CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.1 2026.03.10 Notulen Gemeenteraad Dordrecht - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 26 mei 2026, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 10 maart, 24 maart, 31 maart, 1 april en 7 april 202630.634 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Mevrouw Van Benschop: Dat zou zo zijn als die maatregel alleen zou gelden voor de Drechthopper. We hebben in ‘26 een overgangsjaar, omdat we daarin al wel die tariefverhoging voor de Drechthopper voorstellen, maar de andere maatregelen pas in ‘27 ingaan. Het sociaal fonds gaat ook pas in ‘27 in. Dan geldt het sociaal fonds niet alleen voor Drechthoppergebruik, maar voor alle algemene voorzieningen waar we een eigen bijdrage rekenen. Dan komt het weer wel in balans. Ik kan me voorstellen dat het voor ‘26 lijkt alsof het broekzak-vestzak is, maar dat is ook omdat we niet willen dat mensen in ‘26 in de kou staan omdat er nog geen sociaal fonds is. Om dat perspectief goed in beeld te brengen, moeten we verder kijken dan alleen ‘26 en op de lange termijn naar ‘27 en verder. De voorzitter: Gaat u verder. Mevrouw Van Benschop: Volgens mij heb ik daarmee uitgelegd waarom ik het tweede amendement, of was het, het eerste amendement, het amendement van de Drechthopper ontraad. Wat ik in de commissie heb gezegd, zeg ik ook hier, het is uiteindelijk een politieke keuze hoe je die tarieven inricht, maar alle keuzes die afwijken van het voorstel dat we doen, of überhaupt alle keuzes die gemaakt worden, hebben wel impact op de besparingen die we met elkaar hebben afgesproken.

Daar moet iedereen zich wel rekenschap van geven, omdat het zorgt voor een lagere bijdrage vanuit het sociaal domein aan het totale ombuigingenpakket. Ik wil nog een zin toevoegen over de kan-zal-bepaling. Ik hoorde net een beetje in de raad terug alsof dat voor onduidelijkheid zou zorgen. Er staat een kan-bepaling, omdat we het hier hebben over de verordening, maar de uitwerking daarvan wordt uiteraard keurig netjes vastgelegd in beleidsregels. Het is niet zo dat het college bij iedere individuele casus kan denken, hier wel en hier niet. Dat leggen we keurig vast. Het staat alleen niet in de verordening zelf. Dat was het. De voorzitter: Dank aan de wethouder voor een hele heldere uitleg. Ik kijk voor een tweede termijn rond of er nog fracties zijn die het woord willen voeren. Eigenlijk is iedereen vrij helder geweest. Dan houden we het hierbij en gaan we over tot stemming. Dan gaan we eerst stemmen over de amendementen en dan over het al dan niet geamendeerde hoofdvoorstel. Ik breng als eerste in stemming het amendement nummer A1, Voorkom onnodige toestanden rondom noodzakelijke hulp. U kunt uw stem uitbrengen. Het amendement heeft 11 stemmen voor en 25 stemmen tegen. Voor hebben gestemd Beter voor Dordt, Op Ons Eiland, Partij voor de Dieren, Fractie van Leeuwen en de VSP. Met 11 stemmen voor en 25 tegen is het amendement verworpen.

Ik breng in stemming het amendement A2, Drechthoppergebruikers niet ontmoedigen

23

met een tariefverhoging. U kunt uw stem uitbrengen. 14 stemmen voor, 22 stemmen tegen. Voor hebben gestemd de fractie van Beter voor Dordt, Op Ons Eiland, Partij voor de Dieren, Fractie Pichel, Fractie van der Spoel, de SP, Fractie van Leeuwen, de VSP. Het amendement is verworpen. Ik breng een stemming het hoofdvoorstel. Eerst het hoofdvoorstel Vaststellen verordening sociaal domein Dordrecht bij agendapunt 39. U kunt uw stem uitbrengen, alstublieft. De heer Schalken-den Hartog: Voorzitter, een stemverklaring graag bij dit punt. De voorzitter: Mijnheer Schalken als stemverklaring. De heer Schalken-den Hartog: Dank u wel. Dat deze verordening op veel punten een verbetering is van de verordening zoals het was, had ik in mijn eerste woordvoering niet aangegeven. Dat hebben we in de commissie wel benoemd. We zullen niet tegen zijn. Wel blijven we tegen de tariefsverhoging van het spitstarief, want dat is niet een prikkel die we graag zouden willen gebruiken om het minder toegankelijk te maken. En wat ons betreft wachten we af wat die kan-zal-bepaling gaat doen en blijven we dat in ieder geval volgen. De voorzitter: Dank. Mijnheer Venderbos van de Partij voor de Dieren. De heer Venderbos-Lambinon: Voorzitter, de Partij voor de Dieren vindt dat de beide amendementen onderdeel uit moeten maken van het raadsvoorstel.

Omdat de amendementen niet zijn aangenomen, stemmen wij tegen het voorstel. De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voorzitter, wij sluiten ons aan bij de stemverklaring van Beter voor Dordt. De voorzitter: Dank mevrouw Stolk. Overige stemverklaringen? Dat is niet het geval. We gaan stemmen. Als eerste Vaststellen verordening sociaal domein Dordrecht. Brengt u uw stem uit, alstublieft. Dat gaat vlot. Voor hebben gestemd 33 leden, tegen hebben gestemd 3 leden. Tegen hebben gestemd Partij voor de Dieren en SP. Daarmee is het voorstel aangenomen. Dan breng ik in stemming het voorstel behorende bij agendapunt 40, het wijzigingsbesluit. Daar kunt u uw stem over uitbrengen. In het licht van het voorgaande helpt het als het wordt aangenomen. Voor hebben gestemd 33 leden, tegen hebben gestemd 3 leden. Partij voor de Dieren en de SP hebben tegengestemd. Het voorstel is aangenomen. Gefeliciteerd aan de wethouder. Mooi. 41.Initiatiefvoorstel 'Dordt Ontmoet' van de fracties CU-SGP, CDA en VSP – Raadsvoorstel De agendapunten 41 en 42 worden gezamenlijk besproken. 42.Raadsinformatiebrief over Wensen en bedenkingen over initiatiefvoorstel Dordt Ontmoet – Raadsinformatiebrief De voorzitter: Dan gaan we naar de agendapunten 41 en 42, het initiatiefvoorstel Dordt Ontmoet van de fracties ChristenUnie/SGP, CDA en de VSP en de raadsinformatiebrief

24

over wensen en bedenkingen over het initiatiefvoorstel. De indieners van het initiatiefvoorstel, mijnheer De Heer, mevrouw Striebeck en mevrouw Van Vugt, hebben op 10 februari tijdens een beeldvormende commissie een toelichting gegeven. Ook was er ruimte voor vragen aan de ambtelijke organisatie.

Op 24 februari is oordeelsvormend in de commissie over het voorstel gesproken en heeft de commissie besloten het initiatiefvoorstel naar de gemeenteraad te sturen met de spreektijd van maximaal 2 minuten per fractie. Die richt zich dan op de wijzigingen van het voorstel, want we hoeven de commissie op zich niet opnieuw te doen. Ik heb ook geen amendementen of moties gezien. Dat klopt. Ik verzoek u dan ook echt het debat te beperken tot de wijzigingen. Ik begin daarbij bij de initiatiefnemers. Allereerst ChristenUnie/SGP. Mijnheer De Heer. De heer De Heer: Voorzitter, dank u wel. We zijn heel blij met alle positieve reacties tot nu toe op het initiatiefvoorstel. Zoals ook al eerder benoemd, we willen hiermee de sociale kracht die al leeft in onze stad erkennen en versterken en een aantal nieuwe ideeën lanceren. Onze stad staat er namelijk niet goed voor met betrekking tot eenzaamheid. Dat vraagt om een schep erbovenop. Van versterking van sociale activiteiten tot het vergroten van het aantal vierkante meters in onze stad voor ontmoeting. Tegelijkertijd hebben we niet de illusie dat dit voor iedereen het gevoel van eenzaamheid zomaar wegneemt, maar draagt wel bij, het doet ertoe. Dank ook aan alle collega's die constructief hebben meegedacht in de commissie, waardoor we ook deze laatste versie van het initiatiefvoorstel nu nog iets completer en scherper kunnen voorleggen.

Laten we met elkaar de schouders eronder zetten tegen eenzaamheid en voor ontmoeting. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik naar mevrouw Van Vugt van het CDA. Dank aan mijnheer De Heer, overigens. Mevrouw Van Vugt. Mevrouw Van Vugt-Roose: Voorzitter, als mensen in contact zijn met anderen, zijn veel medicijnen en hulpprogramma's op het gebied van welzijn overbodig. We zijn blij met de brede steun voor dit initiatiefvoorstel, zoals we die tijdens de commissievergaderingen mochten ervaren. Het vernieuwde dictum speelt in op een aantal wensen ter verduidelijking. Zo is bijvoorbeeld de suggestie van mijnheer Van Antwerpen ter harte genomen. Waarom dit voorstel? Wij zien veel verbeterkansen die aangegrepen en kunnen worden. We hebben echt goede hoop dat met name het op de juiste manier onder de aandacht brengen van de lopende projecten en mogelijkheden ervoor zorgt dat mensen mee kunnen doen in de Dordtse samenleving. Bij de indiening van dit voorstel heeft het CDA specifiek aandacht gevraagd voor jongeren die tussen wal en schip kunnen vallen, ondanks goede bedoelingen van de omgeving. Het delen van kennis en het breder bekendmaken van mogelijkheden draagt positief bij aan de weerbaarheid van Dordtse inwoners. Meedoen is belangrijk, meedoen heeft zin, meedoen maakt sterker. De voorzitter: Dank, mevrouw Van Vugt. Mevrouw Striebeck. Mevrouw Striebeck: Dank u wel.

Voorzitter, eenzaamheid is geen klein probleem. Het is een groeiend maatschappelijk vraagstuk. En laten we eerlijk zijn, in Dordrecht ligt het

25

percentage inwoners dat zich eenzaam voelt hoger dan het landelijk gemiddelde. Dat is geen statistiek die we naast ons neer kunnen leggen. Tegelijkertijd heeft Dordrecht veel kracht. We hebben wijkcentra, verenigingen, buurtinitiatieven en vooral veel betrokken inwoners. Maar die kracht wordt nog lang niet altijd goed met elkaar verbonden en daar gaat dit initiatiefvoorstel Dordt Ontmoet over. Het is niet weer een nieuw programma, niet weer een nieuwe structuur, maar beter benutten van wat er al is door ontmoetingsplekken in kaart te brengen en activiteiten in de wijken te stimuleren, door buddy- en mentorprojecten te versterken en misschien nog wel belangrijker, eenzaamheid eerder te herkennen via scholen, zorginstellingen en maatschappelijke organisaties. Want hoe eerder je het ziet, hoe eerder je iets kunt betekenen voor iemand. Daarnaast doen we een duidelijke oproep aan ondernemers, organisaties en inwoners. Stel waar mogelijk je ruimte open voor ontmoeting. Soms kan een kop koffie en een gesprek al het verschil maken. Voorzitter, het onderwerp eenzaamheid staat al langer op de agenda van Dordrecht. Het programma Je Bent Niet Alleen is inmiddels jaren geleden opgezet en nooit meer herijkt, terwijl de samenleving verandert en nieuwe groepen met eenzaamheid te maken krijgen. Dat vraagt ook van ons dat we blijven kijken of ons beleid nog aansluit bij de realiteit.

We hebben ons voorstel bovendien aangepast na de commissievergaderingen. We hebben geluisterd naar de raad en naar de wethouder. De belangrijkste wijziging is dat we geen apart plan van aanpak meer vragen, maar dat de onderdelen worden meegenomen in het bestaande beleid en het uitvoeringsprogramma Elkaar helpen. Ook de suggestie van Beter voor Dordt, over sociale activering, is verwerkt. Voorzitter, een stad wordt niet alleen gebouwd met stenen, plannen en beleid, een stad wordt gebouwd door mensen die naar elkaar omkijken. En als we weten dat eenzaamheid in Dordrecht hoger ligt dan gemiddeld, dan kunnen we niet achteroverleunen. Dan moeten we ontmoeting actief blijven stimuleren. Daarom hopen we op brede steun van deze raad voor dit initiatief. Dank u wel. De voorzitter: Dank aan mevrouw Striebeck. Dan kijk ik voor de gebruikelijke volgorde eerst naar de VVD. Mevrouw Boom. Mevrouw Boom-Vos: Dank u wel, voorzitter. Wij willen de indieners bedanken voor het indienen van di onderwerp, dat is zeer waardevol, en bedanken dat ze geluisterd hebben in de commissie naar de aanvullingen. Voorzitter, u ook weleens last van voortschrijdend inzicht? Wij afgelopen vrijdag wel. Daardoor waren we te laat om tijdens de commissies input te geven voor succesvolle projecten. Want wat was er aan de hand? Wij waren in gesprek met de Verenigde Hengelsportvereniging Regio Dordrecht.

Dat is een grote vereniging met tussen de 6.000 en 7.000 leden die vismaatjes organiseren, ouderendagen en veel mensen van binnen naar buiten halen om niet te vereenzamen. Nu lopen ze er in de praktijk tegenaan dat de oevers steeds slechter bereikbaar worden voor mensen die slecht ter been zijn, rollators of scootmobielen. Zij zouden graag met de gemeente in gesprek gaan om te kijken wat de mogelijkheden zijn om de oevers iets toegankelijker te maken. Wij vinden dit iets te zwaar om een motie of amendement in te dienen, maar wij zouden graag aan het college vragen of zij kunnen overwegen om met deze vereniging in gesprek te gaan als een van de succesvolle projecten vanuit dit initiatiefvoorstel. Dat is het. Dank u wel.

26

De voorzitter: Dank, mevrouw Boom. Ik kijk naar Groenlinks. Mijnheer Van der Meer, kom er maar in.

De heer Van der Meer: Dank u wel, voorzitter. Eenzaamheid is een serieus probleem. Het kan verschillende oorzaken hebben die maar ten dele door de gemeente kunnen worden aangepakt, maar de overheid kan wel bijdragen door ontmoetingsruimten en activiteiten te realiseren of te faciliteren en de mensen de weg daarnaartoe te wijzen. Dat gebeurt al op veel onderdelen. Het kan wellicht intensiever en dat is waar het initiatiefvoorstel om vraagt. Dat steunen wij. De genoemde gemeentelijke inzet voor ontmoeting en participatie is ook heel goed voor sociale samenhang, betrokkenheid van burgers bij de stad, zelfredzaamheid, burenhulp enzovoort. We vinden het daarom een klein beetje jammer dat eenzaamheid als specifieke ingang is gekozen. Ook had er nog wat meer accent, dan al gedaan is, op maatschappelijke activering moeten liggen, bijvoorbeeld mensen stimuleren om aan vrijwilligerswerk mee te gaan doen. Maar met deze kanttekeningen kunnen wij toch van harte met het voorstel instemmen. Dank u wel. Mevrouw Van Vugt-Roose: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Van Vugt. Mevrouw Van Vugt-Roose: Een kleine interruptie. In de commissie hebben we het er volgens mij ook over gehad dat de insteek juist niet eenzaamheid is, maar het versterken van de ontmoeting. Het heet ook Dordt Ontmoet. We hebben de vorige keer ook al geprobeerd dat bij te stellen, maar het beeld leeft blijkbaar nog wel.

Graag daar een kleine reactie op. De voorzitter: Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Dat klopt. Ik ben er blij met de titel van het geheel. In punt 1 van het besluit wordt het initiatiefvoorstel als zodanig omarmd. In de toelichting gaat het toch in hoofdzaak over eenzaamheid. Niks mis mee, maar dat had breder gekund en wat ons betreft wat breder gemoeten. Maar dat is de enige opmerking. Dank. De voorzitter: Dank. Mijnheer Schalken van Beter voor Dordt. De heer Schalken-den Hartog: Dank u wel, voorzitter. Natuurlijk is ook Beter voor Dordt blij met het initiatiefvoorstel. Fijn dat de partijen met dit voorstel zijn gekomen. We zijn ook blij dat we in de commissie daar met elkaar goed over hebben gesproken en dat de voorstellen zoals die vanuit mijnheer Van Antwerpen zijn gekomen, zijn aangevuld in het voorstel, gezondheid, en dat het dictum ook is aangepast naar aanleiding van de besprekingen in de commissie. Dank daarvoor. Ook steun daarvoor. Nog in reactie op de Hengelsportvereniging die ik net hoorde, ze hebben het druk gehad, want ik ben daar vorige week ook geweest en heb hetzelfde verhaal gehoord. Ik denk dat we samen kunnen optrekken om ervoor te zorgen dat we inderdaad meer gebruikmaken van en meer samenwerken met partijen, zoals onder andere die Hengelsportvereniging. Dank u wel.

27

De voorzitter: Mijnheer Schalken, volgens mij hengelen jullie ook wat af deze weken. Dank aan Beter voor Dordt. Dan kom ik bij de Partij van de Arbeid. Mijnheer Damen. De heer Damen: Voorzitter, wij waren in eerste instantie een beetje verbaasd over het voorstel, omdat het voor een gedeelte kwam van partijen die eerder ingestemd hadden met de bezuinigingen op het sociaal cultureel werk. Tenminste, de stichtingen en de verenigingen die daarop actief zijn en die zich heel erg bezighouden met ontmoeting. Maar die verbazing is geen reden om nu tegen dit voorstel te zijn. Integendeel, het gaat om een belangrijk probleem, er ligt een goed voorstel en daar stemmen wij mee in. De voorzitter: Dank. Dank kijk ik naar mijnheer Venderbos van de Partij voor de Dieren. De heer Venderbos-Lambinon: Dank. Voorzitter, in mijn bijdrage tijdens de commissievergadering van 24 februari heb ik al uitgebreid stilgestaan bij wat armoede en eenzaamheid teweegbrengt. Ook heb ik aangegeven dat de Partij voor de Dieren positief tegenover het voorstel staat en het initiatiefvoorstel ziet als het plan van aanpak om het uitvoeringsprogramma Elkaar helpen 2025-2030 nu echt van de grond te krijgen.

De initiatiefnemers hebben tijdens de commissievergadering aangegeven, naar aanleiding van de bespreking en de reactie van het college, het initiatiefvoorstel op enkele punten te zullen aanscherpen, dan wel verduidelijken. Dat heeft geleid tot het thans ingediende voorstel. De Partij voor de Dieren staat positief tegen het nu voorliggende initiatiefvoorstel en zal dan ook van harte instemmen. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Safranti. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, allereerst dank aan de indienende partijen voor het initiatiefvoorstel over het tegengaan van eenzaamheid. Het is goed dat we hier als raad aandacht voor hebben, want eenzaamheid is een probleem dat vaak onzichtbaar blijft, maar grote gevolgen kan hebben voor het welzijn en de gezondheid van de inwoners. Voor DENK Dordrecht staat een principe centraal, niemand mag buitenspel staan in onze maatschappij. Iedereen moet de kans hebben om mee te doen, zich gezien te voelen en een onderdeel te zijn van onze stad. Juist in tijden waarin veel mensen onzekerheid ervaren door stijgende kosten van levensonderhoud, zorgen hebben over werk of gezondheid, bestaat het risico dat mensen verder terugtrekken en geïsoleerd raken. Daarom is het belangrijk dat we als gemeente blijven investeren in ontmoeting, verbinding en sociale cohesie.

Onze stad heeft eerder laten zien hoe krachtig verbonden het kan zijn. Tijdens moeilijke momenten, zoals de coronaperiode, zagen we dat mensen naar elkaar omkeken. Die kracht zit nog steeds in onze wijken, buurten en gemeenschappen. Het is aan ons als gemeente om die verbinding te blijven stimuleren en te ondersteunen. Voor DENK Dordrecht is het daarom belangrijk dat initiatieven tegen eenzaamheid toegankelijk zijn voor alle Dordtenaren, ongeacht leeftijd, achtergrond of wijk, want een stad is pas sterk als iedereen kan meedoen. Voorzitter, laten we samenwerken aan een Dordrecht waarin niemand zich alleen hoeft te voelen en waarin iedereen mee kan doen in de samenleving. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Safranti, dank u wel. Mevrouw Koene.

28

Mevrouw Koene: Dank, voorzitter. Voorzitter, volgens mij heb ik ook wel aangegeven in de commissie dat er, wat ons betreft, weinig nieuws staat in het initiatiefvoorstel. Dat betekent niet dat het slecht is, overigens. Ik denk dat het een goede manier is om met elkaar duidelijk te hebben welke punten er nog even goed aandacht moeten krijgen, zoals een inventarisatie van waar mensen terechtkunnen et cetera. Dat is nooit verkeerd. Wat ik alleen jammer vond, is dat er te weinig gekeken wordt, verder weg, op een ander niveau, hoe je over tien, twintig jaar dit soort dingen georganiseerd kan hebben. Ik vind het te veel in het nu zitten. Ik had graag gezien dat het wat verder weg was geweest. Maar wij steunen het voorstel. De voorzitter: Dank, mevrouw Koene. Mijnheer Gündogdu. De heer Gündogdu: Voorzitter, namens Op Ons Eiland wil ik in ieder geval de indieners van dit initiatief echt van harte ondersteunen. Ik wil ook duidelijk aangeven dat hetgeen u heeft ingebracht, wat wij hebben besproken in de commissie, dat u input van de commissieleden heeft meegenomen in uw afweging, en het voorstel dat nu voorligt aan de gemeenteraad, enorm kan waarderen.

Wederom, wij hopen dat alles wat is voorgesteld, niet alleen voor nu, maar ook voor de komende jaren, zijn invloed zal hebben, want eenzaamheid bij jong en oud wordt nog eens een topprioriteit van de komende colleges als ik zo de geluiden om mijn heen hoor. Wederom mijn complimenten en ik hoop dat straks unaniem dit voorstel wordt aangenomen. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Hartmeijer. De heer Hartmeijer: Dank u, voorzitter. Wij stonden aanvankelijk kritisch tegenover dit voorstel. Wij vreesden even dat het een poging was om het wiel opnieuw helemaal uit te vinden. Maar gezien de aanpassingen die gedaan zijn, kunnen wij prima instemmen met wat nu voorligt, actief bestaande initiatieven oproepen om de samenwerking te zoeken, de buddysystemen nadrukkelijker onder de aandacht brengen. Wij hopen dat er snel werk gemaakt wordt van de onlineomgeving, zodat op een eenvoudige manier allerlei initiatieven voor ontmoeting en activiteiten in de stad zichtbaar zijn voor onze inwoners. Dank. De voorzitter: Mooi. Dank u wel. Mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Dank u wel, voorzitter. We gaan dit voorstel ondersteunen. Het is goed om te onderzoeken hoe we de eenzaamheid van Dordtse inwoners kunnen verminderen. Het voorstel bevat hiertoe een aantal adviezen die ik niet zal herhalen. Toch even terugkijkend hoe het zover heeft kunnen komen dat zo veel mensen eenzaam zijn in ons land.

Dat zijn heel veel factoren, trouwens. Een van de oorzaken, en ik heb het nu over de ouderen, is het sluiten van de verzorgingstehuizen en het langer thuiswonenbeleid. Hoewel langer thuis wonen ook duidelijke voordelen heeft, zijn de aandelen ook meer zichtbaar geworden. Mensen worden niet langer gezien, sociale contacten verdwijnen. Ook is er minder hechting en verbonden zijn in de buurt waar je woont. Mensen zijn meer individueel gericht in vergelijking met vroeger, je kent vaak je buren niet eens. Naast het feit dat er meer verzorgingstehuizen moeten komen, vinden we mantelzorg belangrijk als praktische hulp en tegelijkertijd ook om eenzaamheid te bestrijden. Dan is er ook eenzaamheid onder de jongeren. Het wordt vaak vergeten. Er

29

kan worden gezegd, zo kijk ik er dan tegenaan, dat het komt door minder sterke familiebanden en door de afname van religie in onze samenleving. Minder waarden worden met elkaar gedeeld. Hongeren voelen zich daardoor minder verbonden met de samenleving en het kan een gevoel geven van zinloosheid. Ook kan een belangrijke rol spelen dat jongeren meer negatieve toekomstverhalen horen over maatschappelijke en economische problemen. Denk bijvoorbeeld maar aan het klimaatverhaal en het enorme woonprobleem dat we in ons land hebben. Kortom, er zijn genoeg problemen met eenzaamheid en het voorstel doet in ieder geval een poging om dit op lokaal niveau te helpen oplossen. Een compliment is daarom aan de partijen die het voorstel hebben gedaan op zijn plaats. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Van der Spoel. De heer Van der Spoel: Dank u wel, voorzitter. Mooi voorstel voor een belangrijk onderwerp. Mijn complimenten naar mijn collega. Lekker gewerkt. Collega's, trouwens. Ik hoorde het mezelf bijna zeggen. Ik ga het uiteraard steunen. De voorzitter: Dank. Mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Voorzitter, ik denk dat we hier te veel over praten en het gewoon moeten doen. We zullen het voorstel steunen. De voorzitter: Dank, mevrouw Pichel. Ik hoor brede waardering en steun voor het voorstel vanuit de raad.

Ik kijk naar de wethouder en ik nodig hem uit naar het spreekgestoelte te komen. Wethouder Van der Kruijff, deze laatste raad. De heer Van der Kruijff: Dank u wel, voorzitter. Na een mooi debatgesprek dat we in de commissie hebben gehad, is het mooi om te zien dat ook het een en ander bij elkaar gekomen is. Vanuit het college hadden we ook in de wensen en bedenkingen aangegeven, laat ons niet een nieuw plan van aanpak schrijven, een nieuw actieplan of wat dan ook. Heel veel van wat gevraagd wordt, doen we al. Sommige dingen kunnen beter, waarschijnlijk ook intensiever, maar laat ons dat inpassen, invlechten, in het beleid dat we op dit moment hebben. Ook dank aan de initiatiefnemers van dit initiatiefvoorstel dat het dictum, en daarmee het besluit, is aangepast om dit te gaan doen. Dat maakt het een stuk kansrijker en vooral sneller in de uitvoering. Daar zijn we blij mee. We denken dat het goed inpasbaar is in staand beleid. We zullen nu niet opnieuw de discussie gaan beginnen van wat al zit in het staand beleid en wat je er nog aan kunt toevoegen, maar laat 1 ding duidelijk zijn als het gaat over communicatie, vooral via de websites en dergelijke was er echt nog wel een wereld te winnen. Die waren wat in een coma geraakt. Die zijn we aan het reanimeren en dat wordt weer toegankelijk gemaakt.

Wat ook in het initiatiefvoorstel staat, is om het niet alleen maar gemeentelijke activiteiten te laten zijn, maar ook andere initiatiefnemers in de stad. Of dat ondernemers zijn, verenigingen, stichtingen, kerken of wat er allemaal in deze stad allemaal bestaat en gebeurt, eenieder is welkom om zijn eigen ontmoetingsplaats daarop te vermelden als er bepaalde activiteiten zijn en dat een plaats te laten krijgen. De website is jebentnietalleen.nl. Maar dan geldt, laat ik daar ook eerlijk over zijn, ook wel een soort brengplicht voor vanuit initiatieven. Het is niet zo dat we als gemeente de

30

hele stad achterna kunnen gaan lopen om te vragen of er nog een initiatief is dat we op de website kunnen zetten. We zullen natuurlijk wel communiceren dat het kan, maar het initiatief ligt wel bij degenen die wat organiseren. Er is ook nog een punt aan toegevoegd wat betreft het participatiebudget van de sociale dienst. Er stond, om te onderzoeken of delen van het uitvoeringsprogramma ook te financieren zijn vanuit het participatiebudget van de sociale dienst. Dat ligt technisch wat moeilijk. Je zou zeggen, dat kan niet. Onze sociale dienst is een gemeenschappelijke regeling. Ons eenzaamheidsbeleid is een lokaal beleid. We kunnen niet vanuit de gemeenschappelijke regeling vragen of ze geld willen overmaken naar de gemeente Dordrecht om lokale initiatieven te financieren. Technisch kan ik u nu al vertellen, qua onderzoek, het zal niet een-twee-drie kunnen. U vraagt het te onderzoeken, maar ik geef u alvast een uitslag. Maar dat neemt niet weg dat we wel de verbinding kunnen zoeken, want er gebeurt wel heel veel bij de sociale dienst wat helpt om eenzaamheid tegen te gaan dan wel het meedoen en dergelijke, elkaar ontmoeten, te bevorderen. Want we hebben een participatieregeling. Er is ook een participatiesubsidieregeling.

Op dit moment zie je al dat je heel veel leer-werkbedrijven hebt, als je het dan toch hebt over meedoen en dergelijke, zijn die heel belangrijk, die daaruit gefinancierd worden en dat mensen begeleid worden naar vrijwilligerswerk. En u denkt, waar heeft u het dan over? Misschien is het wel aardig om een paar voorbeelden te noemen die u waarschijnlijk wel zult herkennen als u naar die leer-werkbedrijven kijkt waar mensen geactiveerd worden om mee te doen. Dan heb je het over Wereldwijven, Stichting BuitenZinnig, De Buitenwacht, Crabbehoeve, Gemiva, Resto VanHarte, Stichting Helpende Handen. Ik stop even met een opsomming, maar dan heeft u wel beeld van wat er al gebeurt. Die verbinding zullen we ook zoeken. Het lijkt me goed, u vraagt om een voortgangsrapportage, om dat in de volgende voortgangsrapportage die komt over de uitvoeringsplannen op de Visie sociaal domein netjes te verwoorden, zodat het voor u zichtbaar is dat het gebeurt in dit kader en dat het met elkaar te maken heeft. Even kijken. Wat misschien wel goed is om even te melden, ik heb het in de commissie ook gezegd, we gaan deze actiepunten meenemen, en de aandachtspunten vooral, maar extra structurele inzet op ontmoeting en eenzaamheid kunnen we niet doen, omdat er op het moment geen financiële middelen voor zijn. We kunnen wel punten meenemen, maar geen heel nieuw vergaand beleid ontwikkelen zonder geld.

Dit initiatiefvoorstel voorziet niet in extra geld. Dat zou er dan bij moeten als u vindt dat er wat anders en vooral meer moet gebeuren. Anders kan altijd, maar meer. Dan nog 1 laatste punt voordat ik op een paar individuele vragen inga, er wordt geraagd om een rapportage in het derde kwartaal. Nu is het natuurlijk zo dat u heeft gezegd, vlecht dit nu in, in het bestaande beleid van de uitvoeringsplannen Visie sociaal domein, met name het punt Elkaar helpen. We hebben elk jaar een raadsinformatiebrief over de voortgang. Die heeft u recent ook gehad. Die komt meestal in het eerste kwartaal. Die verwachten wij ook in het eerste kwartaal van 2027. Het lijkt ons als college efficiënter om de verwerking van dit initiatiefvoorstel en de invlechting in uitvoeringsplannen op de Visie sociaal domein een plaats te geven en integraal met u te delen. Voorzitter, dan nog een paar punten om in te gaan vanuit vragen vanuit de diverse fracties. De fractie van de VVD vroeg aandacht voor de Hengelsportvereniging, omdat de oevers slechter bereikbaar zijn. Ik zeg het maar eerlijk, vanuit eenzaamheidsbeleid heb ik daar zelf geen budget of middelen voor, maar ik heb even overlegd met mijn collega die verantwoordelijk is voor

31

stadsbeheer. Hij is zeer bereid om te kijken of hij daar iets in kan betekenen. Die toezegging kan ik doen qua inspanning. De uitkomst gaat u vast ooit een keer horen van hem. En het laatste punt, want het wordt af en toe gezegd, ik hoorde het de VSP ook zeggen, het eenzaamheidsbeleid is niet herijkt. Misschien is het nooit onder die woorden herijkt, maar met de vaststelling van de Visie sociaal domein en de uitvoeringsplannen sociaal domein, waar eenzaamheid wel een belangrijk aandachtspunt in is, is ook het beleid herijkt. Het wil niet zeggen dat alles wat hierin staat onzin is, maar dat is wel hoe we het met elkaar gedaan hebben en waar ook de raad mee ingestemd heeft om het op die manier integraal te gaan doen. Voorzitter, dat wat betreft de woordvoering vanuit het college. De voorzitter: Wethouder, dank. En volgens mij hebben we een hele duidelijke eerste termijn gehad, waarbij de partijen ook al aangaven hoe ze erin zitten. Ik heb het gevoel dat we over kunnen gaan tot stemming, toch? Dat is het geval. Dan gaan we stemmen over het initiatiefvoorstel Dordt Ontmoet van ChristenUnie/SGP, CDA, VSP en inmiddels heel veel partijen die het steunen. Breng uw stem uit voor minder eenzaamheid in deze stad. Het voorstel is unaniem aangenomen. Van harte gefeliciteerd aan de initiatiefnemers. Dan hebben we nog agendapunt 42, de raadsinformatiebrief.

Daar hoeven we niet over te stemmen. Daar heeft u kennis van genomen, toch? Dat lijkt mij duidelijk. Die hebben we dan hierbij ook behandeld. 12.Vaststellen Buurtakkoord "Ons Vierkant" - Raadsvoorstel De voorzitter: Dan gaan we alsnog naar het opgebrachte bespreekstuk Buurtakkoord Ons Vierkant. Dit is op 24 februari beeldvormende al besproken in de commissie en op 3 maart oordeelsvormend. De commissie heeft besloten het onderwerp als hamerstuk op de agenda te zetten, waarbij de VSP al had aangegeven een motie te overwegen. De VSP heeft samen met de VVD tijdig een motie ingediend. Daartoe is het voorstel een bespreekstuk geworden. De bespreking gaat alleen over de inhoud van de motie. Elke fractie krijgt 2 minuten spreektijd. U had het immers als hamerstuk aangebracht. Ik geef graag als eerst het woord aan de VSP om de motie kort toe te lichten en officieel in te dienen. Mevrouw Stolk, mag ik u het woord geven? Mevrouw Stolk: Dank, voorzitter. Voorzitter, het Leger des Heils doet belangrijk werk. Bewoners maken zich al langere tijd zorgen over veiligheid en leefbaarheid in de wijk. De problematiek van een deel van de doelgroep wordt steeds zwaarder. Daarom vragen wij met deze motie om te onderzoeken of deze problematiek bij de opvang, op deze plek, nog passend is. Daarom dienen wij deze motie in.

Dat is niet alleen met de VVD, maar daar is bijgekomen Beter voor Dordt en Op Ons Eiland. De voorzitter: Dank, mevrouw Stolk. Wensen de overige indieners nog toe te lichten of kunnen we nu doorgaan tot de reguliere woordvoering? Ik zie dat mijnheer Van der Net nog als indiener het woord wil voeren. De heer Van der Net: Ik ga ervan uit dat wat mevrouw Stolk net gezegd heeft, ook door ons wordt ondersteund.

32

De voorzitter: Helder. Ik kijk … Ik kijk even rond. Dat is voldoende? Dan gaan we nu de reguliere woordvoering doen. Mag ik dan bij u beginnen mijnheer Van der Net? Het woord is aan u. De heer Van der Net: Vandaar dat ik even in verwarring was, voorzitter. De voorzitter: Van de VVD-fractie. De heer Van der Net: Dat heb ik niet vaak, maar af en toe wel nog. Hulde nog even, met name voor het buurtakkoord, het voorbeeld van participatie en de inzet daar. Maar er is ook onrust ontstaan, omdat nu eenmaal dit buurtakkoord niet de overlast aanpakt die er echt in de buurt is. Wij hebben als Dordtse VVD in ons verkiezingsprogramma opgenomen dat we een keer de materie vanuit het Leger des Heils en de mensen die daar verpozen, die echt ernstige overlast geven, eens een keer vast te grijpen. Nogmaals, de meeste cliënten bij het Leger des Heils, prima. Die moeten een dak boven hun hoofd hebben en dat doet het Leger des Heils prima. Maar desondanks ziet ook het Leger des Heils dat er steeds meer mensen aankloppen met een ggz- of verslavingsproblematiek. Daar moeten we een keer wat mee. Die zorgtaak hoort niet bij het Leger des Heils, dat hoort ergens anders. Wat nu te doen met de groep die wel overlast veroorzaakt? Met name als ze overlast veroorzaken binnen het Leger des Heils, er uiteindelijk uit worden gezet en de buurt daar dan weer last van heeft.

Dit is een problematiek die trouwens in heel Nederland speelt. Ik denk ook dat we naar Den Haag moeten gaan kijken om eens de ggz te gaan versterken en de mensen die een zorgvraag hebben, een hulpvraag, een keer echt te bieden wat nodig is. Dat was het, voorzitter. De heer Van Dam Timmers: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Hartmeijer. De heer Hartmeijer: Dank, voorzitter. Even over de motie, het Leger des Heils heeft natuurlijk al meerdere keren duidelijk aangegeven dat zij in feite niet uitgerust zijn voor mensen met een ggz-problematiek. In de overweging in de motie wordt dat weer omgezet in een vraag, terwijl we al weten wat het antwoord is. En in het dictum wordt ook gesproken over verplaatsing of verspreiding van de locatie, als ik het goed heb gelezen. Wat zou een langdurig onderzoek dan nog verder gaan opleveren, bovenop wat we al weten? De voorzitter: Mijnheer Van der Net. De heer Van der Net: Ik heb het idee dat mijnheer Hartmeijer een verkeerde versie heeft. In de laatste versie hebben wij niet meer de mogelijkheid voor verspreiding en dergelijke opgenomen, omdat we echt een onderzoek willen, wat doen we nu met de doelgroep die bij het Leger des Heils verblijft en de overlast veroorzaakt in de buurt? En wij hebben daar nog geen punten bij gezet als verspreiding en dergelijke. De voorzitter: U heeft een interruptie van mijnheer Van Dam Timmers.

De heer Van Dam Timmers: Voorzitter, ik heb de motie ook gelezen. Wat een beetje blijft hangen als je kijkt naar het dictum, dan lees ik dat er een onderzoeksvoorstel uitgewerkt

33

moet worden met betrekking tot de maatschappelijke opvang, maar vervolgens ontbreekt er een onderzoeksvraag of een onderzoek waar dit daadwerkelijk over zou moeten gaan. Ik ben benieuwd van de VVD, wat is precies de vraag die ze beantwoord willen hebben? De voorzitter: Mijnheer Van der Net. De heer Van der Net: Voorzitter, ik ben geen onderzoeker. Wat dat betreft leggen wij met deze motie de verantwoordelijkheid bij het college, die dan deskundigen kunnen inschakelen om de juiste onderzoeksvragen te stellen over wat wij uiteindelijk met deze doelgroep moeten doen. Ik wil me als leek daarbuiten houden. Maar ik zie de problematiek en ik verzoek het college om dat een keer echt op te pakken en daar wat mee te doen, voorzitter. De voorzitter: Duidelijk. U was klaar met uw … De heer Van der Net: Ik was klaar. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk naar de fractie van GroenLinks. Mevrouw Kruger. Mevrouw Kruger: Voorzitter, dank u wel. Vooropgesteld, voorzitter, ook vanuit Groenlinks nogmaals de complimenten aan de opstellers en schrijvers van het buurtakkoord. Waar voorheen het plan van aanpak door de gemeente bij evaluatie onvoldoende bleek te zijn, ligt er nu een akkoord waar de meesten zich in kunnen vinden. Het is onmogelijk om iedere belanghebbende tegelijk tevreden te stellen, maar er kan nu gestart worden met een gedragen document.

Het is een levend product met jaarlijkse evaluatie. Er ligt een visie en uitvoeringsprogramma voor het hele vierkant. Een lange adem en geduld is nu nodig. De twee punten ten aanzien van overlast door personen met begrepen gedrag uit het actieplan, worden nu aangehaald in de motie. De overlast in de openbare ruimte door mensen met onbegrepen gedrag, met name psychiatrie en verslaving, is niet alleen een probleem van Dordrecht en zeker niet alleen in het vierkant. Het is inmiddels bekend dat het een landelijk probleem is. De toename laat zien dat steeds meer mensen vastlopen door een combinatie van psychische problemen, sociale kwetsbaarheid, schulden of een gebrek aan passende zorg en ondersteuning. Verschillende organisaties signaleren dat het huidige zorg- en ondersteuningsaanbod onvoldoende aansluit bij mensen met onbegrepen of verward gedrag. Door de complexiteit en versnippering van het zorglandschap raken zij regelmatig uit beeld of krijgen zij te laat hulp met escalaties tot gevolg. Net vers van de pers, voorzitter, kamerlid Ingrid Coenradie wil dat er een speciale opvang komt voor mensen met verward gedrag. Dat is ook de wens van burgemeester Schouten. Rotterdam dient daarbij als proeftuin. Daar gaat de komende week over gesproken worden in de Tweede Kamer.

Coenradie wil een opvang waar mensen in een rustige omgeving kunnen bijkomen of afkoelen, waar beoordeeld wordt wat er met hen aan de hand is, direct hulp wordt geboden of waar iemand een doorverwijzing krijgt voor intensievere zorg als dat nodig is. Voorzitter, hoe gaan wij dit aanpakken? De motie biedt daar een aanzet toe. We kunnen ons gaan voorbereiden door een goede analyse te maken over waar we mee te maken hebben, wat er nodig is en of er in onze stad of regio plekken zijn waar een opvang, zoals

34

de minister beschrijft, terecht zouden kunnen. Voorzitter, wij staan pal achter het buurtakkoord en kunnen vooralsnog deze motie ook steunen. De voorzitter: Dank, mevrouw Kruger. Ik ga naar Beter voor Dordt. Mijnheer Schalken. De heer Schalken-den Hartog: Voorzitter, dank u wel. Kort namens beter voor Dordt, want we zijn blij met het buurtakkoord, al realiseren we ons ook dat we er daarmee niet zijn en dat het continu aandacht blijft vragen. Het buurtakkoord is uiteindelijk ook een compromisakkoord. Er zijn altijd bewoners die meer of minder willen, meer of weinig overlast ervaren. De komende jaren gaat de buurt ook sterk veranderen met alle nieuwbouw die nog gepland staat. Andere bewoners komen er dan bij en dan gaat ook de situatie op straat veranderen. We hebben de motie mede ingediend, omdat we het ook belangrijk vinden om goed en meer duidelijkheid te krijgen met betrekking tot de doelgroep en de overlast en om te kijken hoe we de komende jaren ervoor kunnen zorgen dat er voor alle doelgroepen passende zorg en ondersteuning kan worden geboden, waarbij je, je moet afvragen of het allemaal op het Kromhout moet kunnen blijven. De voorzitter: Duidelijk. Dank u wel. Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voorzitter, allereerst compliment voor iedereen die heeft meegewerkt aan het buurtakkoord van ons vierkant.

Bewoners, organisatie en betrokkenen hebben hier veel tijd en energie ingestoken. Dat laat zien hoe betrokken mensen zijn bij hun buurt. Dat verdient waardering. Maar juist omdat bewoners zo betrokken zijn, moeten wij hun signaal ook serieus nemen. Rond het Kromhout horen we al jarenlang dezelfde zorgen, overlast, onveiligheidsgevoelens en een leefbaarheid die onder druk staat. Dat zijn geen incidenten meer, maar dat zijn structurele signalen uit de wijk. Die zorgen komen ook duidelijk terug in de enquête die voor dit buurtakkoord is gehouden. Tegelijkertijd willen wij benadrukken dat het Leger des Heils belangrijk werk doet. Zij vangen mensen op die vaak nergens anders terechtkunnen. Het werk is van grote maatschappelijke waarde en dat erkennen wij. Maar het Leger des Heils geeft zelf ook aan dat de doelgroep steeds complexer wordt. Steeds vaker gaat het om mensen met zware ggz- of verslavingsproblematiek. Dat vraagt veel van een organisatie, maar ook van de omgeving waarin deze plaatsvindt. En dan moeten wij als raad een eerlijke vraag durven stellen, past deze vorm van opvang op deze plek nog wel? Want, voorzitter, goede zorg is belangrijk, maar een wijk moet ook leefbaar blijven. We hebben hier te maken met een dichtbebouwde woonwijk waar veiligheid en leefbaarheid al langer onder druk staan. Bewoners geven dat al jaren aan.

Als een wijk al jaren dezelfde signalen aangeeft, kan de politiek niet blijven zeggen, dat blijven we monitoren. De voorzitter: U heeft een interruptie van mijnheer Damen. Gaat uw gang.

De heer Damen: Het is denk ik een hele goede vraag om te kijken of te beoordelen of deze wijk de problematiek aankan. Het grote probleem is of er überhaupt in Dordrecht een ‘…’(01:40:46) waar deze problematiek opgevangen kan worden. Dan kan men verwijzen naar een industrieterrein, maar daar gaat de doelgroep niet naartoe. Ik vind

35

het lastig om alleen maar te beoordelen of deze wijk die problematiek aan kan. Die vraag gaat geen antwoord opleveren waar wij wat mee kunnen als gemeente. De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voorzitter, terechte vraag. Ik denk inderdaad dat als je in een dichtbevolkte wijk deze problematiek hebt, dat je het in principe nergens aankan. Maar deze wijk, waar het Leger des Heils nu zit, is al jarenlang overbelast met deze problematiek. Ik ben blij dat mevrouw Kruger net even vers van de pers aangaf dat de mensen die daar met zware multiproblematiek en verslavingsproblematiek zitten, mogelijk naar een andere, rustigere plaats toe kunnen. Laat ik dit vooropstellen, vanuit de VSP zouden wij dat van harte ondersteunen. De voorzitter: Duidelijk. Gaat u verder. Mevrouw Stolk: Voorzitter, ik had het al gehad. Daarom vragen wij het college om met een serieus onderzoeksvoorstel te komen naar de maatschappelijke opvang in onze stad, inclusief de mogelijkheid van spreiding of een andere locatie. Daar heb ik net al een beetje een antwoord richting mevrouw Kruger op gegeven. Niet het Leger des Heils, maar voor een eerlijke balans tussen goede zorg en een leefbare wijk. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer De Heer. De heer De Heer: Voorzitter, dank u wel.

Ook namens de ChristenUnie/SGP een groot compliment aan iedereen die heeft bijgedragen aan het buurtakkoord dat nu voorligt. Blij mee. Dan de motie die is ingediend. We begrijpen de achterliggende gedachte. Wat ons betreft vragen we ons wel af, hoort het bij dit agendapunt? Het voelt toch ook een beetje als een soort motie vreemd. We vinden het niet een heel goed idee om nu, op dit moment, met een motie een onderzoeksvoorstel af te dwingen. Het onderwerp heeft wel echt onze volle aandacht. Maar veel liever zouden we, in plaats van dat nu in de afgelopen commissies dit onderwerp helemaal niet ter sprake is gekomen, in een toekomstige commissie, via een agendering, hier uitgebreid over spreken. Mevrouw Stolk: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Stolk, een interruptie. Mevrouw Stolk: Ik ga toch even een correctie toepassen. Het is zeker wel in de commissie besproken. We hebben dit zelfs met een aantal partijen juist willen agenderen, want het staat namelijk niet los van elkaar. Het buurtakkoord is er gekomen doordat daar ook vele malen overlast is, met name door het Leger des Heils. Ik zeg niet dat het door het Leger des Heils komt, maar door de problematiek die het Leger des Heils niet aankan. De voorzitter: Duidelijk. Mijnheer De Heer.

36

De heer De Heer: Voorzitter, ik heb de woordvoering van mevrouw Stolk nog wel in mijn geheugen. Ik weet ook dat die zorgen wel zijn geuit. Tegelijkertijd denk ik, zo’n onderzoeksvoorstel, daar wil je uitgebreid over praten. Hoe komen we tot de juiste formulering, wat willen we precies in zo'n motie als opdracht aan het college meegeven? Dan vind ik dit best wel last-minute, terwijl het, zoals ook de zorgen die worden geuit, over een heel groot en belangrijk onderwerp gaat. Die zorgvuldigheid mis ik een beetje hier. Dat is de zorg die ik dan bij dezen uit. Daarom zou ik liever zien dat we in een volgende periode, met mogelijk nieuwe collega's, met de informatie die op dat moment voorhanden is, een uitgebreide bespreking hebben om misschien wel tot zo'n voorstel te komen, maar het voelt voor ons nu wel last-minute en wat abrupt. Volgens mij komt er een interruptie aan. Mevrouw Stolk: Voorzitter? De voorzitter: Een verduidelijkende vraag van mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Een verduidelijkende vraag. Waarom is dit buurtakkoord tot stand gekomen? Weet u dat? De voorzitter: Mijnheer De Heer. De heer De Heer: Die is veelkleurig te beantwoorden, zou ik dan aan mijn collega aan de overkant willen zeggen, want er zijn heel veel verschillende wensen en zorgen in de wijk waar verbetering voor nodig is.

Deze motie richt zich specifiek op de zorgen rondom mensen met onbegrepen gedrag, maar als u het buurtakkoord leest, gaat het over veel meer dan alleen maar dat. Dit zou even mijn antwoord zijn op de vraag. De voorzitter: Dank, mijnheer De Heer. Vervolgt u uw betoog. De heer De Heer: Nogmaals, wij zouden veel liever zien dat we zorgvuldig en uitgebreider dan nu, zo last-minute, hierover spreken. Misschien wel om tot dezelfde conclusie te komen. Tot slot, best een begrijpelijke vraag in deze motie, maar wat ons betreft nu niet de vorm en het moment. Dank u wel. De voorzitter: Dank, mijnheer De Heer. De heer Van der Net: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Van der Net.

De heer Van der Net: Ik wachtte even tot mijnheer De Heer klaar was. Maar deze motie vraagt om een onderzoeksvoorstel. Als dat voorstel er komt, dan hebben we uitgebreid de mogelijkheid om van gedachten te wisselen over of dit inderdaad de lading dekt. Dan kunnen we de inhoud in. Deelt mijnheer De Heer deze opvatting? De voorzitter: Mijnheer De Heer.

37

De heer De Heer: Voorzitter, als je zo'n onderzoeksvoorstel vraagt, dan wil je ook kaders meegeven. Daar hebben we helemaal niet met elkaar over kunnen spreken. Ik snap wel de inhoud van het dictum en dat je het daarmee meegeeft. Maar dan zou ik het veel mooier vinden, wij zijn als hele raad best wel bij dit onderwerp betrokken geweest de afgelopen jaren, om dat breder en zorgvuldiger aan te vliegen met elkaar. Dat zijn even de zorgen. In principe sympathie op een heel belangrijk deel van de inhoud, maar we wachten wat dat betreft ook graag even de reactie van het college af. De voorzitter: Ik kijk naar de fractie van het CDA. Mijnheer Van Dam Timmers. De heer Van Dam Timmers: Dank, voorzitter. U weet toch dat ik van de daklozen ben? Het buurtakkoord … Mevrouw Kruger: Voorzitter, ik had nog een vraag aan mijnheer De Heer. De voorzitter: Ik had niet gezien dat u die had. Dan ga ik nog even terug. Excuus, mijnheer Van Dam Timmers. Een verduidelijkende vraag van mevrouw Kruger aan mijnheer De Heer. Mevrouw Kruger: Dank u wel. Een aan mijnheer De Heer, ik snap wat hij aangeeft over duidelijke kaders meegeven om een onderzoeksvoorstel te schrijven. Ik had net in mijn woordvoering ook aangegeven om uit te zoeken wat men nu precies nodig heeft, zowel de inwoners als degenen die overlast verzorgen. Laten we die ook niet vergeten.

Ik heb aangegeven dat mogelijk, zeer mogelijk, in Rotterdam nu een pilot gaat starten. Dan denk ik, deze drie gegevens zouden mooi een kader kunnen zijn om een brede onderzoeksvraag te kunnen stellen die de raad kan verfijnen. Als dat zo zou kunnen zijn, zou u daar dan wel mee akkoord kunnen gaan? De voorzitter: Mijnheer De Heer. De heer De Heer: Voorzitter, dat zijn hele goede punten. Ik denk dat er dan, als we daar uitgebreid met elkaar over spreken, nog wel een aantal inzichten en invalshoeken zijn of informatie. Bijvoorbeeld dat waar mevrouw Kruger naar verwijst, ik heb het nog niet kunnen lezen. Ik vind het superinteressant, maar dan zou ik daar wat uitgebreider en beter voorbereid het gesprek over willen voeren. Vandaar. Dank u. De voorzitter: Mijnheer Van Dam Timmers, de man van de daklozen. De heer Van Dam Timmers: Dank, voorzitter. Het buurtakkoord Ons Vierkant is wat ons betreft een mooi initiatief. We zijn alle meewerkende buurtbewoners dankbaar voor hun constructieve inzet. We staan ook achter dit akkoord. Het akkoord gaat over zaken tussen de buurt en de gemeente. Het gaat niet per se over de oplossing voor alle problemen in deze buurt. We zien in deze buurt ook dat er diverse stemmen zijn. Sommigen die wat positiever over het Leger des Heils zijn, sommigen wat minder, meer en minder activistisch, meer en minder genuanceerd.

Belangrijk, denk ik, is om op te merken dat waar veel mensen samenkomen, dit gepaard gaat met overlast. Zeker in de grote stad als Dordrecht hebben we daar mee te maken, ook bij de maatschappelijke opvang in ons centrum. Het CDA Dordrecht is het Leger des Heils en al

38

haar medewerkers ontzettend dankbaar voor de inzet onder soms moeilijke omstandigheden. Wij zijn blij dat we de mensen die het, het minst hebben in onze stad, toch netjes proberen op te vangen. Onze fractie is dan ook blij met alle oplossingen die hier eerder al geprobeerd zijn. We zijn voorstander van deugdelijke noodopvang en vervolgens goede zorg als de eerste nood is opgevangen. Goede triage, vervolgens doorverwijzing naar opvang, verslavingszorg, psychiatrische zorg elders in de regio of opvang in opvanghuizen elders in onze stad, Housing First, alle verschillende varianten die er al zijn en alles wat eraan bijdraagt zodat dit makkelijker en beter gaat, of waarbij mensen terechtkomen bij de juiste zorg, juichen we van harte toe. Het zou mooi zijn als psychiatrie, maar ook verslavingsinstellingen meer ruimte hebben voor mensen met hele ingewikkelde problematiek. Helaas is dat nu soms niet het geval en komen ze daarom terecht in de maatschappelijke opvang. Het onderzoek zoals nu wordt aangevraagd is wellicht wat vlot. Ik hoor ook mijnheer De Heer zeggen dat je het liever misschien wat zorgvuldiger doet. Maar tegelijkertijd is onze fractie voorstander van het doen van goed onderzoek. Als dit daartoe leidt, dan zijn wij daar voorstander van. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga naar mijnheer Damen. De heer Damen: Voorzitter, wij zijn heel blij met het buurtakkoord.

Het is een goed verhaal. Ook dank aan alle betrokkenen die daar energie in hebben gezet. Maar terecht wordt er door een aantal buurtbewoners, en ook in deze raad door een aantal mensen, geconstateerd dat niet alle problemen met het buurtakkoord gaan worden opgelost. En met name dan van de groep met het onbegrepen gedrag. Er kan makkelijk geconstateerd worden dat het Leger des Heils onvoldoende grip krijgt op het onbegrepen gedrag, wat dan weer voor overlast in de wijk zorgt. Maar het lastige in dit hele verhaal is dat er een spanning zit tussen wat de cliënten met het onbegrepen gedrag zien als hun hulpvraag, namelijk even makkelijk een dak boven het hoofd en het liefst ook nog wat te eten, en wat hulpverleners zien als een noodzakelijk goed zorgarrangement. Zolang daar een gat tussen blijft zitten, blijf je allerlei vormen van overlast houden. Ik vind het prima als er onderzoek plaatsvindt, waarna uiteraard de volgende raad bespreekt wat je kunt doen, maar een makkelijke oplossing voor dit probleem bestaat simpelweg niet. Het blijft tobben, zoeken, uitproberen. Voor een gedeelte zal dat ook blijven zorgen voor overlast in de betreffende buurt zolang het Leger des Heils daar zit. De voorzitter: Dank aan mijnheer Damen. Mijnheer Venderbos of Groenewege, Groenewege.

De heer Groenewege: Dank u wel, voorzitter. Allereerst een compliment voor het buurtakkoord. Supergoed dat de buurt samen zoiets heeft opgesteld en ook heel goed dat er een actieplan aan gekoppeld is, want dat maakt het concreet en toetsbaar. Voorzitter, als we iets hebben gezien de afgelopen vier jaar, dan is het dat politici soms net mensen zijn. Maar wat dit buurtakkoord ons heeft getoond, is dat mensen soms net politici zijn en dat het soms onmogelijk is om alle neuzen echt dezelfde kant op te krijgen. Dan het Leger des Heils, een organisatie die we niet kunnen belasten met complexe ggz- en verslavingsproblematiek, want daar is de organisatie niet voor geëquipeerd. Er is een rol als overheid om daar verantwoordelijkheid voor te nemen.

39

Vanuit dat uitgangspunt zijn we positief over de motie en sluiten we ons graag aan bij wat mevrouw Kruger daar allemaal over heeft gezegd, want dat is veel zinniger dan hoe ik het zelf zou kunnen zeggen. Tegelijkertijd delen we ook het oordeel van mijnheer De Heer over de zorgvuldigheid en het ontbreken van een onderzoeksvraag. De motie had echt wel wat scherper gekund. Maar goed, het is een begin. De voorzitter: Mijnheer Safranti. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, in dit geval heb ik mijn woordvoering weggelaten. Ik sta pal achter de woorden van de lijstduwer en stemmentijger Kitty Kruger. Dank u wel. De voorzitter: Dank, mijnheer Safranti. Mevrouw Koene. Mevrouw Koene: Dank, voorzitter. Voorzitter, wij zijn natuurlijk ook blij met het buurtakkoord, in de zin van dat het altijd goed is dat er vanuit de mensen in de wijk zelf iets opgetuigd wordt. Dan heb je een heel ander draagvlak dan wanneer vanuit de gemeente een of ander plan landt. Ondanks dat we begrepen hebben dat niet iedereen helemaal op dezelfde lijn zit, denken we dat je mooi verder uit kunt bouwen als je dit als basis ziet. Lekker mee aan de slag gaan, kijken en bijstellen. Ten aanzien van de motie, dat vinden wij best wel lastig.

We weten ook niet zo heel erg goed waar je als gemeente zou moeten beginnen, behalve dat je natuurlijk wel verantwoordelijkheid hebt om voor bepaalde groepen te zorgen voor huisvesting enzovoorts. Maar de mensen die bij het Leger des Heils zitten en er misschien niet horen te zitten, wat kunnen wij daar concreet aan doen? Ggz-problematiek, verslavingsproblematiek, dat zijn dingen die meer opgelost moeten worden in combinatie met een zorgkantoor of een zorgiets, dan dat we het als gemeente zelf kunnen. Vandaar dat wij toch een beetje huiverig staan ten opzichte van een onderzoek zoals het nu wordt gevraagd en dat we ons best wel kunnen vinden in de woorden van mijnheer De Heer om eerst goed te bepalen wat je wil en wie je erbij wil betrekken. Want dat komt er nu niet helemaal uit. Misschien kan de wethouder zo meteen zeggen of hij aan de hand van dit verhaal stappen kan gaan zetten. Misschien heeft hij wel een goed advies om ons dan toch eerst beter te richten op wat we precies willen. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Gündogdu.

De heer Gündogdu: Voorzitter, ook namens Op Ons Eiland wil ik alle inwoners, die heel hard hebben meegewerkt om een buurtakkoord op te stellen, van harte bedanken. Ik heb zelf zestien jaar in die straat gewoond, voorzitter. Alles wat ik de afgelopen jaren van de bewoners heb gehoord, is zo herkenbaar. De vraag blijft nog steeds. De motie die wij medeondertekenen, indienen, is juist om die extra stap te zetten om toch eens goed in beeld te brengen wat deze bewoners, maar ook de hulpbehoevenden, om het zo even te zeggen, echt nodig hebben. Niet alleen voor nu, maar ook voor de komende jaren. Ik hoop straks daar een antwoord op te krijgen van het college. Deze motie is niet bedoeld om het proces tegen te houden of teniet te doen, maar met name om verder te kijken dan alleen de dag van vandaag. Dank u wel.

40

De voorzitter: Dank aan mijnheer Gündogdu. Mijnheer Hartmeijer. De heer Hartmeijer: Dank, voorzitter. Wat betreft het buurtakkoord sluit ik aan bij wat mevrouw Koene hier zojuist over zei. Dan over de motie. Het Leger des Heils is primair bedoeld voor daklozen- en crisisopvang. Daar zijn ze op ingericht en niet op mensen die verslavingszorg nodig hebben of geestelijke ondersteuning. We weten dat het niet makkelijk is om snel in aanmerking te komen hiervoor vanwege wachtlijsten. Het Leger des Heils stuurt hen niet weg. En maar goed ook, want anders belanden zij misschien wel op straat met alle gevolgen die dat weer heeft. Maar dit zorgt wel voor de nodige overlast in de buurt. Deels door mensen die hier door hun problematiek weinig aan kunnen doen. Deze mensen moeten vooral hulp krijgen. Deze situatie vraagt vooral politiek handelen en niet alleen door de gemeente. Mocht deze situatie niet veranderen, zitten we met de vraag of het niet beter is deze daklozenopvang, die daarnaast ook nog andere mensen opvangt, te verplaatsen naar een andere locatie. De vraag is dan wel, waar dan? Daar stond gisteravond nog iets in over het dictum, maar ik had even gemist dat er een inmiddels een nieuwe versie was. Excuus daarvoor. Wij zien weinig in een groot onderzoek dat slechts de conclusies, die allang geuit zijn, nog eens opnieuw bevestigd.

Dat zien we ook terug in de tekst van de motie en horen we in de diverse woordvoeringen. Ons is niet duidelijk wat je precies voor nieuwe inzichten zou kunnen krijgen met een onderzoek. Naar ons idee heeft het Leger des Heils goede contacten met de gemeente, weten we wat er speelt en anders kunnen wij als raadsleden, als we willen, ten alle tijden informatie krijgen via het Leger des Heils zelf en onze eigen politieke overwegingen maken. Dank. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Dank u wel, voorzitter. Het leger des doet goed werk. Laat ik dat vooropstellen. Echter, al lange tijd is er sprake van overlast in de buurt van het Kromhout, waardoor je, je kan afvragen of een daklozenopvang in het centrum van de stad, of dicht bij het centrum, wel zo handig is. Al in 2019 heb ik gepleit voor andere mogelijkheden. Zo zou een opvang misschien aan de rand van de stad kunnen worden gesitueerd, op een rustige locatie. Ik besef dat daar natuurlijk ook haken en ogen aanzitten, bijvoorbeeld wat betreft het vervoer. Maar een onderzoek naar waar het dan wel beter zou kunnen dan in het Kromhout, zou passend zijn. Deze motie gaat hier onder andere over en daarom stem ik voor. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer van der Spoel. De heer Van der Spoel: Dank u wel, voorzitter. Er ligt een mooi buurtakkoord met een concreet actieplan. Daar ben ik zeer tevreden over.

Daar gaan we ook mee instemmen, of ik. Dan wordt dat in onze laatste raadsvergadering gevraagd. Dit is ook mijn laatste raadsvergadering. Maar ik ga alweer even terug. 20 jaar geleden was mijn eerste raadsvergadering, in 2006. Met haar, inderdaad. Dat was in 2006, 20 jaar geleden. En iedere keer merk ik, in 2014 was ik ook actief betrokken, rondom de verkiezingen komt er altijd wel weer iets op het pad van onze gemeenteraad over dat we iets moeten doen met dit gebied. In die 20 jaar tijd heb ik vanuit de raad wel veel inzet gezien, maar weinig verbetering. En dan denk ik, er ligt nu een heel mooi buurtakkoord dat vanuit de buurt komt, laten we daarmee aan de slag gaan. Wat betreft de motie sluit ik mij volledig aan bij de woordvoering van de SP, want ik vind het weinig concreet.

41

De heer Van der Net: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Van der Net. De heer Van der Net: Wat mijnheer Van der Spoel waarschijnlijk vergeet, is dat het buurtakkoord natuurlijk niets zegt over de veiligheid en de leefbaarheid an sich, omdat daar de overheid juist over gaat. Dat staat ook in het buurtakkoord. De bewoners daar kunnen richting het Leger des Heils niks doen. Vandaar dat wij nu die motie hebben gemaakt om ook dat probleem nog een keertje echt vast te pakken. Is mijnheer Van der Spoel dat met mij eens? De heer Van der Spoel: Voorzitter, het zal u niet verbazen, dat ben ik niet met mijnheer Van der Net eens, omdat ik nu al twintig jaar zie gebeuren dat wij als raad iets vastpakken, maar we slaan nog geen deuk in een bakje boter, heb ik soms het idee. De heer Van der Net: Voorzitter, ik zit in de raad omdat ik een optimist ben. Ik word er niet cynisch van om te blijven proberen om toch een probleem op te lossen. De voorzitter: Harstikke goed. Mevrouw Pichel. De heer Van Dam Timmers: Voorzitter? De voorzitter: mijnheer Van Dam Timmers als interruptie. De heer Van Dam Timmers: Voorzitter, als interruptie. Ik hoor mijnheer Van der Spoel een vrij cynisch verhaal houden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/1102/documents/47789