CConstaterende datDeventer
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-05-21 Transcript raadsvergadering Gemeenteraad Deventer 21 mei 2025

Raadsvergadering 21 mei 2025, gemeente Deventer24.026 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Wat denkt de SP dat er gebeurt, stel we besluiten wel om een warmtebedrijf op te zetten vanavond, wat er gebeurt als we in een volgend raadsbesluit besluiten om te stoppen met de volgende fase, of in ieder geval de volgende fase van het warmtenet niet door te laten gaan? Want eigenlijk is dat wat dit amendement vraagt. Even een pauzeknop om dat warmtebedrijf pas op

20 te richten als we doorgaan met die volgende fase van het warmtenet. Dat betekent dat er nu een half jaar niks gebeurt, dat er geen oprichting is. Betekent ook dat er straks wel kabels worden gegraven, maar dat er geen administratief systeem is. Dat als iemand die wil afsluiten, een contract wil afsluiten die niemand aan de lijn krijgt, dat er geen website is. Dus zou de SP daar eens op willen reflecteren, wat dat betekent? Of is daar helemaal niet over nagedacht? De voorzitter: De heer De Kok. De heer De Kok: Daar is zeker over nagevraagd. Dank voor je uitgebreide toelichting. Wat ons betreft is dit inderdaad toch een soort van pauzeknop. Dat is het korte antwoord. En inderdaad, dat daar vervolgens wat dingen later gebeuren dan wat nu gepland is, dat … De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: En dan is natuurlijk de logische vervolgvraag, wat zijn de gevolgen van de pauzeknop van de SP? De voorzitter: De heer De Kok. De heer De Kok: Als ik heel eerlijk ben, hopen we dat het hele warmtenet dan niet doorgaat. Maar … De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Kijk. Dank, voorzitter. Wordt het toch nog leuk. De aap komt uit de mouw. Ik ken het standpunt van de SP. Mijn fractie is het eens met de zorgen van de SP. Voelt die zorgen ook, heeft bepaalde veiligheidskleppen kleppen ingebouwd. Gelukkig zijn die er. Maar als de SP er echt geen ..

in zit, dan zou ik tegenstemmen. Maar goed, ik ben geen SP'er. De voorzitter: De heer Van den Nieuwenhof. De heer Van den Nieuwenhof: Ik had een vraag aan de indiener, de heer De Kok. Kan je beter dit niet aanhouden en wachten op het derde kwartaal en dan opnieuw indienen? Dat lijkt me veel beter. De voorzitter: Pauzeknop voor het amendement. Mijnheer De Kok. De heer De Kok: Nee, dat lijkt me niet zo'n fijn voorstel. De voorzitter: Ik stel voor dat we het college vragen hoe die aankijken tegen dit amendement. Wethouder Van Essen. Wethouder Van Essen: Voorzitter, ik denk dat er met dit amendement een paar haltes uit het verleden en een paar haltes in de toekomst worden gemist. De raad heeft in 2023 in juli de projectexploitatie al vastgesteld voor het Slim Warmtenet, dus dit amendement gaat ervan uit dat dat nog gebeurt, maar dat is in 2023 al gebeurd. Vorig jaar heeft u ook voor een gedeelte alle krediet beschikbaar gesteld. En dan roept het amendement nu op om dan te wachten tot als we de projectexploitatie pas vaststellen, maar dat is dus al gebeurd. U krijgt wel een actualisatie van de projectexploitatie.

En ik vraag me ook af, voorzitter, of de zorgen terecht zijn, want het college vraagt de raad nu best wel vroegtijdig met ons met ons na te denken over het ontwikkelkader en later in het jaar bent u gewoon in staat om nog bij wensen en bedenkingen het college een en ander mee te geven over de daadwerkelijke oprichting van het warmtebedrijf. Dus voorzitter, volgens mij heeft de indiener in het verleden een aantal haltes

21 niet meer scherp, maar ook in de toekomst ook niet, want de raad komt nog een paar keer aan zet. Dus daarmee is het amendement overbodig. De voorzitter: En u ontraadt dat met het amendement ook, toch? Ja. Akkoord. Een reactie van de heer De Kok? De heer De Kok: Nee, dank voor het antwoord van de wethouder. We blijven van inzicht, meningsverschillen, denk ik. Daar wil ik het even bij laten. De voorzitter: Dan gaan we naar de moties en dan beginnen met de motie van GroenLinks. De heer Diepenhorst heeft het woord over het warmtenet strategisch geworteld. De heer Diepenhorst: Dank u wel. Tegenspraak is geen tegenwerking, het is een vorm van betrokkenheid. Zeker wanneer een gemeente aan iets nieuws begint, zoals een warmtenet, is tegenspraak onmisbaar. Het verkleint de kans op blinde vlekken en dure misstappen. Een meedenker durft zich uit te spreken, wijst op risico's, stelt kritische vragen en voorkomt dat enthousiasme omslaat in overschatting. Tegenspraak creëert ruimte voor betere besluiten. Het voorkomt dat één idee of één visie de overhand krijgt, louter omdat niemand anders iets durfde te zeggen. Het maakt de organisatie wendbaarder, scherper en betrouwbaarder. Voor goede tegenspraak is goede informatie en dus ook monitoring nodig en het is belangrijk om niet alleen op korte termijn te denken, maar ook de strategische vragen te stellen.

En dat is de achtergrond van deze motie. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Diepenhorst. Reacties vanuit de raad? Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Ja, tegenspraak is zeker belangrijk. We gaan als Deventer pionieren. Daar zijn we trots op, maar vinden we ook spannend. Het college heeft dat ook bevestigd. Het Berenschot rapport heeft daartoe opgeroepen. De reactie van het college op de Berenschot aanbeveling om tegenspraak te organiseren is, dat gaan wij helemaal vormgeven in het bedrijfsplan, de volgende stap, eind dit jaar geloof ik. Is het belangrijk om dit nu te regelen aangezien er is aangegeven dat dit eraan komt? De voorzitter: De heer Diepenhorst. De heer Diepenhorst: Het is een vrij zwaarwegend punt, juist ook vanwege die andere aspecten, dus dan is het ook beter om het nu goed vast te leggen. En ik begreep ook van de wethouder dat hij het een goede aanvulling vindt op datgene wat al gezegd is. Dus het lijkt mij belangrijk om deze stap toch te zetten. De voorzitter: Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt: Dank u wel, voorzitter. Ik heb even een vraag, zoals mijnheer Kleine Schaars vaak zegt, een hele sympathieke motie. Daar gaat het niet om. Maar het gaat onze fractie meer om de woordkeuze die u gebruikt. U heeft het over burgers die dan … Is even niet in beeld, die dan inspraak kunnen doen.

Waarom heeft u niet er specifiek voor kozen om de gebruikers van het warmtenet hier te benoemen? Want burgers, dat kan iedereen uit Deventer zijn, ook iemand die helemaal niks met het warmtenet te maken heeft. Zelfs een Grootburger. De voorzitter: Mijnheer Diepenhorst. Mevrouw Schmidt: Ja, voorzitter, zolang het nog duurt wel. De heer Diepenhorst: Ik spreek over bewoners en inwoners en volgens mij zijn bewoners toch wel de mensen die, in de context van de zin, toch wel de mensen die met het warmtenet te maken hebben waar het nu om gaat. De voorzitter: Dus dat bedoelt u wel? Oké. Mevrouw Scholthof.

22 Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Een tweede en laatste vraag over dat dictum punt twee. Er wordt voorgesteld een systematiek in te richten voor de monitoring. Daarbij vraag ik me even af of dit niet al wat te vroeg is omdat we aan het pionieren zijn, omdat we aan het opstarten zijn. Wat heeft u hierbij in gedachte? De voorzitter: De heer Diepenhorst. De heer Diepenhorst: De motie geeft vooral aan dat het belangrijk is om dat te doen, juist bij zo'n toch kwetsbaar project als dit. Dus dat moet je van het begin af aan bedenken en in kaart brengen. En de motie is op zich heel ruim open, heel ruim gemaakt, zodat het college het op zo'n manier kan invullen dat het ook praktisch goed uitvoerbaar is. Dus die ruimte zit nadrukkelijk in de motie en is ook zo bedoeld. De voorzitter: Mevrouw Scholthof, dank u wel. Dan de heer De Niet. De heer De Niet: Dank u wel, voorzitter. Ik wou eigenlijk ook nog wel de indieners bijvallen en danken voor hun motie. En ook richting mevrouw Scholthof nog aangeven, u vroeg, wat is het verschil? Wat maakt hier het verschil? In het advies van Berenschot wordt ook aangegeven dat die onafhankelijkheid heel belangrijk is. En in de behandeling heeft het college aangegeven, we gaan ook wel externe adviseurs inhuren om vragen te beantwoorden.

Probleem is, op het moment dat je een adviesvraag uitzet, dan ben je opdrachtgever en dan krijg je advies op de vraag die je uitzet. Daar mist dan de onafhankelijkheid. En wat het voordeel is van een Raad van Commissarissen, die wordt nog te zwaar geacht, maar is de onafhankelijkheid en is ook het ongevraagde advies. En juist dat is die tegenspraak. Niet alleen advies krijgen als je erom vraagt, maar ook advies krijgen als je er niet om vraagt omdat je die tegenspraak graag wil, die kritische tegenspraak. En dat is wat in ieder geval in deze motie wel wordt onderstreept, dat je die onafhankelijkheid hebt. Dus je zet niet de vraag uit, nee, je hebt een onafhankelijk adviesorgaan wat je adviseert bij de uitvoering van het warmtebedrijf. En dat lijkt ons van waarde en daar vandaar ook de bijval in deze motie. De voorzitter: Dank voor uw toelichting. Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank, voorzitter. Maar een vraag aan de heer De Niet, er wordt er wordt niet opgeroepen tot de Raad van Commissarissen? De voorzitter: De heer De Niet. De heer De Niet: We hebben in ieder geval in het, ik meen het Berenschot rapport, gelezen dat ze wel positief zijn over een Raad van Commissarissen. Maar dan zou ik het rapport er weer even bij moeten pakken. En in ieder geval wat daar wel in zit is die onafhankelijkheid. De voorzitter: De heer Diepenhorst.

De heer Diepenhorst: Er staat inderdaad niet in een Raad van Commissarissen. We hebben het in de raadstafel daarover gehad en toen is onder andere als bezwaar naar voren gekomen dat dat misschien toch te veel kostenverhogend zou zijn. En vandaar dat we dus op deze manier de zaak insteken en heel bewust het woord Raad van Commissarissen hebben laten vallen, maar wel geprobeerd heb op een andere manier die tegenspraak te organiseren. En ik dank mijnheer De Niet voor zijn bijdrage, hoewel die geen mede-indiener is. Dat is wel Deventer Belang en de PvdA, was ik nog vergeten te vermelden. De voorzitter: Dank u wel. Zullen we het … O, de heer De Bokx nog. Gaat uw gang. De heer De Bokx: Nog even kort. Ik zal het kort houden, voorzitter. Want wij vonden het inderdaad ook een ontzettend goede motie, vandaar dat ik ook aangeboden heb om onze fractie mede-indiener te laten zijn. Maar

23 volgens mij is die in ons gesprek ergens tussen wal en schip gevallen. Ik ben wel benieuwd hoe de wethouder kijkt naar het verschil tussen de Raad van Commissarissen en het betrekken van inwoners. De voorzitter: Dank u wel. Zullen wij naar de zijde van het college gaan? Wethouder Van Essen, gaat uw gang. Wethouder Van Essen: Voorzitter, het college kan zich vinden in deze motie. Ik heb ook in de raadstafel aangegeven toen we discussieerden over een Raad van Commissarissen, dat als je kijkt naar de hoeveelheid aansluitingen die we nu hebben en de kennis die er in Nederland op dit thema is en de bevoegdheden die desondanks alsnog bij de gemeente blijven, een Raad van Commissarissen wel heel erg zwaar is. Zeker op dit moment. Sluiten we in de toekomst natuurlijk niet uit, maar ik heb daar wat redenen genoemd waarom het college daar geen voorstander van is. Maar we zijn absoluut wel voorstander in zo’n pionier project om je goed te laten tegenspreken, te laten informeren door alle partijen binnen en buiten deze stad. Afgelopen weekend ook naar Denemarken geweest waar ze ontzettend veel ervaring hebben met warmtenetten en ook een aantal figuren getroffen die Deventer ook echt scherp kunnen houden. Dus deze motie die is eigenlijk een verduidelijking van de toezegging die ik volgens mij in die raadstafels ook heb gedaan.

Dus het college kan daar goed mee uit de voeten en is daar voorstander van. Het enige is op dictum punt twee, wil ik even kort reageren, voorzitter. Dat gaat over die monitoring, jaarlijks, periodiek en onafhankelijk. Ik zou graag de vrijheid hebben, maar de heer Diepenhorst gaf dat net al aan, om gewoon met een voorstel te komen bij het bedrijfsplan. Aan de ene kant de betaalbaarheid van die warmtetarieven en het overbodig inrichten van allerlei onafhankelijke partijen die ons gaan adviseren, versus wel de raad elk jaar goed kunnen informeren op deze thema's die hier staan, zodat u uw rol goed kunt vervullen. Dus ik hoop dat de indieners, voorzitter, het college daar richting de uitwerking, waar we aan het eind van het jaar op terugkomen, een klein beetje ruimte in gunnen. Maar zo voel ik het wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Diepenhorst, gaat uw gang. De heer Diepenhorst: Dank voor de reactie en de steun. U noemt het woord jaarlijks, maar dat staat er niet. Dus dat is bewust heel opengelaten om dat ook niet per se jaarlijks, maar kan ook twee jaarlijks, of anderszins zijn. Dus dat is wat ons betreft open. En die onafhankelijkheid kan natuurlijk op allerlei manieren. Het betekent niet per se een derde club, dat kan ook een andere groep ambtenaren zijn binnen een organisatie of een klankbord.

Dat valt op allerlei manieren in te vullen, dus daar zit die ruimte ook in de motie. De voorzitter: Dank u wel. Voldoende toegelicht? Dan gaan we naar de motie evaluatie slim warmtenet van de SP. De heer De Kok. De heer De Kok: Dank u, voorzitter. We hadden deze motie ingediend, maar het verhaal van mijn voorganger horende denken we dat er inmiddels voldoende waarborging is dat er ook goed gekeken wordt naar wat dat oplevert en wat de risico's zijn en hoe het project gaat, dat we deze motie willen gaan intrekken. De voorzitter: Dank u wel. Verder geen vragen daarover? Dan is de motie Evaluatie Slim Warmtenet Zandweerd ingetrokken. Dan kunnen we gaan stemmen over de twee amendementen en één motie. En ik begin met het amendement Betaalbaar warmtenet. Is er behoefte aan een stemverklaring? Dat is niet het geval. Dan kunnen we gaan stemmen. De stemming is geopend. We hebben een technisch vraagstuk. Het amendement is aangenomen met 37 stemmen voor, één stem tegen. Alleen de SP heeft tegengestemd. Amendement is aangenomen. Dan het amendement Projectexploitatie Slim Warmtenet. Behoefte aan stemverklaringen? Niemand. Dan is de stemming geopend. Het amendement is verworpen met 37 stemmen tegen één stem voor. Alleen de SP heeft voorgestemd. Amendement is verworpen.

24 Dan gaan we naar het geamendeerde raadsvoorstel. Behoefte aan een stemverklaring? Niemand. Dan gaan we stemmen over het geamendeerde raadsvoorstel. Het raadsvoorstel is aangenomen met 36 stemmen voor, twee tegen. Tegen hebben gestemd de SP en DeventerNU. Aangenomen. Dan gaan we naar de motie Warmtenet strategisch geworteld. Zijn daar nog behoefte aan stemverklaringen? Dat is niet het geval. Dan kunt u nu gaan stemmen. De motie is unaniem aangenomen. Moties vreemd aan de orde 16.

Motie vreemd: Geen coffeeshop aan de Nieuwe Markt (CDA)

De voorzitter: Daarmee hebben we dit onderwerp voldoende behandeld en gaan we naar de motie vreemd. Daarvan hebben we er drie en dat betekent dat we beginnen met de motie. Geen coffeeshop aan de Nieuwe Markt. En dan vraag ik de Donkers om weer voor te zitten. De plaatsvervangend voorzitter: Drie moties vreemd inderdaad. De eerste van het CDA. Mijnheer Van der Linde, aan u het woord voor de toelichting van uw motie vreemd. De heer Van der Linde: Dank u, voorzitter. De essentie van deze motie is tweeledig. Ten eerste dat de raad zich duidelijk uitspreekt over de opvatting dat de vestiging van een coffeeshop op de locatie aan de Nieuwe Markt ongewenst is. Ten tweede dat de raad het college vraagt deze opvatting zwaar mee te wegen in de besluitvorming en met de initiatiefnemer kijkt naar alternatieven. Voorzitter, deze locatie aan een Nieuwe Markt is ongeschikt voor een coffeeshop en druist in tegen staand beleid over de herinrichting van de Lebuinuspleinen, zoals democratisch is vastgesteld in april 2020. De gemeente investeert miljoenen in wat dit ontwerp noemt grandeur en gemoedelijkheid. Deze pleinen moeten grandeur en gemoedelijkheid uitstralen. Waardeer de historie, waardeer de cultuurcomponent en richt je op kwalitatieve horeca, zijn letterlijke zinnen uit dit schetsontwerp.

En ook de afname van verkeersintensiteit wordt genoemd in dit ontwerp, specifiek voor de Nieuwe Markt. De komst van een afhaal coffeeshop staat hier lijnrecht tegenover. Voorzitter, kortom, die coffeeshop hoort niet op deze locatie. Dat vindt niet alleen CDA Deventer. Dat vinden ook de mede-indieners ChristenUnie, DENK, Deventer Belang en de VVD. Dat vindt ook de Stichting Deventer Binnenstad Management. Dat vinden ook de omwonenden. Dat vinden ook de ondernemers. Dat vinden ook de inwoners van Deventer, gelet de vele zienswijzen die de gemeente hierover heeft mogen ontvangen. In deze zienswijzen staan vele valide argumenten tegen de vestiging die ik hier nu niet letterlijk ga opsommen. Die heeft u allen gelezen, mag ik veronderstellen. Ik ken eigenlijk niemand die op deze locatie een coffeeshop wil. En daarom, voorzitter, vraag ik … De plaatsvervangend voorzitter: U snapte mijn hint. De heer Van der Linde: Daarom, voorzitter, vraag ik de raad of zij zich middels deze motie wil uitspreken dat de vestiging van deze coffeeshop op deze locatie ongewenst is. Dank u wel. De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Eekhuis, aan u het woord. Mevrouw Eekhuis: Dank u wel, voorzitter. Laat ik met het laatste beginnen, dat de heer Van der Linde verder niemand kent ... Dat spreekt over van de heer Van der Linde zijn achtergrond en met wie hij wel of niet spreekt.

De PvdA heeft ook de zienswijzen gelezen, zoals CDA zegt, waar allerlei goede argumenten zit. Wij hebben ook brieven ontvangen en de PvdA antwoordt daarop dat wij regels hebben vastgesteld om in de gemeenschap, in onze samenleving een gelijk speelveld te creëren, waar het dus niet afhankelijk is van wie we wel of niet kennen, wie we wel of niet spreken. Waar het dus afhankelijk van is dat als het aan de regels voldoet, dat dan voor iedereen die weg toegankelijk is. Ik vraag me af hoe CDA die rol van de gemeente ziet als zij dit voorstellen.

25 De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Van der Linde. De heer Van der Linde: CDA wil binnen de regels blijven, maar het CDA vindt dat de vestiging van deze coffeeshop discutabel is om tal van redenen, zoals genoemd in de zienswijzen. En het druist in tegen het staand beleid. Als we beleid maken en we stoppen miljoenen in die in die pleinen, dan moeten we dat ook navolgen. Anders gelooft de burger het helemaal niet meer. Dus als wij zeggen, we gaan dit en dit doen met die pleinen en een vestiging van de coffeeshop past daar niet, dan moeten we dat niet doen. En dan moeten we op zijn minst proberen om daar een alternatieve locatie voor te vinden. Dat is het minste wat we kunnen doen als de burger ons dat vraagt. En bovendien, mevrouw Eekhuis, voorzitter, ik heb met vele mensen gesproken uit alle lagen van de bevolking. Hardwerkende Nederlanders, hardwerkende ondernemers, hardwerkende mensen, omwonenden, in alle lagen van de bevolking. Dat ik een das draag, wil niet zeggen dat ik alleen maar met elitaire mensen spreek, wat u suggereert. Dat werp ik verre van mij. De plaatsvervangend voorzitter: Laten we ons focussen op het onderwerp. Mevrouw Eekhuis, u heeft een vervolgvraag. Mevrouw Eekhuis: De laatste woorden waren uiteraard voor zijn verantwoordelijkheid, want dat heb ik niet gesuggereerd, voorzitter. Ik suggereer alleen maar dat wij allemaal in een bepaalde bubbel leven.

Dat was het enkele dat … Ik heb nog een vraag ook aan de wethouder over hoe uitvoerbaar hij het dictum vindt. Vooral de eerste bullet doel ik dan op. Wij hebben processen ingericht om voor dat gelijke speelveld te zorgen, zoals ik net ook al aangaf. Dat dingen niet wenselijk zijn, dat zou in onze verordeningen, omgevingsplan, enzovoorts allemaal gevangen moeten zijn. Ik vraag CDA, ik weet dat uw collega daar ook al vaker mee bezig is geweest, om het vooral op dat niveau aan te passen en niet per incident proberen bij te sturen op wat u ziet als ongewenste effecten. De plaatsvervangend voorzitter: Volgens mij wil de heer Kleine Schaars daarop verdergaan, dus ik geef eerst even mijnheer Kleine Schaars het woord. Mijnheer Kleine Schaars. De heer Kleine Schaars: Ja, voorzitter, ik heb een vraag aan mijn collega van de PvdA. Waarom de PvdA eigenlijk met twee maten meet. Want bij de Hoge Hondstraat is een Aldi niet gepast, daar past die binnen de regels, maar loopt te hoop. Bij de Brink gaan we een McDonald's plaatsen. Loopt half Nederland te hoop omdat het past binnen de regels, maar wij het niet gepast vinden.

Dus waarom meet de PvdA met twee maten? Ik snap dat bij de coffeeshop dingen verkocht worden die geestverruimend kunnen zijn en cultuur technisch gezien misschien passen, maar ik denk toch dat de PvdA hier dan wel deze motie eigenlijk breed zou moeten steunen, omdat deze gaat over het gevoel wat wij in deze stad hebben, dat dit gewoon niet past. En dat gebeurt vaker, ook al laten de regels toe, maar zoeken dan met de raad naar een oplossing. Dat is de vraag. De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Eekhuis kan kort reageren. Ik kan me voorstellen dat mevrouw Eekhuis daar behoefte aan heeft. En daarna gaan we weer verder met de motie vreemd. Mevrouw Eekhuis. Mevrouw Eekhuis: Dank u wel, voorzitter. Wij meten niet met twee maten wij. Bij de Aldi is duidelijk dat daar een verkeerstechnisch probleem is. Dan heb je een feitelijk probleem benoemd door het college waardoor het niet kan. Is hier een feitelijk probleem? Kunnen we zeggen, als hier een groenteboer komt met … O, sorry. Ik ben geneigd om de mensen aan te kijken als ik tegen … U heeft gelijk. Als hier een groenteboer komt, voorzitter, dan is hier ook genoeg verkeersbewegingen. Dat heeft niks met deze coffeeshop te maken. Hier zit een andere overweging achter. De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Kleine Schaars. De heer Kleine Schaars: Soms is debat voeren heel leuk, voorzitter.

En ik ben ook blij met dit antwoord van de PvdA. Waarom? Omdat een coffeeshop, een afhaalcoffeeshop, vergelijkbaar is met de coffeeshop die nu weggaat

26 tegenover de parkeergarage, ongeveer 1200 verkeersbewegingen teweegbrengt. We gaan niet applaudisseren, dat doen we niet ... De plaatsvervangend voorzitter: Inderdaad, u gaf het zelf al aan, iedereen in deze raadszaal moet zich vrij voelen om zijn democratische rol uit te voeren waarvoor die volksvertegenwoordiger is. Dus dat betekent dat er geen reactie vanuit de publieke tribune wordt geaccepteerd in deze zaal. Ik zet hem even zo sterk neer. Ik snap dat u er zit met een bepaald gevoel, maar iedereen moet zijn rol kunnen hebben in het proces. Mijnheer Kleine Schaars, u mag vervolgen. De heer Kleine Schaars: Publiek, dank voor uw steun. Maar daarom zeg ik, we doen dit in deze raad niet. Daarbij, als je dan een vlotte scan maakt als partijen langs de meeste verkiezingsprogramma's van de partijen in deze raad, dan zie je dat ze allemaal een autoluwe binnenstad willen, een autoluwe Welle. En als je dit dan toestaat, dat past gewoon niet met jullie eigen verkiezingsprogramma's. Wees dan reëel. De plaatsvervangend voorzitter: We gaan terug naar de motie vreemd. Er zijn allemaal andere fracties die hierop reageren. Ik begin met mijnheer Diepenhorst, daarna mevrouw Schmidt en daarna mevrouw Sipman. Aan u het woord. De heer Diepenhorst: Dank u wel.

Ik heb een vraag aan de indiener wat betreft argumentatie, want in de argumentatie worden begrippen gehanteerd als overlast, criminaliteit en dergelijke. En dat lijkt mij toch nog wel erg duiden op een soort stigmatisering van een groep die om een coffeeshop gaat, terwijl mijnheer de indiener geen bezwaar maakt tegen de seksshop die er zit of de café’s die er zijn, waar andere verslavende middelen misschien worden uitgedeeld. Dus ik vind het behoorlijk stigmatiserend overkomen. En ik snap niet zo goed waarom deze argumentatie gebruikt wordt in de motie. De plaatsvervangend voorzitter: Wat is uw vraag aan mijnheer Van der Linde? De heer Diepenhorst: Of mijnheer Van der Linde zich bewust is van de stigmatiserende taal die hij gebruikt. De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Van der Linde. De heer Van der Linde: Dank u, voorzitter. Het is allerminst mijn bedoeling om te stigmatiseren. Het is wel zo dat die argumentatie, die onderdelen die u noemt, dat daar een onderbouwing voor is en die onderbouwing die ziet u in de casuïstiek staan bij de zienswijze van de Stichting Lebuinuspleinen. Daar staan een aantal steden genoemd, een vijftal steden, met voetnoten en bronnen. In de voetnoten staan de bronnen. Stichting Gemeente Delft, Gemeente Haarlem, Wijkraad Nijmegen-Centrum, Gemeente Eindhoven, Gemeente Zwolle.

Dit is casuïstiek en als u dat leest ziet u dat dit soort elementen, dit soort misstanden wel direct gekoppeld zijn aan coffeeshops in die steden en dat daar zelfs maatregelen tegen en dat er zelfs een coffeeshop verplaatst is. Dus het is in de casuïstiek vindt u deze onderbouwing dat dat potentieel kan gebeuren? Het is niet mijn bedoeling om te stigmatiseren dat mensen, cliënten van coffeeshops, dit soort dingen allemaal doen. Maar het is wel verwant aan die coffeeshops in die steden in deze casuïstiek. De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Diepenhorst, aan u het woord. De heer Diepenhorst: Ik denk dat op zijn minst wanneer dezelfde vraag gesteld zou worden voor bijvoorbeeld café’s, dezelfde soort incidenten misschien dan wel gemeld worden. De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Sipman, aan u het woord.

27 Mevrouw Sipman: Dank u wel, voorzitter. Als mede-indiener wil ik hier toch ook graag op reageren. Want in ons huidige coffeeshopbeleid, zoals deze ook op de website van de gemeente staat, staat heel duidelijk dat het een van de doelstellingen is of eigenlijk zelfs de eerste doelstelling die benoemd is, de bescherming van het woon- en leefklimaat en de openbare orde door normering, regulering, controle en spreiding. Daarin staat ook dat we in coffeeshops geen alcohol mogen schenken, omdat dat de openbare orde in het geding kan brengen. En ik ben wel heel benieuwd hoe het college er dan straks tegenaan kijkt dat we dus nu een coffeeshop lijken te gaan plaatsen recht tegenover een horecagelegenheid, ook nog eens een afhaalcoffeeshop, waarbij mensen dus ook vooral aangemoedigd worden om buiten de gelegenheid hun wiet te gaan gebruiken, waarin we ons eigen coffeeshopbeleid aangeven het niet wenselijk te vinden dat drugs, wiet, producten van de coffeeshop, gebruikt worden in combinatie met alcohol en eigenlijk willen we ze nu wel gaan verleiden om op het terras aan de overkant te gaan gebruiken. Dank u wel, voorzitter. De plaatsvervangend voorzitter: Die leggen we bij het college neer. Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt: Dank u wel, voorzitter. Als eerst even een reactie op mevrouw Sipman.

Ik wil even zeggen dat ik de zorgen die hier worden geuit en de aannames die hier worden gedaan dat mensen die in de coffeeshop wiet halen dan op het terras tegenover een jointje gaan zitten roken, dat ik dat heel vergaand vind. Dan een vraag aan de indieners. En allereerst een opmerking, want onze fractie overvalt vooral een McDonald's, Aldi gevoel. Want er moet weer een ontwikkeling plaatsvinden en sommige partijen vinden dat niet fijn. En dan gaan we in een lopend proces inbreken. Dus mijn vraag is ten eerste aan indieners, waarom doet u dat? Heeft u geen vertrouwen in de processen die de gemeente normaal loopt op het moment dat wij vergunningen gaan verstrekken? En ten tweede is mijn vraag aan de portefeuillehouder, wat is uw afdronk hiervan en vindt u dit een normale gang van zaken? Dat wij in lopende aanvragen als raad dus gaan bepalen wat er wel of niet kan? Tot zover, voorzitter. De plaatsvervangend voorzitter: Dank. Een reactie van mijnheer Van der Linde. De heer Van der Linde: Dank u wel. De reden waarom wij nu met deze motie komen, is omdat de vergunningaanvraag een bevoegdheid is van het college. De raad staat volledig buitenspel als we niets doen. Als we geen motie indienen of geen vragen stellen, dan gaat dit gewoon gebeuren en dan zien wij als volksvertegenwoordigers … Moeten we dat gelaten toezien. Dus het is een volstrekte bevoegdheid van het college.

Wij als volksvertegenwoordigers krijgen signalen, zienswijzen uit de samenleving van de burgers, velen, en wij vinden dat we daar dan iets mee moeten doen. Dat is onze taak als volksvertegenwoordigers. En daarom, waar we ook zitten in de procedure, komen wij nu met de motie. Er komen heel veel signalen uit de samenleving. Ik ben een volksvertegenwoordiger. Ik pak die op en ik breng dat nu in, gesteund door andere fracties. De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Akdemir, aan u het woord. De heer Akdemir: Dank, voorzitter. De D66-fractie begrijpt het sentiment wat heerst in de buurt. We hebben veel omwonenden gesproken en wij delen ook die zorgen. Dus ik vind het goed dat mijnheer Van der Linde ook een hele flamboyante inspraak heeft als het gaat om de zorg van de inwoners, maar we moeten ook eerlijk zijn richting onze inwoners. Als het doel is om de vestiging van de coffeeshop te weren, dan moet dat met een benadering die stevig juridisch is onderbouwd en ook juridisch standhoudt. Ik heb daarom eigenlijk twee vragen. En eigenlijk hebben de voorgaande collega's dat een beetje al gesteld richting de indiener, maar kan de indiener onderbouwen hoe hij … En als ik de griffier even mag vragen om het even in beeld te brengen, dan kan ik het beter duiden denk ik, ook aan de luisteraars in de zaal.

Want hoe ziet de indiener het voor zich dat het college het zwaarwegend gaat meenemen? We hebben bestaande beleidskaders, dus er zijn vastgestelde beleidskaders. Die zijn ook specifiek meetbaar, et cetera. Dus hoe ziet u het voor zich dat het college dit ook zwaarwegend gaat meenemen? Heeft u daar een beeld bij?

28 De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Van der Linde. De heer Van der Linde: Dank u wel, voorzitter. Wij doen dit op deze manier nu omdat één grote sprong juridisch niet mogelijk is. Wij kunnen hier niet zeggen, we doen het niet. We doen dit in stappen. Dit is de eerste stap. Wij willen hier dat de volksvertegenwoordiger zegt en dat die het met me eens zijn, ze de motie goedkeuren en zeggen: die coffeeshop, die hebben we liever niet hier. En in de tweede plaats geven we aan het college aan, weeg dit zwaar mee. Dan kunnen we als raad in het vervolg ook weer verdere stappen zetten. Dan is de raad, zoals men dat noemt, in positie gebracht. Als we dit nu niet doen, dan ben ik bang dat het gelaten allemaal vanzelf gaat gebeuren. Eén grote sprong van, we doen dit, is niet mogelijk. Ik heb ook met andere fracties gesproken. We moeten dit in stappen doen. Ik ben ook geen jurist. We kunnen straks technische vragen stellen. Er is al een fractie die dat wil gaan doen, over, hoe gaan we dit verder doen? Wat is mogelijk? Wat kan de gemeente wel doen, wat kan de gemeente niet doen? Wat kan het college wel doen, wat kan het college niet? Dat zijn vervolgstappen. We nemen dit in stappen. De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Akdemir, u wilt hierop reageren. De heer Akdemir: Voorzitter, hetgeen wat in het dictum staat, die gaan wij vastleggen. Alleen ik lees iets heel anders hier.

Er komt geen vervolgstap. Het college gaat deze vergunningsaanvraag beoordelen en er komt een binair resultaat, namelijk, de vergunning wordt verleend of niet verleend. Dus hoe komt dan de raad in positie? De plaatsvervangend voorzitter: Kort antwoord van mijnheer Van der Linde. De heer Van der Linde: Wij denken dat de meeste burgers die coffeeshop niet willen hebben. Wij vinden dat wij dienstbaar moeten zijn aan de burgers. Wij vinden dat het college dienstbaar moet zijn aan de burgers. Wij vinden dat de volksvertegenwoordiger dienstbaar moet zijn aan de burgers. Vandaar dat we dit nu inbrengen. Vandaar dat we dit als eerste stap op deze manier zo doen. De plaatsvervangend voorzitter: Tot slot, mijnheer Akdemir. De heer Akdemir: Voorzitter, ik doe een laatste poging. Ik snap het sentiment, dat daar een grondslag aan ligt. Alleen dat bewerkstellig je niet met deze motie, via de voorzitter. Dat is een beetje mijn punt dat ik aan het maken ben. Dus als de strekking van de motie had geweest dat we een bepaald juridisch instrumentarium moeten inzetten, dan had hij een concrete opdracht geeft aan het college. Maar ik denk dat de indiener een onmogelijke, onuitvoerbare opdracht geeft aan het college. Dus dat is wel jammer wat dat betreft, want de zorgen van de inwoners zijn ook wel terecht, wat dat betreft. De plaatsvervangend voorzitter: Daar zat geen vraag in.

We gaan naar mijnheer De Niet, daarna nog één keer naar mijnheer Diepenhorst en daarna gaan we echt naar het college. Mijnheer De Niet. De heer De Niet: Dank u wel, voorzitter. Als mede-indiener wil ik nog even onderstrepen, want er wordt ook de vraag opgeworpen, we breken in in een lopende procedure, dat kunnen we niet doen. Volgens mij kunnen wij wel degelijk, we staan hier ook als volksvertegenwoordiger, we kunnen als wij dat sentiment en er het gevoel is, dit is een onwenselijke ontwikkeling op deze plek, dan kunnen wij dat gewoon als raad uitspreken. En dan kunnen we ook inderdaad op een fatsoenlijke manier, volgens mij doet deze motie dat, richting het college meegeven: weeg dat mee in het besluit. En ook vergunningverlening is niet altijd zwart-wit. Dat is ook gewoon soms zoeken naar de mogelijkheden en jurisprudentie om te gebruiken om een ontwikkeling tegen te houden. Daar is het college mans genoeg voor, dat doen ze ook op andere dossiers. Dat hebben we ook op andere dossiers geprobeerd. Dat heeft het college ook gedaan als het gaat om de forensisch-psychiatrische kliniek. Daar vonden we ook wat van. Daar zal ook in de juridische toets misschien blijken of dat standhoudt. Maar ook daar maakt het college zo'n keuze. Die kan ook prima hier worden gemaakt.

29 De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Diepenhorst. De heer Diepenhorst: Dank u wel. De indiener verzet zich tegen deze plek, maar welke andere plek in het centrum zou dan wel geschikt zijn, denk ik? Want het gaat toch om een plek in het centrum. En zou ook niet kunnen zeggen dat juist op een plek als deze de veiligheid juist niet veel beter gegarandeerd wordt, juist omdat het zo’n zichtbare plek is? En als het om automaatregelen gaat zijn er toch ook andere dingen denkbaar om de overlast van auto's … Want overlast komt niet van fietsers of wandelaars die iets komen halen. Dus er zijn ook allerlei andere manieren die plek verder niet aantasten. Dus daar ben ik nog wel benieuwd hoe mijnheer Van der Linde daartegenaan kijkt. De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Van der Linde. De heer Van der Linde: Ja, waar dan wel? Voorzitter, ik ben geen planoloog, ik ben geen stedenbouwkundige. Maar in mijn optiek, bijna alle andere locaties zijn beter. En dan kunnen we erover nadenken, dan kunnen we dat bekijken. Nu koopt iemand een pand en begint daar een coffeeshop, pats, boem, zonder dat iemand heeft nagedacht over deze locatie. Zonder dat iemand gekeken heeft naar verkeersstromen, wat het doet met de stad, of het in lijn is met ons beleid. Het gebeurt gewoon. Dus laat ons nadenken over betere locaties, over alternatieven met al deze nadelen in gedachte.

En waar is het minder lastig? Laten we daarover nadenken en niet meteen ons laten overvallen met deze locatie die onwenselijk is. De plaatsvervangend voorzitter: Goed. Ik heb het gevoel dat we een beetje in rondjes aan het gegaan. Zijn er nog aanvullende vragen waarop u als raad het gevoel heeft dat de indiener daar nog geen antwoord op heeft gegeven? Twee vragen nog. Dan mevrouw Eekhuis nog met een aanvullende vraag en dan sluiten we af met de heer Akdemir. En dan gaan we naar het college. Mevrouw Eekhuis: Voorzitter, dank u wel. Uiteraard kom ik nog even terug. Er was nog open draadje blijven hangen. Ik ga toch de indiener nog een keer vragen om goed na te denken over hoe hij nou procedures en de kader stellende rol van de raad wil pakken om procedures zo in te richten dat we dus niet per keer afhankelijk van onze voorkeur, hoe terecht sommige zorgen ook mogen zijn, die hebben we ook gehoord in andere dossiers, zoals windmolens en flexwoningen. Die zorgen kunnen soms super terecht zijn, maar we gebruiken juist matrix van een verordening, van een omgevingsplan, staand beleid, om daarbinnen te blijven zodat wij niet van links naar rechts gaan zwabberen op het moment dat er tegenstand komt.

Dus de vraag aan de indiener is nogmaals, wilt u alstublieft de volgende keer uw kader stellende rol pakken en het beleid aanpassen? De plaatsvervangend voorzitter: Voordat mijnheer Van der Linde daar antwoord op geeft, ik wijs u erop dat de beelden van vanavond gaan op de websites komen. Ik werd erop gewezen dat er gefilmd werd vanuit de publieke tribune. Ik verwijs graag naar de beelden die online komen. De huisregels laten niet toe in het stadhuis dat er gefilmd wordt. Mijnheer Van der Linde, aan u het woord. De heer Van der Linde: Voorzitter, mevrouw Eekhuis vraagt mij een belofte te doen dat ik het nooit meer op deze manier zal doen. Ik kan alleen maar zeggen, ik ben volksvertegenwoordiger. Als er signalen komen uit samenleving die mij vragen om dingen te agenderen omdat er zorgen zijn, dan denk ik dat ik dat zal blijven doen. En als het niet correct is, als het niet in lijn is, dan mag men mij daarop ter verantwoording roepen. De plaatsvervangend voorzitter: We gaan naar de zijde van het college. Portefeuillehouder König, aan u het woord. Voorzitter, dank u wel. De burgemeester: In de eerste plaats is het college natuurlijk ook niet doof voor alle reacties uit de samenleving. De reacties die u als volksvertegenwoordiger heeft gekregen zijn natuurlijk ook bij het college wel bekend en goed bekend.

Maar ik vind het wel zorgelijk zoals er door sommige partijen hier geredeneerd wordt. En ik ga ook wel

30 even stevig een aantal kanttekeningen plaatsen. Deze motie ontraadt het college. En niet zomaar. In de eerste plaats, het kader is het bestemmingsplan dat door de gemeenteraad is vastgesteld. En toetsing vindt dus plaats aan de hand van het bestemmingsplan en niet aan beleidsstukken, mooie documenten over de grandeur van het grote kerkhof of de Nieuwe Markt of welke plek dan ook. Het gaat over het juridisch kader. En dan kan het college eigenlijk gewoon niet uit de voeten met deze motie. In de eerste plaats toetsen wij dus vooral … Kijk, dat de raad uitspreekt dat ze dit onwenselijk vinden, dat vind ik prima. Daar zou ik geen moeite mee hebben. Dat mag de raad in het kader van haar volksvertegenwoordigende rol doen. Maar een opdracht geven aan het college om buiten de kaders hier te gaan toetsen, dat kan gewoon niet. En dat zal deze portefeuillehouder ook niet voor zijn rekening nemen. Dan het tweede punt. De het vriendelijke verzoek, zal ik maar zeggen, om in gesprek te gaan met de initiatiefnemer om op andere plekken in gesprek te gaan, te kijken naar een geschiktere locatie. Ik zie het lijk al drijven, want op die plek zijn vast ook andere mensen die het niet zien zitten. En vervolgens kom ik hier terug en zeg ik, ik heb een geschikte locatie gevonden, initiatiefnemer is bereid om mee te werken. En dan hebben we daar een discussie over. Lijkt mij niet verstandig.

Dan kom ik tot een aantal antwoorden op de … Laat ik eerst de stelling van het CDA, want de CDA trekt nogal wat stellingen in dit debat. Ten eerste dat staand beleid, grandeur van het plein, daar heb ik denk ik al iets over gezegd. Twee, de raad staat volledig buitenspel. Nee, de raad heeft eerder positie genomen door het vaststellen van het bestemmingsplan en dat is het toetsingskader. Dit is de eerste stap van het CDA, daarna volgen verdere stappen. Dat zou kunnen. Als u het bestemmingsplan wil aanpassen, dan kan dat, maar dat is dan niet meer het toetsingskader voor deze aanvraag, want dat vindt dan plaats nadat deze vergunningsbeoordeling heeft plaatsgevonden. De ChristenUnie zegt, maar de raad mag toch uitspreken wat ze wil? Natuurlijk, voorzitter, de heer De Niet heeft op dat punt volkomen gelijk. Maar dat is iets anders dan een opdracht geven aan het college om daar vervolgens ook invulling aan te geven. Dan, het CDA zegt, bijna alle andere locaties zijn beter dan deze. Nou, die neem ik niet voor mijn rekening, want ik vrees dat het op andere plekken net zo ingewikkeld wordt. En dan zegt het CDA ook nog, de vergunning wordt verleend zonder dat iemand daarover nagedacht heeft. Nou, dat is ook nogal een boude stelling. Want natuurlijk vindt zo direct een beoordeling plaats van deze vergunningaanvraag.

En natuurlijk wordt er gekeken naar leefbaarheid, zoals we dat op alle plekken doen daar waar een vergunning aan de orde is. Er zijn inmiddels 80 zienswijzen op de aanvraag ingediend. Die zullen wij zorgvuldig beoordelen en dat is ook het juridisch kader waarbinnen wij opereren. Dan nog een aantal vragen voor het college. Hoe uitvoerbaar is deze motie? Die is wat mij betreft dus niet uitvoerbaar. Tweede is, coffeeshop recht tegenover café. Voor diegenen die Deventer er wat langer kennen, vroeger zat de coffeeshop op de Brink, tussen de cafés. En dat heeft volgens mij niets met elkaar te maken. En het derde is, wat vindt het college dat ingegrepen wordt in lopende zaken? Het antwoord daarop heeft u gekregen. Daar wou ik het bij laten, voorzitter. De plaatsvervangend voorzitter: Dank, portefeuillehouder. Wilt u daarop reageren, mijnheer Van der Linde? De heer Van der Linde: Zeker, voorzitter. In de eerste plaats, de opdracht is dat we buiten het kader treden. Dat doen we niet. Het dictum zegt dat helemaal niet. Ten tweede, het beleid, staand beleid over de Lebuinuspleinen wordt hier gebagatelliseerd door de burgemeester zelf. We hebben beleid over de Lebuinuspleinen en dat doet er ineens niet toe. Waarom maken we dan beleid, burgemeester? Dat kunt u niet toch zomaar van tafel vegen? Ik vind het stuitend. Ten derde, het argument dat elders ook ophef ontstaat. Dat kan zijn.

Dat kan zijn. Maar dan kunnen we er in ieder geval over nadenken. Ik zeg niet dat u niet nadenkt over de vergunningverlening, maar dan kunnen we nadenken waar wel en waar niet. Dat doen we met hoogbouw ook. Waar gaat het wel, waar kan het niet? Dan kunnen we toetsen aan de omgeving. Elders kunnen we betere, geschiktere locaties vinden. Daar ben ik van overtuigd. En natuurlijk. Natuurlijk zal daar ook ophef zijn. Niemand wil een coffeeshop naast de deur. Dat begrijpen we allemaal. Dat begrijpen de burgers als geen ander. De mensen die de zienswijzen in hebben gediend die hebben daar ook ruim over gesproken, maar er zijn betere locaties te vinden. En ik denk dat deze motie wel uitvoerbaar is. Deze opstelling van het college vinden we zeer teleurstellend. Wij denken dat de meeste burgers in Deventer deze coffeeshop op deze locatie niet willen hebben. Wij vinden het de taak van het college om dienstbaar te zijn aan de burgers. We vinden het de taak van de burgemeester om dienstbaar te zijn aan de

31 burger. Deze gelatenheid en niets doen is niets dienstbaar. We doen een beroep op de raad en de volksvertegenwoordiging om wel dienstbaar te zijn aan onze burgers. De plaatsvervangend voorzitter: Dank, mijnheer Van der Linde. Is er behoefte aan reactie? Dat is volgens mij zo. Er is nog kort ruimte om te reageren op wat het college net zei en nog de reactie van de heer Van der Linde. En daarna gaan we deze motie vreemd in stemming brengen, want volgens mij is er nu uitgebreid over gesproken. Ik kan me voorstellen dat u nog wil reageren op wat net door de portefeuillehouder is benoemd, maar daarna gaan we stemmen. Mevrouw Schmidt, aan u het woord. O, mijnheer Akdemir. De heer Akdemir: Voorzitter, mijnheer Van der Linde, dit is niet de eerste keer, niet de tweede keer, dit is de zoveelste keer dat hij grote woorden gebruik. En ik vind het eigenlijk onacceptabel en disrespectvol richting onze burgemeester dat hij deze toon aanslaat. Het zou hem sieren om zijn woorden terug te nemen. Dat is één. En ik ga eigenlijk maar één vraag stellen nog, heeft u een ambtelijke toets laten uitvoeren op de juridische haalbaarheid van deze motie? De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Van der Linde. De heer Van der Linde: Nee, die hebben we niet gedaan. Ik heb gezegd, dit is de eerste stap. Dat komt allemaal nog. De heer Akdemir: Voorzitter, wij zijn dan uitgepraat.

Ik vraag u om een schorsing. De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Akdemir vraagt om een schorsing. Hoelang wilt u schorsen, mijnheer Akdemir. 5 minuten. Dan schors ik de vergadering voor 5 minuten. Schorsing Wilt u uw plek weer innemen. Gaan wij door met de raadsvergadering en geef ik de heer Akdemir het woord omdat de heer Akdemir de schorsing heeft aangevraagd. Mijnheer Akdemir. De heer Akdemir: Voorzitter, de indiener heeft kennisgenomen dat deze motie onuitvoerbaar is, dus ik vraag me af of hij de motie heeft aangepast. Zo ja, dan nemen we daar graag kennis van. De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Van der Linde. De heer Van der Linde: Dank u wel, voorzitter. Ik ben misschien wat fel geweest richting de burgemeester. Wellicht vanwege mijn betrokkenheid. Wij willen uiteraard dat het college binnen de kaders blijft. Om de uitvoerbaarheid van de motie zeker te stellen hebben wij ook, conform de wens van mijnheer Akdemir, het dictum als volgt aangepast. De raad spreekt uit dat ze de locatie Nieuwe Markt 4 een ongeschikte plek vinden voor de vestiging van een coffeeshop. Dat is op dit moment het dictum. De plaatsvervangend voorzitter: Dank. Dan gaan we naar mijnheer Akdemir. U wil daarop reageren? De heer Akdemir: Ik denk dat we dan weer nieuwe schorsing nodig hebben, voorzitter, om het af te wegen. De plaatsvervangend voorzitter: Dank.

Hoe lang heeft u schorsing nodig, mijnheer Akdemir? De heer Akdemir: 5 minuten. De plaatsvervangend voorzitter: 5 minuten. Dan schors ik de vergadering voor 5 minuten.

32 Schorsing Ik heropen de vergadering. Mijnheer Akdemir. U heeft de schorsing aangevraagd, dus u mag het eerste woord weer hebben. De heer Akdemir: Dank, voorzitter. Ik wil de indiener bedanken voor het aanpassen van dictum. Ik zou de griffie willen vragen om even de tekst ook in beeld te brengen. De raad spreekt uit dat ze de locatie Nieuwe Markt 4 een ongeschikte plek vinden voor de vestiging van een coffeeshop. Hypothetisch gezien, we hebben ons uitgesproken. We zeggen allemaal, geen goed idee. Maar hoe komt dit tot zijn recht in relatie tot de zorgen van de inwoners? Wat bewerkstellig dit? Concreet. In relatie tot de zorgen. Gaan we dan dit aanvechten op een bepaalde manier? Dus ik mis een beetje een reflectie daar. Als u daar mij een beetje een duiding in kan geven, dan kan dit heel erg helpen in onze afweging. De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Van der Linde. De heer Van der Linde: Deze motie, als die wordt aangenomen, geeft u een aanknopingspunt voor vervolgstappen door de raad. Dan kunnen we verder gaan, verder uitwerken, kijken naar eventueel juridische stappen, overleg met anderen, technische vragen stellen, kunnen we verder voorwaarts. Maar het is wel fijn als we een basis hebben dat deze raad als volksvertegenwoordiger bij meerderheid zich uitspreekt: wij vinden dit ongewenst. De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Akdemir.

De heer Akdemir: Voorzitter, als hetgeen wat mijnheer van Linde beweert juist is, dan kunnen wij voorstemmen voor deze motie. Maar ik zou de portefeuillehouder willen horen of dat inderdaad het geval is, want mijn afdronk is dat we nog steeds een vergunningsaanvraag procedure gaan doorlopen en de uitkomst daarvan is nog ja of nee. Dus de burger is hiermee niet geholpen, dus het doet ook niet recht aan de zorg van de inwoners. Dus eigenlijk houden we ze een beetje voor de gek. Misschien is dat niet zo, dus ik hoor graag eerst de reactie van de portefeuillehouder. De plaatsvervangend voorzitter: Daarvoor gaan we naar de portefeuille, maar niet voordat we mevrouw Schmidt hebben gehoord. Mevrouw Schmidt: Voorzitter, mijn vraag ligt in lijn met de vraag van D66. Want wat denken de indieners nu te bereiken, behalve dan dat ze ons normale bestemmingsplan procedure totaal ondergraven? En u heeft totaal geen zekerheid dat op het moment dat we dit zouden uitspreken, dat het dan gaat helpen. En gaat u dan juridisch iets aanvechten? Want u zegt, als we dit hebben, hebben we een haakje om juridische stappen te gaan nemen. Gaat de CDA-fractie dan juridische stappen nemen? De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Van der Linde. De heer Van der Linde: Dank u wel, voorzitter. Nee, we gaan geen juridische stappen nemen.

Wij vinden dit een belangrijk uitgangsprincipe, een belangrijk aanknopingspunt. Ik vind het ook voor de burgers … Al die mensen die zienswijzen hebben ingediend, die vinden dit ook belangrijk dat de raad de, de volksvertegenwoordiger, zegt: ja, wij zijn het eens, deze locatie is ongewenst. Dat is belangrijk voor iedereen. We weten ook dat het geen garanties geeft. Dat weet ook iedereen. Maar het geeft wel een aanknopingspunt voor vervolg. De plaatsvervangend voorzitter: Ik wil heel graag naar het college. De portefeuillehouder, mijnheer König.

33 De burgemeester: Voorzitter, dank u wel. Ik had eerder aangegeven in de eerste termijn dat de raad natuurlijk zijn mening zou kunnen geven in de vorm van uitspreken van een oordeel over deze kwestie. Ik laat deze motie ook graag aan de raad. Ik wacht het oordeel van de raad af en dat doet het college als geheel. Ik zeg er wel bij, de materiële betekenis is nihil. Het is prettig om te weten hoe u erin zit, maar dat betekent niets in de formele procedure die wij doorlopen waarbij de bezwaarmakers die belanghebbenden zijn, die kunnen hun bezwaar uiten, die worden gewogen in de procedure. En die zorgvuldige procedure doorlopen we. En dan is het misschien goed om te weten hoe de raad erin zit, maar materieel betekent het niets. Dank u wel. De plaatsvervangend voorzitter: Dank, portefeuillehouder voor de reactie van het college. Dan gaan wij de motie vreemd in stemming brengen. Dan mag u eerst gaan zitten, mijnheer Van der Linde. Want de stemverklaringen doen we zonder u. En als u dan het pasje weer in het apparaat steekt en ... Er willen een aantal partijen in stemverklaring doen. En ik maar denken dat we het er al best lang over hadden gehad. Mijnheer Akdemir, uw stemverklaring. De heer Akdemir: Voorzitter, eerder in het debat heeft de fractie van D66 al aangegeven dat we het sentiment wat eraan ten grondslag ligt volledig snappen.

We hebben veel omwonenden gesproken en wij begrijpen echt de zorgen, alleen deze motie advoceert die zorgen niet. En dat betreuren wij, want die zorgen zijn degelijk serieus. Ik ga niet een heel betoog houden waarom ik dat vind. Misschien buiten ben ik aanspreekbaar voor mensen, maar wij gaan in ieder geval tegenstemmen, want het doet niet recht aan de zorgen van de inwoners. En ik had eigenlijk van de indiener verwacht dat die met een stevigere, meer juridische motie kwam. En dat er ook geen ambtelijke toets was, was ook heel pijnlijk wat mij betreft. De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Obdeijn. De heer Obdeijn: Dank u, voorzitter. Ook wij met Gemeentebelang snappen natuurlijk inderdaad alle emoties rondom deze punten en wij komen daar met de fractie niet helemaal uit, dus wij zullen verdeeld gaan stemmen. De plaatsvervangend voorzitter: Dank. Mevrouw Eekhuis. Mevrouw Eekhuis: Dank u wel, voorzitter. Dank aan de heer Van der Linde voor de aanpassing. Wij zullen toch tegen tegenstemmen. En daarbij melden we ook nog even dat we blij zijn dat de heer Van der Linde de woorden afzwakt richting de burgemeester, maar dat had van ons nog wel iets sterker gemogen. Wij begrijpen de zorgen die er leven, maar alles overwegende blijven wij erbij tegen deze motie te stemmen. De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Diepenhorst. De heer Diepenhorst: Dank u.

GroenLinks zal tegen de motie stemmen. De overwegingen zijn niet veranderd en blijft dus wat ons betreft stigmatiserend. Elke andere plek in centrum zou dezelfde problemen met zich meebrengen en het is verder vrij zinloos. Er is ook geen alternatief. Het moet toch in het gedooggebied, dus het is eigenlijk voor ons een nietszeggende motie. We zullen tegenstemmen. De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt: Dank u wel, voorzitter. Zoals net gezegd, wij vinden dit een ondergraving van het huidige beleid wat wij in Deventer hebben. We horen gewoon de bestemmingsprocedure door te lopen. En als het CDA en mede-indiener serieus was geweest en dit was echt een punt van zorg geweest, hadden ze in het begin van deze coalitieperiode de bestemmingsplannen voor het vestigen voor een coffeeshop in Deventer moeten aanpassen. Dan hadden we dit op dit moment niet gehad. Neemt niet weg dat wij de zorgen van de omwonenden serieus nemen. Maar dat doen we ook bij andere onderwerpen, zoals bijvoorbeeld mevrouw Eekhuis zei, bij windmolens komt er geen amendement of een motie om deze oproep te doen. De gemeenteraad zit hier voor de

34 hele gemeente en het kan niet zo zijn dat wij op basis van 80 signalen, 100 signalen als raad in één keer nietszeggende uitspraken gaan doen. Deze motie is een uitspraak, maar de portefeuillehouder geeft ook duidelijk aan, het heeft geen gevolgen. Dus wij verklaren hem als overbodig en zullen tegenstemmen. Dank u wel, voorzitter. De plaatsvervangend voorzitter: Dank. Mijnheer Kaya De heer Kaya: Voorzitter, als mede-indiener willen wij toch vanuit onze zorgen nog even meegeven, de verkeersdrukte die er straks gemoeid gaat in die hele omgeving willen we toch nog even meegeven. Wij zullen uiteraard voorstemmen. De plaatsvervangend voorzitter: Dank. Dan vraag u allemaal uw pasjes erin te doen en even op deelnemen te klikken. En dan open ik de stemming over deze motie vreemd. Er zijn 38 stemmen uitgebracht. 16 stemmen voor, tegen 22. Dat betekent dat de motie is verworpen. Voor hebben gestemd de fracties VVD, Deventer Belang, CDA, ChristenUnie en DENK. Gemeentebelang heeft verdeeld gestemd, voor hebben gestemd Mevrouw Eltink, de heer Obdeijn, de heer Roetert, de heer Smeenk en mevrouw Trompert. Dat betekent dat wij deze motie vreemd afsluiten en dat ik het voorzitterschap weer overdraag aan uw burgemeester. 17.

Motie vreemd: Onderwijskansenregeling (GL-CDA-D66-VVD-PvdA-DS-SP-CU)

De voorzitter: Dames en heren, we gaan verder met de vergadering en we gaan naar de volgende motie en dat is de motie Onderwijskansenregeling. Die motie is ingediend door veel partijen. Ik heb zo'n vermoeden dat we er ook niet heel lang een debat over hoeven te voeren, maar dat gaat de heer Jansen met ons bespreken. De heer Jansen: Gaat u weer lekker, voorzitter? Voorzitter, de Rijksoverheid wil stoppen met de onderwijskansenregeling, meldt zij via de Voorjaarsnota. En wat doet die regeling? Het stelt scholen in staat onze leerlingen, die vaak minder goed presteren dan wat zij zouden kunnen als ze voldoende ondersteuning hebben, de broodnodige hulp te geven. Bijvoorbeeld door kleinere klassen, huiswerkbegeleiding, extra aandacht voor taalvaardigheid en rekenen. Noem maar op. De indieners van deze motie, CDA, VVD, PvdA, D66, SP, Deventer Sociaal, DENK, ChristenUnie en GroenLinks vinden deze bezuiniging uiterst ongewenst. Wellicht veel meer mensen in deze raad. Met deze motie willen we het college verzoeken en naast de betreffende leerlingen en scholen te gaan staan en hen in hun pleidooi te ondersteunen deze bezuiniging ongedaan te maken. De voorzitter: Dank u wel. Reacties vanuit de raad. Geen behoefte aan debat? Dan gaan we naar de zijde van het college. Wethouder Duursma. Wethouder Duursma: Dank, voorzitter. Het is een motie die ik heel goed kan begrijpen.

De zorg die u uitspreekt die deel ik. Het is een aanslag op de budgetten van het Etty Hillesum en het betreft de meest zwakke jeugdigen van de school, dus de ondersteuning van deze school. Dus ik er zal een brief schrijven aan de wethouders. Ik weet nog niet … Ik heb ze niet allemaal in mijn mailbox zitten, dus dat wordt nog even een uitzoekklus. Maar wij zullen de motie uit gaan voeren. De voorzitter: Als die wordt aangenomen. Is er nog behoefte aan een stemverklaring? Niemand. Nou missen we wel de heer Donkers. Die heeft plaspauze. Handenwassen. We drukken even op de pauzeknop. Zullen we dat doen? Of willen we doorgaan? Ja, hij is weg. We kunnen ook gewoon gaan stemmen. Zullen we gaan stemmen? Geen stemverklaringen? Niemand? Dan gaan we over tot stemming. We gaan even opnieuw stemmen, want de heer Jansen was nog niet ingelogd ook, dus we gaan even opnieuw stemmen. Stemming is geopend. Deze motie is unaniem aangenomen.

35 Dan wil ik even met u een punt van orde bespreken. Op onze agenda staat nog één motie die, ik vermoed, ook wel wat tijd zal vergen, zeker omdat een van de leden al heeft aangekondigd aan te dringen op een hoofdelijke stemming. Het is altijd prettig als dat van tevoren bij de voorzitter wordt kenbaar gemaakt. Maar daarmee komen we misschien wel een beetje in het gedrang met ons besloten deel en ik heb wel de behoefte om dat besloten deel eigenlijk af te wikkelen. Zullen wij even een korte besloten vergadering doen en dan met elkaar daarna doorgaan met de motie vreemd over Israël en Gaza? Dan verzoek ik eenieder die hier niet kan zijn vanwege de geheimhouding en de beslotenheid van de vergadering de zaal te verlaten. 18.

Motie vreemd: Steun oproep aan kabinet t.a.v. Israëlische regering (PvdA-DENK-GL-D66)

De plaatsvervangend voorzitter: Ik open de raadsvergadering hij heeft een besloten raadsvergadering gehad en dat betekent dat we de vergadering voor de openbare vergadering vervolgen. En op die openbare vergadering staat nog één motie vreemd, genaamd Steun oproep aan kabinet ten aanzien van de Israëlische regering, ingediend door de Hoogenberg, PvdA, de heer Akdemir, D66, de heer Kaya, DENK en de heer Van Straaten van GroenLinks. En volgens mij gaat de heer Hoogenberg een toelichting geven op de motie vreemd. Aan u het woord. De heer Hoogenberg: Dank u, voorzitter. Trek de rode lijn. Dat was de boodschap van de ruim 100 duizend vreedzame demonstranten die zich afgelopen zondag in Den Haag verzamelden. De grootste demonstratie in ons land van de afgelopen 20 jaar. Maar de minister-president bleef stil. En niet alleen in Den Haag, maar ook in onze eigen gemeente werd gedemonstreerd. Afgelopen donderdag nog op het station ter herdenking van de Nakba. En het is een onderwerp wat ook de Deventer samenleving raakt. En voorzitter, dat zijn signalen die wij niet willen en niet kunnen negeren. We hebben het met onze eigen ogen kunnen waarnemen. De beelden zijn misselijkmakend en de cijfers zijn ontstellend. 50 duizend dode Palestijnen, waarvan 15 duizend kinderen. Eén op de drie kinderen onder de twee jaar lijdt aan acute ondervoeding in het noorden van Gaza. Eén op de drie.

En 175 duizend kinderen onder de vijf jaar lijden aan één of meerdere infectieziekten. En ook vandaag blijkt dat er nu voor het eerst vrachtwagens met onder meer babyvoeding, meel en medicijnen worden toegelaten in de Gazastrook, deze producten de Palestijnse bevolking niet bereiken. Maar de minister-president bleef stil. En het Internationaal Gerechtshof erkende op 26 januari 2024 dat het aannemelijk wordt geacht dat Israël genocide pleegt of zal plegen in Gaza. En we begrijpen dat er een definitieve uitspraak van het Hof nodig is alvorens wij deze juridische term ook politiek implementeren, maar op basis van de wetenschappelijke consensus mag er tenminste gesproken worden van genocidaal geweld. En daarmee kunnen we een juridische discussie in deze raad voorkomen. Voorzitter, deze week hoorden we voor het eerst hele voorzichtige kritische noten van onze regering richting Israël. De Europese Unie zal op verzoek van minister Veldkamp onderzoeken of Israël nog wel voldoet aan de voorwaarden voor samenwerking met de EU. Maar hoeveel onderzoeken zijn er nog nodig? Onze regering weigert al anderhalf jaar concrete stappen te ondernemen. En om het zwijgen van onze minister-president ten aanzien van het genocidale geweld te doorbreken en ons kabinet de Israëlische regering tot de orde te laten roepen, doet burgemeester Halsema van Amsterdam middels een brief een oproep aan Den Haag.

Meerdere gemeenten hebben aangegeven deze oproep te steunen, waaronder Groningen, Tilburg, Apeldoorn, Arnhem, Amersfoort, Leiden en Utrecht. En om die reden, voorzitter, is deze motie met veel dank aan de fracties van DENK, D66 en GroenLinks tot stand gekomen waarin wij het college verzoeken om zich aan te sluiten bij voorgenoemde gemeenten om de oproep van burgemeester Halsema aan het kabinet te steunen en een brief te sturen waarin het kabinet dringend verzocht wordt de Israëlische regering tot de orde te roepen ten aanzien van het genocidale geweld in Palestina en om internationale druk uit te oefenen ten einde tot een aardige vredesovereenkomsten komen. Want op die manier doen wij recht aan de gevoelens die leven in onze Deventer samenleving en kunnen we onze minimale invloed maximaal benutten. En deze motie wordt mede ingediend door Deventer Sociaal en de SP. Dank u wel. De plaatsvervangend voorzitter: Dank, mijnheer Hoogenberg. Zijn er fracties die hierop willen reageren? Mijnheer Kleine Schaars, aan u het woord.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15628588/1