Klein-Hendriks. Twee vragen aan de heer Verbakel. Twee aan de heer Val en één aan de heer Van Blerck. Meneer Verbakel, u krijgt als eerste het woord. De heer Verbakel: Ja de eerste vraag over de kwestie van zijn er nu al op het eiland van Dordt ecologische zones die worden aangetast door de plannen van zonneparken, restruimtes? Dat heb ik niet onderzocht. Maar ik heb wel aarzelingen bij de plek die nu is aangewezen tussen dat ‘…’ en de A16. Eigenlijk is daar hele natuur de afgelopen jaren raakt daar een beetje ontwricht. En het zou best weleens kunnen zijn dat een deel van de fauna die zone heeft opgezocht om te overleven. Dus dat vereist volgens mij wel echt heel goed onderzoek naar die plek, wat kan er wel en wat kan daar niet. Dus maar het is niet dat ik dat op dit moment wetenschappelijk kan onderbouwen.

Ik zou zeggen, als we het willen weten laten we de IVN inschakelen die zijn op dat punt gespecialiseerd. En ik weet heel zeker dat ze ons graag op dat punt willen adviseren. Dan de afstand. Ik heb de Pointer uitzending ook gezien. Het blijft een lastig verhaal. Wij blijven voorlopig uit gaan van de formele criteria die er zijn. En we zeggen die moet je liefst zo ruim mogelijk interpreteren. Als het dichtbij een boerderij komt en die boeren zelf hebben daar geen moeite mee daar zit natuurlijk een bepaald met name een probleem rond slapeloosheid. Dat is dan ook een keuze. Dus ik vind dat je de beste plekken moet zoeken waardoor je de meeste kans op iets verder van de woningen van Sterrenburg vandaan te blijven. En ook mogelijk van de ‘…’ Zeedijk. Dus een goede locatie zoeken en dat kan betekenen misschien net iets verder weg de polder. Dat kan misschien betekenen dat je een windmolen minder moet bouwen. Dus dat vereist gewoon een zorgvuldig uitzoekproces. Dat hebben we nog onvoldoende gedaan. En die ‘…’ verhaal zou daarbij kunnen helpen zeker. De voorzitter: Ja dank u wel meneer Verbakel. De heer Val. De heer Val: Ja inbreng vanuit de buurt daar ging uw vraag over. Ja ik denk dat het heel belangrijk is dat er goede gelegenheid is voor inbreng vanuit de buurt. Ja we zijn zelf een vrijwilligersorganisatie. We zijn nu ongeveer acht jaar actief.

Een belangrijk deel wat we hebben gedaan zijn ja dat noemden we toen blok-voor-blok-projecten waar je samen met de buren eigenlijk de woningen gaat aanpakken met isolatie en dan ook samen aanbesteed. En daarmee ook nog enig voordeel voor elkaar krijgt. En ook samen helpt en gaat zoeken naar mogelijkheden. Nou dat hebben wij altijd een goede mogelijkheid gevonden. Maar tegelijkertijd zie je als vrijwilligersorganisatie dat het niet meevalt om ja aan voldoende vrijwilligers te hebben. En dan ook als je er veel om die allemaal aan te sturen en er ook over eens te zijn. Kortom, als je dat echt op grotere schaal wil doen dat betekent toch dat er ook enige professionele begeleiding bij moet komen. Dat geldt voor de ja in die zin eigenlijk destijds de stad ‘…’. Ook dat was een hele grote opgave. Nou nu staan we weer voor echt een forse opgave. En ik denk dat het goed is dat daar ook op grotere schaal dan ruimte is om voor een bewonersondersteuning op wat voor manier

30

dan ook. En hoe die precies vormgegeven moet worden dat ik zou zeggen daar komen we wel uit. Maar het kost wel wat inderdaad. En dan uw tweede vraag over warmtepompen. Nou in ieder geval zijn ze er. De techniek is er, ik je hoort af en toe ook wel klachten. Maar hoe dan ook ik hoor ook heel veel tevreden geluiden. Dus het kan zeker. Tegelijkertijd hoor je ook af en toe over installateurs die nou ja die zich als cowboy gedragen. Nou die moet je niet hebben. Maar er zijn ook zoals ik al zei er zijn twee mensen. Kortom, er zijn tevreden er zijn ook goede installateurs. Dus dat is gewoon oplosbaar. En overigens ook het energieloket heeft daar natuurlijk ook al de enige ervaring mee. Ook landelijk. En zelf hebben we met warmtepompen nog niet zo heel veel ervaring. Maar op zijn minst ken ik toch redelijk wat personen die ook een warmtepomp operationeel hebben. Dus dat is zeker oplosbaar. De voorzitter: Dank u wel meneer Val. Dan hadden we nog een vraag aan de heer Van Blerck. De heer Van Blerck: Ja samen komen we verder. En daarom moeten we zoveel mogelijk mensen mee krijgen. En dat doen we dat kunnen jullie doen door eerlijk te zijn. Mensen te informeren, erbij te betrekken. We stevenen af op klimaatontwrichting waarvan de gevolgen gewoon niet te overzien zijn. We weten niet wat er komt.

De aarde is nog niet tijdens het bestaan van mensen zo warm geweest, zo snel veranderd in zo'n korte tijd. En dan vraag ik me af, we zaten we zitten hopelijk in het uiteinde van de coronacrisis. En ik vraag me dan af waar is het OMT, voor mijn part een Dordts OMT, op het gebied van deze crisis? Want het is een crisis van eenzelfde omvang. Waar is die dagelijkse tussenstand van de hoeveelheid CO2-deeltjes in de lucht of de afname van diersoorten en biodiversiteit op aarde? Als we dat onderkennen dat dat gevaar er is, die informatie delen ja dan kunnen we samen met mensen die ook betrokken worden en inzien dat het nodig is, het is niet leuk we moeten veranderen, maar het is nodig. Samen kunnen we dat dan gaan doen. Dankjewel. De voorzitter: U ook bedankt. De heer Van Blerck. Dan denk ik dat daarmee alle vragen van ChristenUnie, SGP zijn beantwoord. Dat is het geval zie ik in de chat. Dan kom ik bij de laatste fractie, even kijken wie was dat ook alweer. Oh ja de heer Van der Meer van GroenLinks die een vraag heeft aan de heer Val. Meneer Van der Meer u heeft het woord. De heer Van der Meer: Ja dank u wel voorzitter. Ik wil alle insprekers bedanken voor hun inspirerende inbreng. Die geeft zeker aanleiding tot nadenken en verdere stappen. Aan de heer Val heb ik specifiek een vraag over de rol van Drechtse Stromen. Hij zei van ja we zijn een ja organisatie met beperkingen.

We zijn vrijwilligersorganisatie en we hebben eigenlijk te weinig handjes. Hij heeft er in antwoord op mevrouw Klein-Hendriks ook al iets over gezegd. Mijn vraag is hoe hij voor zich ziet dat die olievlekwerking noem ik het maar even van burgers, woningeigenaren enzovoort een stapje verder helpen, hoe kun je die nou groot maken? Stelt hij zich voor dat Drechtse Stromen zelf met bijvoorbeeld gemeentesubsidie zou gaan uitbreiden en gaan professionaliseren? Of moeten er meer van dit soort organisaties komen? Of moet de gemeente zelf een meer aanjagende rol gaan vervullen? Ik ben een beetje op zoek naar wat vanuit jullie ervaring nou de beste manier zou zijn om meer burgers, meer eigenaren te bereiken. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Van der Meer. De heer Val.

31

De heer Val: Nou in ieder geval hebben wij zelf de intentie om meer te professionaliseren. Overigens we hebben daar vorig jaar is dat voor het eerst gelukt met zowel enige subsidie van de provincie als ook voor een deel vanuit RRE-regeling voor de gemeente om daar toch een eerste stap te maken in professionalisering. En dat houdt in dat wij overigens ook weer met medewerking van de gemeente energiecoaches hebben geworven met name voor Crabbehof in dit geval. Die hebben wij nu nog steeds en die gaan die willen ook verder gaan met het werk wat we nu aan het doen zijn. En wat wij wel daarbij nodig hebben is inderdaad een coördinator die al dat werk goed op een rij zet. We hebben overigens een specifiek project dat was in opdracht van de provincie voor energiearmoede. Waarbij we echt op zoek gingen naar mensen met energiearmoede hoe die ook geholpen kunnen worden. Ook dat heeft enige vruchten afgeworpen. En ook daar samen met de gemeente willen we volgende stappen maken in dit jaar. En dat past dan weer in het kader van der RRE-regeling zoals de gemeente die daar subsidie voor heeft gehad van het rijk. Dus in ieder geval willen we zelf graag daar ook stappen in maken ook in de andere gemeente de Drechtsteden overigens. Maar nou ja daarmee zijn wij een club maar ook als andere clubs daar goede stappen in maken nou let it be, dat lijkt mij heel goed.

Hoe meer mensen daar actief in worden hoe beter het is. In ieder geval willen wij daar stevig onze bijdrage aan geven. En daar werken we gelukkig ook al goed samen met gemeenten en ook met het energieloket. Het energieloket doet dat natuurlijk toch wat generieker en digitaal. Wij gaan meer op de mensen af en gaan daadwerkelijk met ze in gesprek en luisteren ook meer over wat hoe precies hun situatie is. En hoe daar op ingespeeld moet kunnen worden. Maar laat vele vormen bloeien. Daar zijn ook mensen die gelijk naar het loket gaan en daar tevreden zijn en een oplossing krijgen aangeboden. Dus ook dat kan. Ja grofweg is dit het op dit moment. De voorzitter: De heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Nou ja kleine reactie. Ik denk dat is helder. Maar tegelijkertijd constateer ik dat tot nu toe heel veel mensen nog niet benaderd zijn om het zo maar te zeggen. En ik zit een beetje te zoeken naar mogelijkheden om dat toch op redelijk korte termijn echt uit te breiden. En nou dat kan door organisaties als Drechtse Stromen gebeuren als die meer geld, meer ondersteuning en meer deskundigheid nog en meer mensen vooral krijgen. Het zou ook kunnen dat de gemeente of het energieloket verdere uitbreiding moet krijgen. Maar hoe dan ook lijkt mij dit voor de raad en voor deze commissie een belangrijke vraag om over na te denken. De voorzitter: Dank u wel meneer Van der Meer.

En die vraag kunnen we ook meenemen naar volgende weeg. Want dan wordt het ook inhoudelijk besproken. En dan kunnen we er iets meer bij stilstaan. Dan komen we aan het einde van deze inspreekronde. Ik zie de heer Val in beeld. Wilt u nog iets zeggen meneer Val? De heer Val: Mag ik nog een kleine aanvulling geven? Dat speelde ook bij die blok-voorblok-projecten. Wat voor ons ook altijd heel goed heeft geholpen is dat je ook echt mensen uit de buurt zelf hebt. Dus niet dat je van buiten komt en daar allemaal een boodschap gaat verkondigen. Maar juist bij die blok-voor-blok-projecten was er ook een actief persoon in die buurt die dan daar een beetje als een trekker bij fungeert. En zo willen we ook in de komende tijd fungeren. Maar dat betekent dat je een eerste initiatief

32

kan van buiten komen. Maar je zoekt al gauw eigenlijk een soort stakeholders in de buurt die dat voortouw dan weer voort kunnen zetten. De voorzitter: Oké dank u wel. En daarmee wil ik dit punt afsluiten met de laatste woorden van de heer Val. Dan wil ik alle insprekers van vanavond, de heer Verbakel, de heer Val en de heer Van Blerck hartelijk danken voor uw aanwezigheid en voor het beantwoorden van de vele vragen. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van sprekersplein. We lopen iets uit op de agenda. Maar ik vond gezien de vele insprekers en de vele vragen heb ik die ruimte daarvoor geboden. Maar dat betekent wel dat we straks bij de volgende agendapunt wel iets hebben in te halen qua tijd. Ik stel voor dat we tien minuten gaan pauzeren. Dus tien over tien dan beginnen we wederom aan de vergadering. En dan aan de volgende punt agendapunt 31. Ik sluit nu de vergadering voor tien minuten en ik zie u graag terug tien over. Dames en heren, welkom terug bij de commissievergadering fysieke leefomgeving. We gaan snel weer verder met de agenda. 8. Actualiseren bomenlijst en aanpassing bebouwde komgrens Wet natuurbescherming - Raadsvoorstel De voorzitter: Agendapunt 31, actualiseren bomenlijst en aanpassing bebouwde komgrens wet natuurbescherming. Dit voorstel is ter bespreking geagendeerd op verzoek van ChristenUnie, SGP. Met de volgende politieke vragen.

Vindt de raad dat de bomen met de nieuwe bomenlijst ook beter beschermd zijn tegen kap? En welke ambities leeft de raad na als het gaat om het behoud van bomen? En herplanting van bomen? Voordat we het voorstel inhoudelijk gaan bespreken is er nog een insprekers de heer Steegh namens de Bomenridders Dordrecht. De heer Steegh bent u aanwezig? Wilt u uw microfoon en camera even aanzetten? Ja zeker is meneer Steegh aanwezig. Meneer Steegh, ook voor u geldt u bent niet voor het eerst hier aanwezig. U kent de spelregels, vijf minuten inspreektijd. En dan eventueel vragen vanuit de commissieleden. Gaat uw gang. De heer Steegh: Dank u wel voorzitter. Geachte leden van de raadscommissie fysiek. Graag richt ik mij als woordvoerder van de Bomenridders Dordrecht tot u naar aanleiding van de bomenlijst. En ook de aanpassing van de bebouwde komgrens. Op 15 maart jongstleden, alweer bijna drie maanden geleden, is ook in Dordrecht het klimaatalarm afgegaan. Zeker tweehonderd mensen hebben op die dag in het Weizigtpark aandacht gevraagd voor de alarmerende situatie waarin wij ons bevinden als het om hitte, droogte, zeespiegelrijzing, verlies van biodiversiteit en extreme weer gaat. Dat sluit dus nogal aan bij het vorige onderwerp. Wij hadden gehoopt dat een actualisering van het bomenbeleid van de gemeente Dordrecht hierop zou inspelen.

Maar wat we nu in de stukken zien is slechts een technische actualisering van bomenlijst. Het voorstel voegt welgeteld zestig bomen toe aan de bestaande lijst van vijf jaar geleden, een uitbreiding van het areaal aan beschermde bomen van nog niet 1%. Bovendien is er geen aandacht voor alle beschermde bomen die sinds 2016 zijn gekapt, laat staan voor alle niet beschermde bomen. Wij vragen ons dan ook af, waar is het besef van urgentie? Wat is het ambitieniveau? En dat in de eerste Nederlandse stad die het predicaat wereldbomenstad draagt. Het college ziet kennelijk geen aanleiding voor een echte evaluatie van het geldende bomenbeleid. Terwijl inzichten sinds de vorige vaststelling van het bomenbeleid wel degelijk veranderd zijn. Waarom actualiseert het college niet op de klimaatverandering? Waarom besteedt het college geen aandacht aan het

33

toegenomen belang van bomen voor een leefbare stad? Waarom formuleert het college geen nieuwe doelen als het om bomen gaat? Bijvoorbeeld hoe met bestaande bomen bij herontwikkeling om te gaan. Denk bijvoorbeeld aan de spoorwegzone waar nu honderden bomen staan die het leefklimaat van de toekomstige bewoners buitengewoon positief kunnen beïnvloeden als ze kunnen blijven staan. Dat voorkomt een zandwoestijn. En gedurende jaren een steenwoestijn met boomsprietjes. Daarbij zien wij ook dat het college de door de bevolking aangedragen voorstellen voor nieuw te beschermen bomen in drie van de vier gevallen afwijst. De hiervoor gegeven argumentatie getuigt niet van inlevingsvermogen en respect voor wat onze inwoners belangrijk vinden. Want het gaat in die stukken veelal om technische argumenten. De boom is niet groot genoeg, de boom heeft onvoldoende vooruitzicht op goed overleven, de boom is niet geschikt. Zou het niet logischer zijn te kijken hoe we die belemmeringen wegnemen? Bomen en struiken zijn anno 2021 immers het groen kapitaal voor jong en oud. Daarom bepleiten de Bomenridders Dordrecht een strikter kapbeleid vanuit het recent ook door de wethouder onderschreven uitgangspunt nee niet kappen tenzij. Maar dan echt een nauwkeuriger en openbaar register van herplant als kap onvermijdelijk is. Herplant met evenredig behoud van kroonvolume voor schaduwwerking en CO2opname.

Herplant met meer ruimte voor bomen in de ondergrond zodat ze ook als volwassen boom hun natuurlijke levensduur kunnen krijgen. Herplant met voldoende budget voor onderhoud en ondersteuning. Ook voor particuliere eigenaren. En last but not least nieuwe aanplant omdat klimaatverandering noopt tot een forse uitbreiding van het bomenbestand tot 2030. Met tenminste één boom per inwoner erbij. Dat is immers wereldwijd de meest effectieve ook kosteneffectieve maatregel om binnen het akkoord van Parijs te blijven. Het zal u duidelijk zijn, wij bepleiten met klem een ambitieuzer bomenbeleid. We zien graag we zijn graag bereid op weg naar de volgende gemeenteraadsverkiezingen u als fractie en partijen te ondersteunen en van ideeën te voorzien in beleid en met concrete acties. Onze doelstelling een boomvriendelijker, leefbaarder, klimaatbestendiger en biodiverser Dordrecht. We hebben u zondag al ons tienpuntenplant toegezonden. Tot slot, stel de huidige bomenlijst vast. Maar daag het college uit om een nieuwe ronde in te gaan voor het groen en bomenbeleid voor het hele grondgebied van Dordrecht. En het stedelijk gebied in het bijzonder. Geef de bomen meer ruimte. Ik dank u voor uw aandacht. De voorzitter: Dank u wel meneer Steegh. Keurig binnen de gestelde tijd. Ik kijk naar de fracties.

Zijn er vragen aan de heer Steegh? En als dat niet zo is dan gaan we over tot inhoudelijke behandeling van agendapunt. Mevrouw Klein-Hendriks heeft een vraag of opmerking. Mevrouw Klein-Hendriks. Mevrouw Klein-Hendriks: Ja dank u wel voorzitter. Dank u wel meneer Steegh voor uw inspraak. En ik had een vraag of opmerking en dat heeft erop betrekking dat u gaf aan dat u bereid bent om mee te denken. En dat gaf u aan richting de volgende gemeenteraadsverkiezingen. Maar mag ik u ook benaderen als het gaat om een initiatiefvoorstel? Ik hoorde u net al een aantal punten noemen als het gaat om herplant of een compensatieverplichting. En ik zou dan graag ook wel ja van uw ideeën gebruik willen maken. Als het gaat om een initiatiefvoorstel richting de raad. De voorzitter: Meneer Steegh.

34

De heer Steegh: Uiteraard werken we daar heel graag aan mee. Dus we weten elkaar inmiddels wel te vinden geloof ik. Dus dat komt wel goed. De voorzitter: Oké dank komt dat helemaal goed. Dan aan we oh er is toch nog een vraag. De heer Gündogdu van Beter voor Dordt. De heer Gündogdu: Ja voorzitter dank u wel. Meneer Steegh bedankt voor uw inbreng. En u geeft aan het zou een heel mooi en nobel streven zijn om een boom per inwoner erbij te doen op ons eiland. Heeft u daar een concreet plan of heeft u daar al het gesprek gevoerd met het college? De heer Steegh: Dank u voorzitter, nee dat gesprek hebben we nog niet gevoerd. U moet ook wel even bedenken, we bestaan pas een paar maanden als Bomenridders. Maar dat gesprek gaan we met plezier aan. We hebben natuurlijk wel al gekeken als je een boom per inwoner in de stad zou willen toevoegen hoeveel ruimte je daar ongeveer voor nodig hebt en dat is ongeveer een halve vierkante kilometer. Dat is dus minder dan de distributiecentra die op de ‘…’ worden bijgebouwd. De voorzitter: Dank u wel. Als er voor de rest geen vragen zijn dan wil ik snel overgaan tot inhoudelijke behandeling van het agendapunt. Dank u wel meneer Steegh. Ik zie voor de rest geen vragen binnenkomen. Bedankt voor uw aanwezigheid en uw inbreng. Dat zal vast meegenomen worden later bij de bespreking. En sowieso vanuit mevrouw KleinHendriks voor eventueel een voorstel.

Het stuk wordt geagendeerd op verzoek van ChristenUnie, SGP met twee politieke vragen. Daarom wil ik ook ChristenUnie, SGP als eerste het woord geven. En daarna wil ik inventariseren wie er allemaal een woordvoering willen doen. Dus graag in de chat als u een woordvoering wilt houden. Ik zie al twee partijen. Maar allereerst mevrouw Klein-Hendriks namens ChristenUnie, SGP. Mevrouw Klein-Hendriks: Ja dank u wel voorzitter. Ik heb wat voorbereid als woordvoering. Voorzitter, in de eerste plaats is selectie van bomen op de nieuwe bomenlijst met ook ereklasse en monumentale bomen. En dat is vooral de ereklasse vanwege de naam alleen al. Een prima toevoeging op de bomenlijst. Het vertelt aan geïnteresseerde inwoners dat we bomen hebben die een lintje verdienen. Ook de toekomstbomen, de motie van de ChristenUnie, SGP, geven als donkergroene stipjes op de kaart een beeld dat inwoners van Dordrecht echt aan de groene toekomst van de stad willen werken. Wat me wel een beetje zorgen baart is de voorwaarde dat die honderd jaar oude of oudere bomen geen ereburgers mogen heten, ereklasse kunnen krijgen wanneer de levensverwachting slechts vijf jaar is of wanneer er geen goed doorwortelbare ruimte of een minimale afstand tot bebouwing van 2 meter is.

En als ik de bomenlijst door scrol dan kom ik toch erg veel bomen tegen die weliswaar monumentaal zijn of ereklasse hebben, maar slechts een marginaal wortelpakket hebben en die een beperkte levensverwachting hebben. En dat roept de vraag op, welke maatregelen genomen zijn of gaan worden om de groeiplaatsen van deze ereburgers te optimaliseren? Nota bene veel van die bomen hebben toch een uiterst beperkte leeftijdsverwachting en de vraag is ook wel hoe dat dan kan? Hoe houden we nou de ereklasseburgers of bomen in stand? Kan de wethouder ook hierop reageren? En zouden andere collega's daarop willen reageren? De monumentale en ereklassebomen die tellen opgeteld bij elkaar 198 bomen. En op een stad van 800 jaar oud had ik eigenlijk meer oude reuzen verwacht. Ter vergelijking, het aantal gebouwde monumenten is rond de

35

2000. Dordrecht is de oudste stad van Holland. Het zou dan ook niet verbazen dat we veel monumenten hebben. Maar wat vinden mijn collega's van deze verhouding? Slechts 198 monumentale bomen. En kan ook worden toegelicht vanuit het college hoe deze bomen nu eigenlijk extra beschermd gaan worden? Want ze staan wel op een lijst, maar wat betekent dat dan? Maar daarnaast, daarnaast mis ik toch aardig wat bomen op de lijst. Hoe kan het of het kan zijn dat deze bomen op de lijst het niet hebben gehaald omdat het wortelpakket minder dan marginaal is of de bebouwing in de loop der tijd is opgerukt en de boom met groeien dichter tegen de bebouwing is gekomen.

Is het echter mijn subjectieve beleving van deze bomen of bomenrijen van de essen bijvoorbeeld aan de Zuidendijk nabij de Bildersteeg of de bomen aan het fietspad naar de Zeedijk met een bijzondere omlijsting van de dijken? En mis ik nu een deel van de eikenbomen aan de provinciale weg of de monumentale platanen aan de Vrieseweg? Of zijn het alleen in mijn ogen monumentale bomen? Of helpt de bomenlijst bij de kenmerkende populierenrijen op de dijken met dat ruisen van die populieren? Een vraag aan het college is hoe voor al deze bomen de beoordeling op grond van de kapverordening gaat en een vraag ook aan de collega's in welke mate deze bomen bij de kap herplant zouden moeten worden? Die toch zo kenmerkend zijn eigenlijk voor onze dijkenstructuren en gebieden. Moeten ze dik worden herplant of dun? Moeten ze duur of goedkoop worden herplant? En telt duurzaamheid een rol is de vraag? Hoe kan een boom in potentie worden? En als je hem dan kapt moet je dan niet eenzelfde potentieboom terugzetten? Wat is de omvang en de beeldkwaliteit of ecologische kwaliteit van bomen? Dan nog het tweede puntje over de komgrens. We hechten eraan dat de inwoners van Dordrecht kunnen reageren op de verandering van de komgrens.

En ik denk ook dat het een goede gewoonte is om als we de mond vol gaan hebben over participatie om ook bij deze veranderingen gewoon in een vroegtijdig stadium het voor te leggen aan de inwoners van Dordrecht. Komen er geen reacties dan kan het ook met een relatief beperkte tijd alsnog vastgesteld worden. Daarnaast de vraag hoe deze komgrens zich verhoudt tot die interactieve kaart, die bomenlijst waar eigenlijk ook dus beschermde bomen op staan die buiten de komgrens staan. En de vraag is wat dan eigenlijk de rol is van de gemeente voor deze monumentale bomen buiten die komgrens? Neemt de gemeente bijvoorbeeld contact op met de provincie als het gaat om de beschermingswaardigheid van deze bomen? Dat is voorzitter mijn bijdrage in deze termijn. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Klein-Hendriks. Dan kijk ik even in de chat. Ik zag na u de heer Kuhlmann van de VVD. Meneer Kuhlmann u heeft het woord. De heer Kuhlmann: Dank u wel voorzitter. Voor wat betreft de bomen is het terecht dat we zuinig zijn op de vele mooie monumentale bomen die onze stad rijk is. Voor heel wat stadsgenoten voelen de bomen als vertrouwde metgezellen die je jaar in jaar uit door alle seizoenen steeds tegenkomt op een vaste route door de stad.

Hoewel er mensen zijn die enthousiast worden van een heel stenig landschap, heel hoog in de bergen ver boven de boomgrens of heel beeldend kunnen vertellen over de schoonheid van het dorre en droge landschap in midden in de woestijn ben ik blij dat ik hier in Dordrecht woon met het vele groen in onze prachtige gemeente. We moeten echter onze ogen niet sluiten voor de risico's die ook bij bomen horen. Ieder jaar vallen er in ons land ongelukken of takken de afbreken. En soms met dodelijke afloop. In De Volkskrant van 24 april stond hierover een aangrijpende reportage. Hierin werd als voorbeeld het verhaal verteld van de 58-jarige Marcel die op 10 augustus 2019 tijdens prachtig weer, 24 graden,

36

windkracht 4 à 5 samen met zijn dochter een fietstocht maakt in de gemeente ‘…’. Rond half drie trekt de wind een beetje aan, vlagen windkracht 6, en valt een grote populier plotseling om. Marcel werd gedood omdat de stam van deze boom op hem is gevallen. Naast onbeschrijfelijk leed heeft zo'n gebeurtenis ook hele nare praktische effecten. Gezinnen kunnen ontwricht raken door het verlies van inkomen van de overledenen. Een wrang feit bij dit dodelijk ongeval, het had voorkomen kunnen worden als de eigenaar van de boom eerder had laten controleren. De boom was namelijk ziek aangetast door rupsen en er zat schade en houtrot in de wortelaanlopen van deze bomen. De les voor Dordrecht is wat ons betreft dat we altijd het juiste evenwicht moeten vinden in ons bomenbeleid. Veel bomen in onze gemeente zijn beschermd en zeker de monumentale bomen op de bomenlijst hebben een bijzondere positie. Geen enkele boom is echter onschendbaar. De veiligheid van mensen van onze 119.000 mede Dordtenaren en anderen is wat betreft de Dordtse VVD altijd doorslaggevend. Een boom die gevaar oplevert voor mensen moet worden aangepakt en zo nodig gesnoeid. En in het uiterste geval worden gekapt. Tot slot nog een heel praktisch advies aan de wethouder over de bomenlijst die nu ter besluitvorming voor ons ligt. Die lijst heeft twee verschijningsvormen.

Een website met een plattegrond en een papieren lijst waarop de bomen staan. Het is een mooie website waarvoor complimenten aan de wethouder en zijn team. De website vaststellen een website vaststellen is door het veranderlijke karakter van internet wat onhandig. Hoe weet iemand die over twee jaar de lijst bekijkt die website bekijkt dat daar exact hetzelfde op staat als waar we nu over besluiten? Dan moet de papieren lijst duidelijkheid geven. De... De voorzitter: De heer Kuhlmann, ik heb even gewacht. Er zijn twee interrupties op uw verhaal. Allereerst de heer Kleinpaste van Gewoon Dordt. De heer Kleinpaste: Ja dank u wel voorzitter. Die interruptie zat bijna aan het begin van het verhaal van de heer Kuhlmann dus we schakelen even terug. Nee ik vond het prachtig dat u op het gevaar van bomen wijst met een artikel in De Volkskrant. Maar ik zou het voor een lokale politiek het zo mooi vinden als er dan een voorbeeld is in het Dordtse. Want volgens mij valt het in het Dordtse met gevaren van bomen en bomen die op fietsers vallen wel mee. Dus ik snap het angstscenario nog niet helemaal. Dus kunt u ook iets concreet aangeven van hoe het in Dordrecht er dan werkelijk voor staat? De heer Kuhlmann: Ja natuurlijk, dat heb ik net ook gezegd.

De les voor Dordrecht is wat mij betreft dat we dus daar een goede belangenafweging moeten maken, dat we ons moeten realiseren dat bomen ook risico's met zich dragen en dat we waar dat kan natuurlijk altijd bomen moeten proberen te behouden. We genieten daar allemaal van. Maar we moeten daar niet naïef in zijn en als het nodig is en als het helaas niet anders kan ja dan moeten er maatregelen genomen worden uiteindelijk voor de veiligheid van mensen. En ik heb er vertrouwen in dat dat gebeurt in Dordrecht. Dat is natuurlijk ook gewoon een taak van de gemeente waar het gaat om bomen in de openbare ruimte van gemeente. Maar ik noem het wel omdat we dat natuurlijk ook moeten blijven doen. De heer Kleinpaste: Nee ik ben blij dat u het vertrouwen ook uitspreekt. Dank u wel. De voorzitter: Er is nog een interruptie van de heer Jansen, PvdA.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/294/documents/10680