2022-11-09 Transcript Raadsvergadering Gemeenteraad Deventer
Tekst van het document
Dan gaat het vooral over wat zij koppelen aan het burgerberaad, het energieplan en de RES. Deze begroting stelt nu voor om dit verder ... In ieder geval de middelen te begroten. Het college kan daarmee verder. Maar uiteindelijk moeten zij nog wel voorleggen of ook een uitstel van de RES en het energieplan mag plaatsvinden. Dat moeten ze voorleggen aan de raad. Wat GroenLinks betreft kunnen ze wel verder met het burgerberaad klimaat/energie, maar moeten ze wel goed nadenken over hoe ze met de raad omgaan en hoe ze communiceren naar de samenleving. De voorzitter: Ze is dan het college. De heer Donkers, wat is daarop uw reactie? De heer Donkers: Het was geen vraag. De voorzitter: Dan gaan we naar de heer Schuring. De heer Donkers: Of mevrouw Van der Meer wil een reactie, maar ... Nee. De heer Schuring: Mijnheer Donkers, de fractie van D66 heeft echt moeite met dit amendement. Want u doet voorkomen alsof het hoogste doel van dit college is om een burgerberaad te gaan organiseren. U wilt daarom het woord burgerberaad vervangen door een brede maatschappelijke dialoog te organiseren. Ik wil die suggestie dat het doel van het college is om een burgerberaad te organiseren absoluut wegnemen. Het is een middel wat we ook willen gaan gebruiken om participatie beter vorm te geven rond een ingewikkeld vraagstuk als waar we het over hebben gehad.
Het college is weldegelijk ook van plan, dat komt er ook nog, om een beleidsnota participatie uit te werken, met een participatieladder te gaan komen. Er komt meer dan wat er nu is. Ik wil afstand eigenlijk nemen, misschien wilt u daarop reageren, van uw suggestie dat het hoogste doel van dit college is om een burgerberaad in plaats van een goede participatie te organiseren. De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Dank, voorzitter. Ik wil wethouder Schuring hartelijk danken voor de behandeling vanuit het college. Ik ben ook heel benieuwd of het college zich kan vinden in de woorden van de heer Schuring. Volgens mij is niet het hoogste goed van het college om een burgerberaad te organiseren, maar juist om die brede maatschappelijke dialoog te faciliteren en wordt daarvoor een burgerberaad gekozen. Je merkt heel erg in de discussie ... We spreken over 350 miljoen euro vanavond. De meeste discussie, ook tijdens de algemene
50 beschouwingen, gaat over 2,5 ton burgerberaad. Mensen vinden er nogal wat van. Het kan zijn dat er straks ergens op de weg wordt besloten om af te zien van het burgerberaad. Dan is er in ieder geval nog de mogelijkheid om op een andere manier die brede maatschappelijke dialoog, die ongelofelijk belangrijk is, volgens de VVD, volgens mij ook volgens mijnheer Schuring, te faciliteren. Dank, voorzitter. De voorzitter: De heer Schuring. De heer Schuring: Om die reden zullen wij tegen dit amendement stemmen en zullen wij de stappen om tot een burgerberaad natuurlijk ondersteunen, net zoals wij alle stappen ondersteunen om een goede maatschappelijke dialoog met onze gemeente te organiseren, voor al die vraagstukken waar we voor staan. De voorzitter: De heer Smeenk. De heer Smeenk: Voorzitter, dank u wel. Bij de tweede bullet vindt u gewoon dat het woord burgerberaad eruit moet. Maar het college komt gewoon met een voorstel om een burgerberaad te gaan organiseren. Ik wil eigenlijk voorstellen om het amendement te wijzigen. Punt 1, bullet 1 en bullet 3 laten staan en bullet 2 gewoon skippen en de huidige zin, zoals hij er nu staat, laten staan in de begroting. De voorzitter: Die suggestie geeft u mee aan de heer Donkers. Die gaat daarover nadenken. De heer Donkers: Ik denk dat we elkaar even opzoeken. De voorzitter: Dan mevrouw Schmidt.
Mevrouw Schmidt-Versteeg: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik heb even aan het zoeken, want als ik de redenatie van mijnheer Donkers volg, dan gaat dit om van, stel dat het burgerberaad verkeerd gaat dan ... Maar het college is toch altijd bevoegd, ook al hebben wij een begroting vastgesteld waarin dat staat. Het college heeft toch een eigen bevoegdheid om het dan een brede maatschappelijke dialoog of welke vorm dan ook te nemen. Ten eerste vind ik dat we midden in een proces waar we nu mee bezig zijn om te komen tot een keuze of het burgerberaad moet worden ... Ik vind de timing een beetje snel. Ik snap dat u het in het achterhoofd wil houden voor als het inderdaad verkeerd gaat. Mijn suggestie zou zijn, stop hem nog even in de broekzak en wacht even af wat er gebeurt. Tegelijkertijd zou ik van de wethouder willen horen of hij geen mogelijkheden heeft om te veranderen als dit amendement niet wordt aangenomen. De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Voorzitter, het lastige van dit in de achterzak houden, is dat we de begroting een keer per jaar vaststellen. Dat is lastig. Dan zou ik tot volgend jaar moeten wachten. Volgens mij is dat voor de brede maatschappelijke dialoog niet bevorderlijk. Volgens mij is hij heel snel nodig, ook met het RES-bod in de achterzak. Dank.
Mevrouw Schmidt-Versteeg: Voorzitter, ik bedoelde natuurlijk niet wachten tot volgend jaar bij de begroting. Maar op het moment dat blijkt dat wij niet kiezen voor een burgerberaad, dan kunt u dit amendement alsnog indienen, maar dan in een andere vorm. Mijn suggestie is, wacht er even mee. Geef dit nu een kans. Want juist door dit soort amendementen, dit soort voorstellen, komt er weer extra ruis op de lijn. De voorzitter: Uw punt is duidelijk, mevrouw Schmidt. We gaan naar de zijde van het college. Wethouder Walder. De heer Walder: Dank u wel. Het klopt dat wij pas zouden gaan starten met een burgerberaad als de raad, als u daar zelf instemming op geeft. Ik hoorde dingen over, het is een instrument van het college. Het moet een
51 instrument worden van ons allen, van de raad, van de samenleving. Als die mening van de raad er niet is, dan wordt dit instrument ook niet ingezet. We hebben nu een traject met de gemeenteraad om te komen tot een goed voorstel, waar iedereen zich in kan vinden, tot een burgerberaad. Over een paar maanden gaat u dat bespreken als raad. U wordt in het proces van totstandkoming betrokken. Ik begrijp ook van de indiener dat hij dat proces ook niet wil doorkruizen. Dat is goed. We hebben voor die brede maatschappelijke dialoog, die hard nodig is ... Brede maatschappelijke dialoog is een vaag begrip. Wij proberen dat, als college, te concretiseren, door te kiezen voor een middel, dat burgerberaad. Dat willen wij met jullie ... Dat gesprek aangaan. Daarvoor hebben we ook vast middelen gereserveerd in de begroting. Dat is helemaal niet gek. In de begrotingssystematiek om voorstellen alvast op geld te zetten, waar uiteindelijk de raad van beslist of het doorgaat of niet. Ik kan de indiener ook geruststellen, het bedrag staat in de begroting voor het middel. Op het moment dat wij met elkaar zeggen als raad, jullie zeggen, wij zien dit middel niet zitten, dan betekent dat dat wij met elkaar in gesprek gaan over hoe wij dan die maatschappelijke dialoog wel vorm gaan geven. Of dit amendement aangenomen wordt of niet, die werkwijze is identiek. Wij komen sowieso met een plan van aanpak.
Het amendement creëert hooguit iets verwarring en haalt wat concreetheid weg uit de begroting. Het college zou zeggen, ontraden en laten we gewoon een goed gesprek met elkaar voeren waar de indiener ook behoefte aan heeft rondom een plan van aanpak voor burgerberaad. De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Dat gesprek is volgens mij sowieso heel belangrijk. Dat moet ook heel snel gevoerd worden, denk ik. Tegelijkertijd, als we het hebben over verwachtingen, is het denk ik ook goed om het zo breed mogelijk aan te vliegen. Dat doen wij. Uiteindelijk stelt de raad de begroting vast, met daarin de voorstellen van het college. De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter. Ik twijfelde wat over dit amendement, maar alles gehoord hebbende denk ik dat wij kiezen voor het laten staan van het woord burgerberaad, met de duidelijke toezegging die wij nu net weer gekregen hebben dat er echt een expliciet go-no go moment is voor de raad. Wat mij betreft is dan duidelijk dat dat niet alleen gaat om een meerderheid, maar echt wel om iets meer gedragen dan alleen een meerderheid. Deze toezegging maakt voor mij het amendement overbodig. De voorzitter: Duidelijk. De heer Donkers nog. De heer Donkers: We hebben het niet over een go no-moment, het is een raadsbesluit. Volgens mij moet dat raadsbesluit worden genomen en doen we dat over een burgerberaad.
Deze toezegging, in die zin voor mij, heeft geen toegevoegde waarde. Laat ik het zo zeggen. Ik zag hem ook niet als toezegging. De voorzitter: Helder. Dat is uw punt. Dan gaan wij naar het volgende amendement. Dat is het amendement ondersteuning energiecoaches. De heer De Niet. De heer De Niet: Vorige week hadden we in deze zaal de werkconferentie energiearmoede. Dat was echt een inspirerende bijeenkomst, wat mij betreft, waar wij ook veel hoorden hoe verschillende organisaties in deze stad actief waren rond energie en armoede. Een van de dingen die daar naar voren kwam, was dat in ieder geval de energiecoaches ... Dat daar veel vraag naar is in deze tijd. Dat is natuurlijk logisch. Mensen weten ze goed te vinden. Ze worden ook veel ingezet. Maar dat momentum moeten we goed benutten. Deventer Energie Coöperatie heeft aangegeven dat het eigenlijk wel nodig is dat zij beter worden ondersteund, zodat juist die energiecoaches hun werk zo goed mogelijk kunnen doen en worden ontzorgd bij alle dingen die ze moeten doen. Juist om zoveel mogelijk impact te genereren. Met dit amendement wordt die ondersteuning geregeld voor de komende jaren en
52 kan daarmee ook het aantal gesprekken verder worden opgeschaald. In ieder geval er staat nu 600 in de begroting. Het kunnen er zelfs 1.000 worden, heb ik begrepen. De voorzitter: Dank u wel. Reacties op dit voorstel? Zullen we direct naar de zijde van het college gaan? Wethouder Walder. De heer Walder: De energiecoaches doen buitengewoon waardevol werk. Dit is in deze tijd actueler dan ooit. Dat zie je ook in het aantal aanvragen. Het stijgt enorm. Ze moeten keihard werken om dit tempo bij te benen. Daarmee ontgroeit het systeem ook het systeem van wat vrije avonden en vrijwilligerswerk. Dat vraagt om een professionaliseringsslag, juist ook om die waarde en die kwaliteit voor al onze inwoners te kunnen bieden. We herkennen deze wens van Deventer Energie. Zijn ook in gesprek om te kijken hoe we dit vorm kunnen geven. Dit sluit ook volledig aan bij de ... Dit is volgens mij het meest efficiënt, meest waardevol bestede geld in het besparingsdomein, deze energiecoaches. Het college kan hem van harte onderschrijven. De voorzitter: Dat is mooi. De heer De Niet: Nog een ... De voorzitter: Een nabrander. De heer De Niet: Dank u wel, voorzitter. Het is misschien wel zorgvuldig om in ieder geval te melden dat dit amendement samen met mevrouw Visser van de Partij van de Arbeid, mevrouw Scholthof van het CDA en de heer Van Straaten van GroenLinks is opgesteld.
De voorzitter: Uitstekend. De heer De Niet: Nog een aantal mede-indieners. Maar goed. De voorzitter: Dat is goed, in algemene zin, om even te melden dat niet op alle moties staan in het RIS alle medeindieners, maar we zorgen er uiteindelijk wel voor dat we dat netjes noteren. Morgen wordt dat allemaal verwerkt. Als u niet genoemd staat, wil dat niet betekenen dat we dat niet geregistreerd hebben. We gaan naar de klusbrigade energie en klimaat. Mevrouw Visser. Mevrouw Visser: Dank u wel, voorzitter. Zoals net al werd gezegd ook, we moeten inzetten op het klimaat of vooral op duurzaamheid en het redden van het klimaat. Wij als raad laten ook vanavond weer zien, volgens mij, dat we dit belangrijk vinden en stappen willen zetten. Het Duurzaamheidscentrum, de energiecoaches en diverse wijkinitiatieven zijn vele mooie voorbeelden in onze stad. Toch blijft verduurzamen voor veel Deventenaren nog een ver-van-mijn-bed-show. Ook nu de energieprijzen stijgen, lukt het hun niet om de nodige maatregelen te treffen, om wat voor reden dan ook. Hierdoor dreigt grote ongelijkheid te ontstaan. De aanvraag bij de energiecoaches neemt toe, maar we horen ook dat de inwoners deze adviezen nog niet altijd opvolgen. Het is voor sommigen toch lastig om dit zelf te organiseren. Dit vraagt om actie, concrete maatregelen en organisatiekracht. Samen de schouders eronder. De handen uit de mouwen.
Verduurzamen is van ons allemaal en vraagt om solidariteit. Snelle oplossingen organiseren we niet alleen met ideeën, adviezen en voorlichting. Het is tijd om ook echt aan de slag te gaan, met elkaar, alle inwoners. Want samen maken we een mooi Deventer. Het amendement is mede ingediend door D66, Deventer Sociaal en GroenLinks. De voorzitter: Uitstekend. Dank u wel. Vragen over dit amendement? De heer Muilerman. De heer Muilerman: Dank u wel, voorzitter. Ik vind het een heel mooi amendement. Gemeentebelang is natuurlijk altijd zuinig, maar je hebt ook verkeerde zuinigheid. Mijn vraag is, is het bedrag niet iets te laag? Want volgens
53 mij is dit juist iets wat direct bij de inwoner terechtkomt en wat bijdraagt aan de klimaatopgave en aan de andere kant in de energiearmoede-vraag die er op dit moment is. De voorzitter: Mevrouw Visser. Mevrouw Visser: Meer geld is altijd welkom. Maar er zijn al verschillende goede initiatieven in de wijken van Deventer. Onder andere op De Worp en Zandweerd wordt al veel gedaan. We zien dat er heel veel kan met vrijwilligheid en we willen ook niet dat de gemeente dit zelf even snel gaat organiseren. Want volgens mij doen we dan niet de goede dingen. Dit is ook echt iets van de wijken zelf. Dit geld, deze inderdaad zeer magere middelen die we hebben, is echt om de eerste aanjaag te doen en te zien wat dat oplevert, om eventueel vervolgens misschien meer te doen. De voorzitter: Mevrouw Sipman. Mevrouw Sipman: Dank u wel, voorzitter. Vraag aan de indiener. Mooi amendement. Goed om te zien dat we juist die kracht van onze inwoners goed kunnen benutten. In hoeverre wordt hierin ook de afstemming gezocht met onder andere de wijkteams, WIJDeventer en Deventer Doet? De voorzitter: Mevrouw Visser. Mevrouw Visser: Het zou mooi zijn, je ziet bijvoorbeeld op Zandweerd is er met KonnecteD een samenwerking. In andere wijken zie je dat het vanuit vrijwilligheid gaat. Maar er zijn ook aanvragen binnengekomen bij WIJDeventer, begreep ik, voor dit soort initiatieven.
Volgens mij is het in de breedste zin om dit soort initiatieven te ondersteunen en zeker samen te werken met de Voor Elkaar-teams, met de teams die er zijn en weten waar het nodig is ook om te isoleren. De voorzitter: Gaan we naar de zijde van het college. Wethouder Walder. De heer Walder: De klussenteams, Klusbrigade in Zandweerd is een mooi voorbeeld hoe dit kan op wijkniveau, de handen ineenslaan en de inwoners helpen met verduurzamingskwesties. Het is een concept wat je niet als blauwdruk kan uitrollen over de stad, want iedere wijk, iedere buurt is weer ander, maar wel iets waar we gemeentebreed, volgens mij, hartstikke goed mee aan de slag kunnen gaan. Ik zal in de stemuitslag van het amendement zien of dat breed gedragen wordt. Het bedrag wat gevraagd wordt, 15.000 euro, daar kun je 2 elektrische bakfietsen en een doos ducttape van kopen. Dan is het op. De ambities, ook van de indiener, zijn volgens mij groter dan dat. Wij zullen ook kijken, naarmate deze klussendiensten overal in de gemeente op lijken te komen, op het moment dat wij dat niet kunnen financieren uit lopende budgetten, bij de raad terugkomen met een aanvullende vraag. Want ik heb het idee dat dit concept breed aangemoedigd wordt door u. Dat zullen wij bij de stemming ongetwijfeld zien. De voorzitter: De heer Akdemir.
De heer Akdemir: Voorzitter, ik heb toch de behoefte om even kort te schorsen als dat kan, over dit onderwerp. De voorzitter: Als u behoefte aan een schorsing ... We gaan over twintig minuten schorsen. Zullen we dat doen? Mag het op dat moment? De heer Akdemir: Ja, dat is ook goed. Prima. De voorzitter: Dat lijkt me handig. Dan kunnen we nog een motie of amendement doen.
54 De heer Akdemir: Dat is ook goed. De voorzitter: Want dan hebben we programma 4 afgerond. Programma 5 Ruimtelijke ontwikkeling De voorzitter: Gaan we naar programma 5. Als u het nog even kan volhouden. Lukt dat nog? Dan gaan we naar programma 5. Alle snoepzakken even weer dicht. Even voor het vullen van de snoepbakjes. Tsjonge jonge. We gaan naar programma 5. Herwaardering Omgevingsvisie als kader. Amendement. Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Mag ik? Dank u wel, voorzitter. In de raadsvergadering van 6 juli is het amendement Omgevingsvisie als kader aangenomen. Dat is tijdens het debat op een bepaalde wijze geduid door het college, waar niet echt duidelijke tegenreactie op is gekomen. Volgens de analyse van deze indieners was Bas Donkers, VVD, Erik Smeenk, Gemeentebelang en ik, is er daardoor wat misgegaan en is het met veel ambtelijke kracht en daarmee ook veel geld, namelijk 209.000 euro per jaar in de begroting terechtgekomen. Dat is volgens de indieners een onwenselijke situatie. Volgens mij is die duiding niet helemaal goed geweest. Wij zien dit amendement als een reparatie van de misvatting die er volgens mij is ontstaan. Wij willen graag dat het goed in de begroting terechtkomt en willen daarmee eigenlijk dit even weer openbreken. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw, de heer Donkers, sorry, als mede-indiener. De heer Donkers: Dank u. Heel kort hoor.
Ik zie dit ook als een bedrijfsongevalletje. Dat wij als raad en college elkaar niet goed hebben begrepen. Want ik snap heel goed de intenties. Ik heb daarna ook met mijnheer Van der Meulen en mevrouw Zieverink gesproken. Ik begrijp heel goed de intenties van het verzoek, maar de manier waarop het wordt geïnterpreteerd door het college, waarop wij het ook interpreteerden, betekende dat wij destijds tegen hebben gestemd. Volgens mij leeft de vraag van mevrouw Zieverink en mijnheer Van der Meulen nog steeds. We hebben nu wat uitstel, omdat de Omgevingswet is uitgesteld. Laten we ook vooral kijken hoe we opnieuw ... Laten we opnieuw goed kijken hoe we als raad invulling kunnen geven aan die kaderstellende en controlerende taak, die zo belangrijk is. De voorzitter: De heer Van der Meulen of mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink als eerste? Mevrouw Zieverink: Bedankt, mijnheer Van der Meulen. Ik was wel even benieuwd, want ik hoor eigenlijk het amendement wat ingediend is. Ik hoor dat dat te maken heeft met de kosten. Dat dat waarschijnlijk te maken heeft met de verkeerde duiding. Daar sluit ik me wel bij aan. Dat dat niet helder genoeg is, daar zet ik mijn vraagtekens bij. Ik heb het gister nog even teruggekeken. Volgens mij heb ik heel helder geduid en mijnheer Van der Meulen ook dat dit gaat niet over de kruimelgevallenlijst. Ik heb dit ook nog specifiek toegelicht op dat moment.
Dat die duidelijk, dat we daarin afwijken, daar kan ik me wel in vinden. Ik ben heel erg benieuwd naar de onderbouwing van het college hoe dit twee ton tot stand is gekomen, want ik heb na die tijd niet nog gesprekken gehad met de portefeuillehouder over hoe dit tot stand is gekomen. Dat toch die duiding is gebleven, zoals dat destijds door het college is aangegeven, terwijl wij heel duidelijk hebben aangegeven dat daar een andere duiding op zit. Ik ben wel heel erg benieuwd naar de reactie van het college eigenlijk. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Dank u wel, voorzitter. Ik vroeg me eerst even af of dit een onderdeel is van de nieuwe bestuurscultuur, dat amendementen worden herwaardeerd, wat dat dan ook is, zonder daarbij de indieners dan te kennen, want dat was natuurlijk een mogelijkheid geweest. Maar ook voor het ... Dat vind ik wel bijzonder, dat we hier praten over een amendement, zonder dat de indieners daarbij betrokken zijn geweest. Wat ook wel
55 bijzonder is, is van dat het college dat heeft er inderdaad een duiding aangegeven. U zei dat net ook goed van, de duiding van het college. Terwijl de indieners echt een andere duiding voor ogen hadden. Dat had u ook kunnen navragen. Maar nog belangrijker was dat het college dat had kunnen navragen, want we hebben hier in de raad ooit eens een motie tango aangenomen van, op het moment dat het onduidelijk is van hoe een motie of amendement moet worden geïnterpreteerd, dat er dan contact wordt opgenomen met de indieners. Voor ons was het ook een grote verrassing en volgens ons een verkeerde duiding, zonder overleg met degene ... Het was heel makkelijk geweest om even vanuit het college een belletje te doen naar de indieners van, hoe hebben jullie dit bedoeld? Dat gezegd hebbende, daarnaast vraag ik me inderdaad af, wat is een herwaardering van een amendement? Want die verordening hebben we wel vastgesteld met deze bepaling erin. Die staat nog steeds. Wat is het vervolg hierop? U schrapt een toelichting en een bedrag uit de begroting, maar we hebben nog steeds een verordening waarin dat staat. U zal dan, als u het echt wil herwaarderen, moeten komen met een initiatiefvoorstel of een motie om die verordening weer opnieuw aan te passen. Daar ben ik nog wel even benieuwd naar de reactie. De voorzitter: Zal de heer Donkers ...
Mevrouw Scholthof: Nee, ik wil wel een paar dingen zeggen. De voorzitter: Dan mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Ik hoor ook veel vragen aan het college. Die laat ik daar. Wij hebben als indieners van dit amendement ook contact gehad met de indieners van het oude amendement. Maar daar liggen ook gewoon verschillen van inzicht. De duiding in het debat is leidend voor hoe het college het interpreteert. Volgens mij is het daar misgegaan. Ik heb ook het debat teruggeluisterd. Volgens mij zijn we daar hier vandaag voor om dat met elkaar helder te krijgen. Over bestuurscultuur, volgens mij is een goede bestuurscultuur ook dat als wij zien dat er iets niet goed is gegaan, ook al hebben we dat aangenomen, dat we ook zo dapper zijn om dat opnieuw ter discussie te stellen en bereid zijn om dat te repareren. De voorzitter: De heer Donkers nog. De heer Donkers: Om te reageren op het wijzigen van de verordening. Dit is geen amendement om dat eruit te halen. Dat zou ook niet kunnen, want dat staat niet in de begroting. Het geeft wel ruimte om het opnieuw te gaan hebben over hoe het geïnterpreteerd wordt. Daarom is het ook als reservering opgenomen. Daarom hebben we een half jaar extra.
Als de conclusie is van de meerderheid van de raad dat wij inderdaad alle kruimelgevallen willen behandelen, zoals het college het interpreteert, dan betekent het dat we niet meer op Kerstreces kunnen en op zomerreces. Maar dat betekent ook dat in ieder geval dat geld er gewoon nog is. De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Daar kunnen we heel kort over zijn, want zo is het niet bedoeld. Zo hebben wij dat nooit bedoeld. Een telefoontje was genoeg geweest om dat te achterhalen. Het is een vangnetbepaling in die verordening. Er staan allerlei categorieën genoemd. Dan zijn er nog eens uitzonderingen waar je niet van tevoren rekening mee houdt. Dat noemen we dan een vangnetbepaling. Zo is het bedoeld. Ik kijk nog even naar mevrouw Zieverink. Die knikt, volgens mij. En niet anders. Klaar. De voorzitter: Dan ... De heer Donkers: Ik kan mijn plek vrijmaken voor het college, want volgens mij ... De voorzitter: Ik ga eerst nog even naar de heer De Niet.
56 De heer De Niet: Dank u wel. Ik ben inderdaad ook wel een beetje in verwarring, want inderdaad ... Wat mij betreft is dan ... Mijn conclusie is dan dat de verordening niet duidelijk genoeg is, of dat we die niet goed hebben vastgesteld. Uiteindelijk is die verordening de verordening. Punt. Dat is waar het college ook vanuit moet gaan. Nu halen we in zekere zin wel het geld weg. De vraag is inderdaad wel, vooral ook aan het college van, misschien ook wel aan u, moeten we dan niet die verordening opnieuw vast gaan stellen of daar in ieder geval een wijziging in aanbrengen? De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Die vraag laat ik aan het college. De voorzitter: Dan gaan we naar wethouder Grijsen. Mevrouw Grijsen: Voorzitter, dank u wel. We hebben inderdaad, daar hebben we toen ook aan gerefereerd, een enorm technisch debat gehad rondom een aantal verordeningen rondom invoeringsdatum en invoering Omgevingswet. Daar is een amendement ingediend. Dat amendement is geïnterpreteerd. Daar is een debat op gevolgd. Daar hebben wij de conclusie uit getrokken, zoals u die ook in het debat terug kunt lezen. Vervolgens zijn daar technische vragen over gesteld. Die technische vragen zijn beantwoord.
In dat antwoord is ook aangeboden om met elkaar in overleg te gaan om uit te zoeken hoe precies dat amendement nu bedoeld was, want het amendement is nogal ruim interpreteerbaar qua strekking. Met andere woorden, voor ons is het best wel ingewikkeld om te interpreteren wat er nu precies mee bedoeld werd, vandaar dat debat. Het aanbod om over de duiding van het amendement in gesprek te gaan, daar is geen reactie op gekomen. Voor wat betreft het amendement wat nu voorligt, vindt het college eigenlijk dat het aan u als raad is om daar een oordeel over te hebben. We hebben indertijd, bij de bespreking van al deze verordeningen voor de Omgevingswet, ook met elkaar besproken dat als de Omgevingswet eenmaal zou zijn ingevoerd dat we elk half jaar met elkaar zouden evalueren, wat gaat goed, wat gaat niet goed? Zo hebben we ook met elkaar besproken dat datgene ... Want er waren partijen die graag zoveel mogelijk via adviesrechtraad wilden. Er waren er ook die dat veel minder wilden. Zo hebben we ook met elkaar besproken dat we lerende weg kunnen ontdekken hoe die Omgevingswet nu eindelijk werkt en ook welke invloed en welke rol u daar als raad in wilt hebben Voor dit amendement zegt het college eigenlijk, het is aan u als raad hoe u hierin oordeelt. Wat er ook gebeurt, als de wet wordt ingevoerd, gaan we met elkaar aan het werk en gaan we elk half jaar evalueren.
De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Nee? Dan de heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Er zijn inderdaad technische vragen gesteld. Daar is antwoord op gekomen. Ook inderdaad, we kunnen hierover praten. Alleen wat de wethouder niet zegt, is dat die technische vragen zijn gesteld op het moment dat we dat hier in de zaal hebben gezien, dit komt in de begroting, die 209.000 euro. De uitnodiging voor het gesprek was, denk ik, logischer geweest om dat te doen vooraf, direct die avond na het bewuste amendement. De voorzitter: Mevrouw Grijsen. Mevrouw Grijsen: Voorzitter, wij leven tegenwoordig in omstandigheden dat al deze bijeenkomsten worden opgenomen, uitgetypt en terug te lezen zijn. Dat betekent ook dat de interpretatie gedaan is conform het debat wat gevoerd is. Dan wordt er gekeken, wat kost dat aan ambtelijke ondersteuning? We hebben u dat ook uitgelegd hoe dat in elkaar zit. Daar zat nog niet eens de ambtelijke ondersteuning bij nodig voor ondersteuning tijdens de raadsessies. Wat het college betreft kunnen we hier op elk moment over in overleg en kunnen we komend jaar ook gewon besluiten dingen anders uit te voeren.
57 De voorzitter: Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Ik ga graag in op de uitnodiging om alsnog dan te kijken of we hier uit kunnen komen, want het originele amendement is nooit bedoeld geweest om ook alle kruimelgevallen, lijst, zaken te bespreken. Dat heb ik ook echt heel duidelijk aangegeven. Op het moment dat dat niet mogelijk is, dan zouden we kunnen kijken, is dat op een andere manier mogelijk? Want het blijft zo dat ik vooral heb gekeken van, mochten er zaken zijn waardoor plannen echt buiten de kaders gaan van de door de raad vastgestelde visie, dat is het moment dat ik verwacht dat het college bij ons langskomt. Niet meer dan dat, want de rest is al voorzien in de lijst. Het gaat echt om incidenten, wat mij betreft. Ook mijn collega-indieners zijn die mening toegedaan. Als wij daar nog het gesprek over kunnen hebben, dan graag, want ik denk niet dat deze kosten voor het idee wat wij hierbij hebben gehad, de gedachte hierbij, dat dat realistische kosten zijn. De voorzitter: Mag ik u voorstellen, ongeacht de uitkomst van de stemming over dit amendement, dat we in de agendacommissie het voorstel doen om daar met elkaar over in gesprek te gaan, want dat is wel nodig om hier helderheid over te krijgen, lijkt mij. Staat een beetje los van de begroting. Dan kunnen we ook beoordelen of de verordening al dan niet moet worden aangepast.
Is dat een goed voorstel? Dan gaat het terug naar de agendacommissie. Maar goed, er wordt ook gestemd over dit amendement vandaag. De heer Donkers. De heer Donkers: Ik hoor van mijn buurman, gaat u hem dan intrekken? Dat moeten we volgens mij even als indieners bespreken. Tegelijkertijd verandert het niks aan de situatie, want we hebben het over een reservering. Het gaat naar de reservering. Volgens mij moeten we eerst dat gesprek voeren en kunnen we het geld dan pas opnieuw uitgeven. Anders zou je juist niet recht doen aan het amendement van de indieners dat is ingediend bij de behandeling van de Omgevingswet. De voorzitter: Sowieso komt dit onderwerp via de agendacommissie terug. De heer De Niet. De heer De Niet: Toch nog een vraag. Want als ik het goed begrijp, volgens mij als we dit ... Kijk, in deze begroting stellen we anders vast dat dit geld beschikbaar is. Als de begroting is aangenomen dan worden er twee dure Omgevingswet-mensen geworven om dit allemaal te gaan doen. Dat zou ik willen voorkomen. Volgens mij is het dan belangrijk om wel dit amendement in stemming te brengen. De voorzitter: Ik zei ook niet dat we dat niet moesten doen. Ik zei alleen dat naast de stemming over dit amendement er ook een gesprek moet plaatsvinden over de inhoud. Tot slot mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Dank u wel, voorzitter.
Om even duidelijkheid te scheppen, intentie van ons amendement is niet om het amendement van 6 juli te schrappen. Wij willen duidelijkheid krijgen, want zoals het nu in de begroting staat, vindt iedereen het onwenselijk. Het amendement zegt, zet dat geld even weg, gereserveerd, totdat wij met elkaar hebben besproken wat het wel moet worden. Dan gaan wij dat geld alsnog goed wegzetten. De voorzitter: Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Ik ben nieuw. Het kan zijn dat ik het verkeerd begrijp. Maar een begroting gaat toch altijd over reservering? Op het moment dat die Omgevingswet überhaupt niet wordt aangenomen, dan gaat dat hele stuk niet door, hoe het ook geduid wordt en of die kosten wel of niet relevant zijn. Het gaat alleen maar over een reservering nu? Dat is bij alle onderwerpen zo? De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Ja, dat is op zich wel zo. Alleen nu geeft de begroting eigenlijk ook opdracht aan het college om hier meteen uitvoering aan te geven, twee mensen aan te nemen. Natuurlijk kunnen we die bespreking
58 afwachten, maar wij constateren dat het nu niet goed staat in de begroting en dat willen we graag repareren met dit amendement. De voorzitter: Mevrouw Zieverink. Mevrouw Zieverink: Ik weet niet goed waar u dat op baseert, want de Omgevingswet is nog niet effectief geworden. Als die wordt uitgesteld, dan wordt het amendement ook niet effectief, dus wordt dat geld niet besteed, want er komt geen uitvoering. De voorzitter: Mevrouw Scholthof. Mevrouw Scholthof: Klopt. Alleen wij koersen nu natuurlijk op 1 juli, de nieuwe datum. Ik kan me voorstellen dat het college dan voor die tijd al in actie moet komen voor de uitvoering van het amendement, zoals hij nu geduid is. Zou het goed zijn om het nu goed weg te zetten als een reservering, tot we erover hebben gesproken. Dan geven we een duidelijke opdracht aan het college, met het goede geldbedrag daarbij, waarmee het college dan echt goed mandaat heeft om aan de slag te gaan. Dat is de insteek. De voorzitter: Ik stel voor dat u tijdens de schorsing nog eens even met elkaar om tafel gaat. Dat lijkt me makkelijker dan dat we hier helderheid gaan krijgen. Wij gaan schorsen. Het is bijna zes uur. Wij schorsen tot zeven uur. Dan gaan we verder met programma 7. De vergadering is geschorst. Schorsing Programma 7 Inkomensvoorziening en arbeidsmarkt De voorzitter: Dames en heren, wij vervolgen onze vergadering.
Ik wil graag stilte in de zaal. Ik verzoek iedereen om zijn plek in te nemen. Geldt ook voor het college graag. Wij gaan verder met programma 7, inkomensvoorziening en arbeidsmarkt. De eerste motie is communicatie aanpak energiearmoede. Mevrouw Schmidt heeft het woord. Gaat uw gang. Mevrouw Schmidt-Versteeg: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, achter veel Deventer voordeuren voltrekt zich een stille ramp. De energiecrisis en de hoge kosten voor levensonderhoud dwingt mensen nu al tot het maken van moeilijke keuzes. De energierekening betalen of boodschappen doen? Het is daarom van belang dat we zoveel mogelijk inwoners sneller bereiken, om ergere problemen te voorkomen. We doen als gemeente al veel en het bereik van onze regelingen is gelukkig toegenomen. Toch zijn er nog inwoners die geen aanspraak doen op hulp. We zien gelukkig ook goede voorbeelden van werkgevers die werknemers actief ondersteunen en hulp bieden bij de aanvraag van regelingen of zelf overgaan tot een vorm van compensatie. Veel valt en staat bij de manier waarop wij communiceren. Wij dienen daarom vandaag de volgende motie in. De voorzitter: Gaat u nog verder toelichten of is het klaar? Deze verwijst naar het scherm. Het licht komt van boven. Roept dat vragen of reacties op? Mevrouw Sipman. Mevrouw Sipman: Ik verslik me meteen. Dank u wel, voorzitter. Is de boerenkool, denk ik.
Even een vraag, wat gaan we anders doen dan dat we nu al doen? Want we hebben in september ook al gevraagd om een communicatieplan om meer strategie. U gaat vrij de diepte in. Heel specifiek bijvoorbeeld op massacommunicatie en zo. In hoeverre moeten wij als raad nu op de uitvoering gaan zitten en dit niet gewoon aan het college op dit moment overlaten? Zeker gezien de toezeggingen die de vorige keer zijn gedaan. De voorzitter: Mevrouw Schmidt.
59 Mevrouw Schmidt-Versteeg: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel, mevrouw Sipman. Er wordt inderdaad gewerkt aan een communicatieplan, maar deze motie is meer bedoeld om nog wat extra accenten te leggen, ook naar aanleiding van de conferentie energiearmoede aanpak, die vorige week is geweest, waar ook in concreet benoemd werd bijvoorbeeld van, het zou goed als er makkelijk vindbare informatie op de website staat. Nu is het nog heel erg verdeeld. Het zou ook helpen als organisaties elkaar makkelijker konden vinden. Ik heb echt de punten die daar benoemd zijn in de motie opgenomen. Specifiek ook het punt van het inzetten van lokale boegbeelden. Dan kijk ik even met een scheef oog naar onze voorzitter, maar dan in zijn rol als burgervader. We hebben de voorbeelden gezien tijdens de coronaepidemie. Dat op het moment dat onze burgervader of spelers van de Eagles of een andere prominent aandacht vraagt voor een bepaald onderwerp of mensen oproept, dat het dan kan stimuleren om inderdaad ook die hulp te zoeken. Ik denk dat het gewoon goed is om extra punten, buiten wat er allemaal al toegezegd is, nog te benoemen, dat dat meegenomen kan worden. De voorzitter: Dank u wel. De heer De Niet. De heer De Niet: Dank u wel. Inderdaad, goed dat u dit amendement of deze motie heeft ingediend. Ik ben het eens met mevrouw Sipman dat hij eigenlijk overbodig zou moeten zijn.
Het probleem is inderdaad dat hij dat eigenlijk niet is. Het is wel wat u nu in deze motie opschrijft, is ook wat wij beoogd hebben, denk ik, in september. Wat ook de wethouder heeft gezegd, dat hij inderdaad daarmee bezig was. Maar de constatering die ik in ieder geval doe, ook op basis wat ik vorige week heb gehoord, is dat vooral de gemeente communiceren ziet als zenden. Dat het ook de bedoeling is om juist samen te communiceren. In ieder geval ook met de andere organisaties en de andere partners. Dat is ook wat uw motie zegt. Ik ben ook wel benieuwd, in die zin, naar de reactie van de wethouder daarop. De voorzitter: Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt-Versteeg: Deze motie is ook absoluut niet bedoeld om alleen maar te zenden, maar ook om ervoor te zorgen dat we elkaar vinden en dat we ook leren van de best practices, zoals ik dat dan maar noem. Want we hoorden bijvoorbeeld vorige week bij KonnecteD dat daar heel actief gewoon de werknemers benaderd worden, dat de mensen geholpen worden met het invullen van formulieren. We horen landelijk dat werkgevers nu zelf ook hun personeel gaat compenseren. Het zou gewoon heel mooi zijn als we ook met MKB en Binnenstadsmanagement gewoon de lijnen kort houden en alle informatie delen. Ook gewoon zoveel mogelijk naar buiten brengen, maar bijvoorbeeld ook ...
Ik heb ook een voorbeeld gezien, uit Hengelo was dat volgens mij, waar ambtenaren actief de straat op gaan en mensen benaderen en zeggen van, bent u daarvan op de hoogte? Alles kan van mij. Alleen ik vond de noodzaak op dit moment, om het nog een keer te benoemen, aangezien de problematiek gewoon heel erg groot is, kan het nooit geen kwaad om nog een keer een paar extra punten mee te geven. Zo is hij ook bedoeld. De voorzitter: Mevrouw Kerkdijk. Mevrouw Kerkdijk: Dank u wel, voorzitter. Ik hoorde net ook boegbeelden en ik hoor de burgemeester en Go Ahead-spelers. Heeft u daar nog wat meer voorbeelden van? Want ik denk dat dit een nieuwe manier van communiceren kan worden van de gemeente om een nog grotere doelgroep te bereiken. De voorzitter: Ik vind, dat ik nou vergeleken word met Go Ahead-spelers, dat is toch ook wel een eer. Mevrouw Schmidt-Versteeg: Voorzitter, volgens mij heb ik u niet vergeleken met Go Ahead. Maar kijk, boegbeelden die mensen aanspreken, dat kan ook mensen zijn uit de wijken en buurten die al bekend zijn als een trekker in de wijk van projecten. Raadsleden, wethouders. Maar om dat extra stapje te doen. Ik herhaal het nog een keer. Tijdens de coronaperiode zijn er van die filmpjes opgenomen, ook met de spelers van Eagles, maar ook
60 met onze burgervader. Je merkt gewoon dat dat mensen toch over de streep kan trekken. Toch gaan nadenken van, misschien is het wel voor mij. Want er zijn gewoon heel veel mensen die tot nu toe nog nooit een beroep hebben hoeven doen op de gemeente of op een potje en die nu achter de voordeur worstelen, terwijl ze wel bij ons terecht kunnen, we ze wel kunnen helpen. Alle middelen die we kunnen inzetten om zoveel mogelijk mensen te bereiken en ze te stimuleren om te komen om hulp, zodat de problematiek ook niet groter wordt, moeten we inzetten. Als u daar hele goede ideeën bij heeft, be my guest. De voorzitter: Mevrouw Eekhuis. Sorry. Gaat uw gang. U heeft de microfoon nog aan staan, dat klopt. Mevrouw Kerkdijk: Sorry. Mag ik daar wel op reageren, voorzitter? Ik dacht ook aan misschien bekende Nederlanders die in Deventer wonen of in het buitengebied. De voorzitter: Dan mevrouw Eekhuis. Mevrouw Eekhuis: Dank u wel, voorzitter. Als mede-indiener wilde ik nog even toelichten, of een beetje aanvullen eigenlijk op wat al gezegd is. Maar dat gebeurde net ook al. Door inderdaad niet alleen naar de grote, bekende mensen te kijken, maar ook wat je terecht noemt, wat mevrouw Schmidt terecht noemt, de sleutelfiguren in de wijken. Ik wilde nog even benoemen dat deze niet alleen in zich ... Het is niks anders doen, op een eerdere vraag, het is meer.
Het heeft ook in zich dat het niet alleen meer is, maar op echt een andere manier, waarbij het op mensen bijvoorbeeld die laaggeletterd zijn of die niet zo digivaardig zijn. Dat heeft dit ook gewoon in zich, dat je die dan beter bereikt. De voorzitter: Zullen we naar de reactie van het college gaan? Wethouder De Geest. De heer De Geest: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, mevrouw Schmidt zei het net ook al terecht inderdaad, er gebeurt in Deventer al best veel. We hebben ook al best wel een behoorlijk bereik. Dat hebben we ook wel gezien inderdaad voor wat betreft het bereik vanuit de energietoeslag, die vrij fors is. Dat heeft ook te maken met landelijke bekendheid, maar ook met lokaal communiceren. Daarin zien we ook echt wel het belang van het goed neerzetten, van het bekendmaken, zodat mensen zich ook melden. Wat we bij die regeling gelukkig en ook helaas, want hij is heel hard nodig, gezien hebben. Het college kan zich ook heel goed vinden in de oproep die u hiermee doet. Het belang van een goed communicatieplan over waar mensen terecht kunnen, maar ook rondom het thema schaamte bijvoorbeeld. Dat we daar ook proberen om die drempel weg te nemen. U heeft daar eerder inderdaad, daar werd net ook al naar verwezen, in de raad met elkaar een motie voor aangenomen.
We zijn ook op dit moment natuurlijk op allerlei manieren al bezig met het uitwerken van de communicatie rondom datgene wat nu in de begroting zit. De fondsen die we daarin hebben opgenomen, maar ook de duurzaamheidsmaatregelen, de toeslagregeling, die ook weer een nieuwe ronde gaat krijgen. Daar zijn we al mee bezig om uit te werken in vormen van communicatie. Wij beschouwen uw motie dan ook, wat betreft, als een aansporing daarin, een aantal suggesties, een verdieping, zoals u die hier doet. Een aantal van die punten hebben we natuurlijk ook al gewoon in beeld, waren we al mee bezig. Een aantal maken we het ook wat specifieker. Als we hem zo kunnen opvatten, dan kunnen wij ook wel uit de voeten met deze motie en de inhoud daarvan, om dat verder mee te nomen in wat wij aan het voorbereiden zijn. De voorzitter: Akkoord. De heer De Niet nog. De heer De Niet: Dank u wel, voorzitter. Om het een beetje SMART te maken. Ik zou graag nog een toezegging van de wethouder willen dat het geen communicatieplan is wat hier binnen het stadhuis wordt opgesteld, maar dat ook juist samen met de organisaties die op dit veld actief zijn, zoals die vorige week hier aan tafel zaten in de werkconferentie., om dat samen met hen ook ... Hen in ieder geval ook te betrekken bij die communicatie, want zij zijn een onderdeel van die communicatiestrategie, volgens mij.
Zij communiceren ook, hebben hun eigen
61 website en hun kanalen. Dat moet echt, wat mij betreft, een gezamenlijk plan zijn. Betrek die daar ook bij, zou mijn oproep zijn. De voorzitter: Wethouder De Geest. De heer De Geest: Dat hoef ik u niet toe te zeggen, want dat doen we al. We zijn ook bezig natuurlijk met de uitwerking rondom het beleidskader, inzetten op geldzorgen. Even als voorbeeld daarbij, in de volle breedte van onze ondersteuning van mensen met geldproblemen. Daar sluit dit natuurlijk ook op aan. Daar zijn we ook vanuit de communicatie, het bereiken van mensen, het bereikbaar maken van onze regelingen, juist nadrukkelijk met al die partijen, met die partners in gesprek om te kijken van, wat werkt? Ook vanuit hun beleving, vanuit hun ervaring. Dat doen we niet alleen maar vanuit dit huis. Dat doen we echt met die partners samen. De voorzitter: Uitstekend. Lijkt mij voldoende. Gaan wij naar de volgende motie. Dat is uitbreiding spreekuur Geldfit. Mevrouw Eekhuis. Mevrouw Eekhuis: Dank u wel, voorzitter. Wij dienen deze motie in, samen met de ChristenUnie en de medeindieners Deventer Sociaal en DeventerNU. Gelukkig zijn wij als raad het eigenlijk altijd eens hier over de wens om onze inwoners met geldzorgen zo vroeg mogelijk bij te staan en te ondersteunen. Mensen met financiële zorgen voelen zich vaak alsof ze in een donkere tunnel zijn.
In deze tijd, met de stijgende energiekosten, kunnen we gerust zeggen, de donkere tunnel waar het lichtje is uitgedaan, in het kader van de stijgende kosten. Geldfit geeft handen en voeten aan die ondersteuning. Gewoon daar in de samenleving, daar waar het nodig is, staan ze naast de mensen en zo lang als dat nodig is. Waar nodig en zo lang als dat nodig is. Geldfit zorgt ervoor, door hun ondersteuning, dat mensen overzicht krijgen over hun situatie. Middels dat overzicht verkrijgen ze ook inzicht in aan welke, zoals wij dat hier noemen, knoppen ze kunnen draaien. Met dat inzicht kunnen ze uiteindelijk in die tunnel, waar ik het net over had, de uitgang vinden en krijgen ze ook weer uitzicht op de rest van hun leven. Ik rond af, voorzitter. Met deze motie beogen wij om Geldfit tools te geven om op te schalen en af te schalen waar nodig is, zoals men ziet dat dat nodig is. Gewoon daar in de stad. De professionals kunnen dat volgens ons goed zelf beoordelen, in overleg uiteraard met de professionals hier binnen de gemeentemuren. De dekking kan gezocht worden in de onderbesteding, in de reeds daarvoor bestaande potjes, lokaal en Rijks. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Sipman. Mevrouw Sipman: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een vraag aan de indiener, waarom er gekozen is voor een motie en niet voor een amendement, want daarmee kun je meteen het geld ook reserveren.
Daarvoor zitten we hier. Verder heb ik een vraag over de dekking, want die vind ik nogal vaag. We hebben toch hier in de raad de goede gewoonte om met een hele duidelijke, heldere dekking te komen bij dingen die geld gaan kosten. Graag een reactie van de indiener hierop. Mevrouw Eekhuis: Dank u wel voor uw vraag. Mijn goede gewoonte is al een keer eerder hier geweest. Is ook eenzelfde Geldfitkantooruitbreiding met dezelfde dekking, namelijk de onderbesteding die er is. Dat heb ik ambtelijk nagevraagd. Ik laat daar graag ook de wethouder verder nog op toelichten. De tweede is, waarom geen motie? De vorige keer is hij ook door deze vorm van dekking meteen in kunnen gaan. Waarom zouden we het niet gewoon nog een keer zo doen? Mevrouw Sipman: Heel simpel. Alleen al omdat met een amendement je het college ook bindt aan de afspraken en met een motie niet. Met een motie ook meteen het geld heel vast reserveert hiervoor, nu dat een beetje vaag blijft. Iedereen ziet in ieder geval wel het nut in van Geldfit, maar ik zou toch liever een concretere dekking willen hebben.
62 De voorzitter: Mevrouw Eekhuis. Mevrouw Eekhuis: Dan nodig ik u daartoe uit, voor de volgende keer, mevrouw Sipman. De voorzitter: Dan mevrouw Van Wilgen. Mevrouw Van Wilgen: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, vanuit GroenLinks absoluut wel steun voor deze motie. Maar nog aanvullend op de vraag van mevrouw Sipman ook een vraag over de dekking. U geeft aan dat het gaat om onderbesteding vanuit het potje voor de energiearmoede. Maar er stond wel dat het onder andere daaruit zou moeten voortvloeien. Zijn er ook nog andere potjes die u in gedachten had? De voorzitter: Mevrouw Eekhuis. Mevrouw Eekhuis: Dank u wel, voorzitter. Daar hebben we het inderdaad dan over twee potjes, de Rijksmiddelen en de lokale middelen. Ik wil gewoon niet begrenzen daar waar het niet nodig is. Ik bedoel, mocht daar meer onderbesteding zijn en dat ingezet kan worden, maar daar wacht ik ook graag weer het antwoord van de wethouder. De voorzitter: Horen wij zo van het college. Dank u wel. Mevrouw De Niet. Sorry, mijnheer De Niet. Mevrouw is vanavond niet aanwezig. Sorry. Ga je gang, Arie. De heer De Niet: Dat is heel woke van u. Helemaal geen probleem. Nu ben ik helemaal van mijn à propos natuurlijk. Als indiener ook van deze motie, inderdaad, ik zie het vooral als opdracht, ook richting het college, om in ieder geval te zorgen dat we die dekking vinden en dat die dekking er is.
Anders is er inderdaad toch onze grote pot onderbesteding, die daarvoor ... We hebben gewoon onder de streep per jaar, komende jaren, nog veel over. Toch nog even om te onderstrepen wat het belang is van Geldfit. We zijn een paar weken geleden bij Geldfit ook op bezoek geweest in Keizerslanden. Ze bereiken daar ook juist heel veel laaggeletterden en digibeten, waarvoor echt de communicatie vanuit de gemeente en het invullen van formulieren echt een hele hoge drempel is. Juist die mensen zijn enorm geholpen met de inzet van Geldfit, waardoor zij echt worden voorkomen ... Of in ieder geval een stap is om te voorkomen dat zij in geldproblemen komen. De voorzitter: Dank. U mag nog aanvullen, neem ik aan. Mevrouw Eekhuis: Aanvullen. Ik ben heel blij dat mijnheer De Niet dat nog een keer noemt inderdaad. Want inderdaad op het gebied van laaggeletterdheid en de hulp die mensen dan nodig hebben, maken ze echt grote sprongen. De voorzitter: Uitstekend. Mevrouw Kerkdijk. Mevrouw Kerkdijk: Dank u wel, voorzitter. Ik snap het belang van Geldfit. Ik vraag me alleen af waarom er gekozen is voor alleen Geldfit en niet andere, soortgelijke instanties die dit proberen te bereiken door mensen uit de schulden en armoede te voorkomen. De voorzitter: Mevrouw Eekhuis.
Mevrouw Eekhuis: Mag ik u vragen om daar een voorbeeld van te noemen? Mevrouw Kerkdijk: Zoals bijvoorbeeld Meester Geertshuis of de Voedselbank, die ook tijdens de werkconferentie over de energiearmoede aanwezig waren. Waarom er bewust gekozen is voor alleen Geldfit.
63 Mevrouw Eekhuis: Duidelijk. Geldfit gekozen, omdat de formule gewoon heel erg goed loopt. Dat zegt niks. Dat zegt wat over Geldfit. Dat zegt niks over die andere initiatieven. Weet, dit is wat de gemeente ook zo georganiseerd heeft, wat ook al een solide basis is in de stad. De loop ernaartoe is bij steeds meer mensen bekend. Weet je, het is gewoon doorbouwen op iets wat al goed gaat. Dat is niks ten nadele van welk ander initiatief dan ook. De voorzitter: Mevrouw Schmidt. Mevrouw Schmidt-Versteeg: Dank u, voorzitter. Als mede-indiener van deze motie wil ik ook nog wel even reageren op mevrouw Kerkdijk. Dit voorstel is ook mede ingegeven, omdat we ook signalen krijgen dat de Geldfitpunten die er nu zijn zo overbelast raken dat we eigenlijk wel geneigd moeten zijn om hier verbreding in te zoeken, want anders moeten we mensen wegsturen. Ik zou de wethouder ook nog willen meegeven, het ene Geldfitpunt wordt betere bereikt als het andere. Met meer communicatie zouden we daar ook meer aanloop kunnen krijgen. Maar ik zou het college ook nog willen meegeven om te overwegen om wellicht nog een derde punt ergens in Deventer te doen. Ergens in de binnenstad bijvoorbeeld. Want Keizerslanden is best wel ver weg. Dat zou nog een overweging zijn. Ik heb hem niet meegegeven door dit voorstel, maar wel als denkrichting. Nog het laatste op mevrouw Kerkdijk.
Ik ga ervan uit dat andere organisaties, zoals Geldfit, maar ook het Meester Geertshuis en alle andere goede initiatieven, op het moment dat zij krap in de middelen komen te zitten, weten ze ons en het college vast wel te vinden. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Schmidt. Dan gaan we naar de zijde van het college. Wethouder De Geest. De heer De Geest: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, we zien inderdaad dat het Geldfitspreekuur, de ondersteuning die Geldfit aan mensen biedt, zowel in het adviseren over hun financiën en de problemen waar mensen tegenaanlopen, maar ook in het doorverwijzen, dat dat heel goed loopt. Dat is ook niet zo heel raar onder de omstandigheden waaronder heel veel huishoudens momenteel verkeren. Dat leidt inderdaad tot toegenomen wachttijden. Dat zien we onder andere in Keizerslanden, maar ook in Colmschate is het toch ook al fors drukker aan het worden. Dat zorgt ervoor dat mensen later geholpen worden dan het moment waarop ze eigenlijk gewoon hulp nodig hebben. Dat is eigenlijk, denk ik, in deze situatie al vrij snel en vaak ook gewoon meteen. Maar het zet ook de kwaliteit van de ondersteuning gewoon onder druk. Je werkt met vrijwilligers daar. Die moeten dat natuurlijk ook aan kunnen in capaciteit. Het is ook niet dat je daar zomaar mensen bij kan zetten die dat ook gewoon kunnen, met het goede advies en de goede ondersteuning die daarvoor nodig is.
Het college kan ook positief adviseren op deze motie, vanuit wat dit voorstelt, namelijk kijken wat we kunnen doen om de spreekuren op de bestaande locaties uit te breiden. Daar kan dan wellicht nog wat capaciteit bij. Dat is wel belangrijk dat we daarbij wel letten ook op de kwaliteit, die borging van de kwaliteit van de ondersteuning voor deze mensen. Dat staat onder druk in tijden waarbij je ook best wel afhankelijk bent van het aantrekken van vrijwilligers die dit moeten doen, maar ook het goed scholen en ondersteunen van deze mensen in hun werk. Maar eventueel ook, daar vraagt de motie naar, mevrouw Schmidt verwees ernaar, maar volgens mij zegt de motie het ook, om te kijken naar een extra locatie, op een plek waar dit wellicht gewoon nog nodig is, in termen van goede spreiding over de gemeente. Daar zijn we ook al naar aan het kijken. Daar kunnen we mee uit de voeten. Voor wat betreft de dekking. De kosten van de vorige keer dat we een motie van u raad hebben gehad hierover en hebben gezegd, dat gaan we uitwerken voor dat extra spreekuur toen op Colmschate, waren de kosten zo rond de 80.000 euro voor die uitbreiding. Wij schatten de kosten nu, vanuit een aantal zaken wat ik net al schetste, ook het ondersteunen bijvoorbeeld, op zo’n 110.000 euro.
Wij denken dat te kunnen dekken, we stellen ook voor om dat te dekken uit de resterende middelen vanuit de energietoeslag die we nog over hebben. We hebben daar een heel hoog bereik in, maar we hebben daar nog geld in over, waardoor we ook van mening zijn dat we dit zo op deze manier voor hetzelfde doel en voor een vergelijkbare doelgroep, eigenlijk voor dezelfde doelgroep kunnen doen. U vraagt verder om een reactie voor 9 december. Dat is voor ons wel wat lastig. We vragen u wel daarin wat rekkelijkheid in wanneer we u nader kunnen informeren. Zo snel mogelijk, wat ons betreft natuurlijk. Maar een datum, zoals u hem hier noemt, is vanuit de
64 stroom zoals dat werkt in raadsmededelingen eigenlijk, volgende of de week daarna al dat we u zouden moeten gaan informeren. Dat is heel snel. Dat wat betreft het oordeel van het college, voorzitter. De voorzitter: De heer Kaya. De heer Kaya: Voorzitter, zoals ik de wethouder zo nu hoor is er geld beschikbaar. Ik hoor u 110.000 euro zeggen. Dan ga ik weer terug naar mevrouw Sipman die aangaf van, maak er dan een amendement van, want we zitten nu in de begroting en er is een potje beschikbaar voor eventueel deze motie. Laten we dat dan gewoon in een amendement vormen. Dat het gelijk geregeld wordt. Dat er gelijk ook een potje ervoor is. Eigenlijk een oproep. De voorzitter: Mevrouw Sipman. Mevrouw Sipman: Die wil ik graag ondersteunen. Daarbij de toevoeging dat het wel heel fijn is dat de wethouder nu ook de dekking heeft aangegeven. Of die dan ook op deze manier concreet gemaakt kan worden. De voorzitter: Is eigenlijk een oproep aan mevrouw Eekhuis om haar motie om te vormen tot een amendement. Begrijp ik dat zo goed? Mevrouw Eekhuis: Ik begrijp hem ook op die manier. Daar gaat mevrouw Eekhuis even over nadenken dan. De voorzitter: We hebben nog een schorsing straks. Dat zou moeten kunnen. Mevrouw Eekhuis: Nog even antwoord geven op de wethouder. Fijn dat u zegt, zo spoedig mogelijk te komen. 9 december niet gehaald wordt. Prima.
De voorzitter: Dan kan dat ook verwerkt worden in het amendement, zullen we maar zeggen. Programma 8 Meedoen De voorzitter: Dan gaan we naar het programma meedoen. Kom ik bij de financieel gezonde Scheg. De heer Donkers, u heeft het woord. De heer Donkers: Ik zei net tegen de voorzitter, ik voel me onder druk gezet, maar dat zal ook de bedoeling zijn. Dames en heren, voorzitter, het doel van deze begroting is ook als raad om het budgetrecht uit te oefenen dat wij hebben. Het geld te verdelen. Voor goede ideeën moet dat geld er altijd te vinden zijn. De Scheg, in de ogen van de VVD, is een goed idee. De VVD let goed op de bedrijfsvoering en is tegen verkwisting. Maar een sportvoorziening van deze schaal draagt gewoon bij aan het vestigingsklimaat van de gemeente en de regio. We weten allemaal dat De Scheg ook aan renovatie toe is. Meer dan een likje verf, het oplapwerk, moet er geïnvesteerd worden in verduurzaming. Het pand, de instelling is ontworpen toen een kuub gas nog een dubbeltje in guldens kostte. Inmiddels is dat net iets meer. Investeren in duurzaamheid levert daarom bij een extreem energie-intensieve voorziening als De Scheg direct rendement op in harde euro’s, want de energierekening gaat omlaag. Er is geld over. De VVD vindt het belangrijk dat de rad aangeeft wat er met dat geld moet gebeuren. De begroting is om prioriteit te stellen.
Dit is voor ons een prioriteit. Dat doen wij daarom met dit amendement. De voorzitter: Dank u wel. Reactie? Mevrouw Te Boekhorst, gaat uw gang. Mevrouw Te Boekhorst: Dank u, voorzitter. Een vraag aan de indiener, maar misschien ook wel aan het college. In uw toelichting van uw amendement benoemt u onder andere het dak van De Scheg. Maar in de begroting wordt deze ook al aangehaald, waarbij wordt gezegd, de kosten van deze investering worden later nog bekend. Is het
65 niet beter om dat af te wachten, om vanuit daar te gaan kijken hoe dit vorm te geven? Lopen we hiermee niet op de zaken vooruit? De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Dank voor de vraag. De VVD vindt het belangrijk om vooraf als raad aan te geven dat de investeringen die nodig zijn in De Scheg nu al te reserveren in de begroting. De VVD heeft een calculator op vrijwillige basis op een bierviltje laten uitrekenen waar je ongeveer op uitkomt, dat is meer dan 3 miljoen. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Van der Linde. De heer Van der Linde: Mijnheer, u had het over een toekomstvisie, u had het over visie. De VVD had het voor het eerst over visie. Er zijn VVD’ers die zeggen dat je voor visie naar de oogarts moet, maar gelukkig vindt u dat niet. Maar ik ben het met de voorgaande spreker eens. Er is een toekomstvisie. Laten we die eerst even afwachten. U fietst nu op een dag noties. Een uitgave van 3 miljoen even in de begroting, zonder een toekomstvisie af te wachten. Vindt u dat niet wat voorbarig? De heer Donkers: Voorzitter, een van mijn mede-VVD’ers noemde het ook, een visie is de olifant in de kamer die het zicht belemmert. Is dit raadslid het overigens ook niet mee eens. Daar distantieert dit raadslid zich van. Soms is het belangrijk om een stip op de horizon te zetten.
Zeker vanuit de oppositie vind ik het belangrijk dat ook de oppositie aangeeft wat zij belangrijk vinden om te realiseren, wat hun doel is met de begroting. Meerdere oppositiepartijen doen dat gelukkig. Ook coalitiepartijen. Vandaar ook deze motie. De voorzitter: Mevrouw Zegel. Mevrouw Zegel: Een amendement, volgens mij. GroenLinks ziet ook de nut en noodzaak voor zowel Deventer als een hele brede omtrek van De Scheg. Maar wij vroegen ons af, hoe komt u aan 3 miljoen. Nu heeft u het over een bierviltje waar dat op geschetst is. Kunt u me even wat verder schetsen? De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: U heeft kunnen lezen, mevrouw Zegel heeft kunnen lezen in het risicodossier dat er sowieso 3 miljoen nodig is voor het oplapwerk, de renovatie. Daarnaast heeft de VVD de ambitie om het gebouw, energieneutraal zal niet lukken, maar een stuk energiezuiniger te maken, zodat we ook daadwerkelijk het rendement daarvan kunnen pakken. 5 ton extra per jaar kost de energierekening. Zelfs al wordt dat minder, dan gaat het nog steeds om tonnen per jaar. Een investering in het energiezuiniger maken van het gebouw heeft direct rendement. De voorzitter: Voldoende? Ga je gang. Mevrouw Leget: Dank u wel, voorzitter. Mijn vraag van mevrouw Zegel sluit eigenlijk daarop aan. Daar heb ik het eigenlijk heel goed mee samengevat, mijn vraag van mevrouw Zegel.
Wat ik het lastige vind, het is heel druk onderaan de streep. Als we alles bij elkaar optellen, dan zijn we heel creatief bezig met het resultaat weg te zetten. Ik vind 3 miljoen ook best een heel fors bedrag. Zeker voor een goede zaak. Ik vind het wel erg vroeg. Waarom kiest u nu voor 3 miljoen en dan niet voor een hoger bedrag? De voorzitter: De heer Donkers. De heer Donkers: Voorzitter, dat is een terechte vraag. Wij hebben zeker gekeken naar wat er overblijft, onderaan de streep. Wij zijn ook gevoelig voor het argument van het college. Zij krijgen van de ambtelijke organisatie te
66 horen dat er kostenoverschrijdingen te verwachten zijn. Dat hoogstwaarschijnlijk ook de ambtelijke organisatie in personeel en personele kosten ... Dat het daar vaak gaat stijgen. Wij vinden het belangrijk om buiten de reserves die er al zijn ook nog 1,4, uit mijn hoofd, te reserveren voor die zorgen vanuit het college. Tegelijkertijd vinden wij ook dat de raad moet aangeven waar het geld aan wordt besteed. Dat doen wij op deze manier. Geen carte blanche in dit geval. De voorzitter: Wilt u verdergaan, mevrouw Leget? Mevrouw Leget: Ja. Dank u wel, voorzitter. Ik heb geen vraag meer. Dan nog wel een opmerking. Ik vind het heel lastig, of de fractie van de Partij van de Arbeid vindt het heel lastig om zo’n besluit te nemen op basis van een half A4’tje. Dat vind ik een moeilijke. De voorzitter: Dan gaan we nog even naar ... De heer Donkers: Voorzitter, als ik daar ... De voorzitter: Gaat uw gang. De heer Donkers: Kort nog op mag reageren. Dat doen wij natuurlijk wel vaker. Kijk, wij hebben ook miljoenen gereserveerd voor de culturele instellingen. Terecht. Terwijl u en ik nog steeds niet weten wat daarvan gebeurt. We weten bij het Burgerweeshuis niet eens op welke locatie zij komen. Tegelijkertijd hebben we daar miljoenen voor gereserveerd. Dat doen wij hier ook. De voorzitter: Uitstekend. De heer De Niet nog. De heer De Niet: Dank u wel, voorzitter.