2023-06-19 Nota van bevindingen Cultuurbeleid- en aanbod (Rekenkamer Deventer)
Tekst van het document
Naar mening van het DOC was juist de IJssel een economische en culturele verbinding voor samenwerkende culturele instellingen, en was dit een betere keuze gezien bestaande samenwerkingsverbanden dan de Stedendriehoek. Dit manifest was mede de aanleiding voor een aangenomen motie van de raad in de raadsvergadering van 18 oktober 2018, waarin deze opriep tot de keuze voor de Cultuurregio IJsselvallei. Dus inclusief Zwolle, Kampen en andere steden, naast Apeldoorn en Zutphen. In het uitvoeringsprogramma cultuur uit 2020 wordt Oost-Nederland genoemd, omliggende steden in Overijssel en Gelderland en met de beide provincies zelf. Als gekeken wordt naar het culturele veld, dan is er sprake van allerlei regionale samenwerkingen die vanuit de praktijk (zijn) ontstaan. Vertegenwoordigers van culturele instellingen uit Deventer melden in de interviews vele samenwerkingen in de regio, of daarbuiten (landelijk). Ze zijn ook vaak verbonden in landelijke netwerken, gericht op hun specifieke organisatie. Verder zijn enkele culturele instellingen in Deventer zelf regionale samenwerkingsverbanden, zoals Brut en Collectie Overijssel. In het culturele veld wordt in het algemeen niet een duidelijke beleidsmatige sturing ervaren vanuit de gemeente gericht op
46
https://www.dsp-groep.nl/projecten/verkenning-cultuurregio-apeldoorn-deventer-zwolle/.
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
24 van 67
regionale samenwerking. Hierbij speelt een belangrijke rol dat corona een aantal jaren een zeer sterk remmende factor is geweest bij de beleidsuitvoering (de aandacht ging naar andere zaken), bij het continueren van culturele samenwerkingen en bij het ondernemen van nieuwe samenwerkingen, met name bij podiumkunsten en evenementen. Conclusies over de regionale positionering Het lijkt lastig te zijn voor Deventer om beleidsmatig een duidelijke focus te vinden in regionaal verband, de facto is er sprake van een relatief omvangrijke regio, Oost-Nederland, waar men zich op richt. Regionale samenwerking is als beleidsdoelstelling qua overkoepelend beleid daarmee niet duidelijk ontwikkeld. Het lijkt moeizaam om tot een focus van beleid te komen. De genoemde samenwerking in Oost-Nederland uit het uitwerkingsprogramma cultuur is niet duidelijk uitgewerkt ten opzichte van het gekozen regioprofiel: de Cultuurregio Stedendriehoek. Er is wel degelijk relevante regionale samenwerking maar dit lijkt meer op basis van andere initiatieven en voor de hand liggende mogelijkheden tot samenwerking te zijn dan op basis van overkoepelend gemeentelijk beleid. Omdat de tendens lijkt dat dit soort samenwerking de komende jaren steeds belangrijker wordt voor het verkrijgen van landelijke subsidies en dergelijke, blijft het van belang om hier beleidsmatig op in te spelen.
Het antwoord op de onderzoeksvraag naar de uitwerking van regionaal beleid is dus dat verbetering, verdere uitwerking van beleid en focus, mogelijk is. Norm De gemeente Deventer heeft bij haar cultuurbeleid de regionale positie van Deventer goed uitgewerkt.
3.5
Score
⚫
Kaderstelling raad
De vierde onderzoeksvraag betreft de rol van de raad bij de kaderstelling van het cultuurbeleid en de controle op de uitvoering. De informatievoorziening richting de raad met betrekking tot cultuurbeleid is uitgebreid qua documentatie. De raad heeft verschillende voorbereidende vergaderingen besteed aan het bespreken van de cultuurvisie. Nadat een ordevoorstel niet werd overgenomen door een meerderheid, verliet een deel van de oppositie de besluitvormende vergadering van 19 juni 2019. De cultuurvisie is vrij kritisch ontvangen, zo blijkt uit de verslaglegging. In de raadsvergadering is een achttal moties aangenomen. De hoeveelheid, en de onderwerpen, van de moties laten zien dat de gepresenteerde cultuurvisie behoorlijk gewijzigd is (de wijzigingen zijn verwerkt in het uitvoeringsprogramma). Het betrof ten eerste een motie naar Cultureel perspectief 2020-2030. In deze motie kwamen diverse onderwerpen naar voren zoals de behoefte van de raad aan een cultureel perspectief 2020-2030, een beschouwing over de ”vijf waarden van cultuur” en benchmarking met vergelijkbare steden. In een tweede motie werd aangegeven hoe de samenwerking tussen instellingen verder uitgewerkt kon worden. Het betreft vooral bedrijfsmatige samenwerking (horeca, inkoop) en verdergaande samenwerking tussen instellingen op het gebied van podiumkunsten.
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
25 van 67
In een derde motie vraagt de raad aandacht voor professionele makers. In een vierde motie en vijfde motie wordt een meerjarige subsidietoekenning gericht op programmalijnen en wordt een betere benutting van cultureel vastgoed bepleit. In een zesde motie geeft de raad aan dat bij behoud van het Speelgoedmuseum een aantal varianten moeten worden uitgewerkt. In een zevende motie vraagt de raad om een verdere studie naar de huisvesting van het Burgerweeshuis. En tot slot vraagt de raad in een achtste motie aandacht voor jongeren in de programmering, onder andere via een onderzoek. In deze motie wordt overigens geen verband gelegd met de “creatieve mens”, het gaat om de doelgroep jongeren. De moties hebben de uitgangspunten en de doelstellingen van het beleid, zoals gepresenteerd in het uitvoeringsprogramma cultuur in 2020, in sterke mate vormgegeven. Hierbij speelde mogelijk mee dat de coalitie intern verdeeld leek met betrekking tot het onderwerp cultuur, dit geeft vaak meer ruimte aan de raad om beleidsmatig te sturen dan bij een coalitie die het intern volledig eens is. De moties hebben dus geleid tot beleidsaanpassingen. Dit beleid is inmiddels in staat van uitvoering of is uitgevoerd. Onderstaande tabel geeft aan welke bronnen van beleid er te noemen zijn bij de uitgangspunten en de doelstellingen van het uitvoeringsprogramma.
Tabel 3.1 - Bronnen van uitgangspunten en doelstellingen van beleid in het uitvoeringsprogramma cultuur. Uitgangspunten
Bron
Toelichting
1. Cultureel Perspectief
raad
motie 2019 cultureel perspectief
2. Publieksbereik
cultuurvisie, raad
moties jongeren 2019 + professionele makers 2019
3. Nieuwe subsidie
cultuurvisie, raad
moties samenwerking en vitale culturele sector (2019)
4. Cultureel vastgoed
cultuurvisie, raad
moties benutting cultureel vastgoed, BWH, behoud
5. Partnerschap overheid
cultuurvisie, raad
2030
systematiek speelgoedcollectie (2019) motie Cultuurregio IJsselvallei (2018)
& cultuur 6. Financiën en prestaties
onbekend
Doelstellingen Inspelen op
raad
motie cultureel perspectief 2019
bezoekersbehoeften Doelgroepen betrekken
cultuurvisie
Jongeren betrekken plus
cultuurvisie, raad
motie jongeren 2019
vernieuwing Meerjarige afspraken
cultuurvisie
Onderling samenwerken
cultuurvisie, raad
motie samenwerking 2019
Subsidieregeling cultuur
cultuurvisie, raad
motie vitale culturele sector 2019
Fysieke culturele infra
raad
motie benutting cult vastgoed 2019
cultuurvisie, raad
moties benutting cultureel vastgoed 2019 + BWH 2019
raad
motie benutting cult vastgoed 2019
raad
motie Cultuurregio IJsselvallei 2018
benutten Extra aandacht vastgoeddossiers Hoofdhuurder, andere huurders Keuze Oost-NL
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
26 van 67
Meer integraal gemeente
onbekend
Ketenbenadering
cultuurvisie
Verantwoording
cultuurvisie
instellingen Afspraken monitoring
cultuurvisie
Financieel kader
cultuurvisie
handhaven Indexatie in begroting
cultuurvisie
Weerstandsvermogen
onbekend
De tabel laat zien dat 8 van de 17 beleidsdoelstellingen uit het uitvoeringsprogramma cultuur (deels) te herleiden zijn tot aangenomen moties in de raad. Dit geldt ook voor 5 van de 6 uitgangspunten. Naast de vraag om een cultureel perspectief 2020-2030 is ook het ongedaan maken van de voorgenomen sluiting van het Speelgoedmuseum, een duidelijk signaal geweest van de raad. Het eerdere besluit om het Speelgoedmuseum te sluiten was juist bedoeld om binnen de gestelde financiële kaders ruimte vrij te maken. Een belangrijke politieke keuze is dus teruggedraaid. Bij de vaststelling van het uitvoeringsprogramma op 18 november 2020 is overigens een motie aangenomen waarbij de samenwerking tussen culturele instellingen nogmaals door de raad benadrukt is47. Bij een dergelijke sterke sturing door de raad is het de vraag of de scheiding tussen bestuur (B&W, ambtenaren) en de controlerende en beleidsbepalende rol van de raad voldoende tot uiting is gekomen. Het is niet goed mogelijk om hier een duidelijk oordeel over te geven anders dan dat een gemeente in principe gebaat is bij een duidelijke scheiding tussen het bestuurlijke en het controlerende gedeelte van de gemeente. Conclusies met betrekking tot de kaderstelling door de raad De vierde onderzoeksvraag betreft de rol van de raad bij de kaderstelling van het cultuurbeleid en de controle op de uitvoering.
De raad heeft (zeer) duidelijk positie gekozen als reactie op de gepresenteerde cultuurvisie in 2019. De raad heeft in de bespreking van de cultuurvisie acht moties aangenomen, met grote invloed op het beleid. Samenvattend kan gesteld worden dat het uitvoeringsprogramma cultuur uit 2020 in sterke mate (mede) door de raad is vormgegeven. Als we kijken naar het normenkader dan kan gesteld worden dat de raad het cultuurbeleid zeer duidelijk kadert en controleert. Norm De raad is in staat (o.a. door informatievoorziening) om het beleid te kaderen en te controleren.
47
Score
⚫
Motie Samenwerking culturele instellingen, 18 november 2020.
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
27 van 67
3.6
Invloed van corona op cultuurbeleid
De vijfde en laatste onderzoeksvraag in dit beleidshoofdstuk betreft de invloed van corona op het cultuurbeleid van de gemeente Deventer. In maart 2020 werd duidelijk dat het coronavirus grote maatschappelijke gevolgen veroorzaakte. Dat geldt zeker ook voor de culturele sector in Nederland, en dus ook in Deventer. Het culturele leven kwam min of meer tot stilstand, startte daarna onder bijzondere omstandigheden weer op, kwam weer deels tot stilstand enzovoorts. Tot nu aan toe zijn er gevolgen voor de culturele sector. De culturele sector nam allerlei initiatieven, allerlei culturele instellingen hebben van alles geprobeerd en opgezet. Soms met succes, soms door strengere of juist soepeler maatregelen achterhaald. De landelijke overheid nam een aantal maatregelen. Voor de culturele sector houdt de Boekmanstichting op haar website een zeer gedetailleerd logboek van de bijna dagelijkse ontwikkelingen vanaf 12 maart 2020 tot 16 maart 2022 48. Ook alle landelijke steunmaatregelen voor de culturele sector worden hier genoemd en toegelicht. Dit overzicht maakt ook duidelijk dat met name de positie van zelfstandige kunstenaars en ZZP’ers moeilijk was, en dat er grote onderlinge verschillen in de culturele sector waren qua impact van corona. Dit heeft te maken met bijvoorbeeld de afhankelijkheid van publieksinkomsten of de duur van bepaalde coronamaatregelen.
Bibliotheken waren, met allerlei maatregelen, relatief snel weer open, grote culturele evenementen konden heel lang niet doorgaan. De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft 2 informatiegidsen 49 uitgebracht met onder meer aandacht voor de lokale culturele infrastructuur, met de nadruk op betaalde culturele organisaties. Naast generieke landelijke steunmaatregelen zijn er ook substantiële uitkeringen gedaan via het gemeentefonds. Het betreft 2020 en 2021. Het was aan de gemeenten om hier verdere invulling aan te geven. In het algemeen geldt dat landelijke en de grotere culturele instellingen flinke financiële steun hebben ontvangen, en dat corona kleinere culturele instellingen meer in de problemen heeft gebracht. Zelfstandigen in de sector, ZZP’ers, “de makers” zijn de grote verliezers. De VNG schetst allerlei perspectieven voor deelsectoren van cultuur, met het oog op herstel en transitie van de lokale culturele infrastructuur. In de Verenigingsmonitor 202150 wordt ingegaan op de effecten van corona op de amateursector. Dus muziekverenigingen, schilder-, foto- en filmclubs, toneel- en dansverenigingen. Natuurlijk heeft het aanbod, presentaties en uitvoeringen, lang stilgestaan.
Daarnaast is sprake van dalend ledental, veel verenigingen kwamen in financiële problemen, er zijn verenigingen opgeheven en veel verenigingen zijn somber over de toekomst, de organisatiekracht staat onder druk. Beleid in Deventer In het uitvoeringsprogramma cultuur geeft de gemeente aan dat de coronacrisis tot nieuwe uitdagingen heeft geleid. Dit heeft ook gevolgen voor beleidsdoelstellingen en beleidsuitvoering. Het betreft het grootste gedeelte van het tijdvak waar dit onderzoek over gaat.
48
https://www.boekman.nl/actualiteit/gevolgen-coronavirus-voor-culturele-sector/. VNG, informatiegids 1 (februari 2021) en 2 (januari 2022), Corona, cultuur en gemeenten. 50 Verenigingsmonitor 2021, Verenigingen voor kunstbeoefening in cijfers, LKCA, september 2021. 49
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
28 van 67
In tabel 3.2. staat -op basis van gevoerde interviews en beschikbare documentatie- een inschatting van de invloed van corona op de uitgangspunten en de doelstellingen van het beleid in Deventer. Tabel 3.2 - Omvang invloed van corona op uitgangspunten en doelstellingen van beleid in uitvoeringsprogramma cultuur. Uitgangspunten
Invloed
Toelichting
corona 1. Cultureel Perspectief 2030
groot
Meer dan 2 jaar deels artistieke stilstand, veel extra aandacht voor herstel en behoud, mogelijk vertrek culturele makers uit sector.
2. Publieksbereik
groot
Vanwege langdurige sluitingen mogelijk ook op langere termijn minder publiek
3. Nieuwe subsidie systematiek
groot
Langdurig minder eigen inkomsten uit publiek, publiek weer proberen terug te winnen
4. Cultureel vastgoed
deels
5. Partnerschap overheid & cultuur
groot
6. Financiën en prestaties
groot
Kostenstijgingen post corona? Minder inkomsten, maar ook vaak verbeterd weerstandsvermogen door steunmaatregelen
Doelstellingen Inspelen op bezoekersbehoeften
groot
Veel minder publiek afgelopen jaren
Doelgroepen betrekken
groot
Veel aandacht voor herstel , veel minder bezoekers.
Jongeren betrekken plus
groot
Veel aandacht voor herstel, veel minder bezoekers.
Meerjarige afspraken
groot
Door gemeente zelf tijdelijk aangepast
Onderling samenwerken
deels
Sector lag deels stil tijdens corona
Subsidieregeling cultuur
groot
Veel aandacht voor herstel en behoud, geen stabiele situatie
Fysieke culturele infra benutten
klein
Veel minder bezoekers afgelopen jaren
Extra aandacht vastgoeddossiers
klein
Veel aandacht voor herstel
Hoofdhuurder, andere huurders
deels
Veel minder bezoekers afgelopen tijd wegens tijdelijke
Keuze Oost-NL
groot
Ontwikkelingen lagen deels stil afgelopen jaren
Meer integraal gemeente
klein
Ontwikkelingen lagen deels stil, maar ook veel aandacht voor
Ketenbenadering
groot
Verantwoording instellingen
geen
Afspraken monitoring
geen
Financieel kader handhaven
deels
vernieuwing
sluitingen.
sociaal domein, onderwijs Ontwikkelingen lagen deels stil afgelopen jaren
De vraag is hoe de situatie post-corona uitpakt: minder publiek? Geen landelijke coronasteun meer, blijvende kostenstijgingen energie?
Indexatie in begroting
geen
Weerstandsvermogen
groot
Weerstandsvermogen nam deels toe door steunmaatregelen
Samenvattend is de conclusie dat corona beleidsmatig een grote invloed heeft gehad. Op dit moment is de culturele sector, grotendeels, in de fase van herstel. Het is onbekend in welke mate
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
29 van 67
het publiek op termijn weer terugkeert naar podia en tentoonstellingen. De gemeente nam een aantal maatregelen om de effecten van corona op de lokale culturele sector te verzachten. Zo heeft de gemeente landelijke uitkeringen die niet strikt geoormerkt waren voor de culturele sector, maar wel bedoeld waren als steunmaatregel voor de culturele sector, volledig ten goede laten komen aan de culturele sector. Het geld dat niet meteen volledig besteed is aan de culturele sector heeft de gemeente in een apart fonds geplaatst, bedoeld voor die organisaties binnen Deventer die dat geld nodig hadden (bijvoorbeeld vanwege minder publieksinkomsten). Ten tweede startte de gemeente in juni 2020 het Coronaloket Culturele subsidies. De omvang was € 50.000. In oktober 2020 is het loket verlengd en is een restant van die eerste € 50.000 (namelijk € 15.000) voor deze verlenging ingezet. In april 2021 is het loket opnieuw verlengd en verhoogd met een bedrag van € 40.000. In november 2021 is het loket voor de laatste keer verlengd tot eind 2022 (of einde budget) met een bedrag van € 47.000. Half maart 2022 was er geen budget meer om initiatieven te kunnen steunen en is het loket gesloten. Het ging om culturele activiteiten die eenmalig voor een bedrag tot € 1.500 subsidie konden krijgen, voor maximaal 50% van de begroting.
Deze subsidieregeling was gericht op een snelle ambtelijke afhandeling van de aanvraag. Verder heeft de gemeente met betrekking tot de grotere culturele organisaties in 2020 aangegeven dat de te leveren verantwoording over de jaarlijkse subsidie met coulance zou worden behandeld. Tegelijkertijd werd er pas op de plaats gemaakt met vierjarige financiering. De subsidie werd weer vooral jaarlijks beoordeeld, afhankelijk van de specifieke omstandigheden. Culturele veld In de interviews wordt aangegeven dat men (zeer) tevreden is met de manier waarop de gemeente lokale coronamaatregelen heeft uitgevoerd en dat de gemeente landelijke uitkeringen (via gemeentefonds, twee keer meer dan 1 miljoen euro) volledig ten goede laat komen aan de culturele sector. De grotere culturele instellingen hebben door deze steunmaatregelen en doordat er allerlei uitgaven niet plaatsvonden vanwege de coronacrisis de facto vaak zelfs een betere financiële positie dan pre-corona. Een verbeterpunt, dat de gemeente zelf ook aangeeft, is dat met name makers (vaak zzp’ers) tijdens corona een zware tijd hebben gehad en achteraf gezien meer steun hadden kunnen krijgen. Uit de interviews komt naar voren dat vooral de podiumkunsten te maken hebben met veranderingen in bezoekgedrag (minder vaak en minder lang van tevoren gepland bezoek).
De culturele instellingen hebben zelf allerlei initiatieven genomen in de coronaperiode, bv. met betrekking tot digitalisering. Deze digitalisering werkt echter verschillend voor verschillende organisaties in de culturele sector. Binnen erfgoed is digitalisering voor het archief en het presenteren van het “verhaal van Deventer” een essentiële pijler om verder uit te bouwen. Binnen cultuureducatie en bij podiumkunsten is digitalisering gebruikt om culturele lessen en presentaties te laten doorgaan. Juist bij podiumkunsten (muziek, theater) is de “live” aanwezigheid zo belangrijk dat digitalisering (online streamen) hier beperkt een alternatief is. Het DOC stuurde op 20 april 2022 een brief aan de formatie-onderhandelaars van het nieuwe bestuursakkoord. De brief is geschreven naar aanleiding van de groeiambities van Deventer. Het
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
30 van 67
DOC gaat in deze brief ook in op de gevolgen van corona. Het DOC geeft in deze brief aan dat het nog minimaal een jaar duurt voordat het publieksbereik van 2019 weer is te halen. Conclusies met betrekking tot de invloed van corona Corona heeft een grote invloed gehad op de culturele sector in Deventer en op het gemeentelijk beleid. De gemeente heeft, samenvattend gesteld, beleidsmatig adequaat gereageerd op de effecten die corona had op de culturele sector. Norm De gemeente Deventer reageert adequaat op de invloed van corona op de culturele sector.
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
Score
⚫
31 van 67
4. Maatschappelijke opbrengsten 4.1
Inleiding
De onderzoeksvraag die in dit hoofdstuk aan de orde is betreft de maatschappelijke opbrengsten die het cultuurbeleid in Deventer oplevert. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de vijf waarden van cultuur die in het beleid van de gemeente Deventer aan de orde zijn gesteld. In dit hoofdstuk zijn de bronnen een peiling bij het Digipanel Deventer en de gehouden interviews. Dit hoofdstuk eindigt met een conclusie. In het volgende hoofdstuk 5 wordt gekeken naar cultuurlasten aan de hand van de gemeentelijke begroting en benchmarkgegevens van het CBS, ook in verhouding tot de maatschappelijke opbrengsten.
4.2
Vijf waarden van cultuur
De gemeente Deventer besteedt in haar beleid aandacht aan maatschappelijke opbrengsten van cultuurbeleid. Bij de bespreking van de cultuurvisie in 2019 nam de raad een motie51 aan waarbij onder andere vijf verschillende en uiteenlopende waarden van cultuur genoemd zijn. Deze zijn verder uitgewerkt in het uitvoeringsprogramma cultuur. Het zijn vijf waarden die naar voren komen bij een aantal uitgevoerde maatschappelijke kosten-baten analyses (MKBA) binnen de culturele sector. De genoemde vijf waarden leggen een verbinding tussen cultuur en allerlei maatschappelijke opbrengsten, zoals economische, sociale, identiteitsvormende en welzijnsopbrengsten van cultuur. In tabel 4.1 staan de kernwoorden aangegeven die deze waarden karakteriseren. Tabel 4.1 - De vijf waarden van cultuur zoals gebruikt door Atlas voor gemeenten, in kernwoorden, met operationalisatie in Digipanel ook in kernwoorden. Waarden
Kernwoorden
Operationalisatie in peiling Digipanel
Gebruikswaarde
Betalen voor cultuur
Indirect via eigen bijdrage
Bestaanswaarde
Lokale identiteit, trots
Belang van aanbod cultuur
Economische waarde
Werkgelegenheid, bijkomende bestedingen
Bezoekers trekken via cultuur
Sociale waarde
Onderwijs, leefbaarheid, gezondheid
Positieve effecten welzijn en gezondheid
Optiewaarde
Verhoogde aantrekkelijkheid bij veel
Belang van gebruik kunnen maken van
cultureel aanbod
aanbod cultuur
De eerste waarde, de gebruikswaarde, is wat mensen willen betalen voor toegang tot cultuur, het gaat ook om reiskosten en dergelijke. De tweede waarde is de bestaanswaarde van cultuur. Deze waarde ontstaat door de aanwezigheid van bijvoorbeeld een landelijk aansprekend evenement, een aansprekend podium of een bijzondere erfgoedcollectie zoals de historische binnenstad van Deventer. Dit draagt bij aan de sterke lokale identiteit en het gevoel van trots op een stad, los van het daadwerkelijke gebruik van deze voorzieningen. Anders gezegd: het gaat hier om de intrinsieke waarde van kunst en cultuur. De economische waarde, de derde, betreft de werkgelegenheidseffecten van cultuur en de bestedingen van toeristen en andere cultuurbezoekers van buiten Deventer, zoals in de horeca. De sociale waarde, de vierde, betreft de effecten van cultuur op terreinen als onderwijs, leefbaarheid en gezondheid. Zo dragen culturele
51
Raadsvergadering 19 juni 2019 Motie Cultureel Perspectief 2020-2030.
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
32 van 67
instellingen en allerlei verenigingen bij aan de cultuurparticipatie en sociale binding in de stad en in de dorpen. De optiewaarde is de vijfde waarde van cultuur. De veronderstelling is dat particulieren en bedrijven bereid zijn een hogere prijs te betalen voor een locatie, zoals een stad, waar veel cultureel aanbod is. Beleidsmatig, in het geval van de gemeente Deventer, zijn maatschappelijke opbrengsten in verband te brengen met beleidsdoelstellingen als publieksbereik, cultuurparticipatie (gebruik maken van cultuur) en integrale benadering. Deze laatste doelstelling is onder andere gericht op het verbinden van het domein cultuur met andere gemeentelijke domeinen zoals het sociaal domein. En daarmee wordt een verbinding gelegd met de sociale waarde van cultuur. De intrinsieke waarde van cultuur, de bestaanswaarde van cultuur, wordt in de inleiding van de cultuurvisie als belangrijke waarde genoemd. De economische waarde van cultuur komt in alle beleidsdocumenten naar voren, vaak gekoppeld aan het belang van bezoekers aan culturele evenementen in Deventer.
4.3
Maatschappelijke opbrengsten voor inwoners
Er is een peiling uitgevoerd naar de maatschappelijke opbrengsten van cultuur, mede aan de hand van de vijf waarden van cultuur. In de eerste helft van juli 2022 hebben 856 deelnemers van het Digipanel Deventer de vragenlijst ingevuld. Op basis van de kenmerken van de leden van het Digipanel is de verwachting dat de respondenten wat positiever ten opzichte van het onderwerp cultuur staan dan de gemiddelde Deventenaar. Er zijn uitsplitsingen gemaakt naar opleiding (deels ook een indicator voor inkomen) en leeftijd om de resultaten verdieping te geven. Cultuurwaarden algemeen Voor vier van de vijf waarden is gevraagd naar het belang dat men zelf geeft aan deze waarden. In Tabel 4.2. staan percentages die aangeven welk deel van de respondenten de waarde belangrijk vindt voor zichzelf. Tabel 4.2 - Digipanel: 4 waarden van cultuur, % (heel) belangrijk/(helemaal) mee eens, zie ook bijlage 6. Waarden
Kernwoorden
Zelf
Bestaanswaarde
Belang van aanbod cultuur
76%
Economische waarde
Belang van bezoekers trekken via cultuur
77%
Sociale waarde
Eens met positieve effecten welzijn en gezondheid
72%
Optiewaarde
Belang van gebruik kunnen maken van aanbod cultuur
71%
Bij alle antwoorden is 70 procent of meer positief. Dit is het meest in het oog springende resultaat en dit laat zien dat de vier uiteenlopende waarden van cultuur belangrijk gevonden worden door de respondenten. De vijfde waarde van cultuur is de gebruikswaarde. Mensen zijn bereid te betalen voor culturele activiteiten en besteden daarnaast vaak extra geld, bijvoorbeeld aan vervoer en horeca. Bij deze gebruikswaarde is gevraagd naar de eigen bijdrage voor een cultureel bezoek: een culturele voorstelling, een bezoek aan een museum en een bezoek aan een amateurvoorstelling, zie bijlage 6 voor de antwoorden. Men is bereid meer te betalen voor een bezoek aan een schouwburg dan
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
33 van 67
voor een bezoek aan een museum. Voor een amateurvoorstelling is de gemiddelde eigen bijdrage het laagst. Deze volgorde laat de normale prijsopbouw van schouwburg versus museum versus amateurvoorstelling zien. De eigen bijdrage die men wil betalen voor het schouwburgbezoek lijkt aan de lage kant als gekeken wordt naar de werkelijke toegangsprijzen voor schouwburgbezoek. Dit duidt er mogelijk op dat voor een deel van de Deventenaren de schouwburg (te) duur is. Cultuurwaarden naar opleiding Een belangrijke vraag bij de uitkomst dat de respondenten de vier waarden gemiddeld van belang vinden, is of er tussen verschillende groepen relevante verschillen zijn. Doelgroepenbeleid, inclusie en publieksbereik zijn immers doelstellingen van beleid. Daarom zijn -zoals gezegd- aanvullende analyses gedaan op een aantal achtergrondkenmerken, zoals opleidingsniveau. Er zijn drie opleidingsniveaus gemaakt: wetenschappelijk onderwijs (wo), hoger beroepsonderwijs (hbo) en middelbaar beroepsonderwijs of een overig niveau (mbo). Mbo-opgeleiden (175 personen) vormen bij deze laatste groep het grootste gedeelte, maar niet iedereen in deze groep heeft dus een mbo-diploma. De volgende tabel (4.3) laat de verschillen zien tussen deze opleidingsniveaus.
Het betreft hier naast de vragen naar het belang van culturele waarden ook andere vragen naar maatschappelijke opbrengsten en een vraag naar cultuurbeleid. Tabel 4.3 - Digipanel: antwoorden per opleidingsniveau, % (heel) belangrijk/(helemaal) mee eens, zie voor exacte vraagstelling bijlage 652. Waarden
wo
hbo
mbo
Bestaanswaarde
89%
77%
63%
Sociale waarde
88%
75%
64%
Optiewaarde
86%
75%
55%
Economische waarde
82%
81%
76%
Aanbod kunst en cultuur is reden wonen Deventer
38%
26%
11%
Minder kunst en cultuur maakt Deventer minder aantrekkelijk
83%
73%
55%
Kunst en cultuur verrijken Deventer
94%
91%
79%
Gemeente doet voldoende aan kunst en cultuur
55%
63%
58%
Uit de uitkomsten blijkt dat wo’ers de meest positieve oordelen geven, gevolgd door hbo’ers en daarna de groep met mbo’ers. Een ander opvallend resultaat is het antwoord op de vraag of het kunst en cultuuraanbod een reden is om in Deventer te wonen. Van de wo’ers geeft 38 procent aan dat het aanbod van cultuur een reden is om in Deventer te wonen, bij mbo’ers ligt dit op 11 procent, een duidelijk lager percentage. De verschillende antwoorden bij deze vraag tussen verschillend opgeleiden laten zien dat kunst en cultuur deels verschillend beleefd worden door mbo- versus wo-/hbo-opgeleiden.53
52
Het deel van de respondenten dat bij deze vragen het antwoord "weet niet/geen mening" gaf, is in deze tabel buiten beschouwing gelaten. 53 Er waren ook vragen over hoe belangrijk men de vier waarden voor “inwoners van Deventer” vond. Het blijkt dat men daar gemiddeld en over het algemeen een wat hoger belang geeft dan bij dezelfde vragen over het belang voor “zelf”. Dit laatste effect treedt het sterkst op bij mbo’ers: zij geven gemiddeld bij bestaanswaarde en optiewaarde aan dat het voor anderen belangrijker is. Mogelijk is dit een indicatie dat zij inschatten dat anderen er meer aan hebben.
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
34 van 67
Een laatste resultaat dat bij deze tabel 4.3 genoemd kan worden is dat een (kleine) meerderheid aangeeft dat zij vinden dat de gemeente voldoende doet aan kunst en cultuur. De rest van de respondenten is neutraal (25% van de totale groep), vindt dat er onvoldoende gebeurt (12% van de totale groep) of heeft geen mening (10% van de totale groep). Dit resultaat zou in aanvullend onderzoek verder uitgesplitst kunnen worden: waar ligt de behoefte van de groep die neutraal is, geen mening heeft of het niet voldoende vindt? Dit kan in een volgend onderzoek naar publieksbereik verder uitgezocht worden54. Er zijn aan de panelleden 23 verschillende culturele activiteiten/ locaties/ evenementen voorgelegd met de vraag er maximaal acht aan te kruisen die men het hoogst waardeert 55. In tabel 4.4. staan de 11 activiteiten waarbij opleidingsniveau de waardering beïnvloedt. Tabel 4.4 - Digipanel: Uiteenlopende antwoorden per opleidingsniveau, % dat betreffende activiteit/locaties/evenement hoogst waardeert56 Culturele activiteiten/locaties/evenementen
mbo
hbo
wo
Dickens Festijn
58%
42%
33%
Openbare Bibliotheek
36%
49%
59%
Zomerkermis
34%
15%
7%
Burgerweeshuis
26%
34%
36%
MIMIK
24%
46%
58%
Bergkerk
23%
29%
31%
Stadsarchief/Atheneumbibliotheek
10%
16%
24%
Kunstcircuit
5%
10%
13%
Salland 1
5%
1%
1%
Kunstenlab
3%
10%
9%
Brut (De Nieuwe Oost)
0%
2%
2%
Het Dickens Festijn is onder mbo’ers het meest gewaardeerd. Ook de zomerkermis scoort bij de mbo’ers hoger dan bij hbo’ers en wo’ers. MIMIK wordt minder hoog gewaardeerd onder mbo’ers. Bij Kunstcircuit, Kunstenlab en Brut gaat het om veel lagere percentages, maar ook hier zijn relatief lage waarderingen gegeven door mbo’ers. Voor Salland 1 geldt dat het ook om lage percentages gaat, Salland 1 is iets populairder bij mbo’ers. Voor de lagere percentages geldt wel dat de verschillen voorzichtig geïnterpreteerd moeten worden wegens de lage aantallen. Opleidingsniveaus zijn gekoppeld aan inkomen, gemiddeld genomen. Het meedoen aan cultuur vereist vaak een eigen bijdrage. Als gekeken wordt naar de vraag naar een “redelijke eigen bijdrage” voor een schouwburgbezoek, dan laten de onderstaande antwoorden per opleidingsniveau ook zien dat mbo’ers een lagere eigen bijdragen kiezen dan de anderen (Tabel 4.5.). De drempel om de eigen bijdragen te betalen om gebruik te maken van cultuuraanbod ligt gemiddeld lager bij de hbo’ers en wo’ers. Ook hier geldt dat de beleidsdoelstelling om meer publiek te bereiken minder goed te realiseren is onder mbo’ers, als er sprake is van eigen
54
In de midterm-review is sprake van een cultuurparticipatieonderzoek in begin 2024. Daarvoor was er een vraag welke (maximaal 8) activiteiten men het beste kent. Zie voor de resultaten vraag 11 uit bijlage 6. 56 Het deel van de respondenten dat bij deze vragen het antwoord "weet niet/geen mening" gaf is in deze tabel buiten beschouwing gelaten. 55
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
35 van 67
bijdragen. Verder is het zo dat ook tabel 4.4. duidelijk maakt dat verschillende doelgroepen qua opleiding deels verschillende voorkeuren hebben. Daar kan men (instellingen, gemeente) mogelijk op inspelen, door gerichte marketing op bepaalde doelgroepen en zeker ook door gericht publieksonderzoek te doen. Dit kan worden uitgevoerd via culturele instellingen, dit past volledig bij de beleidsdoelstelling om het publieksbereik te vergroten. Tabel 4.5 - Digipanel: Redelijke eigen bijdrage culturele voorstelling, bv. in schouwburg, procentuele verdeling per opleidingsniveau57 Wat vind je een redelijke eigen bijdrage bij bezoek aan bv. de schouwburg?
mbo
hbo
wo
0 euro
5%
2%
0%
1-4 euro
6%
2%
1%
5-10 euro
27%
16%
8%
11-20 euro
42%
45%
52%
Meer dan 20 euro
12%
29%
35%
Weet niet
8%
6%
4%
Cultuurwaardering naar leeftijd Naast opleiding is ook leeftijd een factor die tot uiteenlopende oordelen leidt met betrekking tot het voorgelegde culturele aanbod (Tabel 4.6.). Zoals eerder aangegeven, zijn er relatief weinig deelnemers van het Digipanel onder de 35 jaar, dus die resultaten moeten voorzichtig geïnterpreteerd worden. De onderstaande 13 culturele activiteiten laten een relevant verschil zien tussen leeftijdsklassen, bij de andere 10 culturele activiteiten zijn die verschillen er niet. Tabel 4.6 - Digipanel: Uiteenlopende antwoorden per leeftijd, % dat betreffende activiteit/locaties/evenement hoog waardeert58 Culturele activiteiten/locaties/evenementen
Tot 35 jaar
35-50 jaar
50-65 jaar
> 65 jaar
Deventer op Stelten
64%
68%
68%
52%
Deventer Boekenmarkt
64%
43%
54%
59%
Burgerweeshuis
61%
48%
41%
20%
Lebuinuskerk
33%
24%
19%
19%
De Hip
30%
26%
24%
13%
Speelgoedmuseum
18%
29%
17%
25%
Bergkerk
18%
17%
26%
33%
De Waag
15%
20%
27%
38%
Het Theaterschip
6%
2%
6%
2%
De Perifeer
6%
4%
2%
1%
Amateurkunst (b.v. koren en orkesten uit Deventer)
6%
12%
17%
22%
Brut (De Nieuwe Oost)
3%
3%
1%
1%
57
Er was sprake van een keuze tussen de 23 genoemde onderwerpen. Men kon maximaal 8 kiezen bij deze vraag naar waardering. De aanvullingen die men kon geven bij het onderzoek maken duidelijk dat de gekozen onderwerpen (sterk) positief gewaardeerd werden. Zie verder bijlage 6. 58 Het deel van de respondenten dat bij deze vragen het antwoord "weet niet/geen mening" gaf is in deze tabel buiten beschouwing gelaten. Zie verder bijlage 6.
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
36 van 67
De tabel laat zien dat de waardering voor het Burgerweeshuis leeftijdsafhankelijk is, maar ook door 20 procent van de 65-plussers wordt het Burgerweeshuis gewaardeerd. Deventer op Stelten spreekt alle leeftijdsklassen aan. Bij de 65-plussers scoren de Boekenmarkt, De Waag, Bergkerk, Speelgoedmuseum en amateurkunst relatief hoog. Voor leeftijd geldt dus wat voor opleiding ook geldt: wanneer bepaalde instellingen/locaties publiek uit bepaalde leeftijdsklassen trekken, dan kan hierop ingespeeld worden door betreffende instellingen, via publieksonderzoek of gerichte marketing.
4.4
Maatschappelijke opbrengsten volgens de sector
De gemeente houdt zich niet bezig met de inhoud van culturele uitingen, dat is aan de instellingen en culturele makers zelf. Tegelijkertijd heeft de gemeente beleidsdoelstellingen zoals publieksbereik, aandacht voor jongeren, cultuurparticipatie, doelgroepen betrekken en een integrale aanpak binnen de gemeente. Verder wil de gemeente dat instellingen zich houden aan de codes voor diversiteit, inclusie en fair practice. Ook bespreekt de gemeente in het uitvoeringsprogramma -zoals gezegd- de uiteenlopende waarden die cultuur kan hebben. Bij de interviews geven instellingen aan dat ze weinig sturing ervaren vanuit de gemeente op maatschappelijke opbrengsten van cultuurbeleid. De financiering die genoemd wordt komt uit cultuur of sociaal domein/meedoen of van buiten de gemeente Deventer. Aan de ene kant vinden veel initiatieven van instellingen gericht op maatschappelijke opbrengsten hun weg wel. Aan de andere kant geldt dat voor een vergelijkbare financiering en voor gewenste afstemming van beleid vanuit de gemeente, een integrale benadering/coördinatie vanuit de gemeente wenselijk wordt genoemd. Er wordt verder expliciet aangegeven in interviews dat de gemeente ook gewoon mag vragen om bepaalde activiteiten van een instelling of samenwerkende instellingen, of vaker een (maatschappelijk) vraagstuk mag voorleggen.
Er zijn organisaties, zoals de bibliotheek en het kunstcircuit, die maatschappelijke opbrengsten als belangrijk onderdeel van hun takenpakket hebben. Het organiseren van activiteiten voor of met bepaalde doelgroepen, van vluchtelingen tot personen met een beperking is een voorbeeld dat naar voren komt bij de interviews. Ook andere organisaties, zoals Burgerweeshuis, Kunstenlab, Brut en individuele makers dragen nadrukkelijk bij aan deze activiteiten. Ook het over het voetlicht brengen van de immateriële waarde van erfgoed is een voorbeeld van zo’n taak die rechtstreeks aansluit bij maatschappelijke opbrengsten en het “brede waarde” begrip van cultuur. Verder is het betrekken van burgers bij culturele activiteiten op zich natuurlijk een maatschappelijke opbrengst, het participeren op zichzelf. Hierbij is ook van belang dat bepaalde lokale activiteiten in de praktijk vooral ouder en lokaal publiek trekken. Dit geldt bijvoorbeeld voor klassieke muziek (muziekkring Bathmen) en voor Cultuurhuus Braakhekke. Zo’n lokale culturele voorziening maakt voor ouderen cultuurparticipatie gemakkelijker. Optredens in coronatijd, buiten, waarbij bewoners op hun balkon het publiek vormden, is ook een voorbeeld59.
In de gesprekken geven de gesprekspartners ook aan dat het duidelijk maken aan het publiek/bewoners van maatschappelijke opbrengsten ook tot draagvlak verbetering voor de maatschappelijke kosten van de culturele instellingen kan leiden. Verschillende geïnterviewden
59
Zie ook de midterm-review met de beschrijving van de Deventer Balkonbeweging.
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
37 van 67
gebruiken in hun jaarverslagen en andere uitingen die maatschappelijke opbrengsten om zelf de maatschappelijke waarde van hun culturele activiteiten over het voetlicht te brengen. Er is geen sprake van een rapportage op basis van vijf waarden, het gaat hier vooral om de sociale waarde die gekoppeld wordt aan maatschappelijke opbrengsten. De economische waarde, voor bijvoorbeeld horeca en via het trekken van bezoekers van buiten de gemeente, komt in de interviews ook naar voren. De bestaanswaarde wordt regelmatig genoemd, hierbij wordt vaak verwezen naar de drie grote evenementen die een deel van de culturele identiteit van Deventer vormen. Bij de interviews wordt ook een voorbeeld met betrekking tot verbreding van het publieksbereik naar voren gebracht uit Deventer op Stelten van begin juli 2022. Een deel van het programma speelde zich niet als vanouds af in de binnenstad maar in wijken waar Deventer op Stelten tot nu toe geen voorstellingen gaf. Hierbij speelde naast verbreding van het publieksbereik overigens ook spreiding van bezoekers, gezien corona, een rol. De uitbreiding naar wijken buiten het centrum, leidde bijvoorbeeld in de Rivierenwijk tot allerlei reacties die voor een groot deel van het publiek als waarderend zijn ervaren door de organisatoren.
Tegelijkertijd leidde het uitstapje ook tot vragen vanuit andere inwoners (“minder groots dan andere jaren”) en van de horeca in de binnenstad, omdat de binnenstad minder kon profiteren van de bezoekers van het evenement. Een voorbeeld van maatschappelijke opbrengsten dat te maken heeft met de openbare ruimte, is het Vogeleiland. Er is vanuit de gemeente flink geïnvesteerd om het achterstallig onderhoud te herstellen, na een terugname in beheer door de gemeente. Ook heeft de gemeente geïnvesteerd in beveiliging (hekken) en in een vernieuwd paviljoen met nieuwe horeca bij Vogeleiland. Het culturele project Vogeleiland heeft ook bijgedragen aan het aantrekkelijker maken van openbare ruimte die deels verwaarloosd was, in een samenwerkingsverband met Kunstenlab en dEVENTer. Door de genoemde initiatieven en investeringen is eerdere overlast verdwenen, en de ruimte wordt gebuikt voor recreatie, cultuureducatie en horeca. Het Vogeleiland verbindt twee uiteenlopende wijken van Deventer.
4.5
Conclusies met betrekking tot maatschappelijke opbrengsten
De eerste conclusie is dat er brede herkenning en steun is voor de vijf waarden van cultuur en voor maatschappelijke opbrengsten van cultuur. Het aanbod van culturele activiteiten is bekend en wordt gemiddeld positief gewaardeerd. Het aanbod van cultuur is ook bij een niet onaanzienlijke groep een reden om in Deventer te wonen. Een kleine meerderheid vindt dat Deventer voldoende doet aan kunst en cultuur. Van de restgroep is het grootste gedeelte neutraal of heeft geen mening, een kleiner gedeelte vindt dat er onvoldoende gebeurt door de gemeente. Zowel via publieksonderzoek van culturele instellingen als via ander onderzoek naar cultuurparticipatie, zijn er mogelijkheden om dit verder uit te zoeken. De tweede conclusie is dat verschillend opgeleiden het aanbod van cultuur deels verschillend beoordelen. Dit geldt deels ook voor verschillende leeftijdsklassen. Het aanbod van kunst en cultuur is, zeker voor een deel van wo-opgeleiden en hbo-opgeleiden, een reden om in Deventer te wonen. Dit is van belang in verband met de beleidsambitie om jonge, creatieve mensen aan Deventer te binden door middel van een gericht beleid. Deventenaren met een mbo-opleiding hebben deels andere waarderingen over het cultureel aanbod dan hbo- en wo-opgeleiden. Ze zijn deels ook minder positief over de waarden van cultuur, ze noemen het aanbod van kunst en
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
38 van 67
cultuur ook duidelijk minder vaak als reden om in Deventer te wonen en ze geven aan minder te willen betalen voor cultuur. De gemeente kan via eigen onderzoek of via onderzoek van culturele instellingen verschillende doelgroepen goed in kaart te brengen, inclusief jongeren. Dit sluit aan bij bestaande beleidsdoelstellingen met betrekking tot verbreding van het publieksbereik. Instellingen en gemeente kunnen vervolgens via gerichte marketing doelgroepen benaderen, deze doelstellingen zijn vanwege de coronacrisis onvoldoende tot uitvoering gekomen de laatste jaren. De derde conclusie is dat geïnterviewden van culturele instellingen laten zien dat er in de praktijk veel mogelijkheden zijn om maatschappelijke opbrengsten te realiseren, dit blijkt bijvoorbeeld uit de in 5.4 genoemde voorbeelden van Deventer op Stelten en Vogeleiland. Er is nu weinig sturing vanuit beleid met betrekking tot deze maatschappelijke opbrengsten. Als gekeken wordt naar het normenkader, dan zijn er beleidsmatig verbeteringen noodzakelijk, met name met betrekking tot het verder uitwerken van maatschappelijke opbrengsten in beleid. De gemeente werkt de uiteenlopende waarden van cultuur wel uit in het uitvoeringsprogramma, maar stuurt hier beleidsmatig niet actief op.
Een verdere beleidsmatige uitwerking is mogelijk via uitgewerkte doelstellingen als publieksbereik, doelgroepen en een integrale aanpak die aansluiten bij het brede waarden begrip dat gebruikt is om maatschappelijke opbrengsten uit te werken. Instellingen rapporteren daar ook nog niet over, maar gebruiken de waarden (deels) al wel. Norm De gemeente Deventer laat in de uitwerking van haar beleid de uiteenlopende waarden, die gekoppeld kunnen worden aan cultuur, zien. Bijvoorbeeld de economische, de sociale of de intrinsieke waarde van cultuur.
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
Score
⚫
39 van 67
5. Afweging van lasten en opbrengsten 5.1
Inleiding
De onderzoeksvraag die in dit hoofdstuk wordt beantwoord is: hoe verhouden de cultuurlasten van de gemeente aan kunst en cultuur zich tot de opbrengsten voor de gemeente? Het vorige hoofdstuk bracht de maatschappelijke opbrengsten in kaart. In dit hoofdstuk komen de cultuurlasten aan bod en wordt een vergelijking gemaakt tussen die kosten en de maatschappelijke opbrengsten. Bij de cultuurlasten gaat het om absolute cultuurlasten per inwoner exclusief afschrijvingen van investeringen en inclusief afschrijvingen van investeringen. En het gaat over de verdeling van cultuurlasten over de verschillende domeinen.
5.2
Cultuurlasten exclusief afschrijvingen van investeringen
De gemeente Deventer geeft jaarlijks ongeveer 13 miljoen euro uit aan cultuur60. Deze uitgaven zijn min of meer constant gebleven in de onderzochte periode. Ook de begroting voor 2023, inclusief de meerjarenplanning, laat zien dat er sprake is van min of meer gelijkblijvende budgetten. Extra uitgaven met betrekking tot coronasteun zijn gefinancierd vanuit specifieke en tijdelijke landelijke regelingen. Uit een benchmark van de cultuurlasten per inwoner die op verzoek van de raad is opgenomen in het uitvoeringsprogramma cultuur (2020) blijkt dat de uitgaven in Deventer in dezelfde orde van grootte vallen als die van de meeste referentiegemeenten 61. Het uitvoeringsprogramma vermeldt daarnaast de cultuurlasten per inwoner gemiddeld voor de negen grootste steden 62 van Nederland. De lasten (of anders gezegd uitgaven) daar liggen gemiddeld ongeveer een kwart hoger dan die in Deventer. Verdeling over domeinen In het uitvoeringsprogramma cultuur staat ook een vergelijking van de verdeling van de (begrote) cultuurlasten63 over de verschillende cultuurdomeinen in Deventer met de gemiddelde verdeling van alle Nederlandse gemeenten naar grootteklasse. Er zijn geen hele grote afwijkingen van het gemiddelde, maar wel een aantal verschillen (zie tabel 5.1.).
60
De totale maatschappelijke kosten zijn natuurlijk hoger dan de cultuurlasten. Bijvoorbeeld omdat sommige instellingen bijdragen van andere instanties ontvangen (b.v. provincie Overijssel of het Rijk) en/of mede functioneren door de inzet van (soms grote groepen) vrijwilligers. Ook investeringen in cultureel vastgoed en de eigen bijdragen van culturele bezoekers zijn maatschappelijke kosten. 61 De gemeenten tussen de 80.000 en 120.000 inwoners in de top-30 van de cultuurindex Atlas voor gemeenten 2018. 62 Het zijn niet de negen grootste steden van het land maar de door het ministerie van OCW gedefinieerde culturele G9 (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Arnhem, Eindhoven, Enschede, Groningen en Maastricht). 63
Gebaseerd op de begrote subsidies uit de cultuurvisie (pag. 19).
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
40 van 67
Tabel 5.1 - Cultuurlast per domein gemeente Deventer (x € 1.000). Bron: Gemeente Deventer (peil 2020) en procentuele verdeling cultuurlasten Nederlandse gemeenten. Bron: CBS -Onderzoek detaillering cultuurlasten gemeenten en provincies, 2018 (peil 2017). Cultuurlasten
Gemeente
in %
Deventer
Gemeenten
Gemeenten
Gemeenten
100-150.000
50-100.000
landelijk
Totaal
13.061
100%
100%
100%
100%
Podiumkunsten & film*
3.407
26%
29%
32%
30%
Bibliotheken**
3.212
25%
22%
22%
21%
Lokale media
55
0,4%
1%
1,3%
1,4%
Erfgoed & musea***
3.257
25%
24%
20%
23%
Kunst- & cultuureducatie
1.373
11%
15%
13%
11%
Beeldende kunst
320
2%
2%
3%
3%
Overig
1.437
11%
7%
9%
11%
* in Deventer incl. evenementen ** in Deventer excl. Athenaeumbibliotheek, valt onder Erfgoed & musea *** excl. wettelijke taken Monumenten en Archeologie
Uit de toelichting van de gemeente: “Hierin valt op dat het aandeel podiumkunsten inclusief evenementen binnen de totale cultuurlasten van de gemeente Deventer lager ligt dan gemiddeld. Het aandeel bibliotheek ligt juist hoger; dit geldt ook voor erfgoed (incl. Athenaeumbibliotheek). Het aandeel beeldende kunst ligt in Deventer rond het gemiddelde van vergelijkbare gemeenten. Kunst- en cultuureducatie ligt rond het landelijk gemiddelde, maar lager dan in vergelijkbare gemeenten. Het aandeel lokale media ligt in Deventer fors lager dan gemiddeld”. Dat het aandeel bibliotheek hoger ligt dan elders komt waarschijnlijk doordat er in Deventer relatief veel filialen zijn. Dat het aandeel kunst- en cultuureducatie lager ligt dan bij vergelijkbare gemeenten heeft o.a. te maken met bezuinigingen op cultuureducatie in de vrije tijd in 2017. Incidentele subsidies schouwburg en Burgerweeshuis en lagere lasten MIMIK in 2021 Naast de structurele subsidies verstrekt de gemeente reeds langjarig extra incidentele subsidies aan de schouwburg en (in mindere mate) het burgerweeshuis. Voor peiljaar 2020 betreft dit de volgende vastgestelde subsidiebedragen (los van coronasteun): schouwburg € 290.000 (seizoen 2020-2021) en burgerweeshuis € 50.000 (amendement Burgerweeshuis 2019). Als die lasten worden opgeteld bij het bedrag podiumkunsten & film, dan komen die uitgaven op 28% i.p.v.
26% van het totaal, dus wat dichter bij het gemiddelde van de benchmark gemeenten met 100.000-150.000 inwoners. Aan de andere kant: De structurele subsidie voor MIMIK was bij de cultuurvisie begroot op €747.000 (deels aanloopsubsidie). Vanaf 2021 werd dat een structurele subsidie € 460.000. Het aandeel cultuurlasten voor podiumkunsten komt hiermee weer uit op de genoemde 26%.
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
41 van 67
5.3
Cultuurlasten inclusief afschrijvingen van investeringen
Voor dit rekenkameronderzoek is ook nader gekeken naar de CBS-publicaties over detaillering van de cultuurlasten van Nederlandse gemeenten. Er zijn cijfers beschikbaar over uitgaven in 2017, 2019, 2020 en 2021. Het CBS vraagt gemeenten bij hun opgave van de lasten ook rekening te houden met investeringen in vastgoed en de afschrijving daarvan in dat jaar 64. De cultuurlasten die het CBS rapporteert op basis van de gemeentelijke opgave liggen daarom logischerwijs hoger dan die in het uitvoeringsprogramma zijn genoemd. In tabel 5.2. staat de ontwikkeling van de cultuurlasten per inwoner in Deventer. Daarnaast staat er de ontwikkeling van de gemiddelde cultuurlasten per inwoner van alle 14 gemeenten met een inwonertal tussen 100.000 en 150.000 inwoners (peil 1-1-2021)65 en voor 2020 en 2021 de cultuurlasten van de referentiegemeenten die ook in het uitvoeringsprogramma cultuur staan (gemeenten van 80.000-120.000 inwoners uit de top 30 van de algemene cultuurindex 2018, zie hoofdstuk 2). Tabel 5.2 - Cultuurlast per inwoner in €. Bron: CBS onderzoek detaillering cultuurlasten gemeenten en provincies. Bewerking I&O Research. Jaar
Deventer
Benchmark
Benchmark
Landelijk
gemeenten
uitvoerings-
(gemiddeld)
100.000-
programma
150.000
(gemiddeld)
inwoners (gemiddeld) 2017
162
130
incomplete
108
waarnemingen 2019
168
129
incomplete
111
waarnemingen 2020
189
136
153
114
2021
191
136
151
118
Uit de cijfers valt op te maken dat de cultuurlasten per inwoner relatief hoger zijn en sterk gestegen zijn tussen 2019 en 2020 (door investeringen in vastgoed, zoals MIMIK en bibliotheek). Landelijk is er tussen 2017-2021 een beperktere stijging, die we ook zien bij de benchmark gemeenten 100.000-150.000 inwoners. Verdeling over domeinen Om te kijken naar de cultuurlasten inclusief investeringen per domein is tabel 5.3 opgesteld op basis van een maatwerk tabel van het CBS66. Deventer wordt hier vergeleken met 13 gemeenten met 100.000-150.000 inwoners. Deventer had -zoals hierboven al gesignaleerd- in 2021 de
64
Wat natuurlijk ook afhangt van de afschrijvingstermijn, die kan verschillen tussen gemeenten. Leeuwarden, Emmen, Deventer, Alkmaar, Alphen aan den Rijn, Delft, Dordrecht, Leiden, Zoetermeer, Maastricht, Venlo, Westland, Zwolle en Ede. 66 https://www.cbs.nl/nl-nl/maatwerk/2022/45/detaillering-cultuurlasten-gemeenten-en-provincies-2020-2021. 65
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
42 van 67
hoogste cultuurlasten per inwoner maar ook de hoogste cultuurinkomsten67 per inwoner (zie laatste kolom), het is onduidelijk waar deze hoogste inkomsten op gebaseerd zijn. Ook andere historische gemeenten hebben relatief hoge lasten. De lasten voor Erfgoed68 en Media (daarbinnen vooral de bibliotheek) zijn voor Deventer het meest afwijkend. Voor de bibliotheek hebben de lasten mogelijk te maken met de eerdergenoemde ‘meerdere filialen’ en/of met de investeringskosten van de nieuwbouw die werd opgeleverd in 2018.
67
Uit de toelichting van het CBS bij de maatwerktabel staat dat het om baten gaat die geboekt zijn op de posten 5.3 t/m 5.6. Verder zegt het CBS in de toelichting: “Tevens zijn in dit onderzoek de cultuurbaten (steunpakketten) uit het gemeentefonds meegenomen voor die jaren. Deze baten zijn niet geoormerkt en er is dus geen directe relatie met de cultuurlasten. Echter is het goed mogelijk dat gemeenten deze (gedeeltelijk) hebben ingezet ter dekking van de cultuurlasten”. 68 Mogelijk boeken andere historische gemeenten uitgaven voor Erfgoed op andere posten.
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
43 van 67
Tabel 5.3 - Cultuurlasten en inkomsten per inwoner 2021 gemeenten 100.000-150.000 inwoners. Bron CBS, bewerking I&O Research. Cultuurlasten per inwoner (€)
Cultuurinkomsten per inwoner (€)
Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie Totaal
5.3 Totaal
5.3.1 – Podiumkunsten
5.3.2 Beeldende kunst en vormgeving
5.3.3 – Kunst- en cultuur educatie
5.3.4 Film en video
Musea 5.3.5 Overig
5.4 – Totaal
5.4.1 Musea
5.4.2 Historische archieven
Cultureel erfgoed 5.5. – Cultureel erfgoed
Media 5.6. Totaal
5.6.1 – Bibliotheken
5.6.3 - Lokale pers en omroep
5.6.4 Overig
5.3 t/m 5.6 Totaal
Gemeente
Aantal inwoners
Leeuwarden
124.481
110
70
38
8
12
1
11
19
9
10
0
21
20
1
-
3
Emmen
107.024
89
62
39
10
12
0
2
-
-
-
1
26
25
-
0
3
Deventer
101.236
191
67
36
3
10
-
18
27
15
12
49
47
47
1
-
26
Alkmaar Alphen aan den Rijn
109.896
162
89
13
2
13
1
60
30
30
-
15
27
27
-
-
1
112.587
72
35
23
-
13
-
-
4
0
3
7
26
24
2
-
7
Delft
103.581
182
38
18
3
17
-
-
101
70
32
1
42
41
1
-
16
Dordrecht
119.115
177
68
22
2
19
5
19
79
78
0
6
25
22
2
-
20
Leiden
124.093
190
74
53
2
17
-
2
64
64
-
19
33
31
2
-
10
Zoetermeer
125.267
102
59
26
5
25
0
3
6
6
0
2
35
35
1
-
21
Maastricht
120.227
178
119
55
6
29
3
25
3
3
-
6
50
46
3
-
21
Venlo
101.988
129
82
56
-
4
1
21
23
14
9
4
20
17
3
-
2
Westland
111.382
68
31
-
22
1
-
8
10
4
6
3
24
22
2
-
4
Zwolle
129.840
156
84
nb
nb
nb
nb
nb
30
nb
nb
5
37
nb
nb
nb
2
Ede
118.530
97
49
nb
nb
nb
nb
nb
12
nb
nb
6
30
nb
nb
nb
12
Totaal
1.609.247
136
67
32
5
15
1
14
29
24
5
9
32
30
1
0
11
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
44 van 67
5.4
Maatschappelijke opbrengsten en actueel aanbod afgewogen tegen cultuurlasten
De maatschappelijke opbrengsten zijn uitgewerkt in het vorige hoofdstuk. De deelnemers van het Digipanel beoordelen zowel de economische waarde van cultuur als andere waarden van cultuur, de sociale waarde, de bestaanswaarde en de optiewaarde als belangrijk voor henzelf. Zij beoordelen in meerderheid het beleid van de gemeente als voldoende, er is relatief wel een grote groep die zich wat dit betreft neutraal opstelt of geen mening heeft. Een deel van de deelnemers van het Digipanel geeft aan dat het aanwezige aanbod van kunst en cultuur een reden is om in Deventer te wonen. Dit geldt met name voor hbo- en wo- -opgeleiden. Dit is van belang in verband met de beleidsambitie om jonge, creatieve mensen aan Deventer te binden door middel van een gericht beleid. Het onderzoek onder het Digipanel laat zien dat kunst en cultuur per opleidingsgroep (en daarmee ook inkomensgroep) deels verschillend beleefd wordt. Het is van belang om bij de beleidsontwikkeling de (deels) verschillende cultuurwaarderingen te betrekken: hbo- en wo- opgeleiden kijken deels verschillend dan mbo opgeleiden naar het culturele aanbod. Het actuele aanbod van cultuur wordt beschreven in hoofdstuk 2. Uit tabel 2.1 blijkt dat Deventer op de benchmark van 50 grootste gemeenten voor podiumkunsten beter scoort dan op basis van de omvang van de bevolking verwacht mag worden (27 ste plaats, 31ste qua bevolking).
Dit is op basis van de deelonderdelen pop en toneel, klassiek doet het iets minder goed (33 ste plaats). Aan cultuurlasten voor podiumkunsten geeft Deventer (zie bovenstaande tabel 5.3) 36 euro per inwoner uit, iets boven het gemiddelde van 32 euro voor gemeenten 100.000-150.000 inwoners. In hoofdstuk 2 (o.a. tabel 2.2) was de conclusie dat Deventer op het gebied van erfgoed een sterke positie heeft. Als gekeken wordt naar de cultuurlasten daarvan, dan zijn deze ook duidelijk boven het gemiddelde (zie tabel 5.3). Als de maatschappelijke opbrengsten (hoofdstuk 4) en de benchmarks op basis van het aanbod van cultuur (hoofdstuk 2) gerelateerd worden aan de hierboven gerapporteerde cultuurlasten, dan laat deze afweging zien dat hoger dan gemiddelde lasten van de gemeente Deventer leiden tot maatschappelijke opbrengsten die positief gewaardeerd worden, inclusief de vijf waarden van cultuur. Daarnaast laten de beschikbare benchmarks voor podiumkunsten zien dat bovengemiddelde cultuurlasten samengaan met bovengemiddelde scores op benchmarks voor cultuuraanbod. Naast deze kwalitatieve en deels kwantitatieve insteek (op basis van de benchmarks) wordt in het kader hierna kort ingegaan op de uitkomsten van een volledig kwantitatieve afweging van lasten en baten.
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
45 van 67
Maatschappelijk kosten-baten analyses (MKBA) in de cultuursector Er zijn enkele MKBA-analyses gedaan om de kosten en baten van het cultureel aanbod in Nederland in beeld te brengen. Het betreft bijvoorbeeld de gemeenten Amersfoort en Utrecht. Voor de (geldelijk ingeschatte) uitkomsten van beide brede culturele MKBA’s, in Amersfoort69 en Utrecht70, geldt dat de (op geld gezette) maatschappelijke opbrengsten wat hoger zijn dan de maatschappelijke kosten. Met andere woorden: een investering in cultuur levert meer op dan dat het kost. In Amersfoort betrof het 5 procent rendement, in Utrecht betrof het rendement meer dan 15 procent. Het verschil zit hem er in dat in Utrecht de baten voor een groter deel ook buiten de gemeente uitkomen. Met een flinke slag om de arm: voor Deventer (o.a. met evenementen met veel bezoekers van buiten Deventer) is een grove schatting dat het rendement van cultuuruitgaven ergens tussen de uitkomsten van Amersfoort en Utrecht in ligt, dus tussen de 5% en 15%. Soms wordt een MKBA ook gebruikt als input voor een locatiekeuze.
Een recent voorbeeld daarvan is het gebruik van een MKBA voor een toekomstige nieuwe locatie van muziekcentrum Oosterpoort in Groningen.71 In het uitvoeringsprogramma cultuur is in 2020 geconstateerd dat een met de gemeenten Amersfoort en Utrecht vergelijkbare MKBA, dus een MKBA gericht op het totale cultuurbeleid, een complexe, gedetailleerde en kostbare exercitie zou zijn voor de gemeente Deventer.
5.5
Kennissessie met de raad
In september 2022 was er een kennissessie met raadsleden en fractiemedewerkers, met als toehoorders de wethouder van cultuur, ambtenaren en een lid van de rekenkamer Deventer. Tijdens een deel van de sessie is de systematiek van een kwantitatieve (econometrische) MKBA toegelicht, en is een aantal voorbeelden van MKBA-analyses besproken, ook in de culturele sector Een MKBA kan naast een analyse van het totale beleid, ook een deelaspect van dit beleid of een specifieke vraag betreffen, en kan ook een bijdrage leveren aan de weging van verschillende argumenten rondom een project. Tijdens de kennissessie zijn de vijf waarden van cultuur en het onderzoeksinstrument MKBA besproken. De deelnemers brachten diverse opvattingen en invalshoeken naar voren. Er was discussie over het benadrukken van de economische waarde van cultuur en het vestigingsklimaat voor burgers en bedrijven. Er werd naar voren gebracht dat je geld maar 1 keer kunt uitgeven, en dat het kapitaliseren van kosten en opbrengsten via een MKBA daarbij kan helpen (“Zachte” waarden spelen wel degelijk een rol bij het vestigingsklimaat”, “Een goed cultuuraanbod trekt bedrijven aan”).
69
Het belang van kunst en cultuur voor Amersfoort, 2019, Atlas voor Gemeenten. Cultuurkaart Utrecht: Het belang van kunst en cultuur voor de stad Utrecht, 2017, Atlas voor Gemeenten. 71 https://gemeenteraad.groningen.nl/Documenten/Bijlage-7-MKBA-1.pdf 70
Cultuuraanbod en cultuurbeleid gemeente Deventer
46 van 67
De besparingen die maatschappelijke opbrengsten, ook op de lange termijn, voor bijvoorbeeld zorgkosten met zich meebrengen zijn ook als argument genoemd. Maar ook dat er een evenwicht nodig is tussen kosten voor cultuur en andere uitgaven. Dat bepaalde waarden niet in geld zijn uit te drukken, kwam ook naar voren. Dat cultuur verbindt in een stad met soms grote verschillen tussen wijken, en tussen de stad en de omliggende dorpen, is ook genoemd (“Cultuur is iets van de “hele stad”, “Cultuur geeft inwoners het gevoel dat de stad van hen is”). Hierbij werd ook naar voren gebracht dat cultuur nu te veel voor “financieel welgestelden is en voor bezoekers van buiten de stad. Dat cultuur kwaliteit toevoegt aan de stad en ook het welbevinden verhoogt is genoemd. Cultuur enthousiasmeert en stimuleert de nieuwsgierigheid. Er was ook discussie over de definitie van cultuur (‘Go Ahead Eagles is ook cultuur”, “Cultuur is toch breder dan de schouwburg”, “De raad bepaalt zelf wat ze ziet als de basis voor cultuurbeleid”). Tot slot kwamen zorgen over exploitatietekorten bij culturele instellingen naar voren. Samenvattend geldt dat er tijdens de kennissessie van gedachten is gewisseld over bovengenoemde onderwerpen. Raadsleden benadrukken deels verschillende invalshoeken op cultuur en de waarde van cultuur.