Stichting Florente - Jaarrekening 2023
Tekst van het document
Vanaf juni 2023 heeft onze huidige bestuurder de volledige verantwoordelijkheid weer op zich genomen. Een ander hoogtepunt van 2023 was het personeelstevredenheidsonderzoek, waarbij onze medewerkers de organisatie een score van 7,83 gaven, een verbetering ten opzichte van de 7,73 in 2022. Deze score is een duidelijke indicatie van de positieve stappen die we hebben gezet om onze organisatie te verbeteren en een bewijs van de gezamenlijke inzet om een ondersteunende en stimulerende werkomgeving te bieden. Klik hier voor de link naar de samenvatting.
17
3.2.4. Uitkeringen na ontslag In 2023 zijn er geen medewerkers uitgestroomd naar een uitkeringssituatie. Maatregelen die genomen worden om in de toekomst werkloosheidskosten te voorkomen zijn (in samenwerking met het Vervangingsfonds – Participatiefonds) de inzet van herplaatsingsmogelijkheden binnen en buiten onze organisatie. Hiervoor worden diverse organisaties ingezet en wordt er gebruikgemaakt van de gesprekscyclus om de mogelijkheden te bespreken en concreet te maken. Vroegtijdige signalering van werkgerelateerd verzuim, en het inzetten van passende interventies bij problemen in de fitting met de functie zijn daarbij van belang.
3.2.5. Regeling bijzondere bekostiging professionalisering en begeleiding starters en schoolleiders De professionalisering van schoolleiders vindt plaats op individuele basis. De directeur-bestuurder maakt als leidinggevende tijdens de gesprekken die worden gevoerd conform de gesprekkencyclus in DDGC afspraken met directeuren over de individuele scholingswensen. In het directeurenberaad is een aanbod van collectieve scholing door middel van trainingen en workshops. In 2023 hebben verschillende trainingen met aandachtspunt verzuim plaatsgevonden in het directieberaad. Onderling worden tussen directeuren afspraken gemaakt over mentorschap en intervisie. Nieuwe/startende directeuren krijgen een maatje die hen meeneemt in de werkwijzen van Florente.
3.2.6. Strategisch personeelsbeleid Het strategisch personeelsbeleid is onderdeel én uitvloeisel van de koersplanontwikkeling die in 2021 is gestart en waar in 2022 en 2023 op verder is gegaan. Hiermee vindt een afstemming plaats op de onderwijskundige visie en de financiën. Het koersplan is in 2022 vastgesteld en is de leidraad bij het ontwikkelen van nieuw beleid. Het strategisch personeelsbeleid van 2020 is nog toereikend, op onderdelen zijn wel updates uitgevoerd. En in 2024 zal het geheel worden doorgenomen en waar nodig verder worden herzien. Het strategisch personeelsbeleid wordt besproken in de werkgroep, het Management Adviesteam en het directeurenberaad. In de werkgroepen vindt beleidsvoorbereiding plaats.
3.2.7. Sociaal jaarverslag Het verzuimpercentage in 2023 is 8,29%, inclusief zwangerschapsgerelateerd verzuim. Exclusief zwangerschapsgerelateerd verzuim is het percentage 6,86 %. Het zwangerschapsgerelateerd verzuim is geen verzuim, maar is de wijze waarop wordt aangegeven dat het zwangerschaps- en bevallingsverlof, conform cao PO wordt verlengd met de gemiste vakantiedagen. Oorzaak van het reguliere langdurig verzuim is gedeeltelijk Post COVID gerelateerd. Een aantal langlopende verzuimtrajecten hebben een IVA en WIA toekenning ontvangen en hebben geleid tot een beëindiging van de arbeidsovereenkomst. In goede samenwerking met De Arbodienst wordt zo vroeg mogelijk het verzuim te besproken met de betreffende medewerker om te kijken naar mogelijkheden en passende interventies.
18
3.3. Huisvesting & Facilitaire zaken 3.3.1. Doelen en resultaten Doelen Oplevering nieuwbouw school voor het Atelier in Diemen Starten nieuwbouw KC De Meerstroom in Muiderberg
Genoeg capaciteit in Brede school Weesperrijk realiseren
Resultaten na acties Na veel vertragingen, mede door de oorlog in Oekraïne waardoor leveringen vertraagden, werd in augustus het nieuwe schoolgebouw van het Atelier opgeleverd. Helaas is het niet gelukt om daadwerkelijk te starten met de nieuwbouw voor KC De Meerstroom. Wel is het bouwkrediet aangepast en zijn de vergunningen verleend. Echter is er een bezwaar ingediend waardoor we moeten afwachten of de bouw daadwerkelijk in 2024 van start zal gaan. De bouw van de tweede fase voor Brede school Weesperrijk is succesvol afgerond, echter de school is nog steeds te klein. Na een oproep aan de gemeente is duidelijk geworden dat in 2024 er 6 tot 12 tijdelijke voorzieningen zullen komen om extra capaciteit binnen de wijk te realiseren. Buurtbewoners hebben hier wel bezwaren over geuit. De gemeente is hier aan zet.
3.3.2. Toekomstige ontwikkelingen De ontwikkelingen betreffende KC De Meerstroom en Brede school Weesperrijk zijn reeds beschreven. In 2023 zijn de gesprekken opgestart tussen de bestuurders van Zonova en Stichting Florente om te komen tot een nieuwe fusieschool in Driemond. De Cornelis Jetses (Zonova) en de Jan Woudsma (Florente) hebben ieder te weinig leerlingen waardoor de continuïteit van het onderwijs onder druk komt te staan. In het kader van het kleine scholen besluit in Amsterdam is afgesproken om te komen tot een fusie. In december is het voorgenomen besluit genomen dat Zonova de school per 1-8-2024 over zal dragen aan Stichting Florente, zodat er een sterkere fusie zal worden gerealiseerd. Door de groei van de organisatie heeft ook gevolgen voor de kantoorruimte van het onderwijsbureau. Dit wordt te klein voor het aantal medewerkers. In 2024 zullen we op zoek gaan naar een oplossing voor het ruimteprobleem. De groei van leerlingen is met name te vinden in Weesp. In het gebied Weespersluis
3.3.3. Duurzaamheid & maatschappelijk verantwoord ondernemen Vanuit ons motto ‘Leren voor het leven’ denken we voortdurend na over de duurzaamheid van ons onderwijs en van onze directe omgeving. Duurzaamheid heeft ook betrekking op een duurzame organisatie. Een organisatie die klaar is voor de ontwikkelingen van morgen, haar koers durft te verleggen als de situatie daarom vraagt en staat voor kwalitatief onderwijs. Hierbij gaat het zowel om de cognitieve vakken als om de sociale vaardigheden die nodig zijn voor duurzame relaties. ICT speelt een belangrijke rol binnen de duurzaamheid van onze stichting. Slimme meters en sensorsystemen zijn in de gebouwen veel vaker aanwezig. Het gebruik van digitale leermiddelen kan helpen om het gebruik van papier en andere fysieke hulpbronnen te verminderen. Het ontdekken van en werken aan maatschappelijke thema’s is opgenomen in onze schoolplannen. Daarnaast sturen we, bij de verschillende nieuwbouwprojecten, op het gebruik van duurzame materialen. Bij de nieuwbouw voor de KC De Meerstroom in Muiderberg zal dit zijn aandacht krijgen.
19
3.4. Financieel beleid 3.4.1
Doelen en resultaten
Ook voor dit verslagjaar heeft het onderwijsbureau samen met de schooldirecteuren de begroting opgesteld, vanaf 2022 wordt dit gedaan met behulp van het begrotingssysteem Cogix. De directeuren kunnen dit systeem raadplegen en diverse rapportages exporteren. Verder hebben ze gedurende het jaar inzicht in de uitgaven en inkomsten. Transparantie blijft voorop staan en daarvoor is dit systeem zeer dienstbaar. Eind 2022 kwam de wens voor het organiseren van een financiële cursus. Eerder was gepland dat deze in 2023 zou worden uitgevoerd en geheel in eigen beheer. Door allerlei omstandigheden heeft dat pas plaatsgevonden in februari 2024. Hiermee is een verdere invulling gegeven aan de kennis en kunde op financieel vlak van alle betrokkenen. Het blijft altijd het doel om waar mogelijk extra subsidies aan te vragen. In dit verslagjaar zijn extra subsidies aangevraagd voor de eerste opvang van vreemdelingen en de subsidies voor de opvang vreemdelingen tweede en derde jaar. Alle aanvragen zijn toegekend. Ook hebben alle scholen subsidie aanvragen ingediend voor verbetering van de basisvaardigheden. De toekenning van deze subsidie vond via loting plaats en vijf scholen zijn ingeloot, te weten de Ark, Noorderbreedte, ’t Atelier, Octopus en de Kors Breijer. In het vorig verslagjaar was deze subsidie toegekend aan de Kersenboom en de Jan Woudsma.
Deze laatste twee scholen moeten voor augustus 2024 hun activiteiten afronden voor de andere scholen is dat augustus 2025.
3.4.2
Opstellen meerjarenbegroting
Met behulp van Cogix is een meerjarenbegroting opgesteld. Deze meerjarenbegroting is tot stand gekomen samen met de schooldirecteuren, algemeen bestuur en de gemeenten Ouder-Amstel en Diemen. Er is een sluitende begroting voor 2024. Evenals voorgaande jaren is een doorkijk gegeven voor de jaren erna.
3.4.3
Investeringsbeleid
De investeringsplannen zijn in nauwe samenspraak met de directeuren tot stand gekomen. In deze investeringsplannen is rekening gehouden met de gerealiseerde nieuwbouw voor ’t Atelier, de te realiseren nieuwbouw voor de Meerstroom maar ook met de groei van het leerlingenaantallen op ’t Atelier en Weesperrijk voor de komende jaren en de daarmee gepaard gaande investeringen op het gebied van meubilair en ICT.
3.4.4
Treasury
De primaire doelstelling van Florente is het geven van onderwijs. Het financiële beleid en het beheer is dienstbaar aan het realiseren van deze doelstelling en is gericht op financiële continuïteit. In het statuut is opgenomen dat beleggingen in aandelen en derivaten zijn uitgesloten. De Stichting maakt in beginsel alleen gebruik van een spaarrekening welke gekoppeld is aan de betaalrekening. De liquide middelen zijn te allen tijde hierdoor volledig beschikbaar. De Stichting heeft diverse rekeningen lopen. De scholen hebben een eigen directierekening en daarnaast is er een rekening voor de ouderraad en indien van toepassing voor de overblijf. Daarnaast is er een lening afgesloten bij de gemeente Diemen ter financiering van zonnepanelen. Deze lening loopt door tot 2034. In dit verslagjaar is een voorzichtige aanloop gemaakt met het gebruik van de module kas-en bank binnen SpendCloud met als doel om het aantal bankrekeningen te beperken maar ook om de uitgaven van de directierekeningen eenvoudiger te verantwoorden.
3.4.5 · ·
· · ·
Allocatie van middelen Binnen de Stichting zijn 2 grote groeischolen. Deze groei moet worden voorgefinancierd. In het verslagjaar is rekening gehouden dat aan groei binnen zal komen een bedrag van € 150.000. Op de lumpsumvergoeding wordt 10,5% afgedragen voor het onderwijsbureau en bovenschoolse aangelegenheden. Bovenschoolse aangelegenheden zijn: bovenschoolse begeleiders en de studiedag van de zij-instromers voor totaal 1,4 fte. Coördinator verrijkingsklas en adviseur passend onderwijs worden afgeroomd op SWV-middelen. Voor de onderwijsachterstandsmiddelen wordt uitgegaan van de CBS indicator zoals deze in mei 2022 is vastgesteld. Deze middelen komen ten goede van de scholen aan wie het “toegekend” is. Florente is eigen risicodrager voor vervanging. Uitgegaan wordt van een budget van € 600.000. Uit dit budget wordt de invalpool bekostigd en de invallers (intern én extern). Naar rato van het leerlingenaantal wordt dit budget gevuld. 20
·
3.4.6
De dotatie voor de onderhoudsvoorziening wordt vastgesteld aan de hand van het meerjarenonderhoudsplan. Naar rato van het leerlingenaantal wordt gedoteerd aan deze voorziening.
Onderwijsachterstandsmiddelen
Er vindt geen herverdeling van de onderwijsachterstandsmiddelen plaats. De volgende scholen ontvangen achterstandsmiddelen: Naam school Score feb 22 Score feb 23 De Ark 111,86 145,68 Octopus 304,37 264,65 Grote Beer 18,77 0 t Atelier 201,2 157,59 Jan Woudsma 40,78 32,95 Kors Breijer 180,09 245,64 Noorderbreedte 108,67 138,79 De score februari 2022 is bepalend voor de bekostiging onderwijsachterstandsmiddelen 2023. De Grote Beer ontvangt per 1 januari 2024 geen achterstandsmiddelen meer.
3.5. Continuïteitsparagraaf De volgende onderdelen uit de continuïteitsparagraaf zijn opgenomen in de verantwoording op het financieel beleid: • Prognose voor medewerkers en leerlingen in hoofdstuk 4.1 • Meerjarenbegroting in hoofdstuk 4.2 De rapportage van het toezichthoudend orgaan is opgenomen in het verslag intern toezicht.
3.5.1
Intern risicobeheersingssysteem
Risico’s worden iedere vergadering van het toezichthoudend bestuur besproken.
3.5.2 · · · · · · · · ·
Belangrijkste risico’s en onzekerheden Een voortdurend lerarentekort, dat ons dwingt tot het inhuren van commerciële inhuurkrachten. Dit heeft niet alleen betrekking op de financiële positie van de stichting maar ook op de operationele activiteiten. Aankomende bezuinigingen zoals de verlaging van de bijdrage per leerling door SWV en de directere subsidiestromen naar scholen. Heeft betrekking op de financiële positie van de Stichting. Jeugdzorgproblematiek die meer vraagt van onze Intern Begeleiders (IB-ers). De operationele activiteiten komen hierdoor onder druk. Toenemende verantwoordingslast subsidies Prijsverhogingen van dienstverleners, oplopende levertijden en personeelstekorten. Raakt de financiële positie van de Stichting maar ook de operationele activiteiten. Geen ongelimiteerde levering van elektriciteit hetgeen de continuïteit van het onderwijs kan raken. Prijsstijgingen die de kosten van nieuwbouwprojecten, zoals de school in Muiderberg, opdrijven. Door deze prijsstijgingen kan vertraging ontstaan voor deze nieuwbouwprojecten welke wederom prijsverhogend werkt. Vertraging van nieuwbouwprojecten en het tekort aan extra lokalen, wat invloed heeft op de continuïteit van het onderwijs. Het dilemma rond het afbouwen van het bovenmatig eigen vermogen in het licht van deze risico's. Heeft betrekking op de strategie van de Stichting.
In 2023 is een aanvang gemaakt met het opstellen van een risicoanalyse zodat de uit deze analyse voortkomende risico’s nader onderbouwd kunnen worden. Niet alleen een inhoudelijke onderbouwing maar ook een financiële invulling. Deze analyse zal de basis vormen voor een voorstel tot een afbouw van het bovenmatig vermogen. In het verslagjaar is het contract met een recruitmentbureau niet voortgezet aangezien de resultaten in het jaar daarvoor nagenoeg nihil waren. In het huidig verslagjaar is het proces van solliciteren deels geautomatiseerd ten 21
einde dat proces scherp te kunnen volgen en in te springen en is het instrument social media verder ingezet. Net als voor vele andere schoolbesturen in deze regio konden niet alle vacatures worden vervuld. Naast het niet vervullen van reguliere vacatures betreft het ook noodzakelijke vervangingen wegens ziekte of zwangerschapsverlof. Door personeelstekorten, maar in het belang van kwalitatief goed onderwijs waar Florente basisscholen voor staat, was het in het verslagjaar onontkoombaar om derden in te huren. In de meerjarenbegroting is rekening gehouden met het nieuwe bekostigingsstelsel en de overgangsregeling.
3.5.3 Informatiebeveiliging en privacy (IBP) Binnen Florente stond het jaar 2023 vooral in het teken van inventarisatie en het opnieuw opzetten van het managementsysteem voor Informatiebeveiliging en Privacy (IBP). Er mag geconcludeerd worden dat het systeem in de basis stevig in de steigers staat. De organisatie voldoet voor een groot deel aan de eisen uit de Algemene Verordening voor Gegevensbescherming (AVG). In het kader van de verantwoordingsplicht kan Florente voorgaande aantonen middels de aanwezigheid van registers, procedures en overige documenten. In 2024 zullen de nog ontbrekende onderdelen worden uitgewerkt, nader aandacht geschonken worden aan privacybewustwording, crisismanagement bij een hackaanval en zal het bestaande systeem op continue basis worden geëvalueerd. Meer details staan te lezen in het Jaarverslag van de Functionaris Gegevensbescherming.
22
4. Verantwoording van de financiën In dit hoofdstuk verantwoordt Stichting Florente de financiële staat van ons bestuur. De eerste paragraaf gaat in op ontwikkelingen in meerjarig perspectief, de tweede paragraaf geeft een analyse van de staat van baten en lasten en de balans, en in de laatste paragraaf komt de financiële positie van het bestuur aan bod.
4.1. Ontwikkelingen in meerjarig perspectief Leerlingen (teldatum 1 februari)
leerlingenaantallen Aantal leerlingen
2022 3503
2023 3664
2024 3786
2025 3895
2026 4005
2027 4105
Naar verwachting neemt het aantal leerlingen toe. De toename van het aantal leerlingen is bij ’t Atelier en Weesperrijk. Door de groei van het leerlingenaantal loopt het aantal fte’s op voor het onderwijzend personeel. Daarnaast is bij een school voor het komend schooljaar een uitbreiding van het management.
fte's bestuur/management onderwijzend personeel onderwijsondersteunend personeel totaal fte
2023 14,55 178,57 66,96 260,08
2024 15,55 184,97 66,96 267,48
2025 15,55 186,61 66,96 269,12
2026 15,55 191,31 66,96 273,82
23
4.2. Staat van baten en lasten en balans 4.2.1. Staat van baten en lasten Staat van baten en lasten over 2023
Realisatie 2023 €
Begroting 2023 €
Realisatie 2022 €
Rijksbijdragen Overheidsbijdragen / subsidies overige overheden Overige baten
28.864.964 535.733 872.967
25.706.899 476.083 534.628
27.216.804 443.255 872.049
Totaal baten
30.273.664
26.717.610
28.532.108
Personeelslasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige lasten
23.565.739 594.034 1.913.811 2.747.762
21.875.896 565.315 1.543.440 3.033.942
21.723.548 566.252 1.543.383 2.014.723
Totaal lasten
28.821.346
27.018.593
25.847.906
Saldo baten en lasten
1.452.318
-300.983
2.684.202
3. Baten 3.1 3.2 3.5
4. Lasten 4.1 4.2 4.3 4.4
6.1 6.2
6. Financiële baten en lasten Financiële baten Financiële lasten Totaal resultaat
1.452.318
-300.983
3 2.684.205
Er was een negatief resultaat begroot van € 300.983. De realisatie is veel hoger dan begroot. Deze is € 1.753.301 hoger dan begroot.
24
Analyse verslagjaar t.o.v. begroting
Resultaat begroting Resultaat hoger door Stijging rijksbijdragen Stijging overheidsbijdragen Stijging overige baten Daling overige lasten
Resultaat lager door Stijging personeelskosten Stijging huisvestingslasten Stijging afschrijvingen
-300.983
3.158.065 59.650 338.339 -286.180 3.842.234
1.689.843 370.371 28.719 2.088.933
Totaal toename resultaat
1.753.301
Resultaat 2023
1.452.318
Meer rijksbijdragen De rijksbijdragen zijn hoger. Deze hogere bijdragen kunnen als volgt worden verklaard:
Met name de groei is hoger dan begroot. In deze groei is meegenomen de groei van het leerlingenaantal van de Meerstroom. Deze school is ontstaan door de fusie per 1 augustus 2022 van de Oranje Nassauschool en de Vinkenbaan in Muiderberg. Voor de reguliere bekostiging is uitgegaan van het leerlingenaantal van de Oranje Nassauschool en de instroom van de Vinkenbaan is meegenomen in de groei. Meer gemeentelijke bijdragen Er is voor een bedrag van € 59.650 meer aan subsidie ontvangen dan begroot. Betreft vooral meer subsidie vanuit de gemeente Amsterdam. Meer overige baten De overige baten zijn eveneens hoger dan begroot als gevolg van meer verhuurinkomsten (47K), hogere inkomsten ouderbijdragen (116K) en overige opbrengsten (175K). Totaal hogere overige baten € 338.339.
25
Meer personeelslasten De hogere personeelslasten zitten met name in de overige personele lasten, de lasten van personeel niet in loondienst. Door het tekort aan personeel was het onontbeerlijk om personeel via “uitzendbureaus” in te schakelen. In dit verslagjaar heeft voor de formatie een externe inzet plaats gevonden van gemiddeld 9 fte en voor vervanging gemiddeld 5 fte. Meer afschrijvingslasten De afschrijvingslasten zijn hoger dan begroot (29K). Deze lasten zijn hoger door hogere investeringen op het gebied van ICT. Meer huisvestingslasten De huisvestingslasten zijn 370K hoger dan begroot. Betreft met name hogere lasten op onderhoud, energiekosten/water en schoonmaakonderhoud. De hogere lasten op onderhoud heeft te maken met een doorgevoerde correctie van onderhoudsvoorziening naar exploitatie aangezien bepaalde onderhoudswerkzaamheden niet waren opgenomen in het meerjarenonderhoudsplan maar wel noodzakelijk waren. Doordat ze niet opgenomen waren in het plan konden deze werkzaamheden niet ten laste van de voorziening worden gebracht. Voor energie en schoonmaak waren de kosten te laag geraamd. Voor het begrotingsjaar 2024 zijn deze aangepast. Minder overige lasten Onder overige lastenvallen de lasten voor administratie- en beheerslasten, inventaris en apparatuur en leer-en hulpmiddelen. Totaal zijn deze lasten 284K lager dan geraamd.
In deze categorie zijn de lasten voor NPO begroot terwijl deze lasten in de realisatie onder verschillende rubrieken worden gerangschikt. In dit verslagjaar was voor NPO een bedrag geraamd van 1256K. Gerealiseerd is 920K met de volgende uitsplitsing: Materiële uitgaven (inclusief investeringen/inhuur derden) Salariskosten
385K 535K
26
Analyse vorig verslagjaar versus huidig verslagjaar
Resultaat 2022 Resultaat hoger door Stijging rijksbijdragen Stijging overheidsbijdragen Stijging overige baten Stijging financieel resultaat
Resultaat lager door Stijging personeelskosten Stijging afschrijvingen Stijging overige lasten Stijging huisvestingslasten
2.684.205
1.648.160 92.478 918 -3 1.741.553
1.842.191 27.782 733.039 370.428 2.973.440
Totaal toename resultaat
-1.231.887
Resultaat 2023
1.452.318
In vergelijking met het vorige verslagjaar zijn de baten toegenomen. Er zijn hogere rijksbijdragen ontvangen als gevolg van aanpassing van de personele bekostiging, groei van het leerlingenaantallen, meer subsidie voor asielzoekers en overige vreemdelingen, meer subsidie zij-instromers en de toekenning van de subsidie verbetering basisvaardigheden. De overige overheidsbijdragen zijn eveneens hoger uitgevallen onder meer door het hoger leerlingenaantal. De personeelslasten zijn hoger uitgevallen. Niet alleen de loonkosten door meer inzet van fte’s maar ook de overige personeelslasten. Evenals vorig verslagjaar zijn de kosten van inhuur verder toegenomen. De afschrijvingslasten zijn iets hoger maar vooral de overige lasten en de huisvestingslasten zijn verder toegenomen. De overige lasten waaronder de leer-en hulpmiddelen zijn toegenomen door de groei van het leerlingenaantal maar in deze rubriek zijn deels ook de lasten opgenomen voor de besteding van de subsidie verbetering basisvaardigheden. Bij de huisvestingslasten zijn met name de lasten voor het jaarlijks onderhoud, energie en schoonmaakkosten toegenomen. Voor energie en schoonmaakkosten zijn de bedragen voor het komend verslagjaar in de begroting aangepast.
27
4.2.2. Balans in meerjarig perspectief
Activa Vaste Activa Materiële VA Financiële VA Totaal vaste activa Vlottende activa Vorderingen Liquide middelen Totaal vlottende activa Totaal activa
realisatie 2022
realisatie 2023
begroot 2023
begroot 2024
begroot 2025
begroot 2026
begroot 2027
begroot 2028
2.403.211 76.200 2.479.411
2.444.704 85.350 2.530.054
2.784.061 76.200 2.860.261
2.611.216 85.350 2.696.566
2.672.991 85.350 2.758.341
2.357.267 85.350 2.442.617
2.058.649 85.350 2.143.999
1.695.705 85.350 1.781.055
1.002.527 1.134.872 8.439.097 10.398.095 9.441.624 11.532.967
544.199 8.088.730 8.632.929
1.554.872 8.649.548 10.204.420
1.554.872 8.976.510 10.531.382
1.554.872 8.959.195 10.514.067
1.554.872 1.554.872 9.472.397 10.138.904 11.027.269 11.693.776
11.921.035
14.063.020
11.493.190
12.900.985
13.289.722
12.956.683
13.171.267 13.474.830
Passiva Eigen vermogen Algemene Reserve Bestemmingsreserves Voorzieningen Langlopende schulden Kortlopende schulden
2022
2023
2023
2024
2025
2026
2027
2028
3.830.252 2.172.644 1.942.759 56.265 3.919.115
5.008.047 2.447.168 2.377.988 51.576 4.178.241
3.830.252 1.871.661 2.274.225 51.578 3.465.474
5.316.879 2.447.168 2.796.486 46.889 2.293.563
5.671.344 2.447.168 2.830.758 42.202 2.298.250
5.575.917 2.447.168 2.593.146 37.515 2.302.937
5.618.873 2.447.168 2.764.774 32.828 2.307.624
5.745.496 2.447.168 2.941.714 28.141 2.312.311
Totaal passiva
11.921.035
14.063.020
11.493.190
12.900.985
13.289.722
12.956.683
13.171.267 13.474.830
Analyse van de balansposten ultimo 2023 ten opzichte van 2022 De activa zijn in vergelijking met het voorgaande verslagjaar toegenomen door investeringen en de borgstelling voor de hardware voor gebruik van Snappet. Tevens zijn de vorderingen toegenomen met name de vorderingen op gemeenten en OCW. De liquide middelen zijn verder toegenomen. De toename zit met name in de ontvangen incidentele subsidies welke niet tot een gehele besteding van deze subsidies hebben geleid. Het eigen vermogen is als gevolg van het resultaat toegenomen. De voorzieningen zijn eveneens toegenomen. Deze toename zit met name in de voorziening groot onderhoud. De dotatie is voor de komende jaren gelijk alleen de onttrekkingen zijn wisselend. De langlopende schuld neemt als gevolg van de aflossing van de lening bij de gemeente Diemen af. De kortlopende schulden zijn daarentegen toegenomen. In deze kortlopende schulden zijn opgenomen belastingen en premies sociale verzekeringen en vakantiegeld. Door toename van het aantal fte’s nemen deze vorderingen eveneens toe. Toelichting meerjaren balans Deze balans komt tot stand door het resultaat, zoals dit uit de meerjarenbegroting blijkt, toe te voegen aan het eigen vermogen.
Daarnaast wordt rekening gehouden met de geplande investeringen en afschrijvingen volgens de meerjareninvesteringsbegroting en de dotaties en onttrekkingen aan de onderhoudsvoorziening volgens het meerjarenonderhoudsplan. Deze balans voor 2023 is gebaseerd op de gerealiseerde cijfers 2023 en voor de jaren erna doorgetrokken. Door deze handelswijze komt deze balans niet overeen met de opgenomen meerjarenbalans uit de meerjarenbegroting 2024-2028.
4.3. Financiële positie Kengetallen Kengetallen/signaleringswaarde
2022
2023
2024
2025
2026
2027
solvabiliteit2 <0,30
EV+VZ/balanstotaal
0,67
0,69
0,77
0,78
0,78
0,78
0,78
Liquiditeit< 0,75
VLA / Kschulden
2,41
2,76
3,47
3,57
3,56
3,73
3,95
8.439.097 10.398.095
8.649.548
8.976.510
8.959.195
omvang liquide middelen
2028
9.472.397 10.138.904
28
2023
Bovenmatig vermogen <1 feitelijk vermogen
6.859.942
normatief vermogen
4.008.905
ratio eigen vermogen
1,71
Solvabiliteit De solvabiliteit geeft aan op welke wijze de bezittingen zijn gefinancierd. Bij de bepaling van solvabiliteit 2 zijn de voorzieningen opgeteld bij het eigen vermogen en zo samen afgezet tegen vreemd vermogen. De solvabiliteitsratio is in 2023 gestegen ten opzichte van vorig jaar. De ratio is echter nog steeds ruim boven de genoemde norm. Liquiditeit De liquiditeit geeft aan in hoeverre op korte termijn aan de betalingsverplichtingen kan worden voldaan. Een liquiditeit groter dan 1 wordt doorgaans gekwalificeerd als voldoende, omdat dan tegenover de snel vervallende schulden ten minste evenveel vlottende activa staan. Voor de stichting bedraagt de liquiditeit eind 2023 2,76. Bovenmatig vermogen De ratio bovenmatig vermogen is de verhouding van het eigen publiek vermogen in verhouding tot het normatief vermogen. Deze ratio mag niet hoger zijn dan 1. Het normatief vermogen wordt berekend aan de hand van 0,5 van de aanschafwaarde gebouwen maal de bouwkostenindex en daarbij opgeteld de boekwaarde van de resterende materiële vaste activa plus 5% van de totale baten. Het feitelijk vermogen ligt boven het normatief vermogen. Deze ligt boven de norm als gevolg van de incidentele subsidies voor NPO en verbetering basisvaardigheden. Meerjarenbegroting Baten Rijksvergoedingen Overige overheidsbijdragen Overige baten Totaal baten
begroting 2023
realisatie 2023
begroting 2024
begroting 2025
begroting 2026
begroting 2027
begroting 2028
25.706.899
28.864.964
27.914.255
28.638.218
28.793.299
29.435.207
30.069.884
476.083
535.733
529.783
532.783
535.783
538.783
541.783
534.628
872.967
491.694
492.809
497.509
496.309
480.309
26.717.610
30.273.664
28.935.732
29.663.810
29.826.591
30.470.299 31.091.976
Lasten Personeels lasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige lasten Totaal lasten
2023
2023
2024
2025
2026
2027
2028
21.875.896
23.565.739
24.427.458
25.074.761
25.698.922
26.249.351
26.851.437
3.033.942
2.747.762
1.780.892
1.781.992
1.794.492
27.018.593
28.821.346
28.626.900
29.309.345
29.922.018
Saldo baten en lasten
-300.983
1.452.318
308.832
354.465
-95.427
42.956
-
-
-
-
308.832
354.465
-95.427
42.956
565.315
594.034
641.270
657.811
618.324
545.218
481.544
1.543.440
1.913.811
1.777.280
1.794.781
1.810.280
1.825.782
1.840.780
1.806.992
1.791.592
Financiële baten
-
Totaal resultaat
-300.983
1.452.318
30.427.343 30.965.353 126.623
126.623
De begroting 2024 met een doorkijk naar 2025 en volgende jaren is door het algemeen bestuur vastgesteld in december van dit verslagjaar. Deze begroting is opgesteld op basis van de dan bekende bekostigingsinformatie waarbij ook rekening is gehouden met de overgangsregeling van de vereenvoudiging bekostiging. Gezien de jaarlijkse aanpassingen van de bekostiging en het gegeven dat de bekostiging afhankelijk is van het leerlingenaantal op de teldatum wordt jaarlijks opnieuw deze meerjarenbegroting opgesteld en worden ook de uitgaven aan de hand van de daadwerkelijke ontwikkelingen, aangepast.
29
5. Jaarrrekening 2023 5.1 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling Algemeen De grondslagen van waardering en resultaatbepaling zijn conform de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de stellige uitspraken van de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving in RJ660, die uitgegeven zijn door de Raad voor de Jaarverslaggeving. Deze bepalingen zijn van toepassing op grond van de Regeling Jaarverslaggeving Onderwijs. De jaarrekening is opgesteld in euro's. Activa en passiva worden in het algemeen gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Indien geen specifieke waarderingsgrondslag is vermeld, vindt waardering plaats tegen de verkrijgingsprijs. In de balans, de staat van baten en lasten en het kasstroomoverzicht zijn referenties opgenomen. Met deze referenties wordt verwezen naar de toelichting. Vergelijking met voorgaand jaar De grondslagen voor waardering van activa, passiva en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd ten opzichte van voorgaand jaar. Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs plus bijkomende kosten of de vervaardigingsprijs, verminderd met de afschrijvingen. De afschrijvingen vinden lineair en naar tijdsgelang plaats op basis van de verwachte toekomstige gebruiksduur. Bij investeringen worden de aanschaffingen beneden de € 500 niet geactiveerd.
De volgende categorieën zijn te onderscheiden: 1. Gebouwen en terreinen 2. Inventaris en apparatuur 3. Andere vaste bedrijfsmiddelen volgnr.
grootboek Onderdeel per categorie Afschrijvingsrekening termijn 1. Gebouwen en terrein 1.1 0050 Gebouwen *Permanente gebouwen 20 2. Inventaris en apparatuur 2.1 0100 Meubilair *Leerlingensets 20 *Kantoormeubilair 20 *Kasten 20 *Overig 20 2.2 0110 Apparatuur *Keukenblok 10 *Koffiemachine/wasmachine e.d. 5 2.3 0130 ICT *Computers 5 *Beeldschermen 5 *Touchscreens 5 *Switch en zenders 7 *Patchkast 10 3. Andere vaste bedrijfsmiddelen 3.1 0120 Leermethoden 8 3.2 0130 Buitenspeeltoestellen 15 3.3 0130 Zonnepanelen 20
30
Vlottende activa Vorderingen Vorderingen worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde van de tegenprestatie. Voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de vordering. Liquide middelen Liquide middelen bestaan uit kas, banktegoeden en deposito's met een looptijd korter dan 12 maanden. Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de algemene reserve, de private reserve en bestemmingsreserves. De bestemmingsreserves zijn reserves met een beperktere bestedingsmogelijkheid, welke door het bestuur is aangebracht. De private reserve geeft het vermogen weer, dat is opgebouwd uit gelden van ouders. Voorzieningen Algemeen Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan, waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen af te wikkelen, tenzij anders vermeld. Voorzieningen worden onderscheiden naar aard en doel.
Toevoegingen aan de voorzieningen vinden plaats door dotaties ten laste van de staat van baten en lasten. De onttrekkingen vinden rechtstreeks plaats ten laste van de betreffende voorziening. Voorziening groot onderhoud Voor uitgaven voor groot onderhoud wordt een voorziening gevormd om deze lasten gelijkmatig te verdelen over een aantal boekjaren. In afwijking van hoofdstuk 212 Materiële vast activa, paragraaf 4, alinea 451, van de richtlijnen is het voor onderwijsinstellingen voor dit boekjaar toegestaan de jaarlijkse toevoegingen aan de voorziening voor groot onderhoud te bepalen op basis van het voorgenomen groot onderhoud gedurende de gehele planperiode van het groot onderhoud op het niveau van het onderwijspand gedeeld door het aantal jaren waaruit deze planperiode bestaat, voor zover deze methode reeds in 2017 werd toegepast en indien is gewaarborgd dat de voorziening voor groot onderhoud gedurende planperiode niet op enig moment negatief wordt. Stichting Florente maakt gebruik van deze overgangsregeling zoals verwoord in RJO artikel 4 lid 1c. Pensioenvoorziening De stichting heeft een pensioenregeling. De regeling wordt gefinancierd door afdrachten aan het bedrijfstakpensioenfonds. De pensioenverplichtingen worden gewaardeerd volgens de "verplichting aan de pensioenuitvoerder benadering".
In deze benadering wordt de aan de pensioenuitvoerder te betalen premie als last in de staat van baten en lasten verantwoord. Aan de hand van de uitvoeringsovereenkomst wordt beoordeeld of en zo ja welke verplichtingen naast de betaling van de jaarlijkse aan de pensioenuitvoerder verschuldigde premie op balansdatum bestaan. Deze additionele verplichtingen, waaronder eventuele verplichtingen uit herstelplannen van de pensioenuitvoerder, leiden tot lasten voor de stichting en worden in de balans opgenomen in een voorziening. De stichting heeft de pensioenen ondergebracht bij de Stichting Pensioenfonds ABP (het bedrijfstakpensioenfonds voor overheid en onderwijs). Daarbij worden de opgebouwde aanspraken steeds in het betreffende kalenderjaar gefinancierd door middel van kostendekkende premiebetalingen. De dekkingsgraad van het betrokken bedrijfstakpensioenfonds bedraagt ultimo 2021 volgens opgave van het fonds 110,9%. Op basis van de uitvoeringsovereenkomst heeft de Stichting geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen anders dan de toekomstige premies. Voorziening jubilea De voorziening jubilea is opgenomen tegen een vast bedrag van € 900 per fte per balansdatum. 31
Voorziening langdurig zieken In deze voorziening zijn de loondoorbetalingsverplichtingen opgenomen van medewerkers die al langer ziek zijn met als peildatum 31-12-2023 en waarvan niet aannemelijk is dat ze nog terug zullen keren in arbeidsproces. Lang- en kortlopende schulden Lang- en kortlopende schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Baten en lasten Het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de baten en lasten over het verslagjaar, met inachtneming van de hiervoor reeds vermelde waarderingsgrondslagen. Per school worden de baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Lasten en risico's die hun oorsprong vinden vóór het einde van het verslagjaar, zijn in acht genomen mits van wezensaard als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Het resultaat van de staat van baten en lasten wordt toegevoegd aan de (bestemde) reserve(s) die door het bestuur zijn bepaald. Rijksbijdragen Rijksbijdragen worden als baten verantwoord in de staat van baten en lasten in het jaar waarop de toekenning betrekking heeft. Afschrijvingen op materiële vaste activa Materiële vaste activa worden vanaf het moment van ingebruikneming afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur van het actief. Over terreinen en vastgoedbeleggingen wordt niet afgeschreven.
Indien een schattingswijziging plaatsvindt van de economische levensduur, dan worden de toekomstige afschrijvingen aangepast. Personeelsbeloningen Lonen, salarissen en sociale lasten worden op grond van de arbeidsvoorwaarden verwerkt in de staat van baten en lasten voor zover ze verschuldigd zijn aan werknemers. Financiële baten en lasten Rentebaten/lasten en bankkosten Rentebaten/lasten en bankkosten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de betreffende activa en passiva. Toelichting kasstroomoverzicht Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. Bij de indirecte methode wordt het resultaat als basis genomen. Dit overzicht geeft weer waaraan de in de verslagperiode beschikbaar gekomen gelden zijn besteed. In samenhang met de balans en de staat van baten en lasten moet het kasstroomoverzicht bijdragen aan het inzicht in de financiering, de liquiditeit, de solvabiliteit en het vermogen van de instelling om geldstromen te genereren.
32
5.2. Balans per 31 december 2023 Balans per 31 december 2023
31-12-2023 € 1.
Activa
1.1 1.1.2 1.1.3
Vaste activa Materiële vaste activa Financiële vaste activa
31-12-2022 €
2.444.704 85.350
2.403.211 76.200 2.530.054
1.2 1.2.2 1.2.4
Vlottende activa Vorderingen Liquide middelen
1.134.872 10.398.095
Totaal activa
1.002.527 8.439.097 11.532.966
9.441.624
14.063.020
11.921.035
31-12-2023 € 2.
Passiva
2.1 2.1.1
Eigen vermogen Groepsvermogen
2.479.411
31-12-2022 €
7.455.214
6.002.896 7.455.214
2.2 2.2.1 2.2.3
Voorzieningen Personele voorzieningen Voorziening Groot Onderhoud
378.134 1.999.855
6.002.896
332.104 1.610.655 2.377.989
2.3 2.3.6
Langlopende schulden Schulden aan gemeenten en GRn
51.576
1.942.759
56.265 51.576
2.4 2.4.6 2.4.8 2.4.9 2.4.10 2.4.12 2.4.14 2.4.15 2.4.17 2.4.19
Kortlopende schulden Schulden aan gemeenten en GRn Crediteuren Belastingen en premies sociale verzekeringen Pensioenen Overige kortlopende schulden Vooruitontvangen subsidies OCW / EZ Vooruit ontvangen investeringssubsidies Vakantiegeld en vakantiedagen Overige overlopende passiva
Totaal passiva
213.731 359.412 1.061.872 284.751 1.310.404 787.213 160.859
56.265
54.422 436.484 947.701 204.490 160.972 1.214.766 705.006 195.274 4.178.241
3.919.115
14.063.020
11.921.035
33
Staat van baten en lasten over 2023
Realisatie 2023 €
Begroting 2023 €
Realisatie 2022 €
Rijksbijdragen Overheidsbijdragen / subsidies overige overheden Overige baten
28.864.964 535.733 872.967
25.706.899 476.083 534.628
27.216.804 443.255 872.049
Totaal baten
30.273.664
26.717.610
28.532.108
Personeelslasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige lasten
23.565.739 594.034 1.913.811 2.747.762
21.875.896 565.315 1.543.440 3.033.942
21.723.548 566.252 1.543.383 2.014.723
Totaal lasten
28.821.346
27.018.593
25.847.906
Saldo baten en lasten
1.452.318
-300.983
2.684.202
3. Baten 3.1 3.2 3.5
4. Lasten 4.1 4.2 4.3 4.4
6.1 6.2
6. Financiële baten en lasten Financiële baten Financiële lasten Totaal resultaat
1.452.318
-300.983
3 2.684.205
34
Kasstroomoverzicht over 2023 2023 € Kasstroom uit operationele activiteiten Saldo baten en lasten Aanpassingen voor: Afschrijvingen Afschrijvingen op desinvesteringen Mutaties voorzieningen Verandering in vlottende middelen Vorderingen Overig Schulden Totaal kasstroom uit bedrijfsoperaties
2022 €
1.452.318
2.684.202
597.599 435.230
566.252 300.669
-132.345 -4 259.126
655.919 1.505 731.674 2.611.924
Ontvangen interest
4.940.222
-
Kasstroom uit operationele activiteiten
-
2.611.924
Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen materiële vaste activa Desinvesteringen materiële vaste activa Investeringen financiele vaste activa Kasstroom uit investeringsactiviteiten
639.085 9.150
Kasstroom uit financieringsactiviteiten Aflossing langlopende lening Kasstroom uit financieringsactiviteiten
-4.689
4.940.223
506.749 2.550 -648.235
-509.299
-4.689 -4.689
-4.689
Mutatie liquide middelen
1.959.000
4.426.236
Het verloop van de geldmiddelen is als volgt: Stand per 1 januari Stand per 31 december Mutatie boekjaar
8.439.094 10.398.095 1.959.001
4.012.858 8.439.094 4.426.236
35
1.
Activa
1.1
Vaste activa
1.1.2
Materiële vaste activa
Stand per 1 januari 2023 Verkrijgings- of vervaardigingsprijs Cum. Afschrijvingen Boekwaarde Mutaties Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingskosten Afschrijvingskosten desinvesteringen
Stand per 31 december 2023 Verkrijgings- of vervaardigingsprijs Cumulatieve afschrijvingen
Gebouwen en terreinen 1.2.1
Inventaris en apparatuur 1.2.2
Totaal
€
€
€
307.432 -152.876 154.556
5.953.799 -3.705.143 2.248.656
6.261.231 -3.858.019 2.403.212
125.670 9.860 125.670 -9.860
639.085 1.159.966 587.739 1.159.966 51.346
639.085 1.285.637 597.599 1.285.637 41.486
307.432 -162.736 144.696
5.432.918 -3.132.916 2.300.002
5.740.350 -3.295.652 2.444.698
31-12-2023 € 1.1.3
Financiële vaste activa
31-12-2022 €
85.350
76.200 85.350
76.200
31-12-2023 €
31-12-2022 €
1.2 1.2.2 1.2.2.1 1.2.2.2 1.2.2.3 1.2.2.10 1.2.2.12
Vlottende activa Vorderingen Debiteuren algemeen Vorderingen op OCW / EZ Vorderingen op gemeenten en GR's Overige vorderingen Vooruitbetaalde kosten Vorderingen
213.665 330.435 385.596 129.805 75.370 1.134.872
211.611 208.051 173.688 238.204 170.973 1.002.527
1.2.4 1.2.4.1 1.2.4.2
Liquide middelen Kasmiddelen Tegoeden op bankrekeningen Liquide middelen
184 10.397.911 10.398.095
263 8.438.834 8.439.097
De liquide middelen staan ter vrije beschikking van het bestuur
36
2.2
Voorzieningen Saldo 1-1-2023 €
2.2.1 2.2.1.4 2.2.1.6
2.2.3
2.1
2.1.1.1 2.1.1.2 2.1.1.3
Personele voorzieningen Jubileumvoorziening Langdurig zieken
Voorziening Groot onderhoud
Dotaties 2023 €
Vrijval 2023 €
Onttrekk. 2023 €
Saldo 31-12-2023 €
Kortlopend deel < 1 jaar
Langlopend deel > 1 jaar
Totaal
221.001 111.103 332.104
9.728 105.515 115.243
13.828 13.828
9.081 46.309 55.390
221.648 156.481 378.129
17.984 156.481 174.465
203.664 203.664
221.648 156.481 378.129
1.610.655 1.610.655
514.836 514.836
-
125.636 125.636
1.999.855 1.999.855
89.383 89.383
1.910.472 1.910.472
1.999.855 1.999.855
1.942.759
630.079
13.828
181.026
2.377.984
263.848
2.114.136
2.377.984
Eigen vermogen
Algemene reserve Bestemmingsreserve publiek Bestemmingsreserve privaat
Saldo 1-1-2022 € 2.378.770 654.801 285.120 3.318.691
Bestemming resultaat € 1.451.482 1.223.757 8.966 2.684.205
Overige mutaties € -
Saldo Bestemming 31-12-2022 resultaat € € 3.830.252 1.177.795 1.878.558 258.457 294.086 16.067 6.002.896 1.452.318
Overige mutaties € -
Saldo 31-12-2023 € 5.008.047 2.137.015 310.153 7.455.214
De bestemmingsreserve publiek is opgebouwd uit NPO gelden die vanaf 1 augustus 2021 door DUO zijn verstrekt. In deze reserve is opgenomen de toekomstige afschrijvingskosten van de gedane investeringen. De private reserve geeft het vermogen weer, dat is opgebouwd uit bijdrage van ouders. De niet bestede ouderbijdrage komen ten gunste van de ouderraden en derhalve het private vermogen.
2.3 2.3.6
Langlopende schulden Schulden aan gemeenten en GRn Saldo 01-01-2023 Aflossingen Saldo 31-12-2023
56.265 4.689 51.576
Looptijd < één jaar Looptijd één - vijf jaar Looptijd langer dan vijf jaar
4.689 18.756 28.131
Toelichting Dit betreft een lening van de Gemeente Diemen ter financiering van zonnepanelen. De lening heeft een looptijd van 20 jaar en is rentevrij door de gemeente verstrekt in het kader van een duurzaamheidsprogramma binnen de gemeente. Van het totaalbedrag aan langlopende schulden heeft een bedrag van € 28.131 een resterende looptijd van langer dan 5 jaren.
37
2.4 2.4.6 2.4.8 2.4.9 2.4.10 2.4.12 2.4.14 2.4.15 2.4.17 2.4.19
Kortlopende schulden Schulden aan gemeenten en GRn Crediteuren Belastingen en premies sociale verzekeringen Pensioenen Overige kortlopende schulden Vooruitontvangen subsidies OCW / EZ Vooruit ontvangen investeringssubsidies Vakantiegeld en vakantiedagen Overige overlopende passiva
2.4.9 2.4.9 2.4.9 2.4.9
Belastingen en premies sociale verzekeringen Te betalen loonheffingen / sociale lasten Te betalen participatiefonds Te betalen vervangingsfonds Belastingen en premies sociale verzekeringen
2.4.19 2.4.19 2.4.19
Overige overlopende passiva Overige schulden / te betalen posten Overlopende accountantskosten Overige overlopende passiva
31-12-2023 €
31-12-2022 €
213.731 359.412 1.061.872 284.753 1.310.404 787.214 160.859 4.178.244
54.422 436.484 947.701 204.490 160.972 1.214.766 705.006 195.274 3.919.115
1.031.766 30.106 1.061.872
947.527 174 947.701
133.642 23.292 156.934
168.509 26.015 194.524
Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen Snappet Enkele scholen hebben een contract voor onbepaalde tijd aangegaan met Stichting Snappet. Deze scholen gebruiken een door Snappet ontwikkelde onderwijsapplicatie en nemen in dit verband ook tablets en aanverwante hardware af. Vooraf is een borgsom aan Snappet verstrekt. Kopieermachines In 2021 is voor 60 maanden een contract aangegaan voor de kopieerapparatuur op de scholen. Energiecontract Florente is aangesloten bij het inkoopcollectief Energie Voor Scholen. Via dit collectief wordt gezamenlijk elektriciteit en gas ingekocht. Het huidig contract loopt door tot en met december 2025. Dit contract is in dit verslagjaar tussentijds door de leverancier beëindigd omdat ze de aangegane verplichtingen niet meer konden nakomen. Door het inkoopcollectief heeft een nieuwe aanbesteding opgestart en is met een andere leverancier een contract aangegaan voor de resterende termijn. Administratiekantoor De personele en financiële administratie is uitbesteed aan een administratiekantoor. Met dit kantoor is een driejarig contract afgesloten. Dit contract loopt tot en met december 2024 en heeft een opzeggingstermijn van 6 maanden. Naschoolse opvang In bijna alle scholen is ook naschoolse opvang voorhanden. Deze naschoolse opvang wordt door een tweetal 38
kinderopvangorganisatie verzorgd. Met deze organisaties zijn langdurige contracten aangegaan. Naast naschoolse opvang is ook bij diverse scholen een kinderdagverblijf en/of peuterspeelzaal voorhanden. De scholen waar een dergelijke voorziening er niet zijn, zijn de Jan Woudsmaschool en de Meerstroom ’t Atelier ’t Atelier is in september in een nieuw gebouw ingetrokken. Voor de installatie van de warmte-kou opslag is een langdurig contract afgesloten. Evenals voor de noodzakelijk transformator en de meter. Het contract voor de installatie loopt tot 1 januari 2058. Voor de transformator is een 20 jarig contract afgesloten en de huur van de meter een 10 jarig contract.
Model G:
Omschrijving
Toewijzing Kenmerk
Studieverlof 1165323-1 Studieverlof 1166244-1 Zij-instroom 1189580-1 Zij-instroom 1183653-1 Zij-instroom 1189588-1 Zij-instroom 1183660-1 Zij-instroom 1189618-1 Zij-instroom 1189673-1 Studieverlof 12799090-1 GKA GKO22-029 Basisvaardigheden VBV22-PO-2673 Basisvaardigheden VBV22-PO-3788 Basisvaardigheden VBV23-PO-0488 Basisvaardigheden VBV23-PO-0481 Basisvaardigheden VBV23-PO-1084 Basisvaardigheden VBV23-PO-0449 Basisvaardigheden VBV23-PO-3141 Studieverlof 1350762-1 Zij-instroom 1382227-1 Zij-instroom 1340349-1 Zij-instroom 1335663-1 Zij-instroom 1322205-1 Zij-instroom 1348012-1
Toewijzing Prestatie Datum afgerond ?
2021 2021 2021 2021 2021 2021 2021 2021 2022 2022 2022 2022 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023
J/N/O J J J J J J J J J O O O O O O O O J O O O O O
39
Toelichting op Staat van baten en lasten over 2023
Realisatie 2023 €
Begroting 2023 €
Realisatie 2022 €
24.148.801 3.647.091 1.069.073 28.864.964
24.325.509 1.381.390 25.706.899
24.335.015 1.731.317 1.150.472 27.216.804
3. Baten Overheidsbijdragen 3.1 3.1.1 3.1.2 3.1.3
Rijksbijdragen Rijksbijdragen OCW / EZ Overige subsidies OCW / EZ Inkomstenoverdracht van rijksbijdragen Rijksbijdragen OCW / EZ
3.2 3.2.2
Overheidsbijdragen / subsidies overige overheden Overige gemeentelijke en GR-bijdragen en -subsidies Overheidsbijdragen / subsidies overige overheden
535.733 535.733
476.083 476.083
443.255 443.255
3.5 3.5.1 3.5.2 3.5.5 3.5.10
Overige baten Opbrengst verhuur Detachering personeel Ouderbijdragen (PO/VO) Overige Overige baten
228.645 465.131 179.192 872.967
181.428 349.500 3.700 534.628
202.913 111.155 492.893 65.088 872.049
40
Realisatie 2023 €
Begroting 2023 €
Realisatie 2022 €
20.945.844 2.911.986 -292.091 23.565.739
20.820.696 1.055.200 21.875.896
19.510.337 2.372.655 -159.444 21.723.548
4. Lasten 4.1 4.1.1 4.1.2 4.1.3
Personeelslasten Lonen, salarissen sociale lasten en pensioenlasten Overige personele lasten Ontvangen vergoedingen Personeelslasten Aantal FTE
4.1.1 4.1.1.1 4.1.1.2 4.1.1.2 4.1.1.2 4.1.1.5
Lonen, salarissen, sociale lasten en pensioenlasten Lonen en salarissen Sociale lasten Premie Participatiefonds Premie Vervangingsfonds Pensioenlasten Lonen, salarissen, sociale lasten en pensioenlasten
253,5
254,0
16.048.887 2.584.311 2.312.647 20.945.844
20.820.696 20.820.696
14.895.615 2.473.568 2.141.154 19.510.337
* m.i.v. 2022 zijn de premies voor het Participatiefonds en het Vervangingsfonds onder de sociale lasten opgenomen 4.1.2 4.1.2.1 4.1.2.2 4.1.2.3
Overige personele lasten Dotaties personele voorzieningen Lasten personeel niet in loondienst Overige Overige personele lasten
36.932 1.818.627 1.056.427 2.911.986
4.1.3 4.1.3.3
Ontvangen vergoedingen Overige uitkeringen Ontvangen vergoedingen
-292.091 -292.091
-
-159.444 -159.444
4.2 4.2.2
Afschrijvingen Afschrijvingen materiële vaste activa Afschrijvingen
594.034 594.034
565.315 565.315
566.252 566.252
4.3 4.3.1 4.3.3 4.3.4 4.3.5 4.3.6 4.3.7 4.3.8
Huisvestingslasten Huurlasten Onderhoudslasten Energie en water Schoonmaakkosten Belastingen en heffingen ter zake van huisvesting Dotatie voorziening onderhoud Overige huisvestingslasten Huisvestingslasten
36.321 325.085 430.250 536.366 9.891 514.836 61.062 1.913.811
22.303 223.500 250.000 415.000 22.300 514.837 95.500 1.543.440
35.897 216.139 214.774 468.995 4.526 514.836 88.216 1.543.383
4.4 4.4.1 4.4.2 4.4.3 4.4.5
Overige lasten Administratie en beheer Inventaris en apparatuur Leer- en hulpmiddelen Overige Overige lasten
687.499 17.858 737.183 1.305.223 2.747.762
537.015 773.357 1.723.570 3.033.942
489.774 18.254 582.691 924.004 2.014.723
Realisatie 2023 €
Begroting 2023 €
Realisatie 2022 €
45.000 154.500 855.700 1.055.200
-91.322 1.479.743 984.234 2.372.655
6. Financiële baten en lasten 6.1 6.1.1
Financiële baten Rentebaten en soortgeblijke opbrengsten Financiële baten
-
-
6.2 6.2.1
Financiële lasten Rentelasten en soortgelijke lasten Financiële lasten
-
-
3 3
-
41
5.2.1. Voorstel resultaatbestemming: Het exploitatieresultaat volgens de staat van baten en lasten over 2023 bedraagt positief € 1.452.318. Het resultaat wordt als volgt aan het eigen vermogen toegevoegd: Algemene reserve Bestemmingsreserve publiek Bestemmingsreserve privaat
€ 1.177.795 € 258.457 € 16.067
Gebeurtenissen na balansdatum Niet van toepassing Wet normering topinkomens De WNT is van toepassing op Stichting Florente. Het toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2023 € 173.000 (bezoldigingsklasse D). De bezoldigingsklasse is als volgt bepaald: Criteria Totale baten t-2 Aantal bekostigde leerlingen per 1 oktober t-2 Gewogen aantal onderwijssoorten per 1 oktober t-2 Totaal
Aantal Uitkomst complexiteits punten € 25.008.206
6
3.445
3
1
1 10
5.2.2. Bezoldiging topfunctionarissen Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling inclusief degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt.
42
Gegevens 2023 H. Ploeg
bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2023 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn
Directeur bestuurder 01/01 - 31/12 1 ja
Subtotaal
€ 123.063 € 20.358 € 143.421
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 173.000
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t.
Bezoldiging
€ 143.421
Het bedrag vd overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling Gegevens 2022 bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2022 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn
N.v.t.
N.v.t. N.v.t.
H. Ploeg Directeur bestuurder 01/01 - 31/12 1 ja € 113.069 € 21.229
Subtotaal
€ 134.298
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 154.000
Bezoldiging
€ 134.298
Gegevens 2023 bedragen x € 1
S. Feenstra
Functiegegevens
Directeur bestuurder (ad interim)
Kalenderjaar Periode functievervulling in het kalenderjaar (aanvang – einde)
2023
2022
1-1 t/m 15-7;
24-10 t/m 31-12;
Aantal kalendermaanden functievervulling in het kalenderjaar
7
3
Omvang van het dienstverband in uren per kalenderjaar
432
158
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Maximum uurtarief in het kalenderjaar Maxima op basis van de normbedragen per maand
€ 212
€ 206
€ 178.100
€ 85.800
Individueel toepasselijke maximum gehele periode kalendermaand 1 t/m 12
€ 124.132
Bezoldiging (alle bedragen exclusief btw) Bezoldiging in de betreffende periode
€ 64.800
Bezoldiging gehele periode kalendermaand 1 t/m 12
€ 88.500
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t. € 88.500
Bezoldiging
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
€ 23.700
N.v.t.
N.v.t. N.v.t.
43
Bezoldiging toezichthouder Gegevens 2023 bedragen x € 1
E. van den Tol
Functiegegevens
Voorzitter 01/01 - 31/12
Aanvang en einde functievervulling in 2023
Bezoldiging Bezoldiging
€
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
2.750
€ 25.950
N.v.t.
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag €
Bezoldiging
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
2.750
N.v.t
N.v.t. N.v.t.
Gegevens 2022 bedragen x € 1
E. van den Tol
Functiegegevens
Voorzitter 01/01 - 31/12
Aanvang en einde functievervulling in 2022
Bezoldiging Bezoldiging
€ 2.958
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 23.100
1D Topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.900 of minder
Gegevens 2023 NAAM TOPFUNCTIONARIS
FUNCTIE
Periode
W. El Yandouzi
Vicevoorzitter
1/1 - 31/12
L.A.M. van Loenen
Lid
1/1 - 31/12
W. Theijs
lid
1/1 - 31/12
M. Bruins
Lid
1/1 - 31/08
T. Voeten
Lid
1/1 - 31/12
P. Wagemaker
Lid
1/9 - 31/12
M.C. van Cann
Lid
1/9 - 31/12
44
6. Verslag intern toezicht 6.1. Samenstelling intern toezicht Naam Ellen van den Tol
Nevenfuncties betaald / onbetaald
Functie Voorzitter
-
-
Zelfstandig adviseur werving & selectie voor het onderwijs (betaald) lid RvT Stichting Welzijn Diemen (onbetaald)
Aandachtsgebied en/of commissies Personeel & organisatie Werkgeverscommissie
Warda El Yandouzi
Vice-voorzitter
-
Programmamanager Stedelijke Maatschappelijk draagvlak & Strategie gemeente Amsterdam duurzaamheid (betaald) Communicatie & Identiteit
William Theijs
Lid
-
Leidinggevende landelijke directie bij de Belastingdienst (betaald)
Tom Voeten
Lid
-
Interimmanager (betaald) Bestuurder Clean Air (onbetaald)
Leo van Loenen
Lid
-
Eigenaar AAS advies (betaald)
Madeleine van Cann
Lid
-
Docent levensbeschouwing (betaald)
Piet Wagemaker
Lid
-
Kwaliteitsmedewerker STAIJ (betaald)
Maatschappelijk draagvlak & duurzaamheid Huisvesting & materieel Communicatie & Identiteit Werkgeverscommissie
Financiële commissie Huisvesting en materieel
Financiële commissie
Op 19 oktober 2023 heeft de GMR positief geadviseerd over een voorstel voor de vergoedingsregeling voor het Algemeen Bestuur. Er is een onderscheid gemaakt in de vergoeding voor voorzitter en andere leden van het algemeen bestuur. Voor de AB-leden wordt een bedrag van 1750 euro per jaar voorgesteld. Voor de voorzitter een aanvullende vergoeding van 1000 euro per jaar, vanwege de extra benodigde inzet en verantwoordelijkheid. Het Algemeen bestuur is akkoord gegaan met het voortzetten van de samenwerking met de accountant van De Jong & Laan.
6.2. Hoe het toezicht is vormgegeven Het Algemeen Bestuur heeft als intern toezichthouder vijfmaal vergaderd met de directeur-bestuurder. Wegens zijn uitval in de periode september – juli 2023 heeft dat overleg plaatsgevonden met de directeur-bestuurder ad interim. De voorzitter van het bestuur heeft iedere vergadering voorbereid met de dagelijks bestuurder (a.i) Begin van dit jaar constateerde het Algemeen Bestuur dat het bestaande intern toezichtskader niet langer voldeed aan de Codes Goed Bestuur en Good Governance. Begin 2023 is gestart met het Governance proces om te komen tot het formuleren van uitgangspunten voor een nieuw toezichtskader maar daarover is geen overeenstemming gekomen. Afgesproken is om met externe begeleiding de ontwikkeling van een nieuw intern toezichtskader aan te gaan. Wegens uitval van de dagelijks bestuurder hebben we de start van dit traject uit moeten stellen tot mei 2023. In twee bijeenkomsten is er gesproken over de huidige rollen van intern toezicht. De verwachting is dat dit traject per april 2024 wordt afgerond. Binnen het Algemeen Bestuur is gewerkt met twee commissies: de financiële commissie en de werkgeverscommissie. De samenstelling van beide commissies is in de loop van dit jaar gewijzigd. (zie ook de samenstelling intern toezicht). De overige leden zijn gekoppeld aan een inhoudelijk domein: 45
1. personeel & organisa"e, 2. onderwijs & kwaliteit 3. duurzaamheid & huisves"ng en communica"e en iden"teit In 2023 zijn twee nieuwe leden voor het Algemeen Bestuur geworven en benoemd via een zorgvuldige procedure met medewerking en met instemming van de GMR. De verhouding man en vrouw binnen het intern toezicht is 4:3. Het Algemeen Bestuur (AB) heeft in juli, in de oude samenstelling, een zelfevaluatie uitgevoerd. Na inventarisatie van een vragenlijst en het gesprek over deze uitkomsten is de conclusie getrokken dat er meer helderheid moet komen over de rol van de toezichthouder in relatie tot de directeur-bestuurder. Er kan onderling meer gebruik gemaakt worden van elkaars expertise", en het signaleren van maatschappelijke ontwikkelingen zou een belangrijkere rol kunnen spelen in het toezichthouderschap. Een belangrijk onderwerp was de toezichthoudende rol van de financiële commissie. Het AB is niet altijd tevreden over de wijze van kwartaalrapportage en daar is met de (interim) dagelijks bestuurder en de controller veel over gesproken en als ontwikkelpunt meegenomen naar afspraken voor 2024. Het Algemeen Bestuur heeft drie vergaderingen gecombineerd met een schoolbezoek en rondleiding c.q. een gesprek met de betreffende schooldirecteur. De gesprekken waren informatief en gaven inzicht en verdieping aan de kennis van de toezichthouders.
De werkgeverscommissie heeft in de gesprekken met de dagelijks bestuurder in het eerste half jaar de uitwerking van de afspraken in 2022 verder vormgegeven over de ontwikkeling van de bestuurlijke competenties van de dagelijks bestuurder. In september is de dagelijks bestuurder helaas uitgevallen en heeft de commissie regelmatig contact onderhouden met de dagelijks-bestuurder en de re-integratie formeel begeleid. In mei 2023 was er sprake van een gedeeltelijke re-integratie en miv 1 juli, gelukkig, een volledig herstel. Voor de interim-periode zijn er iom de werkgeverscommissie en de overige bestuursleden een aantal specifieke zaken benoemd (ontwikkelingen in Weesp m.b.t. huisvesting en leerlingengroei, interne organisatie en zorgvuldig begrotingstraject). De dagelijks bestuurder is vanaf augustus 2023 voortvarend aan de slag gegaan met de verdere uitvoering van het Koersplan en de lopende dossiers in Weesp en Driemond. In september is de nieuw samengestelde werkgeverscommissie gestart met een nieuw beoordelingstraject. Basis hiervoor zijn de professionalisering thema's voor bestuurders funderend onderwijs en de code goed bestuur.
Hoe heeft intern toezicht uitvoering gegeven aan het toezien op de naleving van de wettelijke verplichtingen en toepassing van de Code Goed Bestuur? Het algemeen bestuur heeft het jaarverslag 2022 besproken en vastgesteld met een aantal aandachtspunten voor het verslag 2023. Het intern toezicht heeft in juli het eigen functioneren geëvalueerd aan de hand van een inventarisatie c.q. vragenlijst en de uitkomsten besproken op een aparte bijeenkomst in de oude samenstelling. Concluderend: er kan meer gebruik worden gemaakt van de aanwezige expertise binnen het AB en dat meer maatschappelijke signalen kunnen worden ingebracht. Bij de werving van twee nieuwe leden hebben we kandidaten benoemd met specifieke en complementaire ervaring en expertise. In september is de discussie opgestart over de domein verdeling en een nieuw ITK. Florente is in 2023 het proces gestart om aan haar wettelijke verplichtingen voor toezichthouders te voldoen. Het resultaat van dit proces moet in 2024 afgerond zijn tot managementrapportages welke niet alleen voldoen aan regelgeving maar ook zowel voor de directeur-bestuurder als het algemeen bestuur houvast geven inzake de rechtmatigheid en doelmatigheid van de beschikbare middelen. In het begrotingstraject 2024 heeft de financiële commissie de dagelijks bestuurder en de controller op een aantal onderwerpen specifieke adviezen gegeven.