CConstaterende datDoesburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2025

Commissie Financiën 25 juni 2026, gemeente DoesburgBij agendapunt: Jaarstukken 2025 gemeente Doesburg (Raadsvoorstel)43.421 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Verbonden partijen De volgende verbonden partijen dragen bij aan de doelstellingen van het programma 2 Verbindende en versterkende sociale aanpak: Veiligheid- en Gezondheidsregio Gelderland Midden (VGGM) voor het onderdeel zorg Bedrijfsvoeringsorganisatie Doelgroepenvervoer Regio Arnhem-Nijmegen (DRAN) Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Centraal-Gelderland (MGR) In de paragraaf Verbonden partijen vindt u een overzicht met toelichting van alle verbonden partijen waarmee Doesburg banden is aangegaan ter behartiging van bepaalde publieke belangen.

Beleidsindicatoren Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn gemeenten voortaan gehouden om in de programma’s in de begroting en in de het jaarverslag, de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma’s worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren. Deze indicatoren dragen bij om de begroting en jaarverslagen beleidsmatiger te maken, zodat raadsleden op de belangrijke momenten in een beleidscyclus zich een beeld kunnen vormen over behaalde beleidsresultaten en te behalen beleidsresultaten. Hieronder vindt u de beleidsindicatoren behorende bij dit programma. Indicator en beschrijving Niet-sporters

Periode 2024

44

2025

16,8

2024

18

2024

2,4

2024

606,1

Het percentage inwoners dat niet sport ten opzichte van het totaal aantal inwoners van 19 jaar en ouder. Absoluut verzuim Het aantal leerplichtigen dat niet staat ingeschreven op een school, per 1.000 leerlingen, leeftijd 5-18 jaar. Relatief verzuim Het aantal leerplichtigen dat wel staat ingeschreven op een school, maar ongeoorloofd afwezig is, per 1.000 inwoners, leeftijd 5-18 jaar. Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers) Het percentage van het totaal aantal leerlingen (12 - 23 jaar) dat voortijdig, dat wil zeggen zonder startkwalificatie, het onderwijs verlaat. Banen Het aantal banen, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar. Geen data

Jongeren met een delict voor de rechter Het percentage jongeren (12-21 jaar) dat met een delict voor de rechter is verschenen. Kinderen in uitkeringsgezin

2024

6

2025

67,7

2024

2

2025

305,6

2024

486,1

2024

17,9

2024

1,2

Het percentage kinderen tot 18 jaar dat in een gezin leeft dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen. Netto arbeidsparticipatie Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking. Werkloze jongeren Het percentage werkeloze jongeren (16-22 jaar). Personen met een bijstandsuitkering Het aantal personen met een bijstandsuitkering, per 10.000 inwoners in de leeftijd 18 jaar en ouder. Personen met lopende re-integratievoorzieningen Het aantal re-integratievoorzieningen, per 10.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar. Jongeren (tot 18 jaar) met jeugdhulp Het percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp ten opzicht van alle jongeren tot 18 jaar. Jongeren (t/m 18 jaar) met jeugdbescherming Het percentage jongeren tot 18 jaar met een jeugdbeschermingsmaatregel ten opzichte van alle jongeren tot 18 jaar. Geen data

Jongeren (tot 23 jaar) met jeugdreclassering Het percentage jongeren (12-22 jaar) met een jeugdreclasseringsmaatregel ten opzichte van alle jongeren (12-22 jaar). Cliënten met een maatwerkarrangement WMO

2025

650

Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wmo. Voor de Wmo gegevens geldt dat het referentiegemiddelde gebaseerd is op 180 deelnemende gemeenten (per 10.000 inwoners).

Pagina 22 van 113

Programma 3 Kwaliteitstoerisme en toegankelijke natuurrecreatie Korte beschrijving Kwaliteitstoerisme en toegankelijke natuurrecreatie zijn samen één van de drie pijlers waarop we de komende jaren volop inzetten. Toerisme en recreatie willen we op een kwalitatieve manier verder ontwikkelen, in balans met de leefomgeving, economie, cultuur en natuur. Dit doen we door middel van het opstellen van een toeristische visie met uitvoeringsprogramma en een economische visie met uitvoeringsplan. De binnenstad moet een evenwichtig aanbod van voorzieningen hebben om bruisend en levendig te kunnen zijn en blijven. We willen daarom leegstand zoveel mogelijk voorkomen door een goede bezetting van winkelpanden in stand te houden.

Wat willen we bereiken? L 3.1 We willen een bruisende, levendige Binnenstad en we willen in dit kader dat de bestaande evenementen worden behouden en optimaal vanuit de gemeente worden ondersteund. Omschrijving (toelichting) De onderliggende maatregelen van dit doel zijn afgerond / afgesloten.

Wat willen we bereiken? L 3.2 Om een goed ondernemersklimaat te stimuleren, bedrijven te behouden en leegstand te voorkomen zal er actiever worden ingezet op acquisitie en een ondersteunende rol vanuit de gemeente. Omschrijving (toelichting) De onderliggende maatregelen van dit doel zijn afgerond / afgesloten.

Wat willen we bereiken? L 3.3 De VVV dient in Doesburg te worden behouden en vanuit de gemeente te worden ondersteund. Omschrijving (toelichting) De onderliggende maatregelen van dit doel zijn afgerond / afgesloten.

Wat mag het kosten? Exploitatie

Realisatie 2024 [2024]

Prim.Begr.2025[2025]

Begroting 2025 na wijziging [2025]

Realisatie 2025 [2025]

Saldo 2025 [2025]

Lasten 2.3 Recreatieve havens

92.655

88.482

95.482

89.022

6.460

3.1 Economische ontwikkeling

278.750

247.528

285.528

247.191

38.337

6.260

4.513

4.513

1.971

2.542

335.264

335.224

392.224

361.454

30.770

3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen 3.4 Economische promotie 5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie

24.844

28.405

32.405

23.683

8.722

5.4 Musea

225.326

152.164

152.164

137.866

14.298

5.5 Cultureel erfgoed

227.979

193.338

241.085

216.687

24.398

1.191.077

1.049.654

1.203.401

1.077.873

125.528

2.3 Recreatieve havens

79.045

114.246

104.246

82.925

21.321

3.1 Economische ontwikkeling

17.010

0

0

0

0

3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen

5.394

5.828

5.828

3.320

2.508

3.4 Economische promotie

485.036

443.374

476.874

585.632

-108.758

5.4 Musea

11.885

0

0

-1.719

1.719

5.5 Cultureel erfgoed

25.317

23.348

67.595

47.811

19.784

Totaal Baten

623.688

586.796

654.543

717.969

-63.426

Resultaat

-567.389

-462.858

-548.858

-359.904

-188.954

Totaal Lasten Baten

Mutatie reserves horende bij dit programma Exploitatie

Realisatie 2024 [2024]

Prim.Begr.2025[2025]

Begroting 2025 na wijziging [2025]

Realisatie 2025 [2025]

Saldo 2025 [2025]

Lasten 0.10 Mutaties reserves

0

0

50.000

50.000

0

0.10 Mutaties reserves

0

0

168.000

168.000

0

Resultaat

0

0

118.000

118.000

0

Baten

Toelichting op budgetafwijkingen Taakveld 3.1 Economische ontwikkeling: baten en lasten € 38.000 voordeel Voor het uitvoeren van een economische visie was € 38.000 extra beschikbaar uit de overgehevelde middelen uit 2024. Een aantal geplande activiteiten hieruit is uitgesteld omdat projecten met hogere prioriteit eerst werden uitgevoerd. Daarnaast zijn werkzaamheden later gestart of doorgeschoven naar 2026, mede door beperkte personele capaciteit. Taakveld 3.4 Economische promotie: lagere lasten en hogere baten, per saldo € 140.000 voordeel De baten uit de toeristenbelasting vielen ook na bijstelling van de begroting in de IBB2025 € 110.000 hoger uit dan begroot, door met name een grote stijging in het aantal overnachtingen op campings. Omdat deze stijging een structureel karakter heeft zal deze stijging worden meegenomen in de Kadernota 2027. De uitgaven voor toeristische stimulering vielen lager uit dan begroot doordat de lasten voor enkele uitgaven lager uitvielen dan begroot en doordat niet alles wat gepland was uitgevoerd kon worden. Een bedrag van € 50.000 is reeds in de IBB 2025 gereserveerd voor uitvoering van het Next Level plan (Turfhaven) in 2026.

Pagina 23 van 113

Verbonden partijen De volgende verbonden partijen dragen bij aan de doelstellingen van het programma Kwaliteitstoerisme en toerisme en toegankelijke natuurrecreatie: Streekarchivariaat de Liemers en Doesburg In de paragraaf Verbonden partijen vindt u een overzicht met toelichting van alle verbonden partijen waarmee Doesburg banden is aangegaan ter behartiging van bepaalde publieke belangen.

Beleidsindicatoren Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn gemeenten voortaan gehouden om in de programma’s in de begroting en in het jaarverslag, de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma’s worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren. Deze indicatoren dragen bij om de begroting en jaarverslagen beleidsmatiger te maken, zodat raadsleden op de belangrijke momenten in een beleidscyclus zich een beeld kunnen vormen over behaalde beleidsresultaten en te behalen beleidsresultaten. Hieronder vindt u de beleidsindicatoren behorende bij dit programma. Indicator en beschrijving Functiemenging

Periode 2024

42,3

2024

159,5

De functiemenging index (FMI) weerspiegelt de verhouding in percentages tussen banen en woningen, en varieert tussen 0 (alleen wonen) en 100 (alleen werken). Bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen. Vestiging (van bedrijven) Het aantal vestigingen van bedrijven, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar.

Pagina 24 van 113

Programma 4 Bestuur en organisatie Korte beschrijving Vanuit de bedrijfsvoering van de gemeente Doesburg zijn we voortdurend bezig om samen met de collega’s resultaten te boeken voor de stad, zijn inwoners, bedrijven en instellingen. Met de focus op de onderwerpen uit de Toekomstvisie, de steeds toenemende hoeveelheid taken en rollen en de complexiteit ervan in combinatie met een steeds krapper wordende arbeidsmarkt willen we een sterke, gerichte samenwerking met collega’s in de regio realiseren. We willen ons verbinden aan een partner waar we vanuit vertrouwen mee samenwerken en elkaar versterken. Om dit waar te kunnen maken, werkt Bedrijfsvoering aan drie hoofdthema’s in de komende periode: •

het versterken van de ambtelijke organisatie;

•

aantrekkelijk werkgeverschap;

•

beheer en processen op orde.

Wat willen we bereiken? L 4.1 We willen de bestuurlijke zelfstandigheid van Doesburg behouden. Omschrijving (toelichting) De onderliggende maatregelen van dit doel zijn afgerond / afgesloten.

Wat willen we bereiken? L 4.2 We brengen de basis op orde. Omschrijving (toelichting) De onderliggende maatregelen van dit doel zijn afgerond / afgesloten.

Wat willen we bereiken? L 4.3 We willen een adequate ambtelijke huisvesting realiseren gekoppeld aan de toekomstplannen voor de ontwikkeling van de ambtelijke organisatie.

Wat gaan we daarvoor doen? M 4.3 We zorgen voor besluitvorming en over adequate huisvesting voor het ambtelijke apparaat en de realisatie ervan. Kwaliteit (indicator)

Kwaliteit (toelichting) De transformatie van het kantoorpand Leigraafseweg 8 naar een multifunctioneel te gebruiken Stadskantoor is afgerond, zowel feitelijk als financieel. De ambtelijke en bestuurlijke organisatie is voorzien van een kwalitatief goede huisvesting. Status Afgerond / Afgesloten

Wat willen we bereiken? L 4.4 We willen ruimte binnen de bestaande begroting creëren.

Wat gaan we daarvoor doen? M 4.4 We zorgen voor een materieel sluitende (meerjaren)begroting. Kwaliteit (indicator)

Kwaliteit (toelichting) De begroting 2026 is structureel sluitend. Status Afgerond / Afgesloten

Wat willen we bereiken? L 4.5 We willen kritisch kijken naar ons voorzieningenniveau in relatie tot onze toekomstvisie. Er zullen scherpere keuzes gemaakt moeten worden in welke voorzieningen wel passen en welke niet.

Wat gaan we daarvoor doen? M 4.5 Onderzoek over welke voorzieningen tot het basisvoorzieningenniveau binnen onze gemeente behoren en welke door de voorzieningen in de regio vervuld worden. Kwaliteit (indicator)

Kwaliteit (toelichting) In 2025 is een verkenning uitgevoerd naar de (financiele) mogelijkheden voor de realisatie van een nieuwe sportaccommodatie op locatie Den Helder. Dit onderzoek krijgt een vervolg waarbij met name de haalbaarheid van een multifunctionele sportaccommodatie wordt onderzocht; een accommodatie die ook gebruikt wordt voor allerlei vormen van fitness en evenementen. Daarbij ligt het voor de hand dat de gemeente met private partijen samenwerkt. De interesse hiervoor bij met name sportschoolhouders wordt gepeild. Daarbij wordt ook goed gekeken naar de risico's en hoe deze optimaal af te dekken. Streven is om medio 2026 een volwaardig en evenwichtig voorstel te presenteren op basis waarvan een besluit kan worden genomen over wat voor soort sportaccommodatie het beste kan worden gerealiseerd. Pagina 25 van 113

Streven is om in 2026 ook tot formele aankoop over te gaan van de voor deze locatie benodigde bouwgrond. Status In voorbereiding

M 4.5 We gaan het jeugd- en jongerenwerk volgens de huidige inzichten vormgegeven, waarbij bekeken zal worden of een zelfstandig jongerencentrum nog bij deze vraag past. We willen kijken naar een beter alternatief. Kwaliteit (indicator)

Kwaliteit (toelichting) Eind 2024 hebben we een netwerkbijeenkomst georganiseerd waaruit de volgende 3 speerpunten voor 2025 zijn geformuleerd. 1. Ombuiging kosten van geïndiceerde zorg naar vrij toegankelijke ondersteuning zodat een vraag een vraag blijft en geen probleem wordt. 2. Outreachend jongerenwerk richting de groep overlastgevende jongeren. 3. Organiseren van netwerkbijeenkomsten twee keer per jaar zodat we elkaar goed weten te vinden. Ook duidelijker link met het onderwijs. Het jongerenwerk werkt intensief samen met de buurtsportcoaches. Tevens hebben we het project verlengd met de outreachend jongerenwerker die als straatcoach contact legt met jongeren met problemen die te laat in beeld komen bij het onderwijs en de hulpverlening en langzaam dreigen af te glijden naar de criminaliteit. Op 28 mei 2024 heeft het college besloten om voor een nieuwe invulling van het jongerencentrum een lokale coalitie te vormen met de huidige gebruikers, lokale organisaties en inwoners. Deze partijen maken samen een plan voor het multifunctioneel gebruik van het gebouw. Waarna ze samen de verantwoordelijkheid nemen voor de verdere uitwerking en uitvoering van het plan. Voor de voorbereiding en uitvoering van het plan zal subsidie worden aangevraagd bij de Provincie (Wijken- en dorpendealregeling).

Begin 2026 is het jongerenwerk opnieuw aanbesteed met als doel een partner te krijgen waar meer expertise op dit terrein ligt, die dit in meerdere gemeenten aanbiedt. Status In uitvoering

M 4.5 We willen analoog aan het recycleplein kijken of onze voorzieningen regionaal beter kunnen worden benut, waardoor wellicht ook financiële voordelen ontstaan voor de exploitatie ervan. Kwaliteit (indicator)

Kwaliteit (toelichting) Het onderzoek is niet gestart. Er wordt voorgesteld te besluiten deze maatregel in het kader van prioritering i.v.m. capaciteitsgebrek, te schrappen. Status Nog niet gestart

Wat willen we bereiken? L 4.6 We willen de inwoners en bedrijven en maatschappelijke organisaties meer dan voorheen een stevige positie geven in de beleidsontwikkeling en uitvoering.

Wat gaan we daarvoor doen? M 4.6 We gaan opgavegericht werken. Kwaliteit (indicator)

Kwaliteit (toelichting) Er heeft een themabijeenkomst over opgavegericht werken als nieuwe manier van werken met het college plaatsgevonden, onder begeleiding van de VPNG. Als maatschappelijke opgave is gekozen voor het versterken van de sociale basis. Deze opgave wordt integraal, in een gezamenlijke verantwoordelijkheid, met inzet van gezamenlijke middelen, met organisaties en inwoners opgepakt. De gemeente heeft daarbij niet de regie maar is slechts één van de spelers. Status In uitvoering

Pagina 26 van 113

Wat mag het kosten? Exploitatie

Realisatie 2024 [2024]

Prim.Begr.2025[2025]

Begroting 2025 na wijziging [2025]

Realisatie 2025 [2025]

Saldo 2025 [2025]

Lasten 0.1 Bestuur

1.083.336

1.064.680

1.189.680

1.984.115

-794.435

0.4 Overhead

6.336.424

7.261.898

6.608.528

6.401.400

207.128

0.5 Treasury

90.647

118.196

235.196

224.177

11.019

Totaal Lasten

7.510.407

8.444.774

8.033.404

8.609.692

-576.288

0.1 Bestuur

377.990

0

60.000

60.271

-271

0.4 Overhead

124.082

139.009

95.009

136.252

-41.243

0.5 Treasury

431.859

290.584

424.884

427.063

-2.179

Totaal Baten

933.931

429.593

579.893

623.586

-43.693

-6.576.475

-8.015.181

-7.453.511

-7.986.106

532.595

Baten

Resultaat

Mutatie reserves horende bij dit programma Exploitatie

Realisatie 2024 [2024]

Prim.Begr.2025[2025]

Begroting 2025 na wijziging [2025]

Realisatie 2025 [2025]

Saldo 2025 [2025]

Lasten 0.10 Mutaties reserves

1.367.104

5.104

159.640

199.639

-39.999

1.691.975

43.071

288.207

1.083.628

-795.421

324.871

37.967

128.567

883.989

-755.422

Baten 0.10 Mutaties reserves Resultaat

Toelichting op budgetafwijkingen Het totale resultaat op dit programma bedraagt € 223.000 positief (inclusief mutaties reserves) t.o.v. de gewijzigde begroting. Onderstaand zijn de afwijkingen op de taakvelden toegelicht. Taakveld 0.1 Bestuur: hogere lasten € 794.000 nadeel. In de begroting was nog geen rekening gehouden met de extra lasten voor de pensioenverzekering voor de wethouders. In verband met de toekomstige overgang van de pensioenvoorziening naar het ABP is door het ministerie van BZK een berekening gemaakt van de kapitaalstorting die nodig is om de opgebouwde pensioenaanspraken te financieren. De commissie BBV heeft bepaald dat bij de bepaling van de voorziening rekening moet worden gehouden met deze kapitaalstorting. Voor Doesburg gaat het om een bedrag van € 705.000. De hoge kapitaalstorting is mede het gevolg van de hoge dekkingsgraad van het ABP. Bij de resultaatbestemming van 2024 is € 300.000 gereserveerd voor deze ontwikkeling. Deze valt nu vrij (zie mutatie reserves) waardoor het netto-effect € 405.000 is. Daarnaast zijn er in 2025 extra kosten (€ 100.000) gemaakt voor het herindelingsproces. Taakveld 0.4 overhead: Lagere lasten en hogere baten € 248.000 voordeel. Het voordeel in 2025 betreft met name de volgende onderdelen: * Personeelskosten € 52.000 voordeel.

* Stadhuis € 30.000 nadeel, dit betreffen met name kosten die te maken hebben met de verkoop van het stadhuis en energielasten * Boekwinst en vrijval van verplichtingen waarvoor geen duidelijke onderbouwing aanwezig is, deze posten stonden al langer dan 4 jaar op de balans. samen € 187.000 * ICT kosten € 27.000 voordeel, door een afrekening van de ICT-samenwerking over 2025. * Kosten voor beroep en bezwaar voor met name jeugdzorg; € 22.000 nadeel * Bureau- en algemene kosten en algemene voorlichting gemeente, samen € 34.000 voordeel Mutatie reserves; hogere lasten en hogere baten € 755.000 voordeel Door de verkoop van het stadhuis vallen de gereserveerde kapitaallasten vrij voor een bedrag van € 495.000, de vrijval van de reserve voor de pensioenvoorziening bedroeg € 300.00. De hogere lasten bestonden uit het overhevelen van het vrije budget per pijler naar 2026 ad € 40.000.

Verbonden partijen De volgende verbonden partijen dragen bij aan de doelstellingen van het programma 4 Bestuur en organisatie: BNG Bank Alliander N.V. Vitens In de paragraaf Verbonden partijen vindt u een overzicht met toelichting van alle verbonden partijen waarmee Doesburg banden is aangegaan ter behartiging van bepaalde publieke belangen.

Beleidsindicatoren Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn gemeenten voortaan gehouden om in de programma’s in de begroting en in de het jaarverslag, de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma’s worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren. Deze indicatoren dragen bij om de begroting en jaarverslagen beleidsmatiger te maken, zodat raadsleden op de belangrijke momenten in een beleidscyclus zich een beeld kunnen vormen over behaalde beleidsresultaten en te behalen beleidsresultaten. Hieronder vindt u de beleidsindicatoren behorende bi dit programma.

Pagina 27 van 113

Indicator en beschrijving Formatie

Periode 2025

8,92

2025

8,48

2025

€ 1.166

2025

15,34%

2025

103,95%

Fte per 1.000 inwoners Bezetting Fte per 1.000 inwoners Apparaatkosten Kosten per inwoner Externe inhuur Kosten als % van de totale loonsom + totale kosten externe inhuur Overhead % van de totale lasten

Pagina 28 van 113

Overzicht algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Algemene dekkingsmiddelen Exploitatie

Realisatie 2024 [2024]

Prim.Begr.2025[2025]

Begroting 2025 na wijziging [2025]

Realisatie 2025 [2025]

Saldo 2025 [2025]

Lasten 0.61 OZB woningen

331.548

273.695

325.695

311.165

14.530

0.62 OZB niet-woningen

18.202

28.233

28.233

27.146

1.087

0.64 Belastingen Overig

51.383

67.290

67.290

75.795

-8.505

0.8 Overige baten en lasten

177.827

85.000

39.000

40.493

-1.493

0.9 Vennootschapsbelasting (VpB)

-30.745

0

0

-4.364

4.364

Totaal Lasten

548.216

454.218

460.218

450.236

9.982

1.963.007

1.959.475

2.331.475

2.328.033

3.442

0.62 OZB niet-woningen

426.217

525.088

506.088

490.618

15.470

0.64 Belastingen Overig

138.180

161.988

169.937

167.421

2.516

28.993.368

29.222.190

31.782.648

32.245.038

-462.390

411

0

0

2.762

-2.762

Totaal Baten

31.521.183

31.868.741

34.790.148

35.233.872

-443.724

Resultaat

30.972.967

31.414.523

34.329.930

34.783.636

-453.706

Baten 0.61 OZB woningen

0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds 0.8 Overige baten en lasten

Toelichting op de budgetafwijkingen Het totale saldo van de afwijkingen op de algemene dekkingsmiddelen bedraagt € 454.000 (voordeel). Taakveld 0.7 Algemene uitkering: hogere baten € 462.000 voordeel. De algemene uitkering over 2025 is € 462.000 hoger door aanpassing van de maatstaf huishoudens met een laag inkomen. Ook hebben wij in december nog een nabetaling ontvangen over voorgaande jaren (€ 82.000). De overige afwijkingen bedragen per saldo € 8.000 nadelig.

Pagina 29 van 113

Paragrafen Paragraaf A | Lokale heffingen Inleiding In deze paragraaf geven wij inzicht in de tarieven en de inkomsten met betrekking tot de lokale heffingen. De lokale heffingen vormen een belangrijke inkomstenbron voor de gemeente. De inkomsten worden voor het merendeel opgebracht door inwoners en voor een kleiner deel door bedrijven. De heffing vindt plaats op basis van verordeningen die door de gemeenteraad zijn vastgesteld. De lokale heffingen bestaan uit het totaal van belastingen, rechten en (bestemmings-)heffingen. •

Belastingen: de inkomsten uit belastingen zijn niet gelabeld en kunnen daarom voor alle gemeentelijke taken en/of voorzieningen worden ingezet. Voorbeelden zijn de onroerendezaakbelasting (OZB) en toeristenbelasting

•

(Bestemmings-)heffingen: worden geheven voor specifieke taken of voorzieningen met een duidelijk algemeen belang. De inkomsten kunnen uitsluitend besteed worden aan die specifieke taak of voorziening waarvoor de heffing is opgelegd. Voorbeelden zijn de afvalstoffen- en rioolheffing. Voor deze heffingen geldt dat de gemeente niet meer in rekening mag brengen dan de kosten die zij voor de betreffende taak of voorziening maakt.

•

Rechten: worden geheven voor diensten die geleverd worden aan een individuele aanvrager. Rechten worden ook wel leges of retributies genoemd. Voorbeelden zijn het aanvragen van een rijbewijs, het aanvragen van een omgevingsvergunning en de lijkbezorging. Bij het heffen van rechten gelden beperkingen: er mag geen winst gemaakt worden op de diensten en voor een aantal diensten heeft de rijksoverheid een maximumtarief bepaald.

In de paragraaf lichten we de volgende onderdelen toe: 1. Het beleid. 2. De inkomsten uit lokale heffingen en de kostendekking. 3. Kwijtschelding. 4. De lokale lastendruk. Het beleid De gemeenteraad bepaalt via verordeningen welke gemeentelijke lokale lasten inwoners betalen alsook de hoogte van de tarieven. De verordeningen voor het jaar 2025 zijn in december 2024 door de raad vastgesteld. De tarieven voor de lokale heffingen zijn in 2025 gemiddeld met 9,6 % verhoogd ten opzichte van 2024. Bij de afvalstoffenheffing en rioolheffing is het uitgangspunt 100% kostendekkenheid. Eventuele voor- en nadelen worden via de egalisatievoorziening vereffend. Voor 2025 gelden de volgende tarieven: 2024 vastgesteld 2025 vastgesteld Onroerendezaakbelasting eigenaren woning

0,1209%

0,1342%

Onroerendezaakbelasting eigenaren niet-woning

0,1952%

0,2114%

Onroerendezaakbelasting gebruiker

0,1314%

0,1406%

Afvalstoffenheffing per perceel

€ 239,45

€ 249,45

Afvalstoffenheffing per aanbieding

diftar

diftar

Rioolheffing per m3

€ 2,55

€ 3,00

Overzicht lokale heffingen Overzicht lokale heffingen en geraamde inkomsten De lokale heffingen bestaan uit belastingen en rechten. De belastingen dienen ter dekking van de algemene uitgaven van de gemeente en zijn in principe vrij besteedbaar. De rechten dienen ter dekking van de kosten die de gemeente maakt voor individuele dienstverlening aan de burger en zijn dus niet vrij besteedbaar. In onderstaand overzicht zijn de gerealiseerde cijfers voor 2025 opgenomen. Ter vergelijking zijn ook de cijfers vermeld uit de begroting 2025. Omschrijving

Begroting

Realisatie

Leges (excl. leges omgevingsvergunning)

199.341

321.460

Parkeerheffingen

537.012

593.454

Lig-, haven- en kadegelden

101.309

80.697

4.557

2.618

Afvalstoffenheffing

1.758.344

1.805.275

Rioolheffing

Marktgeld

1.411.220

1.476.724

Lijkbezorgingsrechten

76.679

84.801

Leges omgevingsvergunning

354.258

95.759

Onroerendezaakbelastingen

2.772.480

2.815.245

Hondenbelasting

58.840

51.340

Precariobelasting

25.682

25.794

Toeristenbelasting

421.470

576.061

Roerende-zaakbelastingen

2.083

3.406

Reclamebelasting/BIZ heffing

55.512

58.240

7.778.787

7.990.873

TOTAAL

Pagina 30 van 113

Belastingen De gemeente kan alleen een belasting heffen als de wet daar de bevoegdheid toe geeft. De opbrengsten van de algemene belastingen komen ten goede aan de algemene middelen van de gemeente. Dit betekent dat de opbrengsten vrij te besteden zijn. Het gaat om de onroerende zaakbelastingen, toeristenbelasting, hondenbelasting, parkeerbelasting en reclamebelasting. Onroerende zaakbelasting Onroerende zaakbelastingen (OZB) zijn de belastingen op de waarde van een woning of bedrijf. Voor woningen mag alleen een eigenarenbelasting in rekening worden gebracht. Op basis van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) wordt ieder jaar van elk object de waarde vastgesteld. Deze waarde vormt de grondslag voor de berekening van de OZB aanslagen. Ontwikkelingen in de waarde als gevolg van de jaarlijkse herwaardering worden gecompenseerd via het tarief. Stijgt de waarde dan moeten de tarieven neerwaarts worden bijgesteld om de opbrengst niet meer te laten stijgen dan de inflatiecorrectie. De opbrengsten zijn conform de verwachting. Parkeerbelasting Parkeerbelastingen worden geheven voor: a. een verleende vergunning voor het parkeren van een motorvoertuig op de in die vergunning aangegeven plaats en wijze; b. een belasting ter zake van een van gemeentewege verleende dagkaart voor het parkeren van een motorvoertuig op de in die dagkaart aangegeven plaats en wijze.

Door consequente controles neemt de betalingsbereidheid toe en stijgen de inkomsten. Toeristenbelasting De toeristenbelasting wordt geheven voor het tegen vergoeding houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente. De opbrengst is ruim hoger dan de begroting. Het aantal overnachtingen op met name campings is opnieuw fors hoger dan voorgaande jaren. De begroting voor de komende jaren zal hierop worden aangepast, nu het aantal overnachtingen structureel hoger blijkt te zijn. Precariobelasting Precariobelasting wordt geheven voor het in gebruik nemen van gemeentegrond, zoals bv. terrassen, voorwerpen voor reclamedoeleinden en bouwsteigers. De opbrengst is in lijn met de begroting. Hondenbelasting De hondenbelasting is een directe belasting die wordt geheven voor het houden van een hond binnen de gemeente. De belasting wordt geheven naar het aantal honden dat wordt gehouden. De opbrengst is iets lager uitgekomen dan de raming. In december 2025 is door de gemeenteraad een motie aangenomen tot afschaffing van de hondenbelasting. Reclamebelasting/BIZ heffing Tot en met 2024 werd er in Doesburg reclamebelasting geheven. Met de invoering van de Bedrijveninvesteringszone vervalt de bestaande reclamebelasting.

Een Bedrijveninvesteringszone (BIZ) is een duidelijk afgebakend gebied, bijvoorbeeld een industrieterrein, bedrijventerrein of winkelgebied, waarin alle ondernemers gezamenlijk investeren in het verbeteren van hun omgeving. In Doesburg is dit de binnenstad. De BIZ zorgt ervoor dat alle ondernemers binnen de zone automatisch meedoen en belasting betalen in de vorm van een BIZ-bijdrage. De gemeente int de bijdrage en draagt deze vervolgens als subsidie over aan Stichting Centrum Belang Doesburg (SCBD), die de gezamenlijke plannen uitvoert. De Stichting voert activiteiten uit om het centrum van Doesburg sterker te maken en aantrekkelijker voor bewoners, bezoekers en ondernemers. Iedere ondernemer in de binnenstad van Doesburg profiteert hiervan.

Bestemmingsheffingen De inkomsten uit bestemmingsheffingen kunnen uitsluitend besteed worden aan die specifieke taak of voorziening waarvoor de heffing is opgelegd. De gemeente mag bij de begroting niet meer in rekening brengen dan de kosten die zij voor de betreffende taak of voorziening maakt. Mee- of tegenvallers worden verrekend met de egalisatievoorziening.

Rioolheffing In 2023 is het Watertakenplan Olburgen (WTPO) 2023-2027 vastgesteld. Hierin is aangegeven hoe de gemeente invulling geeft aan de wettelijke zorgtaken op het gebied van riolering, water en klimaatadaptatie (DPRA). Een belangrijk uitgangspunt van het nieuwe plan is het op lange termijn betaalbaar houden van de rioolheffing voor de inwoners. In onderstaand overzicht is de kostendekking voor riolering weergegeven. Taakveld

Begroting Realisatie

Lasten 7.2 Riolering

919.393

822.536

0.4 Overhead incl btw en rente

447.332

450.747

2.1 Straatreiniging

53.433

57.328

6.3 Kwijtschelding

75.000

64.050

0.10 storting vrz vervangingsinvest.

187.243

187.243

Totaal lasten

1.682.401 1.581.904

Baten 7.2 Opbrengst heffingen 0.10 onttrekking egalisatievrz. Totaal baten

Dekkingspercentage

1.411.220 1.476.724 271.181

105.180

1.682.401 1.581.904

100%

100%

Pagina 31 van 113

In 2025 zijn de opbrengsten hoger dan de begrote opbrengsten. De rioolheffing wordt berekend op basis van het waterverbruik. Daardoor kunnen de baten behoorlijk schommelen. In 2025 is een hogere afrekening over 2024 ontvangen dan verwacht. Schommelingen in de opbrengsten kunnen worden gecompenseerd door een storting of onttrekking aan de egalisatievoorziening. Bij vaststelling van het nieuwe watertakenplan is al aangegeven dat het te overwegen is om de heffingsmethodiek in de nabije toekomst te herzien. Hiervoor zijn in 2025 voorbereidingen getroffen. In 2026 wordt een voorstel tot wijzigen van de heffingsgrondslag uitgewerkt. De lasten waren in 2025 lager dan de begrote lasten. Doordat investeringen later zijn gerealiseerd worden de kapitaallasten voor deze investeringen ook later gerealiseerd. Daarnaast is in 2025 minder geïnspecteerd en minder besteed aan nieuwe watertaken, o.a. vanwege gebrek aan capaciteit.

Afvalstoffenheffing De kosten van de afvalinzameling worden gedekt door de opbrengsten uit de afvalstoffenheffing. Dit gebeurt op basis van 100 % kostendekkendheid. Daarnaast worden de opbrengsten uit de milieustraat door medegebruik van buurgemeenten ook meegenomen in de dekking. In onderstaand overzicht is de kostendekking voor afval weergegeven. Taakveld

Begroting

Realisatie

1.484.851

1.723.846

0.4 Overhead incl btw en rente

315.436

383.317

2.1 Straatreiniging

113.433

108.733

6.3 Kwijtschelding

85.000

94.241

0.10 Toevoeging egalisatievoorziening

10.926

14.767

2.009.646

2.324.904

7.3 Opbrengst belastingen

1.758.344

1.692.973

7.3 Overige opbrengsten

251.302

631.930

2.009.646

2.324.903

100%

100%

Lasten 7.3 Afval

Totaal lasten

Baten

Totaal baten

Dekkingspercentage

In de loop van 2024 is de wijze van factureren door afvalverwerker Circulus gewijzigd, hierdoor ontstaat meer inzicht in baten en lasten die voorheen gesaldeerd werden. Zo worden de heffingen die aan milieustraat worden ontvangen niet meer gesaldeerd met de lasten, maar separaat als bate verantwoord. Hierdoor heeft in 2025 een verschuiving in baten en lasten plaats gevonden. Doordat in 2025 meer heffingen werden ontvangen dan de lasten bedroegen werd er een bedrag van € 14.767 toegevoegd aan de egalisatie voorziening. Hiermee kunnen mogelijke tariefstijgingen in de toekomst worden opgevangen. De tarieven voor 2026 zijn minder verhoogd dan de te verwachten kostenstijgingen voor afvalinzameling.

Rechten Rechten worden geheven als de gemeente een specifieke dienst verleent. Bij het heffen van rechten geldt dat er geen winst gemaakt mag worden op de diensten. De belangrijkste rechten zijn de leges die geheven worden op basis van de legesverordening. Ook de marktgelden en de lijkbezorgingsrechten horen bij dit onderdeel. De leges voor algemene dienstverlening viel in 2025 hoger uit vanwege de paspoortpiek. De leges omgevingsvergunningen is afhankelijk van het aantal aangevraagde en verleende omgevingsvergunningen. Deze leges viel lager uit vanwege een lager aantal verleende omgevingsvergunningen dan begroot door o.a. stikstofproblematiek. Overzicht leges (inkomsten en kostendekking)

Begroting 2025

realisatie 2025

Leges algemene dienstverlening (hoofdstuk 1)

€ 156.535

€ 272.374

Leges leefomgeving en omgevingsvergunning (hoofdstuk 2)

€ 355.133

€ 101.268

Leges dienstverlening (hoofdstuk 3 vallend onder de Europese dienstenrichtlijn)

€ 41.174

€ 43.577

Totaal

€ 552.842

€ 417.219

Overzicht kostendekking Begroting 2025

Realisatie 2025

Lasten

€ 741.724

€ 847.153

Opbrengst leges

€ 156.535

€ 272.374

21%

32%

Lasten

€ 491.283

€ 440.027

Opbrengst leges

€ 355.133

€ 101.268

72%

23%

Leges algemene dienstverlening (hoofdstuk 1)

Dekkingspercentage

Leges leefomgeving en omgevingsvergunning (hoofdstuk 2)

Dekkingspercentage

Pagina 32 van 113

Leges dienstverlening (vallend onder de Europese dienstenrichtlijn) (hoofdstuk 3) Lasten

€ 204.491

€ 207.709

Opbrengst leges

€ 41.174

€ 43.577

Dekkingspercentage

20%

21%

Kosten leges totaal

€ 1.437.498

€ 1.494.889

€ 552.842

€ 417.219

38%

28%

Begroting

Realisatie

7.5 Begraafplaatsen

92.203

90.669

0.4 Overhead

40.975

46.046

Totaal lasten

133.178

136.715

Opbrengsten belastingen

74.247

84.801

Overige opbrengsten

1.534

Totaal baten

78.231

78.231

59%

62%

Begroting

Realisatie

3.3. Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen

14.513

11.269

0.4 Overhead

10.720

10.720

Totaal lasten

25.233

21.989

Opbrengst marktgelden

5.828

2.618

Dekkingspercentage

23%

12%

Opbrengsten leges totaal Dekkingspercentage legesverordening

Lijkbezorgingsrechten Taakveld Lasten

Baten

Dekkingspercentage

Marktgeld Taakveld Lasten

Baten

Lokale lastendruk De lokale lastendruk vergeleken met regiogemeenten Op de website van de provincie Gelderland zijn de gegevens te vinden van de belastingdruk per inwoner per Gelderse gemeente. Om een indruk te geven van de lokale belastingdruk van de gemeente Doesburg in regionaal verband wordt het onderstaande overzicht opgenomen: Gemeente

Belastingdruk per inwoner 2025

Belastingdruk per inwoner 2024

Rheden

548

482

Westervoort

504

477

Montferland

511

487

Doesburg

534

474

Zevenaar

551

532

Duiven

538

477

Doetinchem

523

505

Bronckhorst

508

484

Gemiddelde Gelderland

551

519

Pagina 33 van 113

Kwijtscheldingsbeleid Het kwijtscheldingsbeleid van de gemeente is van toepassing op de afvalstoffenheffing, de rioolheffing (gebruikersdeel) en de lijkbezorgingsrechten. Het kwijtscheldingsbeleid wordt uitgevoerd op basis van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990. De uitvoeringsregeling kent een drietal toetsen, die het mogelijk maken om de financiële situatie van de belastingplichtige te beoordelen: de inkomenstoets, de vermogenstoets en de schuldentoets. De gemeente Doesburg heeft in de Verordening kwijtscheldingen gemeentelijke belasting 2023 haar keuzes vastgelegd. In de jaarrekening 2025 zijn de kosten voor kwijtschelding opgenomen onder Programma 2. Voor 2025 was een bedrag van € 162.319 begroot. Er is een bedrag van € 158.291 aan kosten gemaakt voor kwijtschelding.

Pagina 34 van 113

Paragraaf B | Weerstandsvermogen en risicobeheersing Weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de weerstandscapaciteit en de risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen. Daarbij worden de risico's meegenomen die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Het weerstandsvermogen is - tenzij anders vermeld in deze paragraaf - gebaseerd op de situatie eind 2025. Het weerstandsvermogen is toereikend wanneer er voldoende mogelijkheden zijn om financiële tegenvallers op te kunnen vangen. Hiervan is dus sprake als het saldo tussen de weerstandscapaciteit en de risico’s positief is. Inventarisatie van de weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en de mogelijkheden waarover de gemeente beschikt om niet begrote kosten - die onverwachts en substantieel zijn - te kunnen afdekken. De weerstandscapaciteit van de gemeente Doesburg is: Onderdeel Algemene reserve Onvoorzien Totale weerstandcapaciteit

Bedrag 7.572.778 55.000 7.627.778

Algemene reserve De algemene reserve bedraagt per 31-12-2025 € 7.572.778. Per ultimo 2025 zijn er geen onttrekkingen geraamd. Onvoorzien Voor de post onvoorzien is een bedrag van €15.000 opgenomen in de begroting. Daarnaast is er nog een vrij budget van € 10.000 per pijler opgenomen. Daarmee komt het totaal op € 55.000. Onbenutte belastingcapaciteit De onbenutte belastingcapaciteit is de ruimte die nog mogelijk is voor een tariefsverhoging OZB alvorens men toe kan treden als artikel 12 gemeente. We nemen echter hier geen post meer voor op aangezien dit niet op korte termijn kan worden ingezet en daarom niet geschikt is om incidentele tegenvallers op te vangen. Inventarisatie van de risico’s Een risico is een kans op het optreden van een gebeurtenis met een nadelig financieel gevolg. De risico’s die relevant zijn voor het weerstandsvermogen zijn die risico’s die niet op een andere manier zijn ondervangen (bijvoorbeeld via verzekeringen of via gevormde voorzieningen). Doen deze risico’s zich voor dan moeten de nadelige financiële effecten hiervan ondervangen worden via het weerstandsvermogen. Risico wordt vaak als volgt gedefinieerd: Risico = Kans x Gevolg Een risico is groter wanneer de kans van optreden en de gevolgen van optreden groter zijn.

Een groot gevolg gecombineerd met een minimale kans wordt in het algemeen als niet belangrijk beschouwd, net als een grote kans met een minimaal gevolg. Afhankelijk van de kans en het gevolg kan een risico op 4 manieren worden aangepakt: •

Voorkomen: één of beide van de factoren kans en gevolg wegnemen;

•

Verminderen: één of beide van de factoren kans en gevolg afzwakken;

•

Uitbesteden: risico's onderbrengen bij verzekeraars;

•

Accepteren: alleen bij zeer kleine kans en/ of zeer kleine gevolgen.

Risico’s en beheersing Hieronder worden de geïnventariseerde risico's benoemd en wordt tevens aangegeven op welke wijze we de risico's proberen te beheersen. Cybercrime De kans is reëel dat ook de gemeente Doesburg in de komende jaren een keer het slachtoffer wordt van een cybercriminaliteit. In het ergste scenario wordt er dan binnengedrongen in onze ICT-omgeving, wordt er mogelijk kwaadaardige software geïnstalleerd; mogelijk bestanden onbruikbaar gemaakt of data buitgemaakt, die ongewenst openbaar gemaakt kan worden. In zo’n situatie worden we geconfronteerd met hoge kosten. Kosten i.v.m. analyseren van de omvang van de schade die ontstaan is; herstellen van de systemen en de mogelijk versleutelde gegevens. Ook krijgen we in zo’n situatie te maken met uitvoerende processen die stil komen te liggen en mogelijke gevolgschade hiervan. Ook zal er mogelijk sprake zijn van imagoschade en schade door identiteitsfraude. Om deze risico's te beheersen zijn er o.a. de volgende maatregelen genomen: 1. We maken gebruik van de diensten en expertise van ICT samen (uitvoering door de gemeente Doetinchem) 2. We beveiligen de toegang tot onze digitale werkomgeving m.b.v. 2FA 3.

We investeren in bewustwording bij personeel en staf op gebied van Informatieveiligheid Fluctuaties gemeentefonds De algemene uitkering van het gemeentefonds maakt zo'n 60% deel uit van de gemeentelijke inkomstenbronnen. Dit betekent dat de financiële positie van de gemeente in sterke mate afhankelijk is van de ontwikkelingen binnen het gemeentefonds en dat nadelige gemeentefondsontwikkelingen daarom de financiële positie van de gemeente behoorlijk onder druk kunnen zetten. De algemene uitkering uit het gemeentefonds heeft een omvang van rond de 31,5 miljoen euro in 2025. Het risico van fluctuaties is laag ingeschat op 1% omdat vanwege de nieuwe normeringssystematiek. De nieuwe normeringssystematiek volgt de meerjarige ontwikkeling van het nominale bruto binnenlands product. De uitkering in 2025 was overigens hoger dan bij aanvang geraamd. Voor de suppletie uitkering die wij ontvangen naar aanleiding van de herverdeling van het gemeentefonds die van toepassing is vanaf het jaar 2023 nemen we een post op van € 600.000. Dit is ongeveer 50% van de suppletie uitkering. Met de suppletie uitkering worden nadeel gemeenten gecompenseerd voor het nadeel groten dan € 37,50 per inwoner als gevolg van de herverdeling. Verwacht wordt dat er in 2026 meer duidelijkheid komt. Openeinderegelingen sociaal domein Het sociaal domein bevat een aantal openeinderegelingen.

Dit betreft dan met name de Participatiewet, de Jeugdzorg en de WMO. De laatste jaren zijn de budgetten voor de Jeugdzorg en WMO niet toereikend gebleken. Het risico is ingeschat op € 750.000 met een kans van 50%. Pagina 35 van 113

Beheersing: de invloedsfeer is beperkt door autonome ontwikkelingen, bv. het aantal en de zwaarte van de in te zetten zorg. In 2025 maken we gebruik van een praktijk ondersteuner van de huisarts (POH). Hierdoor verwachten we de doorverwijzing naar specialistische zorg te beperken. In 2024 hebben wij ca.€ 1.6 miljoen meer uitgegeven dan begroot als gevolg van de forse tariefaanpassingen n.a.v. het kostprijs onderzoek. Verbonden partijen Onze gemeente neemt deel aan diverse verbonden partijen. Een overzicht hiervan is terug te vinden in de paragraaf “Verbonden partijen”. Door onverwachte tegenvallers in hun exploitatie is er een risico dat verbonden partijen in een bepaald jaar een hogere bijdrage nodig hebben dan begroot. Deze tegenvallers worden in rekening gebracht bij de deelnemende gemeenten. Het maximale risico was bij de begroting ingeschat op € 500.000 met een kans van 10%. Beheersing: We monitoren de ontwikkelingen van de verbonden partijen via tussentijdse rapportages. De invloed op tegenvallers gedurende het jaar is echter beperkt. Ontwikkeling arbeidsmarkt Door schaarste op de arbeidsmarkt kan er een situatie ontstaan waarbij bepaalde vacatures lastig tijdig en adequaat kunnen worden ingevuld, waardoor relatief duurdere inhuur noodzakelijk is.

Verleende gemeentegaranties en aan derden verstrekte geldleningen In de begroting was voor de gemeentegaranties een risico opgenomen van € 200.000. Het saldo waarvoor de gemeente nog garant staat is gedaald tot onder de € 2 miljoen. Voor verstrekte geldleningen wordt geen bedrag meer opgenomen. Het risico op verstrekte geldleningen betreft vooral een theoretisch risico. Op basis van het treasury statuut zijn er strenge eisen aan het verstrekken van leningen gesteld en wordt er zekerheid gevraagd. De leningen die niet bezwaard zijn met een hypothecaire lening zijn verstrekt aan organisaties die voldoende inkomsten genereren om de rente en aflossing te kunnen betalen. Het saldo waarvoor de gemeente nog garant staat is gedaald tot onder de € 2 miljoen. In 2024 hebben zich geen bijzonderheden voorgedaan. Totaal risico's In de onderstaande tabel worden de hiervoor genoemde risico’s van een financiële kwalificatie voorzien: Risico's

Kans

Maximaal risico

kans x financieel gevolg

Cybercrime

25%

1.000.000

250.000

Fluctuaties gemeentefonds

1%

31.500.000

315.000

Vervallen suppletie uitkering gemeentefonds

50%

1.200.000

600.000

Open einde regelingen sociaal domein

50%

750.000

375.000

Personeel

80%

600.000

480.000

Verbonden partijen

25%

500.000

125.000

Verleende garanties en geldleningen

10%

1.600.000

160.000

37.150.000

2.305.000

Totaal

Weerstandsvermogen Weerstandsvermogen is de verhouding tussen de weerstandscapaciteit en alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen. Bij weerstandsvermogen gaat het om de mate waarin de gemeente in staat is om middelen vrij te maken om substantiële tegenvallers op te vangen, zonder haar hele beleid om te hoeven gooien. Bij de vaststelling van de Nota reserves en voorzieningen is de minimale waarde van de weerstandsratio bepaald op 2. Zoals uit onderstaand overzicht blijkt is het weerstandsvermogen voldoende. Weerstandsvermogen:

Ratio

Weerstandscapaciteit

7.627.778

Risico's

2.305.000

Weerstandsvermogen

3,3

Het weerstandsvermogen is van voldoende niveau om, wanneer een risico zich daadwerkelijk voordoet, de incidentele lasten op te vangen.

Kengetallen De onderstaande kengetallen zijn ingevolge artikel 11 van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) opgenomen. De kengetallen maken het voor de raad gemakkelijker inzicht te krijgen in de financiële positie van de gemeente Doesburg. Onder de tabel vindt u een korte toelichting en duiding van de kengetallen. Kengetallen

Werkelijk 2024

Raming 2025

Werkelijk 2025

12,69%

28,5%

10,9%

Netto schuldquote gecorrigeerd met verstrekte leningen

5,1%

20,6%

3,9%

Solvabiliteitsrisico

64,0%

52,9%

54,8%

Grondexploitatie

0,2%

0,0%

0,7%

Structurele exploitatieruimte

1,1%

-0,9%

6.0%

106,6%

113,0%

114,7%

Netto schuldquote

Belastingcapaciteit

Toelichting kengetallen Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Een schuldquote van minder dan 90% wordt als goed beoordeeld (minst risicovol). Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Een ratio tussen de 20 en 50% wordt als goed beoordeeld. Daar zit Doesburg ruim boven. Pagina 36 van 113

Grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale baten. Een waarde van het kengetal onder de 20% wordt als goed beoordeeld. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is. Er wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Een positieve waarde geeft aan dat de structurele lasten zijn gedekt door structurele baten. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin een financiële tegenvaller in het volgende begrotingsjaar kan worden opgevangen of de mate waarin er ruimte is voor nieuw beleid. De belastingcapaciteit van de gemeente is afgezet tegen het landelijk gemiddelde.

Solvabiliteit

Bron: Databank FTG

Pagina 37 van 113

Paragraaf C | Onderhoud kapitaalgoederen In deze paragraaf wordt achtereenvolgens voor de kapitaalgoederen wegen, riolering/water, civiele kunstwerken, openbaar groen, gebouwen, openbare verlichting en speelgelegenheden aandacht gegeven aan het beleidskader, het beheer/de ontwikkelingen en de financiële consequenties. Wegen Beleidskader De gemeente heeft de plicht de openbare wegen te onderhouden. Hiervoor is het Beleids- en beheerplan wegen in 2017 vastgesteld, voor een periode van 5 jaar. In overeenstemming met de Nota ruimtelijke kwaliteit (NRK) werkt Doesburg met beeldkwaliteiten. In 2023 is gestart met het Meerjaren Investerings Plan wegen Plus. Dit plan is in 2024 vastgesteld en wordt periodiek bijgesteld. Voor het onderhoud van de wegen is het Beheerplan Wegen Doesburg 2026-2030 geschreven. Dit plan is vastgesteld in 2026 Kerncijfers Het gemeentelijk wegennet omvat ongeveer 630.000 m2 verharding: ongeveer 187.000 m2 asfalt (rijwegen en fietspaden); ongeveer 431.000 m2 element verharding (woonstraten, voet- en fietspaden); ongeveer 13.300 m2 cementbeton verharding (fietspaden). Beheer en ontwikkelingen Het wegenareaal is met de benodigde kenmerken vastgelegd in een beheerapplicatie. De staat van de wegen wordt via inspecties actueel gehouden. Met de beheerapplicatie wordt een onderhoudsplanning opgesteld, die de basis vormt van het onderhoudsplan.

In het onderhoudsplan wordt onderscheid gemaakt tussen rehabilitatie, groot onderhoud en klein onderhoud. Rehabilitatie betreft een volledige vervanging van de weg inclusief fundatie. Groot onderhoud betreft de voorziene, uit inspecties voortkomende werkzaamheden. Voor het groot onderhoud wordt in 2025 een nieuw plan ter vaststelling voorgelegd. Klein onderhoud betreft reparaties en dergelijke uit bijvoorbeeld meldingen van inwoners. Voor rehabilitatie wordt een krediet aangevraagd. De kosten voor groot onderhoud worden onttrokken aan de voorziening onderhoud wegen. Voor het klein onderhoud wordt jaarlijks een exploitatiebudget opgenomen in de Programmabegroting. Waar mogelijk wordt een project integraal opgepakt, bijvoorbeeld met de aanleg van riolering of een combinatie van rehabilitatie en groot onderhoud. Bij de werkzaamheden is oog voor duurzaamheid, klimaatadaptatie en circulariteit. Zoals energie- en materiaal gebruik. Een voorbeeld is asfalt met wegdekreflectie, waarbij minder openbare verlichting nodig is. Vanuit het Meerjaren Investeringsplan Wegen plus is in 2025 aan de volgende projecten gewerkt: In 2025 is de eerste fase van het project Rehabilitatie Angerloseweg, Bingerdenseweg en Breedestraat afgerond. De tweede fase van het project wordt uitgevoerd bij realisatie van het plan Centrum Beinum, hierbij wordt mogelijk het bestaande tracé gewijzigd.

In 2025 is de eerste fase van het project Flora 23 (Betulastraat en Notenstraat) afgerond, de uitvoering van de tweede fase (Ribesstraat-Prunusstraat-van Tuyllplein) staat gepland voor het tweede halfjaar van 2026. In 2025 is de rehabilitatie van de Koppelweg en de Oranjesingel uitgevoerd. Daarnaast zijn er in 2025 voorbereidingen getroffen voor de volgende projecten; Fietspad Didamseweg (geplande uitvoering; 2026) en Kraakselaan (geplande uitvoering; 2027) In 2025 is alleen aan de elementenverharding het noodzakelijke onderhoud gepleegd, voornamelijk in de wijk Beinum. Het asfaltonderhoud zal in 2026 plaatsvinden. De mate van onderhoud wordt o.a. afgestemd op de kwaliteit van het riool en de invloed van de wegencategorisatie. Riolering / watertaken Beleidskader In 2023 is het Watertakenplan Olburgen (WTPO) 2023-2027 vastgesteld. Hierin is aangegeven hoe de gemeente invulling geeft aan de wettelijke zorgtaken op het gebied van riolering, water en klimaatadaptatie (DPRA). Een belangrijk uitgangspunt van het nieuwe plan is het op lange termijn betaalbaar houden van de rioolheffing voor de inwoners en klimaatbestendigheid. Het is de ambitie om in 2050 klimaatbestendig te zijn. Dit houdt in dat 30% van het verharde oppervlak dat loopt op een gemengd rioolstelsel afgekoppeld moet zijn.

Kerncijfers • ongeveer 30,5 kilometer vrij verval regenwater riool • ongeveer 23 kilometer vrij verval vuilwater riool • ongeveer 28 kilometer vrij verval gemengd riool • ongeveer 22 kilometer persleiding • ongeveer 3 kilometer duikers • ongeveer 12 wadi's • 13 gemalen en 57 drukriool units • 3.600 kolken en 1,5 kilometer lijngoot. Beheer en ontwikkelingen In de periode 2023 tot en met 2027 investeren we in vernieuwing van de infrastructuur (vervanging en renovatie), aanpak van wateroverlast en het verbeteren, verduurzamen en klimaatbestendig maken. In 2025 zijn de volgende projecten gestart en/of afgerond: Het project relining riool Kraakselaan is uitgevoerd en afgerond. De gemalen Eekstraat en De Ooi worden aangepast, gemaal Eekstraat is in uitvoering, gemaal De Ooi is voorbereid voor uitvraag in 2026. In 2025 is er een hemelwaterriool aangelegd in de Oranjesingel en de Koppelweg, hierdoor is er meer verhard oppervlak afgekoppeld. Beide projecten zijn integraal gerealiseerd in combinatie met rehabilitatie van de wegen. Civiele kunstwerken Beleidskader Doesburg heeft verschillende civiele kunstwerken in de openbare ruimte. Civiele kunstwerken zijn meestal aangelegd om de infrastructuur te ondersteunen. Het kan gaan om het afwikkelen van verkeer over een watergang (brug), of het keren van grond of water.

Basis voor het onderhoud is het vastgestelde Beheerplan civiele kunstwerken 2023-2027.

Pagina 38 van 113

Kerncijfers • 6 bruggen • 1 tunnel • 4 kademuren • 11 grond- en/of waterkerende constructies • 2 steigers • 1 geluidswal • 11 trappen Beheer en ontwikkeling In 2025 zijn de kunstwerken geïnspecteerd. In de vorige inspectie waren 2 kunstwerken niet meegenomen, de stadsmuur bij de Saltpoortdijk en de stadsmuur aan de Burgemeester Nahuijssingel. Beiden zijn alsnog geïnspecteerd. Op basis van de inspectie in 2025 is gebleken dat het opstellen van een nieuw beheerplan tot en met 2030 nodig is. Hierbij moet een goed onderscheid worden gemaakt tussen onderhoud en vervanging. In 2026 zal dit aan de raad worden voorgelegd. De civiele kunstwerken worden opgenomen in de beheerapplicatie voor de openbare ruimte. Dit ondersteunt in het op het gewenste onderhoudsniveau brengen en houden van de civiele kunstwerken. In 2025 zijn de brug over de Hessengracht en de brug in Zanderskamp vervangen. De andere brug over de Hessengracht heeft onderhoud gehad. De brug over de binnentuin aan de IJsselkade en de brug in de Saltpoortdijk zijn voorzien van een nieuwe slijtlaag. De wrijfstijlen aan de IJsselkade, de keermuur bij parkeerplaats de Bleek en de dekplank van de reling van de IJsselkade zijn vervangen. Voor 2026 staan o.a.

de volgende kunstwerken gepland voor onderhoud of vervanging, de taludtrap bij de Juliana van Stolberglaan, het kunstwerk bij de Kraakselaan, de dekplank reling Bleekerskade, en de keermuur Kloostertuin. De reling van de Boemerangbrug wordt verhoogd, deze voldoet niet aan het bouwbesluit. Openbaar groen Beleidskader Het gemeentelijk beleidskader wordt gevormd door het Groenstructuurplan 2013 en het Bomenbeleidsplan 2014. De gemeente wil haar inwoners en bezoekers een aantrekkelijke leefomgeving bieden. Een groene inrichting door middel van plantsoenen en bomen maakt daar deel van uit. Kerncijfers • ongeveer 72 hectare openbaar groen • bijna 5.500 bomen Beheer en ontwikkelingen De beeldkwaliteit van het openbaar groen is over het algemeen op orde. Via het project Naar buiten in Beinum zijn de groenvakken die aan renovatie toe waren aangepakt. Het openbaar groen buiten de binnenstad wordt onderhouden door Circulus. In 2025 is de dienstverleningsovereenkomst (DVO) met Circulus geactualiseerd. Bomen vormen een belangrijk onderdeel van de Doesburgse groenstructuur en een aantrekkelijke leefomgeving. De gemeente heeft een wettelijke zorgplicht voor bomen. Hieraan wordt voldaan door veiligheidscontroles en onderhoud, zoals snoei. Het bomenbestand zou door frequenter snoeien veiliger en gezonder worden. De soort “gewone es” is aangetast door essentaksterfte.

De paardenkastanjebomen zijn aangetast door de kastanjebloedingsziekte. Dit heeft vooral consequenties voor de essenlanen in het buitengebied. En in toenemende mate voor individuele essen en paardenkastanjes in de bebouwde kom. In het lopende onderhoud worden dode bomen vervangen. Waar nodig zijn essen extra gesnoeid. Door veranderingen in het klimaat hebben de bomen meer te lijden en is meer snoeien wenselijk. In 2025 is er door de raad €100.000 beschikbaar gesteld voor meer bomen. Omdat hittestress de grootste rol speelt in de binnenstad is daar de meeste aandacht naar uitgegaan. In samenwerking met verschillende afdelingen; Archeologie, Adviescommissie Omgevingskwaliteit en Cultuurhistorie Doesburg zijn er ca. 10 locaties uitgezocht waar de extra bomen geplant kunnen worden. Naar verwachting wordt dit in het najaar van 2026 uitgevoerd. Gebouwen Beleidskader Het beheer van het gemeentelijk vastgoed is vastgelegd in het meerjarige onderhoudsplan. In 2023 zijn de geactualiseerde meerjarige onderhoudsplannen vastgesteld. Hierin zijn ook de verduurzamingsmaatregelen meegenomen (DMJOP). De planning beslaat 10 jaar. Op basis van het uitgevoerde onderhoud wordt jaarlijks beoordeeld of komende jaarschijven op hoofdlijnen bijgesteld moeten worden. Het vastgestelde DMJOP wordt in 2027 volledig geactualiseerd. Uitgangspunt voor de DMJOP’s is conditiescore 2 (goed).

De conditiescore is een objectieve waarde van de technische toestand of staat van een gebouw(deel) onder NEN2767. Uitzondering hierop zijn de sportaccommodaties en het gebouw van de Harmonie. Voor deze gebouwen geldt conditiescore 4 (matig). De gebouwen zijn onder conditiescore 4 veilig voor het gebruik. Het grafmonument heeft conditiescore 5 (slecht). Het gebouw aan de Nieuwstraat 2-4 is niet verkocht en wordt omgebouwd voor huisvesting van Oekraïense vluchtelingen. Na realisatie van de verbouwing (medio 2026) zal het gebouw in verhuurde staat worden verkocht. In 2016 is het huurprijsbeleid vastgesteld, hierin is o.a. opgenomen dat tenminste een kostprijs dekkende huur (kpdh) in rekening wordt gebracht bij de maatschappelijke partijen. Kerncijfers Het gemeentelijk vastgoed bestaat uit 14 objecten, waarvan 1 grafmonument. Beheer en ontwikkelingen Het Stadskantoor is vanaf 2025 in zijn geheel in gebruik genomen. Het Stadhuiscomplex is in 2025 verkocht aan de partij met de beste ontwikkeling voor Doesburg met behoud van de monumentale waarden. Het pand wordt verbouwd ten behoeve van een hotel met appartementen en woningen. De feitelijke overdracht vindt plaats nadat de omgevingsvergunning onherroepelijk is verleend. Het pand Nieuwstraat 2-4 wordt verbouwd voor huisvesting van ontheemde Oekraïners, dat zal medio 2026 zijn beslag krijgen.

Jongerencentrum De Linie 2 wordt verbouwd ten behoeve van multifunctioneel gebruik voor meerdere doelgroepen waaronder het jongerenwerk. Hiervoor is in het kader van de wijkendeal een subsidie ontvangen van de provincie. De verbouwing zal gereed zijn in het tweede kwartaal van 2027. De locatie gymzaal Armgardstraat wordt ontwikkeld ten behoeve van wonen met zorg. Hiervoor wordt naar verwachting in het tweede kwartaal van 2026 de benodigde wijziging van het omgevingsplan vastgesteld, binnen de door de gemeenteraad vastgestelde kaders. Vervolgens dient de bestaande gymzaal te worden gesloopt en kan het perceel op de markt worden gezet middels een tenderprocedure, waarna de nieuwe eigenaar de bouwplannen verder kan uitwerken en uiteindelijk realiseren. De sloop van de huidige gymzaal kan echter niet eerder plaatsvinden dan nadat de benodigde maatregelen voor de aanwezige vleermuizen zijn getroffen. Het is onbekend hoeveel tijd hiervoor nodig is. In december 2025 hebben wij aan u een tussenbalans “verkenning nieuwe sportaccommodatie” gepresenteerd. Daarbij is voorzichtig geconcludeerd dat een multifunctionele sportaccommodatie, waar ook ruimte is voor allerlei vormen van fitness, voor de gemeente (financieel) het meest aantrekkelijk zou kunnen zijn. Deze optie

Pagina 39 van 113

behoeft een nadere beoordeling waarbij met name de financiële risico’s (en hoe deze af te dekken) in beeld moeten worden gebracht. Maar ook wensen wij meer duidelijkheid aan u te verschaffen over hoe de samenwerking met private partijen het beste kan worden vormgegeven. Ons streven is om medio 2026 een weloverwogen advies aan u te kunnen voorleggen over de meest gunstige exploitatievorm (al dan niet met private partijen). Na besluitvorming zal gestaag worden gewerkt aan de uiteindelijke realisatie. Zo zal er om te beginnen een keuze worden gemaakt voor een architect die het gewenste programma uitwerkt in een bouwplan. De bestaande sportaccommodaties worden onderhouden op het niveau dat veilig en gezond gebruik gemaakt kan worden van de accommodaties. Openbare verlichting Beleidskader De openbare verlichting draagt bij aan een sociaal veilige, verkeersveilige en leefbare situatie tijdens de donkere uren (ongeveer 4.100 uur per jaar, 47% van de tijd). De basis voor beleid en beheer ligt in het Beleidsplan openbare verlichting 2014-2024 en het Beheerplan openbare verlichting 2017-2024. Het Beleidsplan gaat uit van beeldkwaliteit. De binnenstad is inmiddels (vrijwel) geheel voorzien van klassieke verlichting. Er is aandacht voor energiebesparing door bij vervanging uit te gaan van dimbare, energiezuinige laag vermogende armaturen (meestal LED).

Kerncijfers Er zijn bij benadering 2.270 lichtmasten, waarvan inmiddels ongeveer 330 klassiek. De gemeente beheert voor Woonservice IJsselland beheert ook ongeveer 250 lichtmasten langs achterpaden. Beheer en ontwikkelingen Het beheer van de openbare verlichting wordt uitgevoerd door een externe partij op basis van een bestek. De beheerwerkzaamheden omvatten een periodieke controle van de openbare verlichting op basis van klachtenregistratie, waarbij kleine defecten (zoals kapotte lampen) worden hersteld. Daarnaast wordt gezorgd voor instandhouding op lange(re) termijn en eventueel uitbreiding. Het gaat bij openbare verlichting om een doorlopend proces, waarbij gewerkt wordt aan verbetering van het rendement. In 2023 is opdracht gegeven om een groot deel van het openbare verlichting areaal om te vormen (van regulier naar klassiek in de binnenstad) en/of te vernieuwen. Nu deze werkzaamheden (bijna) zijn afgerond is ongeveer 50% van de masten en 75% van de armaturen vernieuwd. Speelgelegenheden Beleidskader Het Beleidsplan Spelen, bewegen en ontmoeten Doesburg 2018-2026 vormt de basis voor het beheer en onderhoud van de speelgelegenheden. Kerncijfers • 44 speelgelegenheden (waaronder speeltuin Kindervreugd en 3 scholen) • 298 speeltoestellen Beheer en ontwikkelingen Voor een beter beheer is er in 2025 een nieuw beheerpakket aangeschaft.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Doesburg&id=e398a3a0-5d07-4945-a37d-000a4b51fca5