CConstaterende datDongen
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB 24-93 Bijl-1 Uitvoerings- en Handhavingsstrategie fysieke leefomgeving gemeente Dongen 2025-2028

Commissie Fysieke leefomgeving 27 februari 2025, gemeente DongenBij agendapunt: d. Raadsinformatiebrieven25.087 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Asbest* Bodem (besluit Bodemkwaliteit) * Brandveiligheid opslag gevaarlijke stoffen * Risicovolle inrichtingen* Constructieve veiligheid Brandveiligheid * Handhaving omgevingsplan

* U&H-taken (deels) ondergebracht bij de OMWB en VRMWB.

4.2.2 Prioriteitstelling gemeente Dongen De prioriteiten van de gemeente Dongen zijn vastgesteld op basis van een risicoanalyse (zie de bijlagen). Voor de beleidsperiode 2025-2028 zijn er bij vergunningverlening en toezicht een aantal nieuwe activiteiten in de risicoanalyse opgenomen. Deze zijn een gevolg van de invoering van de Ow en de Wkb. Met de uitgevoerde risicoanalyses voor de taakvelden VTH, OMG en OOV zijn de risico’s van activiteiten in beeld gebracht. Vervolgens zijn de uitkomsten van deze cijfermatige risicoanalyse naast de bestuurlijke prioriteiten en de praktijkervaringen van medewerkers gelegd. Dit om te beoordelen of de uitkomsten van de risicoanalyse voldoende aansluiten bij de lokale situatie. Op basis hiervan is per activiteit de prioriteit toegekend (hoog, gemiddeld of laag). Met deze toegekende prioriteiten kunnen de mensen en middelen worden ingezet op die activiteiten, waarvoor deze kennis en kunde het meest nodig is en op die activiteiten die de meeste risico’s met zich meebrengen (het eerder genoemde “risicogestuurd werken”). Hierbij moet worden opgemerkt dat niet enkel bij overtredingen in deze risicoklasse wordt gehandhaafd. Deze kwalificatie is namelijk bedoeld om aan te geven, in welke gevallen altijd wordt gehandhaafd.

In het geval dat er geen overtredingen in de toegekende risicoklasse “hoog” zijn, worden overtredingen die zich in een lagere risicoklasse bevinden opgepakt. De toegekende prioriteiten in de categorie “hoog” worden hierna weergegeven. De overige geprioriteerde activiteiten in de categorieën “gemiddeld” en “laag” en de volledige risicoanalyse zijn opgenomen als bijlage.

Hoge prioriteit Ondermijning Brandveilig gebruik bij Woonfunctie-voor zorg, -voor kamergewijze verhuur, Kantoorfunctie 20

Brandveilig gebruik bij Gezondheidszorgfunctie, Bijeenkomstfunctie, Onderwijsfunctie, Logiesfunctie, Sportfunctie, Winkelfunctie, Industriefunctie Het afbreken, verstoren, gebruiken of wijzigen van een beschermd monument (inclusief monumentale bomen) Illegale bewoning/woningsplitsing in het buitengebied Strijdigheid Bbl met hoge risico's (Wet kwaliteitsborging) (*) Het in strijd met een omgevingsvergunning (ver)bouwen van een: Woonfunctie (woongebouw), Gezondheidszorgfunctie, Bijeenkomstfunctie, Onderwijsfunctie Evenement (type 4) (> 1500 personen en bedrijfsmatig) (*) Afdeling veiligheid (uitgezonderd 4.2.16), gezondheid (uitgezonderd 4.3.7, 4.3.9 en 4.3.10), 4.6 en bouwwerk installaties 4.5.7 t/ 4.7.9.

21

5. Uitvoeringsstrategieën 5.1 Inleiding Bij de uitvoering van de taken geldt het principe dat initiatieven, activiteiten en handhavingssituaties in een gelijke situatie gelijk worden behandeld. Om zoveel mogelijk volgens dat principe te werken zijn onderstaande VTHstrategieën op de taken die door VTH worden uitgevoerd van toepassing. Deze strategieën vormen het operationele beleidskader. De grondslagen van de inhoud van de strategieën is terug te vinden in het Omgevingsbesluit artikel 13.6 en 13.7. De VTH-strategieën bestaan uit vijf componenten: 1. Preventiestrategie (voorkomen); 2. Vergunningenstrategie (reguleren); 3. Toezichtstrategie (controleren); 4. Sanctiestrategie (optreden); 5. Gedoogstrategie (uitstellen van handhaven). Jaarlijks worden de resultaten van deze strategieën geëvalueerd en indien nodig worden deze bijgesteld als dit noodzakelijk blijkt om de doelen te behalen. In het navolgende worden de uitvoeringstrategieën nader toegelicht.

5.2. Preventiestrategie De preventiestrategie richt zich op het vergroten van kennis en bewustwording bij inwoners en organisaties, over welke regelgeving van toepassing is en voor welke activiteiten een melding of vergunning nodig is. Om uit eigen beweging aan deze regels te kunnen voldoen, moet immers bekend zijn welke regels van toepassing zijn. Maar deze strategie richt zich ook op het stimuleren van betrokkenen om aan de geldende regels te voldoen. Het doel van de preventiestrategie is dan ook om de betrokkenheid en het draagvlak voor spontane naleving van wet- en regelgeving te vergroten. Inzet van de preventiestrategie vindt doorlopend plaats en gaat veelal vooraf aan potentiële aanvragen of meldingen. Door de inzet hiervan in het voortraject wordt mogelijk voorkomen, dat achteraf tot een formele actie moet worden overgegaan. Bij deze strategie zijn de volgende aspecten van belang. 5.2.1 Communicatie en voorlichting Uit ervaring blijkt dat onvolledige en/of onjuiste aanvragen dan wel overtredingen bij inwoners of organisaties, regelmatig voortkomen uit het gebrek aan kennis over de geldende wetten en regels. Door dit gebrek aan kennis is er vaak niet het besef dat niet volgens de regels wordt gehandeld.

Enerzijds stimuleert de gemeente Dongen potentiële aanvragers, om actief na te gaan of aanvragen of meldingen nodig zijn en ten behoeve van de afhandeling te komen tot goed uitgewerkte aanvragen. Anderzijds informeert zij waar mogelijk inwoners en organisaties zo veel mogelijk over geldende wet- en regelgeving, waarbij ook uitleg wordt gegeven over de achtergronden van de regels. Dit doet de gemeente Dongen op de volgende manieren. Informatievoorziening/voorlichting Informatievoorziening vindt digitaal plaats in de vorm van het kunnen raadplegen van het Omgevingsloket en de website van de gemeente Dongen. Op deze plaatsen kan men zowel algemene als de voor een specifieke locatie geldende informatie inzien. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van publicaties in de lokale media zoals de gemeentelijke “Informatiekrant”. De informatie die op deze plaatsen wordt aangeboden varieert van informatie over algemene onderwerpen uit het VTH-taakveld, tot specifieke informatie zoals wijzigingen van het omgevingsplan en ingekomen aanvragen voor een vergunning. Ook vindt informatievoorziening plaats aan de balie "bouwen en milieu”, die zich in het publieksgedeelte van de hal van het gemeentehuis bevindt. 22

Voorlichting wordt gegeven door middel van gerichte campagnes, informatiebijeenkomsten en samenwerking met lokale ondernemers (bijvoorbeeld de horeca), verenigingen en bewonersorganisaties. Hierdoor streeft de gemeente Dongen naar maximale transparantie in haar communicatie over vergunningverlening, toezicht en handhaving. Inwoners en organisaties worden tijdig en duidelijk geïnformeerd over wat van hen wordt verwacht en wat zij van de gemeente mogen verwachten, zowel bij het indienen van vergunningaanvragen als bij handhavingsacties. Door het gebruik van toegankelijke analoge en digitale kanalen en regelmatige updates op de gemeentelijke website, worden zij actief op de hoogte gehouden van ontwikkelingen die in de gemeente Dongen plaatsvinden. Vooroverleg Aan potentiële aanvragers voor een (omgevings)vergunning wordt de mogelijkheid geboden, om via een zogenaamd vooroverleg meer duidelijkheid te verkrijgen over hun initiatief. Bij de Ow is een onderdeel van dit vooroverleg de “intaketafel”. Hierbij wordt in de gedachte van de Ow met de aanvrager meegedacht, met als doel te bezien of het initiatief mogelijk is of “mogelijk kan worden gemaakt”. Dit vraagt om een zorgvuldig en integraal proces met het bestuur, ketenpartners en belanghebbenden. Voor initiatieven waarbij meerdere partners zijn betrokken wordt gebruik gemaakt van de “regionale omgevingstafel”.

Participatie Onder de Ow is in een aantal gevallen “participatie” als een nieuw aanvraagvereiste bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning geïntroduceerd. Dit nieuwe vereiste stimuleert initiatiefnemers om informatie over hun initiatief te delen met belanghebbenden. Een initiatiefnemer is niet altijd verplicht om daadwerkelijk aan participatie te doen, maar de gemeente adviseert wel om het altijd te doen. Het niet betrekken van de omgeving en/of daarover geen gegevens overleggen, is in beginsel geen grond voor het buiten behandeling laten of het weigeren van een vergunningsaanvraag. Als deze verplichting er niet is worden de eventueel aangeleverde gegevens hieromtrent op uitgangspunten getoetst. Dat wil zeggen: geven de overlegde gegevens een beeld van de meningen van de omgeving en is op basis hiervan aanleiding om nader onderzoek te doen. Daarnaast kan de gemeenteraad “gevallen van buitenplanse activiteiten met verplichte participatie met de omgeving” aanwijzen. In deze gevallen is het wel verplicht met de omgeving te participeren, vóórdat een aanvraag om een omgevingsvergunning kan worden ingediend. Voor die gevallen moet de aanvrager dan ook aantonen dat hij aan participatie heeft gedaan. Als deze dit niet doet kan de aanvraag buiten behandeling worden gelaten.

In welke gevallen het verplicht is te participeren en hoe de gemeente de aangeleverde participatiegegevens beoordeeld, is vastgelegd in het besluit dat de gemeenteraad hieromtrent 20 oktober 2022 heeft genomen (zie de bijlagen). Er is hierbij niet omschreven aan welke vormvereisten moet worden voldaan. Afstemming en samenwerking De toegevoegde waarde van communicatie en voorlichting valt of staat met een eenduidige en uniforme berichtgeving naar inwoners en organisaties. Adequate in- en externe afstemming is daarbij noodzakelijk om te komen tot een optimaal en integraal resultaat, bij zowel vergunningverlening, toezicht als handhaving. Binnen de regio zijn hiervoor met een aantal ketenpartners samenwerkingsafspraken gemaakt. De wijze waarop wordt samengewerkt en het moment van afstemming, liggen vast in specifieke werkprocessen, -instructies en -afspraken. 5.2.2 Bemiddeling/mediation Vaak komen handhavingsdossiers voort uit situaties waarin de onderlinge verhoudingen zijn verstoord. Hierbij worden al langer aanwezige conflicten dan “uitgevochten” via wettelijke procedures. In die gevallen wordt eerst met de betrokkenen gesproken en kan indien gewenst “buurtbemiddeling” en/of “mediation” worden ingezet. Contour de Twern verzorgt voor de gemeente deze “buurtbemiddeling” als partijen hiervoor open staan.

Hierdoor raken mensen weer (in)direct met elkaar in gesprek en kunnen zij een bijdrage leveren aan een oplossing. Zij hebben namelijk ook een rol en eigen verantwoordelijkheid, bij de zorg voor een voor iedereen zo goed mogelijke fysieke leefomgeving. 23

5.2.3 Deregulering Acceptatie en handhaafbaarheid van de wet- en regelgeving is ook een succesfactor bij het voorkomen van overtredingen hiervan. Dit kan worden bereikt door deregulering. Als wordt geconstateerd dat een voorschrift uit een verordening of beleidsregel, maatschappelijk gezien is achterhaald wordt bekeken of dit kan worden afgeschaft of aangepast.

5.3 Vergunningenstrategie In het navolgende wordt de vergunningenstrategie beschreven en worden de volgde aspecten hiervan nader toegelicht. • • • • • •

Het begrip vergunningverlening; Het doel van de vergunningenstrategie; De procedures; De uitgangspunten De basiswerkwijze Het bouwtechnisch toetsingskader.

5.3.1 Begrip vergunningverlening De vergunningsplichtige activiteiten zijn door het Rijk opgenomen in de Ow, het Bal en het Bbl. Ook in de diverse gemeentelijke verordeningen en het omgevingsplan zijn vergunningsplichtige activiteiten opgenomen. Vergunningverlening omvat het verlenen, weigeren, (gedeeltelijk) intrekken of wijzigen van een (aanvraag voor een) vergunning. Hierdoor wordt een voorgenomen activiteit mogelijk of (gedeeltelijk) onmogelijk gemaakt. 5.3.2 Doel van de vergunningenstrategie Het doel van de vergunningenstrategie is het op een integrale en efficiënte wijze beslissen op de aanvragen voor een vergunning. Deze stelt de gemeente in staat om: -binnen een acceptabele termijn een besluit te nemen op een aanvraag voor een vergunning; -heldere, transparante en handhaafbare vergunningen op te stellen. Volgens de regelgeving dient de uitvoerings- en handhavingsstrategie inzicht te bieden in de criteria, die worden gebruikt bij het beoordelen van de beslissing op een aanvraag voor omgevingsvergunningen én de werkwijze bij het verlenen van omgevingsvergunningen. Met het in dit beleid vastleggen van een vergunningenstrategie wordt hieraan voldaan. 5.3.3 De procedures De procedures van met betrekking tot het mogelijk maken van activiteiten in VTH-taakveld resulteren in de meeste gevallen, in de acceptatie van meldingen en de verlening/weigering van vergunningen.

Bij deze procedures is sprake van de volgende wettelijke randvoorwaarden. Meldingen De melding betreft een mededeling aan het bevoegd gezag en kan niet geweigerd worden. Tegen de acceptatie van een melding staan dan ook geen rechtsmiddelen zoals bezwaar en beroep open. Aan het bevoegd gezag is het de taak te beoordelen of de activiteit meldingsplichtig is en of de melding volledig is ingediend. Een inhoudelijke beoordeling is, tenzij anders in de wet- en regelgeving bepaald, dan ook niet aan de orde. Het accent van de gemeentelijke taken bij meldingen ligt daarom vooral bij het uitvoeren van toezicht (met uitzondering van de Wkb-meldingen).

24

Vergunningverlening (reguliere procedure) Bij een reguliere procedure is het uitgangspunt als de aanvraag ontvankelijk is, dat uiterlijk binnen 8 weken op de aanvraag moet worden beslist. Deze termijn kan door de gemeente eenmalig met zes weken worden verdaagd. Ook is het nog mogelijk om in overleg met de aanvrager een andere termijn af te spreken Sinds de inwerkingtreding van de Ow is er geen zogenaamde “fatale termijn” meer, waardoor bij de overschrijding hiervan geen vergunning van rechtswege is ontstaan. Indien niet tijdig is beslist kan de aanvrager op basis van de Wet dwangsom en beroep, de gemeente vragen om binnen 14 dagen na de ontvangst van het verzoek te beslissen op de aanvraag op straffe van een dwangsom. Vergunningverlening (uitgebreide procedure) Een uitzondering op de regel dat binnen 8 weken moet worden beslist, is als de uitgebreide procedure van toepassing is. In dit geval moet binnen 26 weken op de aanvraag worden beslist. Deze termijn kan eenmalig met zes weken worden verdaagd. De uitgebreide procedure geldt in het kader van dit beleid voor een Rijksmonumentenactiviteit. Verder kan de uitgebreide procedure op verzoek óf al dan niet met instemming van de aanvrager van toepassing worden verklaard. Dit kan bijvoorbeeld bij activiteiten waarbij het duidelijk is, dat deze aanzienlijke (maatschappelijke) gevolgen voor de omgeving kunnen hebben.

5.3.4 Uitgangspunten vergunningverlening Bij het behandelen van aanvragen voor een vergunning worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: 1. Er wordt rekening gehouden met de vastgestelde prioriteiten. Bij het beoordelen van aanvragen wordt getoetst met een diepgang die passend is bij de prioriteit. Er wordt altijd getoetst aan het omgevingsplan en aan de redelijke eisen van welstand (indien van toepassing). 2. Er wordt risicogestuurd getoetst. De landelijke prioriteiten (constructieve- en brandveiligheid) krijgen altijd aandacht, omdat daar de grootste risico’s in zitten. 3. Er wordt integraal afgestemd. Er wordt voor gezorgd dat bij de afhandeling van aanvragen, advies wordt gevraagd aan deskundigen als dat nodig is om aspecten zoals bijvoorbeeld archeologie, ecologie en ruimtelijke aspecten te kunnen beoordelen. 5.3.5 Basiswerkwijze Ter bevordering van een transparante en eenduidige werkwijze hanteert de gemeente Dongen, een basiswerkwijze voor de afhandeling van aanvragen voor omgevingsvergunningen. De basiswerkwijze voor het behandelen van aanvragen is vastgelegd in het zaaksysteem en in daar onderliggende werkafspraken. Voor elke aanvraag worden verschillende processtappen doorlopen. Bij deze processtappen wordt aangegeven wie waarvoor verantwoordelijk is.

Binnen deze processtappen zijn er een aantal algemene taken te benoemen die van toepassing zijn op de behandeling van vergunningen, ontheffingen of meldingen. Dit zijn: 1.

2. 3. 4. 5. 6.

De aanvraag toetsen op volledigheid en ontvankelijkheid op basis van indieningsvereisten. Er wordt een volledige ontvankelijkheidstoets uitgevoerd bij alle aanvragen en meldingen. Als ontbrekende stukken niet, niet op tijd of niet volledig worden aangeleverd wordt de aanvraag/melding buiten behandeling gelaten. Vakinhoudelijk toetsen aan relevante beoordelingskaders (landelijk en lokaal). Handhaafbaarheidstoets (zijn eventuele voorwaarden aan de vergunning te handhaven). Bewaken van de wettelijke termijnen die gelden voor de afhandeling van een aanvraag. Publiceren van de aanvragen, beschikkingen en meldingen. Archivering van de ontvangen stukken en beschikkingen.

Bij processtap 2 (vakinhoudelijk toetsen) wordt indien van toepassing aan volgende aspecten getoetst.

25

1. De Omgevingswet, het Omgevingsbesluit, het Besluit kwaliteit leefomgeving en het Besluit bouwwerken leefomgeving De Ow, het Omgevingsbesluit (hierna: Ob), het Besluit kwaliteit leefomgeving (hierna: Bkl) en het Bbl, bevatten het landelijke kader voor de beoordeling en toetsing van aanvragen voor een omgevingsvergunning. In deze wet en vier algemene maatregelen van bestuur (hierna: AMvB), staan de landelijke kaders voor het indienen, toetsen en beoordelen van aanvragen. Het Bbl is bij aanvragen voor een omgevingsvergunning vermoedelijk de bekendste van de vier. In deze AMvB staan de landelijke technische eisen waaraan bouwwerken moeten voldoen. Bij het toetsen van bouwwerken in gevolgklasse I (verbouw), II en III, wordt bij de toetsing de nadruk gelegd op de aspecten (brand)veiligheid, gezondheid en energiezuinigheid. De diepgang van de toetsing van aanvragen aan overige onderdelen is afhankelijk van de aard van het bouwwerk. 2. Het (tijdelijk) omgevingsplan Met de inwerkingtreding van de Ow zijn alle bestemmingsplannen alsmede de bepalingen uit verordeningen die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen in het tijdelijk omgevingsplan. Aanvragen voor een omgevingsvergunning worden getoetst aan het tijdelijke omgevingsplan.

Pas als een initiatief past in het tijdelijk omgevingsplan of daarvan kan worden afgeweken, met een binnenplanse of buitenplanse omgevingsplanactiviteit, kan een vergunning worden verleend. De toepassing van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit vindt plaats op basis van een advies van het team Omgevingsbeleid. 3. Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur Bij de beoordeling van een aanvraag wordt afgewogen of een Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (hierna: Wet bibob) onderzoek gewenst is. Een Wet bibob-onderzoek vindt in ieder geval plaats, in het geval van een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit, waarbij de bouwkosten hoger zijn dan € 500.000,-. Een Wet bibob-onderzoek wordt ook uitgevoerd in het geval, dat de aanvrager in een tijdvak van één jaar gerekend vanaf de eerste aanvraag, vier aanvragen (of meer) indient voor een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit, waarbij de bouwkosten meer dan € 50.000,- maar minder dan € 500.000,- (exclusief btw) bedragen. In dat geval wordt bij de vierde aanvraag een Wet bibob-onderzoek gestart. Het Wet bibob-beleid is in de gemeente Dongen vastgesteld en opgenomen in de “Beleidsregel Wet Bibob gemeente Dongen”. 4.

Welstand De gemeente Dongen heeft een welstandsnota vastgesteld en een commissie omgevingskwaliteit ingesteld, die toeziet op de kwaliteit van bestaande en nieuwe bouwwerken. Een aanvraag kan om advies worden voorgelegd aan de commissie omgevingskwaliteit. 5.3.6 Het bouwtechnisch toetsingskader Het is praktisch niet mogelijk en ook niet wenselijk om bouwwerken, aan alle voorschriften van het Bbl even uitputtend te toetsen. Omdat ieder bouwplan anders is vraagt ook niet elk bouwwerk om dezelfde mate van toetsing en controle. Om deze reden is daarom met betrekking tot de toetsing van aanvragen aan het Bbl, in deze U&Hstrategie een kader gemaakt voor wat wordt getoetst en de intensiteit waarmee wordt getoetst. Dit kader is gebaseerd op een efficiënte en risicogestuurde beoordeling van vergunningaanvragen. Afhankelijk van de complexiteit en het risiconiveau van een project, wordt hiervoor een passende toetsingsprocedure gevolgd. Voor projecten met een laag risicoprofiel wordt gebruik gemaakt van een vereenvoudigde toetsingsprocedure, terwijl complexe en risicovolle projecten intensief worden getoetst. De intensiteit is bij wat er wordt getoetst gebaseerd op het principe, dat bij bepaalde onderdelen van bouwplannen, ervan uit mag worden gegaan dat aan de voorschriften wordt voldaan (denk aan bijvoorbeeld warmte-isolatie).

Dit soort onderdelen zijn vaak “standaard” en veroorzaken geen risico’s. Daarnaast zijn er ook onderdelen die “maatwerk” zijn en risico’s veroorzaken die kunnen variëren in kans van optreden en omvang. Vaak is dit laatste afhankelijk van de aard en het type bouwwerk. 26

Door de aanwezigheid van een toetsingskader wordt bereikt, dat onderdelen van bouwwerken risicogestuurd worden getoetst. Hierdoor wordt de veiligheid van bouwwerken verhoogd en gewaarborgd, en ook het gezond en veilig gebruik ervan. Ook draagt deze aanpak bij aan een efficiënte verdeling van middelen en een versnelde afhandeling van minder complexe aanvragen. Het toetsen van een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen aan het Bbl gebeurt op de volgende niveaus: a) Snelle toets (S); b) Visuele toets (V); c) Representatieve toets (R); d) Integrale toets (I). Ad a) Snelle toets Hierbij vindt de beoordeling enkel plaats op de aanwezigheid van de vereiste aan te leveren stukken (ontvankelijkheidstoets). Uiteraard vindt er wel nog een controle plaats op de andere toetsingskaders (omgevingsplan en indien van toepassing welstand). Dit niveau van toetsing wordt toegepast als mag worden aangenomen, dat aan de voorschriften is voldaan en geen sprake is van een risico. Ad b) Visuele toets Bij de visuele toets wordt aandacht besteed aan de uitgangspunten van de ingediende bescheiden, maar wordt de verdere inhoud hiervan niet beoordeeld. Dit niveau van toetsing wordt toegepast op voorschriften, waarbij op voorhand niet mag worden aangenomen dat hieraan wordt voldaan, maar dat de hierbij aanwezige risico’s op letsel gering zijn.

Ad c) Representatieve toets Hierbij worden de uitgangspunten en uitkomsten van onderdelen getoetst, die een aanzienlijk risico op letsel kunnen veroorzaken. De uitgangspunten op basis van wat hierover in de wet- en regelgeving is vastgelegd en de uitkomsten op basis van “professional judgement”. Dit laatste betekent dat wordt beoordeeld of de uitkomsten realistisch zijn voor het gekozen ontwerp. Ad d) Integrale toets Bij het integraal toetsen is het de bedoeling dat alles van een onderdeel, wat bij het niet voldoen een hoog risico, wordt gecontroleerd en nagerekend. Het betreft hier voornamelijk onderdelen met een hoge prioriteit. Dit leidt tot het volgende overzicht voor aanvragen die betrekking hebben op de bouw, uitbreiding of verbouw van de volgende typen bouwwerken. Voor publiek toegankelijk gebouw Veiligheid (afdeling 4.2 Bbl) Brandveiligheid I

Bedrijfsgebouw

Woongebouw

Woning

I

I

V

S

I

I

I

R

V

I

R

R

V

V

Gezondheid (afdeling 4.3 Bbl) Geluid I Vocht V Ventilatie I Daglichttoetreding R

R V R R

R V R R

V V V V

S S S

Constructieve veiligheid Gebruiksveiligheid

27

Toevoegingen bij, aan of op woningen

Duurzaamheid (afdeling 4.4 Bbl) BENG norm R Isolatie R Milieuprestatie R Bruikbaarheid (afdeling 4.5 Bbl) Aanwezigheid I ruimten Parkeren (niet Bbl) I Toegankelijkheid (afdeling 4.6 Bbl) Algemeen I ToegankelijkheidsR sector Bereikbaarheid R Installaties (afdeling 4.7 Bbl) Afvoer water R Toegankelijkheid R voor hulpdiensten

R V V

R V

R R

S -

V

R

-

-

R

R

V

-

R V

V V

-

-

V

V

-

-

V R

V V

S -

-

5.4 Toezichtstrategie In het navolgende wordt de toezichtstrategie beschreven en worden de volgende aspecten hiervan nader toegelicht. • • • • • • • • •

De begrippen toezicht en toezicht houden; Het doel van de toezichtstrategie; De basiswerkwijze Toezichtsprioriteiten algemeen Toezicht bouwen; Toezicht Wkb; Toezicht APV en bijzondere wetten; Toezicht Alcoholwet en exploitatievergunningen; Toezicht ondermijning.

5.4.1 Begrippen toezicht en toezicht houden Onder toezicht wordt in de context van de U&H-strategie verstaan het uitvoeren van controles op het gebied van het VTH-taakveld, ter voorkoming van overtredingen van de regelgeving en het naleven van voorschriften uit vergunningen. Toezicht zorgt voor een belangrijk preventief effect. Onder het houden van toezicht wordt verstaan het verzamelen van informatie, over de vraag of een handeling of zaak voldoet aan de daaraan gestelde eisen. Speciaal hiervoor aangewezen toezichthouders voeren het toezicht uit volgens het vastgelegde proces. 5.4.2 Doel van de toezichtstrategie Doel van het toezicht in het kader van de U&H-strategie is het bewerkstelligen van: - Een veilig en gezond gebruik van bouwwerken; - Een optimaal gebruik van gronden en bouwwerken; - Het behoud van de openbare orde en veiligheid in relatie tot activiteiten in de fysieke leefomgeving. Het toezicht wordt bij de drie voornoemde aspecten uitgevoerd op activiteiten, waar de kans het grootst is dat deze leiden (of kunnen leiden) tot schade aan de leefomgeving, de volksgezondheid, de veiligheid en natuur. 5.4.3 Basiswerkwijzen Er is bij het toezicht in de gemeente Dongen sprake van de volgende basiswerkwijzen. 28

1. Preventief toezicht Controles op de uitvoering van bouwactiviteiten worden voorbereid op basis van een prioriteitenstelling. Het niveau van de controle wordt bepaald en het dossier wordt gecontroleerd op volledigheid. Controles worden zowel onaangekondigd als op afspraak uitgevoerd. De bevindingen van de uitgevoerde controle worden tijdens het controlebezoek, direct online ingevoerd in het automatiseringsprogramma Rx.Mission. Als tijdens een controle een overtreding wordt vastgesteld, wordt in gesprek met de bouwer en/of vergunninghouder geprobeerd tot een oplossing te komen. Als aan het einde van de controle ondanks overleg met de bouwer en/of vergunninghouder, de overtreding nog aanwezig is wordt een handhavingszaak aangemaakt in Rx.Mission. Er wordt risicogericht gecontroleerd en op de cruciale momenten in het bouwproces. Hierbij worden de volgende fases gehanteerd: • • • •

Start bouw; Draagconstructie onderbouw en bovenbouw; Gevel en dak; Afbouw.

Per bouwfase kunnen meerdere controles worden uitgevoerd. In de hierna opgenomen matrices is inzichtelijk gemaakt, wat het te hanteren minimale toezichtsniveau is én wat, wanneer en in welke mate wordt gecontroleerd. De diepgang van de controle heeft daarbij een directe relatie met de diepgang van de toets van de aanvraag voor een omgevingsvergunning. Het aantal controles dat wordt uitgevoerd is afhankelijk van het soort bouwwerk en wordt bepaald door de toezichthouder aan de hand van het bouwproces. 2. Repressief toezicht Repressief toezicht wordt geïnitieerd vanuit de handhavingsjurist (bijvoorbeeld bij meldingen en handhavingsverzoeken) of op basis van eigen waarnemingen van de toezichthouder. Daarbij worden de controles uitgevoerd op basis van de prioriteitenstelling. De bevindingen van de controles worden door de toezichthouder in Rx.Mission ingevoerd. 5.4.4 Toezichtprioriteiten algemeen De toezichtstrategie van de gemeente Dongen is gebaseerd op risicogestuurd toezicht en een programmatische aanpak. De aan een activiteit toegekende prioriteit is bepalend voor de mate waarin het toezicht wordt uitgevoerd. Bij activiteiten waaraan de prioriteit “hoog” is toegekend wordt (pro)actief toezicht gehouden. Hierbij wordt het toezicht altijd volledig, ter plaatse en indien nodig integraal uitgevoerd.

Bij activiteiten met een gemiddelde prioriteit wordt steekproefsgewijs toezicht gehouden en op hoofdlijnen gecontroleerd. Bij activiteiten met een lage prioriteit worden enkel de gegevens administratief vastgelegd en wordt niet gecontroleerd. Mocht dit laatste wel het geval zijn dan worden de hierbij betrokkenen hierover vooraf geïnformeerd. 5.4.5 Toezicht bouwen Het is praktisch onmogelijk en bovendien niet efficiënt om elk bouwwerk op elk moment van de bouw te controleren. Daartoe ontbreken kortweg de mogelijkheden. Tijdens de eerdergenoemde fases worden de volgende onderdelen (afhankelijk van het bouwwerk) gecontroleerd: Bouwfase

Toelichting

Start bouw Draagconstructie onderbouw Draagconstructie bovenbouw

Eventueel oriënteringsgesprek, uitzetten bouw, uitgraven, fundering staal of palen Funderingscontrole, riolering, begane grond Wanden/kolommen, stempels/steigers, vloeren en balken, constructie overige verdiepingen 29

Gevel en dak Afbouw

Dakconstructies, dakafwerking, buitenblad gevel, gevelopeningen Installaties, eindcontrole

Bij de vergunningverlening worden voor de toetsing van aanvragen voor bouwwerken in de gevolgklassen I (verbouwingen), II en III toetsniveaus gehanteerd. Bij het uitvoeren van toezicht wordt dan ook de mate van diepgang, die bij de toetsing van de onderhavige aanvraag is gehanteerd, als toezichtsniveau aangehouden. De toezichtsniveaus zijn hierdoor als volgt: Toezichtsniveau Snel

Soort toezicht Steekproef

Visueel

Quick scan

Representatief

Beoordeling op hoofdlijnen

Integraal

Algehele controle van onderdelen

Toelichting Afhankelijk van een vermoeden van niet voldoen aan de voorschriften kan op bepaalde aspecten een steekproef worden gehouden (ca. 1 op de 5). Beoordeling op basis van kennis en inzicht van de bouwinspecteur. Hierbij wordt in principe niet nagemeten, gecontroleerd op materiaalniveau of op vereiste waarden. Beoordeling op hoofdlijnen, op het oog en met eenvoudige hulpmiddelen worden controles uitgevoerd. Er worden alleen overzichtstekeningen geraadpleegd. Bij twijfel vindt raadpleging van detailtekeningen plaats. Beoordeling op alle constructieve- en brandveiligheidsonderdelen. Op het oog en met de benodigde hulpmiddelen worden controles uitgevoerd. Alle tekeningen en detailtekeningen worden geraadpleegd.

5.4.6 Toezicht op de uitvoering van bouwwerken die onder de Wkb vallen. Het toezicht op de uitvoering van bouwwerken die vallen onder de Wkb, met uitzondering van verbouwingen omdat deze nog geen onderdeel uitmaken van de Wkb, is met betrekking tot de Wkb ook risicogestuurd. Het verschil met het toezicht op bouwwerken die niet onder de Wkb vallen is, dat de gemeente Dongen geen structureel toezicht houdt op reguliere bouwkundige aspecten als geformuleerd in het Bbl. De wetgever heeft hiervoor immers de kwaliteitsborger aangewezen. Wel vindt in de onderstaande gevallen risicogestuurd toezicht plaats: - Bij bouwwerken die in de risicoanalyse op brandveiligheid een hoge prioriteit hebben gekregen (steekproefsgewijs); - Aan de hand van signalen over kwaliteitsborgers; - Op verzoek van de vergunninghouder, kwaliteitsborger of derden; - Op grond van eigen waarnemingen tijdens bijvoorbeeld de controle van de bouw/sloopveiligheid of omgevingsplanactiviteit. 5.4.7 Toezicht APV en bijzondere wetten Het toezicht op de APV en de bijzondere wetten betreft het toezicht op de naleving van activiteiten in de (semi)openbare ruimte, waarvoor een APV-vergunning nodig is of een APV-melding moet worden ingediend en de Alcoholwet. De boa’s van het team OOV voeren dit toezicht uit. Dat dit toezicht in deze U&H-strategie is opgenomen vloeit voort uit het feit, dat de vergunningverlening c.q.

de acceptatie van meldingen, bij het team VTH plaatsvindt. De overige APV-toezichthoudende werkzaamheden worden door het team OOV op basis van het door dit team opgestelde “Integraal Veiligheidsbeleid 2023-2026” uitgevoerd. Bij “kleine” activiteiten die plaatsvinden in de (semi)openbare ruimte, waarvoor een APV-vergunning nodig is of melding moet worden ingediend, wordt door de boa’s toezicht uitgevoerd. Hierbij kan worden gedacht aan het plaatsen van een container op de weg, kappen van een boom, verbranden van snoeihout et cetera. Gelet op de aard van deze activiteiten wordt bij overtredingen strafrechtelijk (door het team OOV) gehandhaafd. Dit omdat 30

bestuursrechtelijk optreden in een aantal gevallen te lang duurt voordat het beoogde effect wordt bereikt. Het uitvoeren van toezicht op “grote” activiteiten zoals evenementen van het type 3 en 4 (zie de bijlagen) vindt integraal plaats. Hier wordt onder andere gecontroleerd op publieksveiligheid, constructieve veiligheid en brandveiligheid. Onder publieksveiligheid valt naast de veiligheid van de bij de activiteit aanwezige bezoekers, ook de veiligheid van de mensen in de nabije omgeving van de activiteit. Denk hierbij aan de controle op de aanwezigheid van calamiteitenroutes. Bij de constructieve veiligheid moet gedacht worden aan veiligheid van podia, stellages, tenten, et cetera. Als er hierbij overtredingen worden geconstateerd, wordt afhankelijk van de aard van de overtreding bestuursrechtelijk (door het team VTH) of strafrechtelijk (door het team OVV) gehandhaafd. 5.4.8 Toezicht op de Alcoholwet en exploitatievergunningen (APV) Bij de wijziging van de APV van de gemeente Dongen in 2023 is een exploitatievergunningstelsel ingevoerd. Hierdoor zijn in 2023 en 2024 aan alle inrichtingen die een exploitatievergunning nodig hadden deze verleend. Het Alcoholwetbestand van de gemeente Dongen is in de voornoemde periode geactualiseerd.

Omdat de inrichtingen die een exploitatievergunning bezitten, ook in een aantal gevallen een Alcoholwetvergunning bezitten, controleren de boa’s periodiek op de naleving van de voorschriften van de beide vergunningen. Dit doen zij op basis van een door hen gemaakt controleschema. Als hierbij overtredingen worden geconstateerd, wordt afhankelijk van de aard van de overtreding bestuursrechtelijk (door het team VTH) of strafrechtelijk (door het team OOV) gehandhaafd. 5.4.9 Toezicht op ondermijning Het voorkomen van ondermijnende activiteiten heeft een hoge prioriteit. In beginsel behoort het toezicht op ondermijning tot het taakveld van de boa’s. Echter, ook voor de toezichthouders VTH is hierbij een rol weggelegd. Enerzijds in de vorm van signalering en anderzijds in de vorm van en feitelijke betrokkenheid, bij het beëindigen van bijvoorbeeld het gebruik van drugslabs of hennepkwekerijen.

5.5 Sanctiestrategie De sanctiestrategie van de gemeente Dongen richt zich op handhaving van de wet- en regelgeving, waarbij overtredingen worden aangepakt volgens een op risico's gebaseerde aanpak. Jaarlijks worden de resultaten geëvalueerd en waar nodig wordt de strategie bijgesteld om de gestelde doelen te behalen. Hierna wordt deze op hoofdlijnen besproken en worden de volgende aspecten hiervan nader toegelicht: • • • • •

Het begrip handhaving; Het doel van de sanctiestrategie; De basiswerkwijze; De samenwerking bij toezicht en handhaving; Het optreden tegen de eigen organisatie of andere overheden.

5.5.1 Begrip handhaving Bij het uitvoeren van toezicht kunnen overtredingen van regels worden geconstateerd, waardoor handhaving aan de orde is. Onder handhaving wordt in de U&H-strategie verstaan het ongedaan maken of opheffen van een situatie, die in strijd is met wettelijke voorschriften. 5.5.2 Doel van de sanctiestrategie De sanctiestrategie is een afwegingsinstrument voor toezichthouders en handhavers, met als doel dat handhavende instantie(s) op eenzelfde manier optreden bij overtredingen. Dit waarborgt een uniforme, transparante en effectieve wijze van handhaving. Ook bevordert dit de rechtsgelijkheid. De uitvoering van de handhaving kan variëren van bestuursrechtelijk dan wel strafrechtelijk optreden of een combinatie daarvan. 5.5.3 Basiswerkwijze Bij de sanctiestrategie wordt gebruik gemaakt van de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingswet (hierna: 31

LHSO). De LHSO is de opvolger van de Landelijke Handhavingsstrategie (hierna: LHS) die dateert uit 2014. In de kern is LHSO echter nagenoeg onveranderd ten opzichte van de LHS. Wijzigingen zijn de aansluiting op de Ow, actualisering van de terminologie en toevoeging van de bestuurlijke boete. Verder is de relatie tussen bestuursrecht en strafrecht beter beschreven en geborgd. De LHSO zet in op een passend optreden bij iedere overtreding. Handhavers hanteren de strategie bij iedere constatering van een overtreding en maken daarbij gebruik van de daarin aangegeven instrumenten. Om in het omgevingsrecht tot een passend optreden te komen, zijn de volgende twee hoofdvragen leidend: Over herstel: 1a. Is herstel mogelijk? Zo ja, dan is in elk geval bestuursrechtelijk optreden de hiervoor te kiezen weg en is de vervolgvraag: 1b. Welke bestuursrechtelijk optreden is in dit geval het meest geschikt? Over bestraffing: 2a. Is er aanleiding voor bestraffing? Zo ja, dan is de vervolgvraag: 2b. Welke weg (bestuursrechtelijk of strafrechtelijk) is het meest passend? De LHSO geeft een stappenplan om te komen tot een passend optreden. Het startpunt van het stappenplan is het resultaat van het uitgevoerde toezicht. Dit in de vorm van de constatering van feiten/omstandigheden en het oordeel van de toezichthouder daarover.

Aan de hand van het stappenplan, waartoe de hierna weer te geven interventiematrix behoort, kan worden gekomen tot onderling afgestemd en effectief handhavingstraject. De (mogelijke) gevolgen: 4. Aanzienlijk en/of onomkeerbaar

Interventiematrix Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV

Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV

Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV/ nader strafr. onderzoek

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Strafrecht PV/nader strafr. onderzoek

Bestuursrecht ingrijpend Exploitatieverbod/sluiting Schorsen/intrekken vergunning, erkenning of certificaat Bestuursrecht ingrijpend Exploitatieverbod/sluiting Schorsen/intrekken vergunning, erkenning of certificaat

3. Van belang

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen) Verscherpt toezicht

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen) Verscherpt toezicht

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen)

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen)

Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV

Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV

Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV/ nader strafr. onderzoek

Strafrecht PV/nader strafr. onderzoek

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

32

Bestuursrecht ingrijpend Exploitatieverbod/sluiting Schorsen/intrekken vergunning, erkenning of certificaat Bestuursrecht herstellend Bestuurlijk gesprek/ waarschuwing

2. Beperkt

Bestuursrecht herstellend Aanspreken/informeren

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen). Verscherpt toezicht

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen). Verscherpt toezicht

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen)

Strafrecht

Strafrecht

Strafrecht

BSB (indien mogelijk)/PV

BSB (indien mogelijk)/PV

PV

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen). Verscherpt toezicht

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen)

Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV

Strafrecht PV

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht herstellend Bestuurlijk gesprek/ waarschuwing

1. Vrijwel nihil

Het gedrag van de overtreder is:

Bestuursrecht herstellend

Bestuursrecht herstellend

Aanspreken/informeren

Aanspreken/informeren

Bestuursrecht herstellend Bestuurlijk gesprek/ waarschuwing

Bestuursrecht herstellend Bestuurlijk gesprek/ waarschuwing

A. Goedwillend, proactief (dwz beëindigt overtreding eigener beweging)

B. Onverschillig

C. Calculerend

D. Notoir/crimineel

5.5.4 Basiswerkwijze toepassing handhavingsinstrumenten De gemeente Dongen zet in op vrijwillige beëindiging van overtredingen. Sanctietoepassing is het ultimum remedium en komt pas in beeld nadat een termijn is gegeven om de overtreding te beëindigen zonder dat er sprake is van een opgelegde last. Als een sanctie wordt opgelegd, wordt afhankelijk van de bevindingen en eventuele verzachtende of verzwarende factoren, op basis van de voornoemde interventiematrix een (combinatie van) interventie(s) ingezet. Bij toepassing van de bestuursrechtelijke instrumenten, is bij de hiernavolgende aspecten sprake van enige beleidsvrijheid voor de gemeente. - Hoogte dwangsom Een bestuursorgaan komt bij het bepalen van de hoogte van de dwangsom en het maximum van het te verbeuren bedrag enige mate van beleidsvrijheid toe. De hoogte van de dwangsom kan en moet op de ernst van de overtreding worden afgestemd (evenredigheid) en tot doel hebben de overtreding tegen te gaan of te voorkomen (effectiviteit). Per overtreding wordt getoetst aan de voornoemde evenredigheid en effectiviteit. De rechter toetst op dit punt terughoudend. Bij het bepalen van de hoogte van de dwangsom kan gebruik worden gemaakt van de algemene richtlijn, die is omschreven in de Leidraad handhavingsacties en begunstigingstermijnen. Het is echter toegestaan om rekening te houden met de specifieke omstandigheden.

- Duur begunstigingstermijn Een begunstigingstermijn is de tijd die de overtreder krijgt om de overtreding te beëindigen. Enerzijds moet deze termijn voldoende lang zijn om als overtreder de opgelegde verplichtingen uit te kunnen voeren. Anderzijds mag de 33

begunstigingstermijn niet langer zijn dan noodzakelijk. Hiermee wordt een open einde van het handhavingstraject voorkomen of dat de lengte van de begunstigingstermijn zodanig lang is dat sprake is van het gedogen van de overtreding. Op basis van de LHSO geldt voor begunstigingstermijnen in algemene zin het volgende: -

Gedragsvoorschriften dienen direct in acht genomen te worden. Hiervoor wordt geen of hooguit een zeer korte termijn gesteld om de overtreding te beëindigen en/of herhaling ervan te voorkomen. In alle andere gevallen – waaronder ook plannen of voorzieningen waarvoor investeringen zijn vereist – geldt: hoe urgenter de situatie, des te korter de termijn. Hierbij wordt rekening gehouden met de technische en organisatorische realiseerbaarheid. Ook wordt de voorgeschiedenis bij het bepalen van de begunstigingstermijn betrokken.

- Verlengen begunstigingstermijn De begunstigingstermijn kan worden verlengd via een besluit. Hiervan kan sprake zijn als er bijvoorbeeld rechtsmiddelen zijn ingezet of indien er bijzondere omstandigheden zijn die tot verlenging noodzaken. Bij de afweging tot verlenging dient rekening te worden gehouden met de hiervoor genoemde aspecten. Het indienen van bezwaar of instellen van beroep schort de werking van de handhavingsbeschikking niet op. Dit betekent dat de bezwaarmaker bij de rechtbank, een verzoek om een voorlopige voorziening moet indienen om bijvoorbeeld te voorkomen dat dwangsommen verbeuren. Dat een verzoek om voorlopige voorziening is ingediend, is in de regel geen reden om de begunstigingstermijn op te schorten. De voorlopige voorzieningenrechter kan als daar aanleiding toe is, beslissen de begunstigingstermijn te schorsen tijdens bezwaar/beroepsprocedures. - Stilleggen activiteiten Zodra onze toezichthouder niet-toegestane activiteiten constateert en in overleg geen oplossing te vinden is, kan deze ter plaatse en in overeenstemming met de interventiematrix mondeling de activiteiten stilleggen. Dit doet de toezichthouder in samenspraak met de juristen en verantwoordelijke portefeuillehouder. De stillegging wordt zo spoedig mogelijk schriftelijk bevestigd aan degene tot wie het bevel tot stilleggen is gericht.

Met de stillegging ‘bevriest’ het bevoegde gezag de situatie, waardoor wordt voorkomen dat de situatie in ernst en omvang toeneemt. Tijdens de controle geeft de toezichthouder aan welke activiteiten het betreft. Als de omstandigheden naar zijn oordeel daartoe aanleiding geven kan de toezichthouder toestaan sommige activiteiten af te maken. Ook mogen soms tijdelijke maatregelen getroffen worden om te voorkomen dat er schade of gevaarlijke situaties ontstaan. Hier worden ter plaatse duidelijke afspraken over gemaakt, die in de schriftelijke bevestiging met betrekking tot de stillegging worden vermeld. Door de stillegging van de activiteiten is een op dat moment plaatsvindende overtreding met onmiddellijke ingang beëindigd. Afhankelijk van de omstandigheden kan direct een preventieve last onder dwangsom worden opgelegd. Dit om te voorkomen dat er verder wordt gegaan met de activiteit c.q. de overtreding opnieuw plaatsvindt. - Geheel of gedeeltelijk intrekken van een vergunning Van het geheel of gedeeltelijk intrekken van een verleende vergunning, kan alleen sprake zijn als de geconstateerde overtreding een relatie heeft met deze vergunning. Het intrekken van de vergunning maakt geen einde aan de strijdigheid, maar vergroot deze meestal. Zaken die ook onder de betreffende beschikking vallen en rechtmatig zijn verliezen hierdoor hun rechtmatigheid.

Het intrekken van een vergunning is een zwaar middel, dat alleen in uitzonderlijke gevallen zal worden toegepast. - De procedures bij meldingen en handhavingsverzoeken Overtredingen of mogelijke overtredingen kunnen ook door derden onder de aandacht van de gemeente worden gebracht. Dit kan door middel van het indienen van een mondelinge of schriftelijke melding of door middel van het indienen van een schriftelijk verzoek om handhaving. Niet alle meldingen en/of verzoeken om handhaving resulteren 34

(vanwege de beschikbare capaciteit) in een controle c.q. handhavend optreden. Dat is afhankelijk van de prioriteitstelling en aard van de melding. Op anonieme meldingen wordt in beginsel niet gereageerd, behalve als sprake is van een mogelijk gevaarlijke situatie. Bij dit onderwerp wordt de lijn van de vaste jurisprudentie over ‘’de beginselplicht tot handhaving” gevolgd. Het onderscheid tussen een melding en een handhavingsverzoek is hierbij relevant. Op een handhavingsverzoek moet op grond van artikel 1:3 Awb altijd een besluit worden genomen, waarbij dit besluit – op grond van de omstandigheden van het geval – inhoudelijk kan zijn dat niet tot handhaving wordt overgegaan. Bij een melding is het college niet gehouden om een besluit te nemen. In dit laatste geval is opnieuw de mate van prioriteit relevant. - Handhaving bij overtredingen eigen organisatie of andere bestuursorganen Handhaving van voorschriften bij een object van een andere overheid of van een onderdeel van de eigen organisatie is niet anders dan handhaving van voorschriften bij derden. Als er sprake is van een incident, ongewoon voorval of overtreding door de eigen organisatie, dan heeft dit echter in principe altijd prioriteit. Afhankelijk van de aard en de effecten kan er worden besloten kortere termijnen of hogere dwangsombedragen te hanteren. Ook kan ervoor spoed of super spoed bestuursdwang gekozen worden.

Als er matige spoed is, kan ook worden gekozen voor een last onder dwangsom met een korte termijn met het achterwege laten van de constateringsbrief. Voor meer informatie over de incidenten, ongewone voorvallen en overtredingen door de eigen organisatie wordt verwezen naar de protocollen die hiervoor aanwezig zijn.

5.5 Gedoogstrategie Gedogen is het bewust, passief dan wel actief (schriftelijk en onder voorwaarden), niet handhavend optreden door het bevoegde bestuursorgaan tegen overtredingen van wet- en regelgeving. Gedogen van een overtreding is alleen bij uitzondering aanvaardbaar, want in beginsel is er een plicht tot handhaving. De gemeente Dongen heeft ervoor gekozen om een eigen gedoogstrategie vast te stellen. Het gedogen van overtredingen dient zoveel mogelijk te worden voorkomen. Tot gedogen wordt dan ook alleen overgegaan voor een beperkte periode en alleen in die gevallen, waarin handhavend optreden kennelijk onredelijk is.

35

6. Organisatie van vergunningverlening, toezicht en handhaving omgevingsrecht 6.1 U&H-organisatie Het college van burgemeester en wethouders van Dongen is op het gebied van het omgevingsrecht, in de gemeente vrijwel altijd het bevoegd gezag voor vergunningverlening, toezicht en handhaving. De uitzondering hierop vormen de gevallen waarbij de provincie Noord-Brabant het bevoegd gezag is. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de in de gemeente Dongen aanwezige “provinciale milieu-inrichtingen”. Het VTH-taakveld bevindt zich in de gemeente Dongen in de portefeuille van de burgemeester (handhaving openbare orde en fysieke leefomgeving) en een wethouder (vergunningverlening en toezicht op het gebied van ruimtelijke ordening/VTH en overige ruimtelijke ordening/VTH-werkzaamheden). Het team VTH is door de werkzaamheden die door het team worden uitgevoerd een belangrijk team in de gemeentelijke organisatie. Dit blijkt uit de onderstaande afbeelding die afkomstig is uit een in 2022 voor de gemeente Dongen gemaakte netwerkanalyse. Hierin is visueel aangegeven wat de relaties zijn tussen de in de gemeente Dongen aanwezige teams. In de bollen/vierkanten staan de afkortingen van de in de gemeente Dongen aanwezige teams. De grootte van de in de afbeelding aanwezige bol, geeft de relatieve invloed van een team op de andere teams weer.

Des te groter de bol, des te meer collega’s zijn afhankelijk van het team in de bol.

36

6.2 Beschikbare capaciteit voor VTH-taken De formatieplaatsen voor de concrete uitvoering van de VTH-taken bevinden zich grotendeels in het team VTH. Bij het team OMG bevinden zich de formatieplaatsen, die hebben te maken met het beleid op het gebied van ruimtelijke ordening. De taken die hebben te maken met het toezicht op in de APV opgenomen activiteiten, de Alcoholwet en de bijzondere wetten bevinden zich in het team OOV. Een formatieplaats in de gemeente Dongen staat gelijk aan 1440 productieve uren. In de praktijk blijkt echter dat deze uren door andere werkzaamheden, niet volledig voor het uitvoeren van de VTH-taken kunnen worden benut. Om deze reden is in de onderstaande tabellen de kolom “Beschikbaar voor VTH-taken” opgenomen. 6.2.1 Team Vergunningen, toezicht en handhaving Dit team bestaat uit 13 medewerkers en bevat de in de navolgende tabel opgenomen formatieplaatsen. Functie

Aantal medewerkers

Formatieplaats (fte) 2,00

Beschikbaar voor VTH-taken (fte) 1,56

Beschikbaar voor VTH-taken (uren) 2.246

Casemanager Omgevingswet Toezichthouder Omgevingswet Vergunningverlener APV en bijzondere wetten Beleidsadviseur VTH (tevens vergunningverlener APV voor grote evenementen) Administratief medewerker (tevens vergunningverlener gebruik openbaar gebied en toezicht brandveilig gebruik) Administratief medewerker (tevens vergunningverlener vellen van bomen) Juridisch adviseur handhaving Beleidsadviseur bezwaar en beroep Coördinator milieu

2 2

1,78

1,44

2.073

1

0,50

0,38

547

1

0,86

0,65

936

1

1,00

0,73

1.051

1

0,67

0,49

705

1

0,78

0,55

792

1

0,58

0,41

590

Beleidsadviseur VTH

1

1,00

0,00

0

1

0,66

0,00

0

Vergunningverlener kabels en leidingen (tevens vergunningverlener inritten) Totaal

1

0,66

0,06

86

13

10,49

6,27

9.026

37

6.2.2 Team Omgevingsbeleid Dit team bestaat uit 10 medewerkers en bevat de in de navolgende tabel opgenomen formatieplaatsen: Functie

Beleidsadviseur (wonen)

Aantal medewerkers

Formatieplaats (fte)

1

Generatiepact (wonen)

0,67

Beschikbaar voor VTH-taken (fte) 0

Beschikbaar voor VTHtaken (uren) 0

0,33

0

0

Beleidsadviseur ruimtelijk domein

3

3,00

0,20

288

Beleidsadviseur (grondexploitatie) Beleidsadviseur ruimtelijk domein, recreatie en toerisme Juridisch adviseur ruimtelijk domein Adviseur monumentenzorg en Casemanager VTH Beleidsadviseur Economische zaken Beleidsondersteuner

1

1,00

0

0

1

1,00

0

0

1

1,00

0

0

1

1,00

0,77

1.109

1

1,00

0

0

1

1,00

0,20

288

Totaal

10

10,00

0,99

1.685

Beschikbaar voor VTHtaken (uren) 288

6.2.3 Team Openbare orde en veiligheid Dit team bestaat uit 10 medewerkers en bevat de volgende formatieplaatsen: Functie

Aantal medewerkers

Formatieplaats (fte)

Integraal toezichthouder

1

1,00

Beschikbaar voor VTH-taken (fte) 0,20

Buitengewoon opsporingsambtenaar Juridisch adviseur

4

4,00

0,00

0

1

0,67

0,00

0

Adviseur openbare orde en veiligheid Medewerker openbare orde en veiligheid Procesregisseur zorg en veiligheid Totaal

2

2,00

0,00

0

1

0,67

0,00

0

1

1,00

0,00

0

10

9,34

0,20

288

6.3 Beschikbare middelen In de meerjarenbegroting van de gemeente Dongen zijn voor de jaren 2025 t/m 2028 voor de teams VTH, OMG en OOV de volgende personele middelen in de vorm van de salariskosten opgenomen. 38

Personele middelen Team

Taakveld

VTH OMG OOV

2025

2026

2027

2028

Vergunningverlening, toezicht en handhaving Ruimtelijke ordening

€ 1.183.961

€ 1.196.569

€ 1.196.569

€ 1.196.569

€ 1.343.611

€1.357.917

€1.357.917

€1.357.917

Openbare orde en Veiligheid

€ 712.400

€ 719.986

€ 719.986

€ 719.986

De in 2025 beschikbare middelen komen overeen met de huidige omvang van de formatie van de teams VTH, OMG en OOV. Voor de jaren 2026 t/m 2028 zijn deze middelen geïndexeerd hetgeen betekent, dat de omvang van de huidige formatie voor de komende vier jaar is geborgd. In de meerjarenbegroting zijn voor het uitvoeren van de VTH-taken, ook ICT middelen voor het uitvoeren van VTHtaken opgenomen. Dit is voor het gebruik van de automatiseringsprogramma’s Rx.Mission en JOIN. Rx.Mission wordt gebruikt voor het verlenen van vergunningen, het registreren van het uitgevoerde toezicht en de handhaving. JOIN wordt gebruikt voor het registreren van andere VTH-taakveld gerelateerde werkzaamheden. Hiervoor zijn de navolgende middelen opgenomen.

ICT-middelen

VTH, OMG en OOV Gehele organisatie Totale ICTbudget

Programma

2025

2026

2027

2028

Rx.Mission

€ 74.000

Indexatie

Indexatie

Indexatie

JOIN

€ 30.000

Indexatie

Indexatie

Indexatie

€ 1.539.000

€ 1.546.000

€ 1.556.000

€ 1.565.000

De uitgaven met betrekking tot het uitvoeren van de VTH-taken, bestaan naast de interne kosten voor personeel en ICT, ook uit kosten voor de OMWB en de VMWB. Omdat de OMWB onder mandaat voor de gemeente Dongen wettelijke VTH-taken uitvoert, zijn hiervoor de volgende middelen opgenomen.

Verbonden partijen OMWB

2025

2026

2027

2028

€ 602.000

Indexatie

Indexatie

Indexatie

De berekening van de benodigde personele capaciteit voor de uitvoering van de VTH-werkzaamheden, maakt jaarlijks onderdeel uit van het uitvoeringsprogramma. Voor het berekenen van personele capaciteit worden kengetallen gehanteerd die in de loop van de jaren zijn ontwikkeld. Eventuele tekorten worden in beeld gebracht en daarover vindt besluitvorming plaats bij de vaststelling van het uitvoeringsprogramma.

39

6.4 Procescriteria 6.4.1 Scheiding taken VTH Binnen de teams zijn de taken vergunningverlening, toezicht en handhaving op functieniveau gescheiden. Dit betekent in de uitvoeringspraktijk, dat niet door één en dezelfde medewerker een vergunning wordt verleend om daar vervolgens ook toezicht op te houden. 6.4.2 Roulatiesysteem toezichthouders Om te voorkomen dat er een te nauwe band ontstaat tussen een toezichthouder en personen die werkzaam zijn bij de te controleren objecten en/of in gebieden (vaste toezichts-/ handhavingsrelatie), rouleren de twee toezichthouders eenmaal per twee jaar van object en/of gebied. Voor de andere medewerkers wordt per dossier bekeken of rouleren na verloop van tijd wenselijk is. 6.4.3 Taken, bevoegdheden, verantwoordelijkheden vastgelegd: Voor alle medewerkers geldt dat de taken en verantwoordelijkheden zijn vastgelegd in een functiebeschrijving/aanstellingsbesluit. Alle toezichthouders zijn als zodanig aangewezen en aangesteld door het bevoegd gezag (het college van burgemeester en wethouders, dan wel de burgemeester), al dan niet onder mandaat. Bij de aanwijzingsbesluiten is vastgelegd ten aanzien van welke regelgeving, zij de toezichthoudende bevoegdheden hebben. Het directe toezicht op het gebruik van opsporingsbevoegdheden is belegd bij de korpschef van regionale politie-eenheid.

Beëdiging en indirect toezicht op het gebruik van opsporingsbevoegdheden, vallen onder de verantwoordelijkheid van de (Hulp-) Officier van Justitie. 6.4.4 Buiten kantooruren bereikbaar: De gemeente is op verschillende manieren persoonlijk en/of digitaal bereikbaar tijdens de kantoortijden. Urgente meldingen kunnen tijdens de kantoortijden persoonlijk via het Klantcontactcentrum (hierna: KCC) worden doorgegeven. Als het telefoonnummer van de noodzakelijke medewerker bij de melder bekend is, kan deze de betreffende medewerker ook direct benaderen. Niet urgente meldingen kunnen ook persoonlijk worden doorgegeven, maar deze kunnen ook via de website, mail of via een app worden ingediend. Urgente meldingen op milieugebied kunnen 24/7 persoonlijk aan de milieuklachtencentrale voor de regio worden doorgegeven. Het nummer hiervan is op de website van de gemeente Dongen vermeld. Urgente meldingen op andere gebieden, niet zijnde openbare orde en veiligheid, kunnen ook 24/7 aan de calamiteitendienst van de gemeente Dongen worden doorgegeven. Zij zijn na kantoortijd bereikbaar via een telefoonnummer, dat op het telefonische antwoordapparaat van de gemeente Dongen is ingesproken. Indien noodzakelijk schakelen zij andere mensen of organisaties in. Voor urgente meldingen in het kader van de openbare orde en veiligheid is de politie beschikbaar.

Zij kunnen desgewenst contact met de gemeente opnemen, via het piketnummer van de ambtenaren openbare orde en veiligheid. Bij grotere incidenten (ongevallen, branden et cetera) wordt waar nodig de Officier van dienst Bevolkingszorg gealarmeerd om ter plaatse de gemeentelijke processen aan te sturen. Op grond van het vorenstaande is de bereikbaarheid van de gemeente Dongen voldoende geborgd.

6.5 Kwaliteitscriteria De kwaliteitscriteria zijn in 2009 ontstaan vanuit een gezamenlijke ambitie van het Rijk, IPO en VNG om te komen tot eenduidige criteria, waaraan de uitvoering van de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving moet voldoen. Het doel van de kwaliteitscriteria is ervoor te zorgen, dat voldoende deskundigheid en capaciteit voor de uitvoering van de VTH-taken aanwezig is, binnen de overheidsorganisatie die daarmee is belast. De verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving met betrekking 40

tot de VTH-taken, ligt bij het bevoegd gezag. In afdeling 18.3 van de Omgevingswet is bepaald dat bevoegde gezagen verplicht zijn om ten aanzien van de kwaliteitscriteria een verordening op te stellen, waarin zij bepalen welke kwaliteit zij van toepassing verklaren bij de uitvoering van hun taken op het gebied van het omgevingsrecht. Op 17 oktober 2024 is deze met als citeertitel “Verordening uitvoering en handhaving gemeente Dongen 2024” door de gemeenteraad vastgesteld. In deze verordening is ervoor gekozen, dat het kwaliteitsniveau voor uitvoering en handhaving minimaal gelijk is, aan het bodemniveau voor de kwaliteit van uitvoering en handhaving, zoals verwoord in de “Handreiking bij Brabant brede Verordening kwaliteit Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving Omgevingsrecht” versie 1, de dato 10 maart 2016. Jaarlijks worden in de gemeente Dongen controles uitgevoerd en worden de kwaliteitscriteria geëvalueerd, zoals deze gelden voor de VTH-thuistaken. Ook wordt de naleving van de kwaliteitscriteria door de OMWB gecontroleerd. Over deze evaluatie wordt tegelijk met de evaluatie van het uitvoeringsprogramma gerapporteerd aan de raad.

6.6 Samenwerkingspartners Bij het uitvoeren van de VTH-taken werkt de gemeente Dongen als hiertoe aanleiding is samen met één of meerdere partners. Met wie wordt samengewerkt en in welke vorm is vaak afhankelijk van de situatie. Hierbij is de gemeente soms het bevoegd gezag, maar het komt ook voor dat de gemeente een “oog- en oorfunctie” voor de samenwerkingspartners vervult. Vanwege deze samenwerking is de concept U&H-strategie verzonden naar de OMWB, VRMWB, politie en het OM, met een verzoek om feedback te geven en waar mogelijk onderdelen af te stemmen. Deze organisaties zijn namelijk de belangrijkste samenwerkingspartners op het gebied van toezicht en handhaving. Op het moment dat deze U&Hstrategie is vastgesteld, waren nog geen schriftelijke reacties van de voornoemde organisaties ontvangen. Als alsnog schriftelijke reacties worden ontvangen dan zullen deze aan de U&H-strategie worden toegevoegd. In het hiernavolgende zijn de mogelijke samenwerkingspartners van de gemeente Dongen op het gebied van de VTHtaken vermeld. 6.6.1 Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) De OMWB voert taken uit voor de regio Midden- en West-Brabant op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving milieu.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14975855/1