CConstaterende datDeventer
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-07-10 Transcript Raadsvergadering gemeenteraad Deventer 10 en 11 juli 2024

Raadsvergadering 10 juli 2024, gemeente Deventer62.135 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 6

En in zware tijden kunnen we met elkaar de afweging maken om daar een deel van in te gaan zetten en met al die posten en we gaan u daar optimaal over informeren, binnen de reguliere cyclus, begin oktober krijgt u van ons de begroting, dan gaan we in eind september als college ons over buigen en dan kunt u zien hoe we dat voor elkaar gaan krijgen. Maar dat kan nog steeds. Het Rijk is nog steeds bezig en we gaan in september, wat ik net zei, gaan die gesprekken gevoerd worden met het nieuwe kabinet. Er komt straks ook een septembercirculaire, stel dat daar een heel negatief beeld voor gemeente uit gaat komen, dan kan het zo zijn dat we voor komend jaar in een andere situatie met elkaar komen en dat we wel in een bezuinigingssituatie komen, maar daar zullen we een heel uitgebreid traject voor met elkaar op moeten zetten. Ik weet niet of u bij een kwestie van kiezen was een aantal jaar geleden, dat is een behoorlijk intensief project geweest, wat een behoorlijke tijd geduurd heeft om met elkaar tot bepaalde afwegingen te komen. En we hopen dat het niet zover hoeft te komen. Dit jaar zeker nog niet. De voorzitter: Ja. Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank wel voorzitter. Ja. Een vraag aan de heer Donkers als indiener.

Want wij vinden het natuurlijk ook heel vervelend dat we nu nog niet een heldere situatie hebben en die duidelijkheid die tot een sluitende meerjarenbegroting leidt. Maar er staat heel duidelijk op pagina 50 dit zijn de OZB-opbrengsten. Dit zijn de opbrengsten per jaar van de OZB-verhoging. Dat zou toch ook kunnen betekenen dat iedereen zelf zou kunnen zien waar dat geld weggehaald zou kunnen worden nu of straks bij de begroting. Hebben we daar die lijst voor nodig? Want het zijn toch vooral politieke keuzes? De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Mevrouw Scholthof legt hem voor het doel zonder keeper. Ja, het zijn politieke keuzes en dat betekent dat deze raad die politieke keuzes, die afwegingen moet maken. Dat is het hele …, dat is wat we doen. Maar goed, dan moeten we wel in positie worden gebracht en voldoende informatie krijgen van dit college. En dat heeft … we gaan het zo hebben over het abonnement, de raad is vanavond in deze samenstelling, straks in meerderheid van mening dat die informatiepositie gauw niet op orde is. Dat wij niet in staat zijn om die besluiten te nemen en dat we daarvoor scenario's nodig hebben. Dank voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Eekhuis.

33 Mevrouw Eekhuis: Ja, dank u wel voorzitter. Ik heb een vraag aan de wethouder. Dat was volgens mij een duidelijke toezegging, dat mocht het zo worden, dat heeft u helemaal toegelicht, dat de bezuinigingen op ons afkomen, dat u ons daar uitgebreid in mee gaat nemen in alle scenario's en dat wij dan in raad in stelling worden gebracht. Dat is een toezegging. De heer Elferink: Dat heeft u mij horen zeggen. En dat is mijn toezegging. De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Dan constateer ik dat het college hier positief op kan beantwoorden, want wij worden gewoon in positie op dat moment gebracht. De heer Elferink: Voor de duidelijkheid, voorzitter, ik heb het over het jaar 2026. Voor dit jaar voorziet het college geen bezuinigings … Mevrouw Van der Meer: Voorzitter, ik heb echt de portefeuillehouder vorige week luid en duidelijk horen zeggen dat het heel moeilijk zou worden om de begroting van 2025 sluitend te krijgen. Dus nu ben ik echt in de war. De heer Elferink: U ziet een behoorlijk gat in deze begroting staan.

Dus dat is uitdagend, maar wij zien wel mogelijkheden met de maatregelen die ik net geschetst heb om die zaak sluitend te krijgen en desnoods, u heeft ook in de auditcommissie de accountant horen zeggen wij hebben gelukkig wat vet op de botten, dus we zouden bijvoorbeeld ook nog wat reserves in kunnen gaan zetten, alhoewel we daar heel terughoudend mee om willen gaan, omdat we gewoon in onzekere tijden wil je ook wat armslag houden met elkaar. Maar voor nu, voor dit jaar, in aanloop naar de begroting, voorzien wij geen bezuinigingen. Maar mocht dat en wat ik net gezegd heb tegen mevrouw Eekhuis van het PvdA, mocht die situatie voor het nieuwe jaar anders worden, stel dat we in de septembercirculaire enorm verrast worden en we moeten wel flink in de achteruit, ja, dan zullen we u daar uitgebreid, zoals het hoort, in meenemen. De voorzitter: Mag ik het ook zo begrijpen dat u zegt de tijd tussen nu en het behandelen van de begroting is te kort om nog zorgvuldig met bezuinigingsvoorstellen te komen. Is dat ook wat u zegt … het gaat om een langdurig proces? De heer Elferink: Tot aan de komende begroting zijn bezuinigingsvoorstellen niet aan de orde.

Ik kan niet vooruitzien wat dat voor het nieuwe jaar betekent als we na de septembercirculaire en die nemen we niet mee in de begroting voor 2025, maar in het komend jaar, als we het hebben over de begroting 2026, dan zou er een andere situatie kunnen zijn, maar die zien wij … Dat kunnen we nu nog niet voorzien, omdat wij grotendeels afhankelijk zijn hoe dan ook van het Rijk. De voorzitter: De heer Donkers nog. De heer Donkers: Dank u, voorzitter. Dit is wat ik bedoelde met de achterkamertjes waarin het college de keuzes gaat maken die de raad eigenlijk had moeten maken en straks met een voldongen voorstel komt richting de coalitie. Dank, voorzitter. Schrappen extra OZB-verhoging De voorzitter: We gaan door met het amendement budgetrecht, nee, we gaan de motie extra verhoging OZBopbrengst schrappen, Gemeentebelang, CDA. De heer Smeenk: Ja, voorzitter, dank u wel. We weten dat er op bladzijde 5 in de Voorjaarsnota vermeld staat de regel in de inleiding van de wethouder, de actuele financiële situatie in het najaar bepaalt of deze mate

34 inderdaad nodig is en of er daarnaast nog andere stappen nodig zijn, zoals bezuinigen. Dat het college zich zal inspannen om de extra OZB-verhoging te voorkomen, staat hier wat cryptisch omschreven. Met deze motie willen we dan als raad of als indieners ook mee de opdrachten en een duidelijk signaal afgeven door het doen van extra inspanning en deze opdracht benadrukken. Het is toch een lastenverzwaring voor iedereen. De eigenaar van onroerend goed zaken en ook huurders via de waarschijnlijke doorberekingen in huur. We verzoeken het college te komen met een goed onderbouwde voorstellen om de raad in stelling te brengen zodat zij gedegen keuze kan maken voor het invullen van het budget, slash begroting. De voorstelling wel graag tijdig, zeker begin oktober, aanleveren. Deze wordt mede ingediend door CDA en D66. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Zieverink, gaat uw gang. Mevrouw Zieverink: Dank u, voorzitter. Ja, ik had nog wel een vraag. Wat is op een verantwoorde manier? De voorzitter: De heer Smeenk. De heer Smeenk: Dat is ook aan het college om dat te bepalen, maar gewoon dat we Deventer niet in de financiële problemen brengen en dat we gewoon wel de stabiele financiële huishouding kunnen waarborgen. De voorzitter: Mevrouw Zieverink, gaat uw gang. Mevrouw Zieverink: Dank u, voorzitter.

Zijn de indieners niet van mening dat dit wel wat smarter geformuleerd kan worden, zodat we ook allemaal weten waar we daadwerkelijk mee kunnen instemmen. De voorzitter: De heer Smeenk. De heer Smeenk: Dat is uw mening. Ik zie niet in hoe ik het smarter kan formuleren. De voorzitter: Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Dank u, voorzitter. Goed, aangezien ik niet een van de mede indieners ben, zal ik me daar dan even niet mee bemoeien met hoe de formulering precies is. Maar dan hou ik het dus wel bij vragen om wel die duidelijkheid te krijgen die onze fractie nodig heeft om hier een mening over te vormen. Want dan is ook eigenlijk nog wel even de mening, wat bedoelen we met extra inspannen? De voorzitter: De heer Smeenk. De heer Smeenk: Het college geeft aan in de Voorjaarsnota dat ze een inspanning wil doen, maar we willen gewoon dat ze extra goed en dat extra hun best gaan doen om toch potjes en dingen te vinden en niet dat er makkelijk overheen lezen. De voorzitter: Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Ja, voorzitter, laatste vraag, wat gaan wij aan onze inwoners hierover communiceren morgen? Gaan we wel of niet een OZB-verhoging of verlaging hebben? De voorzitter: De heer Smeenk. De heer Smeenk: Daar kunnen we dan nu nog niet communiceren, dan is dat met de begroting. De voorzitter: De heer De Niet.

35 De heer De Niet: Dank u wel, voorzitter. Ik ben wel benieuwd naar de heer Smeenk en ook de andere indieners, want u geeft een opdracht aan het college mee en we hebben al eerder … er zijn eigenlijk drie, misschien zijn er vier opties. Of die OZB-verhoging wilt u niet. Bezuiniging is een optie, wil het college heeft aangegeven, gaan we niet doen, willen we niet, heeft volgens mij mevrouw Scholthof ook aangegeven. We gaan interen op de reserves of onze hoop is gevestigd op Den Haag. Daar komt het een beetje op neer, alhoewel dat misschien wel meevalt met de bezuiniging die we daar krijgen. Ik weet niet of ik op die laatste zou gaan willen gokken. Dus ik wil graag van die indieners weten, is voor hen bezuinigen een optie of is het … staan zij in die zin achter het college en zeggen ze we gaan niet bezuinigen? De voorzitter: De heer Smeenk. De heer Smeenk: Vooralsnog krijgen we nog mee dat het bezuinigen nog niet echt noodzakelijk is, maar dat het maken van keuzes en prioritering eerder aan de orde is. De voorzitter: De heer De Niet. De heer De Niet: Voorzitter, dank u wel. Een niet een heel helder en smart antwoord, als u moet kiezen tussen OZB-verhoging of bezuinigen, wat kiest u dan? De voorzitter: De heer Smeenk. De heer Smeenk: Die keuze ligt nog niet aan ons voor, maar u kunt in ons verkiezingsprogramma van Gemeentebelang lezen hoe wij daarover denken.

De heer De Niet: Zou u dat misschien hier nog even in deze zaal willen herhalen? De heer Smeenk: Wij zijn in principe tegen OZB-verhoging. Dat staat in ons verkiezingsprogramma. De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Ja, mijnheer De Niet stelt ook een vraag richting de indieners, dus vandaar dat ik even reageer, voorzitter. In principe geeft het college aan dat er nog geen bezuinigingsmaatregelen aan de orde zijn. Als dat wel het geval is, zijn wij dan bereid om die keuzes te maken hier samen met u in de raad. Dus dat is ons antwoord. De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donker: Stond dat maar in de motie. Kijk, even vooropgesteld voorzitter, ik schrijf ook wel eens moties samen met andere partijen en op een gegeven moment krijg je dan zo'n motie van Frankenstein waarin iedereen er wat van heeft mogen vinden. Drie partijen komen bij elkaar, er moeten twee keer langs het college. Er wordt nog een ambtelijk plasje over gedaan en dan krijg je dit vrij onleesbare stuk, maar in ieder geval dus dan drie punten in die mijnheer De Niet noemde en het tweede punt bij de raad vindt het volgende, die is vrij relevant, want daarin staat dat als ze met een reële begroting, ik heb geen idee wat het is, misschien weet het college het, over de brug komen, dat de OZB-verhoging dan als eerste wordt geschrapt.

Maar goed, ik hoorde het college net zeggen, ja, waarschijnlijk moeten we dan nog steeds interen op de reserves, dus laat ik hem dan anders stellen aan de heer Smeenk en misschien moeten de andere indieners er ook wel wat over zeggen, zijn de indieners bereid om in te teren op de reserves op het moment dat we toch geen sluitende begroting hebben, maar wel extra of een reële vergoeding komt vanuit het Rijk? De voorzitter: De heer Smeenk.

36 De heer Smeenk: Ja, de vergoeding van de … weten we natuurlijk nog niet wat daarvan uitkomt. Het is een overweging wat u geeft, … eventueel dan toch met bezuiniging moeten komen maar dat ligt nog niet aan ons voor, dat komt met de begroting. De voorzitter: De heer Donkers niet. Oké. Dan mevrouw Scholthof. mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Ja, de algemene reserves heb ik ook al gezegd in onze algemene beschouwingen, dit is het moment om ze in te zetten. Dus dat is denk ik een antwoord op uw vraag. Maar ik verwacht ook geen mooie meevallers van het Rijk, maar het zou wel kunnen. Kijk, het mag duidelijk zijn dat ook voor onze partij een OZB-verhoging een moeilijke keuze is. Maar goed, wij kunnen ook niet echt anders door de situatie. Voor ons is het heel belangrijk dat die eenmalig wordt ingezet en gewoon weer geschrapt wordt volgend jaar. Maar het mag vooral niet lichtzinnig gebeuren, want ik zie in heel veel gemeentes, oké, de OZB is een makkelijke knop om aan te draaien, dat is het voor ons niet. Het mag geen lichtzinnige keuze zijn. We moeten eerst denk ik op onze reserves interen en temporiseren waar we kunnen, uitstel waar dat verantwoord is voor de samenleving. Maar wel die urgente opgaven aanpakken. Want daarvoor zijn wij hier in deze gemeente. En als dat betekent dat je een eenmalige OZB-verhoging moet doen, dan moet dat maar. Maar echt liever niet.

De voorzitter: Mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Ja, voorzitter. Deze motie heeft heel veel elementen om te ontleden. Ja, te beginnen, fijn dat de indieners de toelichting hebben gedaan in het voorstel dat het alleen op verantwoorde wijze kan. Dat suggereert dat de indieners normaal gesproken voorstellen indienen die onverantwoord zijn. Maar dat terzijde. Ook nog het punt van zijn de indieners zich bewust van dat als zij instemmen met Voorjaarsnota, instemmen met nieuw beleid waar dit onderdeel van uitmaakt? Dus op dit moment stelt het college wel voor, zoals volgens mij in het verkiezingsprogramma van Gemeentebelang ook staat, dat de OZB het sluitstuk is van de begroting. Maar de vraag die ik eigenlijk wil stellen, want in de overwegingen staat wel degelijk dat optie van bezuinigingen of efficiënter werken. Zijn de indieners nu van mening dat er niet efficiënt gewerkt wordt in deze gemeente? De voorzitter: De heer Smeenk. De heer Smeenk: Dat zijn we zeker niet van mening. Maar er zijn altijd … Ook in de situatie waar ik zelf in werk, zijn er altijd mogelijkheden om toch misschien na te denken hoe we er anders of vaak wordt dat dan genoemd efficiënter te werken. De voorzitter: Mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Heeft de indiener hier ook concrete voorbeelden van? De voorzitter: De heer Smeenk.

De heer Smeenk: Ik heb hier zo geen concrete voorbeelden van en daar houd ik het ook bij. De voorzitter: Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Dank voorzitter. Ja, ik hoorde van alles en toen dacht ik nou ik heb misschien toch nog wel even een vraag. Ik heb nog in mijn hand, we kiezen voor het verlagen van de OZB vanaf 2023 van CDA, behalve voor 2024, want dat is dan wat ik nu hoor. Dus de vraag aan de indieners is dan ook eigenlijk wel als dit dus maar eenmalig is en wij zijn in principe voor een sluitende begroting en we zijn in principe tegen een OZB-verhoging, waarom dan zo’n vaag gebeuren en waarom zeggen we dan niet gewoon voor 2024 is het eenmalig en waarom gaat u dan dat niet indienen?

37 De voorzitter: De heer Smeenk. De heer Smeenk: Ik neem aan dat u bedoelt voor 2025, maar dit is gewoon een eenmalige vorm en we proberen gewoon de lastverzwaring van onze inwoners op deze manier te voorkomen. De voorzitter: Zieverink. Mevrouw Zieverink: Dank voorzitter. Maar er wordt net aangegeven door de indieners dat we eventueel bereid zijn om in te teren op de reserves om dit eventueel te bekostigen. Dus als dat het geval is, dan kunnen we toch gewoon zeggen, we kunnen dat … hele in principe eruit laten, we hebben gewoon geen OZB-verhoging, maar dat is niet nodig. De voorzitter: De heer Smeenk. De heer Smeenk: Volgens mij vragen we aan het college om met voorbeelden en mogelijkheden te komen om deze eventueel deze extra OZB-verhoging te voorkomen. De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Ja, misschien nog een punt ter verduidelijking. Een eenmalige OZB-verhoging bestaat niet, het zijn structurele baten, dus elk jaar loopt op het moment dat je het 6 procent volgt en daarna weer teruggaan naar 3 procent, dan heb je een structurele baten. Daarom staat het er ook structureel ingeboekt. Daarom zou het de VVD ook rampzalig lijken om die structurele baten te compenseren door elk jaar te putten, 1 miljoen per jaar of … euro per jaar te putten uit de weerstandsreserve.

Ik kan me niet voorstellen dat dat het beleid is dat het CDA voorstelt en anders zou ik in ieder geval de toezegging willen van het college dat zij niet die OZB-verhoging gaan compenseren door hem structureel te compenseren uit de weerstand. De voorzitter: Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Dank, voorzitter. Ja, volgens mij zitten we straks nog ook nog bij elkaar een keer, in een eetpauze, want ik zie eigenlijk wel een relatie tussen wat nu voorligt en eigenlijk ook wel het voorstel wat de VVD net heeft gedaan, om een lijst aan te leveren met mogelijke bezuinigingsmaatregelen en dat zouden de mogelijke inspanningen kunnen zijn die eigenlijk hierin genoemd staan. Dus misschien is het nog een voorstel om daar een gezamenlijk iets van te maken. De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Ja, laten we er zeker over doorpraten, maar volgens mij, we teren al in onze reserves om straks de begroting sluitend te gaan maken. Dus dat doen we al in die OZB-verhoging eenmalig, die is duidelijk als ik deze Voorjaarsnota zie, nodig. Ik vind het een hele belangrijke afweging dat heel veel gemeenten ook ervoor hebben gekozen in de afgelopen jaren om bijvoorbeeld met de inflatie de OZB mee te verhogen. Dat is boven de 10 procent geweest. Wij hebben altijd, het is altijd gelukt om in Deventer het op 3 procent te houden.

Ik ben daar wel trots op, maar ik zie dat dit jaar gewoon echt een ander jaar is door wat Den Haag gewoon op ons afwerpt. Dus dit is volgens mij een noodzakelijke maatregel. De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Ja, dank voorzitter. Volgens mij moeten we stoppen met onze inwoners voor de gek te houden. Het is een structurele lastenverzwaring van 900 zoveel 1000 euro, deze OZB-verhoging. Elk jaar werkt hij door. Dat gezegd hebbende, de VVD staat altijd open voor samenwerking. We hebben ook deze vrijdagochtend hebben

38 we deze motie gedeeld in het RIS en later kwam dit stukje nijverheid van drie coalitiepartijen. En er is verder ook op geen enkel moment daar samenwerking gezocht. Even voor de voor de beeldvorming. De voorzitter: De heer Van den Nieuwenhof. De heer Van den Nieuwenhof: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik had een vraag aan indiener de raad draagt het college op en daar staat bij het resultaat van deze extra inspanning bij de komende begroting aan te leveren ruim voor de behandelingsdatum. Kan daar ook een datum komen te staan? Is dat dan begin september, halverwege september dat we de tijd hebben wat we kunnen verwachten. De voorzitter: De heer Smeenk. De heer Smeenk: De gebruikelijke periode om zoiets in te dienen is gewoon begin oktober. En daar kan hem voor mij wel in komen te staan. De heer Van den Nieuwenhof: Oké, dank u. De voorzitter: Mevrouw Eekhuis. Mevrouw Eekhuis: Ja, dank u wel, voorzitter. In het kader van de inwoner niet voor de gek te houden en hem goed informeren, wil ik toch nog maar even weer benoemen dat de OZB-verhoging gaat over twee, maximaal drie tientjes. Volgens mij tel ik er dan echt nog een tientje bovenop die er extra bovenop komt, waarmee wij al onze ambities in deze stad, voor al onze inwoners willen waarmaken. De voorzitter: De heer De Niet. De heer De Niet: Dank u wel, voorzitter.

Nog een vraag aan de indieners, want de heer Donkers haalde zijn eigen motie net ook even aan en eigenlijk hebben ze best wel veel … De intentie is best wel gelijk. Alleen is een heel essentieel en groot verschil, dan wil ik aan de indieners vragen waarom ze niet gewoon de motie van de heer Donkers omarmen. Namelijk het verschil is dat in de motie van deze coalitiepartners het college kiest. In het voorstel van de heer Donkers krijgt de raad iets te kiezen, want er liggen meerdere voorstellen en dan kunnen we kiezen tussen die lastenverzwaring die, ik hoor het CDA een beetje terugkrabbelen, blijkbaar toch echt nodig is, want de inflatie was ook heel hoog, dat hoor ik het college ook zeggen. Dus ja, staat u nou achter deze motie of niet? Of kunnen we kiezen tussen die lastenverzwaring of bezuinigingen of het interen op onze reserves. En de raad moet die keuzes maken en die keuze moet niet in het, wat ons betreft, niet in het collegehoek worden gemaakt. De heer Smeenk: Dat staat hier volgens mij ook niet, volgens mij vraag ik om het college met keuzes te komen, zodat wij als raad daar een beslissing over kunnen nemen. De voorzitter: Wethouder Elferink. De heer Elferink: Voorzitter, dank u. Ja, het college, om toch even misverstanden weg te nemen, is niet van de achterkamertjes. We proberen zo transparant mogelijk te zijn naar u toe.

In aanloop naar belangrijke momenten in de PNC-cyclus informeren wij uw raad, houden we technische sessies waarin we het financiële beeld schetsen waarin wij opties met u verkennen. Dus ja, het stoort ons dat u het heeft over achterkamertjespolitiek. Maar dit even terzijde. De OZB-opbrengst schrappen. Ja, wij achten het op dit moment nodig, ik wil even aansluiten bij mevrouw Eekhuis. Voor de gemiddelde woning, iets meer dan drie ton, betaalt u op dit moment 353 euro OZB. Dus 3 procent extra verhoging of 4 procent extra verhoging is te overzien, is inderdaad in de orde van grootte van 15 euro op jaarbasis. Dan even naar de motie om zich extra in te spannen. Ja, we hebben het al in de Voorjaarsnota ook aangegeven van als het niet nodig is, zullen wij deze maatregel als eerste schrappen als het

39 Rijk voldoende middelen aan de taken koppelt, dan is dat ook mogelijk. En we gaan kijken, de komende tijd, want de heer De Niet heeft het maar over een paar opties, maar ik heb ook een aantal maatregelen genoemd die we gewoon nog kunnen inzetten. We hebben een aantal stelposten, ziet u ook staan in deze Voorjaarsnota, die kunnen we gaan inzetten. Dat zijn afwegingen waar we u als raad bij betrekken en waar wij u begin oktober krijgt u van ons de begroting en dan ziet u waar aan welke knoppen wij gedraaid hebben en als u aan andere knoppen wil draaien, bijvoorbeeld door nieuw beleid te schrappen, kan dat altijd natuurlijk. Dat is aan uw raad. Ten aanzien van deze motie, kunnen we positief adviseren. De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Ja, voorzitter, voor de volledige duidelijkheid, dit gaat natuurlijk om extra inspanning te leveren voor het bestaand beleid. Ik denk als je zaken hebt zoals netcongestie en andere belangrijke nieuw beleid die we zo meteen met elkaar gaan voeren in deze gemeente, dat we daar heel voorzichtig en zorgvuldig mee moeten omgaan. Maar die duiding wil ik nog even meegeven. De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Ja, ten eerste VVD is blij om te horen dat het college niet via de achterkamertjes gaat werken en is daardoor ook alvast blij met wat er straks gaat gebeuren bij het amendement van de oppositie.

Toch even voor de scherpte, ik hoor het college positief reageren op deze motie, waarin staat de OZB-verhoging als eerste weer te schrappen als er met een reële vergoeding door het Rijk over de brug wilt komen. Even voor de schepte, dat is waar dit college positief over is. De voorzitter: De heer Elferink. De heer Elferink: College positief over dictum, zoals dat hier staat, om zich extra in te spannen om zo mogelijk te maken dat we de extra OZB-verhoging in 2025 kunnen schrappen onder voorwaarde dat dit op verantwoorde wijze kan. En daar gaan we naar kijken. En wij denken op dit moment dat het niet verantwoord is zoals we die Voorjaarsnota nu gepresenteerd hebben, maar wij kunnen dat niet voorzien waar wij straks in het najaar staan. De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Ja, dank voorzitter. Dan de vraag aan de wethouder, wellicht met een toezegging, stel deze motie haalt het, dat betekent dan dat het college dit schrijven naast zich neerlegt, vergeet? De voorzitter: Wat bedoelt u met dit schrijven? De heer Donkers: Excuus. Alle punten onder de raad heeft gesproken over en de raad vindt het volgende. De voorzitter: Oké, dus de overwegingen. De heer Donker: De overweging inderdaad. De heer Elferink: Ja, de overwegingen zijn aan indienende fracties. Wij hebben ons geconcentreerd op het dictum en daar staat een heel duidelijk zin in en daar zijn we positief over.

De voorzitter: Mevrouw Van der meer. Mevrouw Van der Meer: Dank voorzitter. Ja, ik ben echt even het voorstel erbij aan het pakken, want dat gaat over dat we instemmen, ook met het nieuwe beleid. En is de verhoging nieuw beleid of niet, want het staat wel in het lijstje, nieuw beleid. Die verduidelijking heb ik echt nodig om dit te snappen.

40 De voorzitter: De wethouder Elferink. De heer Elferink: Dank u, voorzitter. Ja, onze reguliere beleid is dat we met 3 procent verhogen en eenmalig wijken we daar vanaf en we hebben, dit is zelfs in afwijking van hetgeen we u gepresenteerd hebben bij het bestuursakkoord in het begin van dit college. Dus dat is niet lichtzinnig genomen, dit besluit. De voorzitter: Mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Dan ook, wanneer we deze motie aannemen, doen we het dan wel of niet? De voorzitter: Wethouder Elferink. De heer Elferink: Wat bedoelt u daarmee? Mevrouw Van der Meer: Voorzitter, volgens mij staat er dus inderdaad een besluit dat we dus het nieuwe instemmen met het nieuwe beleid, het is onderdeel van het nieuwe beleid. Deze motie roept op om dat anders te doen, is een motie, maar geen amendement. Ergens zei de wethouder al we gaan ons best doen om wel al te kijken, maar stelt u nu beleid voor waarbij u op voorhand al zegt we gaan ons best doen het niet te doen. Ik snap dat u het misschien ook niet meer volgt, maar ik ben het ook kwijt. De voorzitter: Wethouder Elferink. De heer Elferink: Ja, het lastige met dit soort zaken, is kijk, u stelt pas bij de begroting de tarieven voor de OZB voor het nieuwe jaar vast.

Zoals wij hier gebruikelijk met u acteren, met een Voorjaarsnota sorteren we voor op een begroting die u straks dit najaar gaan voorleggen en met alles wat wij nu op ons af hebben zien komen op financieel gebied gezien en met allerlei ontwikkelingen waar wij een nieuw beleid, waar we ook middelen aan willen koppelen, wat net D66 al inbracht, de netcongestie, daar moeten we iets mee, anders vallen we stil als we daar niet op investeren, maar we moeten ook iets met inburgering. Er zijn heel veel onderwerpen waar wij op door willen en dat maakt dat wij op dit moment en alle loon- en prijsstijgingen waar wij mee te kampen hebben gehad het afgelopen jaren, dat we genoodzaakt zijn om deze verhoging nu eenmalig door te voeren. En als en daar roept deze motie ons toe op, als er zich omstandigheden voordoen, want de meeste middelen, hoe we het ook wenden of keren, de OZB-opbrengst is iets van 30 miljoen op de totale begroting van bijna 500 miljoen. Ja, de meeste middelen komen van het Rijk. En als het Rijk ja, wie mag het weten, toch tot nieuwe inzichten komt en ons beter bedeelt voor de taken die we hebben met elkaar, dan gaan we als eerste die extra OZB-verhoging schrappen. De voorzitter: Ja, de heer Akdemir. De heer Akdemir: Ja, dank u wel, voorzitter, ik wilde reageren nog op mevrouw Van der Meer alleen.

Ik ben blij met de toelichting van het college, want dit gaat inderdaad over extra inspanning te leveren binnen het bestaand beleid. Als je kijkt naar het nieuwe beleid, zaken zoals netcongestie, dat is echt serieus, daar moeten we echt zorgvuldig mee omgaan. Maar ik val in herhaling, maar ik ben in ieder geval blij met deze toelichting van het college. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Dank, voorzitter. Ja, ik zie dat de portefeuillehouder al is weggelopen, maar ik hoop dat hij nog weer terugkomt. En ik vind het toch wel interessant om elke keer te horen dat we het niet over de inhoud van de motie hebben, maar over allerlei zaken die het Rijk moet hebben. We hebben nu iets voor ons liggen, daar moeten we nu als raad een besluit over nemen. Geen idee wat het Rijk daar wel of niet in gaat doen. Dus laten we even focus houden op wat nu voor ons ligt. Want we krijgen nu al maanden, in ieder geval vanaf het moment dat ik in de raad zit, te horen tekort, ravijnjaar, we moeten wat doen, dus wat gaan we nu doen? Dat is wat wij

41 kunnen doen en dat is hier besluiten over een Voorjaarsnota. Dus ik zou het fijn vinden als we het daar ook over kunnen hebben. En zoals mijn collega de heer Donkers van de VVD al zei, is het niet eenmalig, maar is dit natuurlijk structureel. Ik zou graag van de portefeuillehouder nu willen horen als wij … als hier positief op wordt geadviseerd, wat gaat het college dan een extra inspanningen doen om te voorkomen dat we een OZB-verhoging gaan doen? En als het college zich daar extra voor wil inspannen, zou het dan niet heel verstandig zijn om die OZB-verhoging er dan überhaupt niet in te hebben staan? Want waarom zouden we anders positief adviseren op deze motie? Dank u wel. De voorzitter: Wethouder Elferink. De heer Elferink: Ja, wat je nog niet weet, daar kun je niet op acteren, voorzitter. Er zijn nog een aantal onzekerheden waar we de komende maanden aan moeten werken om duidelijk te hebben hoe we er voorstaan bij de begroting voor het komend jaar. We hebben iets voorliggen en daar hebben we ook duidelijk aangegeven we gaan voor een sluitende meerjarige begroting die we u eind dit jaar gaan presenteren. Ik heb u een hele waslijst aan maatregelen genoemd waar we nog mee bezig kunnen en die gaan we uitgebreid aan u voorleggen, want u gaat er uiteindelijk over, maar wel binnen de reguliere cyclus. En bezuinigingen zijn op dit moment niet aan orde.

De voorzitter: Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Voorzitter, is de portefeuillehouder het niet met mij eens dat eigenlijk door positief te adviseren op deze motie hij negatief adviseert over wat er wordt voorgesteld in de Voorjaarsnota? De voorzitter: Wethouder Elferink. De heer Elferink: Voorzitter, deze motie vraagt ons om bij de begroting opnieuw te kijken of het mogelijk is om die extra OZB-verhoging en u heeft gelijk, wat de VVD zegt, dat heeft een structureel doorwerkend effect, maar niet cumulatief, want dat zou het zijn als we vanaf nu ieder jaar met 6 procent zouden gaan, 3 procent extra zouden doen. Dat doen we niet eenmalig, maar dat heeft wel een doorwerkend effect. Dat is terecht. Maar op dit moment leggen we voor wat er nu voorligt, u ziet vier negatieve jaarschuiven. We weten niet hoe we er kort voor de begroting voor staan. Begin oktober krijgt u van ons de documentatie daarover. Hier worden we nu opgeroepen om op dat moment, als het mogelijk is, die extra verhoging te schrappen. Daar wil het college zich extra voor inspannen. De voorzitter: Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Dank voorzitter. Dan ben ik heel erg benieuwd waarom de portefeuillehouder wel positief adviseert op deze motie, maar niet op die van de VVD.

Want beiden vraagt om daar weleens op terug te komen, beide in oktober voor de volgende begroting, beide vraagt om een oplossing om tot een sluitende begroting mogelijk te komen. Ik ben echt nu wel een beetje lost in waarom dit dan positief is en een lijst met mogelijke bezuinigingsmaatregelen, omdat we nog niet in de toekomst kunnen kijken, negatief wordt geadviseerd. Kan de portefeuillehouder daar een toelichting op geven? De voorzitter: Wethouder Elferink. De heer Elferink: Dat kan de portefeuillehouder en dat wil ie ook. Het is op dit moment nog niet aan de orde, bezuinigingen zijn op dit moment nog niet aan de orde, want als wij bezuinigingsopties in kaart gaan brengen, dan hebben we met elkaar wat te doen, ook richting de stad. Want dat betekent dat je dan en die expositie hebben we meegemaakt, daar zijn we nu de gevolgen nog van aan het repareren, want we hebben de speelplekken wegbezuinigd via een stichting Tevreden, is niet gelukt. We hebben nu weer terug moeten nemen. Dus college ziet dat echt als een uiterste route die we met elkaar op moeten willen gaan. Dus vandaar geen positief advies op

42 de motie van de VVD, was het een amendement, maar in ieder geval op het verhaal van de VVD om die bezuinigingsopties in kaart te brengen. Bezuinigingen zijn niet aan de orde. De voorzitter: Mevrouw Zieverink ten slotte. Mevrouw Zieverink: Dank u, voorzitter. Ik begrijp dus dat de motie die nu wordt voorgelegd rondom de OZB, dus dat de OZB-verhoging eigenlijk niet een bezuinigingsmaatregel is, maar een puntje puntje maatregel om tot een sluitende begroting te komen en dat als we dan toch blijkt dat we ergens nog een pot geld hebben gevonden, we dan alsnog deze voorgestelde voortgang kunnen laten vallen, maar we kunnen niet in de toekomst kijken, dus laten we nu alvast positief adviseren. Is dat eigenlijk wat de portefeuillehouder nu zegt? De heer Elferink: Nee, dat zeg ik niet. U heeft me net gehoord en u heeft de Voorjaarsnota gelezen, die negen ton extra OZB-opbrengst, wat het ongeveer is, brengt ons niet tot een sluitende meerjarenbegroting. De voorzitter: De heer De Niet. De heer De Niet: Ik ben wel blij met niet met wat laatste, maar uw vorige antwoord ben ik wel blij mee. Daar zullen we u ook aan houden, wat u over bezuinigingen zegt, alleen ik verzoek u wel dan, ondanks dat u positief adviseert over deze motie, om alles wat in de overwegingen staat vooral door die … te gooien en alleen die dictum te onthouden.

Want alles wat daarvoor staat en dat hoor ik ook in het antwoord van de beantwoording of de inbreng van de heer Akdemir en het voorakkoord bij Gemeentebelang dat wel degelijk bezuinigen op bestaand beleid een optie is en dan ben ik wel … En dat is wat ons betreft geen optie van als dat bij de begroting opeens opduikt, want dan moeten we pijnlijke keuze gemaakt en de heer Akdemir heeft niet duidelijk gemaakt wat dan voor hem ter discussie staat. Dus mogen we in de WMO, moeten we de thuiszorg gaan afknijpen, moeten we gaan schrappen in de investeringen die we doen? De heer Akdemir poseert hier dat dat een optie is om te gaan bezuinigen, terwijl die niet aangeeft waar. De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Ja, voorzitter, de heer De Niet legt woorden in mijn mond. Ik heb nooit gezegd dat wij bereid zijn om die richting in te slaan. Wat ik zeg, is dat wij, het college alleen, extra inspanningen vragen. Ik heb ook gezegd dat wij bereid zijn, als de tijd rijp is, om te kijken welke bezuinigingsmaatregelen wij moeten treffen samen met u in deze raad. Dat gezegd hebbende, voorzitter, ik hou de portefeuillehouder natuurlijk aan zijn woord. Hij geeft aan dat er op dit moment geen bezuinigingsmaatregelen nodig zijn. Maar tegelijkertijd moeten we wel kijken hoe we bepaalde dingen wel op een andere manier willen kunnen vormgeven, smart werd al genoemd.

Misschien, sommige zaken zijn wellicht niet efficiënt. Ik kan het niet overzien. Ik ben een leek bestuurder. Maar met het college hebben we ook een vertrouwensrelatie. Dus op die manier willen wij toch het college opdragen om hier gewoon even naar te kijken. En dan in het najaar zie we wel wat het resultaat is. Budgetrecht raad De voorzitter: Ik stel voor dat we naar de volgende motie gaan of dit amendement. Amendement budgetrecht raad. Mevrouw Van der Meer, gaat uw gang. Mevrouw Van der Meer: Dank, voorzitter. Het moment voor de raad om richting te geven voor de op te stellen begroting, is het late voorjaar. Dat is nu. In mijn tijd als raadslid heb ik altijd ervaren dat het college ook een voorstel deed met een sluitende begroting bij de Voorjaarsnota en er waren momenten, bijvoorbeeld twee jaar terug en drie jaar terug, overigens hebben we toen niet altijd een Voorjaarsnota gehad, dat uit de meicirculaire bleek dat er meer geld over was. Toen was ook de raad beschikbaar om na te denken in september over hoe we deze middelen kunnen besteden. Maar dat waren de vette jaren, nu zijn de magere jaren aangebroken. Ook in dit geval zijn de indieners van deze motie bereid om mee te denken en richting te geven over hoe we omgaan met de

43 miljoenentekorten die gepresenteerd worden in deze begroting. We hebben het opgeteld over 26 miljoen. Wij nemen die verantwoordelijkheid en wij willen het college hierin helpen om richting te kunnen geven, zodat zij bij de begroting niet met een voorstel komen die dan afgeschoten gaat worden door de raad of dat er een begroting komt die kapot geamendeerd gaat worden. Het is juist van belang om tijdig bij te sturen, vandaar dit amendement. De voorzitter: Uitstekend. Reacties uit de raad? De heer Donkers. De heer Donkers: Dank voorzitter. In principe als de hele oppositie een amendement indient met een vrij substantieel punt, verwacht ik in ieder geval dat vier coalitiepartijen willen reageren op hetgeen wat mevrouw Van der Meer voorstelt. De voorzitter: Mevrouw Eekhuis. Mevrouw Eekhuis: Dank u wel, voorzitter. Ik wil best even het gesprek herhalen wat ik al met mevrouw Van der Meer eerder gehad heb over dit amendement en dat was onder andere ging het daarover, over mijn vraag van denkt u niet dat het te kort dag is om al deze informatie aan te leveren, zoals u het in dit dictum stelt? De voorzitter: Mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Dank. Het is eigenlijk te laat, want het had gemoeten bij de Voorjaarsnota. Dus wij geven nu wat extra tijd omdat in september te doen. Maar het gebruikelijke moment is inderdaad nu. De voorzitter: De heer Akdemir.

De heer Akdemir: Ja, voorzitter, dank. We zijn bijna met reces. Veel ambtenaren zullen met verlof zijn als ik het dictum lees om uiterlijk begin september hiervan scenario’s aan de raad aan te bieden, vraag ik me wel af van in hoeverre is dat haalbaar? Heeft u dat getoetst en hoe hoog acht u die kans of dit amendement wel uitvoerbaar is? De voorzitter: Mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Dank, voorzitter. Zojuist noemde ik in mijn bijdrage ook de voorbeelden van twee jaar terug en drie jaar terug, waarbij we meevallers hadden in de meicirculaire. Die werden toen ook voorbereid en zoals ik al noemde, de indieners en dat is de gehele oppositie in dit geval, staat niet alleen aan de lat op het moment dat het gaat om meevallers en dat we cadeautjes kunnen uitdelen, maar ook op het moment dat we moeilijke keuzes moeten maken. Vorige week zei de wethouder het wordt heel erg moeilijk. De voorzitter: Mevrouw Eekhuis, wou u nog iets toevoegen? Mevrouw Eekhuis: Dank u wel, voorzitter. Hoe kijken de indiener, indieners, maar ik richt me nu tot mevrouw Van der Meer, naar de toezegging die eerder is gedaan door de wethouder? De voorzitter: Mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Voorzitter, ik zou mevrouw Eekhuis willen vragen het specifieker te maken van welke toezegging.

Mevrouw Eekhuis: Dan bedoel ik de toezegging waarin die zei als de bezuinigingen op ons afkomen dat de raad uiteraard ruim op tijd en goed in stelling wordt gebracht. De voorzitter: Mevrouw Van der Meer.

44 Mevrouw Van der Meer: Ja, voorzitter. Volgens mij hebben wij gewoon ook nog niet in beeld hoe die 26 miljoen gedekt gaat worden. En als ze dan de meicirculaire meenemen, is nog steeds maar 20 miljoen, 6 miljoen is opgelost, maar net die 20 miljoen negatief, die moet nog steeds wel gedekt gaan worden. En we hebben het inderdaad over we gaan misschien niet bezuinigingen, maar ik heb ook de wethouder nog niet horen zeggen hoe dat dus wel gefikst gaat worden. De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Ja, dank u voorzitter. Ik vroeg me nog wel af hoe dit amendement eigenlijk zich verhoudt tot de motie van de VVD. Want ik zie wel heel veel gelijkenissen. Kunt u daar misschien een reflectie op geven via de voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Ja, dank voorzitter. Dit is een amendement. Dus dat grijpt in op het besluit en dat is niet een motie, dus we vinden dit echt een belangrijke aanvulling op het besluit om dat te verbeteren. Dat is een van de verschillen en volgens mij gaat het wat breder over we hebben lastenverzwaring, bezuinigingen, maar bijvoorbeeld ook het aanwenden van reserves. En een ander punt is dat wij vragen om scenario's in september, dus voorafgaand aan wanneer het college besluit over de begroting op 1 oktober. De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Ja, even genoeg, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Scholthof.

Mevrouw Scholthof: Ja, dank u wel voorzitter. Het is een klein zinnetje, het amendement. Maar wel, ik vond het meteen wel ingewikkeld, want mijn vraag is ook september, is dat haalbaar. Maken we die uiteindelijke afwegingen, horen we die niet met de begrotingsbehandeling te maken in plaats van met een sessie in september? En wat voor soort scenario's heeft u het dan over? Heeft het erover dat op het moment dat het moeilijk wordt, dus ik denk even hardop, dat het moeilijk wordt om de begroting sluitend te maken. Dat het dan gaat over bezuinigen, OZB-verhoging, generieke weerstand, reserve of schrappen van beleid. Wat bedoelt u daarmee? De voorzitter: Mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Ja, voorzitter, volgens mij staat voldoende duidelijk in het amendement dat het inderdaad juist gaat voor die politieke keuzes die de raad moet maken en het juiste moment hiervoor is normaal gesproken de Voorjaarsnota, maar die optie is ons ontnomen, dus daarom is de second best optie dat te doen in september. De voorzitter: Ja, mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Ja, dank u wel, voorzitter. Volgens mij hebben we het ook al over scenario's op het moment dat we stemmen over de twee voorgaande moties, want dat gaat over of bezuinigingen in kaart brengen of over je best doen om te knijpen en de OZB-verhoging niet door te voeren.

Dus volgens mij hebben we het daar nu al over en mevrouw Van der Meer zegt ontnomen, maar dat komt natuurlijk omdat we in deze situatie zitten vanwege vele onzekerheden. De voorzitter: De heer Smeenk. De heer Smeenk: Ja, voorzitter, dank u wel. In onze beleving is deze Voorjaarsnota gewoon een winstwaarschuwing. Het college heeft eigenlijk zelf al een beetje de opdracht gegeven om een sluitende

45 meerjarenbegroting te gaan presenteren in november is het dan. En om dat informatie in september te krijgen, vraagt u niet wat te veel van het college. De voorzitter: Mevrouw Van der Meer. De heer Donkers. De heer Donkers: Voorzitter, toch een vraag mijnheer Smeenk. Heeft Gemeentebelang dan niet de behoefte om haar budgetrecht uit te voeren als grootste fractie van de raad? De heer Smeenk: Deze hebben we zeker en verwachten van het college ook gewoon de voorstellen of hoe heet het, de mogelijkheden die er straks zijn binnen de begroting. De voorzitter: Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Dank, voorzitter. Misschien helemaal buiten het politieke boekje, maar ik zou toch wel heel graag willen weten, want ik merk dat de coalitiepartijen niet per se geneigd zijn om hier ook voorstander van te zijn. Welke redenen hebben zij eigenlijk om hier geen voorstander van te zijn? Hebben wij misschien bepaalde informatie niet? Is er al een idee om dat gat te dichten in het najaar? Ik ben wel heel erg benieuwd. De voorzitter: Mevrouw Eekhuis. Mevrouw Eekhuis: Bijzondere vraagstelling vond ik dat. De reden waarom ik hier nu niet zo'n voorstander ben, is omdat ik vertrouwen heb in het college en daar zitten wij waarschijnlijk dan anders in de wedstrijd, een.

Ten tweede heb ik vertrouwen dus in de uitspraak wat de wethouder deed en het college doet, dat ze met een sluitende begroting komen in het najaar. En de tweede toezegging van de wethouder was voor mij ruimschoots voldoende, dat wij ruim op tijd, hij noemde het voorbeeld, kwestie van kiezen, voor mijn tijd, maar mijn voorgangers gaven aan dat dat een uitgebreid traject is geweest waarin de raad in stelling werd gebracht. Als de wethouder zich daaraan houdt, dan zijn wij daar blij mee. De voorzitter: Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Dank, voorzitter. Ja, dank voor de reactie, mevrouw Eekhuis, maar ik vraag me wel af, voorzitter, hoe mevrouw Eekhuis hier dan tegenaan kijkt, dat hoewel we vertrouwen kunnen hebben in het college, we toch ook onszelf niet van onze taak als raadslid mogen ontslaan, waarin wij gewoon de verantwoordelijkheid hebben om dit voor elkaar te hebben. Het is niet de verantwoordelijkheid van het college, het is de verantwoordelijkheid van de raad. Dus ik snap niet zo goed waarom we, ondanks dat we misschien vertrouwen hebben in het college, onszelf niet aan onze eigen verantwoordelijkheid willen houden. De voorzitter: Mevrouw Eekhuis. Mevrouw Eekhuis: Goed dat u dat nog zegt.

Dan voeg ik graag nog even toe dat ik graag het traject goed loop en niet in september, waar ik hoor, de heer Akdemir gaf dat eigenlijk ook al aan, van is dit allemaal nog wel haalbaar? Het is a, niet nodig en b, het is niet haalbaar. Zo begrijp ik wanneer ik dat navraag. En ik loop het liever goed wanneer het nodig is. De voorzitter: Mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Dank, voorzitter. Ik heb mevrouw Eekhuis twee jaar terug niet horen klagen toen we wel in september geld konden uitdelen. De voorzitter: Mevrouw Zieverink.

46 Mevrouw Zieverink: Dank, voorzitter. Ja, ik ben het helemaal eens met mevrouw Eekhuis dat wij heel graag het proces goed willen lopen. En daarom hadden we ook gehoopt dat we nu een lijst konden hebben waar we keuzes in konden maken, zodat we het gat konden dichten, zodat we een sluitende begroting zouden hebben. Maar aangezien het college waar wij zoveel vertrouwen in hebben, geen lijst heeft aangeleverd, denk ik dat we het op deze manier moeten oplossen. De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Ja, ik vind de toon, zoals het debat nu gevoerd wordt, een beetje naar worden, persoonlijk. Het is niet zo dat de hele coalitie het amendement van de OZB-verhoging heeft ingediend, het is ook niet zo dat de hele oppositie het amendement van de bezuinigingslijst, maar we zijn nog aan het zoeken. Ik wil graag samen met mijn fractie, samen met deze raad, op het moment dat we allen meer informatie op tafel hebben dan nu, met deze raad in november, een goede begroting vaststellen. Maar het is nou eenmaal zo dat we niet alle informatie op tafel hebben. Mijn fractie staat niet negatief tegenover deze motie, want natuurlijk willen wij scenario's om goede keuzes te maken, excuus amendement, om goede keuzes te maken om een sluitende meerjarenbegroting te komen.

Maar ik heb net ook aangegeven dat ik twijfel over of in september daar dan het goede moment voor is. Hebben wij dan alle informatie op tafel? En jagen wij onze ambtenaren niet over de klippen? En moet dat dan in een sessie wat je normaal gesproken in een gedegen begrotingsbehandeling zou moeten doen? De voorzitter: De heer Akdemir. Mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Ja, voorzitter, dan refereer ik toch nog maar eens naar de planning en controlecyclus, waarbij dus juist het moment om richting te geven de Voorjaarsnota is en in de toekomst de Perspectievennota. En het is juist bij de begroting waarop we dan besluiten nemen, maar bij die Voorjaarsnota is het altijd zo dat we niet alle informatie nog op tafel hebben en dat er nog bijgestuurd kan worden. Maar nu wordt er helemaal geen richting gegeven hoe die miljoenen tekorten gaan dichten. De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Ja, voorzitter, ik wil toch aansluiten bij de woorden van mevrouw Scholthof, want onze fractie staat ook niet in principe negatief tegenover deze motie. Alleen de toonzetting inderdaad, ik constateer wel dat het wel een nare wending krijgt. We zijn hier inmiddels bijna tweeënhalf jaar geïnstalleerd als raad, mijn fractie heeft altijd getracht de samenwerking te zoeken in zowel oppositie als coalitie. We hebben daar nooit echt een lijn in getrokken.

Eerder in het debat, in een andere behandeling van een amendement, geloof ik, kwam ook het verwijt dat de samenwerking niet is gezocht. Die kan ik hier ook teruggeven. Ik heb hier pas, geloof ik, maandag kennis van genomen. Ik had ook best wel met u willen meedenken. Dus dat betreur ik en dat wil ik meegeven, voorzitter. De voorzitter: Dan de heer Kaya. De heer Kaya: Ja, voorzitter, ik wil toch even een opmerking maken. Ik heb van de heer Akdemir en van mevrouw Eekhuis de woorden en van de andere partijen gehoord over de haalbaarheid van september en ik wil de ambtenaren bijvallen die ook in het reces gewoon hard aan het werk zijn en niet elk ambtenaar dan op vakantie gaat. Dus wat dat betreft wil ik onze ambtenaren die hard werken met het reces wanneer wij op vakantie zijn, een hart onder de riem steken en hun succes wensen als we dit amendement gaan uitvoeren. De voorzitter: Ik stel voor dat we naar de zijde van het college gaan. Wethouder Elferink. De heer Elferink: Er komen straks nog andere wethouders aan de beurt, voorzitter, geloof ik, maar niet zoveel. Even kijken. Budgetrecht van de raad. Even over de uitvoerbaarheid. Daar werd net ook al even over gesproken.

47 Ja, u weet hoe dat hier regulier gaat. We hebben een Voorjaarsnota, dus voorsorteren, doen we u voorstellen richting de begroting. Dan komt er meicirculaire overheen en die ontvangen we zo'n beetje gelijktijdig, maar die moet dan nog verwerkt worden, die zit niet in de Voorjaarsnota, heeft u onlangs ook een raadsmededeling over gekregen. Dat moet verwerkt worden. Dus we hebben even tijd. Dan kwam dit jaar ook nog even de greep uit de gemeentekas van het Rijk overheen. Dus dat moeten we allemaal even verwerken om even op een punt te komen dat we met elkaar goede beslissingen kunnen nemen. September, wat u vraagt uiterlijk begin september scenario's aan te bieden, dat gaat in de uitvoering gewoon al niet lukken en dus dat is even op het proces, maar ook qua inhoud, want u zit heel erg op de bezuinigings, u zegt, in de toelichting wordt daar toch naar verwezen. Ja, kijk, in een bezuinigingsronde moet je en dan heb je ook niet aan een paar weken genoeg, dat moet echt in een heel proces moet je dan met elkaar het gesprek over voeren en moet je de samenleving bij betrekken, et cetera. Dus dat is echt een andere situatie dan we nu voorstaan. Ik wil u ook wijzen op de voorliggende Voorjaarsnota waar u, want het is niet dat dit ongefundeerd hier neergelegd wordt. Er zitten stelposten in.

Ik heb straks een aantal maatregelen genoemd die we nog kunnen nemen zonder dat we daarbij de lasten bij de samenleving neerleggen of bij de burger. Wij achten nu wel noodzakelijk om dit nu al kenbaar te maken, dat waarschijnlijk die OZB-verhoging we wel nodig hebben. En met de motie van zojuist gaan we ons extra inspannen om dat indien mogelijk terug te draaien en daar wil ik het bij laten, voorzitter en uiteindelijk negatief over dit amendement. De voorzitter: Mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Dank, voorzitter. De portefeuillehouder haalt alleen de bezuinigingen aan. Dat is in een zinnetje bezuinigingen, lastenverzwaringen of het aanwenden van reserves. We geven daarin geen voorkeur of prioritering aan. Dat doen we namelijk in gezamenlijkheid wanneer we dat integraal kunnen afwegen. Vorige week heb ik in het beeld voor een deel echter wel gevraagd aan de portefeuillehouder, hoe hij denkt over het kunnen oplossen van een miljoenentekort. En op dat moment wilde het college ook gewoon geen richting aangeven. Dus we zijn op dit moment dus richtingloos en we gaan richtingloos de begroting in. En daar maak ik me grote zorgen over. De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat we allemaal behoefte hebben aan goede scenario's om de begroting goed te kunnen behandelen. September is te vroeg, hoor ik net.

Wat zou de portefeuillehouder als handreiking kunnen geven naar deze indieners om wel te zorgen dat wij vroegtijdig meer informatie hebben over de richtingen? Want dat is de kern van dit amendement en die begrijp ik wel. De voorzitter: Wethouder Elferink. De heer Elferink: Zoals wij dat normaal gesproken doen, gaan wij eind september met het college de zaken die dan allemaal zijn uitgewerkt met elkaar bespreken en komen tot een begroting die begin oktober aan uw raad wordt voorgelegd en waarbij in positie wordt gebracht en bij die begroting kunt u het aanwenden van reserves iets mee doen. De lastenverzwaring, die OZB-verhoging zou u, als die er nog in zit op dat moment, kunnen amenderen. Dus u wordt aan alle kanten bediend en we gaan u dan ook in een technische sessie weer uitgebreid informeren over de stand van zaken op dat moment. Wellicht is er dan ook al iets duidelijk over wat er vanuit septembercirculaire komt, maar die zit dus niet in de begroting, want zo doen we dat hier niet. Dan krijgen we ook problemen met onze toezichthouder. Dus gewoon in het reguliere proces, dus begin oktober, krijgt u van ons de begroting voorgeschoteld en daar kunt u dan mee aan de slag en in die begroting zitten er geen bezuinigingsopties. De voorzitter: Mevrouw Scholthof, voldoende?

48 De heer Elferink: Nog even, u kunt natuurlijk op dat moment, want wij stellen nu ook nieuw beleid aan u voor, dat zijn natuurlijk ook opties waar u iets mee kunt. Er zijn ook zaken in waar u kunt zeggen in de bredere afweging, gezien de financiële positie op dat moment, we kiezen ervoor om dingen niet te doen. Maar dat is op dat moment aan de orde. De voorzitter: Andere reacties nog? Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Ja, even een controlevraag, voorzitter. Hoorde ik nou dat we in de begroting die we gaan verwachten einde van het jaar geen bezuinigingsopties zullen aantreffen? De voorzitter: Wethouder Elferink. De heer Elferink: Op dit moment zijn bezuinigingsopties niet aan de orde voor het college voor de komende begroting. De voorzitter: Ja, dus. Nog meer? Ja, gaat uw gang dan. Mevrouw Zieverink: Oké. Op basis waarvan vermoedt de portefeuillehouder dat er geen bezuinigingsopties noodzakelijk zijn in het najaar? De voorzitter: Wethouder Elferink. Ja, ik wil dat hele rijtje maatregelen nog wel even doorlopen, maar onder andere de stelposten die we hebben, we hebben voor bijna 7 miljoen aan stelpost …, stelposten autonome ontwikkelingen, loonprijzen, de rekenrente die we hanteren zijn allemaal knoppen waaraan we kunnen draaien met elkaar. De voorzitter: Goed. Mevrouw Van der Meer nog.

Mevrouw Van der Meer: Ja, voorzitter, dat zijn allemaal dingen waarbij we richting geven gebruikelijk bij de Voorjaarsnota. En ik kan niet anders dan concluderen dat het een hele moeilijke begrotingsbehandeling gaat worden met veel amendementen. Dank, voorzitter. Programma 11: Kunst en cultuur Evenementenbeleid De voorzitter: Dank u wel. Daarmee zijn we gekomen aan het einde van het programma 14. Programma 13 en 12 hebben we geen amendementen of moties en dan gaan we verder met het programma 11, Kunst en cultuur en dat zal worden voorgezet door de heer Donkers. De heer Donkers: Het systeem moet nog twee vergaderingen mee, drie inclusief morgen. Maar mijn pasje hapert al twee keer, dus ik hoop dat we het halen. Ik heb mijn voorzitterspet opgezet en daarmee geef ik het woord aan de heer Muilerman voor een … toelichting, volgens mij 30 seconden op de motie die hij namens … De heer Muilerman: 60 seconden. De heer Donkers: 60 seconden, excuus, 60 seconden. De heer Muilerman: Wellicht een wat feestelijker onderwerp. Deze motie is een aanvulling op de herijking van het evenementenbeleid en sluit aan op raadsmededelingen over de uitvoering van de motie dorpsfeesten en kermissen. In de praktijk lopen veel organisaties, verenigingen, inwoners aan tegen de vergunningsprocedure voor de feesten en evenementen. Dit blijkt ook uit de gesprekken die de gemeente heeft gevoerd met deze

49 organiserende partijen. Ieder jaar vergunning opnieuw aanvragen met alle vragen en bijlagen, dat ook bijna elk jaar hetzelfde zijn, is niet echt logisch en kan volgens ons veel praktischer. Daarom de vraag om evenementen die jaarlijks terugkeren meerjarige vergunningen te geven, waarbij wijzigingen uiteraard moeten worden doorgegeven en een voldoende contact blijft met onze gemeente. Daarnaast wordt er gevraagd om laag risico evenementen vergunning vrij, niet melding vrij te maken. Denk aan een wandelvierdaagse, kunstmarkt of een braderie, waar vrijwilligers tijdig geld kwijt zijn aan een vergunningsaanvraag. Welke ze onzes inziens beter kunnen gebruiken aan de kwaliteit en de veiligheid van de evenementen zelf. Deze motie moet een lagere drempel vormen voor het organiseren van een evenement, waardoor de sociale cohesie verbetert en onze gemeente nog aantrekkelijker wordt, nog weggelaten dat dit ook een verlichting voor ons ambtelijk apparaat kan opleveren. Mede indieners zijn Deventer Sociaal en DeventerNU en ik had hem netjes rondgestuurd naar alle fracties en helaas geen reactie van de Deventer Belang. De voorzitter: Dank. Wij gaan beginnen. Volgens mij was de heer Van Wijk als eerste. De heer Van Wijk: Dank, voorzitter, voor het woord. Ik had een beeldvormende vraag voor de indiener.

Kan het kloppen dat met wat er al besloten is aan beleidsvoorstellen et cetera, dat eigenlijk alleen het tweede dictum bullet echt nieuw is of zie ik dat verkeerd? Gaat het alleen om die kleine evenementen vergunningsvrij te maken, is dat echt de enige aanpassing? Of zijn die eerste en die derde bullets uit het dictum ook nieuw? Volgens mij zijn die al geregeld. De voorzitter: De heer Muilerman, aan u het woord. De heer Muilerman: Een moment, ik pak even hem erbij. Die eerste, de derde is inderdaad geregeld, want er is 100.000 gereserveerd in de Voorjaarsnota, maar dat eerste nog niet, want in een raadsmededeling staat er ook dat dit onderzocht moet worden en met deze motie willen wij bewerkstelligen dat dit beleid wordt. De voorzitter: Voldoende voor u? Ja, dan gaan we naar de heer De Niet. De heer De Niet: Dank u wel, voorzitter. Een opmerking en een vraag. Eerste opmerking, u noemde risicoarme evenementen noemde je even tussen de lippen door, noemde de heer Muilerman de wandelvierdaagse, volgens mij hebben we niet zo heel lang geleden daar nog een incident gehad. Dus zo risicovrij is dat niet. En volgens mij een verkeersbegeleider die is aangereden of een klap heeft gekregen, dat soort dingen.

Dus volgens mij, wat is risicoarm, dat is misschien, het was meteen even mijn vraag, wat is dan risicoarm en is dit de Voorjaarsnota, de plek om eigenlijk dit besluit te nemen? Hoort dit niet gewoon bij het vaststellen van het evenementenbeleid en moeten we het daarover hebben en … u gewoon niet te vroeg met dit evenement? De voorzitter: De heer Muilerman. De heer Muilerman: Dank u wel, voorzitter. Over de risico's van de evenementen, daar ga ik niet over. Maar mijns inziens was een wandelvierdaagse, natuurlijk, daar zijn ook … We kunnen het er lang en breed over hebben, veel risico's aan verbonden. En dan de tweede vraag van u was of dit niet veel op moest, ik zag die 100.000 staan ook in Voorjaarsnota en in de technische beantwoording stond daar een begeleidende tekst bij en daar wilde ik graag hebben dat dit dan ook wordt meegenomen, omdat dit dan met begroting wordt aangeboden. De voorzitter: Oké, mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Dank, voorzitter. Ja, sympathieke motie, echt. Maar ik sluit aan bij de heer De Niet dat het nog wat vroeg is, want er wordt juist geld gereserveerd om tot een beleid te komen waarbij zorgvuldig afwegingen kunnen maken, ook over of je juist meerjarige vergunningen toegekend moeten worden en ook over de kleine evenementen, want echt kleine evenementen tot 100 mensen, die zijn alleen maar melding plichtig.

Daar hoef je geen vergunning voor aan te vragen. Maar wanneer we het gaan ophogen zoals uw voorbeeld, dan hebben

50 we het over 1500 mensen. Dat is nogal een groot verschil. Volgens mij is dat nu categorie A en daar krijgen we inderdaad … voor. Stel dat er 200 evenementen zijn, keer 218, dan is pak … 40.000 euro per jaar wat we dus mislopen. Dat kunnen we dus niet onbeperkt dekken uit de ton die we ook nog heel erg hard nodig hebben om tot een zorgvuldig beleid te komen. Want er staan mensen in de stad klaar om dat participatieproces goed te doorlopen. Dus met andere woorden bent u niet veel te vroeg? De voorzitter: De heer Muilerman. De heer Muilerman: Ja, dank u wel, voorzitter. Even over de … kosten. Die … kosten betaal je om het ambtelijk apparaat, die vergoed je daar feitelijk mee. Daar betaal je de vergunningsaanvraag mee. Dus als je geen vergunning hoeft aan te vragen, dan valt er ook niks te dekken. Dus dat lijkt me niet reëel. Ten tweede, die 100 K is ook voor de herijking van de evenementenbeleid en het uitvoeringsprogramma gedeeltelijk. En dan de derde vraag bent u te vroeg, ja, hetzelfde antwoord als ik net aan de heer De Niet gaf. De voorzitter: Ja, dat roept een reactie, denk …. Mevrouw Van der Meer. Mevrouw Van der Meer: Ja, nog een kleine reactie. Ook de kleine evenementen zijn nog wel melding plichtig, dus er zijn nog steeds veel mensen mee aan het werk en het idee achter … is dat die werkzaamheden gedekt worden door die inkomsten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14411923/1