Stichting Florente - Jaarrekening 2020 DUO.pdf
Tekst van het document
Los van dit alles hebben we maken gehad met leerkrachten die vanwege hun medische achtergrond veel angst hadden om naar school te komen na de eerste lockdown. Ook hier moesten oplossingen voor worden gezocht. Voor de gehele organisatie was de periode van de lockdown en de openstelling zwaar. Niet alleen om zaken goed te organiseren maar ook financieel. Extra kosten op het gebied van schoonmaak zijn daarbij slechts een klein voorbeeld. Extra schoonmaak rondes moesten worden geregeld en extra materialen moesten worden aangeschaft. We hebben een deel van de kosten weten in te perken door de dagelijkse schoonmaak stop te zetten. Dit is echter een druppel op een gloeiende plaat. Extra kosten hebben we ook moeten maken op het gebied van beschermende materialen als mondkapjes, face shields, spatschermen en materialen voor route aanduidingen. Los van de direct zichtbare kosten, de euro’s, heeft het de organisatie ook bijzonder veel indirecte kosten opgeleverd. Tijd en energie die moest worden gestolen om alles te organiseren. Kosten en tijd die je kwijt bent en waar geen compensatie tegenover staat. Tegelijkertijd zijn heel veel zaken uitgesteld of vonden helemaal niet plaats zoals scholing, overblijf en activiteiten voor leerlingen die met hulp van de ouderbijdragen zouden worden georganiseerd.
Allocatie van middelen In het verslagjaar heeft een beperkte verschuiving van middelen plaatsgevonden tussen de scholen. Deze verschuiving betreft met name een verschuiving van de “formatie middelen” teneinde aan elke school een toereikende/passende formatie te geven. Daarnaast zijn middelen overgeheveld naar het onderwijsbureau voor de exploitatie van het bureau en voor enkele bovenschoolse aangelegenheden. De bovenschoolse aangelegenheden betreffen de gezamenlijke scholing, verrijkingsklas, de coördinatie passend onderwijs en begeleiding van startende leerkrachten. Prestatiebox 35% van deze middelen gaan naar het onderwijsbureau en 65% wordt toegekend aan de scholen. De scholen zijn vrij om deze middelen te besteden aan de activiteiten binnen de school. Onderwijsachterstandenmiddelen De achterstandsmiddelen zijn herverdeeld ten einde “een zachte landing” te bewerkstelligen. Voor 2021 zijn de middelen toegekend aan de scholen waarvoor een beschikking is ontvangen. 2.5 Verslag van het Algemeen Bestuur Leren voor het leven Stichting Florente basisscholen is tot stand gekomen vanuit een fusie tussen bijzonder onderwijs Spirit en openbaar onderwijs OOP. Twaalf scholen vormen samen Florente basisscholen. De stichting is op grond van de wet “goed onderwijs, goed bestuur” (2017 gewijzigde versie) zo ingericht dat er sprake is van een functionele scheiding tussen toezicht en bestuur.
Florente onderschrijft en hanteert de Code Goed bestuur zoals deze in 2017 opnieuw is vastgesteld door de Algemene ledenvergadering van de PO-raad. Dit betekent dat binnen de stichting de functies van het algemeen bestuur en intern toezicht duidelijk zijn beschreven en leden ieder hun eigen domein hebben vanwaar zij hun toezichthoudende rol vervullen. 26
Basis van toezicht Binnen de stichting wordt gewerkt vanuit het Intern Toezicht Kader (ITK). Het initiatief voor het Intern Toezichtskader ligt bij de toezichthouders, zijnde het Algemeen bestuur, en wordt goedgekeurd in een bestuursvergadering. Het toezicht van het Algemeen bestuur is gebaseerd op een aantal formele documenten waarin de visie op toezicht en het toezichtkader zijn vertaald: Managementstatuut stichting OOP 2013 (binnenkort herzien); Reglement Audit Commissie stichting OOP 2013 (binnenkort herzien); Reglement Onderwijscommissie stichting OOP 2013 (binnenkort herzien); Reglement Werkgeverscommissie stichting OOP 2013 (binnenkort herzien); Toezichtvisie; Toezichtkader; Profielschets Intern toezichthouder; Profielschets directeur-bestuurder; Statuten Florente; Rooster van aftreden Algemeen bestuur (nog op te stellen); Regeling Opleiding en scholing RvT (nog op te stellen); Branchecode Goed Bestuur PO. Legitimatie en verantwoording Het algemeen bestuur (AB) handelt op basis van de bevoegdheden die in de statuten en wet- en regelgeving zijn beschreven. De werkwijze van het AB staat in het reglement van het AB, vermeld op de website van Florente. Het AB werkt vanuit domeinen. De leden van de domeinen adviseren het AB over de onderwerpen die binnen hun taakgebied vallen en bereiden de besluitvorming van het AB voor.
Dit laat de verantwoordelijkheid voor de besluitvorming van en door het gehele AB onverlet. Werkwijze Samenstelling Algemeen bestuur en verdeling van werkzaamheden De samenstelling van het Algemeen bestuur is divers (leeftijd, geslacht, kennis, ervaring, etnische afkomst, etc.). Het Algemeen bestuur bestaat uit 7 leden, waarvan één lid voorzitter is. Een overzicht van leden, hun aandachtsgebieden, zittingstermijn en nevenfuncties wordt gepubliceerd in het jaarverslag van Florente.
Commissies en beleidsdomeinen De commissies en overige werkzaamheden worden verdeeld over de leden van het Algemeen bestuur. De commissies bereiden onderwerpen voor en adviseren het Algemeen bestuur. Zij hebben geen eigenstandige beslissingsbevoegdheid. Elke commissie heeft een voorzitter en de werkwijze is vastgelegd in een reglement. Het Algemeen bestuur van Florente heeft twee commissies: Financiële Commissie Werkgeverscommissie. De zes beleidsdomeinen worden zodanig verdeeld dat er altijd twee toezichthouders zijn, die zich specifiek op dat onderwerp richten. De zes beleidsdomeinen zijn: Onderwijs & Kwaliteit 27
Personeel & Organisatie Financiën & Beheer Huisvesting & Materieel Communicatie & Identiteit Maatschappelijk draagvlak & Duurzaamheid kan daarnaast noodzakelijk zijn op het gebied van (bv juridisch, In juni van ieder jaar wordt er een jaarplanning voor de vergaderingen van het Algemeen bestuur in het daaropvolgende schooljaar vastgesteld en voor de commissies van het Algemeen bestuur. Voor het Algemeen bestuur gaat het om minimaal 6 reguliere vergaderingen per jaar. Daarnaast is er minimaal één themabijeenkomst, waarin onderwerpen nader worden uitgediept of verkend, en één evaluatiebijeenkomst. Vastgelegd in de statuten van Florente Basisscholen. De agenda met bijlagen wordt in de regel minimaal twee weekenden voor de vergadering verspreid. In 2020 zijn er 9 vergaderingen geweest. Vergaderingen Commissies De Financiële Commissie volgt de Planning & Control cyclus. De commissie vergadert rondom belangrijke momenten in de bedrijfsvoering: begroting, jaarrekening en indien noodzakelijk kwartaalrapportages. De Werkgeverscommissie (WC) bereidt de werkgeversrol van het Algemeen bestuur voor en voert deze uit. De WC voert in een afgesproken cyclus plan-, ontwikkel en beoordelingsgesprekken met de directeur-bestuurder. Er vindt jaarlijks minstens één gesprek plaats. De werkwijze van de WC is vastgelegd in een reglement.
Evaluatie en scholing Algemeen bestuur Het Algemeen bestuur evalueert zichzelf en de commissies minimaal eenmaal per jaar. De evaluatie wordt voorbereid door de voorzitter van het Algemeen bestuur. Hierbij zijn niet alleen resultaten aan de orde maar ook samenstelling, werkwijze en gedragskenmerken van toezichthouders. In september heeft er onder externe begeleiding een evaluatie plaatsgevonden en zijn de domeinen opnieuw onderling verdeeld. Het Algemeen bestuur van Florente Basisscholen wil zijn leden in de gelegenheid stellen om zich te scholen en ontwikkelen op de gebieden die van belang zijn voor het toezicht op Florente. Er worden regels opgesteld met betrekking tot het (maximale) opleidingsbudget voor de leden van het Algemeen bestuur. De directeurbestuurder wordt hierover tijdig geraadpleegd in het kader van de jaarlijkse begroting.
Jaarverslag Algemeen bestuur Het Algemeen bestuur stelt jaarlijks een verslag op van de werkzaamheden. Dit verslag maakt onderdeel uit van het jaarverslag van Florente Basisscholen oftewel dit verslag. Naleving wettelijke voorschriften en rechtmatige besteding van de middelen. Het AB heeft toezicht gehouden op de naleving van de wettelijke voorschriften. De accountant doet hier conform het controleprotocol onderzoek naar en neemt dit op in het accountantsverslag. Het AB heeft ook toezicht gehouden op de rechtmatige verwerving en de rechtmatige en doelmatige besteding van de middelen en of de wijze van organiseren en de inrichting van de werkprocessen maakt dat de organisatie in control is. Op het gebied van reguliere bedrijfsvoering, waaronder de middelen voor passend onderwijs, toetsten de leden van het domein Financiën en Beheer de financiële doelmatigheid. Jaarlijks wordt de managementletter van de accountant op basis van de interim controle role ro le besproken. bes b espr es prok pr oken ok en.. en 28
Toezichtvisie en taakopvatting Naast het uitoefenen van het algemeen toezicht en de rol van werkgever, vormt de advies- en sparring rol een belangrijk element binnen de taken van het AB: het bespreekbaar maken en verkennen van thema’s en strategische onderwerpen voor de midden- en lange termijn. Het AB maakt verbinding met diverse stakeholders binnen en buiten de stichting door middel van een open en onderzoekende instelling van de AB leden. Uiteraard met het oog op het bepaalde in de statuten en de lijn van het koersplan. De het AB houdt zich bezig met de publieke maatschappelijke belangen en verkleint de afhankelijke positie ten aanzien van de informatievoorziening. Daarbij geldt dat toezicht op afstand niet een kwestie is van toezicht “ver weg” maar juist “dichtbij” en is gericht op -kwaliteit van onderwijs en personeel; -toezicht op besturing (en niet uitsluitend op de bestuurder); -interne processen waarbij de ontwikkeling van ieder kind voorop staat. Het AB houdt altijd de doorvertaling naar het effect voor het onderwijs voor ogen. Dit alles in goed overleg met de directeur bestuurder. Artikel 11 statuten stichting Florente basisscholen. Taken en bevoegdheden van het algemeen bestuur Het algemeen bestuur ziet erop toe dat het onderwijs overeenkomstig de doelstelling van de stichting is.
Het algemeen bestuur houdt toezicht op de uitvoering van de taken en de uitoefening van de bevoegdheden door de directeur-bestuurder en staan deze met raad terzijde en fungeren als klankbord. Het algemeen bestuur is in elk geval, belast met: het goedkeuren van de begroting, het jaarverslag en het strategisch meerjarenplan van de stichting; het toezicht op de naleving door de directeur-bestuurder van de wettelijke verplichtingen en de code goed bestuur primair onderwijs; het toezicht op de rechtmatige verwerving en doelmatige en rechtmatige besteding van de middelen; het aanwijzen van de accountant als bedoeld in art. 393 lid 1 BW 2 titel 9; statuten Florente 23/04/2018 7 het jaarlijks afleggen van verantwoording over de uitvoering van de taken en de uitoefening van de bevoegdheden, zoals bedoeld onder a. tot en met d. van dit lid, in het jaarverslag; het vervullen van de werkgeversrol ten opzichte van de directeur-bestuurder; het toezien op de kwaliteit van het op de scholen van de stichting geboden onderwijs; periodieke evaluatie en beoordelen van het (onderling) functioneren van het bestuur.
Het dagelijks bestuur verschaft het algemeen bestuur tijdig de voor de uitoefening van hun taken noodzakelijke gegevens, onverminderd de eigen verantwoordelijkheid van het algemeen bestuur om alle informatie van het dagelijks bestuur te verlangen die zij nodig hebben om hun taken goed te kunnen uitoefenen. De leden van het algemeen bestuur waken tegen verstrengeling van hun persoonlijke of zakelijke belangen met de belangen van de stichting. 29
De leden van het algemeen bestuur handelen zonder last of ruggespraak. Formele informatie Het Algemeen bestuur heeft een formele rol (goedkeuren en vaststellen). Om deze rol uit te kunnen oefenen zijn bepaalde documenten benodigd (ter bespreking en oordeelsvorming en ter informatie):
Onderwerp
Minimale frequentie
Bron
Voorbereidende commissie of Algemeen bestuur
Governance Statuten Florente
Indien aan de Statuten orde
AB
Managementreglement
Indien aan de Statuten orde
AB
Strategisch beleidsplan
4-jaarlijks
Statuten
AB
Toezichtkader Florente
Indien aan de Statuten orde
AB
Reglement Auditcommissie
Indien aan de Verus orde
AC
Reglement Onderwijscommissie
Indien aan de Verus orde
Portefeuille houders O&K
Reglement Werkgeverscommissie
Inden aan de Verus orde
WC
Profiel Algemeen bestuur
Bij iedere benoeming
Statuten
WC
Aftreedrooster Algemeen bestuur
Bij elke Statuten benoeming of aftreding
WC
Honorering leden Algemeen bestuur
Indien aan de Statuten orde
WC
Procedure werving en selectie lid Algemeen bestuur
Indien aan de Statuten orde
WC
Profiel Dagelijks bestuur
Bij elke Statuten benoeming of aftreding
WC
Benoeming en ontslag leden Dagelijks bestuur
Bij elke Statuten benoeming of aftreding
WC
Verzoek van een lid van het Alg. bestuur om betaalde of onbetaalde nevenfunctie te mogen uitoefenen
Indien aan de Toezichtvisie orde
AB
30
Goedkeuren van een besluit tot statutenwijziging en ontbinding van de rechtspersoon of het aanvragen van faillissement of surseance van betaling
Indien aan de Statuten orde
AB
Begroting
Jaarlijks
Statuten
FC
Jaarrekening en jaarverslag
Jaarlijks
Statuten
AB
Het aangaan van geldleningen en/of kredietovereenkomsten ten Indien aan de Statuten behoeve en ten laste van de Stichting, tenzij voortvloeiend uit een orde vooraf goedgekeurde begroting en/of investeringsplan
FC
Het aangaan van andere verplichtingen, tenzij voortvloeiend uit een vooraf goedgekeurde begroting en/of een goedgekeurd investeringsplan
Indien aan de Statuten orde
FC
Contracteren van de accountant
5-jaarlijks
FC
Het aangaan of verbreken van een duurzame samenwerking, indien die van strategisch grote betekenis is voor de stichting
Indien aan de Statuten orde
Het goedkeuren van de organisatiestructuur van de stichting
Indien aan de Management AB orde reglement
Het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen
Indien aan de Statuten orde
AB
Het sluiten van overeenkomsten waarbij de Stichting zich als borg Indien aan de Statuten of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde orde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt, tenzij dit voortvloeit uit een vastgesteld beleidsplan
AB
Het realiseren van een deelneming van aanzienlijke omvang en/of Indien aan de Statuten van strategische grote betekenis voor de stichting orde
AB
Fusie
Indien aan de Statuten orde
AB
Indien aan de Statuten orde
AB
Een ingrijpende wijziging in de arbeidsomstandigheden van een Indien aan de Statuten aanmerkelijk aantal werknemers niet zijnde wijziging van de cao orde
AB
Klokkenluidersregeling / klachtenprotocol
AB
Financieel
Beleid Branchecode
AB
Medewerkers & Organisatie De beëindiging van de dienstbetrekking van een aanmerkelijk aantal werknemers tegelijkertijd of binnen een kort tijdsbestek
Informatieve onderwerpen
31
Indien aan de Branchecode orde
Specifieke onderwerpen en thema’s, die formeel niet hoeven te worden goedgekeurd door het Algemeen bestuur, maar waar het Algemeen bestuur wel kennis van wil nemen, zijn:
Onderwerp
Minimale frequentie
Voorbereidende commissie of Algemeen bestuur
4-jaarlijks
AB
Kwaliteit Implementatieplan Strategisch beleidsplan
Voortgang Strategisch beleidsplan (doelen, voortgang en effectiviteit, 4-maandelijks AB vertalen naar concrete sturing met behulp van kengetallen in de P&C-cyclus) Kwaliteit organisatie (monitoring middels kengetallen in P&C cyclus)
4-maandelijks AB
Onderwijskwaliteit (monitoring middels notities en rapporten, maar ook middels (integrale) kengetallen in P&C cyclus)
4-maandeljks
Portefeuille houders O&K
Besturingsmodel
Indien aan de orde
AB
Innovatie
Indien aan de orde
AB
IT beleid
Jaarlijks
AB
Onderwijsinnovatie
Jaarlijks
AB
Strategisch personeelsplan (vertaling strategisch bedrijfsplan, voortgang, effectiviteit, via P&C-cyclus)
4-jaarlijks
AB
Auditplan, managementletter en verslag bij jaarrekening accountant
Jaarlijks
FC
Controlplan en controlverslag controller
Jaarlijks
FC
P&C cyclus (monitoring voortgang strategie aan de hand van financiële cijfers, inhoudelijke indicatoren en kengetallen, risico’s, tekstuele toelichting op cijfers, toets en aanbevelingen van controller)
4-maandelijks AB
Financieel Allocatiemodel
Effectiviteit Rapportage ouder/leerling tevredenheid (met analyse en vervolg)
2-jaarlijks
AB
Rapportage Medewerkerstevredenheid (met analyse en vervolg)
2-jaarlijks
AB
Macro-doelmatigheid/samenstelling lesmateriaal portfolio (keuzes, criteria en weging, nieuw lesmateriaal en stoppen met leermethodes)
Jaarlijks
Portefeuille houders O&K
Voortgang samenwerkingsverbanden (middels P&C-cyclus)
4-maandelijks AB
Efficiency
32
Evaluatie samenwerkingsverbanden
Jaarlijks
AB
Wettelijke wijzigingen (scenario’s van gevolgen voor organisatie en onderwijs);
Indien aan de orde
Afhankelijk van het onderwerp
Risico’s (monitoring middels kengetallen in P&C-cyclus)
4-maandelijks AB
Toelichting op de financiële cijfers (trends, oorzaak, analyse, bijsturing)
4-maandelijks AB
Stakeholdermanagement (doelen en aanpak)
Jaarlijks
AB
Rapporten Inspectie van het Onderwijs
Indien aan de orde
AB
Huisvesting / grote investeringen (duidelijke besluitvorming op duidelijke momenten)
Indien aan de orde
AB
Procuratie- en mandaatregeling
Indien aan de orde
AB
Incidenten/calamiteiten
Indien aan de orde
AB
Contractbeheer
Jaarlijks
AB
Risicomanagement
Evaluatie De evaluatie van het functioneren van AB over 2020 wordt op 2 juni 2021 ten uitvoer gebracht. De reden dat dit pas later in het jaar plaats kan vinden ligt in het feit dat de evaluatie fysiek niet eerder mogelijk was in verband de corona richtlijnen en vanwege het feit dat verschillende leden nieuw zijn binnen het AB en de directeur bestuurder net een één volledig jaar werkzaam is binnen de stichting.
2.6 Risico’s en risicobeheersing Verbinding risico’s organisatie, onderwijs en financiën De corona crisis heeft veel gevraagd van de organisatie als geheel. We hebben dan ook zoveel mogelijk gestuurd op ‘Doe wat nu echt noodzakelijk is’. We hebben binnen de organisatie als geheel maar vooral binnen de scholen regelmatig stilgestaan bij het feit: Bepaal de nieuwe beginsituatie en ga daarvan werken. Het was al snel duidelijk dat we niet alles konden doen wat we in de planning hadden voor 2020. Keuzes maken was niet makkelijk en de situaties waar we voor kwamen te staan waren voor iedereen nieuw. Op organisatie vlak lopen we? het risico dat er roofbouw is gepleegd op verschillende mensen. Deze roofbouw zal zich richting het einde van de crisis gaan openbaren. We moeten ook waken voor het feit dat medewerkers het onderwijs gaan verlaten. We moeten scherp op het het welbevinden van iedereen. De werkdruk is hoog en daar moeten we vanuit het onderwijsbureau de scholen in coachen om daar goed mee om te gaan. Door het verloop en het tekort lopen we een financieel risico omdat we commerciële partijen moeten gebruiken voor leveren van invalkrachten. Invalkrachten voor korte maar ook langere periodes. Daarnaast zullen we rekening moeten houden met een hoge druk op onze eigen vervangingsbudget daar we eigen risico dragend zijn.
Door vooral het gebrek aan leerkrachten zal het langer duren voor opgelopen achterstanden zijn ingelopen. Continuïteit is daarbij het toverwoord. Kies voor meer extra kosten door een commerciële kracht langer voor de klas te houden of blijf je intern schuiven hetgeen weer nadelig is voor de opbrengsten. 33
We zullen moeten sturen op invalkrachten en werving en selectie nieuwe medewerkers. We zullen scholen continu moeten betrekken bij de ontwikkeling van kosten die we maken en gebruik moeten maken van flexibiliteit van medewerkers om extra te laten werken. Onzeker is en blijft of we openstaande vacatures op tijd kunnen invullen. Een deel van de subsidie ‘Extra handen in de klas’ is gereserveerd voor de werving en selectie. Kortom de combinatie tussen personeelstekorten, onderwijs achterstanden en hoge kosten inhuur externen is een soort vicieuze cirkel. Daar moeten we uit zien te komen. Dit zijn direct de grootste risico’s waar we op dit moment mee hebben te maken. - Bewaken financiële risico’s ligt primair bij de controller. - Bewaken ziekteverzuim en tekorten aan leerkrachten ligt primair bij manager HRM. en directeuren? - Bewaken onderwijsachterstanden ligt primair bij de directeur bestuurder. Samen als MAT nemen we de voorgenomen besluiten, stemmen dit af met de directeuren en de directeur bestuurder legt besluiten daarna vast. Tevens legt directeur bestuurder verantwoording af en of spart met het Algemeen bestuur. Risico is ook de beperkte kennis van directeuren ten aanzien van financiën. Deze beperkte kennis is wel groeiend maar als organisatie lopen we hierdoor risico om niet in control te zijn. Zoals al eerder aangegeven zijn dit jaar enkele zaken ge-insourced.
Het idee is dat het insourcen een meer directe sturing oplevert en het kostenbewustzijn wordt verhoogd. Nog steeds zijn diverse aangelegenheden in handen van derden waarbij de organisatie afhankelijk is van deze leveranciers, de lijnen langer zijn en niet altijd een even hoge kostenbewustzijn aanwezig is. Belangrijkste risico’s en onzekerheden: - Personeelstekort - Hoge kosten inhuur externen - Hoge kosten ziekteverzuim - Veel tijd en energie nodig voor wegwerken opgelopen onderwijs achterstanden - Hoge planlast in aanvraag subsidie en verantwoording subsidies - Reservering eigen risico onvoldoende - Duur van de pandemie - Onrust bij ouders en dus druk bij scholen Dit zijn de belangrijkste risico’s. Er zijn maatregelen genomen om deze risico’s te beperken. Ten aanzien van het personeelstekort is een recruitment bureau ingeschakeld teneinde de in 2021 ontstane vacatures te vervullen. Tevens is de begeleiding van het verzuim geïntensiveerd. Voor het wegwerken van achterstanden zijn aanvragen ingediend voor de diverse subsidies (wegwerken achterstanden en meer handen in de klas). Daarnaast zijn scholen bezig met het analyseren van de achterstanden op de diverse gebieden en het opstellen van een plan van aanpak in het kader van Nationaal Onderwijsplan.
34
3. Verantwoording financiën Staat van baten en lasten
realisatie 2020
begroting 2020
realisatie 2019
EUR
EUR
EUR
20.815.903 238.402 683.576
19.626.543 190.700 622.450
19.288.679 219.968 877.993
21.737.880
20.439.693
20.386.639
Personeelslasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige lasten
17.860.343 508.322 1.647.686 2.055.732
16.674.564 471.492 1.333.850 1.927.100
15.622.036 418.882 1.471.767 2.142.028
Totaal lasten
22.072.083
20.407.006
19.654.714
-334.203
32.687
731.926
Baten 3.1 Rijksbijdragen 3.2 Overige overheidsbijdragen en -subsidies 3.5 Overige baten Totaal baten Lasten 4.1 4.2 4.3 4.4
Saldo baten en lasten 6
Financiële baten en lasten Totaal resultaat
35
3 -334.200
32.687
15 731.941
Analyse financiële resultaten t.o.v de begroting Begroot resultaat 2020
32.687
Baten Hogere Rijksbijdragen Hogere overige overheidsbijdragen Hogere overige baten Hogere rentebaten
1.189.360 47.702 208.450 3
Hogere baten
1.445.514
Hogere personeelslasten Lagere afschrijvingen Hogere huisvestingslasten Hogere administratie en beheerslasten Hogere overige instellingslasten
1.185.779 36.830 313.836 105.670 180.607
Hogere lasten
1.822.722
Lagere ouderbijdragen Lagere uitgaven ouderbijdragen
-147.324 -157.645
Resultaat op ouderbijdrage Resultaat 2020
10.321 -334.200
Resultaat Er was een positief resultaat begroot van € 32.687. De realisatie is veel lager dan begroot. Dit heeft deels te maken met de nieuwe cao afspraken voor 2020 die niet in de begroting waren opgenomen. Vorig jaar is een bestemmingsreserve gevormd ad € 612.000 om het tekort te dekken. Daarnaast is een flinke dotatie aan de voorziening langdurig zieken én aan de onderhoudsvoorziening gedaan.
Meer rijksbijdragen De rijksbijdragen zijn hoger dan begroot. Deze hogere bijdragen kunnen als volgt worden verklaard:
Aanpassing bekostiging voor het komende als afgelopen schooljaar
654K
Hogere vergoeding vanuit SWV (o.m. door plusarrangementen)
98K
Hogere vergoeding groei, zij-instromers en inhaalprogramma welke te laag of niet was begroot
422K
36
Hogere vergoeding OAB middelen
15K
Totaal
1.189K
Meer gemeentelijke bijdragen De gemeentelijke bijdragen voor 2020 zijn hoger. Er is 48K meer aan subsidie ontvangen dan begroot. Meer personele lasten De personeelslasten zijn hoger dan begroot De lonen en salarissen zijn 939K hoger dan begroot als gevolg van de éénmalige uitkering aan het personeel in februari waarvoor in 2019 een vergoeding vanuit het rijk is ontvangen welke als bestemmingsreserve in de jaarrekening 2019 is opgenomen. Daarnaast is meer personeel aangetrokken als gevolg van groei van het leerlingenaantal. De overige personele lasten zijn 418K hoger dan begroot. Deze hogere lasten zit met name in de gedane dotatie voorziening langdurige zieken en inhuur derden welke noodzakelijk was voor de continuïteit van het onderwijs. Vervanging en vervullen van vacatures op regulier wijze is niet altijd mogelijk geweest. Meer afschrijvingslasten De afschrijvingslasten zijn lager uitgevallen dan begroot als gevolg van uitstel van investeringen in het verslagjaar. Meer huisvestingslasten De huisvestingslasten overschrijden zowel door het jaarlijks onderhoud aan gebouwen als de hogere noodzakelijke dotatie aan de onderhoudsvoorziening. Meer administratie-, adviseurs- en beheerslasten De hogere lasten zitten vooral in hogere lasten aan adviseurskosten. Het betreft advies inzake de nieuwbouwprojecten en rechtsbijstand. Daarnaast zijn de kosten aan contributies toegenomen.
Daarentegen zijn de administratiekosten afgenomen als gevolg van aanpassing van het contract van het administratiekantoor. Meer instellingslasten (waaronder leerlinggebonden kosten) Op leermiddelen, ICT en overige schoolgebonden kosten is over de hele linie meer uitgegeven dan begroot. Het aantal licenties op zowel de hard- als software zijn toegenomen waardoor hogere uitgaven. Deze trend zet in 2021 voort. Onder de instellingslasten vallen ook de besteding van de ouderbijdragen en de ouderbijdragen tso. Deze zijn lager dan begroot maar de inkomsten zijn ook lager dan begroot.
37
Analyse vorige verslagjaar versus huidige verslagjaar Resultaat 2019
731.941
Baten Hogere Rijksbijdragen Hogere overige overheidsbijdragen Lagere overige baten Lagere rentebaten
1.527.224 18.434 6.660 -13
Hogere baten
1.552.305
Hogere personeelslasten Hogere afschrijvingen Lagere huisvestingslasten Hogere administratie en beheerslasten Hogere overige instellingslasten
2.238.307 89.440 175.919 4.734 59.719
Hogere lasten
2.568.119
Lagere ouderbijdragen Lagere uitgaven ouderbijdragen
-201.077 -150.749
Resultaat 2020
-334.200
In vergelijking met het vorige verslagjaar zijn de baten toegenomen als gevolg van aanpassing van de personele bekostiging én de tussentijdse groei van het leerlingenaantal. Door de tussentijdse groei van het leerlingenaantal én de aanpassing van de cao zijn er hogere personeelslasten.
38
3.1 Ontwikkelingen in meerjarenperspectief
Uit deze cijfers blijkt dat Florente uitgaat van een stijgend leerlingenaantal. Door een toename van het leerlingaantal in nieuwbouwwijken zal het aantal per saldo toenemen.
Balans in meerjarig perspectief Activa Vaste Activa Materiële VA Financiële VA Totaal vaste activa Vlottende activa Vorderingen Liquide middelen Totaal vlottende activa Totaal activa
2019
2020
2021
2022
2023
2024
2025
2.032.561 104.250 2.136.811
1.979.999 101.550 2.081.549
2.372.932 101.550 2.474.482
2.313.344 101.550 2.414.894
2.268.522 53.658 2.322.180
1.996.526 53.658 2.050.184
1.633.308 53.658 1.686.966
1.949.816 1.313.136 3.262.951
1.358.717 2.094.403 3.453.119
1.358.717 2.086.306 3.445.023
1.358.717 1.982.207 3.345.611
1.358.717 2.658.882 4.022.286
1.358.717 3.199.161 4.562.564
1.358.717 3.576.749 4.940.152
5.399.762
5.534.668
5.919.506
5.760.505
6.344.465
6.612.748
6.627.119
Passiva Eigen vermogen Algemene Reserve Bestemmingsreserves Voorzieningen Langlopende schulden Kortlopende schulden
2019
2020
2021
2022
2023
2024
2025
1.402.294 737.300 1.164.829 70.331 2.025.007
1.588.327 217.067 1.407.439 65.643 2.256.192
1.670.949 217.067 1.321.408 60.956 2.649.125
1.683.568 217.067 1.209.377 56.269 2.594.223
1.950.563 217.067 1.571.164 51.582 2.554.088
2.172.169 217.067 1.889.837 46.895 2.286.780
2.389.178 217.067 2.050.416 42.208 1.928.249
Totaal passiva
5.399.762
5.534.668
5.919.505
5.760.504
6.344.465
6.612.748
6.627.118
Deze balans komt tot stand door het resultaat, zoals dit uit de meerjarenbegroting blijkt, toe te voegen aan het eigen vermogen. Daarnaast wordt rekening gehouden met de geplande investeringen en afschrijvingen volgens de meerjaren investeringsbegroting en de dotaties en onttrekkingen aan de onderhoudsvoorziening volgens het meerjaren onderhoudsplan. De meerjaren investeringsbegroting komt in nauwe samenspraak met de directeuren tot stand. De investeringen zijn in dit verslagjaar achtergebleven als gevolg van uitstel van investeringen. Voor de komende jaren worden meer investeringen verwacht. De bestemmingsreserve die onder andere bestaat uit de vooruitontvangen bekostiging vanuit het rijk in 2019, neemt in 2020 af door de verhoogde loonkosten. Hiermee worden ook de liquide middelen minder. De liquide middelen namen in 2020 toe door de uitbetaling van de transitievergoedingen door het UWV.
39
Kengetallen Kengetallen/signaleringswaarde
2019
2020
2021
2022
2023
2024
solvabiliteit2 <0,30
EV+VZ/balanstotaal
0,61
0,58
0,54
0,54
0,59
0,65
0,70
Liquiditeit< 0,75
VLA / Kschulden
1,61
1,53
1,30
1,29
1,57
2,00
2,56
Huisvestingsratio >0,10
Huisv.lst.+afsch geb/TL
0,07
0,07
0,08
0,08
0,08
0,07
0,07
Weerstandsverm<0,05
Eigen vermogen/totale baten
0,10
0,08
0,09
0,09
0,10
0,10
0,11
Rentabiliteit
Exploitatieresultaat/totale baten
0,04
-0,02
0,00
0,00
0,01
0,01
0,01
Bovenmatig vermogen <1
2025
2020
feitelijk vermogen
1.588.327
normatief vermogen
3.126.600
ratio eigen vermogen
0,51
Solvabiliteit De solvabiliteit geeft aan op welke wijze de bezittingen zijn gefinancierd. We onderscheiden solvabiliteit 1 en 2. Bij de bepaling van solvabiliteit 2 zijn de voorzieningen opgeteld bij het eigen vermogen en zo samen afgezet tegen vreemd vermogen. De solvabiliteitsratio is in 2020 gedaald ten opzichte van vorig jaar. Deze daling is als gevolg van de gehele afname van de bestemmingsreserve publiek die eind 2019 was gevormd voor de vooruitontvangen gelden voor de in februari 2020 uit te betalen nieuwe cao-afspraken. De ratio is echter nog steeds ruim boven de genoemde norm. Liquiditeit De liquiditeit geeft aan in hoeverre op korte termijn aan de betalingsverplichtingen kan worden voldaan. Een liquiditeit groter dan 1 wordt doorgaans gekwalificeerd als voldoende, omdat dan tegenover de snel vervallende schulden ten minste evenveel vlottende activa staan. Voor de stichting bedraagt de liquiditeit eind 2020 1,53 (2019: 1,61). Huisvesting Ratio De huisvesting ratio geeft aan welk deel van de totale lasten aan huisvesting besteed wordt. Voor 2020 is dat 7% en dat ligt in lijn met voorgaande jaren. Rentabiliteit De rentabiliteit heeft betrekking op het financiële rendement van de organisatie en geeft aan of er sprake is van een positief dan wel een negatief bedrijfsresultaat. Omdat het onderwijs geen winstoogmerk heeft, is een rentabiliteit van 0% gemiddeld acceptabel.
De rentabiliteit van de stichting is voor 2020 negatief. Bovenmatig vermogen De ratio bovenmatig vermogen is de verhouding van het eigen publiek vermogen in verhouding tot het normatief vermogen. Deze ratio mag niet hoger zijn dan 1. Het normatief vermogen wordt berekend aan de hand van 0,5 van de aanschafwaarde gebouwen maal de bouwkostenindex en daarbij opgeteld de boekwaarde van de resterende materiële vaste activa plus 5% van de totale baten. Deze ratio is nieuw en is in dit verslagjaar voor het eerst opgenomen.
40
Meerjarenbegroting
Baten Rijksvergoedingen Overige overheidsbijdragen Overige baten Totaal baten
realisatie 2019 19.288.679 219.968 877.993 20.386.639
realisatie 2020 20.815.903 238.402 683.576 21.737.880
Lasten Personeels lasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige lasten Totaal lasten
2019 15.622.036 418.882 1.471.767 2.142.028 19.654.714
2020 17.860.343 508.322 1.647.686 2.055.732 22.072.083
1.918.545
1.919.545
21.990.279
22.189.436
82.622
12.619
266.996
221.606
-
-
-
-
-
82.622
12.619
266.996
221.606
217.009
Saldo baten en lasten
731.926
-334.203
Financiële baten
15
3
Totaal resultaat
731.941
-334.200
begroting 2021
begroting 2022
begroting 2023
begroting 2024
begroting 2025
21.130.978
21.316.491
21.866.393
22.487.278
22.462.594
227.580
227.580
227.580
227.580
227.580
714.343
657.984
643.529
643.529
643.029
22.072.901
22.202.055
22.737.502 23.358.387 23.333.203
2021
2022
2023
2024
2025
17.904.171
18.099.201
18.324.020
18.999.023
19.080.460
488.049
486.175
525.926
505.698
446.204
1.679.515
1.684.515
1.694.515
1.699.515
1.674.652
1.926.045
1.932.545
1.914.878
22.470.506 23.136.781 23.116.194 217.009
In deze meerjarenbegroting is rekening gehouden met de groei van het leerlingenaantal. Op 1 oktober 2020 bedroeg het leerlingenaantal 3380 en in deze meerjarenbegroting wordt uitgegaan van 3796 leerlingen op 1 oktober 2024. Meer leerlingen zal leiden tot hogere personeelskosten. Voor de komende jaren wordt een sluitende begroting verwacht waardoor het eigen vermogen kan toenemen. Gezien de grootte van de organisatie is dit noodzakelijk teneinde risico’s te kunnen opvangen.
41
Jaarrekening 2020 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling Algemeen De grondslagen van waardering en resultaatbepaling zijn conform de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de stellige uitspraken van de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving in RJ660, die uitgegeven zijn door de Raad voor de Jaarverslaggeving. Deze bepalingen zijn van toepassing op grond van de Regeling Jaarverslaggeving Onderwijs. De jaarrekening is opgesteld in euro's. Activa en passiva worden in het algemeen gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Indien geen specifieke waarderingsgrondslag is vermeld, vindt waardering plaats tegen de verkrijgingsprijs. In de balans, de staat van baten en lasten en het kasstroomoverzicht zijn referenties opgenomen. Met deze referenties wordt verwezen naar de toelichting. Vergelijking met voorgaand jaar De grondslagen voor waardering van activa, passiva en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd ten opzichte van voorgaand jaar, met uitzondering van de waardering van de voorzieningen. Hiervoor wordt verwezen naar de desbetreffende beschrijving. Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs plus bijkomende kosten of de vervaardigingsprijs, verminderd met de afschrijvingen. De afschrijvingen vinden lineair en naar tijdsgelang plaats op basis van de verwachte toekomstige gebruiksduur.
Onderstaand worden de afschrijvingstermijnen per categorie weergegeven. Tevens zijn de activeringsgrenzen vermeld. Afschrijvingspercentage per jaar
Activeringsgrens in €
Verbouwingen
10%
500
Installaties
10%
500
Inventaris en apparatuur
5%
500
Meubilair
5%
500
Meubilair
6,67%
500
Kantoormeubilair
8,33%
500
Schoolmeubilair
8,33%
500
Onderwijsapparatuur
12,5%
500
Leermiddelen
12,5%
500
ICT
20%
500
Overige investeringen
20%
500
Categorie
42
De gebouwen en terreinen worden opgenomen indien sprake is van economisch eigendom. Vlottende activa Vorderingen Vorderingen worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde van de tegenprestatie. Voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de vordering. Liquide middelen Liquide middelen bestaan uit kas, banktegoeden en deposito's met een looptijd korter dan 12 maanden. Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de algemene reserve, de private reserve en bestemmingsreserves. De bestemmingsreserves zijn reserves met een beperktere bestedingsmogelijkheid, welke door het bestuur is aangebracht. De private reserve geeft het vermogen weer, dat is opgebouwd uit gelden van ouders. Voorzieningen Algemeen Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan, waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen af te wikkelen, tenzij anders vermeld. Voorzieningen worden onderscheiden naar aard en doel.
Toevoegingen aan de voorzieningen vinden plaats door dotaties ten laste van de staat van baten en lasten. De onttrekkingen vinden rechtstreeks plaats ten laste van de betreffende voorziening. Voorziening groot onderhoud Voor uitgaven voor groot onderhoud wordt een voorziening gevormd om deze lasten gelijkmatig te verdelen over een aantal boekjaren. In afwijking van hoofdstuk 212 Materiële vast activa, paragraaf 4, alinea 451, van de richtlijnen is het voor onderwijsinstellingen voor de boekjaren 2018, 2019 en 2020 toegestaan de jaarlijkse toevoegingen aan de voorziening voor groot onderhoud te bepalen op basis van het voorgenomen groot onderhoud gedurende de gehele planperiode van het groot onderhoud op het niveau van het onderwijspand gedeeld door het aantal jaren waaruit deze planperiode bestaat, voor zover deze methode reeds in 2017 werd toegepast en indien is gewaarborgd dat de voorziening voor groot onderhoud gedurende planperiode niet op enig moment negatief wordt. Stichting Florente maakt gebruik van deze overgangsregeling zoals verwoord in RJO artikel 4 lid 1c. Pensioenvoorziening De stichting heeft een pensioenregeling. De regeling wordt gefinancierd door afdrachten aan het bedrijfstakpensioenfonds. De pensioenverplichtingen worden gewaardeerd volgens de "verplichting aan de pensioenuitvoerder benadering".
In deze benadering wordt de aan de pensioenuitvoerder te betalen premie als last in de staat van baten en lasten verantwoord. Aan de hand van de uitvoeringsovereenkomst wordt beoordeeld of en zo ja welke verplichtingen naast de betaling van de jaarlijkse aan de pensioenuitvoerder verschuldigde premie op balansdatum bestaan. Deze additionele verplichtingen, waaronder eventuele verplichtingen uit herstelplannen van de pensioenuitvoerder, leiden tot lasten voor de stichting en worden in de balans opgenomen in een voorziening.
43
De stichting heeft de pensioenen ondergebracht bij de Stichting Pensioenfonds ABP (het bedrijfstakpensioenfonds voor overheid en onderwijs). Daarbij worden de opgebouwde aanspraken steeds in het betreffende kalenderjaar gefinancierd door middel van kostendekkende premiebetalingen. De dekkingsgraad van het betrokken bedrijfstakpensioenfonds bedraagt ultimo 2020 volgens opgave van het fonds 86,7%. Op basis van de uitvoeringsovereenkomst heeft de Stichting geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen anders dan de toekomstige premies. Voorziening jubilea De voorziening jubilea is opgenomen tegen een vast bedrag van € 900 per fte per balansdatum. Voorziening langdurig zieken In deze voorziening zijn de loondoorbetalingsverplichtingen opgenomen van medewerkers die al langer ziek zijn met als peildatum 31-12-2020 en waarvan niet aannemelijk is dat ze nog terug zullen keren in arbeidsproces. Lang- en kortlopende schulden Lang- en kortlopende schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Baten en lasten Het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de baten en lasten over het verslagjaar, met inachtneming van de hiervoor reeds vermelde waarderingsgrondslagen. Per school worden de baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben.
Lasten en risico's die hun oorsprong vinden vóór het einde van het verslagjaar, zijn in acht genomen mits van wezensaard als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Het resultaat van de staat van baten en lasten wordt toegevoegd aan de (bestemde) reserve(s) die door het bestuur zijn bepaald. Rijksbijdragen Rijksbijdragen worden als baten verantwoord in de staat van baten en lasten in het jaar waarop de toekenning betrekking heeft. Afschrijvingen op materiële vaste activa Materiële vaste activa worden vanaf het moment van ingebruikneming afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur van het actief. Over terreinen en vastgoedbeleggingen wordt niet afgeschreven. Indien een schattingswijziging plaatsvindt van de economische levensduur, dan worden de toekomstige afschrijvingen aangepast. Personeelsbeloningen Lonen, salarissen en sociale lasten worden op grond van de arbeidsvoorwaarden verwerkt in de staat van baten en lasten voor zover ze verschuldigd zijn aan werknemers. Financiële baten en lasten Rentebaten en bankkosten Rentebaten en bankkosten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de betreffende activa en passiva.
44
Toelichting kasstroomoverzicht Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. Bij de indirecte methode wordt het resultaat als basis genomen. Dit overzicht geeft weer waaraan de in de verslagperiode beschikbaar gekomen gelden zijn besteed. In samenhang met de balans en de staat van baten en lasten moet het kasstroomoverzicht bijdragen aan het inzicht in de financiering, de liquiditeit, de solvabiliteit en het vermogen van de instelling om geldstromen te genereren.
45
Balans per 31 december 2020
1
31 december 2020
31 december 2019
EUR
EUR
Activa
1.1 Vaste activa 1.1.2 Materiële vaste activa 1.1.3 Financiële vaste activa
1.979.999 101.550
2.032.561 104.250 2.081.549
1.2 Vlottende activa 1.2.2 Vorderingen 1.2.4 Liquide middelen
1.358.717 2.094.403
Totaal activa 2
2.136.811
1.949.816 1.313.136 3.453.119
3.262.951
5.534.668
5.399.762
Passiva
2.1.1 Eigen vermogen 2.2.1 Voorzieningen personeel 2.2.3 Voorziening groot onderhoud 2.3.6 Langlopende schulden 2.4 Kortlopende schulden
Totaal passiva
1.805.395 488.287 919.152 65.643 2.256.192
2.139.595 310.824 854.004 70.331 2.025.007
5.534.668
5.399.763
Bij de vaste activa is sprake van een lichte afname als gevolg van uitgestelde investeringen. De vlottende activa zijn toegenomen door een toename van de liquide middelen als gevolg van onder meer de geïnde vordering op UWV en een afname van de vorderingen. Als gevolg van het negatief resultaat van dit boekjaar is het eigen vermogen afgenomen. Daarentegen is de voorziening personeel toegenomen door een hogere voorziening voor langdurige zieken.
46
Staat van baten en lasten 2020
realisatie 2020
begroting 2020
realisatie 2019
EUR
EUR
EUR
20.815.903 238.402 683.576
19.626.543 190.700 622.450
19.288.679 219.968 877.993
21.737.880
20.439.693
20.386.639
Personeelslasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige lasten
17.860.343 508.322 1.647.686 2.055.732
16.674.564 471.492 1.333.850 1.927.100
15.622.036 418.882 1.471.767 2.142.028
Totaal lasten
22.072.083
20.407.006
19.654.714
-334.203
32.687
731.926
Baten 3.1 Rijksbijdragen 3.2 Overige overheidsbijdragen en -subsidies 3.5 Overige baten Totaal baten Lasten 4.1 4.2 4.3 4.4
Saldo baten en lasten 6
Financiële baten en lasten Totaal resultaat
47
3 -334.200
32.687
15 731.941
Kasstroomoverzicht over 2020
Kasstroom uit operationele activiteiten Saldo baten en lasten Aanpassingen voor: Afschrijvingen Afschrijvingen op desinvesteringen Mutaties voorzieningen Verandering in vlottende middelen Vorderingen Vordering UWV Schulden Totaal kasstroom uit bedrijfsoperaties
Mutatie liquide middelen
48
EUR
731.926
458.784
418.882
-70.101 242.608
56.643
591.100
-418.632
0 231.184
Kasstroom uit operationele activiteiten
Kasstroom uit financieringsactiviteiten Nieuw opgenomen lening Aflossing langlopende lening Kasstroom uit financieringsactiviteiten
2019
EUR
-334.203
Ontvangen interest
Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen materiële vaste activa Investeringen financiele vaste activa Desinvesteringen materiele vaste activa Kasstroom uit investeringsactiviteiten
2020
-62.004 1.119.373
726.815
3
15
1.119.377
726.831
454.593
484.693
-2.700
4.200
-118.472 -333.421
-
-488.893
-
-4.689
-4.689 -4.689
-4.689
781.267
233.249
Toelichting op de onderscheiden posten van de balans
49
1.1.3 Financiële vaste activa
1.2.2
1.2.2.1 1.2.2.2 1.2.2.3 1.2.2.7 1.2.2.12 1.2.2.16
1.2.2.6 1.2.2.7
Vorderingen
Debiteuren OCW Overige overheden Overige vorderingen Overlopende activa Af: voorziening wegens oninbare vorderingen
Overige vorderingen Personeel Overige vorderingen Vordering UWV Overige vorderingen
Overlopende activa 1.2.2.12 Vooruitbetaalde kosten 1.2.2.15 Overige overlopende activa Overlopende activa Voorzieninge wegens oninbare vorderingen Saldo per 1 januari Onttrekking Dotatie Saldo per 31 december 1.2.4
1.2.4.1 1.2.4.2
50
31-12-2020
31-12-2019
EUR
EUR
55.302 959.887 6.869 48.789 287.869 1.358.717
191.353 873.138 1.136 506.033 384.865 -6.710 1.949.816
897 47.892 48.789
5.291 120.997 379.745 506.033
287.869 287.869
384.865 384.865
6.710 -6.710 -
36.840 30.130 6.710
31-12-2020
31-12-2019
Liquide middelen
Kasmiddelen Tegoeden op bank- en girorekeningen Totaal liquide middelen
EUR
EUR
500 2.093.902 2.094.403
480 1.312.656 1.313.136
2.1
Eigen vermogen Saldo 1-1-2019
2.1.1.1 2.1.1.2 2.1.1.3
Algemene reserves Bestemmingsreserve publiek Bestemmingsreserve privaat Eigen vermogen
Bestemming resultaat
Overige mutaties
Saldo Bestemming 31-12-2019 resultaat
Overige mutaties
Saldo 31-12-2020
EUR
EUR
EUR
EUR
EUR
EUR
EUR
1.002.947 404.707 1.407.654
111.621 612.000 8.319 731.940
287.726 -287.726 -
1.402.294 612.000 125.300 2.139.594
277.800 -612.000 -334.200
-91.767 91.767 -
1.588.327 217.067 1.805.394
334.199,90
Bestemmingsreserve publiek Bestemmingsreserve vooruitontvangen RV Reserve nulmeting Bestemmingsreserve publiek
612.000 612.000
-612.000 -612.000
-
-
Bestemmingsreserve privaat Reserve privaat Bestemmingsreserve privaat
125.300 125.300
91.767 91.767
-
217.067 217.067
De bestemmingsreserve publiek is opgebouwd uit de vooruitontvangen Rijksbijdragen in 2019. Deze hebben gediend ter dekking van de extra loonkosten in 2020 die voortvloeien uit de nieuwe cao. De private reserve geeft het vermogen weer, dat is opgebouwd uit bijdrage van ouders. De private reserve was in 2019 afgenomen door het besluit de middelen vanuit de overblijfgelden tot en met 2018 en de niet bestede ouderbijdrage uit de jaren tot 2015 ten gunste te laten vallen aan de algemene reserve. Het besluit ten aanzien van de niet bestede ouderbijdrage is teruggedraaid. Het besluit inzake niet bestede overblijf middelen is niet teruggedraaid aangezien de oorzaak is gelegen in het niet belasten van deze activiteit voor algemene en personele kosten. Het ligt in de rede dat dat wel had moeten plaatsvinden. De niet bestede ouderbijdrage komen ten gunste van de ouderraden en derhalve het private vermogen. 2.2
Voorzieningen
2.2.1 2.2.1.4 2.2.1.6
Personeelsvoorzieningen Jubileumvoorziening Langdurig zieken
2.2.3
Overige voorzieningen Planmatig onderhoud
Saldo 1-1-2020
Dotaties 2020
Vrijval 2020
Onttrekk. 2020
Saldo 31-12-2020 Kortlopend Langlopend
EUR
EUR
EUR
EUR
EUR deel < 1 jaar deel > j jaar
200.246 110.578 310.824
45.000 247.351 292.351
7.872 7.872
20.507 86.509 107.016
216.867 271.420 488.287
55.800 179.862 235.662
161.067 91.557 252.624
216.867 271.420 488.287
854.004 1.475.652
518.000 1.102.701
15.744
452.852 666.884
919.152 1.895.725
285.000 756.324
446.152 951.401
731.152 1.707.725
Totaal
Dit betreft een lening van de Gemeente Diemen ter financiering van zonnepanelen. De lening heeft een looptijd van 20 jaar en is rentevrij door de gemeente verstrekt in het kader van een duurzaamheidsprogramma van de gemeente.
51
52
Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen Subsidie zonnepanelen Voor een drietal scholen is aan Florente een subsidie toegekend door de Rijksdienst van Ondernemend Nederland. Het betreft de volgende scholen met de volgende looptijden: ! Noorderbreedte looptijd 1 oktober 2014 tot en met 30 september 2029 ! Kersenboom looptijd 1 april 2020 tot en met 31 maart 2035 ! Weesperrijk looptijd 1 november 2020 tot en met 31 oktober 2035. Snappet Drie scholen van de stichting Florente zijn in resp. 2014, 2015 en 2016 een contract voor onbepaalde tijd aangegaan met Stichting Snappet. De school gebruikt door Snappet ontwikkelde onderwijsapplicatie en neemt in dit verband ook tablets en aanverwante hardware af. Vooraf is een borgsom aan Snappet verstrekt, die is opgenomen onder de financiële vaste activa. Per leerling en per leerkracht wordt een bedrag van € 30 (bij de Terp per leerling € 40) per jaar voor activeringskosten berekend. Daarnaast worden de gebruikte licenties per leerling en per leerkracht in rekening gebracht. Daartoe is geen verplichting opgenomen en dit wordt jaarlijks bekeken. DIZ In deze jaarrekening is geen voorziening voor Duurzame Inzetbaarheid opgenomen, omdat dit via de exploitatie verloopt. Kopieermachines In 2019 is voor 30 maanden een contract aangegaan voor de kopieerapparatuur op de scholen. Dit contract loopt in 2021 af.
53
Model G Verantwoording subsidies
G2A en G2B Niet van toepassing
54
Toelichting op de onderscheiden posten van de staat van baten en lasten
55
Lasten
gerealiseerd 2020
begroot 2020
gerealiseerd 2019
EUR
EUR
EUR
Personeelslasten Lonen en salarissen Overige personele lasten Af: uitkeringen Personeelslasten
16.526.377 1.505.141 -171.175 17.860.343
15.586.964 1.087.600 16.674.564
14.743.816 1.278.007 -399.787 15.622.036
4.1.1 Lonen en salarissen 4.1.1.1 Bruto lonen en salarissen 4.1.1.2 Sociale lasten 4.1.1.3 Premies Participatiefonds 4.1.1.4 Premies Vervangingsfonds 4.1.1.3 Pensioenlasten 4.1.1 Lonen en salarissen
13.443.348 813.011 450.600 23.785 1.795.633 16.526.377
15.586.964 -
15.586.964
11.917.892 1.124.648 390.182 21.969 1.701.276 14.743.816
4.1.2 Overige personele lasten 4.1.2.1 Dotaties personele voorzieningen 4.1.2.2 Personeel niet in loondienst 4.1.2.3 Overig Overige personele lasten
284.479 755.523 465.140 1.505.141
45.000 410.800 631.800 1.087.600
141.515 615.747 520.745 1.278.007
4.1.3 Ontvangen vergoedingen 4.1.3.2 Ontvangen vergoeding vervangingsfonds 4.1.3.3 Overige uitkeringen Ontvangen vergoedingen
-171.175 -171.175
-
-1.321 -398.465 -399.787
508.322 508.322
471.492 471.492
418.882 418.882
4.1 4.1.1 4.1.2 4.1.3
4.2 4.2.2
56
Afschrijvingen Materiële vaste activa Afschrijvingen
Voorstel resultaatbestemming Het exploitatieresultaat volgens de staat van baten en lasten over 2020 bedraagt negatief Het resultaat wordt als volgt aan het eigen vermogen toegevoegd: Algemene reserve Reserve publiek Reserve privaat
57
277.800 -612.000 0 -334.200
-€!334.200
Gebeurtenissen na balansdatum De Corona crisis Eind 2020 was een tweede Lock down. Op 8 februari 2021 mochten de scholen weer open. Het opengaan van deze scholen vond onder strikte voorwaarden plaats. Als gevolg van deze strikte werd veelal live-onderwijs afgewisseld met digitaal onderwijs. Tegelijkertijd werden inhaalprogramma's opgesteld voor het wegwerken van achterstanden. Voor het wegwerken van achterstanden c.q. extra handen in de klas is subsidie aangevraagd en toegekend. Door deze extra middelen konden de activiteiten worden uitgevoerd. Daarnaast is in 2021 vooruitlopend op de door de overheid beschikbaar gestelde zelftesten, zelftesten voor medewerkers ingevoerd zodat snel gesignaleerd kan worden of de medewerkers positief c.q. negatief zijn. Het bieden van deze mogelijkheid is om medewerkers “enige” zekerheid te geven in deze onzekere periode. Verplichte toelichting Overzicht verbonden partijen: geen Wet Normering bezoldiging topfunctionarissen De WNT is van toepassing op Florente basisscholen. Het voor Florente basisscholen toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2020 € € 143.0001 (bezoldigingsklasse C) Het bezoldigingsmaximum is als volgt bepaald:
1. Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling inclusief degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt3
58
Model 1a Gegevens 2020 bedragen x € 1 Functiegegevens
H. Ploeg 5
Directeur-bestuurder
Aanvang6 en einde functievervulling in 2020
01/02 – 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)7
1,0
Dienstbetrekking?8
ja
Bezoldiging9 Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
96.738
Beloningen betaalbaar op termijn
16.649
Subtotaal
113.387
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum10
130.888
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag11
N.v.t.
Bezoldiging
113.387
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan12 Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling13
N.v.t
N.v.t.
N.v.t
Gegevens 201914 bedragen x € 1 Functiegegevens
J. Boomsma 5
Directeur bestuurder
Aanvang en einde functievervulling in 2019
01/01 – 30/09
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)7 Dienstbetrekking?8
0,85 ja
Bezoldiging9 Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn
10.840
Subtotaal
81.298
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum10
87.975
Bezoldiging
81.298
59
70458
Model 1b. . Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 t/m 121 bedragen x € 1 Functiegegevens Kalenderjaar4
R. Niehe 3
Periode functievervulling in het kalenderjaar (aanvang – einde) Aantal kalendermaanden functievervulling in het kalenderjaar 5
Interim bestuurder 2020
2019
01-01 – 31/01
01/10 – 31/12
1
3
125
288
€!193
€!187
26.800
77.700
Omvang van het dienstverband in uren per kalenderjaar6 Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Maximum uurtarief in het kalenderjaar7 Maxima op basis van de normbedragen per maand8 Individueel toepasselijke maximum gehele periode kalendermaand 1 t/m 129
€!104.500
Bezoldiging (alle bedragen exclusief btw) Werkelijk uurtarief lager dan het maximum uurtarief?10 Bezoldiging in de betreffende periode Bezoldiging gehele periode kalendermaand 1 t/m 12 11
Ja €!15.600 €!69.481
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag12 Bezoldiging Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan13 Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling14
60
€!53.856
N.v.t. € 69.481
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t
Vermelding gegevens van eenieder van wie de bezoldiging de norm te boven gaat (WNT 4.2) N.v.t. Gegevens over de rechtspersoon
61
Getekend: Hans Ploeg ctm salc Directeur bestuurder
……………………………………………………………..
L.P. Lentz Voorzitter
………………………………………………………………
M. Bruins
…………………………………………………………..
T. Kuipers
……………………………………………………………
W. El Yandouzi
………………………………………………………….
W. Theijs
………………………………………………………….
E. van den Tol
………………………………………………………….
62
Aan het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur van Stichting Florente Sportlaan 2-A 1111 PX Diemen
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant A. Verklaring over de in het jaarverslag opgenomen jaarrekening 2020 Ons oordeel Wij hebben de jaarrekening 2020 van Stichting Florente te Diemen gecontroleerd. Naar ons oordeel:
· ·
geeft de in het jaarverslag opgenomen jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van het vermogen van Stichting Florente op 31 december 2020 en van het resultaat over 2020 in overeenstemming met de Regeling jaarverslaggeving onderwijs; zijn de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2020 in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand gekomen in overeenstemming met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in paragraaf 2.3.1. Referentiekader van het Onderwijsaccountantsprotocol OCW 2020.
De jaarrekening bestaat uit:
· · ·
de balans per 31 december 2020; de staat van baten en lasten over 2020; en de toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen.
De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens het Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden en het Onderwijsaccountantsprotocol OCW 2020 vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’. Wij zijn onafhankelijk van Stichting Florente, zoals vereist in de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met het Controleprotocol WNT 2020 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6a WNT en artikel 5, lid 1 sub j Uitvoeringsregeling WNT, niet gecontroleerd. Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNT-plichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is.
B. Verklaring over de in het jaarverslag opgenomen andere informatie Naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij, omvat het jaarverslag andere informatie, die bestaat uit:
· ·
het bestuursverslag; de overige gegevens.
63
Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie:
· ·
met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat; alle informatie bevat die op grond van de Regeling jaarverslaggeving onderwijs en op grond van de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in paragraaf '2.2.2. Bestuursverslag' van het Onderwijsaccountantsprotocol OCW 2020 is vereist.
Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in de Regeling jaarverslaggeving onderwijs, paragraaf 2.2.2. Bestuursverslag van het Onderwijsaccountantsprotocol OCW 2020 en de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening. Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het bestuursverslag en de overige gegevens in overeenstemming met de Regeling jaarverslaggeving onderwijs en met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in paragraaf '2.2.2. Bestuursverslag' van het Onderwijsaccountantsprotocol OCW 2020.
C. Beschrijving van verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening Verantwoordelijkheden van het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur voor de jaarrekening Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor het opmaken en getrouw weergeven van de jaarrekening, in overeenstemming met de Regeling jaarverslaggeving onderwijs. Het dagelijks bestuur is ook verantwoordelijk voor het rechtmatig tot stand komen van de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties, in overeenstemming met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in paragraaf '2.3.1. Referentiekader' van het Onderwijsaccountantsprotocol OCW 2020. In dit kader is het dagelijks bestuur tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het dagelijks bestuur noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening en de naleving van die relevante wet- en regelgeving mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude. Bij het opmaken van de jaarrekening moet het dagelijks bestuur afwegen of de onderwijsinstelling in staat is om haar activiteiten in continuïteit voort te zetten.
Op grond van genoemde verslaggevingsstelsel moet het dagelijks bestuur de jaarrekening opmaken op basis van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het dagelijks bestuur het voornemen heeft om de onderwijsinstelling te liquideren of de activiteiten te beëindigen of als beëindiging het enige realistische alternatief is. Het dagelijks bestuur moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de onderwijsinstelling haar activiteiten in continuïteit kan voortzetten toelichten in de jaarrekening. Het algemeen bestuur is verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving van de onderwijsinstelling. Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht, dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle materiële fouten en fraude ontdekken. Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fouten of fraude en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen.