Bijlage 3 -Ontwerpbegroting VGGM 2027
Tekst van het document
Als JGZ de aanbesteding niet gegund krijgt, kan dit gevolgen hebben voor: • De continuïteit van dienstverlening. • De inzet en positionering van personeel in vaste dienst. • De financiële situatie van de afdeling. In 2027 wordt daarom ingezet op het voorbereiden van beheersmaatregelen en scenario’s, zodat tijdig kan worden bijgestuurd bij wijzigingen in opdracht of financiering. Borging Toezicht Wmo De Bestuurscommissie Gezondheid heeft in april 2025 aangegeven de uitvoering van toezicht Wmo voor 2025 en 2026 voort te zetten en de uitvoering vanaf 2025 kostendekkend te financieren. Ook in 2027 blijven wij toezicht Wmo uitvoeren voor gemeenten in de VGGM-regio. In verband met verbetering van regionale, collectieve bestuurlijke sturing en vermindering van administratieve last, voor zowel gemeenten als VGGM, worden de uitvoering en de financieringsafspraken geharmoniseerd voor gemeenten die deze dienstverlening afnemen.
Versie: april 2026
Pagina
26
Arbeidsmarkt Het tekort aan gespecialiseerde arbeidskrachten op de Nederlandse arbeidsmarkt blijft een risico voor de invulling van specifieke GGD-functies, zoals artsen met het profiel jeugd, artsen Maatschappij en Gezondheid (M&G) met profielen infectieziektebestrijding en TBC. We maken het werken als arts bij een GGD zo aantrekkelijk mogelijk en benadrukken bij de werving de unieke maatschappelijke rol, flexibiliteit en opleidingsmogelijkheden die wij als GGD GM bieden. Covid en infectieziektebestrijding Voor 2027 zijn in het coalitieakkoord ‘Aan de slag’ geen financiële middelen voor covid opgenomen. Dit betekent dat de GGD GM vanaf 2027 stopt met vaccineren tegen corona. De coalitie investeert bovendien geen middelen in Pandemische Paraatheid. GGD’en kunnen straks niet meer adequaat reageren op nieuwe infectieziektedreigingen, de opsporing daarvan of onverwachte uitbraken. Laat staan dat de GGD’en klaar kunnen staan voor een pandemie. Als het standpunt van het kabinet hierover gaat wijzigen, passen wij onze koers en activiteiten hierop aan.
3.3
Wat mag het kosten?
Overzicht baten en lasten
Realisatie
Begroting
Gew. Begr.
Begroting
Raming
Raming
Raming
2025
2026
2026
2027
2028
2029
2030
Jeugdgezondheidszorg Algemene gezondheidszorg
23.823 21.204
26.322 17.051
26.622 21.695
26.472 19.220
26.472 19.195
26.465 19.195
26.447 19.195
Lasten
45.026
43.372
48.317
45.691
45.666
45.659
45.641
Gemeentelijke bijdrage Lokaal aanbod Rijksbijdragen Overige baten
30.102 10.554 4.725 9.754
33.107 9.260 519 9.001
33.107 10.225 3.963 9.370
34.628 10.536 1.587 9.117
34.817 10.536 1.587 9.117
34.817 10.536 1.587 9.117
34.817 10.536 1.587 9.117
Baten
55.136
51.888
56.665
55.868
56.057
56.057
56.057
Doorbelasting
-8.188
-8.541
-9.276
-10.202
-10.416
-10.416
-10.416
Resultaat voor bestemming
1.922
-25
-927
-25
-25
-18
0
17
25
927
25
25
18
0
1.938
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
1.938
0
0
0
0
0
0
Bedragen x € 1.000
Mutatie reserves Resultaat na bestemming Vennootschapsbelasting Resultaat na belasting
Versie: april 2026
Pagina
27
4. Programma Ambulancezorg Het programma Ambulancezorg heeft tot taak om acute en niet-acute zorg te verlenen aan zieken en gewonden. Het programma is opgedeeld in 2 pijlers: mobiele zorg (waaronder de rijdende dienst) en meldkamer en zorgcoördinatie.
4.1
Mobiele zorg
Ambulancezorg Gelderland-Midden (AGM) is verantwoordelijk voor het verlenen van spoedeisende en geplande ambulancezorg in de regio Gelderland-Midden. Wij zorgen 24/7 voor snelle, deskundige en passende zorg aan inwoners met een (acute) medische hulpvraag, uitgevoerd door goed opgeleide ambulancemedewerkers.
Wat willen we bereiken? 1. Zorgdifferentiatie AGM zet in op zorgdifferentiatie om ervoor te zorgen dat iedere patiënt de juiste zorg ontvangt, op de juiste plek geleverd, door de juiste zorgverlener. 2.
Uitbreiding en continuïteit van de dienstverlening Om de toenemende zorgvraag het hoofd te bieden, is uitbreiding van het aantal diensten van de rijdienst noodzakelijk.
3.
Huisvesting In 2027 wordt uitvoering gegeven aan het strategisch huisvestingsplan. Dit plan is nodig vanwege de verwachte groei van zowel het aantal medewerkers als het wagenpark. Alle posten worden toekomstbestendig ingericht.
4.
Doorontwikkeling organisatieonderdeel AGM AGM zorgt voor een toekomstbestendige, transparante en doelmatige organisatie inrichting met bijbehorende processen en werkafspraken.
Wat gaan we doen om dit te bereiken? 1.
AGM realiseert zorgdifferentiatie door de inzet van verschillende typen ambulancezorg af te stemmen op de specifieke zorgvraag van de patiënt.
2.
Om de toenemende zorgvraag te kunnen blijven bedienen, breidt AGM het aantal 8-uurs diensten uit. Deze uitbreiding wordt ondersteund door strategische investeringen in personele capaciteit en de inrichting van toekomstbestendige postlocaties.
3.
In lijn met het strategisch huisvestingsplan wordt de huisvesting van AGM toekomstbestendig ingericht. Nieuwe en bestaande postlocaties worden zodanig ontwikkeld dat ze voldoen aan de groeiende vraag, het toenemende wagenpark en moderne eisen van medewerkers. Hierbij wordt ingezet op duurzame, flexibele en goed toegeruste locaties die optimale bedrijfsvoering en snelle inzetbaarheid van ambulances ondersteunen.
4.
In werking brengen van de aangepaste (sleutel-)functies, rollen en mandaten, processen en werkafspraken.
Versie: april 2026
Pagina
28
Hoe meten we of ons doel is bereikt? 1.
Inzicht in de verdeling en toekenning van ritten per type ambulancezorg. Waarbij we via ritevaluaties nagaan of het juiste type ambulancezorg is ingezet.
2.
We verhogen stapsgewijs het aantal geplande en gerealiseerde diensten volgens afspraak met de zorgverzekeraars. In 2027 zijn dat er meer dan in 2026.
3.
Conform het strategisch huisvestingsplan (2026) werken we aan het aanpassen en vernieuwen van onze ambulanceposten.
4.
Conform inrichting- en werkingsplan (2026) ontwikkelen we de organisatie door.
Risico’s AGM voorziet een aantal risico’s, waar ze extra aandacht voor heeft. In onderstaande tabel zijn deze uitgewerkt: Risico
Beheersmaatregel
Onvoldoende
Duurzame inzetbaarheid bevorderen; maximaal opleiden van nieuwe
(gekwalificeerd)
medewerkers
personeel
Ambulancebijstandsplan Inhuur derden Meer flexibiliteit tussen inzet van personeel op rijdienst of meldkamer zodat piekuitval intern opgevangen kan worden
Uitval ICT-
Lokaal opslaan/schriftelijk noteren van patiëntdossier
voorzieningen Knelpunten levering
Maken van onderhoudsafspraken met de leverancier om meerkosten
van materieel
van doorrijden bestaande voertuigen op te vangen Opnieuw plannen levering
Vertraging in zorg door
Uitwijk naar ziekenhuizen buiten de regio, oproep extra personeel
extreme drukte Capaciteitsmanagement
Inzetten capaciteitsplanner (‘inhouse’)
niet op orde
Actieve sturing vanuit management en capaciteitsplanning op uitbreiding diensten
Geopolitieke
Voorbereiden van scenario’s in crisis- en opschalingsplannen
instabiliteit
Vergroten van de weerbaarheid Nauwe samenwerking met ketenpartners
Geen beschikbare
Blijvend overleg met gemeenten over mogelijkheden van locaties die
locaties huisvesting
passen bij een goede spreiding en dekking van onze ambulancezorg.
Versie: april 2026
Pagina
29
4.2
Meldkamer en Zorgcoördinatie
AGM levert 24/7 meldkamerzorg via de Meldkamer Ambulancezorg in Apeldoorn. Daar zorgen centralisten voor het beoordelen, triëren en coördineren van meldingen. De meldkamer coördineert en regisseert de inzet van ambulancevoertuigen en biedt, waar passend, deskundig zelfzorgadvies of gerichte doorverwijzing, zodat iedere zorgvraag op het juiste niveau wordt afgehandeld.
Wat willen we bereiken? 1.
Zorgdifferentiatie AGM zet in op zorgdifferentiatie om ervoor te zorgen dat iedere patiënt de juiste zorg ontvangt, op de juiste plek geleverd, door de juiste zorgverlener.
2.
Uitbreiding en continuïteit van de dienstverlening Om de toenemende zorgvraag het hoofd te bieden, is uitbreiding van het aantal diensten op de meldkamer noodzakelijk. Deze uitbreiding is cruciaal om de continuïteit van de ambulancezorg in de toekomst te waarborgen.
3.
Samenwerking meldkamer Ambulancezorg Na de migratie is besloten dat alle werkzaamheden centraal vanuit Apeldoorn plaatsvinden en decentrale meldkameractiviteiten verdwijnen. Om deze centralisatie te ondersteunen, onderzoeken de vijf ambulancezorgaanbieders welke extra capaciteit noodzakelijk is. Dit moet in 2027 uitmonden in een concreet plan van aanpak.
4.
Kostendekking meldkamerfunctie Zorg dragen voor een sluitende financiering op de meldkamer ambulancezorg, waardoor 24/7 het ambulancezorgproces gegarandeerd blijft.
Wat gaan we doen om dit te bereiken? 1.
Zorgdifferentiatie
2.
In het transformatieplan zorgcoördinatie is het onderzoek naar aanvullende triage op de meldkamer opgenomen. Hiervoor zijn ook financiële middelen gereserveerd. We onderzoeken of in specifieke gevallen een aanvullende triage – uitgevoerd door een physician assistant of verpleegkundig specialist – meerwaarde heeft. We zetten ook in op het beter kunnen ontsluiten van (medische) informatie op de meldkamer zodat samenwerking met ketenpartners eenvoudiger verloopt.
3.
Uitbreiding en continuïteit van de dienstverlening
4.
In 2025 hebben we goede stappen gezet in het terugdringen van externe inhuur. In 2026 willen we dit bestendigen en verbeteren om in 2027 te kunnen uitbreiden. We zetten het huidige wervingselectie en opleidingsplan voort. Met Oost-5 partners stemmen we af hoe we effectief en efficiënt onze diensten kunnen uitbreiden.
5.
Samenwerking meldkamer Ambulancezorg Er is al een onderzoek gestart naar een toekomstbestendige inrichting van de totale MKA Oost-5. Uitkomsten van dit onderzoek gebruiken we om gezamenlijk met de betrokken partijen een toekomstbestendige keuze te maken.
6.
Kostendekking meldkamerfunctie
7.
Afwachten van het kostenonderzoek van de Nederlandse Zorgautoriteit en aandringen bij de zorgverzekeraar op kostendekkende financiering van de meldkamerfunctie.
Versie: april 2026
Pagina
30
Hoe meten we of ons doel is bereikt? 1.
Er is een werkwijze opgeleverd van aanvullende triage op de meldkamer ambulancezorg, waardoor de juiste zorg op het juiste moment plaats vindt. We sturen op de juiste zorg met de juiste urgentie.
2.
We verhogen stapsgewijs het aantal geplande en gerealiseerde diensten volgens afspraak met de zorgverzekeraars. In 2027 zijn dat er meer dan in 2026.
3.
De samenwerking op de meldkamer Oost-5 moet leiden tot meer doelmatigheid en efficiëntie.
4.
De gesprekken met de zorgverzekeraar leiden tot kostendekking.
4.3
Risico’s
AGM voorziet een aantal risico’s, waar ze extra aandacht voor heeft. In onderstaande tabel zijn deze uitgewerkt: Risico
Beheersmaatregel
Onvoldoende
Inzetten op duurzame inzetbaarheid, gezonde en vitale medewerkers
(gekwalificeerd)
Werven, selecteren en opleiden van nieuwe medewerkers. Opvullen van
personeel
vacatures Meldkamer Centralisten Bij grote nood of uitval: afspraken met buurregio’s/LMS over vernevelen of overname van telefonie Inhuur externe krachten
Uitval ICT-
Uitwijkplan lokaal en landelijk hanteren
voorzieningen Vertraging in zorg
‘Overloop’ van meldingen naar andere meldkamers indien op
door extreme drukte
piekmomenten de telefoon niet tijdig beantwoord kan worden
Samenwerking en
Gedragen werkafspraken opstellen
governance Oost-5
Onderzoek om te komen tot toekomstbestendig onderbrengen van alle meldkamer processen in Apeldoorn
Financieel:
In gesprek blijven gaan met zorgverzekeraars voor een kostendekkende
kostendekkende
exploitatie van de uitvoering van de meldkamerfunctie.
meldkamer Ambulancezorg
Versie: april 2026
Pagina
31
4.4
Wat mag het kosten
Versie: april 2026
Pagina
32
5. Programma Bedrijfsvoeren Het programma Bedrijfsvoeren ondersteunt het primair proces van de afdelingen. Dit gebeurt vanuit zowel kaderstellende, controlerende, adviserende en uitvoerende rollen en werkzaamheden op gebied van Control, Juridische zaken, Kwaliteit, Informatiebeveiliging, Privacy, Inkoop, Financiën, Informatievoorziening, ICT, HRM, Facilitair en Communicatie. We werken met diverse wet- en regelgeving op het gebied van bijvoorbeeld financiën, Arbo, kwaliteit, informatiebeveiliging, arbeidsvoorwaarden, privacy en de aanbestedingswet als basis. De inhoud van het programma sluit aan bij overkoepelende ontwikkelingen zoals de vitaalverklaring, informatiebeveiliging in de zorg, ontwikkelingen op gebied van duurzaamheid en de krapte op de arbeidsmarkt. Daarnaast is veranderende wet- en regelgeving of bestuurlijke opdracht aanleiding tot het stellen van beleidsdoelen binnen het programma Bedrijfsvoeren. Het programma Bedrijfsvoeren wordt toegelicht langs de volgende pijlers: • Het meerjaren Programma Samen.Beter.Bedrijfsvoeren. waarmee een versterking van het bedrijfsvoeren binnen VGGM wordt gerealiseerd. • Informatievoorziening en digitale transformatie, waarin onderwerpen als informatieveiligheid, gegevensbescherming, informatiebeheer en datakwaliteit aan bod komen.
• Mens en Organisatie, waarin onderwerpen als arbeidsmarkt, diversiteit & inclusie, de ontwikkeling van medewerkers en het bevorderen van gezonde en vitale medewerkers aan bod komen evenals huisvesting en duurzaamheid. • Rechtmatigheid en doelmatigheid, met onderwerpen op gebied van interne controle en doorontwikkeling van de P&C cyclus inclusief bijbehorende interne administratie.
5.1
Programma Samen.Beter.Bedrijfsvoeren.
In 2023 heeft VGGM het meerjarenprogramma Samen.Beter.Bedrijfsvoeren. (S.B.B.) ingericht naar aanleiding van een onderzoek van KPMG. Aanleiding voor het programma is de noodzaak om organisatiebreed bedrijfsvoeringsrisico's te reduceren en de bedrijfsvoering toekomstbestendig in te richten. Het gaat om een behoorlijke inhaal- en verbeterslag in de robuustheid van de systemen, het beschrijven van de processen, het versterken van het management en de bedrijfsvoeringsrollen en de wijze van samenwerken om toekomstige risico’s het hoofd te bieden. Met het bestuur is het ambitieniveau bepaald waarbij we gedurende de looptijd van het programma ontwikkelen van niveau 1, incidenteel georganiseerd naar niveau 3, gestandaardiseerd georganiseerd (op de schaal van Ad Hoc; Informeel; Gestandaardiseerd; Beheerst; Geoptimaliseerd). In 2027 staat gefaseerde overdracht aan de lijnorganisatie centraal. Hiermee gaan we over van ontwikkelen naar borgen en versterken. Concreet worden de volgende activiteiten voorzien in 2027 waarbij aandacht wordt besteed aan gewenste houding en gedrag bij implementatie en borging: • De basisinrichting van het ERP-systeem AFAS wordt in 2026 afgerond. In 2027 staat de doorontwikkeling van AFAS en de beheerorganisatie om het systeem te adopteren en een gestandaarde manier van werken verder door te voeren centraal.
Hiermee borgen we datgene wat ontwikkeld en ingericht (financiën /HR /CRM /Inkoop) is. • In 2025 is de organisatie governance in aansluiting op de bestuurlijke governance uitgewerkt. Daarnaast is de Staf Strategie en Control ingericht ter ondersteuning van de (bestuurlijke) besluitvorming en de sturing op de organisatie. In zowel 2026 als 2027 staat doorontwikkeling en borging hiervan centraal.
Versie: april 2026
Pagina
33
• In 2026 wordt de projectmanagementorganisatie (PMO) ingericht op basis van de eerder ontwikkelde contouren hiervan. Dit maakt mogelijk dat we via portfoliomanagement projecten prioriteren en strakker sturen op de benodigde capaciteit. 2027 staat in het teken van professionalisering van de opgezette PMO. • De dienstverleningsafspraken ten aanzien van de interne dienstverlening worden uitgewerkt en vastgelegd (inclusief de doorbelasting naar de afdelingen) in 2026. Implementatie hiervan is voorzien in 2027. • In 2026 worden kaders en richtlijnen ten aanzien van de verbetering van de datakwaliteit en het inrichten van General IT Controls opgesteld. Dit leidt tot een verbeterd applicatielandschap met verdere implementatie van informatieveiligheid en privacyaspecten. 2027 staat in het teken van implementatie en toepassing van de opstelde kaders en richtlijnen binnen de afdelingen. • Beschrijven en optimaliseren van processen en borgen van continue verbetering op basis van het beleid procesmanagement. Voortgang op de doelen wordt gemeten op basis van reductie van de risico’s zoals benoemd bij de start van het programma. Door middel van een bestuurlijke rapportage wordt de mate waarin de beleidsdoelen gerealiseerd zijn in beeld gebracht. Ook in de reguliere P&C producten wordt gerapporteerd op de resultaten van het programma.
In 2027 wordt aan het algemeen bestuur de eerstvolgende bestuursrapportage S.B.B. aangeboden, inclusief besluit over decharge van het programma. Er is door het bestuur opdracht gegeven het programma te temporiseren. Dit houdt in dat geplande versterking voor 2025 en 2026 doorloopt in 2027. Overall resulteert het temporiseren in latere - of op onderdelen gedeeltelijke - adoptie en borging van kaders en instrumenten binnen de organisatie waardoor risico’s langer aanhouden.
5.2
Informatievoorziening en digitale transformatie
Informatieveiligheid Wat willen we bereiken? VGGM staat voor de uitdaging om de continuïteit en weerbaarheid van de organisatie verder te versterken. In een tijd waarin digitalisering en informatievoorziening steeds belangrijker worden, is informatiebeveiliging niet langer een bijzaak, maar een hoeksteen van onze bedrijfsvoering. Nieuwe wetgeving, zoals de Cyberbeveiligingswet die medio 2026 in werking treedt, stelt extra eisen aan onze informatiebeveiliging. Daarnaast is VGGM aangemerkt als vitale aanbieder binnen de sector openbare orde en veiligheid. Dit betekent dat we niet alleen moeten voldoen aan de geldende normenkaders, maar ook extra maatregelen moeten nemen om onze vitale processen te beschermen. Dit vraagt om een toekomstbestendige digitale basis, waarbij informatiebeveiliging een cruciale rol speelt. Het Masterprogramma Informatievoorziening 2025-2030, “Samen meer slagkracht”, is hierbij ook in 2027 onze leidraad. Samen met andere veiligheidsregio’s werken we aan een digitale infrastructuur die niet alleen efficiënt is, maar ook veilig en betrouwbaar. Voor VGGM betekent dit dat we onze informatiebeveiliging verder gaan verstevigen en aantoonbaar op orde brengen.
Wat gaan we daarvoor doen? We willen een organisatie zijn die niet alleen voldoet aan de wettelijke eisen op het gebied van informatiebeveiliging, maar bovenal haar informatiebeveiliging aantoonbaar op orde heeft. Dit willen we realiseren door in 2027 verder te werken aan: • Structurele verankering van informatiebeveiliging in alle lagen van de organisatie.
Versie: april 2026
Pagina
34
• Samenwerking met andere veiligheidsregio’s en om kennis en middelen te bundelen. • Continu verbetering van onze processen en systemen, in lijn met geldende normenkaders en wetgeving.
Gegevensbescherming Wat willen we bereiken? Informatieveiligheid uit zich ook in het versterken van de gegevensbescherming (privacy) binnen VGGM. Niet alleen in het belang van de continuïteit en weerbaarheid van de organisatie maar ook ten behoeve van het behoud van publiek vertrouwen in VGGM als overheidsorgaan. Een zorgvuldige omgang met persoonsgegevens is daarbij cruciaal. Wat gaan we daarvoor doen? In 2027 werken we verder aan het: • Doorlopend inzicht hebben in onze gegevensverwerkingen. • Systematisch risico’s identificeren, passende maatregelen treffen, deze doorlopend evalueren en waar nodig actualiseren. • Transparant zijn over de wijze waarop we persoonsgegevens verwerken en de rechten die betrokkenen daarbij uit kunnen oefenen. Met behulp van deze aanpak geven we de bescherming van persoonsgegevens adequaat vorm en waarborgen we de rechten en vrijheden van betrokkenen. Hoe meten we of ons doel is bereikt? Het inzicht, systematische risico identificatie en transparantie is terug te zien in: • Het beschikken over een up-to-date verwerkingsregister. • Het uitvoeren van noodzakelijke data protection impact assessments. • Het systematisch beheren van risico’s en maatregelen.
• Het bieden van transparantie aan burgers met behulp van toegankelijke privacyverklaringen, die betrokkenen helpen om te begrijpen hoe wij hun persoonsgegevens verwerken en hoe zij hun rechten uit kunnen oefenen.
Informatiebeheer Wat willen we bereiken? De Wet open overheid (Woo) regelt welke overheidsinformatie openbaar is en hoe iemand die kan aanvragen. We zien een toename van Woo verzoeken en hebben beperkte capaciteit voor het verwerken van de verzoeken. Om te kunnen voldoen aan de Woo-verzoeken is het van belang om documenten in een goede, geordende en toegankelijke staat te houden. Kortom informatiebeheer moet op orde zijn om aan de eisen uit de wet te voldoen. Wat gaan we doen om dit te bereiken? In de afgelopen jaren is mede op basis van het rapport van de toezichthouder gewerkt aan het op orde brengen van informatiebeheer. In 2027 werken we hieraan verder en zijn de volgende activiteiten voorzien: • Borgen van de kwalitatieve en kwantitatieve capaciteit ten behoeve van informatiebeheer • Het documentair structuurplan wordt gepositioneerd als centraal instrument voor het verbeteren van het informatiebeheer binnen VGGM met borging in de beheerorganisatie. • Het Strategisch Informatieoverleg wordt sterker gepositioneerd, waardoor we georganiseerd onze informatiepositie gaan verstevigen.
Versie: april 2026
Pagina
35
Hoe meten we of ons doel is bereikt? • We werken aan het uitvoeren van de aanbevelingen ten aanzien van het fysieke archief, om zo te voldoen aan de eisen vanuit de Archiefwet. • Het faciliteren en monitoren van het op gepaste wijze bewerken, vernietigen en opslaan van documenten/data.
Stuurinformatie en datakwaliteit Wat willen we bereiken? De ontwikkeling van informatieknooppunten en het verder doorontwikkelen van stuur- en managementinformatie draagt bij aan de inhoudelijke advisering en het kunnen sturen op het primaire proces en de bedrijfsvoering. Aan de doorontwikkeling van de datakwaliteit en het ontsluiten van (externe) databronnen wordt doorlopend gewerkt. Wat gaan we doen om dit te bereiken? In 2027 ligt de nadruk op: • De doorontwikkeling van stuurinformatie op gebied van bedrijfsvoeren op basis van de kernapplicaties. • Verbeteren van de datakwaliteit van de kernapplicaties en taakspecifieke applicaties in de afdelingen • Organisatiebreed verbeteren en toetsen van de datakwaliteit. • Het verder werken aan een uniforme en verder gestandaardiseerde werkwijze van onze dataprofessionals in de gehele organisatie. Bovenstaande beweging zetten we in gang vanuit een doorontwikkelde informatie-architectuur en verdere rationalisatie van ons applicatielandschap.
5.3
Mens en Organisatie
Arbeidsmarkt Wat willen we bereiken? VGGM opereert in een krappe arbeidsmarkt. Om onze dienstverlening op peil te houden, willen we voldoende gekwalificeerde medewerkers aantrekken. We hebben daarbij ook aandacht voor een diverse en inclusieve organisatie, zodat we goed aansluiten bij de samenleving en talenten optimaal benutten. Wat gaan we doen om dit te bereiken? We versterken onze positie als werkgever door te blijven investeren in employer branding en door verschillende doelgroepen te bereiken. Daarnaast ontwikkelen we onze aanpak op het gebied van social media en van werving en selectie verder, zodat deze aansluit bij ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en ruimte biedt voor een brede instroom van talent. Ook verbeteren we onze onboarding, zodat nieuwe collega’s zich snel welkom voelen en effectief kunnen starten. We verbeteren onze stuurinformatie op het gebied van W&S en monitoren periodiek de voortgang en sturen bij waar dat nodig is om aan te blijven sluiten bij de arbeidsmarkt en de behoeften van de organisatie.
Versie: april 2026
Pagina
36
Wendbare organisatie, wendbare medewerkers Wat willen we bereiken? Naast het aantrekken willen we ook het behoud van medewerkers versterken. Door een groeiende en complexere vraag naar dienstverlening moeten organisatie en medewerkers wendbaar blijven. Daarom investeren we in inzicht in onze personeelsopbouw, leren en ontwikkelen en inzet van medewerkers, zodat de juiste mens op de juiste plek staat. Wat gaan we doen om dit te bereiken? We benutten strategische personeelsplanning om te bepalen welke ontwikkelingen op ons afkomen en welke capaciteit, kennis en vaardigheden nodig zijn. Op basis hiervan nemen we gerichte stappen om medewerkers en organisatie toekomstbestendig te houden. Door deze cyclus periodiek te doorlopen, krijgen we inzicht in personele risico’s en ontwikkelbehoeften en kunnen we waar nodig tijdig bijsturen.
Bevorderen van gezonde en vitale medewerkers Wat willen we bereiken? We willen een gezonde en vitale organisatie zijn waarin medewerkers fysiek en mentaal in balans blijven en duurzaam inzetbaar zijn. Daarom investeren we in goede arbeidsomstandigheden en een veilige werkomgeving. Zo blijven teams veerkrachtig en inzetbaar, nu en in de toekomst. Wat gaan we doen om dit te bereiken? We blijven onze basis versterken op het gebied van Arbo-, verzuim- en vitaliteitsbeleid en stimuleren initiatieven die bijdragen aan fysieke en mentale gezondheid, zodat medewerkers vitaal kunnen blijven werken. Daarnaast voeren we de regeling PTSS structureel uit en stellen hiervoor voldoende personele capaciteit beschikbaar. Het is een risico dat onbekend is hoeveel medewerkers en vrijwilligers een beroep zullen doen op de regeling PTSS, terwijl VGGM wel verantwoordelijk is voor de eventuele financiële gevolgen. We monitoren hoe onze inzet bijdraagt aan het welzijn en de inzetbaarheid van medewerkers en sturen bij waar dat nodig is, zodat we de effectiviteit van ons beleid blijven bewaken.
Huisvesting Wat willen we bereiken? In 2026 wordt het meerjarenonderhoudsplan huisvesting en inrichting geactualiseerd. Daarnaast vindt verdere verkenning en besluitvorming plaats rondom het huisvestingsplan Arnhem Stad, waaronder de locatie Beekstraat. Hierbij moeten keuzes worden gemaakt om de toekomstige huisvesting van de organisatie te borgen. Het besluit inclusief financiële effecten hiervan worden separaat voorgelegd. De komende jaren zien we als VGGM diverse ontwikkelingen op ons af komen rondom de huisvesting van zowel de Brandweer als de ambulancedienst en de consultatiebureaus. Voor de begeleiding en uitvoering hiervan is capaciteit nodig. Afhankelijk van de gelijktijdigheid van de concretisering van de ontwikkelingen vraagt dit extra capaciteit.
Versie: april 2026
Pagina
37
Harmonisatie financiering brandweerkazernes Wat willen we bereiken? In 2020 is de verdeling van de gemeentelijke bijdrage voor brandweer en crisisbeheersing herzien. Daarbij bleek dat het beheer en de bekostiging van kazernes nog steeds per gemeente geregeld zijn. Dat leidt tot uiteenlopende afspraken en onduidelijkheid, vooral bij (ver)bouw. Het bestuur vindt dit onwenselijk omdat kazernes onderdeel zijn van de regionale spreiding en financiering. Wat gaan we doen om dit te bereiken? In 2025 is een project gestart om nieuwe, gezamenlijke afspraken te maken. Besluitvorming is voorzien in de tweede helft van 2026 en heeft mogelijk gevolgen voor de afzonderlijke gemeentelijke bijdragen. In 2027 wordt uitvoering gegeven aan het besluit. De impact hiervan wordt duidelijk op basis van de uitkomsten van het onderzoek.
Duurzaamheid Wat willen we bereiken? De impact van klimaatverandering op onze veiligheid en gezondheid wordt steeds zichtbaarder. Binnen onze eigen bedrijfsvoering is aandacht voor duurzaamheid een vast onderdeel. Naast het voldoen aan de wettelijke verplichtingen werken we verder aan het verduurzamen van de gebouwen en ons materieel. Ook worden diverse operationele initiatieven ondersteund. Wat gaan we doen om dit te bereiken? Het meetbaar maken en concrete doelen stellen staat op de agenda voor 2026. In 2027 wordt verder uitvoering gegeven aan het bereiken van die doelen.
Rechtmatigheid en doelmatigheid Wat willen we bereiken? De commissie BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) stelt wijzigingen voor om het BBV te moderniseren, actueel te houden en de financiële verslaggeving van gemeenten en provincies te vereenvoudigen en transparanter te maken. Kernpunten zijn aanpassingen in het baten- en lastenstelsel, effectievere paragraaf-weergaven, verbeterde waarderingsregels en het schrappen van verouderde voorschriften. Wat gaan we doen om dit te bereiken? De impact voor VGGM lijkt op dit moment beperkt met uitzondering van het voorstel om personeelsgerelateerde verplichtingen op te nemen op de balans. Concreet betekent dit dat de niet uit de balans blijkende verplichting structureel op de balans wordt opgenomen. Hierdoor ontstaat een eenmalig nadeel van € 2.300.000 (stand ultimo 2024).
Versie: april 2026
Pagina
38
5.4
Wat mag het kosten?
Versie: april 2026
Pagina
39
6. Paragrafen 6.1
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Het weerstandsvermogen is het vermogen van de organisatie om omvangrijke tegenvallers op te vangen, zonder dat aanpassing van het beleid nodig is. Het weerstandsvermogen dient dus om de continuïteit van de organisatie te waarborgen. De weerstandscapaciteit bestaat uit de beschikbare middelen om risico’s op te vangen als deze zich voordoen. Voor zover VGGM daar niet toe in staat is, is wettelijk geregeld dat de deelnemende Gemeenten aanspreekbaar zijn voor tekorten. Het bestuur kiest ervoor om onderscheid te maken tussen majeure en beperkte risico’s op tekorten en heeft in haar beleid weerstandsvermogen en risicobeheersing dit nader uitgewerkt.
Beleid weerstandsvermogen en risicobeheersing Het beleid over weerstandsvermogen en risicobeheersing staat in de beleidsnota ‘Weerstandsvermogen & Risicobeheersing’ vastgesteld voor de periode 2024-2027. Dit zijn de hoofdlijnen van dit beleid: • De belangrijkste risico’s en risico’s die mogelijk op termijn impact hebben op de begroting staan overzichtelijk in de paragraaf ‘Weerstandsvermogen en risicobeheersing’ gesplitst naar VGGM en Ambulancezorg. Dit is vanwege de wettelijke verplichting voor het aanhouden van de Reserve Aanvaardbare Kosten. • In de VGGM-begroting houden we geen structurele weerstandscapaciteit aan voor risico’s. • De algemene reserve betreft enkel een egalisatiereserve voor het resultaat. De hoogte van deze reserve bepalen we op basis van het begrotingstotaal. De ondergrens bedraagt 2% van het begrotingstotaal en de bovengrens 5%. Er wordt geen aparte post ‘onvoorzien’ opgenomen. • Het algemeen bestuur heeft besloten de algemene reserve te verhogen naar € 3,0 miljoen met een toevoeging van 50% van het resultaat van 2024. Dit niveau wordt aangehouden tenzij anders besloten. • Risicomanagement is een regulier onderdeel van onze planning en control cyclus. • De geïdentificeerde risico’s ondervangen we waar mogelijk door beheersmaatregelen.
Inventarisatie van de risico’s De belangrijkste risico’s voor VGGM zijn geïdentificeerd in de beleidsnota ‘Weerstandsvermogen & Risicobeheersing’. Deze zijn voor VGGM en voor de Ambulancezorg specifiek in onderstaande tabellen opgenomen: VGGM Nr. Risico 1.
Hogere loon- en prijsstijgingen dan de indexatie opgenomen in de begroting
2.
Risico op negatief renteresultaat
3.
Organisatie en maatschappij in verandering in relatie tot druk op gemeentelijke budgetten
4.
Financiële schade datalekken
5.
Tegenpartij risico: Afhankelijkheid bedrijf kritische applicaties, materieel en leveranciers
6.
Klimaatveranderingsrisico's in de operatie inclusief nieuwe (brand)risico's
7.
Versnelde vervanging materieel VGGM in het kader van verduurzaming
8.
Uitval ICT-voorzieningen met bedrijf ontregelende gevolgen
9.
Huisvestingsproblematiek VGGM
10. Ontwikkelingen samenleving leidend tot langdurige crises/ inzet: Geopolitieke dreiging, weerbare samenleving en polarisatie 11. Continuïteit en Variëteit in GGD-dienstverlening op het wettelijke niveau inclusief reactie op crises. Wegvallen van tijdelijke financieringsconstructen ten behoeve van maatschappelijke opgaven
Versie: april 2026
Pagina
40
Ambulancezorg Nr.
Risico
1.
Incidentele tekorten budgetten NZA
2.
Personeelsbestand vergrijzing: Onvoldoende personeelsbezetting
3.
De kosten Persoonlijk Levensfasebudget (PLB), Verlofsparen of overige arbeidsvoorwaarden overschrijden voorzieningen
4.
Klachten afhandeling middels claims + juridische kosten
5.
Ziektegolf leidend tot meer verzuim dus externe inhuur
6.
Uitvallen langere periode ziekenhuizen in de omgeving waardoor aanrijroutes wijzigen
7.
Meldkamer/ZCC migratie leidend tot frictiekosten en investeringen materieel
Daarnaast identificeren we risico’s die een structureel effect op de begroting kunnen hebben waarbij de incidentele impact is opgenomen in de weerstandscapaciteit: • Effecten van decentralisatie Specifieke Uitkeringen (SPUK’s) naar het Gemeentefonds inclusief een korting op de totale financiering van specifieke taken. • Financiering van de CAO ontwikkelingen waarbij reiskosten geen onderdeel meer zijn van het IKB. • Mogelijke kapitalisatie van bovenwettelijke verlofuren op de balans met een structureel andere verantwoordingswijze in de financiën. • Het verduurzamen van gebouwen en materieel in het kader van de energietransitie en het bereiken van de Europese doelstellingen (akkoord van Parijs) met een kortere levensduur van bestaand materieel tot gevolg. • Indien landelijk besloten wordt tot het loskoppelen van de digitale infrastructuur van Amerikaanse en Chinese Tech bedrijven leidt dit mogelijk tot problemen voor de continuïteit, schaalbaarheid, interoperabiliteit en cybersecurity voor de operationele activiteiten. De overgang naar Europese leveranciers gaat bovendien gepaard gaat met hoge en complexe transitiekosten die de begroting onder druk zetten. • Rijksbezuinigingen in de Publieke Gezondheidszorg waarvoor het kader voor de te versoberen taken bepaald moet worden.
• Financieel risico voor de mogelijke sanering van vervuilde (oefen)locaties en gezondheidsschade bij medewerkers door het legale gebruik van PFAS-houdend blusschuim.
Weerstandsvermogen Aan de hand van de zogenaamde “kans x effect”-methode wordt minimaal vierjaarlijks een onderzoek uitgevoerd naar de mogelijke risico’s en een kwantificering daarvan. Bij benadering is de weerstandscapaciteit bepaald voor bovenstaande risico’s (€ 6 miljoen per 2024). Het weerstandsvermogen is de ratio van de vrije reserves (algemene reserve) versus de vereiste weerstandscapaciteit. Het eigen vermogen van VGGM is beperkt. Met het vaststellen van de nota weerstandsvermogen en risicobeheersing heeft het Bestuur de ambitie uitgesproken om de algemene reserve minimaal op het niveau van € 3 miljoen te consolideren op basis van de helft van de overschotten van komende jaren. De stand van de algemene reserve per 31 december 2025 bedraagt € 3 miljoen wat leidt tot een weerstandsvermogen van 0.5.
Solvabiliteit Naast een buffer tegen optredende risico’s, wordt eigen vermogen benut voor de financiering van investeringen. Investeringen worden ook gefinancierd met vreemd vermogen (leningen). Een gezonde verhouding tussen vreemd en eigen vermogen (solvabiliteit) draagt bij aan een doeltreffende en
Versie: april 2026
Pagina
41
efficiënte vervulling van de publieke functie van VGGM. Deze solvabiliteit wordt uitgedrukt in een ratio. De ratio ultimo 2027 is naar verwachting 15,5% (per eind 2025: 17,2%). Voor een overheidsorganisatie is dit een redelijke waarde.
Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlasten t.o.v. de eigen middelen. Het geeft een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De VNG adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. De netto schuldquote ultimo 2027 van 22,0% (per eind 2025: 16,4%) blijft ruim onder dit gestelde maximum.
Structurele exploitatieruimte Dit cijfer helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte een veiligheidsregio heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Structurele uitgaven en inkomsten zijn binnen VGGM in evenwicht in de begroting.
6.2
Onderhoud kapitaalgoederen
Kapitaalgoederen zijn goederen welke een meerjarig nut hebben ten behoeve van de productie. Het gaat daarbij veelal om zaken die na de eerste aanschaf regelmatig onderhoud vergen. Binnen de VGGM zijn de belangrijkste kapitaalgoederen de crisis- en hulpverleningsvoertuigen, de beschermende kleding, de (inrichting van) kazernes en panden en ICT-middelen. Crisis- en hulpverleningsvoertuigen worden jaarlijks gekeurd en veelal onderhouden op basis van de kilometerstand. Wanneer gebreken tussentijds worden geconstateerd, vindt direct onderhoud plaats. Vervanging van de voertuigen is opgenomen in het Meerjareninvesteringsplan. Het onderhoud is opgenomen in de begroting. Beschermende kleding wordt direct na een incident geïnspecteerd. Bij schade vindt reparatie of vervanging plaats. Voor vervanging en onderhoud is budget beschikbaar in de begroting. Eind 2013 zijn de kazernes Bemmel, Dieren, Harskamp, Doorwerth, Pannerden en Valburg van gemeenten overgenomen door VGGM. Alle kazernes zijn weer terug verkocht aan de betreffende gemeenten. De overige kazernes zijn in eigendom en in beheer van de deelnemende gemeentes. Voor de gebouwen in eigendom van VGGM, met name ten behoeve van de Ambulancezorg, zijn meerjarenonderhoudsplannen beschikbaar.
6.3
Financiering
Wet fido Het Rijk heeft regels gesteld aan hoe gemeenten en provincies hun geld en kapitaal beheren. Die regels staan in de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) en gelden ook voor gemeenschappelijke regelingen als VGGM. Hoeveel geld gemeenten en provincies mogen lenen, is afhankelijk van de hoogte van de begroting. De kasgeldlimiet bepaalt hoeveel geld ze mogen lenen voor een periode van maximaal 1 jaar. De renterisiconorm schrijft voor hoeveel maximaal geleend mag worden voor een periode langer dan 1 jaar.
Versie: april 2026
Pagina
42
Gemeenten en provincies mogen liquide middelen aanhouden bij de schatkist (schatkistbankieren). Hier krijgen ze een rentevergoeding voor. VGGM hanteert de volgende doelstellingen op gebied van financiering: • Beschikbaar hebben van voldoende liquiditeiten om de vastgestelde plannen te kunnen uitvoeren. • Beheersen van de risico’s die zijn verbonden aan de financieringsfunctie, zoals renterisico en debiteurenrisico. • Minimaliseren van de kosten van geldleningen. • Verkrijgen en handhaven van toegang tot de financiële markten. Kasgeldlimiet De door het Rijk opgelegde kasgeldlimiet beperkt het risico van stijgende rentelasten voor de kortlopende financiering. De limiet beperkt de maximale omvang van de gemiddelde korte schuld (< 1 jaar) per kwartaal tot 8,2% van de totale lasten van de programmabegroting. Voor 2027 bedraagt de limiet € 14,1 miljoen. Renterisiconorm De renterisiconorm beperkt het renterisico op de langlopende financiering. De norm bevordert de spreiding van de looptijd van de kapitaalmarktleningen (looptijd lening > 1 jaar) door de omvang te beperken van de leningen waarvoor de rente in een bepaald jaar moet worden aangepast. Het Rijk heeft de maximale omvang van leningen met een renteaanpassing vastgesteld op 20% van het begrotingstotaal. Voor VGGM komt dat neer op een bedrag van € 34,3 miljoen.
De verwachting is dat we in 2027 ruimschoots onder de gestelde norm blijven. Financiering Voor het uitoefenen van de treasury functie is inzicht nodig in de huidige en toekomstige kasstromen. Deze kasstromen bestaan uit: • De kasstroom uit operationele activiteiten (de exploitatie) • De kasstroom uit investeringen • De kasstroom uit financieringsactiviteiten (aflossingen en stortingen van aangetrokken geldleningen) Het inzicht hierin wordt verkregen door het regelmatig actualiseren van onze liquiditeitsplanning. Hierbij zijn de ontvangsten en uitgaven volgens de programmabegroting en het investeringsplan het uitgangspunt. Op basis van het meerjarige investeringsplan (zie bijlage 8.5) en de in 2019 afgesloten meerjarige lening van € 15 miljoen wordt geen liquiditeitstekort verwacht. Renteomslag en financieringsresultaat Voor vergelijkbaarheid tussen overheidsorganisaties, schrijft de BBV de manier van bepalen van de renteomslag voor. Binnen VGGM zijn vooralsnog de rentebaten hoger dan de rentelasten waardoor er sprake is van een negatieve aan taakvelden toe te rekenen rente. Er is feitelijk geen sprake van een rentelast die aan taakvelden moet worden toegerekend, maar een rentebaat omdat op het schatkistbankieren meer rente wordt ontvangen dan aan rente op aangetrokken lange en korte financiering wordt betaald.
Versie: april 2026
Pagina
43
7. Financiën Voor het opstellen van de begroting 2027 is de vertreksituatie de vastgestelde begroting 2026. Deze is door het algemeen bestuur op 10 september 2025 vastgesteld. In paragraaf 6.4 is de eerste begrotingswijziging 2026 opgenomen. Deze wijziging heeft geen mutatie van de inwonerbijdrage tot gevolg. De begroting 2027 is gebaseerd op de begrotingswijziging 2026. Dit hoofdstuk zoomt in op de volgende onderwerpen: • Indexeringsmethodiek. • Investeringen • Begrotingswijziging 2026 • Overzicht incidentele baten en lasten • Methodiek gemeentelijke bijdragen In hoofdstuk 8 is de begroting 2027 nader uitgewerkt.
7.1
Indexeringsmethodiek
Loon- en prijsontwikkeling 2027 De door het algemeen bestuur vastgestelde systematiek voor loon- en prijscompensatie bestaat uit een voorcalculatie voor 2027 en een nacalculatie over 2025. In de voorcalculatie van de begroting 2027 gaan we uit van een loonkostenstijging in 2027 van 3,5% en een prijsstijging voor materiele lasten van 2,3%. Deze percentages zijn gebaseerd op de concept MEV 2026 (verzamelde bijlagen met lange reeksen MEV 2026) en worden toegepast op de gemeentelijke bijdragen 2026. De verhouding loon/materieel is 70% en 30%. In de begroting 2027 wordt ook een nacalculatie opgenomen voor de loon- en prijsstijgingen uit 2025 (het inhaaleffect). In de begroting 2025 is rekening gehouden met een loonkostenontwikkeling van 5,3% en een prijsontwikkeling van 2,0%. De nieuw te hanteren percentages zijn volgens de MEV 2026 voor 2025 respectievelijk 5,3% en 2,8%. Dit betekent geen nacalculatie op de lonen en 0,8% op de prijzen. Deze percentages worden toegepast op de gemeentelijke bijdragen 2025 uit de gewijzigde begroting 2025.
Versie: april 2026
Pagina
44
7.2
Investeringen
Investeringen zijn uitgaven waarvan het economisch nut zich over meerdere jaren uitstrekt. Investeringen worden geactiveerd op de balans en worden afgeschreven op basis van de economische levensduur van de investering. De kapitaallasten (rente en afschrijving) komen ten laste van de programma’s en moeten worden gedekt binnen de baten en lasten van de programmabegroting. In de programmabegroting 2027 is het MJIP 2026 - 2030 geactualiseerd. Geplande vervangingsinvesteringen zijn beoordeeld op nut en noodzaak en voor zover mogelijk, is beoordeeld of de opgenomen vervangingsbedragen toereikend zijn. Dit leidt tot fluctuatie van investeringsvolumen in de verschillende jaren. De geplande investeringen worden opgenomen in de meerjarige inkoopkalender, zodat de ondersteuning op het gebied van inkoop hierop afgestemd kan worden. In de periode 2026-2030 is de prognose dat voor € 45,7 miljoen wordt geïnvesteerd. De totale waarde van de materiële vaste activa wordt per eind 2030 geraamd op € 46,8 miljoen. In bijlage 8.5 is een u overzicht van het investeringsplan opgenomen.
7.3
Begrotingswijziging 2026
Het verloop van de begroting 2026 naar de geactualiseerde begroting 2026 kan als volgt worden weergegeven:
In de geactualiseerde begroting 2026 zijn de navolgende aanpassingen opgenomen: Gemeentelijke bijdrage De gemeentelijke bijdrage muteert niet. Opbrengsten gemeenten regionaal (lokaal aanbod) Het verschil wordt veroorzaakt door wijziging van het gecontracteerde lokaal aanbod voor 2026 ten opzichte van het geraamde lokaal aanbod zoals opgenomen in de primaire begroting. Het lokaal aanbod wordt altijd 1 jaar van tevoren afgesproken, leidend tot deze bijstelling. Op basis van de huidige inzichten liggen de afspraken en de verwachte productie € 1.021.000 boven het vastgestelde begrotingskader voor 2026.
Versie: april 2026
Pagina
45
Aanvullende opdrachten VGGM voert in het verlengde van bestaande taken, additionele werkzaamheden uit. Opdrachten komen onder andere van overige subsidieverstrekkers (bijvoorbeeld ZonMw). Afspraken rondom deze werkzaamheden zijn gemaakt na het opstellen van de begroting 2026. Een deel van de werkzaamheden wordt op basis van gerealiseerde productie bekostigd. Op basis van de huidige inzichten liggen de afspraken en de verwachte productie € 303.000 boven het vastgestelde begrotingskader voor 2026. AGM - NZA De kolom NZA betreft de aanpassing van de afspraken voor de bekostiging van de ambulancezorg door de zorgverzekeraars. In de primaire begroting is de verwachte bekostigingstoename voor 2026 opgenomen. In de gewijzigde begroting vindt een aanpassing plaats naar de werkelijke bekostigingsafspraken met de verzekeraars. Rijksbijdragen – BDUR In 2025 zijn en in 2026 worden middelen beschikbaar gesteld ter hoogte van € 787.000 voor pilots met noodsteunpunten en voor versterking van de weerbaarheid van de samenleving en burgerhulpverlening. De loon-/prijsbijstelling voor 2025 en 2026 bedraagt € 628.000.
Rijksbijdragen - SPUK VIPP/COVID-19 vaccinaties De SPUK (specifieke uitkering) bijdragen van het rijk voor de basisinfrastructuur COVID-19 vaccinaties en Versterking Infectieziektenbestrijding en Pandemische Paraatheid (VIPP) muteert naar aanleiding van de hoger dan geraamde baten en lasten over 2026. Reserve JGZ In 2024 zijn de eerste stappen gezet met een vrijwillige overgang van medewerkers van Stichting PG naar VGGM. Als gevolg hiervan is het bestedingsdoel van deze reserve aangescherpt om de effecten van deze overgang voor de gemeentelijke bijdrage te dempen. De kosten van de vrijwillige overgang waren in de begroting 2025 gefinancierd met deze reserve. Door voordelen binnen JGZ door onder andere vacatureruimte was de onttrekking in 2025 niet nodig. In 2026 is de onttrekking van € 902.000 opgenomen. Reserve Project Huisvesting In 2020 is de verdeling van de gemeentelijke bijdrage voor brandweer en crisisbeheersing herzien. Daarbij bleek dat het beheer en de bekostiging van kazernes nog steeds per gemeente geregeld zijn. Dat leidt tot uiteenlopende afspraken en onduidelijkheid, vooral bij (ver)bouw. Het bestuur vindt dit onwenselijk omdat kazernes onderdeel zijn van de regionale spreiding en financiering. Eind 2025 is een project gestart om nieuwe, gezamenlijke afspraken te maken, die mogelijk gevolgen hebben voor de afzonderlijke gemeentelijke bijdragen.
In 2026 is een onttrekking van € 150.000 uit de reserve opgenomen. Overige Binnen deze kolom hebben verschuivingen plaatsgevonden ten behoeve van een beter inzicht en een betere presentatie en zijn budgettair neutraal.
Versie: april 2026
Pagina
46
7.4
Overzicht incidentele baten en lasten
Incidentele baten en lasten 2027
baten
lasten
Bedragen x € 1.000 Programma Brandweer 'Wonen met zorg' uit reserve 'Veilige Energie transitie' uit reserve 'Ik, wij brandweer' gemeentelijke bijdrage Verkoop activa
101 200 150 50
101 200 150 0
Totaal Brandweer
501
451
SPUK VIPP (Pijler 1-2-4-5-6)
1.487
1.487
Totaal GGD
1.487
1.487
Totaal incidentele baten en lasten
1.988
1.938
Programma GGD
7.5
Methodiek gemeentelijke bijdragen
De inliggende gemeenten van VGGM hebben per taakgebied afspraken gemaakt over de verdeling van de gemeentelijke bijdrage aan VGGM. Deze afspraken zijn: Taakgebied Veiligheid Bevolkingszorg GGD Jeugdgezondheidszorg 0-4 Vaccinatieprogramma
Verdeling Gemeentefonds Bedrag per inwoner Bedrag per inwoner Bedrag per jeugdinwoner Bedrag per jeugdinwoner
Bijdragen Veiligheid De gemeentelijke bijdrage Veiligheid wordt verdeeld op basis van de onderlinge verhouding van ontvangen bijdrage in het gemeentefonds, cluster Openbare Orde & Veiligheid, subcluster Brandweer. De bijdrage voor de lasten huisvesting, functioneel leeftijdsontslag en de post Stadspoort worden op basis van werkelijke kosten met de betreffende gemeente verrekend.
Bijdragen op basis van (jeugd)inwoners De gemeentelijke bijdragen muteren jaarlijks autonoom door de mutaties in de inwoneraantallen. De totale inwoneraantallen van de regio vertonen een lichte stijging. Het aantal jeugdigen (gedefinieerd als inwoners in de leeftijd van 0 tot 18 jaar) laat na een lichte stijging in 2023 weer een kleine daling zien.
Versie: april 2026
Pagina
47
8. Begroting 2027 8.1
Ontwikkelingen in gemeentelijke bijdragen
a. Budgettair kader gemeentelijke bijdrage Veiligheid De genoemde ontwikkelingen in het programmaplan hebben de volgende consequenties op het budgettair kader van de gemeentelijke bijdrage Veiligheid (brandweer). In € x 1.000 Begroting t-1
2025 54.101
2026 54.101
2027 56.457
2028 57.029
574 2.394 -325 -150 150 -287
572
286
56.457
57.029
Versterking bedrijfsvoering 2024/27 Loon- en prijscompensatie (§ 3a) Omgevingswet Harmonisatie huisvesting Ik, wij brandweer Temporiseren versterking Bedrijfsvoering MJB 2024-2029
54.101
Loon- en prijscompensatie (§ 3a) Besparing 2% incidenteel 2025/2026 Voorstel invulling besparing structureel Stadspoort Veilige energietransitie Temporiseren versterking Bedrijfsvoering Natuurbrandbeheersing Spaarverlof MJB 2025-2030
54.101
56.457
2029 57.165
2030 57.165
57.165
57.165
57.165
1.905 1.002 -972 -271 -250 -286 0 100
1.905 1.002 -972 -271 -250 -286 150 100
1.905 1.002 -972 -271 -250 -286 150 100
1.905 1.002 -972 -271 -250 -286 150 100
58.257
58.543
58.543
58.543
-150
b. Budgettair kader gemeentelijke bijdrage Bevolkingszorg De genoemde ontwikkelingen in het programmaplan hebben de volgende consequenties op het budgettair kader gemeentelijke bijdrage bevolkingszorg: In € x 1.000 Begroting t-1
2025 798
Loon- en prijscompensatie (§ 3a) Mutatie inwoneraantallen MJB 2024-2029
2026 798
2028 851
2029 851
2030 851
851
851
851
851
29 5 14 -14
29 5 14 -14
29 5 14 -14
29 5 14 -14
886
886
886
886
45 7 798
851
Loon- en prijscompensatie (§ 3a) Mutatie inwoneraantallen Besparing 2% incidenteel 2025/2026 Voorstel invulling besparing structureel MJB 2025-2030
2027 851
798
851
Bovenstaande opstelling leidt tot een inwonerbijdrage van € 1,22 (2026: € 1,18). Deze inwonerbijdrage is gebaseerd op het aantal inwoners per 1 januari 2025.
Versie: april 2026
Pagina
48
c. Budgettair kader gemeentelijke bijdrage GGD De genoemde ontwikkelingen in het programmaplan hebben de volgende consequenties op het budgettair kader gemeentelijke bijdrage GGD: In € x 1.000 Begroting t-1
2025 17.823
Versterking bedrijfsvoering 2024/27 Loon- en prijscompensatie (§ 3a) Mutatie inwoneraantallen Lokaal aanbod (nu niet Zwanger) Digitaal kinddossier Temporiseren versterking Bedrijfsvoering MJB 2024-2029
17.823
2026 17.823
2027 19.800
2028 20.229
426 765 170 332 498 -213
428
214
19.800
20.229
Loon- en prijscompensatie (§ 3a) Mutatie inwoneraantallen Besparing 2% incidenteel 2025/2026 Voorstel invulling besparing structureel Digitaal kinddossier Temporiseren versterking Bedrijfsvoering Programma vaccineren TBC-bestrijding MJB 2025-2030
17.823
19.800
2029 20.443
2030 20.443
20.443
20.443
20.443
668 125 364 -353 -498 -214 25 190
668 125 364 -353 -498 -214 0 190
668 125 364 -353 -498 -214 0 190
668 125 364 -353 -498 -214 0 190
20.536
20.725
20.725
20.725
Bovenstaande opstelling leidt tot een inwonerbijdrage van € 28,29 (2026: € 27,45) voor het basispakket. Deze inwonerbijdrage is gebaseerd op het aantal inwoners per 1 januari 2025. d. Budgettair kader gemeentelijke bijdrage JGZ 0-4 De genoemde ontwikkelingen in het programmaplan hebben de volgende consequenties op het budgettair kader voor JGZ 0-4: In € x 1.000 Begroting t-1
2025 11.172
Loon- en prijscompensatie (§ 3a) Mutatie inwoneraantallen Cao vvt Aanvullende besparingsopdracht Digitaal kinddossier MJB 2024-2029
2026 11.172
2028 12.162
2029 12.162
2030 12.162
12.162
12.162
12.162
12.162
407 -52 227 -220 902 -503
407 -52 227 -220 902 -503
407 -52 227 -220 902 -503
407 -52 227 -220 902 -503
12.923
12.923
12.923
12.923
496 -8 902 -902 503 11.172
12.162
Loon- en prijscompensatie (§ 3a) Mutatie inwoneraantallen Besparing 2% incidenteel 2025/2026 Voorstel invulling besparing structureel Cao vvt Digitaal kinddossier MJB 2025-2030
2027 12.162
11.172
12.162
Bovenstaande opstelling leidt tot een inwonerbijdrage van € 93,72 (2026: € 87,81) per jeugd inwoner. Deze inwonerbijdrage is gebaseerd op het aantal jeugd inwoners (0-18 jaar) per 1 januari 2025.
Versie: april 2026
Pagina
49
e. Budgettair kader gemeentelijke bijdrage RVP De genoemde ontwikkelingen in het programmaplan hebben de volgende consequenties op het budgettair kader RVP: In € x 1.000 Begroting t-1
2025 2.061
Loon- en prijscompensatie (§ 3a) Mutatie inwoneraantallen MJB 2024-2029
2026 2.061
2028 2.148
2029 2.148
2030 2.148
2.148
2.148
2.148
2.148
73 -9 42 -41
73 -9 42 -41
73 -9 42 -41
73 -9 42 -41
2.213
2.213
2.213
2.213
89 -2 2.061
2.148
Loon- en prijscompensatie (§ 3a) Mutatie inwoneraantallen Besparing 2% incidenteel 2025/2026 Voorstel invulling besparing structureel MJB 2025-2030
2027 2.148
2.061
2.148
Bovenstaande opstelling leidt tot een inwonerbijdrage van € 15,51 (2026: € 16,05) per jeugd inwoner. Deze inwonerbijdrage is gebaseerd op het aantal jeugd inwoners (0-18 jaar) per 1 januari 2025. f. Verdeling van gemeentelijke bijdragen naar programma’s VGGM verdeelt onder 5 categorieën haar te ontvangen bijdragen van de gemeente, namelijk Veiligheid, Bevolkingszorg, GGD, Jeugdgezondheidszorg en Rijksvaccinatieprogramma. De aansluiting tussen deze bijdragen en de verschillende programma’s is als volgt:
In € x 1.000 Begroting 2026B
Veiligheid 56.457
Verloopstaat gemeentelijke bijdragen BZ PG JGZ 0-4 851 19.801 12.162
RVP 2.148
Totaal 91.419
Besparing 2% incidenteel 2025/2026 Voorstel invulling besparing structureel
1.002 -972
14 -14
364 -353
227 -220
42 -42
1.651 -1.600
Loon- en prijscompensatie Mutatie inwoneraantallen Stadspoort Veilige Energietransitie CAO vvt Digitaal kinddossier Versterking BV 2027 Temporisering versterking BV Spaarverlof Programma vaccineren TBC-bestrijding
1.905
29 5
668 125
407 -52
73 -9
3.082 69 -271 -250 902 -1.000 1.000 -500 100 25 190
Bestuursbegroting 2027
58.257
2.213
94.816
-271 -250 -498 428 -214
572 -286 100
902 -503
25 190 886
20.536
12.923
Versie: april 2026
Pagina
50
8.2
Specificatie gemeentelijke bijdrage per gemeente
2a.
Gemeentelijke bijdrage Veiligheid
De mutatie van de begroting 2026 naar de bijdrage 2027 per gemeente kent dan de volgende stappen: In € x 1.000
Bijdrage Besparing 2% Voorstel besp. Veiligheid Incidenteel Structureel 2026b 16.395 260 -254 4.628 86 -83 838 16 -16 1.543 30 -29 9.777 165 -164 3.066 58 -55 2.876 54 -53 3.298 63 -60 2.375 45 -42 3.385 65 -62 184 4 -3 677 13 -13 3.205 61 -61 950 19 -18 3.261 63 -60
Arnhem Barneveld Doesburg Duiven Ede Lingewaard Nijkerk Overbetuwe Renkum Rheden Rozendaal Scherpenzeel Wageningen Westervoort Zevenaar Totaal
2b.
56.457
1.002
Specifiek Stadspoort
-972
Energie Transitie
Spaarverlof
loon/prijs 2027
Versterking BV
OOV 2026 herverdeling
0 0 0 0 -271 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
-65 -21 -4 -7 -42 -14 -14 -15 -11 -16 -1 -3 -16 -5 -15
26 9 2 3 17 6 5 6 4 6 0 1 6 2 6
553 156 28 52 330 104 97 111 80 114 6 23 108 32 110
75 24 5 9 48 16 16 18 12 18 1 4 18 5 18
1 -58 -11 -8 155 -13 -16 -24 -16 -34 -1 -2 53 -9 -16
Bijdrage Veiligheid 2027B 16.990 4.742 858 1.592 10.014 3.167 2.966 3.396 2.448 3.477 190 700 3.375 976 3.367
-271
-250
100
1.905
286
0
58.257
Gemeentelijke bijdrage Bevolkingszorg
De verdeling van de gemeentelijke bijdrage voor bevolkingszorg is gebaseerd op een tarief van € 1,22 (2026: € 1,18) per inwoner. Op basis van het totaal aantal inwoners per 1 januari 2025 is de bijdrage per gemeente als volgt: In € x 1.000 Arnhem Barneveld Doesburg Duiven Ede Lingewaard Nijkerk Overbetuwe Renkum Rheden Rozendaal Scherpenzeel Wageningen Westervoort Zevenaar Totaal per inwoner
Inwoners 1-1-2025 169.364 63.152 11.125 24.942 124.214 47.684 45.720 48.945 31.490 43.782 1.836 10.539 42.790 15.205 45.215
Kader 2026b
726 €
loon/prijs 2027
Mutatie Inwoners
198 74 13 29 146 56 54 58 37 52 2 12 50 18 53
7 3 0 1 5 2 2 2 1 2 0 0 2 1 2
2 1 0 0 1 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
851 1,18
29
5
Besparing 2% Voorstel besp. Incidenteel Structureel 3 -3 1 -1 0 0 0 0 2 -2 1 -1 1 -1 1 -1 1 -1 1 -1 0 0 0 0 1 -1 0 0 1 -1 14
Kader 2027b 207 77 14 30 152 58 56 60 38 53 2 13 52 19 55
-14 €
Versie: april 2026
886 1,22
Pagina
51
2c.
Gemeentelijke bijdrage GGD
De verdeling van de gemeentelijke bijdrage GGD is gebaseerd op een tarief van € 28,29 (2026: € 27,45) per inwoner. Op basis van het totaal aantal inwoners per 1 januari 2025 is de bijdrage per gemeente als volgt: In € x 1.000
Inwoners 1-1-2025 169.364 63.152 11.125 24.942 124.214 47.684 45.720 48.945 31.490 43.782 1.836 10.539 42.790 15.205 45.215
Arnhem Barneveld Doesburg Duiven Ede Lingewaard Nijkerk Overbetuwe Renkum Rheden Rozendaal Scherpenzeel Wageningen Westervoort Zevenaar Totaal per inwoner
2d.
Kader 2026B 4.601 1.718 304 683 3.391 1.299 1.245 1.343 862 1.198 50 284 1.169 416 1.236
726
loon/prijs Mutatie 2027 Inwoners 156 58 10 23 114 44 42 45 29 40 2 10 39 14 42
46 15 1 2 18 10 10 1 2 3 0 5 6 1 5
668
125
19.800 27,45
€
Besparing 2% Voorstel besp. Incidenteel Structureel 85 -82 32 -31 6 -5 13 -12 62 -60 24 -23 23 -22 25 -24 16 -15 22 -21 1 -1 5 -5 21 -21 8 -7 23 -22 364
Digitaal Versterking Kinddossier BV 2027 -116 50 -43 19 -8 3 -17 7 -85 37 -33 14 -31 13 -34 14 -22 9 -30 13 -1 1 -7 3 -29 13 -10 4 -31 13
-353
-498
Vaccineren
214
TBC 6 2 0 1 4 2 2 2 1 2 0 0 1 1 2
44 17 3 7 33 12 12 13 8 11 0 3 11 4 12
25
190
Kader 2027B 4.790 1.786 315 706 3.514 1.349 1.293 1.385 891 1.239 52 298 1.210 430 1.279 20.536 28,29
€
Budgettair kader bijdrage JGZ 0-4
De verdeling van de gemeentelijke bijdrage JGZ 0-4 is gebaseerd op een tarief van € 93,72 (2025: € 87,81) per jeugdinwoner. Op basis van het aantal 0-18 jarige inwoners per 1 januari 2025 is de bijdrage per gemeente als volgt: In € x 1.000 Arnhem Barneveld Doesburg Duiven Ede Lingewaard Nijkerk Overbetuwe Renkum Rheden Rozendaal Scherpenzeel Wageningen Westervoort Zevenaar Totaal per 0-18 jarige
inw. 0-18 1-1-2025 29.902 16.050 1.619 4.322 26.179 8.851 9.644 9.837 5.044 7.174 414 2.417 5.930 2.802 7.704
Kader 2026B 2.642 1.399 143 381 2.309 782 855 877 450 635 36 207 522 245 679
138 €
12.162 87,81
loon/prijs Mutatie Besparing 2% Voorstel besp. 2027 Inwoners Incidenteel Structureel 88 -16 49 -48 47 10 26 -26 5 -1 3 -3 13 -1 7 -7 77 -10 43 -42 26 -5 15 -14 28 -8 16 -15 29 -13 16 -16 15 -7 8 -8 21 -5 12 -11 1 0 1 -1 7 5 4 -4 17 -1 10 -9 8 1 5 -4 23 -3 13 -12 407
-52
227
-220
Digitaal CAO VVT Kinddossier -109 196 -59 105 -6 11 -16 28 -95 171 -32 58 -35 63 -36 64 -18 33 -26 47 -2 3 -9 16 -22 39 -10 18 -28 50 -503
Kader 2027B 2.803 1.504 152 405 2.453 830 904 922 473 672 39 226 556 263 722
902 €
Versie: april 2026
12.923 93,72
Pagina
52
2e.
Budgettair kader bijdrage RVP
De verdeling van de gemeentelijke bijdrage RVP is gebaseerd op een tarief van € 16,05 (2025: € 15,51) per jeugdinwoner. Op basis van het aantal 0-18 jarige inwoners per 1 januari 2025 is de bijdrage per gemeente als volgt: In € x 1.000
inw. 0-18 1-1-2025 29.902 16.050 1.619 4.322 26.179 8.851 9.644 9.837 5.044 7.174 414 2.417 5.930 2.802 7.704
Arnhem Barneveld Doesburg Duiven Ede Lingewaard Nijkerk Overbetuwe Renkum Rheden Rozendaal Scherpenzeel Wageningen Westervoort Zevenaar Totaal per 0-18 jarige
2f.
Kader 2026B 467 247 25 67 408 138 151 155 79 112 6 37 92 43 120
138
loon/prijs Mutatie 2027 Inwoners 16 9 1 2 14 5 5 5 3 4 0 1 3 1 4
-3 2 0 0 -2 -1 -1 -2 -1 -1 0 1 0 0 0
73
-9
2.148 15,51
€
Besparing 2% Voorstel besp. Incidenteel Structureel 9 -9 5 -5 1 0 1 -1 8 -8 3 -3 3 -3 3 -3 2 -1 2 -2 0 0 1 -1 2 -2 1 -1 2 -2 42
Kader 2027B 480 257 26 69 420 142 155 158 81 115 7 39 95 45 124
-41
2.214 16,05
€
Totale bijdrage per gemeente
Alle bovengenoemde bijdragen leiden tot de volgende totale bijdrage 2027 per gemeente: In € x 1.000 Arnhem Barneveld Doesburg Duiven Ede Lingewaard Nijkerk Overbetuwe Renkum Rheden Rozendaal Scherpenzeel Wageningen Westervoort Zevenaar
Kader 2026B 24.303 8.066 1.324 2.703 16.030 5.341 5.181 5.730 3.804 5.382 279 1.217 5.038 1.671 5.350
loon/prijs 2027 819 273 45 91 540 180 174 193 128 181 9 41 170 56 180
91.419
3.082
Totaal
In € x 1.000 Arnhem Barneveld Doesburg Duiven Ede Lingewaard Nijkerk Overbetuwe Renkum Rheden Rozendaal Scherpenzeel Wageningen Westervoort Zevenaar Totaal
OOV verdeling
Mutatie Inwoners
1 -58 -11 -8 155 -13 -16 -24 -16 -34 -1 -2 53 -9 -16
29 28 0 1 8 5 1 -14 -6 -3 1 11 5 3 2
0
69
Besparing 2% Voorstel besp. Incidenteel Structureel 407 -396 151 -145 25 -24 52 -50 281 -277 100 -96 97 -94 108 -104 71 -67 102 -97 5 -5 23 -22 95 -94 32 -31 101 -97 1.651