CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

B06.01 Bijlagenboek Kruisbergseweg 172, Doetinchem

beeldvormende raad 14 oktober 2026, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 1: Wijzigingsbesluit omgevingsplan gemeente Doetinchem 2026-1G67.736 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 8

Het gebied is geïnventariseerd op mogelijke habitatfuncties voor beschermde soorten, zoals: verblijfplaatsen; foerageergebieden; routes; voortplantings-, en nestlocaties. 3.4 Analyse gebiedsbescherming Door de aard van de grondgebonden activiteiten (diverse activiteiten op de bestaande kavel en de afstand en inrichting van het tussenliggende gebied), is het optreden van externe storingsfactoren door de grondgebonden activiteiten op het dichtstbijzijnde Natura 2000 gebieden in de gebruiksfase uit te sluiten. Het dichtstbijzijnde Natura 2000 gebied is ‘Rijntakken’, dat ongeveer 10 km van het plangebied verwijderd is. De werkzaamheden zullen geen nadelige effecten hebben op het gebied in de vorm van trillingen, geluid, of optische verstoring. Voor het (mogelijke) effect van stikstofdepositie van de werkzaamheden op het Natura 2000 gebied kan een Aerius berekening uitgevoerd worden. Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68 Pagina14 Figuur 4: het plangebied is op circa 10 kilometer afstand van het dichtstbijzijnde Natura 2000 gebied, genaamd ‘Rijntakken’. Bron: atlasleefomgeving. 3.4.1 Gelders Natuurnetwerk (onderdeel van NNN) Het plangebied ligt niet binnen een provinciaal gebied van de GNN. Het plangebied ligt 205 m afstand van het dichtstbijzijnde NNB gebied.

Er is geen verwachting dat de geplande werkzaamheden dit gebied negatief gaan beinvloeden.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68 Pagina15 Figuur 5: het plangebied ten opzichte van het Provinciaal deel van het GNN. Bron: atlasleefomgeving.nl.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68 Pagina16 4. Onderzoeksresultaten beschermde soorten 4.1 Algemeen Het plangebied en de directe omgeving zijn visueel geïnspecteerd en gecontroleerd op de (mogelijke) aanwezigheid van beschermde soorten of de nesten / habitatsfuncties daarvan. Tijdens de QuickScan is voornamelijk gefocust op de volgende aspecten: - Nesten in bomen/ beplantingen van vogels in de directe omgeving van het plangebied - Holtes en spleten/ scheuren in bomen welke door vogels en vleermuizen gebruikt worden - Holtes en spleten/ scheuren in de bebouwingen welke door vogels en vleermuizen gebruikt worden - Mogelijke verblijfplaatsen voor vogels en vleermuizen onder het dak of achter gevelbekleding of onder zonnepanelen - Beschermde plantsoorten op de kavels - Mogelijke verblijfplaatsen en holen van zoogdieren - Overige beschermde soorten flora en fauna op de kavel - Overige habitatsfuncties, zoals foerageergebieden of zandbaden 4.2 Soorten vogelrichtlijn 4.2.1 Voorkomen en functie Alle vogels zijn als soort beschermd in de Omgevingswet. Onderscheid wordt gemaakt tussen vogels met jaarrond beschermde nesten, vogels met niet- jaarrond beschermde nesten en overige (broed)vogels.

Onder de vogels met jaarrond beschermde nesten vallen onder andere soorten die hun nesten ook buiten het broedseizoen gebruiken, soorten die elk jaar op dezelfde plaats broeden en daarin zeer honkvast zijn en soorten die steeds van hetzelfde nest gebruik maken en niet of nauwelijks zelf een nest kunnen bouwen. Onder niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) vallen vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen. Deze zijn buiten het broedseizoen niet beschermd. Categorie 5-soorten zijn wel jaarrond beschermd als zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden dat rechtvaardigen. 4.2.2 Vogels met jaarrond beschermde nesten In de omgeving van het plangebied zijn bij de NDFF een aantal waarnemingen geregistreerd van soorten waarvan de vaste rust- en verblijfplaats jaarrond beschermd is (zie bijlage 2), waaronder de huismus, gierzwaluw, steenuil en kerkuil. 4.2.2.1 Huismus Voor de huismus is de te verbouwen woning mogelijk geschikt. De bebouwing is beoordeeld op de aanwezigheid van huismussen. Tijdens het onderzoek waren er geen huismussen hoor- en zichtbaar aanwezig op de daken van het huis of naburige bebouwing. Het dak zelf is wel geschikt als nest- of rust- en verblijfplaats.

Er is voldoende ruimte onder pannen of overstekken waar huismussen zich kunnen vestigen. Nader onderzoek naar huismussen wordt dan ook nodig geacht. Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68 Pagina17 Figuur 6: Potentiële verblijfplaatsen voor huismussen met jaarrond beschermde nesten. Bron: BNL advies. 4.2.2.2 Gierzwaluw Voor de gierzwaluw is de te verbouwen woning mogelijk geschikt. Gierzwaluwen hebben de voorkeur voor hoge woningen en lintwoningen in dorpen en steden met een vrije aanvliegroute. Gezien deze soort van dezelfde nestgelegenheden gebruikt maakt als de huismus, wordt nader onderzoek naar de aanwezigheid van de gierzwaluw nodig geacht. 4.2.2.3 Uilen De aanwezigheid van steenuil en kerkuil kan redelijkerwijs worden uitgesloten wegens het ontbreken van geschikte invliegopeningen naar afgesloten donkere zolders van de te verbouwen woning en nestkasten in bomen en woningen voor deze soorten. De locatie is verder niet geschikt als voortplantings- en verblijfplaats, er zijn ook geen braakballen of prooiresten aangetroffen welke erop kunnen wijzen dan er uilen actief zijn binnen het gebied.

4.2.2.4 Jaarrond beschermde nesten in bomen In de omgeving van het plangebied zijn tijdens het veldbezoek geen jaarrond beschermde nesten- of sporen van boombewonende broedvogels waargenomen. Gezien het feit dat het bosgebied ten westen van het plangebied nog vol in het blad zit, kunnen soorten als boomvalk, buizerd, havik, sperwer, ransuil en wespendief niet worden uitgesloten van aanwezigheid. Deze soorten hebben, wanneer ze eieren of jongen hebben, een beschermingszone rondom het nest waarbinnen geen verstorende werkzaamheden uitgevoerd mogen worden. De aanwezigheid zal uitgesloten moeten worden door een nader onderzoek naar jaarrond beschermde nesten in bomen. Aangezien er mogelijke vaste rust-, nest- en verblijfplaatsen van jaarrond beschermde nesten in bomen, en potentiële nestlocaties van huismussen en gierzwaluwen zijn aangetroffen tijdens het veldbezoek, wordt nader onderzoek in het kader van de omgevingswet naar jaarrond beschermde nesten noodzakelijk geacht. 4.2.3 Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) Uit het BeSI-rapport en NDFF-Quickscanhulp rapport komt naar voren dat het plangebied en de directe omgeving mogelijk geschikt is voor habitatfuncties van vogelsoorten met niet- jaarrond beschermde nesten, waaronder de spreeuw, zwarte roodstaart, koolmees en pimpelmees (zie bijlage 2).

Tijdens het veldbezoek zijn er geen Categorie 5 beschermde nesten binnen het plangebied aangetroffen.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68 Pagina18 Tijdelijke schadelijke effecten op Categorie 5 soorten vogels door uitvoering van de werkzaamheden op bezette nesten zijn te voorkomen (in gebruik zijnde vogelnesten mogen in principe nooit worden verstoord) door buiten het broedseizoen te werken (zie 4.2.5.). Ook wanneer buiten het broedseizoen (15 maart – 15 augustus) gewerkt wordt, geldt tijdens de werkzaamheden de zorgplicht. 4.2.4 Overige broedvogels De overige bij de NDFF waargenomen en tijdens het veldbezoek aangetroffen vogels binnen en direct rondom het plangebied vallen onder de algemene broedvogels en watervogels (zie bijlage 2). De nesten van deze vogelsoorten zijn niet jaarrond beschermd. Er zijn binnen het plangebied geen nesten van overige (broed)vogels aangetroffen. De bomen binnen en aangrenzend aan het plangebied zijn wel geschikt voor broedvogelsoorten. Aannemelijk is het dan ook dat deze tijdens het broedseizoen in gebruik zijn door broedvogelsoorten. 4.2.5 Activiteiten binnen het broedseizoen Activiteiten binnen het broedseizoen (15 maart – 15 augustus) zijn enkel mogelijk indien er geen bezette nesten van beschermde vogels worden verstoord.

Indien er binnen het broedseizoen gewerkt wordt dient men voorafgaand aan de werkzaamheden een extra controle op de aanwezigheid van nesten en andere habitatsfuncties uit te voeren (Let op dat het genoemde broedseizoen een generalisatie is die kan afwijken afhankelijk van de soort en locatie). Wanneer nesten aanwezig zijn, dienen de werkzaamheden uitgesteld te worden tot de jonge vogels uitgevlogen zijn. Bij twijfel dient te allen tijde een ecoloog ingeschakeld te worden. Conclusie: nader onderzoek of het aanvragen van een omgevingsvergunning is in het kader van de Omgevingswet voor beschermde broedvogels niet noodzakelijk. 4.3 Soorten Habitatrichtlijn 4.3.1 Vleermuizen Uit het BeSI-rapport en NDFF-Quickscanhulp rapport komt naar voren dat gebouw- en boombewonende vleermuizen potentieel aanwezig zijn in de directe omgeving van het plangebied (zie bijlagen 1 en 2). Te denken valt dan aan de gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis en laatvlieger. Tijdens het veldbezoek zijn potentiële invliegopeningen voor vleermuizen aangetroffen. Het betreft openingen naar spouwmuren in de vorm van open stootvoegen, ruimte tussen daken/boeiboorden en muren en andere gaten, zie figuur 7.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68 Pagina19 Figuur 7: Potentiële verblijfplaatsen voor vleermuizen Bron: BNL advies. Het is belangrijk dat activiteiten geen negatief effect hebben op potentieel naburige vleermuizen. Belangrijk is om tijdens de activiteiten de eventuele (werk)verlichting af te wenden van bestaande structuren, zoals watergangen, bebouwingen en groenstructuren (beplantingen en boomlanen). Dit om negatieve effecten op vleermuizen en hun vliegroutes, foerageer- en verblijfplaatsen te voorkomen. Conclusie: nader onderzoek of het aanvragen van een omgevingsvergunning is in het kader van de Omgevingswet voor vleermuizen noodzakelijk. 4.3.2 Overige Habitatrichtlijn soorten Uit het BeSI-rapport en NDFF-Quickscanhulp rapport komt naar voren dat het plangebied potentieel geschikt is voor overige habitatrichtlijnsoorten die volgens de Habitatrichtlijn beschermd zijn (zie bijlage 2). De soorten die de NDFF binnen één kilometer van het plangebied plaatst worden behandeld. Bever: Hiervoor is het plangebied niet geschikt door gebrek aan significantie hoeveelheid water en hout. Wolf: Hiervoor is het plangebied niet geschikt door gebrek aan ruimte en prooidieren.

Conclusie: nader onderzoek of het aanvragen van een omgevingsvergunning is in het kader van de Omgevingswet voor overige habitatrichtlijnsoorten niet noodzakelijk.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68 Pagina20 4.4 Nationaal beschermde soorten 4.4.1 Grondgebonden Zoogdieren Er zijn meldingen bekend van beschermde grondgebonden zoogdieren in de directe omgeving van het plangebied bij de NDFF (zie bijlage 2). Hiertussen zijn soorten waarvoor geen provinciale vrijstelling geldt zoals de das, steenmarter, wezel en eekhoorn (zie bijlage 3). Tijdens de QuickScan is naar bewijs voor deze soorten gezocht. 4.4.1.1 Das Binnen het projectgebied zijn geen burchten, latrines of andere sporen van dassen aangetroffen wat maakt dat nader onderzoek naar dassen niet nodig geacht wordt. 4.4.1.2 Steenmarter Sporen van de steenmarter in de vorm van uitwerpselen en prooidieren zijn in op de kavel niet aangetroffen. Nader onderzoek naar de steenmarter wordt dan ook niet nodig geacht. 4.4.1.3 Wezel Er zijn in- en rondom de kavel geen mogelijke vaste rust- en verblijfplaatsen kleine marters aangetroffen. Er zijn geen steen- en takkenhopen aanwezig, welke kunnen fungeren als vaste rust- voortplantings- en verblijfplaats. Ook is er geen water in de buurt aanwezig. Nader onderzoek naar de aanwezigheid van wezel wordt dan ook niet nodig geacht.

4.4.1.4 Eekhoorn Er zijn in het geboomte binnen het plangebied geen sporen van vaste rust-, verblijf- of nestplaatsen van eekhoorns aangetroffen. Nader onderzoek wordt niet nodig geacht. 4.4.1.5 Overige soorten Voor algemene soorten als egel, konijn en (spits)muizen geldt een provinciale vrijstelling. 4.4.1.6 Effecten en omgevingsvergunning De geplande werkzaamheden hebben geen invloed op het habitat van beschermde grondgebonden zoogdieren. Voor de provinciaal vrijgestelde soorten dient gewerkt te worden volgens de zorgplicht. Conclusie: nader onderzoek of het aanvragen van een omgevingsvergunning is in het kader van de Omgevingswet voor grondgebonden zoogdieren niet noodzakelijk. 4.4.2 Amfibieën Er zijn meldingen bekend van beschermde amfibieën in de directe omgeving van het plangebied bij de NDFF. Tijdens het veldbezoek zijn er geen beschermde amfibieën aangetroffen Het plangebied is ongeschikt voor amfibieën door de afwezigheid van geschikte habitatfuncties. Het is onwaarschijnlijk dat amfibieën een sterke binding hebben met het gebied. In de directe omgeving zijn voldoende alternatieven beschikbaar. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht. Conclusie: nader onderzoek of het aanvragen van een omgevingsvergunning is in het kader van de Omgevingswet voor amfibieën niet noodzakelijk.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68 Pagina21 4.4.3 Reptielen Er zijn meldingen bekend van beschermde reptielen in de directe omgeving van het plangebied bij de NDFF. Tijdens het veldbezoek zijn er geen beschermde reptielen aangetroffen. Het plangebied is ongeschikt voor reptielen door de afwezigheid van geschikte habitatfuncties. Het is onwaarschijnlijk dat reptielen een sterke binding hebben met het gebied. In de directe omgeving zijn voldoende alternatieven beschikbaar. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht. Conclusie: nader onderzoek of het aanvragen van een omgevingsvergunning is in het kader van de Omgevingswet voor reptielen niet noodzakelijk. 4.4.4 Vissen Er zijn geen meldingen bekend van beschermde vissen in de directe omgeving van het plangebied bij de NDFF. Tijdens het veldbezoek zijn er geen beschermde vissen aangetroffen. Het plangebied is ongeschikt voor vissen door de afwezigheid van geschikte habitatfuncties. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht. Conclusie: nader onderzoek of het aanvragen van een omgevingsvergunning is in het kader van de Omgevingswet voor vissen niet noodzakelijk.

4.4.5 Ongewervelden Er zijn meldingen bekend van beschermde ongewervelden (dagvlinders, libellen, kevers, kreeftachtigen en weekdieren) in de directe omgeving van het plangebied bij de NDFF. Tijdens het veldbezoek zijn er geen beschermde ongewervelden aangetroffen. Het plangebied is ongeschikt voor ongewervelden door de afwezigheid van geschikte habitatfuncties. Het is onwaarschijnlijk dat ongewervelden zoals dagvlinders en libellen een sterke binding hebben met het gebied. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht. Conclusie: nader onderzoek of het aanvragen van een omgevingsvergunning is in het kader van de Omgevingswet voor ongewervelden niet noodzakelijk. 4.4.6 Vaatplanten Er zijn meldingen bekend van beschermde vaatplanten in de directe omgeving van het plangebied bij de NDFF. Tijdens het veldbezoek zijn er geen beschermde vaatplanten aangetroffen. Potenties voor nationaal beschermde plantensoorten zijn binnen het plangebied afwezig. Conclusie: nader onderzoek of het aanvragen van een omgevingsvergunning is in het kader van de Omgevingswet voor vaatplanten niet noodzakelijk. Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68 Pagina22 4.4.7 Specifieke Zorgplicht Te allen tijde geldt de specifieke zorgplicht (art. 11.27 Bal).

Deze houdt in dat mogelijk schadelijke effecten op soorten zoveel mogelijk dienen te worden voorkomen, te beperken of ongedaan te maken (zie Tabel 2). Na ingang van de omgevingswet op 1 januari 2024, geldt ook voor Rode Lijst soorten een specifieke zorgplicht. De potentiële rode lijst soorten volgens de Beschermde SoortenIndicator (BeSi) zijn weergegeven in bijlage 1. Alle Rode Lijst soorten hierin genoemd zijn in bovenstaande paragrafen reeds behandeld. Tabel 2: Voorbeelden van maatregelen t.b.v. de zorgplicht Soort(groep) Maatregel Vleermuizen • Er dient niet gewerkt te worden tussen zonsondergang en zonsopgang Overige zoogdieren • Behoud de verbinding en doorgang naar andere leefgebieden en • schuilplekken buiten de invloedsfeer van het werkgebied. Vogels • Vermijdbare schade aan bermen, slootkanten, houtsingels, bosjes en solitaire bomen, bijvoorbeeld door insporing of beschadiging van de bast, wordt voorkomen; • Werken buiten broedseizoen. Amfibieën & reptielen • De rijsnelheid van machines wordt zo afgesteld dat dieren zo veel mogelijk kunnen wegvluchten. Bij voorkeur wordt stapvoets gereden • Werken buiten de overwinteringsperiode van de poelkikker; • Voorafgaand aan de werkzaamheden dient op de plekken waar gewerkt gaat worden de vegetatie kort gemaaid te worden.

Vissen • Bij voorkeur worden de werkzaamheden zoveel mogelijk geclusterd in de tijd, zodat er steeds delen van het plangebied niet verstoord worden. Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68 Pagina23 5. Conclusie en Advies 5.1 Conclusie QuickScan Aan de hand van de resultaten van de QuickScan flora & fauna kan de volgende conclusie worden getrokken: Tabel 3: Samenvatting conclusie Conclusie Vervolgstappen Omgevingsvergunning Beschermde natuurgebieden Natuurnetwerk Nederland (NNN) Wordt niet aangetast door de ingreep n.v.t. Nee Natura 2000 Mogelijk negatieve effecten door stikstofdepositie Uitvoeren Aeriusberekening Mogelijk Houtopstanden Houtopstanden niet aanwezig binnen plangebied. n.v.t. Nee Beschermde flora en fauna Vleermuizen Mogelijke verblijfplaats in holen bebouwing Aanvullend Onderzoek noodzakelijk Mogelijk Niet-vrijgestelde zoogdieren Marterachtigen n.v.t. Nee Jaarrond beschermde nesten van vogels in bebouwingen Huismus en gierzwaluw mogelijk aanwezig Aanvullend Onderzoek noodzakelijk  Werken buiten broedperiode Mogelijk Jaarrond beschermde nesten van vogels in bomen Jaarrond beschermde nesten in aangrenzende bomen mogelijk aanwezig Aanvullend Onderzoek noodzakelijk Werken buiten broedperiode Mogelijk Reptielen Ongeschikt habitat n.v.t.

Nee Amfibieën Ongeschikt habitat n.v.t. Nee Vissen Ongeschikt habitat n.v.t. Nee Ongewervelden Ongeschikt habitat n.v.t. Nee Vaatplanten Ongeschikt habitat n.v.t. Nee Specifieke zorgplicht Mogelijk aanwezige overige soorten Er zijn mogelijk soorten aanwezig ten tijde van de werkzaamheden Borgen van de specifieke zorgplicht n.v.t.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68 Pagina25 Bijlage 1. BeSi-rapportage

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68 Pagina26 Bijlage 2. Waargenomen habitatrichtlijnsoorten binnen een afstand van 5 km van het plangebied. Bron: NDFF- Quickscanhulp Naam Groep Beschermingsregime Afstand Bastaardkikker Amfibieën wnb-andere 0 - 1 km Blauwe reiger Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Boerenzwaluw Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Bonte vliegenvanger Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Boomkikker Amfibieën wnb-hrl 0 - 1 km Boomklever Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Boomkruiper Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Boomvalk Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Bosmuis Zoogdieren wnb-andere 0 - 1 km Bosuil Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Bruine kikker Amfibieën wnb-andere 0 - 1 km Buizerd Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Bunzing Zoogdieren wnb-andere 0 - 1 km Das Zoogdieren wnb-andere 0 - 1 km Eekhoorn Zoogdieren wnb-andere 0 - 1 km Egel Zoogdieren wnb-andere 0 - 1 km Ekster Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Gekraagde roodstaart Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Gewone dwergvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 0 - 1 km Gewone pad Amfibieën wnb-andere 0 - 1 km Gierzwaluw Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Groene kikker (Onb.) Amfibieën wnb-andere 0 - 1 km Groene specht Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Grote bonte specht Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Grote vos Dagvlinders wnb-andere 0 - 1 km Grote

weerschijnvlinder Dagvlinders wnb-andere 0 - 1 km Haas Zoogdieren wnb-andere 0 - 1 km Havik Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Hazelworm Reptielen wnb-andere 0 - 1 km Heikikker Amfibieën wnb-hrl 0 - 1 km Huismus Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Huisspitsmuis Zoogdieren wnb-andere 0 - 1 km Huiszwaluw Vogels jaarrond nest 0 - 1 km IJsvogel Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Kamsalamander Amfibieën wnb-hrl 0 - 1 km Kartuizer anjer Vaatplanten wnb-andere 0 - 1 km Kerkuil Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Kleine bonte specht Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Kleine ijsvogelvlinder Dagvlinders wnb-andere 0 - 1 km Kleine watersalamander Amfibieën wnb-andere 0 - 1 km Konijn Zoogdieren wnb-andere 0 - 1 km Koolmees Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Laatvlieger Zoogdieren wnb-hrl 0 - 1 km Levendbarende hagedis Reptielen wnb-andere 0 - 1 km Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68 Pagina27 Oeverzwaluw Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Ooievaar Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Pimpelmees Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Poelkikker Amfibieën wnb-hrl 0 - 1 km Raaf Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Ransuil Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Ree Zoogdieren wnb-andere 0 - 1 km Roek Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Rosse vleermuis Zoogdieren wnb-hrl 0 - 1 km Rosse woelmuis Zoogdieren wnb-andere 0 - 1 km Slechtvalk Vogels

jaarrond nest 0 - 1 km Sperwer Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Spreeuw Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Steenmarter Zoogdieren wnb-andere 0 - 1 km Steenuil Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Tapuit Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Torenvalk Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Vos Zoogdieren wnb-andere 0 - 1 km Wespendief Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Zwarte kraai Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Zwarte mees Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Zwarte roodstaart Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Zwarte specht Vogels jaarrond nest 0 - 1 km Aardmuis Zoogdieren wnb-andere 1 - 5 km Bever Zoogdieren wnb-hrl 1 - 5 km Boommarter Zoogdieren wnb-andere 1 - 5 km Brilduiker Vogels jaarrond nest 1 - 5 km Draaihals Vogels jaarrond nest 1 - 5 km Dwergmuis Zoogdieren wnb-andere 1 - 5 km Dwergspitsmuis Zoogdieren wnb-andere 1 - 5 km Gevlekte witsnuitlibel Libellen wnb-hrl 1 - 5 km Gewone grootoorvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 1 - 5 km Glad biggenkruid Vaatplanten wnb-andere 1 - 5 km Glanskop Vogels jaarrond nest 1 - 5 km Grauwe vliegenvanger Vogels jaarrond nest 1 - 5 km Grote gele kwikstaart Vogels jaarrond nest 1 - 5 km Hop Vogels jaarrond nest 1 - 5 km Iepenpage Dagvlinders wnb-andere 1 - 5 km Meervleermuis Zoogdieren wnb-hrl 1 - 5 km Oostelijke witsnuitlibel Libellen wnb-hrl 1 - 5 km Otter Zoogdieren wnb-hrl 1 - 5 km Ruige dwergvleermuis Zoogdieren wnb-hrl 1 - 5 km Teunisbloempijlstaart Nachtvlinders wnb-hrl 1 - 5 km

Veldmuis Zoogdieren wnb-andere 1 - 5 km Watervleermuis Zoogdieren wnb-hrl 1 - 5 km Wezel Zoogdieren wnb-andere 1 - 5 km Zwarte wouw Vogels jaarrond nest 1 - 5 km Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68 Pagina28 Bijlage 3. Vrijgestelde soorten per provincie Soort↓ Provincie→ Friesland Groningen Drenthe Overijssel Gelderland Utrecht Noord-Holland Zuid-Holland Flevoland Zeeland Noord-Brabant Limburg Ministerie EZ Laatste besluit 3-1-2024 1-1-2024 2-1-2024 1-1-2024 2-1-2024 1-1-2024 9-1-2024 1-1-2024 1-1-2024 1-1-2024 23-12-2023 1-1-2024 Bijgewerkt op 10-1-2024 10-1-2024 10-1-2024 10-1-2024 10-1-2024 10-1-2024 10-1-2024 10-1-2024 10-1-2024 10-1-2024 10-1-2024 10-1-2024 Aardmuis x x x x x x x x x x x x x Bastaardkikker x x x x x x x x x x x x x Bosmuis x x x x x x x x x x x x x Bruine kikker x x x x x x x x x x x x x Bunzing x* x x x Dwergmuis x x x x x x x x  x x x x x Dwergspitsmuis x x x x x x x x x x x x x Egel x x x x x x x x x x x x Gewone bosspitsmuis x x x x x x x x x x x x x Gewone pad x x x x x x x x x x x x x Haas x x x x x* x x x x x x Hermelijn x* x x x Huisspitsmuis x x x x x x x x x x x x x Kleine watersalamand er x x x x x x x x x x x x x Konijn x x x x x x* x x x x x x Meerkikker x x x x x x x x x x x x x Ondergrondse woelmuis x x x x x x x x x x

Ree x x x x x x x x x x x x x Rosse woelmuis x x x x x x x x x x x x x Steenmarter x (x4) Tweekleurige bosspitsmuis x x x x x x x x x x x x Veldmuis x x x x x x x x x x x x x Vos x x x x x x x x x x x x x Wezel x x* x x x Wild zwijn x Woelrat x x x x x x x x x x x x Hazelworm (x1) Levendbarende hagedis (x2) Eekhoorn  (x3) Molmuis x x = vrijgestelde soort x = vrijgestelde soort (x1) = vrijgesteld in juli t/m september, (x2) = 15 aug t/m 15 okt, (x3) = maart–april en juli t/m november, (x4) = 15 aug t/m feb (x1) = vrijgesteld in juli t/m september, (x2) = 15 aug t/m 15 okt, (x3) = maart–april en juli t/m november, (x4) = 15 aug t/m feb * = vanaf 1 september 2024 niet meer vrijgesteld. Werkzaamheden met een effect op deze soorten zijn vanaf deze datum vergunningplichtig, 1 MEMO Aan: NL Capital Kruisberg BV Van: Buro Ontwerp & Omgeving Projectnr.: 4421.01 Datum: 12-12-2025 Betreft: Voortoets stikstofdepositie Kruisbergseweg 172 te Doetinchem 1. Inleiding In opdracht van NL Capital Kruisberg BV heeft Buro Ontwerp & Omgeving onderzoek verricht naar de stikstofdepositie op nabijgelegen kwetsbare natuurgebieden ten gevolge van de nieuwbouw van 32 appartementen op de locatie De Kruisberg aan de Kruisbergseweg 172 te Doetinchem. Op de onderstaande afbeelding is de ligging van het projectgebied weergegeven (Figuur 1). Figuur 1. Luchtfoto van het projectgebied (blauw gearceerd).

2 Ligging Natura 2000 In Nederland zijn 162 Natura 2000 -gebieden aangewezen. Dit zijn gebieden met een Europese beschermingsstatus. Veel van die gebieden zijn gevoelig voor stikstofdepositie. Het meest nabijgelegen Natura 2000-gebied betreft de stikstofgevoelige Rijntakken, die op een afstand van circa 10 kilometer ten westen van het projectgebied ligt. Overige Natura 2000-gebieden liggen op meer dan 10 km afstand van het p rojectgebied. Op de navolgende kaart is de ligging van het projectgebied ten opzichte van Natura 2000-gebieden in de nabije omgeving weergegeven (Figuur 2). Figuur 2. Ligging projectgebied ten opzichte van het Natura 2000-gebieden Rijntakken en Veluwe. Volgens de Omgevingswet moet worden uitgesloten dat significante negatieve effecten kunnen optreden in Natura 2000-gebieden. Bij negatieve effecten wordt de ontwikkeling gedefinieerd als een Natura 2000 -activiteit, welke vergunningplichtig is. Stikstofdepositie kan verslechterende gevolgen hebben voor stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden waarvoor een Natura 2000- gebied is aangewezen. Deze gevolgen kunnen significant zijn wanneer een plan, project of andere handeling leidt tot een toena me van stikstofdepositie op stiksto fgevoelige habitattypen of leefgebieden die overbelast zijn. Een verdere toename van de stikstofdepositie is alleen toegestaan met een passende beoordeling .

Daarom dient voor nieuwe plannen en projecten onderzocht te worden of er sprake is van een significante depositie van stikstof op relevante Natura 2000 -gebieden. Daarbij geldt echter de nuance dat onderzoek niet noodzakelijk is wanneer van tevoren vaststaat dat de ontwikkeling geen significante gevolgen kan hebben. Rijntakken Veluwe 3 Doelstelling van het onderzoek De voortoets stikstof depositie heeft tot doel de NO x-emissies (stikstofoxiden) en NH 3-emissies (ammoniak) naar de lucht door het voornemen inzichtelijk te maken en de toename van stikstofdepositie als gevolg hiervan op stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden te berekenen. De voortoets wordt afgesloten met conclusies waarbij duidelijk wordt o f in het kader van de Omgevingswet significante effecten kunnen worden uitgesloten. 4 2. Werkwijze Algemeen Op basis van de berekende NO x- en NH 3-emissies die een project of andere handeling van een plan uitstoot wordt met een verspreidingsmodel de stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitats en leefgebieden in Natura 2000 -gebieden berekend. Er wordt gebruik gemaakt van AERIUS voor wat betreft informatie over de actuele stikstofdepositie en kritische depositiewaarde (KDW) van stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden in de Natura 2000 -gebieden. Depositieberekeningen zijn uitgevoerd met de meest recente versie van AERIUS Calculator.

Significante effecten kunnen worden uitgesloten als door het project, andere handeling of planologische mogelijkheden geen toename in stikstofdepositie plaatsvindt op stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden van Natura 2000 -gebieden. Hiervan is sprak e als de berekende toename in stikstofdepositie niet groter is dan 0,00 mol N/ha/jr. Indien dit het geval is, is er geen passende beoordeling nodig voor wat betreft stikstof. Extra beoordeling voor gebieden met een hersteldoel Verschillende provincies hebben voor een aantal natuurgebieden zogenoemde 'hexagonen met een hersteldoel' vastgesteld. Dit zijn habitats die op dit moment in bepaalde delen van het gebied niet meer aanwezig zijn, maar waarvan het doel is om deze op dezelfd e locatie terug te brengen. Bij de AERIUS Calculator actualisatie van 1 oktober 2024 (versie 2024) zijn extra hexagonen toegevoegd op deze gebieden. Bij berekeningen met de geactualiseerde AERIUS Calculator worden twee bestanden gegenereerd. De resultaten zoals in de voorgaande alinea’s in dit hoofdstuk zijn besproken in een PDF zoals deze voorheen al bestond, en een PDF met de resultaten van deze extra beoordeling. In voorliggend onderzoek zijn beide resultaten, per berekening, meegenomen. Onderzoeksopzet In dit onderzoek zijn de NO x- en NH 3-emissies gedurende de realisatiefase (hoofdstuk 3 ) en de gebruiksfase (hoofdstuk 4) onderzocht.

In hoofdstuk 5 wordt met deze gegevens berekend of er een toename van stikstofdepositie plaatsvindt op nabijgelegen Natura 2000-gebieden. 5 3. Emissie realisatiefase Mobiele werktuigen Tijdens de realisatiefase ontstaan NOx-emissies door de inzet van mobiele werktuigen, auto’s en vrachtwagens. De inzet van de mobiele werktuigen en motorvoertuigbewegingen (mvb) is ingeschat aan de hand van de werkelijk verwachte inzet voor de sloop van de bestaande bebouwing en de realisatie van een appartementengebouw bestaande uit drie bouwlagen. Er is gerekend met de volgende realisatiefasen: - Sloop bebouwing; - Bouwrijp maken; - Leveren elementen; - Aanbrengen elementen en afbouw; - Woonrijp maken (inclusief terreinafwerking). Voor de aanvoer met licht verkeer, middelzwaar vrachtverkeer en zwaar vrachtverkeer zijn de totale mvb in beeld gebracht. De realisatiefase bedraagt circa één jaar, aanvang van de sloop zal op zijn vroegst plaatsvinden in 2026 . In onderstaande tabel is het overzicht van mobiele werktuigen en mvb weergegeven tijdens de realisatiefase. Figuur 3. Uitgangspunten realisatiefase.

Bouwfase Werktuig Brandstof Vermogen (kW) Draaiuren (uur/jr) Brandstof- verbruik (l/uur) Brandstof- verbruik (l/jr) AdBlue- verbruik (l/jr) Shovel Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja 100 53 12,37 649 39 Graafmachine Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja 100 105 12,37 1.299 78 280 10 80 Shovel Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja 100 88 12,37 1.082 65 Boorstelling Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja 150 35 18,83 659 40 Mixerpomp Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja 200 53 20,39 1.070 64 Graafmachine Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja 100 420 12,37 5.195 312 210 10 40 Mobiele hijskraan Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja 181 35 23,47 821 49 Ruwterrein heftruck Stage V, >= 2019, <= 56 kW, diesel, SCR: nee 18 35 3,01 105 n.v.t. 70 30 30 Mixerpomp Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja 200 35 20,39 714 43 Mobiele hijskraan Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja 181 560 23,47 13.143 789 Bouwlift Elektrisch n.v.t. 490 n.v.t. n.v.t. n.v.t. Hoogwerker Elektrisch n.v.t. 560 n.v.t. n.v.t. n.v.t. 3.000 160 20 Mobiele hijskraan Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja 181 350 23,47 8.215 493 (Kleine) graafmachine Stage V, >= 2019, <= 56 kW, diesel, SCR: nee 7,6 280 1,92 538 n.v.t. Ruwterrein heftruck Stage V, >= 2019, <= 56 kW, diesel, SCR: nee 18 280 3,01 843 n.v.t.

Trilplaat Werktuig op benzine, 4-Takt 10 70 1,95 137 n.v.t. Bouwlift Elektrisch n.v.t. 420 n.v.t. n.v.t. n.v.t. Hoogwerker Elektrisch n.v.t. 630 n.v.t. n.v.t. n.v.t. 3.250 300 20 Woonrijp maken (incl. terreinafwerking) Aantal motorvoertuigbewegingen licht verkeer totaal/jr Aantal motorvoertuigbewegingen middelzwaar vrachtverkeer totaal/jr Aantal motorvoertuigbewegingen zwaar vrachtverkeer totaal/jr Leveren elementen en materiaal Aanbrengen elementen en afbouw Aantal motorvoertuigbewegingen licht verkeer totaal/jr Aantal motorvoertuigbewegingen middelzwaar vrachtverkeer totaal/jr Aantal motorvoertuigbewegingen zwaar vrachtverkeer totaal/jr Aantal motorvoertuigbewegingen middelzwaar vrachtverkeer totaal/jr Aantal motorvoertuigbewegingen zwaar vrachtverkeer totaal/jr Bouwrijp maken Aantal motorvoertuigbewegingen licht verkeer totaal/jr Aantal motorvoertuigbewegingen middelzwaar vrachtverkeer totaal/jr Aantal motorvoertuigbewegingen zwaar vrachtverkeer totaal/jr Aantal motorvoertuigbewegingen licht verkeer totaal/jr Overzicht mobiele werktuigen en motorvoertuigbewegingen tijdens de realisatiefase (rekenjaar 2026) Sloop bestaande bebouwing Aantal motorvoertuigbewegingen licht verkeer totaal/jr Aantal motorvoertuigbewegingen middelzwaar vrachtverkeer totaal/jr Aantal motorvoertuigbewegingen zwaar vrachtverkeer totaal/jr 6 Voor de bepaling van de emissie is uitgegaan van de volledige

uitvoering van de realisatiefase in het jaar 202 6, gezien de lichtere emissies die in de AERIUS -calculator zijn opgenomen bij latere rekenjaren is dit een worstcase benadering. Naast emissie door mobiele werktuigen gaat het om 6.740 mvb met licht verkeer, 480 mvb met middelzwaar vrachtverkeer en 160 mvb met zwaar vrachtverkeer. Uitgangspunten stationair draaien verkeer De stationaire emissies van het vrachtverkeer zijn bepaald conform de “Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2025” 1. Bijlage 1 van deze handleiding geeft een overzicht van normen van NH3 en NOx emissies per uur, onderverdeeld in de verschillende voertuigtypen zoals deze in de AERIUS – Calculator staan. Om tot een berekening te komen is uitgegaan van 0,2 uur voor laden en lossen per twee mvb vrachtverkeer, elke twee mvb staan immers voor een enkel voertuig (vertrek én aankomst) . Navolgend een overzicht van deze emissies voor de relevante voertuigtypen, middelzwaar en zwaar vrachtverkeer, bij onderhavig plan. Deze emissies zijn meegenomen in de AERIUS-berekening. Figuur 4. Overzicht van de emissies voor het stationair draaiend vrachtverkeer. Uitgangspunten brandstofverbruik Voor de bepaling van het specifieke brandstofverbruik van elk mobiele werktuig is er gebruik gemaakt van publicatie 34638932 bij rapport TNO 2021 R12305 AUB2.

Met dit hulpmiddel wordt het specifieke brandstofverbruik berekend op basis van het vermogen en het bouwjaar van het desbetreffende werktuig. Om tot een volledige uitkomst te komen dient er echter ook rekening te worden gehouden met de typische motorbela stingen op basis van aandrijfconfiguratie en inzet (continu, stationair, stand -by) van de desbetreffende werktuigen 3. Tabel 5 uit rapport TNO 2021 R12305 AUB biedt gemiddelde motorbelastingen aan de hand van deze aspecten. Door deze gemiddelde motorbelastingen toe te passen bij het bepalen van het specifiek brandstofverbruik is het stationair of stand -by draaien van mob iele werktuigen automatisch onderdeel van de AERIUS-berekening. 1 BIJ12 (2025). Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2025 2 https://publications.tno.nl/publication/34638932/J5ZV26/TNO-2021-R12305-tab.xlsx 3 TNO. (2021).

AUB (AdBlue verbruik, Uren, en Brandstofverbruik): een robuuste schatting van NOx en NH3 uitstoot van mobiele werktuigen (2021 R12305) Rekenjaar Klasse Aantal mvb Aantal voertuigen (50% mvb) Fractie laden/losse n (0,2 uur) NH3 emissie in kg per uur (norm) NH3 emissie in kg per rekenjaar NOx emissie in kg per NOx emissie in kg per rekenjaar Middelzwaar vrachtverkeer 480 240 48 0,00073 0,03491 0,05853 2,80967 Zwaar vrachtverkeer 160 80 16 0,00099 0,01589 0,07406 1,18497 0,05080 3,99464 Stationair draaien vrachtverkeer 2026 Totaal 7 Uitgangspunten AdBlue-verbruik Conform de “Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2025 ” is voor mobiele werktuigen de AUB-methode gehanteerd, waarbij rekening is gehouden met AdBlue-verbruik, het aantal uren en brandstofverbruik 4. Het brandstofverbruik en verbruik van AdBlue is berekend op basis van het aantal draaiuren. Het verbruik van AdBlue in SCR-installaties varieert echter. Ook de belasting van de motor speelt hierin een grote rol. Conform de handreiking wordt uitgaan van de waarde 6% (Stage IV 56 - 560 kW en Stage V 56 - 560 kW) van het dieselverbruik. Uitgangspunten verkeersafwikkeling De gevolgen voor het milieu van het af - en aanrijdend verkeer worden niet meer aan het onderhavige project toegerekend wanneer dit verkeer kan worden geacht te zijn opgenomen in het heersende verkeersbeeld.

Volgens de Raad van State is dit het geval op het moment dat het aan- en afrijdende verkeer zich door zijn snelheid en rij- en stopgedrag nog niet dan wel niet meer onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt 5. Daarnaast wordt in de Instructie gegevensinvoer AERIUS Calculator aangegeven dat de verhouding tussen de hoeveelheid verkeer dat door de voorgenomen ontwikkeling wordt aangetrokken en het reeds op de weg aanwezige verkeer meeweegt in de vraag of het verkeer is opgenomen in het heersende verkeersbeeld. In de regel wordt het verkeer meegenomen tot het zich verdund heeft tot enkele procenten van het reeds aanwezige verkeer. Vanuit regelgeving is hier geen grenswaarde voor vastgesteld, echter heeft de Raad van State in de uitspraak van januari 2024 bepaald dat dit in ieder geval bij een toename kleiner dan 5% geldt6. Vanuit het projectgebied zijn twee routes gemodelleerd voor de mvb bouwverkeer, een noordelijke en een zuidelijke route. Voor beide routes zijn 50% van het totale aantal mvb opgenomen. De noordelijke route loopt vanuit het projectgebied, via de Kruisbergseweg, de Klootsemastraat en de Horstweg tot aan de Zelhemseweg (N330) voor een totale lengte van ca. 2,4 km.

De zuidelijke route loopt vanuit het projectgebied, via de Kruisbe rgseweg en de Ruimzichtlaan tot aan de kruising met de Dominee van Dijkweg (N316) voor een totale lengte va n ca. 1,5 km. Ter hoogte van de kruising Horstweg en N330 is volgens het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit (CIMLK) sprake van een verkeersintensiteit van 5.730 mvb per etmaal 7. Voor de kruising Ruimzichtlaan en N316 is dit 5.923 mvb per etmaal. Dit betekent dat het bouwverkeer een toename van respectievelijk slechts 0,18% en 0,17% betekent, hiermee kan met zekerheid worden gesteld dat het bouwverkeer is opgenomen in het heersende verkeersbeeld. 4 BIJ12 (2025). Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2025 5 Uitspraak Raad van State E03.99.0110, d.d. 20 juni 2001 6 Uitspraak Raad van State 202202119/1/R4, d.d. 24 januari 2024 7 https://www.cimlk.nl/kaart: monitoringsronde 2024, monitoringsjaar 2030, wegdelen 51468751_1267983 en 09215668_1577947 8 Voor beide routes is het bouwverkeer met zekerheid opgenomen in het heersende verkeersbeeld binnen de gemodelleerde route . Volgens het CIMLK geldt er over beide routes een maximaal filepercentage van 0%. Vanuit de worstcase benadering is een filepercentage van 5% over de gehele routes meegenomen in de AERIUS-berekening.

Uitgangspunten koude start Bij de versie 2024 van de AERIUS Calculator (actualisatie van 1 oktober 2024) is de ‘koude start’ van (motor)voertuigen als verkeersemissie toegevoegd, aanvullend op de al bestaande mvb in de calculator. Volgens de definitie van BIJ12 betreft een ‘koude start’ het fenomeen dat voertuigen met een koude motor meer emissie uitstoten dan voertuigen met een warme motor. De koude start heeft een overgang richting warme motor die van korte duur is8. Hierbij is het uitgangspunt dat er sprake is van een koude start na twee uur geparkeerd staan. Voor de realisatiefase is de koude start gemodelleerd over een deel van het projectgebied waar een parkeerterrein ligt. Van het licht verkeer is 100% van de voertuigen als koude start opgenomen, van het middelzwaar en zwaar verkeer is 0% opgenomen als koude start. Hierbij is het uitgangspunt geweest dat van het bouwverkeer het licht verkeer bestaat uit de voertuigen waarm ee werknemers de locatie bezoeken voor volle werkdagen. Het middelzwaar en zwaar verkeer bestaat uit aan- en afvoer van bouwmaterieel en onderdelen. Hierbij dient opgemerkt te worden dat slech ts de helft van de (lichte) mvb dat is gemodelleerd in het verkeersnetwerk een koude start zal hebben. De bewegingen in het verkeersnetwerk zijn immers aankomst én vertrek van de locatie, echter wordt het voertuig alleen bij vertrek (koud) gestart.

8 BIJ12 Expertiseteam Stikstof en Natura 2000, Handreiking Koude Start 2024 9 4. Emissie gebruiksfase Programma Het beoogde programma van de nieuwbouw bedraagt in totaal 30 appartementen welke gasloos zullen worden opgeleverd. Van het totale aantal woningen worden 16 gerealiseerd met een oppervlakte kleiner dan 75 m², 13 met een oppervlakte tussen 75 en 100 m² en 3 appartementen worden met een oppervlakte groter dan 100 m² gerealiseerd. Verkeersaantrekkende werking De verkeersgeneratie is bepaald met behulp van CROW-publicatie 744 “Parkeerkencijfers, basis voor parkeernormering ” (2024) en “ Demografische kerncijfers per gemeente ” van het CBS . De verkeersaantrekkende werking is afhankelijk van de stedelijkheid van de gemeente, de ligging t.o.v. het centrum en het woningtype. Doetinchem is gelegen in de gelijknamige gemeente. Het CBS typeert de gemeente Doetinchem als een ‘matig stedelijke gemeente’9. Figuur 5. Stedelijkheidsgraad van de gemeente Doetinchem. Conform Figuur 2 uit de Nota Parkeernormen 2024 van de gemeente Doetinchem is voor de ligging van het projectgebied de typering ‘Schil centrum’ aangehouden. De verkeersaantrekkende werking voor de ontwikkeling is daarmee als volgt: Figuur 6. Uitgangspunten gebruiksfase.

9 https://opendata.cbs.nl/#/CBS/nl/dataset/85755NED/table Soort Aantal woningen Norm per woning (min) Norm per woning (max) Gemiddeld Bewegingen per etmaal (Gemiddeld) Koop, appartement, < 75 m² bvo 16 4,2 5,0 4,6 74 Koop, appartement, 75-100 m² bvo 13 5,0 5,8 5,4 70 Koop, appartement, > 100 m² bvo 3 6,5 7,3 6,9 21 Totaal per jaar 60.043 Vrachtverkeer per woning 0,018 Totaal vrachtverkeer per jaar 210 Type verkeer Aantal (per jaar) Route noord/zuid (50%/50%) Licht verkeer 59.832 29.916 Middelzwaar vrachtverkeer 210 105 Verkeersverdeling Overzicht motorvoertuigbewegingen gebruik (schil centrum, matig stedelijk, 2027) Aandeel vrachtverkeer 10 Op basis van het voorgaande is de verkeersaantrekkende werking van het plan gemiddeld 165 mvb per etmaal, of 60.043 mvb per jaar. In de CROW -publicatie is het volgende over vrachtverkeer opgenomen: “het vrachtverkeer naar en van woongebieden is doorgaans verwaarloosbaar, maar is wel in de cijfers verwerkt. Als gemiddelde kan worden gehanteerd: 0,02 vrachtautobewegingen per woning per werkdagetmaal”. Een werkdag kan naar weekdag worden omgerekend door te delen met 1,11. Per weekdagetmaal zijn er dus [0,02 ÷ 1,11 =] 0,018 vrachtverkeerbewegingen per woning. Op jaarbasis is er met 32 woningen sprake van een toename van [(0,018 × 32) × 365 =] 210 mvb met middelzwaar vrachtverkeer.

Het aantal mvb licht verkeer is dus [60.043 – 210 =] 59.832 per jaar. Uitgangspunten verkeersafwikkeling Voor de gebruiksfase is dezelfde verkeersafwikkeling gehanteerd als voor de realisatiefase. Ter hoogte van de kruising Horstweg en N330 is in de gebruiksfase sprake van een toename in verkeersintensiteit van 1,44%. Voor de kruising Ruimzichtlaan en N316 is dit 1,39%. Ook hier is de verkeersgeneratie met zekerheid opgenomen in het heersende verkeersbeeld. Uitgangspunten koude start Voor de gebruiksfase is de koude start ruim gemodelleerd ter plaatse het binnen de ontwikkeling voorziene parkeerterrein als vlakbron. Van het licht verkeer is 100% van de voertuigen als koude start opgenomen, van het middelzwaar en zwaar verkeer is 0% opgenomen als koude start. Hierbij is het uitgangspunt geweest dat het licht verkeer bestaat uit de voertuigen waarmee bewoners en bezoekers de locatie bezoeken voor perioden langer dan twee uur. Het middelzwaar en zwaar verkeer bestaat uit leveranciers en (overheids)diensten welke spullen afleveren en/of ophalen. Hierbij dient opgemerkt te worden dat 100% van de voertuigen gelijk staat aan 50% van de voertuigbewegingen welke gemodelleerd zijn voor het verkeer. De bewegingen zijn immers aankomst én vertrek van de locatie, echter wordt het voertuig alleen bij vertrek (koud) gestart.

Emissie huishoudens Conform de gegevensset ‘kentallen Ruimtelijke plannen’ van RIVM/EZ, behorende bij de AERIUS - factsheet ‘Ruimtelijke plannen – Emissiefactoren’ is de NH 3-emissie van huishoudens voor nieuwbouwwoningen 0 kg/jr. Ook de NO x-emissie is verwaarloosbaar, aangezien de geplande woningen gasloos zullen worden opgeleverd (Emissiefactor = 0 kg/jr). Tauw heeft in 2018 in opdracht van BIJ12 emissiekentallen NOx voor huishoudens bepaald vanwege sfeerhaarden en barbecues. Voor een grondgebonden woning wordt uitgegaan van een emissiefactor van 0,44 kg NO x per jaar. Van de woningen zullen alle huishoudens echter in appartementen wonen. Omdat appartementen (nagenoeg) geen buitenruimte hebben is er geen sprake van emissie door sfeerhaarden en barbecues (Emissiefactor = 0 kg/jr). 11 5. AERIUS-berekening Uitgangspunten berekeningen Met de meest recente versie van AERIUS Calculator zijn de eerder genoemde emissiebronnen gemodelleerd, waarbij wordt opgemerkt dat: - Het wegverkeer is gemodelleerd als lijnbron voor de mvb en als vlakbron voor de koude start en het stationair draaiend vrachtverkeer; - AERIUS hanteert een minimum van 1,0 voertuig; - De emissie door mobiele werktuigen is gemodelleerd als vlakbron.

Rekenresultaten realisatiefase De verspreidingsberekeningen zijn uitgevoerd met AERIUS Calculator voor het jaar ‘2026’, aangezien dit het eerste jaar is waarin de werkzaamheden theoretisch gezien kunnen worden uitgevoerd. In de AERIUS Calculator zijn zwaardere emissies voor eerdere rekenjaren opgenomen, waardoor de berekening voor dit rekenjaar een worstcase-benadering betreft. Uit de rekenresultaten blijkt dat op verschillende stikstofgevoelige leefgebieden en habitattypen van Natura 2000 -gebieden geen toename aan stikstofdepositie groter dan 0,00 mol N/ha/jr plaatsvindt. Op gebieden met een hersteldoel zijn ook geen rekenresultaten groter dan 0,00 mol N/ha/jr. De rekenresultaten voor de realisatiefase zijn als bijlage 1 en 2 bij deze memo gevoegd. Rekenresultaten gebruiksfase De verspreidingsberekeningen zijn uitgevoerd met AERIUS Calculator voor het rekenjaar ‘2027’, aangezien dit het eerste jaar is wa arin de nieuwbouw theoretisch gezien in gebruik kan worden genomen. Uit de rekenresultaten blijkt dat op verschillende stikstofgevoelige leefgebieden en habitattypen van Natura 2000 -gebieden geen stikstofdepositie groter dan 0,00 mol N/ha/jr plaatsvindt . Op gebieden met een hersteldoel zijn ook geen rekenresultaten groter dan 0,00 mol N/ha/jr. De rekenresultaten voor de gebruiksfase zijn als bijlage 3 en 4 bij deze memo gevoegd.

Conclusie Uit de uitgevoerde voortoets stikstof depositie blijkt dat de beoogde ontwikkeling aan de Kruisbergseweg 172 te Doetinchem niet leidt tot een toename aan stikstofdepositie groter dan 0,00 mol N/ha/jr op stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 -gebieden. Met betrekking tot stikstofdepositie kan worden opgemerkt dat er geen significante effecten zijn op Natura 2000 -gebieden. De ontwikkeling betreft dus geen Natura 2000-activiteit zoals beschreven in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl), waardoor de aanvraag van een omgevingsvergunning niet aan de orde is. 12 Bijlagen Bijlage 1 AERIUS-berekening realisatiefase 2026 Bijlage 2 Extra beoordeling realisatiefase 2026 Bijlage 3 AERIUS-berekening gebruiksfase 2027 Bijlage 4 Extra beoordeling gebruiksfase 2027 Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen Natura - gebieden, op rekenpunten die overlappen met stikstofgevoelige habitattypen en/of leefgebieden, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstofdepositie. Overzicht Detailgegevens per emissiebron Resultaten Samenvatting situaties Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS.

Meer toelichting over de PDF en AERIUS kunt u vinden in de handleidingen of op onze website. Projectberekening Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 1 AERIUS-berekening realisatiefase 2026 Contactgegevens Rechtspersoon NL Capital Kruisberg BV Inrichtingslocatie Kruisbergseweg , BT Doetinchem Activiteit Omschrijving Voortoets stikstofdepositie Kruisbergseweg te Doetinchem Toelichting Berekend door J. Maarse Berekening AERIUS kenmerk Rki VdDgDygg Datum berekening december , : Rekencon guratie OwN -rekengrid incl. eigen rekenpunten Totale emissie Rekenjaar Emissie NH₃ Emissie NOₓ Realisatiefase - Beoogd , kg/j , kg/j Resultaten Hoogste bijdrage Hexagon Gebied Realisatiefase - Beoogd - Gekarteerd oppervlak met toename (ha) - Gekarteerd oppervlak met afname (ha) - Grootste toename - Grootste afname - Projectberekening 2/8Rki2VdDgDygg (12 december 2025) Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 1 AERIUS-berekening realisatiefase 2026 Realisatiefase (Beoogd), rekenjaar Emissiebronnen Emissie NH₃ Emissie NOₓ Mobiele werktuigen | Werktuigen , kg/j , kg/j Anders...

| Stationair draaien vrachtverkeer , g/j , kg/j Verkeer | Koude start: overig | Koude start realisatiefase , kg/j , kg/j  Verkeersnetwerk , kg/j , kg/j Projectberekening 3/8Rki2VdDgDygg (12 december 2025) Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 1 AERIUS-berekening realisatiefase 2026 Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura gebieden. Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening) De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). m © OSM & Kadaster Projectberekening 4/8Rki2VdDgDygg (12 december 2025) Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 1 AERIUS-berekening realisatiefase 2026 Resultaten stikstofgevoelige Natura gebieden situatie "Realisatiefase " (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Er zijn geen resultaten voor deze weergave. Projectberekening 5/8Rki2VdDgDygg (12 december 2025) Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 1 AERIUS-berekening realisatiefase 2026 Per eigen rekenpunt Naam Coördinaat Projectbijdrage (mol N/ha/jr) Vogelschutzgebiet 'Unterer Niederrhein' ( km) X: Y: - NSG Hetter-Millinger Bruch, mit Erweiterung ( km) X: Y: - Klevsche Landwehr, Anholt. Issel, Feldschlaggr. u.

Regnieter Bach ( km) X: Y: - NSG Emmericher Ward ( km) X: Y: - Dornicksche Ward ( km) X: Y: - Rhein-Fischschutzzonen zwischen Emmerich und Bad Honnef ( km) X: Y: - Kal ack ( km) X: Y: - NSG Bienener Altrhein, Millinger u. Hurler Meer u. NSG Empeler M. ( km) X: Y: - NSG Salmorth, nur Teil äche ( km) X: Y: - NSG Grietherorter Altrhein ( km) X: Y: - NSG Kellener Altrhein, nur Teil äche, mit Erweiterung ( km) X: Y: - Wisseler Dünen ( km) X: Y: - NSG Altrhein Reeser Eyland, mit Erweiterung ( km) X: Y: - Projectberekening 6/8Rki2VdDgDygg (12 december 2025) Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 1 AERIUS-berekening realisatiefase 2026 Realisatiefase , Rekenjaar Mobiele werktuigen Naam Werktuigen Locatie X: , Y: , Oppervlakte , ha NOₓ , kg/j NH₃ , kg/j Naam/Stageklasse Brandstof - verbruik/AdBlue verbruik Draaiuren Uittreedhoogte/Warmteinhoud Spreiding/Temporele variatie Stof Emissie Stage V, >= , - kW, diesel, SCR: ja Stage-V, >= , - kW, diesel, SCR: ja . l/j . l/j . u/j , m , MW , m Standaard Pro el Industrie NOₓ NH₃ , kg/j , kg/j Stage V, >= , <= kW, diesel, SCR: nee Stage-V, >= , <= kW, diesel, SCR: nee .

l/j l/j u/j , m , MW , m Standaard Pro el Industrie NOₓ NH₃ , kg/j , g/j Werktuig op benzine, -Takt alle werktuigen op benzine, takt l/j l/j u/j , m , MW , m Standaard Pro el Industrie NOₓ NH₃ , kg/j , g/j Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bouwverkeer route noord Links Rechts NOₓ , kg/j Locatie X: Y: , Type scherm - - NO₂ , kg/j Lengte . , m Hoogte - - NH₃ , kg/j Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Afstand tot de weg - - Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld m Verkeer Maximum snelheid Aantal voertuigbewegingen In le Licht verkeer Voorgeschreven factoren . , /jaar , % Middelzwaar vrachtverkeer Voorgeschreven factoren , /jaar , % Zwaar vrachtverkeer Voorgeschreven factoren , /jaar , % Busverkeer Voorgeschreven factoren , /jaar , % Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bouwverkeer route zuid Links Rechts NOₓ , kg/j Locatie X: , Y: , Type scherm - - NO₂ , kg/j Lengte . , m Hoogte - - NH₃ , g/j Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Afstand tot de weg - - Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld m Verkeer Maximum snelheid Aantal voertuigbewegingen In le Licht verkeer Voorgeschreven factoren .

, /jaar , % Middelzwaar vrachtverkeer Voorgeschreven factoren , /jaar , % Zwaar vrachtverkeer Voorgeschreven factoren , /jaar , % Busverkeer Voorgeschreven factoren , /jaar , % Projectberekening 7/8Rki2VdDgDygg (12 december 2025) Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 1 AERIUS-berekening realisatiefase 2026 Anders... Naam Stationair draaien vrachtverkeer Locatie X: , Y: , Oppervlakte , ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Zwaar Verkeer Uittreedhoogte , m Warmteinhoud , MW Spreiding , m NOₓ , kg/j NH₃ , g/j Verkeer | Koude start: overig Naam Koude start realisatiefase Locatie X: , Y: , Oppervlakte , ha NOₓ , kg/j NH₃ , kg/j Type voertuig Koude starts Licht verkeer . , /jaar Middelzwaar vrachtverkeer , /jaar Zwaar vrachtverkeer , /jaar Busverkeer , /jaar Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie . . _ _db f b Database versie . .

_db f b_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://link.aerius.nl/website Projectberekening 8/8Rki2VdDgDygg (12 december 2025) Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 1 AERIUS-berekening realisatiefase 2026 Dit document is een bijlage, behorende bij een Projectberekening uitgevoerd met AERIUS Calculator. De bijlage is een hulpmiddel bij het beoordelen van projecten waar sprake is van hexagonen met een hersteldoel. De bijlage bevat daartoe een overzicht van de maximale bijdrage per gebied. Voor meer uitleg over 'hexagonen met een hersteldoel' in AERIUS, zie het handboek Calculator. Overzicht Resultaten Deze PDF is geen digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS, maar alleen een bijlage. Meer toelichting over de PDF en AERIUS kunt u vinden in de handleidingen of op onze website.

Bijlage projectberekening AERIUS kenmerk Projectberekening: Rki2VdDgDygg Hulpmiddel beoordeling hexagonen met een hersteldoel Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 2 Extra beoordeling realisatiefase 2026 Contactgegevens Rechtspersoon NL Capital Kruisberg BV Inrichtingslocatie Kruisbergseweg , BT Doetinchem Bijbehorende projectberekening Omschrijving projectberekening Voortoets stikstofdepositie Kruisbergseweg te Doetinchem AERIUS kenmerk projectberekening Rki VdDgDygg Datum projectberekening december , : Totale emissie Rekenjaar Emissie NH₃ Emissie NOₓ Realisatiefase - Beoogd , kg/j , kg/j Bijlage projectberekening Hulpmiddel beoordeling hexagonen met een hersteldoel 2/4Rki2VdDgDygg (12 december 2025) Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 2 Extra beoordeling realisatiefase 2026 Resultaten hexagonen met hersteldoel situatie "Realisatiefase " (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Er zijn geen resultaten voor deze weergave. Bijlage projectberekening Hulpmiddel beoordeling hexagonen met een hersteldoel 3/4Rki2VdDgDygg (12 december 2025) Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 2 Extra beoordeling realisatiefase 2026 Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie.

Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie . . _ _db f b Database versie . . _db f b_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://link.aerius.nl/website Bijlage projectberekening Hulpmiddel beoordeling hexagonen met een hersteldoel 4/4Rki2VdDgDygg (12 december 2025) Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 2 Extra beoordeling realisatiefase 2026 Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen Natura - gebieden, op rekenpunten die overlappen met stikstofgevoelige habitattypen en/of leefgebieden, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstofdepositie. Overzicht Detailgegevens per emissiebron Resultaten Samenvatting situaties Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over de PDF en AERIUS kunt u vinden in de handleidingen of op onze website.

Projectberekening Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 3 AERIUS-berekening gebruiksfase 2027 Contactgegevens Rechtspersoon NL Capital Kruisberg BV Inrichtingslocatie Kruisbergseweg , BT Doetinchem Activiteit Omschrijving Voortoets stikstofdepositie Kruisbergseweg te Doetinchem Toelichting Berekend door J. Maarse Berekening AERIUS kenmerk S EWtNorG hu Datum berekening december , : Rekencon guratie OwN -rekengrid incl. eigen rekenpunten Totale emissie Rekenjaar Emissie NH₃ Emissie NOₓ Gebruiksfase - Beoogd , kg/j , kg/j Resultaten Hoogste bijdrage Hexagon Gebied Gebruiksfase - Beoogd - Gekarteerd oppervlak met toename (ha) - Gekarteerd oppervlak met afname (ha) - Grootste toename - Grootste afname - Projectberekening 2/8S5EWtNorG8hu (12 december 2025) Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 3 AERIUS-berekening gebruiksfase 2027 Gebruiksfase (Beoogd), rekenjaar Emissiebronnen Emissie NH₃ Emissie NOₓ Verkeer | Koude start: overig | Koude start gebruiksfase , kg/j , kg/j  Verkeersnetwerk , kg/j , kg/j Projectberekening 3/8S5EWtNorG8hu (12 december 2025) Buro Ontwerp & Omgeving Bijlage 3 AERIUS-berekening gebruiksfase 2027 Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura gebieden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/8370/documents/52957