CConstaterende datDongen
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-019770 Bijlage 2- Antwoordnota Bestuurlijk Vooroverleg

Opiniërende raadsvergadering 27 januari 2022, gemeente DongenBij agendapunt: Raadsvoorstel 2021-019770 Ontwerp Inpassingsplan 380 kV32.544 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Het 150kV station Zevenbergschenhoek wordt uitgebreid. Maar de toelichting

hekwerk en het treffen van voorzieningen

geeft geen onderbouwing waarom dat nodig is, hoe groot de uitbreiding wordt,

zodat de ondergrondse kabel aangesloten

hoe landschappelijk ingepast etc. Iin de volgende paragraaf staat hierover

kan worden.

weliswaar iets vermeld, echter met slechts minimale info/onderbouwing.

De aanpassingen bij het 150kV-station vallen nagenoeg volledig binnen het

Antwoordnota Bro-overlegreacties

27

bouwvlak dat thans reeds is opgenomen in het bestemmingsplan Buitengebied Moerdijk van uw gemeente. Omdat de grens van het bouwvlak aan de oostzijde niet helemaal overeenkomt met de grens van het hekwerk vindt hier een zeer beperkte correctie plaats. Gelet op (de bouwmogelijkheden binnen) het huidige bouwvlak kan voor de aanpassing van het 150kV-station niet worden gezegd dat dit een nieuwe ingreep in het landschap is. Het 150kV-opstijgpunt is nodig, ongeacht de gekozen variant. Dit betreft een open constructie in het landschap. Het betreft dus een opstijgpunt, zoals opgenomen op de verbeelding van het IP. De landschappelijke inpassing komt aan de orde in het kader van het proces om te komen tot het landschapsplan dat bij het inpassingsplan wordt gevoegd. Dit proces loopt. 14. Pagina 39, paragraaf 4.8: Informatie ontbreekt over wat het betekent als een

De plantoelichting en het MER wordt

Deze reactie leidt tot aanpassing

tijdelijke verbinding op maaiveld wordt gelegd. Betekent dit beperkingen in

aangepast en aangevuld met informatie

van de toelichting van het

gebruik? Wordt met die tijdelijke oplossing openbaar gebied (fietspaden,

over het effect van de tijdelijke

inpassingsplan.

voetpaden) gekruist en zo ja hoe gaat dat dan?

verbindingen. Ook wordt ingegaan op de

Daarnaast ontbreekt in deze paragraaf een toelichting over de periode die

milieu- en omgevingseffecten van deze

bedoeld wordt met tijdelijk. De behoefte bestaat aan een duidelijke

tijdelijke verbindingen. Een tijdelijke

omschrijving, zodat belanghebbenden weten waar het over gaat en waar ze

verbinding, zoals geregeld in dit

rekening mee moeten houden. Een periode van 10 jaar of meer voelt voor een

inpassingsplan, kan maximaal 5 jaar

bewoner niet meer als tijdelijk.

aanwezig zijn. Mocht een periode van 5

Antwoordnota Bro-overlegreacties

28

jaar niet voldoende blijken te zijn, dan kan opnieuw een afweging plaatsvinden in het kader van een procedure voor een omgevingsvergunning. 15. Pagina 42, 4e alinea: het beleidsadvies inzake het voorzorgsbeginsel is

Zie het beleidsadvies als bedoeld onder

De reactie leidt niet tot

onduidelijk: zo veel “als redelijkerwijs mogelijk” voorkomen dat nieuwe situaties

artikel 1.6 van de planregels. Hierin wordt

aanpassing van het

ontstaan waarbij kinderen langdurig verblijven in het gebied van de

het redelijkerwijs criterium genoemd. De

inpassingsplan.

magneetzone. In de conclusie (pagina 45) wordt de term “als redelijkerwijs

afweging moet in verhouding staan tot de

mogelijk” herhaald als zijnde toegepast. Zie onze opmerking bij pagina 16

kosten en leefbaarheid van het gebied.

(inzake ontwerp-principes). Deze ontwerp-principes (gebaseerd op eerder vastgestelde richtlijnen) zijn stelliger: “in principe moet voorkomen worden”. Naar onze mening is de vertaling van “in principe” naar “als redelijkerwijs mogelijk” niet zorgvuldig en eerder door de minister (bij de afwijzing van het alternatieve tracé) onvoldoende onderbouwd. Met name het daarbij genoemde kostenaspect (overigens niet gespecificeerd) zal naar onze inschatting niet zo dusdanig kunnen zijn dat het permanent verlies aan leefbaarheid/woongenot hiervoor moet wijken. 16. Pagina 43, bovenaan: een deel van de derde zin is weggevallen.

De tekst wordt aangevuld.

Deze reactie leidt tot aanpassing van de toelichting van het inpassingsplan.

17. Pagina 45, paragraaf 5.3: deze paragraaf trekt een conclusie over

Zoals beschreven in paragraaf 5.3 is het

De reactie leidt niet tot

passendheid binnen rijks, provinciaal en gemeentelijk beleid, maar het IP bevat

gemeentelijk beleid betrokken bij de

aanpassing van het

geen toets van het gemeentelijk beleid. Onduidelijk is daarom waar de

totstandkoming van het tracé en bij de

inpassingsplan.

conclusies in paragraaf 5.3 op gebaseerd zijn en of de ontwikkeling

toetsing van de alternatieven in het MER.

daadwerkelijk past in het gemeentelijk beleid op bijvoorbeeld het gebied van

Deze informatie is dan ook opgenomen in

gezondheid, landschap en archeologie.

het MER.

18. Pagina 47, paragraaf 6.2.1 laatste zin: op verzoek van de gemeente, van welke gemeente?

Hier dient te staan: de gemeenteN.

Deze reactie leidt tot aanpassing van de toelichting van het inpassingsplan.

Antwoordnota Bro-overlegreacties

29

19. Pagina 47, paragraaf 6.2.2.: In het eerste deel van deze paragraaf wordt

Zie voor de afweging die gemaakt is bij

De reactie leidt niet tot

aangegeven dat zoveel als redelijkerwijs mogelijk, gevoelige bestemmingen zijn

Zevenbergschen Hoek het antwoord bij

aanpassing van het

vrijgespeeld. Wat bedoelt u precies met ‘redelijkerwijs mogelijk’? Voor de

punt 2 van de hoofdbrief. Daarnaast is per

inpassingsplan.

omgeving Zevenbergschen Hoek is een goed uitvoerbaar alternatief

specifieke gevoelige bestemming in de

beschikbaar, waarmee 7 tot 8 extra gevoelige bestemmingen worden

bijlage bij het inpassingsplan afgewogen

vrijgespeeld. De grote infrastructurele druk in deze omgeving, ook van plannen

welke negatieve milieufactoren aanwezig

die hier in de toekomst nog zullen spelen (verbreding A16?) is naar onze mening zijn. En of deze milieufactoren ertoe voldoende aanleiding om een extra (financiële) inspanning als redelijk te

dienen te leiden dat een gevoelige

beschouwen. U geeft in uw onderbouwing in deze paragraaf (4e alinea) zelf aan

bestemming wegbestemd moet worden.

dat een stapeling van negatieve milieufactoren aanleiding kan zijn voor het treffen van extra maatregelen bij kleinschalige concentraties van gevoelige

Naar de mening van de minister is er bij

bestemmingen. Zeker gelet de laatste ontwikkelingen zoals ook benoemd in de

de benoemde gevoelige bestemmingen

begeleidende reactiebrief zou naar onze mening tot een andere afweging van

wel sprake van ruimtelijke druk, maar niet

belangen moeten leiden.

van een zodanige stapeling van milieufactoren, waardoor de woningen redelijkerwijs niet gehandhaafd kunnen worden.

20. Pagina 47 onderaan:

In de bijlage bij het inpassingsplan worden De reactie leidt tot aanpassing

De vermelde zin “Op locaties waar een gevoelige bestemming kan worden

de niet gerealiseerde gevoelige

van de toelichting van het

gerealiseerd, maar feitelijk nog niet aanwezig is (papieren gevoelige

bestemmingen benoemd. Niet-

inpassingsplan.

bestemming), kan zonder een onevenredige belangenaantasting worden

gerealiseerde gevoelige bestemmingen

vermeden dat alsnog feitelijk een gevoelige bestemming wordt gerealiseerd door zijn bouwvlakken en deze papieren gevoelige bestemming weg te bestemmen.” verdient nadere

bedrijfsbestemmingen die niet in gebruik

toelichting. Grondbezit is een van de meest fundamentele rechten in Nederland.

zijn als woning en/of erf/tuin, maar het

Het zodanig ingrijpen dat op grond, waar direct gebouwd mag worden, de

bestemmingsplan sluit gebruik niet uit. Op

mogelijkheid voor feitelijke bebouwing weg wordt gestreept, is voor de

deze gronden zou conform het

grondeigenaar zeker een onevenredige belangen-aantasting. Het is daarbij zelfs

bestemmingsplan een gevoelige functie

de vraag of in de onderhavige situatie ook een evenredige belangenaantasting

zijn toegestaan.

tot aantasting van het eigendomsrecht mag leiden. De wijze van compensatie vraagt toelichting.

In het geval van niet-gerealiseerde gevoelige bestemming is, in lijn met het Beleidsadvies als bedoeld in artikel 1.6 van

Antwoordnota Bro-overlegreacties

30

Hoe wordt deze grondeigenaar gecompenseerd? Ook door taxatie van de waarde het inpassingsplan, relatief eenvoudig te van het perceel inclusief bouwrechten? Of moet deze eigenaar het doen met

voorkomen dat alsnog gevoelige functies

planschade/waardevermindering?

binnen de magneetveldzone worden gerealiseerd. Dit kan door de realisatie van een gevoelige bestemming uit te sluiten. Dat wordt in het inpassingsplan geregeld. De ministers hebben bij de keuze voor het voorkeursalternatief een integrale afweging gemaakt van alle belangen. Hierbij wegen de belangen van het project zwaarder dan de onbenutte bouwmogelijkheden. Hierbij is in aanmerking genomen dat voor zover er schade zou blijken te zijn, deze schade valt onder de schaderegeling die onderdeel is van het schadevergoedingsbeleid van TenneT dan wel onder de planschaderegeling. TenneT stemt in goed overleg met grondeigenaren af en streeft naar het tot overeenkomsten komen in goede harmonie. Wanneer er zakelijk recht op een perceel wordt gevestigd, worden de waarde van het perceel met daarbij de bouwrechten meegenomen in het aanbod. Wanneer er geen sprake is van het vestigen van zakelijk recht kan de betrokkene aanspraak maken op planschade.

Antwoordnota Bro-overlegreacties

31

21. Pagina 48, paragraaf 6.3.1: Gesteld wordt dat ook rekening is gehouden met

Zie het antwoord bij punt 17.

Zie het antwoord bij punt 17.

22. Pagina 49, paragraaf 6.3.2 en 6.3.3.: De beschreven situatie is min of meer

De landschapsanalyse zoals opgenomen in

De reactie leidt niet tot

het oude cultuurlandschap: in hoeverre zijn in het beoogde tracé al elementen

MER en IP sluit aan bij eerder uitgevoerde

aanpassing van de toelichting

aanwezig die het landschap doorsnijden, zoals snelwegen en bestaande

landschapsanalyses in het kader van

van het inpassingsplan.

hoogspanningsleidingen?

inpassingsplannen. De gemeente vraagt

”De effecten op het landschappelijk hoofdpatroon zijn kwalitatief in beeld

om een onderbouwing, nadere duiding van

gebracht en beoordeeld”: bestaat hier een rapport van en in hoeverre worden

deze analyse.

regionaal beleid. De opsomming van getoetste beleidsdocumenten laat zien dat deze stelling onvolledig is. Het gemeentelijk beleid wordt niet genoemd. De gemeente Moerdijk heeft voor het buitengebied een Landschapsplan, een visie buitengebied en erfgoedbeleid. Ook dat is geldend beleid waaraan het plan getoetst moet worden. Vermeld wordt “Het tracé van een hoogspanningsverbinding moet autonoom zijn, zo veel mogelijk los staan van de kleinschalige verschijnselen in het lokale landschap. Waar dat niet mogelijk is en richtingsveranderingen of verschillen in masthoogte onvermijdelijk zijn, krijgt het tracé bij voorkeur een samenhang met andere landschapspatronen van een vergelijkbaar schaalniveau als de hoogspanningsverbinding zelf zoals snelwegen of grote rivieren.” -> Een samenhang met een snelweg (kunstmatig object, dat het cultuurlandschap doorsnijdt) is een logische manier om de impact op het landschap zo klein mogelijk te houden. Dit geldt echter niet voor een samenhang met een natuurlijk element als een rivier.

wij hierbij betrokken?

Het abstractieniveau van het MER sluit aan

“In deelgebied 2 bundelt het Voorkeursalternatief grotendeels met de bestaande

bij de aard van de ingreep die regionaal

380 kV-verbinding en heeft hierdoor nauwelijks een effect op het

van aard is. De door de gemeente

landschappelijk hoofdpatroon”: grotendeels, impliceert dus niet helemaal. Een

gemaakte opmerkingen leiden daarom niet

onderbouwing met een cultuur-historische effectrapportage (CHER) ontbreekt.

tot wijzigingen in het MER.

Terecht wordt verder in de tekst opgemerkt dat het effect op het landschap negatief is. Er ontbreekt een onderbouwing. Ook hierbij rijst dus de vraag of een cultuurhistorisch rapport is opgesteld. Zo ja, dan moet deze ter toetsing aan de bevoegde overheden worden aangeboden. Hierin zou naar voren moeten komen wat de aanwezige cultuurhistorische waarden zijn, welke ‘verstorende’

Antwoordnota Bro-overlegreacties

32

elementen al aanwezig zijn en wat het effect van de plannen op de cultuurhistorische waarden zijn. Nu staan in deze tekst alleen maar zeer beperkt onderbouwde aannames, die naar onze mening onvoldoende grondslag bieden voor planologische besluiten. 23. Pagina 49, paragraaf 6.3.3: De zinsnede “Een hoogspanningsverbinding die

Landschappelijk hoofdpatroon

De reactie leidt niet tot

de landschappelijke structuren op hoog niveau volgt heeft minder invloed op het

De beschrijving van de effecten is op

aanpassing van de toelichting

landschappelijk hoofdpatroon dan een hoogspanningsverbinding die geen

hoofdlijnen. In het MER is meer

van het inpassingsplan.

logische samenhang met het landschappelijk hoofdpatroon heeft of dit

gedetailleerd ingegaan op de

doorkruist.” is naar onze mening niet van toepassing op het grondgebied

totstandkoming van het tracé. De reactie

Moerdijk, waar de nieuwe hoogspanningslijn aangezien de verbinding tweemaal

wordt voor kennisgeving aangenomen.

een grote infrastructurele ingreep (snelweg) kruist, alsmede het open landschap.

Gebiedskarakteristiek

Kort daarna staat: “In deelgebied 3 bundelt het Voorkeursalternatief eveneens

Het MER behandelt op verschillende

grotendeels met de bestaande 380 kV-verbinding. Het landschappelijk

niveaus het aspect landschap. Per niveau

hoofdpatroon wordt hierdoor enigszins versterkt, en heeft daardoor een licht

en per deelgebied is het aspect landschap

positief effect op het landschappelijk hoofdpatroon.” Deze stelling komt vreemd

gewogen. Het ogenschijnlijke verschil in

over: hoe kan de verbinding qua landschap in deelgebied 3 een verbetering zijn,

beoordeling, hangt samen met het

maar bij gebiedskarakteristiek juist een negatieve invloed hebben?

beoordelingsniveau dat in het MER is

In het IP wordt ingegaan op de invloed op natuur vanwege de aanleg van de

gehanteerd: tracé niveau en lijnniveau.

verbinding. Informatie ontbreekt echter nog over waar precies bomen/struiken

Zie hiervoor ook het MER.

gekapt worden. Voor het tracé niveau is het volgende opgenomen in het MER. In deelgebied 3 bundelt het Voorkeursalternatief grotendeels met de bestaande 380 kVverbinding. Het landschappelijk hoofdpatroon wordt hierdoor enigszins versterkt, dit is als een licht positief effect beoordeeld (+). Voor het lijn niveau is het volgende opgenomen in het MER. In deelgebied 3 bundelt het Voorkeursalternatief met de

Antwoordnota Bro-overlegreacties

33

gereconstrueerde bestaande verbinding en vormt een nieuwe doorsnijding van het landschap. Plaatselijk ontstaan licht positieve effecten door het verwijderen van de bestaande 150 kV-verbinding, op veel plekken heeft het Voorkeursalternatief echter een licht negatief effect op de gebiedskarakteristiek. De beoordeling van de effecten is licht negatief (-). Natuur Aan de hand van onderzoek in het veld (ook specifiek, soortgericht) en bureauonderzoek is het aspect natuur onderzocht. Het resultaat van dit onderzoek is opgenomen in een rapportage bij de toelichting van het IP. Deze rapportage wordt ook besproken met RVO (bevoegd gezag inzake soortenbescherming). Verder vindt afstemming plaats met provincie en o.a. Natuurmonumenten over de benodigde natuurcompensatie. In aanloop naar de realisatie zal ook nog natuuronderzoek plaatsvinden om zo scherp zicht te hebben en houden op eventuele waarden en inzicht te kunnen geven waar welke bomen gekapt dienen te worden. Dit hangt ook nog samen met de te realiseren werkwegen en werkterreinen. Indien nodig worden de benodigde vergunningen

Antwoordnota Bro-overlegreacties

34

en toestemmingen zoals vanzelfsprekend aangevraagd. 24. Pagina 55, paragraaf 6.6.1: met het archeologische rapport kan niet worden

Naar aanleiding van reacties van een

Deze reactie leidt tot aanpassing

ingestemd. Het schaalniveau is dermate groot dat er geen inhoudelijke afweging aantal overleginstanties heeft overleg

van het archeologisch onderzoek

mogelijk is. Ook is op voorhand de lage archeologische verwachting niet

plaatsgevonden met de Regio West

dat als bijlage bij het

meegenomen in het onderzoek terwijl dit juist van groot belang is bij

Brabant. In dit overleg is gesproken over

inpassingsplan wordt gevoegd.

grootschalige plannen. Ook blijkt er al een archeologische afweging gemaakt te

het aanpassen van het archeologisch

zijn in een ons onbekend archeologisch rapport in het kader van de MER. Dit

onderzoek. Naast een aantal algemene,

onbekende rapport heeft een rol gespeeld in de constructie van het

generieke aanpassingen is het volgende in

bureauonderzoek. Er ligt nu een zeer grofmazig bureauonderzoek waarbij op

dit onderzoek aangepast / doorgevoerd.

voorhand verwachtingszones zijn uitgesloten. Daardoor kan het rapport niet als basis dienen voor het inpassingsplan. Naar onze mening moet het inpassingsplan worden voorzien van een dubbelbestemming ‘Waarde-

Aanpassingen in het bureauonderzoek: ·

Archeologie’ voor het gehele inpassingsplan tot er voor elke gemeente een

basis van gegevens uit DINO-

separaat bureauonderzoek is uitgevoerd met goed onderbouwde advieskaarten. Op basis daarvan vindt vervolgonderzoek plaats. Het gemeentelijk beleid volgt

Verwachtingsmodel aangepast op loket:

·

Voor de gemeente Moerdijk: alle

overigens niet uit het provinciaal en rijksbeleid. Het rijksbeleid vormde de

lage verwachtingsgebieden

aanleiding, de gemeente heeft lokaal toegepast archeologiebeleid opgesteld.

wijzigen in: ‘onbekende verwachting, potentieel hoog’ en krijgen nu het advies: ‘verkennend booronderzoek’ i.p.v. ‘geen vervolgonderzoek’. ·

Kaartbijlagen op hogere schaal gemaakt

·

Archis meldingen bijgewerkt

·

Specifiek ingrepen afgebeeld op

·

Verwachtingsmodel en adviezen op

·

Alle kadastrale minuutplans

kaart (werkterreinen, wegen, etc.) kaart aangepast geanalyseerd

Antwoordnota Bro-overlegreacties

35

·

Figuur met RD-coördinaten toegevoegd.

·

Figuur met onderzoeksgeschiedenis aangepast (eerste fig. in BO)

·

Zuiderwaterlinie figuur en tekst aangepast.

Vervolgens is het onderzoek voor een reactie / akkoord voorgelegd aan de diverse gemeenten (of hun adviseur inzake archeologie). Aan de hand van deze reacties en / of akkoord wordt het onderzoek definitief en dient het als basis voor eventueel vervolgonderzoek. In samenspraak met bevoegd gezag wordt invulling gegeven aan vervolgonderzoek (indien aan de orde). 25. Pagina 55, paragraaf 6.6.2: de toets aan het gemeentelijk archeologiebeleid

Mede naar aanleiding van deze reactie en

Deze reactie leidt niet tot

ontbreekt in het IP. Omdat precieze mastlocaties nog niet bekend zijn, is een

na overleg met de Regio West Brabant is

aanpassing van het

definitieve toets niet mogelijk, maar verschillende locaties lijken te liggen in

het onderzoek aangepast. Specifiek voor

inpassingsplan.

gebieden met een hoge archeologische verwachtingswaarde volgens het

de gemeente Moerdijk is het volgende

gemeentelijk beleid. In deze gebieden geldt een plicht voor het doen van

doorgevoerd: alle lage

archeologisch onderzoek.

verwachtingsgebieden wijzigen in:

Aan het eind van paragraaf 6.6 wordt wel gesproken over archeologische

‘onbekende verwachting, potentieel hoog’

verwachtingswaarde, maar wordt gesteld dat voor uitvoering werkzaamheden

en krijgen nu het advies: ‘verkennend

onderzoek uitgevoerd zal worden. Het gemeentelijk beleid gaat echter uit van

booronderzoek’ i.p.v. ‘geen

onderzoek vóóraf ten tijde van de planologische maatregel. Indien dit niet

vervolgonderzoek’.

mogelijk is, dan moet hier verwoord worden dat voor het gehele gebied voorzien Op dit moment is een aantal partijen al wordt in een dubbelbestemming ‘Waarde-Archeologie’.

doende met het uitvoeren van veld- en bodemonderzoeken. Na akkoord bevoegd gezag op het archeologische

Antwoordnota Bro-overlegreacties

36

bureauonderzoek kan ook gestart worden met het vervolgproces ten behoeve van archeologisch onderzoek, om zo voorafgaand aan de realisatie de benodigde onderzoeken uitgevoerd te hebben en geen onevenredige schade aan te brengen aan eventuele archeologische waarden ter plaatse. Een dubbelbestemming ‘Waarde – archeologie’ wordt niet opgenomen. 26. Pagina 57, paragraaf 6.6.3: nogmaals moge duidelijk zijn dat we niet kunnen

Zie ook reacties hiervoor voor een

Deze reactie leidt tot aanpassing

instemmen met de concept-advieskaart. Deze paragraaf behoort aangepast te

toelichting op de aanpassingen in het

van de plantoelichting van het

worden op basis van het aan te passen rapport / de nog op te stellen

archeologisch onderzoek dat voor een

inpassingsplan.

bureauonderzoeken per gemeente. Er wordt verder gesproken over adviezen.

reactie / akkoord is voorgelegd bij het

Deze moeten nog omgezet worden in eisen per gemeente, dus is een

bevoegd gezag.

dubbelbestemming ‘Waarde-Archeologie’ op dit moment voorshands

De betreffende passage in de toelichting

noodzakelijk. Een advies heeft geen waarde binnen een inpassingsplan. Met de

van het inpassingsplan wordt aangepast

genoemde adviezen kan niet worden ingestemd omdat ze niet allemaal

conform / in lijn met het aangepaste

aansluiten bij het gemeentelijke archeologiebeleid. Zo wordt er niet geboord in

bureauonderzoek. Tekst is aangepast

‘bekende waarden’, “zeer hoge en hoge verwachtingszones” en is er bij dit soort

naar: Deze adviezen gelden alleen voor

grootschalige onderzoeken wel degelijk onderzoek nodig in de categorie “lage

nieuwe bodemingrepen, dus bij de aanleg

verwachting”. Onder ‘nieuwe bodemingrepen’ vallen ook die delen waar wordt

van de nieuwe 150 kV verbinding, de

gesloopt en groter en/of dieper wordt teruggebouwd enzovoort. Zie daarom

nieuwe 380 kV verbinding en de

paragraaf ‘2.2 Werkzaamheden’ van het bureauonderzoek voor een veel

stationslocaties. Voor het amoveren van

uitgebreidere opsomming van de bodemverstorende ingrepen. Slopen in

bestaande kabels en masten wordt geen

historische kernen en binnen vindplaatsen zijn ook onderzoeksplichtig

archeologisch onderzoek geadviseerd. De

doorgaans. Met de volgende passage kan daarom niet ingestemd worden: “Deze bodem is hier immers al verstoord. adviezen gelden alleen voor nieuwe bodemingrepen, dus bij de aanleg van de nieuwe 150 kV verbinding, de nieuwe 380 kV verbinding en de stationslocaties.

In het onderzoek dat was bijgevoegd zijn

Voor het amoveren van bestaande kabels en masten is geen archeologisch

alleen die werkzaamheden genoemd,

onderzoek noodzakelijk. De bodem is hier immers al verstoord.”

relevant bij de realisatie van het tracé. Zo is er bijvoorbeeld geen sprake van het

Antwoordnota Bro-overlegreacties

37

slopen in historische kernen, zodat deze werkzaamheden ook niet zijn genoemd. 27. Pagina 57, paragraaf 6.7.1: naar onze mening moet vooraf aangetoond

Zoals beschreven in paragraaf 6.7.2 is in

Deze reactie leidt niet tot

worden dat aan de geluidsnormen voldaan kan worden. Bij het IP is niet

het kader van de nieuwe verbinding en de

aanpassing van het

getoetst of voldaan wordt, er wordt alleen gesteld wat de normen zijn. Dit biedt

uitbreiding van het station bij Oosteind

inpassingsplan.

voor omwonenden geen garanties en toont niet aan dat deze ontwikkeling past

akoestisch onderzoek uitgevoerd. De

in een gezonde leefomgeving en een goede ruimtelijke ordening.

resultaten zijn hier genoemd, het onderzoek is opgenomen in de bijlagen bij het inpassingsplan. Zie ook het antwoord bij punt 73.

28. Pagina 59, paragraaf 6.8.2: vermeld staat dat: “in het kader van de ligging

Het gevraagde onderzoek is recent

Deze reactie leidt tot aanpassing

van de ondergrondse hoogspanningsverbinding op een nabije afstand van de

uitgevoerd, aan de hand van het verder

van het inpassingsplan.

buisleidingenstraat wordt een beïnvloedingsonderzoek uitgevoerd. De

uitgewerkte tracé. Het onderzoek wordt

ondergrondse hoogspanningsverbinding levert geen significante beperkingen op

als bijlage bij het ontwerpinpassingsplan

ten aanzien van het gebruik van de bestaande buisleidingenstraat.” Uit deze

gevoegd.

tekst blijkt dat het beïnvloedingsonderzoek nog moet worden uitgevoerd. Hoe kan zonder het plaatsvinden van het onderzoek al tot deze conclusie gekomen worden? In het rapport wordt nu alleen gesproken over een verband tussen ondergrondse trajecten en leidingen met gevaarlijke stoffen. Dit is o.i. dus te kort door de bocht. Ook bovengrondse leidingen kunnen de faalkans van een leiding met gevaarlijke stoffen beïnvloeden en hiervoor is dus geen onderbouwing gegeven. Er kan een verhoogde faalkans voor de buisleiding zijn als de bovengrondse hoogspanningsverbinding binnen een bepaalde afstand staat. Als hij omvalt kan hij de leiding doorprikken. Wij hechten eraan van de resultaten van dit onderzoek kennis te nemen. 29. Pagina 60, paragraaf 6.9.1: deze paragraaf doet het lijken of de tijdelijke

De plantoelichting en het MER wordt

De reactie leidt tot aanpassing

maatregelen misschien korter dan een jaar in gebruik zullen zijn. Dat klopt niet

aangepast en aangevuld met informatie

van de toelichting en planregels

met de informatie die wij als gemeente van Tennet ontvangen, waarin wordt

over het effect van de tijdelijke

van het inpassingsplan.

aangegeven dat de tijdelijke maatregelen als eerste worden gerealiseerd in de

verbindingen

bouwfase en pas als laatste weer gesloopt worden en wellicht tot 10 jaar of

De tijdelijke verbindingen worden voorzien

meer ter plekke gebruikt zouden kunnen worden.

van een zogenaamde ‘voorlopige

Antwoordnota Bro-overlegreacties

38

Bij de hele onderbouwing van de tijdelijke masten, wordt niet ingegaan op de

bestemming’. De geldigheidstermijn van

periode van deze tijdelijkheid en of de lengte van die periode effect heeft op de

een ‘voorlopige bestemming’ is ten

gevolgen voor de leefomgeving, bodem en natuur. De onderbouwing lijkt

hoogste vijf jaar, vanaf de datum van

volledig gericht op plaatsen van de tijdelijke masten, terwijl het ook gaat om

inwerkingtreding van het inpassingsplan.

tijdelijke opstijgpunten, het tijdelijk ingraven of op maaiveld neerleggen van

Wanneer tijdelijke verbindingen langer dan

verbindingen, ingrepen in de wegstructuur etc. Al deze ingrepen gelden

5 jaar of later in de uitvoeringsperiode

gedurende de volledige bouwperiode en hebben daarmee een aanzienlijke

nodig zijn, zal voor de rest van de

invloed op de leefomgeving. Naar onze mening is dit aspect onvoldoende in het

uitvoeringsperiode een

plan opgenomen.

omgevingsvergunning moeten worden

Bij voorbeeld in de omgeving van de Oudendijk en Sluissedijk bij

aangevraagd.

Standdaarbuiten heeft de grote hoeveelheid van ingrepen een aanzienlijk effect op de leefomgeving. Wij missen een onderbouwing of de wegen in dit gebied wel In het MER worden een toelichting en geschikt zijn voor de hoeveelheid verkeersbewegingen met groot materieel

motivering gegeven van de benodigde

gedurende de lange bouwperiode, zeker aangezien wij op verzoek van bewoners

bouwperiode. In het kader van de

na meldingen van overlast, hebben besloten maatregelen te treffen voor het

toetsing van milieu- en

gebruik van wegen voor zwaar verkeer in deze omgeving.

omgevingsaspecten van de tijdelijke verbindingen wordt hier eveneens bij stilgestaan.

30. Pagina 60, paragraaf 6.9.2 : Het is voorbarig om nu reeds te constateren dat

In het MER wordt nader ingegaan op de

De reactie leidt tot aanpassing

de tijdelijke verbindingen geen blijvende impact op de omgeving zullen hebben,

milieu- en omgevingsaspecten van de

van de toelichting van het inpassingsplan.

zonder dat in beeld is wat waar gekapt of verwijderd moet worden. Voor de

tijdelijke verbindingen. Werkwegen en

tijdelijke maatregelen zijn soms ook ingrepen aan bijvoorbeeld wegen nodig, die

werkterreinen zijn voor de verbinding, en

ook van invloed kunnen zijn op natuur en landschap.

dus ook voor de tijdelijke verbindingen, niet meegenomen in het MER. In het kader van te verkrijgen vergunningen komen aspecten als eventuele bomenkap aan de orde.

31. Pagina 60, paragraaf 6.9.4: in de paragraaf wordt aangegeven dat na

Het gestelde klopt. Dit wordt opgenomen

De reactie leidt niet tot

verwijdering van de tijdelijke masten de bodem weer cultuurtechnisch wordt

in bijvoorbeeld de werkafspraken. Ook

aanpassing van het

verbeterd, zodat weer beplanting kan plaatsvinden. Wij gaan er vanuit dat deze

heeft TenneT een formulier waarop

inpassingsplan.

afspraken ook schriftelijk vastgelegd worden met de grondeigenaren.

aangegeven kan worden of ze mest of compost willen laten aanbrengen na de

Antwoordnota Bro-overlegreacties

39

werkzaamheden. Dit wordt allemaal schriftelijk vastgelegd. 32. Pagina 61, paragraaf 6.9.5: in deze paragraaf wordt aangegeven dat op

Aan de hand van het archeologisch

Deze reactie leidt niet tot

sommige locaties de klapankers voor de tuien voor de tijdelijke voorzieningen in

onderzoek dat is aangepast naar

aanpassing van het

de grond achter zullen blijven. Wij gaan er van uit dat u en/of Tennet dit

aanleiding van de reacties die zijn

inpassingsplan.

duidelijk communiceert met de grondeigenaren en daarover afspraken met hen

binnengekomen in het kader van het

maakt om schade in de toekomst te voorkomen.

vooroverleg, wordt (eventueel / indien aan

Waar het in paragraaf 6.6 nog terecht ging over archeologie in algemene zin,

de orde) nader archeologisch onderzoek

worden hier uitspraken gedaan die meer in detail zijn en feitelijk over de

uitgevoerd. Dit onderzoek vindt plaats in

uitvoering gaan. Het Inpassingsplan is naar onze mening daarvoor niet de juiste

overleg en afstemming met het bevoegd

plaats. Wij doelen daarbij op de volgende passage: “De plaatsing van de masten gezag om zo het aspect archeologie mee leidt tot enige verdichting van de bodem onder de betonplaten. Een deel van de

te nemen bij de uitvoering / realisatie van

tijdelijke kabels wordt op de grond gelegd. Dit brengt echter geen schade aan

het project. In dat kader, en met de

eventueel aanwezige archeologische bodemarchief. De verankering van de tuien

specifieke informatie over het tracé die

vindt plaats door middel van betonblokken of door klapankers. Een deel van de

aanwezig is, wordt aan dit onderzoek

tijdelijke kabels wordt in de grond gelegd. Dit kan wel enige schade aan het

verder invulling gegeven.

archeologische bodemarchief teweeg brengen. Bij verwijdering van de tuien blijven de klapankers over het algemeen in de bodem achter. Het betreft echter een dusdanig beperkt aantal tijdelijke masten, dat dit effect als neutraal is beoordeeld.” Wij beschikken momenteel niet over detailinformatie en kunnen hier dus niet op voorhand mee instemmen. Daarnaast kent archeologie geen “tijdelijke effecten”. Eenmaal verstoord is kapot en verloren. Er zijn veel meer (tijdelijke) bodemingrepen voorzien dan uit het RIP blijkt. De verschillende bodemverstorende werkzaamheden zijn in het archeologische rapport benoemd onder “2.2 werkzaamheden”. Nu wordt de plaatsing van de (tijdelijke masten 6.9) masten als “neutraal” gezien, maar aangenomen wordt dat hiervoor worden naast de verankering e.d. ook bouwputten uitgegraven moeten worden. Slopen kan niet bij voorbaat als nietonderzoeksplichtig gezien worden, bijvoorbeeld als er een andere mast voor in de plaats komt en hiervoor wordt dieper en groter uitgegraven, dan is ook dit een nieuwe en mogelijk onderzoeksplichtige bodemverstoring.

Antwoordnota Bro-overlegreacties

40

33. Pagina 62, paragraaf 7.2 laatste alinea: uit de tekst blijkt niet duidelijk in

Tijdelijke vergunningen t.b.v. de realisatie

De reactie leidt niet tot

hoeverre de coördinatieregeling van toepassing is op de tijdelijke bouw- en

van de verbinding ZWO 380 worden indien aanpassing van het

aanlegmaatregelen die nodig zijn gedurende de bouw- en sloopperiode.

coördinatie-plichtig zoveel als mogelijk

inpassingsplan.

gecoördineerd meegenomen. Het gaat dan onder andere om vergunningen t.b.v. tijdelijke voorzieningen zoals de tijdelijke verbindingen, werkwegen en werkterreinen. Specifieke vergunningen t.b.v. de uitvoering, waar informatie van de aannemer bij nodig is, denk bijvoorbeeld aan een verkeersbesluit, worden door de aannemer aangevraagd. 34. Pagina 63, paragraaf 7.3: alleen de aanlegvergunningstelsels uit de

Dit houdt in dat in het geval van

De reactie leidt niet tot

gemeentelijke bestemmingsplannen worden terzijde geschoven, maar de

bouwwerken moet worden voldaan aan de

aanpassing van het

bepalingen ten aanzien van de archeologische verwachtingswaarden dus niet.

bouwregels uit de onderliggende

inpassingsplan.

Dat betekent dus dat die daarmee blijven gelden. Hoe werkt de toetsing op dit

dubbelbestemmingen, waaronder ook

punt?

archeologie. Voor werkzaamheden ter plaatse van de dubbelbestemmingen in de gemeentelijke bestemmingsplannen is geen aanlegvergunning vereist. Toetsing vindt plaats conform de algemene regels van artikel 12 van het inpassingsplan.

35. Pagina 64, derde alinea: bij de beschrijving van de bestemmingen wordt

Waar in paragraaf 7.4

De reactie leidt tot aanpassing

opeens gesproken over het hoogspanningsstation Borssele. Die is geen

hoogspanningsstation Borssele genoemd

van de toelichting van het

onderdeel van het project Zuidwest 380 kV Oost. Welk hoogspanningsstation

is, moeten de hoogspanningsstations bij

inpassingsplan.

wordt bedoeld?

Zevenbergschenhoek en Oosteind

Daarnaast wordt in deze alinea gesproken over een vervangende

genoemd worden.

enkelbestemming bij de 150kv opstijgpunten. Wij gaan er vanuit dat hier gedoeld wordt op de definitieve opstijgpunten, niet de tijdelijke?

Dit betreft de 380 kV opstijgpunten. En de bestemming bij station Zevenbergschen

Antwoordnota Bro-overlegreacties

41

Hoek wordt ook veranderd (van verkeer naar nutsvoorziening). 36. Pagina 64, paragraaf 7.5: aangegeven wordt dat niet gerealiseerde gevoelige bestemmingen worden weg bestemd. Het is niet duidelijk om welke locaties het

In een bijlage bij het inpassingsplan

De reactie leidt tot aanpassing

worden de niet-gerealiseerde gevoelige

van de toelichting van het

gaat. Gezien het belang van de grondeigenaar en omwonenden, verzoeken wij u bestemmingen benoemd.

inpassingsplan.

te specificeren voor welke locaties dit geldt. 37. Pagina 66: voor tijdelijke werkgebieden wordt bij de gemeente een vergunning

Tijdelijke vergunningen t.b.v. de realisatie

Deze reactie leidt niet tot

aangevraagd? Dan gaat het om een tijdelijke omgevingsvergunning? Wordt de

van de verbinding ZWO 380 worden indien aanpassing van het

procedure en de verlening van die tijdelijke vergunning ook gecoördineerd?

coördinatie-plichtig zoveel als mogelijk

inpassingsplan.

gecoördineerd meegenomen. Het gaat dan onder andere om vergunningen t.b.v. tijdelijke voorzieningen zoals de tijdelijke verbindingen, werkwegen en werkterreinen. Specifieke vergunningen t.b.v. de uitvoering, waar informatie van de aannemer bij nodig is, denk bijvoorbeeld aan een verkeersbesluit, worden door de aannemer aangevraagd. 38. Pagina 65, paragraaf 7.6 : in het plan is een wijzigingsbevoegdheid

Mede naar aanleiding van deze reactie

Deze reactie leidt tot aanpassing

opgenomen waarmee het college van Burgemeester en Wethouders de

worden de regels voor de tijdelijke

van de regels van het

specifieke bestemming voor de tijdelijke bestemming kan weghalen. Dezelfde

verbinding aangepast.

inpassingsplan.

opmerking geldt bij het onderdeel Leiding – hoogspanning – tijdelijk. Hierbij een aantal vragen:

De tijdelijke verbindingen worden voorzien

- Een wijzigingsbevoegdheid kan, zoals de minister bekend, niet meer gebruikt

van een zogenaamde ‘voorlopige

worden na invoering van de Omgevingswet. Waarom is gekozen voor een

bestemming’. De geldigheidstermijn van

instrument dat bij invoering van de Omgevingswet komt te vervallen. Krijgen

een ‘voorlopige bestemming’ is ten

gemeenten hiermee niet een onuitvoerbare opdracht?

hoogste vijf jaar, vanaf de datum van

- Door het weghalen van deze bestemming bij de gemeenten neer te leggen,

inwerkingtreding van het inpassingsplan.

worden de gemeenten geconfronteerd met extra werkzaamheden en extra

Wanneer tijdelijke verbindingen langer dan

kosten. Hoe worden deze vergoed?

5 jaar of later in de uitvoeringsperiode nodig zijn, zal voor de rest van de

Antwoordnota Bro-overlegreacties

42

In een tussenzin bij onderdeel “Toelichting op de bestemmingen” wordt vermeld

uitvoeringsperiode een

dat de strook breder is dan nodig omdat onder andere ook extra sloten

omgevingsvergunning moeten worden

Deze reactie leidt tot aanpassing

aangelegd moeten worden. Het IP biedt geen inzicht in waar deze extra sloten

aangevraagd.

van de toelichting van het

nodig zijn, zodat wij niet kunnen toetsen hoe deze passen in het gemeentelijk

inpassingsplan.

beleid. Zie ook beantwoording onder 36. 39. Pagina 66, paragraaf 7.7

Zie eerdere reactie m.b.t. regelen

Deze reactie leidt niet tot

In deze paragraaf wordt omschreven hoe men juridisch omgaat met het aspect

dubbelbestemming 'Waarde archeologie',

aanpassing van het

archeologie. Graag dus op de plankaart voorzien in de dubbelbestemming

bij punt 25. De geldende

inpassingsplan.

‘Waarde-Archeologie’ voor het hele plangebied. Onderstreept enkele

dubbelbestemmingen om de eventuele

aanvullingen op de bestaande passage in de tekst. ‘Ter bescherming van de

archeologische waarden te beschermen

archeologische waarden, monumenten en verwachtingszones in de ondergrond,

blijven van toepassing. Het opnemen van

geldt voor de realisatie van bouwwerken de voorwaardelijke verplichting dat

een nieuwe regeling voor

moet worden voldaan aan het stappenplan van het de KNA (Kwaliteitsnorm

dubbelbestemming 'Waarde – Archeologie'

Deze reactie leidt tot aanpassing

Nederlandse Archeologie), het archeologiebeleid van de verschillende

is hier dan ook niet aan de orde.

van de toelichting en de regels van het inpassingsplan.

gemeenten en de provinciale Regeling aanvullende richtlijnen voor archeologisch onderzoek in de provincie Zeeland 2014; dit voor zover de locaties nog niet

De voorgestelde aanvullingen worden

voldoende zijn onderzocht naar oordeel van de bevoegde gezagen.

verwerkt in de plantoelichting. Het archeologiebeleid van de verschillende gemeenten is opgenomen in het archeologisch onderzoek dat als bijlage bij de toelichting wordt gevoegd. Dit beleid wordt niet toegevoegd aan de toelichting van het inpassingsplan. Dit doen we voor andere thema's ook niet. Wel wordt aangegeven dat de gemeentelijke informatie en beleid m.b.t. archeologie zijn meegenomen, zonder alle documenten te noemen en toe te lichten.

Antwoordnota Bro-overlegreacties

43

40. Pagina 71, paragraaf 8.5: geldt de procedure die hier beschreven wordt ook voor de tijdelijke vergunningen die nodig zijn voor het bouwproces?

Tijdelijke vergunningen t.b.v. de realisatie

Deze reactie leidt niet tot

van de verbinding ZWO 380 worden indien aanpassing van het coördinatie-plichtig zoveel als mogelijk

inpassingsplan.

gecoördineerd meegenomen. Het gaat dan onder andere om vergunningen t.b.v. tijdelijke voorzieningen zoals de tijdelijke verbindingen, werkwegen en werkterreinen. Specifieke vergunningen t.b.v. de uitvoering, waar informatie van de aannemer bij nodig is, denk bijvoorbeeld aan een verkeersbesluit, worden door de aannemer aangevraagd. 41. Pagina 71, paragraaf 8.6:

TenneT stelt op dit moment samen met

Deze reactie leidt niet tot

Aansluitend op de conclusie (in de brief gaan we hier nader op in) de opmerking

Enexis een netvisie op voor de

aanpassing van het

vanuit de gemeente Moerdijk dat de gemeente deze nieuwe

afvoercapaciteit in de regio. De visie wordt inpassingsplan.

hoogspanningsverbinding faciliteert, hoewel wij daar zeker niet blij mee zijn

in de tweede helft van 2021 verwacht.

vanwege de impact op de leefomgeving en het landschap. Dan is het extra zuur

Daar waar nieuwe ontwikkelingen nodig

dat de gemeente niet kan mee profiteren van deze nieuwe aansluitcapaciteit en

zijn zal dit in afstemming met de

te maken krijgt met grote problemen in de bestaande netwerkcapaciteit. Voor

gemeenten worden opgepakt.

een onderbouwing van dit punt verwijzen wij u naar onze hoofdbrief. Regels 42. Artikel 1: definitie van erf is niet toegespitst op de 380 kV-verbinding. Er

De definitie van erf wordt aangepast,

Deze reactie leidt tot een

ontbreken definities voor “diepwortelende beplanting”, “diepploegen”,

zodat het past bij de

aanpassing van de regels van het

“permanent opslaan van goederen en stoffen” en “veldlengte”. Deze definities

bestemmingsomschrijving van ‘Bedrijf –

inpassingsplan.

zijn wel noodzakelijk.

Opstijgpunt’.

Bij 1.22 wordt gesproken over handleidingen, die verder niet benoemd/ongespecificeerd blijven

De definities voor ‘diepwortelende beplanting’ en ‘diepploegen’ worden niet opgenomen. Op deze manier kan iedere situatie beoordeeld worden op basis van het advies dat de leidingbeheerder (TenneT in deze) afgeeft voor het

Antwoordnota Bro-overlegreacties

44

verkrijgen van een omgevingsvergunning, zonder vast te zitten aan vaste maatvoering. Een definitie van “permanent opslaan van goederen en stoffen” wordt niet noodzakelijk geacht. Bij de wijze van meten is in 2.3 beschreven wat onder ‘veldlengte’ begrepen wordt. In 1.22 wordt de ‘handreiking’ genoemd. Wat onder de handreiking wordt verstaan is opgenomen in 1.17. 43. Artikel 2: (2.2) de definitie is niet correct. Er is bij vakwerkmasten geen sprake

De bepaling in artikel 2.2 is bij eerdere

Deze reactie leidt niet tot

van gevelvlakken of scheidingsmuren. Het is beter is om hier de plattegrond van (inpassings)plannen toereikend gebleken

aanpassing van het

de vakwerkmast te benoemen.

voor het toetsen van bouwwerken geen

inpassingsplan.

(2.3) De wijze van meten veldlengte verdient verduidelijking

gebouwen zijnde, waaronder ook een vakwerkmast. De bepaling in artikel 2.3 is bij eerdere inpassingsplannen toereikend gebleken voor het toepassen van de regels met betrekking tot de veldlengte.

44. Artikel 4: (4.2.2) twijfels of de vermelde bouwhoogte zal volstaan. Wellicht te overwegen om hogere maatvoering op te nemen.

De vermelde bouwhoogte t.b.v.

Deze reactie leidt niet tot

bouwwerken geen gebouw zijnde volstaat.

aanpassing van het

Het plan hoeft daarom niet te worden

inpassingsplan.

aangepast. 45. Artikel 5: (5.2) Op deze manier wordt elke vorm van uitbreiding van gebouwen

In artikel 5.3 zit een mogelijkheid om van

Deze reactie leidt tot een

tegengegaan. Vanuit bewonersoptiek is dit niet wenselijk. Zijn belanghebbende

deze bepaling af te wijken indien de

aanpassing van de regels van het

hiervan op de hoogte? Er zou meer aangesloten moeten worden op de

belangen van de hoogspanningsverbinding

inpassingsplan.

mogelijkheden van de geldende bestemmingsplannen.

niet worden geschaad. Zo wordt dus niet

Antwoordnota Bro-overlegreacties

45

Lid 2 van dit artikel luidt als volgt: “Bebouwing wordt alleen toegestaan als de

elke vorm van uitbreiding tegengegaan,

oppervlakte en hoogte niet worden vergroot en gebruik wordt gemaakt van de

maar moet dit wel eerst worden getoetst.

bestaande fundering”. In de praktijk is dit niet mogelijk. De bestaande

T.a.v. lid 2; aan de regels wordt

funderingen voldoen niet aan de eisen en zijn in 99% van de gevallen niet

toegevoegd: wanneer bestaande fundering

toereikend voor een nieuwe gebouw.

niet langer voldoet aan de eisen, mag de

Bij 5.4.1.a vragen de begrippen “diepwortelende beplanting” en bij 5.4.1.b

fundering vervangen of vernieuwd worden

“voorwerpen” om nadere specificatie. Deze nadere specificatie ontbreekt ook bij

mits de oppervlakte en hoogte niet worden

6.4 en 7.6.

vergroot. Zie beantwoording onder 42. over ‘diepwortelende beplanting’. We achten een specificatie van voorwerpen in de regels niet noodzakelijk.

46. Bij artikel 6 en 7 wordt op meerdere plaatsen gesproken over een periode van 5 jaar zonder aanduiding wanneer deze periode aanvangt.

De regeling voor de tijdelijke verbindingen

Deze reactie leidt tot een

wordt herzien.

aanpassing van de regels van het inpassingsplan.

De tijdelijke verbindingen worden voorzien van een zogenaamde ‘voorlopige bestemming’. De geldigheidstermijn van een ‘voorlopige bestemming’ is ten hoogste vijf jaar, vanaf de datum van inwerkingtreding van het inpassingsplan. Wanneer tijdelijke verbindingen langer dan 5 jaar of later in de uitvoeringsperiode nodig zijn, zal voor de rest van de uitvoeringsperiode een omgevingsvergunning moeten worden aangevraagd. 47. Artikel 7: het artikel raakt in de omgeving ten westen van Standdaarbuiten

In overleg met de Samenwerkende

De reactie leidt niet tot

veel vigerende bestemmingen en betekent voor bewoners en bedrijven een

Overheden is door TenneT een

aanpassing van het

aanzienlijke beperking. Wij gaan er vanuit dat u met alle betrokken

communicatie- en participatieplan

inpassingsplan.

Antwoordnota Bro-overlegreacties

46

grondeigenaren en gebruikers duidelijk heeft gecommuniceerd wat deze

opgesteld om invulling te geven aan een

beperking voor hun situatie betekent. Klopt deze aanname?

duidelijke en zorgvuldige communicatie richting de gemeenten, bewoners en bedrijven. Daarnaast is TenneT in contact met alle grondeigenaren en/of grondgebruikers die een mast op hun perceel krijgen of eigenaren van gevoelige bestemmingen. Er hebben gesprekken plaatsgevonden of lopen nog steeds met de betreffende eigenaren. Daar waar door omwonenden is aangestuurd op een nadere toelichting voorziet TenneT in deze behoefte door het gesprek aan te gaan.

48. Artikel 7.4: hoe moet bepaald worden wat onder “vanaf eerste aanvang”

Zie antwoord bij punt 46.

Zie antwoord bij punt 46.

De regeling voor de tijdelijke verbindingen

Deze reactie leidt tot een

omgevingsvergunning getoetst moet worden. Vaste jurisprudentie van de

wordt herzien, deze reactie wordt daarbij

aanpassing van de regels van het

Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State laat zien dat regels voor

betrokken. Zie onder 46.

inpassingsplan.

verstaan moet worden? Om discussie te voorkomen, verzoeken wij u duidelijk vast te leggen of het dan gaat om eerste aanvang van de bouwwerkzaamheden voor aanleg van de tijdelijke voorzieningen of om de eerste aanvang van in gebruikname van de tijdelijke voorziening. Daarnaast verzoeken wij u aan te geven hoe dit moment van eerste aanvang gemarkeerd wordt, zodat dit voor alle gebruikers duidelijk is. 49. Artikel 7.5: dit artikel is niet werkbaar, omdat criteria ontbreken waaraan deze

een binnenplanse omgevingsvergunning voldoende objectieve criteria moeten bevatten, om een goede belangenafweging te kunnen maken. Bij dit artikel ontbreekt het volledig aan objectieve criteria, zodat het maken van een belangenafweging onmogelijk is.

Antwoordnota Bro-overlegreacties

47

50. Artikel 7.6: (a) het hier vermelde betreft bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

Het betreft hier constructies, installaties

Deze reactie leidt niet tot

en apparatuur die niet aan te merken zijn

aanpassing van het

als bouwwerk.

inpassingsplan.

Artikel 7 is vervallen. De tijdelijke

Deze reactie leidt tot aanpassing

uitvoerbaar na inwerkingtreding van Omgevingswet, omdat deze nieuw wet het

verbindingen zijn via een voorlopige

van de regels van het

instrument wijzigingsbevoegdheid niet langer kent.

bestemming geregeld.

inpassingsplan.

De definitie van veldlengte is opgenomen

Deze reactie leidt niet tot

Dit moet dus vermeld worden in de bouwregels. 51. Artikel 7.7: De hier opgenomen wijzigingsbevoegdheid is niet langer

52. Artikel 8.2: onder a.2 ontbreekt de definitie van veldlengte en de wijze van meten verdient verduidelijking. Onder a 5 is het nog niet volledig te toetsen,

in artikel 2.3 (wijze van meten). De bijlage aanpassing van het

omdat de bijlage waar naar verwezen wordt ontbreekt.

waarnaar is verwezen wordt opgenomen

inpassingsplan.

bij het ontwerp inpassingsplan (bijlage m.b.t. de gevoelige bestemmingen). 53. Artikel 8.2 b: dit artikel verbiedt bouwwerkzaamheden voor de huidige

Zie voor de toepasselijke schaderegelingen Deze reactie leidt niet tot

bestemming van percelen, met uitzondering in die gevallen waar gebruik wordt

ook het antwoord onder punt 20. Wanneer

aanpassing van het

gemaakt van bestaande fundering. Op een aantal locaties in onze gemeente

er sprake is van het komen tot een

inpassingsplan.

betekent dit dat bestaande bouwrechten worden beperkt. Kunt u aangeven op

zakelijk recht overeenkomst, wordt de te

welke wijze door u is gecommuniceerd met alle betrokken bewoners over deze

verwachten schade en schadevergoeding

beperkingen? Wij gaan er daarnaast van uit dat u de schade die hierdoor

meegenomen in deze overeenkomst In het

ontstaat voor een grondeigenaar zult vergoeden en hierover een actieve houding kader van dit traject komt dit aan de orde, richting de grondeigenaar aanneemt.

en wordt hierover gecommuniceerd. TenneT neemt een actieve houding aan in dit traject en doet er alles aan om in goed overleg en goede afstemming tot elkaar te komen.

54. Artikel 8.4.1.a: dit betreft bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Dit moet dus

Zie het antwoord bij punt 50.

Zie het antwoord bij punt 50.

Er is inderdaad sprake van overlap tussen

Deze reactie leidt tot aanpassing

de bestemming voor de permanente

van het inpassingsplan.

vermeld worden in de bouwregels 55. Artikel 9: Ten westen van Standdaarbuiten is een gebied waar de werkingsgebieden van artikel 7 en artikel 9 elkaar lijken te overlappen. Uit de

verbinding en de bestemming voor de

Antwoordnota Bro-overlegreacties

48

regels wordt niet duidelijk hoe in dit geval de samenhang tussen beide artikelen

tijdelijke verbinding. Wij zien niet in

is. Welk artikel prevaleert bij de toetsing?

waarom bij toetsing sprake zou zijn van de noodzaak om één van de bestemmingen te laten prevaleren.

56. Artikel 9.4: hoe moet bepaald worden wat “vanaf eerste aanvang” verstaan

De regeling voor de tijdelijke verbindingen

Deze reactie leidt tot aanpassing

moet worden? Om discussie te voorkomen, verzoeken wij u duidelijk vast te

wordt herzien. Zie reactie onder 46. De

van het inpassingsplan.

leggen of het dan gaat om eerste aanvang van de bouwwerkzaamheden voor

beschrijving van de lengte van de

aanleg van de tijdelijke voorzieningen of om de eerste aanvang van

bouwperiode en de gebruiksperiode

ingebruikname van de tijdelijke voorziening. Daarnaast verzoeken wij u aan te

worden aangepast in het MER en ook

geven hoe dit moment van eerste aanvang gemarkeerd wordt, zodat dit voor

opgenomen in de plantoelichting.

alle gebruikers duidelijk is. 57. Artikel 9.5: dit artikel is niet werkbaar, omdat criteria ontbreken waaraan deze omgevingsvergunning getoetst moet worden. Vaste jurisprudentie van de

De regeling voor de tijdelijke verbindingen

Deze reactie leidt tot aanpassing

wordt herzien. Zie reactie onder 46.

van het inpassingsplan.

Zie het antwoord bij punt 50.

Zie het antwoord bij punt 50.

Zie het antwoord bij punt 51.

Zie het antwoord bij punt 51.

Zie het antwoord bij punt 53.

Zie het antwoord bij punt 53.

Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State laat zien dat regels voor een binnenplanse omgevingsvergunning voldoende objectieve criteria moeten bevatten, om een goede belangenafweging te kunnen maken. Bij dit artikel ontbreekt het volledig aan objectieve criteria, zodat het maken van een belangenafweging onmogelijk is. 58. Artikel 9.6.1.: dit betreft bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Dit moet dus vermeld worden in de bouwregels 59. Artikel 9.7: De hier opgenomen wijzigingsbevoegdheid is niet langer uitvoerbaar na inwerkingtreding van Omgevingswet, omdat deze nieuw wet het instrument wijzigingsbevoegdheid niet langer kent. 60. Artikel 10.2b: dit artikel verbiedt bouwwerkzaamheden voor de huidige bestemming van percelen, met uitzondering in die gevallen waar gebruik wordt gemaakt van bestaande fundering. Op een aantal locaties in onze gemeente betekent dit dat bestaande bouwrechten worden beperkt. Kunt u aangeven op welke wijze door u is gecommuniceerd met alle betrokken bewoners over deze beperkingen? Wij gaan er daarnaast van uit dat u de schade die hierdoor

Antwoordnota Bro-overlegreacties

49

ontstaat voor een grondeigenaar zult vergoeden en hierover een actieve houding richting de grondeigenaar aanneemt. 61. Artikel 10.4: dit betreft bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Dit moet dus

Zie het antwoord bij punt 50.

Zie het antwoord bij punt 50

Zie het antwoord bij punt 39.

Deze reactie leidt tot aanpassing

vermeld worden in de bouwregels. 62. Artikel 12: de regels zoals opgenomen in 12.1 voor het aspect archeologie zijn vergeleken met de regels in de gemeentelijke bestemmingsplannen zeer

van het inpassingsplan.

summier te noemen. De gemeente stelt enkele aanvullingen voor en stuurt als achtergrondinformatie de regels van een dubbelbestemming Waarde – Archeologie mee uit een gemeentelijk plan 63. Artikel 13 b: dit artikel noemt nu alleen het voorzien in landschappelijke

De regels in het ontwerpinpassingsplan

Deze reactie leidt niet tot

inpassing. Om een duurzame instandhouding van de landschappelijke inpassing

zullen worden aangevuld met het beheer

aanpassing van het

te waarborgen, verzoeken wij u dit artikel zo te wijzigen dat niet alleen de

en instandhouding conform het

inpassingsplan.

realisatie, maar ook het beheer en instandhouding conform het landschappelijk

landschapsplan.

inpassingsplan is geregeld. Alleen op die manier kan de inpassing in het landschap goed geborgd worden. Daarnaast vinden wij het wat onduidelijk dat de koppeling met het landschapsplan alleen in de algemene gebruiksregels wordt gelegd. Het heeft onze voorkeur een voorwaardelijke verplichting op te nemen in de specifieke bestemmingen, zodat de koppeling tussen beide bepalingen duidelijker is. 64. Artikel 16.2a: dit artikel bepaalt dat de betrokken gemeenten pas 10 jaar na

Het overgangsrecht Ow maakt dat dit RIP

Deze reactie leidt tot aanpassing

vaststelling een nieuw bestemmingsplan mogen opstellen voor de betrokken

onderdeel wordt van het omgevingsplan

van de regels van het

gronden, tenzij zij in een nieuw plan dezelfde bestemmingen en regels worden

van rechtswege. Dit moet inderdaad voor

inpassingsplan.

opgenomen.

(vooralsnog) 2029 omgebouwd worden tot

Per 1 januari 2022 voert het Rijk de Omgevingswet in. In het overgangsrecht is

een omgevingsplan dat aan de eisen van

bepaald dat gemeenten tot 2029 de tijd hebben een gebiedsdekkend

de Ow voldoet. Bij het opstellen van dit

Omgevingsplan vast te stellen. Dit betekent dat wij op grond van de

gebiedsdekkend omgevingsplan kan in

Invoeringswet Omgevingswet verplicht zijn voor 1 januari 2029 een

overeenstemming met artikel 16.2 een

Omgevingsplan voor de gronden die binnen dit Inpassingsplan vallen, vast te

regeling worden opgenomen ter

stellen. Dit artikel is daarmee voor de betrokken gemeenten niet uitvoerbaar.

bescherming van de

Temeer omdat een omgevingsplan een ander instrument is als een

hoogspanningsverbinding.

bestemmingsplan, waarbij niet langer uit gegaan wordt van het toekennen van

Antwoordnota Bro-overlegreacties

50

bestemmingen aan locaties. Het bepaalde onder artikel 16.2b biedt daarom hiervoor geen oplossing.

Artikel 16.2 zal worden aangepast zodat het in lijn is met de overgangsfase van de Omgevingswet.

Verbeelding 65. De verbeeldingen zijn op perceelsniveau lastig toetsbaar, omdat alleen een pdf en geen gml beschikbaar is en omdat op de ondergronden de kadastrale

Het ontwerp van het inpassingsplan zal

Deze reactie leidt niet tot

ook worden gepubliceerd op

aanpassing van het

aanduidingen ontbreken. Als bij het ontwerp IP een digitale kaart beschikbaar is, www.ruimtelijkeplannen.nl. Daar is het zullen wij nogmaals toetsen. Eventuele reactie zullen wij op dat moment in een

mogelijk op perceelsniveau het

zienswijze formuleren.

inpassingsplan te raadplegen.

66. 150kv station bij Zevenbergschenhoek: het lijkt of slechts een deel van het

inpassingsplan.

Enkel het 150 kV-station Zevenbergschen

Deze reactie leidt niet tot

perceel dat nu de bestemming “verkeer -railverkeer heeft (opgelegd vanuit het

Hoek, en het daarbij behorende bouwvlak

aanpassing van het

inpassingsplan voor de HSL), wordt gewijzigd naar de bestemming Bedrijf –

wordt herbestemd. De omliggende

inpassingsplan.

nutsbedrijf. Omdat een gemaatvoerde tekening ontbreekt, kunnen wij dit slecht

percelen maken geen onderdeel uit van

toetsen. Het lijkt alsof een smalle strook met de aanduiding Verkeer-railverkeer

het 150 kV-station en worden om die

en een stuk bouwvlak binnen deze bestemming blijft gelden. Als dat het geval

reden niet herbestemd. De betreffende

is, is dat naar onze mening geen gewenste situatie.

strook valt buiten de scope van het project, met het inpassingsplan kan de bestemming daarom niet worden veranderd. Als de gemeente daar aanleiding toe ziet dan zij deze strook kunnen betrekken bij een herziening van het ter plaatse geldende bestemmingsplan. Het ontwerp van het inpassingsplan zal ook worden gepubliceerd op www.ruimtelijkeplannen.nl. Daar is het mogelijk de verbeelding op perceelsniveau te raadplegen.

Antwoordnota Bro-overlegreacties

51

67. Bij het 150kV station bij Zevenbergschenhoek is het vanwege ontbreken van

Het ontwerp van het inpassingsplan zal

Deze reactie leidt niet tot

een digitale verbeelding of een gemaatvoerde kaart lastig te toetsen of de

ook worden gepubliceerd op

aanpassing van het

begrenzing hier overeenkomt met de strook grond die u van ons wenst te

www.ruimtelijkeplannen.nl.

inpassingsplan.

kopen. Deze koop is overigens nog niet rond. Wij gaan er vanuit dat deze koop

De koop van de strook grond bevindt zich

rond zal zijn, voordat het ontwerp Inpassingsplan ter visie gelegd wordt.

in de afrondende fase. Naar verwachting vindt de daadwerkelijke afronding rond de ter visie legging van het ontwerpinpassingsplan plaats.

68. De bestaande 150kV leiding naar het Haven en industrieterrein wordt verkabeld

Gesprekken met betrokken hebben

Deze reactie leidt niet tot

en aangesloten op het bestaande station op het haventerrein. Dit heeft tot

plaatsgevonden om zo samen te komen

aanpassing van het

gevolg dat een belemmeringenstrook ontstaat op een strook grond met de

tot inzicht en overeenstemming met

inpassingsplan.

bestemming Bedrijventerrein, waar op grond van het geldende

betrekking tot de toekomstige situatie.

bestemmingsplan bedrijfsgebouwen tot een hoogte van 20 meter gebouwd

Ook in het vervolg zullen overleg en

mogen worden. In het proces rondom deze verkabeling hebben wij meerdere

afstemming plaatsvinden.

malen aangegeven dat het noodzakelijk is over deze nieuwe belemmeringen het gesprek aan te gaan met het Haven en industrieterrein én met de grondeigenaar (Ritchie Bros). Van beide partijen begrijpen wij dat tot op heden niet of nauwelijks met hen is gesproken over deze wijziging. Kunt u aangeven waarom deze gesprekken nog niet zijn aangegaan, ondanks dat wij u hier meerdere malen op gewezen hebben? Wij verzoeken u daarom nogmaals nadrukkelijk om de plannen en de daaruit voortkomende belemmeringen te bespreken met de betrokken bedrijven. 69. De woning aan de Dikkendijk 2, waar het opstelpunt in de tuin is gepland, is

TenneT is voornemens de genoemde

Deze reactie leidt niet tot

inmiddels door Tennet aangekocht? Het opstelpunt lijkt geprojecteerd op de

woning te verkopen. Er is sprake van een

aanpassing van het

huidige bestemming tuin, waardoor die vervalt. De naastgelegen

kwalitatieve verplichting tot sloop van de

inpassingsplan.

woonbestemming blijft echter bestaan. Is het de bedoeling van Tennet deze

woning en de mogelijkheid deze terug te

woning opnieuw te verkopen? Is het wel mogelijk hier een gezond woon- en

bouwen op het perceel maar dan niet

leefklimaat te realiseren, zo dicht naast een opstijgpunt? Ligt het niet meer in de onder de geleiders. De woning komt dan rede de woonbestemming hier te schrappen?

wel in de magneetveldzone maar de waarde MicroTesla komt niet boven de maximum toegestane hoeveelheid uit. Dit

Antwoordnota Bro-overlegreacties

52

leidt niet tot een gevaarlijke situatie, of mogelijk een 'ongezond' woon- en leefklimaat. Dit is ook elders in Nederland niet aan de orde. Er ontstaat dus geen gevaarlijke situatie. In het kader van het verkrijgen van de omgevingsvergunning voor de bouw van de nieuwe woning wordt getoetst aan geldende wet- en regelgeving, om via die weg een gezond woon- en leefklimaat te kunnen borgen. 70. Er zijn geen mastlocaties opgenomen in het Inpassingsplan. De masten hebben

Het bepalen van de mastlocaties vindt in

Deze reactie leidt niet tot

een forse impact op het landschap. Doordat de mastlocatie niet in het

eerste instantie met de rechthebbende

aanpassing van het

Inpassingsplan staan, zijn de effecten op het landschap en de omgeving slecht

plaats en zullen vervolgens worden

inpassingsplan.

in te schatten. Biedt deze wijze van werken wel voldoende borging van de

afgestemd per rechtstand worden

belangen van derden?

afgestemd met de gemeente .

71. Vooronderzoek Bodem

De beschikbare informatie uit het BIS-

Deze reactie leidt niet tot

Het vooronderzoek is ter advisering voorgelegd aan de Omgevingsdienst West-

systeem is betrokken bij het onderzoek

aanpassing van het

Brabant (OMWB). Het is voor de OMWB de vraag in hoeverre de informatie uit

dat is uitgevoerd. Ook heeft er afstemming inpassingsplan.

het BIS-systeem is betrokken bij het vooronderzoek. Het is wenselijk dat

plaatsgevonden tussen het

voorafgaand aan de procedure ontwerp-Rijksinpassingsplan hierover onderling

onderzoeksbureau en de Omgevingsdienst

overleg plaatsvindt tussen onderzoeksbureau Arcadis en OMWB, zodat de

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11011987/1