2021-019770 Bijlage 2- Antwoordnota Bestuurlijk Vooroverleg
Tekst van het document
INPASSINGSPLAN ZUIDWEST 380 KV OOST ANTWOORDNOTA BRO-OVERLEGREACTIES 28 OKTOBER 2021
1.
Inleiding ........................................................................................................................................................................................................................................ 4
2.
LSNED ............................................................................................................................................................................................................................................ 7
3.
Provincie Noord-Brabant ...................................................................................................................................................................................................... 10
4.
Waterschap De Dommel ....................................................................................................................................................................................................... 14
5.
Gemeente Bergen op Zoom ................................................................................................................................................................................................ 15
6.
Gemeente Dongen .................................................................................................................................................................................................................. 16
7.
Gemeente Moerdijk (hoofdbrief) ....................................................................................................................................................................................... 19
8.
Gemeente Moerdijk (detailopmerkingen in bijlage bij hoofdbrief) ...................................................................................................................... 25
9.
Natuurmonumenten ............................................................................................................................................................................................................... 61
10.
Gemeente Oosterhout ........................................................................................................................................................................................................... 71
11.
ProRail ......................................................................................................................................................................................................................................... 72
12.
Gemeente Woensdrecht ....................................................................................................................................................................................................... 72
13.
Gemeente Waalwijk................................................................................................................................................................................................................ 73
14.
Veiligheidsregio Zeeland....................................................................................................................................................................................................... 73
15.
Waterschap Scheldestromen .............................................................................................................................................................................................. 74
16.
Gemeente Loon op Zand ...................................................................................................................................................................................................... 75
17.
Gemeente Reimerswaal ........................................................................................................................................................................................................ 78
18.
Provincie Zeeland .................................................................................................................................................................................................................... 86
19.
Gemeente Roosendaal........................................................................................................................................................................................................... 87
20.
Gemeente Drimmelen ........................................................................................................................................................................................................... 99
21.
Rijkswaterstaat Zuid-nederland ...................................................................................................................................................................................... 113
22.
Gemeente Tilburg.................................................................................................................................................................................................................. 118
Antwoordnota Bro-overlegreacties
2
23.
Waterschap Brabantse Delta ............................................................................................................................................................................................ 120
24.
Gemeente Halderberge ....................................................................................................................................................................................................... 121
25.
Gemeente Halderberge (detailopmerkingen) ............................................................................................................................................................. 125
26.
Rijksvastgoedbedrijf, namens ministerie van Defensie.......................................................................................................................................... 160
27.
Samenwerkende overheden.............................................................................................................................................................................................. 162
Antwoordnota Bro-overlegreacties
3
1. INLEIDING Overeenkomstig artikel 3.1.1 Bro en artikel 3.28 Wro is bij de voorbereiding van het inpassingsplan overleg gevoerd met de besturen van betrokken gemeenten en het betrokken waterschappen en met die diensten van de provincie die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. In het kader van 3.1.1 Bro overleg is de volgende provincies en gemeenten en andere overheidsorganisaties gevraagd om een reactie op het voorontwerp inpassingsplan: Provincie Zeeland, Provincie Noord-Brabant, Gemeente Reimerswaal, Gemeente Woensdrecht, Gemeente Bergen op Zoom, Gemeente Steenbergen, Gemeente Roosendaal, Gemeente Halderberge, Gemeente Moerdijk, Gemeente Drimmelen, Gemeente Geertruidenberg, Gemeente Oosterhout, Gemeente Waalwijk Gemeente Dongen, Gemeente Loon op Zand, Gemeente Tilburg, Waterschap Scheldestromen, Waterschap Brabantse Delta, Waterschap De Dommel, Rijkswaterstaat, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Rijkswaterstaat Zee & Delta, Rijksvastgoedbedrijf, namens ministerie van Defensie en LSNED.
Daarnaast zijn de volgende organisaties in het gebied gevraagd om een reactie: Samenwerkende overheden, Veiligheidsregio Zeeland, Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant, Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant, Omgevingsdienst Zeeland, Brabants Landschap, Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, ProRail. De genoemde (bestuurs)organen zijn van 25 februari 2021 tot en met 22 april 2021 in de gelegenheid gesteld een reactie te geven. Van de volgende (bestuurs)organen is een reactie ontvangen op het voorontwerp inpassingsplan: LSNED
Waterschap Scheldestromen
Provincie Noord-Brabant
Gemeente Loon op Zand
Waterschap De Dommel
Gemeente Reimerswaal
Gemeente Bergen op Zoom
Provincie Zeeland
Gemeente Dongen
Gemeente Roosendaal
Gemeente Moerdijk
Gemeente Drimmelen
Natuurmonumenten
Rijkswaterstaat
Gemeente Oosterhout
Gemeente Tilburg
ProRail
Waterschap Brabantse Delta
Gemeente Woensdrecht
Gemeente Halderberge
Gemeente Waalwijk
Rijksvastgoedbedrijf, namens ministerie van Defensie
Veiligheidsregio Zeeland
Antwoordnota Bro-overlegreacties
Samenwerkende overheden
4
In deze nota zijn de ingekomen advies- en inspraakreacties samengevat en van een reactie voorzien. De advies- en inspraakreacties zijn gerangschikt op volgorde van binnenkomst. In de samenvatting wordt kort ingegaan op de inhoud van de reactie. De reacties worden vervolgens per punt weergegeven. Omgevingsproces voorafgaand aan het inpassingsplan Bij de totstandkoming van het tracé en het inpassingsplan is uitgebreid overleg gevoerd met de verschillende besturen van de betrokken gemeenten, waterschappen en provincies, alsmede met bewoners en andere maatschappelijke organisaties. Tracé ontwikkeling Het project Zuid-West 380 kV Oost kent een lange geschiedenis. Het project is in 2009 gestart met de aankondiging van het voornemen om een nieuwe 380 kV-verbinding van Borssele naar Tilburg. Tussen 2009 en 2015 zijn verschillende alternatieven ontwikkeld voor dit traject. De besluitvorming hierover leidde tot veel onrust in de regio. De regio is naar aanleiding hiervan uitgenodigd om tracé-alternatieven in te dienen. In een intensief samenwerkingstraject met de samenwerkende overheden (gemeenten, provincies en waterschappen) en de betrokkenen in de omgeving zijn de ingediende alternatieven uitgewerkt tot vier hoofdalternatieven, elk met een groot aantal varianten.
Op verzoek van de minister van Economische Zaken hebben de samenwerkende overheden een gezamenlijk advies uitgebracht over het tracé van de nieuwe verbinding. De minister van heeft in juli 2017 het door de samenwerkende overheden geadviseerde tracé overgenomen als het voorgenomen tracé. Nadat het voorgenomen tracé in juli 2017 bekend is gemaakt is het tracé in samenspraak met de samenwerkende overheden en de betrokkenen in de omgeving verder onderzocht en uitgewerkt. TenneT is het gesprek aangegaan met belanghebbenden in de regio om te kijken naar de lokale omstandigheden. Dit heeft geresulteerd in een inventarisatie van opgaven in Projectboek 1. Vervolgens zijn er werkateliers georganiseerd waarin gezamenlijk met de betrokken partijen is gekeken naar de opgaven en samen de mogelijke oplossingen zijn verkend. In de werkateliers kon iedereen zijn belangen verduidelijken, zodat er meer inzicht werd verkregen op de achtergronden van de uitwerkingsvarianten. Op deze manier is gestreefd naar een zorgvuldige uitwerking van het tracé. Deze samenwerking heeft in 10 uitwerkingslocaties geleid tot een aantal tracévarianten. TenneT heeft de effecten van deze tracévarianten in beeld gebracht in Projectboek 3. Net als in 2017 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat de samenwerkende overheden gevraagd om advies uit te brengen over het tracé van het voorkeursalternatief.
Mede op basis van dit advies heeft de minister in september 2019 zijn keuze bekend gemaakt. De minister heeft het advies van de samenwerkende overheden grotendeels overgenomen. Naar aanleiding van de keuze voor het voorkeursalternatief zijn door de omgeving vragen gesteld over de keuze en zijn soms ook nadere varianten voorgesteld. In nauw overleg met de betrokkenen in de omgeving en de samenwerkende overheden zijn daar waar gevraagd nadere afwegingen gemaakt omtrent het voorkeursalternatief.
Antwoordnota Bro-overlegreacties
5
Landschappelijke inpassing Parallel aan het Bro-vooroverleg en in aanloop naar de ter inzage legging van het ontwerp inpassingsplan is in samenspraak met de betrokken overheden (gemeenten, provincies, waterschappen) en andere belanghebbenden gewerkt aan de uitwerking van de landschappelijke inpassing van het tracé. Hierbij wordt rekening gehouden met de aantasting en compensatie van het Natuur Netwerk Brabant (NNB). De uitwerking hiervan is opgenomen in het landschapsplan dat als bijlage is toegevoegd aan het ontwerp inpassingsplan. In het Landschapsplan is een overzicht van de inrichtingsmaatregelen opgenomen die noodzakelijk zijn voor een goede inpassing van de nieuwe verbinding. Het zijn inpassingsmaatregelen vanuit alle relevante milieuaspecten; landschap en cultuurhistorie, natuur, leefomgeving en water. Waar mogelijk en zinvol zijn die maatregelen gecombineerd en zijn 'integrale' inrichtingsmaatregelen ontworpen. Met het geheel van tracering, inpassing, detaillering en uitvoering van de hoogspanningsverbinding, inclusief de in het landschapsplan opgenomen inrichtingsmaatregelen wordt voldaan aan het vereiste van een goede ruimtelijke ordening.
De totstandkoming van de inrichtingsmaatregelen voor de landschappelijke inpassing van de nieuwe verbinding betreft een intensief proces met de betrokken overheden en andere belanghebbenden wat ook in de toekomst nog doorloopt, om zo te komen tot een, bij het IP passende mate van concreetheid, gedragen plan voor de landschappelijke inpassing.
Antwoordnota Bro-overlegreacties
6
2. LSNED
1.
Reactie op VO-IP
Beantwoording
Wijziging in O-IP
Voor het plaatsen van de nieuwe verbinding moet worden
Er is een maak- en haalbaarheidsstudie gedaan naar de
De reactie leidt niet tot
onderzocht of sprake is van ontoelaatbare beïnvloeding van
ligging van de 380 kV-hoogspanningsverbinding in de
aanpassing van het
nabijgelegen buisleidingen. In het concept-IP is aangegeven
buisleidingenstraat. Deze studie was niet meer actueel en is
inpassingsplan.
dat onderzoek is uitgevoerd. De conclusie is dat er geen
inmiddels geactualiseerd. De geactualiseerde studie is
sprake is van relevante effecten. Echter bij LSNed zijn geen
voorafgaand aan de terinzagelegging van het ontwerp
actuele onderzoeken conform NEN 3654:2014 bekend. Wel is
inpassingsplan gedeeld en besproken met LSNed.
in 2016 een verkennende rapportage uitgevoerd, sindsdien zijn de uitgangspunten veranderd. Daarnaast zijn ook geen rapportages tot thermische beïnvloeding bekend. LSNed wil graag de onderzoeken inzien en de mogelijkheid hier op te reageren. 2.
In de vigerende bestemmingsplannen is in de
Na een nadere bestudering van de regels in de vigerende
De reactie leidt tot een
buisleidingenstraat de aanleg van kabels direct toegestaan.
bestemmingsplannen ter plaatse van de buisleidingenstraat
aanpassing op de
Waarom is hier dan toch een RIP voor opgesteld?
blijkt dat de aanleg van de ondergrondse 380 kV-verbinding
verbeelding van het
past binnen de bestemmingslegging van de
inpassingsplan.
buisleidingenstraat. Het opnemen van deze zone in het IP is dan ook niet noodzakelijk. Enige uitzondering hierop is het deel van de buisleidingenstraat dat is gelegen in het bestemmingsplan Buitengebied Zuid van de gemeente Bergen op Zoom. In de bestemmingslegging is de aanleg van een hoogspanningsverbinding in de buisleidingenstraat niet mogelijk. Hier wordt wel een dubbelbestemming voor de hoogspanningsverbinding opgenomen. 3.
Door de formulering geldt dat de regels van het RIP voorgaan
De zone van de buisleidingenstraat blijft uit het
De reactie leidt tot een
op de regels in het vigerende bestemmingsplan. Hierdoor
inpassingsplan. Daarmee worden de belangen van LSNed
aanpassing op de
wordt de bedrijfsvoering van LSNed beperkt. Door de
gewaarborgd en komen er geen extra regels binnen de zone
verbeelding van het
voorrangsregeling, kan LSNed de belangen van de
van de buisleidingenstraat.
inpassingsplan
Antwoordnota Bro-overlegreacties
7
leidingbeheerders niet meer volledig behartigen en kan de buisleidingenstraat niet zonder procedure meer worden ingezet voor de aanleg van nieuwe leidingen. 4.
In de bouwregels van het RIP zijn geen gebouwen toegestaan.
Zie beantwoording onder 3.
Zie beantwoording onder 3.
Zie beantwoording onder 3.
Zie beantwoording onder 3.
Zie beantwoording onder 3.
Zie beantwoording onder 3.
Zie beantwoording onder 3.
Zie beantwoording onder 3.
Zie beantwoording onder 3.
Zie beantwoording onder 3.
Op verschillende plekken is aangegeven dat het conceptRIP tot
Zie beantwoording onder 1.
De reactie leidt niet tot
stand is gekomen met behulp van stakeholders en dat
Er heeft afstemming plaatsgevonden (in 2020 en 2021) met
aanpassing van het
gesproken is met belanghebbenden o.a. met beheerders van
LSNed over de inpassing en beheer van de nieuwe
inpassingsplan.
buisleidingen. Echter sinds grote veranderingen na 2019 is
hoogspanningsverbinding in en nabij de buisleidingenstraat.
niet meer gesproken met LSNed en is onduidelijk of alle
Problemen blijken oplosbaar en de toekomstige situatie is /
Voor de buisleidingen kan het wenselijk zijn dat gebouwen worden opgericht. Deze mogelijkheid moet blijven bestaan. 5.
Binnen de bouwregels kan worden afgeweken, uitsluitend met een schriftelijk advies van de leidingbeheerder. LSNed pleit voor een beheerder binnen de buisleidingenstraat die om advies wordt gevraagd.
6.
Er is een omgevingsvergunning nodig om binnen de dubbelbestemming werkzaamheden uit te voeren. Het is niet wenselijk dat LSNed een omgevingsvergunning moeten aanvragen voor het aanleggen van nieuwe leidingen binnen de buisleidingenstraat.
7.
In het RIP is het uitvoeren van activiteiten met of opslag van stoffen die zijn als milieugevaarlijk zijn aangeduid of ontplofbaar, oxiderend, (zeer) licht ontvlambaar, (zeer) giftig, bijtend, irriterend of schadelijk zijn niet toegestaan. LSNed wil dat dergelijke activiteiten binnen de Buisleidingenstraat worden vrijgesteld van vergunningplicht.
8.
De uitzondering op het verbod voor normaal onderhoud en beheer voor onderliggende bestemmingen zou ook moeten gelden voor alle bestaande en toekomstige kabels en leidingen binnen de buisleidingenstraat.
9.
blijft beheersbaar.
Antwoordnota Bro-overlegreacties
8
problemen oplosbaar zijn en tot een beheersbare situatie leiden. 10.
Op de verbeelding is de kruising van de 150 kV onder de
Deze aanpassing was nog niet opgenomen in het
De reactie leidt tot
provinciale weg en de spoorweg anders getraceerd dan eerder
voorontwerp inpassingsplan en is aangepast in het ontwerp
aanpassing van de
tussen LSNed en TenneT is overeengekomen. Het eerder
inpassingsplan. De gewijzigde tracering ligt onder diverse
verbeelding van het
overeengekomen tracé kruist de bestaande LSNed
percelen buiten de buisleidingenstraat. In het kader van een
inpassingsplan
leidingentunnel onder de spoorweg Roosendaal – Vlissingen
zorgvuldige tracering heeft TenneT de gewijzigde kruising
niet.
besproken met de betreffende grondeigenaren. Deze gesprekken hebben plaatsgevonden in de fase tussen voorontwerp en ontwerp. In het ontwerp inpassingsplan is het tracé gewijzigd.
11.
In het verleden heeft LSNed een concept handreiking
Zie beantwoording onder 3.
Zie beantwoording onder 3.
De LSNed-documenten maken deel uit van de overeenkomst
In augustus 2021 is een intentieovereenkomst tussen LSNed
De reactie leidt niet tot
tot gebruik van de buisleidingenstraat. De nieuwe
en TenneT ondertekend voor de voorbereidings- en
aanpassing van het
hoogspanningsverbindingen zullen hier aan toe worden
ontwerpfase van de nieuwe hoogspanningsverbinding. Op
inpassingsplan.
gevoegd. Het bevreemd LSNed dat in het voorliggend
basis van het definitieve ontwerp wordt het project
conceptRIP hier geen rekening mee is gehouden.
toegevoegd aan de bestaande exploitatieovereenkomst
opgesteld voor een uniforme bestemming van de buisleidingenstraat. Dit dient ook terug te komen in het inpassingsplan voor de hoogspanningsverbinding. 12.
tussen LSNed en TenneT. Op dat moment vervalt de intentieovereenkomst. Deze private overeenkomst wordt niet verwerkt in het inpassingsplan. Het privaatrechtelijke en publiekrechtelijke spoor worden gescheiden gehouden, om zo onduidelijkheden te voorkomen.
Antwoordnota Bro-overlegreacties
9
3. PROVINCIE NOORD-BRABANT Punt 4 en 5 toegevoegd op verzoek van Provinciale Staten (brief 14 april 2021) 1.
Voor de provincie is een zorgvuldige landschappelijke
Parallel aan het Bro-vooroverleg en in aanloop naar de ter
De toelichting van het
inpassing van de hoogspanningsverbinding van belang.
inzage legging van het ontwerp inpassingsplan is in
inpassingsplan zal worden
Daarnaast is het van belang om in beeld te hebben waar de
samenspraak met de betrokken overheden (gemeenten,
aangevuld met het
inpassing van de hoogspanningsverbinding leidt tot aantasting
provincies, waterschappen) en andere belanghebbenden
landschapsplan.
van het Natuur Netwerk Brabant.
gewerkt aan de uitwerking van de landschappelijke inpassing van het tracé. De uitwerking hiervan is opgenomen in het landschapsplan dat als bijlage is toegevoegd aan het ontwerp inpassingsplan. Erkende natuur (Natuur Netwerk Brabant) wordt gecompenseerd volgens de regels van de provincie NoordBrabant. Het resultaat daarvan is opgenomen in het compensatierapport dat door Bureau Waardenburg is opgesteld. Daarnaast is een uitwerking opgenomen in het landschapsplan en een verantwoording opgenomen in de plantoelichting. Het compensatierapport en landschapsplan zijn opgenomen in de bijlage van de toelichting van het inpassingsplan
2.
De landschappelijke inpassing van het tracé is per deelgebied
Lid 13.1 wordt naast de verplichting ten aanzien van de
De reactie leidt tot
en in samenwerking met gemeenten en betrokken partijen
landschappelijke inpassing aangevuld met een
aanpassing van de regels
uitgewerkt. In artikel 13.1 is een voorwaardelijke verplichting
voorwaardelijke verplichting voor de natuurcompensatie,
van het inpassingsplan.
opgenomen dat binnen 5 jaar na de aanleg van de
zoals is opgenomen in het landschapsplan.
hoogspanningsverbinding moet zijn voorzien in de landschappelijke inpassing. Daarnaast is in paragraaf 5.8 van het landschapsplan een uiteenzetting gegeven van de opgave natuurcompensatie. Met de uitgangspunten ten aanzien van de opgave kan de provincie in beginsel instemmen. Er wordt wel
Antwoordnota Bro-overlegreacties
10
nader aandacht gevraagd voor de uitwerking van de natuurcompensatie en de juridische borging hiervan. 3.
De provincie treedt graag nog nader in contact vooruitlopend
De provincie en TenneT trekken samen op in het proces om
De reactie leidt niet tot
op het in procedure brengen van het ontwerp-IP
te komen tot een gedragen plan voor natuurcompensatie
aanpassing van het
(NNB) en landschappelijke inpassing. In juni en in september
inpassingsplan.
2021 heeft overleg plaatsgevonden met de provincie over het aspect natuurcompensatie. Deze overleggen worden vervolgd. Op dit moment lijkt dit het meest relevante onderwerp dat met de provincie dient te worden besproken. Indien aan de orde en nodig vindt overleg plaats met de provincie, ook over andere thema's. 4.
Een gezonde leefomgeving is van provinciaal belang. De
Bij de ontwikkeling van een nieuw hoogspanningstracé
De reactie leidt niet tot
provincie verzoekt om nogmaals te kijken of de afstand van de
worden ontwikkelingen op het gebied van
aanpassing van het
380 kV-leiding en gevoelige bestemmingen verder vergroot
hoogspanningsverbindingen en gezondheid gevolgd en
inpassingsplan.
kan worden. In het bijzonder wordt aandacht gevraagd voor
worden de traceringsprincipes vanuit SEV III en het beleid
de omgeving Roosendaal, de Kattenkraam en ’s Gravenmoer.
van TenneT toegepast. Dit houdt in dat een nieuwe hoogspanningsverbinding in beginsel bovengronds wordt aangelegd. Daarnaast wordt de nieuwe hoogspanningsverbinding waar mogelijk en zinvol met bovenregionale infrastructuur gebundeld. Bij de tracering van een nieuwe hoogspanningsverbinding wordt, in lijn met het advies van het voormalige ministerie van VROM, zoveel als redelijkerwijs mogelijk vermeden dat gevoelige bestemmingen (woningen, scholen, crèches, kinderopvang) in de magneetveldzone komen te liggen van een nieuwe bovengrondse hoogspanningsverbinding. Voor de gehele verbinding is een uitgebreid proces doorlopen om te komen tot het huidige tracé. Het vermijden van gevoelige bestemming is daarbij, naast effecten op onder meer natuur, archeologie, nettechniek, kosten, onderdeel geweest van het afwegingsproces.
Antwoordnota Bro-overlegreacties
11
Bij ’s-Gravenmoer komt de nieuwe verbinding op ca. 125 meter afstand van de dichtstbij gelegen woning aan de Waspikseweg en op meer dan 450 meter afstand van de noordzijde van ’s-Gravenmoer. De woningen komen daarmee buiten de magneetveldzone. In dit geval is het tracé op de minimale afstand van 100 meter getraceerd van de naaststaande 380kV-verbinding GeertruidenbergEindhoven. Een verdere noordelijke verschuiving is, zonder aanvullende maatregelen (reconstructie) en zonder extra kosten, niet mogelijk. Aangezien de woningen bij het dorp buiten de magneetveldzone liggen, is een aanpassing van het tracé op deze locatie niet realistisch. Ook bij Roosendaal (Borchwerf) en bij Moerdijk (Kattekraam) is een uitgebreid proces doorlopen, wat heeft geleid tot het huidige tracé. Na de keuze voor het tracé in september 2019 zijn aanvullende gesprekken gevoerd met omgeving en de betreffende gemeentes. Bij Roosendaal is, na de keuze uit september 2019, een nadere variant voorgesteld vanuit de omgeving. TenneT heeft in 2020 de effecten van het voorstel van de bewoners onderzocht en vergeleken met die van het huidige voorkeursalternatief (variant Grijsblauw). Ook de Samenwerkende Overheden hebben een advies uitgebracht over het ingediende voorstel waarin zij concluderen dat aan het zorgvuldig gekozen tracé van het voorkeursalternatief moeten worden vastgehouden.
De minister concludeert op basis van de effectbeschrijving en het advies van de Samenwerkende Overheden dat er onvoldoende reden is om het eerder gekozen tracé aan te passen.
Antwoordnota Bro-overlegreacties
12
Bij Kattekraam is de opgave om te streven voor behoud van het buurtschap Kattekraam en de leefbaarheid van de kern Zevenbergschen Hoek te bewaren onderdeel geweest van de planstudie die door TenneT in overleg met de gemeente Moerdijk en de omgeving is uitgevoerd. De planstudie heeft uiteindelijk geresulteerd in 3 (realistische) varianten. Op 24 september 2019 heeft de toenmalige minister van Economische Zaken en Klimaat een voorkeurstracé gekozen. Hierin heeft de minister een andere afweging gemaakt dan de Samenwerkende Overheden. De minister heeft in 2019 toegelicht dat deze keuze is gemaakt op basis van effecten op milieu, (net)techniek, kosten en omgeving. Variant Rood scoort beter op milieu (landschap), (net)techniek (technische complexiteit en tijdelijke overlast) en kosten. Variant Geel scoort beter op omgeving (voorkeur omgeving en gevoelige bestemmingen), maar daar staan wel aanzienlijke meerkosten tegenover. Alles afwegende concludeert de minister dat de maatschappelijke meerwaarde van variant Geel niet opweegt tegen de meerkosten. De alternatieve variant Rood scoort beter op meerdere aspecten. Daarnaast is er onvoldoende aanleiding om te verwachten dat de leefbaarheid door variant Geel minder wordt aangetast dan door variant Rood. Hierbij wegen de gevoelige bestemmingen niet zwaarder dan de andere effecten .
In de afgelopen periode zijn de verschillende tracévarianten nogmaals beoordeeld en wordt geconcludeerd dat er geen nieuwe feiten en omstandigheden zijn die ertoe dienen te leiden dat de eerder gemaakte keuze moet worden herzien.
Antwoordnota Bro-overlegreacties
13
5.
Veel bewoners(groepen) hebben ideeën aangedragen voor de
Zoals ook eerder aangegeven in deze nota vindt overleg en
De reactie leidt niet tot
landschappelijke inpassing. De provincie vraagt bij de
afstemming plaats met provincie, gemeenten en ook
aanpassing van het
vormgeving van de landschappelijke inpassing intensief en
bewonersgroepen over de landschappelijke inpassing van het
inpassingsplan.
zorgvuldig overleg met, naast gemeenten, ook de
hoogspanning tracé. Diverse bijeenkomsten zijn
bewoners(groepen)
georganiseerd (digitaal en live), waarbij ideeën zijn gedeeld. Het resultaat hiervan is verwoord en verbeeld in het landschapsplan dat als bijlage bij het IP is gevoegd.
4. WATERSCHAP DE DOMMEL 1.
Magneetvelden: wat is het effect op de rioolwaterzuivering
In het kader van het onderzoek m.b.t. magneetvelden is
De reactie leidt niet tot
Tilburg? De magnetische veldsterkte van de
onderzocht hoe de magneetvelden van de bovengrondse
aanpassing van het
hoogspanningsverbinding mag niet leiden tot een
hoogspanningsverbinding zich verhouden tot gevoelige
inpassingsplan.
gezondheidsrisico voor het aanwezige personeel. Ook mag er
bestemmingen. Het Beleidsadvies inzake magneetvelden
geen verstoring zijn dan de huidige en toekomstige
definieert de volgende gevoelige bestemmingen: woningen,
procesautomatisering van de zuivering.
scholen, crèches en kinderdagverblijven. Bedrijvigheid, zoals een rioolwaterzuivering bij Tilburg wordt niet gezien als een gevoelige bestemming. Het initiatief is getoetst aan het zogenoemde voorzorgsbeleid.
2.
Wat zijn de resultaten van de watertoets voor het
De waterparagraaf is aangepast en aangevuld met informatie
De reactie leidt tot
beheersgebied van Waterschap De Dommel? De
en beleid van Waterschap De Dommel. Ook heeft hierover
aanvulling in de watertoets
plantoelichting vermeldt, dat dit is beschreven in de
afstemming plaatsgevonden met het Waterschap. De
bij het inpassingsplan.
Watertoets ZuidWest 380kV-Oost (Arcadis, 2020) van 27
aangepaste en aangevulde waterparagraaf is als bijlage bij
januari 2020. Deze watertoets is niet als bijlage bij het
het ontwerpbestemmingsplan gevoegd.
inpassingsplan gevoegd en hebben wij ook niet eerder ontvangen. Daarmee zijn de effecten op de waterbelangen binnen het beheersgebied van Waterschap De Dommel niet duidelijk.
Antwoordnota Bro-overlegreacties
14
3.
In de bestemmingsomschrijving van de bestemming Bedrijf-
Dit zal in de bestemmingsomschrijving worden opgenomen.
De reactie leidt tot
Nutsbedrijf is het begrip “waterhuishoudkundige
aanpassingen in de regels
voorzieningen” niet opgenomen. Ik vraag u om dit begrip toe
van het inpassingsplan
te voegen. Met het toevoegen van het begrip aan de bestemmingsomschrijving kunnen eventueel noodzakelijke hemelwaterbergingsvoorzieningen binnen de bestemming worden aangelegd. 4.
In het beheersgebied van Waterschap De Dommel plaatst
Deze reactie wordt ter kennisgeving aangenomen.
TenneT geen nieuwe masten. De nieuwe ondergrondse 150
De reactie leidt niet tot aanpassing van het
kV-leiding bij Tilburg kruist geen A-watergangen van
Indien bij de uitvoering van de werkzaamheden bemaling
Waterschap De Dommel. Voor deze werkzaamheden is daarom
nodig is binnen het beheersgebied van het waterschap De
geen watervergunning nodig. Als er binnen ons beheersgebied
Dommel, zal hiervoor een melding of aanvraag worden
bemaling nodig is voor realisatie van de 380 kV- of 150 kV-
ingediend.
inpassingsplan.
leiding, dan kan wel een melding of vergunningaanvraag nodig zijn.
5. GEMEENTE BERGEN OP ZOOM 1. Het VO-IP is met een gevoelenspeilende raadsmededeling
Deze reactie wordt ter kennisgeving aangenomen.
De reactie leidt niet tot
voorgelegd aan de gemeenteraad Bergen op Zoom. De
aanpassing van het
strekking van de raadsmededeling was dat wij vooralsnog
inpassingsplan.
geen aanleiding zien om inhoudelijk op het plan te reageren. Het VO-IP is vervolgens in de commissie Ruimte, Duurzaamheid en Economie op 14 april 2021 besproken. Tijdens de behandeling zijn er, afgezien van één aandachtspunt, geen bezwaren tegen het VO-IP naar voren gekomen. 2. Vanuit de raad is nadrukkelijk aandacht gevraagd voor
In het kader van draadslachtoffers is een
Het inpassingsplan wordt
draadslachtoffers. Hiermee doelen zij op vogels die tegen de
draadslachtofferonderzoek uitgevoerd. Hieruit blijkt dat door
aangevuld met het
draden van de hoogspanningsverbinding aanvliegen. De raad
het treffen van mitigerende maatregelen in de vorm van
onderzoek dat is
Antwoordnota Bro-overlegreacties
15
heeft aangegeven dat draadslachtoffers zoveel mogelijk
varkenskrullen voor de soorten waarvan niet is uit te sluiten
uitgevoerd in het kader
voorkomen moet worden.
dat de toename van het aantal draadslachtoffers de 1%-
van draadslachtoffers.
mortaliteitsnorm passeert, het aantal draadslachtoffers wordt beperkt. De gehele nieuwe verbinding wordt, conform recent beleid van TenneT, voorzien van draadmarkering in de vorm van varkenskrullen.
De reactie leidt tot aanpassing van de toelichting van het inpassingsplan.
6. GEMEENTE DONGEN 1.
De gemeente betreurt het feit dat de variant met de Knik niet
De afstand van 145 meter van de bestaande verbinding zoals
De reactie leidt niet tot
is overgenomen, dit was een unieke kans om de leefbaarheid
opgenomen in het MER betreft variant Rood. Variant Geel en
aanpassing van het
in ’s Gravenmoer niet onder druk te zetten, maar de gemeente
Blauw bundelen op 105 meter afstand van de bestaande
inpassingsplan.
beschouwt het tracé als een gegeven. Wel wordt opgemerkt
verbinding.
dat in deel C van het MER nog gesproken wordt over een afstand van 145 meter van de bestaande verbinding, dit is niet juist, dit is 105 meter. 2.
Op verzoek van de minister en de Samenwerkende Overheden
Dit inzicht wordt gedeeld. Dank voor uw reactie.
De reactie leidt niet tot
heeft TenneT een vakwerkmast ontwikkeld die goed aansluit
aanpassing van het
bij de bestaande vakwerkmasten, waardoor bij bundeling van
inpassingsplan.
hoogspanningsverbindingen, eenduidigheid in masttype
Antwoordnota Bro-overlegreacties
16
ontstaat. Wij zijn van mening dat de keuze voor de Moldaumast de beste bijdrage levert aan milieuaspecten zoals natuur, landschap en leefomgeving. 3.
In het voorontwerp inpassingplan staat op pagina 55: “Binnen
Het genoemde AMK-terrein komt aan de orde in het
De reactie leidt tot
het plangebied is één locatie aangemerkt als een AMK-locatie.
geactualiseerde archeologische bureauonderzoek dat bij het
aanpassing van de
Op de Archeologische Monumenten Kaart (AMK) zijn bekende
IP wordt gevoegd. Uit het onderzoek volgt dat het AMK-
toelichting van het
en waardevolle archeologische vindplaatsen weergegeven. Het
terrein niet in het plangebied ligt van het inpassingsplan.. De
inpassingsplan.
betreffende AMK-terrein betreft een locatie nabij 's-
passage in het inpassingsplan gaat in op het ruimere
Gravenmoer. Dit terrein betreft een terrein met sporen van
plangebied zoals dat in het kader van het MER is gehanteerd.
bewoning uit de Late Middeleeuwen”. Het is ons niet duidelijk
Hierdoor is verwarring ontstaan. De passage in het
wat de consequentie hiervan is voor het tracé en hoe deze
inpassingsplan wordt hierop aangepast.
tekst zich verhoudt met de beschrijving in deel C van de MER op pagina 93/94. 4.
Er is eerder aandacht gevraagd voor de monitoring van het
Wereldwijd wordt al vele jaren onderzoek gedaan naar
De reactie leidt niet tot
gebruik van de nieuwe hoogspanningsverbinding, waaronder
mogelijke gezondheidseffecten van magneetvelden.
aanpassing van het
de netwerkbelasting en eventuele cumulatie van
Kenmerk van deze onderzoeken is dat deze langjarig zijn en
inpassingsplan.
magneetveldzones en de gezondheidseffecten. Periodiek
dat de populatie die wordt onderzocht omvangrijk is. Reden
onderzoek naar de effecten kan het draagvlak voor dit tracé
daarvoor is om voldoende basis te hebben
vergroten. Wij zijn van mening, dat, nu er (nog) geen
om wetenschappelijk verantwoorde conclusies te kunnen
bewezen gezondheidseffecten zijn, dit een goed moment is
trekken. Monitoringsonderzoeken die lokaal zijn en relatief
voor het in beeld brengen van de nul-situatie en periodiek de
kleine populaties omvatten zijn om deze
breedte van de magneetveldzones en de daarmee verband
reden vanuit wetenschappelijk oogpunt niet zinvol.
houdende straling te onderzoeken. Als na een reeks van jaren
Een door het RIVM geselecteerd bureau heeft op basis van
blijkt dat er geen causaal verband is tussen straling en
de handreiking van het RIVM de magneetveldzone
gezondheidseffecten, draagt dat bij aan het gevoel van
uitgerekend van de gehele verbinding. Cumulatie is daarin
veiligheid van inwoners.
meegenomen. De berekeningen zijn als bijlage bij het inpassingsplan gevoegd. Bij het ontwerpen van de hoogspanningsverbinding zijn geldende richtlijnen, wet- en regelgeving het uitgangspunt, ook wanneer het gaat om gezondheid, veiligheid en dus ook magneetvelden. Het voorliggende tracé, voldoet aan deze
Antwoordnota Bro-overlegreacties
17
richtlijnen, wet- en regelgeving. Uit onderzoek blijkt dat er geen sprake is van een causaal verband tussen magneetvelden en gezondheidseffecten. Het uitvoeren van het gevraagde onderzoek wordt gezien het voorgaande niet nodig geacht. 5.
Het landschapsplan, waarin landschappelijke inpassing en
Overleg en afstemming vinden plaats met provincie,
De reactie leidt niet tot
natuurcompensatie samenkomen, is nog in voorbereiding. Het
gemeenten en ook bewonersgroepen over de
aanpassing van het
landschapsplan is geschreven op hoofdlijnen en behoeft voor
landschappelijke inpassing van het hoogspanning tracé.
inpassingsplan.
meerdere gebieden / voorgenomen maatregelen nadere
Diverse bijeenkomsten zijn georganiseerd (digitaal en live),
uitwerking. Het schaalniveau waarop het landschapsplan nu is
waarbij ideeën zijn gedeeld. Het landschapsplan geeft mede
beschreven geeft geen inzicht in de te treffen maatregelen.
aan de hand hiervan meer inzicht in de te treffen maatregelen. Het resultaat hiervan is verwoord en verbeeld in het landschapsplan dat als bijlage bij het IP is gevoegd.
6.
De gemeente herkent in het landschapsplan niet de door
De initiatieven zijn en worden besproken met de
De reactie leidt mogelijk
bewonersgroepen aangedragen initiatieven. De gemeente
bewonersgroepen en de gemeente. De initiatieven kunnen in
tot aanpassing van het
verzoekt om deze plannen vanwege de kwaliteit, het draagvlak
het landschapsplan overgenomen worden De vorm waarin
inpassingsplan.
en de toegevoegde waarde voor Klein Dongen – Vaart deze
dit gebeurt, is nog onderwerp van gesprek.
plannen volledig en integraal op te nemen in het landschapsplan.
Eén maatregel, herstellen Molenvaart en haven, wordt nog onderzocht op haalbaarheid. Of en hoe dit in het landschapsplan opgenomen wordt is nog onderwerp van gesprek. Indien de haalbaarheid van de maatregel wordt vastgesteld zal dit als wijziging worden opgenomen in het definitief IP.
7.
8.
Tevens wordt verzocht om voor de landschappelijke inpassing
De landschappelijke inpassingen is en wordt in enkele
De reactie leidt niet tot
niet alleen met de gemeente Dongen maar ook met de
bijeenkomsten met de betrokkenen bewonersgroepen
aanpassing van het
bewonersgroepen intensief in overleg te blijven.
besproken.
inpassingsplan.
De bouwhoogte van de masten is onder enkele bestemmingen
De ontbrekende bouwhoogten worden toegevoegd in de
De aanpassing leidt tot
niet gemaximeerd. In bv. art. 8.2, aanhef en onder a, onder 1,
bestemmingen.
aanpassing op de
van de regels wordt verwezen naar een aanduiding.
verbeelding en in de regels van het inpassingsplan.
Antwoordnota Bro-overlegreacties
18
Specifieke aanduidingen ontbreken echter op de plankaart en in het renvooi. 9.
Wij nodigen graag de minister van Economische Zaken en
Deze reactie wordt ter kennisgeving aangenomen.
De reactie leidt niet tot
Klimaat uit voor een bezoek aan het landschap en de kernen
aanpassing van het
van onze gemeente die geraakt worden door de
inpassingsplan.
hoogspanningsverbinding. Wij laten graag de kwaliteiten van het landschap en de dorpen zien, zodat er een goed beeld ontstaat van de effecten van de nieuwe hoogspanningsverbinding en willen met de minister het gesprek aangaan over de landschappelijke inpassing
7. GEMEENTE MOERDIJK (HOOFDBRIEF) 1.
De gemeente herkent het vraagstuk van een goede
De keuze voor het voorkeursalternatief is nog nader
De reactie leidt tot
infrastructuur voor de aan- en afvoer van energie, waar zij ook
onderbouwd in het ontwerp inpassingsplan. Bij de
aanpassing van het
regelmatig mee wordt geconfronteerd. Het doel heiligt echter
totstandkoming van het tracé en het inpassingsplan is
inpassingsplan.
niet alle middelen. Het wankele evenwicht tussen leefbare
uitgebreid overleg gevoerd met de verschillende besturen
woonomgeving, natuur en industriële ontwikkelingen moet in
van de betrokken gemeenten, waterschappen en provincies,
balans blijven. Zeker als een goed uitvoerbaar alternatief
alsmede met bewoners en andere maatschappelijke
beschikbaar is.
organisaties. TenneT heeft de effecten van verschillende tracévarianten in beeld gebracht in Projectboek 3. Net als in 2017 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat de samenwerkende overheden gevraagd om advies uit te brengen over het tracé van het voorkeursalternatief. De minister heeft het advies van de samenwerkende overheden grotendeels overgenomen. Naar aanleiding van de keuze voor het voorkeursalternatief zijn door de omgeving vragen gesteld over de keuze en zijn soms ook
Antwoordnota Bro-overlegreacties
19
nadere varianten voorgesteld. Hiervan heeft de minister een uiteindelijke afweging gemaakt. 2.
In het voorontwerp wordt aangegeven hoe tot de nu
De opgave waarbij wordt gestreefd om het buurtschap
De reactie leidt tot
voorgestane tracékeuze is gekomen. De motivatie van deze
Kattekraam te behouden en de leefbaarheid van de kern
aanpassing van de
keuze vinden we echter niet overtuigend. Vanuit onze
Zevenbergschen Hoek te bewaren is onderdeel geweest van
toelichting van het
gemeenschap zijn argumenten naar voren gebracht waarbij
de planstudie die door TenneT in overleg met de gemeente
inpassingsplan.
het met overzienbare meerkosten naar onze mening mogelijk
Moerdijk en de omgeving is uitgevoerd. De planstudie heeft
is, om de leefbaarheid in dit gebied te behouden. Juist in een
uiteindelijk geresulteerd in 3 (realistische) varianten. Op 24
gebied waar als gevolg van de geografische ligging sprake is
september 2019 heeft de toenmalige minister van
van een concentratie van intensief benutte weg- en
Economische Zaken en Klimaat een voorkeurstracé gekozen.
spoorverbindingen en de aanleg van een windpark in de
Hierin heeft de minister een andere afweging gemaakt dan
nabijheid van het daar aanwezige, uitbreidende industrie- en
de Samenwerkende Overheden.
bedrijventerrein.
De minister heeft in 2019 toegelicht dat deze keuze is gemaakt op basis van effecten op milieu, (net)techniek, kosten en omgeving. Variant Rood scoort beter op milieu (landschap), (net)techniek (technische complexiteit en tijdelijke overlast) en kosten. Variant Geel scoort beter op omgeving (voorkeur omgeving en gevoelige bestemmingen), maar daar staan wel aanzienlijke meerkosten tegenover. Alles afwegende concludeert de minister dat de maatschappelijke meerwaarde van variant Geel niet opweegt tegen de meerkosten. De alternatieve variant Rood scoort beter op meerdere aspecten. Daarnaast is er onvoldoende aanleiding om te verwachten dat de leefbaarheid door variant Geel minder wordt aangetast dan door variant Rood. Hierbij wegen de gevoelige bestemmingen niet zwaarder dan de andere effecten . Naar aanleiding van het verzoek van de gemeente zijn de verschillende tracévarianten nogmaals beoordeeld en is geconcludeerd dat er geen nieuwe feiten en omstandigheden
Antwoordnota Bro-overlegreacties
20
zijn die ertoe dienen te leiden dat de eerder gemaakte keuze moet worden herzien. 3.
In dit Inpassingsplan wordt als nieuw element daar aan
In het advies van de Samenwerkende Overheden uit 2017 is
De reactie leidt niet tot
toegevoegd de vergroting van het hoogspanningsstation bij
benoemd dat er technische en ruimtelijke maatregelen nodig
aanpassing van het
Zevenbergschen Hoek en de realisatie van een opstijgpunt
zijn voor de aansluiting van het 150 kV-station
inpassingsplan.
met een oppervlakte van circa 1.400 m2 aan de westzijde van
Zevenbergschen Hoek.
de A16 in de omgeving van de Lapdijk en Achterdijk bij Zevenbergschen Hoek. Dit opstijgpunt zal vanaf de snelweg
De aanpassing van het 150kV-station Zevenbergschen Hoek
duidelijk te zien zijn, omdat het wordt gerealiseerd in een nu
betreft het verplaatsen van het hekwerk en het treffen van
nog open agrarisch perceel en vormt daarmee opnieuw een
voorzieningen zodat de ondergrondse kabel aangesloten kan
forse ingreep in het landschap. Uw redenatie dat Variant Rood,
worden op dit station.
zoals die in 2019 door de Samenwerkende overheden aan u is
De aanpassingen bij het 150kV-station vallen nagenoeg
geadviseerd, een te grote impact op het landschap in de
volledig binnen het bouwvlak dat thans reeds is opgenomen
omgeving van Zevenbergschen Hoek zou hebben, gaat naar
in het bestemmingsplan Buitengebied Moerdijk. Omdat de
onze mening dan ook mank, nu u zelf nieuwe ingrepen in het
grens van het bouwvlak aan de oostzijde niet helemaal
landschap in dezelfde omgeving heeft ingepland.
overeenkomt met de grens van het hekwerk vindt hier een zeer beperkte correctie plaats. Gelet op (de bouwmogelijkheden binnen) het huidige bouwvlak kan voor de aanpassing van het 150kV-station niet worden gezegd dat dit een nieuwe ingreep in het landschap is. Het 150kV-opstijgpunt is nodig, ongeacht de gekozen variant. Dit betreft relatief kleine en transparante constructie in het landschap. Omdat de aansluiting en aanpassing van het 150 kV-station bij alle varianten noodzakelijk is, zijn het niet onderscheidende elementen. Het blijft staan dat noch voorkeursvariant Rood noch variant Geel bijdragen aan een verlichting van de ruimtelijke druk in het gebied en dat de onderbouwing voor de keuze, zoals
Antwoordnota Bro-overlegreacties
21
nader toegelicht in de brief van 4 november 2019 (kenmerk DGKE-WO / 19244626) in de bijlage van het inpassingsplan. 4.
De in 2019 Integrale Effecten Analyse ging uit van het gebruik
De Samenwerkende Overheden hebben de minister van EZK
De reactie leidt tot
van Wintrack-masten. Inmiddels heeft u er voor gekozen om
ook vragen gesteld over de mastsoort waarmee de
aanpassing van het
een ander masttype te gaan gebruiken.
verbinding wordt uitgevoerd. Aanvankelijk was het
inpassingsplan.
Wij vragen ons af in hoeverre de onderbouwing van uw keuze
uitgangspunt van TenneT om bij nieuwe tracés in principe te
uit 2019 nog actueel is, gezien de keuze voor een ander
kiezen voor wintrackmasten. De Samenwerkende Overheden
masttype.
hebben hierover vragen aan de minister gesteld. Naar aanleiding hiervan heeft TenneT onderzocht welke mastsoort in combinatie met het masttype van de bestaande verbindingen de beste bijdrage levert aan de technische functionaliteit, milieu- en omgevingseffecten, landschappelijke inpassing en kosten en zonder dat hierdoor extra gevoelige bestemmingen ontstaan. In het onderzoek is een afweging gemaakt tussen wintrack- en vakwerkmasten. Daarbij is rekening gehouden met de bundeling van het Voorkeurstracé met de twee bestaande hoogspanningsverbindingen. Het MER is aangevuld met een separate memo 'actualiteit en navolgbaarheid' waarin wordt ingegaan op o.a. deze vraag. Deze notitie behandelt de gewijzigde uitgangspunten: masttype, autonome ontwikkelingen, wet- en regelgeving en gaat na of er voldoende en actuele milieu informatie is gebruikt bij het bepalen van het VKA. Uit deze memo die bij het MER wordt gevoegd, volgt dat de tracé keuze niet anders zou zijn geweest, wanneer direct was uitgegaan van de zogenaamde vakwerkmast. Ten behoeve van dit onderzoek is een vakwerkmast ontworpen die aan de eisen van de te bouwen verbinding kan voldoen. Deze vakwerkmast is vergeleken met de
Antwoordnota Bro-overlegreacties
22
wintrackmast die als uitgangspunt gold. Op basis hiervan heeft TenneT voorgesteld de ontwikkelde vakwerkmasten toe te passen voor Zuid-West 380 kV Oost. In februari 2020 heeft de minister hiermee ingestemd. 5.
Voor de aanleg van de nieuwe verbinding en sloop van de
De tijdelijke situaties zullen, anders dan in de overlegreactie
De reactie leidt niet tot
bestaande 150 kV-verbinding zijn veel tijdelijke maatregelen
gesteld, niet langer dan 10 jaar bestaan; het inpassingsplan
aanpassing van het
nodig. Met name rondom Standdaarbuiten worden ingrijpende
gaat uit van een periode van 5 jaar. In overleg met de
inpassingsplan.
maatregelen gepland. De wijze van communicatie over deze
Samenwerkende Overheden is door TenneT een
maatregelen naar de bewoners en gebruikers van het gebied,
communicatie- en participatieplan opgesteld om invulling te
maar ook naar ons als gemeente, veroorzaakt onrust in de
geven aan een duidelijke en zorgvuldige communicatie
omgeving. Deze tijdelijke situaties zullen soms langer dan 10
richting de gemeenten, bewoners en bedrijven.
jaar bestaan. Een goed proces om tot een oplossing te komen die voor alle betrokkenen aanvaardbaar is, is noodzakelijk. Wij
Daarnaast is TenneT reeds in gesprek met de verschillende
roepen u en TenneT op om duidelijkheid te geven naar alle
grondeigenaren en -gebruikers waar deze maatregelen en
bewoners en naar ons, en daarbij alle betrokkenen goed te
werkzaamheden zijn voorzien om te bespreken of
betrekken bij het plannen van tijdelijke maatregelen,
werkterreinen minder belemmerend kunnen worden ingericht
verkeersroutes voor het bouwverkeer enzovoorts.
en om afspraken te maken over eventuele vergoeding van schade.
6.
Het inpassingsplan maakt een uitbreiding van het bestaande
De ‘uitbreiding’ ziet op het verplaatsen van het hekwerk van
De reactie leidt niet tot
150 kV-station bij Zevenbergschen Hoek mogelijk. De
het bestaande 150 kV-station. De capaciteit wordt niet
aanpassing van het
gemeente vraagt om een gecombineerde aanpak, de
uitgebreid.
inpassingsplan.
gemeente loopt namelijk tegen problemen aan ten aanzien van de afvoer van duurzaam opgewekte energie bij LPM.
TenneT stelt op dit moment samen met Enexis een netvisie
Verzocht wordt om met een creatieve oplossing te komen om
op voor de afvoercapaciteit in de regio. De visie wordt in de
economische ontwikkelingen in de regio mogelijk te houden en
tweede helft van 2021 verwacht. Daar waar nieuwe
niet spaak lopen vanwege een gebrek aan netwerkcapaciteit.
ontwikkelingen nodig zijn, zoals voor LPM, zal dit in afstemming met de gemeenten worden opgepakt.
7.
Ons bereiken geluiden dat de eigenaren van deze gevoelige
Wij hebben uw zorg bij TenneT onder de aandacht gebracht.
De reactie leidt niet tot
bestemmingen, zich niet altijd goed gehoord voelen in de
aanpassing van het
gesprekken met Tennet. Het gaat in deze gesprekken over de
inpassingsplan.
woning van mensen, de plaats waar hun thuis is. Wij proberen als gemeente deze bewoners te ondersteunen daar waar
Antwoordnota Bro-overlegreacties
23
mogelijk. Maar wij roepen u en Tennet op in deze gevoelige gesprekken goed aandacht te besteden aan de positie van de eigenaren. Gelet op de bovenstaand geschetste problematiek verdient naar onze mening een zeer intensieve communicatie met de omwonenden. Veel onrust kan voorkomen worden door tijdige, uitgebreide en zorgvuldige berichtgeving over (ook voorbereidende) werkzaamheden en tijdelijke maatregelen. 8.
In het artikel in BNdeStem van 31 maart 2021 geeft de heer
De woordvoerder van TenneT heeft proberen te duiden er
De reactie leidt niet tot
Sutmuller namens TenneT aan dat het proces van participatie
vertrouwen in te hebben dat het proces dat doorlopen is een
aanpassing van het
rondom het Rijksinpassingsplan niet meer tot
goede basis is voor het voorontwerpinpassingsplan dat is
inpassingsplan.
wereldschokkende wijzigingen van het tracé zullen leiden,
voorgelegd aan de verschillende instanties. Aan de hand van
alleen mogelijk tot marginale wijzigingen.
dit proces, dat in samenspraak met de Samenwerkende
Deze uitspraak geeft de indruk dat weinig waarde gehecht
overheden is doorlopen, vertrouwt hij erop en hoopt hij erop
wordt aan vooroverlegreacties of zienswijzen op het
dat de vooroverlegreacties niet leiden tot grootschalige of
Rijksinpassingsplan. Dit verbaast ons, gezien het belang dat u
ingrijpende wijzigingen. Zoals vanzelfsprekend worden
vanuit de Rijksoverheid hecht aan een goed proces van
vooroverlegreacties ter harte genomen en van een reactie
participatie bij nieuwe ontwikkelingen, blijkend uit de wijze
voorzien en zo nodig is het IP aan de hand hiervan
waarop dit een plaats heeft gekregen in de Omgevingswet.
aangepast. Ook hebben nog diverse overleggen
Ook de mogelijkheid voor het indienen van
plaatsgevonden waarbij TenneT, EZK en gemeenten
vooroverlegreacties of zienswijzen hoort bij participatie. Deze
aanwezig waren, mede n.a.v. de ingediende
reacties gaan over de belangen van bewoners en bedrijven en
vooroverlegreacties. Hieruit blijkt dat TenneT en het
moeten serieus afgewogen worden en niet op voorhand al
ministerie van EZK vooroverlegreacties zeker op waarde
terzijde geschoven worden.
beoordelen en deze niet ‘ter zijde leggen’.
Kunt u aangeven hoe deze opmerking van Tennet geplaatst moet worden in het proces rondom het Rijksinpassingsplan?
Antwoordnota Bro-overlegreacties
24
8. GEMEENTE MOERDIJK (DETAILOPMERKINGEN IN BIJLAGE BIJ HOOFDBRIEF) 1. Pagina 9, paragraaf 1.4: het inpassingsplan geeft nog geen volledig inzicht in
Een overzicht van alle gekoppelde
Deze reactie leidt tot aanpassing
alle gekoppelde uitvoeringsbesluiten. Dit maakt het lastig om de volledige
uitvoeringsbesluiten is toegevoegd aan het van de toelichting van het
impact van deze ontwikkeling en alle tijdelijke maatregelen goed in te schatten.
ontwerp inpassingsplan in paragraaf 1.4
inpassingsplan.
2. Pagina 13, paragraaf 2.4, laatste alinea: ‘Internationale afspraken staan niet
Import vanuit België is geen knelpunt.
Deze reactie leidt niet tot
toe dat het knelpunt op het buitenland mag worden afgewend. Er ontstaat ook
Maar dit kan de effecten van een knelpunt
aanpassing van de toelichting
ernstige overbelasting in geval er sprake is van import vanuit België. ‘– Deze
wel vergroten.
van het inpassingsplan.
Verwezen wordt naar het antwoord bij
Deze reactie leidt tot aanpassing
punt 2 van de hoofdbrief.
van de toelichting van het
zinnen lijken elkaar tegen te spreken, want hoe kan er ernstige overbelasting ontstaan bij import uit België als internationale afspraken niet toestaan dat een knelpunt op het buurland wordt afgewikkeld? Wat wordt hier bedoeld? 3. Pagina 16, paragraaf 3.3: als ontwerpprincipe bij trajectkeuze (vierde bullit) geldt dat in principe voorkomen moet worden dat woningen in de magneetveldzone komen te liggen (voorzorgsbeginsel van het (voormalig)
inpassingsplan.
ministerie van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieu). Naar onze mening rechtvaardigt de aanwezigheid van 20 gevoelige bestemmingen op het grondgebied van de gemeente Moerdijk de keuze voor een gedeeltelijk afwijkend tracékeuze aldaar en had met dit ontwerpprincipe in het IP rekening gehouden moeten worden. Zie ook het vermelde in de reactie bij pagina 42 van het VO-IP en bij pagina 10 van de Mer. 4. Pagina 22, paragraaf 3.9 bovenaan: bij de beschrijving van het advies van de
In paragraaf 3.9 van de toelichting zal
Deze reactie leidt tot aanpassing
Samenwerkende Overheden (SO) uit 2017 ontbreken de voorwaarden zoals die
aandacht besteed worden aan het advies
van de toelichting van het
door de SO zijn benoemd. Het advies met betrekking tot de meest gedragen
van de Samenwerkende Overheden (SO)
inpassingsplan.
variant was een integraal en samenhangend pakket en behoort als zodanig in de als integraal en samenhangend pakket en toelichting van het IP benoemd te worden.
aan de voorwaarden zoals die door de SO zijn benoemd.
5. Pagina 22, paragraaf 3.9 laatste alinea: goed om ook hier te vermelden dat
Het voorstel wordt overgenomen.
Deze reactie leidt tot aanpassing
dit voorbereidingsbesluit slechts een jaar geldig is en sindsdien meerdere keren
van de toelichting van het
opnieuw is genomen.
inpassingsplan.
Antwoordnota Bro-overlegreacties
25
6. Pagina 22, paragraaf 3.10: hier ontbreekt informatie over waarom voor
Deze toelichting wordt toegevoegd.
Deze reactie leidt tot aanpassing
Zevenbergschen Hoek een planstudie is uitgevoerd. Deze planstudie had een
van de toelichting van het
andere insteek dan de wel genoemde optimalisatieverzoeken.
inpassingsplan.
7. Pagina 24 paragraaf 3.11 bovenaan: de indruk wordt gewekt dat conform het
In de derde alinea is aangegeven dat bij
Deze reactie leidt niet tot
advies van de SO is besloten. Dat is niet het geval. Beter zou zijn hier duidelijk
twee locaties een andere keuze is gemaakt aanpassing van het
te benoemen dat conform advies is besloten, met uitzondering van twee
dan in het advies van de samenwerkende
locaties. Daarnaast ontbreekt hier een onderbouwing waarom bij
overheden, waaronder Zevenbergschen
Zevenbergschen Hoek afgeweken is, terwijl voor de andere afwijkingslocatie wel
Hoek. Vervolgens is benoemd dat voor de
een onderbouwing is opgenomen. Tot slot ontbreekt hier de opdracht van de
locatie Zevenbergschen Hoek een nadere
Minister voor aanvullende maatregelen in landschap en leefbaarheid in de
uitwerking heeft plaatsgevonden. De
omgeving van Zevenbergschen Hoek.
keuze bij dit tracédeel is nader beschreven
inpassingsplan.
in paragraaf 3.11. 8. Pagina 24, paragraaf 3.11.2: de onderbouwing van het besluit van de
Zie beantwoording onder 2.
Deze reactie leidt tot aanpassing
minister achten wij nog steeds onvoldoende. De opdracht /toezegging van de
van de toelichting van het
Minister voor extra maatregelen in het kader van landschap en leefbaarheid voor
inpassingsplan.
deze omgeving staat hier wel heel zacht omschreven. Zie de omschrijving in de brief van de minister. 9. Pagina 25, paragraaf 3.11.3: deze paragraaf lijkt te impliceren dat de
De context van de keuze voor het andere
Deze reactie leidt tot aanpassing
wijziging van het masttype alleen is gedaan op verzoek van de samenwerkende
masttype wordt genuanceerd naar
van de toelichting van het
overheden en niet gebaseerd is op eigen onderzoek. Het vermelde wekt dus een
aanleiding van de gemaakte opmerking. In inpassingsplan.
verkeerde indruk en is dus niet correct.
de toelichting wordt ook toegevoegd dat
Tennet was al bezig met een ander masttype, onder andere door verzoeken die
aan de hand van een aantal
vanuit gesprekken met bedrijven en bewoners zijn gekomen.
uitgangspunten / randvoorwaarden en onderzoek een nieuw type vakwerkmast is ontworpen. Zie hiervoor ook het MER en achtergrondrapport dat als bijlage bij het IP wordt gevoegd.
10. Pagina 26, paragraaf 3.11.6: het landschappelijk inpassingsplan is nog geen uitgewerkt en voldragen plan. Daarom is het voor de gemeente Moerdijk niet mogelijk hier nu al inhoudelijk op te reageren. Wij houden ons daarom het recht
Antwoordnota Bro-overlegreacties
Deze reactie wordt voor kennisgeving
De reactie leidt niet tot
aangenomen.
aanpassing van het inpassingsplan.
26
voor ten tijde van het ontwerp-inpassingsplan opmerkingen te maken, indien nodig. 11. Pagina 30, paragraaf 4.3.2: De informatie ontbreekt over het ondergronds
In paragraaf 4.5 van de toelichting zijn
De reactie leidt niet tot
brengen van de bestaande 150kv aftakking naar Industrieterrein Moerdijk en
alle 150 kV opstijgpunten en ondergrondse aanpassing van het
het opstijgpunt dat hiervoor nodig is.
150 kV-verbindingen beschreven. De
inpassingsplan.
aftakking naar industrieterrein Moerdijk komt hier ook aan bod. 12. Pagina 31, paragraaf 4.3.3 : Van de grondeigenaar en het Havenbedrijf
Met het Havenbedrijf is in mei 2019 een
De reactie leidt niet tot
begrijpen wij dat er nog nauwelijks overleg is geweest over het ondergronds
gesprek geweest over het project, de
aanpassing van het
brengen van de 150kV verbinding naar Industrieterrein Moerdijk, terwijl een
scope en de kabelverbinding. Gesproken is inpassingsplan.
deel van het ondergrondse tracé over eigendom van een bedrijf loopt. Dit
over het tracé en eventuele wijzigingen.
buitenterrein wordt door het bedrijf intensief gebruikt. Waarom is tot op heden
Toestemming is getekend voor de
niet met betrokken bedrijven overlegd? Wat is het grondbeslag van de
uitvoering van de onderzoeken. Daarna is
opstijgpunten, hoe wordt dit landschappelijk ingepast? Welke extra maatregelen
er geen contact meer geweest wegens de
zijn nodig in de bouwperiode?
switch naar vakwerk masten en het uitwerken van alle wijzigingsverzoeken. Voor dit deel van het tracé verwacht TenneT op korte termijn weer de gesprekken op te starten. Ook is gesproken over de kabel die daar aansluit op het station. Men is bekend met het tracé. Het laatste contact is van begin 2021.
13. Pagina 31, paragraaf 4.3.3.: de bestaande 150 kV wordt via een
Zie ook reactie onder 3 op de hoofdbrief
De reactie leidt niet tot
ondergrondse kabel aangelegd naar het bestaande 150 kV-station
van de gemeente Moerdijk. De aanpassing
aanpassing van het
Zevenbergschen Hoek. Dat betekent dan ook één (of meer?) opstijgpunten?
van het 150kV-station Zevenbergschen
inpassingsplan.
Waar komen die te liggen en hoe worden die landschappelijk ingepast?
Hoek betreft het verplaatsen van het