CConstaterende datDeventer
Koppel je AI →
Document · PDF

2023-04-19 Transcript Raadsvergadering Gemeenteraad Deventer

Raadsvergadering 19 april 2023, gemeente Deventer31.093 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Dat is een groot verschil. Goed om te benoemen hier. De voorzitter: De heer Schuring, niet? Nee? Andere vragen of ... Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank, voorzitter. Misschien dan toch nog even de vraag in reactie op wat de heer Donkers zegt. Het is een motie gericht aan het college, maar we hebben het college vanavond nauwelijks gehoord. Eén antwoord op één vraag. Waarom komt deze dan nu? Want dan heeft het denk ik toch iets te maken met het debat wat er vanavond is gevoerd over het ordevoorstel. Waarom dan een motie naar het college toe, die eigenlijk niks met het ordevoorstel te maken heeft. Er wordt wat gelachen voorzitter, maar dat lijkt mij toch een hele logische vraag. De voorzitter: De heer Van der Meulen.

De heer Van der Meulen: Even voor de scherpte, het is een motie van afkeuring die gaat over de behandeling van het dossier, zoals het college dat heeft behandeld. Naar de mening van de indieners door de behandeling van het college niet voortvarend aangepakt, te laat is de raad in stelling gebracht, zijn we in deze positie terechtgekomen. Wij als raadsleden kunnen niet moties indienen tegen collega-partijen. Dat zouden we ook niet moeten willen. We zijn één raad. We willen allemaal het beste voor Deventer. Daarom richten we ons op de behandeling van het verkabelingsdossier door het college. De voorzitter: De heer Donker had ook behoefte om te reageren? De heer Donkers: Ja. Dank, voorzitter. Daarop aanvullend. Mevrouw Scholthof was samen met mij twee weken en drie weken geleden in de IJsselzaal van het Stadhuis te Deventer. Daar is het college uitgebreid aan het woord geweest over de manier waarop ze dit proces traineren. Ik ga het woord gewoon gebruiken. Het kan mevrouw Scholthof niet ontgaan zijn hoe het college zich daar heeft opgesteld. Dat draagt bij aan het standpunt dat deze partijen vanavond innemen. De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Mag ik daar dan uit concluderen dat deze motie al klaarlag, los van het ordevoorstel? De voorzitter: De heer Donkers of de heer Van der Meulen.

De heer Van der Meulen: Deze motie lag niet klaar naar aanleiding van het ordevoorstel. Daar is los van het orde ... Niet los van het ordevoorstel. Er was naar aanleiding van de Raadstafel, toch nog even voor de scherpte ... 5 april was er een Raadstafel. Toen was er een meerderheid van de fracties die zei, we gaan door. Uw partij was inderdaad daar kritisch op. Naar aanleiding daarvan zaten we in de spagaat, 1 mei moet er een ondertekende offerte liggen. Het college kan niet in die korte tijd zelf een voorstel maken. Er was ook niet een toezegging tijdens die Raadstafel gedaan dat dat zou kunnen. Toen is aangegeven, dan moeten die partijen het zelf maar doen. Op basis van de verwachte meerderheid is er een raadsvoorstel gekomen, wat als hamerstuk op de agenda stond. We hadden hier in twee minuten over klaar kunnen zijn. Dan was het gewoon helder, je bent voor of je bent tegen. Naar aanleiding van het ordevoorstel om dit op te schuiven, moesten wij natuurlijk wel in actie komen om toch een oordeel te geven over de handelswijze van het college in deze. Het staat daar los van. De voorzitter: De heer De Niet. De heer De Niet: Dank u wel, voorzitter. Dit is best een zwaar middel wat wij nu inzetten. Ik wil ook wel uitleggen waarom mijn fractie deze motie mede heeft ingediend.

Het heeft wel met eigenlijk toch de obstructie te maken die wij zien vanuit het college in de uitvoering van de opdracht en het raadsbesluit van ruim een jaar geleden. Er staan vijf heel duidelijke punten in, waarvan denk ik er zelfs maar nog twee halfbakken zijn uitgevoerd. Waar het om gaat, als het college tot het inzicht komt, om wat voor reden dan ook, dat het verstandiger is om af te wijken van besluiten van de raad, die de raad eerder heeft genomen, dan is het college mans genoeg heeft ook de opdracht om op dat moment met voorstellen naar de raad te komen, om van het eerder gestelde beleid af te wijken. Dat had het college in deze kunnen doen. Dat was de juiste weg geweest en niet tegenstribbelen, tegenwerken en de dingen maar op zijn beloop laten. Want dat was niet de opdracht van de raad, die

de raad aan het college heeft gegeven. Dat is niet de dingen maar op zijn beloop laten. Dat is een besluit te nemen en het beleid van de raad uitvoeren. Dat is wat hier misgaat. De voorzitter: Dank u wel voor u positie. Anderen nog? Het college heeft mij verzocht om tien minuten te schorsen, zodat zij haar positie ook even kan bepalen. De vergadering geschorst tot vijf over half tien. Wij vervolgen de raadsvergadering. Het college heeft gevraagd om even te schorsen om haar positie te kunnen bepalen. Ik stel voor dat wethouder Walder het woord krijgt om te reageren op de voorliggende motie. Wethouder Walder, gaat uw gang. De heer Walder: Dank u wel, voorzitter. Het college zal even schetsen hoe het proces verlopen is vanaf het moment dat wij de gewijzigde offertes kregen van TenneT en het moment dat we hier staan. Als ik u daar chronologisch in meeneem, komen we automatisch ook tot de reflectie van het college op het proces. Afgelopen 20 oktober kregen wij van TenneT de offertes voor het maken van een basisontwerp. Daarin werden hele andere bedragen genoemd dan wij eerder van TenneT te horen kregen. Het bedrag was meer dan verdubbeld. Op het moment dat je zo'n offerte binnenkrijgt, hebben we daar gelijk vragen over.

Meerdere contactmomenten zijn er geweest met TenneT, telefonisch, schriftelijk, e-mail, om duidelijk te krijgen, waar zit hem dat verschil in en is dat verantwoord? Vervolgens is het naar het college gebracht. We hebben 13 december hier met het college over vergaderd en een raadsmededeling vastgesteld. Er zit minder dan twee maanden tussen het binnenkrijgen van de offertes en de reactie van het college. Daar zit in de analyse bespreken met mij als portefeuillehouder, het naar het college toebrengen, die gezamenlijke discussie. Daar hebben wij met elkaar gezegd van, dit wordt wel een heel ander project. U mag verwachten van het college dat op het moment dat kaders overschreden dreigen te worden, op het moment dat wij van tevoren al zien dat een project financieel uit de klauwen loopt, dat je dan even teruggaat naar de raad en zegt, jongens, willen we dit met zijn allen nog? Dat hebben wij gedaan. In de raadsmededeling die wij toen hebben vastgesteld, hebben wij gezegd, ik zal er even twee regels uit voorlezen, het college zet vraagtekens bij de vraag of dit traject op dit moment voortgezet moet worden, zolang er geen concreet zicht is wanneer de verkabeling ter hand genomen kan worden door TenneT en er grote financiële risico's blijven bestaan rond dit dossier. Het college wil de raad hier graag over consulteren.

Dat doen wij, dat consulteren van de raad, omdat dit een budgetbevoegdheid is van de raad en een beslissing uiteindelijk van de raad. We hebben daar als college onze voorzet voor gegeven. In de raadsmededeling zeggen wij, wij willen de raad hierover consulteren. Deze raadsmededeling is drieënhalve maand geleden in het RIS gezet. Het college vindt het dan prima om die twee, drie weken daarna te bespreken. Hij is later op de agenda gekomen en in meerdere stukjes gehakt, omdat er op de avonden niet genoeg tijd bleek te zijn om de vergadering in één keer af te ronden. Maar dit is wel het proces zoals we dat voor ons zien. Samenvattend, wij zien dat het project ineens veel duurder wordt. Wij zeggen, wacht even, dat hebben wij geleerd uit alle evaluaties rondom Viking, lijst grote projecten. Wij gaan terug naar de raad en zeggen, raad we willen jullie consulteren over wat er nu moet gebeuren. Dat is gebeurd. Daarom staan wij hier. Ik vind dit proces niet heel bizar of afwijkend of trainerend. Wat u kan zeggen van het college, is dat wij een andere afweging inhoudelijk maken over, is dit het geld waard? Is dit in relatie met al die andere projecten die roepen om geld, al die andere projecten die onze leefomgeving verbeteren? Is dit dan de hoogste prioriteit? Daarvan heeft het college in het verleden al gezegd nee, maar dat is een inhoudelijk punt.

Procesmatig hoop ik in ieder geval duidelijk gemaakt te hebben waarom wij met de raadsmededeling naar u toe gekomen zijn, om u te consulteren over of het wel wenselijk is dit project nu voort te zetten. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: De heer Van der Meulen.

De heer Van der Meulen: Dank u wel voor dat historie, tijdsverloop. 20 oktober inderdaad die offerte. Daar staat een datum bij van, hij is één maand geldig. We hebben hier in de raad verschillende momenten om de raad bij te praten, in zo’n geval. Zeker omdat het een initiatiefvoorstel is van de raad, niet van het college, zou je je kunnen voorstellen, is maar een suggestie, van een actueel sessie. Raad even op de hoogte stellen. We hebben een offerte binnengekregen. We moeten binnen een maand reageren. Wat zullen we daarmee doen? U noemde net 13 december. Ik heb het pas op 6 januari gezien. Toen was die termijn al verlopen. U noemt ook de raadsmededeling. Daar staat duidelijk in van, de raad wordt geconsulteerd op het moment dat we op de planningslijst van TenneT komen te staan. Dat staat daarin. Dat staat ook als voetnoot in de motie. Wat daarbij van belang is, de heer Donkers en ik hebben daar ook vragen over gesteld van, wanneer komen we dan op die planningslijst terecht? Kunt u garanderen dat als we uitstellen dat we dan nog op die planningslijst komen te staan? Dat dit niet verloren gaat. In de antwoorden op de schriftelijke vragen daarin staat, dat kunnen we niet garanderen.

Waarom, als er dan een nieuwe offertedatum is voor 1 mei, is de raad niet eerder in de positie gebracht aan de hand van een concreet voorstel? Nu moesten de heer Donkers en de heer Kleine Schaars en ik het zelf maken, om daar gewoon over te besluiten, voor 1 mei die duidelijkheid te geven. De voorzitter: De heer Walder. De heer Walder: We hebben u zeer ruim voor 1 mei geïnformeerd over de situatie en gezegd dat wij als college de raad graag willen consulteren. Dat is in het besluit gebeurd van 13 december. Er zat inderdaad aardig wat tijd tussen 13 december en 6 januari. Deels kerstreces, deels weet ik niet, maar dan nog heeft u drieënhalve maand geleden van het college reactie gehad, bijna vier maanden voor het verlopen van de deadline. De raadsmededeling met deze situatie. Juist ook om de raad in positie te brengen. Ik wil nog even reageren op de termijn van één maand, die in de eerste offerte stond. Want in de eerste offerte die we kregen van TenneT stond, u mag binnen één maand reageren op een offerte die meer dan keer twee was, zonder inhoudelijke toelichting. Even een inkijkje hoe dat dan gaat. Mijnheer van der Meulen en ik hebben daar ook over gewhatsappt in een weekend van, is één maand reëel. Ik zei, ik til daar niet te zwaar aan. De heer Van der Meulen zei terecht, maar het staat er wel. Had hij ook gelijk in.

Wij hebben toen contact opgenomen met TenneT en gezegd, TenneT, jullie moeten wel begrijpen als je ineens de offerte keer twee doet en een uitvoeringsproces een miljoen is, dat we even tijd nodig hebben om daarop te reageren. TenneT zei, snappen we, we verlengen hem tot 1 mei. Daarmee is die offertedeadline nooit een issue gebleken. De voorzitter: Anderen nog? Heeft de raad behoefte nog aan een tweede termijn? De heer Schuring. De heer Schuring: Voorzitter, goed luisterend, vind ik het een overtuigend antwoord van het college. Ik vind dat er eigenlijk met dit antwoord geen sprake kan zijn van een motie van afkeuring. Vind ik dat een veel te grote beoordeling voor wat er is gegaan, hoe het is verlopen. Ik zou toch de indieners van de motie willen vragen, blijft u bij het indienen van deze motie? Zo ja, waarom? De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Ik kan natuurlijk niet spreken voor alle andere indieners. Ik kan alleen spreken voor mezelf. Maar de reden dat deze motie hier nu ligt, is dat we vanavond heel lang hebben gesproken over een ordevoorstel en dat het college, want de heer Walder heeft gelijk van, die termijn is verlengd, maar is niet naar de raad toegekomen met een concreet voorstel voor dat aanvullende bedrag. Dat moesten wij zelf doen na een Raadstafel, waarin is gebleken van, er is een meerderheid

voor. Het college heeft niet proactief geacteerd. Wat je ook van het voorstel inderdaad vindt, we hadden van het college een voorstel moeten hebben. De voorzitter: U mag er ook wel even op reageren. Wethouder Walder nog even. De heer Walder: Kijk, op het moment ... Zo zou het idealiter gegaan zijn. Begin januari ligt daar de raadsmededeling. Dat gaan we zo in februari over consulteren met elkaar. Als daar een raadsmeerderheid is die zegt, wij willen toch eigenlijk, dat is de consultatie, wel dit extra geld vrijmaken, is er ook ruim de tijd om daar een voorstel over voor te bereiden. Die tijd was ze nu niet. Daarom hebben een aantal partijen dit zelf gedaan. Normaliter had dit een onderdeel moeten zijn van de consultatie aan het college. De voorzitter: De heer De Niet. De heer De Niet: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor in het betoog van de heer Walder die 1 mei. Die staat niet in die raadsmededeling. Als raad kwamen we daar pas achter dat die 1 mei een rol speelde op het moment dat die Raadstafel eraan kwam. Misschien in de technische vragen voorafgaand, maar in ieder geval op de eerste behandeling in de Raadstafel, pas toen lag die 1 mei als deadline ... Was bij ons als raad bekend. Eerder zijn we daar volgens mij niet over geïnformeerd. Dat is precies de actieve informatie naar de raad.

Breng de raad in positie op dit dossier, wat wij als raad zelf op de agenda hebben gezet, waar wij als Raad zelf het initiatief hebben genomen om besluiten te nemen op dit vlak. De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Er gaat hier ook een signaal vanuit. Dank u, voorzitter. Het moment dat in een duaal systeem de raad in meerderheid, met algemene stemmen het college een opdracht geeft, dan is het aan het college om die voortvarend uit te voeren en actief de raad te informeren over het verloop daarvan. Dat is niet gebeurd. De houding van het college vindt mijn fractie laakbaar bij de medewerking, als het gaat om te komen tot een oplossing. Vervolgens kan het inhoudelijk vanavond niet worden besproken. Daar heeft het college uiteraard geen blaam aan. De voorzitter: Dank u. De heer Schuring. De heer Schuring: Ik vind het toch moeilijk te begrijpen, voorzitter, als wordt gezegd dat het college geen blaam heeft in het feit dat dit voorstel wat voorlag vanavond niet wordt besproken vanwege het ordevoorstel, wat is aangenomen. Dat er dan toch een motie van afkeuring tegen het college wordt ingediend. Dat kan ik niet met elkaar rijmen. Ik vind echt dat er nu gelegenheidsargumenten worden gezocht en gevonden om een motie van afkeuring richting het college in te dienen, die kant noch wal treft. Dat is mijn reactie. De voorzitter: Mevrouw Scholthof.

Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Ik probeer ook goed te luisteren en de motie te begrijpen. Ik vind het antwoord van de portefeuillehouder klinkt als een goed en gedegen proces. Het is wel laat geagendeerd, maar dat ligt volgens mij niet zozeer aan het college, maar aan het proces daarna. Maar wat ik eigenlijk ook hoor, is ook wel verwijten naar de beginfase. Ik hoorde mijnheer Van der Meulen zeggen, het college stond daar in het begin al negatief tegenover, wilde geen gelden vrijmaken. Even voor mijn begrip, gaat dat dan niet over het vorige college, met een andere portefeuillehouder?

De voorzitter: De heer Walder. De heer Walder: Ja, maar dat doet er niet heel veel toe, want ik sta hier namens dit college en de vorige colleges. Inhoudelijk, heeft u samengevat, heeft het college een ander standpunt, maar inhoudelijk andere standpunten hoeft nooit te leiden tot grotere problemen. Dan neemt de raad een besluit. Het college voert het besluit van die raad uit, tenzij de kaders worden overschreden, dan gaan wij terug naar de raad en vragen we, dit project loopt uit de klauwen, willen we dit nog? De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank, voorzitter. Mijn vraag is eigenlijk bedoeld aan de indieners van de motie van, zitten deze verwijten ... Die hoor ik vooral aan het adres van het vorige college en de vorige portefeuillehouder. Klopt dat? De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Op het proces kan ik de heer Walder niet meer dan gelijk geven en hem complimenteren met de staatkundig volledig terechte reactie van het college, via de heer Walder. Het maakt niet uit tegen welk college het is. Het is ook tegen het college. Als het tegen een wethouder was, dan is het een ander verhaal. Maar in dit geval is het gericht op het gremium college. De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Klopt het dat de verwijten, want dat is mijn vraag, gaan over de vorige bestuursperiode? De voorzitter: De heer Donkers.

De heer Donkers: Dank, voorzitter. Nee. Met uw permissie, mijnheer de voorzitter, ik stond eigenlijk bij de interruptiemicrofoon om de heer Schuring. Het is, wij van Wc-eend. Dat doet mijnheer Schuring. Dat is verder zijn rol en dat is verder ook terecht. Het is alleen wel belangrijk om dat ordevoorstel dat vanavond is gemaakt, die trok ik uit elkaar. Dat was met een reden, omdat het college daar niks mee te maken heeft. Ga ik in ieder geval vanuit in een duaal systeem. Dat plaats ik naast de rol die het college hierin heeft. Ik denk dat dat belangrijk is om nog even te benoemen richting de heer Schuring. De voorzitter: De heer Schuring. De heer Schuring: Blijft u dan nog even staan daar, want misschien kunt u mij toch helpen om het uit te leggen. Want u geeft aan, het college treft geen blaam voor het ordevoorstel wat hier is aangenomen. Het is niet van het college, het is van een aantal partijen wat hier is ingediend en is aangenomen. U geeft ook een compliment aan de wethouder voor de wijze waarop die bestuurlijk staatkundig de regels nog eens uitlegt, hoe het eigenlijk werkt. Het college geeft ook een duidelijke uitleg over het hele proces, hoe het is gegaan met de informatie die naar de raad is gegaan. Dat klinkt als zorgvuldig en tijdig. Toch blijft u, de checkvraag, bij het indienen van deze motie van afkeuring.

Maar waar gaat dan precies de afkeuring over, als het niet gaat over het ordevoorstel, waar het college buiten gaat? Gaat het dan over de wijze waarop het college de raad heeft geïnformeerd? Dat is op een nette manier uitgelegd en daar hoor ik waardering over, ook bij de oppositie. Waar gaat de motie van afkeuring dan nog over?

De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: De heer Schuring vraagt mij het dictum voor te lezen. Volgens mij heeft de heer Van der Meulen dat keurig gedaan net. De voorzitter: De heer Schuring. De heer Schuring: U bent mede-indiener van de motie. Ik neem aan dat u ook de inhoud kent. Ook de argumenten kunt noemen. De heer Donkers: Als u wil kunnen we dictum op het scherm toveren. Dan ga ik ze voor mijnheer Schuring voorlezen. Voorzitter, de raad is tot nu toe niet tijdig en te passief geïnformeerd over de voor uitvoering van het raadsbesluit 29572 van 9 maart 2022. De raad spreekt zijn afkeuring uit over de wijze waarop het college van burgemeester en wethouders voornoemd raadsbesluit, tot nu toe, heeft uitgevoerd en de nodige maatschappelijke en bestuurlijke onrust en schade die dat veroorzaakt in de dorpen Diepenveen, de buurt de Vijfhoek en niet in de laatste plaats deze Raadzaal. Nog goed om te benoemen inderdaad, er staat tot nu toe. Er ligt nog steeds een raadsbesluit. De VVD is ervan overtuigd dat het college die gaat uitvoeren. Daar verandert, zoals de heer Van der Meulen zei vanavond, helemaal niks aan. De voorzitter: De heer Schuring. De heer Schuring: We moeten zo maar gaan stemmen, denk ik. De voorzitter: Dat denk ik ook. De heer Van der Meulen.

De heer Van der Meulen: Misschien nog even als aanvulling, want de heer Donkers heeft het perfect voorgelezen en nader geduid, wat hierbij ook speelt, u kent het raadsbesluit van 9 maart 22, dat bestaat uit vijf onderdelen. We hebben hier vanavond, waar we over zouden gaan stemmen, als het goed was, dat ging maar over eentje. De anderen, zitten er nog twee in, meekoppelkansen en ook lobbyen bij de provincie. Daar heeft het college de afgelopen periode niks aan gedaan. Dat staat zwart-op-wit in antwoord op schriftelijke vragen van de heer Donkers en van mij. Dat is even ook nog als toelichting daarbij. De voorzitter: Mevrouw Leget. Mevrouw Leget: Dank u wel, voorzitter. Het wordt een gregoriaanse knoop waar het een in het ander inhaakt. Als ik nu de voorzichtige conclusie trek dat wij allen onder tijdsdruk zijn komen te staan. Waardoor onze fractie nadrukkelijk heeft gezegd van, wij hebben behoefte aan een ordevoorstel, een pas op de plaats, het voorstel aan te houden om een heroverweging te maken. Hoor ik nu dat de andere partijen aangeven van, college, hoe is dit in het tijdspad verlopen en waar staan we nu? Ik denk dat het college, bij monde van de portefeuillehouder, daar een heel helder antwoord op geeft. Dat constaterende verbaast het mij dat we zo tegenover elkaar komen te staan als we toch feitelijk hetzelfde concluderen. De voorzitter: Mevrouw Schmidt.

Mevrouw Schmidt-Versteeg: Voorzitter, nu breekt mijn klomp. Echt, serieus. Uw partij dient vanavond een ordevoorstel in, waardoor een voorstel van uw collega's gewoon compleet van tafel wordt geveegd. Nu verwijt u ons, als oppositie, dat we tegenover elkaar komen te staan.

De voorzitter: Mevrouw Leget. We gaan inderdaad zo stemmen. Mevrouw Leget: Ik verwijt helemaal niemand iets. Ik trek alleen de conclusie dat we in een gordiaanse knoop terecht zijn gekomen. Ik pas ervoor om tegenover elkaar gezet te worden. Ik denk dat het belangrijk is, omwille van alles, dat we met elkaar het gesprek blijven voeren en dat er niet suggesties worden gedaan waar wij ons in ieder geval in de fractie in het geheel niet in kunnen vinden. De voorzitter: Mevrouw Schmidt, ten slotte. Mevrouw Schmidt-Versteeg: Voorzitter, dan had het heel wijs geweest van de PvdA-fractie als u, voordat u in een keer out of the blue met dit ordevoorstel was gekomen, in ieder geval contact op had genomen met de indieners van dit initiatiefvoorstel. Vervolgens kiest u er wel voor om dit hele proces zo te traineren. De voorzitter: Ik stel voor deze discussie ... Want dit gaat ... Dan de heer Donkers en dan de heer Kleine Schaars en dan is het echt klaar. Zullen we dat gewoon afspreken nu? Ja? De heer Donkers. De heer Donkers: Mevrouw Leget trekt het ook. Allereerst, de heer Varenbrink heeft keurig netjes dit ordevoorstel aangekondigd. Dat heeft hij ook gedaan bij de heer Van der Meulen en bij de heer Kleine Schaars. Ik heb hem van harte afgeraden om dit te doen, omdat op dit moment dit het instrument, ordevoorstel in ieder geval voor deze periode gepolitiseerd is.

Die kan eigenlijk niet meer gebruikt worden, wat ik ongelooflijk zonde vind. Ik heb mijnheer Varenbrink aangeraden om er een amendement van te maken. Dat hebben meerdere mensen gedaan. De heer Varenbrink is echt door de indieners ook meegenomen in verschillende opties. Tegelijkertijd was de PvdA stronteigenwijs en vervolgens zijn ze gekomen met dit ordevoorstel, waarmee ze echt bewust coalitie en oppositie tegen elkaar hebben uitgespeeld. Ik ga het toch niet laten, dit is een initiatiefvoorstel van drie oppositiepartijen die niet in stemming gebracht kunnen worden door toedoen van de voltallige coalitie. Dat doet mij ook wel wat als oppositiepartij. Als ik niet eens in staat ben om punten die ik heb, samen met mijn collega-oppositieleiders, in ieder geval in stemming kan laten brengen. Wij krijgen niet eens de mogelijkheid. Dat gaan we vanavond niet oplossen, mijnheer de voorzitter. Maar we gaan hier wel met zijn allen vanavond deze zaal uit. Volgende week gaan we gewoon weer met elkaar overleggen hoe we hier een vervolg aan gaan geven en hoe we ervoor zorgen dat we instrumenten niet politiseren en dat we ervoor zorgen dat de oppositie in staat is om zijn rol uit te voeren. Dank voorzitter. De voorzitter: Dat lijken me mooie slotwoorden. Dan stel ik voor dat we gaan stemmen. U bent nu met twee woordvoerders. We gaan niet nog een keer dat ...

Mevrouw Leget, ik heb u toestemming gegeven om het woord te voeren, maar omdat het niet meer over het ordevoorstel ging ... Maar we gaan niet nu mijnheer Varenbrink nog weer ... De stemverklaringen hebben we volgens mij ook wel gehad, stel ik zo voor. Ik stel voor dat we gaan stemmen. Dan is de stemming over de motie van afkeuring geopend. Vastgesteld is dat de motie is verworpen. De partijen die voor de motie hebben gestemd zijn GroenLinks, VVD, ChristenUnie, Deventer Belang, SP, DeventerNU, Deventer Sociaal en DENK. Daarmee is de motie verworpen. Moties vreemd aan de orde De voorzitter: Gaan wij over tot de moties vreemd aan de orde. Dat zijn er zes. Twee over windmolens, twee over vastgoedzaken en twee over ... Wilt u uw commentaar verder voor u houden?

We zijn hier gewoon in vergadering. Dank u wel. Wij gaan over tot de moties over de kleine windmolens. 15. Motie vreemd: Kleinschalige duurzame initiatieven (GL, DS) De voorzitter: De eerste motie is de motie Kleinschalige duurzame initiatieven van GroenLinks en Deventer Sociaal. Wie kan ik het woord geven? De heer Van der Meulen? De heer Van der Meulen: Dank u wel, voorzitter. Even schakelen. Kleinschalige duurzame initiatieven energieopwekking, samen met Deventer Sociaal. Toevalligerwijs in de voorbereiding vanmiddag kwam ik erachter dat we dan ook weer teruggaan naar 9 maart ’22. Dat het ook ging om een raadsbreed aangenomen motie van Deventer Sociaal en D66. Daarin werd gesproken over de huidige mogelijkheden voor particuliere huishoudens om bijvoorbeeld met een kleine windmolen duurzame energie op te wekken. Die motie volgde weer uit een oproep van inwoners uit Okkenbroek, die een hele concrete casus hadden. Die wilden graag een windmolen op hun het dak plaatsen en liepen aan tegen planologische, maar ook financiële beperkingen vanwege de torenhoge leges. Bijna iedere fractie in deze raad heeft destijds daar wel koffie gedronken en het verhaal aangehoord. Eigenlijk iedereen wilde ook actie. Daar was die motie van 9 maart ook voor bedoeld.

Uiteindelijk is die ook uitgewerkt in een raadsmededeling, waar verschillende alternatieven zijn voorgesteld om deze initiatieven verder te helpen. Duurzame initiatieven bevorderen. Daar gaat het voorstel over. In dit geval bij de Voorjaarsnota een voorstel te presenteren voor het aanpassen van de grondslag voor leges, zodat kleinschalige initiatieven voor energieopwekking een grotere kans hebben op realisatie. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Schmidt, wilt u verder toelichten? Mevrouw Schmidt-Versteeg: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, als indiener ook wil ik even het volgende zeggen. Wij hebben natuurlijk ook de brief van de acht bewoners, die rondom de aanvrager van dit molentje wonen. Dat is ook de reden waarom we hebben besloten om dit als een pilot te gaan doen, want tijdens die pilotperiode kunnen we dan ook monitoren of er inderdaad sprake is van geluidsoverlast, of het esthetisch lelijk is of niet en kunnen we die opbrengsten dan ook gebruiken om na de pilot te bepalen of we doorgaan met dit beleid of niet. De voorzitter: Ik check even. Staat dat ook in de motie? Maar dat wordt wel ingewikkeld als we iets ... Dan had het toch in de motie moeten staan, off ben ik ... Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt-Versteeg: We kunnen de motie nog aanpassen met deze punten. De motie was al in vorm voordat we de brief van de omwonenden kregen. Maar we kunnen het aanpassen.

Dat is volgens mij geen probleem. De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Misschien toch antwoord van het aanpassen. Het kan, maar het gaat hier om leges. Inderdaad van dat dit initiatief opnieuw wordt beoordeeld en dat die leges beperkt zijn of nihil. Dat kan bijvoorbeeld met een tijdelijke vergunning. Dat is ook waar mevrouw Schmidt op doelt van, dit is een goede casus voor een pilot. Maar dat moet dan ook niet te veel geld kosten. Daarvoor moet je dan de legesverordening aanpassen, net zoals we dat hebben gedaan met de zonnepanelen, een paar jaar geleden. De voorzitter: De heer Akdemir.

De heer Akdemir: Dank, voorzitter. Even voor de verduidelijking, het gaat om een pilot. Moet ik dan denken aan een proefneming door middel van het verlagen van de leges? Moet dat leiden tot meer initiatieven? Hoe moet ik dat voor me zien? De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: U moet het inderdaad zo zien van, er zijn twee brieven binnengekomen naar aanleiding van deze casus. Op basis daarvan zou het een goed idee zijn om het echt in te zetten als een pilot. Daar hoort dan een aangepast legestarief bij. Maar het voorstel is algemener. Laten we even uitzoomen op het grotere geheel. Kleinschalige duurzame initiatieven, u heeft iets grotere kleinschalige initiatieven, molens van vijftig meter hoog. Deze gaan over het stedelijk gebied, dit voorstel en kleiner. Van dat daar de leges voor worden aangepast, net zoals de raad hier een paar jaar geleden heeft gedaan voor zonneparken. Dat noemen we ook wel groene leges. De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Dank, voorzitter en via u ook dank, mijnheer Van der Meulen, voor deze toelichting. Is het dan niet verstandiger om een soort haalbaarheidsstudie te verrichten? Want nu beperken we ons tot alleen leges, in de vorm van een pilot nu. Ik vind hem wat onduidelijk worden. Misschien is het beter juist als we toch uitzoomen om te kijken van, hoe we dat op een goede manier kunnen inkaderen of ...

De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Daar ging de motie van een paar jaar geleden van uw partij ook over, om al die mogelijkheden in kaart te brengen en daar de voor- en nadelen te benoemen. Inmiddels zijn we twee jaar verder. Deze mensen ook. Dat is het zure. Hier is het echt een concreet voorstel, SMART geformuleerd van, we willen graag een voorstel. Niet al te lang. Hij is vrij eenvoudig te realiseren. Verlaging van de leges, aangepaste legesverordening. Daar is voor gekozen. De voorzitter: Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmid-Versteeg: Nog even in de richting van mijnheer Akdemir. Wij hebben deze motie in de vorige periode samen ingediend. Vervolgens is daar helemaal niets mee gebeurd. De initiatiefnemer uit Okkenbroek wacht al twee jaar. Toen we samen deze motie hebben ingediend, hebben wij daarmee verwachtingen gewekt. Wij kunnen niet inschatten of er heel veel extra aanvragen komen van mensen die kleine molentjes op hun huis willen plaatsen. Maar we weten wel dat deze initiatiefnemer dat heel graag wil. Die ruimte willen wij bieden, omdat financieel nu gewoon een drempel is. Het zijn nog niet bedragen. 10.000 euro is voor een heleboel mensen niet op te hoesten. Om het gebaar te geven en de mogelijkheid te bieden aan hun, maar ook aan andere mensen die dat eventueel willen, daarom ligt nu deze motie voor. De voorzitter: De heer Akdemir.

De heer Akdemir: Dank, voorzitter. Wellicht ten overvloede, wij zijn niet tegen windmolens. Ik denk dat we alle vormen van duurzame energie moeten stimuleren en aanmoedigen. Wordt bijna een stemverklaring zo. Maar mijn vraag was meer verduidelijkend van aard. Vandaar. Bedankt voor de toelichting. De voorzitter: De heer Muilerman.

De heer Muilerman: Dank, voorzitter. Voor mij is het nu een beetje onduidelijk geworden. Hebben we het nu over een pilot of hebben we het nu over de leges verlagen in het algemeen? Daar ben ik nog naar op zoek. De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Dank u wel, voorzitter. U moet even vasthouden aan het dictum. Daarin staat heel helder dat we voorstellen om bij de Voorjaarsnota de legesverordening aan te passen, om daar een voorstel voor te krijgen. De aanleiding voor deze motie is net geschetst van, dat ligt ook in de voorgaande raadsperiode, maar dat is een concrete casus. Het zou daar, om de zorgen van de bewoners daar weg te nemen, dat is waar mevrouw Schmidt op doelde. Het zou een mogelijkheid zijn om een tijdelijke vergunning te verlenen, zodat je daar dan ook aangepaste leges voor heft. Maar het gaat om het dictum. Laten we daar even op focussen. De heer Muilerman: Dank u wel, voorzitter. Maar zou dan niet de motie aangepast kunnen worden, dat er een naar een mogelijkheid wordt gezocht dat er alleen in deze casus een pilot wordt gedraaid en dat daar lessen uit geleerd kunnen worden? Dat er dan iets met leges wordt gedaan. De voorzitter: Dat is niet het voorliggende voorstel. Laten we even proberen, ook met het oog op de tijd, wel gewoon te blijven bij wat er voorligt. Mevrouw Visser.

Mevrouw Visser: Wij zijn ook voor kleinschalige, wat is precies de titel, duurzame initiatieven. Ook deze kleine windmolentjes op een dak horen daartoe. Maar in het dictum wordt vrij breed verwezen naar die kleinschalige duurzame initiatieven. Volgens mij is dat niet een ... Tenminste, ik heb het niet kunnen vinden. Maar als een van de indieners daar wel een antwoord op heeft, wat is precies de range van kleinschalig? Is daar al duidelijkheid over of vraagt u ook aan het college om dat duidelijk te maken? De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: De ervaring leert in deze Raadzaal dat op het moment dat we dit gaan concretiseren, dat we discussie krijgen over of het wel of niet kleinschalig is en wat er wel of niet binnen valt. In dit geval hebben volledig vertrouwen in het college dat die daar een goed voorstel voor kan maken. De voorzitter: Is dat voldoende voor u, mevrouw Visser? Mevrouw Visser: Dat is voldoende. Ik heb nog een tweede vraag. Kunt u schetsen tegen welke kosten de indieners, even voor het algemeen begrip ... Nu de kosten voor de windmolens zijn en hoe hoog de leges dan nu zijn voor deze initiatieven. Heeft u daar ... Om ons allen wat meer gevoel daarbij te geven. De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: In de casus, wat eigenlijk de aanleiding was, bedroegen een leges 10.000 euro.

Dat heb ik uit het dictum van de vorige motie gehaald. Dat komt omdat het een behoorlijke afwijking is van het bestemmingsplan, derdegraads afwijking. De volle prijs moet je dan betalen. De voorzitter: De heer Zuijdam.

De heer Zuijdam: Voorzitter, dank u wel. Hoe mooi duurzame initiatieven natuurlijk ook altijd zijn, hebben wij toch wel drie kritische punten, waar ik graag een reactie op wil. De eerste is dat als je aan de ene kant leges gaat verlagen, dat betekent wel dat het ten koste gaat bij anderen. Een dakkapel is ook goedkoper, maar dat betekent dat een geldproject die moet meer gaan betalen. We hebben vorig jaar natuurlijk gezegd van, die grootschalige parken moet ook minder worden. Wilt u nu weer dat die grootschalige parken omhoog gaan? Het tweede punt is eigenlijk, daar zijn wij ook wel kritisch over, dat is de doelgroep voor wie dit bedoeld is. Dat is niet de hele brede samenleving van Deventer. Dat is mijns inziens ook een beetje de Teslarijder. Iemand die de ruimte heeft om dat neer te zetten. Dat betekent dat de gehele gemeente daarvoor moet gaan betalen. Dat zit ons toch wel dwars. Het derde punt gaat over een motie die wij zo meteen ingediend krijgen. Een molen van twintig meter schijnt nog niet genoeg te zijn. Waarom zouden we dit moeten gaan doen? De voorzitter: Drie vragen. De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Om met die tweede vraag te beginnen, om in hokjes te gaan denken dat dit soort kleinschalige initiatieven alleen bij Teslarijders voorkomen, bij mensen die het wel kunnen betalen.

De situatie, als u daar geweest was in Okkenbroek, dan had u kunnen zien dat dat niet per definitie het geval is. Maar zo moeten we volgens mij niet denken. Die eerste vraag is wel een goede. Dat is ook de reden dat in het dictum staat om die financiële consequenties daarvan in kaart te brengen, want dan hoort daar ook een idee bij van om hoeveel initiatieven dat zou gaan. Dat zullen niet hele grote bedragen zijn. Maar het klopt wel van, het geld moet dan ergens anders vandaan gehaald worden. Dat is waar. De derde vraag heb ik volgens mij ook beantwoord, of niet? De voorzitter: De heer Kleine Schaars. De heer Kleine Schaars: Even nog de beantwoording aan mijnheer Zuijdam. De spanwijdte van die windmolen waar het over gaat is ongeveer de lengte van uw benen. Dan hebben we dat gelijk gekaderd. Voorzitter. De voorzitter: Doen we dat ook kleinschalig of moeten we daar ... De heer Kleine Schaars: Ik wist niet eens dat we daarvoor bestemmingsplannen moesten wijzigen. Kunt u nagaan. Zover hebben we al geleerd. Maar we hebben daar wel een raadsmededeling over gehad, over dat vorige 9 maart ‘22 voorstel, wat dit betreft.

Daar staat in dat op het moment dat we dit gaan doen ook de rechtszekerheid gaan aankaarten van de omgeving, zou er dan, voordat u over leges begint, ook niet een participatievariant bij moeten? Wat doen we daar dan mee? Hoe gaan we daarmee om? Want er ligt ook een brief van omwonenden, die hier fel op tegen zijn. De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Dat is het goede van deze motie, omdat het alleen maar gaat over de legesverordening. Dat gaat alleen maar over het geld voor de procedure, maar de procedure blijft hetzelfde. Die procedure omvat de volledige participatie, die in andere gevallen ook van toepassing is. Daar hebben we net vanavond ook een besluit over genomen. Daarnaast heb je ook gewoon de participatie en de inspraak uit de wet. Ook ter geruststelling aan die bewoners, die kunnen hun bezwaren maken. Het college moet zelf dan een afweging maken. Dat gaat hier met deze motie juist niet verloren. Alleen de kosten om het in te dienen gaan omlaag, want de leges worden verlaagd. De heer Kleine Schaars: Dank u. Voldoende.

De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Ik wil de indieners heel erg bedanken voor deze motie. Als CDA-fractie zijn we groot voorstander van kleinschalige decentrale opwek. Wij zullen zeker voor stemmen. Leges van 10.000 euro, daar schrik je enorm van. We hadden het ook gehoord. Maar de administratieve lastendruk hoor je ook heel veel dat dat een groot obstakel is. Dan zat dat natuurlijk ook een beetje al in die motie van 9 maart, waarop best een uitgebreid antwoord is gekomen. We hebben vanmiddag toevallig tijdens de technische sessie gehoord dat er misschien ook plannen zijn vanuit de gemeente om juist met die administratieve lastendruk het aanvragen van verduurzamingsmaatregelen, de ingewikkeldheid daarvan, om dat daar een handje mee te helpen. Mijn vraag is eigenlijk niet zozeer aan de indieners, maar misschien alvast aan de portefeuillehouder, in het licht van deze motie kan daar ook naar gekeken worden, naar het helpen met de administratieve kant van het aanvragen van dit soort zaken. De voorzitter: Zullen we die vraag dan doorgeleiden naar het college? Ja? Dan de heer Akdemir nog. Dan gaan we de heer De Niet. Dan stoppen we ook ermee. De heer Akdemir: Dank voorzitter. Beetje WC-Eend verhaal, maar het charmant van mijn motie is dat ik hem koppel aan de BOPA.

Ik zou eigenlijk de wethouder willen vragen hoe dat in relatie is tot deze motie. De voorzitter: Ook een vraag aan het college. Dan de heer De Niet. De heer De Niet: Dank u wel. Wij staan natuurlijk positief tegenover duurzame initiatieven. Ik schrik wel van die leges van 10.000 euro. Ik zou daar ook wel graag een bevestiging van de wethouder willen dat inderdaad zo’n bedrag zo schrikbarend hoog is. Dan is het een hele hoge drempel. Dat is één. Het tweede is, wat ik lastig vind bij deze motie is ook wel die brieven die erbij zitten. Want eigenlijk gaat die motie daar helemaal niet over. Ook rond die brieven uiteindelijk gaat het erom als je een initiatief neemt dat dat niveau goed onderbouwd is en dat ook dat participatietraject erin zit. Daar gaat deze motie niet over. Maar de brief gaat er nu wel over. Voor mij vermengt dat een beetje. Wat mij betreft nemen we het besluit over die leges en is het aan het college om te beoordelen of zo’n initiatief inderdaad voldoet aan de eisen die wij aan kwaliteit en ook omgeving stellen. De voorzitter: Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt-Versteeg: Mijnheer De Niet, dit is precies de reden waarom we deze motie hebben ingediend. De ruis op de lijn vanwege de brief komt vanwege natuurlijk de aanleiding om het in de vorige periode, naar aanleiding van het concrete initiatief, toen de motie in te dienen.

Maar die twee dingen moeten we inderdaad nu wel los van elkaar zien. De voorzitter: De heer De Niet. De heer De Niet: Dank u wel, voorzitter. Dan misschien nog een aanvullende vraag. Ik denk eigenlijk dat hij dan voor de wethouder is. Want als die leges inderdaad 10.000 euro zijn, dan zijn ze niet voor niks 10.000 euro. Wie gaat er zo ontzettend veel aan werken? Waarom zijn die kosten dan zo hoog? Waar komen die dan terecht als wij voor alle duurzame initiatieven 10.000 euro leges wel uitgeven, maar niet vergoed krijgen? De voorzitter: Uitstekend. Ik stel voor dat we naar de zijde van het college gaan. Wethouder Grijsen, gaat uw gang.

Mevrouw Grijsen: Voorzitter, dank. Het college heeft deze discussie gevolgd en heeft op voorhand contact gezocht met een van de initiatiefnemers van deze motie, omdat het college heel erg aan het zoeken is hoe deze motie überhaupt uit te voeren. De motie is namelijk, aan de ene kant worden er een aantal zaken gesteld in wat de raad vindt en aan de andere kant is het dictum gericht op ... Niet op verduurzaming, mevrouw Scholthof. Het gaat niet om isolatie, energiebesparing. Het gaat om energie opwek in de bebouwde omgeving. Als dan in het dictum geformuleerd wordt, bij de Voorjaarsnota, dat is sowieso heel snel, wat het college betreft te snel om haalbaar te zijn, een voorstel te presenteren voor het aanpassen van de grondslag voor leges, zodat kleinschalige initiatieven voor energieopwekking een grotere kans hebben op realisatie. Het voorbeeld wat tot nu toe steeds door de initiatiefnemers van deze motie genoemd werd, dat is een voorbeeld van energie opwek in de bebouwde kom, in beschermd stadsgezicht, met omwonenden daar dichtbij, waar je onderzoek zou moeten doen naar geluidsoverlast, naar flora en fauna, inpassing. Leges voor een derdegraads afwijking bij dit soort initiatieven zijn niet voor niks zo hoog, omdat namelijk aan de ene kant is het heel erg wenselijk. Dat deelt het college, dat we zoveel mogelijk naar energieneutraliteit gaan.

Aan de andere kant heeft het college en heeft uw raad ook uitgesproken veel belang te hechten aan participatie, leefbaarheid voor de buurt en overlast voorkomen. Dat is precies wat in het voorbeeld wat benoemd wordt een ingewikkelde is. Als u ons dan opdraagt, in algemene zin, een voorstel te presenteren voor het aanpassen van de grondslag voor leges, zodat kleinschalige initiatieven voor energieopwekking een grotere kans hebben op realisatie, dan is het college heel erg aan het zoeken, waar is dit nu een SMART geformuleerde zin. Het college is erg aan het zoeken van, welke kant stuurt u ons überhaupt op? Als u hem zodanig breed formuleert, met wat u daarboven gesteld hebt, dan weet het college eigenlijk niet welke vraag we zouden moeten beantwoorden. Het college is ook van mening, gezien de zorgvuldige, uitputtende beantwoording van de motie in september vorig jaar, dat realisatie van dit soort initiatieven niet zozeer vastzitten op leges, maar veel meer op dat je binnen de bebouwde kom met buren dicht om je heen ook andere redenen hebt waarom initiatieven soms wel en soms niet haalbaar zijn. Het college zou deze motie willen ontraden. De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Dank u wel, voorzitter.

Ik was even aan het zoeken van contact geweest, maar er is wel contact geweest, omdat de oorspronkelijke versie van deze motie, hij staat al een tijdje in het RIS, die was veel breder. Toen was het commentaar, hij is niet SMART. Je moet kiezen voor een van de varianten. Een van de opdrachten aan de raad was toen om initiatief om duurzame energie binnen de gemeentegrenzen zelf op te wekken, te stimuleren, aan te moedigen en te faciliteren. Die is nu verschoven naar de raad, die dat vindt. Die is verschoven uit het dictum. Het was eerst van, college doe ons een voorstel om dit soort dingen van de grond te krijgen. Daarmee is die versmald tot de leges. Het voorstel, zoals het nu ligt, is afkomstig uit een motie van Gemeentebelang een paar jaar geleden over het aanpassen van de grondslag voor leges voor zonneparken. Hij is volgens mij zo SMART als hij maar zijn kan. Doe een voorstel voor het aanpassen van de leges. Zoals ik net al aangaf, op basis van de vraag van wat is kleinschalige initiatieven, daar vertrouw ik het college voor dat die daar een voorstel voor kunnen maken, net zoals ze dat hebben gedaan bij de zonnepanelen. De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Dank, voorzitter. Ik vroeg me dan af of het college ook mogelijkheden ziet om het wel mogelijk te maken.

Ik snap dat het dictum niet SMART is, maar kunnen we hem dan eventueel koppelen aan een BOPA-procedure, waar ik ook net naar refereerde. Is dat een mogelijke manier?

Want ik weet dat volgend jaar de Omgevingswet gaat van kracht. Dan hebben we maar één afwijkingsbevoegdheid. Ik ben een beetje zoekende van hoe dat met elkaar zich houdt. De voorzitter: Vraag voor het college, denk ik? De heer Akdemir: Ja. De voorzitter: Wethouder Grijsen. Mevrouw Grijsen: Het college is zeer bereid om na de zomer een gesprek aan te gaan over de mogelijkheden van BOPA’s. Dan ook in het licht van de Omgevingswet, met de bemerking dat het ingewikkeld blijft om dit soort initiatieven binnen stedelijk gebied c.q. binnen de bebouwde kom te realiseren. Het college denkt dat daar leges niet de grootste belemmering zijn voor het realiseren van initiatieven voor energie opwek. Maar de mogelijkheid van een BOPA willen we zeker met u verkennen. De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: BOPA, mijnheer Akdemir wil het hebben over die procedures. De BOPA is een nieuwe naam voor de procedure die we nu hebben. Hoe je het ook noemt, er bestaat al de mogelijkheid en het gaat om een zorgvuldige procedure met voldoende participatie, of dat nu zo meteen BOPA is of nu een derdegraads afwijking van het bestemmingsplan. Het punt is van, dat is gewaarborgd. Dat het moeilijk is, dat zal blijken. Dat willen we ook niet aantasten. We willen niet dat die afweging minder zorgvuldig is en dat de buurt niet mag inspreken.

Integendeel, dat blijft hier recht overeind staan. Een zorgvuldige procedure. Het enige waarmee je het kunt stimuleren, faciliteren is die leges omlaag te brengen, want nu krijgt het geeneens een kans. Deze mensen concreet hebben het ingediend. Die kregen te horen, u moet 10.000 gulden betalen, of euro's. Dat is nog niet zo lang geleden, euro’s betalen. Zij hebben het toen ingetrokken, omdat ze dat niet kunnen betalen. Op het moment dat je die leges verlaagt, dan geef je het in ieder geval een kans. Het zou zonde zijn als het daarop stuk loopt. De voorzitter: De heer Akdemir nog en dan mevrouw Scholthof. Dan gaan we stemmen. De heer Akdemir: Dank, voorzitter. Wat mij betreft hoeft het niet stuk te lopen. Alleen ik vraag me wel een beetje af, is dit wel de juiste route om die doelstelling te bewerkstelligen? Ik heb mijn twijfels. Maar desalniettemin, wij zullen in ieder geval voor stemmen. De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Volgens mij is de vraag van deze motie, waar zit de ruimte om iets aan die leges te doen? Als die ruimte er niet is, dan zou dat wat mij betreft ook een voorstel kunnen zijn. Maar wij willen als raad gewoon kijken, waar kunnen we de drempel verlagen? Ik hoor de portefeuillehouder zeggen dat voor de Voorjaarsnota heel snel is.

Nog even de vraag aan de indiener om daarop te reageren, want wat onze fractie betreft zou dat ook na de zomer kunnen, als we het maar voor de begroting weten. De voorzitter: De heer Van der Meulen.

De heer Van der Meulen: Daar ben ik het mee eens. Mijn voorstel is dan, met toestemming van mevrouw Schmidt, op het moment dat bij de eerste passage bij de Voorjaarsnota te schappen en dan een voorstel te presenteren. Zo snel als mogelijk een voorstel te presenteren. De voorzitter: Bent u het daarmee eens, mevrouw Schmidt, als mede-indiener? Mevrouw Schmidt-Versteeg: Ja, voorzitter, daar ben ik het mee eens. De voorzitter: Dan laten we het daarbij. We gaan stoppen met behandeling. De wethouder, sorry. Mag. Tweede termijn, college. Mevrouw Grijsen: Voorzitter, dank. Voorzitter, het college blijft deze motie in deze vorm ontraden. Als u wel van mening bent dat we onderzoek zouden moeten doen naar aanpassing van de leges, dan zou het college u echt voor willen stellen dat te doen onder de nieuwe wetgeving. De voorzitter: Uitstekend. We gaan over tot stemmen. Zijn er nog leden die een stemverklaring willen afleggen? Dat is heel slim, ja. Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, onze fractie hecht ontzettend aan participatie. Met dit voorstel is het ook niet onze bedoeling om afbreuk te doen aan participatie of betrekken van omwonenden bij een initiatief. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Visser. Mevrouw Visser: Onze fractie heeft geworsteld met deze motie. Wij zouden eigenlijk het voorstel wat de portefeuille zonet doet willen overnemen.

We stemmen tegen deze motie, maar wel om bij het nieuwe beleid per 1 januari hier echt wel werk van te maken. De voorzitter: Helder. Dank u wel. Dan gaan we over tot stemming. De stemming is geopend. De motie is verworpen met 22 stemmen tegen een 17 stemmen voor. Even kijken. Voor hebben gestemd GroenLinks, SP, Deventer Sociaal, CDA, D66, ChristenUnie en DENK. Motie is verworpen. 16. Motie Vreemd: Duurzame windenergie in het buitengebied De voorzitter: Dan gaan we naar de motie Duurzame windenergie in het buitengebied. De heer Akdemir, u heeft het woord. De heer Akdemir: Dank, voorzitter. Vandaag sta ik hier om mijn motie Duurzame windenergie toe te lichten. Eerder hebben we op 15 maart in de raad over dit onderwerp gesproken. De noodzaak om door te pakken is groot. Ik zal toelichten waarom, voorzitter. Ten eerste heeft Noaber Energie op verschillende momenten gepleit om hogere windmolens in onze gemeente mogelijk te maken. Zij constateren een stijgende vraag naar dit soort initiatieven. Wij hebben in het buitengebied polshoogte genomen en lijkt dit inderdaad het geval te zijn. Tevens verstuurde Land- en Tuinbouworganisatie Nederland aan de provincies Gelderland en Overijssel een brandbrief, met de oproep om de rem op boerenwindmolens eraf te halen. Kortom, er is een stijgende vraag naar windmolens in het buitengebied. D66 ziet kansen.

Meer windenergie in het laagspanningsnet helpt om met energienet te ontlasten, omdat wind veel gelijkmatiger energie opwekt dan zon. Bovendien vullen wind en zon elkaar aan. Een goede combinatie van deze twee is noodzakelijk om een hoog eigen verbruik te bewerkstelligen. Daarnaast kunnen initiatiefnemers zich voorbereiden op een toekomst zonder een salderingsregeling. Wij dienen proactieve stap te nemen om klimaatdoelstelling te halen. In de

samenleving is een groot draagvlak voor kleinschalige windmolens. Let wel, in een poll van de Stentor blijkt dat 86 procent van 2500 stemmers vinden dat het makkelijk moet worden om hogere windmolens in een buitengebied te kunnen plaatsen. Dat zegt wel wat. Voorzitter, dan niet te vergeten, het kwam net ook aan orde, de nieuwe omging wet die volgend jaar van kracht gaat. Onder de nieuwe omgevingswet bestaat nog maar een afwijkingsbevoegdheid de buitenplanse omgevingsactiviteit, BOPA. Het is daarom verstandig om nu alvast goede kaders te stellen. Zeker omdat het huidige beleid over een half jaar achterhaald is. Met deze motie draagt de raad het college op om met een beleidsvoorstel te komen om doormiddel van de BOPA medewerking te verlenen aan kleinschalige winterturbines met een tip hoogte van maximaal vijftig meter in het buitengebied. Bij dit voorstel nadrukkelijk rekening te houden met net congestie, participatie, adequate landschappelijke inpassing, flora en fauna en de hoogte van de leges. Het beleidsvoorstel uiterlijk in het vierde kwartaal van 2023 aan de raad aan te bieden, rekening houdend met het landelijk normenkader van windturbines. Tot slot, voorzitter, wil ik benoemen dat mevrouw Scholthof van het CDA mede-indiener is van deze motie. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, de heer Akdemir. Reacties? De heer Kleine Schaars.

De heer Kleine Schaars: Windenergie blijft toch een van mijn favoriete onderwerpen. Bedoel ik dat toen deze avond beginnen … Toen ik vorige week naar deze avond keek, ik denk nou het zal wel een rustige avond worden, nou de agenda hebben we gezien. Ik dacht eerst nog er staan wat sympathieke moties op, het is eigenlijk een hele sympathieke avond geworden. Nee. Ik heb net het college mevrouw Grijsen horen zeggen maar de BOPA, dan kunt u beter wachten tot ook nieuwe regelgeving. Dus dat geldt eigenlijk ook voor uw motie, dus kunt u eigenlijk wel weer teruggaan. Dan zegt u een aantal dingen waarvan ik een ding hoor dat wat ik vanavond het woord ook al heb gehoord. Wij van WC-Eend, over de enquête die dan gehouden werd het. Deventer heeft dat ook een keer gedaan over twee windmolens die bij de A1 staan. Dat weet mijnheer van der Meulen nog wel. We hebben een digitaal panel. We hebben gevraagd wat iedereen ervan vond. En zeventig procent van de Deventenaren was ervoor. Negentig procent van de mensen die in die stemming meededen die wonen allemaal in het centrum van Deventer. Dus ik kan me dat wel voorstellen, hoe dat dan gaat. Deze windmolen, we hebben de stukken van Nobel Energie gezien. Er zaten twee berekeningen bij. Ik heb die voorgelegd aan een aantal buren van mij, ik woon in het buitengebied en een aantal buren van mij hebben ook melkrobots.

Die voldoen eigenlijk aan de wens, wat LTO zegt waar dat dan nodig zou zijn. En die waren eigenlijk heel eenkennig. Wij zijn ondernemers en als wij dit doen, dat is gewoon helemaal niet rendabel. Een terugverdientijd veertien of 21 jaar op basis van de prognose die het dan op moeten opbrengen. Dus zij zeggen, als ondernemer, ga je dat helemaal niet doen. Daarnaast kunnen wij al tot die 25 meter, dat hebben we ook niet gedaan. De kosten zijn gewoon te hoog, het is niet rendabel om te doen. En daarnaast hoe ziet u dat voor zich? Dat hele buitengebied vol met windmolen vijftig meter die dan ook nog landschappelijk inpasbaar zijn. Die begrijp ik ook niet. Kunt u die ook nog uitleggen? De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Zeker, voorzitter. Dank voor deze vraag. Ik ga even proberen ze een voor een te behandelen. Uw buren heeft in ieder geval geen plannen om een windmolen te plaatsen, dus het scheelt, in ieder geval, in uw buurt. Nee maar voorzitter, deze motie leidt niet per se tot meer windmolens. Wat deze motie doet is alvast kaders te stellen voor volgend jaar. Want, nu zijn er geen kaders in relatie tot BOPA, dus ik denk dat we hiermee een stap voor zijn. Proactief kijken binnen het ambtelijke apparaat hoe we dat kunnen vormgeven. Dat geeft ook een ontlasting denk ik in ons ambtelijke apparaat.

We hebben al een soort druk op onze capaciteit, maar dat is even een zijspoor.

Waar het om gaat is dat het gaat om initiatiefnemers. Een initiatiefnemer kan bepalen, zelf, of iets rendabel is ja of nee. En als we kijken nu naar de huidige kaders, ik denk, dat we de hoogte in moeten gaan. Omdat, een, Deventer is een windnieuw gebied, dat heb ik u ook eerder toegelicht en daarom moet je juist die hoogte ingaan. Dat maakt het dan commercieel interessant voor zo’n agrariër, bijvoorbeeld, om omdat in ieder geval te kunnen overwegen, überhaupt. Maar als je kijkt naar het huidige beleid. Het is niet zo gek dat er in Deventer op dit moment geen windmolens zijn. Terwijl als je gaat naar Kampen of naar het noorden van het land, daar staan ze helemaal vol mee en dat heeft te maken, omdat het daar niet windnieuw is en hier wel dus wij moeten beleid daarop aanpassen. De voorzitter: De heer Kleine Schaars. De heer Kleine Schaars: Ja, ik hoor de antwoorden, maar u interpreteert heel veel zonder feitelijkheid. Kijk, als er zoveel vragen waren, dan had de wethouder dat waarschijnlijk al ingevuld van joh, er zijn zoveel vragen om te doen. LTO geeft decreten dat ze dat willen, maar volgens mij zijn er geen aanvragen voor windmolens in het buitengebied. Dus dan is uw motie overbodig, omdat de mens er niet is. De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Voorzitter, volgend jaar hebben we überhaupt geen kader meer, dus dat maakt deze motie relevant. Dat is een.

Ten tweede, ik heb degelijk wel een ander beeld. Ik heb poolshoogte genomen in de in het buitengebied. Ik heb met meerdere agrariërs gesproken. Die belangstelling en behoefte is er wel, alleen ze moeten wel de hoogte ingaan. De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Dank u wel, voorzitter en dank u wel voor de motie. Ik hoor u nog niet praten over de echt grote windmolens die we nodig hebben om te voldoen aan de RES-opgave. Daar zitten we eigenlijk als raad of tenminste bepaalde fracties, de heer Kleine Schaars zit wat anders dan de fractie van GroenLinks, in ieder geval op te wachten. Daar gebeurt maar niks, die hebben nodig, want dat zijn dus inderdaad de grote aantallen woningen die je kunt voorzien van duurzame energie. Bij de sessie, onlangs, bleek ook inderdaad voor een zo een grote molen heb je vijftig van dit soort kleine molentjes nodig. Dan ben ik inderdaad met de heer Kleine Schaars wel ook een beetje bang dat als we dat dan allemaal bij elkaar krijgen, dan kunnen we beter onze tijd en inzet in die proces voor die grote molens investeren. Dat is dan ook mijn vraag, want u vraagt om met een beleidsvoorstel te komen voor de BOPA. Op dit moment hebben we natuurlijk ook wel beleid, want op dit moment kun je ook afwijken van het bestemmingsplan, maar je kunt het natuurlijk altijd vernieuwen.

We hebben ook te maken met een enorm capaciteitstekort, ambtelijke capaciteit. Het idee is wel dat die ambtelijke capaciteit werkt aan de plannen voor die grote molens, voor de RESopgave. Hoe ziet u dat? We moeten projecten prioriteren. U vraagt wel een beleidsvoorstel met een behoorlijke, mogelijke, ambtelijke inspanning. Hoe ziet u dat? De voorzitter: De heer Akdemir. De heer Akdemir: Dank, voorzitter, voor deze mooie vraag, ook mijnheer Van der Meulen via u, voorzitter. Iedereen kan in principe volgend jaar middels een BOPA-procedure en omgevingsvergunningen aanvragen, dus daarom is het juist goed om deze motie nu aan te nemen, zodat het college op pad kan gaan en alvast kaders kan stellen om dat probleem te tackelen. Dat is

een. Ten tweede de motie gaat niet over de RES-opgave. Dat zijn strikt twee verschillende dingen ook en dat wil ik ook bij deze duidelijk benoemen. We hebben ook een ambtelijke sessie gehad, waar u ook naar refereerde in die sessie bleek ook dat eigenlijk de effecten en opbrengsten van die kleinschalige windturbines eigenlijk verwaarloosbaar is. Daar ga je de RES-opgave niet mee halen. Dus dat zijn twee verschillen dingen. Maar wat je wel gaat doen is ontlasting verzorgen op de op de laagspanning en dat is eigenlijk de meerwaarde van de motie en in relatie tot de hoogte van de tiphoogte. De voorzitter: De heer Van der Meulen nog, tenslotte. De heer Van der Meulen: De vraag is eigenlijk van hier zit ambtelijke capaciteit en voorbereidingskosten aan. Er moet een beleidsvoorstel worden gemaakt en mijn punt is eigenlijk van die ambtelijke capaciteit en voorbereiding, die kunnen we beter steken in de RES-opgaven of beter? En ook. Hoe heeft u dat afgewogen? Want dit … U vraagt wel ambtelijke capaciteit en geld om een beleidsvoorstel te maken. De voorzitter: Sorry, ik moest even checken. Gaat uw gang. De heer Akdemir: Dank u wel, voorzitter. Volgens mij ontkomen er niet aan, want omgevingswet gaat van kracht, dus het is nu goed om daarmee aan de slag te gaan. Los even wat je ervan vindt. Los van prioriteiten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12723520/2