Gewaarmerkte jaarstukken 2025 Noaberkracht (2)
Tekst van het document
Het nieuwe regeerakkoord benadrukt het belang van “toekomstbestendig ambtelijk vakmanschap”, met aandacht voor: • Levenslang leren (via academies en microcredentials). • Werving en behoud van talent (met oog voor diversiteit en inclusie). • Integriteit en weerbaarheid (omgaan met desinformatie en polarisatie). Trend 3 Samenwerken zonder schotten – Het werk anders organiseren Gemeenten schakelen van hiërarchische structuren naar netwerkorganisaties, waarbij: • Gebiedsgericht werken centraal staat (zoals in de Omgevingswet is voorgeschreven). • Data en AI worden ingezet voor slimmere besluitvorming (bijv. predictive analytics voor werkdrukbeheersing). • Eigenaarschap bij teams wordt gestimuleerd (in lijn met agile werken en self-managing teams). Het WRR-rapport “Wendbare Staat” (2024) wijst op de noodzaak van: • Minder bureaucratie (bijv. door digitale werkprocessen). • Meer ruimte voor experimenten (zoals labs voor innovatie). • Betere samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties.
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
26
1
AMBITIELIJN 1 SAMENLEVINGSGERICHT WERKEN Omschrijving De samenleving verandert continu, en Noaberkracht beweegt mee. De ambitielijn Samenlevingsgericht Werken richt zich op een overheid die dicht bij inwoners staat, initiatieven ondersteunt en open communiceert. Dit vraagt om een wendbare organisatie met korte lijnen, duidelijke kaders en actieve participatie van inwoners. Door deze aanpak versterken we wederzijds vertrouwen en bouwen we aan een toekomstbestendige dienstverlening die aansluit bij de behoeften van onze samenleving.
•
•
• Wat wilden we bereiken? • Bewuster werken volgens de principes van samenlevingsgericht werken. • Beter integreren van samenlevingsgericht werken in het dagelijks werk. • Effectiever verbinden binnen en buiten de organisatie, dichter bij de inwoner. Wat hebben we gerealiseerd? In 2025 heeft Noaberkracht concrete stappen gezet om samenlevingsgericht werken te verankeren in de organisatiecultuur en werkprocessen. Belangrijke resultaten zijn: • Nulmetingen uitgevoerd in meerdere afdelingen (zoals Openbare Ruimte, Publieke Dienstverlening en Fysieke Leefomgeving) om het bewustzijn over samenlevingsgericht werken te vergroten. Deze metingen laten zien waar teams staan en waar verdere ontwikkeling nodig is. • Klachtbehandeling terug naar de lijn: Een organisatiebreed netwerk is opgericht voor laagdrempelige en oplossingsgerichte klachtbehandeling. Medewerkers in drie afdelingen zijn getraind in klachtbehandeling, wat heeft geleid tot meer bewustwording en verbetering van de dienstverlening. Een routekaart is ontwikkeld als ondersteuning bij het behandelen van klachten. • Kernboodschap vastgesteld: De kernboodschap van samenlevingsgericht werken is geformuleerd en geïntegreerd in vacatures, introductieprogramma’s en strategische documenten. Dit zorgt voor een gedeelde taal en herkenbaarheid binnen de organisatie.
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Rol van buur(t)mannen en -vrouwen verstevigd: Door regelmatige werkoverleggen en intervisiemomenten is de rol van buur(t)mannen en -vrouwen verder verstevigd. Zij fungeren als verbinders tussen inwoners en de organisatie. MijnDinkelland2040 en Maatschappelijk Akkoord Tubbergen (MAT) doorontwikkeld: Nieuwe kaders voor leefbaarheid en werkbudgetten zijn vastgesteld, waardoor inwonersinitiatieven beter gefaciliteerd worden. De evaluatie van MijnDinkelland2030! is afgerond, en de aanbevelingen worden in 2025 verder uitgevoerd. Direct Duidelijk 3.0: Een AI-tool is geïntroduceerd om medewerkers te ondersteunen bij het schrijven van begrijpelijke communicatie (B1-niveau). Deze tool helpt bij het herschrijven van brieven, e-mails en besluiten, en biedt directe feedback op structuur, helderheid en toon.
Wat heeft het gekost? De inzet binnen deze ambitielijn kunnen we opvangen binnen de bestaande capaciteit (personeel) en de bestaande budgetten. Daarnaast is de Direct Duidelijk 3.0 AI-tool een inspanning in het kader van de versnelling organisatieontwikkeling. AMBITIELIJN 2 AMBTENAAR VAN DE TOEKOMST Omschrijving De rol van de ambtenaar verandert door digitalisering, toenemende participatie en veranderende verwachtingen van inwoners. De ambtenaar van de toekomst is wendbaar, zoekt actief verbinding met de samenleving en werkt op basis van eigenaarschap en zelforganisatie. Deze ambitielijn richt zich op het versterken van het gedrag in de ondernemende, betrokken en (warm) zakelijke houding van medewerkers, met aandacht voor samenlevingsgericht werken en wendbaar organiseren.
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
27
1
Wat wilden we bereiken? De ambtenaar van de toekomst weet wat er speelt en doet wat nodig is. Zowel op het niveau van de samenleving, als het vakgebied, de organisatie, het team, als bij zichzelf. Vanuit deze ambitielijn worden activiteiten ontwikkeld en geïmplementeerd die gericht zijn op het versterken van het gedrag in de ondernemende, betrokken en (warm) zakelijke houding van onze medewerkers; waarbij specifieke aandacht wordt besteed aan het bevorderen van samenlevingsgericht werken en wendbaar organiseren via de doelen van het bestuur en organisatie. We willen weten wat er speelt, en doen wat nodig is, om (potentiële) medewerkers aan Noaberkracht te (blijven) binden. • Zichtbare verankering van het medewerkersprofiel in werving, selectie en ontwikkeling. • Versterken van het evaluerend en lerend vermogen van medewerkers en teams. • Versterken van houding en gedrag op basis van de kernwaarden van Noaberkracht. Wat hebben we gerealiseerd? Verschillende inspanningen binnen deze ambitielijn waren in uitvoering in 2024 en zijn in 2025 in een volgende fase overgegaan of kregen een andere focus. 2025 stond in het teken van verdiepen, borgen en verbinden van eerder ingezette bewegingen.
Onderstaand een overzicht van de behaalde resultaten in 2025 vanuit de Ambitielijn Ambtenaar van de toekomst: Versterken houding en gedrag op basis van de kernwaarden • Alle medewerkers hebben de ambtseed of ambtsbelofte (opnieuw) afgelegd. Dit is in teamverband gedaan, gelijk met een gesprek integriteit en ambtenaar zijn. • Het bewustzijn rondom integriteit is versterkt via workshops, het ontwikkelde dilemmaspel en meer aandacht voor het ambtenaar zijn. • De ambtseed of ambtsbelofte is structureel onderdeel geworden van het indiensttredingsproces, aanvullend op de eerder ontwikkelde workshop voor nieuwe medewerkers. • In drie pilotteams is het kader voor zelforganisatie in de praktijk getoetst, de focus lag op eigenaarschap, rolbewustzijn en vertrouwen in het team. • De vervolgafspraak met het management is om in 2026 op dezelfde wijze met een groot deel van de teams het gesprek aan te gaan.
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Versterken evaluerend en lerend vermogen In 2024 is de Noaberkracht Academie gepositioneerd als centrale plek voor leren en ontwikkelen. In 2025 is de volgende stap gezet in de borging: • Opleidingsplannen zijn actief gebruikt als sturingsinstrument op teamen organisatieniveau, steeds meer teams maken zelf een opleidingsplan. Deze opleidingsplannen zijn meer verweven met langetermijnontwikkelingen en Strategische Personeelsontwikkeling. • Het leeraanbod is uitgebreid met gemeente specifieke e-learnings over thema’s zoals: ambtelijk vakmanschap, AI, i-bewustzijn en duidelijk schrijven. • Scholingsbudgetten zijn structureel opgehoogd conform de meerjarige afspraak richting € 450.000 in 2026. • Er is gewerkt aan zakelijkheid via studieovereenkomsten en contractaf spraken met leveranciers. Zichtbare verankering van het medewerkersprofiel • Managers beschikken vanaf 2026 over een budget voor directe waardering binnen teams. Hierover zijn nieuwe afspraken gemaakt, waardoor teams zelf een plan voor hun ontwikkeling maken. • Gratificaties worden jaarlijks geëvalueerd in het MT. • De focus verschuift naar erkenning van eigenaarschap en voorbeeldgedrag. • Het medewerkersprofiel is zichtbaar verwerkt in werving en selectie, ontwikkelgesprekken, teamgesprekken en opleidingsplannen.
De doorvertaling naar jaarplannen en organisatiedoelen vraagt verdere verdieping, zodat de lijn tussen strategische ambities en gedrag explicieter wordt. Wat heeft het gekost? Vanuit deze ambitielijn zijn de kosten gedekt uit de bestaande budgetten: • Leren & Ontwikkelen; • Arbeidsmarktcommunicatie. Verantwoording kosten opleiding onder personeel.
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
28
1
AMBITIELIJN 3 VAN ORGANISATIE NAAR ORGANISEREN Omschrijving Deze ambitielijn richt zich op het ontwikkelen van een organisatie die flexibel, inzichtelijk en professioneel kan inspelen op maatschappelijke opgaven. Het gaat om het beter verbinden van programma’s, lijnorganisatie en samenleving, het slimmer en duurzamer inzetten van personeel, het versterken van resultaatgericht werken en het effectiever en integraal samenwerken, met name op het gebied van datagedreven sturing. Wat wilden we bereiken? • Beter verbinden van programma, lijn en samenleving, met aandacht voor capaciteitsvraagstukken en rolverdeling. • Slimmer en duurzamer inzetten van personeel, met inzicht in functies, kwetsbaarheden en toekomstige vaardigheden. • Bewuster sturen op resultaat en strategische prioritering, door kaders voor zelforganisatie en leiderschap te ontwikkelen. • Effectiever en integraal samenwerken, met aandacht voor data-gedreven werken en een uniforme aanpak. Wat hebben we gerealiseerd? In 2025 zijn belangrijke stappen gezet om de organisatie wendbaarder en toekomstbestendiger te maken. Belangrijke resultaten zijn: • Gebiedsgericht werken geïntroduceerd: Een uniforme werkwijze is ontwikkeld voor de kernen en het buitengebied, waardoor de samenwerking tussen beleid en uitvoering is verbeterd.
Teams werken nu met duidelijke kaders voor zelforganisatie, eigenaarschap en resultaat verantwoordelijkheid. Een klankbordgroep ondersteunt deze transitie. • Strategische Personeelsplanning (SPP) uitgevoerd: Alle organisatieonderdelen hebben hun toekomstige rollen, vaardigheden en kwetsbaarheden in kaart gebracht. Deze inzichten zijn omgezet in input voor het M&O-meerjarenplan 2025–2027 en het HR-jaarplan 2026. De Noaberkracht Academie gebruikt deze input om gerichte leerprogramma’s te ontwikkelen.
2
3
4
5
6
7
8
9
10
• Kaders voor zelforganisatie ontwikkeld: Een begrippenkader voor zelforganisatie is vastgesteld en geïntroduceerd in de lijn. Teams verkennen hoe zij hun werk binnen duidelijke kaders zelf kunnen organiseren. Een leiderschapsprogramma voor het MT ondersteunt deze ontwikkeling. • Datagedreven sturen versterkt: Een regiegroep en data-werkgroep zijn ingericht, en een gezamenlijke visie verbindt informatiegebruik aan maatschappelijke en organisatorische opgaven. Eerste use-cases in het sociaal domein, openbare ruimte en HRM laten zien hoe data het werk kan ondersteunen. Medewerkers zijn gestart met een ontwikkelprogramma voor datageletterdheid. Wat heeft het gekost? De inzet binnen deze ambitielijn hebben we kunnen opvangen binnen de bestaande capaciteit (personeel) en de bestaande budgetten. AMBITIELIJN 4 MEERSCHALIG DENKEN EN DOEN Omschrijving Om goed uitvoering te kunnen geven aan gemeentelijke taken en opgaven, zijn goede regionale contacten essentieel. Verbinding met de buurgemeenten is belangrijk omdat veel opgaven niet stoppen bij de gemeentegrens. De Twentse gemeenten zijn samenwerkingspartners omdat sommige taken verplicht of vrijwillig op regionale schaal worden opgepakt. Als het gaat om beïnvloeding van provinciale of landelijke wet- en regelgeving is het sterker om samen op te trekken.
Naast wet- en regelgeving is de uitvoering van ambities voor een deel afhankelijk van subsidies vanuit hogere overheden. En tenslotte is het effectief en efficiënt om niet het wiel zelf uit te vinden, maar door kennisdeling samen op te trekken via kennisnetwerken. Om dit meerschalig denken en doen voor medewerkers en bestuurders te faciliteren en te stimuleren is een vierde ambitielijn ingericht; ‘Meerschalig denken en doen’. Wat wilden we bereiken? Het doel van de activiteiten in 2025 was om te stimuleren dat Noaberkracht actief aan tafel zit in relevante samenwerkingen, om de belangen van de gemeenten effectief te kunnen behartigen.
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
29
1
Wat hebben we gerealiseerd? In 2025 is gewerkt aan het versterken van de positionering van Noaberkracht in regionale samenwerkingen. Belangrijke resultaten zijn: • Overzicht van samenwerkingen opgesteld: Er is een inventarisatie gemaakt van meer dan honderd samenwerkingen waar Noaberkracht ambtelijk of bestuurlijk aan deelneemt. Dit overzicht biedt inzicht in waar we betrokken zijn en hoe we onze positie kunnen versterken. • Kennispunt op intranet ingericht: Een centraal punt is gecreëerd waar medewerkers gemakkelijk toegang hebben tot relevante externe informatiebronnen, zoals VNG, LinkedIn en vakinhoudelijke websites. Dit stimuleert een cultuur van kennisdelen en externe oriëntatie. • Positionering in strategische trajecten versterkt: Noaberkracht is bovengemiddeld goed aangehaakt in belangrijke strategische trajecten, zoals de Ruimtelijke Ontwikkelstrategie Twente en de kerntakendiscussie Samen Twente. Dit versterkt onze positie als actieve speler die de belangen van het landelijk gebied inbrengt. • Subsidieverwervingsproces geanalyseerd en verbeterd: Het proces van subsidieverwerving is geoptimaliseerd, met een duidelijke aanjaagrol voor subsidiecoördinatoren. In 2023 bedroegen de toegekende subsidies € 3,9 miljoen, een bedrag dat goed gemonitord wordt.
• Informatie-uitwisseling gestimuleerd: Er is gewerkt aan het stimuleren van het gebruik van externe bronnen en contacten door medewerkers, zoals vakliteratuur, LinkedIn, VNG-fora en Twentse collega’s. Dit valt onder het vergroten van het vakmanschap en het strategisch vermogen van de organisatie.
2
3
4
5
6
7
8
9
10
VERSNELLING ORGANISATIEONTWIKKELING Versnelling Organisatieontwikkeling In het jaar 2025 zijn de eerste stappen gezet m.b.t. Versnelling Organisatieontwikkeling. Hierbij kan het onderscheid worden gemaakt in de “taakstelling versnelling organisatieontwikkeling” en de investering in “versnelling organisatieontwikkeling” - incidenteel. De taakstelling versnelling organisatieontwikkeling bedroeg voor het jaar 2025 € 200.000. Deze taakstelling is in 2025 volledig ingevuld, waarbij ook de kans is gezien om extra te investeren in een sjabloonbeheerder en het wegnemen van de werkdruk bij burgerzaken. Hierna resteerde een bedrag aan overdekking ten bedrage van € 11.700 wat in 2025 is toegevoegd aan de flexibele schil. De incidenteel beschikbaar gestelde € 1 miljoen voor investeringen in de versnelling organisatieontwikkeling is in de loop van het jaar 2025 voor ongeveer de helft aangesproken. Daadwerkelijk is er in 2025 echter een bedrag van € 60.000 uitgegeven voor vooral ondersteuning bij procesoptimalisatie. Enkele budgetten m.b.t. de investering in “versnelling organisatieontwikkeling” - incidenteel zijn in 2025 niet uitgegeven. Deze worden verder beschreven in het onderdeel budgetoverheveling. Voor een uitgebreide toelichting m.b.t. de versnelling organisatieontwikkeling wordt verwezen naar de financiële rapportage 2025.
Wat heeft het gekost? De inzet binnen deze ambitielijn kunnen we opvangen binnen de bestaande capaciteit (personeel) en de bestaande budgetten.
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
30
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
7. PARAGRAFEN PARAGRAAF WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Risicomanagement en weerstandsvermogen Op 18 januari 2021 is door het bestuur de Kadernota Integraal Risicomanagement en Weerstandsvermogen 2021 vastgesteld. Risicomanagement omvat alles wat we doen om risico’s, kansen en onzekerheden in beeld te brengen en te beheersen. Risicomanagement moet onze organisatie in staat stellen doelstellingen optimaal te realiseren. Dit impliceert prioriteiten stellen en sommige risico’s bewust accepteren. Daartoe is het noodzakelijk gedetailleerd inzicht te hebben in alle risico’s die samenhangen met alle gemeentelijke activiteiten en processen. De uitdaging is om binnen de organisatie het risicomanagement niet alleen onbewust onderdeel van het werkproces te laten zijn, maar risico’s, kansen en de wijze waarop daarmee om te gaan juist ook expliciet en transparant te betrekken bij de realisatie van onze doelen, en ook bij bestuurlijke besluitvorming. Hierbij is een voortdurende balans tussen de systeemwereld en de leefwereld van groot belang. Hierin is de belangrijkste uitdaging binnen de organisatie om deze twee werelden samen te brengen in wat gemeenten doen, hoe zij dat doen en hoe ze hierin omgaan met de samenleving, en de kracht van de samenleving en de inwoners benutten. Kortom: Nevenheid waar het kan, overheid waar het moet.
Integraal risicomanagement kan hierin bijdragen door het in balans brengen en houden van deze twee werelden en daardoor een verbetering te bewerkstelligen in geprofessionaliseerde sturing en een verbeterde borging en bestendiging van de organisatie te creëren. Met deze kadernota zetten we een belangrijke stap in het versterken van risicomanagement, met als doel het bewust en verantwoord omgaan met risico’s door een open en transparante manier van samenwerken.
Door regelmatig het gesprek te voeren - zowel op ambtelijk als bestuurlijk niveau - over (strategische) risico’s, ontstaat een gezamenlijk beeld. Niet door te zenden, te vertellen en voor te lichten, maar door te delen, te bespreken en de dialoog aan te gaan. De risicodialoog is een open gesprek met als doel het gezamenlijk bepalen van een constructieve risico-aanpak. Het gesprek en de communicatie over risico’s is een essentieel onderdeel van integraal risicomanagement. Transparantie is hierbij het uitgangspunt. Risico’s kunnen financiële consequenties met zich meebrengen. De financiële gevolgen van de risico’s worden periodiek tijdens de P&C-Cyclus inzichtelijk gemaakt in de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing. Naast financiële consequenties worden dan ook de impact van imagoschade en de impact op de realisatie van onze organisatiedoelstellingen gewogen. Het weerstandsvermogen kunnen we bepalen door onderstaande stappen te doorlopen: 1.
Een inventarisatie van de risico’s (risicoprofiel);
2.
Benodigde weerstandscapaciteit;
3.
Beschikbare weerstandscapaciteit;
4.
Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit.
Integraal risicomanagement is de nieuwe manier van denken over risico’s, kansen en onzekerheden. Het doel van deze integrale aanpak is het vergroten van het risicobewustzijn van organisatie en bestuur, zodat een goede en verantwoorde balans ontstaat tussen risico’s nemen en risico’s beheersen. Het continu organiseren van aandacht voor en het gesprek over risico’s vormt de basis van deze aanpak.
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
31
1
Risicoprofiel Om de risico’s van Noaberkracht in kaart te brengen is een risicoprofiel opgesteld. De top 5 financiële risico’s betreft:
NR.
OMSCHRIJVING
KANS VAN OPTREDEN
MAXIMAAL FINANCIEEL GEVOLG
INVLOED
1
Frauderisico - Integriteitsbeleid: Ontbreken van een integriteitsbeleid
50%
€ 250.000
19.58
2
Frauderisico - Beheer netwerk/automatisering: Het risico dat het netwerk en/of applicaties voor onbevoegden toegankelijk is en/ of dat onbevoegden wijzigingen aanbrengen in het netwerk en/ of de applicaties of het risico dat derden onbevoegd toegang verkrijgen tot het netwerk, applicaties, gegevens van de gemeente.
50%
€ 250.000
7.98
Besluitvorming: Als gevolg van onvoldoende vastlegging van bevoegdheden (bedragen en rollen in systemen) bestaat de kan dat besluitvorming niet volgens de geldende delegatie- en besluitregisters en/of onafhankelijk plaatsvindt
50%
4
Frauderisico/inkoop - Ontvangst en controle Levering: Als gevolg van onvoldoende functiescheiding tussen het verstrekken van een opdracht, controle levering prestatie, autorisatie factuur en registratie in de financiële administratie bestaat de kans dat facturen worden betaald waarvoor geen overeenstemming is tussen de factuur en de voor de gemeente geleverde prestaties
30%
€ 100.000
4.86
5
Uitstroom als gevolg van langdurige ziekte met financiële gevolgen voor de organisatie
30%
€ 100.000
4.75
3
€ 100.000
7.90
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit Op basis van de ingevoerde risico’s is een risicosimulatie uitgevoerd. Hieruit volgt dat 90% zeker is dat alle risico’s kunnen worden afgedekt met een bedrag van € 493.000 (benodigde weerstandscapaciteit). Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit van Noaberkracht bestaat uit het geheel aan middelen dat de organisatie beschikbaar heeft om de risico’s in financiële zin af te dekken. WEERSTAND
CAPACITEIT
Algemene reserve
€ 502.000
Totale weerstandscapaciteit
€ 502.000
Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico’s, de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten wordt in onderstaande figuur weergegeven. RISICO’S:
WEERSTANDSCAPACITEIT
Bedrijfsproces Financieel Imago / politiek Informatie / strategie Juridisch / Aansprakelijkheid Letsel / Veiligheid Materieel Milieu Personeel / Arbo Product
Algemene reserve
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
32
1
Weerstandsvermogen De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen.
Ratio weerstandsvermogen =
Beschikbare weerstandscapaciteit
€ 502.000
Benodigde weerstandscapaciteit
€ 493.000
= 1,02
De normtabel is ontwikkeld in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van het berekende ratio. Tabel weerstandsnorm WAARDERINGSCIJFER
RATIO
BETEKENIS
A
>2.0
uitstekend
B
1.4 2.0
ruim voldoende
C
1.0 1.4
voldoende
D
0.8 1.0
matig
E
0.6 0.8
onvoldoende
F
<0.6
ruim onvoldoende
Bij het bepalen van de stand van de algemene reserve is nog geen rekening gehouden met de voorgestelde resultaatbestemming uit deze jaarverantwoording 2025, waar wordt voorgesteld om een bedrag van € 9.000 te onttrekken aan de algemene reserve. De reden voor deze onttrekking is om het weerstandsvermogen op het niveau van de streefwaarde met een ratio van 1,0 te brengen. Rekening houdend met deze onttrekking van € 9.000 ontstaat een herziene stand van de algemene reserve van € 493.000. Deze herziene stand komt overeen met een ratio van 1,0 en valt onder het waarderingscijfer C wat duidt op een voldoende weerstandsvermogen.
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Kengetallen Om de financiële positie van Noaberkracht in beeld te brengen, stelt Noaberkracht jaarlijks een balans en een overzicht van de exploitatie in baten en lasten op. Voor een goed oordeel over deze financiële positie zijn aanvullende kengetallen nodig. Deze kengetallen bieden u ondersteuning bij uw kaderstellende en controlerende rol. Een afzonderlijk kengetal zegt niet alles en moet altijd in relatie worden gezien met andere kengetallen. We onderscheiden 3 kengetallen: • Netto schuldquote • Solvabiliteitsratio • Structurele exploitatieruimte 1. Netto schuldquote Dit kengetal zegt het meest over de financiële vermogenspositie van Noaberkracht. Hoe hoger de schuld, hoe meer kapitaallasten (rente en aflossing) er zijn. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossing op de exploitatie. (BEDRAGEN X € 1.000)
JAARREKENING 2024
BEGROTING 2025
JAARREKENING 2025
A
Vaste schulden
0
0
0
B
Netto vlottende schuld
5.818
0
6.222
C
Overlopende passiva
218
1.000
449
D
Financiële activa
0
0
0
E
Uitzettingen < 1 jaar
2.655
940
5.887
F
Liquide middelen
159
300
157
G
Overlopende activa
324
101
572
H
Totale baten
48.303
46.947
52.846
Netto schuldquote (A+B+C-D-E-F-G) /H x 100%
6.0
0,0
0,1
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
33
1
2. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin Noaberkracht in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hieronder wordt het eigen vermogen als percentage van het totale vermogen verstaan. Hoe hoger het aandeel, des te gezonder Noaberkracht is. (BEDRAGEN X € 1.000)
JAARREKENING 2024
BEGROTING 2025
JAARREKENING 2025
A
Eigen vermogen
3.007
4.919
5.442
B
Balanstotaal
9.562
8.813
13.028
Solvabiliteit (A/B) x 100%
31,4
55,8
41,8
3. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte geeft aan hoe groot de (structurele) vrije ruimte binnen de vastgestelde begroting is. Daarnaast geeft het ook aan of Noaberkracht in staat is om structurele tegenvallers op te vangen, dan wel of er nog ruimte is voor nieuw beleid. (BEDRAGEN X € 1.000)
JAARREKENING 2024
BEGROTING 2025
JAARREKENING 2025
A
Totale structurele lasten
46.459
46.947
48.660
B
Totale structurele baten
46.795
46.947
49.861
C
Totale structurele toevoegingen aan de reserves
1
0
0
D
Totale structurele onttrekkin- 0 gen aan de reserves
0
0
E
Totale Baten
48.303
46.947
52.846
Structurele exploitatieruimte (B-A)+(DC)/E x 100%
0,7
0.0
2,3
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Totaal tabel kengetal en uitkomst Uit het onderstaande overzicht blijkt dat Noaberkracht voor wat betreft deze kengetallen en de daaraan gekoppelde signaleringswaarden in het minst risicovolle gebied zit, met uitzondering van de solvabiliteitsratio. De solvabiliteit bevindt zich in het midden van de signaleringswaarde “neutraal”. Wij achten dit passend voor een bedrijfsvoeringsorganisatie met enerzijds een relatief beperkt eigen vermogen en anderzijds uitdagende taken op de lange termijn. De signaleringswaarden voor de structurele exploitatieruimte en de netto schuldquote zijn ultimo 2025 minst risicovol. Dit geeft aan dat op dat moment de structurele baten en lasten relatief in evenwicht zijn. KENGETAL
JRK 2024
BEG. 2025
JRK 2025
MINST RISICOVOL
NEUTRAAL
MEEST RISICOVOL
Netto schuldquote
6,0
-1,0
0,1
<90
90 - 130
>130
Solvabiliteit
31,4
55,8
41,8
>50
20 - 50
<20
Structurele exploitatieruimte
0,7
0,0
2,3
>0
0
<0
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
34
1
PARAGRAAF FINANCIERING Algemeen De wet Financiering Decentrale Overheden (fido) bevordert een solide financieringswijze bij openbare lichamen. Het doel hiervan is het vermijden van grote fluctuaties in de rentelasten. De wet kent een onderscheid tussen regels voor korte financiering (kasgeldlimiet) en regels voor lange financiering (renterisiconorm). Het onderscheid is gelegd bij één jaar. Kasgeldlimiet en korte financiering De kasgeldlimiet heeft als doel de financiële gevolgen van schommelingen in de rente op korte leningen (< 1 jaar) te beheersen. De limiet voor gemeenschappelijke regelingen is bepaald op 8,2% van de totale begroting. Een kasgeldlimiet van € 3,5 miljoen betekent dat we in 2025 tot een bedrag van € 3,5 miljoen met kort geld (looptijd < 1 jaar) mochten financieren. In 2025 zijn er in de loop van het jaar één lening via rekening-courant met de gemeente Dinkelland aangetrokken en ook weer terugbetaald. Daarmee zijn we in 2025 binnen de kasgeldlimiet gebleven. KASGELDLIMIET
(BEDRAGEN X €1 MILJOEN)
Begrotingstotaal 2024 (primitief)
43,0
Vastgesteld percentage
8,2%
Kasgeldlimiet
3,5
Renterisiconorm en lange financiering De renterisiconorm is een instrument voor de beheersing van het risico van een rentewijziging. Jaarlijks mogen de renterisico’s uit hoofde van renteherziening en herfinanciering niet hoger zijn dan 20% van het begrotingstotaal. Er mag dus 1/5e deel van de totale begroting aan rentegevoeligheid onderhevig zijn. De renterisiconorm is op dit moment niet van toepassing, omdat er geen langlopende leningen zijn afgesloten. We hebben geen leningenportefeuille.
2
3
4
5
6
7
8
9
10
EMU Saldo Het EMU saldo geeft weer wat het saldo aan inkomsten en uitgaven van de gehele sector overheid in een bepaalde periode is. In grote lijnen is dit het exploitatiesaldo voor bestemming plus de afschrijvingen min de investeringen over een bepaald jaar. Exploitatiesaldo voor bestemming
2.435
Mutatie (im)materiële vaste activa
(-) 1.212
Mutatie voorzieningen
395
Mutatie voorraden (incl bouwgronden in exploitatie
0
Eventuele boekwinst bij verkoop effecten en (im)materiële vaste activa
0
EMU SALDO 2025
1.618
Algemene ontwikkelingen Rente: 1-maands euribor Het 1-maands euribor rentetarief is in 2025 gedaald. Per 1 januari 2025 bedroeg het percentage 2,785%. Eind december was dit percentage 1,953%. Schatkistbankieren In december 2013 is de wet Schatkistbankieren in werking getreden. Deze wet verplicht alle decentrale overheden om hun overtollige (liquide) middelen aan te houden in de schatkist. ‘Overtollig’ verwijst naar alle middelen die decentrale overheden niet onmiddellijk nodig hebben voor de publieke taak. Hierdoor hoeft de Nederlandse staat minder geld te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen. De rente die vergoed wordt, is gelijk aan de rente die de Nederlandse staat betaalt op leningen die ze op de markt aangaat en was eind december 2025 1,936%.
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
35
1
PARAGRAAF ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN Onderhoud gebouwen Noaberkracht had in het jaar 2025 gebouwen in bruikleen van de gemeenten Tubbergen en Dinkelland (twee gemeentehuizen, Pand Newtonstraat Tubbergen en de Werf Ootmarsum). Noaberkracht heeft, vanuit de bruikleenovereenkomst, over deze gebouwen de verantwoording op het klein en dagelijks onderhoud (gebruikersonderhoud). De beide gemeenten hebben als eigenaar van deze drie panden in 2021 een meerjaren onderhoudsplanning (MOP) vastgesteld, waarin zowel het onderhoud van de eigenaar als het onderhoud van de gebruiker in beeld is gebracht. Naast deze vier gebouwen wordt er ook gebruik gemaakt van huurpanden. Dit betreffen panden in Weerselo, Denekamp, Albergen en Geesteren. Deze panden worden gebruikt door de medewerkers van de groenvoorziening die werkzaam zijn in de buitendienst. PARAGRAAF BEDRIJFSVOERING Inleiding Ook in 2025 ondersteunde Noaberkracht de gemeenten Tubbergen en Dinkelland in hun streven naar een vitale en zelfredzame samenleving. Noaberkracht heeft daarbij de focus aangebracht om de goede dingen ten behoeve van de samenleving te doen. Deze inspanningen zijn opgenomen in de begroting en de jaarverantwoording van Noaberkracht.
Zowel de inzet die betrekking heeft op reguliere jaarlijks terugkerende taken (de basisbegroting), als de inzet op de ambities binnen Noaberkracht zijn opgenomen in het programma bedrijfsvoering Met deze indeling in ambities wordt een goed beeld gegeven wat er binnen de bedrijfsvoeringsorganisatie Noaberkracht allemaal gebeurt, waardoor de verplichte paragraaf bedrijfsvoering beperkt kan blijven tot een aantal (verplichte) indicatoren.
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Beleidsindicatoren De beleidsindicatoren geven een beeld van de prestaties en hoe de besteding van de beschikbare middelen gaat plaatsvinden. In meetbare eenheden zullen de beleidsindicatoren informatie verschaffen over de interne beleidsprestaties, maar ook in vergelijking met andere overheden. Onderbouwde keuzes kunnen worden gemaakt om te kunnen bijsturen als de ontwikkelingen daartoe aanleiding geven. Beleidsindicatoren 2025 peildatum:
2024
2025
Indicator
Waarde
Waarde
Eenheid
Omvang formatie
8,51
8,66
Aantal fte per 1.000 inwoners.
Omvang bezetting
10,03
9,72
Aantal medewerkers per 1.000 inwoners.
Omvang overhead
97,8%
94,7%
Totale overhead gedeeld door totale lasten.
Apparaatskosten
€933
€932
Kosten per inwoner.
Externe inhuur
14,19%
9.69%
Kosten externe inhuur gedeeld door de totale loonsom plus kosten externe inhuur.
Financieel
Toelichting op de rechtmatigheidsverantwoording Er is geen nadere financiële toelichting opgenomen, aangezien de geconstateerde rechtmatigheidsafwijkingen binnen de door het bestuur vastgestelde verantwoordingsgrens van 2% blijven. De overall conclusie ten aanzien van de rechtmatigheid blijft daarmee ongewijzigd. In deze paragraaf is een nadere toelichting opgenomen op de geconstateerde rechtmatigheidsafwijking inzake het voorwaardencriterium. Deze afwijking heeft geen gevolgen voor de getrouwheid van de in de jaarrekening opgenomen baten en lasten en balansmutaties. Daarnaast is hieronder een toelichting opgenomen op het beleid ter voorkoming van misbruik en oneigenlijk gebruik (M&O).
Ontwikkelingen Opgenomen onder de verschillende programma’s (zowel ambitie als basis).
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
36
1
Voorwaardecriterium Dit criterium heeft betrekking op het naleven van wet- en regelgeving en door het bestuur vastgesteld beleid voor zover deze betrekking heeft op financiële beheershandelingen. Wij hebben geconstateerd dat bij drie opdrachtverstrekkingen de Europese aanbestedingsregels niet correct zijn nageleefd. Aangezien dit bij twee opdrachten leidde tot meerjarige overeenkomsten, is ook de opdrachtwaarde 2026 alvast fout gerekend. Dit leidt tot een totale rechtmatigheidsfout van € 345.000. Wij hebben inmiddels actie ondernomen. De opdrachten zullen opnieuw in de markt worden gezet. De voorbereidingen hiervoor zijn inmiddels getroffen of zullen binnenkort worden getroffen.
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Inkopen groter dan € 30.000 moeten in principe meervoudig onderhands worden aanbesteed. Dit is vastgelegd in de Nota inkoop en aanbestedingsbeleid die door het bestuur is vastgesteld. Daarnaast heeft het bestuur een Budgethoudersregeling en een Mandaatregeling vastgesteld. Daarin is geregeld welke ambtenaren welke bevoegdheden hebben namens het bestuur. PARAGRAAF WET OPEN OVERHEID (WOO) Wet open overheid Realisatie in 2025
M&O-beleid De Commissie BBV adviseert gemeenten en gemeenschappelijke regelingen om een overkoepelend beleidsstuk M&O te maken. Deze zou naast de filosofie, algemene uitgangspunten en risicoanalyse ook maatregelen ter voorkoming en afdoening moeten bevatten. Noaberkracht kent geen separaat M&O-beleid.
Wat wilden we bereiken? Het doel van de Wet open overheid (Woo) is: • Een transparanter en actief openbaar makende overheid • Het dienen van het belang van openbaarheid • Publieke informatie openbaar maken
Noaberkracht werkt voor beide gemeenten en kent zelfstandig geen regelingen waar inwoners een beroep op kunnen doen. Subsidieregelingen, aanvragen voor voorzieningen in het sociaal domein of aanvragen voor vergunningen lopen allemaal via de gemeenten. Wel kent Noaberkracht een eigen betalingsorganisatie en worden er goederen en diensten in gekocht.
Wat hebben we daarvoor gedaan? De implementatie van de Woo vindt gefaseerd plaats en richt zich op 3 hoofdthema’s: 1.
Actief openbaar maken van informatie;
Toepassingsgebied M&O: 1. In het kader van Misbruik en Oneigenlijk Gebruik is integriteit van personeel van belang, hierin speelt het vervullen van nevenfuncties een grote rol. De gemeenten willen duidelijkheid bieden aan werknemers over het opgeven van nevenwerkzaamheden. Werknemers krijgen zo antwoorden op vragen over wat mag en moet en welke functies bijzondere verplichtingen met zich meebrengen. Hiervoor is een regeling Nevenfuncties vastgesteld door het bestuur. 2. Aanbesteden, inkopen en factuurverwerking. Noaberkracht is een aanbestedende dienst. Dat betekent dat Noaberkracht zich moet houden aan de Europese aanbestedingsrichtlijnen en aan de Gids Proportionaliteit.
2.
Passief openbaar maken van informatie;
3.
Informatiehuishouding op orde.
Deze hoofdthema’s hebben wij opgenomen in het plan van aanpak open overheid van maart 2025. Voor de implementatie van dit plan van aanpak is een projectleider open overheid aangenomen. Daarnaast is er een jurist open overheid/nieuwe Woo-contactpersoon aangenomen.
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
37
1
Ad 1) Actief openbaar maken van informatie De 11 informatiecategorieën die de Woo verplicht voorschrijft om openbaar te maken uit eigen beweging, zijn verdeeld over 4 tranches. De actieve openbaarmaking van de informatie uit de eerste tranche is inmiddels verplicht. De informatie uit de categorieën van tranche 1 hebben we actief openbaar gemaakt. Voor de overige categorieën, uit tranche 2, 3 en 4, geldt dat zij in 2027 verplicht worden gesteld. Hiervoor hebben wij voorbereidend werk verricht. Ad 2) Passief openbaar maken van informatie De gemeente maakt informatie uit eigen beweging openbaar. Daarnaast krijgt de organisatie ook verzoeken om informatie openbaar te maken. In 2025 ontvingen de gemeenten Dinkelland en Tubbergen samen 62 Woo-verzoeken. Op 41 verzoeken is een besluit genomen. De rest van de Woo-verzoeken is ingetrokken (11) of omgezet naar een informatieverzoek (10). In 2024 kwamen er 64 Woo-verzoeken binnen en in 2023 58.
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Dit is een complex proces dat tijd nodig heeft om te ontwerpen en te implementeren. Het vraagt aanpassing van werkprocessen, functies en rollen over de volle breedte van de organisatie. In 2025 is er gewerkt aan het verder op orde brengen van de informatiehuishouding conform het Plan van aanpak open overheid. Dit uit zich, onder andere, in een implementatieplan voor Microsoft Teams, aanpassingen in het zaaksysteem en werkzaamheden ten bate van de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv).
De gemiddelde behandelingstermijn van een Woo-verzoek was in 2022 nog 170 dagen, in 2023 169 dagen, in 2024 80 dagen en in 2025 65 dagen. Als een informatieverzoek binnenkomt en de informatie is al openbaar, dan krijgt de verzoeker deze zo snel mogelijk of wordt er verwezen naar de vindplaats van de openbare informatie. Is de informatie nog niet openbaar, dan wordt de informatie via een Woo-beschikking geleverd, afhankelijk van het verzoek en de geldende uitzonderingsgronden. Ad 3) Informatiehuishouding op orde De informatiehuishouding zorgt ervoor dat de gemeente weet waar welke documenten volgens de definitie uit de Woo (art. 2.1 en 2.2) te vinden zijn. Documenten kennen een voorgeschreven bewaartermijn waarop deze worden geselecteerd en overgedragen aan de archiefbewaarplaats of voor vernietiging. Door digitalisering is informatie aan verandering onderhevig: denk aan teksten, Geo-informatie, 3D-bestanden, appberichten en dergelijke. Dit zorgt ervoor dat er nieuwe opgaven ontstaan om die informatie volgens de geldende eisen duurzaam en digitaal toegankelijk te houden.
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
38
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
8. JAARREKENING OVERZICHT BATEN EN LASTEN PROGRAMMAREKENING 2025 (BEDRAGEN X € 1.000) OVERHEAD
ONTWERP BATEN
ONTWERP LASTEN
ONTWERP SALDO
BEGROTING BATEN
BEGROTING LASTEN
BEGROTING SALDO
REKENING BATEN
REKENING LASTEN
REKENING SALDO
Programma Bedrijfsvoering
3.645
46.947
-43.302
5.947
51.406
-45.459
6.305
50.411
-44.106
Programma Algemene dekkingsmiddelen
43.302
0
43.302
46.395
0
46.395
46.541
0
46.541
Subtotaal
46.947
46.947
0
52.342
51.406
936
52.846
50.411
2.435
Onvoorzien
0
0
0
Gerealiseerd saldo van baten en lasten
46.947
46.947
0
52.342
51.406
936
52.846
50.411
2.435
Mutaties reserves
0
0
0
1.889
2.825
-936
1.690
2.825
-1.135
Subtotaal
0
0
0
1.889
2.825
-936
1.690
2.825
-1.135
HET GEREALISEERDE RESULTAAT
46.947
46.947
0
54.231
54.231
0
54.536
53.236
1.300
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
39
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
BALANS Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. BALANS PER 31 DECEMBER (BEDRAGEN X € 1.000)
2025
2024
2025
ACTIVA
PASSIVA
Vaste activa
Vaste passiva
Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut
2024
Eigen vermogen 6.411
6.423
6.411
6.423
Reserves 502
308
b. Bestemmingsreserves
a. Algemene reserve
3.640
2.284
c. Resultaat na bestemming
1.300
415
5.442
3.007
a. Verplichtingen, verliezen en risico's
816
519
b. Toekomstige verplichtingen
98
0
914
519
6.356
3.526
6.222
5.818
6.222
5.818
449
218
449
218
Voorzieningen
Totaal vaste activa
6.411
6.423
Vlottende activa
Vlottende passiva
Uitzettingen looptijd korter dan 1 jaar a. Vorderingen op openbare lichamen
Totaal vaste passiva
Nettoschulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
3.179
2.503
143
92
2.565
61
5.887
2.655
157
159
157
159
572
324
572
324
Totaal vlottende activa
6.617
3.139
Totaal vlottende passiva
6.671
6.036
Totaal activa
13.028
9.562
Totaal passiva
13.028
9.562
0
0
0
0
b. Overige vorderingen c. Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
a. Overige schulden
Liquide middelen a. Bank- en girosaldi
Overlopende passiva Overlopende activa
Verliescompensatie krachtensde wet op vennootschapsbelasting 1969 bestaat
a. Nog te betalen
Waarborgsommen en garanties
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
40
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
TOELICHTING OP DE BALANS PER 31 DECEMBER Vaste activa De post materiële vaste activa onderscheiden we in: MATERIËLE VASTE ACTIVA (BEDRAGEN X € 1.000)
SALDO 31-12-2025
SALDO 31-12-2024
Investeringen met een economisch nut
6.411
6.423
Totaal
6.411
6.423
Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de materiële activa weer: MATERIËLE VASTE ACTIVA (BEDRAGEN X € 1.000)
BOEKWAARDE 1-1-2025
INVESTERINGEN
DESINVESTERINGEN
AFSCHRIJVING/AFWAARDERING 9
21
80
567
4.369
648
2.021
1.224
6.411
Bedrijfsgebouwen
30
Vervoermiddelen
4.033
983
Machines, apparaten en installaties
2.361
308
Totaal
6.423
1.292
80
BOEKWAARDE 31-12-2025
De belangrijkste in het boekjaar gedane investeringen in materiële vaste activa met economisch nut staan in onderstaand overzicht vermeld: MATERIËLE VASTE ACTIVA MET ECONOMISCH NUT (BEDRAGEN X € 1.000) BESCHIKBAAR GESTELD KREDIET
BESTEED VOORGAANDE DIENSTJAREN
BESTEED IN DIENSTJAAR
RESTANT KREDIET 0
2023 Werktuigdrager/veegmachine
105
0
105
2023 Herhuisvesting gem huis Tubbergen
250
234
13
3
2023 Opzetstrooier
80
0
54
26
2024 Bus enkele cabine V34HXN
58
0
58
0
2024 Bus enkele cabine V33HXN
58
0
58
0
2024 Opzetstrooier
60
0
54
6
2024 Opzetstrooier
60
0
54
6
2024 Haakarmsysteem + container
130
0
100
30
2024 Mobiele kraan
214
0
214
0
2024 Werktuigdrager/veegmachine
104
0
104
0
2024 Vervanging oracle servers
85
0
71
14
2025 Laptops
183
0
69
114
2025 Smartphones
81
0
31
50
2025 Bestelauto elektrisch
35
0
35
0
2025 Dichte hoge bus
45
0
45
0
2025 Aanhanger kipper
8
0
10
2
2025 Bus enkele cabine V31HXN
58
0
58
0
2025 WiFi accespoints+switches
110
0
72
38
2025 Afsprakenzuilen
15
0
11
4
2025 Draaikantelstuk mobiele kraan
27
0
27
0
1.766
234
1.244
288
Totaal
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
41
1
UITZETTINGEN MET EEN LOOPTIJD KORTER DAN 1 JAAR (BEDRAGEN X € 1.000) Vorderingen op Openbare lichamen
2
3
4
5
6
SALDO 31-12-2025
SALDO 31-12-2024
3.179
2.503
143
92
Overige vorderingen Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
2.565
61
Totaal
5.887
2.655
SALDO 31-12-2025
SALDO 31-12-2024
OVERIGE VORDERINGEN (BEDRAGEN X € 1.000) Waarborgsommen
24
6
Debiteuren (privaatrechtelijk)
119
86
Totaal
143
92
SALDO 31-12-2025
SALDO 31-12-2024
2.565
61
SCHATKISTBANKIEREN (BEDRAGEN X € 1.000) Schatkistbankieren
7
8
9
10
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
1000 Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 3
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten ‘s Rijksschatkist aangehoudenmiddelen
193
216
232
217
(3a) = (1) > (2)
Ruimte onder het drempelbedrag
807
784
768
783
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
-
-
-
-
(2)
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a)
Begrotingstotaal verslagjaar
43.000
(4b)
Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen
43.000
(4c)
Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.
Drempelbedrag
1000
2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten ‘s Rijks schatkist aangehouden middelen
(5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 3
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil)
17.374
19.646
21.315
19.990
Dagen in het kwartaal
90
91
92
92
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
193
216
232
217
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
42
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
TOELICHTING OP DE BALANS PER 31 DECEMBER Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten: LIQUIDE MIDDELEN (BEDRAGEN X € 1.000)
SALDO 31-12-2025
SALDO 31-12-2024
Bank
157
159
Totaal
157
159
SALDO 31-12-2025
SALDO 31-12-2024
Vooruitbetaalde bedragen
543
130
Nog te ontvangen bedragen
29
194
Totaal
572
324
SALDO 31-12-2025
SALDO 31-12-2024
Alle liquide middelen staan ter onmiddellijke beschikking van de bedrijfsvoeringsorganisatie. OVERLOPENDE ACTIVA (BEDRAGEN X € 1.000)
Vaste passiva Eigen vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten: RESERVES (BEDRAGEN X € 1.000) Algemene reserve Bestemmingsreserves
502
308
3.640
2.284
Resultaat na bestemming
1.300
415
Totaal
5.442
3.007
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
43
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10 4
TOELICHTING OP DE BALANS PER 31 DECEMBER Het verloop van de reserves wordt hieronder toegelicht: RESERVES (BEDRAGEN X € 1.000) Algemene reserve OMSCHRIJVING BOEKING
STAND 1-1
BIJ
AF
STAND 31-12
Doel/motief: Buffer voor het opvangen van financiële tegenvallers Reserve saldo van de rekening Algemene reserve - Totaal
194 308
194
0
502
STAND 1-1
BIJ
AF
STAND 31-12
Reserve saldo van rekening OMSCHRIJVING BOEKING Doel/motief: Het te verdelen resultaat van de exploitatie toe te voegen aan het eigen vermogen Te bestemmen resultaat
415
Reserve verplichting voorgaand dienstjaar
226
Resultaatverdeling 2024
319
Reserve bedrijfsvoering
314
Algemene reserve Reserve saldo van rekening - Totaal
194 0
735
735
0
STAND 1-1
BIJ
AF
STAND 31-12
Reserve verplichting voorgaand dienstjaar OMSCHRIJVING BOEKING Doel/motief: Het te verdelen resultaat van de exploitatie toe te voegen aan het eigen vermogen Reserve saldo van rekening
226
Resultaatverdeling 2024
226
Wet goed verhuurschap Reserve verplichting voorgaand dienstjaar - Totaal
97 0
323
226
97
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
44
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Reserve bedrijfsvoering OMSCHRIJVING BOEKING
STAND 1-1
BIJ
AF
STAND 31-12
Doel/motief: Het adequaat opvangen van knelpunten in de bedrijfsvoering en het creëren van enige mate van flexibiliteit vanwege het feit dat budgettering en implementatie/uitvoering niet altijd gelijklopen. De reserve heeft dus naast een bufferfunctie, ook een egaliserend karakter. Reserve saldo van rekening
314
Saldo flexibele schil
435
Saldo financiële rapportage
209
Saldo financiële rapportage uitgestelde huurverhoging (retour gemeenten)
95
Saldo financiële rapportage (uitgestelde archiefwet (retour gemeenten)
74
Digitalisering bouwarchief Reserve bedrijfsvoering - Totaal
2 154
918
211
861
STAND 1-1
BIJ
AF
STAND 31-12
Reserve Ambities 2022 2026 OMSCHRIJVING BOEKING Doel/motief: Dekking uitvoering College/Ambitie akkoord gemeenten Uitvoeringkosten omgevingswet(mei circulaire)
394
Resultaatbestemming werken met de omgevingswet
95
Uitvoeringsplan omgevingswet
141
Resultaatbestemming duurzaamheid
139
Uitvoeringskosten duurzaamheid
120
Resultaatbestemming veranderende arbeidsmarkt
85
Mobiliteitsplan
100
VSO medewerker
50
Reserve ambities 2022 2026 - Totaal
1.792
394
730
1.457
STAND 1-1
BIJ
AF
STAND 31-12
Reserve organisatieontwikkeling OMSCHRIJVING BOEKING Doel/motief: Het zicht houden op middelen welk worden ingezet voor organisatieontwikkeling Budget organisatieontwikkeling
1.000
Procesoptimalisatie PSA
16
Procesadviseur
17
Samenhangende objectenregistratie
52
Afkoop projectenmodule Pepperflow
28
Reserve organisatieontwikkeling - Totaal
338
1.000
112
1.226
RESERVES - TOTAAL
2.592
3.564
2.014
4.142
GEHEEL - TOTAAL
2.592
3.564
2.014
4.142
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
45
1
Toelichting algemene reserve De stand van de algemene reserve bedraagt € 502.000. In de paragraaf weerstandsvermogen komen we tot een benodigd weerstandsvermogen van € 493.000. Aangezien we werken met een streefwaarde van 1,0 (de ratio) houdt dit in dat de stand van de algemene reserve € 9.000 te hoog is. Er is dus sprake van een surplus op de algemene reserve van € 9.000 dat conform de bestendige gedragslijn wordt toegevoegd aan de reserve bedrijfsvoering. Toelichting reserve bedrijfsvoering: Volgens de richtlijnen (vastgesteld bij besluit van 26 oktober 2020) mag de reserve bedrijfsvoering niet meer bedragen dan 2,5% van de begrote loonkosten. Deze kosten zijn in 2025 € 37.726.000. 2,5% hiervan betekent een plafond van € 943.000. We komen echter op een herziene stand van de reserve bedrijfsvoering waarbij rekening wordt gehouden met de aangegane en hierna benoemde verplichtingen van € 1.345.000. Dit betekent dat er sprake is van een surplus op de reserve bedrijfsvoering van € 402.000, wat conform de geldende richtlijn moet worden teruggegeven aan de beide gemeenten. Dit betekent voor de gemeente Dinkelland een bedrag van € 226.000 en voor de gemeente Tubbergen een bedrag van € 176.000.
2
3
4
5
6
STAND 31 DECEMBER 2025 (BEDRAGEN IN €)
861.000
Resultaat 2025 (na budgetoverheveling)
996.000
Budgetoverheveling
304.000
Surplus Algemene reserve Stand reserve bedrijfsvoering
7
8
9
10
9.000 2.170.000
Verplichtingen komende dienstjaren -Eigen regie op fit
125.000
- Digitalisering bouwarchieven
- 2.000
- Automatiseringskosten
60.000
- Wet Open Overheid
244.000
-Uitgestelde huurverhoging (retour gemeenten)
95.000
-Uitgestelde archiefwet (retour gemeenten)
74.000
- Projectleider nieuwbouw gemeentehuis Tubbergen
225.000
Herziene stand reserve bedrijfsvoering
1.345.000
Surplus -> terug te betalen aan beide gemeenten
402.000
Herziene stand reserve bedrijfsvoering - > conform norm van 2,5%
943.000
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
46
1
2
3
4
5
6
Toelichting reserve ambities 2022-2026
Toelichting reserve organisatieontwikkeling
Deze reserve is gevormd voor de uitvoering van de ambities vanuit de beide deelnemende gemeenten. De voeding is eveneens verlopen via de beide deelnemende gemeenten. Zo zijn de middelen die de beide gemeenten vanuit de rijksoverheid hebben ontvangen voor het werken aan en het werken met de omgevingswet gestort in deze reserve. In 2025 zijn vanuit deze reserve kosten bekostigd voor het opstellen van het omgevingsplan en voor de personele inzet vanuit de staande organisatie voor het werken met de omgevingswet.
Deze reserve is gevormd met gelden die de beide gemeenten beschikbaar hebben gesteld om de versnelling van de organisatieontwikkeling mogelijk te maken en aan te jagen.
STAND RESERVE 31 DECEMBER 2025 (BEDRAGEN IN €) -Terug te betalen aan de beide gemeenten voor cultuurhistorische waardenkaart Stand reserve bedrijfsvoering
1.457.000 200.000 1.257.000
Hierna resteert een bedrag van € 1.257.000 in deze reserve wat als volgt kan worden gespecificeerd: Werken met de omgevingswet
1.020.000
Doorontwikkeling visie digitale dienstverlening
12.000
Veranderende arbeidsmark
115.000
Formatie voor opstellen cultuur historische waardenkaart (0,5 Fte)
50.000
Implementatie Gedragscode soortenbescherming
60.000
STAND RESERVE 31 DECEMBER 2025 (BEDRAGEN IN €)
7
8
9
10
1.226.000
Het bedrag van € 1.226.000 in deze reserve kan als volgt kan worden gespecificeerd: Samenhangende objectenadministratie
136.000
Sturingsfilosofie
150.00O
Organisatieontwikkeling
940.000
De in de balans opgenomen voorzieningen bestaan uit de volgende posten: VOORZIENINGEN (BEDRAGEN X € 1.000) Verplichtingen, verliezen en risico's
SALDO 31-12-2025
SALDO 31-12-2024
816
519
Toekomstige verplichtingen
98
0
Totaal
914
519
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
47
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Het verloop van de voorzieningen wordt hieronder toegelicht: VOORZIENINGEN (BEDRAGEN X € 1.000) Voorziening verlofsparen OMSCHRIJVING BOEKING
STAND 1-1
BIJ
AF
STAND 31-12
Doel/motief: Hiermee kunnen medewerkers passend bij hun levensfase hun bovenwettelijke vakantie inzetten op een manier die aansluit bij hun persoonlijke levens- en carrièreplanning en het gemeentelijke vitaliteitsbeleid. Dotatie verlofsparen Voorziening verlofsparen - Totaal
227 519
227
0
746
STAND 1-1
BIJ
AF
STAND 31-12
Voorziening Regeling Vervroegde uittreding OMSCHRIJVING BOEKING
Doel/motief: Werknemers in staat stellen eerder te stoppen met werken, met een uitkering tot aan hun AOW-leeftijd. Deze regeling is tijdelijk en loopt tot uiterlijk eind 2025 Dotatie RVU
105
Uitkeringen Voorziening verlofsparen - Totaal
7 0
105
7
98
STAND 1-1
BIJ
AF
STAND 31-12
Voorziening verlof OMSCHRIJVING BOEKING
Doel/motief: Werknemers in staat stellen om hun aangekochte verlof te reserveren en binnen de geldende termijn(en) en in overleg met werkgever op te nemen Dotatie Verlof Voorziening verlofsparen - Totaal
VOORZIENINGEN - TOTAAL
70 0
70
0
70
519
402
7
914
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
48
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rente-typische looptijd korter dan één jaar NETTO-VLOTTENDE SCHULDEN (BEDRAGEN X € 1.000) Rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
SALDO 31-12-2025
SALDO 31-12-2024
Crediteuren
1.026
1.133
Belastingdienst
4.708
4.248
Sociale lasten
447
438
Kruisposten
0
0
Salarissen
41
0
6.222
5.818
SALDO 31-12-2025
SALDO 31-12-2024
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
449
218
Totaal
449
218
Totaal
Overlopende passiva OVERLOPENDE PASSIVA (BEDRAGEN X € 1.000)
Specificatie van verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde Verplichtingen van vergelijkbaar volume (Bedragen x € 1.000)
SALDO 31-12-2025
SALDO 31-12-2024
Personeelskosten en uitbesteed werk
43
152
Licenties, software, etc.
55
31
Accountantskosten
18
17
Energiekosten
18
Huur materieel
4
Onderhoudskosten
38
Niet ingevulde vacatureruimte afdelingsplan (retour gemeenten)
292
Totaal
449
218
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
49
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Niet in de balans opgenomen verplichtingen Niet in de balans opgenomen belangrijke financiële verplichtingen waaraan Noaberkracht voor toekomstige jaren is verbonden. Hieronder volgt een opsomming van de belangrijkste van deze verplichtingen: Lopende contracten ONDERWERP Levering duurzame elektriciteit
LOOPTIJD
CONTRACTWAARDE
4 jaar vanaf 1 januari 2021 met optionele verlenging van 2 x 1 jaar 1 januari 2023 tot en met 31 december 2026
Levering CO2 gecompenseerd aardgas Raamovereenkomst uitzenddiensten
Verlengingsmogelijkheid met 3 x 1 jaar
€ 315.000 (schatting) € 180.000
2 jaar vanaf 1 september 2023 met optionele verlenging van 2 x 1 jaar
Varieert per jaar
2015 t/m 2020 met optionele verlenging van 1 x 5 jaar
€ 375.000
Overeenkomst ICT burgerzaken, belastingen, BAG, gegevensdistributiesysteem, kadaster en NHR Genetics Powerbrowser
24 april 2019 onbepaalde tijd
€ 30.000
Brandstof en tankpassen
1 februari 2025 t/m 1 februari 2027 Optionele verlenging 2 x 1 jaar
Varieert per jaar
2017 t/m 2022 met optionele verlenging van 5 x 1 jaar
€ 103.240
Zaaksysteem Accountantsdiensten Raamovereenkomst Flextender WOZ diensten
Boekjaar 2023 t/m 2026 met een optionele verlenging van 1 x 4 jaar
€ 34.000
2 jaar vanaf 1 juni 2025 met optionele verlenging van 4 x 1 jaar
Varieert per jaar
2023 t/m 2026 met een optionele verlenging van 3 x 1 jaar
€ 230.000
1 januari 2024 tot en met 31 maart 2026
Schoonmaak gemeentelijke gebouwen
met een optionele verlenging van 5 x 1 jaar
Lease auto’s
Diverse lease overeenkomsten - Haarhuis - WH lease
Onkruid- en veegvuilbeheersing verharding
April 2023 t/m maart 2025 Optionele verlenging 2 x 1 jaar
Inkoopdiensten Noaberkracht Dinkelland Tubbergen
Mei 2024 t/m mei 2026 Mei Optionele verlenging 2 x 1 jaar
Aanschaf voertuigen buitendienst Noaberkracht Dinkelland Tubbergen + Onderhoudsovereenkomst van 10 jaar
€ 105.000 € 135.000 (betreft gemeente Dinkelland en Tubbergen) € 150.000
Aanschaf voertuigen buitendienst Noaberkracht Dinkelland Tubbergen
€ 238.000
+ Onderhoudsovereenkomst van 10 jaar. Mei 2024 t/m mei 2029
€ 10.000 (onderhoud)
Onderhoudsovereenkomst: Mei 2024 t/m mei 2034
Warme drankautomaten Arbodienstverlening Twentse organisaties
€ 155.000
Maart 2019 t/m februari 2024 Verlenging 2 x 1 jaar
€ 44.800
1 april 2025 t/m april 2028 Optionele verlenging 2 x 1 jaar
€ 82.628
Postbezorging
1 januari 2025 t/m 1 januari 2027 Optionele verlenging 2 x 1 jaar
€ 60.000
Werkkleding buitendienst
1 augustus 2025 t/m 31 juli 2027 Optionele verlenging 2 x 1 jaar
€ 45.000
Onderhoud technische installaties
1 april 2025 t/m 31 maart 2029 Optionele verlenging 2 x 1 jaar
€ 83.333
15 december 2025 t/m 14 december 2027
€ 150.000
Marketing- en communicatiestrategie t.b.v. positieve gezondheid Bovenstaande contracten zijn afgesloten met Noaberkracht en/of de gemeente Dinkelland en/of de gemeente Tubbergen
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
50
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Wij hebben geconstateerd dat bij twee opdrachtverstrekkingen met een looptijd van onbepaalde tijd (en jaarlijks opzegbaar) de Europese aanbestedingsregels niet correct zijn nageleefd. Deze overeenkomsten hebben een jaarlijkse waarde van respectievelijk € 84.000 en € 68.000. Aangezien deze opdrachten leidden tot overeenkomsten, die pas per 1-1-2027 opzegbaar zijn, is ook alvast de opdrachtwaarde voor 2026 fout gerekend. Dit leidt tot een rechtmatigheidsfout van € 152.000.
RECHTHEBBENDE
ONDERWERP
BIJZONDERHEDEN
RECHT
Medewerkers
Verlof
Aan het eind van het jaar “niet opgenomen virophage”. Totaal 34.319 uren. Gewaardeerd tegen het uurloon voor overwerk. Er is geen rekening gehouden met de werkgeverslasten. Volgens de spelregels moet deze buffer van verlofdagen binnen een bepaalde termijn worden opgenomen.
€1.005.000 Voor het in 2025 aangekochte “bovenwettelijke verlof” heeft een storting in de voorziening plaatsgevonden. het betreft hier een bedrag van € 70.000.
Gebeurtenissen na balansdatum Alle ten tijde van het opmaken van de jaarrekening beschikbare informatie omtrent de feitelijke situatie per balansdatum is bij het opmaken van de jaarrekening in aanmerking genomen en verwerkt. Er hebben zich na het opmaken van de jaarrekening geen gebeurtenissen van betekenis voorgedaan die nadere informatie geven over de feitelijke situatie op balansdatum. GRONDSLAGEN VOOR WAARDEBEPALING EN RESULTAATBEPALING Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen de nominale waarden. De in deze jaarrekening verantwoorde bedragen zijn vermeld in euro’s. De baten en lasten worden toegekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico´s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q.
schulden, uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personeelslasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien sprake is van (eenmalige) schokeffecten (reorganisaties) dient wel een verplichting te worden gevormd.
Jaarstukken 2025 I Noaberkracht
51
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Balans Vaste activa Materiële vaste activa met een economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijging- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden het jaar na investering lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur. Jaarlijks wordt de boekwaarde met een vast percentage van de verkrijging- of vervaardigingsprijs verminderd. Afschrijvingen geschieden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering overigens niet plaatsgevonden. Dergelijke afwaarderingen worden teruggenomen als ze niet langer noodzakelijk blijken en geschieden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar. De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: ACTIVUM
AFSCHRIJVINGSTERMIJN IN JAREN
Inventaris computerruimte (bijv. Patchkasten en beveiliging)
30
Verbouwingen, aanhangwagens en kiepers
15
Inventaris computerruimte , bekabeling (ook glasvezel), zware vrachtwagens, kranen, tractoren en overig materieel