2.1 2024.06.18 Notulen Gemeenteraad Dordrecht - concept.pdf
Tekst van het document
Fietsen wordt aangenamer in Dordt, de verduurzaming komt op gang, er wordt gebouwd, vergroening, parkeerbeleid, sociaal beleid, levendige binnenstad, beleid dat kinderen kansen geeft, zijn er allemaal voorbeelden van. Maar hoe gaan we als raad keuzes maken nu we de broekriem moeten aanhalen? De nu ingezette ombuigingen zijn onvoldoende om de grote klap op te kunnen vangen. Als CDA Dordrecht hebben we daar uiteraard ook over nagedacht. De wijze waarop we tot keuzes kunnen komen en wat bij ons op aandacht kan blijven rekenen. Het CDA Dordt, en u weet dat, heeft oog, oor en hart voor deze stad. En daarin staan we als CDA niet alleen. Elk raadslid wil van betekenis zijn voor de Dordtse inwoners. Wij zien in onze mooie historische stad veel wat aandacht nodig heeft. Verschillen tussen mensen worden groter. Recent onderzoek wijst uit dat steeds meer mensen in bubbels leven en te weinig in aanraking komen met mensen die in andere levensfases zitten, te weinig met mensen die in andere sociale en financiële omstandigheden verkeren en te weinig met mensen met andere ideeën. Wat ons betreft moeten initiatieven uit de stad, die deze bubbels doorbreken, enthousiaster omarmd worden. Er zit veel samen binnen de kracht in onze samenleving.
Organisaties als Humanitas, Samen Dordt, ook met preventief kinderwerk, De Buitenwacht, Stichting Debster’s, sportverenigingen, muziekverenigingen, kunstverenigingen, kerken en moskeeën laten dit allemaal zien, het is mogelijk. Een jaar geleden vroegen we als CDA veel aandacht voor de Dordtse handjes, ons vrijwilligersleger, onze mantelzorgers. Het wordt nu nog meer noodzaak om de waarde daarvan te zien. Wij hadden ombuigingen verwacht en gewild op onze ambtelijke capaciteit. Als vervolgens een tien of vijftien procent van de opbrengst ten goede zou komen aan onze vrijwilligers en mantelzorgers en verenigingen, wat zouden we dan een grote maatschappelijke winst hebben. Meedoen vinden we ook nog steeds heel belangrijk. Zo kunnen aanpak van laaggeletterdheid, voorkomen van vroegtijdig schoolverlating, goede huisvesting voor onderwijs op onze steun blijven rekenen. En dan toch een kant waar we minder blij mee zijn. De betrokkenheid bij de senioren schiet tekort. Tot op heden hebben we geen voorstel ontvangen waarin het toegezegde
64
seniorenbeleid is uitgewerkt. We roepen het college op hier vaart te maken, omdat het ook als een vliegwiel kan fungeren om andere problemen, bijvoorbeeld die op de woningmarkt te verkleinen. En het is echt onuitstaanbaar dat er nog steeds geen plek wordt gevonden waar een Knarrenhof wordt gerealiseerd. Leg de raad dan in elk geval opties voor hoe belemmeringen kunnen worden weggenomen. Ondanks een meer levendige binnenstad houden we onze jongeren niet vast als we vanaf nu niet elke kans aangrijpen om onze jongeren perspectief te geven op een eigen plek. Vorig jaar hebben we als CDA aangegeven met ideeën te komen rondom huisvesting. Die zijn er nu. We willen een samenleving bevorderen waarin het ook in de toekomst nog goed wonen en werken is. Een stad die financieel gezond is. Een stad waarin we nu bereid zijn om soms eigen wensen en belangen op te geven omwille van de ander. Een stad waarin we ook de overheid niet als oplossing zien voor elk probleem, maar waarin de kracht van de samenleving wordt gevierd. Met de Dordtpas, ik kan het niet laten, hebben we goud in handen. Steeds meer inwoners kopen deze pas om te kunnen genieten van cultuur, horeca, sporten. En tegelijk is het ook een goed participatiemiddel. Mensen kunnen meedoen, kinderen kunnen sporten, mensen kunnen reizen met het ov. Tegemoetkomingen zijn er ook vaak aan gekoppeld.
We kunnen trots zijn op dit middel, wat inmiddels door veel andere gemeenten ook wordt gekopieerd. De ontwikkelingen rondom het Maasterras maken duidelijk met welke dilemma's onze stad te maken heeft. Bouwen, wonen, vergroenen, parkeren, gevaarlijke stoffen, industrie, het zal onontkoombaar zijn om plannen bij te schaven. Onlangs is door de raad het Actieplan Meer Dordtse kinderen sporten en bewegen vastgesteld. We willen ook dat hier op voortvarende wijze invulling en uitvoering aan gegeven wordt. Het beschikbare budget moet niet liggen verstoffen. In het politiek akkoord is vastgelegd dat de nabije overheid nodig is. Goede communicatie speelt daarin een belangrijke rol. En dan nu de vraag aan de raad, slagen wij daarin? Wij zijn van mening dat dit niet altijd lukt. Een voorbeeld daarvan is de onrust die er is over PFAS. We zien dan ook graag dat onze inwoners een flyer ontvangen, met daarin info over schadelijke stoffen, het liefst in B1-taalniveau en voorzien van beeldtaal. Mogelijk ook nog met andere talen aangevuld. We dienen samen met de fractie DENK de motie Goede informatievoorziening PFAS in. En dat gaat over meerdere schadelijke stoffen. Binnenkort komen er in Dordt veel transformatiehuisjes. Mevrouw Pichel: Voorzitter. De voorzitter: Gaat uw gang, mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Dank u wel. Ik wilde mevrouw Van Vugt even de vraag stellen over deze motie.
En dat is, wie gaat die brief opstellen en waar komt die informatie vandaan? Want ik vind hem heel nuttig. Ik denk ook dat hij heel goed kan zijn. Maar wat ik miste in de motie was, waar komt de informatie vandaan in die brief die we dan moeten gaan sturen? Mevrouw Van Vugt-Roose: Ik denk dat er al heel veel informatie bekend is, bijvoorbeeld over luchtvervuiling, houtstook. Er zijn pas ook al wat gegevens opgevraagd. En het is heel veel van onze inwoners niet bekend dat ook die andere zaken misschien wel net zo schadelijk zijn als PFAS. Of minder schadelijk. Maar het is goed om die verhoudingen te laten zien. Ik weet dat er heel veel mensen ontzettend ongerust zijn. En dat kun je misschien ook voor een deel wegnemen door de goede informatie in de juiste
65
verhoudingen aan te leveren. Ik denk dat het al heel veel is. Het moet gewoon even bij elkaar. En dat is vooral het punt. De voorzitter: Gaat uw gang, de heer Den Hartog. De heer Den Hartog: Dank u, voorzitter. Het mag duidelijk zijn dat PFAS een groot probleem is natuurlijk. En informatievoorziening daarover is denk ik erg belangrijk. Maar is mevrouw Van Vugt niet bang dat wanneer we een flyer of een brief naar mensen sturen, dat dat al heel snel veroudert? Namelijk iedere week komt er extra informatie binnen. En eenmaal iets wat je stuurt op papier, dat ligt op dat moment vast. Is het niet veel handiger om het bijdetijds te doen, namelijk via een website waarop het continu wordt geactualiseerd, die makkelijk bereikbaar is en bovendien die eigenlijk al bestaat. Want naar aanleiding van een motie van vorig jaar heeft de gemeente een website waarin actuele ontwikkelingen worden gevolgd. Graag uw reactie daarover? Mevrouw Van Vugt-Roose: Mijn reactie daarover. Voorzitter, ik zou graag tegen GroenLinks zeggen dat ook wij al heel blij zijn met die website die er is. Die informatie geeft. Maar dat gaat vooral over PFAS. Daarmee neem je niet de onrust weg. Je geeft wel informatie over dat ene onderdeel, maar je geeft geen informatie over die andere zaken die ook schadelijk zijn. En ik zou het graag in die goede verhoudingen aan mensen willen laten weten.
En natuurlijk informatie veroudert op het moment dat je het geschreven hebt. Maar door mensen één keer goed te informeren en daar ook de website op te noemen en ook het liefst met een QR-code, zodat ze er niet al te veel moeite voor moeten doen, zou wel heel erg veel helpen. Mensen die B1-taalniveau hebben, gaan vaak niet een website opzoeken over dit soort zaken. Die hebben die flyer nodig als start om tot die informatie te komen. De heer Portier: Voorzitter. De heer Den Hartog: Voorzitter, mag ik nog één vervolgvraag stellen? De voorzitter: De heer Den Hartog. De heer den Hartog: Ik begon net al met dat informatievoorziening altijd goed is. Denkt u dan niet als u zegt, die website zijn we blij mee, die gaat alleen over PFAS, om die dan wat uit te breiden? Want dan kan hij ook steeds geactualiseerd worden. Want informatie veroudert heel snel. Ik bedoel vandaag nog weer de tweede stroomstoring in een week. Als we vorige week die folder hadden gemaakt, dan hadden we het niet al kunnen hebben over het gevaar van stroomstoringen en dat daar gevaarlijke stoffen bij vrijkomen. En zo is er bijna iedere week wel weer wat. Mevrouw Van Vugt-Roose: Natuurlijk, er is elke week nieuws wat je daaraan toe kan voegen. Maar het gaat me niet zozeer om de nieuwsfeiten. Het gaat me wel om gegevens die er zijn. En daar heb je een start voor nodig.
Nogmaals, die mensen die lager geletterd zijn, laat ik het zo zeggen, of die vooral het van een andere taal moeten hebben of van de plaatjes, laat die starten met goede, duidelijke informatie. En ook waar ze nog meer kunnen vinden. En natuurlijk, die website moeten we gewoon breder maken, over alle andere schadelijke stoffen. Sta ik helemaal achter.
66
De heer Portier: Voorzitter. De voorzitter: Ik had u gezien, de heer Portier. Gaat uw gang. De heer Portier: Voorzitter, ik begrijp dat het de bedoeling is om de schade die bijvoorbeeld PFAS aan kan brengen te zetten naast bijvoorbeeld de schade die alcohol of roken kan veroorzaken. Of begrijp ik dat verkeerd? Want wat ik wel belangrijk vind, is dat ik ben ervan overtuigd dat het risico op longkanker met roken veel meer toeneemt dan door PFAS. Maar dat is iets waar je nog zelf voor kan kiezen. Terwijl PFAS iets is wat wordt verspreid in de omgeving. Het is overal. Je ontkomt er niet aan. Maar misschien begrijp ik de bedoeling van uw informatie verkeerd en kunt u dat misschien nog wat beter toelichten hoe u dat ziet. Mevrouw Van Vugt-Roose: Mag ik, voorzitter? Ja. Eigenlijk ben ik heel blij, voorzitter, met deze vraag. Want we hebben uitdrukkelijk de genotsmiddelen, daar waar je zelf voor kiest, er niet in opgenomen. Overigens deel ik de zorg dat roken, vapen allemaal ontzettend toeneemt. En ik zie dat ook in mijn dagelijkse werk dat kinderen er verslaafd aan raken. Maar dit gaat over de zaken waaraan we blootgesteld worden. En dat is een andere categorie. Die hebben we zorgvuldig gescheiden. De heer Portier: Dank u wel. De heer Gündogdu: Voorzitter. De voorzitter: Gaat u verder. Gaat u niet verder. De heer Gündogdu. En dan gaat u verder.
De heer Gündogdu: Voorzitter, dank u wel. Mevrouw Van Vugt houdt een warm pleidooi om onze inwoners nog meer te bedienen via website dan wel informatievoorziening. En ik ben het met haar volledig eens dat onze inwoners bewuste en concrete acties van ons willen. Zij kijken naar deze raad. Concreet met de vraag, wat gaat u doen voor de bezorgde bewoners? Vorig jaar in deze raad hebben wij een motie ingediend, waarbij we hebben gevraagd om een bloedonderzoek. Een concreet onderzoek naar degenen die zich zorgen maakt over de gezondheid. En CDA heeft daar helaas tegengestemd. Het is overigens een motie die landelijk wel is aangenomen in de Tweede Kamer. Dank voor de collega's van de Partij voor de Dieren. Maar wat maakt het dan nu dat u wel tot deze actie komt en vorig jaar een heel andere standpunt had kunnen nemen, terwijl dat een hele concrete was, een handreiking richting onze bewoners? Mevrouw Van Vugt-Roose: Voorzitter, ik zie in deze twee afwegingen, die u als een tegenstelling schetst, die tegenstelling niet. Vorig jaar hebben we heel duidelijk aangegeven bij die motie, een onderzoek naar de gezondheidstoestand van de inwoners lost op zich niet ter plekke iets op. En wat kun je dan vervolgens met de uitkomsten van dat onderzoek? Er wordt nu op veel plekken PFAS aangetroffen, ook hier in de omgeving van de Drechtsteden, wat dan weer niet van Chemours en DuPont komt.
Er zijn meer bronnen waar die stoffen vandaan komen. Nu vragen we echter om goede informatie. Het is volledig in lijn met vorig jaar. We willen dat de burgers op de juiste manier worden geïnformeerd. En niet alleen die onrust nog sterker maken door onderzoeken te doen waarmee je met de uitkomsten gewoon eigenlijk niks kan. En dat het dan landelijk nu
67
wel zo is, dat is dan iets wat een gegeven is. Wij zien de tegenstelling niet. En we hopen gewoon hele goede informatie aan onze inwoners te geven, op een manier die begrepen kan worden. De voorzitter: Ga verder. Mevrouw Van Vugt-Roose: Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dan zijn we bijna op de helft van het aantal fracties. Net overheen. Mevrouw Van Vugt-Roose: Na mij is de helft. Binnenkort komen er in Dordt heel veel transformatorhuisjes bij. En toen ik voor het eerst daar kennis mee maakte, dacht ik, wat is het probleem precies? Maar die dingen zijn best groot. Het gaat om drie bij tweeënhalve meter grondoppervlakte. Het lijkt ons goed om ook de inwoners hierbij te betrekken. Een stukje participatie. Daarmee wordt het draagvlak vergroot. En bovendien krijgen inwoners zo zelf op een leuke wijze een vorm van inspraak over de eigen omgeving. Daarom dienen we ook de motie over de elektriciteitskastjes in. Er kan iets moois van gemaakt worden. Transformatorhuisje, esthetische parel in de wijk. Daarbij vragen we uiteraard niet dat Stedin allerlei aanpassingen gaat doen, maar we vragen gewoon dat die dingen op zo'n manier worden neergezet, dat we er vervolgens als inwoners iets mee kunnen. Mevrouw Van Vugt-Roose: Ik deze zaal, ik kom tot een afronding, kunnen pittige... De heer Den Heijer: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Den Heijer.
De heer Den Heijer: Ik vind het heel goed om te zien dat het CDA een lans breekt voor de transformatiehuisjes, want het is nogal wat, wat er onze kant op komt. Het zijn 300 stuks. En vroeg ik me af, omdat er ook een heel proces geschetst wordt in de motie... Op zich het probleem kunnen we nog voor een deel in meekomen, want het zou best mooi geïntegreerd mogen worden in onze in onze wijken en in bouwplannen die we hebben. Tegelijkertijd willen we ook niet dat het vertragend moet zijn ten opzichte van onze opgave. Hoe weegt het CDA dat? Mevrouw Van Vugt-Roose: Daar zitten we volledig op één lijn. Wij willen ook niet dat het proces vertraagd wordt. Ze kunnen gewoon geplaatst worden. Maar dan kun je ook daarna nog steeds nadenken over, hoe willen we die dingen aankleden? Welk likje verf willen we ze geven? Graffitiwedstrijd, noem maar op. De heer Van Dam heeft daar heel veel ideeën over. En ik heb me zo goed mogelijk laten inlichten. Maar er zijn ook hele mooie voorbeelden in andere steden hoe ze dat daar hebben aangepakt. De heer Den Heijer: Voorzitter dan tot slot. Begrijp ik dan goed dat het CDA beoogt dat we bijvoorbeeld eerst die huisjes dan neerzetten en vervolgens met elkaar gaan bekijken wat we met die huisjes kunnen doen? Mevrouw Van Vugt-Roose: Ja, want ik wil zeker niet een vertraging of een drempel opwerpen. Laat dat gewoon vanaf nu de uitleg zijn. Zo beogen we het.
68
Mevrouw Schnabel: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Schnabel. Mevrouw Schnabel: Niet echt een vraag, maar gewoon om aan te geven dat we een ontzettend leuk idee vinden. Mevrouw Van Vugt-Roose: Dank u wel. Dat was niet via de voorzitter. De heer Struijk: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Struijk. De heer Struijk: Hele korte, eenvoudige vraag aan mevrouw Van Vugt. Van wie zijn die huisjes eigenlijk? Mevrouw Van Vugt-Roose: Dat is een goede vraag. Stedin ontwerpt ze, of tenminste fabriceert ze. Ik weet niet of ze daarna nog steeds van Stedin blijven of dat ze ook eigendom zijn van de gemeente. Dat is wel een goede vraag voor de wethouder, denk ik. Ik ben eigenlijk ook wel benieuwd. Dat horen we dan straks. Mevrouw Koene: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Koene. Mevrouw Koene: Ik heb even transformatorhuisje ingetikt hier op mijn MacBookje. En dan zie ik de meest fantastische gebouwtjes. En dan heb ik gelijk het idee, wat zou het zonde zijn, juist om ze allemaal eerst neer te zetten en daarna pas te kijken om er wat mee te doen. En ik snap ook dat het plannen niet moet verdragen. Maar zou het niet leuk zijn, want je kan die 300 huisje toch niet in 1 dag neerzetten, dat je dat een beetje faseert. En dat je eens kijkt, kan je daar wat mee? Kan je daar misschien tiny houses van maken of zo? Dat je er een laag bovenop krijgt of weet ik veel. Geen idee.
Zou mevrouw Van Vugt ervoor openstaan om gewoon eens te gaan kijken van, kunnen we dat ook op een andere manier doen? Als het 300 huisjes zijn, voorzitter... De voorzitter: Mag mevrouw Koene de aandacht? Dank u wel. Gaat uw gang. Mevrouw Koene: Sorry dat het wat commotie oplevert, voorzitter. De voorzitter: Ik kan ook nu vast schorsen hoor, als u 2,5 uur schorsing wil. Dan gaan we vanavond door. Mevrouw Koene: Maar ik dacht 300 huisjes, dat zijn toch mooi 300 kamers. Mevrouw Van Vugt-Roose: Voorzitter. De voorzitter: Gaat uw gang, mevrouw Van Vugt. Mevrouw Van Vugt-Roose: Voorzitter, ik zou mevrouw Koene gewoon het volgende antwoord willen geven. Mevrouw Van Vugt staat daar zeker voor open. En dan mag ik nu
69
verder, denk ik. Tot slot, in deze zaal kunnen we af en toe pittige en ook wel vrolijke debatten voeren. We zien in de stad van alles en we worden ook gezien. We luisteren en we worden ook gehoord. Standpunten worden gewogen en herijkt. Het zou volgens ons de lokale politiek goed doen als ook buiten de raadzaal het democratische proces wordt gerespecteerd. Ik hoop dat de inwoners die fatsoenlijke houding bij ons terug kunnen zien en daardoor ook weer vertrouwen in de politiek krijgen. Voorzitter, ik sluit af. Ik heb hoop op een Dordrecht waarin het steeds minder ik en steeds meer wij wordt. Een stad waarin we oog, oor en hart hebben voor elkaar. De heer Groenewege: Voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Groenewege nog, een interruptie. De heer Groenewege: Mevrouw Van Vugt begon en eindigde haar betoog met minder ik, meer wij. En wat ik in de afgelopen jaren heb geleerd, is dat je definitie van wij nogal uitmaakt. Wie valt er eigenlijk onder die wij? Zijn dat alleen Nederlanders of vallen ook mensen in ontwikkelingslanden daaronder? Zijn dat alleen mensen of vallen ook dieren daaronder? En ik ben wel benieuwd wat de reflectie is van het CDA op het feit dat we, zelfs als we dit dierenbeleid aannemen, maar 0,06 procent van de gemeentelijke uitgaven besteden aan diersoorten, anders dan onszelf. Mevrouw Van Vugt-Roose: Voorzitter, ik begon daarnet met meer wij, minder ik.
Dat is net andersom. En ik besloot met minder ik en meer wij. Wie zijn wij? Dan gaat het om de Dordtse inwoners. En dan heb ik toch in eerste instantie gewoon de menselijke soort voor ogen, als we het zo willen verdelen. En natuurlijk, wij willen ook dat bomen goed verzorgd worden. En we willen ook dat er goed voor dieren gezorgd wordt. En een voorbeeldje daarvan is denk mijn eigen tuin, waar een mooie oude boom staat, die we pas nog van de dood hebben kunnen redden door hem ook op tijd te snoeien, enzovoort. Door te vergroenen, ook in een eigen achtertuin. En dan die reflectie op wat we over hebben aan dierenbeleid. Ik heb die procenten en hoeveel we kunnen besteden niet op die manier precies scherp, zoals u dat feilloos en ongetwijfeld goed gezegd zou hebben. Ik weet alleen dat het niet mogelijk is om over al het geld wat we hebben en uitgeven vrij te beschikken. Een groot deel daarvan is al voorbestemd en moeten we van het Rijk aan een aantal taken besteden. En als we dan nu zover zijn dat we moeten kiezen, gaan we voor beleid wat vooral ten goede komt aan mensen of willen we extra dingen voor dieren, dan valt de balans bij ons meer naar de richting van wat we voor mensen willen. Wil niet zeggen minder voor dieren, maar wel niet meer voor dieren. De voorzitter: Dank. Dan zijn we nu aanbeland bij de volgende fractie. En dat is DENK. De heer Safranti, gaat uw gang.
De heer Safranti: De kop is eraf, voorzitter. We gaan nu richting einde, want na mevrouw Van Vugt gaan we natuurlijk de andere kant op. Voorzitter, en dat maakt natuurlijk ook dat de woordvoering summierder wordt. Want alles wordt dan weer zo'n beetje herhaald. Ook vanuit ons het woord van dank richting de ambtelijke organisatie. Voorzitter, zware tijden zijn op komst. Vrijwel alle gemeenten staan voor grote financiële uitdagingen. Ook voor Dordrecht geldt dat deze deels te wijten zijn aan het rijksbeleid. Wat betreft het overschot van de afgelopen jaren en de inzet hierin, sluiten we aan bij de woordvoering
70
van Beter voor Dordt, die dat keurig verwoord heeft. Voorzitter, vanuit onze partij willen we een aantal aandachtspunten naar voren brengen, eerder genoemd door andere partijen ook. We kampen met diverse crisissen, oorlogen en inflatie. Steeds meer mensen hebben moeite om rond te komen en het huishoudboekje kloppend te krijgen. De kloof tussen rijk en arm wordt steeds groter. Volgens het CBS leven inmiddels meer mensen en kinderen onder de armoedegrens en stijgt het aantal werklozen sinds april. De cijfers zijn schrikbarend, zeker als we het straks veel moeilijker en zwaarder gaan krijgen. Het is belangrijk te constateren dat armoede niet alleen een kwestie is van financieel niet rond kunnen komen, maar ook kan leiden tot gezondheidsproblemen en/of sociaal isolement, met alle gevolgen van dien voor onze maatschappij. Het kabinet heeft zich ten doel gesteld de armoede te halveren. De vraag aan het college is, bent u ook op de hoogte hiervan? En wat zijn de gevolgen en effecten voor de Dordtse bevolking straks? Is er een reële kans dat een deel van de steun die op dit moment geboden wordt in de toekomst weer wordt ingetrokken? Voorzitter, we horen regelmatig, maar ook vandaag, mevrouw Stolk roepen in het huis dat de ambitie om een stad van 140.000 inwoners nog te ver weg is. Deze discussie is ook vandaag uitgebreid gevoerd.
College, hoe redelijk is deze ambitie nog? Of moeten we denken en aanpassen van de groeiambities? Tot slot, voorzitter. Er gaan ook veel dingen goed in onze stad. De Dordtpas is al diverse keren genoemd. We zijn ook erg blij met de witgoedregeling. Tijdens het begrotingsoverleg in 2022 hadden wij, samen met VSP en SP, namelijk de wethouder verzocht om hier werk van te maken. De wethouder heeft een budget toen van een half miljoen vrij gemaakt. Deze is inmiddels goed benut. En vanaf deze week is er een bedrag van 6 ton vrijgemaakt om het vervolg hiervan in te zetten. Dank hiervoor. Ook komt er dit jaar een herdenking en de eerste viering van Keti Koti, eerder al genoemd, in onze stad. Tot zover de eerste termijn, voorzitter. De voorzitter: Dank u zeer. Dan gaan we door met Gewoon Dordt. Is het woord aan mevrouw Koene. Mevrouw Koene: Hij doet het. En ik hoor nog bij de goede fractie ook. Voorzitter, we zijn dit jaar, in naam alleen, van een Kadernota naar een Perspectiefnota gegaan. En voor ons heeft die naamwisseling voor wat denkwerk gezorgd. U kent mij een beetje. U weet ook dat ik niet zo snel van veranderingen hou. En bij kaders denken wij aan het in grote lijnen uitzetten van beleid. En beleid waarmee we nu en de komende jaren de stad verder mee gaan helpen. En dat doen we natuurlijk op basis van wat we hebben geleerd van eerder beleid.
Dat is gevat in een kadertje en daardoor overzichtelijk. En bij het woord perspectief denken wij aan grote lijnen waarvan niet duidelijk is waar ze heen gaan. Verdwijnen ergens ver weg. Wat is dan je perspectief? Gewoon voor onze inwoners en ondernemers is het duidelijk waar we naartoe op weg zijn. Er komt een periode aan waarin veel minder geld beschikbaar is dan nu en eerdere jaren. En er wordt zelfs gesproken, de heer Groenewege hoorde ik er al over, over het ravijnjaar 2026. En wij zijn niet snel in paniek, voorzitter. We denken ook dat het uiteindelijk wel weer goed zal komen. Maar het betekent wel dat je je best moet doen om met elkaar te voorkomen dat de volgende raadsperiode alles in de soep loopt. En daar zei mevrouw Stolk dan alweer wat over. Ook om ervoor te zorgen dat er voldoende vrij besteedbaar geld is om ook dan de dingen te kunnen doen, bovenop waar we als overheid van zijn voor de mensen in Dordrecht. Het volgende bestuur eigenlijk perspectief bieden. Toch is het zo dat minder geld krijgen ook weleens kan leiden tot een verbeterslag in wat we doen en hoe we het
71
doen. Nu zijn we al snel geneigd om overal een beetje minder geld aan uit te geven. Het zogenaamd laaghangend fruit plukken. De makkelijke bezuinigingen. Maar over het algemeen lossen we daar zeer weinig mee op. Gewoon Dordt kijkt uit naar de ladder om met het hoge fruit aan de slag te gaan. En inmiddels is duidelijk dat dit najaar 2024 wordt. We zijn benieuwd of er dan ook voorstellen liggen waarmee we grote keuzes kunnen maken. En of er scenario's gepresenteerd worden om met bepaalde dienstverlening te stoppen en weer vanaf nul op te bouwen, waarbij vooral wat je wil bereiken weer centraal staat. Meer terug naar onze wettelijke taken. En daar valt in ieder geval geen relatieloket onder. We gaan ook aan de stad vragen hoe onze inwoners en ondernemers denken dat we minder geld kunnen besteden. Participatie. Niet voor het één of ander, voorzitter, maar Gewoon Dordt is verre van onder de indruk hoe mensen op dit moment in de stad de gelegenheid krijgen om mee te denken om plannen beter te maken. En daar komen we in deze vergadering later ook nog op terug bij punt 42. Wij benadrukken daarom dat er kritisch gekeken zal worden naar hoe trajecten ingericht worden, zodat de mensen in de stad zich serieus genomen voelen. Luisteren is een vak. En wij benadrukken dat het in de aanloop naar een voorstel wel zo fijn is dat dit ook echt gebeurt.
En dat de mensen in de stad meer ruimte krijgen om waar zij behoefte aan hebben neer te leggen. En je kunt niet iedereen blij maken. Dat snapt ook iedereen. Voorstellen zullen altijd wel bij sommige mensen tot teleurstelling leiden. Maar als er echt geluisterd is, dan komen ze daar makkelijker overheen en accepteren ze sneller een besluit dan dat er iets wordt doorgedrukt, vergezeld van dat opgeheven vingertje. Dat is zo goed voor je. En hoe zit het dan met de ruimte voor ambitie van dit college, van deze raad? Mag je dan als gemeente... Mevrouw Pichel: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Dank u wel, voorzitter. Ik zou mevrouw Koene graag een vraag willen stellen. We merken dat er zijn vaker geluiden dat bepaalde inwoners vinden dat het participatieproces niet goed gegaan. Tegelijkertijd kijken we ook, hoe is dat participatieproces dan verlopen? En dan zijn er wel bepaalde stappen genomen. Daar zit een discrepantie. Wat is het voorstel van Gewoon Dordt om te kijken hoe we daar een verbeterslag in kunnen maken, ervan uitgaande dat er een verbeterslag moet worden gemaakt? Mevrouw Koene: Die laatste is gemeen natuurlijk. Voorzitter, wij denken eigenlijk dat... Bijvoorbeeld, stel je wil ergens een beleidje veranderen of zo. En je gaat daar de mensen bij betrekken die daar in de directe omgeving mee te maken hebben.
Dan hebben wij meer zoiets van, ga gewoon met grote vellen papier onder je arm naar een plek toe waar je mensen bij elkaar geroepen hebt die daar in de buurt wonen. En ga dan van nul af aan gewoon beginnen met iets van, waar heb jij behoefte aan, waar heb jij behoefte aan? Jongens, dit is het budget. Dit kost ongeveer zoveel. Gewoon een beetje gaan kijken, bewustwording ook van hoe je iets gaat inrichten. Dat gebeurt niet zo snel. Wat er wel gebeurt bijvoorbeeld, mensen worden wel bij elkaar geroepen, maar dan komen we al met drie voorstellen. Dat is al een beperking in feite. En dat geeft al aan, maar wij hebben eigenlijk dit idee. Dat is prima. Maar dan laat je eigenlijk heel weinig ruimte voor meer creatieve ideeën vanuit de stad. Dat is wat wij hopen dat er... Dat moet zich er wel
72
voor lenen, het onderwerp. Ik bedoel, dat is natuurlijk ook logisch. Maar als jij wil dat er draagvlak is, dan zal je dat toch echt anders moeten organiseren. De voorzitter: Helder. Dank. Gaat u verder. Mevrouw Pichel: Mag ik nog heel even? De voorzitter: Dat mag ook. Mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Ik herken dit probleem en ik onderschrijf hem ook. En nogmaals, ik verwacht niet hier een concreet antwoord, maar misschien een soort vervolgstap, hoe kunnen we dit aanpakken? Want ik denk dat we ook merken dat dit klopt, wat mevrouw Koene aangeeft. We zien dit. Het college heeft er ook geen baat bij als we elke keer achteraf dingen moeten gaan bijstellen of als processen niet goed zijn verlopen. De inwoners hebben er geen baat bij. De raad ook niet. Hoe kunnen we dit samen als raad en college beter gaan aanpakken? En u geeft een heel mooi concreet voorbeeld. Maar wellicht een procesmatige stap. Heeft mevrouw Koene daar ideeën over of zullen we dat op een later moment nog eens op een andere manier aankaarten? Mevrouw Koene: Dat lijkt op een ander moment veel beter te bespreken te zijn dan nu. Ik kan wel alvast verklappen dat ik denk dat er toch een taak ligt bij het college om dingen misschien op een andere manier te organiseren. Wij willen iets als raad. En wij geven een opdracht aan het college. En het college gaat daarmee aan de slag. En dan begint het.
Maar we komen daar graag op terug. Ik weet daar ook wel een goede locatie voor. Hoe zit het dan met ruimte voor ambitie van dit college, van deze raad? Mag je dan als gemeente zelf geen ambitieuze plannen hebben? Natuurlijk wel. Graag zelfs. Het is alleen jammer dat een aantal mooie ambities die er waren als een nachtkaarsje uit gegaan zijn. En neem bijvoorbeeld die geweldige, ik weet eigenlijk niet precies hoe dat dan heet, die traverse die over het station gemaakt zou worden. Dat zag er fantastisch uit. En een mooie constructie om wijken met elkaar te verbinden. Echt iets bijzonders. En nu is het teruggebracht, begreep ik, naar een soort bruggetje, waarvan wij als Gewoon Dordt denken, weet je, doe het dan niet. Ik bedoel, er is een verbinding. Je kan gewoon onder het spoor door. Laat dat dan. Dan is iedere euro zonde om eraan te besteden. En dat scheelt dan ook een hoop geld aan allerlei bureaus en aan het inhuren van externen. En daar ga ik dan mijnheer Portier heel blij mee maken natuurlijk als ik dat zeg. Dat is ook wat waard, als mijnheer Portier blij is. Dat was hem eigenlijk, voorzitter. Maar ik wil nog wel één opmerking maken. En dat is ingaan op wat de heer Groenewege zei. En dat vond ik wel een hele aardige, aan het eind. Want hij maakte net een opmerking om het restant van zijn spreektijd mee te kunnen nemen naar een ander onderwerp.
En dat vind ik een aardig idee om mee te nemen naar het volgende presidium. De voorzitter: Goed idee. Als u dan ook de interrupties meerekent, dan komt het helemaal goed. De heer Struijk: Voorzitter, als mevrouw Koene nog even blijft staan. De voorzitter: De heer Struijk, bij interruptie.
73
De heer Struijk: Het is maar heel even hoor, want het is een korte vraag. Mevrouw Koene: U bent zo dwingend. De heer Struijk: Ik verstond hem niet. Sorry. De voorzitter: Stelt u de vraag. De heer Struijk: De vraag is heel eenvoudig, voorzitter. Ik ben heel benieuwd of het bestrijden van laaggeletterdheid tot de wettelijke taak van de gemeente behoort? Mevrouw Koene: Wij krijgen voor de bestrijden van laaggeletterdheid geld vanuit het Rijk. De heer Struijk: Dank voor het antwoord. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we door naar de heer Gündogdu, Op Ons Eiland. De heer Gündogdu: Beste collega's, voorzitter, het is bijna zes uur. Ik zou zeggen, hou nog even vol, telefoons uit, ik heb een boeiend verhaal voor u. Ik heb ook wat nieuwtjes. Voorzitter, om te beginnen vanuit Op Ons Eiland willen we uiteraard de wens uitspreken dat al die ellende in de wereld, waar dan ook, op ons continent eindigt. Dat we in harmonie met elkaar leven en dat iedereen een eerste levensbehoefte heeft. Voorzitter, er is al gerefereerd, ravijnjaar, moeilijke, of wat is het, steile financiële diepte, heb ik zelfs gelezen. Er komt heel veel onzekerheid op ons af. Ik wil er niet al te veel woorden aan vuil maken. Maar wij zijn uiteraard ook wel benieuwd hoe het nieuwe kabinet met het credo hoop, lef en trots en de financiële uitwerking van hun plannen zijn effecten zal hebben hier in Dordrecht.
Voorzitter, er is ook natuurlijk vanuit ons een oproep. En dat heeft menigeen ook hier geuit. Dit is een enorme opgave vanaf 2026. En het gaat pijn doen. En dat pijn doen realiseren we ons zeker en zijn we daar ook heel bewust van. Het is een opgave die we niet alleen in deze raad, maar met de hele stad aan moeten gaan. Het is een oproep naar deze raad en vooral ook naar de stad. Als u een idee heeft, kom alsjeblieft met deze ideeën, zodat we dat gewoon goed kunnen afwegen op het moment dat er bezuinigingen aanstaande zijn. Voorzitter, in een tijd waar alles duurder wordt, kijken we natuurlijk ook naar de bestaanszekerheid van onze inwoners. We willen betaalbare woningen. Volgens mij zijn we het daar allemaal mee eens. En ik heb 30 procent gehoord, 45 procent. De procenten dwarrelen allemaal. Voorzitter, er is wel een gegeven. In het verleden, ik werk in Rotterdam, werden wij als Dordrecht de grootste buitenwijk van Rotterdam genoemd. Jazeker, voorzitter. En ik was daar natuurlijk niet blij mee. Maar als wij niet opletten, voorzitter, dan wordt dat nog eens een echte praktijk. Want ik kan u melden, misschien dat mijnheer Den Heijer en mevrouw Boom dat ook kunnen bevestigen, dat er menigeen mensen uit Rotterdam willen naar Dordrecht verhuizen, omdat die woningen hier wel relatief goedkoop zijn en in Rotterdam helemaal niet te verkrijgen zijn.
Voorzitter, en dat heeft een eenvoudige reden. Onze inwoners kunnen die woningen niet betalen. Ik kan het niet makkelijker maken dan dat het is. Voorzitter, om even stil te staan bij onze starters. Die hadden al een hele moeilijke positie. En dat wordt alsmaar moeilijker. En vorige week hebben wij even in de commissie gesproken, ik zeg bewust even, over
74
erfpacht. Wij vanuit Op Ons Eiland zijn er echt van overtuigd dat erfpacht een instrument kan zijn om juist die doelgroep, de starters, een kans te bieden om een woning te kopen. En daar is helaas niet iedereen van overtuigd. Maar we gaan er zeker nog mee verder, want die overtuiging is bij ons er wel. Voorzitter, ik wil ook even stilstaan bij het misbruik die heel veel, met respect, ik wil niet iedereen over één kam scheren, maar een aantal in ieder geval woningeigenaren misbruik maakt van de situatie van huurders. Wij krijgen namelijk verhalen te horen van huurders dat er voor een standaard eengezinswoning huurprijzen worden gevraagd van 1.500 tot 2.000 euro. Wij vinden dat schandalig. Maar die prijzen worden gevraagd. En sterker nog, die worden ook nog eens betaald. Voorzitter, wij hebben hier een huurloket. Misschien is het een stukje onbekendheid of dat mensen die weten dat ze te veel huur betalen, maar eenvoudigweg niet de stap durven te zetten om zich te melden bij dat loket, omdat ze bang zijn wellicht uit het huis gezet te worden. Maar onze vraag concreet aan het college, beste college, zou u hier alsjeblieft aandacht aan willen vestigen? Hoe dat is, dat is aan u. Maar we hebben een mooi instrument. Maak dat kenbaar bij alle Dordtenaren die eigenlijk in een erbarmelijke situatie zitten. Voorzitter, een punt van aandacht is Stadspark XXL.
Voorzitter, we hebben, en dat mag natuurlijk van ons verwacht worden, recent wat werkbezoeken afgelegd bij Scouting TESRA, Oranje Wit, EBOH, Wieldrecht, Handbalvereniging M.O.K. En zij maken zich ernstige zorgen over hun bestaanszekerheid. Het is niet zozeer dat zij tegen de plannen van Stadspark XXL zijn. Alleen weten ze niet waar ze aan toe zijn. Want dat is namelijk het grote probleem, we hebben het continu over bestaanszekerheid van onze inwoners, en terecht, maar we hebben ook nog verenigingen die in onzekerheid zitten. Want wat betekent concreet die plannen voor hun praktijk? Graag aandacht daarvoor, voorzitter. Voorzitter, en ik heb een nieuwtje. Dit college is, in tegenstelling tot landelijke politiek, er wel in geslaagd om een vliegtuiglandingsbaan te realiseren in Dordrecht. Een vliegtuiglandingsbaan. Terwijl het ene collegelid bezig is met een klimaatneutrale stad in 2040, bouwt een andere wethouder een landingsbaan in onze stad. Ik hoor uw verbazing. Voorzitter, ik refereer even naar de Krispijnseweg. We hebben namelijk vaak genoeg de aandacht gevraagd voor de belijning van de Krispijnseweg. Het lijkt er alsof de heer Van der Linden, ik kijk hem even aan, via de voorzitter, zegt, hier met je belijning. We hebben een partij dikke strepen daar gekregen. Wat betekenen die dikke strepen? Wij dachten, er gaan hier binnenkort vliegtuigen op landen.
Maar voorzitter, het is niet alleen maar de Krispijnseweg. We hebben ook nog wel wat andere straten in onze stad. Recent hebben wij contact gehad met De Sterrekijker. Dat is een school in Sterrenburg. En die had enorm veel moeite tijdens een verkeersexamen. Want die hadden wat verkeerssituaties in de wijk. En die leerlingen moeten een examen afleggen. Die hebben keurig de randvoorwaarden en hoe ze moeten fietsen, hoe ze op die verkeerssituatie moeten letten. Alleen het probleem was, op een gegeven moment lopen die belijningen af of die lopen dwars door de wijk en door de straten, kriskras. Die docenten hadden zoiets van, hoe gaan we dit uitleggen aan onze pupillen? De voorzitter: Komt u tot een afronding, als je wil. De heer Gündogdu: Mag ik nog vijf minuten, voorzitter? Voorzitter, ik heb nog drie belangrijke punten. Heel kort. Voorzitter, ik wil nog even refereren aan de Zwijndrechtse brug. Het is niks nieuws, maar we zullen nimmer instemmen met het autovrij maken van
75
de Zwijndrechtse brug. Dat is maar even gezegd. Sterker nog, de Krispijntunnel zou ook dicht moeten. Dat vinden we heel bijzonder dat het college met een VVD’er erin of VVD’ers, dat zij hier voor willen gaan. Maar ik heb ter afsluiting wel iets heel moois, ook richting mijn collega's van de VVD. Voorzitter, we hebben het vandaag natuurlijk over hele serieuze zaken. Uiteraard. Daar zijn we ons van bewust. En we moeten bezuinigen. En dat gaat pijn doen. Maar in ieder geval, desondanks is het goed vertoeven op ons eiland. En daar mogen we best trots op zijn. Sterker nog, we zijn in ieder geval heel blij dat onze collega's van de VVD daar ook achter zijn gekomen dat het mooi vertoeven is op ons eiland, want ze hebben er zelfs een kerstfilmpje aan gewijd. Mijn applaus. Dank u wel. De heer De Heer: Voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie nog een interruptie van de heer De Heer. De heer De Heer: Voorzitter, ik snap dat het kerstfilmpje van de VVD veel los maakt. De voorzitter: Beste mensen, we zijn gewoon nog in vergadering. Het woord is aan de heer De Heer voor een interruptie. Gaat uw gang. De heer De Heer: Voorzitter, een verduidelijkende vraag aan de heer Gündogdu. Ik hoorde hem iets noemen over een huurloket. Is mij even onbekend. Misschien zou hij daar iets over kunnen delen wat dat precies betekent.
En het tweede was dat hij een voorbeeld gaf van huurhuizen met absurd hoge bedragen. Daar ben ik het met hem eens dat dat absurd hoog is. Tegelijkertijd vroeg ik me even af wat je daar dan precies aan kan doen? Want uiteindelijk in de particuliere huurmarkt is het toch ook voor een deel wat de gek ervoor geeft. De heer Gündogdu: Voorzitter, dat laatste beaam ik. Dat er huurprijzen worden gevraagd in mijn ogen, vanuit ons ogen heel onredelijk. Het is een vrije markt, uiteraard. Maar als je kijkt ook naar de conditie van die woningen, dan staat dat in schril contrast met datgene wat als huur wordt gevraagd. Dat is met name de aandacht die ik daarvoor wil vestigen. En er is inderdaad een huurloket, waar je juist dit soort casussen kunt aanbrengen. Maar wat wij ook vernemen, en dat is misschien koudwatervrees, dat die mensen niet die stap durven te zetten. Op het moment dat ze dat namelijk doen, dan wordt er een bepaald proces gestart, ook met de pandeigenaar. En als je al een woning hebt weten te bemachtigen in deze krapte, dan ben je daar angstig voor. Het is ook een oproep aan het college. Ik heb daar geen antwoord op. Maar deze signalen krijgen wij. En ik denk dat meerdere partijen deze signalen ook krijgen. En het is best schrikbarend. De voorzitter: Dank u wel. De heer De Heer nog een keer. De heer De Heer: Voorzitter, ik word alsmaar nieuwsgieriger naar dat huurloket.
Zou het kunnen dat de heer Gündogdu het Juridisch Loket bedoelt? Of hebben het echt specifiek over een huurloket, waar ik het bestaan niet van weet? De heer Gündogdu: Een huurteam, huurloket. De heer De Heer: Dank u wel.
76
De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn we nu bijna op zes uur. Ik ga schorsen tot acht uur. Dan gaan we daarna weer beginnen met de volgende fractie. Dat is de SP-fractie. Ik wens u allemaal een goede maaltijd toe. Beste mensen, ik heropen de vergadering. We hebben toch twee uur en twee minuten geschorst. Dat zou toch voldoende moeten zijn om helemaal opgeladen te zijn voor een avondje raadsvergadering. En voordat we daarmee verder gaan, wil ik toch nog wel eventjes de aandacht vestigen op ons raadslid, de heer Klerk, die vandaag jarig is. Dan is hij in goed gezelschap? Wie is er nog meer jarig dan? Goed gezelschap. Ik denk, er is nog iemand jarig. Want dat had hij angstvallig voor ons geheim gehouden, maar we zijn er toch achter gekomen. Gefeliciteerd namens ons allen en mooi dat u vanavond toch in ons midden bent om dat inderdaad in goed gezelschap te vieren. En we gaan dat onder andere vieren door een cadeautje, namelijk de bijdrage van de heer Portier. En die wil ik graag het woord geven om zijn eerste termijn achter het spreekgestoelte te houden.
De heer Portier: Beste voorzitter, we staan voor grote bezuinigingen, met name door wat het Rijk ons opgelegd heeft. Er is sprake van een ravijnjaar in 2026, maar geen indicatie dat we na dat jaar weer uit de afgrond kunnen klimmen. Voorzitter, voor mijn laatste raad wil ik zaken in een wat groter verband plaatsen. Ondanks alle vooruitgang van techniek en wetenschap in de wereld staan we voor een situatie dat de huidige jeugd en toekomstige generaties het, als het maatschappelijk systeem waar we nu onder leven in stand blijft, slechter zullen hebben dan onze voorouders. En dat nog afgezien van de aan de gang zijnde oorlogen en dreigende wereldoorlog, klimaatrampen en de voortgaande vernietiging van natuur en biodiversiteit. En dat terwijl alle middelen aanwezig zijn om iedereen in deze wereld een goed leven te geven, een fatsoenlijk huis, gezond eten, fatsoenlijk werk en zorg. Er is genoeg voor ieders behoefte, maar niet voor ieders hebzucht. Waarbij aangetekend moet worden dat een hele kleine bevoorrechte elite, globaal, het leeuwendeel van de wereldwijde consumptie voor haar rekening neemt. Tientallen jaren lang predikten liberalen en conservatieven, in hun kielzog vaak de sociaaldemocratie, dat globalisering tot toenemende welvaart zou leiden.
Nederland zou een kenniseconomie worden, waarbij de feitelijke productie van goederen uitbesteed zou kunnen worden aan andere landen, zoals China. Nu deze landen volgens in het westen bedachte regels van het globalisme de economische wedstrijd winnen, willen we de regels weer gaan veranderen en vallen we terug op protectionisme, waarbij nog steeds de belangen van de bevolking op de laatste plaats komen. Denk maar aan het tegengehouden van de import van relatief betaalbare elektrische auto's of van zonnepanelen. De bestaanszekerheid van veel mensen staat onder druk. In geld uitgedrukt stokt de economische groei in de hele Europese Unie, mede door de peperdure energie, nu we afhankelijk worden van LNG uit de VS. Dat vijf keer zo duur aan EU-landen wordt geleverd als aan afnemers in eigen land. De stokkende groei vertaalt zich in toenemende armoede aan de onderkant van de samenleving. De slechtere positie van de EU en Europa in de wereld is de achtergrond van de grote rijksbezuinigingen op het Gemeentefonds. In een groot aantal steden en gemeenten hebben raden uitgesproken dat deze bezuinigingen van tafel moeten. En ook onze raad heeft zich hier in februari van dit jaar unaniem voor uitgesproken. Wat zien we echter in de Perspectiefnota? De bezuinigingen worden gewoon geslikt en verwerkt in de meerjarenplannen. Het signaal aan de regering is duidelijk. De bezuiniging worden
77
geaccepteerd en van echt verzet is geen sprake. Wat ons als SP betreft moet dit echt anders. Als wij weigeren de bezuiniging in de begroting in te calculeren, dan kan het ook een inspiratie zijn voor andere raden en gemeenten om de handschoen op te pakken en de regering te dwingen bakzeil te halen met deze bezuiniging. Hierbij zou ook een beroep gedaan moet worden op de bevolking om te protesteren tegen de dreigende afbraak van voorzieningen of op de vakbonden die gemeenteambtenaren organiseren of werken in de overige collectieve sector, om desnoods stakingsacties tegen deze bezuinigingen op touw te zetten. En er is een historische voorbeeld van. Weliswaar in Engeland. De stad Liverpool deed precies dat in de tachtiger jaren. En bereikte daarmee belangrijke resultaten, voordat ze door de landelijke Labourleiding in de steek werden gelaten. Laten we niet vergeten dat het dreigende tekort op de begroting een zeer groot percentage beslaat van het deel van de begroting dat we vrij kunnen besteden. Akkoord gaan met deze bezuinigingen betekent dat we een uitvoeringsloket voor het rijksbeleid worden en zelfs daarvoor te weinig geld ontvangen. Voorzitter, ik wil nog een paar kleine punten aanhalen. Eén dingetje is even over de VVD motie, dat we moeten streven naar universitair onderwijs in Dordrecht. Heel interessant.
Waarom niet gelijk ook een wereldhandelscentrum, een internationaal vliegveld en een kathedraal? Het interessante is dat de nieuwe landelijke coalitie met de VVD meer dan 900 miljoen gaat de zuinigen op universiteiten en wetenschappelijk onderzoek. Kortom, laten we met beide benen op de grond blijven staan. Wat ons betreft komt het college echt wat meer met beide benen op die grond te staan. Met het Maasterras, het Stadspark XXL, et cetera worden megalomane plannen en volstrekt onrealiseerbare plannen gerealiseerd. Onder dit college lanceert de gemeente de ene na de andere Startnotitie, visie, beleidsnota. Peperdure externe bureaus verdienen er goud geld aan, maar ondertussen wordt er weinig gerealiseerd. Een autoluwe binnenstad, woningen voor jongere starters, zorgbuurthuizen voor ouderen. Als raad hebben we er een uitspraak over gedaan, maar het college voert het niet of nauwelijks uit. Want niet op het stadskantoor bedacht, denk ik dan. Laat ik met een positieve noot op een zich schandelijke zaak eindigen. Als gehele raad, en ook ondersteund door het college, verzetten wij ons tegen de uitstoot van PFAS, door onder andere Chemours. Natuurlijk wat ons betreft ook een uitwas van het kapitalistisch systeem, waarin de winst van enkelen belangrijker is dan de gezondheid van velen.
Wij verwachten dan ook unanieme steun voor onze motie, om niet te wachten tot over vele jaren, indien ooit, er een Europees verbod op PFAS komt, maar ook om aan te dringen in Den Haag om nu in Nederland tot een landelijk verbod te komen. Hopelijk als begin van vele landen die deze stoffen gaan verbieden. Dank u wel. De heer Kuhlmann: Voorzitter. De voorzitter: Bij interruptie, de heer Kuhlmann. Gaat uw gang. De heer Kuhlmann: Dank u, voorzitter. Over de laatste motie waar de heer Portier over sprak. Wij kunnen elkaar natuurlijk de hand geven in het streven voor PFAS-verbod. Wat ons betreft maken we ons nuttig op de plek waar het echt geregeld moet worden. En we steunen wat dat betreft ook heel erg de inzet van de regering en het college voor een Europees verbod. Begrijp ik goed dat de motie van de SP echt om iets anders vraagt dan de huidige inzet die het college heeft voor zo'n Europees verbod? En ik ben ook benieuwd, want ik kreeg een beetje de indruk dat er misschien qua inhoud, voor welke
78
stoffen maak je een uitzondering of welke toepassingen, dat er misschien ook een verschil zit in de lijn die nu in Europa wordt getrokken. Ik ben benieuwd, zie ik het goed dat daar echt wel verschillen zit tussen wat u voorstelt en wat er nu gebeurt? De heer Portier: Een verbod op PFAS in Europees verband zou natuurlijk ideaal zijn. Vooral als het een beetje snel tot stand komt en alleen maar de allerhoogst noodzakelijke uitzonderingen bevat, zolang die nodig zijn. Echter, we hebben weinig zicht op hoelang het in Europa gaat duren voordat dit PFAS verbod tot stand komt. Het is mogelijk, niet op gemeentelijk, niet op provinciaal niveau, maar wel op landelijk niveau om verdergaande maatregelen te eisen dan al reeds in de rest van Europa van kracht zijn. Wij vragen inderdaad om een landelijk verbod. Dat is inderdaad een andere of een aanvullende inzet, zo u zou willen. En wij denken ook dat als Nederland, maar misschien ook andere landen die veel met PFAS problemen te maken hebben, zoals bijvoorbeeld België, denk maar aan wat er allemaal bij 3M in Antwerpen gebeurt. Als die zo'n landelijke verbod aannemen, dat dan ook een extra stimulans kan zijn om tot een Europees verbod te komen. De voorzitter: De heer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: En ik zie ook, tenminste ik ben even benieuwd of ik het goed lees, dat dat ten koste zou gaan van andere lobbyinzet.
Ook de lobbyinzet richting zo'n Europees verbod. Ik ben heel benieuwd hoe u daarnaar kijkt, maar zeker ook evengoed benieuwd hoe het college daarnaar kijkt. Maar dat komt vast in een andere termijn aan de orde. De voorzitter: Dank. De heer Portier: Het is natuurlijk zo dat we sowieso al een lobby opgezet hebben naar Den Haag. Ik heb geen inzicht in de exacte tijdsbesteding van degenen die zich daarvoor inzetten. Maar wat ons betreft zou een lobby voor en landelijk PFAS verbod daarin gewoon meegenomen moeten en kunnen worden. De voorzitter: Dank. Dan gaan we naar mevrouw Van Vugt. Mevrouw Van Vugt-Roose: Dank u wel, voorzitter. Ik vind het heel moedig wat de SP hier naar voren brengt om te zeggen, we komen in verzet. We gaan niet mee met wat we moeten van het Rijk. Ik ben alleen heel benieuwd wat dan het perspectief is voor Dordrecht. Stel dat we nu in verzet komen, we verwerken alle dingen niet in de Perspectiefnota’s, we houden er geen rekening mee en we gaan door, zoals we het liefst zouden doorgaan.
Wat gebeurt er dan? Wat zegt de Dordtenaar dan over een paar jaar tegen ons als raad? Wat is perspectief? De heer Portier: Wat ik ook stel, is dat we de Dordtenaren, de inwoners, de werknemers, de mensen die dreigen op straat te komen door bezuinigingen op collectieve voorzieningen, de mensen die dreigen gekort te worden op bijvoorbeeld het minimabeleid, dat we die meenemen in het verzet. Dat het niet gewoon een briefje wordt van de raad van, wij zijn het er niet mee eens en wij gaan het niet opnemen in de begroting. Maar dat het echt een breder verzet wordt. En dat we dat ook proberen te
79
stimuleren in andere steden. En ik denk dat als Dordrecht dit initiatief neemt, dat ook in andere steden de roep op zal komen van, waarom pikken we eigenlijk deze bezuinigingen? Want let wel, als we deze bezuiniging accepteren, dan blijft er eigenlijk gewoon nul ruimte over voor eigen beleid. Kunnen we eigenlijk alleen maar uitvoeren wat we wettelijk gezien sowieso al uit moeten voeren. En zelfs is het de vraag of daar dan nog genoeg geld voor is. De voorzitter: Gaat u verder. De heer Den Hartog: Voorzitter. De voorzitter: Een interruptie van de heer Hartog. Gaat uw gang. De heer Den Hartog: Dank u, voorzitter. Wat de heer Portier zegt in deze motie, daar kan ik natuurlijk volledig achterstaan. Maar zoals ik hem lees, ben ik toch enigszins even op het verkeerde been misschien gezet. Maar dit is toch precies wat het college nu al doet, wat ook gewoon in de officiële stukken staat. Daar staat toch gewoon, we voeren al een lobby bij provincie en landelijk en Europa. Ik wil heel graag weten van de heer Portier wat deze motie nog anders is dan wat er nu al gebeurt. De heer Portier: Ik begrijp dat u het over de PFAS motie heeft? Wat echt anders is, is dat we uitspreken dat we niet willen wachten op Europa. Natuurlijk heel mooi als het in Europa er doorkomt.
Maar dat er ook heel duidelijk gezegd moet worden, we willen dat er nu landelijk ook actie ondernomen wordt en een PFAS verbod wordt ingesteld. En dat is gewoon mogelijk. Zoals de staatssecretaris zelf ook aangegeven heeft dat het mogelijk is. Alleen zij wil er niet aan. De heer Den Hartog: Voorzitter, dat is zeker mogelijk. En ik sta daar ook achter, zei ik. Alleen mijn vraag is, dit is nu toch al de inzet van het college? Waar roept deze motie dan nog toe op wat er nu dan nog niet gebeurt? Want die lobby is er. En terecht dat die er is. Laten we dat ook zeggen. De heer Portier: Ik heb nog niet eerder een duidelijke uitspraak gehoord van het college, maar misschien heb ik ergens iets gemist, dat er ook niet gewacht moet worden op Europa en dat we alvast landelijk tot een verbod willen komen. Als daar collegebeleid is en als andere partij erachter staan, dan denk ik dat we deze motie unaniem aan kunnen nemen. De voorzitter: Gaat u verder. Mevrouw Pichel: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Dank u wel. Het gaat ook over de PFAS motie. Daar heb ik een vraag over. En ik snap natuurlijk heel goed waar die vandaan komt. Ik snap ook heel erg de motivatie.
Maar wat mij niet heel erg helder is, is dat eerder met het hamerstuk, waar ik niet hoorde dat de SP tegenstemde, hamerstuk 11, Klimaatneutraal beleid, waarin het klimaatneutraal beleid natuurlijk ook wel gekozen wordt om meer in te zetten op
80
warmtepompen en op elektrische auto's, waar Chemours zelf natuurlijk ook de grondstoffen voor aanlevert. Ik zie dat een beetje als tegenstrijdigheid, hoe het komt dat de SP toch enerzijds dat ondersteunt en stimuleert. En aan de andere kant ook weer de productie van Chemours op het gebied van PFAS wil verbieden. Kan de heer Portier uitleggen hoe dat zit? De heer Portier: Ik denk dat uw stelling is dat je PFAS nodig zou hebben voor een klimaatneutraal beleid. Dat bestrijd ik ten zeerste. De voorzitter: Mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Nee, dat is niet wat ik beweer. Het is zo dat Chemours zelf ook aangeeft dat in hun productie een heel groot deel en een belangrijk deel van hun productie voornamelijk bedoeld is voor de energietransitie. Dat zij grondstoffen leveren die nodig zijn voor warmtepompen, batterijen, elektrische auto's en allerlei ander soort materiaal. En dat dat het grootste deel van hun productie is. De heer Portier: Het idee dat je PFAS nodig zou hebben voor de batterijen van elektrische auto's, dat geloof ik niet helemaal. Maar Chemours kan van alles en nog wat aangeven. Ze zijn natuurlijk ook niet op hun eerste onjuistheid gevallen. Wat ons betreft is er geen tegenstrijdigheid tussen streven naar klimaatneutraal zijn en het uitbannen van PFAS. De voorzitter: De heer Den Heijer. De heer Den Heijer: Dank, voorzitter.
Ik weet niet of het iets met het vertrek van de heer Portier uit deze stad te maken heeft, maar het is ook voortbordurend op de vraag van mevrouw Van Vugt. Hoe laat u financieel de stad achter? Als het aan de SP ligt, is het een financiële puinhoop en staan we binnenkort onder een artikel 12-procedure. En als het gaat om de suggestie die u doet om ook inderdaad in onze boeken, in onze financiering rekening te houden met de tegenvallers die we vanuit het Rijk hebben, bijvoorbeeld die opschalingskorting, die 5,1 miljoen tegenvaller, die wordt nu verrekend met de bestemmingsreserve ontheemden. Eigenlijk het geld wat we vanuit het Rijk krijgen om in opvang te voorzien voor de ontheemden, daar trekken we die korting vanaf die we vanuit het Rijk opgelegd krijgen. Dat is eigenlijk al best verzet-achtig boekhouden, zou ik dan bijna zeggen. Maar ik wil toch echt stellig me verzetten tegen uw oproep tot verzet om gewoon Dordrecht in de puinhopen van de heer Portier achter te laten qua financiën. Want uw oproep is wat dat betreft vrij risicovol. De heer Portier: De puinhopen van de heer Portier is een beetje een variant op de puinhopen van paars. De voorzitter: Er zijn wel meer puinhopen vandaag al voorbijgekomen, volgens mij.
De heer Portier: Ik denk dat als we echt twintig miljoen gaan bezuinigen op onze voorzieningen en op het minimabeleid et cetera, op de Dordtpas, dat is allemaal al genoemd, dat we dan echt een puinhoop van onze stad maken. Mijn inzet en de inzet die ik vind dat de raad ze moeten doen, is niet om een financiële puinhoop achter te laten, maar om ervoor te zorgen dat het Rijk gewoon over de brug komt met het geld dat ze ons nu dreigen te ontstenen.
81
De voorzitter: De heer Den Heijer. De heer Den Heijer: Maar voorzitter, met alle respect, ik ken de heer Portier als een fervent theoreticus. Maar ook het Rijk staat gewoon met een financiële opgave, met een bezuinigingsopgave zichzelf ten doel gesteld. Er gaat geen geld vanuit het Rijk komen. En vervolgens moet je dan wel daar gewoon volwassen met omgaan en kijken hoe het dan hier een tand minder kan en hoe we in plaats van uitdijende overheid, wat u misschien voorstaat, dat het daar toch een tand minder op moet. En dat u zegt, ik zet de SP gewoon langs de zijkant en ik vertrek, maar ook opvolger zet zichzelf daarmee ook langs de zijkant. Vindt u zelf dat u niet gewoon een verantwoordelijk heeft om de financiën in Dordrecht op een degelijke manier te organiseren en daar geen poker mee te spelen? De heer Portier: Ik begrijp dat, waar de VVD in februari nog steunde dat deze rijksbezuinigingen niet door moesten gaan, dat ze nu van mening is veranderd, nu ze ook weer in de regering komt. En dat ze het helemaal prima vindt dat wij op deze manier door het Rijk gekort worden. Want u zegt, het Rijk heeft nu eenmaal ook een financiële opgave. Dat leid ik daar daaruit af. Wat ons betreft is dat echter geen gegeven. Het Rijk geeft heel veel geld uit aan zaken die wat mij betreft niet nodig zijn.
Daar is al eens op gewezen dat er veertig miljard per jaar aan fossiele subsidies besteed wordt, om maar één ding te noemen. Ik zal het maar niet hebben over de toenemende bewapeningsuitgave. Plus natuurlijk, er is voortdurend gekort op de belastinginkomsten vanuit grote ondernemingen. Daar zou je wat aan kunnen doen. Je zou het aan het vrijstellen van grote multinationals van belastingen kunnen doen. Er is geld genoeg te halen als we er echt wat willen halen. De voorzitter: Zullen we even weer teruggaan naar Dordrecht, met zijn tweeën graag? De heer Portier: Met andere woorden, ik verwerp de noodzaak van het Rijk om deze bezuinigingen door te voeren. En dat betekent ook dat ik voor ben dat we als Dordrecht echt in verzet komen en niet op onze rug liggen, met de pootjes omhoog zeggen, loop maar over ons heen, Rijk, wij accepteren deze bezuinigingen. De voorzitter: Ik constateer dat u het hier niet helemaal over eens zult worden. Mijnheer Portier, vervolg uw betoog. De heer Portier: Mijn betoog was al klaar, voorzitter. De voorzitter: Dan wil ik u hartelijk danken voor dit mooie betoog. En dan gaan we door naar Forum voor Democratie. De heer Portier: Ik heb nog wel twee moties. De voorzitter: Die heeft u inderdaad. Dat zijn de moties M13 en 14. PFAS verbod is 13 en de bezuinigingen van het Rijk is 14. Dan geef ik het woord graag aan mevrouw Pichel, namens Forum voor Democratie.
Mevrouw Pichel: Dank, voorzitter. Geacht aanwezigen, ik ga toch denk ik mijn betoog maar weer eens een keer over een andere boeg gooien. Wie het leuk vindt, mag
82
opletten. En misschien de heer Van der Net kan ook zijn oren dicht doen. Gaat u luisteren? Heel leuk. Leuk. De Perspectiefnota. De weg naar een sluitende begroting voor 2025 en verder. Een nota is alleen maar een weergave van geldstromen. En toch levert alleen het zien van deze cijfers een hoop mensen stress op. Dat alleen al is een bijzonder gegeven. Dat we stress ervaren als een paar mensen ons wat getallen in een tabel laten zien. En de Perspectiefnota en ook de begroting zijn een weergave van geldstromen. En hoe die geldstromen lopen, is afhankelijk van keuzes. Keuzes van de coalitie, keuzes van het college en keuzes die we hier met elkaar maken. Maar er is iets aan de hand met het begrip keuze. Keuze is niet, in tegenstelling tot wat veel mensen denken, een actie of een handeling. Een keuze is een bereidheid. Een sterke wil om iets te realiseren of te veranderen. Dat moment dat je weet, dit gaat me lukken. Dit ga ik anders aanpakken. En dat het je dan ook lukt, terwijl het je al die jaren daarvoor niet is gelukt. En bij een keuze ligt er altijd een fundament ten grondslag aan die keuze. En hier hebben we het over een belangrijk principe. Want als het fundament niet stabiel is, dan is de uitkomst niet stabiel. Met andere woorden, als de keuze voortkomt uit gebrek, dan is het resultaat gebrek. En als de keuze voortkomt uit hebzucht, dan is het resultaat hebzucht.