CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.1 2024.11.05 Notulen Gemeenteraad Dordrecht - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 26 november 2024, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 5 november en 11 november 2024 en de Dordtse Dinsdag van 22 oktober 2024 Vergaderzalen 1, 3 en 550.121 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

Ik geef dat even aan u mee. Het kan zijn dat u behoefte heeft aan een schorsing voor overleg met uzelf. Ik zou wel willen proberen dat we zorgvuldig met elkaar, in de geest van het Reglement van Orde, omgaan. En ik acht u, gezien uw staat van dienst als volksvertegenwoordiger, toch in staat om dat ook op zorgvuldige wijze inhoud te geven.

42

De heer Stam: Voorzitter, het is ook niet gebruikelijk. Dat ben ik helemaal met u eens. Maar we zitten hier als volksvertegenwoordiger. En er zitten wat mensen op de tribune die best wel hele grote emoties en problemen hebben. Laat ik dan met een aantal andere partijen even in overleg treden, waar die bewoners ook bij aansluiten. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, ik heb even een aanvulling. De voorzitter: Even geen enkel misverstand... Om de beginnen, is het heel goed dat er zoveel mensen deelnemen, kennisnemen van het debat. En dat vind ik ook waardevol. En ik vind ook de inbreng van de samenleving op lastige dossiers heel belangrijk. Dat hoort er ook bij. Maar ik hoop dat u begrijpt dat ik in mijn rol als voorzitter van uw raad ook probeer de hoeder te zijn van het systeem en de waarden en de normatiek, zoals we die met elkaar hebben gedaan, als ik spreek over zonder last en ruggenspraak. En dat is heel zwaar. En zo bedoelt u dat niet. Maar ik geef het toch even mee in een wat breder perspectief van de wijze waarop we als lokale vertegenwoordigers ons werk trachten te verrichten. Ik geef het woord aan de Fractie van Leeuwe. Mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Dank u wel, voorzitter. Als je alles hebt gehad en je denkt dat het niet erger kan, dan weet het college je soms te verrassen.

Mijn partij begrijpt ook dat het opvangen van Oekraïense mensen, mits tijdelijk, passend is. Er is oorlog en we zien daarom deze mensen als oorlogsvluchtelingen. Mijn kritiek richt zich voornamelijk op het voornemen van het college voor het bouwen van 4 woningen, parkeerplaatsen en een weg op een grasveldje achter het Kipling-erf in de wijk Stadspolders. Ik ben er wezen kijken en ik was geschokt. Op het kleine grasveldjes spelen nu jonge kinderen. En er is geen goede vervanging. Ook heeft het grasveldje een functie voor gehandicapte kinderen, die op het grasveldje in een veilige ruimte kunnen vertoeven. En ook is het veldje een rustpunt in de buurt, in de toch al veel te dichtbebouwde wijk. Wat doen we deze mensen aan? De inwoners hebben een petitie ingediend met bijna 300 handtekeningen. De bewoners klagen dat er geen participatie is geweest. Het is al een paar keer genoemd, en terecht. Het college overvalt de bewoners op korte termijn. Er is toch een Omgevingswet die eist dat er altijd inspraak moet zijn, en dan voordat de beslissing wordt genomen? Te weinig tijd, college? Was eerder begonnen. College, laat dit deelproject vallen. In die 4 huizen worden maximaal 20 tot 24 mensen opgevangen. Vang dan maar wat minder mensen op. Dordrecht heeft de afgelopen jaren al veel meer Oekraïners opgevangen dan er was gevraagd.

Denk nu eens aan de huidige bewoners van dit deel van de Stadspolders. We hebben een motie ingediend waar dit wordt vastgelegd, samen met de VSP. Heel goed. Dank u wel, mevrouw Stolk. Heel goed. Even kijken. Ons voorstel is, begin een participatietraject of trek gewoon het voorstel in voor het Kipling-erf. Wees menselijk. Ga staan voor de bewoners. Dan over de andere moties en amendementen, in de laatste 15 seconden. Dan moet eens even heel snel kijken naar mijn lijstje. Geen flexwoningen langs de A16, zijn we het mee eens. We vinden het onmenselijk om die woningen op een paar meter afstand, 40, 50 meter afstand van een rijksweg te bouwen. Dan zijn we het verder nog niet eens met motie M2, onbekend maakt onbemind. Het is geen taak van de overheid om bevolkingsgroepen bij elkaar te brengen. Als dat gebeurt vanuit beide groepen vinden we dat op zich prima. De voorzitter: Uw tijd zit erop.

43

De heer Van Leeuwen: Profiel van de mensen om flexwoningen aan te laten sluiten op de woonwijken, daar zijn we het niet mee eens. Alleen M6 gaan we nog wel ondersteunen. De rest zijn we tegen. Dank u wel. De voorzitter: Ik dank u wel. Ik geef het woord aan het college voor een spreektijd van tien minuten. En wethouder Van der Kruijff en wethouder Burggraaf zullen voor de beantwoording zorgdragen. Het woord is aan wethouder Burggraaf. De heer Burggraaf: Dank u wel, voorzitter. Allereerst dank aan Gewoon Dordt voor het kladblokje. Ik heb hem al gebruikt. Ik hoop niet dat later nog al die blaadjes voor wat anders gebruikt moest worden, want dan heb ik een probleem. En inderdaad, dit onderwerp doen wij in de beantwoording met zijn tweeën. Ik ben verantwoordelijk in het college voor het bouwen en de realisatie. Mijn collega, de heer Van der Kruijff, gaat over doelgroepenhuisvesting en de toewijzing van woningen. Ik zal de reflectie geven op amendementen 1 en 2, motie M1, M3 en M6. En de heer Van der Kruijff op de andere moties die er zijn. En ik zal het even behandelen langs twee blokjes. De eerste is het vraagstuk met betrekking tot de locatie. En de andere is de participatie en de realisatie. Allereerst de locaties.

En daar wil ik toch wel beginnen met een aantal partijen die een tegenstelling hier inbrachten van, u kijkt nu alleen naar de Oekraïneopvang en niet naar de huisvesting voor Dordtenaren. Dat is waar het college juist de afgelopen jaren al heel druk mee bezig is en dagelijks mee bezig blijft. Zo hebben we ook op het Leerpark als eerste flexwoningen gerealiseerd, 333, voor juist de jongerendoelgroep, waar zo hard woningen voor nodig waren. Hebben we inmiddels in onze planvoorraad enorm veel sociale huurwoningen zitten. En trekken we nu alles uit de kast om op tijd het Crownpoint te kunnen gaan ontwikkelen, zodat we daar ruim 175 woningen kunnen gaan realiseren... Mevrouw Stolk: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Stolk. De heer Burggraaf: Die ook in het betaalbare segment zitten, voor een groot deel. Mevrouw Stolk: Voorzitter, nou wil ik toch wel even een kanttekening maken. Dat we zo hard werken voor de Dordtenaren en dat we zoveel sociale woningbouw hebben gebouwd, dat wordt altijd mooi uitgemeten in de pers. Er is de laatste jaren meer afgebroken dan bijgebouwd. Volgens mij zitten we nu 93 woningen in de plus. Dat is maar heel karig. Ik wil daar even een opmerking over maken, voorzitter. De voorzitter: Wethouder. De heer Burggraaf: Voorzitter, u heeft ons de opdracht gegeven om voor 2.000 sociale woningen planvoorraad te creëren. En daar zitten we al bijna aan.

Ik wil maar zeggen, we zijn echt hard bezig om de doelstellingen, die u ons mee heeft gegeven, ook in de praktijk waar te maken. Dan voor wat betreft de locatiezoektocht, die hebben we ook met de gemeenteraad al in 2022 2 keer besproken. De lijst die u heeft gezien aan mogelijke locaties hebben we ook toen met elkaar besproken. We hebben toen ook gevraagd aan de raad, zijn er nog locaties waar u bereid bent om het bestemmingsplan aan te passen of tijdelijk af te wijken? Daarvan heeft u toen niet gezegd van, doe dat

44

maar om daar flexwoningen realiseren. Ik wil ook het beeld toch wel even rechtzetten als zou het college daar onwelwillend in zijn geweest. En er zijn inderdaad een paar locaties daarin ook voorbijgekomen waarvan werd gezegd, die gaan we nu niet doen, omdat we verwachten dat er binnen 10 jaar een permanent ontwikkeling plaats zou vinden. Daar zat ook onder andere de locatie van het Kipling-erf bij. Er is aangetoond dat dat niet direct financieel haalbaar was, ook van een aantal andere locaties. En daar is de situatie nu veranderd. En dat is waarom deze locaties nu ook bij u voorliggen. Mevrouw Stolk: Voorzitter. De heer Burggraaf: En u kunt profiteren en de Dordtenaren kunnen profiteren van het feit dat in de toekomst er ook weer woningen voor hen beschikbaar komen op die plekken. De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voorzitter, ik wilde de wethouder even de gelegenheid geven om uit te praten, maar ook hier geeft de wethouder weer een verkeerde voorstelling van zaken. Wij hebben wel degelijk twee jaar geleden aangegeven, ga kijken voor locaties van flexwoningen. En dat kon toen niet. En nu, omdat er geld vanuit het Rijk komt, kan het ineens wel. De voorzitter: De wethouder.

De heer Burggraaf: Voorzitter, het klopt, de raad heeft in 2021 moties aangenomen waarin het college werd opgedragen om een inventarisatie te doen waar flexwoningen mogelijk zouden zijn. Dat is begin 2022 ook aan uw raad gepresenteerd, die locatie. En een aantal randvoorwaarden daaraan meegegeven. Vervolgens hebben we daar met elkaar geconstateerd dat er geen locaties waren, om diverse redenen. Ik zou zeggen, pak die presentatie van destijds dan nog een keertje terug. En er zijn nu veranderende omstandigheden, waardoor op een aantal plekken nu er wel tot realisatie overgegaan kan worden. Dan, voorzitter, de locaties. Mevrouw Pichel: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Dank. Ik denk dat de wethouder, ik was er destijds niet bij in 2022, maar een terecht punt aansnijdt van, dit waren de kaders van de raad. En vandaar dat we binnen die kaders moeten zoeken. En ik besef me dat de tijd nu heel erg beperkt is. Maar toch wil ik de vraag wel stellen aan de wethouder, wat de mogelijkheden of onmogelijkheden zijn om toch nog met de raad in gesprek te gaan over het uitbreiden van die kaders? De voorzitter: Wethouder.

45

De heer Burggraaf: Voorzitter, u kunt altijd met ons daar het gesprek over voeren. De lijst heeft u gezien. Wanneer u dat wilt, kunt u daar altijd tijd voor maken in uw eigen Agendacommissie om daar nog eens een keer een verdiepend gesprek over te hebben, over die verkenning die er is. We zijn er transparant over geweest. Die lijst hebben we met u gedeeld. En ook daarin aangegeven welke aspecten voor andere locaties het voor deze opgave niet mogelijk maakten. Dan, voorzitter, de locaties. Allereerst de twee amendementen op de Wielwijk van de Partij voor de Dieren en SP. In het eerste amendement wordt wel heel stellig beweerd door de Partij voor de Dieren dat de GGD een richtlijn heeft gegeven waarin 150 meter niet gebouwd zou mogen worden. Ze geven zelf ook aan dat dat per geval verschillend is en dat je dat niet zo absoluut als een afstand kan nemen als richtinggevend voor je woningbouwlocaties. Ik wil u er ook aan herinneren dat we in onze stad niet zozeer alleen snelwegen hebben waar de uitstoot een invloed heeft. U kunt feitelijk stellen dat de rivieren die langs ons eiland varen een dusdanig aantal schepen kent dat die ook wel grotendeels vergelijkbaar is met snelwegen, als het gaat om uitstoot. Gelukkig zijn daar ook rijksbreed, Europees allerlei programma's lopend om continu de luchtkwaliteit te verbeteren, door eisen te stellen aan het gemotoriseerd vervoer.

En houden wij ons in Dordrecht aan de WHO-normen. Dat is overigens ook waar het RIVM naar verwijst, de basis waarop de GGD die algemene bepaling van afstand heeft aangegeven. En we voldoen binnen die WHO-normen op de plek in Wielwijk waar we gaan bouwen. En echt de afgelopen jaren is die luchtkwaliteit verbeterd. Anders dan zouden we het ook niet verantwoord vinden om deze locatie aan u voor te stellen. Dit amendement ontraden we derhalve. De heer Groenewege: Voorzitter. De voorzitter: De heer Groenewege. De heer Groenewege: Er is één luchtkwaliteit meetpunt in Dordrecht, aan de Bamendaweg, naast de TuinWereld. Eén meetpunt. In de rest van de stad worden de luchtkwaliteitswaarden berekend, op basis van de waarde van dat ene meetpunt. En op basis van die berekening beweert de wethouder nu dat de luchtkwaliteit in Wielwijk goed genoeg is, recht naast de snelweg, om daar huizen te bouwen. Hoe kan het dat de wethouder zoveel vertrouwen heeft in die berekening, als de GGD naar zijn eigen woorden zegt, je zou per locatie een afweging moeten maken? En de A16 is gewoon een hele drukke, brede snelweg. De voorzitter: Wethouder. De heer Burggraaf: Voorzitter, wij varen op de kaders waarin we gebruikelijk zijn om te toetsen. Dat doen we als het gaat om stikstofdepositiemetingen. Dat gaat om geluidsmetingen die ook vaak op een afgeleid model zijn gebaseerd. En ook op de luchtkwaliteit.

En als u daar een keer een andere discussie over wil voeren, dan stel ik voor dat u dat vooral rondom die beleidskaders dan met elkaar voert. In deze hanteren we de toetsingskaders, zoals die gebruikelijk zijn met elkaar vastgesteld. En dan stel ik vast dat op deze plek er binnen de WHO-normen voldaan wordt, als het gaat om de luchtkwaliteit. Dan is er amendement 2. Ook dat amendement ontraden wij. De heer Safranti: Voorzitter.

46

De voorzitter: De heer Safranti, gaat uw gang. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Even een vraag richting de wethouder. De wethouder geeft aan over de locaties en dat het zeer moeilijk is om plekken te vinden. Als wij nu al problemen hebben om 4 woningen ergens te plaatsen, hoe is de ambitie dan van het college om 4.000 woningen straks te gaan bouwen? Dat is eigenlijk mijn vraag. De voorzitter: Wethouder. De heer Burggraaf: Dank u wel, voorzitter. Dat zit in de planvoorraad die er al voor een groot deel vastgelegd ligt. Dat ziet u ook in het overzicht, dat er een aantal plekken zijn waar gewoon al ontwikkellocaties zijn. Daar worden binnen de komende jaren nieuwe woningen ontwikkeld. Daar kan je geen flexwoning neerzetten, want dan zit je die permanente ontwikkelingen in de weg. Daar worden die duizenden woningen gerealiseerd. Voorzitter, amendement 2 van Partij voor de Dieren en SP, waarin wordt aangegeven, ga daar nu niet bouwen, want die woningen zitten op 18 meter afstand van de bestaande flat. Ik wil ook dit amendement ontraden. Om hem even in perspectief te zetten, zoals ik dat bij de commissie ook gedaan heb, een vergelijkbare situatie is ook al aan de Jacob van Heemskerkstraat rond 2010 ontwikkeld. En daar staat een appartementencomplex op 12 meter afstand. Nog korter dan deze. En daar zijn in de praktijk positieve ervaringen mee.

Wij hebben geen redenen om aan te nemen dat deze ontwikkeling hier ook niet met de acceptabele kwaliteit gerealiseerd zou kunnen worden. En als je het hier niet doet, dan moet je inderdaad gaan beslissen om bijvoorbeeld voor minder Oekraïners opvang te organiseren. Daarvan heeft het college in ieder geval gezegd, wij vinden dat we daar een naar rato eerlijk deel moeten opvangen. En dat hebben we gedaan op basis van een norm. Maar dat kan ik beter aan de heer Van der Kruijff, mijn collega, overlaten, want dat is eigenlijk meer de beleidsafweging die je daar maakt in het aantal plekken. De heer Groenewege: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Groenewege. De heer Groenewege: De afstand tot de andere flat was niet het enige argument natuurlijk tegen die flexwoningen aldaar. De verstening is ook een groot punt, want het is daar al behoorlijk versteend. Het enige plantsoen, waar die bewoners nog op kijken, verdwijnt. Gaat dat nog gecompenseerd worden voor ze of gaat de wethouder enkel, zoals in de commissie is toegezegd, juist extra verstening toepassen door meer parkeerplaatsen aan te leggen? De voorzitter: De wethouder. De heer Burggraaf: Voorzitter, dat even in het algemeen, een aantal zorgen in de raad die werden uitgesproken over Wielwijk. Ik hoorde ze ook tijdens de inspreekavond van de commissie. Inwoners zeggen, we zien de enorme positieve verandering in onze wijk.

Het wordt steeds beter hier. De kwaliteit wordt steeds beter. En we maken ons zorgen of dat wel door blijft gaan. Laat dat helder zijn, dat is onze eerste prioriteit nog steeds in de wijken, om te zorgen dat die opgaande lijn, dat we die blijven vasthouden. Daar investeren we enorm in. Daarom zitten we ook in het Nationaal Programma, zijn er

47

onlangs weer nieuwe middelen voor toegekend. En die zitten ook op het investeren, in het verder verbeteren van de kwaliteit van de openbare ruimte, waar ook vergroening bij zit. En in het participatietraject, waar ik zo nog even op terug zal komen, en dan sluit ik af, voorzitter, zullen we ook zeker aandacht besteden aan als er wensen zijn in de omgeving voor nog verdere vergroening. Dan zullen we die zeker meenemen in de afweging. De voorzitter: Interruptie, mijnheer Hartmeijer. De heer Hartmeijer: Dank, voorzitter. De wethouder zegt, 2021, ‘22 zijn de gronden al aangewezen voor flexwoningen. In 2022 zijn de Oekraïners hier in Crownpoint gehuisvest. Waarom is er niet toen al een participatietraject met de omwonenden gestart? Waarom is toen niet de link tussen de ontheemden en de woningen gemaakt? Want met de komst van het azc voelen mensen zich nu overvallen. Daar zit de pijn in voor Wielwijk. Dat is dan toch een omissie in het traject? De voorzitter: Wethouder.

De heer Burggraaf: Voorzitter, in de commissie hebben we hier ook al even discussie over gehad. De opvang van Oekraïne was in eerste instantie vanuit het Rijk op basis van een eenjarige regeling. Er was geen langetermijnperspectief. Vervolgens eerst natuurlijk in Crownpoint konden we goed opvangen. Daarna hebben we met u in 2022, meen ik, of ‘23 gesproken over een alternatief om te kijken of het niet in het Stadskantoor zou kunnen. Dat kon toen niet. Daar hebben we veel tijd in zitten. Toen hebben we in 2024, dat staat in de beantwoording van de artikel 39-vragen, in het college gezegd, laten we met elkaar toch alvast vooruitkijken naar een langere termijn oplossing. En dat heeft pas in april tot de analyse geleid van, dat moeten we op vijf locaties verspreid over de stad doen, april dit jaar, met flexwoningen. En daarover hebben we u ook toen geïnformeerd via een raadsinformatiebrief. En het jaartal wat u net noemde 2022, 2021, dat ging vooral over de zoektocht, los van de Oekraïneopvang, die u toen aan ons had gesteld, kijk eens, waar zouden er plekken voor flexwoningen kunnen zijn? Dat zijn de twee discussies die nu langs elkaar heen lopen, denk ik. De heer Hartmeijer: Voorzitter. De heer Safranti: Voorzitter. De voorzitter: De heer Hartmeijer, dan de heer Safranti. Mijnheer Hartmeijer. De heer Hartmeijer: Dat loopt niet langs elkaar.

Ik vraag juist waarom dat toen niet aan elkaar gekoppeld is? Want de wethouder zegt, we hebben gezocht naar het Stadskantoor. Dat kon niet. Maar met zoveel Oekraïners ga je toch veel breder kijken? Dan ga je toch veel eerder starten met je mogelijkheden? Dat blijft nu hangen bij ons. De voorzitter: Wethouder.

48

De heer Burggraaf: Voorzitter, omdat er in eerste instantie op korte termijn een oplossing gevonden is in een grote aantal in Crownpoint. Omdat aan het begin van de oorlog en de één, twee jaren daarna continu het perspectief was dat het allemaal voor korte termijn zou zijn. Dat er vanuit het Rijk daar ook elke keer die aanwijzing maar voor een jaar was. De financiering daarvoor maar voor een jaar was. Je kwam op hetzelfde punt uit als destijds rondom flexwoningen besproken is. Een aantal locaties kan je niet ontwikkelen, omdat je binnen de korte tijd dat het er staat je het niet gefinancierd krijgt, omdat er een flinke, onrendabele top op zit. En dat is nu veranderd met de financiering van het Rijk, met een aanwijzing voor drie jaar en een aantal andere punten. De voorzitter: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Safranti. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, even een vraag rondom ook Wielwijk weer. Want de wethouder begon erover. De wethouder gaf ook aan dat het een kwetsbaar wijk is en dat daar alle aandacht naartoe gaat.

Mijn vraag is in dit geval, is er ook nu al gekeken, los van het Nationaal Programma, naar de voorzieningen die straks getroffen moeten worden? Want als je honderden mensen daar gaat plaatsen, ook met kinderen, is er bijvoorbeeld ook naar voorzieningen als scholen gekeken? En in hoeverre klopt het verhaal dat ik net probeerde uit te leggen met de school Albatros in Wielwijk? Zijn deze bij u bekend en hoe zijn de voorzieningen verder geregeld? De voorzitter: Wethouder. De heer Burggraaf: Voorzitter, deze vraag laat ik graag even beantwoorden door mijn collega, de heer Van der Kruijff, zo meteen. Ook vandaag in het college hebben we daar beantwoording van schriftelijke vragen, die daar ook over gesteld zijn, vastgesteld. Dat zit onder zijn portefeuille. Hij zal dat zo even aan u toelichten. De heer Gündogdu: Mag ik dan een vraag stellen? De voorzitter: Ja. Ik ga nu naar de heer Gündogdu. Gaat uw gang. De heer Gündogdu: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, de wethouder blijft maar in herhaling vallen als het gaat om die zoektocht naar flexwoningen in 2021, ‘22. Nu is die zoektocht er inderdaad geweest. Maar ik kan me absoluut niet voorstellen dat wij als raad vervolgens hebben gezegd, best college, bedankt voor deze inventarisatie. U hoeft er vervolgens niks mee te doen. Volgens mij klopt deze informatie niet. Maar ik laat me graag overtuigen door de wethouder.

De voorzitter: Wethouder. De heer Burggraaf: Voorzitter, dat is destijds de open vraag geweest. Ziet u nog plekken waarvan u zegt, daar willen we de kaders oprekken of anderszins, om toch te kijken naar een flexwonen invulling? Dat heeft u wel gedaan voor de locatie die ik al noemde op het Leerpark, waarin u ook heeft gekozen om daar wel te investeren en voor 333 jongeren in

49

onze stad en regio een plek te zorgen. Daar hebben we ook op de troepen vooruitgelopen. Voorzitter, dan hebben we nog 2 andere locatie moties. Dat was M3 en M6 van DENK. Met deze moties kunnen we niet anders dan constateren als je die zou aannemen dat je het niet in de planning gaat halen. Dat je dan vervolgens ook moet accepteren dat je Crownpoint niet tijdig leeg krijgt en daar tijdig kan beginnen met de sloop en dan de woningbouw, met het gevolg dat ook de WBI-subsidie daar in gevaar komt. De heer Oostenrijk: Voorzitter. De heer Burggraaf: En laat de lijst niet... De voorzitter: De heer Oostenrijk, CDA. De heer Oostenrijk: De heer Burggraaf heeft het over motie 3. En dan koppelt hij hem aan DENK. Maar volgens mij is motie M3 de VVD-motie. De heer Burggraaf: Excuus, ik bedoelde de motie, onderzoek naar alternatieve locaties voor de bouw van flexwoningen in Wielwijk. En ik heb zelf een nummer erop gezet, maar dan heb ik waarschijnlijk niet goed geluisterd bij de nummering. Heeft u een beeld? Kunt u zeggen welk nummer dat is? Is dit niet de motie... Want deze is een oude motie dan of die hebben alleen 1 motie, motie M6? Ja. Excuus. Dan is mijn administratie nog... Dat was een concept motie, excuus. Dan hebben we Wielwijk maximaal ontzien, excuus voor de verwarring, M6. Goed dat u me daar even aan helpt herinneren. Die vraagt om te kijken of je de aantallen kan halveren.

Daar kunt u voor kiezen als raad, maar dan kiest u er ook voor om niet aan de 650 plekken te kunnen voldoen of niet tijdig eraan te kunnen voldoen, omdat je geen alternatieven daarvoor gaat vinden. Tegelijkertijd wil ik nog wel erbij benoemen dat, nogmaals, die sociale cohesie en de leefbaarheid in de wijk echt onze volle aandacht heeft. En dat ook juist in het verdere proces, dat hebben we ook benoemd in dit raadsvoorstel, in de begeleiding en in de middelen die u beschikbaar stelt we echt kijken als daar extra maatregelen voor nodig zijn dat we die ook gewoon kunnen nemen in de wijk. Dan, voorzitter, tot slot nog de participatie met 2 moties, M1 en M8. Daar stelde Gewoon Dordt de vraag, hoe gaat u de participatie doen en wat heeft u daar nog nodig in de raad? We vinden de participatie erg belangrijk, heb ik in de commissie ook al toegelicht. En we vinden het ook heel belangrijk dat we duidelijkheid aan de omgeving geven. Participatie heeft allereerst plaatsgevonden daar waar je de bestemming wonen op locaties geeft. En daarnaast heb je dan het verhaal dat je kiest voor 5 locaties. En dat je dan vanaf dat moment gaat informeren dat het gebeurt. En daarna, zo hebben we het ook in de beantwoording van de artikel 39-vragen toegelicht, een goed participatieproces opzet. En dat gaan we zeker doen.

Zodra het besluit van de raad genomen is vandaag, zullen we de volgende stappen zetten om de participatie vorm te geven, via het inrichten van een begeleidingscommissie per locatie, het gesprek met de directe omgeving en omwonenden om naar een definitief ontwerp te gaan. De voorzitter: Denkt u aan de tijd, want uw collega wil ook nog spreken. De heer Burggraaf: Ik dacht dat we allebei tien minuten hadden. De voorzitter: Nee.

50

De heer Burggraaf: Excuus, voorzitter. Dan ga ik heel snel. Excuus. De voorzitter: Ik heb het opgemerkt, maar in de hitte van het gesprek, en ik moet zeggen de temperatuur is goed hier, enig begrip, maar probeer tot een afhandeling te komen. De heer Burggraaf: Excuus, voorzitter. Ik ga dan kort zijn. Wat ons betreft gaat die participatie... In de vervolgstap gaan we die goed inrichten. En nogmaals, met begeleidingscommissies. Wel in een snel tempo. Dat is ook duidelijk. Daar hebben we in principe motie M1 niet voor nodig. Het zijn een aantal aandachtspunten die wij wel herkennen, ook van de informatieavond. Mevrouw Stolk: Voorzitter. De heer Burggraaf: En zaken die we verder nader zullen onderzoeken. En tegelijkertijd, zijn er dingen waarvan u denkt, misschien kom je daar wel met elkaar uit. Andere dingen waarvan u zegt, flexwoningen draaien, schuine daken, dat botst wel met ook het bouwvlak wat je daar hebt en de ruimte die je nodig hebt. De voorzitter: Interruptie, mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk, gaat uw gang. Mevrouw Stolk: Voorzitter, ik wil toch nog een opmerking maken. Want via u heeft de wethouder het steeds over het participatietraject, maar dat is echt het paard achter de wagen spannen. Een participatietraject doe je vooraf en niet achteraf. En die opmerking wil ik toch nog een keer duidelijk maken. Je doet dat vooraf met de bewoners en niet achteraf.

De heer Burggraaf: Voorzitter, dat ben ik het geheel met mevrouw Stolk eens. Dat is ook gebeurd bij het vaststellen van een bestemming op de locaties met een bouwbestemming. Daar vindt een standaard participatietraject op plaats. De heer Katif: Voorzitter. De heer Burggraaf: En nu doen we dat over de wijze van vormgeven van de woningen op die plek. Daarmee heeft het college een motie... De voorzitter: De heer Katif. De heer Katif: Dank u wel, voorzitter. Want ik hoor namelijk de wethouder, participatie. Ik weet niet of de wethouder ooit gehoord heeft, via uw voorzitter, van draagvlak. Een draagvlak creëer je niet namelijk als je beslist en pas daarna even gaat participeren. Dat doe je andersom. En de vraag aan u, hoe had u dat draagvlak kunnen creëren, vooraf? De heer Burggraaf: Voorzitter, draagvlak is belangrijk dat je duidelijk bent. Waar heb je het met elkaar wel over en waar niet? Nogmaals als het gaat over bestemmingen op die plekken, dat hoofdstuk is al gepasseerd. En het volgende is dat je in de verdere inrichting daarvan op een goede manier vorm geeft om daar de geluiden uit de omgeving op te halen en te kijken, wat kan je daarin nog toepassen in het ontwerp wat je maakt? En de belangen goed in beeld brengen en die goed afwegen. En dan ook

51

transparant terugkoppelen hoe je daar vervolgens invulling aan hebt gegeven. Dat is waar we aan gaan werken. Het zou mooi zijn als je daar nog veel meer tijd voor had gehad. Hadden wij liever ook gehad. Maar de situatie is nou eenmaal dat we die tijd niet hebben. Daar hebben we het mee te doen. De voorzitter: Mijnheer Katif, tot slot. De heer Katif: Is sta eigenlijk echt serieus, voorzitter, met verbazing te luisteren. Ik bedoel, er zijn in de wijk Stadspolders, in dit geval, waar vier woningen zouden komen te staan, mensen die zeggen, er is nooit met me overlegd in welke vorm hoe dan ook. Een bestemmingsplan, ik ben het helemaal met u eens hoor, ik bedoel er is natuurlijk over geparticipeerd. Maar op het moment dat je uiteindelijk beslist dat je daar gaat bouwen, dan moet er toch enige, ik zou zeggen, humaniteit zijn naar de mensen die daar wonen. Dat je niet als een soort bureaucraat, luister eens, het bestemmingsplan is goedgekeurd, ik ga bouwen. Punt. En daarna ga ik de participatie aan de orde stellen. En dat irriteert, voorzitter. De voorzitter: Wethouder. De heer Burggraaf: Voorzitter, nogmaals, wij hebben dit traject uiterst zorgvuldig willen doorlopen. Dat is waarom we ook in april eerder een raadsinformatiebrief hebben gestuurd, om aan te geven dat we naar vijf locaties voor flexwoningen aan het kijken waren.

En het tweede, dat we een informatiebijeenkomst hebben belegd om daar iedereen in mee te nemen. En met die zorgvuldigheid en met hetgeen wat we nu aan zorgen uit de buurt hebben opgehaald, zullen we ook het verdere traject op aanpassen om te zorgen dat we zo goed mogelijk in gesprek met de omgeving blijven. De heer Safranti: Voorzitter. De voorzitter: Interruptie, de heer Safranti. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, de wethouder geeft aan dat er informatieavonden zijn geweest, met de bedoeling dat er geparticipeerd zou worden. Maar ik heb nog nooit een informatieavond gezien waar politieagenten en boa’s buiten stonden, waar ik dan als burger zijnde moest gaan participeren. Was de wethouder daarvan op de hoogte? En hoe denkt de wethouder dit in toekomst op te lossen? De voorzitter: Ik geef de wethouder nog, tot slot, het woord, maar nogmaals, u maakt het mij ook moeilijk. Het gaat over moties, amendementen. Daar zouden we het gesprek over hebben. Nu gaan we naar een ander vraagstuk, waarvan ik denk dat dat zeker op enig moment gewisseld kan worden, maar dan zou het op een andere wijze en op een ander moment in een andere commissie... De heer Safranti: Voorzitter, ik vind dit nu echt kwalijk, want u heeft het zojuist ook gedaan. Ik refereer en wil alleen aangeven wat de wethouder net aangaf.

En mijnheer de wethouder geeft aan over de informatieavond en over het participatieproces. En daar reageer ik op.

52

De voorzitter: Ik stel voor dat de wethouder antwoord geeft. Maar ik probeer aan te geven wat ongeveer de afspraak is en datgene waar we het gesprek met elkaar over hebben. Ik geef het woord aan de wethouder. En daarna geef ik het woord aan collegawethouder Van der Kruijff. De heer Burggraaf: Voorzitter, de aanwezigheid van politie, wijkagent is ook al even een commissie geweest. Dat was puur en alleen om ook de informatie over de sociale veiligheid in de wijk en alle andere dingen die er speelden, die daar aan de orde zijn gekomen, om die kennis daar aanwezig te hebben. Dat dat daar de indruk heeft gewekt, als het voor mensen de indruk heeft gewekt van, ik voel me daardoor niet vrij, dat is een aandachtspunt die we in het vervolg mee zullen nemen. Maar dat was niet onze intentie of het verzoek vooraf aan die informatieavond, omdat er beelden zouden zijn dat het geen veilige informatiebijeenkomst zou kunnen zijn. Dat was niet de achtergrond van de aanwezigheid. De voorzitter: Mevrouw Koene. Mevrouw Koene: Dank u wel, voorzitter. Even voor de duidelijkheid, want ik heb daarnet de wethouder horen zeggen dat na het besluit van de raad de overleggen en dergelijke allemaal gaan beginnen. Maar even nog voor de zekerheid met betrekking tot die plekken, die gaan over motie 1, volgens mij, bij het Rudyard Kipling-erf, die 4.

Daarvan hoorde ik de wethouder eigenlijk een beetje zeggen, maar dat weet ik allemaal nog niet. Is daar de enige factor dat we haast hebben, de factor tijd, dat het daar per se nu zo gerealiseerd moet worden? Of is dat het geld dat van de overheid komt? Of eigenlijk meer om erop aan te sturen van, is er een andere mogelijkheid in die hele lijst die we hebben, met al die plekken... Zit daar dan niks bij waarvan we de bestemming zouden kunnen veranderen om daar die 4 huizen te plaatsen? De voorzitter: Wethouder. De heer Burggraaf: Voorzitter, niet binnen de uitgangspunten, zoals we die vooraf hebben meegegeven, om te realiseren dat je spreiding in de stad hebt en op een plek waar je in eerste instantie een woonlocatie hebt en je niet een andere ontwikkeling in de weg zit waar je een permanente bouwontwikkeling voor ogen hebt. En verder zit daar ook een deel een tijdsaspect aan vast. De heer Gündogdu: Voorzitter. De voorzitter: De heer Gündogdu, gaat uw gang. De heer Gündogdu: Voorzitter, heel fijn dat de heer Burggraaf antwoord geeft over participatie, want er is heel wat kritisch geluid uit deze raad. Maar ik ben ook vooral benieuwd, wij hebben ook een portefeuillehouder participatie. Dat is mevrouw De Jonge. En ze heeft vrij recent nog een voorstel ingediend bij de raad over het voorstel tot participatie. Dat was het startdocument.

Het college spreekt weliswaar uit één mond, maar ik ben vooral ook benieuwd wat zij vindt van dit participatieproces van de afgelopen weken?

53

De voorzitter: Ik denk dat het goed is dat ik tracht hier de vergadering voor te zitten. Wethouder spreekt namens het college, met alle thematieken. Er is ook integraliteit van beleid. Dat betekent dat natuurlijk ook in het college gesproken is over alle vraagstukken. Wij hebben natuurlijk ook over deze voorstellen de gesprekken... Alles wat ertoe heeft geleid ook over gesproken. Dat is de reden dat de wethouder reageert op het onderwerp participatie, zoals hij gereageerd heeft. En het college wordt geacht met één woord te spreken. Ik geef nu graag het woord aan wethouder Van der Kruijff. De heer Stam: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Stam. De heer Stam: Mag ik nog een vraag aan de heer Burggraaf stellen? De voorzitter: Dat mag. De heer Stam: Ga ik even met zevenmijlslaarzen een stap vooruit. Als je nu kijkt naar... Het lijkt op een meerderheid af te stevenen. En je kijkt naar de toekomst. Komt er misschien wel een begeleidingscommissie die die plekken gaat invullen. Bent u daar bereid om ook bewoners in plaats te laten nemen, om juist dan die participatie op een andere manier achteraf alsnog vorm te geven? De heer Burggraaf: Voorzitter, zo hebben we het ook toegelicht in onze beantwoording. Nadrukkelijk bewoners en andere belanghebbenden in de directe omgeving. Maar dit is ook aan de mensen zelf om te bepalen wie daar wil zitten.

Zoals we het hebben omschreven, moet het uiteindelijk een vertegenwoordiging zijn van die directe omgeving. Het is ook niet ter vervanging van die directe omgeving. Daar moet je ook weer de terugkoppeling aan geven. Maar we hopen daar juist een representatieve vertegenwoordiging te hebben van de directe omgeving waar het plaatsvinden, zodat zij vanuit die belangen van een bewoner of misschien een organisatie die daar zit, als het gaat over een school, dat je al die verschillende belangen in die begeleidingscommissie aan tafel hebt. Zodat je vanuit al die verschillende invalshoeken daar ook de gezichtspunten in mee kan nemen en mee kan wegen bij je definitief ontwerp. De voorzitter: Dank u zeer. Het woord is aan wethouder Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Voorzitter, voor alle duidelijkheid, collega Burggraaf zei het al, sta ik hier vanuit de portefeuille namens het college, Oekraïners opvang en volkshuisvesting. En vanuit dat oogpunt ben ik wel blij te horen dat er helemaal niemand in de raad is die zegt, we moeten de Oekraïners niet meer opvangen of geen ruimte geven in deze stad. Toen in februari 2022 de oorlog in Oekraïne uitbrak, ruim tweeënhalf jaar geleden alweer, toonde Dordrecht zich van haar beste kant door al die ruimte te bieden. Dat hebben we echt heel ruimschoots gedaan. Zoals u wel gelezen heeft, gaan we dat blijven doen, maar met lagere aantallen.

En waar het gaat over het... Laat ik even als inleidende opmerking zeggen, als je kijkt vanuit huisvestingsoogpunt ben ik heel blij dat we hier een manier hebben gevonden dat we de Oekraïners op een verantwoorde, humanitaire manier kunnen blijven opvangen. Ook op een manier die inderdaad nog gefinancierd wordt vanuit rijksgelden voor de Oekraïneopvang. Wat inderdaad jaar tot jaar toegekend wordt. Een langetermijnbeleid is daarin wel ingewikkeld, zo niet

54

onmogelijk. Daar gaat ook de motie van Forum voor Democratie over. Hoe kun je sturen als je geen langetermijnvisie hebt? Dat was ingewikkeld in deze. Maar nu we een visie hebben voor drie jaar vooruit, en ook wat zekerheid voor drie jaar vooruit, kunnen we een heel aantal woningen snel realiseren die op termijn ook in de sociale huurcategorie vallen, die ook in een behoefte gaan voorzien in deze stad. Het duurt nog even, maar het zit wel in het vat. En door dat te doen, komt er ook op Crownpoint de ruimte vrij waar nieuwe woningbouw kan plaatsvinden. Vanuit volkshuisvesting ben ik heel blij met de beweging die we maken met de nieuwe woningen die we kunnen gaan creëren. Even los van wat net allemaal gewisseld is hoe dat dan gegaan is. Voorzitter, ik wil de moties gewoon maar even op volgorde afhandelen. Dat zijn de moties 2 tot en met 5 en motie 7. Motie 2 is de motie van GroenLinks en ChristenUnie, onbekend maakt onbemind. Die titel is misschien niet helemaal van toepassing op Oekraïners. Toen ik eind september een rondje maakte langs alle opvanglocaties voor Oekraïners, waren daar heel weinig Oekraïners. Ik ging namelijk overdag, ’s middags, kijken. En het bleek dat bijna alle Oekraïners aan het werk waren in Dordrecht dan wel op school zaten. De Oekraïners participeren al volop in Dordrecht. En die zijn al redelijk bekend.

En we hebben ook niet de indruk dat ze in grote getale onbemind zijn. Als je kijkt naar alle overwegingen en meningen, ik denk, dat is misschien juist voor de Oekraïners nog niet eens het sterkst van toepassing. Neemt niet weg dat als je naar het dictum kijkt, waar het college wordt gevraagd een actieve rol te spelen in ontmoetingsmomenten tussen vluchtelingen en wijkbewoners, dat is heel breed gezien. Maar ik neem aan dat het gaat over de Oekraïners op hun nieuwe locatie in hun omgeving. Ik maak het maar even klein. Dan zou ik haast zeggen, vanzelfsprekend gaan we dat doen. In die zin nemen we die graag in behandeling. Het is ook zo dat we een begeleidingscommissie hebben, dat weet u, waar ook de omgeving een rol in speelt. En we willen ook graag samen, met de begeleidingscommissie en de omgeving, met elkaar kijken wat nodig is en hoe dat te doen. Maar dat je elkaar leert kennen als buren en dat je streeft naar sociale cohesie, zoals we dat zo mooi noemen, uiteraard. De strekking van deze motie, met die uitleg, omarmen we en nemen we in behandeling. De volgende motie, motie 3, gaat over het profiel van de bewoners laten aansluiten op de woonwijken. Het is het plan, en dat doen we ook, om bij de huisvesting van de Oekraïners te kijken naar wat past bij de wijk en in de omgeving.

En is het logisch dat gezinnen met kinderen worden gehuisvest in de omgeving waar ook een school bijvoorbeeld is. En dat andere locaties, die wat kleinere kamers hebben, dat je daar meer alleenstaanden bijvoorbeeld huisvest. Dat gaat gebeuren. Maar dat betekent dat kinderen liever niet op de locatie Singel in Amstelwijck worden gehuisvest, want daar kunnen ze niet makkelijker naar school, om eens wat te noemen. Ligt het ook voor de hand dat daar meer alleenstaanden komen, mannen, maar waarschijnlijk ook alleenstaande vrouwen. Maar misschien ook wel stelletjes, die daar prima kunnen verblijven. Wij vinden de motie wel erg eenrichting in zijn formulering. Voor alle locaties geldt sowieso dat er waarschijnlijk ook wel alleenstaanden gehuisvest zullen worden. Maar vertrouw erop, de huidige locatiemanagers en hun medewerkers kennen de huidige Oekraïners, de toekomstige bewoners, echt goed. En die zullen heus verstandig en passende besluiten nemen qua huisvesting van de Oekraïners die ze kennen, dat dat goed gaat in de omgeving. Dat is in ieders belang, zowel voor de Oekraïners als voor de omgeving. En ze zullen daar ook naar handelen.

55

De heer Oostenrijk: Voorzitter. De voorzitter: De heer Oostenrijk, CDA. De heer Oostenrijk: Kan de wethouder wat nader specificeren wat hij nu precies van het dictum vindt? De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Kruijff: Daar was ik nog niet aan toegekomen, maar dat ga ik doen, zeg ik tegen de heer Oostenrijk van het CDA. Ik ging even door de overwegingen heen wat we wel gaan doen en hoe we wel gaan handelen. Als je dan naar de motie kijkt, vinden we hem wel wat prematuur, want het gaat alleen over alleenstaande mannen. Zoals u naar mijn verhaal luisterde, we zullen in brede zin kijken waar mensen het best op hun plek zijn. Zowel vanuit de ruimte die er is, de vorm, de vierkante meters in de woning, et cetera. En ik kan ook niet toezeggen dat er geen alleenstaande mannen in de woonwijken komen. Dat zou misschien ook wel heel stigmatiserend zijn. Want laten we wel zijn, er zijn ook een heel aantal alleenstaande Oekraïense mannen en alleenstaande Oekraïense dames die zich heel fatsoenlijk weten te gedragen, die je overal kan huisvesten, zonder dat er ook maar enig probleem ontstaat. Zoals de motie is geformuleerd qua dictum, ontraden we hem. Maar we gaan wel doen wat ik net zei. Voorzitter, dan de motie M3, toewijzing van de woningen aan Dordtse stelletjes na afloop van de Oekraïne huisvesting.

Het is goed, sowieso, om onderscheid te maken tussen de verschillende soorten flexwoningen die we hebben. Er zitten ruime eengezinswoningen tussen, bijvoorbeeld aan het Kipling-erf en de Vlijkade, zoals dit voorgesteld wordt. En er zijn ook kleinere woningen, die meer geschikt zijn voor een- of tweepersoonshuishoudens. Als in de toekomst deze woningen aan anderen dan de Oekraïners toegewezen moeten worden, ik zei al, het worden sociale huurwoningen, dan gaat dat via het verdeelsysteem werken, zoals dat voor alle sociale huurwoningen werkt, via Woonkeus. En bij Woonkeus kun je aan woningen wel een aantal categorieën koppelen. Dat zouden we kunnen doen. Bijvoorbeeld leeftijdscategorieën, inkomenscategorieën, huishoudenscategorieën. Dat is allemaal mogelijk. Maar dat wil niet zeggen dat je één, twee, drie gaat zeggen dat het stelletjes moet zijn Je kunt al helemaal niet gaan zeggen dat het Dordtse stelletjes moeten zijn. De heer Van der Net: Voorzitter. De heer Van der Kruijff: Ben ik bij de verkeerde? De voorzitter: Motie 4. De heer Van der Net: Even de vraag, weer hypothetisch, het zou gewoon kunnen betekenen, ook met de huidige regelingen die we hier in Dordrecht hebben, dat die woningen uiteindelijk ook voor statushouders hier vrijkomen, toch? Dat is even de vraag richting u, aan de wethouder, voorzitter. De voorzitter: Wethouder.

56

De heer Van der Kruijff: Voorzitter, ik was blijkbaar al bij motie 4. Maar ik zeg, als de woningen ooit beschikbaar komen, komen ze als sociale huurwoningen in het verdeelsysteem van Woonkeus. En dan worden ze gewoon toegekend, zoals dat volgens het verdeelsysteem van sociale huurwoningen gaat. De heer Van der Net: Voorzitter, zou het ook zo kunnen zijn dat via die huidige verdeling, die we hebben in de Huisvestingsverordening, dat daar ook dan weer statushouders in terechtkomen? Gewoon een simpele vraag, voorzitter. De heer Van der Kruijff: Voorzitter, ik zei al, we kunnen een aantal categorieën toekennen. We hebben ook urgentieverklaringen. Sowieso gaan we nog een nieuwe, is de bedoeling in ieder geval, huisvestingsverordening vaststellen voordat het zover is, naar verwachting. Want die komt ergens de komende maanden ook uw kant op. Dan kunnen we die hele discussie nog eens over voeren voor wie die woningen bestemd worden. Maar ook nu hebben we al woningen waar jongeren toegekend worden, waar stelletjes toegekend worden. Je kunt inderdaad aan woningen wel categorieën koppelen. Maar ik sluit niet uit dat er ook een keer een statushouder komt te wonen, als u dat wil horen. Als je naar de praktijk kijkt van de huidige toewijzing via Woonkeus van sociale huurwoningen, is het zo dat 70 procent, dezelfde 70 procent weer, van de woningen aan Dordtenaren wordt toegewezen.

Moest ik nog naar een motie 3 terug? Even zoeken hoor. Dit was motie 4. Ik zei motie 3. Het was motie 4. Wij ontraden motie M4. Laat ik daarmee heel duidelijk zijn, omdat we het niet aan Dordtse stelletjes kunnen gaan toewijzen. Als je kijkt naar motie 5, de motie afbouw naar 650 mensen, dat is precies wat het college voorstelt om te gaan doen. We zijn begonnen ooit met veel meer, ruim 1.150 opvangplekken. Dat gaat terug naar 715 opvangplekken, om heel precies te zijn. Maar vanwege snijverlies en misschien ook wel de toekomstige inrichting kan het getal nog wel ietsje veranderen. Maar we verwachten dat we met zoveel opvangplekken ongeveer 650 Oekraïners kunnen gaan huisvesten. En we gaan ons uiterste best doen om dat inderdaad eind 2026 gerealiseerd te hebben. En dat zal ook wel moeten, gezien de aflopende contracten aan de Singel en wanneer Crownpoint herontwikkeld gaat worden. Dan moeten de Oekraïners daar ook uit zijn. En we doen erg ons best om ze uit te plaatsen naar de regio. Dat gebeurt ook. Naar Gorinchem zijn er onlangs een aantal gegaan. De regio kan hier en daar zijn best doen. Er is ook natuurlijk verloop, waardoor het naar beneden gaat. Op het moment liggen we gewoon op koers. Tegelijkertijd weten we ook allemaal dat de toekomst onzeker is. Je weet nooit wat er in Oekraïne gebeurt, hoe het toekomstig rijksbeleid eruitziet.

Als het daar verergert, kunnen er ook zomaar weer nieuwe Oekraïne vluchtelingen komen. Dan ligt het niet in de bedoeling dat wij die gaan opnemen. Wij zeggen gewoon, 650 is voor ons de grens waar we op sturen. De voorzitter: Mijnheer Van der Net, VVD. De heer Van der Net: Voorzitter, nog misschien een toezegging van de wethouder. In het dictum staat in ieder geval ook om de raad elk half jaar eventjes te informeren met betrekking tot de voortgang. Kan de wethouder in ieder geval ook wel toezeggen dat dat gewoon gebeurt? De heer Van der Kruijff: Dat kan ik u toezeggen. De voorzitter: Wethouder, gaat u verder.

57

De heer Van der Kruijff: Hebben we nog een motie te gaan. Dat is motie 7 van Forum voor Democratie. Het college, en ik denk ook de raad, wij allemaal, ook de Oekraïners zelf hebben behoefte aan meer lange termijn vooruitzichten hoe het allemaal geregeld is. En wij willen ook als college dat graag onder de aandacht brengen, noem het maar even in Den Haag, landelijk. Wij zien wel iets een andere route voor ons. Niet om dat als Dordrecht zelfstandig op ons eentje richting de Veiligheidsregio of richting de Tweede Kamer te gaan doen, maar via onze belangenvertegenwoordiger bij de VNG. En op die manier ook samen op te trekken met andere gemeenten om ons heen, of wat verder weg, die die behoefte wellicht ook hebben. En wellicht kunnen we gezamenlijk vanuit de juiste rol en de verantwoordelijkheid op die manier ook meer bereiken als het in Den Haag op de agenda wordt geplaatst. Die inspanning doen we graag. Mevrouw Stolk: Voorzitter. De heer Van der Kruijff: Dat is iets anders dan gevraagd. De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voorzitter, ik heb toch nog een vraag aan de wethouder. Volkshuisvesting, heb ik begrepen toch, Oekraïners. Hoe kijkt u er dan tegenaan dat een wijk als Wielwijk, een kwetsbare wijk, zoveel flexwoningen gaat bouwen voor Oekraïners? In wat voor perspectief ziet u dat? De voorzitter: Wethouder.

De heer Van der Kruijff: Voorzitter, om te beginnen is Wielwijk intussen al een wat minder kwetsbare wijk dan het ooit geweest is. Als u kijkt naar de herontwikkeling van de afgelopen jaren die daar gebeurt, ziet u dat er niet alleen maar sociale huurwoningen bijvoorbeeld herontwikkeld worden of dat daar allerlei probleemgroepen zich verzamelen. Er worden hele mooie nieuwe straten met mooie woonwijken op het moment ontwikkeld, waardoor Wielwijk ook sterker wordt. En wij denken dat met deze flexwoningen in Wielwijk de draagkracht, ook op sociaal niveau, er echt goed genoeg is om dit te kunnen hanteren. En laten we ook niet doen alsof we met Oekraïners huisvesten in Wielwijk we daar een hele grote probleemgroep gaan huisvesten. Het college ervaart de Oekraïners op het moment niet als een hele grote probleemgroep in Dordrecht. Dat wil niet zeggen dat er nooit een Oekraïner overlast veroorzaakt, en dat geldt ook voor andere nationaliteiten overigens, maar in zijn volle breedte kun je dat zo niet zeggen. De heer Safranti: Voorzitter. De voorzitter: De heer Safranti gaat uw gang.

De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Los van de nationaliteit van de burgers van ons, zeker ook rondom het verhaal van de wethouder in dit geval, dat het juist op dit moment goed gaat, wij horen en zien juist qua cijfers, maar ook qua verhalen van de ambtenaren dat dat nog niet zo is, wethouder. Klopt uw verhaal wel in dit geval?

58

De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Kruijff: Voorzitter, als u mij mijn eigen vraag gaat laten recenseren, is een beetje een ingewikkelde vraag. Wat ik vertelde, is dat we zien dat Wielwijk sterker aan het worden is. En dat we denken dat de draagkracht in Wielwijk groot genoeg is om dit te kunnen doen. Dat wil niet zeggen dat Wielwijk er overal is. En we hebben een programma Dordt-West lopen en ook een Nationaal Programma daar lopen, wat erop doorgaat. Waar ook dit in ingepast zal gaan worden, in zijn sociale samenhang. Maar wij denken niet dat we de wijk hiermee overbelasten. Anders hadden we het ook aan u gezegd, heel eerlijk als risico. De voorzitter: Ik denk dat we... Mevrouw Pichel: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Stolk, gaat uw gang. Mevrouw Pichel, zie ik. Dan de heer Gündogdu. De heer Uysal en Van der Net. Ik begin bij mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Dank u wel. Ik wilde de wethouder even bedanken voor zijn reactie op motie M7. En hij gaf aan, het is misschien een net wat andere route. Maar in die zin zou ik hem eigenlijk wel op willen vatten dat het eigenlijk een wat breder draagvlak mogelijk zou creëren. Als ik hem op die manier inderdaad ook zou mogen opnemen, dan is het voor mij akkoord. En dan zou het prima zijn. De voorzitter: Waarvan akte. De heer Gündogdu, gaat uw gang. De heer Gündogdu: Voorzitter, een algemene vraag aan de wethouder.

Er staat momenteel een Oekraïnedorp in Vlaardingen, de Maria. Die gaat binnenkort weg. En die flexwoningen worden binnenkort te koop aangeboden. Kunnen we ervan uitgaan dat het college dat wellicht als een alternatief ziet, in plaats van nieuw te kopen? De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Kruijff: Voorzitter, de flexwoningen die we gaan realiseren, worden eigendom van de gemeente. We gaan er zelf over wat we ermee doen. Het huidige inzicht is om ze te gaan verhuren in de sociale huurcategorie, zoals ik net met u deelde. En mochten we ze al gaan verkopen, dan zult u daar ook een raadsbesluit over moeten gaan nemen. Dan komt dat ooit aan de orde, maar het is niet het huidig voornemen. De heer Gündogdu: Voorzitter, als het nog even mag? Er staan om en nabij 387 flexwoningen straks te koop in Vlaardingen. En mijn vraag is concreet, in plaats van heel veel geld uit te geven voor nieuwe flexwoningen, om eens een keertje te bellen met de gemeente Vlaardingen. De heer Van der Kruijff: Voorzitter, daar heb ik niet één, twee, drie het antwoord op. In zijn algemeenheid weet ik dat er heel goed gekeken is ambtelijk hoe we tegen zo'n scherp mogelijke prijs binnen het budget aan deze woningen kunnen komen, die ook voldoen aan de verwachtingen die de raad allemaal heeft over duurzaamheid en continuïteit en soliditeit en vierkante meters en passendheid op de plek, et cetera. Als

59

dat allemaal zou kloppen, kan ik altijd ambtelijk vragen, kijk er nog een keer naar. Maar laat ik ook geen gouden bergen beloven. U weet allemaal dat we ergens nu in een tempo zitten waarbij we heel hard moeten rennen om de eindstreep te halen op tijd. Alles wat we aan afleidende actie gaan doen, is een risico. Ik verwacht niet dat dat tot iets gaat leiden. De voorzitter: De heer Uysal. De heer Uysal: Dank, voorzitter. Even terug tot de motie van de VVD. Want de wethouder zegt die motie eigenlijk toe door af te bouwen naar 650 op termijn. En op zich snappen wij die lijn van het college wel om van meer dan 1.100 vluchtelingen naar 650 te gaan, om ook de regio te stimuleren haar verantwoordelijkheid te pakken. Dat is duidelijk. Maar we weten ook dat die verdeelsleutel een momentopname is. En we weten ook dat de instroom van Oekraïense vluchtelingen nu heel hoog is. En die blijft al jarenlang hoog. Met de huidige ontwikkelingen is het ook totaal niet uitgesloten dat die instroom nog hoger wordt, komende tijd. Wij hebben het geluk gehad met het Crownpoint gebouw, dat we daar heel veel vluchtelingen in kwijt konden. Maar het kan zo zijn, we ontwikkelen veel gebiedsontwikkelingen, dat er alsnog panden leeg komen te staan.

Gaan wij dan in de toekomst, als het Rijk een beroep doet op ons, en als er helemaal geen beschikbare plekken meer in de regio zijn, dat wij dan gaan zeggen, we hebben met elkaar afgesproken, maximaal 650, dat doen we niet? Terwijl er beschikbare locaties dan zullen zijn in onze stad. De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Kruijff: Voorzitter, op het moment heeft Dordrecht meer dan zijn verantwoordelijkheid genomen qua aantallen. Zeker als je dat afzet tegen wat je rondom ons heen in de regio ziet gebeuren. Als er nu nieuwe aanmeldingen komen, zeggen wij, Crownpoint en de Singel zijn dicht. Er kunnen geen nieuwe bij. En dan verwijzen we door naar de regio. En dan is het aan de regio om het op te lossen. Dat is een harde lijn, maar wel een hele duidelijke lijn. En vooralsnog is dat ook de lijn die we voortzetten. Als in heel Nederland en omgeving alles vol zit en er komt een nieuwe vloedgolf aan vanwege een verergerende situatie, dan hebben we hier met elkaar een nieuwe discussie. Maar dat is niet het huidige beleid om het anders te doen. De heer Uysal: Voorzitter, ik vind het ook heel vervelend, maar ik krijg geen antwoord op mijn vraag. Misschien dan een concreter voorbeeld. Wij zijn nu bezig met de ontwikkeling van Spuiboulevard. En daarvoor kwam het Yulius pand ook aan bod.

Daar is een aanbod gekomen vanuit een ontwikkelaar om dat gebouw om te bouwen, want het hoeft dan niet leeg te staan de komende zes, zeven jaar. Dit is een heel concreet voorbeeld. En het kan zomaar zijn dat ook in andere gebiedsontwikkelingen dat zulke panden leeg komen te staan. In plaats van ze dat leegstaan, kunnen we ze ook benutten. Mijn vraag is, als dan de vraag komt vanuit het Rijk om dan mensen op te vangen hier in Dordrecht, in deze regio, gaan wij dat dan weigeren? De voorzitter: Wethouder.

60

De heer Van der Kruijff: Voorzitter, het huidige beleid is inderdaad om dat dan te weigeren, omdat we als college aan uw voorstellen het maximum te stellen op 650. De voorzitter: Dat betekent dat dat het antwoord is van de wethouder. De heer Van der Net, VVD. De heer Van der Net: Dank u wel. Ik had even ook nog een keer de vraag... Want in de stukken staat ook nog 715. Maar u geeft nu aan, namens het college, dat 650 inderdaad gewoon het streven is. En nogmaals, de deadline van ons is duidelijk. Ik had nog een vraag met betrekking tot de Dordtse stelletjes. U geeft aan, we hebben natuurlijk regels met elkaar afgesproken. Als ik een voorbeeld geef, voorzitter, mensen tot 30 jaar en huishoudens van 2 tot 4, bij voorkeur Dordtenaar, zou dat een mogelijkheid zijn om dan op die manier dat in te bouwen en dan die flexwoningen daaraan toe te wijzen? De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Kruijff: Voorzitter, ik denk dat het beter is die discussie niet nu te gaan voeren. We gaan ooit een nieuwe Huisvestingsverordening vaststellen, wat een verdeelsysteem is voor onze sociale huurwoningen en welke regels we daarop van toepassing verklaren. En als u daar allemaal creatieve vondsten heeft, kunnen we ze daar ook nog met elkaar bespreken. Het is ook nog prematuur om dat nu al te gaan doen. De komende paar jaar gaan daar... Eerst moeten ze nog gerealiseerd worden.

Vervolgens gaan er nog Oekraïners in opgevangen worden. We zijn echt bij lange na zover nog niet. De voorzitter: We hebben gesproken. Dadelijk is de tweede termijn. Ik wil nu de fracties de gelegenheid geven voor de tweede termijn. De heer Katif: Voorzitter. De voorzitter: U wil schorsen? Hoelang, mevrouw Stolk? Zullen we dan afspreken, het is vijf uur, dan schors ik tot vijf over vijf even, voordat u... Want dat vind ik ook voor de aanwezigen op de tribune netjes. Ik wil proberen het debat af te ronden voor de dinerpauze, zodat de mensen op de tribune niet vanavond hoeven terug te komen voor een kort moment. Tot vijf over vijf de vergadering geschort. Mag ik vragen de plaatsen in te nemen. Ik heropen de beraadslagingen. Aan de orde is de tweede termijn. Het woord is aan de heer Van der Net, VVD. Mag ik vragen aan de fracties om de plaatsen in te nemen. Beraadslagingen zijn geopend. Mijnheer Van der Net. De heer Van der Net: Voorzitter, eventjes kijken met betrekking tot de motie voor het profiel voor de mensen, om dat aan te laten sluiten op de woonwijken. We hebben de wethouder goed gehoord. En ik heb nu eventjes een motie wat gewijzigd. Ik heb in het dictum nu opgenomen om alleenstaande mannen voornamelijk op te vangen op de locaties Schippersinternaat, Amstelwijck en Singel. En die ga ik nu op die manier indienen. En dan hoor ik wel wat de wethouder daarvan vindt.

Dank u wel, voorzitter. Dat was hem. De voorzitter: Welk nummer is dat van... Welke motie, mijnheer Van der Net.

61

De heer Van der Net: Mijn computer weigert op dit moment dienst, voorzitter. Mevrouw Wepster: Gaat die over profiel van de mensen? De heer Van der Net: Ja. Mevrouw Wepster: Dat is motie 3. Dan betekent het dat u motie 3 intrekt. En dat wordt motie 3A. De heer Van der Net: En zodra mijn automatisering het doet, dan komt hij gelijk naar u toe, voorzitter. De voorzitter: Als die dan deze kant uit komt, motie 3A. Dat was het, mijnheer Van der Net? De heer Van der Net: Dat was hem, voorzitter. De voorzitter: De fractie van GroenLinks. De heer Uysal, gaat uw gang. De heer Uysal: Dank, voorzitter. Voorzitter, we hebben het debat geluisterd. We hebben het debat met elkaar gevoerd. Dat hebben we ook in de commissie met elkaar gedaan. Wij zijn nog steeds van mening dat we de Oekraïense vluchtelingen moeten opvangen, moeten huisvesten, verdeeld over de stad. We blijven onze beide moties handhaven, zodat dat dat allemaal in goede banen wordt geleid, samen met de omwonenden. En met name door Partij voor de Dieren wordt gesuggereerd alsof het een ontoelaatbare situatie is in Wielwijk. Daar zijn wij het niet mee eens. We voldoen aan bepaalde normen. En we realiseren ons ook dat als we ons gaan houden aan de GGD-normen dat we eigenlijk nergens iets kunnen in deze stad. Tot zover hou ik het hierbij. En we zijn het alsnog oneens met de moties van de VVD, ook in gewijzigde vorm. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de fractie Beter voor Dordt. De heer Katif. De heer Katif: Voorzitter, dank u wel. Heel kort. Uiteraard wij zijn nog steeds en we zullen altijd zijn voor de opvang van Oekraïners in onze stad. Daar is geen twijfel over mogelijk. Maar het proces waarlangs de gehele beslissing uiteindelijk tot stand gekomen is, dat vinden wij gewoon van belabberde kwaliteit. Excusez le mot, maar ik kan er niet anders van maken. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Stolk, VSP-fractie. Mevrouw Stolk: Voorzitter, ik denk dat wij alles gezegd hebben wat we hebben moeten zeggen. En wij zullen onze standpunten gestaagd voortzetten. Wij zullen het amendement van de Partij voor de Dieren steunen. En ook onze motie, die we samen met de heer Van Leeuwen... En wij zullen tegen het voorstel stemmen. De voorzitter: Dank u zeer, mevrouw. Fractie ChristenUnie/SGP. De heer De Heer: Voorzitter, namens is ons geen behoefte aan een tweede termijn. Dank u.

62

De voorzitter: Dank u zeer. Fractie CDA, mijnheer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Voorzitter, als het gaat over motie 2. Gelet op de uitleg van de wethouder kunnen we deze motie alsnog steunen. De voorzitter: Dan ga ik door naar de fractie Partij van de Arbeid. Mevrouw Schnabel. Mevrouw Schnabel: Dank u wel, voorzitter. Wij sluiten ons aan bij hetgeen gezegd is door GroenLinks. De voorzitter: Dank u wel. Partij voor de Dieren, mijnheer Groenewege. De heer Groenewege: Wij hebben onze punten gemaakt, voorzitter. De voorzitter: Dan kom ik bij de heer Safranti, fractie DENK. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Ook wij hebben onze punten gemaakt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u zeer. Gewoon Dordt, mevrouw Koene. Mevrouw Koene: Dank, voorzitter. Ik ben nog wel even aan het nadenken over hoe dan de omwonenden van bepaalde locaties toch wat meer comfort kunnen krijgen. Maar ik weet nog niet hoe ik daar dan binnen nu en een paar minuten uit ga komen. Maar dat zien we zo wel. De voorzitter: Dank u wel. De fractie Op Ons Eiland, de heer Gündogdu. De heer Gündogdu: Voorzitter, dank u wel. Wij hebben het idee dat het roepen is in de woestijn. Geen gehoor van de coalitiepartners dan wel het college. We laten het hierbij. De voorzitter: Dank u zeer. De SP, mijnheer Hartmeijer. Dan Forum voor Democratie, mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Dank u wel, voorzitter. Ik ben eigenwijs.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/776/documents/36430