2024-07-10 Transcript Raadsvergadering gemeenteraad Deventer 10 en 11 juli 2024
Tekst van het document
Daar kunnen we een goed gesprek over voeren bij de herijking van het beleid. De voorzitter: Voldoende, denk ik. De heer Kleine Schaars. De heer Kleine Schaars: Ja, dank u, voorzitter. Een vraag aan de heer Muilerman, omdat die sympathiek is, dat is al vernoemd. Wij vinden hem ook heel sympathiek. Draagt een heel warm hart toe, net als u, waarschijnlijk. Voorzitter, de vraag is op welk moment wil de heer Muilerman dit laten ingaan, dat is zijn eerste vraag. De voorzitter: De heer Muilerman. De heer Muilerman: Ja, dank u wel, voorzitter, ik denk dat de heer Kleine Schaars hint op van het evenementenseizoen loopt al zo een beetje af. Dat zou dan volgend jaar zijn, neem ik aan of vanaf een januari. De heer Kleine Schaars: Dank, dat is mooi. Dat geeft in ieder geval duidelijkheid. Aan het college heb ik dan nog de vraag van in hoeverre past dit in het veiligheidsbeleid dat vrijgeven en voor risicovol, want dat vind ik echt wel een vraag of het college of dat überhaupt kan en past. En als laatste een opmerking naar u, mijnheer Muilerman, de mailboxen nagekeken, hij zit er niet in. Ik zou bij ICT nog eens even natrekken. De voorzitter: Genoeg daarover, denk ik. De heer Van Wijk, u wilt voor de tweede ronde? U had nog een vraag? De heer Van Wijk: Ja, nog een verduidelijkende vraag, voorzitter.
In de beantwoording op de vraag rondom risico merkte ik nog onvoldoende de toelichting van in hoeverre de politie of de veiligheidsdiensten gereageerd hadden op dit voorstel. Dat is aansluitend op de vraag van de heer Kleine Schaars. In hoeverre zou je dit een goed idee vinden of je hierdoor minder zicht krijgt? De voorzitter: Vraagt u dat aan het college of aan de heer Muilerman? De heer Van Wijk: Misschien heeft de indiener dat getoetst bij hun en anders is het een vraag aan het college. De voorzitter: En anders gaat het naar het college. Mijnheer Muilerman, heeft u dat getoetst? De heer Muilerman: Nee.
51 De voorzitter: Oké, helder. Mevrouw Scholthof, aan u het woord. Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Een mooie motie, wij dragen dit ook een warm hart toe. Uit de raadsmededeling over evenementen las ik toch ook vooral terug dat het niet zozeer gaat om het feit dat men vergunningen moet aanvragen, maar om de hoeveelheid papierwerk die daarbij komt kijken. Ontzettend veel informatie moet aangeleverd worden, wat voor verenigingen, zeker met vrijwilligers, moeilijk aan te reiken is. Heeft de heer Muilerman daaraan gedacht om dit ook in de motie te zetten? De voorzitter: De heer Muilerman. De heer Muilerman: Ja, dank u wel, voorzitter. Volgens mij is dat een gevolg van deze maatregelen. Doordat je meer jaren maakt, zou je dus bijvoorbeeld kunnen zeggen van je wilt voor een evenement soms gewoon hele grote plannen moeten aanleveren als het om veiligheid gaat, maar dat je op volgende jaren zegt van we laten het plan intact, want er verandert niets, maar als er wel wat verandert, doen we dat wel, dus zou je dat zo kunnen regelen. Voor die kleinere evenementen gaat het dan om dat ze alleen melding plichtig worden. De voorzitter: We gaan naar het college. Mevrouw Duursma, nodig ik u uit namens het college om te reageren op deze motie. Mevrouw Duursma, aan u het woord. Mevrouw Duursma: Dank voorzitter.
Het college begrijpt de wensen om het evenementenorganisatoren zoveel mogen te ontlasten. Voor veel kleinere evenementen werd ook al genoemd, dus de straatfeesten, buurtbarbecues, open dagen, geldt de meldingsplicht en dat is ongeveer de helft van de evenementen op dit moment. Voor evenementen die vergunning plichtig zijn, acht het college het geen goed idee om meerjarige vergunningen in te stellen. Dat is in lijn met de inspectie voor de gezondheidszorg en jeugd en de inspectie voor justitie en veiligheid. En ook de gemeenten die op dit moment meerjarige vergunningen afgeven, komen daar op dit moment vaak van terug omdat je de risico's voor veiligheid en gezondheid niet telkens opnieuw afweegt. We zien dat vaak veiligheidssituaties toch in een jaar veranderen. Als je het hebt bijvoorbeeld over een vierdaagse, dan is op zich het evenement misschien niet anders, maar wel is er een opbreking bijvoorbeeld waardoor je andere routes moet lopen en hier toch alles opnieuw moet gaan doen. Maar ook iets heel anders en dat heeft niet direct met de leefomgeving hier te maken, maar bijvoorbeeld met volgend jaar de NAVO top in 2025.
Op het moment dat je een meerjarenvergunning hebt afgegeven, betekent het dat het moeilijk is om die terug te draaien, terwijl het verzoek van het Rijk is om echt goed na te denken over vergunningen in die periode, omdat er veel politie-inzet op een andere plek nodig is. Dus het is elke keer weer noodzakelijk om de afweging te maken als we het hebben over evenementen en over de veiligheid van evenementen. Ook de hulpdiensten zien risico's in het afgeven van een meerjarige vergunning. Dus het college is hier kritisch op. En wij kijken wel, want wij snappen dus die wens en zo hebben wij ook met de aanvragers gekeken. Wij willen wel kijken hoe wij de aanvraag zo eenvoudig mogelijk ingediend zou kunnen worden, zodat formulieren met informatie die we al hebben van evenementen voor ingevuld wordt, zodat ze niet elke keer alles opnieuw hoeven te doen. Dan betekent het nog steeds dat er elk jaar moet worden ingevuld, maar dat de papierwinkel nadrukkelijk minder wordt. En dat is waar wij naartoe bewegen en dat zouden wij kunnen doen en willen doen, maar zoals het nu er voorligt en zoals het nu hier gevraagd wordt, moet het college negatief adviseren op deze motie. De voorzitter: Behoefte aan een tweede termijn? De heer Muilerman. De heer Muilerman: Ja, dank u wel voorzitter en dank u wel voor het antwoord.
Ja, ik zit dan nog wel even te zoeken, want u geeft aan, een meerjarige vergunning, daar kunnen wij niet positief op adviseren. Maar in de raadsmededeling, ik citeer even, zegt u het college pakt een aantal acties op, onder andere een onderzoek over of er ieder jaar vergunning aangevraagd moet worden, of dat dit een keer in de zoveel jaar kan worden. Hoe rijmt u het antwoord wat u net geeft met de raadsmededeling? Want eerst wil u het onderzoeken.
52 De voorzitter: Graag via de voorzitter. De heer Muilerman: Dank u wel, voorzitter. Hoe rijmt de wethouder dit? De voorzitter: Mevrouw Duursma. Mevrouw Duursma: Dank u wel, voorzitter. Op het moment dat wij de raadsmededeling schreven voorzitter, was het nog niet onderzocht hoe dit zit. Inmiddels is er rondom evenementen al wat verder uitgediept en deze motie gaf ook aanleiding om nader onderzoek te doen. Dus dat is de reden dat u op dit moment dit antwoord krijgt. Programma 10: Economie en internationaal beleid Van Gevelfonds naar Groenfonds De voorzitter: …. Dank aan het college. Voldoende voor de heer Muilerman? Geen reactie? Oké. Dan gaan we door naar programma 10. Programma 10 is een motie ingediend, namelijk door het CDA, mede ingediend door Gemeente Belang, D66 en de fractie van VVD. De heer Evers, volgens mij mag ik u uitnodigen om in een minuut uw motie toe te lichten. De heer Evers: Dank u wel, voorzitter. Van Gevelfonds naar Groenfonds. We hebben budget voor een Gevelfonds. Dat hebben we al een paar jaar, dat hebben we nog niet aangewend. En hoewel zo’n Gevelfonds in veel plaatsen al heel succesvol is, lijkt dat op dit moment in Deventer niet de grootste urgentie te hebben. Doordat we als gemeente al veel investeren in de binnenstad, zie je dat private partijen ook mee investeren.
Aan de andere kant hebben we recent een koopsomonderzoek afgerond en er blijkt dat de consument bijzonder enthousiast is over de Deventer binnenstad, maar wel vindt dat er wat groen mist in de binnenstad. Vandaar het idee om het Gevelfonds om te kappen naar een Groenfonds. Er liggen plannen gemaakt door STBM ook in samenwerking met de gemeente waarin ze zeggen als we dan echt serieus vorm willen geven, hebben ongeveer vier ton nodig. Er is al twee ton beschikbaar, met een ton uit het Gevelfonds zijn we een heel eind en ook nog een oproep aan het college om samen met STBM te kijken, vinden we ergens in de begroting nog middelen of zouden we met deze flinke inzet misschien ook bij de provincie die laatste ton nog kunnen vinden? Dus een aansporing om die laatste ton ook nog te vinden. Dat is wat deze motie behelst. De voorzitter: Dank, mijnheer Evers. Daar komt reactie op van de heer Van Wijk. Aan u het woord. De heer Van Wijk: Dank voorzitter. Misschien kan de indiener dat ook wel bevestigen, maar we vinden het goed plan en wij zijn volgens mij ook mede indiener, maar is dat de er afgevallen, volgens mij. De heer Evers: Werd volgens mij net door de voorzitter wel gezegd. De voorzitter: Ik kijk even mee. Ja, mijnheer Van Wijk, u bent … genoemd. Ik geef het vooral aan, ik heb hier een uitgeprinte lijst, dus alles wat na de printdatum is doorgegeven, noem ik niet op.
En dan is het aan de indieners of de mee indieners alle lof toe te kennen dat zij er ook op willen staan. De heer De Niet, aan u het woord. De heer De Niet: Dank u wel, voorzitter. Wij zijn geen mede indiener, maar wel een sympathieke motie, voor vergroening, snap ik heel goed. Ik was alleen benieuwd in beeld van de vraag eigenlijk van welk type, wat voor groen krijgen we daarvoor terug? Want ik ben niet op de hoogte van het plan van SBM in details. Maar is het echt groen of is het groen in bakken, om het zo maar te zeggen, want dat maakt nog best wel weer veel uit, ook voor de duurzaamheid van dat groen. De voorzitter: Mijnheer Evers.
53 De heer Evers: Ja. Ik ken niet alle details van het plan. Misschien kan de wethouder er zo nog iets over zeggen. Maar wat ik begrepen heb, is dat het aan de ene kant om flexibele planten- en bomenbakken gaat, zodat we ook flexibel zijn waar we die precies neerzetten, maar ook vooral een flinke investering in gevelgroen, geveltuinen, om dat echt serieus aan te pakken. Wat je nu vaak ziet, is dat er een paar stoeptegels uitgelegd zijn en er is een boompje of een struik ergens tegenaan gezet. Daar wordt dan echt serieus werk van gemaakt en ook met klimop en langs bedrading. Dat soort plannen zijn allemaal onderdeel van het plan wat ze in gedachten hebben. De voorzitter: De heer Jansen, aan u het woord. De heer Jansen: Ja, ik zou eigenlijk ook wel willen aansluiten bij de oproep van de heer De Niet van de ChristenUnie om te kijken naar permanent groen. Want bloembakken, daar hebben we natuurlijk ook al een ervaring mee, ook wat kleinere, volgens mij is het nog eens een keer geweest dat er een gemeente heeft allemaal geraniumbakken aan de Wilhelminabrug gehangen als een soort vergroening. Dat was, denk ik, een wat minder geslaagde actie. Dus ik zou wel de indiener eigenlijk nogmaals willen vragen om te kijken of hij los van het plan van de vastgoedeigenaren, of we ook niet zelf wat meer gewoon kunnen inzetten op permanent groen, ook los van dat plan.
Ziet de indiener daar een kans voor? De voorzitter: De heer Evers. De heer Evers: Ja, wat er volgens mij gemaakt wordt, is al een heel aardig plan waarin een beetje de haalbare vergroening, zoals dat nu gezien wordt, ergens in opgenomen. Ik kan niet precies overzien wat er haalbaar is en wat er mogelijk is om ook nog wat bredere vergroening te gaan doen. Maar die suggestie zouden we mee kunnen geven. De voorzitter: Ja, mijnheer Zuijdam. De heer Zuijdam: Ja, ik zou er nog aan willen toevoegen, vanuit het STBM is het de bedoeling om eerst in de Engestraat een pilot te gaan doen met zoveel mogelijk duurzame producten. Dus dat dat meerjarige beplanting is. En vandaaruit willen ze verder gaan kijken in de stad wat een succes is. De voorzitter: Ga uw gang, mijnheer Aydin. De heer Aydin: Kijk eens aan. Voorzitter, wij staan in principe positief tegenover deze motie. Uit de boom … monitor blijkt ook dat de binnenstad wel wat groen kan gebruiken. En ik denk er ook over na om mede in te dienen. Wel een vraag nog voordat we zover zijn. Wat betekent het voor de uitvoering en het resultaat als we die 100 K toevoegen, maar niet de laatste resterende 100 K kunnen vinden? Blijft dan die 300 op de plank liggen of wat voor beelden heeft u daar bij? De heer Evers: Volgens mij is er een redelijk ambitieus plan wat optelt tot 4 ton. Er is al de helft binnen.
Met deze ton gaan we nog iets grotere ambitie maken. Als we die laatste ton niet meer vinden, gaan we in ieder geval met die 3 ton al een flink stuk vergoedingen in die binnenstad doen. Maar het is met name ook bedoeld, ook dat laatste bullet, om vooral naar andere middelen te kijken ook buiten ons om, om dat laatste stukje ook daaraan toe te voegen. De voorzitter: De heer Aydin. De heer Aydin: Dat antwoord ken ik goed, voorzitter. Wat dat betreft kan onze naam van PvdA er ook bijgeschreven worden als mede indiener. De voorzitter: Ja, dat kan de heer Evers via de griffie vragen. Voldoende voor nu? Ja. Dan gaan we naar de zijde van het college. De heer Van Essen, aan u het woord.
54 De heer Van Essen: Ja, dank u wel voorzitter. Mooi om te horen dat er van de indieners en mogelijk ook meer mede indieners steun is voor de beweging die je inderdaad ziet, niet alleen hier in huis, maar ook bij bezoekers, ondernemers die vergroening echt belangrijk voor de binnenstad. Dus wat dat betreft juicht het college ook deze beweging toe dat een ton van het Gevelfonds wat bedacht was naar de vergroening van de binnenstad mag gaan. Kunnen we ook positief adviseren op deze motie. Dan was er nog de vraag wat er kan en de type beplanting. Er zijn door de raad vastgestelde kaders beeldkwaliteitsplan binnenstad waarin staat wat er wel en niet kan. Onder andere uitgangspunten en regels voor bijvoorbeeld verticaal groen, de zogenaamde geveltuinen of wat er in de openbare ruimte kan en op het moment dat die vaste beplanting dat in de weg zou staan, dan zal ik er nog even bij u op terugkomen. De voorzitter: De heer Kaya, u hebt toch nog een vraag. De heer Kaya: Ja, want ik ben toch aan het twijfelen, voorzitter, want de Gevelfonds was ervoor bedoeld om de gevels in de binnenstad goed aan te kleden en dergelijke en nu wordt door de heer Evers gevraagd om het om te bouwen naar Groenfonds. Bestaat er dan straks helemaal geen Gevelfonds meer? Even ter verduidelijking of de wethouder of de heer Evers dat kan vertellen? De voorzitter: Het is de motie van de heer Evers.
De heer Evers. De heer Evers: Ja, dit voorstel behelst dat we dat Gevelfonds niet in gaan stellen en dat we dat geld gaan gebruiken voor Groenfonds. Ook luisterend naar de ondernemers in de binnenstad, ook vastgoedeigenaren die zeggen dat op dit moment de prioriteit in die binnenstad ook echt bij vergroening ligt. Dus het sluit ook aan bij een wens die eigenlijk in de binnenstad bij ondernemers en vastgoedeigenaren leeft. De voorzitter: De heer Kaya. De heer Kaya: Dus ik begrijp goed dat die Gevelfonds wordt geschrapt, dus dat we straks geen Gevelfonds meer hebben in Deventer en dat dat een Groenfonds wordt. De voorzitter: Dat is wat de heer Evers zegt. We hebben ook geen Gevelfonds en we gaan geen Gevelfonds maken. We hebben ooit in het verleden Gevelfonds gehad, dat is er niet meer. Het voorstel was om met een Gevelfonds te komen. Dat gaan we dus nu niet doen, dat behelst dit voorstel. De heer Jansen, aan u het woord. De heer Jansen: Ja, voorzitter, wat je ook hebt gezien, is dat bedragen die uw raad de afgelopen jaren in dit centrum heeft geïnvesteerd, er ook toe hebben geleid dat er veel eigenaren zelf ook al zijn gaan opknappen. Dus dat ziet er gewoon ook relatief goed uit na die grote investeringen die de gemeente heeft gedaan. De voorzitter: De heer Jansen.
De heer Jansen: Ja, ik had nog een vraag aan de wethouder, voorzitter, want als ik een groen motie indien, krijg ik altijd de vraag van de heer Muilerman van wordt het wel inheemse planten en bloemen. Dus ik zou wel willen vragen aan de wethouder wat hij zou zeggen op de vraag van de heer Muilerman als die gesteld zou worden? Let u wel een beetje extra op de inheemse planten voor onze inheemse insecten? De voorzitter: Ja, ik zou bijna roepen uitvoering van college, maar de heer Van Essen, misschien heeft u er wel een antwoord op. De heer Van Essen: Ja, voorzitter, die vraag van de heer Jansen, die heb ik uiteraard ook gesteld toen we laatst zo'n eerste bak hadden onthuld en de ecoloog en de mensen die met groen bezig zijn hier in huis, die kijken ook mee, samen met de binnenstad management op wat voor een soort groen wordt gekozen.
55 Programma 9: Jeugd en onderwijs Versnelling speeltoestellen op onderwijsterreinen De voorzitter: Kijk, iedereen blij. Dank u wel, mijnheer Evers. We hebben we hebben nog acht minuten voor dat we gaan eten en mijn vraag is aan u, denkt u dat die motie 9.1 in acht minuten kan volbrengen? Ja. Geen lastige interrupties, moties? Nee. Dan dames en heren, het is nog tot kwart voor zes. Ik vraag u nog even concentratie op te brengen. Programma 9, Jeugd en onderwijs gaan we doen. Daar is een motie ingediend, namelijk van de heer Van Wijk en de heer Jansen van D66, GroenLinks mede ingediend, volgens mij. Ouderwets papiertje door Deventer Sociaal. De heer Van Wijk, u heeft een minuut. De heer Van Wijk: Dank, voorzitter. Even een correctie, hij is niet meer ingediend door GroenLinks, alleen door D66. Hij wordt mede ingediend door Deventer Sociaal, Gemeentebelang, DENK en PvdA. Doe ik recht aan de goede indieners. De voorzitter: Dank mijnheer Van Wijk. De heer Van Wijk: Dank voor het woord. Vandaag kunnen we een belangrijke beslissing nemen rondom onze jeugd. De motie die voor ons ligt, is niet zomaar iets. Het is een belofte aan onze jeugd dat we hun recht op spelen serieus nemen. We zijn ons ervan bewust dat beleidsplan, beleid spelen en bewegen en moeten pas in 2027 echt in werking treedt, maar moeten echt wachten tot dat moment om actie te ondernemen? Nee.
We hebben een kinderrechtentoets aangenomen wat ons verplicht om te handelen in de geest en de letter van die gedachte. En ja, de middelen zijn beperkt, financiële middelen. Maar dat mag geen excuus zijn om helemaal niks te doen. We kunnen ook creatieve oplossingen zoeken en dat proberen met deze motie te doen. Scholen liggen in het hart van de wijken, kunnen daarmee ook bereikbaar zijn voor kinderen om te kunnen gaan spelen en kunnen een rol hierin spelen. Maar laten we niet de scholen als de spreekwoordelijke plek zijn waar we dingen over de schutter kunnen gooien. Nee. Laten we in dialoog gaan. Laten we samenwerken en inventariseren wat nou mogelijk de knelpunten zijn en hoe we daar eventueel overheen kunnen springen om het spelen te verbeteren via deze schoolpleinen. Deze motie stapt in de goede richting, wat mij betreft. Het is een kans om te laten zien dat we de behoeften van onze kinderen serieus nemen en vooropstellen. Dank u. De voorzitter: Dank, de heer Van Wijk. Is er behoefte aan vragen? De heer De Niet. Daarna gaan we naar mevrouw Sipman. De heer De Niet. De heer De Niet: Dank u wel, voorzitter. Sympathieke motie.
Waar ik wat moeite mee heb, is het voelt toch een beetje als het we laten zelf en daar heb ik natuurlijk in mijn bijdrage en algemene beschouwen kritiek op geuit, we hebben een fantastisch beleid gemaakt, waar … ook voor was, maar we gaan het niet uitvoeren of pas in 2027. En het voelt een beetje als de scholen moeten het gaan oplossen. Dus dat is een soort onderbuikgevoel die bij deze motie zit en dat maakt hem iets minder sympathiek. Natuurlijk is het ook voor de ChristenUnie van belang dat we die schoolpleinen goed benutten en ook het spelen op de schoolpleinen goed benutten. Dus daar staan we helemaal achter. Maar de koppeling met dat spelen beleidsplan en dat we daar niet aan onze eigen mooie plannen voldoen, daar heb ik wel wat moeite mee. De voorzitter: Dat is geen vraag. Mevrouw Sipman, aan u het woord. Mevrouw Sipman: Ja, dank u wel, voorzitter. Vraag aan de indiener, we krijgen in oktober van het college al een heel mooi pakket aan informatie over het spelen en buitenspelen, inclusief de schoolpleinen en toestanden, wat gaan we met deze motie nu daadwerkelijk anders doen? Want hij voelt een beetje overbodig. De voorzitter: Dat eerste was een vraag, het tweede was een constatering. De heer Van Wijk.
56 De heer Van Wijk: Ja, dank, voorzitter voor deze vraag. Ook mooie vraag. Ik denk dat die eerste uitvoering die in oktober komt met een lijst gaat vooral op de groene speelpleinen. Wat ik hiermee probeer te doen, is dat het ook het gesprek wordt aangegaan, inzichtelijk wordt gemaakt van hoe kunnen we de schoolpleinen of de speeltoestellen op schoolterreinen nog verder beschikbaar stellen. Wat zijn eventueel problemen waar scholen tegenaan lopen met het opengooien van een speelterreinen buiten schooltijd? We kennen wel wat voorbeelden, zoals zaken die hier in de VVE lastig te regelen zijn, maar mogelijk kunnen we daar als gemeente daar nog iets in doen en daar wil ik zicht op krijgen. Dus wat deze motie nieuw toevoegt aan wat er al wordt uitgevoerd, is de lijn en de beweging probeert te maken samen met de scholen om meer speelplekken toegankelijk te maken voor onze jeugd. De voorzitter: Ja, mevrouw Sipman. Mevrouw Sipman: Ja, dank u wel, voorzitter. Even verduidelijkende vraag, het gaat hier over de schoolpleinen die in het bezit zijn van de scholen, niet in het bezit van de gemeente.
Waar u naar vraagt en waar we het ook al een overzicht van hebben, ik ben nog steeds zoekende naar wat is het nu echt anders dan wat we al aangeleverd krijgen in oktober en wat we al weten? De voorzitter: Misschien is dat ook een vraag aan het college? Of wilt u er ook op reageren …? De heer Donkers: Heel kort, het gaat hier inderdaad de twee type schoolterrein, eentje in eigen beheer van de school en eentje waar de gemeente wat over te zeggen heeft. Uiteraard ga ik natuurlijk niet bepalen wat er op schoolterreinen van de scholen moet gebeuren en daar probeer ik juist dialoog aan te gaan. Het gaat om twee verschillende zaken. De voorzitter: de heer Van mijnheer van der Linde. De heer Van der Linde: Ja, dank u wel voorzitter. Wij hebben ook niet zo’n problemen met deze motie, maar er staat al heel veel in het integraal huisvestingsplan onderwijs, wat ook genoemd wordt in deze motie. Dat hebben we democratisch vastgesteld. Dus kunt u mij geruststellen dat we niet met deze motie niet te veel divergerende van het democratisch vastgestelde IHP? De voorzitter: De heer Van Wijk. De heer Van Wijk: Dank, voorzitter. Dat kan ik bevestigen, het herprioriteren in het IHP is wat mij betreft nu niet aan de orde. De voorzitter: De heer Jansen. De heer Jansen: Ja, voorzitter.
Ik zou graag willen vragen aan de indiener waarom de openbare speelplaatsen op de openbare schoolpleinen niet geïnventariseerd om te verbeteren of uit te breiden? Waarom richt u zich eigenlijk alleen maar op de niet-openbare terreinen die inderdaad in het bezit zijn van de scholen? De voorzitter: De heer Van Wijk. De heer Van Wijk: Dank voor de vraag. Ik was niet zo heel erg bedoeld om dat uit te sluiten, dus welk deel van het motie zit u op? De voorzitter: De heer Jansen. De heer Jansen: Ik heb geen tekst bij, maar misschien … Ik had in ieder geval … dat had ik als nasmaak, dat het vooral over de schoolpleinen ging die nog niet openbaar zijn. Kijk, het is het vandaar dat ik daarna vraag.
57 De voorzitter: De heer Van Wijk. De heer Van Wijk: Ja, dank voorzitter, ik werd net even gesouffleerd. In de eerste bullet van het dictum ben ik heel algemeen. In het tweede zit het specifiek op de vraag die ook de heer Jansen stelt. Beoogt de gehele breedte te benaderen, als antwoord op uw vraag. De voorzitter: De heer Jansen. De heer Jansen: Dat maakt de motie ook wel een klein beetje wat positiever, want ik dacht van we richten onze pijlen op de afgesloten terreinen. En goed, oké, dank u wel. De voorzitter: Dank. We gaan naar het college. Mevrouw Duursma, nodig ik u uit. Mevrouw Duursma, aan u het woord. Mevrouw Duursma: Dank, voorzitter. Als wij naar deze motie kijken, dan komt dit overeen met een ambitie die wij in het IHP hebben en dat is zoveel mogelijk schoolpleinen openbaar toegankelijk en we zijn hierover met scholen in gesprek. En die inventarisatie die u vraagt, mijn stem is helaas niet zo heel hard, voorzitter, de inventarisatie die u vraagt, kunnen wij u geven en die zullen we dan ook gelijktijdig geven met de inventarisatie die we op dit moment ook aan het voorbereiden zijn. De voorzitter: Dat is daarmee dan het oordeel van het college? Mevrouw Duursma: Positief, want het is een aanvulling op wat wij al aan het inventariseren zijn. Dus u krijgt meer informatie dan dat u voor die tijd zou krijgen. De voorzitter: De heer Van Wijk.
De heer Van Wijk: Nee, ik wil ons aan de tijd houden. De voorzitter: Dank u wel, dat is fijn. Precies 17.45 uur, dank u allen hartelijk. Schors ik de vergadering tot 19 uur. Dames en heren, wij gaan verder met de raadsvergadering over uw Voorjaarsnota. Dat doen wij … volgens mij is mevrouw Eekhuis in ordevoorstel. Mevrouw Eekhuis: Geen verrassing voor u, voorzitter, want u kondigt het zelf aan. Nee, ik wilde inderdaad het ordevoorstel doen om straks om kwart voor negen te stoppen met de vergadering. Wat zegt u? Half negen. Gaan we bieden? Meer, minder? Volgens mij was het originele verzoek kwart voor negen. De voorzitter: Er is geen ruimte voor debat. Dus als het ordevoorstel is kwart voor negen, dan is het kwart voor negen en dan kunt u een andere ordevoorstel doen om het tot half negen tegen te zetten of u kunt tegenstemmen. De heer Muilerman: Dank u wel, voorzitter. Ons ordevoorstel zal zijn halfnegen. Dank u wel. De heer Van der Meulen: Ik ga hier niet tegen opbieden natuurlijk, volgens mij kwart voor negen, dat is het ordevoorstel, maar volgens mij ontbreekt er nog een deel bij dat we dan morgenavond ook verder vergaderen. De voorzitter: Dank, ik wou dat nog toelichten inderdaad. Het ordevoorstel is nu kwart voor negen.
Dat hebben we ook ingebouwd in overleg, omdat dat iedereen de kans geeft om nog wel bij de wedstrijd te zijn, maar dat we in ieder geval nog een uur en drie kwartier kunnen vergaderen. En dat betekent inderdaad de mensen die in de binnenstad wonen voor het volkslied binnen zijn en sommige mensen na 15 minuten en … langs de lijn kunt u volgen. Dat heeft als gevolg dat wij morgen om kwart over acht verder gaan en dat heeft ook het gevolg dat we het vervolgens wel af moeten maken. Dus het kan niet zo zijn, lijkt mij, dat check ik met u, ik zie u knikken, dat we
58 vervolgens dan om halfelf stoppen, want er moeten uiteindelijk wel Voorjaarsnota door deze raad worden vastgesteld. Volgens mij moet dat lukken met het tijdspad dat we nu nog hebben en wat we morgen hebben, maar dat is dan wel het gevolg, dat we eventueel langer dan half 11 door moeten gaan. Ik breng op deze manier het ordevoorstel in stemming. Dat doen we met handopsteken. Nee, er is geen debat mogelijk, mijnheer Van der Meulen. Was het een schijnbeweging, mijnheer Van der Meulen? Graag orde. Wie is voor het ordevoorstel van mevrouw Eekhuis? Wie is tegen? Dan constateer ik dat er een meerderheid is voor het ordevoorstel van mevrouw Eekhuis en daarmee is het ordevoorstel aangenomen. En daarmee gaan wij om kwart voor negen schorsen om morgen om kwart over acht verder te gaan. We gaan door met de moties en amendementen. Dat beginnen wij, mag ik stilte in de zaal, alstublieft, want we gaan weer vergaderen. Ja. Programma 8: Meedoen Preventieve seksuele gezondheidszorg De voorzitter: Programma 8, meedoen, programma 8 kent 5 moties die we gaan bespreken. We starten met de motie preventieve seksuele gezondheidszorg, ingediend door de leden van VVD en GroenLinks. Mevrouw Sipman, volgens mij gaat u in een minuut een toelichting geven op deze motie. Mevrouw Sipman: Dank u wel, voorzitter. En een kleine aanvulling, Deventer Sociaal dient hem mee in en DENK ook.
Heb ik dan iedereen? Nog snel even kijken. Ja. Voorzitter, op 19 juni jongstleden hebben we unaniem als gemeenteraad ingestemd om een zienswijze op dit onderwerp in te dienen bij de programmabegroting van de GGD. Wij doen het op het gebied van preventieve seksuele gezondheidszorg slechter dan in andere regio's. We hebben een hoog vindpercentage van soa's, het gebruik van anticonceptie neemt af, het budget dat we beschikbaar hebben, is minder dan in andere regio's. Maar wat het allemaal gaat kosten, weten we nog niet, hebben we nog niet in beeld. Portefeuillehouder gaf de vorige keer in het debat al aan dat dat bij de Voorjaarsnota in ieder geval dan richting meegegeven moet worden, ook richting begroting om ook financieel hierover mee te denken. Dus vandaar deze motie en dat gaat om bij de begroting met een … voorstel te komen, met scenario's en bijbehorende kosten en baten en denk je bij aan scenario's als het organiseren van extra aandacht voor preventieve seksuele gezondheidszorg binnen de regio, maar het zou ook kunnen zijn als het zelfstandig inkopen als gemeente bij de GGD. Wij weten dat hiervoor keuzes gemaakt moeten worden en ook die keuzes en de mogelijke consequenties daarvan willen we graag in beeld hebben. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Ja, mevrouw Sipman. De heer Van Wijk, aan u het woord.
De heer Van Wijk: Dank voorzitter, dank ook voor deze op zich charmante motie. De … wat ons bezighoudt. Ik vroeg me alleen af, er stond nog iets heel concreet in de motie en ik gaf iets in de toelichting ook mee, hoe groot is het probleem nou precies in Deventer en als dat probleem er is, wat is nou ook het orde groot verschil hoe wij inzetten of geld aanbesteden ten opzichte van andere gemeentes? De voorzitter: Mevrouw Sipman. Mevrouw Sipman: Ja, heel technisch kan ik daar niet op ingaan in de vorm van exacte bedragen en dergelijke. Maar we zien gewoon dat het vindpercentage aan soa’s echt veel hoger is dan in andere regio's en de oorzaak daarvan is niet bekend. We zien ook dat bijvoorbeeld de SOA-tests voor doelgroepen niet volledig kunnen worden uitgevoerd op dit moment en dat er wachtlijsten zijn. Simpelweg omdat we onvoldoende budget daarvoor hebben. En de GGD geeft zelf ook aan dat bijvoorbeeld in de regio Arnhem Nijmegen het budget vele malen groter is dan hier. De voorzitter: De heer De Niet.
59 De heer De Niet: Dank u wel, voorzitter. Een vraag aan de indieners om wat verduidelijking, wat in de overwegende staat ook de zin dat er de raad vindt dat op alle scholen in Deventer seksuele gezondheid, seksuele voorlichting plaats moet vinden. Daar staat in het dictum verder niks over. Ja, dat suggereert een beetje dat het nu niet het geval is. Maar waarom staat dit erin? Is dat niet het geval en wat is uw doel daarmee? De voorzitter: Mevrouw Sipman. Mevrouw Sipman: Dank u wel, voorzitter. Dank voor de vraag, mijnheer De Niet. Dat is op dit moment inderdaad niet het geval. Dus scholen hebben budgetten hiervoor, maar geven die niet volledig uit aan dit onderwerp. En die budgetten zijn ook eindig, dus die stoppen nu ook. En onder andere op niet al het vmbo onderwijs waar ook juist extra aandacht gevraagd wordt voor dit onderwerp, wordt niet altijd extra voorlichting gegeven op dit gebied. De voorzitter: Ja. De heer Koot, aan u het woord. De heer Koot: Ja, voorzitter, Gemeentebelang vindt dit een uitermate belangrijk onderwerp. Preventie en voorlichting is hartstikke goed, zeker als het over deze onderwerpen gaat. Je zou denken in deze tijd van internet en vertrouwensmensen en artsen, er is toch informatie genoeg te halen en te vinden als je dat wilt, maar in de praktijk werkt dat toch anders.
Dus wij kunnen deze motie van harte ondersteunen, maar wel met die opmerking dat we toch zouden willen kijken binnen de opdracht aan de GGD, binnen het budget of er misschien een herschikking mogelijk is of het verleggen van wat accenten en als dat dan uiteindelijk toch extra budget moest kosten, dan zullen we dat op dat moment beoordelen. De voorzitter: Mevrouw Sipman, wilt u hierop reageren? Mevrouw Sipman: Dank voor uw steun, mijnheer Koot en ja, over budgetten binnen de GGD budgetten, daar kan dat portefeuillehouder ongetwijfeld meer over vertellen. De voorzitter: De heer Van der Linde, aan u het woord. De heer Van der Linde: Ja, dank u voorzitter. Ik weet niet precies wat er bedoeld wordt met de laatste bullet. U zegt welke keuzes moeten er gemaakt worden. We weten nog niet wat het kost. Dat zegt u zelf. Er is geen dekking, kennelijk. Welke keuzes wilt u dan op een rijtje naast elkaar zien? Wat zijn de opties? De voorzitter: Mevrouw Sipman. Mevrouw Sipman: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, het gaat om opties en als wij hier meer naar budget naartoe willen doen, ten koste van wat moet het dan gaan? Dus er is op dit moment geen dekking, maar er kan ook geen dekking gegeven worden, simpelweg omdat eventuele meerkosten gewoon niet bekend zijn. We weten ook niet of het meer gaat kosten. En dat is onderdeel van een onderzoek wat de portefeuillehouder zal moeten gaan uitvoeren.
De voorzitter: De heer Van der Linde. De heer Van der Linde: Dus er wordt gevraagd aan het college als je dit doet, wat doe je dan niet? En het college moet met voorstellen komen, die moet die keuzes dan maken. Maar moeten wij die keuzes niet maken in een integrale afweging? Ja, ik begrijp niet precies waar ik nu ja tegen zeg. De voorzitter: Nog een poging, mevrouw Sipman, aan u het woord. Mevrouw Sipman: Dank u wel, voorzitter. De raad heeft het budgetrecht, dus wij vragen aan het college om inderdaad daarin keuzes te formuleren. Als we hier prioriteit aan geven, dan gaat dat ten koste van iets anders
60 ongetwijfeld in deze krappe financiële tijden. En die keuze willen wij gewoon weloverwogen kunnen maken. En dat kan dus ook zijn, het kan niet, dat kan dan ook een keuze zijn, maar zonder goede onderbouwing kunnen wij die keuze niet maken. De voorzitter: De heer Van der Linde. De heer Van der Linde: Voorzitter, dan wacht ik af wat de portefeuillehouder hiervan vindt. De voorzitter: Inderdaad. Ik stel voor dat we naar het college gaan, vertegenwoordigd door de heer De Geest, de portefeuillehouder. De heer De Geest: Hij doet het. Ja, voorzitter, om de heer Elferink alles te laten doen vanavond, dat vonden we ook wat ver gaan, dus deze doe ik. De motie die we wisten dat zou komen, want we hebben het erover gehad inderdaad bij het amendement wat u in juni als raad aannam voor een zienswijze. Die zienswijze heeft het college ook gefaciliteerd namens u als raad richting de GGD en die staat op 11 juli, dus dat is morgen ook geagendeerd voor het algemeen bestuur, die zienswijze van de GGD regio IJsselland. Dus daar bespreken de portefeuillehouders gezondheid, dan ook de begroting, maar ook deze zienswijze.
Daar zal ook uiteindelijk voor ons dan hopelijk helderder worden hoe andere gemeenten hiernaar kijken en of er meer gemeenten zijn die dan op basis van die zienswijze daar ook aan hechten om daar meer prioriteit of meer inzet op te plegen en wat dat dan eventueel betekent ook binnen het budget wat er binnen de GGD is, maar ook voor de taken die daarin zijn opgenomen. Of dat misschien blijkt dat Deventer de enige is vanuit de gemeenteraad waar dit gewenst is. Dat zal dan ook aanleiding geven voor nader gesprek of in gezamenlijkheid met andere gemeenten of veel meer maatwerkgesprek vanuit Deventer met de GGD om te kijken wat kan er vanuit de wens die de raad heeft uitgesproken, vanuit die extra inzet die hierop gevraagd wordt? En ook wat brengt dat met zich mee in financiële zin, zowel misschien in extra budget dat het vraagt als wanneer je kijkt naar een optie voor het herschikken van taken wellicht. Maar dat soort opties, zoals ik ook vorige keer heb aangegeven, kunnen we dan ook op basis van dat gesprek inzichtelijk maken. Dus in die zin kan het positief geadviseerd worden, deze motie. Dit kunnen we ook gewoon in beeld brengen voor u, zodat u dat kunt meewegen op een later moment en u ook daarover informeren. Dat gesprek gaan we dus aan met de GGD.
Dat is even lastig stuurbaar of dat helemaal lukt voor dat wij ook als college uiteindelijk de begroting voorbereiden en vaststellen. We zullen echt wel proberen om dat te doen, maar het kan ook zijn dat het in ieder geval in aanloop naar de begrotingsbehandeling is dat we u informeren, zodat u goed weet wat er tegen die tijd af te wegen valt. Maar dat is niet helemaal te sturen omdat we ook afhankelijk zijn van capaciteit bij de GGD natuurlijk. Maar we kunnen uit de voeten met wat u hier vraagt. De voorzitter: Dank aan het college. Voldoende voor u mevrouw Sipman? Ik denk het wel. Ja. Dan hebben we daarmee motie 8.1 afgesloten, gaan we door naar motie 8.2. Deventer inclusief De voorzitter: Dat is motie Deventer inclusief, ingediend door de leden van GroenLinks en Deventer Sociaal. Ik zie dat mevrouw Zegel namens de indieners het woord voert. Mevrouw Zegel, aan u het woord. Mevrouw Zegel: Als ie wilt. De voorzitter: We moeten lief zijn tegen het systeem. Nogmaals, deze zomer krijgen we dus een nieuw systeem, dus het is nog heel even, als we dat te hard roepen, dan krijgen we nu echt … Kijk, mevrouw Zegel. Mevrouw Zegel: Ja en geen Zegveld, voor de mensen die denken wie is zij? Mede ingediend ook door de fractie van DENK. We gaan door met het vergroten van diversiteit en inclusiviteit in onze eigen organisatie en in de samenwerking met andere organisatie.
We ondersteunen organisaties die hieraan werken, vergroten het netwerk en blijven het belang van diversiteit en inclusiviteit benadrukken. Onze openbare ruimte en gebouwen horen voor
61 iedereen toegankelijk te zijn en worden. We willen dat inwoners met een beperking volledig mee kunnen doen. Dat is weliswaar niet van de één op de andere dag gerealiseerd, maar het vraagt een grote extra inspanning om de inhaalslag te maken. Bij nieuwe plannen moet toegankelijkheid altijd meegenomen worden in lijn met de inzet die is weergegeven in het beleidsdocument Deventer zonder drempels. 24 mensen hier in de zaal zouden dit uit hun hoofd moeten kennen. Dat zijn 19 leden die lid zijn van de coalitiepartijen en de 5 wethouders. Voor GroenLinks en Deventer Sociaal was het dan ook een grote verrassing dat bij de niet geaccepteerde voorstellen van het college regel 25 stond, namelijk het was er niet doorgekomen dat Deventer inclusief voor iedereen ertoe doen. De voorzitter: Mevrouw Zegel, u bent door uw minuut heen. Mevrouw Zegel: Mooi. De voorzitter: Kijk. Zijn er vragen aan mevrouw Zegel? Ik zie mevrouw Sipman richting interruptie microfoon lopen. Volgens mij de heer Van Wijk. Mevrouw Zegel, aan u het woord. Mevrouw Zegel: Nou. Mevrouw Sipman: Mevrouw Sipman deze keer, dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Sipman. Mevrouw Sipman: Ja, toch een vraag aan de indieners.
Het gaat om 51.000 euro voor Deventer zonder drempels, maar volgens het beleidsplan wat wij in oktober 2023 hebben vastgesteld, blijft er gewoon nog 199.000 euro over voor inclusie, inclusief de functionaris diversiteit en inclusief de waarvoor we destijds ook met een amendement hebben gezorgd dat die wat langer kan blijven. Wat gaan we missen als we deze motie niet aannemen? De voorzitter: Mevrouw Zegel, aan u het woord. Mevrouw Zegel: Ja, dat is heel erg goed verwoord en een goede vraag dus. Maar ook enorm zoeken, kan ik u zeggen. Want het is enorm lastig om hier een antwoord op te krijgen. U heeft ook uw best gedaan door een technische vraag te doen. Er is een adviseur diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid. Die motie is unaniem aangenomen op 23 september 2023, tenminste, dat was het toch, 23 september? Nee, 27 september 2023 en de enige gedenkwaardige avond trouwens ook. We zien nu dat dat daar … Zit daar wel geld in? Ja, daar zit geld in bij nieuwe voorstellen, maar wat we niet gaan doen, ik weet het eerlijk gezegd niet, want er gaan toch dingen af. En het enige wat ik terug kan vinden als ik ga zoeken van wat zijn de financiële consequenties en de dekking van het beleidsplan wat ze toen hebben aangenomen? Daar staat 51.000 in voor Deventer zonder drempels, wat incidenteel was tot 24 opgenomen in de begroting en daarna niet meer.
Dus het lijkt me dat dat bedrag het is. De voorzitter: Mevrouw Sipman, voldoende? Mevrouw Sipman: Dan toch een vraag nog aan de indieners, waarom … niet toen al geamendeerd, want ook toen stond er al in dat die 51.000 weg zou gaan vallen. De voorzitter: Mevrouw Zegel. Mevrouw Zegel: Geen idee. Nee, ik kan er van alles bij verzinnen, maar ik heb geen idee. De voorzitter: De heer Van Wijk.
62 De heer Van Wijk: Ja, dank voorzitter. Ik denk niet dat we meteen niet voor inclusief zijn als we dit niet zouden steunen. Ik denk dat het zeker ook een streef is vanuit ons in ieder geval dat we voor inclusief zijn. Je zit in het verlengde van diezelfde vraag als mevrouw zijn Sipman te zoeken naar van in hoeverre is dit echt een probleem of zijn er al heel veel dingen opgelost? Wat gaan we missen? Is het een … Ik lees ook in het middelste stuk overweegt dat, zie ik ook een soort van ambitiesprong zijn. Dus mijn vraag aan de indieners is, is dit nou iets in stand houden, iets verbeteren, of is het nou echt een nieuwe ambitiesprong? Dat vind ik nog niet heel helder. De voorzitter: Mevrouw Zegel. Mevrouw Zegel: Dank u wel. Ambities die we hebben gesteld, die staan in het beleidskader, maar we hebben bijvoorbeeld ook met zijn allen een manifest ondertekend. Iedereen doet er toe. En op het moment dat je iets in gang wil zetten en wil continueren en waarvan je zegt in een bestuursakkoord dat dat een grote inhaalslag vraagt en dat we daar wat voor moeten doen, dan vind ik als je zegt van iedereen doet het toe in Deventer, dat je daar ook blijvend op moet investeren. En dat is mijns inziens ook preventief, om niet achteraf weer terug te komen en te zeggen laten we nog weer eens een keer verder gaan bij waar we ooit zijn gebleven.
En de wethouder financiën zei het gelukkig zelf ook, hij wil blijven investeren in Deventer. Dus daar ben ik heel blij mee. En Deventer zijn de inwoners. De voorzitter: De heer Van Wijk. De heer Van Wijk: Ja, dan hoop ik dat de portefeuille misschien een duiding kan geven aan de richting waar we hiermee opgaan en de noodzakelijkheid. De voorzitter: Ja, ik ga zo naar het college. Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt: Ja, dank u wel, voorzitter. Als mede indiener wil ik ook het volgende punt nog even benoemen. Toen we ingestemd hebben met het beleid voor diversiteit en inclusie, is ons ook toegezegd dat we voor de Voorjaarsnota een evaluatie zouden krijgen. Die hebben we niet gekregen en dat maakt de zoektocht van mevrouw Zegel en mij nog lastiger, omdat we totaal geen duidelijkheid hebben in wat is er in al die tijd gebeurd en ook niet wat heeft het opgebracht? Dus we kiezen nu ook het zekere voor het onzekere, zodat we zeker weten dat al die inzet van al die mensen ook bestendigd structureel doorgang kan vinden. De voorzitter: Dank. Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Ik wil mevrouw Zegel bedanken voor deze motie en dat zij dit heeft gezien in de Voorjaarsnota.
Mijn vraag aan de portefeuillehouder is lopen we inderdaad de aanvraag van VWS mis op het moment dat we dit geld niet gealloceerd hebben en is het inderdaad haalbaar om die middelen te gaan zoeken? Want volgens mij, mevrouw Zegel wees mij daar ook op, heeft CDA Overijssel raadslid of parlementslid, hoe zeg je dat eigenlijk? Staatslid. Komt van ver, ook zich heel hard gemaakt voor dit inclusiepact. Dus ik hoop dat we dit kunnen oplossen. De voorzitter: Mevrouw Zegel, aan u het woord. Mevrouw Zegel: Ja, dank u wel, sorry voorzitter. Ja, voorzitter, Rick Brink is hier ook heel actief bij betrokken geweest en wilde ons als eerste pilot gemeente ook. En die is ook zeer bekend bij het CDA en bij ons allemaal eigenlijk en we missen hem eigenlijk ook. De voorzitter: Dank, mevrouw Zegel. We gaan naar het zuiden van het college, de heer De Geest, aan u het woord.
63 De heer De Geest: Oké. Hij doet het. Ik zal even mijn tekst er bijpakken. Ja, voorzitter, voor wat betreft de motie die hier voorligt, kunnen wij als college positief adviseren. En dat zit hem in het volgende. Want er werd net ook al naar verwezen, wij hebben natuurlijk ook in Deventer gewoon de ambitie die is vastgelegd binnen het beleidskader waar net ook naar werd verwezen vanuit diversiteit en inclusie, dat iedereen zich hier vrij en vertegenwoordigd moet voelen in Deventer. En we hebben in dat kader natuurlijk ook het programma Deventer zonder drempels, u ook allemaal bekend en dat is wat dat betreft ook echt wel een mooi draaiend programma vanuit die inclusieve gedachten, ook voor mensen met een beperking om deel te kunnen nemen aan onze samenleving, om ook echt aandacht voor te hebben. En daar is dit dus gewoon een mooi voorbeeld in. Daar laten ze ook via allerlei activiteiten aan iedereen zien in Deventer dat ongeacht een beperking, je dus kan meedoen. En dat is ook niet onopgemerkt gebleven, hebben wij gemerkt. Want er werd net door mevrouw Zegel ook naar verwezen dat het ministerie van VWS daarin ook met ons in gesprek is. Onder andere inderdaad via de heer Rick Brink was dat, helaas dat hij er niet meer is.
Maar wel vanuit bevlogenheid inderdaad voor het thema zoals ik het net zei, waren wij in gesprek om te kijken of wij hier in Deventer vanuit dat programma van Deventer zonder drempels dat konden door ontwikkelen naar het sluiten van het eerste inclusiepact, om dan ook echt te gaan voor de eerste inclusieve generatie en daar als soort pilot gemeente ook deel te nemen. Met bijbehorende ondersteuning dan ook vanuit het Rijk, financiering en dergelijke en dat is dan ook een programma waarmee je ook voor meerdere jaren kan opbouwen in Deventer, voor de dingen die we daarin ook belangrijk vinden. Daarvoor hebben we de middelen nog niet kunnen vinden tot nu toe in ieder geval. Die gesprekken liepen ook een beetje simultaan voor een deel met het opstellen van de Voorjaarsnota, dus vandaar dat hij ook nog niet gehonoreerd is. Maar we zijn daar wel over in gesprek en we zijn daar ook naar aan het kijken en vanuit die zoektocht kunnen wij ook uit de voeten met wat u hier schetst, om dat ook op die manier vorm te geven. Omdat we ook dat belang gewoon zien. En dat past ook een beetje bij de vraag die net door mevrouw Scholthof werd gesteld van wat betekent dat dan ook? Het ministerie verwacht ook eigenlijk wel vanuit dit project ook dat daar wel vanuit de gemeente dan ook een cofinancieringselement in zit. En hier gaat het dan onder andere om een vorm van coördinatie.
Dat is wel belangrijk vanuit dit specifieke onderwerp om dat vorm te geven, dus daar zijn we ook mee bezig en dat past ook eigenlijk goed bij de opdracht, de vraag die u hier stelt als raad en daar kunnen we dus mee uit de voeten om te kijken wat hier financieel gewoon de mogelijkheden zijn, ook noodzakelijk richting VWS. De voorzitter: Dank de heer De geest. Is er nog behoefte aan een laatste reactie? Mevrouw Zegel. Mevrouw Zegel: Ja, behalve geweldig te zeggen en dat is inderdaad ook als steun in de rug bedoeld naar de wethouder om hier vooral mee door te gaan, maar ook, wat de wethouder niet benoemde, we hebben heel veel partners in de stad die hier al actief mee bezig zijn en dat werkt gewoon. Het werkt gewoon heel erg mooi en dat moeten we … Zulke rijkdom moeten we niet verloren laten gaan. De voorzitter: Dank mevrouw Zegel. Rolstoel toegankelijk toilet binnenstad De voorzitter: Dan gaan we door met 8.3, openbaar rolstoeltoegankelijk toilet bij binnenstad, ingediend door mevrouw Schmidt, Deventer Sociaal, mevrouw Zegel, GroenLinks, mevrouw Eekhuis, PvdA en mede ingediend door ChristenUnie, DENK, SP en Deventer Belang. Mevrouw Schmidt, geef ik u het woord voor uw toelichting van een minuut. Mevrouw Schmidt: Dank u wel, voorzitter, voor het alvast opnoemen voor de mede indieners, want ik was mijn blaadje weer vergeten.
Voorzitter, ik heb in mijn betoog al benoemd waarom wij met deze coalitie van partijen en ik noem er maar een voorbeeld van, constructief samenwerken van coalitie en oppositie, opnieuw dit voorstel doen aan het college. We zien echt wel stappen de laatste raadsmededeling, naar aanleiding van vragen hierover ook, laat echt wel zien dat het college stappen maakt. Ook met de HogeNood app, dat is allemaal hartstikke mooi, maar wat heb je aan een HogeNood app als je midden in de stad staat en je vervolgens naar het vogeleiland
64 wordt gestuurd waar je klem komt te staan tussen de hekken of bij de andere voorziening in bibliotheek niet naar binnen kan omdat daar van alles verbouwd wordt? Het college heeft nu in de Voorjaarsnota staan dat ze 13 punten nog moeten onderzoeken voor een fietsparkeervoorzieningen in de binnenstad. De coalitie namens wie ik deze motie nu indien, ziet dit als een kans om te onderzoeken of het openbaar rolstoel toegankelijk toilet geïntegreerd kan worden in de fietsparkeervoorzieningen in de binnenstad. We vragen nog geen middelen, maar we weten uit ervaring dat het erg lastig is. Sorry, dat het heel erg lastig is om in bestaande panden of in historische panden later nog een rolstoel toegankelijkheid te maken, dus vandaar dat we nu vragen bij nieuwe ontwikkeling, omdat we inschatten dat we daar meer kans maken. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Schmidt. Is er behoefte aan vragen vanuit het college? Mijnheer Van den Nieuwenhof, ik heb een vermoeden wat u gaat zeggen. De heer Van den Nieuwenhof: Ja, de voorzitter had vergeten te zeggen dat DeventerNU ook mee indient. Dank u wel. De voorzitter: Ere wie ere toekomt. De heer Van den Nieuwenhof dient namens DeventerNU mede in. Als er verder geen vragen meer zijn, dan gaan we naar het college. Dan neem ik u tegelijkertijd even mee in het Tantaluskwelling waar ik mij in bevind.
De griffie heeft heel aardig een bakje snoep voor mij neergezet, maar ik weet niet hoe lang ik van stof bent, dus ik durf elke keer … En nou heb ik inmiddels doordat de heer Geest wat lang van stof is. Dus ik zet zo mijn microfoon uit en dan ga ik even rustig … De heer De Geest, stel mij niet teleur. De heer De Geest: Ik zou zeggen, voorzitter, neem er vooral een, stop hem vast in de mond, eens kijken hoe snel ik dan klaar ben. College kan hier positief adviseren, dus … De voorzitter: Dit had ik moeten weten. Mevrouw Schmidt, ik hoop dat u een lang laatste betoog heeft. Mevrouw Schmidt: Ik zal het proberen, voorzitter. Ik kan alleen maar zeggen dat ik hier heel blij mee ben en dat ik hoop dat we nu echt op korte termijn een extra toilet in de binnenstad krijgen. Lang genoeg, voorzitter? De voorzitter: Net lang genoeg. Nee, mijnheer De Geest, uw beurt is voorbij. Tegemoetkoming kosten oprichting stichting De voorzitter: We gaan door naar 8.5. 8.4 is zoals u ziet niet ingediend, dus we gaan meteen naar motie 8.5 en dat is de motie tegemoetkoming kosten oprichting stichting, ingediend door mevrouw Van der Meer van GroenLinks, mede ingrediënt door Deventer Sociaal en DENK. Als ik er eentje vergeet, mevrouw Van der Meer, dan mag u nog aanvullen. U heeft een minuut. Mevrouw Van der Meer: Dank, voorzitter.
Ja, ik was mijn tijd nog aan het gebruiken om het betoog te schrijven, dus ik hoopte ook dat hier De Geest wat langer van stof was. Samen maken we Deventer. We willen daarom ruimte geven aan bewonersinitiatieven. Er zijn genoeg enthousiaste bewoners voor diverse projecten in Deventer, maar soms is voor een project geld het enige wat nog ontbreekt. En we willen juist ook aanmoedigen dat deze bewonersinitiatieven niet alleen bij de gemeente voor middelen aankloppen, maar ook bij externe fondsen en dergelijke. En vaak is daarvoor nodig dat een initiatief een rechtspersoon is, een stichting. En juist is dit geld dus nog niet aanwezig om een stichting te worden, want de notariskosten zijn nogal hoog en daarom dit voorstel om hierin een tegemoetkoming te doen en de precieze criteria moeten we uiteraard nog vaststellen en ook het maximumbedrag. Daar roept deze motie ook op in het dictum en ik denk dat we daar dan samen wel uit gaan komen. De voorzitter: Dank mevrouw Van der Meer. We beginnen bij de heer Van Wijk.
65 De heer Van Wijk: Dank, voorzitter. Een vraag, in hoeverre zijn er niet andere voorlichtende voorzieningen die deze mensen om hun recht tot het maken van vereniging kunnen halen, ook kunnen helpen? Ik denk aan bijvoorbeeld de wijkteams of zo, dat die daar iets in kunnen betekenen of sociale …. Bij Deventer wordt hier achter me gefluisterd maakt niet uit … waarom moet hier een aparte oplossing voor worden gevonden? Een tweede vraag is, is er ook een orde grootte van de kosten die hiermee vallen te maken. De voorzitter: Mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Dank, voorzitter en dank de heer Van Wijk voor deze vraag ook. Ja, ik heb het zelf ook nagevraagd bij de wijkmanager van de binnenstad Hoven en die is er wel eens tegen aangelopen dat partijen een stichting wilden worden, maar daar hebben ze dus geen beroep gedaan op het wijkbudget, omdat het eigenlijk ook daar niet voor bedoeld is. En wanneer dat dus wel kan, misschien in andere wijken was dat wel zo, hebben we ook nog steeds te maken met initiatieven die wijk overstijgend zijn. Dus uit welk wijkbudget gaat het dan? En dat is het enige voorliggende voorziening die ik dan kan bedenken. Over de vraag hoeveel wij kunnen verwachten, daarvoor stellen wij ook voor om eerst twee jaar te kijken, in 2025 en 2026 en dan te evalueren.
Ik durf nog niet te zeggen hoeveel verzoeken dus binnen zullen komen en daarna zullen we ook aanvullende criteria stellen of roepen we het college op om aanvullende criteria te stellen. Dus dat niet iedere partij die een stichting wil worden, dat automatisch ook wordt. Ik bedoel, je moet wel een beetje kritisch zijn. De voorzitter: De heer Van Wijk, volgende vraag. De heer Van Wijk: Ja, dank u voorzitter. Dan wil ik mijn vervolgvraag aan de portefeuillehouder stellen, in hoeverre er nog andere voorzieningen zijn, zoals ook in andere gemeenten gebruikelijk is? De voorzitter: Ja. Daarvoor gaan we straks naar het college. De heer De Niet, aan u het woord. De heer De Niet: Ja, dank u wel, voorzitter. Op zich sympathieke motie. Alleen ik was wel benieuwd, u zegt de kosten zijn hoog, welke, wat zijn de kosten volgens u van het oprichten van een stichting? De voorzitter: Mevrouw Van der Meer? Mevrouw Van der Meer: De kosten voor notaris liggen volgens mij tussen de 400 en ik hoorde eerder vanavond 1200 euro. Ik heb het niet precies opgezocht. Dat is nogal een bandbreedte. En daarna zijn er kosten voor de Kamer van Koophandel en die zijn een stuk minder groot, maar dus wel een paar 180 euro voor de Kamer van Koophandel. Vergeleken de notariskosten is dat natuurlijk niks.
De heer De Niet: Ja, op zich en dat is inderdaad, dat bedrag heb ik ook een aantal bedragen, die orde grootte heb ik ook gehoord en op zich is dat niet een ontzettend hoog bedrag, zou ik willen zeggen. Uiteindelijk, dus als je ergens, volgens mij, als je dat niet zelf hebt, dan zou je zeggen het moet te organiseren zijn dat je iemand vindt die bereid is om dat voor jouw stichting, als je die moet betalen, de worsteling zit in, want het is gekoppeld ook aan subsidie. Als er een partij of een groep mensen het niet voor elkaar krijgt om een stichting op te zetten om een subsidie te krijgen, hoe kunnen ze dan wel met die subsidie omgaan? Dus dat is een beetje de kip ei verhaal en ik worstel wel met die vraag en hoe kijkt u daar tegenaan? De voorzitter: Dat was de vraag aan mevrouw Van der Meer. De heer De Niet: Is dit niet een goed criterium voor geschiktheid voor subsidie? Dat je niet eerst die drempel over moet. Juist. De voorzitter: Mevrouw Van der Meer.
66 Mevrouw Van der Meer: Ja, voorzitter, u worstelt met mijn naam, ik worstel met het antwoord. Er zijn voorbeelden die ik voorbij heb horen komen bij de ideeënmarkt, wat ik allemaal wel sympathieke initiatieven vind en die juist ook wel werken. Het voorbeeld van afgelopen ideeënmarkt waren de Clothing Loop, die ook aangaven wij willen graag een stichting worden en vinden die kosten dus wel veel te hoog. Dat kunnen wij niet dragen. Maar dus daarin is het een tegemoetkoming. Ondertussen laten zij wel zien dat ze heel goed zijn in waarvoor zij samen zijn gekomen. Namelijk echt een bewonersinitiatief opzetten en bewoners organiseren. En ik denk dat zij ook wel voldoende bestuursleden kunnen vinden om inderdaad een stichting in te richten. Alleen dat stukje, de middelen bij elkaar krijgen, dat is dus juist de drempel. De voorzitter: De heer De Niet tot slot en daarna gaan we naar …. De heer De Niet: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik zou in ieder geval ook wel, ik denk dat Deventer Doet bijvoorbeeld adviseert op dat vlak juist ook bijvoorbeeld andere verenigingen. Volgens mij zou dat ook best wel Deventer Doet passen en ik ben ook wel benieuwd hoe het college hier tegenaan kijkt. De voorzitter: Dan gaan we naar het college. Mijnheer Roetert. De heer Roetert: Ja, dank u wel voorzitter.
Ik wil eerst zeggen dat het bijzonder sympathiek is om inwoners hun initiatieven te laten ontplooien. Maar als Gemeentebelang hebben we wel onze vraag ten aanzien van de tweede bullet, dat dat zorgvuldig moet gaan gebeuren. Er moet onderzoek gedaan worden of degene die een stichting wil opzetten of dat de haalbaarheid goed van is. Of de initiatieven goed zijn, dus dat is wel van groot belang, want als je zomaar zegt je kunt van de stichting beginnen, ze zijn namelijk tweedehands niet zo gek veel waard op Marktplaats, dus het moet wel door kunnen blijven gaan. Als je investeert in een stichting voor mensen, dan moet het wel zijn resultaat hebben. Dat vinden wij bijzonder belangrijk. Verder denk ik dat mensen die iets willen beginnen en daarvoor een stichting nodig hebben, zeker zoveel gebaat zijn bij goede voorlichting en verwijzing naar instanties als met die circa 1200 euro die de notariskosten zijn. Dus dat is even van onze kant en verder willen we ook graag weten hoe het college daarin staat. Maar ik denk dat dat belangrijk is. De voorzitter: Dat is een vraag aan het college en verder geen vraag aan u, mevrouw Van der Meer, ik weet niet of je nog wil reageren. Mevrouw Van der Meer: Nee, de opmerking, voorzitter, vind ik ook. De voorzitter: Is mooi. Dank u wel, mijnheer Roetert. Mevrouw Sipman, aan u het woord. Mevrouw Sipman: Ja, dank u wel voorzitter.
Ja, wij worstelen toch een beetje mee, de regels omtrent het oprichten van een stichting zijn er niet voor niets. Een stichting begin je niet zomaar, moet je ook niet lichtzinnig over denken, want dat brengt ook verantwoordelijkheden met zich mee. En op het moment dat wij nu die stichtingskosten dan maar even gaan subsidiëren, is wel de vraag van in hoeverre voelt het stichtingsbestuur zich ook echt verantwoordelijk voor die stichting? Een vraag aan de indieners of aan de indiener hoe zij daarover denkt. De voorzitter: Mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Dank, voorzitter en dank, mevrouw Sipman. Ik denk dat juist de kosten soms en drempel zijn en hierna kunnen ook wel subsidies aangevraagd worden op het moment dat zij in stichting zijn en kunnen zij dus juist ook middelen binnenhalen. Alleen die investering is vaak te groot, puur door die notariskosten. Dus dat is dus juist de drempel. Dus dan komen we toch weer een beetje bij het kip ei verhaal, maar de kosten zijn dus juist de drempel en dat beoogt deze motie om die drempel te verlagen. De voorzitter: De heer Van den Nieuwenhof, aan u het woord.
67 De heer Van den Nieuwenhof: Dank u wel, voorzitter. Ik had nog een tip over de kosten. Ik had even zitten googelen, startstichting punt nl, 375 ben je klaar, heb je een stichting, … voordeel mee. De voorzitter: Ik stel voor dat mevrouw Van der Meer en wellicht ook het college het meeneemt voor de uitvoering van deze motie. Mevrouw Eekhuis, aan u het woord. Mevrouw Eekhuis: Dank u wel, voorzitter. Ik wil toch even reageren op de aanname die er lijkt te zijn dat als er geen geld geïnvesteerd kan worden, dat men dan of niet kundig of niet serieus genoeg zou zijn. Dat zou ik toch wel willen bestrijden, want zo nu en dan hebben de mensen gewoon het geld niet, terwijl ze over alle andere capaciteiten wel beschikken. Vervolgens wil ik me nog aansluiten bij de vraag van de heer Van Wijk, voor de wethouder of er ook andere potjes beschikbaar zijn waar dit wellicht al uit gefinancierd zou kunnen worden? Dank u wel. De voorzitter: De heer Kaya. De heer Kaya: Ja, ik wil nog even in reactie op de heer De Niet nog even reageren op waarom je zoiets zou moeten steunen? Dus waarom je initiatieven die voor de samenleving een hele goede en positieve dingen kunnen gaan opleveren juist wel zou moeten ondersteunen? Want je geeft ook iets terug aan de samenleving en dat is alleen maar goed voor ons in Deventer. De voorzitter: Mevrouw, u wilt een tweede, prima.